<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF2" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2025)0212</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">De rol van EU-beleid bij het vormgeven van het Europese sportmodel</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0157/2025 - Rapporteur: Bogdan Andrzej Zdrojewski)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 7 oktober 2025 over de rol van EU-beleid bij het vormgeven van het Europese sportmodel (2025/2035(INI))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name de artikelen 6 en 165, waarin de bevoegdheden en het optreden van de Unie op het gebied van sport worden gespecificeerd, en dan vooral de bevordering van de Europese inzet op sportgebied, rekening houdend met haar specifieke kenmerken, haar op vrijwilligerswerk berustende structuren en haar sociale en educatieve functie, en de artikelen 26 en 114, waarin de bevoegdheden van de Unie met betrekking tot de interne markt worden gespecificeerd,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2021/817 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2021 tot vaststelling van “Erasmus+”: het programma van de Unie voor onderwijs en opleiding, jeugd en sport en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1288/2013<FOOTNOTE><FIELD>PB L 189 van 28.5.2021, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/817/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name hoofdstuk IV inzake sport,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Witboek sport van de Commissie van 11 juli 2007 (COM(2007)0391),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie van 18 januari 2011, getiteld “Ontwikkeling van de Europese dimensie van de sport” (COM(2011)0012),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 2 februari 2012 over de Europese dimensie van de sport<FOOTNOTE><FIELD>PB C 239 E van 20.8.2013, blz. 46.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 14 maart 2013 over wedstrijdmanipulatie en corruptie in de sport<FOOTNOTE><FIELD>PB C 36 van 29.1.2016, blz. 137.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 2 februari 2017 over een geïntegreerde aanpak van het beleid voor de sport: goed bestuur, toegankelijkheid en integriteit<FOOTNOTE><FIELD>PB C 252 van 18.7.2018, blz. 2.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 19 mei 2021 met aanbevelingen aan de Commissie over de uitdagingen voor organisatoren van sportevenementen in de digitale omgeving<FOOTNOTE><FIELD>PB C 15 van 12.1.2022, blz. 18.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 23 november 2021 over het sportbeleid van de EU: beoordeling en mogelijke verdere stappen<FOOTNOTE><FIELD>PB C 224 van 8.6.2022, blz. 2.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de door de Commissie cultuur en onderwijs aangevraagde studie, getiteld “EU sports policy: assessment and possible ways forward”, gepubliceerd door het directoraat-generaal Intern Beleid in juni 2021<FOOTNOTE><FIELD>Studie “EU sports policy: assessment and possible ways forward”, Europees Parlement, directoraat-generaal Intern Beleid, beleidsondersteunende afdeling Structuur- en Cohesiebeleid, juni 2021.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de studie van de Commissie, getiteld “Study on the European Sport Model”, gepubliceerd in april 2022<FOOTNOTE><FIELD>Europese Commissie, directoraat-generaal Onderwijs, Jongerenzaken, Sport en Culture, Sennett, J., Le Gall, A., Kelly, G., Cottrill, R. et al., “Study on the European sport model – A report to the European Commission”, Bureau voor publicaties van de Europese Unie, 2022,<STRING UNDERLINE="on"> https://data.europa.eu/doi/10.2766/28433.</STRING></FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de resolutie van 3 juni 2024 van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, over het werkplan van de Europese Unie voor sport (1 juli 2024 – 31 december 2027)<FOOTNOTE><FIELD>PB C, C/2024/3527, 3.6.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/3527/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie van 14 februari 2024 over de uitvoering en de relevantie van het werkplan van de Europese Unie voor sport 2021-2024 en over de aanbeveling over de stimulering van gezondheidsbevorderende lichaamsbeweging in de verschillende sectoren (COM(2024)0073),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Verdrag van de Raad van Europa inzake het manipuleren van sportwedstrijden (het Verdrag van Macolin), ondertekend op 18 september 2014,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het herziene Europees Sporthandvest, dat op 13 oktober 2021 door de Raad van Europa is aangenomen,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Internationaal Handvest voor lichamelijke opvoeding, lichaamsbeweging en sport van de Organisatie van de VN voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (Unesco) van 2015,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de recente arresten van het Hof van Justitie van de EU (HvJ-EU) met betrekking tot sport, waaronder de zaken C-124/21 P, International Skating Union/Commissie<FOOTNOTE><FIELD>Arrest van het Hof van Justitie van 21 december 2023, International Skating Union/Europese Commissie, C-124/21 P, ECLI:EU:C:2023:1012.</FIELD></FOOTNOTE>, C‑680/21, Royal Antwerp Football Club/Koninklijke Belgische Voetbalbond<FOOTNOTE><FIELD>Arrest van het Hof van Justitie van 21 december 2023, UL, NV Royal Antwerp Football Club/VZW Koninklijke Belgische Voetbalbond, C-680/21, ECLI:EU:C:2023:1010.</FIELD></FOOTNOTE>, C‑333/21, European Superleague Company/FIFA en UEFA<FOOTNOTE><FIELD>Arrest van het Hof van Justitie van 21 december 2023, European Superleague Company, S.L./Fédération internationale de football association (FIFA) en Union of European Football Associations (UEFA), C-333/21, ECLI:EU:C:2023:1011.</FIELD></FOOTNOTE>, en C-650/22, FIFA/BZ<FOOTNOTE><FIELD>Arrest van het Hof van Justitie van 4 oktober 2024, Fédération internationale de football association (FIFA)/BZ, C‐650/22, ECLI:EU:C:2024:824.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de resolutie van 12 december 2021 van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, over de bepalende kenmerken van een Europees sportmodel<FOOTNOTE><FIELD>PB C 501 van 13.12.2021, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 55 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie cultuur en onderwijs (A10-0157/2025),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat sport een Europees publiek goed is en een steeds waardevollere troef van Europa, in sociaal, economisch, politiek en cultureel opzicht;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat sport en lichaamsbeweging een belangrijke rol spelen in het leven van mensen, waarbij gemeenschappen en mensen worden samengebracht in betere gezondheid en met meer welzijn;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat sport en lichaamsbeweging dienen als aanjagers van integratie en inclusie en zorgen voor gemeenschapszin, in het bijzonder voor kansarmere mensen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat sport en lichaamsbeweging van essentieel belang zijn bij het bevorderen van EU-waarden zoals democratie, respect, solidariteit, diversiteit en gelijkheid;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat het Europese sportmodel steunt op belangrijke elementen zoals de beginselen solidariteit, duurzaamheid, integriteit, inclusiviteit, sportieve verdienste, territorialiteit en open competities;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat er een gezonde balans moet worden gehandhaafd tussen competities voor nationale teams en clubcompetities;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat het Europese sportmodel zowel beroepssport als breedtesport omvat;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat sport een drijvende kracht is achter het cohesiebeleid van de EU, met name in plattelandsgebieden en in achtergestelde en afgelegen gebieden, die zich geconfronteerd zien met beperkte middelen, een slechte infrastructuur en een dalend ledenaantal van sportclubs;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat het leeuwendeel van de inkomsten van de breedtesport afkomstig is van ledencontributie, onbezoldigd vrijwilligerswerk, sponsoring door lokale bedrijven en subsidies van gemeenten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat het Europese sportmodel ook de ontwikkeling van vrouwensport en de bevordering van gendergelijkheid in de sport omvat;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat de afname van het aantal vrijwilligers dat zich inzet voor de breedtesport zorgwekkend is;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat sporters vaak onvoldoende sociale bescherming genieten, hun sport- en wedstrijdkalenders steeds voller worden en ze moeite hebben om onderwijs en werk te combineren met hun sportcarrière;</P></CONS><CONS><P><NO.P>M.</NO.P>overwegende dat de recente arresten van het HvJ-EU een kans bieden voor de beleidsmakers in de EU om het Europese sportmodel verder te verbeteren;</P></CONS><CONS><P><NO.P>N.</NO.P>overwegende dat sport kampt met talrijke uitdagingen, zoals bestuurlijke problemen, corruptie, wedstrijdmanipulatie, doping, onlinepiraterij en discriminatie;</P></CONS><CONS><P><NO.P>O.</NO.P>overwegende dat de inkomsten die organisatoren van sportevenementen mislopen door onlinepiraterij van livesportuitzendingen opnieuw kunnen worden geïnvesteerd in het sportecosysteem van de EU;</P></CONS><CONS><P><NO.P>P.</NO.P>overwegende dat er nieuwe en evoluerende trends zijn op het gebied van eigendom, bijvoorbeeld als gevolg van buitenlandse investeringen en eigendom van meerdere sportclubs;</P></CONS><CONS><P><NO.P>Q.</NO.P>overwegende dat buitensporige commercialisering, eigendomsmodellen op het vlak van entertainment en competities die puur op winst gericht zijn een bedreiging vormen en risico’s met zich meebrengen voor het competitieve evenwicht en de integriteit van de beroepssport;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Europese sportmodel: ten dienste van de samenleving en ter bevordering van inclusiviteit</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>herhaalt zijn niet-aflatende toewijding aan de verdediging van het Europese sportmodel waarin sport en lichaamsbeweging maatschappelijke doelstellingen dienen en een bijdrage leveren aan belangrijke beleidsterreinen van de EU;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>erkent de noodzaak om het Europese sportmodel te beschermen, door te zorgen voor de voortdurende duurzame ontwikkeling van zowel breedtesport als beroepssport en lichaamsbeweging op lokaal, regionaal, nationaal en Europees niveau;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>wijst erop dat het Europese sportmodel verder moet worden ontwikkeld in overeenstemming met de belangen van de burgers, de waarden en beleidsprioriteiten van de EU, waaronder gelijkheid, diversiteit, inclusie, duurzaamheid, gezondheid en welzijn, het Europees sociaal model en het concurrentievermogen van de EU;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>verzoekt alle belanghebbenden hun inspanningen op te voeren om veilige, inclusieve, rechtvaardige en algemeen toegankelijke sport te stimuleren, met de nadruk op het bevorderen van gendergelijkheid, het bestrijden van alle vormen van geweld, discriminatie en intimidatie, en het verbeteren van de toegankelijkheid van sportinfrastructuur;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>benadrukt in dit verband dat de inclusie van personen met een handicap in alle sportcontexten moet worden gewaarborgd, zo ook hun betrokkenheid bij bestuurlijke en besluitvormingsprocessen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>beklemtoont dat het Europese sportmodel moet stoelen op het beginsel dat sport een publiek goed is, waarbij ervoor moet worden gezorgd dat overheidsinvesteringen in de sport voordelen opleveren voor de samenleving op het vlak van inclusie, gezondheid, onderwijs en sociale cohesie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>wijst op de cruciale rol van lichaamsbeweging voor iedereen, ongeacht leeftijd, en op de onmiddellijke en langetermijnvoordelen ervan voor de lichamelijke en geestelijke gezondheid evenals de bijdrage aan de ontwikkeling en instandhouding van sociale en levensvaardigheden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>benadrukt dat lichaamsbeweging bij kinderen en jongeren moet worden gestimuleerd, onder andere door sporters en paratleten als rolmodellen in te zetten, en dringt aan op meer investeringen in de noodzakelijke infrastructuur voor gymlessen op school, lichamelijke opvoeding van hoog niveau en buitenschoolse sportprogramma’s;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>wijst op de preventieve rol van sport bij het aanpakken van het sociale isolement, agressief gedrag en de radicalisering van jongeren, en benadrukt dat zij moeten worden beschermd tegen elke vorm van misbruik in de sport;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>wijst op de cruciale rol van vrijwilligers in de sport, en verzoekt de Commissie om samen met de lidstaten aanbevelingen op te stellen om vrijwilligerswerk in de sport te ondersteunen en te stimuleren, met onder andere richtsnoeren voor het aantrekken, waarderen en behouden van vrijwilligers in zowel de breedtesport als de beroepssport;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>beseft dat breedtesport in Europa wordt gekenmerkt door sterke maatschappelijke betrokkenheid bij in de gemeenschap gewortelde clubs en verenigingen die draaien op vrijwilligers;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Europese sportmodel: ten dienste van de EU-waarden en solidariteit </STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>wijst op het fundamentele belang van het beginsel solidariteit om ervoor te zorgen dat sport de belangen van iedereen dient en bevordert, in plaats van de winsten van enkelen, en herhaalt dat de band tussen beroepssport en breedtesport moet worden versterkt door middel van doeltreffendere financiële solidariteitsmechanismen om de ontwikkeling daarvan te optimaliseren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>verzoekt de Commissie bestuursorganen in de sport aan te sporen om mechanismen en beleidsmaatregelen voor de ontwikkeling van jongeren in te voeren die erop gericht zijn clubs te belonen voor het opleiden van spelers die bijdragen tot het blijvende succes van profcompetities, en zo het concurrentievermogen van de sportsector op lange termijn te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>verzoekt de Commissie met een studie te komen waarin de bestaande financiële solidariteitsmechanismen en herverdelingsregelingen voor verschillende sporten en op verschillende niveaus in de EU in kaart worden gebracht, samen met aanbevelingen voor de verdere ontwikkeling ervan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>roept de Commissie in dit verband op om de rechtszekerheid voor sportbestuursorganen te ondersteunen en na te gaan of er behoefte is aan herverdelingsmechanismen tussen grote en kleine competities en clubs en in verschillende disciplines, zo ook in jeugdsport;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>wijst erop dat de financiering voor sport en lichaamsbeweging aanzienlijk moet worden verhoogd, met name in het kader van het Erasmus+-programma voor 2028-2034, in overeenstemming met de bestaande horizontale prioriteiten, en dat verdere synergieën tussen andere programma’s en fondsen moeten worden ondersteund;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>onderkent dat het Erasmus+-programma een drijvende kracht kan zijn op het gebied van de financiële ondersteuning van organisaties voor breedtesport en dat het programma een positieve impact heeft op burgers en de samenleving;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>verzoekt de Commissie toegankelijke en omvangrijke financieringsregelingen voor sportclubs en -organisaties te ontwikkelen, met duidelijke en toegankelijke procedures waarmee de gereserveerde middelen ook daadwerkelijk op het juiste niveau terechtkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>verzoekt de Commissie en de lidstaten investeringen in veilige en toegankelijke sportinfrastructuur op alle niveaus te ondersteunen via EU-fondsen, zoals het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, met bijzondere aandacht voor plattelandsgebieden en achterstandswijken in steden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>is van mening dat regelgeving voor financiële duurzaamheid in de sport van essentieel belang is om de levensvatbaarheid en integriteit van beroepssport in de EU op lange termijn te waarborgen; spoort de Commissie en de lidstaten aan consistente normen voor financieel bestuur in alle beroepssporten te bevorderen, en benadrukt dat deze maatregelen doeltreffend moeten worden gehandhaafd en geactualiseerd, met inbegrip van passend toezicht op de salarissen van sporters;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>verzoekt de lidstaten dringend erop te blijven hameren dat de organisatie van grote sportevenementen wordt toegekend op basis van verdienste en dat gastheren. organisatoren en sponsors de waarden van het Europese sportmodel, met inbegrip van mensenrechten, democratische waarden en duurzaamheid, eerbiedigen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>verzoekt de Commissie en de lidstaten milieubewustzijn en aanpassing aan de klimaatverandering in de sport aan te moedigen, met inbegrip van een duurzaam beheer van uitrusting en sportinfrastructuur, de organisatie van evenementen met een lage CO<STRING SUBSCRIPT="on">2</STRING>-uitstoot en milieueducatie door middel van sport;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>beseft dat er sprake is van steeds meer buitenlandse investeringen en buitenlands eigendom in de Europese sport, en verzoekt de Commissie de effecten van deze trend in ogenschouw te nemen wanneer zij inspanningen ondersteunt om de financiële integriteit en het sportieve evenwicht van de Europese sport te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>is zich bewust van de risico’s van georganiseerde en financiële criminaliteit in de sport en is van mening dat strikte zorgvuldigheid bij investeringen en eigendom in de Europese sport moet worden gewaarborgd, onder meer door het antiwitwaskader van de EU uit te breiden tot de beroepssport;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>veroordeelt alle vormen van wedstrijdmanipulatie, die de integriteit en fair play ondermijnen, en verzoekt de lidstaten en sportorganisaties hun preventieve maatregelen aan te scherpen door middel van betere monitoring, voorlichtingscampagnes en samenwerking met rechtshandhavingsinstanties;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>dringt er bij de Raad op aan de impasse met betrekking tot de ondertekening en ratificatie van het Verdrag van de Raad van Europa inzake de manipulatie van sportwedstrijden te doorbreken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>benadrukt dat het groeiende dopingprobleem op alle niveaus van de sport op EU-niveau moet worden aangepakt met voorlichtings- en bewustmakingscampagnes;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>spoort de Commissie en de lidstaten aan de maatregelen tegen onlinepiraterij op te voeren en verzoekt de Commissie een voorstel in te dienen voor gerichte wetgeving om het probleem van onlinepiraterij van sport- en andere live-uitzendingen aan te pakken, onder meer door de digitale handhavingsmechanismen te versterken, de verplichtingen van “ken uw zakelijke klant” toe te passen, samenwerking met onlineplatforms te bevorderen en consumenten bewuster te maken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>wijst op de toename van dynamische ticketprijzen, die de toegang tot sportevenementen in Europa kunnen belemmeren, en dringt aan op nauwlettend toezicht op de naleving van de EU-wetgeving door marktdeelnemers;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Europese sportmodel: ten dienste van de bevordering van collectief bestuur, de rechten van sporters en de stem van fans </STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>ziet in dat de autonomie van de sport afhankelijk is van goed bestuur, en verzoekt internationale, Europese en nationale sportorganisaties, alsmede representatieve organisaties van belanghebbenden de hoogste normen van bestuur, integriteit en transparantie in acht te nemen met de nodige checks-and-balances om de verantwoordingsplicht te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>verzoekt de Commissie de doeltreffendheid en consistentie van de huidige EU-maatregelen op deze gebieden te evalueren en gerichte acties en beleidsreacties te ontwikkelen om aanhoudende uitdagingen aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>pleit voor een gezamenlijke aanpak van sportorganisaties en overheidsinstanties om aan deze normen te voldoen en erop toe te zien dat de sportwereld een betrouwbare, veilige en ethische omgeving blijft voor alle deelnemers;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>33.</NO.P>benadrukt dat ervoor moet worden gezorgd dat alle instellingen, sportbestuursorganen en belanghebbenden zich houden aan de beginselen die zijn vastgelegd in de rechtspraak van het HvJ-EU met betrekking tot sport;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>34.</NO.P>is ingenomen met de inspanningen van bestuursorganen op het gebied van collectief bestuur en moedigt verdere stappen aan om de vertegenwoordiging van belanghebbenden bij de besluitvorming te versterken, waarbij ze alles in het werk stellen om de betrokkenheid van sporters en fans te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>35.</NO.P>dringt er bij de sportbestuursorganen op aan verdere maatregelen inzake gelijkheid, diversiteit en inclusie te nemen, met name om iets te doen aan de aanhoudende ondervertegenwoordiging van vrouwen in leidinggevende functies;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>36.</NO.P>wijst op de noodzaak van normen en controles op het gebied van representativiteit als eerste voorwaarde voor de betrokkenheid van belangenorganisaties bij bestuursprocessen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>37.</NO.P>verzoekt de Commissie de sociale dialoog in de sport te bevorderen als een belangrijk besluitvormingsproces dat aansluit bij de beginselen van goed bestuur, en de representativiteit en het inclusieve karakter van de sport te verbeteren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>38.</NO.P>stelt voor dat de Commissie belanghebbenden raadpleegt over de oprichting van een EU-comité voor de sectoriële sociale dialoog voor de beroepssport;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>39.</NO.P>verzoekt de EU-instellingen om de grondrechten van sporters en andere werknemers in de sportsector te beschermen en te bevorderen, en de lidstaten om die rechten uit te voeren, waaronder sociale rechten en bescherming, zoals de vrijheid van vereniging, collectieve onderhandelingen, non-discriminatie, fatsoenlijke arbeidsomstandigheden, veiligheidsmaatregelen en gezondheid op het werk, vooral met betrekking tot zwangerschap en moederschapsverlof;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>40.</NO.P>wijst op de noodzaak van proactief risicobeheer bij de ontwikkeling van en het toezicht op het beleid voor de veiligheid en gezondheid op het werk, waaronder factoren zoals reizen, wedstrijdkalenders en overlappende competities;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>41.</NO.P>verzoekt de EU-instellingen en de lidstaten verdere steun te verlenen aan initiatieven op het gebied van duale carrières, een leven lang leren, persoonlijke ontwikkeling en de geestelijke gezondheid van sporters, in samenwerking met relevante organisaties zoals sporterscommissies en -verenigingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>42.</NO.P>benadrukt dat de sportkalenders steeds voller zijn geworden als gevolg van de toename van het aantal Europese en internationale wedstrijden en competities, en dringt erop aan dat alle belanghebbenden worden betrokken bij de besluitvormingsprocessen over de kalenders om conflicten te voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>43.</NO.P>steunt het recht van sporters om hun land te vertegenwoordigen, en benadrukt dat clubs verplicht moeten worden sporters beschikbaar te stellen voor deelname aan het nationale team;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>44.</NO.P>verzoekt de sportbestuursorganen te voorkomen dat wedstrijden in nationale competities in het buitenland worden gespeeld;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>45.</NO.P>acht het van belang dat internationale organen zorgen voor een transparant en eerlijk transfersysteem dat overeenstemt met het EU-recht en Europese bijzonderheden, en pleit voor een sterke nadruk op de bescherming van de rechten van alle sporters, met bijzondere aandacht voor minderjarigen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>46.</NO.P>vraagt aandacht voor de prominente rol van sportmakelaars of tussenpersonen en voor de mogelijk onevenwichtige verhouding tussen hen en jonge sporters, en benadrukt dat er behoeft is aan een op regels gebaseerde aanpak;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Europese sportmodel: hoe het EU-beleid kan dienen om te versterken en te beschermen </STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>47.</NO.P>verzoekt de Commissie een langetermijnstrategie voor het beleid inzake sport en lichaamsbeweging te presenteren als reactie op de sterke politieke impuls van de lidstaten en de EU-instellingen, waarbij de nadruk wordt gelegd op de voornaamste kenmerken van het Europese sportmodel, en in dit verband concrete maatregelen voor te stellen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>48.</NO.P>is ingenomen met de huidige dialoog over het sportbeleid en verzoekt de Commissie te zorgen voor actieve betrokkenheid bij de discussies op EU-, nationaal en basisniveau, en alle belanghebbenden te betrekken bij de invulling van langetermijnstrategieën;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>49.</NO.P>verzoekt de Commissie en de lidstaten gegevensverzameling en empirisch onderbouwde beleidsvorming te ondersteunen om de rol van sport als factor die een bijdrage levert aan de EU-beleidsdoelstellingen te versterken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>50.</NO.P>verzoekt de Commissie als hoedster van de Verdragen in een van de belangrijkste sociale en economische sectoren van de EU actief toezicht te houden op bedreigingen voor het op waarden gebaseerde Europees sportmodel en deze op alle niveaus aan te pakken, waaronder afzonderlijke competities die het algemene sportecosysteem in gevaar brengen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>51.</NO.P>spoort de Commissie aan alle passende instrumenten waarover zij beschikt aan te wenden om de Europese sportsector te beschermen tegen initiatieven die de sector ondermijnen en de waarde die de sector creëert overhevelen naar plaatsen buiten Europa;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>52.</NO.P>bevestigt nogmaals het specifieke karakter van sport met inachtneming van het EU-recht en beseft maar al te goed dat het Europese sportmodel niet op uniforme wijze op alle sporten kan worden toegepast;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>53.</NO.P>benadrukt in dit verband dat het verticale karakter van het Europese sportmodel moet worden beschermd, waarbij promotie en degradatie op nationaal niveau plaatsvinden en jaarlijkse prestaties in de nationale competitie het enige criterium zijn voor kwalificatie voor Europese competities;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>54.</NO.P>verzoekt de Commissie duidelijke richtsnoeren te verstrekken voor de toepassing van het EU-recht, zo ook het mededingingsrecht, op de sportsector, mede in het licht van de recente arresten van het HvJ-EU;</P></ACTION><SEPARATION><P>°</P><P>°	°</P></SEPARATION><ACTION><P><NO.P>55.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>