<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2025)0102</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">De screening van buitenlandse investeringen in de Unie</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0061/2025 - Rapporteur: Raphaël Glucksmann)</STRING></HIDDEN><TXTLST><DECISION><TI><STRING BOLD="on">Amendementen van het Europees Parlement aangenomen op 8 mei 2025 op het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake de screening van buitenlandse investeringen in de Unie en tot intrekking van Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad (COM(2024)0023 – C9-0011/2024 – 2024/0017(COD))</STRING><FOOTNOTE><FIELD>De zaak werd voor interinstitutionele onderhandelingen terugverwezen naar de bevoegde commissie op grond van artikel 60, lid 4, vierde alinea, van het Reglement (A10-0061/2025).</FIELD></FOOTNOTE></TI><NOTE>(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)</NOTE><TEXT><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION/></ACTLST></DISPOSITIF><AMDLST><HD><HEAD.OLD><STRING ITALIC="on">Door de Commissie voorgestelde tekst</STRING></HEAD.OLD><HEAD.NEW><STRING ITALIC="on">Amendement</STRING></HEAD.NEW></HD><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		1</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(1)</NO.P>Investeringen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in de Unie dragen bij</STRING></STRING> tot de groei van de Unie door haar concurrentievermogen te verbeteren, banen te scheppen en schaalvoordelen te creëren, en kapitaal, technologieën, innovatie en expertise aan te trekken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(1)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Unie is ingenomen met buitenlandse</STRING></STRING> investeringen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aangezien deze bijdragen</STRING></STRING> tot de groei van de Unie door haar concurrentievermogen te verbeteren, banen te scheppen en schaalvoordelen te creëren, en kapitaal, technologieën, innovatie en expertise aan te trekken.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		2</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(3)</NO.P>In <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het</STRING></STRING> kader <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van</STRING></STRING> de internationale verplichtingen die zijn aangegaan in de Wereldhandelsorganisatie (WTO), in de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en in de met derde landen gesloten handels- en investeringsovereenkomsten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kunnen</STRING></STRING> de Unie en de lidstaten onder bepaalde voorwaarden aan buitenlandse directe investeringen beperkingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opleggen</STRING></STRING> om redenen van veiligheid of openbare orde.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(3)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In artikel 21, lid 2 VEU, is echter bepaald dat het beleid en optreden van de Unie tot doel hebben haar waarden, fundamentele belangen, veiligheid, onafhankelijkheid en integriteit te beschermen. Die beginselen en doelstellingen liggen ten grondslag aan de gemeenschappelijke handelspolitiek van de Unie, zoals vastgelegd in artikel 207 VWEU, onder meer waar het buitenlandse investeringen betreft. </STRING></STRING>In <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dat</STRING></STRING> kader <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bieden</STRING></STRING> de internationale verplichtingen die zijn aangegaan in de Wereldhandelsorganisatie (WTO), in de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en in de met derde landen gesloten handels- en investeringsovereenkomsten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> de Unie en de lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de ruimte om</STRING></STRING> onder bepaalde voorwaarden aan buitenlandse directe investeringen beperkingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op te leggen</STRING></STRING> om redenen van veiligheid of openbare orde.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		3</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(4)</NO.P>Overeenkomstig Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING> is een kader opgezet voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie door de lidstaten. Die verordening voorziet met name in een samenwerkingsmechanisme dat de lidstaten en de Commissie in staat stelt informatie over buitenlandse directe investeringen uit te wisselen en bezorgdheid te uiten over risico’s voor de veiligheid of de openbare orde. In het kader van dat samenwerkingsmechanisme moest de lidstaat waar de buitenlandse directe investering werd gepland of voltooid naar behoren rekening houden met de opmerkingen van andere lidstaten en het door de Commissie in haar screeningbesluit afgegeven advies.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(4)</NO.P>Overeenkomstig Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING> is een kader opgezet voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie door de lidstaten. Die verordening voorziet met name in een samenwerkingsmechanisme dat de lidstaten en de Commissie in staat stelt informatie over buitenlandse directe investeringen uit te wisselen en bezorgdheid te uiten over risico’s voor de veiligheid of de openbare orde. In het kader van dat samenwerkingsmechanisme moest de lidstaat waar de buitenlandse directe investering werd gepland of voltooid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">(de ontvangende lidstaat)</STRING></STRING> naar behoren rekening houden met de opmerkingen van andere lidstaten en het door de Commissie in haar screeningbesluit afgegeven advies.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING> Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2019 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie (PB L 79I van 21.3.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/452/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING> Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2019 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie (PB L 79I van 21.3.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/452/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		4</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 6 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(6 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bovendien is een nieuw wetgevingsinstrument nodig vanwege de veranderende aard van de investeringsstromen. De integratie van de wereldeconomie, in combinatie met oorlogen en geopolitieke spanningen, heeft nieuwe risico’s met zich meegebracht die de Unie en de lidstaten moeten aanpakken. Op 20 juni 2023 heeft de Commissie een mededeling aan het Europees Parlement, de Europese Raad en de Raad over een “Strategie voor economische veiligheid van de EU” gepresenteerd, waarin de screening van buitenlandse directe investeringen wordt genoemd als instrument om de Unie tegen economische veiligheidsrisico’s te beschermen. Uit de strategie blijkt dat het van belang is de risico’s aan te pakken die verband houden met de weerbaarheid van toeleveringsketens, de fysieke en cyberbeveiliging van kritieke infrastructuur, de veiligheid van technologie en het uitlekken van technologie en de inzet van economische afhankelijkheid als wapen of economische dwang. Die economische veiligheidsrisico’s spelen ook een rol bij het screenen van buitenlandse investeringen, aangezien zij een negatief effect kunnen hebben op wezenlijke maatschappelijke belangen, zoals welvaart, soevereiniteit, veiligheid en de werking van de sociale markteconomie, en daarmee ook op de openbare orde in de lidstaten en de Unie.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		5</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 7 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(7 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verwervingen via afwikkelingsinstrumenten op basis van de respectieve afwikkelingskaders (voor banken, centrale tegenpartijen of verzekerings- en herverzekeringsondernemingen), moeten van het toepassingsgebied van deze verordening worden uitgesloten. Bij afwikkelingen is tijd van essentieel belang en worden besluiten vaak letterlijk van de ene op de andere dag genomen. De grondige screeningprocedures waarin deze verordening voorziet, zijn onverenigbaar met de noodzaak om tijdig te reageren. Om risico’s voor de financiële stabiliteit te vermijden, moeten afwikkelingstransacties dan ook worden uitgesloten. Afwikkelingsautoriteiten moeten, voor zover mogelijk, rekening houden met deze verordening wanneer zij afwikkelingsmaatregelen uitvoeren waarbij een buitenlandse belegger betrokken is, met name wanneer het strategische activa betreft.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		6</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 8</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(8)</NO.P>Een aanzienlijke meerderheid van de lidstaten, maar niet alle lidstaten, beschikt over een wetgevingsinstrument dat voorziet in een mechanisme voor het screenen van buitenlandse directe investeringen. In veel lidstaten heeft de nationale wetgeving ook betrekking op de screening van investeringen binnen de Unie. Tussen de lidstaten bestaan er aanzienlijke verschillen wat betreft het toepassingsgebied, de drempels en de criteria die worden gebruikt om te beoordelen of een investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben. Er bestaan ook verschillen in de screeningprocessen. In bepaalde lidstaten kan de investering worden gedaan voordat daarvoor goedkeuring is verkregen met betrekking tot de gevolgen voor de veiligheid en de openbare orde. Andere lidstaten vereisen echter dat de investering pas wordt voltooid nadat deze in het kader van het screeningmechanisme is toegestaan. Dergelijke verschillen vormen een probleem voor de soepele werking van de interne markt. Zo creëren <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zij</STRING></STRING> een ongelijk speelveld en zorgen zij voor hogere nalevingskosten voor investeerders die transacties in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">meer dan één lidstaat</STRING></STRING> ter kennis <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">willen</STRING></STRING> geven. Deze verordening draagt bij tot het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">verkleinen van de verschillen tussen</STRING></STRING> de belangrijkste elementen van de mechanismen die op nationaal niveau worden toegepast. Dit is van cruciaal belang om investeerders voorspelbaarheid te bieden met betrekking tot de toepasselijke nationale regelingen en de kenmerken ervan, waardoor de daarmee verband houdende nalevingskosten worden verminderd. Dit is des te relevanter gezien de mate van integratie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van</STRING></STRING> de interne markt, die ertoe kan leiden dat één enkele transactie gevolgen heeft voor meerdere lidstaten in de EU. Zo kan het gebeuren dat een transactie die bedoeld is voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de verwerving</STRING></STRING> van een doelonderneming in één lidstaat ook gevolgen heeft voor de veiligheid en de openbare orde in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een</STRING></STRING> andere <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lidstaat</STRING></STRING>, als gevolg van de structuur van de toeleveringsketen of van andere economische elementen die de doelonderneming verbinden met andere ondernemingen die in een andere lidstaat zijn gevestigd. Om deze problemen op de interne markt aan te pakken en te zorgen voor meer samenhang en voorspelbaarheid, is het dienstig dat de criteria en elementen die voor de beoordeling van buitenlandse investeringen moeten worden gebruikt via maatregelen op het niveau van de Unie worden vastgesteld.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(8)</NO.P>Een aanzienlijke meerderheid van de lidstaten, maar niet alle lidstaten, beschikt over een wetgevingsinstrument dat voorziet in een mechanisme voor het screenen van buitenlandse directe investeringen. In veel lidstaten heeft de nationale wetgeving ook betrekking op de screening van investeringen binnen de Unie. Tussen de lidstaten bestaan er aanzienlijke verschillen wat betreft het toepassingsgebied, de drempels en de criteria die worden gebruikt om te beoordelen of een investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben. Er bestaan ook verschillen in de screeningprocessen. In bepaalde lidstaten kan de investering worden gedaan voordat daarvoor goedkeuring is verkregen met betrekking tot de gevolgen voor de veiligheid en de openbare orde. Andere lidstaten vereisen echter dat de investering pas wordt voltooid nadat deze in het kader van het screeningmechanisme is toegestaan. Dergelijke verschillen vormen een probleem voor de soepele werking van de interne markt. Zo creëren <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die inconsistenties</STRING></STRING> een ongelijk speelveld en zorgen zij voor hogere nalevingskosten voor investeerders die transacties in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">meerdere lidstaten</STRING></STRING> ter kennis <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten</STRING></STRING> geven. Deze verordening draagt bij tot het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">harmoniseren van</STRING></STRING> de belangrijkste elementen van de mechanismen die op nationaal niveau worden toegepast. Dit is van cruciaal belang om investeerders voorspelbaarheid te bieden met betrekking tot de toepasselijke nationale regelingen en de kenmerken ervan, waardoor de daarmee verband houdende nalevingskosten worden verminderd. Dit is des te relevanter gezien de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hoge</STRING></STRING> mate van integratie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in</STRING></STRING> de interne markt, die ertoe kan leiden dat één enkele transactie gevolgen heeft voor meerdere lidstaten in de EU. Zo kan het gebeuren dat een transactie die bedoeld is voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het verwerven</STRING></STRING> van een doelonderneming in één lidstaat ook gevolgen heeft voor de veiligheid en de openbare orde in andere <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lidstaten</STRING></STRING>, als gevolg van de structuur van de toeleveringsketen of van andere economische elementen die de doelonderneming verbinden met andere ondernemingen die in een andere lidstaat zijn gevestigd. Om deze problemen op de interne markt aan te pakken en te zorgen voor meer samenhang en voorspelbaarheid, is het dienstig dat de criteria en elementen die voor de beoordeling van buitenlandse investeringen moeten worden gebruikt via maatregelen op het niveau van de Unie worden vastgesteld.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		7</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 9</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(9)</NO.P>Om een samenhangende aanpak van de screening van buitenlandse investeringen in de hele Unie te waarborgen, moeten alle lidstaten worden verplicht om buitenlandse investeringen te screenen om redenen van veiligheid of openbare orde. Daarom moeten de belangrijkste elementen van de nationale screeningmechanismen worden geharmoniseerd. Die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">minimale</STRING></STRING> harmonisatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">heeft</STRING></STRING> betrekking op het toepassingsgebied van de te screenen investeringen, de belangrijkste kenmerken van de screeningprocedure, en de interactie tussen het nationale mechanisme en het samenwerkingsmechanisme van de Unie. Daarnaast moeten de lidstaten het toepassingsgebied van hun nationale screeningmechanisme ook kunnen uitbreiden tot andere soorten buitenlandse investeringen, buitenlandse investeringen in andere sectoren, aanvullende EU-doelondernemingen of economische activiteiten die de betrokken lidstaat van cruciaal belang acht voor zijn veiligheid of openbare orde. Wanneer zij dat doen, moet een dergelijke screening ook in overeenstemming zijn met de bepalingen van deze verordening.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(9)</NO.P>Om een samenhangende aanpak van de screening van buitenlandse investeringen in de hele Unie te waarborgen, moeten alle lidstaten worden verplicht om buitenlandse investeringen te screenen om redenen van veiligheid of openbare orde. Daarom moeten de belangrijkste elementen van de nationale screeningmechanismen worden geharmoniseerd. Die harmonisatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moet ook</STRING></STRING> betrekking <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hebben</STRING></STRING> op het toepassingsgebied van de te screenen investeringen, de belangrijkste kenmerken van de screeningprocedure, en de interactie tussen het nationale mechanisme en het samenwerkingsmechanisme van de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met inbegrip van samenhang tussen de tijdschema’s voor screeningprocedures</STRING></STRING>. Daarnaast moeten de lidstaten het toepassingsgebied van hun nationale screeningmechanisme ook kunnen uitbreiden tot andere soorten buitenlandse investeringen, buitenlandse investeringen in andere sectoren, aanvullende EU-doelondernemingen of economische activiteiten die de betrokken lidstaat van cruciaal belang acht voor zijn veiligheid of openbare orde. Wanneer zij dat doen, moet een dergelijke screening ook in overeenstemming zijn met de bepalingen van deze verordening. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het is van essentieel belang een geharmoniseerde en gestroomlijnde aanpak in alle lidstaten tot stand te brengen teneinde te waarborgen dat buitenlandse investeringen die gevolgen kunnen hebben voor de veiligheid en de openbare orde, consistent aan controles en doeltreffende besluitvormingsprocedures worden onderworpen. De screeningmechanismen moeten daartoe zodanig zijn ingericht dat de administratieve complexiteit tot een minimum wordt beperkt en onnodige vertragingen worden voorkomen, rekening houdend met de beperkte middelen die kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s) ter beschikking staan waar het deze mechanismen betreft. De Commissie moet bovendien een coördinerende rol vervullen teneinde de veiligheid van de Unie te bevorderen, en tegelijkertijd inefficiënties en een versnipperde aanpak tot een minimum te beperken.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		8</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 12</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(12)</NO.P>Buitenlandse investeringen moeten in overeenstemming met deze verordening worden gescreend, waarbij rekening wordt gehouden met alle beschikbare feitelijke informatie en het evenredigheidsbeginsel en andere in de Verdragen verankerde beginselen worden geëerbiedigd. Bovendien moet de screening van buitenlandse investeringen die worden uitgevoerd via in de Unie gevestigde dochterondernemingen van de buitenlandse investeerder in alle gevallen voldoen aan de vereisten die voortvloeien uit het Unierecht, en met name aan de Verdragsbepalingen inzake de vrijheid van vestiging en het vrije verkeer van kapitaal, zoals uitgelegd in de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie, in overeenstemming met de doelstelling om een open en inclusieve interne markt in stand te houden. Alle beperkingen van de vrijheid van vestiging en van het vrije verkeer van kapitaal in de Unie, met inbegrip van de screening en maatregelen die voortvloeien uit de screening, zoals risicobeperkende maatregelen en verboden, moeten zijn gebaseerd op een werkelijke en voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving, en moeten dienstig en noodzakelijk zijn, zoals bepaald in de rechtspraak van het Hof van Justitie. Tegelijkertijd <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kunnen bij het beoordelen van de rechtvaardiging en evenredigheid van een beperking</STRING></STRING> de bijzonderheden van investeringen binnen de Unie die via een dochteronderneming van een buitenlandse investeerder worden verricht in aanmerking worden genomen bij het beoordelen van beperkingen van de vrijheid van vestiging of van het vrije verkeer van kapitaal, in voorkomend geval ook in een advies van de Commissie dat op grond van deze verordening wordt goedgekeurd. Hierbij moet rekening worden gehouden met de integratie van de regelingen van de lidstaten in een Uniebreed samenwerkingsmechanisme.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(12)</NO.P>Buitenlandse investeringen moeten in overeenstemming met deze verordening worden gescreend, waarbij rekening wordt gehouden met alle beschikbare feitelijke informatie en het evenredigheidsbeginsel en andere in de Verdragen verankerde beginselen worden geëerbiedigd. Bovendien moet de screening van buitenlandse investeringen die worden uitgevoerd via in de Unie gevestigde dochterondernemingen van de buitenlandse investeerder in alle gevallen voldoen aan de vereisten die voortvloeien uit het Unierecht, en met name aan de Verdragsbepalingen inzake de vrijheid van vestiging en het vrije verkeer van kapitaal, zoals uitgelegd in de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie, in overeenstemming met de doelstelling om een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">goed functionerende,</STRING></STRING> open<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, veerkrachtige</STRING></STRING> en inclusieve interne markt in stand te houden. Alle beperkingen van de vrijheid van vestiging en van het vrije verkeer van kapitaal in de Unie, met inbegrip van de screening en maatregelen die voortvloeien uit de screening, zoals risicobeperkende maatregelen en verboden, moeten zijn gebaseerd op een werkelijke en voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving, en moeten dienstig en noodzakelijk zijn, zoals bepaald in de rechtspraak van het Hof van Justitie. Tegelijkertijd <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten</STRING></STRING> de bijzonderheden van investeringen binnen de Unie die via een dochteronderneming van een buitenlandse investeerder worden verricht in aanmerking worden genomen bij het beoordelen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van de rechtvaardiging en evenredigheid</STRING></STRING> van beperkingen van de vrijheid van vestiging of van het vrije verkeer van kapitaal, in voorkomend geval ook in een advies <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of besluit</STRING></STRING> van de Commissie dat op grond van deze verordening wordt goedgekeurd. Hierbij moet rekening worden gehouden met de integratie van de regelingen van de lidstaten in een Uniebreed samenwerkingsmechanisme.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		9</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 14</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(14)</NO.P>Ook moet ervoor worden gezorgd dat de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING> meer verantwoording moet afleggen aan de Commissie en aan de lidstaten die naar behoren gemotiveerde bezorgdheid uiten over hun openbare orde of veiligheid of die van de Unie.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(14)</NO.P>Ook moet ervoor worden gezorgd dat de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat meer verantwoording moet afleggen aan de Commissie en aan de lidstaten die naar behoren gemotiveerde bezorgdheid uiten over hun openbare orde of veiligheid of die van de Unie.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		10</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 15</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(15)</NO.P>Het in deze verordening vastgestelde gemeenschappelijk kader mag geen afbreuk doen aan de exclusieve verantwoordelijkheid van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de lidstaten</STRING></STRING> om <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hun</STRING></STRING> nationale veiligheid te waarborgen, zoals bepaald in artikel 4, lid 2, VEU. Het mag evenmin afbreuk doen aan de bescherming van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hun</STRING></STRING> wezenlijke veiligheidsbelangen overeenkomstig artikel 346 VWEU.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(15)</NO.P>Het in deze verordening vastgestelde gemeenschappelijk kader mag geen afbreuk doen aan de exclusieve verantwoordelijkheid van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">iedere lidstaat</STRING></STRING> om <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn</STRING></STRING> nationale veiligheid te waarborgen, zoals bepaald in artikel 4, lid 2, VEU. Het mag evenmin afbreuk doen aan de bescherming van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> wezenlijke veiligheidsbelangen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van de lidstaten</STRING></STRING> overeenkomstig artikel 346 VWEU.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		11</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 17</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(17)</NO.P>Er is sprake van buitenlandse greenfieldinvesteringen wanneer de buitenlandse investeerder of een dochteronderneming van een buitenlandse investeerder in de Unie nieuwe installaties of een nieuwe onderneming in de Unie opricht<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Buitenlandse greenfieldinvesteringen moeten binnen het toepassingsgebied van deze verordening vallen voor zover zij door een lidstaat relevant worden geacht</STRING></STRING> voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de screening van buitenlandse investeringen omdat zij duurzame en directe betrekkingen tussen een buitenlandse investeerder en dergelijke installaties of ondernemingen tot stand brengen.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Daarnaast kan</STRING></STRING> een buitenlandse investeerder door het opzetten van nieuwe installaties de veiligheid en de openbare orde beïnvloeden, ook wanneer dat risico betrekking heeft op essentiële economische inputs. De lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">worden</STRING></STRING> daarom <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aangemoedigd om</STRING></STRING> buitenlandse greenfieldinvesteringen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op te nemen</STRING></STRING> in het toepassingsgebied van transacties die onder hun screeningmechanismen vallen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met name wanneer die investeringen plaatsvinden in sectoren die relevant zijn voor hun veiligheid of openbare orde of wanneer zij kenmerken zoals omvang of fundamenteel karakter vertonen om relevant te zijn voor hun veiligheid of openbare orde</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(17)</NO.P>Er is sprake van buitenlandse greenfieldinvesteringen wanneer de buitenlandse investeerder of een dochteronderneming van een buitenlandse investeerder in de Unie nieuwe installaties of een nieuwe onderneming in de Unie opricht voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het verrichten van een nieuwe economische activiteit.</STRING></STRING> Een buitenlandse investeerder <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kan</STRING></STRING> door het opzetten van nieuwe installaties de veiligheid en de openbare orde beïnvloeden, ook wanneer dat risico betrekking heeft op essentiële economische inputs. De lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten</STRING></STRING> daarom buitenlandse greenfieldinvesteringen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opnemen</STRING></STRING> in het toepassingsgebied van transacties die onder hun screeningmechanismen vallen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		12</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 18</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(18)</NO.P>Om samenhangende en voorspelbare screeningprocessen te waarborgen, is het dienstig de belangrijkste kenmerken van de door de lidstaten in te voeren screeningmechanismen vast te stellen. Die kenmerken moeten ten minste betrekking hebben op het toepassingsgebied van de transacties die aan toelatingsvereisten onderworpen zijn, op de termijnen voor de screening <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> op de mogelijkheid voor ondernemingen waarop het screeningbesluit van toepassing is om tegen dergelijke besluiten in beroep te gaan. De voorschriften en procedures voor screeningmechanismen moeten transparant zijn en mogen geen onderscheid tussen derde landen maken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(18)</NO.P>Om samenhangende en voorspelbare screeningprocessen te waarborgen, is het dienstig de belangrijkste kenmerken van de door de lidstaten in te voeren screeningmechanismen vast te stellen. Die kenmerken moeten ten minste betrekking hebben op het toepassingsgebied van de transacties die aan toelatingsvereisten onderworpen zijn, op de termijnen voor de screening<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> op de mogelijkheid voor ondernemingen waarop het screeningbesluit van toepassing is om tegen dergelijke besluiten in beroep te gaan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en op de mogelijkheid voor de screeningautoriteiten om gevallen van niet-naleving of omzeiling op doeltreffende wijze aan te pakken</STRING></STRING>. De voorschriften en procedures voor screeningmechanismen moeten transparant zijn en mogen geen onderscheid tussen derde landen maken. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij de procedure voor het indienen van een verzoek om toelating moet ervoor worden gezorgd dat de nalevingsvereisten tot een minimum worden beperkt.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		13</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 19</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(19)</NO.P>Het in Verordening (EU) 2019/452 vastgestelde samenwerkingsmechanisme stelt de lidstaten in staat om samen te werken en elkaar te helpen wanneer een buitenlandse directe investering in één lidstaat gevolgen kan hebben voor de veiligheid of de openbare orde van andere lidstaten of voor projecten of programma’s van Uniebelang. Dit mechanisme is tot dusver zeer nuttig gebleken en moet derhalve worden gehandhaafd <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> versterkt in het kader van deze verordening.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(19)</NO.P>Het in Verordening (EU) 2019/452 vastgestelde samenwerkingsmechanisme stelt de lidstaten in staat om samen te werken en elkaar te helpen wanneer een buitenlandse directe investering in één lidstaat gevolgen kan hebben voor de veiligheid of de openbare orde van andere lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of van de Unie,</STRING></STRING> of voor projecten of programma’s van Uniebelang. Dit mechanisme is tot dusver zeer nuttig gebleken en moet derhalve worden gehandhaafd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> versterkt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en uitgebreid</STRING></STRING> in het kader van deze verordening <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">teneinde een uniformere aanpak van buitenlandse investeringen in de hele Unie te waarborgen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		14</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 20</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(20)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat buitenlandse investeringen die waarschijnlijk negatieve gevolgen zullen hebben voor de veiligheid of de openbare orde in de Unie naar behoren worden geïnventariseerd, moeten de lidstaten buitenlandse investeringen screenen wanneer de EU-doelonderneming deel uitmaakt van of deelneemt aan een project of programma van Uniebelang of wanneer de economische activiteiten van de EU-doelonderneming betrekking hebben op technologie, activa, installaties, uitrusting, netwerken, systemen of diensten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde. Naast deze criteria kunnen screeningmechanismen van toepassing zijn op andere sectoren, EU-doelondernemingen of economische activiteiten die de betrokken lidstaat van cruciaal belang acht voor zijn veiligheid of openbare orde.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(20)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat buitenlandse investeringen die waarschijnlijk negatieve gevolgen zullen hebben voor de veiligheid of de openbare orde in de Unie naar behoren worden geïnventariseerd, moeten de lidstaten buitenlandse investeringen screenen wanneer de EU-doelonderneming deel uitmaakt van of deelneemt aan een project of programma van Uniebelang of wanneer de economische activiteiten van de EU-doelonderneming betrekking hebben op technologie,<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> materialen,</STRING></STRING> activa, installaties, uitrusting, netwerken, systemen of diensten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. De lidstaten moeten voorts buitenlandse greenfieldinvesteringen screenen in dergelijke gevoelige programma’s of sectoren indien zich een specifiek risico voordoet als gevolg van de kenmerken van de investeerder en de omvang van de transactie</STRING></STRING>. Naast deze criteria kunnen screeningmechanismen van toepassing zijn op andere sectoren, EU-doelondernemingen of economische activiteiten die de betrokken lidstaat van cruciaal belang acht voor zijn veiligheid of openbare orde.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		15</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 21</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(21)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat het samenwerkingsmechanisme uitsluitend gericht is op buitenlandse investeringen waarbij de kenmerken van de buitenlandse investeerder of de EU-doelonderneming waarschijnlijk gevolgen hebben voor de veiligheid of de openbare orde, is het dienstig risicogebaseerde voorwaarden vast te stellen voor de kennisgeving aan de andere lidstaten en de Commissie van buitenlandse investeringen die in een lidstaat worden gescreend. Wanneer een buitenlandse investering aan geen enkele van de voorwaarden voldoet, kan de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gescreend de andere lidstaten en de Commissie in kennis stellen van de buitenlandse investering, ook wanneer de EU-doelonderneming aanzienlijke activiteiten in andere lidstaten heeft, of behoort tot een concern met meerdere ondernemingen in verschillende lidstaten.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(21)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat het samenwerkingsmechanisme uitsluitend gericht is op buitenlandse investeringen waarbij de kenmerken van de buitenlandse investeerder of de EU-doelonderneming waarschijnlijk gevolgen hebben voor de veiligheid of de openbare orde, is het dienstig risicogebaseerde voorwaarden vast te stellen voor de kennisgeving aan de andere lidstaten en de Commissie van buitenlandse investeringen die in een lidstaat worden gescreend. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaat moet met name beoordelen of de buitenlandse investeerder onder zeggenschap staat van of beïnvloed wordt door de overheid van een derde land. Zeggenschap of beïnvloeding kunnen worden vastgesteld op basis van criteria met betrekking tot bijvoorbeeld de drempels inzake directe of indirecte eigendom, de aard en omvang van de financiering vanuit de overheid van een derde land, alsook specifieke governanceregelingen, zoals bijzondere aandelen. Gevallen van ondoorzichtige of onduidelijke eigendomsstructuren, of waarbij de uiteindelijke begunstigde onbekend is, moeten bovendien als een dergelijke voorwaarde worden opgenomen.</STRING></STRING> Wanneer een buitenlandse investering aan geen enkele van de voorwaarden voldoet, kan de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gescreend de andere lidstaten en de Commissie in kennis stellen van de buitenlandse investering, ook wanneer de EU-doelonderneming aanzienlijke activiteiten in andere lidstaten heeft, of behoort tot een concern met meerdere ondernemingen in verschillende lidstaten.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		16</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 22</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(22)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat het waarschijnlijke effect van een buitenlandse investering op de veiligheid of de openbare orde van een of meer lidstaten naar behoren wordt vastgesteld, moeten de lidstaten opmerkingen kunnen indienen bij een lidstaat waarin een buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid, zelfs indien die lidstaat die buitenlandse investering niet screent of indien de buitenlandse investering wel wordt gescreend maar niet bij het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven. Verzoeken om informatie, antwoorden en opmerkingen van lidstaten moeten tegelijkertijd ter kennis aan de Commissie worden gegeven.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(22)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat het waarschijnlijke effect van een buitenlandse investering op de veiligheid of de openbare orde van een of meer lidstaten naar behoren wordt vastgesteld, moeten de lidstaten opmerkingen kunnen indienen bij een lidstaat waarin een buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid, zelfs indien die lidstaat die buitenlandse investering niet screent of indien de buitenlandse investering wel wordt gescreend maar niet bij het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven. Verzoeken om informatie, antwoorden en opmerkingen van lidstaten moeten tegelijkertijd ter kennis aan de Commissie worden gegeven <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">teneinde de transparantie gedurende het hele proces te waarborgen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		17</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 23</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(23)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat het waarschijnlijke effect van een buitenlandse investering op de veiligheid of de openbare orde van meer dan één lidstaat of de Unie in haar geheel naar behoren wordt vastgesteld, moet de Commissie een advies in de zin van artikel 288 VWEU kunnen uitbrengen aan de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING>, zelfs indien die buitenlandse investering niet in die lidstaat wordt gescreend of indien die buitenlandse investering wel wordt gescreend maar niet aan het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(23)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat het waarschijnlijke effect van een buitenlandse investering op de veiligheid of de openbare orde van meer dan één lidstaat of de Unie in haar geheel naar behoren wordt vastgesteld, moet de Commissie een advies in de zin van artikel 288 VWEU kunnen uitbrengen aan de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat, zelfs indien die buitenlandse investering niet in die lidstaat wordt gescreend of indien die buitenlandse investering wel wordt gescreend maar niet aan het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Met het oog op transparantie en voorspelbaarheid moeten de adviezen van de Commissie gebaseerd zijn op specifieke en gedocumenteerde risico’s en voldoen aan vastgestelde criteria voor het uitbrengen van adviezen, waaronder gedocumenteerde veiligheidsrisico’s of grensoverschrijdende problemen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		18</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 24</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(24)</NO.P>Om de veiligheid of de openbare orde te <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kunnen beschermen</STRING></STRING> wanneer het waarschijnlijke effect het gevolg is van een buitenlandse investering in een EU-doelonderneming die voorziet in de ontwikkeling, het onderhoud of de verwerving van infrastructuur, technologieën of inputs die van kritiek belang zijn voor de Unie in haar geheel, moet de Commissie bovendien de mogelijkheid hebben een advies uit te brengen. Dit zou de Commissie een instrument bieden om projecten en programma’s te beschermen die de Unie in haar geheel dienen en een belangrijke bijdrage leveren aan de veiligheid of de openbare orde van de Unie. Alle lidstaten moeten in kennis worden gesteld van een advies van de Commissie waarin de waarschijnlijke gevolgen voor projecten of programma’s van Uniebelang worden vastgesteld om redenen van veiligheid of openbare orde.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(24)</NO.P>Om <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de bescherming van</STRING></STRING> de veiligheid of de openbare orde te <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarborgen</STRING></STRING> wanneer het waarschijnlijke effect het gevolg is van een buitenlandse investering in een EU-doelonderneming die voorziet in de ontwikkeling, het onderhoud of de verwerving van infrastructuur, technologieën of inputs die van kritiek belang zijn voor de Unie in haar geheel, moet de Commissie bovendien de mogelijkheid hebben een advies uit te brengen. Dit zou de Commissie een instrument bieden om projecten en programma’s te beschermen die de Unie in haar geheel dienen en een belangrijke bijdrage leveren aan de veiligheid of de openbare orde van de Unie. Alle lidstaten moeten in kennis worden gesteld van een advies van de Commissie waarin de waarschijnlijke gevolgen voor projecten of programma’s van Uniebelang worden vastgesteld om redenen van veiligheid of openbare orde.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		19</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 25</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(25)</NO.P>Voorts moet de Commissie een tot alle lidstaten gericht advies kunnen uitbrengen indien zij meerdere buitenlandse investeringen vaststelt die samen waarschijnlijk gevolgen zullen hebben voor de veiligheid of de openbare orde in de Unie. Dit kan met name het geval zijn wanneer meerdere buitenlandse investeringen vergelijkbare kenmerken vertonen. Dit geldt ook wanneer de buitenlandse investeringen door dezelfde buitenlandse investeerder worden gedaan, of wanneer buitenlandse investeerders vergelijkbare risico’s vertonen, of wanneer meerdere buitenlandse investeringen betrekking hebben op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> doelonderneming of <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dezelfde</STRING></STRING> infrastructuur, met inbegrip van trans-Europese infrastructuur voor vervoer, energie en communicatie. De lidstaten en de Commissie moeten de risicoanalyse en de mogelijke manieren om de in het advies vastgestelde risico’s aan te pakken, bespreken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(25)</NO.P>Voorts moet de Commissie een tot alle lidstaten gericht advies kunnen uitbrengen indien zij meerdere buitenlandse investeringen vaststelt die samen waarschijnlijk gevolgen zullen hebben voor de veiligheid of de openbare orde in de Unie. Dit kan met name het geval zijn wanneer meerdere buitenlandse investeringen vergelijkbare kenmerken vertonen. Dit geldt ook wanneer de buitenlandse investeringen door dezelfde buitenlandse investeerder worden gedaan, of wanneer buitenlandse investeerders vergelijkbare risico’s vertonen, of wanneer meerdere buitenlandse investeringen betrekking hebben op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dezelfde</STRING></STRING> doelonderneming <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in de Unie</STRING></STRING> of infrastructuur, met inbegrip van trans-Europese infrastructuur voor vervoer, energie en communicatie. De lidstaten en de Commissie moeten de risicoanalyse en de mogelijke manieren om de in het advies vastgestelde risico’s aan te pakken, bespreken<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, waarbij wordt gezorgd voor een gecoördineerde aanpak</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		20</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 26</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(26)</NO.P>Om de veiligheid of de openbare orde te beschermen en investeerders tegelijkertijd meer zekerheid te bieden, moeten de lidstaten opmerkingen kunnen indienen en moet de Commissie advies kunnen uitbrengen over buitenlandse investeringen die zijn voltooid maar waarvan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">tot</STRING></STRING> 15 maanden na de voltooiing van de buitenlandse investering geen kennisgeving is gedaan.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(26)</NO.P>Om de veiligheid of de openbare orde te beschermen en investeerders tegelijkertijd meer zekerheid te bieden, moeten de lidstaten opmerkingen kunnen indienen en moet de Commissie advies kunnen uitbrengen over buitenlandse investeringen die zijn voltooid maar waarvan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">binnen</STRING></STRING> 15 maanden na de voltooiing van de buitenlandse investering geen kennisgeving is gedaan.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		21</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 27</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(27)</NO.P>Met het oog op meer duidelijkheid, moet de lijst van projecten of programma’s van Uniebelang in bijlage I worden opgenomen. Deze lijst moet alle buitenlandse investeringen in de trans-Europese netwerken voor vervoer, energie en communicatie bevatten, alsook programma’s voor de financiering van onderzoek en ontwikkeling voor activiteiten die relevant zijn voor de veiligheid of de openbare orde in de Unie. Gezien het belang van deze projecten en programma’s voor de veiligheid en de openbare orde in de Unie, moeten de lidstaten zorgen voor de screening van buitenlandse investeringen in ondernemingen in de Unie die deel uitmaken van of deelnemen aan deze projecten of programma’s, met inbegrip van die welke financiering van de Unie ontvangen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(27)</NO.P>Met het oog op meer duidelijkheid, moet de lijst van projecten of programma’s van Uniebelang in bijlage I worden opgenomen. Deze lijst moet alle buitenlandse investeringen in de trans-Europese netwerken voor vervoer, energie en communicatie bevatten, alsook programma’s voor de financiering van onderzoek en ontwikkeling voor activiteiten die relevant zijn voor de veiligheid of de openbare orde in de Unie. Gezien het belang van deze projecten en programma’s voor de veiligheid en de openbare orde in de Unie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en de inherente grensoverschrijdende aard en het netwerkkarakter ervan</STRING></STRING>, moeten de lidstaten zorgen voor de screening van buitenlandse investeringen in ondernemingen in de Unie die deel uitmaken van of deelnemen aan deze projecten of programma’s, met inbegrip van die welke financiering van de Unie ontvangen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		22</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 28</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(28)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat het waarschijnlijke effect van een buitenlandse investering op de veiligheid of de openbare orde van een of meer lidstaten adequaat wordt aangepakt, moeten lidstaten die naar behoren gemotiveerde opmerkingen van andere lidstaten of een advies van de Commissie ontvangen de grootst mogelijke aandacht besteden aan dergelijke opmerkingen of adviezen, ook wanneer zij van mening zijn dat hun eigen veiligheid of openbare orde geen gevolgen ondervindt. De lidstaat moet zo nodig overleg plegen met de Commissie en de betrokken lidstaten en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hun</STRING></STRING> schriftelijke feedback <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">geven</STRING></STRING> over <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het genomen besluit en</STRING></STRING> de wijze waarop de opmerkingen en het advies zo goed mogelijk in aanmerking zijn genomen. Het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">definitieve besluit over buitenlandse investeringen moet uitsluitend de verantwoordelijkheid</STRING></STRING> blijven <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(28)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat het waarschijnlijke effect van een buitenlandse investering op de veiligheid of de openbare orde van een of meer lidstaten adequaat wordt aangepakt, moeten lidstaten die naar behoren gemotiveerde opmerkingen van andere lidstaten of een advies van de Commissie ontvangen de grootst mogelijke aandacht besteden aan dergelijke opmerkingen of adviezen, ook wanneer zij van mening zijn dat hun eigen veiligheid of openbare orde geen gevolgen ondervindt. De lidstaat moet zo nodig overleg plegen met de Commissie en de betrokken lidstaten en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn ontwerpbesluit aan hen verstrekken, samen met</STRING></STRING> schriftelijke feedback over de wijze waarop de opmerkingen en het advies zo goed mogelijk in aanmerking zijn genomen. Het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moet mogelijk</STRING></STRING> blijven <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wijzigingen in het ontwerpbesluit aan te brengen teneinde rekening te kunnen houden met de door de betrokken lidstaten en de Commissie geuite standpunten</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		23</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 28 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(28 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In bepaalde gevallen kunnen meningsverschillen ontstaan tussen de ontvangende lidstaat en een andere lidstaat of de Commissie, over de vraag of de investering gevolgen kan hebben voor de veiligheid en de openbare orde van een lidstaat of van de Unie. Indien de oplossing van dergelijke meningsverschillen uitsluitend aan de ontvangende lidstaat wordt overgelaten, zou dit de veiligheid en de openbare orde van de Unie als geheel kunnen schaden en de werking van het samenwerkingsmechanisme kunnen ondermijnen. Daarom moet de Commissie in dergelijke gevallen de bevoegdheid krijgen om een besluit vast te stellen waarbij zij haar beoordeling van de waarschijnlijkheid dat de investering gevolgen heeft voor de veiligheid en de openbare orde baseert op de door de ontvangende lidstaat verstrekte informatie, alsook op haar eigen bevindingen indien zij een onderzoek heeft uitgevoerd. In alle andere gevallen moet het definitieve besluit de verantwoordelijkheid van de ontvangende lidstaat blijven.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		24</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 28 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(28 ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Binnen de verdeling van verantwoordelijkheden tussen de lidstaten en de Commissie waarin deze verordening voorziet, worden nationale screeningautoriteiten geconfronteerd met beperkingen bij het onderzoeken van buitenlandse investeringstransacties buiten hun geografische grenzen, wat de doeltreffendheid van hun analyse kan aantasten. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer klanten van de doelonderneming in een andere lidstaat zijn gevestigd, terwijl hun standpunten van essentieel belang kunnen zijn om de gevoeligheid van de doelonderneming voor risico’s voor de veiligheid of de openbare orde te beoordelen, zoals de beschikbaarheid van alternatieve leveranciers voor de goederen of diensten van de doelonderneming. Omdat de Commissie wel grensoverschrijdend kan optreden, bevindt zij zich in een goede positie om deze beperkingen aan te pakken en bij te dragen aan de beoordeling van de gevolgen van buitenlandse investeringstransacties voor de veiligheid en de openbare orde. De Commissie moet dan ook passende onderzoeksbevoegdheden krijgen om alle noodzakelijke informatie te kunnen verzamelen. De Commissie moet entiteiten in een andere lidstaat om informatie kunnen verzoeken wanneer dergelijke informatie niet op efficiënte wijze via het samenwerkingsmechanisme kan worden verkregen. De bevoegdheid van de Commissie om informatie op te vragen moet gebaseerd zijn op een gemotiveerd verzoek van een lidstaat. Wanneer de nationale autoriteiten echter te maken krijgen met juridische of procedurele beperkingen, zoals korte procedurele termijnen, moet de Commissie onafhankelijk kunnen optreden, op voorwaarde dat de lidstaat in kennis is gesteld. Die bevoegdheid moet beperkt blijven tot informatie die nodig is om het effect van een transactie op meer dan één lidstaat te beoordelen, met inbegrip van negatieve gevolgen voor programma’s en projecten van de Unie.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		25</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 29</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(29)</NO.P>Om de doeltreffende werking van het samenwerkingsmechanisme te waarborgen, is het belangrijk te eisen dat de lidstaat die de buitenlandse investering aan het samenwerkingsmechanisme ter kennis geeft in gestandaardiseerde vorm een minimale <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hoeveelheid informatie</STRING></STRING> verstrekt. Indien de samenwerking betrekking heeft op een buitenlandse investering die niet aan het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven, moet de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING> ten minste dezelfde minimale <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hoeveelheid informatie</STRING></STRING> kunnen verstrekken. De Commissie en de lidstaten kunnen de lidstaat waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid om aanvullende informatie verzoeken. Een dergelijk verzoek om aanvullende informatie moet naar behoren worden gemotiveerd, beperkt blijven tot de informatie die de lidstaten nodig hebben om opmerkingen in te dienen of op basis waarvan de Commissie een advies kan uitbrengen en in verhouding staan tot het doel van het verzoek, en mag niet onnodig belastend zijn voor de kennisgevende lidstaat.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(29)</NO.P>Om de doeltreffende werking van het samenwerkingsmechanisme te waarborgen, is het belangrijk te eisen dat de lidstaat die de buitenlandse investering aan het samenwerkingsmechanisme ter kennis geeft in gestandaardiseerde vorm een minimale <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">reeks gegevens</STRING></STRING> verstrekt. Indien de samenwerking betrekking heeft op een buitenlandse investering die niet aan het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven, moet de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat ten minste dezelfde minimale <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">reeks gegevens</STRING></STRING> kunnen verstrekken. De Commissie en de lidstaten kunnen de lidstaat waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid om aanvullende informatie verzoeken. Een dergelijk verzoek om aanvullende informatie moet naar behoren worden gemotiveerd, beperkt blijven tot de informatie die de lidstaten nodig hebben om opmerkingen in te dienen of op basis waarvan de Commissie een advies kan uitbrengen en in verhouding staan tot het doel van het verzoek, en mag niet onnodig belastend zijn voor de kennisgevende lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en de betrokken ondernemingen</STRING></STRING>. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In voorkomend geval kan de Commissie informatie opvragen bij andere organen van de Unie, zoals de Europese Autoriteit voor effecten en markten, de Europese Bankautoriteit, de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen, het gemeenschappelijk toezichtsmechanisme of de Europese Centrale Bank.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		26</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 30</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(30)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat de samenwerking is gebaseerd op volledige en nauwkeurige informatie, moet een buitenlandse investeerder of een onderneming alle relevante informatie verstrekken die wordt gevraagd door de lidstaat waar hij is gevestigd of de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING>. In uitzonderlijke omstandigheden, wanneer een lidstaat ondanks alle mogelijke inspanningen de door een andere lidstaat of de Commissie gevraagde informatie niet kan verkrijgen, moet hij die lidstaat of de Commissie daarvan onverwijld in kennis stellen. In dat geval moeten de opmerkingen van een andere lidstaat of de adviezen van de Commissie die in het kader van het samenwerkingsmechanisme zijn ingediend c.q. uitgebracht, worden gebaseerd op de informatie waarover zij beschikken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(30)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat de samenwerking is gebaseerd op volledige en nauwkeurige informatie, moet een buitenlandse investeerder of een onderneming alle relevante informatie verstrekken die wordt gevraagd door de lidstaat waar hij is gevestigd of de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat. In uitzonderlijke omstandigheden, wanneer een lidstaat ondanks alle mogelijke inspanningen de door een andere lidstaat of de Commissie gevraagde informatie niet kan verkrijgen, moet hij die lidstaat of de Commissie daarvan onverwijld in kennis stellen. In dat geval moeten de opmerkingen van een andere lidstaat of de adviezen van de Commissie die in het kader van het samenwerkingsmechanisme zijn ingediend c.q. uitgebracht, worden gebaseerd op de informatie waarover zij beschikken.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		27</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 31</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(31)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat het samenwerkingsmechanisme <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">alleen</STRING></STRING> wordt gebruikt om de veiligheid of de openbare orde te beschermen, moeten de lidstaten elk verzoek om informatie over een specifieke buitenlandse investering in een andere lidstaat en eventuele opmerkingen die zij aan die lidstaat richten naar behoren motiveren. Dezelfde vereisten gelden wanneer de Commissie informatie over een bepaalde buitenlandse investering opvraagt of een advies uitbrengt aan een lidstaat.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(31)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat het samenwerkingsmechanisme <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uitsluitend</STRING></STRING> wordt gebruikt om de veiligheid of de openbare orde te beschermen, moeten de lidstaten elk verzoek om informatie over een specifieke buitenlandse investering in een andere lidstaat en eventuele opmerkingen die zij aan die lidstaat richten naar behoren motiveren<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Dit is essentieel om misbruik van het mechanisme te voorkomen en ervoor te zorgen dat het louter is toegespitst op kwesties betreffende veiligheid en openbare orde</STRING></STRING>. Dezelfde vereisten gelden wanneer de Commissie informatie over een bepaalde buitenlandse investering opvraagt of een advies uitbrengt aan een lidstaat.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		28</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 31 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(31 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Zonder afbreuk te doen aan het samenwerkingsmechanisme moet er bewustzijn worden gecreëerd omtrent de betrokkenheid van ondernemingen uit derde landen bij of hun bijdrage aan projecten van gemeenschappelijk belang of aan kritieke infrastructuur die strategisch is voor de Unie, zodat overheidsdiensten kunnen ingrijpen als die betrokkenheid of bijdrage waarschijnlijk gevolgen heeft voor de veiligheid of de openbare orde in de Unie en niet onder de toepassing van deze verordening valt. De lidstaten kunnen andere lidstaten en de Commissie opmerkingen doen toekomen. Waar passend kan de Commissie om extra informatie verzoeken en verdere stappen nemen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		29</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 32</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(32)</NO.P>De lidstaten of de Commissie, naargelang het geval, kunnen rekening houden met relevante informatie van economische actoren, maatschappelijke organisaties of sociale partners (zoals vakbonden) over een buitenlandse investering die waarschijnlijk nadelige gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(32)</NO.P>De lidstaten of de Commissie, naargelang het geval, kunnen rekening houden met relevante informatie van economische actoren, maatschappelijke organisaties of sociale partners (zoals vakbonden) over een buitenlandse investering die waarschijnlijk nadelige gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Die informatie moet grondig worden geëvalueerd en kan ertoe leiden dat de ontvangende lidstaat een screeningprocedure inleidt.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		30</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 33</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(33)</NO.P>Een lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarin een buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid,</STRING></STRING> kan andere lidstaten of de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">daarvan</STRING></STRING> in kennis stellen indien <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hij wenst dat zij een of meer aspecten van een buitenlandse investering die door het samenwerkingsmechanisme wordt beoordeeld, nader analyseren, of wanneer</STRING></STRING> hem nieuwe informatie of nieuwe omstandigheden ter kennis komen die gevolgen kunnen hebben voor de beoordeling van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> buitenlandse investering. De andere lidstaten en de Commissie kunnen dan extra tijd krijgen om hun beoordeling van de buitenlandse investering aan te vullen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(33)</NO.P>Een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat kan andere lidstaten of de Commissie in kennis stellen indien hem nieuwe informatie of nieuwe omstandigheden ter kennis komen die gevolgen kunnen hebben voor de beoordeling van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een ter kennis gegeven</STRING></STRING> buitenlandse investering. De andere lidstaten en de Commissie kunnen dan extra tijd krijgen om hun beoordeling van de buitenlandse investering aan te vullen. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In die gevallen moet een eventuele verlenging van de beoordelingsperiode tot een minimum worden beperkt en mag dit niet tot een onnodige vertraging van de totale screeningprocedure leiden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		31</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 34</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(34)</NO.P>Om de efficiëntie en doeltreffendheid van het samenwerkingsmechanisme te waarborgen, moeten de termijnen en procedures op elkaar worden afgestemd wanneer meerdere buitenlandse investeringen in verband met dezelfde bredere transactie in verschillende lidstaten worden gescreend. Bij dergelijke transacties in meerdere landen moet de aanvrager de verschillende verzoeken om toelating <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">gelijktijdig</STRING></STRING> in de betrokken lidstaten indienen. Bovendien moeten die lidstaten de verzoeken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">gelijktijdig</STRING></STRING> aan het samenwerkingsmechanisme ter kennis geven. Om een efficiënte behandeling van deze transacties in meerdere landen te waarborgen, moeten de betrokken lidstaten samenwerken en overeenstemming bereiken over de vraag of de buitenlandse investeringen ter kennis moeten worden gegeven <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en wanneer zij ter kennis moeten worden gegeven</STRING></STRING>. Bovendien moeten de betrokken lidstaten ook overleg plegen over <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het</STRING></STRING> definitieve besluit. Indien de betrokken lidstaten voornemens zijn de buitenlandse investering onder voorwaarden toe te staan, moeten zij ervoor zorgen dat deze voorwaarden onderling verenigbaar zijn en dat grensoverschrijdende risico’s onder deze voorwaarden adequaat worden aangepakt. Voordat de betrokken lidstaten een buitenlandse investering verbieden, moeten zij nagaan of een voorwaardelijke toelating met gecoördineerde maatregelen en de gecoördineerde handhaving daarvan niet volstaat om de waarschijnlijke gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde aan te pakken. De Commissie moet aan deze coördinatie kunnen deelnemen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(34)</NO.P>Om de efficiëntie en doeltreffendheid van het samenwerkingsmechanisme te waarborgen, moeten de termijnen en procedures op elkaar worden afgestemd wanneer meerdere buitenlandse investeringen in verband met dezelfde bredere transactie in verschillende lidstaten worden gescreend. Bij dergelijke transacties in meerdere landen moet de aanvrager de verschillende verzoeken om toelating <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">binnen een beperkte tijdspanne</STRING></STRING> in de betrokken lidstaten indienen. Bovendien moeten die lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ernaar streven</STRING></STRING> de verzoeken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">binnen een beperkte tijdspanne</STRING></STRING> aan het samenwerkingsmechanisme ter kennis <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">te</STRING></STRING> geven. Om een efficiënte behandeling van deze transacties in meerdere landen te waarborgen, moeten de betrokken lidstaten samenwerken en overeenstemming bereiken over de vraag of de buitenlandse investeringen ter kennis moeten worden gegeven<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, alsook over de afstemming van procedurele tijdschema’s</STRING></STRING>. Bovendien moeten de betrokken lidstaten ook overleg plegen over <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de inhoud van hun</STRING></STRING> definitieve besluit. Indien de betrokken lidstaten voornemens zijn de buitenlandse investering onder voorwaarden toe te staan, moeten zij ervoor zorgen dat deze voorwaarden onderling verenigbaar zijn en dat grensoverschrijdende risico’s onder deze voorwaarden adequaat worden aangepakt. Voordat de betrokken lidstaten een buitenlandse investering verbieden, moeten zij nagaan of een voorwaardelijke toelating met gecoördineerde maatregelen en de gecoördineerde handhaving daarvan niet volstaat om de waarschijnlijke gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde aan te pakken. De Commissie moet <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ten volle</STRING></STRING> aan deze coördinatie kunnen deelnemen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		32</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 34 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(34 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Met het oog op de efficiënte en veilige uitwisseling van informatie tussen de lidstaten onderling en tussen de lidstaten en de Commissie, moet de Commissie in het kader van deze verordening een beveiligd en versleuteld digitaal systeem opzetten en onderhouden, dat voldoet aan de hoogste normen op het gebied van gegevensbescherming en veiligheid. Om de vertrouwelijkheid en integriteit van de communicatie te waarborgen, moeten alle uitwisselingen in het kader van deze verordening uitsluitend via dit systeem plaatsvinden, en het systeem moet monitoring- en controlecapaciteiten omvatten om naleving van de veiligheidsnormen te waarborgen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		33</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 34 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(34 ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om de veilige en efficiënte indiening en verwerking van aanvragen in verband met de screening van buitenlandse investeringen te waarborgen en de administratieve lasten voor zowel aanvragers als autoriteiten te verlichten, moet een centraal elektronisch portaal op het niveau van de Unie worden opgezet. Dat portaal moet een uniform mechanisme bieden voor aanvragers en hun vertegenwoordigers om transacties elektronisch in te dienen bij de nationale screeningautoriteiten. De Commissie moet het systeem zodanig ontwerpen dat het gebruiksvriendelijk is en voldoet aan alle toepasselijke regelgeving inzake gegevensbescherming en veiligheidsnormen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		34</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 35</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(35)</NO.P>Om een consistente aanpak van de screening van investeringen in de hele Unie te waarborgen, is het van essentieel belang dat de normen en criteria die worden gebruikt om de waarschijnlijke risico’s voor de veiligheid en de openbare orde te beoordelen, de normen en criteria zijn die bij deze verordening op het niveau van de Unie worden vastgesteld. Die normen en criteria moeten betrekking hebben op de gevolgen voor de veiligheid, integriteit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> werking van kritieke infrastructuur, de beschikbaarheid van kritieke technologieën (inclusief sleuteltechnologieën) <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> de voortdurende levering van kritieke inputs voor de veiligheid of de openbare orde, waarvan de verstoring, het falen, het verlies of de vernietiging aanzienlijke gevolgen zou hebben voor de veiligheid en de openbare orde in een of meer lidstaten of voor de Unie in haar geheel. In dat verband moeten de lidstaten en de Commissie ook rekening houden met de context en de omstandigheden van de buitenlandse investering. Hierbij moet met name worden nagegaan of een investeerder <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">direct of indirect, bijvoorbeeld via aanzienlijke financiering, onder zeggenschap staat van de overheid van een derde land of</STRING></STRING> betrokken is bij het nastreven van beleidsdoelstellingen van derde landen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">om</STRING></STRING> hun militaire vermogens te bevorderen. In dit verband moeten de lidstaten en de Commissie, indien van toepassing, ook nagaan waarom de buitenlandse investeerder, zijn begunstigde eigenaar of een van zijn dochterondernemingen of een persoon die namens of op aanwijzing van die buitenlandse investeerder handelt, onderworpen is aan beperkende maatregelen van de Unie op grond van artikel 215 VWEU.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(35)</NO.P>Om een consistente aanpak van de screening van investeringen in de hele Unie te waarborgen, is het van essentieel belang dat de normen en criteria die worden gebruikt om de waarschijnlijke risico’s voor de veiligheid en de openbare orde te beoordelen, de normen en criteria zijn die bij deze verordening op het niveau van de Unie worden vastgesteld. Die normen en criteria moeten betrekking hebben op de gevolgen voor de veiligheid, integriteit<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> werking <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en weerbaarheid</STRING></STRING> van kritieke infrastructuur <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en van de interne markt</STRING></STRING>, de beschikbaarheid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en het gebruik</STRING></STRING> van kritieke technologieën <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en kennis</STRING></STRING> (inclusief sleuteltechnologieën)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> de voortdurende levering van kritieke inputs voor de veiligheid of de openbare orde, waarvan de verstoring, het falen, het verlies of de vernietiging aanzienlijke gevolgen zou hebben voor de veiligheid en de openbare orde in een of meer lidstaten of voor de Unie in haar geheel<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, de veiligheid van militaire en andere gevoelige openbare voorzieningen, en het vermogen om strategische afhankelijkheden aan te pakken</STRING></STRING>. In dat verband moeten de lidstaten en de Commissie ook rekening houden met de context en de omstandigheden van de buitenlandse investering. Hierbij moet met name worden nagegaan of een investeerder <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">betrokken is geweest bij illegale activiteiten, met inbegrip van het meermaals niet voldoen aan de wettelijke normen van de Unie, of hij</STRING></STRING> betrokken is bij het nastreven van beleidsdoelstellingen van derde landen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, ernaar streeft</STRING></STRING> hun militaire vermogens te bevorderen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of schendingen van het internationaal recht beoogt. Het nastreven van beleidsdoelstellingen van een derde land kan inhouden dat de overheid van dat land invloed uitoefent op ondernemingen, met aanzienlijke verstoringen van de markt tot gevolg</STRING></STRING>. In dit verband moeten de lidstaten en de Commissie, indien van toepassing, ook nagaan waarom de buitenlandse investeerder, zijn begunstigde eigenaar of een van zijn dochterondernemingen of een persoon die namens of op aanwijzing van die buitenlandse investeerder handelt, onderworpen is aan beperkende maatregelen van de Unie op grond van artikel 215 VWEU.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		35</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 36</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(36)</NO.P>Wanneer de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING> van oordeel is dat een buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde in de Unie zal hebben, is het dienstig die lidstaat ertoe te verplichten passende maatregelen te nemen om de risico’s te beperken, en indien dergelijke maatregelen beschikbaar zijn en door de lidstaat afdoende worden geacht, daarbij zoveel mogelijk rekening te houden met de opmerkingen van andere lidstaten en het advies van de Commissie, indien van toepassing. Buitenlandse investeringen mogen alleen bij wijze van uitzondering worden verboden, en indien andere risicobeperkende maatregelen of maatregelen uit hoofde van het Unierecht of het nationale recht dan het screeningmechanisme ontoereikend zijn om de gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde te beperken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(36)</NO.P>Wanneer de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat van oordeel is dat een buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde in de Unie zal hebben, is het dienstig die lidstaat ertoe te verplichten passende maatregelen te nemen om de risico’s te beperken, en indien dergelijke maatregelen beschikbaar zijn en door de lidstaat afdoende worden geacht, daarbij zoveel mogelijk rekening te houden met de opmerkingen van andere lidstaten en het advies van de Commissie, indien van toepassing. Buitenlandse investeringen mogen alleen bij wijze van uitzondering worden verboden, en indien andere risicobeperkende maatregelen of maatregelen uit hoofde van het Unierecht of het nationale recht dan het screeningmechanisme ontoereikend zijn om de gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde te beperken.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		36</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 37</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(37)</NO.P>Om de uitvoering van het samenwerkingsmechanisme te ondersteunen en de uitwisseling van goede praktijken tussen de lidstaten te bevorderen, moet de krachtens Verordening (EU) 2019/452 opgerichte deskundigengroep voor de screening van buitenlandse investeringen in stand worden gehouden.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(37)</NO.P>Om de uitvoering van het samenwerkingsmechanisme te ondersteunen en de uitwisseling van goede praktijken tussen de lidstaten te bevorderen, moet de krachtens Verordening (EU) 2019/452 opgerichte deskundigengroep voor de screening van buitenlandse investeringen in stand worden gehouden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en moeten zijn taken worden geactualiseerd overeenkomstig deze verordening</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		37</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 37 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(37 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om de transparantie te vergroten en de procedure voor investeerders te vergemakkelijken, moeten de lidstaten richtsnoeren betreffende screeningprocedures, tijdschema’s en risicobeoordelingscriteria uitbrengen en regelmatig actualiseren. Ter waarborging van de transparantie en een consistente toepassing van deze verordening in alle lidstaten, moet de Commissie richtsnoeren uitbrengen betreffende vereisten op het niveau van de Unie en de uit hoofde van deze verordening vastgestelde belangrijkste concepten en beoordelingscriteria, en deze regelmatig actualiseren. De Commissie moet voorts een openbaar beschikbare lijst bijhouden van alle screeningmechanismen die door de lidstaten zijn ingevoerd.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		38</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 39</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(39)</NO.P>Om de doeltreffendheid van het coördinatiemechanisme te waarborgen, moeten de door de lidstaten en de Commissie opgezette contactpunten een passende plaats binnen de respectieve bestuursdiensten krijgen. De contactpunten moeten over gekwalificeerd personeel en over de nodige bevoegdheden beschikken om hun werkzaamheden in het kader van het coördinatiemechanisme uit te voeren en te zorgen voor een deugdelijke behandeling van vertrouwelijke informatie.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(39)</NO.P>Om de doeltreffendheid van het coördinatiemechanisme te waarborgen, moeten de door de lidstaten en de Commissie opgezette contactpunten een passende <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">strategische</STRING></STRING> plaats binnen de respectieve bestuursdiensten krijgen. De contactpunten moeten over gekwalificeerd personeel en over de nodige bevoegdheden beschikken om hun werkzaamheden in het kader van het coördinatiemechanisme uit te voeren en te zorgen voor een deugdelijke behandeling van vertrouwelijke informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in overeenstemming met de toepasselijke rechtskaders</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		39</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 40</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(40)</NO.P>De lidstaten en de Commissie moeten worden aangespoord om met de bevoegde autoriteiten van gelijkgestemde derde landen samen te werken inzake vraagstukken in verband met de screening van buitenlandse investeringen die gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zouden kunnen hebben. Die administratieve samenwerking moet ertoe strekken het kader voor het screenen van buitenlandse investeringen door de lidstaten en de samenwerking tussen de lidstaten en de Commissie overeenkomstig deze verordening doeltreffender te maken. De Commissie moet op de hoogte worden gehouden van dergelijke bilaterale contacten voor zover deze betrekking hebben op systemische kwesties in verband met de screening van investeringen. Het moet voor de Commissie ook mogelijk zijn om de ontwikkelingen inzake screeningmechanismen in derde landen te monitoren.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(40)</NO.P>De lidstaten en de Commissie moeten worden aangespoord om <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">actief</STRING></STRING> met de bevoegde autoriteiten van gelijkgestemde derde landen samen te werken inzake vraagstukken in verband met de screening van buitenlandse investeringen die gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zouden kunnen hebben. Die administratieve samenwerking moet ertoe strekken het kader voor het screenen van buitenlandse investeringen door de lidstaten en de samenwerking tussen de lidstaten en de Commissie overeenkomstig deze verordening doeltreffender te maken. De Commissie moet op de hoogte worden gehouden van dergelijke bilaterale contacten voor zover deze betrekking hebben op systemische kwesties<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, trends of beste praktijken</STRING></STRING> in verband met de screening van investeringen. Het moet voor de Commissie ook mogelijk zijn om de ontwikkelingen inzake screeningmechanismen in derde landen te monitoren.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		40</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 40 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(40 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Deze verordening moet worden beschouwd in het kader van het ruimere pakket aan defensieve instrumenten van de Unie die erop gericht zijn veiligheidsrisico’s aan te pakken, waaronder de verordening buitenlandse subsidies en het instrument voor internationale overheidsopdrachten, en er moet voor worden gezorgd dat het toepassingsgebied is afgestemd op die maatregelen om dubbel werk te voorkomen en een gerichte en evenredige aanpak te garanderen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		41</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 41</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(41)</NO.P>De lidstaten en de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarborgen de</STRING></STRING> vertrouwelijkheid van de informatie die zij uit hoofde van deze verordening verstrekken of ontvangen, overeenkomstig het nationale recht en het Unierecht. Wanneer de ongeoorloofde openbaarmaking van informatie de belangen van de Europese Unie of van een of meer van de lidstaten in meerdere of mindere mate zou schaden, moet de opsteller van de informatie de desbetreffende informatie rubriceren overeenkomstig het nationale recht en het Unierecht. Bij het beantwoorden van verzoeken om toegang tot documenten die op grond van deze verordening worden behandeld, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">coördineren en bieden</STRING></STRING> de lidstaten en de Commissie ten minste de mate van bescherming van de beschermde belangen die wordt geboden uit hoofde van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1049/2001<STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING>, teneinde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het doel</STRING></STRING> van onderzoeken te <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">beschermen</STRING></STRING>. De Commissie moet alle nodige maatregelen nemen om de bescherming van vertrouwelijke informatie te waarborgen, zulks met inachtneming van met name Besluit (EU, Euratom) 2015/443 van de Commissie<STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING> en Besluit (EU, Euratom) 2015/444 van de Commissie<STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING>. Evenzo moeten de lidstaten en de Commissie alle nodige maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat de Overeenkomst tussen de lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de bescherming van in het belang van de Europese Unie uitgewisselde gerubriceerde informatie<STRING SUPERSCRIPT="on">8</STRING> in acht wordt genomen. Dit omvat met name <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het verbod</STRING></STRING> gerubriceerde informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een</STRING></STRING> lagere rubriceringsgraad te geven of te derubriceren zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opsteller. Niet-gerubriceerde gevoelige informatie of informatie die op vertrouwelijke basis wordt verstrekt, moet door de autoriteiten als dusdanig worden behandeld.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(41)</NO.P>De lidstaten en de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten het hoogste niveau van</STRING></STRING> vertrouwelijkheid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarborgen</STRING></STRING> van de informatie die zij uit hoofde van deze verordening verstrekken of ontvangen, overeenkomstig het nationale recht en het Unierecht. Wanneer de ongeoorloofde openbaarmaking van informatie de belangen van de Europese Unie of van een of meer van de lidstaten in meerdere of mindere mate zou schaden, moet de opsteller van de informatie de desbetreffende informatie rubriceren overeenkomstig het nationale recht en het Unierecht. Bij het beantwoorden van verzoeken om toegang tot documenten die op grond van deze verordening worden behandeld, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten</STRING></STRING> de lidstaten en de Commissie ten minste de mate van bescherming van de beschermde belangen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">coördineren en bieden</STRING></STRING> die wordt geboden uit hoofde van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1049/2001<STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING>, teneinde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de integriteit</STRING></STRING> van onderzoeken te <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarborgen</STRING></STRING>. De Commissie moet alle nodige maatregelen nemen om de bescherming van vertrouwelijke informatie te waarborgen, zulks met inachtneming van met name Besluit (EU, Euratom) 2015/443 van de Commissie<STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING> en Besluit (EU, Euratom) 2015/444 van de Commissie<STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING>. Evenzo moeten de lidstaten en de Commissie alle nodige maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat de Overeenkomst tussen de lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de bescherming van in het belang van de Europese Unie uitgewisselde gerubriceerde informatie<STRING SUPERSCRIPT="on">8</STRING> in acht wordt genomen. Dit omvat met name <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de verplichting om de vertrouwelijkheid van</STRING></STRING> gerubriceerde informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">te handhaven en die informatie geen</STRING></STRING> lagere rubriceringsgraad te geven of te derubriceren zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opsteller. Niet-gerubriceerde gevoelige informatie of informatie die op vertrouwelijke basis wordt verstrekt, moet door de autoriteiten als dusdanig worden behandeld.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING> Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2001/1049/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING> Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2001/1049/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING> Besluit (EU, Euratom) 2015/443 van de Commissie van 13 maart 2015 betreffende veiligheid binnen de Commissie (PB L 72 van 17.3.2015, blz. 41, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2015/443/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING> Besluit (EU, Euratom) 2015/443 van de Commissie van 13 maart 2015 betreffende veiligheid binnen de Commissie (PB L 72 van 17.3.2015, blz. 41, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2015/443/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING> Besluit (EU, Euratom) 2015/444 van de Commissie van 13 maart 2015 betreffende de veiligheidsvoorschriften voor de bescherming van gerubriceerde EU-informatie (PB L 72 van 17.3.2015, blz. 53, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2015/444/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING> Besluit (EU, Euratom) 2015/444 van de Commissie van 13 maart 2015 betreffende de veiligheidsvoorschriften voor de bescherming van gerubriceerde EU-informatie (PB L 72 van 17.3.2015, blz. 53, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2015/444/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">8</STRING> Overeenkomst tussen de lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de bescherming van in het belang van de Europese Unie uitgewisselde gerubriceerde informatie (PB C 202 van 8.7.2011, blz. 13).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">8</STRING> Overeenkomst tussen de lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de bescherming van in het belang van de Europese Unie uitgewisselde gerubriceerde informatie (PB C 202 van 8.7.2011, blz. 13).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		42</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 43</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(43)</NO.P>De Commissie moet jaarlijks een verslag over de uitvoering van deze verordening opstellen en indienen bij het Europees Parlement en de Raad. Met het oog op meer transparantie moet het verslag openbaar worden gemaakt. Het verslag moet onder meer gebaseerd zijn op verslagen die door alle lidstaten op vertrouwelijke basis bij de Commissie zijn ingediend, met gepaste inachtneming van de noodzaak om de bescherming van de vertrouwelijkheid van bepaalde informatie te waarborgen, met name wanneer de bekendmaking van gegevens gevolgen kan hebben voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie of de commerciële vertrouwelijkheid in gevaar kan brengen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(43)</NO.P>De Commissie moet jaarlijks een verslag over de uitvoering van deze verordening opstellen en indienen bij het Europees Parlement en de Raad. Met het oog op meer transparantie moet het verslag openbaar worden gemaakt. Het verslag moet onder meer gebaseerd zijn op verslagen die door alle lidstaten op vertrouwelijke basis bij de Commissie zijn ingediend, met gepaste inachtneming van de noodzaak om de bescherming van de vertrouwelijkheid van bepaalde informatie te waarborgen, met name wanneer de bekendmaking van gegevens gevolgen kan hebben voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie of de commerciële vertrouwelijkheid in gevaar kan brengen. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het verslag moet informatie bevatten over opkomende trends en risicofactoren, alsook geactualiseerde informatie over relevante ontwikkelingen op wetgevingsgebied in de lidstaten.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		43</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 44</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(44)</NO.P>De Commissie moet het functioneren en de doeltreffendheid van deze verordening <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vijf</STRING></STRING> jaar na de datum van toepassing van deze verordening en daarna om de vijf jaar toetsen en een verslag indienen bij het Europees Parlement en de Raad. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In</STRING></STRING> dat verslag moet worden beoordeeld of deze verordening gewijzigd moet worden. Wanneer in het verslag wordt voorgesteld deze verordening te wijzigen, kan het vergezeld gaan van een wetgevingsvoorstel.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(44)</NO.P>De Commissie moet het functioneren en de doeltreffendheid van deze verordening <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">drie</STRING></STRING> jaar na de datum van toepassing van deze verordening en daarna om de vijf jaar toetsen en een verslag indienen bij het Europees Parlement en de Raad. Dat verslag <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moet met name een beoordeling bevatten van de bijdrage van deze verordening aan de economische veiligheid van de Unie. In het verslag</STRING></STRING> moet worden beoordeeld of deze verordening gewijzigd moet worden. Wanneer in het verslag wordt voorgesteld deze verordening te wijzigen, kan het vergezeld gaan van een wetgevingsvoorstel.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		44</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 46</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(46)</NO.P>Wanneer een buitenlandse investering een concentratie vormt die binnen het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> valt, moet de toepassing van deze verordening de toepassing van artikel 21, lid 4, van Verordening (EG) nr. 139/2004 onverlet laten. Deze verordening en artikel 21, lid 4, van Verordening (EG) nr. 139/2004 moeten op een consistente wijze worden toegepast. Voor zover bij het respectieve toepassingsgebied van die twee verordeningen sprake is van overlapping moeten de in artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">12</STRING></STRING> van deze verordening vastgestelde redenen voor screening en het begrip “gewettigde belangen” in de zin van artikel 21, lid 4, derde alinea, van Verordening (EG) nr. 139/2004 op een samenhangende wijze worden geïnterpreteerd, zonder vooruit te lopen op de beoordeling van de verenigbaarheid van de op de bescherming van die belangen gerichte nationale maatregelen met de algemene beginselen en de overige bepalingen van het Unierecht.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(46)</NO.P>Wanneer een buitenlandse investering een concentratie vormt die binnen het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> valt, moet de toepassing van deze verordening de toepassing van artikel 21, lid 4, van Verordening (EG) nr. 139/2004 onverlet laten. Deze verordening en artikel 21, lid 4, van Verordening (EG) nr. 139/2004 moeten op een consistente wijze worden toegepast. Voor zover bij het respectieve toepassingsgebied van die twee verordeningen sprake is van overlapping moeten de in artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">1</STRING></STRING> van deze verordening vastgestelde redenen voor screening en het begrip “gewettigde belangen” in de zin van artikel 21, lid 4, derde alinea, van Verordening (EG) nr. 139/2004 op een samenhangende wijze worden geïnterpreteerd, zonder vooruit te lopen op de beoordeling van de verenigbaarheid van de op de bescherming van die belangen gerichte nationale maatregelen met de algemene beginselen en de overige bepalingen van het Unierecht.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2004/139/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2004/139/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		45</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 49</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(49)</NO.P>Om rekening te houden met ontwikkelingen in verband met projecten of programma’s van Uniebelang en om de lijst aan te passen van technologieën, activa, installaties, apparatuur, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden verleend om overeenkomstig artikel 290 VWEU handelingen vast te stellen ten aanzien van wijzigingen van de bijlagen bij deze verordening. De in bijlage I opgenomen lijst van projecten en programma’s van Uniebelang moet betrekking hebben op projecten of programma’s die onder het EU-recht vallen en die voorzien in de ontwikkeling, het onderhoud of de verwerving van kritieke infrastructuur, kritieke technologieën of kritieke inputs die van essentieel belang zijn voor de veiligheid of de openbare orde. De in bijlage II opgenomen lijst van technologieën, activa, installaties, uitrusting, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde, moet betrekking hebben op gebieden waar een buitenlandse investering gevolgen kan hebben voor de veiligheid of de openbare orde in meer dan één lidstaat of in de Unie in haar geheel via een EU-doelonderneming, die niet deelneemt aan of geen middelen ontvangt uit een project of programma van Uniebelang. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven<STRING SUPERSCRIPT="on">16</STRING>. Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip als de deskundigen van de lidstaten, en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(49)</NO.P>Om rekening te houden met ontwikkelingen in verband met projecten of programma’s van Uniebelang en om de lijst aan te passen van technologieën, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">materialen,</STRING></STRING> activa, installaties, apparatuur, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met name in het licht van de risicobeoordelingen die moeten worden uitgevoerd in het kader van de strategie voor economische veiligheid van de Unie,</STRING></STRING> moet aan de Commissie de bevoegdheid worden verleend om overeenkomstig artikel 290 VWEU handelingen vast te stellen ten aanzien van wijzigingen van de bijlagen bij deze verordening. De in bijlage I opgenomen lijst van projecten en programma’s van Uniebelang moet betrekking hebben op projecten of programma’s die onder het EU-recht vallen en die voorzien in de ontwikkeling, het onderhoud of de verwerving van kritieke infrastructuur, kritieke technologieën of kritieke inputs die van essentieel belang zijn voor de veiligheid of de openbare orde. De in bijlage II opgenomen lijst van technologieën, activa, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">materialen,</STRING></STRING> installaties, uitrusting, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde, moet betrekking hebben op gebieden waar een buitenlandse investering gevolgen kan hebben voor de veiligheid of de openbare orde in meer dan één lidstaat of in de Unie in haar geheel via een EU-doelonderneming, die niet deelneemt aan of geen middelen ontvangt uit een project of programma van Uniebelang<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. De Commissie moet met name bijlage I actualiseren in geval van nieuwe projecten of programma’s van Uniebelang die worden vastgesteld in het kader van toekomstige meerjarige financiële kaders</STRING></STRING>. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven<STRING SUPERSCRIPT="on">16</STRING>. Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip als de deskundigen van de lidstaten, en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">16</STRING> PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">16</STRING> PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		46</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 50</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(50)</NO.P>Om eenvormige voorwaarden voor de uitvoering van deze verordening te waarborgen, vooral met betrekking tot <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het formulier dat moet</STRING></STRING> worden gebruikt om minimale informatie over buitenlandse investeringen te verstrekken, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend. Die bevoegdheden moeten worden uitgeoefend in overeenstemming met Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">17</STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(50)</NO.P>Om eenvormige voorwaarden voor de uitvoering van deze verordening te waarborgen, vooral met betrekking tot <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de formulieren die moeten</STRING></STRING> worden gebruikt om minimale informatie over buitenlandse investeringen te verstrekken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en verzoeken om toelating in te dienen</STRING></STRING>, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend. Die bevoegdheden moeten worden uitgeoefend in overeenstemming met Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">17</STRING>.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">17</STRING> Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2011/182/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">17</STRING> Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2011/182/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		47</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 51</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(51)</NO.P>Verordening (EU) 2019/452 moet worden ingetrokken. Om de lidstaten en entiteiten voldoende tijd te geven om zich voor te bereiden op de uitvoering, moet deze verordening van toepassing zijn met ingang van [datum toevoegen: <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">15</STRING></STRING> maanden na de inwerkingtreding]. In de overgangsperiode tussen de inwerkingtreding en de toepassing van deze verordening moet Verordening (EU) 2019/452 van toepassing blijven,</P></OLD><NEW><P><NO.P>(51)</NO.P>Verordening (EU) 2019/452 moet worden ingetrokken. Om de lidstaten en entiteiten voldoende tijd te geven om zich voor te bereiden op de uitvoering, moet deze verordening van toepassing zijn met ingang van [datum toevoegen: <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">12</STRING></STRING> maanden na de inwerkingtreding]<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Deze termijn moet worden toegepast, ongeacht de totstandbrenging van het centrale portaal voor het indienen van verzoeken om toelating</STRING></STRING>. In de overgangsperiode tussen de inwerkingtreding en de toepassing van deze verordening moet Verordening (EU) 2019/452 van toepassing blijven,</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		48</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 1 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>Deze verordening strekt tot vaststelling van een Uniekader voor de screening door de lidstaten van buitenlandse investeringen op hun grondgebied om redenen van veiligheid of openbare orde.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>Deze verordening strekt tot vaststelling van een Uniekader voor de screening door de lidstaten van buitenlandse investeringen op hun grondgebied om redenen van veiligheid of openbare orde<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, waaronder economische veiligheid</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		49</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 1 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>Deze verordening stelt een samenwerkingsmechanisme in om de lidstaten en de Commissie in staat te stellen informatie over buitenlandse investeringen uit te wisselen, de potentiële gevolgen ervan voor de veiligheid of de openbare orde te beoordelen en mogelijke problemen in kaart te brengen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die moeten worden aangepakt door de lidstaat die de buitenlandse investering screent</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>Deze verordening stelt een samenwerkingsmechanisme in om de lidstaten en de Commissie in staat te stellen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">relevante</STRING></STRING> informatie over buitenlandse investeringen uit te wisselen, de potentiële gevolgen ervan voor de veiligheid of de openbare orde te beoordelen en mogelijke problemen in kaart te brengen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en aan te pakken</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		50</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 1 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten kunnen nationale bepalingen vaststellen of handhaven op gebieden die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bij</STRING></STRING> deze verordening <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">niet worden gecoördineerd</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten kunnen nationale bepalingen vaststellen of handhaven op gebieden die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">niet onder</STRING></STRING> deze verordening <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vallen, mits die bepalingen de doelstellingen van deze verordening niet ondermijnen en hiermee in overeenstemming zijn</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		51</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 1 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>Deze verordening doet geen afbreuk aan de verplichtingen van de lidstaten uit hoofde van de Verdragen, en met name de artikelen 49 en 63 VWEU. De lidstaten zorgen ervoor dat alle in het kader van deze verordening genomen maatregelen aan die verplichtingen voldoen. Deze verordening doet geen afbreuk aan de bevoegdheden van de Commissie uit hoofde van artikel 258 VWEU om de naleving van het Unierecht te waarborgen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>Deze verordening doet geen afbreuk aan de verplichtingen van de lidstaten uit hoofde van de Verdragen, en met name de artikelen 49 en 63 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">VWEU, noch aan hun recht om maatregelen te nemen die op grond van de openbare orde of de openbare veiligheid gerechtvaardigd zijn overeenkomstig artikel 65</STRING></STRING> VWEU. De lidstaten zorgen ervoor dat alle in het kader van deze verordening genomen maatregelen aan die verplichtingen voldoen. Deze verordening doet geen afbreuk aan de bevoegdheden van de Commissie uit hoofde van artikel 258 VWEU om de naleving van het Unierecht te waarborgen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		52</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 1 – lid 5 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Investeringen op basis van afwikkelingsinstrumenten en interne herstructureringen vallen niet binnen het toepassingsgebied van deze verordening.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		53</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1)</NO.P>“buitenlandse investering”: <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een buitenlandse directe investering of een</STRING></STRING> investering <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">binnen</STRING></STRING> de Unie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met</STRING></STRING> buitenlandse <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zeggenschap die</STRING></STRING> de daadwerkelijke deelname aan het beheer van of de zeggenschap over <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een</STRING></STRING> doelonderneming in de Unie mogelijk maakt;</P></OLD><NEW><P><NO.P>1)</NO.P>“buitenlandse investering”: <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">elk soort</STRING></STRING> investering <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die wordt uitgevoerd door een buitenlandse investeerder zelf of via een dochteronderneming van een buitenlandse investeerder in</STRING></STRING> de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, die erop gericht is duurzame en directe betrekkingen tot stand te brengen tussen de</STRING></STRING> buitenlandse <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">investeerder en een doelonderneming in de Unie, waaraan de buitenlandse investeerder kapitaal beschikbaar stelt teneinde een economische activiteit uit te oefenen in een lidstaat, en zo</STRING></STRING> de daadwerkelijke deelname aan het beheer van of de zeggenschap over <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die</STRING></STRING> doelonderneming in de Unie mogelijk maakt;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		54</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 1 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“greenfieldinvestering”: een buitenlandse investering die wordt uitgevoerd door de oprichting van nieuwe installaties of een nieuwe onderneming voor het verrichten van een nieuwe economische activiteit in de Unie;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		55</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 1 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“afwikkelingsinstrument”: een afwikkelingsinstrument in de zin van Richtlijn 2014/59/EU, Verordening (EU) nr. 806/2014, Verordening (EU) 2021/23, Verordening (EU) nr. 1093/2010 of Verordening (EU) nr. 648/2012;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		56</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 1 quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 quater)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“interne herstructurering”: veranderingen betreffende de daadwerkelijke deelname aan het beheer van of de zeggenschap over een doelonderneming in de Unie, die plaatsvindt binnen een eigendomsketen en uiteindelijk geen verandering van de eigendom van of de zeggenschap over een doelonderneming teweegbrengt;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		57</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“buitenlandse directe investering”: elke soort investering door een buitenlandse investeerder die gericht is op het vestigen of handhaven van duurzame directe betrekkingen tussen de buitenlandse investeerder en een bestaande of nog op te richten doelonderneming in de Unie, waaraan de buitenlandse investeerder kapitaal beschikbaar stelt om in een lidstaat een economische activiteit uit te oefenen;</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		58</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“investering binnen de Unie met buitenlandse zeggenschap”: elk soort investering die door een buitenlandse investeerder via de dochteronderneming van de buitenlandse investeerder in de Unie wordt uitgevoerd en die tot doel heeft duurzame en directe betrekkingen te vestigen of te handhaven tussen de buitenlandse investeerder en een bestaande of nog op te richten doelonderneming in de Unie, waaraan de buitenlandse investeerder kapitaal beschikbaar stelt om in een lidstaat een economische activiteit uit te oefenen;</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		59</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 7</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>7)</NO.P>“dochteronderneming van een buitenlandse investeerder in de Unie”: een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">economisch actieve</STRING></STRING> onderneming die is opgericht naar het recht van een lidstaat en voldoet aan de voorwaarden van artikel 22, lid 1, van Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013<STRING SUPERSCRIPT="on">18</STRING> en die direct of indirect onder zeggenschap van een buitenlandse investeerder staat;</P></OLD><NEW><P><NO.P>7)</NO.P>“dochteronderneming van een buitenlandse investeerder in de Unie”: een onderneming die is opgericht naar het recht van een lidstaat en voldoet aan de voorwaarden van artikel 22, lid 1, van Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013<STRING SUPERSCRIPT="on">18</STRING> en die direct of indirect onder zeggenschap van een buitenlandse investeerder staat;</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">18</STRING> Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad (PB L 182 van 29.6.2013, blz. 19, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2013/34/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">18</STRING> Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad (PB L 182 van 29.6.2013, blz. 19, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2013/34/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		60</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 7 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“begunstigde eigenaar”: elke natuurlijke persoon die uiteindelijk eigenaar is van of zeggenschap heeft over een juridische entiteit of soortgelijke juridische constructie;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		61</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 7 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“ondoorzichtige eigendomsstructuur”: een regeling waarin de eigendom van of de zeggenschap over een entiteit onduidelijk, verhuld of lastig vast te stellen is, onder meer als gevolg van het gebruik van complexe juridische structuren, meerdere eigendomslagen, gevolmachtigde aandeelhouders, trusts of andere mechanismen die de identiteit van de begunstigde eigenaar verhullen;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		62</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 8</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>8)</NO.P>“doelonderneming in de Unie”: een naar het recht van een lidstaat opgerichte onderneming;</P></OLD><NEW><P><NO.P>8)</NO.P>“doelonderneming in de Unie”: een naar het recht van een lidstaat opgerichte <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of op te richten</STRING></STRING> onderneming;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		63</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 9</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>9)</NO.P>“doelonderneming in de Unie die economisch actief is op een in bijlage II vermeld gebied”: een doelonderneming in de Unie die actief is of voornemens is actief te zijn op het gebied van technologieën, activa, installaties, uitrusting, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde,</STRING></STRING> zoals vermeld in bijlage II<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, onder meer via de eigendom, het gebruik, de productie of de levering daarvan</STRING></STRING>;</P></OLD><NEW><P><NO.P>9)</NO.P>“doelonderneming in de Unie die economisch actief is op een in bijlage II vermeld gebied”: een doelonderneming in de Unie die actief is of voornemens is actief te zijn op het gebied van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het ontwerp, de ontwikkeling, de winning, de verwerking, de productie, de recycling of de levering van de</STRING></STRING> technologieën, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">materialen,</STRING></STRING> activa, installaties, uitrusting, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten zoals vermeld in bijlage II;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		64</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 18</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>18)</NO.P>“projecten of programma’s van Uniebelang”: onder het Unierecht vallende projecten of programma’s die voorzien in de ontwikkeling, het onderhoud of de verwerving van kritieke infrastructuur, kritieke technologieën of kritieke inputs die van essentieel belang zijn voor de veiligheid of de openbare orde en die zijn opgenomen in bijlage I;</P></OLD><NEW><P><NO.P>18)</NO.P>“projecten of programma’s van Uniebelang”: onder het Unierecht vallende projecten of programma’s die voorzien in de ontwikkeling, het onderhoud of de verwerving van kritieke infrastructuur, kritieke technologieën<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, kritieke en essentiële diensten</STRING></STRING> of kritieke inputs die van essentieel belang zijn voor de veiligheid of de openbare orde en die zijn opgenomen in bijlage I;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		65</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 18 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>18 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“ontvangende lidstaat”: de lidstaat waarin een buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		66</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 23 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>23 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“kritieke infrastructuur”: een voorziening, een faciliteit, apparatuur, een netwerk of een systeem, of een onderdeel van een voorziening, een faciliteit, apparatuur, een netwerk of een systeem, die of dat noodzakelijk is voor de verlening van een essentiële dienst;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		67</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat het in lid 1 bedoelde screeningmechanisme ten minste van toepassing is op investeringen die aan toelatingsvereisten onderworpen zijn overeenkomstig artikel 4, lid 4.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat het in lid 1 bedoelde screeningmechanisme ten minste van toepassing is op investeringen die aan toelatingsvereisten onderworpen zijn overeenkomstig artikel 4, lid 4 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en 4 bis</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		68</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Elke lidstaat stelt de Commissie uiterlijk op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">[datum: 15</STRING></STRING> maanden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">na</STRING></STRING> de inwerkingtreding] in kennis van de overeenkomstig lid 1 vastgestelde maatregelen. De lidstaten stellen de Commissie vervolgens in kennis van elke wijziging van hun screeningmechanisme binnen dertig dagen na de vaststelling van de wijziging.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>Elke lidstaat stelt de Commissie uiterlijk op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">... [12</STRING></STRING> maanden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vanaf</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">datum van</STRING></STRING> inwerkingtreding] in kennis van de overeenkomstig lid 1 vastgestelde maatregelen. De lidstaten stellen de Commissie vervolgens in kennis van elke wijziging van hun screeningmechanisme binnen dertig dagen na de vaststelling van de wijziging.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		69</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>De Commissie maakt een lijst van de screeningmechanismen van de lidstaten bekend, uiterlijk drie maanden na ontvangst van alle in lid 3 bedoelde kennisgevingen of uiterlijk op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">[datum: 21</STRING></STRING> maanden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">na</STRING></STRING> de inwerkingtreding], naargelang wat het eerst plaatsvindt. Deze lijst wordt door de Commissie geactualiseerd.</P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>De Commissie maakt een lijst van de screeningmechanismen van de lidstaten bekend, uiterlijk drie maanden na ontvangst van alle in lid 3 bedoelde kennisgevingen of uiterlijk op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">... [15</STRING></STRING> maanden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vanaf de datum van</STRING></STRING> de inwerkingtreding <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van deze verordening</STRING></STRING>], naargelang wat het eerst plaatsvindt. Deze lijst wordt door de Commissie geactualiseerd.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		70</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>er wordt voorzien in adequate procedures voor de screeningautoriteit om te bepalen of zij bevoegd is voor een buitenlandse investering waarvoor toelating is aangevraagd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en om</STRING></STRING> een eerste beoordeling <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uit te voeren</STRING></STRING>, zo nodig gevolgd door een diepgaand onderzoek om vast te stellen of die buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben. Het diepgaande onderzoek heeft met name tot doel na te gaan of een screeningbesluit als bedoeld in artikel 14, lid 1, passend is, en de inhoud ervan te bepalen;</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>er wordt voorzien in adequate procedures <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en middelen</STRING></STRING> voor de screeningautoriteit om te bepalen of zij bevoegd is voor een buitenlandse investering waarvoor toelating is aangevraagd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. De screening omvat</STRING></STRING> een eerste beoordeling <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van niet meer dan 35 kalenderdagen na ontvangst van het volledige verzoek om toelating</STRING></STRING>, zo nodig gevolgd door een diepgaand onderzoek om vast te stellen of die buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, rekening houdend met de in artikel 13 bedoelde criteria</STRING></STRING>. Het diepgaande onderzoek heeft met name tot doel na te gaan of een screeningbesluit als bedoeld in artikel 14, lid 1, passend is, en de inhoud ervan te bepalen;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		71</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt a bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>a bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de screeningautoriteit is bevoegd tot het screenen van greenfieldinvesteringen;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		72</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 — punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>de screeningautoriteit monitort en waarborgt de naleving van het screeningmechanisme en de screeningbesluiten. Zij voert met name passende procedures in om omzeiling van het screeningmechanisme en de screeningbesluiten op te sporen en te voorkomen;</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>de screeningautoriteit monitort en waarborgt de naleving van het screeningmechanisme en de screeningbesluiten. Zij voert met name passende procedures in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en voorziet in passende middelen</STRING></STRING> om omzeiling van het screeningmechanisme en de screeningbesluiten op te sporen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, aan te pakken</STRING></STRING> en te voorkomen;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		73</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt c</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>c)</NO.P>de screeningautoriteit is bevoegd om op eigen initiatief te beginnen met het screenen van buitenlandse investeringen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">gedurende ten minste</STRING></STRING> 15 maanden na de voltooiing van een buitenlandse investering die niet aan toelatingsvereisten onderworpen is, indien de screeningautoriteit redenen heeft om aan te nemen dat de buitenlandse investering gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde kan hebben;</P></OLD><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>de screeningautoriteit is bevoegd om op eigen initiatief te beginnen met het screenen van buitenlandse investeringen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">binnen</STRING></STRING> 15 maanden na de voltooiing van een buitenlandse investering die niet aan toelatingsvereisten onderworpen is, indien de screeningautoriteit redenen heeft om aan te nemen dat de buitenlandse investering gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde kan hebben;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		74</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt d</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>d)</NO.P>vertrouwelijke informatie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met inbegrip van commercieel gevoelige informatie,</STRING></STRING> die ter beschikking wordt gesteld van de lidstaat die de screening uitvoert, wordt beschermd;</P></OLD><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>vertrouwelijke informatie die ter beschikking wordt gesteld van de lidstaat die de screening uitvoert, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met inbegrip van commercieel gevoelige informatie en informatie die door de betrokken ondernemingen als vertrouwelijk wordt aangemerkt,</STRING></STRING> wordt beschermd;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		75</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt e</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>e)</NO.P>buitenlandse investeerders, dochterondernemingen van buitenlandse investeerders in de Unie via welke de buitenlandse investering wordt uitgevoerd en ondernemingen waarop een screeningbesluit van toepassing is, hebben de mogelijkheid om tegen dat screeningbesluit beroep in te stellen;</P></OLD><NEW><P><NO.P>e)</NO.P>buitenlandse investeerders, dochterondernemingen van buitenlandse investeerders in de Unie via welke de buitenlandse investering wordt uitgevoerd en ondernemingen waarop een screeningbesluit van toepassing is, hebben de mogelijkheid om tegen dat screeningbesluit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">tijdig en effectief</STRING></STRING> beroep in te stellen;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		76</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt f</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>f)</NO.P>er wordt een jaarverslag openbaar gemaakt dat informatie bevat over relevante ontwikkelingen op wetgevingsgebied in de lidstaat alsook geaggregeerde en geanonimiseerde gegevens over de gescreende investeringen, met inbegrip van het resultaat van screeningbesluiten, de nationaliteiten of het land van vestiging, naargelang het geval, van partijen bij de investeringen die aan de screeningautoriteit ter kennis zijn gegeven, en de economische sectoren waarin die transacties hebben plaatsgevonden;</P></OLD><NEW><P><NO.P>f)</NO.P>er wordt een jaarverslag openbaar gemaakt dat informatie bevat over relevante ontwikkelingen op wetgevingsgebied in de lidstaat alsook geaggregeerde en geanonimiseerde gegevens over de gescreende investeringen, met inbegrip van het resultaat van screeningbesluiten, de nationaliteiten of het land van vestiging, naargelang het geval, van partijen bij de investeringen die aan de screeningautoriteit ter kennis zijn gegeven, en de economische sectoren waarin die transacties hebben plaatsgevonden<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, alsmede in voorkomend geval de betreffende projecten of programma’s van Uniebelang</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		77</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt g</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>g)</NO.P>buitenlandse investeringen die aan toelatingsvereisten onderworpen zijn zoals bedoeld in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lid 4</STRING></STRING>, worden door de aanvrager van de toelating bij de screeningautoriteit ingediend en worden gescreend voordat de buitenlandse investering wordt voltooid;</P></OLD><NEW><P><NO.P>g)</NO.P>buitenlandse investeringen die aan toelatingsvereisten onderworpen zijn zoals bedoeld in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de leden 4 en 4 bis</STRING></STRING>, worden door de aanvrager van de toelating bij de screeningautoriteit ingediend en worden gescreend voordat de buitenlandse investering wordt voltooid;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		78</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt g bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>g bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de lidstaten passen gedurende de hele procedure gestandaardiseerde procedurele mijlpalen en gestructureerde communicatiepunten met de aanvragers toe, waaronder de formele erkenning van de volledigheid van de kennisgeving binnen vijf werkdagen, en het in kennis stellen van de betrokken ondernemingen van een besluit van de screeningautoriteit tot het starten van een diepgaand onderzoek;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		79</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt h</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>h)</NO.P>de screeningautoriteit is bevoegd om risicobeperkende maatregelen op te leggen, buitenlandse investeringen die onderworpen zijn aan toelatingsvereisten als bedoeld in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lid 4</STRING></STRING> die niet zijn ingediend of die na voltooiing zijn ingediend, te verbieden of af te wikkelen en, in voorkomend geval, de gevolgen van de niet-naleving van de risicobeperkende maatregelen doeltreffend aan te pakken;</P></OLD><NEW><P><NO.P>h)</NO.P>de screeningautoriteit is bevoegd om risicobeperkende maatregelen op te leggen, buitenlandse investeringen die onderworpen zijn aan toelatingsvereisten als bedoeld in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de leden 4 en 4 bis</STRING></STRING> die niet zijn ingediend of die na voltooiing zijn ingediend, te verbieden of af te wikkelen en, in voorkomend geval, de gevolgen van de niet-naleving van de risicobeperkende maatregelen doeltreffend aan te pakken;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		80</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt h bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>h bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de screeningautoriteiten zijn bevoegd om doeltreffende, evenredige en afschrikkende sancties op te leggen aan buitenlandse investeerders die niet om een toelating verzoeken wanneer dat nodig is, die zich niet houden aan risicobeperkende maatregelen of die proberen het screeningmechanisme of de screeningbesluiten anderszins te omzeilen. De straffen zijn toegespitst op de omvang en aard van de schending;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		81</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2 – punt h ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>h ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de screeningautoriteit voert passende procedures en beveiligde kanalen in voor het ontvangen van informatie over buitenlandse investeringen door maatschappelijke organisaties, economische actoren en sociale partners;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		82</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Voordat de lidstaten besluiten om een buitenlandse investering die onderworpen is aan risicobeperkende maatregelen toe te staan of om een buitenlandse investering te verbieden, delen zij het besluit en de redenen daarvoor mee aan de aanvrager van een toelating, onder voorbehoud van de bescherming van informatie waarvan de openbaarmaking in strijd zou zijn met de belangen op het gebied van de veiligheid of de openbare orde van de EU of van een of meer van de lidstaten en onverminderd het Unierecht en het nationale recht inzake de bescherming van vertrouwelijke informatie. De lidstaten bieden de buitenlandse investeerder de mogelijkheid zijn standpunt kenbaar te maken alvorens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een dergelijk besluit te nemen</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>Voordat de lidstaten besluiten om een buitenlandse investering die onderworpen is aan risicobeperkende maatregelen toe te staan of om een buitenlandse investering te verbieden, delen zij het besluit en de redenen daarvoor mee aan de aanvrager van een toelating, onder voorbehoud van de bescherming van informatie waarvan de openbaarmaking in strijd zou zijn met de belangen op het gebied van de veiligheid of de openbare orde van de EU of van een of meer van de lidstaten en onverminderd het Unierecht en het nationale recht inzake de bescherming van vertrouwelijke informatie. De lidstaten bieden de buitenlandse investeerder de mogelijkheid zijn standpunt kenbaar te maken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en houden rekening met deze input</STRING></STRING> alvorens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hun ontwerpbesluit in te dienen overeenkomstig artikel 7, lid 8</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		83</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 4 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>deel uitmaakt van of deelneemt aan een van de in bijlage I vermelde projecten of programma’s van Uniebelang, onder meer als ontvanger van middelen zoals omschreven in artikel 2, punt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">53</STRING></STRING>, van Verordening (EU, Euratom)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> 2018/1046</STRING></STRING> van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">19</STRING>; of</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>deel uitmaakt van of deelneemt aan een van de in bijlage I vermelde projecten of programma’s van Uniebelang, onder meer als ontvanger van middelen zoals omschreven in artikel 2, punt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">59</STRING></STRING>, van Verordening (EU, Euratom)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> 2024/2509</STRING></STRING> van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">19</STRING>; of</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">19</STRING> Verordening (EU, Euratom)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> 2018/1046 </STRING></STRING>van het Europees Parlement en de Raad van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">18 juli 2018 </STRING></STRING>tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 (PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj)</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW/><OLD/><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">19</STRING> Verordening (EU, Euratom)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> 2024/2509 </STRING></STRING>van het Europees Parlement en de Raad van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">23 september 2024 </STRING></STRING>tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">(PB L 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj)</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		84</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 4 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>4 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen er voorts voor dat hun screeningmechanismen toelatingsvereisten opleggen aan buitenlandse greenfieldinvesteringen, mits:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">is voldaan aan de in punt a) of punt b) van lid 4 van dit artikel genoemde voorwaarden;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de investeerder voldoet aan de in artikel 5, lid 1, punt b), i) tot en met iii), genoemde voorwaarden; en</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de waarde van de transactie minstens 250 miljoen EUR bedraagt.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		85</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten via het samenwerkingsmechanisme in kennis van alle buitenlandse investeringen in een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op hun grondgebied gevestigde</STRING></STRING> doelonderneming in de Unie die:</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten via het samenwerkingsmechanisme in kennis van alle buitenlandse investeringen in een doelonderneming in de Unie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op hun grondgebied</STRING></STRING> die:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		86</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>voldoen aan de voorwaarden van artikel 4, lid 4, punt a); of</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>voldoen aan de voorwaarden van artikel 4, lid 4, punt a)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, of artikel 4, lid 4 bis</STRING></STRING>; of</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		87</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – punt b – i</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>i)</NO.P>de buitenlandse investeerder of de dochteronderneming van de buitenlandse investeerder in de Unie staat direct of indirect onder zeggenschap van de overheid, met inbegrip van overheidsinstanties, regionale of lokale overheden of strijdkrachten, van een derde land, onder meer via eigendomsstructuur, aanzienlijke financiering, speciale rechten of door de staat benoemde bestuurders of managers;</P></OLD><NEW><P><NO.P>i)</NO.P>de buitenlandse investeerder of de dochteronderneming van de buitenlandse investeerder in de Unie staat direct of indirect onder zeggenschap van de overheid, met inbegrip van overheidsinstanties, regionale of lokale overheden of strijdkrachten, van een derde land, onder meer via eigendomsstructuur, aanzienlijke financiering, speciale rechten of door de staat benoemde bestuurders of managers<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, of via andere aspecten die tot doel hebben de besluitvorming van het management te beïnvloeden</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		88</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – punt b – ii</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>ii)</NO.P>de buitenlandse investeerder, een natuurlijke persoon of entiteit die zeggenschap heeft over de buitenlandse investeerder, de begunstigde eigenaar van de buitenlandse investeerder, een van de dochterondernemingen van de buitenlandse investeerder of een andere partij die eigendom is van of onder zeggenschap staat van, of handelt namens of op aanwijzing van die buitenlandse investeerder, is onderworpen aan beperkende maatregelen van de Unie overeenkomstig artikel 215 VWEU; <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>ii)</NO.P>de buitenlandse investeerder, een natuurlijke persoon of entiteit die zeggenschap heeft over de buitenlandse investeerder, de begunstigde eigenaar van de buitenlandse investeerder, een van de dochterondernemingen van de buitenlandse investeerder of een andere partij die eigendom is van of onder zeggenschap staat van, of handelt namens of op aanwijzing van die buitenlandse investeerder, is onderworpen aan beperkende maatregelen van de Unie overeenkomstig artikel 215 VWEU;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		89</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – punt b – iii</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>iii)</NO.P>de buitenlandse investeerder of een van zijn dochterondernemingen was betrokken bij een buitenlandse investering die eerder door een lidstaat was gescreend <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> niet was toegestaan of slechts onder voorwaarden was toegestaan; om dit te bepalen, baseert de kennisgevende lidstaat zich op de informatie waarover hij beschikt, met inbegrip van de informatie in de beveiligde databank die overeenkomstig artikel 7, lid 10, is opgezet en de informatie die de buitenlandse investeerder hierover heeft verstrekt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>iii)</NO.P>de buitenlandse investeerder of een van zijn dochterondernemingen was betrokken bij een buitenlandse investering die eerder door een lidstaat was gescreend <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die</STRING></STRING> niet was toegestaan of slechts onder voorwaarden was toegestaan; om dit te bepalen, baseert de kennisgevende lidstaat zich op de informatie waarover hij beschikt, met inbegrip van de informatie in de beveiligde databank die overeenkomstig artikel 7, lid 10, is opgezet en de informatie die de buitenlandse investeerder hierover heeft verstrekt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">; of</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		90</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – punt b – iii bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>iii bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de eigendomsstructuur van de investeerder is ondoorzichtig.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		91</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten in kennis van elke buitenlandse investering <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in een</STRING></STRING> op hun grondgebied <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">gevestigde doelonderneming in de Unie</STRING></STRING> wanneer zij in het kader van hun screeningprocedures een diepgaand onderzoek starten. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Voorts stellen de lidstaten de Commissie en de andere lidstaten in kennis van elke buitenlandse investering in een op hun grondgebied gevestigde doelonderneming in de Unie wanneer zij, in uitzonderlijke gevallen, voornemens zijn zonder diepgaand onderzoek een risicobeperkende maatregel op te leggen of de transactie te verbieden.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten in kennis van elke buitenlandse investering op hun grondgebied <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarvan geen kennis is gegeven overeenkomstig lid 1,</STRING></STRING> wanneer zij in het kader van hun screeningprocedures een diepgaand onderzoek starten.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		92</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5  lid 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten zo spoedig mogelijk in kennis van elke buitenlandse investering op hun grondgebied wanneer zij, in uitzonderlijke gevallen, voornemens zijn zonder diepgaand onderzoek een risicobeperkende maatregel op te leggen of de transactie te verbieden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		93</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 3 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>De lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kunnen</STRING></STRING> buitenlandse investeringen die niet aan de voorwaarden van de leden 1 en 2 voldoen ter kennis <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">geven</STRING></STRING> indien de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar de doelonderneming in de Unie is gevestigd</STRING></STRING> van oordeel is dat een buitenlandse investering vanuit het oogpunt van veiligheid of openbare orde van belang kan zijn voor de andere lidstaten en de Commissie, ook wanneer de doelonderneming in de Unie aanzienlijke activiteiten in andere lidstaten heeft, of deel uitmaakt van een concern met meerdere ondernemingen in verschillende lidstaten die economisch actief zijn op een van de in bijlage II vermelde gebieden.</P></OLD><NEW><P>De lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">geven</STRING></STRING> buitenlandse investeringen die niet aan de voorwaarden van de leden 1 en 2 voldoen ter kennis indien de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat van oordeel is dat een buitenlandse investering vanuit het oogpunt van veiligheid of openbare orde van belang kan zijn voor de andere lidstaten en de Commissie, ook wanneer de doelonderneming in de Unie aanzienlijke activiteiten in andere lidstaten heeft, of deel uitmaakt van een concern met meerdere ondernemingen in verschillende lidstaten die economisch actief zijn op een van de in bijlage II vermelde gebieden.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		94</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 3 – alinea 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wanneer een lidstaat voornemens is kennis te geven van een buitenlandse investering op zijn grondgebied die deel uitmaakt van een transactie in meerdere landen overeenkomstig artikel 6, lid 2, pleegt hij overleg met de andere lidstaten die het verzoek om toelating hebben ontvangen. De respectieve lidstaten geven de transactie in meerdere landen ter kennis en streven ernaar hun kennisgevingen op dezelfde dag aan het samenwerkingsmechanisme te doen toekomen.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		95</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat een kennisgeving overeenkomstig artikel 5 de in artikel 10, lid 1, bedoelde informatie bevat en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> naar de Commissie en de andere lidstaten wordt gestuurd:</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat een kennisgeving overeenkomstig artikel 5 de in artikel 10, lid 1, bedoelde informatie bevat en naar de Commissie en de andere lidstaten wordt gestuurd:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		96</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 1 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>binnen 15 kalenderdagen na ontvangst van het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">respectieve</STRING></STRING> verzoek om toelating voor buitenlandse investeringen die voldoen aan een van de voorwaarden van artikel 5, lid 1 of 3;</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>binnen 15 kalenderdagen na ontvangst van het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">volledige</STRING></STRING> verzoek om toelating voor buitenlandse investeringen die voldoen aan een van de voorwaarden van artikel 5, lid 1<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, 2 bis</STRING></STRING> of 3;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		97</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 1 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>binnen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">60</STRING></STRING> kalenderdagen na <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangst van het verzoek om toelating</STRING></STRING> voor buitenlandse investeringen die aan de voorwaarden van artikel 5, lid 2, voldoen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>binnen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vijf</STRING></STRING> kalenderdagen na <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het starten van een diepgaand onderzoek</STRING></STRING> voor buitenlandse investeringen die aan de voorwaarden van artikel 5, lid 2, voldoen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		98</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De volgende procedures zijn van toepassing op transacties in meerdere landen:</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><NO.P>a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aanvragers van een toelating dienen hun verzoeken om toelating in alle betrokken lidstaten op dezelfde dag in en in elk verzoek om toelating wordt verwezen naar de andere aanvragen;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wanneer een lidstaat een verzoek om toelating ontvangt dat aan de voorwaarden van punt a) voldoet, pleegt hij overleg met de andere betrokken lidstaten, onder meer om te bepalen of punt c) of punt d) van dit lid van toepassing is; de Commissie kan op verzoek van een of meer lidstaten aan dit overleg deelnemen;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>c)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">indien de verzoeken om toelating betrekking hebben op een buitenlandse investering die aan een van de voorwaarden van artikel 5, lid 1, voldoet, sturen de respectieve lidstaten hun kennisgevingen op dezelfde dag en binnen de in lid 1, punt a), van dit artikel vastgestelde termijn naar het samenwerkingsmechanisme;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>d)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">indien de verzoeken om toelating betrekking hebben op een buitenlandse investering die aan de voorwaarden van artikel 5, lid 2, voldoet, streven de respectieve lidstaten ernaar hun kennisgevingen op dezelfde dag naar het samenwerkingsmechanisme te sturen.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		99</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 6 bis</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Specifieke regels voor transacties in meerdere landen</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Aanvragers van een verzoek om toelating van een investering in meerdere lidstaten dienen hun verzoeken binnen drie kalenderdagen vanaf het eerste verzoek om toelating in alle betrokken lidstaten in, en in elk verzoek om toelating wordt verwezen naar de andere aanvragen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wanneer een lidstaat een verzoek om toelating ontvangt als bedoeld in lid 1, pleegt hij overleg met de andere betrokken lidstaten en de Commissie, onder meer om te bepalen of de investering ter kennis moet worden gegeven.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien de verzoeken om toelating betrekking hebben op een buitenlandse investering die aan een van de voorwaarden van artikel 5, lid 1, voldoet, sturen de betrokken lidstaten hun kennisgevingen binnen drie kalenderdagen na indiening van het eerste verzoek om toelating en binnen de in artikel 6, punt a), vastgestelde termijn naar het samenwerkingsmechanisme.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien de verzoeken om toelating betrekking hebben op een buitenlandse investering die aan de voorwaarden van artikel 5, lid 2, voldoet, streven de betrokken lidstaten ernaar hun kennisgevingen binnen een beperkte tijdspanne en binnen de in artikel 6, lid 1, punt b, vastgestelde termijn naar het samenwerkingsmechanisme te sturen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De betrokken lidstaten werken gedurende de gehele procedure nauw samen. Zij streven er met name naar de tijdschema’s van hun respectieve screeningprocedures op elkaar af te stemmen en ervoor te zorgen dat hun respectieve screeningbesluiten met elkaar overeenstemmen. In voorkomend geval trachten zij hun definitieve screeningbesluit op dezelfde dag te nemen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		100</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – titel</STRING></STI.AMD><OLD><P>Opmerkingen van de lidstaten en adviezen van de Commissie over ter kennis gegeven buitenlandse investeringen</P></OLD><NEW><P>Opmerkingen van de lidstaten en adviezen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en besluiten</STRING></STRING> van de Commissie over ter kennis gegeven buitenlandse investeringen</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		101</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 1 – alinea 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P>Elke lidstaat kan naar behoren gemotiveerde opmerkingen richten aan de kennisgevende lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING>. Een lidstaat kan dergelijke opmerkingen maken indien hij:</P></OLD><NEW><P>Elke lidstaat kan naar behoren gemotiveerde opmerkingen richten aan de kennisgevende lidstaat. Een lidstaat kan dergelijke opmerkingen maken indien hij:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		102</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 2 – alinea 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P>De Commissie kan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> een met redenen omkleed advies aan de kennisgevende lidstaat richten. De Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kan</STRING></STRING> een dergelijk advies <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uitbrengen</STRING></STRING> indien:</P></OLD><NEW><P>De Commissie kan een met redenen omkleed advies aan de kennisgevende lidstaat richten. De Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">brengt</STRING></STRING> een dergelijk advies <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uit</STRING></STRING> indien:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		103</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 2 – alinea 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In voorkomend geval kunnen in het advies van de Commissie maatregelen worden voorgesteld die gericht zijn op het beperken van het waarschijnlijke negatieve gevolg van de investering voor de veiligheid en openbare orde.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		104</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>De Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kan</STRING></STRING> een met redenen omkleed advies <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">richten</STRING></STRING> tot alle lidstaten indien zij van mening is dat meerdere buitenlandse investeringen of andere soortgelijke investeringen, indien zij zouden worden uitgevoerd, samen en gezien de kenmerken ervan, gevolgen zouden kunnen hebben voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie. Nadat de Commissie een advies heeft uitgebracht, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kan</STRING></STRING> zij in voorkomend geval met de lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bespreken hoe</STRING></STRING> de vastgestelde risico’s <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kunnen worden aangepakt</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>De Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">richt</STRING></STRING> een met redenen omkleed advies tot alle lidstaten indien zij van mening is dat meerdere buitenlandse investeringen of andere soortgelijke investeringen, indien zij zouden worden uitgevoerd, samen en gezien de kenmerken ervan, gevolgen zouden kunnen hebben voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie. Nadat de Commissie een advies heeft uitgebracht, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bespreekt</STRING></STRING> zij in voorkomend geval met de lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de maatregelen om</STRING></STRING> de vastgestelde risico’s <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aan te pakken</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		105</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 4 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>zendt adviezen die voldoen aan de voorwaarden van lid 2, punten a) en c), toe aan alle lidstaten die opmerkingen hebben ingediend en deelt de andere lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> mee dat een advies is uitgebracht;</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>zendt adviezen die voldoen aan de voorwaarden van lid 2, punten a) en c), toe aan alle lidstaten die opmerkingen hebben ingediend en deelt de andere lidstaten mee dat een advies is uitgebracht;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		106</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 4 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>zendt adviezen die voldoen aan de voorwaarden van lid 2, punt b), en adviezen die voldoen aan de voorwaarden van lid 3, toe aan alle lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>zendt adviezen die voldoen aan de voorwaarden van lid 2, punt b), en adviezen die voldoen aan de voorwaarden van lid 3, toe aan alle lidstaten.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		107</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 4 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>4 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De kennisgevende lidstaten kunnen de Commissie verzoeken een advies uit te brengen of andere lidstaten verzoeken opmerkingen in te dienen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		108</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>Wanneer een lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid,</STRING></STRING> een opmerking van een andere lidstaat ontvangt overeenkomstig lid 1, of een advies van de Commissie ontvangt overeenkomstig lid 2 of 3, houdt hij zoveel mogelijk rekening met die opmerking of dat advies.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>Wanneer een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat een opmerking van een andere lidstaat ontvangt overeenkomstig lid 1, of een advies van de Commissie ontvangt overeenkomstig lid 2 of 3, houdt hij zoveel mogelijk rekening met die opmerking of dat advies.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		109</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>6.</NO.P>Na ontvangst van een opmerking overeenkomstig lid 1 belegt de lidstaat een vergadering met <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die opmerkingen hebben ingediend</STRING></STRING>, om te bespreken hoe de vastgestelde risico’s het best kunnen worden aangepakt. Indien de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING> het niet eens is met de vastgestelde risico’s of, indien van toepassing, de met de opmerking voorgestelde maatregel, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">streeft</STRING></STRING> de lidstaat ernaar met alternatieve oplossingen te komen. Indien de opmerking betrekking heeft op een transactie in meerdere landen, worden ook de andere lidstaten die de buitenlandse investering ter kennis hebben gegeven uitgenodigd teneinde te bespreken of de beoogde resultaten onderling verenigbaar zijn en, in voorkomend geval, de vastgestelde grensoverschrijdende risico’s met de beoogde voorwaarden adequaat kunnen worden aangepakt. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie wordt op dergelijke vergaderingen uitgenodigd.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>Na ontvangst van een opmerking overeenkomstig lid 1 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of een overeenkomstig lid 2 uitgebracht advies, treedt de ontvangende lidstaat in overleg met de lidstaten die opmerkingen hebben ingediend en, in voorkomend geval, met de Commissie. In het kader van dat overleg</STRING></STRING> belegt de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat een vergadering met <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die</STRING></STRING> lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en, in voorkomend geval, met de Commissie</STRING></STRING>, om te bespreken hoe de vastgestelde risico’s het best kunnen worden aangepakt. Indien de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat het niet eens is met de vastgestelde risico’s of, indien van toepassing, de met de opmerking <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of het advies</STRING></STRING> voorgestelde maatregel, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">streven</STRING></STRING> de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en de Commissie</STRING></STRING> ernaar met alternatieve oplossingen te komen. Indien de opmerking <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of het advies</STRING></STRING> betrekking heeft op een transactie in meerdere landen, worden ook de andere lidstaten die de buitenlandse investering ter kennis hebben gegeven <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bij die vergadering</STRING></STRING> uitgenodigd teneinde te bespreken of de beoogde resultaten onderling verenigbaar zijn en, in voorkomend geval, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of</STRING></STRING> de vastgestelde grensoverschrijdende risico’s met de beoogde voorwaarden adequaat kunnen worden aangepakt.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		110</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 7</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>7.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Na ontvangst van een advies overeenkomstig lid 2 of 3 is de procedure van lid 6 van overeenkomstige toepassing.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		111</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 8 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>8.</NO.P>Na <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangst van een advies overeenkomstig</STRING></STRING> lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2 of 3 zal</STRING></STRING> de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING>:</P></OLD><NEW><P><NO.P>8.</NO.P>Na <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de in</STRING></STRING> lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">6 bedoelde vergadering zendt</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de respectieve lidstaten en de Commissie het ontwerp van zijn screeningbesluit toe en geeft hij een schriftelijke toelichting met betrekking tot</STRING></STRING>:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		112</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 8 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn screeningbesluit ter kennis geven aan de respectieve lidstaten en de Commissie via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem, uiterlijk drie kalenderdagen nadat het aan de respectieve partijen bij de buitenlandse investering is toegezonden;</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		113</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 8 – punt a bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>a bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de mate waarin hij naar behoren rekening heeft gehouden met de opmerkingen van de lidstaten of het advies van de Commissie; en</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		114</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 8 – punt a ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>a ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in voorkomend geval, de reden waarom hij het niet eens is met de opmerkingen van de lidstaten of het advies van de Commissie.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		115</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 8 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uiterlijk zeven kalenderdagen na de kennisgeving van het screeningbesluit overeenkomstig punt a) via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem een schriftelijke toelichting verstrekken aan de respectieve lidstaten en de Commissie over:</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><NO.P>i)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de mate waarin hij naar behoren rekening heeft gehouden met de opmerkingen van de lidstaten of het advies van de Commissie; of</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>ii)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de reden waarom hij het niet eens is met de opmerkingen van de lidstaten of het advies van de Commissie.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		116</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 9</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>9.</NO.P>Indien <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de lidstaten</STRING></STRING> of de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aangeven dat in het</STRING></STRING> in lid 8<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, punt a),</STRING></STRING> van dit artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bedoelde</STRING></STRING> screeningbesluit niet <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ten volle rekening wordt gehouden met hun overeenkomstig lid 1 ingediende opmerkingen of het overeenkomstig lid 2 of 3 verstrekte advies, belegt de lidstaat waar de investering wordt gepland of is voltooid een vergadering om de ondervonden belemmeringen of de redenen voor het oneens zijn toe te lichten en streeft de lidstaat ernaar met oplossingen te komen voor het geval zich in de toekomst een soortgelijke situatie voordoet</STRING></STRING>. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien het screeningbesluit betrekking heeft op een kennisgeving in meerdere landen, worden ook</STRING></STRING> de andere lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uitgenodigd die de buitenlandse investering aan het samenwerkingsmechanisme ter kennis hebben gegeven.</STRING></STRING> De Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wordt uitgenodigd voor alle vergaderingen die</STRING></STRING> overeenkomstig <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dit lid worden georganiseerd</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>9.</NO.P>Indien <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een lidstaat</STRING></STRING> of de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van mening is dat de risico’s voor de veiligheid of voor de openbare orde met het ontwerp van een</STRING></STRING> in lid 8 van dit artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bedoeld</STRING></STRING> screeningbesluit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">tot toelating van een buitenlandse investering overeenkomstig artikel 14, lid 1, punt a), of artikel 14, lid 2, </STRING></STRING>niet <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">naar behoren worden weggenomen of beperkt, kan hij of zij een naar behoren gemotiveerd bezwaar indienen</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Het bezwaar wordt ter kennis gegeven aan de ontvangende lidstaat en, in voorkomend geval, aan</STRING></STRING> de andere lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die opmerkingen hebben ingediend en aan de Commissie</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De ontvangende lidstaat schort zijn screeningprocedure op totdat</STRING></STRING> de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een besluit heeft genomen</STRING></STRING> overeenkomstig <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de leden 9 ter en 9 quater van dit artikel</STRING></STRING>. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De ontvangende lidstaat stelt de buitenlandse investeerder in kennis van de opschorting.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		117</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 9 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>9 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien een lidstaat of de Commissie een bezwaar heeft ingediend overeenkomstig lid 9 van dit artikel, en onverminderd artikel 346, lid 1, punt a), VWEU, doet de ontvangende lidstaat de Commissie alle documenten en informatie toekomen waarop zijn ontwerpbesluit is gebaseerd. De lidstaat die het bezwaar heeft ingediend overeenkomstig lid 9 van dit artikel, verzendt alle documenten en informatie waarop zijn ontwerpbesluit is gebaseerd. </STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		118</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 9 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>9 ter.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wanneer de Commissie, rekening houdend met de criteria van artikel 13, de overeenkomstig lid 9 bis van dit artikel ontvangen documenten en informatie en, in voorkomend geval, de door lidstaten ingediende opmerkingen overeenkomstig artikel 7, lid 1, of artikel 9, lid 7, concludeert dat het ontwerp van het screeningbesluit, in voorkomend geval na aanpassing door de ontvangende lidstaat, de mogelijke gevolgen van de buitenlandse investering voor de veiligheid of de openbare orde op doeltreffende wijze ondervangt, zal zij geen bezwaar maken tegen de vaststelling van het ontwerp van het screeningbesluit door de lidstaat.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		119</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 9 quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>9 quater.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien de Commissie van oordeel is dat het in lid 8 bedoelde ontwerp van het screeningbesluit van de ontvangende lidstaat de risico’s voor de veiligheid en de openbare orde niet afdoende beperkt, stelt zij een besluit vast om:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de buitenlandse investering met toepassing van risicobeperkende maatregelen toe te staan; of</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de buitenlandse investering te verbieden indien zij van mening is dat de risico’s voor de veiligheid en de openbare orde niet op afdoende wijze kunnen worden aangepakt middels risicobeperkende maatregelen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het in de eerste alinea bedoelde besluit is in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel, is gebaseerd op gedocumenteerde risico’s, en daarin wordt rekening gehouden met alle omstandigheden van de buitenlandse investering.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		120</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 9 quinquies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>9 quinquies.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Overeenkomstig lid 9 ter genomen besluiten worden aan de ontvangende lidstaat gericht. De Commissie stelt de ontvangende lidstaat en de lidstaten die overeenkomstig lid 1 opmerkingen hebben ingediend hiervan in kennis.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Overeenkomstig lid 9 quater genomen besluiten worden aan de buitenlandse investeerder gericht. De Commissie stelt de ontvangende lidstaat, de lidstaten die overeenkomstig lid 1 opmerkingen hebben ingediend en de doelonderneming in de Unie hiervan in kennis.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		121</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 9 sexies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>9 sexies.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien de Commissie overeenkomstig lid 9 quater een besluit vaststelt, beëindigt de ontvangende lidstaat zijn screeningprocedure en stelt hij de buitenlandse investeerder daarvan in kennis.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		122</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 9 septies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>9 septies.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Alvorens overeenkomstig lid 9 quater een besluit vast te stellen, biedt de Commissie de buitenlandse investeerder de kans om zijn standpunt effectief kenbaar te maken.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		123</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 9 octies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>9 octies.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In het geval van een overeenkomstig lid 1 ingediende opmerking of een overeenkomstig lid 2 of lid 3 uitgebracht advies waarbij de Commissie geen besluit heeft uitgebracht overeenkomstig lid 9 quater, deelt de ontvangende lidstaat zijn screeningbesluit mee aan de lidstaten die opmerkingen hebben ingediend en, in voorkomend geval, aan de Commissie, en doet hij het besluit toekomen aan de respectieve partijen bij de buitenlandse investering.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		124</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7 – lid 10</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>10.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie zet een voor alle lidstaten toegankelijke beveiligde databank op met informatie over de buitenlandse investeringen die door het samenwerkingsmechanisme zijn beoordeeld en de resultaten van de beoordelingen in het kader van de nationale screeningmechanismen, met inbegrip van informatie over de relevante screeningbesluiten. De Commissie uploadt de informatie waarover zij sinds 12 oktober 2020 beschikt in die databank. Uiterlijk op [datum van toepassing van deze verordening] uploaden de lidstaten de informatie waarover zij beschikken over de resultaten van de desbetreffende procedure in het kader van hun eigen screeningmechanismen in die databank. Zij kunnen ook aanvullende toelichtingen verstrekken.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		125</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – titel</STRING></STI.AMD><OLD><P>Termijnen en procedures <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voor het indienen van opmerkingen en het uitbrengen van adviezen over ter kennis gegeven buitenlandse investeringen</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P>Termijnen en procedures <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die van toepassing zijn op het samenwerkingsmechanisme van de Unie en besluiten</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		126</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 1 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>De lidstaten delen de kennisgevende lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> mee dat zij zich het recht voorbehouden uiterlijk 15 kalenderdagen na ontvangst van de kennisgeving overeenkomstig artikel 5 opmerkingen te maken;</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>De lidstaten delen de kennisgevende lidstaat mee dat zij zich het recht voorbehouden uiterlijk 15 kalenderdagen na ontvangst van de kennisgeving overeenkomstig artikel 5 opmerkingen te maken;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		127</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 1 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>de Commissie deelt de kennisgevende lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> mee dat zij zich het recht voorbehoudt uiterlijk 20 kalenderdagen na ontvangst van de kennisgeving overeenkomstig artikel 5 advies uit te brengen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>de Commissie deelt de kennisgevende lidstaat mee dat zij zich het recht voorbehoudt uiterlijk 20 kalenderdagen na ontvangst van de kennisgeving overeenkomstig artikel 5 advies uit te brengen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		128</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 3 – alinea 1 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>indien een lidstaat zich het recht voorbehoudt opmerkingen in te dienen over een ter kennis gegeven buitenlandse investering zonder de kennisgevende lidstaat om aanvullende informatie te verzoeken, worden de respectieve opmerkingen uiterlijk 35 kalenderdagen na ontvangst van de volledige kennisgeving van de buitenlandse investering <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> tot de kennisgevende lidstaat gericht;</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>indien een lidstaat zich het recht voorbehoudt opmerkingen in te dienen over een ter kennis gegeven buitenlandse investering zonder de kennisgevende lidstaat om aanvullende informatie te verzoeken, worden de respectieve opmerkingen uiterlijk 35 kalenderdagen na ontvangst van de volledige kennisgeving van de buitenlandse investering tot de kennisgevende lidstaat gericht;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		129</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 3 – alinea 1 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>indien de Commissie zich het recht voorbehoudt een advies uit te brengen over een ter kennis gegeven buitenlandse investering zonder de kennisgevende lidstaat om aanvullende informatie te verzoeken, wordt het respectieve advies uiterlijk 45 kalenderdagen na ontvangst van de volledige kennisgeving van de buitenlandse investering <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> tot de kennisgevende lidstaat gericht;</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>indien de Commissie zich het recht voorbehoudt een advies uit te brengen over een ter kennis gegeven buitenlandse investering zonder de kennisgevende lidstaat om aanvullende informatie te verzoeken, wordt het respectieve advies uiterlijk 45 kalenderdagen na ontvangst van de volledige kennisgeving van de buitenlandse investering tot de kennisgevende lidstaat gericht;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		130</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 3 – alinea 1 – punt c</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>c)</NO.P>indien een lidstaat zich het recht voorbehoudt opmerkingen in te dienen over een ter kennis gegeven buitenlandse investering en de kennisgevende lidstaat om aanvullende informatie verzoekt, worden de respectieve opmerkingen uiterlijk 20 kalenderdagen na ontvangst van de volledige aanvullende informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> tot de kennisgevende lidstaat gericht;</P></OLD><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>indien een lidstaat zich het recht voorbehoudt opmerkingen in te dienen over een ter kennis gegeven buitenlandse investering en de kennisgevende lidstaat om aanvullende informatie verzoekt, worden de respectieve opmerkingen uiterlijk 20 kalenderdagen na ontvangst van de volledige aanvullende informatie tot de kennisgevende lidstaat gericht;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		131</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 3 – alinea 1 – punt d</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>d)</NO.P>indien de Commissie zich het recht voorbehoudt een advies uit te brengen en de kennisgevende lidstaat om aanvullende informatie verzoekt, wordt het respectieve advies uiterlijk 30 kalenderdagen na ontvangst van de volledige aanvullende informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> aan de kennisgevende lidstaat toegezonden.</P></OLD><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>indien de Commissie zich het recht voorbehoudt een advies uit te brengen en de kennisgevende lidstaat om aanvullende informatie verzoekt, wordt het respectieve advies uiterlijk 30 kalenderdagen na ontvangst van de volledige aanvullende informatie aan de kennisgevende lidstaat toegezonden.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		132</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 3 – alinea 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De kennisgevende lidstaat neemt zijn screeningbesluit pas nadat de onder de punten a) tot en met d) bedoelde termijnen zijn verstreken.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		133</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>De kennisgevende lidstaat stelt de Commissie en de andere lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> in kennis van alle belangrijke nieuwe informatie of omstandigheden die relevant zijn voor de beoordeling van een buitenlandse investering die reeds ter kennis is gegeven overeenkomstig artikel 5. Indien deze informatie vóór het verstrijken van de in lid 3 vastgestelde termijnen beschikbaar wordt gesteld, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">trachten</STRING></STRING> de kennisgevende lidstaat, de Commissie en de andere lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het eens te worden over</STRING></STRING> een wederzijds aanvaardbare verlenging van de termijn. Indien de in lid 3 vastgestelde termijnen voor de beoordeling van de eerste kennisgeving zijn verstreken, gaan zij verder overeenkomstig de in lid 3, punten c) en d), vastgestelde termijnen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>De kennisgevende lidstaat stelt de Commissie en de andere lidstaten in kennis van alle belangrijke nieuwe informatie of omstandigheden die relevant zijn voor de beoordeling van een buitenlandse investering die reeds ter kennis is gegeven overeenkomstig artikel 5. Indien deze informatie vóór het verstrijken van de in lid 3 vastgestelde termijnen beschikbaar wordt gesteld, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">komen</STRING></STRING> de kennisgevende lidstaat, de Commissie en de andere lidstaten een wederzijds aanvaardbare verlenging van de termijn <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">overeen</STRING></STRING>. Indien de in lid 3 vastgestelde termijnen voor de beoordeling van de eerste kennisgeving zijn verstreken, gaan zij verder overeenkomstig de in lid 3, punten c) en d), vastgestelde termijnen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		134</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>De kennisgevende lidstaat verstrekt de volledige aanvullende informatie waarom de Commissie of andere lidstaten overeenkomstig lid 2 hebben verzocht<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, onverwijld</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING>. Indien de kennisgevende lidstaat aanvullende informatie aan een lidstaat verstrekt, wordt die aanvullende informatie tegelijkertijd aan de Commissie toegezonden.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>De kennisgevende lidstaat verstrekt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onverwijld </STRING></STRING>de volledige aanvullende informatie waarom de Commissie of andere lidstaten overeenkomstig lid 2 hebben verzocht. Indien de kennisgevende lidstaat aanvullende informatie aan een lidstaat verstrekt, wordt die aanvullende informatie tegelijkertijd aan de Commissie toegezonden.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		135</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 7 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De volgende termijnen zijn van toepassing op de raadplegingen tussen de lidstaten en de Commissie overeenkomstig artikel 7, de leden 6 tot en met 9:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de in artikel 7, lid 6, bedoelde vergadering wordt belegd binnen twintig kalenderdagen na ontvangst door de ontvangende lidstaat van de laatste opmerking of van het laatste advies als bedoeld in artikel 7, indien dit later is;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de ontvangende lidstaat verstuurt het in artikel 7, lid 8, bedoelde ontwerpbesluit binnen tien kalenderdagen na de in artikel 7, lid 6, bedoelde vergadering;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het in artikel 7, lid 9, bedoelde bezwaar van een lidstaat of van de Commissie wordt binnen tien kalenderdagen na ontvangst van het ontwerp van het screeningbesluit overeenkomstig artikel 7, lid 8, ingediend.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		136</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 7 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 ter.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De volgende termijnen zijn van toepassing op de vaststelling en kennisgeving van screeningbesluiten over ter kennis gegeven buitenlandse investeringen:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de kennisgevende lidstaat stelt het screeningbesluit pas vast nadat de onder de punten a) tot en met d) van lid 3 van dit artikel bedoelde termijnen zijn verstreken;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">indien noch de lidstaten, noch de Commissie zich het recht hebben voorbehouden om binnen de in lid 1 van dit artikel bedoelde termijnen opmerkingen in te dienen of een advies uit te brengen, stelt de kennisgevende lidstaat zijn screeningbesluit vast binnen zestig kalenderdagen na de datum van kennisgeving;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">na indiening van een bezwaar overeenkomstig artikel 7, lid 9, versturen de ontvangende lidstaat en de lidstaat die het bezwaar heeft ingediend de in artikel 7, lid 9 bis, bedoelde informatie binnen vijf kalenderdagen;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">na een besluit van de Commissie overeenkomstig artikel 7, lid 9 ter, stelt de ontvangende lidstaat zijn screeningbesluit vast binnen 15 kalenderdagen na indiening van de in artikel 7, lid 9 quinquies, bedoelde kennisgeving;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>e)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de kennisgeving van het screeningbesluit overeenkomstig artikel 7, lid 9 septies, vindt binnen drie kalenderdagen plaats.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		137</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 7 quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 quater.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De volgende termijnen zijn van toepassing op de vaststelling en kennisgeving van een besluit van de Commissie overeenkomstig artikel 7, lid 9 ter en lid 9 quater:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de Commissie stelt haar besluit vast binnen twintig kalenderdagen na ontvangst van de in artikel 7, lid 9 bis, bedoelde volledige informatie;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de kennisgeving overeenkomstig artikel 7, lid 9 quinquies, vindt binnen drie kalenderdagen plaats.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in lid 7 bis, punten a) en b), lid 7 ter, punt b), en lid 7 quater, punt a), van dit artikel bedoelde termijnen worden in voorkomend geval met maximaal dertig kalenderdagen verlengd teneinde de ontvangende lidstaat en, in voorkomend geval, de Commissie en de buitenlandse investeerder, de gelegenheid te bieden om risicobeperkende maatregelen overeen te komen. De onderhandelingen over risicobeperkende maatregelen tussen de Commissie en de buitenlandse investeerder worden in samenwerking met de ontvangende lidstaat gevoerd.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		138</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 8</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>8.</NO.P>Indien de kennisgevende lidstaat als gevolg van uitzonderlijke omstandigheden van oordeel is dat zijn veiligheid of openbare orde vereist dat een screeningbesluit vóór het verstrijken van de in lid 3 bedoelde termijnen wordt genomen, stelt hij de andere lidstaten en de Commissie van zijn voornemen in kennis en motiveert hij naar behoren waarom een onmiddellijk optreden noodzakelijk is. De andere lidstaten dienen met bekwame spoed opmerkingen in en de Commissie brengt met bekwame spoed een advies uit. Deze procedure mag niet worden toegepast om louter de commerciële belangen van de aanvrager van een toelating te dienen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>8.</NO.P>Indien de kennisgevende lidstaat als gevolg van uitzonderlijke omstandigheden van oordeel is dat zijn veiligheid of openbare orde vereist dat een screeningbesluit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">overeenkomstig artikel 14, lid 1,</STRING></STRING> vóór het verstrijken van de in lid 3 bedoelde termijnen wordt genomen, stelt hij de andere lidstaten en de Commissie van zijn voornemen in kennis en motiveert hij naar behoren waarom een onmiddellijk optreden noodzakelijk is. De andere lidstaten dienen met bekwame spoed opmerkingen in en de Commissie brengt met bekwame spoed een advies uit. Deze procedure mag niet worden toegepast om louter de commerciële belangen van de aanvrager van een toelating te dienen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		139</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>Een lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die</STRING></STRING> van mening is dat een buitenlandse investering op het grondgebied van een andere lidstaat die niet ter kennis van het samenwerkingsmechanisme is gegeven waarschijnlijk negatieve gevolgen voor zijn veiligheid of openbare orde zal hebben, kan een initiatiefprocedure met betrekking tot die buitenlandse investering openen. Alvorens de procedure in te leiden, gaat de lidstaat na of de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar de investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING> niet voornemens is de buitenlandse investering ter kennis van het samenwerkingsmechanisme te geven.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien</STRING></STRING> een lidstaat van mening is dat een buitenlandse investering op het grondgebied van een andere lidstaat die niet ter kennis van het samenwerkingsmechanisme is gegeven waarschijnlijk negatieve gevolgen voor zijn veiligheid of openbare orde zal hebben, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of indien de Commissie van mening is dat een dergelijke buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde van meer dan één lidstaat, of voor projecten of programma’s van Uniebelang</STRING></STRING>, kan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de lidstaat of de Commissie</STRING></STRING> een initiatiefprocedure met betrekking tot die buitenlandse investering openen. Alvorens de procedure in te leiden, gaat de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of de Commissie</STRING></STRING> na of de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat niet voornemens is de buitenlandse investering ter kennis van het samenwerkingsmechanisme te geven.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		140</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten krijgen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ten minste</STRING></STRING> 15 maanden nadat de buitenlandse investering is voltooid de tijd om de in lid 1 bedoelde procedure in te leiden, op voorwaarde dat de betrokken buitenlandse investering ondertussen niet bij het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en de Commissie</STRING></STRING> krijgen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">tot</STRING></STRING> 15 maanden nadat de buitenlandse investering is voltooid de tijd om de in lid 1 bedoelde procedure in te leiden, op voorwaarde dat de betrokken buitenlandse investering ondertussen niet bij het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		141</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie kan een initiatiefprocedure openen wanneer zij van oordeel is dat een buitenlandse investering op het grondgebied van een lidstaat die niet bij het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven, onder artikel 7, lid 2, valt. Alvorens de procedure in te leiden, gaat de Commissie na of de lidstaat waar de investering wordt gepland of is voltooid niet voornemens is de buitenlandse investering ter kennis van het samenwerkingsmechanisme te geven.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		142</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie krijgt ten minste 15 maanden nadat de buitenlandse investering is voltooid de tijd om de in lid 3 bedoelde procedure in te leiden, op voorwaarde dat de betrokken buitenlandse investering ondertussen niet bij het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		143</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>De lidstaten of de Commissie leiden de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in de leden 1 en 3 bedoelde</STRING></STRING> initiatiefprocedure in door <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING> een naar behoren gemotiveerd verzoek om informatie toe te zenden aan de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING>. Elk verzoek om informatie overeenkomstig dit lid wordt naar behoren gemotiveerd, blijft beperkt tot de informatie die de lidstaten nodig hebben om opmerkingen in te dienen of op basis waarvan de Commissie een advies kan uitbrengen, staat in verhouding tot het doel van het verzoek en is niet onnodig belastend voor de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kennisgevende</STRING></STRING> lidstaat. Wanneer het verzoek om informatie door een lidstaat wordt ingediend, zendt die lidstaat het verzoek tegelijkertijd toe aan de Commissie.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>De lidstaten of de Commissie leiden de initiatiefprocedure in door een naar behoren gemotiveerd verzoek om informatie toe te zenden aan de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat. Elk verzoek om informatie overeenkomstig dit lid wordt naar behoren gemotiveerd, blijft beperkt tot de informatie die de lidstaten nodig hebben om opmerkingen in te dienen of op basis waarvan de Commissie een advies kan uitbrengen, staat in verhouding tot het doel van het verzoek en is niet onnodig belastend voor de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat. Wanneer het verzoek om informatie door een lidstaat wordt ingediend, zendt die lidstaat het verzoek tegelijkertijd toe aan de Commissie.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		144</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>6.</NO.P>De lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarin de investering wordt gepland of is voltooid,</STRING></STRING> verstrekt de volledige informatie waarom de andere lidstaten of de Commissie overeenkomstig lid 5 hebben verzocht <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onverwijld</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem</STRING></STRING>. Indien de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kennisgevende</STRING></STRING> lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aanvullende</STRING></STRING> informatie aan een lidstaat verstrekt, wordt die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aanvullende</STRING></STRING> informatie tegelijkertijd aan de Commissie toegezonden.</P></OLD><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>De <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat verstrekt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onverwijld </STRING></STRING>de volledige informatie waarom andere lidstaten of de Commissie overeenkomstig lid 5 hebben verzocht. Indien de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">deze</STRING></STRING> informatie aan een lidstaat verstrekt, wordt die informatie tegelijkertijd aan de Commissie toegezonden.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		145</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 7 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>7.</NO.P>Na ontvangst van de in lid 6 bedoelde informatie kunnen de lidstaten opmerkingen indienen en kan de Commissie een advies verstrekken aan de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De regels en procedures van artikel 7 en 8 zijn van overeenkomstige toepassing, zij het met de volgende wijzigingen:</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>7.</NO.P>Na ontvangst van de in lid 6 bedoelde informatie kunnen de lidstaten opmerkingen indienen en kan de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uiterlijk dertig kalenderdagen na ontvangst van de volledige in lid 5 bedoelde informatie</STRING></STRING> een advies verstrekken aan de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende lidstaat. Indien de procedure is ingeleid door een lidstaat, heeft de Commissie 15 extra kalenderdagen de tijd om haar advies uit te brengen. De ontvangende</STRING></STRING> lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">houdt ten volle rekening met deze opmerkingen of adviezen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		146</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 7 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de opmerkingen van de lidstaten of het advies van de Commissie worden uiterlijk 35 kalenderdagen na ontvangst van de overeenkomstig lid 5 gevraagde volledige informatie toegezonden;</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		147</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 7 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voor overeenkomstig lid 1 ingeleide procedures krijgt de Commissie 15 extra kalenderdagen de tijd om een advies uit te brengen nadat de in punt a) van dit lid vastgestelde termijn voor de lidstaat is verstreken.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		148</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9  lid 7 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Na ontvangst van een opmerking of een advies overeenkomstig lid 7 belegt de ontvangende lidstaat een vergadering met de lidstaten die opmerkingen hebben ingediend en, in voorkomend geval met de Commissie, om te bespreken hoe de vastgestelde risico’s doeltreffend kunnen worden aangepakt. Indien de ontvangende lidstaat het niet eens is met de vastgestelde risico’s of, in voorkomend geval, met de in de opmerking of het advies voorgestelde maatregelen, trachten de lidstaten en de Commissie alternatieve oplossingen vast te stellen en tot overeenstemming te komen over een passende aanpak om de risico’s in kwestie te beheersen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		149</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 7 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 ter.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Na de in lid 7 bis bedoelde vergadering deelt de ontvangende lidstaat de Commissie en, in voorkomend geval, de lidstaten die opmerkingen hebben ingediend, mee of hij voornemens is de investering te screenen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		150</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 7 quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 quater.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien de ontvangende lidstaat besluit de buitenlandse investering niet te screenen, verstrekt hij de betrokken lidstaten en de Commissie een schriftelijke toelichting op de redenen waarom hij het niet eens is met de opmerkingen van die lidstaten of met het advies van de Commissie.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		151</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 9 bis</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Onderzoeksbevoegdheden van de Commissie</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Op een naar behoren gemotiveerd verzoek van een lidstaat of op eigen initiatief, en mits de ontvangende lidstaat daarvan in kennis is gesteld, kan de Commissie overeenkomstig dit artikel om informatie verzoeken wanneer er redelijke gronden zijn om te vermoeden dat een buitenlandse investering gevolgen kan hebben voor de veiligheid of de openbare orde van meer dan één lidstaat.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie kan van de bij een buitenlandse investering betrokken partijen verlangen dat zij alle informatie verstrekken die zij nodig acht om te beoordelen of de buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde. Zij kan informatie opvragen bij elke andere entiteit of persoon die waarschijnlijk over relevante informatie beschikt om te beoordelen of een buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde, met inbegrip van leveranciers, contractanten, klanten en deskundigen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Voordat de Commissie dergelijke informatie op het grondgebied van een lidstaat opvraagt, stelt zij die lidstaat in kennis van haar voornemen om dit te doen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Een informatieverzoek op grond van lid 2:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vermeldt de rechtsgrondslag en het doel ervan, specificeert de vereiste informatie en stelt een passende termijn vast voor het verstrekken ervan;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">is naar behoren gemotiveerd en beperkt tot de informatie die strikt noodzakelijk is om de mogelijke gevolgen van een transactie voor de veiligheid of de openbare orde te beoordelen;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bevat een verklaring dat, indien de verstrekte informatie onjuist, onvolledig of misleidend is, de in lid 6 bepaalde dwangsommen kunnen worden opgelegd;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bevat een verklaring dat een gebrek aan medewerking ertoe kan leiden dat de Commissie een besluit neemt op basis van de haar ter beschikking staande gegevens.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in artikel 8, lid 7 bis, punten a) tot en met c), artikel 8, lid 7 ter, punt b), en artikel 8, lid 7 quater, punt a), genoemde termijnen kunnen worden opgeschort gedurende de tijd die de Commissie nodig heeft om de gevraagde informatie te verkrijgen. De opschorting gaat in op de datum van het verzoek om informatie van de Commissie en blijft van kracht totdat de gevraagde informatie volledig is ontvangen. De opschorting duurt niet langer dan dertig kalenderdagen. De Commissie stelt de betrokken lidstaten onverwijld in kennis van zowel de opschorting als van de opheffing van die opschorting.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In geval van ongerechtvaardigde niet-inwilliging van de verzoeken om informatie van de Commissie kan de Commissie bij besluit het volgende opleggen:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">geldboeten van ten hoogste 1 % van de totale omzet van de betrokken partij of entiteit in het voorafgaande boekjaar; of </STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dwangsommen wanneer onvolledige, onjuiste of misleidende informatie wordt verstrekt of de gevraagde informatie niet binnen de vastgestelde termijn wordt verstrekt. Dergelijke dwangsommen bedragen niet meer dan 5 % van de gemiddelde dagelijkse totale omzet van de betrokken partij of entiteit in het voorgaande boekjaar voor elke werkdag vertraging, berekend vanaf de in het besluit vastgestelde datum tot aan de daadwerkelijke naleving.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>7.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Alvorens dwangsommen op te leggen, wordt de betrokken partij of entiteit in de gelegenheid gesteld te worden gehoord. Bij de bepaling van het bedrag van de geldboete of de dwangsom houdt de Commissie rekening met de aard, de ernst en de duur van de niet-inwilliging, met inachtneming van de beginselen van evenredigheid en redelijkheid.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>8.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij de bepaling van het bedrag van de geldboete of de dwangsom houdt de Commissie rekening met de aard, de ernst en de duur van de niet-inwilliging, met inachtneming van de beginselen van evenredigheid en redelijkheid.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		152</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zorgen ervoor dat</STRING></STRING> de informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die wordt verstrekt</STRING></STRING> in de in artikel 5 bedoelde kennisgeving en in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het kader van</STRING></STRING> het in artikel 9, lid 5, bedoelde verzoek om informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het volgende omvat</STRING></STRING>:</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">nemen ten minste</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">volgende</STRING></STRING> informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op</STRING></STRING> in de in artikel 5 bedoelde kennisgeving en in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">reactie op</STRING></STRING> het in artikel 9, lid 5, bedoelde verzoek om informatie:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		153</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 1 – punt e</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>e)</NO.P>de activiteiten van de buitenlandse investeerder, diens naam en adres; <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>e)</NO.P>de activiteiten van de buitenlandse investeerder, diens naam en adres;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		154</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 1 – punt e bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>e bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in voorkomend geval de aan de kennisgeving ten grondslag liggende redenen, met inbegrip van het antwoord op de vraag of aan de in de punten i) tot en met iii) van artikel 5, lid 1, punt b), bedoelde voorwaarden voor de kennisgeving van een buitenlandse investering is voldaan;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		155</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 1 – punt e ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>e ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het antwoord op de vraag of een doelonderneming in de Unie ontvanger van middelen is zoals omschreven in artikel 2, punt 59, van Verordening (EU, Euratom) 2024/2509, of van andere door de Unie ingerichte of beheerde middelen of financiële instrumenten; en</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		156</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien de Commissie of de lidstaten overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9, lid 5, de lidstaat waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid om aanvullende informatie verzoeken, stelt die lidstaat alles in het werk om die informatie, indien beschikbaar, aan de verzoekende lidstaten en de Commissie te verstrekken.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		157</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>Indien nodig kan de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING> de aanvrager van een toelating of een andere relevante onderneming verzoeken de in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de leden 1 en 3</STRING></STRING> bedoelde informatie te verstrekken. Het verzoek om informatie kan betrekking hebben op informatie die de lidstaat nodig heeft om te bepalen of aan een van de voorwaarden van artikel 5, lid 1, is voldaan. De betrokken onderneming verstrekt de gevraagde informatie binnen 15 kalenderdagen na ontvangst van het verzoek aan de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid.</P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>Indien nodig kan de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat de aanvrager van een toelating of een andere relevante onderneming verzoeken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onder meer</STRING></STRING> de in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lid 1 van dit artikel en artikel 8, lid 2,</STRING></STRING> bedoelde informatie te verstrekken. Het verzoek om informatie kan betrekking hebben op informatie die de lidstaat nodig heeft om te bepalen of aan een van de voorwaarden van artikel 5, lid 1, is voldaan. De betrokken onderneming verstrekt de gevraagde informatie binnen 15 kalenderdagen na ontvangst van het verzoek aan de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		158</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>De lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING> en de Commissie kunnen andere lidstaten verzoeken informatie in te winnen bij ondernemingen op hun grondgebied, op voorwaarde dat deze informatie relevant en strikt noodzakelijk is voor de beoordeling van een buitenlandse investering overeenkomstig artikel 13. De lidstaat die het verzoek om informatie in te winnen ontvangt, verzoekt de onderneming onverwijld die informatie te verstrekken en stelt de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING> en de Commissie daarvan in kennis overeenkomstig de procedure van artikel 8, lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2</STRING></STRING>, en artikel 9, lid 6, naargelang het geval.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>De <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat en de Commissie kunnen andere lidstaten verzoeken informatie in te winnen bij ondernemingen op hun grondgebied, op voorwaarde dat deze informatie relevant en strikt noodzakelijk is voor de beoordeling van een buitenlandse investering overeenkomstig artikel 13. De lidstaat die het verzoek om informatie in te winnen ontvangt, verzoekt de onderneming onverwijld die informatie te verstrekken en stelt de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat en de Commissie daarvan in kennis overeenkomstig de procedure van artikel 8, lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">5</STRING></STRING>, en artikel 9, lid 6, naargelang het geval.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		159</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>6.</NO.P>Indien een lidstaat er in uitzonderlijke omstandigheden ondanks al zijn inspanningen niet in slaagt de in de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lid 3,</STRING></STRING> 4 of 5 bedoelde informatie te verstrekken, stelt hij de Commissie en de andere betrokken lidstaten daarvan in kennis. Die lidstaat motiveert naar behoren waarom hij de informatie niet kan verstrekken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>Indien een lidstaat er in uitzonderlijke omstandigheden ondanks al zijn inspanningen niet in slaagt de in de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">leden</STRING></STRING> 4 of 5 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van dit artikel, artikel 8, lid 2, of artikel 9, lid 5,</STRING></STRING> bedoelde informatie te verstrekken, stelt hij de Commissie en de andere betrokken lidstaten daarvan in kennis. Die lidstaat motiveert naar behoren waarom hij de informatie niet kan verstrekken.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		160</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten voorzien in de nodige juridische en administratieve middelen om <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op</STRING></STRING> efficiënte en doeltreffende <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wijze</STRING></STRING> aan het samenwerkingsmechanisme <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">te kunnen deelnemen</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten voorzien in de nodige juridische en administratieve middelen om <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de taken die aan hen zijn toevertrouwd ter verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening op doeltreffende en efficiënte wijze uit te voeren, onder meer waar het hun</STRING></STRING> efficiënte en doeltreffende <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">deelname</STRING></STRING> aan het samenwerkingsmechanisme <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">betreft</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		161</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>De <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lidstaten zorgen ervoor dat hun</STRING></STRING> screeningmechanismen voldoende <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">tijd en</STRING></STRING> middelen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bieden</STRING></STRING> om de opmerkingen van andere lidstaten en de adviezen van de Commissie te beoordelen en zoveel mogelijk in acht te nemen voordat een screeningbesluit wordt genomen. Dit houdt in dat zij over alle nodige juridische instrumenten en bevoegdheden moeten beschikken om in hun screeningbesluit of in enig ander relevant instrument waarover zij beschikken rekening te houden met door een andere lidstaat of de Commissie geuite bezorgdheid of door een andere lidstaat of de Commissie vastgestelde waarschijnlijke effecten. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien de Commissie en de andere lidstaten overeenkomstig artikel 5 in kennis worden gesteld van een buitenlandse investering, staan de screeningmechanismen de lidstaten niet toe hun screeningbesluit te nemen voordat de in artikel 8, lid 3, vastgestelde termijnen voor het indienen van opmerkingen door de lidstaten en het uitbrengen van adviezen door de Commissie zijn verstreken.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>De screeningmechanismen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van de lidstaten bieden</STRING></STRING> voldoende middelen om de opmerkingen van andere lidstaten en de adviezen van de Commissie te beoordelen en zoveel mogelijk in acht te nemen voordat een screeningbesluit wordt genomen. Dit houdt in dat zij over alle nodige juridische instrumenten en bevoegdheden moeten beschikken om in hun screeningbesluit of in enig ander relevant instrument waarover zij beschikken rekening te houden met door een andere lidstaat of de Commissie geuite bezorgdheid of door een andere lidstaat of de Commissie vastgestelde waarschijnlijke effecten.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		162</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat hun nationale wetgeving toestaat dat de in artikel 7<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, leden 5 tot en met 9,</STRING></STRING> vastgestelde verplichtingen kunnen worden nagekomen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat hun nationale wetgeving toestaat dat de in artikel 7 vastgestelde verplichtingen kunnen worden nagekomen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		163</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 7</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>7.</NO.P>Wanneer risicobeperkende maatregelen in een screeningbesluit naleving door in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">andere lidstaten</STRING></STRING> gevestigde ondernemingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vereist</STRING></STRING>, werken de lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die een screeningbesluit hebben genomen</STRING></STRING> met <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de andere betrokken lidstaat of lidstaten</STRING></STRING> samen bij de monitoring en uitvoering van het screeningbesluit. De lidstaten zorgen ervoor dat zij over alle nodige juridische instrumenten en bevoegdheden beschikken om de gevolgen van niet-naleving van de in een screeningbesluit vastgestelde risicobeperkende maatregelen doeltreffend aan te pakken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>7.</NO.P>Wanneer risicobeperkende maatregelen in een screeningbesluit naleving door in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">meer dan één lidstaat</STRING></STRING> gevestigde ondernemingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vereisen</STRING></STRING>, werken de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">betrokken</STRING></STRING> lidstaten met <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">elkaar</STRING></STRING> samen bij de monitoring en uitvoering van het screeningbesluit. De lidstaten zorgen ervoor dat zij over alle nodige juridische instrumenten en bevoegdheden beschikken om de gevolgen van niet-naleving van de in een screeningbesluit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van een andere lidstaat of de Commissie</STRING></STRING> vastgestelde risicobeperkende maatregelen doeltreffend aan te pakken.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		164</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11  lid 7 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien een ontvangende lidstaat na vaststelling van een screeningbesluit sancties oplegt overeenkomstig artikel 4, lid 2, punt h bis), stelt hij de Commissie en de lidstaten die opmerkingen over de transactie hebben ingediend, hiervan binnen een redelijke termijn in kennis.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		165</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>Overeenkomstig de procedures van de artikelen 5, 7 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> 9 ontvangen informatie mag alleen worden gebruikt voor het doel waarvoor zij werd gevraagd, tenzij:</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>Overeenkomstig de procedures van de artikelen 5, 7<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> 9 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en 9 bis</STRING></STRING> ontvangen informatie mag alleen worden gebruikt voor het doel waarvoor zij werd gevraagd, tenzij:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		166</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 1 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>het Hof van Justitie van de Europese Unie of een rechtbank van de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid,</STRING></STRING> verzoekt om dergelijke informatie met het oog op een gerechtelijke procedure.</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>het Hof van Justitie van de Europese Unie of een rechtbank van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat verzoekt om dergelijke informatie met het oog op een gerechtelijke procedure.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		167</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie voorziet in een beveiligd en versleuteld systeem dat de uitwisseling van informatie tussen de contactpunten moet ondersteunen.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		168</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 12 bis</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Beveiligd en versleuteld systeem en centraal portaal</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie zet een beveiligd en versleuteld systeem op en onderhoudt dit, met als doel de uitwisseling van informatie tussen de contactpunten te ondersteunen. Alle communicatie tussen de lidstaten onderling en tussen de lidstaten en de Commissie uit hoofde van deze verordening, met inbegrip van de kennisgevingen overeenkomstig artikel 5 en de opmerkingen en adviezen overeenkomstig artikel 7, vindt uitsluitend via dat beveiligde en versleutelde systeem plaats.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Als onderdeel van het beveiligde en versleutelde systeem zet de Commissie een centraal onlineportaal op voor de elektronische indiening van buitenlandse investeringen bij screeningautoriteiten. Dat centrale portaal wordt uiterlijk op ... [zes maanden voor de datum van inwerkingtreding van deze verordening] operationeel. Het dient als toegangspunt voor de screening van buitenlandse investeringen. De lidstaten gebruiken het centrale portaal voor het ontvangen van ingediende verzoeken en voor andere communicatie met aanvragers.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Aanvragers en hun wettelijke vertegenwoordigers dienen verzoeken in via een onlineformulier dat beschikbaar is op het overeenkomstig lid 2 van dit artikel opgezette centrale portaal. Het formulier bevat de krachtens artikel 10, lid 1, vereiste informatie.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij het indienen van een verzoek kiezen de aanvragers de lidstaten waar het verzoek moet worden ingediend. De verdere communicatie tussen de ontvangende lidstaat en de aanvragers vindt via het centrale portaal plaats, totdat het verzoek om toelating is voltooid.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Alle informatie die via het centrale portaal wordt doorgegeven, wordt alleen ter beschikking gesteld van de aangewezen ontvanger.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op ... [zes maanden voor de datum van toepassing van deze verordening] stelt de Commissie door middel van uitvoeringshandelingen overeenkomstig artikel 21 maatregelen vast tot vaststelling van de modaliteiten voor de werking van het centrale portaal en het in dit artikel bedoelde beveiligde en versleutelde systeem.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>7.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Als onderdeel van het beveiligde en versleutelde systeem zet de Commissie een voor alle lidstaten toegankelijke beveiligde databank op met informatie-uitwisseling over de buitenlandse investeringen die door het samenwerkingsmechanisme zijn beoordeeld, onder meer met betrekking tot de betrokken partijen, de ingediende opmerkingen, de uitgebrachte adviezen en de resultaten van de beoordelingen in het kader van de nationale screeningmechanismen, met inbegrip van informatie over de relevante screeningbesluiten. De Commissie zet die beveiligde databank uiterlijk op ... [zes maanden na de datum van inwerkingtreding van deze verordening] op en uploadt de informatie waarover zij sinds 12 oktober 2020 beschikt in die databank. Uiterlijk op … [de datum van toepassing van deze verordening] uploaden de lidstaten de hun ter beschikking staande informatie over de resultaten van de desbetreffende procedure in het kader van hun eigen screeningmechanismen in die databank. De lidstaten en de Commissie kunnen bovendien aanvullende informatie of toelichtingen verstrekken, met inbegrip van relevante bedrijfsinformatie van commerciële verkopers die zij hebben verworven en geverifieerd.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		169</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 12 ter</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Capaciteit op het gebied van bedrijfsinformatie</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie ontwikkelt capaciteit op het gebied van bedrijfsinformatie teneinde de screeningautoriteiten van de lidstaten te helpen bij het vaststellen van mogelijke risico’s voor de veiligheid en de openbare orde met betrekking tot buitenlandse investeringen, alsook gecoördineerde risicobeoordelingen, en ondersteunt in overleg met de deskundigengroep van de Commissie voor het screenen van buitenlandse investeringen een Unieprogramma voor capaciteitsopbouw voor buitenlandse directe investeringen voor het vaststellen en bevorderen van beste praktijken en geleerde lessen, en biedt gemeenschappelijke opleidingsprogramma’s voor ambtenaren van de lidstaten aan.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		170</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>Met het oog op het uitbrengen van een met redenen omkleed advies overeenkomstig artikel 7, lid 2 of 3, of artikel 9, lid 7, bepaalt de Commissie of een buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>Met het oog op het uitbrengen van een met redenen omkleed advies overeenkomstig artikel 7, lid 2 of 3, of artikel 9, lid 7<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, of een besluit overeenkomstig artikel 7, lid 9 ter of 9 quater</STRING></STRING>, bepaalt de Commissie of een buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		171</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Bij het bepalen of een investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben, gaan de lidstaten of de Commissie met name na of de betrokken investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor:</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>Bij het bepalen of een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">buitenlandse</STRING></STRING> investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben, gaan de lidstaten of de Commissie met name na of de betrokken investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		172</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>de veiligheid, de integriteit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> het functioneren van kritieke infrastructuur, zowel fysiek als virtueel; in dat verband wordt op basis van de beschikbare informatie ook beoordeeld of de buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de weerbaarheid van de kritieke entiteiten die zij op grond van Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">20</STRING> hebben geïdentificeerd, alsook van entiteiten die onder Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">21</STRING> vallen. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Ook</STRING></STRING> de resultaten van de overeenkomstig artikel 22, lid 1, van Richtlijn (EU) 2022/2555 uitgevoerde en op Unieniveau gecoördineerde beveiligingsrisicobeoordelingen van kritieke toeleveringsketens worden in aanmerking genomen; ;</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>de veiligheid, de integriteit<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> het functioneren <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en de weerbaarheid</STRING></STRING> van kritieke infrastructuur, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met inbegrip van de grond die en het vastgoed dat essentieel is voor het gebruik van dergelijke kritieke infrastructuur,</STRING></STRING> zowel fysiek als virtueel; in dat verband wordt op basis van de beschikbare informatie ook beoordeeld of de buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de weerbaarheid van de kritieke entiteiten die zij op grond van Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">20</STRING> hebben geïdentificeerd, alsook van entiteiten die onder Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">21</STRING> vallen. De resultaten van de overeenkomstig artikel 22, lid 1, van Richtlijn (EU) 2022/2555 uitgevoerde en op Unieniveau gecoördineerde beveiligingsrisicobeoordelingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met inbegrip </STRING></STRING>van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die betreffende</STRING></STRING> kritieke toeleveringsketens<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> worden in aanmerking genomen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, zowel waar het technische als niet-technische risicofactoren betreft</STRING></STRING>;</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">20</STRING> Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten en tot intrekking van Richtlijn 2008/114/EG van de Raad (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 164, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2022/2557/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">20</STRING> Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten en tot intrekking van Richtlijn 2008/114/EG van de Raad (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 164, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2022/2557/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">21</STRING> Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (NIS 2-richtlijn) (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 80, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2022/2555/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">21</STRING> Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (NIS 2-richtlijn) (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 80, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2022/2555/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		173</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt a bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>a bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de veiligheid van militaire voorzieningen en andere gevoelige openbare voorzieningen in de onmiddellijke geografische nabijheid van de doelonderneming in de Unie;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		174</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt a ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>a ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de veiligheid, integriteit, werking, operationele stabiliteit en veerkracht van de interne markt;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		175</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>de beschikbaarheid van kritieke technologieën;</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>de beschikbaarheid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en invoering</STRING></STRING> van kritieke technologieën<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, technologische beveiliging en het uitlekken van technologie</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		176</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt c</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>c)</NO.P>de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">continuïteit van de levering van</STRING></STRING> kritieke inputs;</P></OLD><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">beveiliging en weerbaarheid van toeleveringsketens voor</STRING></STRING> kritieke inputs;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		177</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt c bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>c bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voedselzekerheid;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		178</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt c ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>c ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het vermogen om strategische afhankelijkheden te voorkomen en aan te pakken;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		179</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt c quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>c quater)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de bescherming van de financiële en economische stabiliteit van de Unie;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		180</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt c quinquies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>c quinquies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de verlening van essentiële diensten en diensten van algemeen belang;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		181</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt d</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>d)</NO.P>de bescherming van gevoelige informatie, met inbegrip van persoonsgegevens, vooral met betrekking tot het vermogen van de buitenlandse investeerder om dergelijke <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">persoonsgegevens</STRING></STRING> te raadplegen, te controleren en anderszins te verwerken; <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>de bescherming van gevoelige informatie, met inbegrip van persoonsgegevens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zoals gedefinieerd in artikel 4, punt 1, van Verordening (EU) 2016/679</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING>, vooral met betrekking tot het vermogen van de buitenlandse investeerder om dergelijke <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">informatie</STRING></STRING> te raadplegen, te controleren en anderszins te verwerken;</P></NEW><OLD/><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2016/679/oj).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		182</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt d bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>d bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de bescherming van intellectuele eigendom, kennis of andere immateriële activa;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		183</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt e</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>e)</NO.P>de vrijheid en pluriformiteit van de media, met inbegrip van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onlineplatforms</STRING></STRING> die kunnen worden gebruikt voor grootschalige desinformatie of criminele activiteiten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>e)</NO.P>de vrijheid en pluriformiteit van de media, met inbegrip van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">online- en socialemediaplatforms</STRING></STRING> die kunnen worden gebruikt voor grootschalige desinformatie of criminele activiteiten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, alsook de grondrechten, het maatschappelijk debat en verkiezingsprocessen, en de neutraliteit, de objectiviteit en de pluriformiteit van het onderwijs; of</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		184</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3 – punt e bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>e bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de waarschijnlijkheid van economische dwang door een derde land dat onder het toepassingsgebied van artikel 2 van Verordening (EU) 2023/2675</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> valt. </STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">__________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2023/2675 van het Europees Parlement en de Raad van 22 november 2023 betreffende de bescherming van de Unie en haar lidstaten tegen economische dwang door derde landen (PB L 2023/2675 van 7.12.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/2675/oj).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		185</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 4 – punt -a (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>-a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of de buitenlandse investeerder of de dochteronderneming van de buitenlandse investeerder in de Unie direct of indirect onder zeggenschap van de overheid staat, met inbegrip van overheidsinstanties, regionale of lokale overheden of strijdkrachten, van een derde land, onder meer via eigendomsstructuur, aanzienlijke financiering, speciale rechten of door de staat benoemde bestuurders of managers, of via andere kenmerken die tot doel hebben de besluitvorming van het management te beïnvloeden, zoals bijzondere aandelen;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		186</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 4 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>of de buitenlandse investeerder, een natuurlijke persoon of entiteit die zeggenschap heeft over de buitenlandse investeerder, de begunstigde eigenaar van de buitenlandse investeerder, een van de dochterondernemingen van de buitenlandse investeerder of een andere partij die eigendom is van of onder zeggenschap staat van, of handelt namens of op aanwijzing van die buitenlandse investeerder, betrokken was bij een buitenlandse investering die eerder door een lidstaat was gescreend en niet was toegestaan of slechts onder voorwaarden was toegestaan; om dit te bepalen, baseren de lidstaten en de Commissie zich op de informatie waarover zij beschikken, met inbegrip van de informatie in de beveiligde databank die overeenkomstig artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">7</STRING></STRING>, lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">10</STRING></STRING>, is opgezet;</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>of de buitenlandse investeerder, een natuurlijke persoon of entiteit die zeggenschap heeft over de buitenlandse investeerder, de begunstigde eigenaar van de buitenlandse investeerder, een van de dochterondernemingen van de buitenlandse investeerder of een andere partij die eigendom is van of onder zeggenschap staat van, of handelt namens of op aanwijzing van die buitenlandse investeerder, betrokken was bij een buitenlandse investering die eerder door een lidstaat<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, of, indien van toepassing, door een derde land met een bestaand mechanisme voor de screening van buitenlandse investeringen, waar de Unie mee samenwerkt op het gebied van de screening van investeringen,</STRING></STRING> was gescreend en niet was toegestaan of slechts onder voorwaarden was toegestaan; om dit te bepalen, baseren de lidstaten en de Commissie zich op de informatie waarover zij beschikken, met inbegrip van de informatie in de beveiligde databank die overeenkomstig artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">12 bis</STRING></STRING>, lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">6 bis</STRING></STRING>, is opgezet;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		187</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 4 – punt d</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>d)</NO.P>of de buitenlandse investeerder of een van zijn dochterondernemingen betrokken is geweest bij illegale of criminele activiteiten, waaronder omzeiling van beperkende maatregelen van de Unie uit hoofde van artikel 215 VWEU;</P></OLD><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>of de buitenlandse investeerder of een van zijn dochterondernemingen betrokken is geweest bij illegale of criminele activiteiten, waaronder <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">witwaspraktijken en</STRING></STRING> omzeiling van beperkende maatregelen van de Unie uit hoofde van artikel 215 VWEU;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		188</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 4 – punt e</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>e)</NO.P>of de buitenlandse investeerder, een natuurlijke persoon of entiteit die zeggenschap heeft over de buitenlandse investeerder, de begunstigde eigenaar van de buitenlandse investeerder, een van de dochterondernemingen van de buitenlandse investeerder of een andere partij die eigendom is van of onder zeggenschap staat van, of handelt namens of op aanwijzing van die buitenlandse investeerder, waarschijnlijk beleidsdoelstellingen van een derde land zal nastreven of de ontwikkeling van de militaire vermogens van een derde land zal vergemakkelijken<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>e)</NO.P>of de buitenlandse investeerder, een natuurlijke persoon of entiteit die zeggenschap heeft over de buitenlandse investeerder, de begunstigde eigenaar van de buitenlandse investeerder, een van de dochterondernemingen van de buitenlandse investeerder of een andere partij die eigendom is van of onder zeggenschap staat van, of handelt namens of op aanwijzing van die buitenlandse investeerder, waarschijnlijk beleidsdoelstellingen van een derde land zal nastreven<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, zal bijdragen aan mogelijke schendingen van het internationaal recht door een derde land</STRING></STRING> of de ontwikkeling van de militaire vermogens van een derde land zal vergemakkelijken<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		189</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 4 – punt e bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>e bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of de buitenlandse investeerder is gevestigd in een derde land waarvoor beperkende maatregelen van de Unie uit hoofde van artikel 215 VWEU gelden, of in een rechtsgebied dat wordt aangemerkt als derde land met aanzienlijke strategische tekortkomingen in zijn nationale AML/CFT-regelingen overeenkomstig artikel 29 van Verordening (EU) 2024/1624 van het Europees Parlement en de Raad, of in een land dat een strategie volgt waarbij civiele en militaire toepassingen worden gecombineerd;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		190</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 4 – punt e ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>e ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of de buitenlandse investeerder of een van zijn dochterondernemingen is gevestigd in een derde land waarvan de wetgeving willekeurige toegang toestaat tot bedrijfsactiviteiten of -gegevens, waaronder commercieel gevoelige gegevens, en verplichtingen oplegt aan bedrijven voor het delen van informatie voor inlichtingendoeleinden zonder democratische checks-and-balances, toezichtsmechanismen, eerlijke rechtsbedeling of het recht om beroep in te stellen bij een onafhankelijke rechterlijke instantie.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		191</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 4 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>4 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie stelt een risicobeoordelingsformulier ter beschikking dat de lidstaten kunnen gebruiken om de in de leden 3 en 4 genoemde elementen te beoordelen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		192</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 4 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>4 ter.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie kan een risicobeoordeling uitvoeren in verband met een specifieke sector, kritieke technologie, buitenlandse investeerders of ondernemingen in de Unie om input te leveren voor de screeningbesluiten van de lidstaten. Die risicobeoordeling wordt ter beschikking gesteld in de overeenkomstig artikel 12 bis, lid 6 bis, ingestelde beveiligde databank, en wordt in aanmerking genomen door de lidstaten wanneer zij bepalen of een investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		193</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – titel</STRING></STI.AMD><OLD><P>Screeningbesluiten over buitenlandse investeringen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zullen hebben</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P>Screeningbesluiten over buitenlandse investeringen</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		194</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 1 – alinea 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P>Wanneer de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING>, rekening houdend met de criteria van artikel 13 en, in voorkomend geval, in het licht van opmerkingen die door andere lidstaten zijn ingediend overeenkomstig artikel 7, lid 1, of artikel 9, lid 7, of een advies dat door de Commissie is uitgebracht overeenkomstig artikel 7, lid 2, of 3, of artikel 9, lid 7, concludeert dat de buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde in een of meer lidstaten zal hebben, onder meer wanneer het een project of programma van Uniebelang betreft, neemt hij een screeningbesluit om:</P></OLD><NEW><P>Wanneer de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat, rekening houdend met de criteria van artikel 13 en, in voorkomend geval, in het licht van opmerkingen die door andere lidstaten zijn ingediend overeenkomstig artikel 7, lid 1, of artikel 9, lid 7, of een advies dat door de Commissie is uitgebracht overeenkomstig artikel 7, lid 2, of 3, of artikel 9, lid 7, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en zonder afbreuk te doen aan de bevoegdheid van de Commissie om overeenkomstig artikel 7, lid 9 quater, een besluit vast te stellen,</STRING></STRING> concludeert dat de buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde in een of meer lidstaten zal hebben, onder meer wanneer het een project of programma van Uniebelang betreft, neemt hij een screeningbesluit om:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		195</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 1 – alinea 2</STRING></STI.AMD><OLD><P>Het screeningbesluit is in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel en in het screeningbesluit wordt rekening gehouden met alle omstandigheden van de buitenlandse investering.</P></OLD><NEW><P>Het screeningbesluit is in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en is gebaseerd op gedocumenteerde risico’s,</STRING></STRING> en in het screeningbesluit wordt rekening gehouden met alle omstandigheden van de buitenlandse investering.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		196</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>Indien de lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid</STRING></STRING> van oordeel is dat andere maatregelen uit hoofde van het Unierecht of het nationale recht beschikbaar zijn en passend zijn om de gevolgen van de buitenlandse investering voor de veiligheid en de openbare orde aan te pakken, wordt de buitenlandse investering zonder voorwaarden toegestaan.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>Indien de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontvangende</STRING></STRING> lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">concludeert dat de buitenlandse investering waarschijnlijk geen negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde of</STRING></STRING> van oordeel is dat andere maatregelen uit hoofde van het Unierecht of het nationale recht beschikbaar zijn en passend zijn om de gevolgen van de buitenlandse investering voor de veiligheid en de openbare orde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op doeltreffende wijze</STRING></STRING> aan te pakken, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en met uitzondering van gevallen waarin de Commissie overeenkomstig artikel 7, lid 9 quater, een besluit heeft genomen,</STRING></STRING> wordt de buitenlandse investering zonder voorwaarden toegestaan.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		197</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in lid 1, punt a), bedoelde risicobeperkende maatregelen zijn afdoende voor het aanpakken van de gevolgen van buitenlandse investeringen voor de veiligheid en de openbare orde en zijn in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel. Het kan hierbij gaan om de volgende maatregelen:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wijzigingen in de voorgestelde bestuursstructuur van de doelonderneming;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wijzigingen van het aan de investeerder verleende stemrecht;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voorkoming van ongeoorloofde toegang tot gevoelige technologieën of informatie;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">toezeggingen van de investeerder om te zorgen voor een specifieke levering en/of levering aan een specifieke klant;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>e)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">toezeggingen van de investeerder om lokale toegevoegde waarde te behouden of te creëren;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>f)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">toezeggingen van de investeerder om het risico van afhankelijkheid aan te pakken, met inbegrip van de overdracht van technologieën en knowhow;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>g)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">maatregelen om de continuïteit van de bedrijfsvoering te waarborgen;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>h)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vereisten om kritieke onderdelen te verwerven bij veilige en betrouwbare leveranciers;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>i)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">invoering van cyberbeveiligingsprotocollen om bescherming te bieden tegen potentiële dreigingen;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>j)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de vereiste dat de buitenlandse investeerder een joint venture moet aangaan met een onderneming in de Unie;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>k)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een verplichting om specifieke gegevens binnen de Unie op te slaan en te verwerken.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		198</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 14 bis</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Deskundigengroep inzake de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De deskundigengroep inzake de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie, die de Commissie van advies en deskundigheid voorziet, blijft deelnemen aan besprekingen over de screening van buitenlandse directe investeringen. De groep deelt beste praktijken en geleerde lessen, en wisselt van gedachten over tendensen en onderwerpen van gemeenschappelijk belang in verband met buitenlandse directe investeringen. De Commissie vraagt die groep ook om advies over systemische vraagstukken in verband met de uitvoering van deze verordening. Die groep komt regelmatig bijeen om een constante dialoog en wederzijds leren te garanderen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in die groep gevoerde discussies worden vertrouwelijk gehouden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		199</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 14 ter</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Vereisten inzake openbare transparantie</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op ... [de datum van inwerkingtreding van deze verordening] vaardigt de Commissie richtsnoeren uit over de toepassing van:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de criteria om te bepalen of een investering daadwerkelijke deelname mogelijk maakt aan het beheer van of de zeggenschap over een doelonderneming in de Unie overeenkomstig artikel 2, punt 1;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de criteria om te bepalen of een onderneming deel uitmaakt van of deelneemt aan een project of programma van Uniebelang overeenkomstig artikel 4, lid 4, punt a);</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de criteria om te bepalen of een onderneming op grond van artikel 2, punt 9, economisch actief is in een van de in bijlage II vermelde gebieden;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de criteria om de mogelijke risico’s voor de veiligheid en de openbare orde vast te stellen, waaronder grensoverschrijdende risico’s en risico’s in het kader van greenfieldinvesteringen, zoals beschreven in artikel 13.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Voordat de Commissie de in de eerste alinea bedoelde richtsnoeren uitvaardigt, raadpleegt zij de belanghebbenden op passende wijze. De Commissie actualiseert die richtsnoeren regelmatig in het licht van de ervaring die is opgedaan bij de uitvoering van deze verordening.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie publiceert een lijst van alle screeningmechanismen die door de lidstaten zijn ingevoerd. Die lijst bevat beknopte informatie over het respectieve toepassingsgebied en de relevante procedureregels van elk screeningmechanisme. De lijst bevat tevens een link naar de in lid 3 bedoelde richtsnoeren van de screeningautoriteiten en de contactgegevens van het betreffende contactpunt. De lijst wordt door de Commissie geactualiseerd.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Teneinde meer transparantie en voorspelbaarheid te creëren, brengen de lidstaten gedetailleerde richtsnoeren uit over het toepassingsgebied van hun screeningmechanisme, de drempels en triggers voor kennisgevingsverplichtingen, de criteria die worden gebruikt om te beoordelen of een investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde, de criteria voor het starten van een diepgaand onderzoek, en de toepasselijke termijnen en procedureregels. De lidstaten actualiseren deze richtsnoeren geregeld.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		200</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>De lidstaten en de Commissie kunnen met de bevoegde autoriteiten van derde landen samenwerken op het gebied van vraagstukken in verband met de screening van investeringen om redenen van veiligheid en openbare orde.</P></OLD><NEW><P>De lidstaten en de Commissie kunnen met de bevoegde autoriteiten van derde landen samenwerken<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, onder meer via bilaterale en multilaterale platforms,</STRING></STRING> op het gebied van vraagstukken in verband met de screening van investeringen om redenen van veiligheid en openbare orde. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Die samenwerking kan de uitwisseling van informatie en beste praktijken omvatten, alsook technische bijstand en ondersteuning bij capaciteitsopbouw. In het kader van die samenwerking stimuleert de Commissie de inrichting van mechanismen voor de screening van investeringen door derde landen, met name door landen die kandidaat zijn voor toetreding tot de Unie en landen in het nabuurschap van de Unie.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		201</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>Uiterlijk op 31 maart van elk jaar vanaf [datum toevoegen: eerste jaar van toepassing] brengen de lidstaten op vertrouwelijke basis aan de Commissie verslag uit over hun activiteiten in het kader van hun screeningmechanisme en het samenwerkingsmechanisme voor het vorige kalenderjaar. Dit verslag <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bevat informatie over</STRING></STRING>:</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>Uiterlijk op 31 maart van elk jaar vanaf <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">... </STRING></STRING>[datum toevoegen: eerste jaar van toepassing] brengen de lidstaten op vertrouwelijke basis aan de Commissie verslag uit over hun activiteiten in het kader van hun screeningmechanisme en het samenwerkingsmechanisme voor het vorige kalenderjaar. Dit verslag <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">omvat</STRING></STRING>:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		202</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 1 – punt c</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>c)</NO.P>het aantal verboden buitenlandse investeringen, het aantal ingetrokken buitenlandse investeringen;</P></OLD><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>het aantal verboden buitenlandse investeringen, het aantal ingetrokken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of afgewikkelde</STRING></STRING> buitenlandse investeringen;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		203</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 1 – punt e</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>e)</NO.P>de herkomst van de buitenlandse investeerders en de activiteitensector van de doelondernemingen van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">toegestane of verboden</STRING></STRING> gescreende buitenlandse investeringen;</P></OLD><NEW><P><NO.P>e)</NO.P>de herkomst van de buitenlandse investeerders en de activiteitensector van de doelondernemingen van de gescreende buitenlandse investeringen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die respectievelijk zijn toegestaan onder voorwaarden, zijn toegestaan zonder voorwaarden, of zijn verboden</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		204</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 1 – punt e bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>e bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de gemiddelde duur van de procedures voor de screening van investeringen;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		205</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 1 – punt f</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>f)</NO.P>een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">geaggregeerde presentatie</STRING></STRING> van de risico’s en kwetsbaarheden die zijn vastgesteld in de buitenlandse investeringen die tot een screeningbesluit hebben geleid.</P></OLD><NEW><P><NO.P>f)</NO.P>een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">beschrijving</STRING></STRING> van de risico’s en kwetsbaarheden die zijn vastgesteld in de buitenlandse investeringen die tot een screeningbesluit hebben geleid.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		206</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 1 – punt f bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>f bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het aantal geopende initiatiefprocedures overeenkomstig artikel 9, lid 1, en het aantal gevallen dat heeft geleid tot de inleiding van een screeningprocedure door de ontvangende lidstaat.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		207</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 1 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op ... [1 januari van het eerste jaar van toepassing] stelt de Commissie een uitvoeringshandeling vast overeenkomstig artikel 21, tot vaststelling van het formulier dat moet worden gebruikt om de in lid 1 van dit artikel bedoelde informatie te verstrekken.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		208</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie dient</STRING></STRING> op basis van de overeenkomstig lid 1 ontvangen informatie en van haar beoordeling van trends en ontwikkelingen jaarlijks een verslag over de uitvoering van deze verordening in bij het Europees Parlement en de Raad. Dat verslag wordt openbaar gemaakt.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>Op basis van de overeenkomstig lid 1 ontvangen informatie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, van haar uitvoeringspraktijken</STRING></STRING> en van haar beoordeling van trends en ontwikkelingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, dient de Commissie</STRING></STRING> jaarlijks een verslag over de uitvoering van deze verordening in bij het Europees Parlement en de Raad<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en wel uiterlijk op 30 september van elk jaar, te beginnen in … [het eerste jaar van toepassing van deze verordening]</STRING></STRING>. Dat verslag wordt openbaar gemaakt.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		209</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16  lid 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het jaarverslag van de Commissie bevat een overzicht van de in lid 1 bedoelde informatie voor elke lidstaat, een beoordeling van de trends en cijfers met betrekking tot buitenlandse investeringen in de Unie, relevante ontwikkelingen op wetgevingsgebied in de lidstaten, internationale samenwerkingsinitiatieven, geleerde lessen en beste praktijken ter ondersteuning van de uitvoering van deze verordening.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		210</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 18 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>De Commissie toetst het functioneren en de doeltreffendheid van deze verordening <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vijf</STRING></STRING> jaar na de datum van toepassing van deze verordening en daarna om de vijf jaar en dient een verslag in bij het Europees Parlement en de Raad. De lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">worden hierbij</STRING></STRING> betrokken en verstrekken de Commissie indien nodig extra informatie voor de opstelling van dat verslag.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>De Commissie toetst het functioneren en de doeltreffendheid van deze verordening <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">drie</STRING></STRING> jaar na de datum van toepassing van deze verordening en daarna om de vijf jaar en dient een verslag in bij het Europees Parlement en de Raad. De lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn</STRING></STRING> betrokken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bij dit beoordelingsproces</STRING></STRING> en verstrekken de Commissie indien nodig extra informatie voor de opstelling van dat verslag. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Dat verslag bevat een analyse van de ontwikkeling van buitenlandse investeringen in de Unie, alsook een beoordeling van de bijdrage van deze verordening aan de economische veiligheid van de Unie. Het verslag moet een beoordeling bevatten van de vraag of de in artikel 4, lid 4 en artikel 4 bis genoemde voorwaarden moeten worden aangepast om een samenhangende aanpak van de screening van buitenlandse investeringen in de hele Unie te waarborgen, rekening houdend met de in artikel 13, leden 3 en 4, genoemde criteria, met inbegrip van de veiligheid van militaire voorzieningen en andere gevoelige openbare voorzieningen. In het verslag moeten ook de nalevingskosten worden beoordeeld waarmee bedrijven worden geconfronteerd.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		211</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 2 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 20 gedelegeerde handelingen vast te stellen om, indien nodig, de in bijlage II opgenomen lijst van technologieën, activa, installaties, apparatuur, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde, te wijzigen teneinde rekening te houden met veranderingen in de omstandigheden die relevant zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde. Deze overwegingen omvatten met name het volgende:</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 20 gedelegeerde handelingen vast te stellen om, indien nodig, de in bijlage II opgenomen lijst van technologieën, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">materialen,</STRING></STRING> activa, installaties, apparatuur, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde, te wijzigen teneinde rekening te houden met veranderingen in de omstandigheden die relevant zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde. Deze overwegingen omvatten met name het volgende:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		212</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 2 – punt b bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>b bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de resultaten van relevante risicobeoordelingen die door de Commissie en de lidstaten zijn uitgevoerd in het kader van de strategie voor economische veiligheid van de EU;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		213</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19  lid 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De eerste van de in lid 2 van dit artikel bedoelde gedelegeerde handelingen wordt uiterlijk ... [negen maanden na de datum van inwerkingtreding van deze verordening] vastgesteld tot wijziging van bijlage II met het oog op de verdere uitwerking van de lijst van technologieën, materialen, activa, installaties, uitrusting, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		214</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 20 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onbepaalde tijd met ingang</STRING></STRING> van [datum van inwerkingtreding van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de basiswetgevingshandeling</STRING></STRING>].</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in artikel 19 bedoelde</STRING></STRING> bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een termijn</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vijf jaar vanaf ... </STRING></STRING>[<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> datum van inwerkingtreding van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">deze verordening</STRING></STRING>].<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen die verlenging verzet.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		215</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 21 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie is bevoegd uitvoeringshandelingen vast te stellen tot vaststelling van de formulieren die moeten worden gebruikt om de in artikel 10, lid 1, bedoelde informatie te verstrekken.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		216</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 21 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lid 1</STRING></STRING> bedoelde uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 22, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">artikel 10, lid 2, artikel 12 bis, lid 3, artikel 12 bis, lid 6 en artikel 16, lid 1 bis,</STRING></STRING> bedoelde uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 22, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		217</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 23 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>Verordening (EU) 2019/452 wordt ingetrokken met ingang van [<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">datum:</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">15</STRING></STRING> maanden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">na</STRING></STRING> de inwerkingtreding].</P></OLD><NEW><P>Verordening (EU) 2019/452 wordt ingetrokken met ingang van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">... </STRING></STRING>[<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">12</STRING></STRING> maanden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vanaf</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">datum van</STRING></STRING> inwerkingtreding <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van deze verordening</STRING></STRING>].</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		218</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 24 – alinea 2</STRING></STI.AMD><OLD><P>Zij is van toepassing met ingang van [<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">datum:</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">15</STRING></STRING> maanden<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> na</STRING></STRING> de inwerkingtreding].</P></OLD><NEW><P>Zij is van toepassing met ingang van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">... </STRING></STRING>[<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">12</STRING></STRING> maanden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vanaf</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">datum van</STRING></STRING> inwerkingtreding <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van deze verordening</STRING></STRING>].</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		219</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 24  alinea 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 19, lid 2 en lid 2 bis zijn evenwel van toepassing met ingang van ... [de datum van inwerkingtreding van deze verordening].</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Deze verordening is van toepassing, ongeacht het al dan niet operationeel zijn van het in artikel 12 bis, lid 2, bedoelde centrale portaal.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		220</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage I – punt 7 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>Verordening (EU) <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">nr. 1315/2013</STRING></STRING> van het Europees Parlement en de Raad van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">11 december 2013</STRING></STRING> betreffende richtsnoeren van de Unie voor de ontwikkeling van het trans-Europees vervoersnetwerk en tot intrekking van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Besluit nr. 661/2010/EU (PB L 348 van 20.12.2013, blz. 1</STRING></STRING>, ELI: <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1315/oj)</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P>Verordening (EU) <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2024/1679</STRING></STRING> van het Europees Parlement en de Raad van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">13 juni 2024</STRING></STRING> betreffende richtsnoeren van de Unie voor de ontwikkeling van het trans-Europees vervoersnetwerk<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, tot wijziging van Verordening (EU) 2021/1153 en Verordening (EU) nr. 913/2010</STRING></STRING> en tot intrekking van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) nr. 1315/2013 (PB L, 2024/1679, 28.6.2024</STRING></STRING>, ELI: <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">http://data.europa.eu/eli/reg/2024/1679/oj)</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		221</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage I – punt 17 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>17 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Programma voor de Europese defensie-industrie (EDIP)</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">[Verwijzing toe te voegen na vaststelling van de verordening.]</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		222</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage I – punt 20 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>20 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Projecten van gemeenschappelijk belang en projecten van wederzijds belang</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gedelegeerde Verordening (EU) 2024/1041 van de Commissie van 28 november 2023 tot wijziging van Verordening (EU) 2022/869 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de Unielijst van projecten van gemeenschappelijk belang en projecten van wederzijds belang (PB L, 2024/1041, 8.4.2024, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2024/1041/oj).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		223</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – kopje 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>Lijst van technologieën, activa, faciliteiten, uitrusting, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie</P></OLD><NEW><P>Lijst van technologieën, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">materialen,</STRING></STRING> activa, faciliteiten, uitrusting, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		224</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – a – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Geavanceerde-halfgeleidertechnologieën</STRING></STRING>:</P></OLD><NEW><P><NO.P>a.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Halfgeleidertechnologieën</STRING></STRING>:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		225</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – a – streepje 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">micro-elektronica, met inbegrip van processoren</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontwerp van geïntegreerde schakelingen en andere halfgeleiders, met inbegrip van microprocessoren, grafische processoren, microcontrollers, logische chips, geheugenchips, radiofrequentiechips, fotonische chips, analoge chips, kwantumchips, optische halfgeleiders, vermogenshalfgeleiders, discretes en sensoren/microsystemen, alsook de gerelateerde kern van de intellectuele eigendom van halfgeleiders</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		226</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – a – streepje 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">fotonicatechnologieën (met inbegrip van high-energy lasertechnologieën)</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">software voor elektronische ontwerpautomatisering voor het ontwerp van geïntegreerde schakelingen en andere halfgeleiders, of voor het ontwerp van geavanceerde behuizingen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		227</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – a – streepje 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hogefrequentiechips</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">front-end fabricage van geïntegreerde schakelingen en andere halfgeleiders</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		228</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – a – streepje 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">apparatuur voor de fabricage van halfgeleiders met zeer geavanceerde knooppuntgrootten</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">assemblage, beproeving en verpakking van geïntegreerde schakelingen en andere halfgeleiders, met inbegrip van geavanceerde printplaten en behuizingen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		229</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – a – streepje 4 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">apparatuur voor de fabricage van halfgeleiders, voor zowel de front-end als de back-end fabricage van geïntegreerde schakelingen en andere halfgeleiders, met inbegrip van etsen, depositie, epitaxy, lithografie, geavanceerde behuizingen, verpakkings-, test- of meetinstrumenten</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		230</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – a – streepje 4 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kerncomponenten of software van apparatuur voor de fabricage van halfgeleiders</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		231</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – a – streepje 4 quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">materialen die worden gebruikt bij de vervaardiging van geïntegreerde schakelingen en andere halfgeleiders, met name speciale chemicaliën, zeldzame gassen, halfgeleidermaterialen, substraten of wafers</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		232</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – a – streepje 4 quinquies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uitrusting en faciliteiten voor gegevensopslag en -verwerking</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		233</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – b – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b.</NO.P>AI-technologieën:</P></OLD><NEW><P><NO.P>b.</NO.P>AI-technologieën<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, d.w.z. elke technologie of knowhow met betrekking tot een machinaal systeem dat is ontworpen om op verschillende niveaus van autonomie te werken en dat na uitrol adaptiviteit kan vertonen, en dat voor expliciete of impliciete doelstellingen, uit de ontvangen input afleidt hoe het output kan genereren, zoals voorspellingen, inhoud, aanbevelingen of beslissingen die van invloed kunnen zijn op fysieke of virtuele omgevingen (“AI-systeem”), die worden gebruikt voor de volgende toepassingen</STRING></STRING>:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		234</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – b – streepje 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">high performance computing</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">generatieve AI-systemen die getraind worden met behulp van meer dan 10^25 FLOPS (drijvendekommabewerkingen)</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		235</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – b – streepje 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">cloud- en edgecomputing</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">generatieve AI-systemen die grotendeels worden getraind met biologische/genomische gegevens, of die zijn ontworpen om te worden gebruikt in een biotechnologische, ruimtevaart- of defensiecontext</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		236</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – b – streepje 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">technologieën voor gegevensanalyse</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		237</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – b – streepje 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">beeldherkenning, taalverwerking, objectherkenning</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		238</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – e – streepje 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P>Beveiligde digitale communicatie en connectiviteit, zoals RAN &amp; Open RAN (radiotoegangsnetwerk) en 6G</P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P>Beveiligde digitale communicatie en connectiviteit, zoals RAN &amp; Open RAN (radiotoegangsnetwerk)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, 5G</STRING></STRING> en 6G<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, laser- en lichtcommunicatie</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		239</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – e – streepje 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P>Cyberbeveiligingstechnologieën, met inbegrip van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">cyberbewakings-,</STRING></STRING> beveiligings- en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">inbraaksystemen,</STRING></STRING> digitaal forensisch onderzoek</P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P>Cyberbeveiligingstechnologieën, met inbegrip van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">systemen voor cyberbewaking, versleuteling,</STRING></STRING> beveiligings- en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">inbraakpreventie en -detectie en</STRING></STRING> digitaal forensisch onderzoek</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		240</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – e – streepje 5 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Onderzeese glasvezelkabels</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		241</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – g – streepje 5 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Operationele technologieën voor alle vervoerswijzen, zoals seinsystemen, verkeersbeheersystemen en veiligheidstechnologieën</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		242</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – h – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>h.</NO.P>Energietechnologieën:</P></OLD><NEW><P><NO.P>h.</NO.P>Energietechnologieën<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, -diensten en -infrastructuur</STRING></STRING>:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		243</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – h – streepje 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Kernfusietechnologieën en -reactoren</STRING></STRING> en elektriciteitsopwekking <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met kernfusie</STRING></STRING>, radiologische conversie-/verrijkings-/recyclingtechnologieën</P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Nucleaire technologieën, reactoren</STRING></STRING> en elektriciteitsopwekking, radiologische conversie-/verrijkings-/recyclingtechnologieën<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, nucleaire opslag en verwijdering van radioactief afval</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		244</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – h – streepje 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P>Nettonultechnologieën, met inbegrip van fotovoltaïsche energie</P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P>Nettonultechnologieën, met inbegrip van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">infrastructurele voorzieningen voor</STRING></STRING> fotovoltaïsche energie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en thermische zonne-energie, alsook technologieën voor hernieuwbare on- en offshore-energie</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		245</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – h – streepje 3 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Netbeheerders (TSB’s en DSB’s)</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		246</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 3 – h – streepje 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>–</NO.P>Slimme netwerken en energieopslag, batterijen</P></OLD><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Europese en grensoverschrijdende netwerken, waaronder</STRING></STRING> slimme netwerken en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">oplossingen voor</STRING></STRING> energieopslag, batterijen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, batterijtechnologieën voor toepassingen in netwerken en de integratie van hernieuwbare energie</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		247</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>De volgende kritieke entiteiten en activiteiten in het financiële stelsel van de Unie: centrale tegenpartijen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING></STRING></STRING>, betalingssystemen en betalingsinstellingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING></STRING></STRING>, instellingen voor elektronisch geld<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING></STRING></STRING>, marktexploitanten en beleggingsondernemingen die een multilaterale handelsfaciliteit of een georganiseerde handelsfaciliteit exploiteren<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> centrale effectenbewaarinstellingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">8</STRING></STRING></STRING>, belangrijke uitgevers van activagerelateerde tokens of e-moneytokens en aanbieders van cryptoactivadiensten die cryptoactivahandelsplatformen exploiteren<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">9</STRING></STRING></STRING>, grote instellingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">10</STRING></STRING></STRING>, wereldwijde aanbieders van gespecialiseerde diensten voor het uitwisselen van financiële berichten en als kritiek aangewezen derde aanbieders van ICT-diensten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>De volgende kritieke entiteiten en activiteiten in het financiële stelsel van de Unie:</P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>centrale tegenpartijen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">(CTP’s) zoals gedefinieerd in artikel 2</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">punt 1, van Verordening (EU) nr. 648/2012</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>betalingssystemen en betalingsinstellingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zoals gedefinieerd in artikel 4</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">respectievelijk punt 7 en punt 4, van Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>instellingen voor elektronisch geld <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zoals gedefinieerd in artikel 2</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">punt 1, van Richtlijn 2009/110/EG van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>marktexploitanten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zoals gedefinieerd in artikel 4, lid 1, punt 18, van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING></STRING></STRING> en beleggingsondernemingen die een multilaterale handelsfaciliteit of een georganiseerde handelsfaciliteit exploiteren<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>e)</NO.P>centrale effectenbewaarinstellingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zoals gedefinieerd in artikel 2, lid 1</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">punt 1, van Verordening (EU) nr. 909/2014 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">8</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>f)</NO.P>belangrijke uitgevers van activagerelateerde tokens of e-moneytokens en aanbieders van cryptoactivadiensten die cryptoactivahandelsplatformen exploiteren <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 1</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">respectievelijk punten 10, 6, 7, 15 en 18 van Verordening (EU) 2023/1114 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">9</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>g)</NO.P>grote instellingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zoals gedefinieerd in artikel 4, lid 1</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">punt 146, van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">10</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>h)</NO.P>wereldwijde aanbieders van gespecialiseerde diensten voor het uitwisselen van financiële berichten en als kritiek aangewezen derde aanbieders van ICT-diensten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zoals gedefinieerd in artikel 3, punt 23, van Verordening (EU) 2022/2554 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>i)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">systeemrelevante betalingssystemen ingevolge een ECB-besluit op basis van artikel 1, lid 2, van Verordening van de Europese Centrale Bank (EU) nr. 795/2014</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">11 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>j)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">verzekeringsondernemingen en herverzekeringsondernemingen als gedefinieerd in artikel 13, punten 1 en 4, van Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">11 ter</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met jaarlijkse bruto geboekte premie-inkomsten van gemiddeld meer dan 25 000 000 000 EUR in de drie kalenderjaren voorafgaand aan het jaar waarin de buitenlandse investering is gemeld.</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 2, lid 1, van </STRING></STRING>Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (PB L 201 van 27.7.2012, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2012/648/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING> Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (PB L 201 van 27.7.2012, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2012/648/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 4, leden 7 en 4, van</STRING></STRING> Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende betalingsdiensten in de interne markt, houdende wijziging van de Richtlijnen 2002/65/EG, 2009/110/EG en 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 1093/2010 en houdende intrekking van Richtlijn 2007/64/EG (PB L 337 van 23.12.2015, blz. 35, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2015/2366/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING> Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende betalingsdiensten in de interne markt, houdende wijziging van de Richtlijnen 2002/65/EG, 2009/110/EG en 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 1093/2010 en houdende intrekking van Richtlijn 2007/64/EG (PB L 337 van 23.12.2015, blz. 35, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2015/2366/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 2, lid 1, van</STRING></STRING> Richtlijn 2009/110/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende de toegang tot, de uitoefening van en het prudentieel toezicht op de werkzaamheden van instellingen voor elektronisch geld, tot wijziging van de Richtlijnen 2005/60/EG en 2006/48/EG en tot intrekking van Richtlijn 2000/46/EG (PB L 267 van 10.10.2009, blz. 7, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2009/110/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING> Richtlijn 2009/110/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende de toegang tot, de uitoefening van en het prudentieel toezicht op de werkzaamheden van instellingen voor elektronisch geld, tot wijziging van de Richtlijnen 2005/60/EG en 2006/48/EG en tot intrekking van Richtlijn 2000/46/EG (PB L 267 van 10.10.2009, blz. 7, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2009/110/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 4, lid 1, punt 18, van </STRING></STRING>Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 349, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2014/65/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING> Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 349, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2014/65/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">8</STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 2, lid 1, punt 1, van</STRING></STRING> Verordening (EU) nr. 909/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende de verbetering van de effectenafwikkeling in de Europese Unie, betreffende centrale effectenbewaarinstellingen en tot wijziging van Richtlijnen 98/26/EG en 2014/65/EU en Verordening (EU) nr. 236/2012 (PB L 257 van 28.8.2014, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2014/909/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">8</STRING> Verordening (EU) nr. 909/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende de verbetering van de effectenafwikkeling in de Europese Unie, betreffende centrale effectenbewaarinstellingen en tot wijziging van Richtlijnen 98/26/EG en 2014/65/EU en Verordening (EU) nr. 236/2012 (PB L 257 van 28.8.2014, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2014/909/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">9</STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 3, lid 1, punt 6, artikel 3, lid 1, punt 7, en artikel 3, lid 1, punt 10, en artikel 3, lid 1, punt 18, van </STRING></STRING>Verordening (EU) 2023/1114 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2023 betreffende cryptoactivamarkten, en tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 1095/2010 en Richtlijnen 2013/36/EU en (EU) 2019/1937 (PB L 150 van 9.6.2023, blz. 40, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/1114/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">9</STRING> Verordening (EU) 2023/1114 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2023 betreffende cryptoactivamarkten, en tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 1095/2010 en Richtlijnen 2013/36/EU en (EU) 2019/1937 (PB L 150 van 9.6.2023, blz. 40, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/1114/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">10</STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 4, lid 1, punt 146, van</STRING></STRING> Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/575/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">10</STRING> Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/575/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 3, punt 23, van</STRING></STRING> Verordening (EU) 2022/2554 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende digitale operationele weerbaarheid voor de financiële sector en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1060/2009, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 600/2014, (EU) nr. 909/2014 en (EU) 2016/1011 (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2022/2554/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING> Verordening (EU) 2022/2554 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende digitale operationele weerbaarheid voor de financiële sector en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1060/2009, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 600/2014, (EU) nr. 909/2014 en (EU) 2016/1011 (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2022/2554/oj).</P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">11 bis</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening van de Europese Centrale Bank (EU) nr. 795/2014 van 3 juli 2014 met betrekking tot oversightvereisten voor systeemrelevante betalingssystemen (PB L 217 van 23.7.2014, blz. 16, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2014/795/oj).</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">11 ter</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en uitoefening van het verzekerings- en het herverzekeringsbedrijf (Solvabiliteit II) (PB L 335 van 17.12.2009, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2009/138/oj).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		248</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 5 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Vervoerssectoren, technologieën en infrastructuurcomponenten die van kritiek belang zijn:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De luchtmaterieel producerende industrie, waaronder de productie, het onderhoud en de vluchtuitvoering met luchtvaartuigen, en hun motoren, propellers, onderdelen, niet-geïnstalleerde apparatuur en apparatuur</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De sector voor maritieme technologie, waaronder de productie, het onderhoud en de verbouwing van alle soorten schepen</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 ter</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en uitrusting</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 quater</STRING></STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>c)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De spoorwegindustrie, met inbegrip van alle aspecten van ontwerp, fabricage, onderhoud en renovatie van spoorvervoerssystemen, subsystemen en bijbehorende uitrusting</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 quinquies</STRING></STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>d)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De auto-industrie, met inbegrip van autoleveranciers</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 sexies</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, tankinfrastructuur, waaronder elektrische oplaadinfrastructuur</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 septies</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en intelligente vervoerssystemen (ITS)</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 octies</STRING></STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">__________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 2, lid 1, punten a) en b), van Verordening (EU) 2018/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2018 inzake gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 2111/2005, (EG) nr. 1008/2008, (EU) nr. 996/2010, (EU) nr. 376/2014 en de Richtlijnen 2014/30/EU en 2014/53/EU van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 552/2004 en (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EEG) nr. 3922/91 van de Raad.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 ter</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 12 (punten a), b) en c)) van de kaderregeling voor staatssteun aan de scheepsbouw (2011/C 364/06).</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 quater</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 2, punt 1, van Richtlijn 2014/90/EU van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 inzake uitrusting van zeeschepen en tot intrekking van Richtlijn 96/98/EG van de Raad.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 quinquies</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Bijlage II bij Richtlijn (EU) 2016/797 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende de interoperabiliteit van het spoorwegsysteem in de Europese Unie .</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 sexies</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Industrieën die verantwoordelijk zijn voor de productie van alle categorieën wegvoertuigen met eigen aandrijving (met inbegrip van personenauto’s, bussen, motorfietsen, bestelwagens, vrachtwagens), met hun uitrustingsstukken en onderdelen, die onder meer vallen onder de hoofdstukken 40, 84, 85, 87, 90 en 94 van de door de Werelddouaneorganisatie vastgestelde nomenclatuur van het geharmoniseerde systeem (GS 2017).</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 septies</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 2, punten 17, 21, 48, 49, 50, 51, 52, 53, 56 en 59, van Verordening (EU) 2023/1804 van het Europees Parlement en de Raad van 13 september 2023 betreffende de uitrol van infrastructuur voor alternatieve brandstoffen en tot intrekking van Richtlijn 2014/94/EU.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 octies</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 4, lid 1, van Richtlijn 2010/40/EU van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2010 betreffende het kader voor het invoeren van intelligente vervoerssystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		249</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 5 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 ter.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Mediadiensten als bedoeld in artikel 2, punt 1, van Verordening (EU) 2024/1083 van het Europees Parlement en de Raad van 11 april 2024 tot vaststelling van een gemeenschappelijk kader voor mediadiensten op de interne markt en tot wijziging van Richtlijn 2010/13/EU (Europese verordening mediavrijheid), die bijdragen tot de vorming van de publieke opinie en worden gekenmerkt door specifieke actualiteiten en een brede impact.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		250</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 5 quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 quater.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Electorale infrastructuur: de fysieke en digitale systemen, processen en voorzieningen die nodig zijn voor het organiseren en houden van verkiezingen, met inbegrip van stemsystemen, databanken voor kiezersregistratie en andere technologische systemen ter waarborging van de integriteit, toegankelijkheid en veiligheid van verkiezingsprocessen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		251</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 5 quinquies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 quinquies.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Kritieke grondstoffen zoals vermeld in de bijlagen I en II bij Verordening (EU) 2024/1252</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de winning en raffinage van kritieke grondstoffen</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">technologieën voor recycling en terugwinning voor kritieke grondstoffen, met name uit batterijen en elektronisch afval</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aanleggen van strategische voorraden en opslagfaciliteiten voor kritieke grondstoffen</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">infrastructuur voor de toeleveringsketen voor het veilige vervoer en de veilige distributie van kritieke grondstoffen</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>–</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onderzoek en ontwikkeling met betrekking tot materiaalvervanging, innovaties op het gebied van verwerking en geavanceerde recyclingmethoden</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">__________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2024/1252 van het Europees Parlement en de Raad van 11 april 2024 tot vaststelling van een kader om een veilige en duurzame voorziening van kritieke grondstoffen te waarborgen, en tot wijziging van de Verordeningen (EU) 168/2013, (EU) 2018/858, (EU) 2018/1724 en (EU) 2019/1020 (PB L 2024/1252, 3.5.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/1252/oj).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		252</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage II – punt 5 sexies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 sexies.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Landbouw, indien de doelonderneming in de Unie meer dan 10 000 ha landbouwgrond in bezit heeft of exploiteert.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND></AMDLST></TEXT></DECISION></TXTLST></SDOCTA>