<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF2" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2025)0219</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering: aanvraag EGF/2025/002 DE/Goodyear 2 van Duitsland</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0168/2025 - Rapporteur: Olivier Chastel)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 8 oktober 2025 over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering voor ontslagen werknemers naar aanleiding van aanvraag EGF/2025/002 DE/Goodyear 2 van Duitsland (COM(2025)0302 – C10-0182/2025 – 2025/0245(BUD))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2025)0302 – C10-0182/2025),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2021/691 van het Europees Parlement en de Raad van 28 april 2021 betreffende het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering voor ontslagen werknemers (EFG) en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1309/2013<FOOTNOTE><FIELD>PB L 153 van 3.5.2021, blz. 48, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/691/oj.</FIELD></FOOTNOTE> (“EFG-verordening”),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2020/2093 van de Raad van 17 december 2020 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2021‑2027<FOOTNOTE><FIELD>PB L 433 I van 22.12.2020, blz. 11, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2020/2093/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, zoals gewijzigd bij Verordening (EU, Euratom) 2024/765<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU, Euratom) 2024/765 van de Raad van 29 februari 2024 tot wijziging van Verordening (EU, Euratom) 2020/2093 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2021‑2027 (PB L, 2024/765, 29.2.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/765/oj).</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 8,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 16 december 2020 tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie betreffende begrotingsdiscipline, samenwerking in begrotingszaken en goed financieel beheer, alsmede betreffende nieuwe eigen middelen, met inbegrip van een routekaart voor de invoering van nieuwe eigen middelen<FOOTNOTE><FIELD> PB L 433 I van 22.12.2020, blz. 28, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_interinstit/2020/1222/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name punt 9,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de brief van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A10‑0168/2025),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat de Unie wetgevings- en begrotingsinstrumenten in het leven heeft geroepen om extra steun te verlenen aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelsstromen of de wereldwijde financiële en economische crisis ondervinden, en hen te helpen om op de arbeidsmarkt terug te keren; overwegende dat deze bijstand wordt verleend in de vorm van financiële steun aan werknemers en aan de ondernemingen waarvoor zij hebben gewerkt;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat Duitsland aanvraag EGF/2025/002 DE/Goodyear 2 heeft ingediend voor een financiële bijdrage uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG), naar aanleiding van 1 171 ontslagen<FOOTNOTE><FIELD> In de zin van artikel 3 van de EFG‑verordening.</FIELD></FOOTNOTE> in de economische sector die is ingedeeld in afdeling 22 (Vervaardiging van producten van rubber of kunststof) van NACE Rev. 2, in de regio’s Kassel (DE73) en Darmstadt (DE71), met 747 ontslagen binnen de referentieperiode voor de aanvraag van 1 september 2024 tot en met 1 januari 2025, en 424 ontslagen vóór of na de referentieperiode;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat voor de 424 ontslagen werknemers wier werkzaamheden vóór of na de referentieperiode van 4 maanden zijn beëindigd een duidelijk oorzakelijk verband kan worden gelegd met de gebeurtenis die in de referentieperiode heeft geleid tot de beëindiging van de werkzaamheden van de ontslagen werknemers, overeenkomstig artikel 6, lid 2, van de EFG-verordening;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de aanvraag is gebaseerd op de criteria voor steunverlening van artikel 4, lid 2, punt a), van de EFG-verordening, die vereisen dat binnen een referentieperiode van 4 maanden in een onderneming in een lidstaat de werkzaamheden van ten minste 200 ontslagen werknemers of zelfstandigen zijn beëindigd, met inbegrip van werknemers die zijn ontslagen bij leveranciers en downstreamproducenten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat de Russische aanvalsoorlogen tegen Oekraïne en de oplopende inflatie gevolgen hebben gehad voor de kosten van energie, materialen en arbeid, waardoor de marges van Goodyear onder druk zijn komen te staan;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat Goodyear Germany GmbH zich toelegt op de vervaardiging van producten van rubber en kunststof, in het bijzonder banden; overwegende dat de onderneming zwaar te lijden heeft onder steeds grotere concurrentie van goedkope importen uit Azië;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat dit het tweede verzoek van de Duitse autoriteiten om de beschikbaarstelling van middelen van het EFG is naar aanleiding van een herstructurering van Goodyear, na de beschikbaarstelling van EFG-middelen in verband met de sluiting van een van de fabrieken van het bedrijf in Philippsburg in 2017;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat de snel afnemende vraag, in combinatie met stijgende productiekosten, de onderneming gedwongen hebben te herstructureren, wat heeft geleid tot de sluiting van één van haar productielocaties en de gedeeltelijke sluiting van een andere productielocatie in Duitsland in 2024;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat de maatregelen door de Duitse federale overheid en de Bundesagentur für Arbeit voor‑ en medegefinancierd worden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat er is voldaan aan de voorschriften van de Unie- en de nationale wetgeving betreffende collectieve ontslagen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat financiële bijdragen uit het EFG in de eerste plaats gericht moeten zijn op actieve arbeidsmarktbeleidsmaatregelen en op gepersonaliseerde diensten die tot doel hebben de begunstigden snel aan een fatsoenlijke en duurzame baan te helpen binnen of buiten de sector waar zij oorspronkelijk werkten, en hen tegelijk voor te bereiden op een groenere en meer gedigitaliseerde Europese economie;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat het EFG een jaarlijks maximumbedrag van 30 miljoen EUR (in prijzen van 2018) niet mag overschrijden, zoals vastgesteld in artikel 8 van Verordening (EU, Euratom) 2020/2093, als gewijzigd bij Verordening (EU, Euratom) 2024/765 van de Raad;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de voorwaarden van artikel 4, lid 2, punt a), van de EFG-verordening en dat Duitsland uit hoofde van die verordening recht heeft op een financiële bijdrage ter hoogte van 3 085 166 EUR, hetgeen overeenkomt met 60 % van de totale kosten van de voorgestelde maatregelen, te weten 5 141 944 EUR, waarvan 4 936 274 EUR verband houdt met gepersonaliseerde steunverlening en 205 670 EUR verband houdt met maatregelen op het gebied van voorbereiding, beheer, voorlichting, publiciteit, controle en rapportage;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>wijst erop dat de Duitse autoriteiten op 10 maart 2025 de aanvraag hebben ingediend en dat, nadat er aanvullende gegevens zijn verstrekt door Duitsland, de Commissie haar beoordeling op 29 juli 2025, meer dan vier maanden later, heeft afgerond en het Parlement hiervan op 26 augustus 2025 in kennis heeft gesteld;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>wijst erop dat de aanvraag betrekking heeft op 1 171 ontslagen werknemers naar aanleiding van de sluiting van de productielocatie in Fulda en de gedeeltelijke sluiting van de productiefaciliteiten in Hanau; stelt voorts vast dat 915 van de ontslagen werknemers beoogde begunstigden zijn en naar verwachting aan de maatregelen zullen deelnemen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>stelt vast dat de meeste van de ontslagen werknemers een laag opleidingsniveau hebben (56 % met lager secundair onderwijs of minder) en 54 jaar oud zijn of ouder (42 %); benadrukt dat met name oudere werknemers een uiterst kwetsbare groep vormen, en vanwege beperkte bij- en omscholingsmogelijkheden slechts zeer moeilijk een nieuwe baan kunnen vinden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>stelt vast dat door de ontslagen bij Goodyear het werkloosheidspercentage op jaarbasis in de regio Fulda met meer dan 10 % is gestegen, waarbij mannelijke werknemers en personen van 50 jaar en ouder onevenredig zwaar zijn getroffen, van wie velen over verouderde kwalificaties en vaardigheden beschikken die niet aansluiten bij de vraag vanuit de arbeidsmarkt; beklemtoont dat er snel actie moet worden ondernomen om een regionale structurele neergang te voorkomen, en onderstreept dat het – met het oog op economische en sociale veerkracht op de lange termijn – belangrijk is te werken aan het creëren van hoogwaardige, toekomstgerichte werkgelegenheid;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>merkt op dat de gepersonaliseerde steunmaatregelen die aan de betrokken werknemers moeten worden verstrekt het volgende omvatten: aanzienlijke bij‑ en omscholingsmaatregelen, loopbaanbegeleiding en advies, beroepsoriëntatie en activeringsmaatregelen, advies en subsidies voor het opstarten van een onderneming, hulp bij het zoeken van werk, bijscholings‑ en “top‑up”-stimulansen, opleidingstoelagen, opleidingen in digitale vaardigheden; beklemtoont in dit verband dat een goed opgeleide beroepsbevolking van essentieel belang is voor een toekomstbestendige Europese economie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>beschouwt het als een sociale verantwoordelijkheid van de Unie en de lidstaten om deze ontslagen werknemers van de noodzakelijke kwalificaties te voorzien voor een toekomstbestendige Europese economie die klaar is voor de digitale en de groene transformatie; is dan ook van mening dat de beschikbaarstelling van middelen van het EFG ingepast moet zijn in een bredere beleidsaanpak;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>dringt erop aan de getroffen maatregelen aan een grondige evaluatie te onderwerpen, met gegevens over het aantal werknemers dat met succes aan een baan is geholpen en het aantal werknemers dat een opleiding heeft gevolgd respectievelijk bij- en omgeschoold is;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>merkt op dat op 20 februari 2025 in totaal 915 tripartiete overeenkomsten zijn gesloten tussen Goodyear, de werknemers, en PMB International GmbH, de dienstverlener die voor het beheer van het re-integratiebedrijf is gekozen, waarvan 781 voor Fulda en 134 voor Hanau; is verheugd dat deze aantallen naar verwachting zullen toenemen naarmate er meer overeenkomsten worden ondertekend;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>stelt vast dat Duitsland op 1 november 2024 is begonnen met het verlenen van gepersonaliseerde steunmaatregelen aan de beoogde begunstigden, wat betekent dat vanaf die datum tot 24 maanden na de datum van inwerkingtreding van het aan deze resolutie gehechte besluit aanspraak kan worden gemaakt op een financiële bijdrage uit het EFG;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>merkt op dat Duitsland op 1 november 2024 de eerste administratieve uitgaven heeft gedaan met het oog op de uitvoering van het EFG, en dat deze uitgaven bijgevolg vanaf die datum tot 31 maanden na de datum van inwerkingtreding van het aan deze resolutie gehechte besluit in aanmerking komen voor een financiële bijdrage uit het EFG;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>onderstreept dat de Duitse autoriteiten hebben bevestigd dat de beginselen van gelijke behandeling en non-discriminatie zullen worden geëerbiedigd bij de toegang tot de voorgestelde maatregelen en de uitvoering ervan, en dat eventuele dubbele financiering zal worden voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>herinnert eraan dat de Duitse autoriteiten de herkomst van de Uniefinanciering erkennen en daaraan ruchtbaarheid geven, en de meerwaarde van de Unie onderstrepen; benadrukt dat dit moet worden gerealiseerd middels gerichte informatieverstrekking aan de begunstigden, de sociale partners en de media;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>wijst er andermaal op dat steun uit het EFG niet in de plaats mag komen van maatregelen die op grond van nationale wetgeving of collectieve arbeidsovereenkomsten onder de verantwoordelijkheid van bedrijven vallen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>beklemtoont dat het belangrijk is dat de EU snel coherente en gecoördineerde maatregelen treft ter vergroting van het concurrentievermogen, en dat deze maatregelen ontwikkeld moeten worden in nauwe samenwerking met de lidstaten, teneinde Europa’s industriële werkgelegenheidsbasis en sociale zekerheid te waarborgen; onderstreept dat alleen een robuuste en veerkrachtige Europese economie grootschalige ontslagen doeltreffend kan voorkomen, waarbij de noodzaak om het EFG in te schakelen aan de voorkant wordt voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST><TXTLST><ANNEX><TI><STRING BOLD="on">BIJLAGE</STRING></TI><STI><STRING BOLD="on">BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD</STRING></STI><P><STRING BOLD="on">betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering voor ontslagen werknemers naar aanleiding van aanvraag EGF/2025/002 DE/Goodyear 2 van Duitsland</STRING></P><P><STRING ITALIC="on">(De tekst van de bijlage wordt hier niet weergegeven, aangezien deze overeenkomt met de definitieve handeling: Besluit (EU) 2025/2135.)</STRING></P></ANNEX></TXTLST></SDOCTA>