<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2025)0018</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Aanhoudende detentie en mogelijke doodstraf voor personen in Nigeria die worden beschuldigd van godslastering, met name de zaak van Yahaya Sharif-Aminu</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(B10-0101, 0104, 0117, 0120, 0122 en 0123/2025)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 13 februari 2025 over de aanhoudende detentie en mogelijke doodstraf voor personen in Nigeria die worden beschuldigd van godslastering, met name de zaak van Yahaya Sharif-Aminu (2025/2548(RSP))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn eerdere resoluties over Nigeria,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 150, lid 5, en artikel 136, lid 4, van zijn Reglement,</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat de Nigeriaanse zanger Yahaya Sharif-Aminu op 10 augustus 2020 voor een hogere shariarechtbank in de staat Kano moest verschijnen en daar zonder wettelijke vertegenwoordiging is berecht en veroordeeld tot dood door ophanging wegens vermeende godslastering in een lied dat door de zanger was geschreven en op sociale media was gedeeld, en waarin naar verluidt onterende taal werd gebruikt ten aanzien van de profeet Mohammed; overwegende dat zijn familie na zijn arrestatie te maken kreeg met intimidatie en vervolging;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat het hooggerechtshof van Kano in januari 2021 opdracht gaf tot een nieuw proces en dat deze opdracht in augustus 2022 werd bekrachtigd door het Hof van beroep, waarbij de grondwettigheid van de sharia-blasfemiewetten werd bevestigd, hetgeen een ernstig risico inhoudt dat de doodstraf gehandhaafd zal blijven; overwegende dat Sharif-Aminu in november 2022 beroep heeft aangetekend bij het Hooggerechtshof, dat nog steeds in behandeling is; overwegende dat hij naar verluidt in kritieke toestand verkeert in de gevangenis, aangezien zijn gezondheid is verslechterd en hij niet over voldoende voedsel, kleding en medicatie beschikt;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat ook andere Nigerianen gevangen worden gehouden op beschuldiging van godslastering;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de Nigeriaanse wetgeving inzake godslastering in strijd is met de internationale verbintenissen van Nigeria op het gebied van de mensenrechten, alsook met het Afrikaans Handvest en de Nigeriaanse grondwet; overwegende dat beschuldigingen van godslastering vaak gepaard gaan met intimidatie, geweld en moorden; overwegende dat Nigeria een van de zeven landen is waar iemand ter dood kan worden veroordeeld wegens godslastering;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat iedereen recht heeft op vrijheid van meningsuiting, godsdienst en levensovertuiging;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>dringt er bij de Nigeriaanse autoriteiten op aan Yahaya Sharif-Aminu onmiddellijk en onvoorwaardelijk vrij te laten, alle aanklachten tegen hem in te trekken, zijn veiligheid en recht op een eerlijke rechtsgang te waarborgen, en te zorgen voor adequate toegang tot voedsel, kleding en medische behandeling; roept het Hooggerechtshof van Nigeria op te zorgen voor een versnelde en eerlijke beroepsprocedure; dringt aan op de vrijlating van alle anderen die vastzitten op beschuldiging van godslastering;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>wijst erop dat wetten inzake godslastering duidelijk in strijd zijn met de internationale verplichtingen op het gebied van de mensenrechten, met name het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, en tevens in strijd zijn met de Nigeriaanse grondwet, waarin de vrijheid van godsdienst en de vrijheid van meningsuiting worden gewaarborgd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>dringt er bij de Nigeriaanse autoriteiten op aan de mensenrechten in het hele land te handhaven door ervoor te zorgen dat het federaal recht, het staatsrecht en de sharia er niet toe leiden dat Nigerianen de bescherming uit hoofde van de nationale grondwet en internationale verdragen wordt ontzegd; benadrukt dat Nigeria de verantwoordelijkheid draagt om het goede voorbeeld te geven door wetgeving inzake godslastering af te schaffen, onder meer door religieuze belediging uit het strafrecht te schrappen, omdat die bepaling religieuze minderheden systematisch in gevaar brengt, de fundamentele vrijheden schendt en sektarisch geweld aanwakkert;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>dringt er bij Nigeria op aan een landelijk moratorium op executies in te stellen en stappen te nemen naar de volledige afschaffing van de doodstraf;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>dringt er bij de Nigeriaanse regering op aan een einde te maken aan de straffeloosheid voor het uiten van beschuldigingen van godslastering door de daders van valse beschuldigingen te bestraffen en plegers van groepsgeweld voor de rechter te brengen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>verzoekt de EU en haar lidstaten individuele gevallen, mensenrechtenkwesties en godslasteringswetten aan de orde te stellen bij de Nigeriaanse autoriteiten en de diplomatieke waarneming van gerechtelijke procedures ter waarborgen wanneer het proces van Sharif-Aminu bij het Hooggerechtshof begint; spreekt zijn waardering uit voor de vrijspraak van Rhoda Jatau en de vrijlating van Mubarak Bala;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan.de Commissie, de Raad, de Europese Dienst voor extern optreden en de VV/HV, alsmede aan de regering en het parlement van Nigeria.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>