<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF2" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2025)0253</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Verlenging van het partnerschap EU-Afrika: bouwen aan gemeenschappelijke prioriteiten in de aanloop naar de top in Angola</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(B10-0471, 0473, 0475 en 0477/2025)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 23 oktober 2025 over de verlenging van het partnerschap EU-Afrika: bouwen aan gemeenschappelijke prioriteiten in de aanloop naar de top in Angola (2025/2933(RSP))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 136, leden 2 en 4, van zijn Reglement,</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat Afrika en Europa aangrenzende continenten zijn waarvan de toekomst nauw verbonden is; overwegende dat de EU ernaar moet streven de belangrijkste partner van Afrika te zijn op het gebied van handel, investeringen, ontwikkelingshulp, humanitaire bijstand, vrede en veiligheid, energie en de digitale transformatie; overwegende dat alle Afrikaanse landen samen de op drie na grootste handelspartner van de EU zijn, terwijl alle EU-lidstaten samen de grootste exportmarkt van Afrika vormen; overwegende dat beide continenten met dezelfde, onderling samenhangende uitdagingen worden geconfronteerd in een steeds complexere geopolitieke realiteit;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat Afrika een onmisbare partner is als het gaat om de aanpak van mondiale uitdagingen, van het waarborgen van de toegang tot kritieke grondstoffen, het bevorderen van de groene en digitale transitie, het vergroten van de mondiale voedselzekerheid en het ondersteunen van een dynamische arbeidsmarkt tot het voorkomen van conflicten en het opbouwen van vrede; overwegende dat democratie, mensenrechten en de rechtsstaat kernwaarden zijn van zowel de EU als de Afrikaanse Unie (AU) en dat vrouwen en jongeren belangrijke aanjagers van verandering zijn met het oog op de democratische en economische toekomst van Afrika; overwegende dat een nauwere samenwerking tussen de EU en Afrika nieuwe gedeelde kansen kan creëren voor innovatie, industriële ontwikkeling, het scheppen van banen, menselijke ontwikkeling, de verwezenlijking van de duurzameontwikkelingsdoelstellingen (SDG’s) van de VN en welvaart op de lange termijn op beide continenten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat de Overeenkomst van Samoa<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2023/2862, 28.12.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_internation/2023/2862/oj.</FIELD></FOOTNOTE> een vernieuwde en gemoderniseerde basis biedt voor de betrekkingen tussen de EU en de groep van staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan, en als doel heeft hen beter in staat te stellen om samen deze mondiale uitdagingen aan te gaan en resoluut naar een partnerschap van gelijken toe te werken dat gebaseerd is op wederzijds respect en gedeelde belangen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat in het Afrikaans Handvest inzake democratie, verkiezingen en bestuur wordt benadrukt hoe belangrijk vrije en eerlijke verkiezingen en de rechten van politieke partijen en de oppositie zijn; overwegende dat in de afgelopen decennia weliswaar vooruitgang is geboekt, maar dat recente ontwikkelingen wijzen op een zorgwekkende trend van democratische achteruitgang;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat de Agenda 2063 van de AU “Het Afrika dat we willen” de blauwdruk vormt voor de langetermijnvisie van Afrika op het vlak van inclusieve groei, regionale integratie, gendergelijkheid en duurzame ontwikkeling; overwegende dat de toenemende mondiale betrokkenheid van Afrika een weerspiegeling is van zijn steeds grotere politieke en economische invloed; overwegende dat hieruit duidelijk blijkt hoe belangrijk het is te streven naar een principieel, transparant en wederzijds voordelig partnerschap dat zowel de Afrikaanse als Europese prioriteiten ondersteunt en stabiliteit en welvaart op lange termijn bevordert;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat vrede, veiligheid en goed bestuur voorwaarden zijn voor welvaart, maar dat verschillende Afrikaanse regio’s, met name die in precaire omstandigheden, nog steeds te kampen hebben met instabiliteit, terrorisme, ongrondwettelijke regeringswisselingen en humanitaire crises; overwegende dat externe actoren, met name China en Rusland, hun positie in Afrika hebben verstevigd, vaak met ondoorzichtige of dwangmiddelen, waaronder desinformatie- en kwaadwillige beïnvloedingscampagnes;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat de EU de grootste donor van ontwikkelings- en humanitaire hulp in Afrika blijft; overwegende dat het mondiale humanitaire systeem te kampen heeft met een ongekende financieringscrisis, waarbij slechts 43 % van de door de VN gevraagde 50 miljard USD aan humanitaire hulp is verstrekt; overwegende dat deze situatie zich verergert doordat meerdere belangrijke donoren voortdurend de budgetten voor buitenlandse hulp verlagen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat Afrika in 2024 meer dan 1,5 miljard inwoners telde en tegen 2050 naar verwachting de kaap van 2,5 miljard zal ronden, waarbij een overgrote meerderheid van de mensen jonger is dan 30 jaar; overwegende dat deze bevolkingsgroei zowel kansen als uitdagingen met zich meebrengt en er enorme investeringen in onderwijs, werkgelegenheid, gezondheidszorg en infrastructuur nodig zullen zijn; overwegende dat ongelijkheid een van de belangrijkste belemmeringen blijft voor de verwezenlijking van de SDG’s;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat Afrika over een enorm potentieel beschikt op het vlak van hernieuwbare energie, innovatie en duurzame ontwikkeling; overwegende dat het continent, hoewel het een minimaal aandeel heeft in de wereldwijde uitstoot, actief streeft naar klimaatbestendigheid en groene groei; overwegende dat gezamenlijk leiderschap van de EU en de AU kan zorgen voor een versnelling van een rechtvaardige, inclusieve en duurzame transitie;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat de Afrikaanse continentale vrijhandelszone (AfCFTA) een transformerend project is ter bevordering van de integratie en economische soevereiniteit van Afrika, maar dat de rol van Afrika in de mondiale handel en investeringen beperkt blijft; overwegende dat steun van de EU gericht moet zijn op het opbouwen van de capaciteit voor douaneharmonisatie en de voorbereiding van de particuliere sector met als doel de voordelen van de AfCFTA maximaal te benutten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat migratie en mobiliteit tussen Afrika en Europa reeds lang een realiteit zijn en dat zij voor beide continenten grote uitdagingen met zich meebrengen en alleen kansen kunnen bieden als ze op een juiste en verantwoorde manier worden aangepakt; overwegende dat de EU en Afrika een gedeeld belang hebben bij het aangaan van langdurige en wederzijds voordelige partnerschappen die bijdragen tot de economische ontwikkeling en stabiliteit in Afrika en tegelijkertijd tegemoetkomen aan de bezorgdheid van Europa over irreguliere migratie, veiligheid, grensbeheer en terrorismebestrijding; overwegende dat dergelijke partnerschappen, ongeacht of zij uitsluitend op migratie zijn gericht of een bredere reikwijdte hebben met migratie als kernpunt, duidelijke verantwoordelijkheden en verbintenissen moeten omvatten, de samenwerking moeten intensiveren op het gebied van het voorkomen van irreguliere migratie, het ontmantelen van smokkelnetwerken, het verbeteren van terugkeer en het versterken van grensbeheer, en de onderliggende oorzaken van irreguliere migratie in landen van herkomst en doorreis moeten aanpakken;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat het strategisch partnerschap Afrika-EU in 2025 officieel 25 jaar bestaat en dat dit een historische kans is om de betrekkingen nieuw leven in te blazen en op een hoger plan te brengen, zodat de partners de komende jaren op voet van gelijkheid kunnen samenwerken;</P></CONS><CONS><P><NO.P>M.</NO.P>overwegende dat de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN en de Agenda 2063 van de AU, fungeren als een gemeenschappelijk kompas voor het partnerschap en als leidraad moeten dienen voor de programmering in het kader van het huidige instrument voor nabuurschapsbeleid, ontwikkeling en internationale samenwerking (NDICI) – Europa in de wereld en de Global Gateway-strategie, met de nadruk op transparantie, inclusieve deelname en meetbare resultaten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>N.</NO.P>overwegende dat alle vormen van ontwikkelingssamenwerking zouden moeten worden gebaseerd op de beginselen van doeltreffendheid van ontwikkelingshulp; overwegende dat de uitvoering van de Overeenkomst van Samoa en de Global Gateway in overeenstemming moet zijn met de Agenda 2063 van de AU en dat hierbij de beginselen van gelijkheid, wederzijdse verantwoordingsplicht en eigen inbreng van Afrika in alle onderdelen van de samenwerking moeten worden geëerbiedigd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>O.</NO.P>overwegende dat de huidige staatsschuldencrisis in Afrika de afgelopen tien jaar is verergerd; overwegende dat in een klimaat van geopolitieke onrust en stijgende rentetarieven de overheidsschuldquote van Afrika tussen 2010 en 2022 is gestegen van 32,7 % tot 65 %;</P></CONS><CONS><P><NO.P>P.</NO.P>overwegende dat de EU herhaaldelijk haar inzet heeft bevestigd voor de wereldwijde bevordering en bescherming van de vrijheid van godsdienst en dat zij stappen heeft ondernomen om religieuze vervolging en onverdraagzaamheid in verschillende delen van de wereld te bestrijden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>Q.</NO.P>overwegende dat het Parlement voortdurend aandringt op grotere internationale inspanningen om religieuze vervolging te bestrijden en degenen die verantwoordelijk zijn voor aanvallen op minderheidsgemeenschappen ter verantwoording te roepen;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Nieuw strategisch partnerschap van gelijken</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>roept op tot een hernieuwd en toekomstgericht partnerschap tussen de EU en Afrika, gebaseerd op wederzijds respect, gedeelde belangen en het inzicht dat beide continenten elkaar nodig hebben en samen sterker zijn; merkt op dat in een tijd waarin geopolitieke dynamieken verschuiven en de mondiale onveiligheid toeneemt, onder meer door stijgend extremisme, en waarin op ontwikkelings- en humanitaire uitgaven wordt bezuinigd, nauwere samenwerking tussen de EU en Afrika belangrijker is dan ooit; onderstreept dat een echt partnerschap op basis van gezamenlijk multilateraal optreden de meest doeltreffende manier is om armoede uit te bannen en zich in te zetten voor de vrede, welvaart, democratie, de mensenrechten, de rechtsstaat, duurzame handel en menselijke ontwikkeling; herhaalt dat de uitvoering van de Agenda 2030 en de SDG’s van de VN het gemeenschappelijke kompas moet zijn voor het hernieuwde partnerschap tussen de EU en Afrika;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>roept de EU ertoe op haar concrete acties en strategische communicatie en zichtbaarheid in heel Afrika te versterken en duidelijk te wijzen op de tastbare voordelen van het partnerschap tussen de EU en de AU, dat gebaseerd is op wederzijds respect, transparantie en duurzaamheid; benadrukt het belang van transparante, op waarden gebaseerde betrokkenheid, in contrast met de invloed van externe machten, waaronder China en Rusland, wier ondoorzichtige financiële, veiligheids- en desinformatieactiviteiten de soevereiniteit, de stabiliteit en het democratisch bestuur in Afrika dreigen te ondermijnen; benadrukt dat de EU zichzelf meer op de kaart moet zetten door middel van coherente diplomatie, zichtbare investeringen en meer coördinatie tussen de Commissie, de Europese Dienst voor extern optreden (EDEO), het Parlement en de lidstaten, om met één Europese stem te spreken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>onderstreept het belang van de institutionalisering van de parlementaire dimensie van toekomstige EU-AU-topontmoetingen als integraal onderdeel van hun kader teneinde te zorgen voor vertegenwoordiging van burgers, publiek toezicht en een democratische bijdrage aan de beraadslagingen en resultaten van het partnerschap; steunt de inspanningen om de gezamenlijke parlementaire dialoog tussen het Europees Parlement en het Pan-Afrikaanse parlement nieuw leven in te blazen als forum voor democratische dialoog en toezicht; is voorstander van regelmatig thematisch overleg tussen parlementaire commissies van beide continenten om de verantwoordingsplicht binnen het partnerschap te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>roept de 22 EU-lidstaten en de 66 Afrikaanse partners die de Overeenkomst van Samoa nog niet hebben geratificeerd, ertoe op dit onverwijld te doen, zodat de overeenkomst niet meer voorlopig van kracht is maar volledig in werking kan treden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>dringt er bij de Commissie op aan zonder uitzondering grondige effectbeoordelingen uit te voeren en belanghebbenden te raadplegen, ook Afrikaanse tegenhangers die rechtstreeks gevolgen ondervinden van EU-wetgeving, en haar voorstellen te baseren op al het beschikbare bewijsmateriaal; verbindt zich ertoe Afrikaanse tegenhangers te raadplegen over nieuwe EU-wetgeving;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Vrede, veiligheid en goed bestuur</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>bevestigt nogmaals dat duurzame vrede een belangrijke voorwaarde is voor ontwikkeling en welvaart; steunt de door Afrika geleide vredesinspanningen in het kader van de Afrikaanse vredes- en veiligheidsarchitectuur (APSA) en is ingenomen met de EU-steun via de Europese Vredesfaciliteit; roept op tot voorspelbare financiering voor door de AU gemandateerde operaties, onder meer via door de VN beoordeelde bijdragen; benadrukt dat samenwerking in overeenstemming moet zijn met het internationaal recht, moet inzetten op civiele bescherming en moet bijdragen aan bestuurlijke hervormingen; spreekt zijn diepe bezorgdheid uit over de verspreiding van conflicten, jihadistisch terrorisme, militaire coups en het ineenstorten van staten, de democratische achteruitgang en het gewelddadig extremisme in verschillende delen van Afrika; dringt aan op een alomvattende aanpak waarin defensie, vredesopbouw, veiligheidsmaatregelen, preventie, deradicalisering en sociaal-economische ontwikkeling worden gecombineerd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>spreekt zijn diepe bezorgdheid uit over de verslechterende humanitaire en veiligheidssituatie in de Sahel, met name in Mali, Niger en Burkina Faso, waar grote gebieden nog steeds onder controle staan van gewapende groeperingen en burgers te kampen hebben met grootschalige ontheemding en voedselonzekerheid; wijst erop dat de crisis overslaat naar de democratieën aan de kust van West-Afrika en gevaarlijke machtsvacuüms creëert na de terugtrekking van internationale missies; veroordeelt de destabiliserende strategie van Rusland in de regio, met inbegrip van de vervanging van de Wagner-groep door de paramilitaire organisatie Africa Corps, desinformatiecampagnes en roofzuchtige praktijken op het gebied van de aankoop van hulpbronnen; merkt op dat de steun die deze groepen aan militaire junta’s hebben verleend niet heeft geleid tot stabilisatie van de situatie, en terroristische groeperingen in staat heeft gesteld terrein terug te winnen; betreurt dat de EU-opleidingsmissie in Mali, de militaire partnerschapsmissie van de Europese Unie in Niger, de missie van de Europese Unie voor de opbouw van capaciteit in Niger en andere internationale missies geen duurzame vrede hebben kunnen bewerkstelligen; dringt aan op het uitvoeren van een grondige, op feiten gebaseerde evaluatie van mandaten, rollen en beleid en op het formuleren van een grondig herziene, geïntegreerde strategie van de EU voor de Sahel op het gebied van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid, die op coherente wijze aansluit bij het ontwikkelingsbeleid en wordt ondersteund door de Europese Vredesfaciliteit; geeft prioriteit aan humanitaire hulp en de bescherming van burgers en stelt als voorwaarde voor veiligheidsbijstand van de EU dat het internationaal humanitair recht en de mensenrechten volledig worden geëerbiedigd; roept op tot gecoördineerde actie van de EU en de AU op basis van democratie, mensenrechten en de rechtsstaat, met inbegrip van maatregelen om buitenlandse manipulatie van informatie en inmenging tegen te gaan, de illegale handel in grondstoffen en criminele activiteiten die gewapende groeperingen financieren te verstoren, en te investeren in bestuur, dienstverlening en lokale economieën om de structurele oorzaken van de instabiliteit aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>spreekt zijn diepe bezorgdheid uit over het aanhoudende geweld, de politieke instabiliteit en de humanitaire crises in verschillende delen van Afrika; wijst in het bijzonder op het verwoestende conflict in Soedan, waar gevechten tussen de Soedanese strijdkrachten en de Rapid Support Forces hebben geleid tot grote aantallen burgerslachtoffers, grootschalige ontheemding en wijdverbreide schendingen van de mensenrechten; spreekt zijn krachtige veroordeling uit over alle wreedheden, waaronder gerichte aanvallen op burgers en het gebruik van seksueel geweld als oorlogswapen, en dringt erop aan dat volledige verantwoording wordt afgelegd en dat humanitaire hulp ongehinderd toegang krijgt; verwelkomt de regionale en door de VN geleide diplomatieke inspanningen en moedigt de EU aan om de coördinatie met de AU en de buurlanden te intensiveren ter ondersteuning van onderhandelingen over een staakt ‑het‑vuren en inclusieve vredesopbouw; neemt met bezorgdheid kennis van de aanhoudend kwetsbare situatie en het gebrek aan nationale verzoening in Libië, en wijst erop dat de instabiliteit van het land de veiligheid van zowel Afrika als Europa blijft bedreigen; dringt aan op hernieuwde betrokkenheid van de EU, in nauwe samenwerking met de VN, om een verenigd politiek proces, transparante verkiezingen en de terugtrekking van buitenlandse huurlingen te bevorderen; is ingenomen met de bijdrage van de militaire bijstandsmissie van de EU in Mozambique aan het herstel van de veiligheid in Cabo Delgado, maar benadrukt dat mensenrechten, veerkracht van de gemeenschap en beginselen van goed bestuur moeten worden geïntegreerd om duurzame stabiliteit en lokaal vertrouwen te waarborgen; benadrukt de rol van de EU-missie voor capaciteitsopbouw in Somalië bij het versterken van de capaciteiten van de Somalische politie, alsook van de maritieme veiligheid en de rechtsstaat; roept op tot nauwere samenwerking met internationale partners en tot integratie van de werkzaamheden van de missie in bredere EU-inspanningen om het bestuur, de rechtspraak en de veerkracht op het gebied van terrorismebestrijding in de Hoorn van Afrika te versterken; blijft verontrust over de situatie in Ethiopië, met name in de regio Tigray, waar ernstige schendingen van de mensenrechten zijn gemeld; roept de Ethiopische autoriteiten op om onbeperkte toegang voor humanitaire hulp te garanderen, een serieuze nationale dialoog na te streven en de rechtsstaat en de fundamentele vrijheden te handhaven; benadrukt dat alle acties van de EU in conflictgebieden en overgangssituaties moeten zijn gericht op het bevorderen van democratie, verantwoordingsplicht en eigen verantwoordelijkheid, waarbij moet worden gezorgd voor coördinatie met de AU en regionale initiatieven om verzoening, stabiliteit en duurzame ontwikkeling op het hele continent te bevorderen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>roept de EU op haar inspanningen ter bevordering van vrede, veiligheid en stabiliteit op het Afrikaanse continent op te voeren; roept op tot voorspelbare langetermijnfinanciering van door de AU gemandateerde vredesoperaties, onder meer door middel van door de VN beoordeelde bijdragen, overeenkomstig Resolutie 2719 (2023) van de VN-Veiligheidsraad; benadrukt dat er een permanente Afrikaanse vertegenwoordiging moet zijn in de VN-Veiligheidsraad; steunt door Afrika geleide vredesoperaties en bemiddelingspogingen in het kader van de APSA;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>roept de Raad en de Commissie ertoe op de samenwerking tussen de EU en Afrika op het gebied van veiligheid en defensie te versterken, onder meer door de oprichting van een doeltreffende gezamenlijke capaciteit van de EU ter bestrijding van terrorisme, gewelddadig extremisme en externe inmenging, met name in kwetsbare staten; benadrukt dat deze samenwerking de door Afrika geleide inspanningen in het kader van de APSA moet aanvullen en versterken en het internationale recht, het democratisch toezicht en de beginselen van een partnerschap van gelijken volledig moet eerbiedigen; benadrukt dat bij terrorismebestrijdingsoperaties het internationaal humanitair recht en het recht op het gebied van de mensenrechten volledig moeten worden geëerbiedigd; ondersteunt EU-programma’s voor de weerbaarheid van gemeenschappen, betrokkenheid van vrouwen en jongeren en wederopbouw na conflicten; dringt er bij de EU en de AU op aan de VN-agenda voor vrouwen, vrede en veiligheid en de VN‑agenda voor jongeren, vrede en veiligheid ten uitvoer te leggen en te zorgen voor gelijke deelname aan de besluitvorming;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>is verheugd over het recente vredesakkoord tussen Rwanda en de Democratische Republiek Congo (DRC), maar blijft ernstig bezorgd over het aanhoudende geweld en de onveiligheid in het oosten van de DRC, met name in Noord-Kivu en Ituri; roept de EU er toe op een actieve en gecoördineerde rol te spelen bij de ondersteuning van de tenuitvoerlegging van het vredesproces, waarbij de nadruk moet liggen op het vergroten van inclusiviteit en de participatie van vrouwen, toegang voor humanitaire hulp en civiele bescherming; benadrukt dat voor blijvende stabiliteit de economische dimensies van het conflict moeten worden aangepakt, waaronder de illegale exploitatie van natuurlijke hulpbronnen en grondstoffen, en gerechtigheid moet worden gewaarborgd voor slachtoffers van oorlogsmisdaden, waaronder conflictgerelateerd seksueel geweld; verzoekt de Commissie en de Raad het memorandum van overeenstemming tussen de EU en Rwanda inzake waardeketens voor duurzame grondstoffen onmiddellijk op te schorten totdat Rwanda zich aantoonbaar heeft teruggetrokken uit het conflict en geen mineralen meer uitvoert die zijn gewonnen in gebieden die in handen zijn van de paramilitaire groepering M23; verzoekt alle actoren de transparantie te vergroten en de binnenkomst van alle bloedmineralen in de EU daadwerkelijk te verbieden; roept de EU ertoe op verantwoorde inkoop, transparantie in toeleveringsketens en investeringen in toegevoegde waarde in de DRC en het gebied van de Grote Meren te bevorderen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>onderstreept het cruciale belang van democratie en vrije en eerlijke verkiezingen, aangezien dit absolute voorwaarden zijn voor echte verantwoordingsplicht en een echte behartiging van de belangen en prioriteiten van de bevolking; roept op tot versterkte samenwerking op het gebied van verkiezingswaarneming en democratieopbouw, in partnerschap met de AU en regionale organisaties; vraagt om specifieke financiering voor lokale vrouwelijke bemiddelaars en voorvechters van de vrede, jonge vredesactivisten en maatschappelijke organisaties; bevestigt nogmaals de essentiële rol van vrouwen en jongeren bij vredesopbouw en bestuur;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>herinnert eraan dat christenen de meest vervolgde religieuze gemeenschap ter wereld zijn; wijst met grote bezorgdheid op de situatie van christenen in de Sahelregio;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>wijst erop dat kerken in Afrika essentiële sociale diensten verlenen; verzoekt de Commissie deze partners te betrekken bij de uitvoering van EU-programma’s; roept de Commissie en de EDEO er in dit verband toe op de dialoog met kerken in partnerlanden te bevorderen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>is bezorgd over de toenemende politieke invloed van China in Afrika en de uitbreiding van de wereldwijde projecten van China, waaronder de Nieuwe Zijderoute; merkt op dat deze projecten weliswaar aanzienlijke investeringen hebben vrijgemaakt, maar dat ze vaak ondoorzichtig zijn en economische afhankelijkheden kunnen creëren; roept de EU ertoe op meer inspanningen te verrichten om een duurzaam, op waarden gebaseerd en transparant alternatief te bieden, gebaseerd op lokaal ownership, eerlijke concurrentie en wederzijds voordeel; roept de EU ertoe op haar strategische communicatie en zichtbaarheid te verbeteren, gezamenlijke projecten van de AU en de EU op het gebied van infrastructuur, digitalisering en innovatie te bevorderen en onafhankelijke media en onderwijsinitiatieven te ondersteunen om de voordelen van het gezamenlijk EU-AU-partnerschapsmodel op de lange termijn te laten zien; wijst op het strategische belang van kritieke grondstoffen voor zowel Afrika als Europa en benadrukt dat samenwerking op dit gebied gebaseerd moet zijn op wederzijds voordeel, transparantie en duurzaamheid; roept ertoe op de veerkracht van Europa te versterken door af te stappen van een te grote afhankelijkheid en via diversificatie over te stappen op partnerschappen die verantwoorde mijnbouw, lokale toegevoegde waarde en de ontwikkeling van vaardigheden bevorderen; onderstreept dat initiatieven in het kader van het Global Gateway-investeringspakket Afrika-Europa veerkrachtige, eerlijke en ecologisch verantwoorde toeleveringsketens moeten bevorderen en ervoor moeten zorgen dat de samenwerking op het gebied van hulpbronnen bijdraagt tot duurzame en inclusieve groei en economische diversificatie in Afrikaanse landen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Duurzame ontwikkeling en groei, handel en infrastructuur</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>is er voorstander van dat de AfCFTA als motor van continentale integratie volledig wordt geïmplementeerd en verzoekt de EU te voorzien in technische en financiële bijstand voor de bijbehorende instellingen en douaneharmonisatie en de gereedheid van de particuliere sector te bevorderen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>wijst op de centrale rol van het NDICI – Europa in de wereld als het belangrijkste externe financieringskader van de EU ter ondersteuning van de samenwerking met Afrika; benadrukt dat een doeltreffend gebruik van het NDICI – Europa in de wereld en het instrument dat daarvoor in de plaats komt, essentieel is om te zorgen voor samenhang tussen beleidsprioriteiten, Global Gateway-investeringen en Team Europa-initiatieven, en om transparantie, verantwoordingsplicht en meetbare resultaten in het ontwikkelingsbeleid van de EU te waarborgen, en om onze verplichtingen uit hoofde van de EU-verdragen na te komen, met inbegrip van de bevordering van armoedebestrijding, duurzame ontwikkeling, mensenrechten, internationale samenwerking en gendergelijkheid;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>roept de lidstaten ertoe op de tekortkomingen in hun eerdere aanpak van ontwikkelingssamenwerking met en externe bijstand aan Afrika grondig te evalueren en hun strategieën voor Afrika te herzien en bij te stellen, om duurzame welvaart op het continent te bevorderen en partnerschappen te bewerkstelligen die voor beide partijen echt voordelig zijn; benadrukt het belang van beleidscoherentie voor ontwikkeling (PCD) op alle externe beleidsterreinen van de EU, rekening houdend met aspecten inzake handel, migratie, klimaat en veiligheid; benadrukt het belang van het PCD-netwerk van het Parlement om een betere afstemming van het externe beleid van de EU te bereiken; benadrukt dat officiële ontwikkelingshulp (ODA) nog steeds onontbeerlijk is voor de minst ontwikkelde landen, lage-inkomenslanden en kwetsbare staten; verzoekt de lidstaten versneld vooruitgang te boeken met betrekking tot de reeds lang bestaande doelstelling van de VN om 0,7 % van het bruto nationaal inkomen aan ODA te besteden en om het deel voor de minst ontwikkelde landen te vergroten, in lijn met de toezeggingen op EU- en internationaal niveau; dringt erop aan op zoek te gaan naar innovatieve en juridisch solide financieringsinstrumenten, met inbegrip van een vrijwillige herverdeling van de bijzondere trekkingsrechten van het Internationaal Monetair Fonds waar dit haalbaar is, en het gebruik van gestructureerde en transparante “debt for climate swaps” of “debt for development swaps” om de financiering van klimaatadaptatie en -veerkracht te versterken; verzoekt de Commissie en de lidstaten om bij de ondertekening van overeenkomsten met Afrikaanse landen rekening te houden met de belangen van de ultraperifere gebieden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>spreekt zijn diepe bezorgdheid uit over de toenemende schuldenlast waarmee veel Afrikaanse landen worden geconfronteerd; roept de EU en andere relevante partners ertoe op steun te verlenen aan een alomvattende herstructurering van de schuldenlast en een hervorming van de mondiale financiële architectuur, om eerlijkere voorwaarden en transparantie te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>prijst de inspanningen om het externe optreden van de EU coherenter te maken door middel van het Europa in de wereld-instrument en de Global Gateway-strategie, maar benadrukt dat flexibiliteit gepaard moet gaan met voorspelbaarheid, verantwoordingsplicht, transparantie en parlementair toezicht; verzoekt de Commissie, de EDEO, de Raad en de lidstaten ervoor te zorgen dat het Global Gateway-investeringspakket Afrika-Europa tastbare resultaten oplevert door projecten af te stemmen op de prioriteiten van Afrika, niet-duurzame schulden te voorkomen, armoedebestrijding te ondersteunen en menselijke ontwikkeling te bevorderen in overeenstemming met de SDG’s en verdragsverplichtingen; erkent dat grootschalige investeringsinitiatieven alleen geen antwoord kunnen bieden op de complexe realiteit van fragiele en door conflicten getroffen gebieden, noch op de kwetsbaarheden van de minst ontwikkelde landen en landen met een zware schuldenlast; dringt daarom aan op een gerichte EU-strategie voor betrokkenheid in fragiele contexten in het kader van het toekomstige Europa in de wereld-instrument, waarin politieke dialoog, vredesopbouw, humanitaire hulp en ontwikkelingsmaatregelen op coherente wijze worden geïntegreerd, en benadrukt tegelijkertijd de noodzaak van geoormerkte humanitaire hulp in het volgende meerjarig financieel kader; beklemtoont dat de zichtbaarheid en coördinatie van door de EU gefinancierde projecten moeten worden verbeterd door middel van sterkere EU-delegaties en echte partnerschappen met Afrikaanse belanghebbenden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>neemt met grote bezorgdheid kennis van het wijdverbreide bewijs van illegale mijnbouw en mineralensmokkel, en de daaruit voortvloeiende gevolgen voor de stabiliteit en ontwikkeling van regio’s die rijk zijn aan hulpbronnen; wijst nogmaals op het verband tussen mijnbouw en mensenrechtenschendingen, milieudegradatie, landroof en gewelddadige conflicten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>roept op tot de totstandbrenging van een specifiek industrialisatiepact tussen de EU en Afrika onder gezamenlijke auspiciën van de AU, de EU en regionale ontwikkelingsbanken, met als doel publiek en privaat kapitaal te mobiliseren, en er zo voor te zorgen dat Afrika niet alleen een bron van grondstoffen is, maar ook een knooppunt voor verwerking, productie en innovatie; benadrukt dat dit initiatief een concrete uiting zou zijn van een partnerschap tussen gelijken, waarmee langetermijngroei en duurzame waardeketens op beide continenten worden bevorderd; uit zijn bezorgdheid over de terugtrekking van het Amerikaans Bureau voor Internationale Ontwikkeling (USAID) en de inkrimping van zijn programma’s, waardoor grote financieringstekorten voor essentiële diensten zijn ontstaan; verzoekt de Commissie en de lidstaten om de programmering van NDICI – Europa in de wereld en Team Europa af te stemmen op de officieel overeengekomen doelstellingen en minimale uitgavendoelstellingen voor Sub-Saharaans Afrika en thematische programma’s, en om deze instrumenten te gebruiken om waar nodig snel financieringstekorten te overbruggen, met prioriteit voor armoedebestrijding, gezondheid, gendergelijkheid, onderwijs, voedselzekerheid en klimaatadaptatie in de meest kwetsbare Afrikaanse landen; benadrukt dat het op behoeften gebaseerde karakter van humanitaire hulp een geoormerkte financiering vereist, die gescheiden is van de financiering van andere externe maatregelen; beklemtoont het belang van een nauwe dialoog tussen de Verenigde Staten, de EU en de AU op voet van gelijkheid om de gezamenlijke doelstellingen van bevordering van democratie, ontwikkeling en welvaart in Afrika te verwezenlijken en het beleid inzake “vrede in ruil voor grondstoffen” te herzien;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Investeren in vrouwen, jongeren, menselijke ontwikkeling en mobiliteit</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>benadrukt dat Afrikaanse jongeren centraal moeten staan in een hernieuwd partnerschap tussen de EU en Afrika; beklemtoont dat de Afrikaanse regeringen dankzij het partnerschap tussen de EU en de AU mogelijkheden kunnen bieden aan hun burgers, onder meer op het gebied van werkgelegenheid, en dat de EU dergelijke door Afrika geïnitieerde inspanningen kan ondersteunen en bevorderen; onderstreept dat het voor een duurzaam en gelijkwaardig partnerschap essentieel is om jongeren uit beide continenten dichter bij elkaar te brengen door het vergroten van wederzijds begrip en het verstevigen van de onderlinge banden; pleit voor de intensivering van studenten- en onderzoeksuitwisselingsprogramma’s; ondersteunt de verhoogde deelname van Europese studenten aan uitwisselingsprogramma’s met Afrikaanse universiteiten; dringt bovendien aan op meer steun voor Afrikaanse universiteiten, beroepsopleidingscentra, en door jongeren geleide initiatieven om vaardigheden, innovatie en uitwisseling te versterken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>roept ertoe op een speciaal innovatiefonds voor jongeren tussen Afrika en de EU op te richten om start-ups en gemeenschapsprojecten onder leiding van jonge ondernemers te financieren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>erkent dat migratie een gedeelde realiteit is die voor beide continenten grote uitdagingen met zich meebrengt en die alleen kansen kan bieden als ze op een juiste en verantwoorde manier wordt aangepakt; roept de EU en haar lidstaten op om strategische en op maat gemaakte partnerschappen met Afrikaanse landen te blijven ontwikkelen en uit te voeren, hetzij specifiek gericht op migratie, hetzij met een bredere reikwijdte waarin migratie centraal staat, gebaseerd op gedeelde belangen en meetbare verbintenissen op het gebied van grensbeheer, terugkeer en overname, en de bestrijding van illegale migratie, migrantensmokkel, mensenhandel en terrorisme; roept met name op tot versterkte samenwerking met landen van herkomst en doorreis om illegale migratie te voorkomen, smokkelnetwerken te ontmantelen en terugkeer te optimaliseren, alsook om de samenwerking op het gebied van veiligheid en terrorismebestrijding uit te bouwen; benadrukt dat een dergelijke samenwerking moet bijdragen tot stabiliteit op lange termijn en de resultaten ervan lonend moeten zijn voor beide continenten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>roept de EU en de AU ertoe op vrouwenrechten en gendergelijkheid te handhaven en te bevorderen, de toegang tot onderwijs en de naleving van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten te waarborgen, de volledige, gelijkwaardige en zinvolle participatie van vrouwen in de besluitvorming en op de arbeidsmarkt te stimuleren en gendergerelateerd geweld en schadelijke praktijken te bestrijden; herhaalt dat gendergelijkheid en de empowerment van vrouwen voorwaarden zijn voor inclusieve groei en duurzame ontwikkeling; roept de EU ertoe op te zorgen voor specifieke financiering voor programma’s voor gendergelijkheid in overeenstemming met haar genderactieplan III; pleit voor ambitieuze financieringsdoelstellingen om SDG 5 inzake gendergelijkheid te bevorderen en door vrouwen aangestuurde oplossingen meer slagkracht te geven;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>benadrukt hoe belangrijk het is om op te treden tegen schendingen van vrouwenrechten in Afrika, met name tegen de genitale verminking van vrouwen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>benadrukt dat gezondheidsbeveiliging een gezamenlijke mondiale uitdaging is en spreekt zijn bezorgdheid uit over het feit dat aanzienlijke bezuinigingen in deze sector decennia van vooruitgang in de mondiale gezondheid ongedaan dreigen te maken, waardoor miljoenen levens in gevaar komen; is ingenomen met de EU-steun voor de Afrikaanse centra voor ziektepreventie en ‑bestrijding, voor vaccinproductiecentra en voor het Afrikaans Geneesmiddelenbureau; benadrukt de cruciale rol van de EU bij de financiering van levensreddende gezondheidsprogramma’s, waaronder programma’s voor de preventie en behandeling van hiv en aids en programma’s voor seksuele en reproductieve gezondheid; dringt aan op verdere samenwerking op het gebied van paraatheid bij pandemieën, lokale farmaceutische productie en universele gezondheidszorg;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Klimaat, milieu en multilaterale samenwerking</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>roept op tot gezamenlijke vooruitgang op het gebied van de Afrikaanse interne elektriciteitsmarkt, grensoverschrijdende interconnecties en duurzame verstedelijking; dringt erop aan dat de EU een billijk deel van de klimaatfinanciering levert voor Afrikaanse klimaatadaptatie en -mitigatie, en initiatieven ondersteunt zoals de Great Green Wall en NaturAfrica, die milieubescherming combineren met banen en plattelandsontwikkeling; erkent klimaatverandering als een gezamenlijke uitdaging en een kans voor samenwerking tussen Afrika en de EU; is ingenomen met het Afrika-EU-initiatief voor groene energie om tegen 2030 50 GW aan hernieuwbare capaciteit te leveren en 100 miljoen mensen toegang tot elektriciteit te geven;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>roept op tot sterkere actie van de AU en de EU en tot gemeenschappelijke pleitbezorging op vergaderingen van de Conferentie van de Partijen om eerlijke klimaatfinanciering, technologieoverdracht en financiering voor het Fonds voor respons op verlies en schade veilig te stellen; benadrukt dat alle grote uitstoters van broeikasgassen, inclusief de leden van de G20, het voortouw moeten nemen bij de uitvoering van de Overeenkomst van Parijs; is ingenomen met het feit dat de AU permanent lid van de G20 is, en steunt een grotere vertegenwoordiging van Afrika in de mondiale governance; stelt voor dat de AU en de EU een jaarlijkse dialoog op hoog niveau over klimaat en duurzaamheid aangaan teneinde de vooruitgang op te volgen en het beleid inzake energie, biodiversiteit en milieubescherming op elkaar af te stemmen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De weg vooruit</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>is ingenomen met de organisatie van de zevende top EU-AU in Luanda als een belangrijke gelegenheid voor Afrikaanse en Europese leiders om hun inzet voor het partnerschap tussen de EU en de AU opnieuw te bevestigen; roept de deelnemers ertoe op deze gelegenheid aan te grijpen om meetbare verbintenissen voor de komende vijf jaar aan te kondigen, met name door de vaststelling van een gezamenlijk actieplan voor de periode 2025-2030, een routekaart om handel en investeringen tussen Afrika en de EU tegen 2030 te verdubbelen, en een vernieuwd gezamenlijk kader voor digitale transformatie en partnerschappen voor groene energie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>dringt er bij de Commissie en de EDEO op aan om met de Commissie van de AU en regionale economische gemeenschappen jaarlijkse dialogen op hoog niveau te voeren op vier prioritaire gebieden, namelijk vrede en veiligheid, handel en economische samenwerking, migratie en mobiliteit, en duurzaamheid en klimaatactie, teneinde de partnerschapsprioriteiten te evalueren, de uitvoering te monitoren en input te leveren voor zowel AU-EU-topontmoetingen als het meerjarig financieel kader van de EU; stelt voor dat het overleg tussen de AU en de EU jaarlijks wordt geïnstitutionaliseerd op het niveau van ministers en hoge ambtenaren, om te zorgen voor continue coördinatie, verantwoordingsplicht en adaptief beleidsontwerp;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>33.</NO.P>benadrukt dat het belangrijk is de parlementaire dimensie van het partnerschap Afrika-Europa te versterken; roept ertoe op voorafgaand aan de topontmoeting een bijeenkomst te organiseren tussen leden van het Europees Parlement en leden van het Pan-Afrikaanse Parlement, om ervoor te zorgen dat de stemmen van gekozen vertegenwoordigers van beide continenten worden meegenomen bij het opstellen van de agenda, het vaststellen van de prioriteiten en het bepalen van de resultaten van de komende top EU-AU; onderstreept dat een dergelijke dialoog de democratische legitimiteit zou vergroten, wederzijds begrip zou bevorderen en ervoor zou zorgen dat de conclusies van de top de zorgen en aspiraties van burgers van over heel Afrika en Europa weerspiegelen; benadrukt ook het belang van een zinvolle betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld bij het partnerschap en bij topontmoetingen; prijst het besluit van het Europees Parlement om een bureau in Addis Abeba te openen om de activiteiten en besluitvormingsprocessen van de AU en het Pan-Afrikaanse parlement op de voet te volgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>34.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter regelmatiger Afrikaanse staatshoofden uit te nodigen om het Parlement toe te spreken, zodat een evenwichtige geografische vertegenwoordiging wordt gewaarborgd en een diepere politieke dialoog tussen de twee continenten wordt gestimuleerd;</P></ACTION><SEPARATION><P>°</P><P>°         °</P></SEPARATION><ACTION><P><NO.P>35.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de voorzitter van de Europese Raad, de voorzitter van de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de Raad, de Commissie van de Afrikaanse Unie, het Pan-Afrikaanse Parlement, de regeringen en parlementen van de EU-lidstaten en van de lidstaten van de Afrikaanse Unie, en de secretarissen-generaal van de Verenigde Naties en van de Organisatie van staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>