<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2025)0086</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Kwijting 2023: Algemene begroting van de EU – Europese Dienst voor extern optreden</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0069/2025 - Rapporteur: Joachim Stanisław Brudziński)</STRING></HIDDEN><TXTLST><DECISION><TI><NR>1.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 7 mei 2025 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2023, afdeling X – Europese Dienst voor extern optreden (2024/2024(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2023<FOOTNOTE><FIELD>PB L 58 van 23.2.2023, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/budget/2023/1/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de geconsolideerde jaarrekening van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2023 (COM(2024)0272 – C10‑0072/2024)<FOOTNOTE><FIELD>PB C, C/2024/5462, 10.10.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/5462/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarlijks activiteitenverslag van de Europese Dienst voor extern optreden voor 2023 en zijn jaarlijks verslag over het begrotings- en financieel beheer voor 2023,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2023, vergezeld van de antwoorden van de instellingen<FOOTNOTE><FIELD>PB C, C/2024/5882, 9.10.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/5882/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer<FOOTNOTE><FIELD>PB C, C/2024/6041, 10.10.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/6041/oj.</FIELD></FOOTNOTE> voor het begrotingsjaar 2023 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 314, lid 10, en de artikelen 317, 318 en 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD>PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name de artikelen 59, 118 en 260 t/m 263,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD>PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name de artikelen 59, 118 en 266 t/m 269,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Besluit 2010/427/EU van de Raad van 26 juli 2010 tot vaststelling van de organisatie en werking van de Europese Dienst voor extern optreden<FOOTNOTE><FIELD>PB L 201 van 3.8.2010, blz. 30, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2010/427/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 8,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van en bijlage V bij zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van de Commissie buitenlandse zaken,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0069/2025),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Dienst voor extern optreden voor het begrotingsjaar 2023;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de Europese Dienst voor extern optreden, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, alsmede aan de Europese Ombudsman en de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><RESOL><TI><NR>2.</NR> <STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 7 mei 2025 met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2023, afdeling X – Europese Dienst voor extern optreden (2024/2024(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2023, afdeling X – Europese Dienst voor extern optreden,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van en bijlage V bij zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van de Commissie buitenlandse zaken,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0069/2025),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat de kwijtingsautoriteit in het kader van de kwijtingsprocedure wenst te benadrukken dat het bijzonder belangrijk is de democratische legitimiteit van de instellingen van de Unie verder te versterken door de transparantie en de verantwoordingsplicht te verbeteren en door het concept van resultaatgericht begroten en een goed personeelsbeheer toe te passen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat de Europese Dienst voor extern optreden (de “EDEO”) verantwoordelijk is voor het beheer van de administratieve uitgaven van zijn hoofdkantoor in Brussel en voor het netwerk van de 144 delegaties en bureaus van de Unie;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat de verantwoordelijkheid van de EDEO via een reeks overeenkomsten inzake dienstverleningsniveau (SLA’s) is uitgebreid tot het administratieve beheer van het personeel van de Commissie bij de delegaties;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de delegaties tot taak hebben om door het opbouwen van netwerken en partnerschappen de Unie en haar burgers in de wereld te vertegenwoordigen en de waarden van de Unie te bevorderen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat het bijzondere karakter van de EDEO gelegen blijft in zijn aard en oorsprong, aangezien de dienst werd gevormd door de samenvoeging van het personeel van de voormalige diensten voor externe betrekkingen van de Raad en van de Commissie en door diplomaten uit de lidstaten in deze structuur op te nemen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat overeenkomstig de interne voorschriften van de EDEO de secretaris-generaal van de EDEO optreedt als gedelegeerd ordonnateur van de instelling en de directeur-generaal voor middelenbeheer de rol van gesubdelegeerd hoofdordonnateur vervult;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat de krachtens het Statuut aan het tot aanstelling bevoegde gezag toegekende bevoegdheden worden uitgeoefend door de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (“vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger”) met betrekking tot het personeel van de EDEO;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat de uitvoering van de begroting wordt geregeld door het Financieel Reglement en door de interne voorschriften voor de uitvoering van de begroting van de EDEO;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>merkt op dat de begroting van de EDEO onder rubriek 7 van het MFK valt (“Europees openbaar bestuur”), die in 2023 in totaal 12,3 miljard EUR bedroeg (goed voor 6,4 % van de totale begroting van de Unie); merkt op dat de begroting van de EDEO van ongeveer 1,1 miljard EUR ongeveer 9,2 % van de totale administratieve uitgaven van de Unie vertegenwoordigt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>neemt er nota van dat de Europese Rekenkamer (de “Rekenkamer”) in haar jaarverslag betreffende het begrotingsjaar 2023 een steekproef van 70 verrichtingen onder administratieve uitgaven heeft onderzocht en dat dit er tien meer zijn dan in 2022; merkt voorts op dat de administratieve uitgaven volgens de Rekenkamer uitgaven omvatten voor personele middelen, met inbegrip van uitgaven voor pensioenen, die in 2023 goed waren voor ongeveer 70 % van de totale administratieve uitgaven, alsook uitgaven voor gebouwen, uitrusting, energieverbruik, communicatie en informatietechnologie, en dat uit de werkzaamheden van de Rekenkamer door de jaren heen blijkt dat deze uitgaven over het algemeen een laag risico vormen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>merkt op dat 21 van de 70 verrichtingen (30 %) fouten vertoonden, maar dat de Rekenkamer op basis van de vijf door haar gekwantificeerde fouten schat dat het foutenpercentage onder de materialiteitsdrempel ligt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>merkt met bezorgdheid op dat de Rekenkamer in haar jaarverslag betreffende het begrotingsjaar 2023 aangeeft een kwantificeerbare fout te hebben aangetroffen in één van de 13 onderzochte betalingen en zes niet-kwantificeerbare bevindingen te hebben gedaan met betrekking tot de EDEO; merkt op dat de kwantificeerbare fout betrekking had op het ontbreken van een geldige aanbestedingsprocedure voordat een huurcontract voor een delegatie van de Unie werd ondertekend; merkt op dat de EDEO in 2023 maatregelen heeft genomen om de twee kwantificeerbare fouten die de Rekenkamer in haar jaarverslag 2022 had vastgesteld aan te pakken, en maatregelen heeft genomen om dergelijke problemen in de toekomst te voorkomen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Begrotings- en financieel beheer</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>stelt vast dat de definitieve begroting 2023 van de EDEO 821 900 280 EUR bedroeg, een stijging van 4,45 % ten opzichte van 2022; stelt vast dat de EDEO ook beschikte over een bedrag van 259,7 miljoen EUR (inclusief bestemmingsontvangsten en overgedragen bedragen) van de Commissie ter dekking van de administratieve kosten van personeelsleden van de Commissie die in delegaties van de Unie werkzaam zijn; merkt voorts op dat de EDEO aanvullende bijdragen in de vorm van een vast bedrag heeft ontvangen om de gemeenschappelijke kosten van personeel van het Europees Ontwikkelingsfonds in delegaties en colocaties te dekken, alsook andere bedragen die in het kader van colocatie- en andere overeenkomsten zijn ontvangen; merkt op dat het totale door de EDEO beheerde begrotingsbedrag in 2023 dus 1 198,2 miljoen EUR bedroeg (vastleggingskredieten), wat neerkomt op een stijging met 4,8 % ten opzichte van het voorgaande jaar;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>merkt op dat in 2023 het begrotingsuitvoeringspercentage voor vastleggingskredieten 100 % bedroeg, met een uitvoeringspercentage voor betalingen van 91,9 % (tegenover 90,6 % in 2022); merkt op dat de gemiddelde betalingstermijn 13,57 dagen bedroeg, maar stelt niettemin vast dat 8,63 % van het totale bedrag te laat werd betaald, als gevolg waarvan er in 2023 achterstandsrente is betaald ter hoogte van 50 253,91 EUR; dringt er bij de EDEO op aan zijn toezeggingen tijdig uit te betalen; dringt er bij de EDEO op aan zich te blijven inspannen om het aantal elektronische betalingen te verhogen en meer werkprocessen te digitaliseren, met name bij de delegaties;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>merkt op dat de EDEO de begrotingsautoriteit in kennis heeft gesteld van twee begrotingsoverschrijvingen overeenkomstig artikel 29, lid 1, van het Financieel Reglement en elf autonome overschrijvingen overeenkomstig artikel 29, lid 4, heeft verricht voor een totale waarde van 55,7 miljoen EUR; merkt op dat de overschrijvingen in de eerste plaats tot doel hadden begrotingsonderdeel 3003 betreffende gebouwen en daarmee samenhangende kosten bij de delegaties met 18,97 miljoen EUR te verhogen en begrotingsonderdeel 3001 betreffende extern personeel en externe dienstverlening bij de delegaties met 5,6 miljoen EUR te verhogen; merkt op dat na de overschrijvingen de definitieve begroting voor het hoofdkantoor van de EDEO 327,8 miljoen EUR bedroeg en de definitieve begroting voor de delegaties 494,1 miljoen EUR;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023 te maken had met toenemende politieke en financiële uitdagingen, alsook met uitdagingen op het gebied van de mensenrechten en de rechtsstaat; merkt op dat de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne en de geopolitieke gevolgen ervan in 2023 een belangrijk probleem bleven, wat de EDEO ertoe heeft gebracht te zorgen voor brede steun aan Oekraïne, druk uit te oefenen op Rusland en zijn wereldwijde toenaderingsinspanningen voort te zetten om de bredere gevolgen van de oorlog aan te pakken, met inbegrip van de uitvoering van het actieplan inzake de geopolitieke gevolgen van Ruslands agressie tegen Oekraïne; wijst erop dat de EDEO een belangrijke rol speelt bij het verzamelen van bewijsmateriaal tegen door de EU gesanctioneerde Russische overheidsorganisaties en personen die betrokken zijn bij het verspreiden van desinformatie en het manipuleren van informatie om de aanvalsoorlog van Rusland te rechtvaardigen; benadrukt dat de afdeling Strategische Communicatie en Prognose van de EDEO van voldoende middelen moet worden voorzien om doeltreffend de strijd aan te binden met desinformatiecampagnes die door autoritaire en illiberale regimes worden ingezet als strategisch instrument; roept de EDEO ertoe op de delegaties van de Unie in de landen van het Oostelijk Partnerschap te versterken om de landen te steunen die zwaar zijn getroffen door de Russische militaire agressie tegen Oekraïne; merkt op dat het financiële plafond van de onder het gezag van de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger beheerde Europese Vredesfaciliteit in 2023 is verhoogd van 5,6 miljoen EUR tot meer dan 12 miljoen EUR; roept de EDEO ertoe op samen te werken met DG ENEST om te zorgen voor doeltreffend toezicht op en monitoring van de door de faciliteit gefinancierde projecten; merkt op dat de EDEO door de opflakkering van het conflict tussen Israël en Palestina na de aanval van Hamas van 7 oktober 2023 genoodzaakt was intensieve diplomatieke inspanningen te leveren, de instellingen van de Unie ertoe aan te moedigen te pleiten voor de-escalatie in de regio, in te spelen op humanitaire behoeften en regionale vredesinspanningen te ondersteunen; benadrukt dat de bijstand van de Unie en de EDEO afgestemd moet zijn op bredere doelstellingen op het gebied van mensenrechten en vrede in de regio, met sterke waarborgen zodat de middelen noch direct, noch indirect terroristische of gewelddadige activiteiten ondersteunen; benadrukt aan dat de financiering van de Unie voor de wederopbouw van Gaza pas van start mag gaan nadat alle door Hamas gevangen genomen gijzelaars zijn vrijgelaten; wijst op het belang van transparantie bij de toewijzing van financiële middelen in derde landen om de verantwoordingsplicht bij de inzet van de begroting van de Unie en de nieuwe financieringsinstrumenten te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>	roept de EDEO ertoe op nauw samen te werken met de Commissie zodat de volledige teruggave van het nationaal bezit van Roemenië en het nationale erfgoed van andere lidstaten op de agenda staat van eventuele toekomstige maatregelen ten aanzien van de Russische Federatie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>herinnert eraan dat er beschuldigingen zijn geuit over de betrokkenheid van UNRWA-werknemers in Gaza bij de terroristische aanslagen van Hamas tegen Israël op 7 oktober 2023; merkt op dat naar aanleiding van deze beschuldigingen het dienstverband van negen personeelsleden formeel is beëindigd door de UNRWA; onderstreept dat de Commissie met de UNRWA heeft samengewerkt om de controlesystemen te verbeteren, in overeenstemming met de aanbevelingen van het Bureau voor Intern Toezicht van de VN (OIOS), met inbegrip van de screening van personeel en de versterking van interne onderzoeks- en ethische kaders; benadrukt dat naar aanleiding van de herhaaldelijk door het Parlement geuite bezorgdheid over het misbruik van financiering door de Unie, steun van de Unie in geen geval mag worden ingezet voor de financiering van terrorisme; dringt aan op voortdurende waakzaamheid zodat het geld van de belastingbetaler niet voor de verkeerde doeleinden wordt gebruikt; wijst op het belang van controles om de naleving van de regels van de Unie en het internationaal recht door begunstigden van middelen van de Unie te waarborgen, alsook op de noodzaak van versterkte maatregelen om misbruik van financiële steun van de Unie te voorkomen; spoort de EDEO aan meer inspanningen te leveren om de financiering van de Unie veilig te stellen en toe te zien op de uitvoering van de mijlpalen die zijn vastgelegd in de overeenkomst tussen commissaris Várhelyi en commissaris-generaal van de UNRWA Lazzarini in april 2024, die bepalingen bevat voor het uitvoeren van audits van de Unie en het versterken van het interne toezicht bij de UNRWA; onderstreept dat de Palestijnse Autoriteit al het onderwijsmateriaal moet afstemmen op Unesco-normen, met name door inhoud die antisemitisme of het aanzetten tot geweld omvat, te verwijderen; benadrukt dat de financiële steun van de Unie aan de Palestijnse Autoriteit op het gebied van onderwijs alleen mag worden verleend op voorwaarde dat aan deze normen wordt voldaan; spoort de EDEO aan diplomatieke inspanningen voor een alomvattende en duurzame oplossing van het Israëlisch-Palestijnse conflict te ondersteunen en het Parlement op de hoogte te houden van alle ontwikkelingen in de samenwerking van de Unie met de Palestijnse Autoriteit;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>merkt op dat de EDEO voor 2023 melding heeft gemaakt van aanzienlijke budgettaire beperkingen, die hebben geleid tot drastische bezuinigingen en begrotingsoptimalisering om het hoofd te kunnen bieden aan de inflatie in derde landen, koersschommelingen van lokale valuta’s, prijsstijgingen, met name wat betreft de kosten van het huren van kantoorruimte, IT, beveiliging en energieprijzen, waardoor de bedrijfskosten van de EDEO in derde landen veel hoger lagen, hetgeen gevolgen had voor het vermogen van de EDEO om doeltreffend te functioneren en zijn zorgplicht ten aanzien van het personeel bij de delegaties te vervullen; betreurt het dat de EDEO als gevolg van de budgettaire druk het onderhoud aan infrastructuur heeft uitgesteld, veiligheidsgerelateerde uitgaven bij de delegaties terzijde heeft geschoven of heeft geannuleerd en heeft gesnoeid in begrotingsposten, met onder meer bezuinigingen op de begroting voor dienstreizen en representatiekosten, kantoorbenodigdheden en opleiding; betreurt het dat de EDEO om budgettaire redenen voorrang heeft moeten geven aan de deelname van personeel aan verkiezingswaarnemingsmissies ten koste van andere soorten dienstreizen, zoals vervolgmissies; wijst op de noodzaak van de oprichting van een diplomatieke dienst van de EU;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023, zowel op het hoofdkantoor van de EDEO als bij de delegaties, in totaal 28 openbare aanbestedingsprocedures, 27 mededingingsprocedures met onderhandeling, 14 onderhandelingsprocedures zonder voorafgaande bekendmaking van een aanbestedingsbericht, 6 niet-openbare procedures en 2 onderhandelingsprocedures voor middelgrote overeenkomsten heeft opgestart, die in gemiddeld 52 % van de gevallen succesvol waren en hebben geleid tot de gunning van een opdracht; merkt op dat de strenge normen en grote complexiteit van de aanbestedingsregels van de Unie een van de redenen kunnen zijn voor het relatief hoge aantal aanbestedingsprocedures zonder gunning van een opdracht, aangezien de toepassing van die regels een uitdaging kan vormen voor inschrijvers, met name in derde landen; verzoekt de EDEO de redenen voor het relatief hoge aantal aanbestedingsprocedures waarbij uiteindelijk geen opdracht werd gegund te onderzoeken en oplossingen voor te stellen om de doeltreffende uitvoering van die procedures te waarborgen, met inachtneming van de door de Unie vastgestelde normen; betreurt het dat de aanbestedingsregels voor het externe optreden zijn vereenvoudigd bij de herschikking van het Financieel Reglement; benadrukt dat de aanbestedingsregels bedoeld zijn om erop toe te zien dat er bij gefinancierde projecten hoge normen worden gehanteerd en dat deze projecten niet fraudegevoelig zijn; verzoekt de EDEO altijd te streven naar een zo hoog mogelijk controleniveau in elke aanbestedingsprocedure; is van mening dat een gebrek aan bekendheid in derde landen met de hoge normen van de regels voor overheidsopdrachten van de Unie nooit een voorwendsel of excuus mag zijn om de lat te verlagen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>stelt tevreden vast dat eind 2023 het aantal colocaties met lidstaten en andere partners van de Unie in delegaties van de Unie 138 bedroeg: 12 meer dan in 2022; merkt op dat van het totale aantal colocatieovereenkomsten in 2023 er 42 zijn gesloten met lidstaten en partnerlanden en 91 met andere partners van de Unie, en dat het in vijf gevallen om een omgekeerde overeenkomst ging; merkt op dat 8 % van de totale kantooroppervlakte bij de delegaties van de Unie in 2023 colocaties waren en dat meer dan de helft van de delegaties van de Unie (75) hier gebruik van heeft gemaakt, wat kan worden gezien als een voorbeeld van een succesvolle optimalisering van het gebouwenbeheer van de EDEO, maar ook als een indicator van de toegenomen belangstelling van partners voor het delen van gebouwen in derde landen en de relevantie van colocatie in het kader van diplomatieke zaken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>merkt op dat in 2023 de begroting voor dienstreizen 18 948 650 EUR bedroeg — een beperkte stijging van 1,46 % ten opzichte van het voorgaande jaar — waarmee werd beoogd de stijging van de kosten als gevolg van de inflatie te compenseren, maar hetgeen ontoereikend was in vergelijking met de werkelijke stijging van de reiskosten in 2023; betreurt het dat de EDEO niet beschikt over een afzonderlijk begrotingsonderdeel voor dienst- en andere reizen van de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger en dat de kosten van dienst- en andere reizen van de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger door de EDEO en de Commissie worden gedeeld, afhankelijk van het doel ervan; merkt tot slot op dat de EDEO in 2023 voor 2 995,14 EUR aan kosten had voor zes dienstreizen van de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger en voor 288 145 EUR aan luchttaxikosten, wat neerkomt op een daling van 51 % ten opzichte van 2022 toen de luchttaxikosten 588 103 EUR bedroegen; benadrukt dat de functionarissen van de instellingen van de Unie het goede voorbeelden moeten geven aan het publiek en de burgers, met name wanneer zij middelen van de Unie gebruiken bij de uitvoering van hun taken; benadrukt dat de vluchtopties moeten worden gekozen op basis van criteria van goed financieel beheer, op voorwaarde dat dergelijke alternatieven beschikbaar zijn en dat de agenda en de vergaderlocatie deze alternatieven toelaten; benadrukt dat transparantie en goed financieel beheer bij het gebruik van de publieke middelen van de Unie een kernbeginsel moeten blijven voor alle instellingen van de Unie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>wijst op het negatieve effect dat de bezuinigingen zou kunnen hebben op de tenuitvoerlegging van instrumenten voor buitenlands beleid, zoals het instrument voor nabuurschapsbeleid, ontwikkeling en internationale samenwerking – Europa in de wereld (NDICI – Europa in de wereld) en Global Gateway; onderstreept dat de afdeling Strategische Communicatie en Prognose van de EDEO van voldoende middelen moet worden voorzien om doeltreffend de strijd aan te kunnen blijven binden met desinformatiecampagnes die door autoritaire en illiberale regimes worden ingezet als strategisch instrument; verwelkomt in dit verband de aankondiging van de oprichting binnen DG COMM van de Commissie van een taskforce voor strategische communicatie en de bestrijding van informatiemanipulatie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>dringt aan op een verhoging van de begroting voor acties in het kader van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid (GBVB) en andere geschikte instrumenten voor vrede, conflictbeheersing en crisisrespons, en ook voor IT- en veiligheidsprotocollen, om de activiteiten en capaciteiten van de Unie volledig in overeenstemming te brengen met de huidige uitdagingen en conflicten wereldwijd;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Intern beheer, prestaties en interne controle</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>merkt op dat de EDEO, na een interne reorganisatie, in oktober 2023 een nieuwe dienst voor corporate governance heeft opgericht, bestaande uit drie afdelingen die verantwoordelijk zijn voor inspecties, interne controles en planning, rapportage en naleving, om de EDEO in staat te stellen meer verantwoordingsplicht, een beter beheer en een beter toezicht op activiteiten aan de dag te leggen; vindt het verheugend dat er ook een raad voor corporate governance is opgericht om te zorgen voor samenhang bij kwesties op het gebied van corporate management in de EDEO; merkt daarnaast op dat de EDEO het leidende directoraat Vrede, Veiligheid en Defensie (MD-PSD), het directoraat Vrede, Partnerschap en Crisisbeheersing en twee nieuwe afdelingen voor Hybride Dreigingen en Cyberkwesties enerzijds en Maritieme Veiligheid anderzijds heeft opgericht om de werkzaamheden van de Unie op het gebied van veiligheid en defensie beter te kunnen ondersteunen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>merkt op dat de dienst voor corporate governance in 2023 een geschiktheidscontrole van governanceprocessen en -beleid heeft uitgevoerd; stelt tevreden vast dat de EDEO in het kader van dat proces het handvest van het Comité follow-up audit heeft geactualiseerd en zijn kader voor interne controle, zijn jaarlijks beheersplan en zijn kader voor risicobeheer heeft herzien;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>merkt op dat er in 2023, in overeenstemming met het auditplan 2023 van de EDEO, drie controles zijn afgerond, namelijk één controle van het beheer van het register van uitzonderingen en gevallen van niet-naleving en twee controles in verband met het beheer van de salarissen van plaatselijke functionarissen en de aanwerving en het beheer van plaatselijke functionarissen en gelijkwaardig lokaal personeel; merkt verder met grote bezorgdheid op dat een organisatorische herstructurering en het overeenkomstige personeelsverloop bij de dienst Interne audit tot gevolg hebben gehad dat een geplande controle over veiligheid niet van start heeft kunnen gaan in 2023 en dat deze controle opnieuw zal worden beoordeeld in het kader van de voorbereiding van het meerjarig strategisch plan voor interne controle 2025-2027; benadrukt dat het belangrijk is om regelmatig zorgvuldige interne controles uit te voeren; betreurt het ten zeerste dat er aan 4 kritieke en 49 zeer belangrijke controleaanbevelingen met betrekking tot afgeronde controles nog geen gevolg was gegeven in 2023; verzoekt erom het Parlement op de hoogte te houden van de uitvoering van de aanbevelingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>merkt op dat de Rekenkamer in december 2023 haar eindverslag heeft aangenomen naar aanleiding van haar controle van de coördinerende rol van de EDEO, die tot doel had te beoordelen of de coördinatie, met name met betrekking tot informatiebeheer, personeelsbezetting en verslaglegging, zowel intern als met de Commissie en de Raad, doeltreffend was; merkt op dat sommige controleaanbevelingen in 2023 al waren opgenomen in lopende initiatieven, zoals het sturen van opdrachtbrieven aan de nieuw benoemde ambassadeurs voordat deze in dienst treden en de inspanningen die de EDEO sinds 2019 levert om zijn strategie voor informatiebeheer uit te voeren; verzoekt de EDEO de aanbevelingen in het verslag van de Rekenkamer volledig uit te voeren om de vastgestelde tekortkomingen bij het informatiebeheer aan te pakken, zowel in zijn hoofdkwartier en bij delegaties van de Unie in niet-EU-landen als in het kabinet van de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger; verzoekt erom het Parlement op de hoogte te houden van het gevolg dat wordt gegeven aan de aanbevelingen van de Rekenkamer;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>merkt op dat er in 2023 bij de delegaties 26 inspecties zijn uitgevoerd en dat op basis daarvan veiligheid, gebouwen en administratieve lasten zijn aangemerkt als de belangrijkste uitdagingen voor de delegaties; merkt op dat de EDEO bij de delegaties maatregelen voor het beheer van veiligheidsrisico’s heeft ingevoerd op basis van internationale normen en beste praktijken; merkt op dat de inspectiedienst van de EDEO in 2023 vijf kritieke aanbevelingen heeft geformuleerd, die allemaal betrekking hadden op het beheer van drie delegaties; merkt op dat de aanbevelingen in alle gevallen zijn opgevolgd door meer toezicht en ondersteuning door het hoofdkantoor van de EDEO; is ingenomen met de toolbox die de EDEO heeft ontwikkeld om te reageren op situaties in verband met intern beheer;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>wijst erop dat in 2023 drie delegaties van de Unie (Centraal-Afrikaanse Republiek, Sierra Leone en Syrië) in hun betrouwbaarheidsverklaringen een voorbehoud hebben gemaakt, voornamelijk met betrekking tot door de Commissie beheerde operationele begrotingslijnen; benadrukt dat deze punten van voorbehoud geen aanzienlijke financiële gevolgen hebben gehad voor de administratieve begroting onder de verantwoordelijkheid van de EDEO;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>verzoekt de EDEO en de Commissie nauw samen te werken met het liaisonbureau van het Europees Parlement in Washington D.C., en verzoekt de delegatie van de Unie in de Verenigde Staten om initiatieven ter versterking van de trans-Atlantische betrekkingen vast te stellen, te financieren en uit te voeren, met inbegrip van uitwisselingsprogramma’s voor professionals die werkzaam zijn in overheidsinstellingen in zowel de EU als de VS;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>roept de EDEO en de Uniedelegaties ertoe op de toestand van de democratie in de verschillende landen nauwlettender te volgen en meer logistieke en technologische steun te verlenen aan mensenrechtenverdedigers en inheemse personen, met name vrouwen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>herinnert eraan dat het van cruciaal belang is om onze steun voor mensenrechten, democratie en ontwikkeling in derde landen verder op te voeren via het NDICI – Europa in de wereld, aangezien een wereld van democratieën een veiligere wereld is; onderstreept dat de middelen voor de digitale diplomatie van de EU verder moeten worden verhoogd gezien de huidige context van snelle technologische vooruitgang en geopolitieke concurrentie; dringt erop aan de “groene diplomatie” en de groene transitie, als een van de prioriteiten van de Unie, via het externe optreden van de Unie te bevorderen met betrekking tot derde landen; benadrukt dat de EDEO een centrale rol moet spelen bij het bevorderen van vrede en stabiliteit in het Midden-Oosten, de financiering voor het waarborgen van humanitaire hulp in Libanon, Gaza en Syrië moet opvoeren en het toezicht op de mensenrechten moet aanscherpen; benadrukt dat financiële steun voor de EDEO-delegaties in het Midden-Oosten, de Golfstaten en Afrika belangrijk is om hen in staat te stellen het extern optreden van de Unie in de regio te blijven waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>merkt op dat in Speciaal verslag 14/2023 van de Rekenkamer tekortkomingen zijn vastgesteld in de door de Commissie en de EDEO gebruikte methoden voor de toewijzing van middelen aan partnerlanden en in de opzet van het kader voor monitoring, en de Commissie en de EDEO wordt aanbevolen de methoden voor de toewijzing van middelen en de beoordeling van het effect van steun van de Unie te verbeteren, het programmeringsproces doelgerichter te maken en de indicatoren in de meerjarige indicatieve programma’s te vereenvoudigen en consistent te gebruiken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>verwelkomt de benoeming van de eerste speciale vertegenwoordiger van de EU voor de Golfregio;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>wijst erop dat door de recente gebeurtenissen, met name de massale Russische invasie van Oekraïne en de vijandige pogingen van Rusland om democratische processen in Europa de beïnvloeden, alsmede de toenemende instabiliteit in het Midden-Oosten, het buitenlands beleid van de Unie en de uitvoering ervan de belangrijkste prioriteiten geworden zijn voor de lidstaten en instellingen; wijst op de centrale rol die de EDEO en zijn delegaties spelen bij de uitvoering van het externe beleid van de Unie en het tegengaan van buitenlandse informatiemanipulatie en inmenging (FIMI); benadrukt hoe belangrijk de EDEO is voor de betrekkingen van de Unie met de 25 tot 30 miljoen burgers van de Unie die buiten de Unie wonen; wijst erop dat de begroting van de EDEO, die al structureel ondergefinancierd was, onevenredig zwaar werd getroffen vergeleken met andere instellingen van de Unie vanwege de hogere inflatiepercentages en de daaropvolgende energiecrisis als gevolg van de Russische aanvalsoorlog in Oekraïne, en is bezorgd over deze negatieve gevolgen voor de EDEO en de prestaties van de instellingen van de Unie en het uitblijven van maatregelen om de huidige begrotingssituatie te corrigeren, die ernstige gevolgen kan hebben voor de betrekkingen van de Unie met derde landen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>is ingenomen met de onwrikbare steun voor Oekraïne, onder meer via de civiele adviesmissie van de EU (EUAM Oekraïne) en via de opleiding van Oekraïense soldaten in het kader van de militaire bijstandsmissie van de EU (EUMAM);</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>benadrukt dat de Unie meer middelen moet uittrekken voor de versterking van een speciale begrotingslijn in het kader van het buitenlands beleid van de Unie die specifiek gericht is op gendergelijkheid en de agenda voor vrouwen, vrede en veiligheid (VVV), om te zorgen voor consistente financiering voor initiatieven op het gebied van genderresponsief leiderschap, de bescherming van vrouwenrechten en de bestrijding van seksueel en gendergerelateerd geweld in conflict- en post-conflictsituaties; benadrukt dat die financiering essentieel is voor het ondersteunen van lokale maatschappelijke organisaties, het bieden van op overlevenden gerichte steun en het integreren van genderperspectieven in de diplomatieke en veiligheidsinspanningen van de Unie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>benadrukt dat in het genderactieplan III wordt voorgeschreven dat 85 % van de nieuwe maatregelen van de Unie moet bijdragen tot gendergelijkheid en het versterken van de positie van vrouwen en meisjes; verzoekt de EDEO sneller vooruitgang te boeken in de richting van de verwezenlijking van de doelstellingen van het genderactieplan III door zich in zijn dagelijkse activiteiten in het bijzonder te richten op de belangrijkste actiegebieden van het genderactieplan III, waaronder gendergerelateerd geweld, de bevordering van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten, economische en sociale rechten en empowerment, gelijke participatie en leiderschap; merkt op dat het genderactieplan III in 2027 afloopt en dringt er daarom bij de EDEO op aan een ambitieuzer genderactieplan IV uit te werken met het oog op een sterkere koppeling tussen vrouwenrechten en empowerment en het buitenlands en veiligheidsbeleid van de Unie, dat met ingang van 2028 kan worden uitgevoerd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>wijst op de extreem kwetsbare situatie van kinderen wereldwijd, met name in gewapende conflicten; geeft uiting aan zijn ernstige zorgen over de tienduizenden kinderen wereldwijd die in 2023 zijn getroffen door gewapende conflicten en van wie de meest fundamentele rechten op afschuwelijke wijze zijn geschonden; verzoekt de EDEO de rechten van kinderen bij zijn inspanningen centraal te stellen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>33.</NO.P>herinnert aan de barre situatie van de vrouwenrechten en lhbtqi+-rechten in grote delen van de wereld; benadrukt dat deze rechten dringend beter moeten worden beschermd; benadrukt dat de EDEO een centrale rol speelt bij het bevorderen van de mensenrechten wereldwijd; verzoekt de EDEO zijn inspanningen op dit vlak op te voeren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>34.</NO.P>beschouwt verkiezingswaarnemingsmissies als een praktisch en doeltreffend instrument voor buitenlands beleid dat een essentieel onderdeel vormt van de beleidsmaatregelen en strategieën van de Unie ter ondersteuning van de mensenrechten; verzoekt de Unie voldoende middelen uit te trekken voor haar verkiezingswaarnemingsmissies, ook met het oog op de uitbreiding daarvan naar verkiezingen in kandidaat-lidstaten en buurlanden;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Personele middelen, gelijkheid en welzijn van het personeel</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>35.</NO.P>merkt op dat eind 2023 de bezettingsgraad van de personeelsformatie 96,7 % bedroeg; stelt vast dat de EDEO in totaal 2 812 personeelsleden in dienst had, waarvan 1 245 ambtenaren, 450 tijdelijke functionarissen, 603 arbeidscontractanten en 514 gedetacheerde nationale deskundigen; merkt op dat van het totale aantal ambtenaren en tijdelijke functionarissen in dienst van de EDEO, hetzij op het hoofdkantoor, hetzij bij de delegaties, 62,5 % administrateur was, 32,8 % assistent en 4,8 % secretariaatsmedewerker;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>36.</NO.P>merkt op dat er eind 2023 in totaal 5 252 mensen bij de EDEO werkten, hetzij rechtstreeks in dienst bij de EDEO, hetzij via externe contractanten, waarvan 46,2 % op het hoofdkantoor van de EDEO en 53,8 % bij de delegaties; merkt op dat 46,5 % van het totale aantal personen dat bij de EDEO werkte bestond uit niet-statutair personeel of externe contractanten; merkt op dat de meeste externe personeelsleden die in dienst zijn van een externe contractant maar werkzaam zijn in de gebouwen van de EDEO, diensten verlenen op het gebied van informatietechnologie, beveiliging en veiligheid en medische zorg;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>37.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023 van de begrotingsautoriteit 36 voltijdequivalenten toegewezen heeft gekregen, bestaande uit 31 arbeidscontractanten en 5 gedetacheerde nationale deskundigen met kostendeling; merkt op dat de extra middelen zijn toegewezen aan crisisbeheersing, aan de uitvoering van het strategisch kompas en aan andere prioriteiten van de EDEO; merkt op dat de EDEO eind 2023 nog eens 20 kosteloze gedetacheerde nationale deskundigen toegewezen heeft gekregen voor de structuren van het militair plannings- en uitvoeringsvermogen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>38.</NO.P>merkt op dat het statutaire EDEO-personeel eind 2023 voor 52,7 % uit mannen en 47,3 % uit vrouwen bestond, wat neerkomt op een lichte stijging van het aantal vrouwen ten opzichte van 2022, toen 46,8 % van het personeel uit vrouwen bestond; is ingenomen met de bescheiden vooruitgang op het gebied van genderevenwicht in het hoger management, waar de vertegenwoordiging van vrouwen is gestegen van 6,3 % in 2022 tot 7,6 % in 2023, en in het middenkader, waar een stijging heeft plaatsgevonden van 30,1 % in 2022 tot 30,4 % in 2023; verzoekt de EDEO zich meer in te spannen om een omvangrijker en zichtbaarder genderevenwicht op alle niveaus van de organisatie tot stand te brengen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>39.</NO.P>verwelkomt de publicatie eind 2023 van het tussentijds verslag over de uitvoering van het EU-genderactieplan (GAP III) door de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger en de Commissie, alsook het besluit om het tijdschema ervan te verlengen tot 2027 om het af te stemmen op het meerjarig financieel kader (MFK); wijst op het belang van GAP III voor het bevorderen van gendergelijkheid als strategische prioriteit in het externe optreden van de Unie en het versterken van de rol ervan op dit gebied; verwelkomt de organisatie van de eerste opleidingen voor managers over genderresponsief leiderschap (GRL) voor hogere leidinggevenden door het team van de ambassadeur voor gender en diversiteit aan het eind van 2023;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>40.</NO.P>verwelkomt het eerste EDEO-verslag over FIMI-activiteiten gericht op lhbtiqa+-personen, dat tot doel heeft meer inzicht te bieden in FIMI-tactieken en de samenwerking, onder meer met Enisa, ter bescherming van de lhbtiqa+-gemeenschap te bevorderen; spreekt zijn bezorgdheid uit over de mondiale situatie met betrekking tot de lhbtiqa+-rechten en de toenemende weerstand tegen gendergelijkheid, vrouwenrechten en seksuele en reproductieve gezondheid en rechten in ontwikkelingslanden; verzoekt de Commissie en de EDEO deze achteruitgang tegen te gaan en prioriteit te geven aan gerichte steun voor maatschappelijke organisaties die zich inzetten voor deze rechten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>41.</NO.P>merkt op dat de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger in het besluit van juli 2023 heeft verduidelijkt dat de maximale duur van de aanwerving door de EDEO van tijdelijk personeel en arbeidscontractanten 8 jaar bedroeg in een referentieperiode van 13 jaar of, in uitzonderlijke omstandigheden en in het belang van de dienst, 10 jaar in een referentieperiode van 15 jaar, en dat het minimale tijdsverloop tussen opeenvolgende aanwerving voor tijdelijke functionarissen die gedetacheerd worden door nationale diplomatieke diensten van de lidstaten 2 jaar bedroeg vanaf de beëindiging van hun laatste arbeidsovereenkomst;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>42.</NO.P>merkt op dat van de 1 695 ambtenaren en tijdelijke functionarissen die eind 2023 in dienst waren er 863 (51 %) mannen waren en 832 (49 %) vrouwen, wat neerkomt op een lichte toename ten opzichte van 2022; merkt op dat 57,4 % van de arbeidscontractanten vrouw was, wat een lichte stijging is ten opzichte van 2022; vindt het echter betreurenswaardig dat vrouwen nog altijd duidelijk ondervertegenwoordigd zijn in hogere functies, zowel op het hoofdkantoor als bij de delegaties, en dat ze vooral in AST-functies oververtegenwoordigd zijn; verzoekt de EDEO een uitsplitsing naar geslacht en nationaliteit van het middenkader en hogere leidinggevende functies te publiceren; verzoekt de EDEO deze kwestie aan te pakken en tegelijkertijd recht te doen aan de competenties en verdiensten van de kandidaten; vindt het verheugend dat er bij de roulatieronde van 2023 42 managementposten bij de delegaties zijn vrijgekomen, wat heeft geresulteerd in een stijging van het aantal vrouwelijke ambassadeurs met 12 %, waarbij 35,50 % van hen in 2023 vrouw was (eerder: 31,70 %), wat echter nog steeds geldt als ondervertegenwoordiging;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>43.</NO.P>wijst erop op dat hoewel alle lidstaten in het personeelsbestand van de EDEO zijn vertegenwoordigd, er nog steeds een aanzienlijk gebrek aan evenwicht is, waarbij België de meest oververtegenwoordigde lidstaat is, met 12,1 % van het totale personeelsbestand van de EDEO; wijst erop dat er ook sprake is van een aanzienlijke geografische onevenwichtigheid tussen de westelijke en oostelijke lidstaten; merkt ook op dat onder leidinggevenden Italië de meest oververtegenwoordigde lidstaat is en dat 15 % van alle leidinggevende functies door Italianen wordt bekleed; stelt vast dat er nog steeds drie lidstaten zijn die niet vertegenwoordigd zijn onder de 141 ambassadeurs van de Unie (Hongarije, Luxemburg en Malta) en dat de lidstaten met de meeste ambassadeurs Frankrijk (22 ambassadeurs), Spanje en Italië (16 ambassadeurs), Duitsland (12 ambassadeurs) en België (10 ambassadeurs) zijn, wat erop neerkomt dat deze vijf lidstaten 54 % van alle ambassadeursposten bekleden; verzoekt de EDEO nogmaals met klem zorg te blijven dragen voor een goed geografisch evenwicht in de volledige organisatie en op alle niveaus; herhaalt tevens zijn bezorgdheid over het genderevenwicht; merkt op dat vrouwen duidelijk ondervertegenwoordigd zijn in hogere functies, terwijl ze vooral in AST-functies oververtegenwoordigd zijn; verzoekt de EDEO een uitsplitsing naar geslacht en nationaliteit van het middenkader en hogere leidinggevende functies te publiceren; verzoekt de EDEO deze kwestie aan te pakken en tegelijkertijd recht te doen aan de competenties en verdiensten van de kandidaten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>44.</NO.P>merkt op dat er in 2023 een grote roulatie van 52 leidinggevende posten bij de delegaties heeft plaatsgevonden; is ingenomen met de inspanningen van de EDEO om de lidstaten bewust te maken van de noodzaak om een breed scala aan kandidaten voor de gepubliceerde posten aan te trekken en gekwalificeerde kandidaten voor de post van ambassadeur van de Unie voor te dragen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>45.</NO.P>merkt met tevredenheid op dat de EDEO in 2023 zijn agenda voor diversiteit en inclusie 2023-2025 heeft aangenomen, en een gedetailleerd actieplan ter bevordering van een veilige en respectvolle werkomgeving en nultolerantie ten aanzien van intimidatie; merkt op dat personeelsvertegenwoordigers, personeelsbonden en het Paritair Comité gelijke kansen, dat voortaan het Paritair Comité voor diversiteit en inclusie heet, over beide documenten zijn geraadpleegd; merkt op dat het actieplan preventieve maatregelen tegen intimidatie bevat, zoals een verplichte e-learningcursus voor al het personeel over het herkennen en aanpakken van intimidatie op het werk en een verplichte managementopleiding over het creëren van een werkomgeving zonder intimidatie; verzoekt de EDEO door te gaan met het geven van regelmatige trainingen aan leidinggevend en niet-leidinggevend personeel over onderwerpen op het gebied van diversiteit, rechtvaardigheid, inclusie en saamhorigheid;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>46.</NO.P>stelt met bezorgdheid vast dat de EDEO in 2023 drie verzoeken om bijstand heeft ontvangen in verband met beschuldigingen van psychisch geweld waarbij twee ambtenaren betrokken waren, hetgeen heeft geleid tot twee administratieve onderzoeken, waarvan er één nog loopt en het andere is afgesloten met een tuchtmaatregel; merkt op dat er in 2023, in het kader van de informele procedure, 28 zaken in verband met beschuldigingen van psychisch geweld en 10 zaken in verband met seksuele intimidatie zijn behandeld door de bemiddelingsdienst van de EDEO en dat de vertrouwenspersonen 21 zaken in verband met beschuldigingen van psychisch geweld en 6 zaken in verband met seksuele intimidatie hebben behandeld; merkt op dat de EDEO in 2023 voor lokaal personeel bij de delegaties een besluit over de bestrijding van intimidatie heeft opgesteld, dat in juni 2024 is aangenomen; onderkent de inspanningen die de EDEO heeft verricht om zijn beleid ter bestrijding van intimidatie te versterken, met inbegrip van de invoering van verplichte e-learningmodules om het bewustzijn te vergroten, en de oprichting van een “Verdrag van Istanbul-taskforce” die maatregelen moet vaststellen om een veiligere werkplek voor iedereen te waarborgen; spreekt echter zijn ernstige bezorgdheid uit over het aanhoudend hoge aantal gevallen van intimidatie; verzoekt de EDEO sterkere preventie, slachtofferhulp en strikte disciplinaire maatregelen ten uitvoer te leggen om te zorgen voor nultolerantie ten aanzien van intimidatie en voor een veilige werkomgeving;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>47.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023 verschillende maatregelen heeft genomen om het fysieke en mentale welzijn van zijn personeel te waarborgen, waaronder een systematische gezondheidscontrole voor alle medewerkers voordat zij bij een delegatie worden gedetacheerd, psychologische ondersteuning en bewustmakingsinitiatieven; merkt op dat er in oktober 2023 twee besluiten over arbeidstijd en flexibele werkregelingen zijn aangenomen, waarna flexibele werktijden op het hoofdkantoor van de EDEO en bij de delegaties de standaardwerkregeling zijn geworden voor alle personeelsleden, met uitzondering van managers; merkt verder op dat de besluiten telewerken toestaan voor maximaal twee dagen per week op het hoofdkantoor van de EDEO, één dag per week bij de delegaties en voor iedereen tien dagen per jaar buiten de standplaats; merkt op dat uitzonderlijk telewerken voor een langere periode mogelijk is gebleven in geval van crises, om medische redenen of om andere dwingende redenen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>48.</NO.P>stelt bezorgd vast dat het aantal personeelsleden van de EDEO dat langdurig (langer dan vijftig dagen) met ziekteverlof was, is toegenomen van 111 personeelsleden in 2022 tot 171 personeelsleden in 2023, wat neerkomt op een stijging van 54 %; merkt op dat de medische dienst verschillende maatregelen heeft genomen om burn-out te voorkomen, zoals de aanwerving van een psychiater in december 2023 en een meer systematische follow-up van ziekteverlof door de medische dienst, psychologische ondersteuning en begeleiding voor personeel en managers, bewustmakingsactiviteiten en de oprichting van een netwerk van eerstehulpverleners op het gebied van geestelijke gezondheid; benadrukt dat managers moeten zorgen voor een eerlijke taakverdeling en richtsnoeren en flexibele werkregelingen moeten toepassen; verzoekt de EDEO een proactieve aanpak te hanteren om langdurige ziekte en burn-out te voorkomen, waarbij prioriteit wordt gegeven aan het mentale welzijn van het personeel door middel van doeltreffende ondersteunende maatregelen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>49.</NO.P>neemt ter kennis dat het aantal stagiairs als gevolg van budgettaire beperkingen is verminderd; vraagt de EDEO informatie te verstrekken over de arbeidsomstandigheden en de bezoldiging van stagiairs in het hoofdkantoor en de delegaties;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Ethisch kader en transparantie</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>50.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023 zijn ethisch kader heeft verbeterd door nieuwe instructies uit te vaardigen voor het instellen van een verbod of beperkingen voor dienstreizen met kosten die geheel of gedeeltelijk door externe bronnen worden betaald om het risico van belangenconflicten te voorkomen, en door al het personeel aan het ethisch beleid te herinneren; merkt op dat de EDEO ook aandacht heeft besteed aan het organiseren van specifieke cursussen over ethiek, belangenconflicten, interne controle en fraudebestrijding, toegespitst op en aangepast aan verschillende doelgroepen op het hoofdkantoor van de EDEO en bij de delegaties; merkt daarnaast op dat de 16 in 2022 vastgestelde “beginselen van professioneel gedrag” nog steeds onder nieuwkomers worden verspreid en breed worden bevorderd, met name tijdens de cursussen “Ethiek en integriteit” en “Beleid ter bestrijding van intimidatie”; verzoekt de EDEO het Parlement op de hoogte te houden van verdere ontwikkelingen met betrekking tot zijn ethisch kader; verzoekt de EDEO te voorzien in regelmatige verplichte opleidingen over ethiek, met inbegrip van ethisch gebruik van AI, en verantwoordingsplicht;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>51.</NO.P>stelt met tevredenheid vast dat de EDEO in oktober 2023 een nieuwe fraudebestrijdingsstrategie heeft aangenomen, die van toepassing is op al het personeel op het hoofdkantoor van de EDEO en bij de delegaties en die het resultaat is van een grondige evaluatie van fraudegerelateerde risico’s en formeel werd goedgekeurd door OLAF; vindt het verheugend dat de EDEO bijzondere inspanningen heeft geleverd op het gebied van opleiding en begeleiding van het personeel, met name via de in december 2022 opgerichte fraudebestrijdingscel; merkt op dat het personeel van de EDEO dat bij de delegaties van de Unie is gedetacheerd actief heeft deelgenomen aan een reeks workshops en seminars over fraudebewustzijn en -preventie, dat aan medewerkers die een nieuwe functie in een delegatie van de Unie hebben gekregen systematisch een opleiding over deze kwesties wordt aangeboden voor zij in dienst treden, en dat de intranetpagina over fraudebestrijding verder is vernieuwd om het eenvoudiger te maken potentiële fraudegevallen te melden en een breder aanbod van opleidingen op het gebied van fraudebestrijding te bieden; verzoekt de EDEO voor al het personeel verplichte trainingen op het gebied van bewustmaking en preventie van fraude op te zetten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>52.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023 geen klokkenluiderszaken heeft ontvangen; stelt met tevredenheid vast dat de EDEO in 2023 is begonnen met de ontwikkeling van specifiek beleid ter bescherming van klokkenluiders in overeenstemming met de nieuwe fraudebestrijdingsstrategie; verzoekt erom het Parlement op de hoogte te houden van de goedkeuring ervan, die gepland is voor 2025, en van de uitvoering van dit beleid in de hele dienst;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>53.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023 vijf verklaringen inzake belangenconflicten heeft ontvangen, die volgens de toepasselijke regels zijn behandeld; merkt op dat de gesubdelegeerd ordonnateur in een zaak met betrekking tot een lid van een evaluatiecomité voor een aanbestedingsprocedure heeft geconcludeerd dat er sprake was van een mogelijk belangenconflict en het personeelslid heeft ontheven van zijn taken als lid van het evaluatiecomité;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>54.</NO.P>stelt met bezorgdheid vast dat OLAF in 2023 acht onderzoeken heeft geopend die nog niet zijn afgerond, met betrekking tot mogelijke wanpraktijken in het kader van aanbestedingsprocedures en de uitvoering van contracten, subsidieovereenkomsten of potentiële onregelmatigheden in verband met personeelszaken; merkt op dat de openstaande zaken in 2023 betrekking hadden op ambtenaren, tijdelijke functionarissen en plaatselijke functionarissen, zowel op het hoofdkantoor van de EDEO als bij de delegaties; verzoekt erom het Parlement op de hoogte te houden van het gevolg dat wordt gegeven aan deze onderzoeken; merkt op dat acht oudere zaken waarbij voormalige en huidige personeelsleden betrokken waren, zijn afgesloten, met aanbevelingen om in vijf gevallen verdere actie te ondernemen; merkt op dat de EDEO via zijn fraudebestrijdingscel regelmatige contacten onderhoudt met OLAF en zorgt voor een tijdige follow-up van de aanbevelingen van OLAF; verzoekt erom het Parlement op de hoogte te houden van de uitvoering van de aanbevelingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>55.</NO.P>stelt vast dat de EDEO in 2023 tien verzoeken van de Ombudsman heeft behandeld, waarvan er negen betrekking hadden op administratieve dossiers en één een verzoek om toegang tot documenten was; merkt op dat de Ombudsman geen gevallen van wanbeheer of gedeeltelijk wanbeheer heeft vastgesteld en geen aanbevelingen heeft gedaan aan de EDEO;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>56.</NO.P>neemt kennis van alle activiteiten die zijn ondernomen om de zichtbaarheid van externe activiteiten te vergroten; herinnert aan het verzoek van het Parlement om op zichzelf staande uitvoeringsbepalingen inzake externe activiteiten en opdrachten vast te stellen, teneinde het imago en de reputatie van de Unie te beschermen, met name wanneer het gaat om delegatiehoofden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>57.</NO.P>merkt op dat de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger in de hoedanigheid van vicevoorzitter van de Commissie gebonden is aan de regels van het transparantieregister; benadrukt dat de EDEO weliswaar geen instelling is in de zin van artikel 13 van het Verdrag betreffende de Europese Unie en in het Unierecht geen rechtstreekse rol vervult, maar dat de dienst in het Unierecht wel een belangrijke rol vervult wat besluiten over sancties en onderhandelingen over internationale handelsovereenkomsten betreft, waarvan het regelgevingseffect aanzienlijk is; merkt op dat het voor de EDEO bijzonder relevant zou zijn om transparantiemaatregelen vast te stellen, deze ter kennis te brengen van de raad van bestuur van het transparantieregister en zich aan te sluiten bij het register; verzoekt de EDEO alle bijeenkomsten met alle soorten lobbyorganisaties bekend te maken om de transparantie te verbeteren, met inbegrip van de bijeenkomsten van de hoofden van de delegaties van de Unie; verzoekt erom het Parlement op de hoogte te houden van elk nieuw initiatief van de EDEO om de transparantie te verbeteren; benadrukt hoe belangrijk het is om de democratische controle op de Unie verder te versterken en om strenge normen inzake verantwoordingsplicht en transparantie in acht te nemen bij de samenwerking met maatschappelijke organisaties; verzoekt de delegaties van de Unie erop toe te zien dat middelen van de Unie die worden toegekend aan maatschappelijke organisaties en sociale partners in derde landen worden gebruikt in overeenstemming met de waarden, het beleid en de financiële regels van de Unie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>58.</NO.P>dringt er bij de EDEO op aan zich aan te sluiten bij het transparantieregister van de EU om zijn praktijken in overeenstemming te brengen met die van het Parlement en de Commissie, en ervoor te zorgen dat lobbyactiviteiten en financiële belangen in verband met defensie- en diplomatieke aangelegenheden volledig openbaar worden gemaakt;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Digitalisering, cyberbeveiliging en gegevensbescherming</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>59.</NO.P>merkt op dat de uitgaven voor IT-projecten, apparatuur en cyberbeveiliging zijn gestegen van 19,7 miljoen EUR in 2022 tot 29,9 miljoen EUR in 2023, wat neerkomt op een stijging van 52 %; merkt op dat de EDEO in 2023 belangrijke digitaliseringsprojecten heeft opgestart, zoals zijn samenwerkingsplatform “HIVE” voor alle gebruikers op het hoofdkantoor en bij de delegaties, en zijn bedrijfssysteem voor gerubriceerde communicatie en informatie (EC3IS) in gebruik heeft genomen op het hoofdkantoor van de EDEO, voordat het geleidelijk wordt ingevoerd in gevoelige delegaties en wordt verbonden met de overeenkomstige systemen bij de Commissie en de Raad;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>60.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023 is begonnen met het hosten en controleren van een AI-omgeving met het oog op de invoering van een volledig AI-governancemodel; merkt op dat deze technische stap de basis heeft gelegd voor de vaststelling van richtsnoeren voor het gebruik van generatieve AI en van een AI-strategie in 2024, alsook voor het uitvoeren van proofs of concept; verzoekt erom dat het Parlement op de hoogte wordt gehouden van de ontwikkeling van de AI-strategie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>61.</NO.P>merkt op dat de EDEO, als onderdeel van de uitvoering van het in 2022 aangenomen strategisch kompas voor veiligheid en defensie, betrokken was bij de goedkeuring van belangrijke beleidsdocumenten en toolboxen met betrekking tot onder meer cyberdefensie, cyberdiplomatie, hybride dreigingen, buitenlandse inmenging en informatiemanipulatie; merkt op dat de EDEO zijn capaciteiten op het gebied van cyberbeveiliging intern is blijven verbeteren door gespecialiseerd personeel aan te werven en door aan verschillende doelgroepen, waaronder het team voor beveiligingsbeheer, leden van de delegaties, nieuwkomers en managers, activiteiten rond cyberbewustzijn aan te bieden; verzoekt de EDEO regelmatig verplichte trainingen op het gebied van cyberbeveiliging voor alle personeelsleden te organiseren; verzoekt de Unie er verder om Moldavië meer steun te verlenen bij de bestrijding van desinformatie, hybride dreigingen en cyberaanvallen; roept de delegatie van de Unie in Moldavië op zich meer in te spannen voor een proactievere en doeltreffendere communicatiestrategie over het Europese perspectief, ook in het Russisch;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>62.</NO.P>is ingenomen met de opzet van de EU-partnerschapsmissie in Moldavië (EUPM Moldavië); wijst op de essentiële rol van de EUPM Moldavië en verzoekt de EU en haar lidstaten het mandaat van de missie na mei 2025 te verlengen en meer middelen uit te trekken om de doeltreffendheid van de missie te vergroten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>63.</NO.P>merkt met bezorgdheid op dat de EDEO in 2023 meer dan 29 623 cyberwaarschuwingen heeft geregistreerd via de monitoring van beveiligingsincidenten en -gebeurtenissen (Security Incident and Event Monitoring, SIEM), waarvan 92 incidenten werden bevestigd als cyberaanvallen; merkt op dat vier cyberaanvallen gevolgen hadden voor de operaties van de EDEO en slechts één cyberaanval aanzienlijke gevolgen had; waarschuwt dat de EDEO hoogstwaarschijnlijk een doelwit is voor actoren met voldoende middelen, waaronder door buitenlandse staten gesponsorde actoren, die de instellingen van de Unie proberen te ontwrichten; merkt op dat het centrum voor beveiligingsoperaties (SOC) van de EDEO een belangrijke speler is die zich bezighoudt met realtime monitoring van dreigingen en het in kaart brengen van zwakke plekken in systemen; verzoekt de EDEO aandacht te blijven besteden aan de noodzaak van cyberdiscipline en cyberbewustzijn bij gebruikers als essentiële elementen van zijn cyberbeveiligingskader; benadrukt dat het belangrijk is dat de EDEO prioriteit blijft geven aan cyberbeveiliging en de beperking van hybride dreigingen, en tegelijkertijd nauw samenwerkt met andere instellingen van de Unie en de lidstaten om dergelijke dreigingen op te sporen en tegen te gaan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>64.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023 gevolg heeft gegeven aan één onderzoek van de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming naar aanleiding van een verzoek van een personeelslid betreffende de publicatie van zijn of haar persoonsgegevens in de onlinegids van de EU; merkt op dat een zaak die sinds 2018 hangende was in 2023 is behandeld en in 2024 is afgesloten, met een positief resultaat voor de EDEO; neemt kennis van de bewustmakingsactiviteiten en -richtsnoeren van de EDEO om in zijn netwerk voor een gelijk speelveld op het gebied van gegevensbescherming te zorgen, met name de gezamenlijke gids over het gebruik van AI-instrumenten van derden vanuit het dubbele perspectief van gegevensbescherming en cyberbeveiliging;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>65.</NO.P>merkt op dat de bestrijding van FIMI in 2023 een prioriteit bleef voor de EDEO; stelt met tevredenheid vast dat de FIMI-toolbox in december 2023 door de Europese Raad werd goedgekeurd en gebaseerd is op de pijlers van situationeel bewustzijn, versterking van de weerbaarheid, verstoring en diplomatieke respons; merkt op dat de EDEO in 2023 zijn analytische capaciteit heeft opgeschaald om in verband met FIMI bewijsmateriaal te verzamelen en een respons op het toenemende aantal incidenten en dreigingen te ontwikkelen, met name in de aanloop naar de Europese verkiezingen van 2024; merkt op dat de EDEO ook nieuwe vlaggenschipprojecten heeft gelanceerd om het bewustzijn te vergroten en Russische desinformatie tegen te gaan, zoals het EUvsDisinfo-initiatief, waarmee in 2023 ongeveer 20,3 miljoen mensen zijn bereikt, en om duurzame partnerschappen tot stand te brengen teneinde FIMI wereldwijd tegen te gaan; verzoekt de EDEO om samen met de Commissie voldoende middelen uit te trekken om FIMI doeltreffend te bestrijden; steunt de toegezegde oprichting van een “Europees schild voor de democratie” om misleidende online-inhoud op te sporen, te traceren en te verwijderen, waardoor de Unie beter in staat is FIMI tegen te gaan en haar steun voor de bescherming van democratieën in derde landen, met name in de buurlanden van de Unie, kan opvoeren; verzoekt de EDEO en de delegaties van de Unie in derde landen hun respectieve capaciteiten voor het bestrijden en tegengaan van desinformatie en propaganda in verband met het GBVB van de Unie verder te versterken; verzoekt de EDEO zijn inspanningen op te voeren om burgers uit de hele Unie in staat te stellen buitenlandse informatiemanipulatie en inmenging te bestrijden;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gebouwen en veiligheid</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>66.</NO.P>merkt op dat in de loop van 2023 begrotingsonderdeel 3003 betreffende gebouwen en daarmee samenhangende kosten met 19 miljoen EUR is verhoogd, maar dat belangrijke onderhoudswerkzaamheden niettemin werden uitgesteld; stelt met grote bezorgdheid vast dat de opeenstapeling van onderhouds- en veiligheidsbehoeften de EDEO voor aanzienlijke uitdagingen stelt met betrekking tot de wijze waarop het netwerk van delegaties veilig en doeltreffend kan worden beheerd en de zorgplicht ten aanzien van het personeel van de delegaties kan worden gewaarborgd; verzoekt de EDEO meerjarige noodplannen te ontwikkelen voor het onderhoud en de beveiliging van gebouwen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>67.</NO.P>merkt op dat de EDEO vastgoed betrekt en beheert met een oppervlakte van ongeveer 87 618 m² op het hoofdkantoor van de EDEO en 379 300 m² elders in de wereld, bestaande uit 174 kantoorgebouwen en 152 woningen voor ambassadeurs; merkt op dat de EDEO in 2023 een werkdocument met een beschrijving van zijn aankoopbeleid aan de begrotingsautoriteit heeft voorgelegd, met een huidige stand van zaken van 22 % kantoorgebouwen en 20 % woningen voor ambassadeurs, waardoor de beste prijs-kwaliteitverhouding wordt bereikt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>68.</NO.P>merkt op dat het aankoopbeleid voor vastgoed voor de delegaties van de Unie van april 2023 en het werkdocument over het vastgoedbeleid van de EDEO voor 2024 tot doel hebben de meest voordelige langetermijnoplossing voor de begroting van de Unie te vinden; benadrukt dat geen van deze documenten ideeën bevat over het verminderen van het aantal delegaties of het creëren van regionale hubs; dringt er bij de EDEO op aan het Parlement op de hoogte te houden van mogelijke toekomstige ontwikkelingen in die richting;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>69.</NO.P>verzoekt de EDEO zijn belangrijke netwerk van delegaties over de hele wereld met voldoende personeel in stand te houden om beter in staat te zijn derde landen te bereiken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>70.</NO.P>stelt met bezorgdheid vast dat deze bezuinigingen kunnen leiden tot grootschalige sluitingen van EU-ambassades en tot uitstel van beveiligingsvoorzieningen bij een aantal delegaties van de Unie, wat afbreuk doet aan het vermogen van de EDEO om zijn mandaat uit te voeren, de waarden van de Unie uit te dragen en de zorgplicht voor alle personeelsleden bij de delegaties naar behoren te waarborgen; verzoekt de lidstaten met klem de EDEO en de Commissie van voldoende financiering te voorzien om te waarborgen dat de Unie haar delegatienetwerk in stand houdt, als teken van haar wereldwijde betrokkenheid;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>71.</NO.P>merkt op dat de EDEO sinds 2020 een beleid inzake kantoorbeheer ontwikkelt in de richting van gedeelde, flexibele kantoorconcepten, zowel op het hoofdkantoor van de EDEO als bij de delegaties; merkt op dat de EDEO is begonnen met de renovatie van het Schuman-gebouwencomplex, te beginnen met de 6e en 7e verdieping, met het oog op een efficiënter gebruik van kantoorruimte; merkt verder op dat het crisisresponscentrum van de EDEO in het Schuman-gebouw in 2023 is voltooid; merkt op dat bij de delegaties het concept van gedeelde kantoorruimte werd toegepast in de nieuwe gebouwen van zes delegaties;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>72.</NO.P>vindt het verheugend dat de EDEO zich inspant om ervoor te zorgen dat zijn gebouwen toegankelijk zijn voor personen met een handicap of beperkte mobiliteit; merkt op dat het Belmont-gebouw in Brussel reeds voldoet aan de wettelijke vereisten voor toegankelijke gebouwen en dat de renovatie van het NEO-gebouwencomplex ook tegemoetkomt aan de behoeften van gebruikers met een handicap of beperkte mobiliteit; stelt met tevredenheid vast dat de EDEO voor de delegaties selectieprocedures heeft ingevoerd waarbij toegankelijkheid voor personen met een handicap als belangrijk selectiecriterium voor nieuwe kantoorgebouwen wordt gehanteerd;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Milieu en duurzaamheid</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>73.</NO.P>verwelkomt het feit dat de EDEO in 2023 de uitvoering van het milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS/EMS) heeft voortgezet, met name door de oprichting van een stuurgroep milieu en de vaststelling van een milieubeleid en een bijbehorende communicatiestrategie om onder de aandacht te brengen dat de EDEO zich er in zijn vastgoedbeheer toe verbindt milieuduurzaamheid in acht te nemen; merkt op dat de EMAS-stuurgroep in 2023 aan nieuwe doelstellingen heeft gewerkt die tot doel hebben de koolstofvoetafdruk uiterlijk in 2030 verder te verkleinen; merkt op dat de goedgekeurde maatregelen onder meer gericht zijn op een vermindering van het aardgasverbruik met 35 %, een halvering van het gebruik van papier en water en van de afvalproductie, een toename van het percentage korte- en middellangeafstandsvluchten in economy class voor dienstreizen en een beter gebruik van groene overheidsopdrachten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>74.</NO.P>stelt met tevredenheid vast dat de EDEO is begonnen met het opnemen van duurzaamheidsclausules in de nieuwe colocatieovereenkomsten, bestaande uit zowel verplichte acties als vrijwillige praktijken; merkt in verband met de reeds geldende colocatieovereenkomsten op dat deze overeenkomsten weliswaar geen expliciete milieuduurzaamheidsclausules bevatten, maar wel het overkoepelende beginsel dat alle in de colocatie ondergebrachte partners zich moeten houden aan procedures en praktijken die van toepassing zijn in de lokale context van kantoorgebouwen van de Unie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>75.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023 is blijven werken aan de uitvoering van een beleid dat gericht is op groener woon-werkverkeer en duurzamer reizen voor het personeel, hetgeen in 2024 heeft geleid tot de vaststelling van belangrijke maatregelen, zoals de verhoging van het vergoedingspercentage voor abonnementen op het openbaar vervoer tot 90 % voor alle personeelsleden die afzien van toegang tot de parkeerruimten en de doelstelling dat voor dienstreizen ten minste 60 % van de kilometers die per vliegtuig worden afgelegd in economy class moet plaatsvinden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>76.</NO.P>wijst op het belang van sterke politieke betrokkenheid, bilaterale invloed en publieke en culturele diplomatie om de waarden van de Unie te bevorderen en desinformatie te bestrijden; benadrukt dat een daadkrachtige en veerkrachtige dienst voor extern optreden met duidelijk politiek leiderschap van groot belang is om de huidige uitdagingen aan te kunnen pakken en de coherentie van het buitenlands beleid van de Unie te waarborgen; dringt er bij de Uniedelegaties op aan meer steun te verlenen aan daadwerkelijk democratische actoren en maatschappelijke organisaties in de landen van de Westelijke Balkan, en acties van illiberale en ondemocratische actoren die schade toebrengen aan de belangen van de Unie met klem en publiekelijk te veroordelen, en erop toe te zien dat het gebruik van de financiering van IPA III aansluit bij de doelstellingen van de Unie; verzoekt de delegaties van de Unie in de regio een meer geloofwaardige en op verdiensten gebaseerde benadering te volgen aan de hand van de criteria van Kopenhagen, te weten de rechtsstaat, de democratie en de bescherming van de mensenrechten, in het bijzonder gezien de geringe vooruitgang die sommige landen van de Westelijke Balkan hebben geboekt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>77.</NO.P>is ingenomen met de uitstekende samenwerking van de EDEO met organen zoals OLAF, het EOM, de Rekenkamer en de EDPS, in de vorm van regelmatige vergaderingen en informatie-uitwisseling; neemt kennis van het feit dat er in juni 2024 specifieke werkafspraken zijn gemaakt; verzoekt de EDEO er desondanks om de gestructureerde samenwerking met die organen te institutionaliseren en te zorgen voor systematische fraudedetectiemechanismen in het kader van de financiering van het externe optreden van de Unie, met name in conflictgebieden met een hoog risico en kwetsbare staten;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Interinstitutionele samenwerking</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>78.</NO.P>merkt op dat het Parlement, de Raad en de EDEO in 2023 hun technische besprekingen over de vervanging van het institutionele akkoord van 2002 tussen het Parlement en de Raad op het gebied van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid hebben voortgezet; betreurt het dat er in 2023 één technische vergadering heeft plaatsgevonden en dat de Raad vervolgens geen overeenstemming heeft kunnen bereiken over de voorgestelde compromisoplossingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>79.</NO.P>merkt op dat de EDEO in 2023 het onderhandelingsproces heeft geopend voor werkafspraken met het Europees Openbaar Ministerie en dat deze in 2024 zijn ondertekend; merkt op dat in de werkafspraken rekening wordt gehouden met de bijzondere context waarin de EDEO opereert, waarbij de nadruk wordt gelegd op de bescherming van informatie, de vertrouwelijkheid van informatie en de bescherming van de immuniteit van het personeel;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>80.</NO.P>merkt op dat de EDEO in zijn begroting voor 2023 een bedrag ter hoogte van 990,5 miljoen EUR heeft uitgetrokken voor een proefproject om de Europese diplomatieke academie op te richten, in het kader waarvan 50 jonge diplomaten uit de lidstaten en de instellingen van de Unie een opleiding krijgen over het buitenlands en veiligheidsbeleid van de Unie, met als doel een echt Europees diplomatiek korps op te richten ter bevordering van het buitenlands beleid en de externe belangen van de Unie; moedigt dit initiatief aan als een stap in de richting van een hecht en goed opgeleid Europees diplomatiek korps dat de waarden en belangen van de Unie op het wereldtoneel doeltreffend kan vertegenwoordigen en verdedigen; benadrukt dat de zichtbaarheid van de Europese diplomatieke academie in alle lidstaten moet worden verbeterd en dat de rol en capaciteit ervan moeten worden versterkt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>81.</NO.P>stelt met tevredenheid vast dat de EDEO zijn samenwerking met de Europese Ombudsman in 2023 heeft opgevoerd om zijn personeel beter bewust te maken van de beginselen van goed bestuur; merkt op dat het nieuwe niveau van samenwerking onder meer inhoudt dat het Bureau van de Europese Ombudsman wordt uitgenodigd om zijn werkzaamheden te presenteren tijdens de seminars van de EDEO voorafgaand aan detachering en tijdens de jaarlijkse seminars voor het personeel van de EDEO;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Communicatie</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>82.</NO.P>merkt op dat de EDEO beschikt over een begrotingstoewijzing van 22,2 miljoen EUR, gespreid over verschillende begrotingsonderdelen, voor publicaties, evenementen, strategische communicatie, outreachactiviteiten en pers; stelt met tevredenheid vast dat opkomen voor de democratie en de rechtsstaat een prioriteit blijft voor de EDEO, onder meer door buitenlandse informatiemanipulatie en inmenging doelgericht tegen te gaan via versterkte beleidsmaatregelen en instrumenten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>83.</NO.P>wijst erop dat er sprake is van toenemende schendingen van godsdienstvrijheid wereldwijd; roept de EDEO op zijn personeel in landen waar geen sprake is van godsdienstvrijheid of godsdienstvrijheid onder druk staat, hiervoor voldoende toe te rusten (o.a. via trainingen), om zo het gesprek hierover aan te gaan met de verantwoordelijke autoriteiten op alle niveaus in landen waar de vrijheid van godsdienst geschonden wordt, en hier een belangrijk speerpunt van te maken in zijn externe optreden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>84.</NO.P>merkt op dat de EDEO in het kader van zijn communicatieactiviteiten toenadering zoekt tot het grote publiek via openbare evenementen, opendeurdagen en het ontvangen van bezoekersgroepen; merkt op dat de EDEO in 2023 via verschillende kanalen allerlei thematische communicatiecampagnes heeft opgezet over de steun aan Oekraïne, de gevolgen van de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne en de eerbiediging van de waarden van de Unie; vindt het verheugend dat Oekraïne een topprioriteit van de EDEO is gebleven; merkt op dat de EDEO in 2023 zijn aanwezigheid op sociale media heeft geconsolideerd en dat het aantal volgers is gestegen, en wel met 41,5 % op LinkedIn, met 13,8 % op Instagram, met 5,4 % op Twitter en met 4,7 % op Facebook; dringt er bij de EDEO op aan zijn communicatie over het beleid van de Unie aan de burgers in derde landen te verbeteren en meer inspanningen te verrichten op het gebied van coördinatie met als doel de zichtbaarheid van door de Unie gefinancierde projecten te vergroten, met name in kandidaat-lidstaten, teneinde de pogingen van kwaadwillige actoren om de inspanningen van de Unie te ondermijnen, tegen te gaan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>85.</NO.P>is ingenomen met de betrokkenheid van de EDEO bij de institutionele communicatiecampagne van het Parlement voor de Europese verkiezingen van 2024, met name de voorlichtingscampagne die gericht was op de 25 tot 30 miljoen Europese burgers die in derde landen wonen over de mogelijke manieren om te stemmen bij de Europese verkiezingen, met name via het netwerk van de delegaties; merkt op dat met deze campagne 11 miljoen personen zijn bereikt via 26 videocampagnes en meer dan 2 000 posts op sociale media;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>86.</NO.P>wijst op de bijdrage van de EDEO aan de overkoepelende inspanningen van de Unie om haar onwrikbare steun voor Oekraïne te tonen met initiatieven als de campagne #StandWithUkraine en gerichte communicatieprojecten zoals Faces of Ukraine, Art vs War en Share Your Light;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>87.</NO.P>blijft de delegaties van de Unie ertoe aansporen lokale actoren, maatschappelijke organisaties en sociale partners in derde landen te ondersteunen en met hen in gesprek te gaan om de sociale dialoog en de dialoog over de rechtsstaat, de grondrechten en de strijd tegen corruptie te stimuleren; merkt op dat in 2023 in het kader van het thematische programma voor maatschappelijke organisaties, op basis waarvan partnerschappen van de Unie worden gesloten met organisaties die verantwoordingsplicht en transparantie aan de dag leggen, 50 miljoen EUR is toegewezen aan het systeem van de Unie voor het creëren van een gunstig klimaat voor het maatschappelijk middenveld, waarmee de ruimte voor het maatschappelijk middenveld in 86 partnerlanden wordt gemonitord en bevorderd.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>