<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2025)0306000</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Geharmoniseerde voorschriften voor de interne markt betreffende de transparantie van namens derde landen uitgevoerde belangvertegenwoordigingsactiviteiten</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0208/2025 - Rapporteur: Adina Vălean)</STRING></HIDDEN><TXTLST><DECISION><TI><STRING BOLD="on">Amendementen van het Europees Parlement aangenomen op 27 november 2025 op het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van geharmoniseerde voorschriften voor de interne markt betreffende de transparantie van namens derde landen uitgevoerde belangvertegenwoordigingsactiviteiten en tot wijziging van Richtlijn (EU) 2019/1937 (COM(2023)0637 – C9-0464/2023 – 2023/0463(COD))</STRING><FOOTNOTE><FIELD> De zaak werd voor interinstitutionele onderhandelingen terugverwezen naar de bevoegde commissie op grond van artikel 60, lid 4, vierde alinea, van het Reglement (A10-0208/2025).</FIELD></FOOTNOTE></TI><NOTE>(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)</NOTE><TEXT><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION/></ACTLST></DISPOSITIF><AMDLST><HD><HEAD.OLD><STRING ITALIC="on">Door de Commissie voorgestelde tekst</STRING></HEAD.OLD><HEAD.NEW><STRING ITALIC="on">Amendement</STRING></HEAD.NEW></HD><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		1</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(1)</NO.P>Belangenvertegenwoordiging in de Unie is een groeiende en in toenemende mate grensoverschrijdende activiteit, die, mits met de nodige transparantie uitgevoerd, de uitwisseling van ervaringen met en standpunten over problemen en oplossingen mogelijk maakt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en</STRING></STRING> publieke besluitvormers <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">helpt</STRING></STRING> zich een beeld <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">te</STRING></STRING> vormen van de opties en compromissen die met verschillende benaderingen gepaard gaan.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(1)</NO.P>Belangenvertegenwoordiging in de Unie is een groeiende en in toenemende mate grensoverschrijdende activiteit, die, mits met de nodige transparantie uitgevoerd, de uitwisseling van ervaringen met en standpunten over problemen en oplossingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> in verband met kwesties die raken aan een beleidsmaatregel, een wet of een openbaar besluitvormingsproces</STRING></STRING> mogelijk maakt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Deze uitwisseling kan voor</STRING></STRING> publieke besluitvormers <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een essentieel hulpmiddel zijn aan de hand waarvan zij</STRING></STRING> zich een beeld <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kunnen</STRING></STRING> vormen van de opties en compromissen die met verschillende benaderingen gepaard gaan.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		2</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(2)</NO.P>Niet alleen binnenlandse partijen, maar steeds vaker ook derde landen doen een beroep op belangenvertegenwoordiging. Ideeën uit derde landen kunnen een positieve bijdrage leveren aan het publieke debat en verrijken het internationale engagement. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het is voor overheidsfunctionarissen of private personen echter niet altijd gemakkelijk om zicht te krijgen op de betrokkenheid van derde landen bij belangenvertegenwoordigingsactiviteiten in het kader van hun besluitvormingsproces of op de omvang, de trends en de actoren in dat verband.</STRING></STRING> Met derde landen worden landen bedoeld die geen lid zijn van de Unie of van de Europese Economische Ruimte.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(2)</NO.P>Niet alleen binnenlandse partijen, maar steeds vaker ook derde landen doen een beroep op belangenvertegenwoordiging. Ideeën uit derde landen kunnen een positieve bijdrage leveren aan het publieke debat en verrijken het internationale engagement. Met derde landen worden landen bedoeld die geen lid zijn van de Unie of van de Europese Economische Ruimte.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		3</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(3)</NO.P>Belangenvertegenwoordiging<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, ook voor derde landen,</STRING></STRING> gaat gewoonlijk gepaard met een vergoeding en moet daarom worden beschouwd als een dienst in de zin van artikel 57 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU). De markt voor belangenvertegenwoordiging omvat ook activiteiten op dat gebied die door entiteiten uit derde landen zelf worden uitgevoerd en verband houden met of in de plaats komen van activiteiten van economische aard, en derhalve vergelijkbaar zijn met een dienst. Dergelijke activiteiten moeten op dezelfde wijze worden behandeld als belangenvertegenwoordigingsdiensten.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(3)</NO.P>Belangenvertegenwoordiging gaat gewoonlijk gepaard met een vergoeding en moet daarom worden beschouwd als een dienst in de zin van artikel 57 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU). De markt voor belangenvertegenwoordiging omvat ook activiteiten op dat gebied die door entiteiten uit derde landen zelf worden uitgevoerd en verband houden met of in de plaats komen van activiteiten van economische aard, en derhalve vergelijkbaar zijn met een dienst. Dergelijke activiteiten moeten op dezelfde wijze worden behandeld als belangenvertegenwoordigingsdiensten.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		4</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(5)</NO.P>De nationale regels over transparantie van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lopen sterk uiteen</STRING></STRING>, met name wat betreft de voorschriften voor registratie en het bijhouden van een administratie door de entiteiten die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belangenvertegenwoordigingsuitvoeren</STRING></STRING> uitvoeren. Sommige lidstaten hebben verplichte registers ingesteld die specifiek tot doel hebben transparantie te waarborgen. Andere hebben facultatieve registers ingevoerd of werken helemaal niet met een register voor belangenvertegenwoordiging. Ook<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> de mate van gedetailleerdheid van</STRING></STRING> de informatie die voor transparantiedoeleinden wordt verstrekt, verschilt aanzienlijk, onder meer wat betreft het soort informatie dat moet worden opgegeven, bijvoorbeeld over de vertegenwoordigde belangen of over de cliënt. In sommige lidstaten moet de informatie over belangenvertegenwoordiging regelmatig worden bijgewerkt, in andere lidstaten alleen wanneer de werkingssfeer van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit verandert.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(5)</NO.P>De nationale regels over transparantie van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">verschillen van lidstaat tot lidstaat</STRING></STRING>, met name wat betreft de voorschriften voor registratie en het bijhouden van een administratie door de entiteiten die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belangenvertegenwoordigingsactiviteiten</STRING></STRING> uitvoeren. Sommige lidstaten hebben verplichte registers ingesteld die specifiek tot doel hebben transparantie te waarborgen. Andere hebben facultatieve registers ingevoerd of werken helemaal niet met een register voor belangenvertegenwoordiging. Ook de informatie die voor transparantiedoeleinden wordt verstrekt, verschilt aanzienlijk, onder meer wat betreft het soort informatie dat moet worden opgegeven, bijvoorbeeld over de vertegenwoordigde belangen of over de cliënt. In sommige lidstaten moet de informatie over belangenvertegenwoordiging regelmatig worden bijgewerkt, in andere lidstaten alleen wanneer de werkingssfeer van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit verandert.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		5</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(6)</NO.P>Dergelijke <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">verschillen</STRING></STRING> leiden tot een ongelijk speelveld en tot hogere nalevingskosten voor entiteiten die in meer dan één lidstaat belangenvertegenwoordigingsactiviteiten willen uitvoeren, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en dit kan</STRING></STRING> het ontwikkelen en aanbieden van nieuwe belangenvertegenwoordigingsactiviteiten op de interne markt in de weg staan.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Derde landen willen hun belangen doorgaans in meer dan één lidstaat vertegenwoordigd zien om ervoor te zorgen dat het beleid in</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hele Unie over het algemeen positief voor hen uitvalt.</STRING></STRING> Het bestaan van verschillende voorwaarden heeft negatieve gevolgen voor marktdeelnemers en belemmert de grensoverschrijdende belangenvertegenwoordiging op de interne markt. Door het ongelijke speelveld verplaatsen de grensoverschrijdende belangenvertegenwoordigingsactiviteiten zich van lidstaten met veel regelgeving naar lidstaten waar minder regels zijn<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> of waar</STRING></STRING> de regels <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">slechts in beperkte mate</STRING></STRING> worden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">gehandhaafd</STRING></STRING>. Hierdoor bestaat het gevaar van regelgevingsarbitrage, wat inhoudt dat actoren uit derde landen die dat willen, de transparantievereisten kunnen omzeilen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(6)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Ook al zijn</STRING></STRING> dergelijke <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">maatregelen allemaal bedoeld om de transparantie te vergroten en de democratische verantwoordingsplicht te waarborgen, toch</STRING></STRING> leiden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die verschillen </STRING></STRING>tot een ongelijk speelveld en tot hogere nalevingskosten voor entiteiten die in meer dan één lidstaat belangenvertegenwoordigingsactiviteiten willen uitvoeren, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wat</STRING></STRING> het ontwikkelen en aanbieden van nieuwe belangenvertegenwoordigingsactiviteiten op de interne markt in de weg <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kan </STRING></STRING>staan. Het bestaan van verschillende voorwaarden heeft negatieve gevolgen voor marktdeelnemers en belemmert de grensoverschrijdende belangenvertegenwoordiging op de interne markt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, vooral wanneer deze namens derde landen wordt uitgevoerd, die hun belangen mogelijkerwijs in meer dan één lidstaat vertegenwoordigd willen zien</STRING></STRING>. Door het ongelijke speelveld verplaatsen de grensoverschrijdende belangenvertegenwoordigingsactiviteiten zich van lidstaten met veel regelgeving naar lidstaten waar minder regels zijn<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, wat leidt tot forumshoppen. Vooral kleinere dienstverleners hebben het moeilijk om aan</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uiteenlopende </STRING></STRING>regels <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onder de nationale wetgevingen te voldoen en</STRING></STRING> worden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dus bijzonder hard getroffen door dit ongelijke speelveld</STRING></STRING>. Hierdoor bestaat het gevaar van regelgevingsarbitrage, wat inhoudt dat actoren uit derde landen die dat willen, de transparantievereisten kunnen omzeilen. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het is dus zaak de regels voor de eengemaakte markt inzake belangenvertegenwoordiging te stroomlijnen, met name om ongerechtvaardigde belemmeringen weg te nemen en een gelijk speelveld in de Unie te creëren ten behoeve van burgers en entiteiten die zich aan de regels houden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		6</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 7</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(7)</NO.P>Nu het besef dat bepaalde derde landen de democratische processen in de Unie proberen te beïnvloeden toeneemt, zullen sommige lidstaten waarschijnlijk nieuwe regels opstellen om te waarborgen dat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">buitenlandse beïnvloeding via </STRING></STRING>belangenvertegenwoordiging transparant verloopt. Daardoor neemt ook de kans toe dat de interne markt voor belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd, verder versnippert en dat er dus nog meer belemmeringen komen voor de verlening van dergelijke diensten in meer dan één lidstaat.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(7)</NO.P>Nu het besef dat bepaalde derde landen de democratische processen in de Unie proberen te beïnvloeden toeneemt, zullen sommige lidstaten waarschijnlijk nieuwe regels opstellen om te waarborgen dat belangenvertegenwoordiging transparant verloopt. Daardoor neemt ook de kans toe dat de interne markt voor belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd, verder versnippert en dat er dus nog meer belemmeringen komen voor de verlening van dergelijke diensten in meer dan één lidstaat.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		7</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 8</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(8)</NO.P>Gezien de huidige verschillen tussen de nationale regelgevende maatregelen inzake transparantie van belangenvertegenwoordiging, die met name van invloed zijn op belangenvertegenwoordiging namens derde landen, en gezien het toenemende besef van de risico’s van<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> buitenlandse</STRING></STRING> inmenging in democratische processen dient op het niveau van de Unie te worden opgetreden teneinde regels vast te stellen voor het verlenen van belangenvertegenwoordigingsdiensten en het uitvoeren van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten namens derde landen in de hele Unie, en teneinde een hoge mate van transparantie van dergelijke activiteiten te waarborgen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(8)</NO.P>Gezien de huidige verschillen tussen de nationale regelgevende maatregelen inzake <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de </STRING></STRING>transparantie van belangenvertegenwoordiging, die met name van invloed zijn op belangenvertegenwoordiging namens derde landen, en gezien het toenemende besef van de risico’s van inmenging in democratische processen dient op het niveau van de Unie te worden opgetreden teneinde regels vast te stellen voor het verlenen van belangenvertegenwoordigingsdiensten en het uitvoeren van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten namens derde landen in de hele Unie, en teneinde een hoge mate van transparantie van dergelijke activiteiten te waarborgen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		8</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 9</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(9)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om te vermijden dat de lidstaten unilaterale maatregelen nemen om hun bezorgdheid over de transparantie van buitenlandse beïnvloeding via belangenvertegenwoordiging weg te nemen, en om te voorkomen dat uiteenlopende en inconsistente nationale regels extra belemmeringen opwerpen voor de uitvoering van grensoverschrijdende belangenvertegenwoordigingsactiviteiten namens derde landen, moeten op het niveau van de Unie geharmoniseerde maatregelen worden vastgesteld.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		9</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 10</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(10)</NO.P>Door te voorzien in geharmoniseerde transparantievereisten die voor de gehele interne markt gelden, beoogt deze richtlijn een samenhangend<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en systematisch</STRING></STRING> kader tot stand te brengen teneinde transparantie te waarborgen op het gebied van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd om invloed uit te oefenen op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van beleid<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> of</STRING></STRING> wetgeving of<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> op</STRING></STRING> openbare besluitvormingsprocessen in de Unie.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(10)</NO.P>Door te voorzien in geharmoniseerde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">minimale </STRING></STRING>transparantievereisten die voor de gehele interne markt gelden, beoogt deze richtlijn een samenhangend kader tot stand te brengen teneinde transparantie te waarborgen op het gebied van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd om invloed uit te oefenen op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van beleid<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> wetgeving of openbare besluitvormingsprocessen in de Unie.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		10</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 11</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(11)</NO.P>De vaststelling van gemeenschappelijke normen op het gebied van transparantie, verantwoording en rapportage <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">is tevens bevorderlijk voor</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">democratische verantwoordingsplicht en voor een beter gemeenschappelijk inzicht in belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die worden uitgevoerd om invloed uit te oefenen op</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontwikkeling, formulering of uitvoering van beleid of wetgeving of op openbare besluitvormingsprocessen</STRING></STRING> in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de Unie. Daarmee wordt tegelijkertijd tegemoetgekomen aan de behoefte aan betrouwbare en consistente gegevens</STRING></STRING>. Het waarborgen van transparantie van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd, is een legitiem openbaar doel, gelet op de beginselen van openheid en transparantie, die moeten dienen als richtsnoer voor het democratisch bestel van de Unie overeenkomstig artikel 1, tweede alinea, en artikel 10, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU), in overeenstemming met de in artikel 2 VEU opgenomen democratische waarden die de Unie en haar lidstaten gemeen hebben, en ter ondersteuning van de uitoefening van burgerschapsrechten.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(11)</NO.P>De vaststelling van gemeenschappelijke normen op het gebied van transparantie, verantwoording en rapportage <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">beantwoordt ook aan</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">behoefte aan betrouwbare en consistente gegevens en is dus bevorderlijk voor</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">democratische verantwoordingsplicht en voor een beter gemeenschappelijk inzicht</STRING></STRING> in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belangenvertegenwoordigingsactiviteiten</STRING></STRING>. Het waarborgen van transparantie van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd, is een legitiem openbaar doel, gelet op de beginselen van openheid en transparantie, die moeten dienen als richtsnoer voor het democratisch bestel van de Unie overeenkomstig artikel 1, tweede alinea, en artikel 10, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU), in overeenstemming met de in artikel 2 VEU opgenomen democratische waarden die de Unie en haar lidstaten gemeen hebben, en ter ondersteuning van de uitoefening van burgerschapsrechten.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		11</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 11 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(11 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Evenredige en doelgerichte maatregelen met het oog op een geharmoniseerd, transparant en voorspelbaarder rechtsklimaat voor belangenvertegenwoordigingsactiviteiten namens derde landen zouden de desbetreffende entiteiten, maar ook besluitvormers en burgers ten goede komen. Daartoe moeten er forse waarborgen worden ingevoerd om mogelijke negatieve gevolgen voor de betrokken entiteiten voorkomen, met volledige inachtneming van de grondrechten en de democratische beginselen en waarden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		12</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 11 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(11 ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bepaalde andere landen volgen een andere aanpak dan de Unie, die de Unie steeds heeft veroordeeld als zijnde onevenredig, discriminerend en ongerechtvaardigd. Die aanpak bestaat uit de goedkeuring van wetten die de civiele ruimte onnodig inperken door maatschappelijke organisaties, journalisten en mensenrechtenverdedigers te stigmatiseren en te intimideren in een poging hun activiteiten aan banden te leggen. Die wetten hebben vaak tot doel de financiële stabiliteit en de geloofwaardigheid van de betrokken organisaties te ondermijnen door hen als “buitenlandse agent” aan te merken. In tegenstelling tot deze “wetten inzake buitenlandse agenten” geeft deze richtlijn geen negatief label aan de activiteiten van specifieke entiteiten, waaronder maatschappelijke organisaties, noch heeft zij tot doel de maatschappelijke ruimte in te perken. In plaats daarvan voorziet de richtlijn in vereisten betreffende transparantie en democratische verantwoording voor entiteiten die namens derde landen belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren. Bovendien omvat deze richtlijn geen activiteitenverbod of verplichting tot transparantie over financiering voor zover die activiteit of financiering geen verband houdt met belangenvertegenwoordiging namens derde landen. Deze richtlijn heeft daarom geen betrekking op entiteiten die financiële steun van andere lidstaten of van entiteiten uit derde landen ontvangen voor doeleinden die geen verband houden met belangenvertegenwoordiging in de zin van deze richtlijn.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		13</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 11 quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(11 quater)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in deze richtlijn vervatte maatregelen zijn evenredig en blijven beperkt tot wat noodzakelijk is om de transparantie te waarborgen van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd. Met deze maatregelen wordt entiteiten dan ook geen vereisten opgelegd louter omdat zij financiering uit het buitenland ontvangen. Gezien de noodzaak om meer transparantie bij het uitvoeren van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten namens derde landen op de interne markt centraal te stellen, moeten de in de richtlijn vervatte verplichtingen er met name voor zorgen dat de bekendgemaakte gegevens op een feitelijke en neutrale manier worden gepresenteerd en dat de bevoegde nationale autoriteiten zo handelen dat er geen nadelige gevolgen, zoals stigmatisering, voortvloeien uit het feit dat een entiteit zich overeenkomstig de regels van deze richtlijn heeft geregistreerd. De maatregelen van deze richtlijn moeten volledig in overeenstemming zijn met de grondrechten en met de beginselen die met name worden erkend in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (“het Handvest”), waaronder de vrijheid van meningsuiting en van informatie, de vrijheid van vergadering en vereniging, de vrijheid van wetenschappelijk onderzoek, met inbegrip van de academische vrijheid, het recht op bescherming van persoonsgegevens, het recht op een doeltreffende voorziening in rechte en de vrijheid van ondernemerschap. De in deze richtlijn vastgestelde maatregelen brengen een gemeenschappelijk niveau van transparantie inzake belangenvertegenwoordiging namens een derde land tot stand en versterken daardoor de democratische rechten van burgers, zoals verankerd in het Handvest.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		14</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 12</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(12)</NO.P>Heimelijke belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd, kunnen een nadelige invloed hebben op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van het interne en externe beleid van de Unie, onder meer op het vlak van economische en veiligheidsbelangen. Dit raakt de democratie, die een gemeenschappelijke waarde van de Unie is, in bredere zin en het waarborgen van de democratie is van fundamenteel belang voor de Unie en haar lidstaten. Het vaststellen van regels om een Uniebreed geharmoniseerd niveau van transparantie voor dergelijke activiteiten te waarborgen, moet het vertrouwen van het publiek in de besluitvormingsprocessen van de Unie en de lidstaten helpen versterken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(12)</NO.P>Heimelijke belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd, kunnen een nadelige invloed hebben op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van het interne en externe beleid van de Unie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en haar lidstaten</STRING></STRING>, onder meer op het vlak van economische en veiligheidsbelangen. Dit raakt de democratie, die een gemeenschappelijke waarde van de Unie is, in bredere zin en het waarborgen van de democratie is van fundamenteel belang voor de Unie en haar lidstaten. Het vaststellen van regels om een Uniebreed geharmoniseerd niveau van transparantie voor dergelijke activiteiten te waarborgen, moet het vertrouwen van het publiek in de besluitvormingsprocessen van de Unie en de lidstaten helpen versterken.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		15</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 13</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(13)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Sommige derde landen beschikken over regels inzake openheid en transparantie van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten, maar die regels hebben geen betrekking op activiteiten die tot doel hebben invloed uit te oefenen op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van beleid of wetgeving of op openbare besluitvormingsprocessen in de Unie. Ze volstaan derhalve niet om de transparantie te waarborgen van belangenvertegenwoordiging die tot doel heeft de besluitvorming in de Unie te beïnvloeden.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		16</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 14</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(14)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in deze richtlijn vervatte maatregelen zijn evenredig en blijven beperkt tot wat noodzakelijk is om de transparantie van een specifieke reeks activiteiten te waarborgen, namelijk belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd. De maatregelen hebben tot doel deze activiteiten te reguleren, niet om entiteiten vereisten op te leggen louter omdat zij financiering uit het buitenland ontvangen. Deze richtlijn is gericht op meer transparantie bij het uitvoeren van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten namens derde landen op de interne markt. De in de richtlijn vervatte verplichtingen moeten er met name voor zorgen dat de bekendgemaakte gegevens op een feitelijke en neutrale manier worden gepresenteerd en dat de bevoegde nationale autoriteiten zo handelen dat er geen nadelige gevolgen, zoals stigmatisering, voortvloeien uit het feit dat een entiteit zich overeenkomstig de bepalingen van deze richtlijn heeft geregistreerd. De richtlijn voorziet in een uitgebreid systeem van waarborgen, met inbegrip van doeltreffende rechterlijke toetsing, die de evenredigheid van de geharmoniseerde maatregelen moeten garanderen. De in de richtlijn vervatte maatregelen zijn volledig in overeenstemming met de grondrechten en met de beginselen die met name zijn erkend in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (het Handvest), waaronder de vrijheid van meningsuiting en van informatie, de vrijheid van vergadering en vereniging, de vrijheid van wetenschappelijk onderzoek, met inbegrip van de academische vrijheid, het recht op bescherming van persoonsgegevens, het recht op een doeltreffende voorziening in rechte en de vrijheid van ondernemerschap. De in deze richtlijn vastgestelde maatregelen brengen een gemeenschappelijk niveau van transparantie inzake het vertegenwoordigen van belangen namens een derde land tot stand en versterken daardoor de democratische rechten van de burgers als bedoeld in het Handvest.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		17</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 14 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(14 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om potentiële belangenconflicten te voorkomen en de integriteit en onpartijdigheid van de ontwikkeling, formulering en uitvoering van beleid, wetgeving of openbare besluitvormingsprocessen in de Unie ook in de toekomst te waarborgen, mogen personen die een publieke functie op hoog niveau hebben bekleed, zoals een regeringsfunctie of een parlementair mandaat, pas na het verstrijken van een voldoende en passende afkoelingsperiode belangenvertegenwoordigingsactiviteiten namens derde landen verrichten.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		18</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 15</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(15)</NO.P>De geharmoniseerde transparantievereisten van deze richtlijn mogen geen afbreuk doen aan nationale regels inzake belangenvertegenwoordigingsactiviteiten voor andere entiteiten dan entiteiten uit derde landen, noch aan de materiële inhoud van die activiteiten, noch aan de materiële regels die van toepassing zijn op overheidsfunctionarissen in hun contacten met entiteiten die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Evenmin mogen de regels afbreuk doen aan de krachtens het nationale of het Unierecht vastgestelde regels die van toepassing zijn op criminele activiteiten en op het opsporen, onderzoeken, vervolgen en bestraffen ervan, zoals die welke betrekking hebben op corruptie.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>(15)</NO.P>De geharmoniseerde transparantievereisten van deze richtlijn mogen geen afbreuk doen aan nationale regels inzake belangenvertegenwoordigingsactiviteiten voor andere entiteiten dan entiteiten uit derde landen, noch aan de materiële inhoud van die activiteiten, noch aan de materiële regels die van toepassing zijn op overheidsfunctionarissen in hun contacten met entiteiten die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		19</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 16</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(16)</NO.P>Om de transparantievereisten te harmoniseren, moet een gemeenschappelijke definitie van belangenvertegenwoordiging worden vastgesteld. Om de correcte toepassing van de geharmoniseerde transparantievereisten te waarborgen, moet het begrip belangenvertegenwoordigingsactiviteiten een ruime betekenis hebben. Het moet worden opgevat als activiteiten die tot doel hebben om onder meer door beïnvloeding van de publieke opinie invloed uit te oefenen op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van beleid of wetgeving of op openbare besluitvormingsprocessen in de Unie en haar lidstaten, ook op regionaal en lokaal niveau.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(16)</NO.P>Om de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">minimale </STRING></STRING>transparantievereisten te harmoniseren<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en te waarborgen dat ze correct worden toegepast</STRING></STRING>, moet een gemeenschappelijke<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en uitputtende</STRING></STRING> definitie van belangenvertegenwoordiging worden vastgesteld. Om de correcte toepassing van de geharmoniseerde transparantievereisten te waarborgen, moet het begrip belangenvertegenwoordigingsactiviteiten een ruime betekenis hebben. Het moet worden opgevat als activiteiten die tot doel hebben om onder meer door beïnvloeding van de publieke opinie invloed uit te oefenen op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van beleid of wetgeving of op openbare besluitvormingsprocessen in de Unie en haar lidstaten, ook op regionaal en lokaal niveau.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		20</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 17</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(17)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Er moet een duidelijk en substantieel verband bestaan tussen de activiteit en de kans dat deze invloed heeft op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van beleid of wetgeving of op openbare besluitvormingsprocessen in de Unie.</STRING></STRING> Om te bepalen of er sprake is van een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dergelijk </STRING></STRING>verband, moet rekening worden gehouden met alle relevante factoren, zoals de inhoud van de activiteit, de context waarin zij wordt uitgevoerd, het doel ervan, de wijze waarop zij wordt uitgevoerd, en de vraag of de activiteit deel uitmaakt van een systematische of duurzame campagne. De richtlijn is niet slechts van toepassing op activiteiten die gericht zijn op het wijzigen van beleid, wetgeving of openbare besluitvormingsprocessen, maar ook op activiteiten die toegespitst zijn op het handhaven van de status quo.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(17)</NO.P>Om te bepalen of er sprake is van een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">duidelijk</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">substantieel </STRING></STRING>verband<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> tussen</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de verstrekte diensten en de</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belangenvertegenwoordigingsactiviteiten</STRING></STRING>, moet rekening worden gehouden met alle relevante factoren, zoals de inhoud van de activiteit, de context waarin zij wordt uitgevoerd, het doel ervan, de wijze waarop zij wordt uitgevoerd, en de vraag of de activiteit deel uitmaakt van een systematische of duurzame campagne. De richtlijn is niet slechts van toepassing op activiteiten die gericht zijn op het wijzigen van beleid, wetgeving of openbare besluitvormingsprocessen, maar ook op activiteiten die toegespitst zijn op het handhaven van de status quo.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		21</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 18</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(18)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Met name</STRING></STRING> de volgende activiteiten kunnen als belangenvertegenwoordigingsactiviteit worden beschouwd: het organiseren van of deelnemen aan vergaderingen, conferenties of evenementen, het leveren van een bijdrage of deelnemen aan raadplegingen, hoorzittingen of andere soortgelijke initiatieven, het organiseren van communicatie- of reclamecampagnes, onder meer via media, platforms, het gebruik van influencers op sociale media, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">netwerken </STRING></STRING>en<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> grassrootsinitiatieven,</STRING></STRING> het opstellen van beleids- en standpuntnota’s, wetgevingsamendementen, opiniepeilingen en enquêtes, open brieven en ander communicatie- of informatiemateriaal.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(18)</NO.P>De volgende activiteiten kunnen als belangenvertegenwoordigingsactiviteit worden beschouwd: het organiseren van of deelnemen aan vergaderingen, conferenties of evenementen, het leveren van een bijdrage of deelnemen aan raadplegingen, hoorzittingen of andere soortgelijke initiatieven, het organiseren van communicatie- of reclamecampagnes, onder meer via media, platforms, het gebruik van influencers op sociale media, en het opstellen van beleids- en standpuntnota’s, wetgevingsamendementen, opiniepeilingen en enquêtes, open brieven en ander communicatie- of informatiemateriaal<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, onder meer indien dat afkomstig is van denktanks of onderzoeksinstellingen die zelf optreden als een entiteit die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoert</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		22</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 19</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(19)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Onder belangenvertegenwoordiging kunnen ook activiteiten worden verstaan die namens een entiteit uit een derde land in het kader van onderzoek en onderwijs worden uitgevoerd, zoals de verspreiding door denktanks van documenten waarin de vaststelling van specifiek overheidsbeleid wordt aanbevolen of gestimuleerd.</STRING></STRING> Overeenkomstig het in artikel 13 van het Handvest verankerde beginsel van academische vrijheid en vrijheid van wetenschappelijk onderzoek worden de volgende activiteiten niet als belangenvertegenwoordiging beschouwd: onderzoek dat door onderzoekers wordt verricht naar een onderwerp van hun keuze, de verspreiding van de resultaten van dat onderzoek, en onderwijs- en opleidingsactiviteiten die worden verricht in overeenstemming met het beginsel van academische vrijheid en institutionele autonomie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, tenzij deze activiteiten duidelijk tot doel hebben invloed uit te oefenen op</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontwikkeling, formulering of </STRING></STRING>uitvoering van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">beleid of wetgeving of op openbare besluitvormingsprocessen in de Unie en worden uitgevoerd namens een entiteit uit een derde land. Wanneer dit laatste niet het geval is, mogen voor de uitvoering van dergelijke activiteiten geen</STRING></STRING> registratieverplichtingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> worden opgelegd</STRING></STRING> uit hoofde van deze richtlijn.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(19)</NO.P>Overeenkomstig het in artikel 13 van het Handvest verankerde beginsel van academische vrijheid en vrijheid van wetenschappelijk onderzoek worden de volgende activiteiten niet als belangenvertegenwoordiging beschouwd: onderzoek dat door onderzoekers wordt verricht naar een onderwerp van hun keuze, de verspreiding van de resultaten van dat onderzoek, en onderwijs- en opleidingsactiviteiten die worden verricht in overeenstemming met het beginsel van academische vrijheid en institutionele autonomie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. </STRING></STRING>De uitvoering van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dergelijke activiteiten mag daarom geen aanleiding zijn om</STRING></STRING> registratieverplichtingen uit hoofde van deze richtlijn<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> op te leggen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		23</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 20</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(20)</NO.P>Activiteiten van overheidsfunctionarissen van derde landen die verband houden met de uitoefening van het openbaar gezag, met inbegrip van activiteiten in het kader van diplomatieke betrekkingen tussen staten of internationale organisaties, moeten van het toepassingsgebied van deze richtlijn worden uitgesloten. Deze richtlijn is evenmin van toepassing op activiteiten van advocaten op het gebied van het verstrekken van juridisch advies of het vertegenwoordigen van entiteiten uit derde landen in juridische, verzoenings- of bemiddelingsprocedures en het waarborgen van hun grondrechten, zoals het recht om te worden gehoord, het recht op een onpartijdig gerecht en het recht op verdediging. Ander professioneel advies dan juridisch advies moet ook buiten het toepassingsgebied van deze richtlijn vallen, zoals het laten uitvoeren van een studie of expertise ter staving van de bewijsvoering in de rechtbank, het inwinnen van technisch of wetenschappelijk advies over de naleving van technische wetgeving of het gebruikmaken van bemiddelingsdiensten die worden verstrekt door een beroepsbeoefenaar die niet noodzakelijkerwijs een erkend jurist is. Nevenactiviteiten zoals catering, het ter beschikking stellen van een locatie, het drukken van brochures of beleidsdocumenten, en het verlenen van onlinetussenhandelsdiensten in de zin van Verordening (EU) 2022/2065<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">3</STRING></STRING></STRING>, zoals onlineplatformdiensten, vallen niet onder deze richtlijn.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(20)</NO.P>Activiteiten van overheidsfunctionarissen van derde landen die verband houden met de uitoefening van het openbaar gezag, met inbegrip van activiteiten in het kader van diplomatieke betrekkingen tussen staten of internationale organisaties, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zoals activiteiten die verband houden met de in artikel 3 van het Verdrag van Wenen inzake diplomatiek verkeer genoemde functies, </STRING></STRING>moeten van het toepassingsgebied van deze richtlijn worden uitgesloten. Deze richtlijn is evenmin van toepassing op activiteiten van advocaten op het gebied van het verstrekken van juridisch advies of het vertegenwoordigen van entiteiten uit derde landen in juridische, verzoenings- of bemiddelingsprocedures en het waarborgen van hun grondrechten, zoals het recht om te worden gehoord, het recht op een onpartijdig gerecht en het recht op verdediging. Ander professioneel advies dan juridisch advies moet ook buiten het toepassingsgebied van deze richtlijn vallen, zoals het laten uitvoeren van een studie of expertise ter staving van de bewijsvoering in de rechtbank, het inwinnen van technisch of wetenschappelijk advies over de naleving van technische wetgeving of het gebruikmaken van bemiddelingsdiensten die worden verstrekt door een beroepsbeoefenaar die niet noodzakelijkerwijs een erkend jurist is. Nevenactiviteiten zoals catering, het ter beschikking stellen van een locatie, het drukken van brochures of beleidsdocumenten, en het verlenen van onlinetussenhandelsdiensten in de zin van Verordening (EU) 2022/2065, zoals onlineplatformdiensten, vallen niet onder deze richtlijn.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">3</STRING> Verordening (EU) 2022/2065 van het Europees Parlement en de Raad van 19 oktober 2022 betreffende een eengemaakte markt voor digitale diensten en tot wijziging van Richtlijn 2000/31/EG (digitaledienstenverordening) (PB L 277 van 27.10.2022, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2022/2065/oj). http://data.europa.eu/eli/reg/2022/2065/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">3</STRING> Verordening (EU) 2022/2065 van het Europees Parlement en de Raad van 19 oktober 2022 betreffende een eengemaakte markt voor digitale diensten en tot wijziging van Richtlijn 2000/31/EG (digitaledienstenverordening) (PB L 277 van 27.10.2022, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2022/2065/oj). http://data.europa.eu/eli/reg/2022/2065/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		24</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 21</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(21)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om de transparantievereisten te kunnen harmoniseren, moet worden voorzien in een gemeenschappelijke definitie van aanbieders van belangenvertegenwoordigingsdiensten. Aanbieders van belangenvertegenwoordigingsdiensten kunnen privaatrechtelijke rechtspersonen zijn, natuurlijke personen die individueel een professionele lobbyactiviteit uitoefenen, alsook andere natuurlijke of rechtspersonen die als hoofdactiviteit of occasionele activiteit invloed uitoefenen op het openbare besluitvormingsproces, met inbegrip van lobby- en pr-bedrijven, denktanks, maatschappelijke organisaties, particuliere onderzoeksinstellingen, openbare onderzoeksinstellingen die onderzoeksdiensten aanbieden, individuele onderzoekers en consultants.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		25</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 23</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(23)</NO.P>Het besluit van een entiteit om een beroep te doen op belangenvertegenwoordiging, kan afkomstig zijn van de overheid of een overheidsinstantie van een derde land. Dit kan het gevolg zijn van zeggenschap die door de overheid of overheidsinstantie van een derde land over de entiteit wordt uitgeoefend, met <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">name wanneer</STRING></STRING> die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">overheid</STRING></STRING> of <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">instantie een</STRING></STRING> beslissende invloed op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die</STRING></STRING> entiteit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">heeft via economische</STRING></STRING> rechten, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">contractuele regelingen</STRING></STRING> of <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">andere middelen</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Dit</STRING></STRING> kan ook het gevolg zijn van situaties waarin de overheid of de overheidsinstantie van een derde land de entiteit instructies of richtlijnen geeft. Om die scenario’s te ondervangen, wordt met entiteiten uit derde landen niet alleen de centrale overheid en de overheidsinstanties van derde landen bedoeld, maar ook publieke of private entiteiten, met inbegrip van burgers van de Unie en in de Unie gevestigde rechtspersonen, waarvan het doen en laten uiteindelijk aan dat derde land kan worden toegerekend. Of het doen en laten van een publieke of private entiteit aan de overheid of een overheidsinstantie van een derde land kan worden toegerekend, moet van geval tot geval worden bepaald, met de nodige aandacht voor elementen zoals de kenmerken van de betrokken entiteit en de juridische en economische omgeving in het derde land waarin de entiteit opereert, met inbegrip van de rol van de overheid in de economie van dat derde land.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(23)</NO.P>Het besluit van een entiteit om een beroep te doen op belangenvertegenwoordiging, kan afkomstig zijn van de overheid of een overheidsinstantie van een derde land. Dit kan het gevolg zijn van zeggenschap die door de overheid of overheidsinstantie van een derde land over de entiteit wordt uitgeoefend<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Om vast te stellen of een entiteit uiteindelijk onder zeggenschap van een opdrachtgever staat, moet rekening worden gehouden met de feitelijke en juridische context waarbinnen zij actief is, met de rechten die derden op haar uitoefenen, met haar contractuele verplichtingen en met alle andere factoren die, afzonderlijk of in combinatie, erop wijzen dat iemand beslissende invloed op de entiteit kan uitoefenen. Dergelijke feitelijke en juridische elementen kunnen met name voortvloeien uit eigendom, uit het recht om alle of een deel van de activa van een entiteit te gebruiken, of uit</STRING></STRING> rechten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> of overeenkomsten die een beslissende invloed verschaffen op de samenstelling</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het stemgedrag of de beslissingen van de organen van een entiteit,</STRING></STRING> of <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uit rechten die het mogelijk maken beslissende invloed uit te oefenen op het financieel of strategisch beleid. In combinatie moeten deze elementen een opdrachtgever mogelijkheden bieden om de strategische richting of de belangrijkste beslissingen van een entiteit te sturen. Zeggenschap</STRING></STRING> kan ook het gevolg zijn van situaties waarin de overheid of de overheidsinstantie van een derde land de entiteit instructies of richtlijnen geeft. Om die scenario’s te ondervangen, wordt met entiteiten uit derde landen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> die optreden als opdrachtgever van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten</STRING></STRING> niet alleen de centrale overheid en de overheidsinstanties van derde landen bedoeld, maar ook publieke of private entiteiten, met inbegrip van burgers van de Unie en in de Unie gevestigde rechtspersonen, waarvan het doen en laten uiteindelijk aan dat derde land kan worden toegerekend. Of het doen en laten van een publieke of private entiteit aan de overheid of een overheidsinstantie van een derde land kan worden toegerekend, moet van geval tot geval worden bepaald, met de nodige aandacht voor elementen zoals de kenmerken van de betrokken entiteit en de juridische en economische omgeving in het derde land waarin de entiteit opereert, met inbegrip van de rol van de overheid in de economie van dat derde land. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Deze toerekening moet door eenduidig bewijs worden gestaafd en mag niet worden ingezet als instrument om de ruimte voor het maatschappelijk middenveld in te perken of entiteiten aan de schandpaal te nagelen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		26</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 24</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(24)</NO.P>Een belangenvertegenwoordigingsactiviteit moet binnen het toepassingsgebied van deze richtlijn vallen indien zij wordt uitgevoerd namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land. Dit betekent dat belangenvertegenwoordigingsdiensten die worden verleend aan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen, onder de richtlijn moeten vallen. Aangezien een overheid van een derde land entiteiten waarvan het doen en laten aan haar kan worden toegerekend, kan inschakelen om belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uit te voeren die economisch van aard zijn en dus vergelijkbaar zijn met een belangenvertegenwoordigingsdienst, moet de richtlijn ook op dergelijke activiteiten van toepassing zijn. Ze kan dus ook van toepassing zijn op belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen zelf uitvoeren. Deze richtlijn moet van toepassing zijn op belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen ten aanzien van natuurlijke of rechtspersonen worden uitgevoerd of die worden uitgevoerd of in de openbaarheid worden gebracht in een of meer lidstaten.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(24)</NO.P>Een belangenvertegenwoordigingsactiviteit moet binnen het toepassingsgebied van deze richtlijn vallen indien zij wordt uitgevoerd namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land. Dit betekent dat belangenvertegenwoordigingsdiensten die worden verleend aan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen, onder de richtlijn moeten vallen. Aangezien een overheid van een derde land entiteiten waarvan het doen en laten aan haar kan worden toegerekend, kan inschakelen om belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uit te voeren die economisch van aard zijn en dus vergelijkbaar zijn met een belangenvertegenwoordigingsdienst, moet de richtlijn ook op dergelijke activiteiten van toepassing zijn. Ze kan dus ook van toepassing zijn op belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen zelf uitvoeren. Deze richtlijn moet van toepassing zijn op belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen ten aanzien van natuurlijke of rechtspersonen worden uitgevoerd of die worden uitgevoerd of in de openbaarheid worden gebracht in een of meer lidstaten.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		27</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 25</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(25)</NO.P>Deze richtlijn mag niet van toepassing zijn op activiteiten die de belangen van een derde land ondersteunen of daarmee stroken zonder dat er sprake is van enig verband met dat derde land. Daaronder vallen activiteiten waarmee uiting wordt gegeven aan de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid om kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën, of de academische vrijheid, zoals activiteiten die worden uitgevoerd door natuurlijke personen op persoonlijke titel of door journalisten die voor media uit derde landen werken en wier doen en laten niet aan een derde land kan worden toegerekend, of activiteiten die niet kunnen worden aangemerkt als belangenvertegenwoordiging in de zin van deze richtlijn. Het aanbieden van mediadiensten zoals gedefinieerd in artikel 2 van Verordening (EU)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> XXXX</STRING></STRING>/<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">XXXX</STRING></STRING> van het Europees Parlement en de Raad<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING></STRING></STRING> en het aanbieden van audiovisuele mediadiensten zoals gedefinieerd in artikel 1 van Richtlijn 2010/13/EU van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING> valt niet onder het toepassingsgebied van deze richtlijn. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die door aanbieders van mediadiensten worden uitgevoerd namens entiteiten uit derde landen in de zin van deze richtlijn, vallen echter wel onder deze richtlijn.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>(25)</NO.P>Deze richtlijn mag niet van toepassing zijn op activiteiten die de belangen van een derde land ondersteunen of daarmee stroken zonder dat er sprake is van enig verband met dat derde land. Daaronder vallen activiteiten waarmee uiting wordt gegeven aan de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid om kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën, of de academische vrijheid, zoals activiteiten die worden uitgevoerd door natuurlijke personen op persoonlijke titel of door journalisten die voor media uit derde landen werken en wier doen en laten niet aan een derde land kan worden toegerekend, of activiteiten die niet kunnen worden aangemerkt als belangenvertegenwoordiging in de zin van deze richtlijn. Het aanbieden van mediadiensten zoals gedefinieerd in artikel 2 van Verordening (EU)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> 2024</STRING></STRING>/<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">1083</STRING></STRING> van het Europees Parlement en de Raad<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING></STRING></STRING> en het aanbieden van audiovisuele mediadiensten zoals gedefinieerd in artikel 1 van Richtlijn 2010/13/EU van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING> valt niet onder het toepassingsgebied van deze richtlijn.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING> Verordening (EU)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> XXXX</STRING></STRING>/<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">XXXX</STRING></STRING> van het Europees Parlement en de Raad van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">XXXX</STRING></STRING> tot vaststelling van een gemeenschappelijk kader voor mediadiensten op de interne markt (verordening mediavrijheid) en tot wijziging van Richtlijn 2010/13/EU (PB<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> L</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">XX van XX</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">XX</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">XXXX, blz. XX</STRING></STRING>, ELI: <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">XX</STRING></STRING>). ELI: <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">XXX</STRING></STRING>).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING> Verordening (EU)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> 2024</STRING></STRING>/<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">1083</STRING></STRING> van het Europees Parlement en de Raad van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">11 april 2024</STRING></STRING> tot vaststelling van een gemeenschappelijk kader voor mediadiensten op de interne markt (verordening mediavrijheid) en tot wijziging van Richtlijn 2010/13/EU (PB <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">L, 2024/1083, 17</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">4</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2024</STRING></STRING>, ELI: <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">http://data.europa.eu/eli/reg/2024/1083/oj</STRING></STRING>).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING> Richtlijn 2010/13/EU van het Europees Parlement en de Raad van 10 maart 2010 betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele mediadiensten (richtlijn audiovisuele mediadiensten (PB L 95 van 15.4.2010, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2010/13/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING> Richtlijn 2010/13/EU van het Europees Parlement en de Raad van 10 maart 2010 betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele mediadiensten (richtlijn audiovisuele mediadiensten (PB L 95 van 15.4.2010, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2010/13/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		28</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 26</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(26)</NO.P>Wat aan een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land verleende belangenvertegenwoordigingsdiensten betreft, moet elke tegenprestatie voor de betrokken belangenvertegenwoordigingsdienst, met het oog op de toepassing van deze richtlijn, als een vergoeding worden beschouwd. Het kan hierbij gaan om financiële bijdragen die als tegenprestatie voor de belangenvertegenwoordigingsactiviteit worden ontvangen, zoals leningen, kapitaalinjecties, kwijtschelding van schulden, fiscale prikkels of belastingvrijstelling. De vergoeding kan ook voordelen in natura omvatten, zoals het ter beschikking stellen, bouwen en onderhouden van kantoorruimte in ruil voor een belangenvertegenwoordigingsdienst. In dergelijke situaties zou de aanbieder van belangenvertegenwoordigingsdiensten verantwoordelijk zijn voor het ramen van de waarde van het ontvangen voordeel, bijvoorbeeld aan de hand van de marktwaarde.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(26)</NO.P>Wat aan een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land verleende belangenvertegenwoordigingsdiensten betreft, moet elke tegenprestatie voor de betrokken belangenvertegenwoordigingsdienst, met het oog op de toepassing van deze richtlijn, als een vergoeding worden beschouwd. Het kan hierbij gaan om financiële bijdragen die als tegenprestatie voor de belangenvertegenwoordigingsactiviteit worden ontvangen, zoals leningen, kapitaalinjecties, kwijtschelding van schulden, fiscale prikkels of belastingvrijstelling. De vergoeding kan ook voordelen in natura omvatten, zoals het ter beschikking stellen, bouwen en onderhouden van kantoorruimte in ruil voor een belangenvertegenwoordigingsdienst. In dergelijke situaties zou de aanbieder van belangenvertegenwoordigingsdiensten verantwoordelijk zijn voor het ramen van de waarde van het ontvangen voordeel, bijvoorbeeld aan de hand van de marktwaarde.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		29</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 27</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(27)</NO.P>Volgens het Hof bestaat het wezenlijke kenmerk van een vergoeding hierin dat zij de economische tegenprestatie voor de betrokken dienst vormt. Een bijdrage aan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de kernfinanciering van</STRING></STRING> een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">organisatie</STRING></STRING> of soortgelijke financiële steun, bijvoorbeeld in het kader van een donorsubsidieregeling van een derde land, mag niet worden beschouwd als een vergoeding voor een belangenvertegenwoordigingsdienst wanneer ze geen verband houdt met een belangenvertegenwoordigingsactiviteit, d.w.z. wanneer de entiteit die financiering sowieso zou ontvangen, ongeacht of zij specifieke belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoert.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(27)</NO.P>Volgens het Hof bestaat het wezenlijke kenmerk van een vergoeding hierin dat zij de economische tegenprestatie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, te weten een specifieke betaling of vergoeding,</STRING></STRING> voor de betrokken dienst vormt. Een bijdrage aan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een organisatie, met name aan maatschappelijke organisaties, zoals</STRING></STRING> een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bijdrage aan de kernfinanciering ervan</STRING></STRING> of soortgelijke financiële steun, bijvoorbeeld in het kader van een donorsubsidieregeling van een derde land, mag niet worden beschouwd als een vergoeding voor een belangenvertegenwoordigingsdienst wanneer ze geen verband houdt met een belangenvertegenwoordigingsactiviteit, d.w.z. wanneer de entiteit die financiering sowieso zou ontvangen, ongeacht of zij specifieke belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoert.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		30</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 28</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(28)</NO.P>Om te komen tot een volledig en transparant overzicht van de bedragen die voor een volledige belangenvertegenwoordigingsactiviteit zijn gebruikt, wordt voor de toepassing van deze richtlijn met “jaarlijks bedrag” bedoeld de totale jaarlijkse vergoeding die van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit het derde land is ontvangen als tegenprestatie voor het verlenen van een belangenvertegenwoordigingsdienst, of, indien er geen vergoeding is ontvangen, de raming van de jaarlijkse kosten in verband met de uitgevoerde belangenvertegenwoordigingsactiviteit, alsook de kosten voor onderaannemers en nevenactiviteiten.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(28)</NO.P>Om te komen tot een volledig en transparant overzicht van de bedragen die voor een volledige belangenvertegenwoordigingsactiviteit zijn gebruikt, wordt voor de toepassing van deze richtlijn met “jaarlijks bedrag” bedoeld de totale jaarlijkse vergoeding die van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit het derde land is ontvangen als tegenprestatie voor het verlenen van een belangenvertegenwoordigingsdienst, of, indien er geen vergoeding is ontvangen, de raming van de jaarlijkse kosten in verband met de uitgevoerde belangenvertegenwoordigingsactiviteit, alsook de kosten voor onderaannemers en nevenactiviteiten.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		31</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 29</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(29)</NO.P>Onderaannemers kunnen worden aangemerkt als entiteiten die belangen vertegenwoordigen namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen, en vallen bijgevolg binnen de werkingssfeer van de in deze richtlijn vastgestelde verplichtingen. Om de administratieve lasten te verminderen, dubbeltelling van vergoedingen te voorkomen en de informatieverstrekking ingeval van een keten van contracten te waarborgen, moeten entiteiten die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren, in de contractuele regelingen met hun onderaannemers opnemen dat de belangenvertegenwoordigingsactiviteit wordt uitgevoerd namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land en dat die informatie moet worden doorgegeven als de activiteit verder wordt uitbesteed. Uit hoofde van die vereiste moeten onderaannemers worden vrijgesteld van de in deze richtlijn vastgestelde verplichting om zich te registreren, een administratie bij te houden en, in voorkomend geval, een wettelijke vertegenwoordiger aan te wijzen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(29)</NO.P>Onderaannemers kunnen worden aangemerkt als entiteiten die belangen vertegenwoordigen namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen, en vallen bijgevolg binnen de werkingssfeer van de in deze richtlijn vastgestelde verplichtingen. Om de administratieve lasten te verminderen, dubbeltelling van vergoedingen te voorkomen en de informatieverstrekking ingeval van een keten van contracten te waarborgen, moeten entiteiten die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren, in de contractuele regelingen met hun onderaannemers opnemen dat de belangenvertegenwoordigingsactiviteit wordt uitgevoerd namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land en dat die informatie moet worden doorgegeven als de activiteit verder wordt uitbesteed. Uit hoofde van die vereiste moeten onderaannemers worden vrijgesteld van de in deze richtlijn vastgestelde verplichting om zich te registreren, een administratie bij te houden en, in voorkomend geval, een wettelijke vertegenwoordiger aan te wijzen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		32</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 30</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(30)</NO.P>Om de naleving van de registratievereisten van deze richtlijn te vergemakkelijken, moeten aanbieders van belangenvertegenwoordigingsdiensten het recht hebben om aan de entiteit in naam waarvan de dienst wordt verleend, een verklaring te vragen waaruit blijkt of ze een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land is. Aanbieders van belangenvertegenwoordigingsdiensten moeten zo goed mogelijk gebruikmaken van dit recht zodat zij met kennis van zaken een keuze kunnen maken die hen in staat stelt bij de uitoefening van hun activiteiten volledig aan de vereisten van deze richtlijn te voldoen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(30)</NO.P>Om de naleving van de registratievereisten van deze richtlijn te vergemakkelijken, moeten aanbieders van belangenvertegenwoordigingsdiensten het recht hebben om aan de entiteit in naam waarvan de dienst wordt verleend, een verklaring te vragen waaruit blijkt of ze een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land is. Aanbieders van belangenvertegenwoordigingsdiensten moeten zo goed mogelijk gebruikmaken van dit recht zodat zij met kennis van zaken een keuze kunnen maken die hen in staat stelt bij de uitoefening van hun activiteiten volledig aan de vereisten van deze richtlijn te voldoen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		33</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 31</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(31)</NO.P>Om zowel de verantwoordingsplicht als de voorlichting over de belangen van het derde land dat zij vertegenwoordigen te bevorderen, moeten entiteiten die namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, worden verplicht een administratie bij te houden</STRING></STRING>. In die administratie moet een beschrijving worden opgenomen van het doel van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit, met name het besluitvormingsproces waarop de entiteit invloed wil uitoefenen en het resultaat dat ze daarmee beoogt. Voorts moet in de administratie de identiteit van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit het derde land worden vermeld – ingeval de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> een natuurlijke persoon is, aan de hand van de volledige naam van die persoon. De administratie moet ook kopieën van contracten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en belangrijke uitwisselingen bevatten die essentieel zijn om inzicht te krijgen in de aard en het doel van</STRING></STRING> de financiële regelingen achter de belangenvertegenwoordigingsactiviteit, alsook informatie- of ander materiaal dat een belangrijke component van de activiteit vormt, zoals standpuntnota’s die met overheidsfunctionarissen worden gedeeld.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(31)</NO.P>Om zowel de verantwoordingsplicht als de voorlichting over de belangen van het derde land dat zij vertegenwoordigen te bevorderen, moeten entiteiten die namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> bepaalde informatie bijhouden</STRING></STRING>. In die administratie moet een beschrijving worden opgenomen van het doel van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit, met name het besluitvormingsproces waarop de entiteit invloed wil uitoefenen en het resultaat dat ze daarmee beoogt. Voorts moet in de administratie de identiteit van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit het derde land worden vermeld – ingeval de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> een natuurlijke persoon is, aan de hand van de volledige naam van die persoon. De administratie moet ook kopieën van contracten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> de financiële regelingen achter de belangenvertegenwoordigingsactiviteit, alsook informatie- of ander materiaal<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> bevatten</STRING></STRING> dat een belangrijke component van de activiteit vormt, zoals standpuntnota’s die met overheidsfunctionarissen worden gedeeld.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		34</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 32</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(32)</NO.P>Entiteiten die belangen vertegenwoordigen namens derde landen, mogen niet worden verplicht de in die administratie opgenomen persoonsgegevens langer te bewaren dan nodig is om de toezichthoudende autoriteiten hun toezichts- en handhavingstaken te laten vervullen. Deze administratie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten</STRING></STRING> lang genoeg worden bewaard om ervoor te zorgen dat de toezichthoudende autoriteiten in gerechtvaardigde gevallen toegang hebben tot de gegevens over de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit het derde land, de belangenvertegenwoordigingsactiviteit en de jaarlijks geaggregeerde gegevens.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(32)</NO.P>Entiteiten die belangen vertegenwoordigen namens derde landen, mogen niet worden verplicht de in die administratie opgenomen persoonsgegevens langer te bewaren dan nodig is om de toezichthoudende autoriteiten hun toezichts- en handhavingstaken te laten vervullen. Deze administratie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moet</STRING></STRING> lang genoeg worden bewaard om ervoor te zorgen dat de toezichthoudende autoriteiten in gerechtvaardigde gevallen toegang hebben tot de gegevens over de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit het derde land, de belangenvertegenwoordigingsactiviteit en de jaarlijks geaggregeerde gegevens.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		35</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 33</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(33)</NO.P>Om doeltreffend toezicht mogelijk te maken, moeten entiteiten die namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren en geen plaats van vestiging in de Unie hebben, worden verplicht een in de Unie gevestigde wettelijke vertegenwoordiger aan te wijzen en ervoor te zorgen dat deze vertegenwoordiger over de nodige bevoegdheden en middelen beschikt om met de betrokken autoriteiten samen te werken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(33)</NO.P>Om doeltreffend toezicht mogelijk te maken, moeten entiteiten die namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren en geen plaats van vestiging in de Unie hebben, worden verplicht een in de Unie gevestigde wettelijke vertegenwoordiger aan te wijzen en ervoor te zorgen dat deze vertegenwoordiger over de nodige bevoegdheden en middelen beschikt om met de betrokken autoriteiten samen te werken.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		36</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 34</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(34)</NO.P>Om te voorzien in geharmoniseerde transparantievereisten voor de gehele interne markt, moeten entiteiten die namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren, worden verplicht zich <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in hun plaats van vestiging </STRING></STRING>te registreren in een nationaal register<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De registratie in dat nationale register moet zo nodig worden bijgewerkt</STRING></STRING>. Deze registers moeten door de lidstaten worden opgezet, beheerd en bijgehouden. De lidstaten kunnen voor de toepassing van deze richtlijn gebruikmaken van hun bestaande nationale registers, mits aan de vereisten van deze richtlijn wordt voldaan. Om de nationale bevoegdheidsverdeling te eerbiedigen, moeten de lidstaten het recht hebben om meer dan één register op te zetten. In dergelijke gevallen moeten de lidstaten regels vaststellen waarin wordt bepaald in welk nationaal register entiteiten die namens derde landen belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren, zich moeten registreren. Logbestanden van de verwerking van persoonsgegevens in de nationale registers mogen niet langer worden bewaard dan nodig is om toezicht te houden op de rechtmatigheid van de toegang tot de persoonsgegevens. Deze termijn mag niet langer bedragen dan één jaar.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(34)</NO.P>Om te voorzien in geharmoniseerde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">minimale </STRING></STRING>transparantievereisten voor de gehele interne markt, moeten entiteiten die namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren, worden verplicht zich te registreren in een nationaal register<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> van een lidstaat waar hun voornaamste plaats van vestiging gelegen is of waar zij belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren</STRING></STRING>. Deze registers moeten door de lidstaten worden opgezet, beheerd en bijgehouden. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De registratie in dat nationale register moet zo nodig worden bijgewerkt</STRING></STRING>. De lidstaten kunnen voor de toepassing van deze richtlijn gebruikmaken van hun bestaande nationale registers, mits aan de vereisten van deze richtlijn wordt voldaan. Om de nationale bevoegdheidsverdeling te eerbiedigen, moeten de lidstaten het recht hebben om meer dan één register op te zetten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, dat interoperabel moet zijn</STRING></STRING>. In dergelijke gevallen moeten de lidstaten regels vaststellen waarin wordt bepaald in welk nationaal register entiteiten die namens derde landen belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren, zich moeten registreren. Logbestanden van de verwerking van persoonsgegevens in de nationale registers mogen niet langer worden bewaard dan nodig is om toezicht te houden op de rechtmatigheid van de toegang tot de persoonsgegevens. Deze termijn mag niet langer bedragen dan één jaar.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		37</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 35</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(35)</NO.P>Overeenkomstig Verordening (EU) 2018/1724 van het Europees Parlement en de Raad<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">6 is</STRING></STRING> informatie over de bij deze richtlijn vastgestelde registratieverplichtingen en -formaliteiten beschikbaar via de ene digitale toegangspoort, waar via het webportaal Uw Europa een centraal loket is ingesteld dat bedrijven en burgers niet alleen informatie over de internemarktregels en -procedures op alle overheidsniveaus verschaft, maar ook directe, gecentraliseerde en geleide toegang biedt tot diensten voor ondersteuning en probleemoplossing en tot een breed scala aan volledig gedigitaliseerde administratieve procedures. De registratieprocedure <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kan</STRING></STRING> volledig online <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">worden </STRING></STRING>doorlopen en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wordt</STRING></STRING> opgezet volgens het eenmaligheidsbeginsel, om hergebruik van gegevens te vergemakkelijken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(35)</NO.P>Overeenkomstig Verordening (EU) 2018/1724 van het Europees Parlement en de Raad<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> moet</STRING></STRING> informatie over de bij deze richtlijn vastgestelde registratieverplichtingen en -formaliteiten beschikbaar<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> zijn</STRING></STRING> via de ene digitale toegangspoort, waar via het webportaal Uw Europa een centraal loket is ingesteld dat bedrijven en burgers niet alleen informatie over de internemarktregels en -procedures op alle overheidsniveaus verschaft, maar ook directe, gecentraliseerde en geleide toegang biedt tot diensten voor ondersteuning en probleemoplossing en tot een breed scala aan volledig gedigitaliseerde administratieve procedures. De registratieprocedure <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moet</STRING></STRING> volledig online doorlopen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kunnen worden </STRING></STRING>en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moet worden</STRING></STRING> opgezet volgens het eenmaligheidsbeginsel, om hergebruik van gegevens te vergemakkelijken.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING> Verordening (EU) 2018/1724 van het Europees Parlement en de Raad van 2 oktober 2018 tot oprichting van één digitale toegangspoort voor informatie, procedures en diensten voor ondersteuning en probleemoplossing en houdende wijziging van Verordening (EU) nr. 1024/2012 (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1724/oj). http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1724/oj)</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING> Verordening (EU) 2018/1724 van het Europees Parlement en de Raad van 2 oktober 2018 tot oprichting van één digitale toegangspoort voor informatie, procedures en diensten voor ondersteuning en probleemoplossing en houdende wijziging van Verordening (EU) nr. 1024/2012 (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1724/oj). http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1724/oj)</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		38</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 36</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(36)</NO.P>Entiteiten die namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren en in meerdere lidstaten gevestigd zijn, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">mogen</STRING></STRING> zich <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">alleen registreren</STRING></STRING> in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waar ze hun hoofdvestiging hebben.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Met de hoofdvestiging van de entiteit wordt bedoeld de plaats waar de entiteit haar hoofdkantoor of wettelijke zetel heeft en waar de belangrijkste economische activiteiten en de operationele controle worden uitgeoefend.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>(36)</NO.P>Entiteiten die namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren en in meerdere lidstaten gevestigd zijn, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hoeven</STRING></STRING> zich <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">slechts</STRING></STRING> in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">één</STRING></STRING> lidstaat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">te registreren</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		39</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 37</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(37)</NO.P>De informatie die met het oog op de toepassing van deze richtlijn moet worden geregistreerd, moet beperkt blijven tot hetgeen nodig is om de transparantie van de namens derde landen uitgevoerde belangenvertegenwoordigingsactiviteiten en de doeltreffende handhaving van deze richtlijn te waarborgen. In dit verband moet in ieder geval worden opgegeven welke entiteit de belangenvertegenwoordigingsactiviteit uitvoert, namens welk derde land de activiteit wordt uitgevoerd en wat de identiteit is van de onderaannemers – in de zin van deze richtlijn – die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren, alsook informatie over de specifieke belangenvertegenwoordigingsactiviteit. In voorkomend geval moet in deze informatie ook worden verwezen naar aanbieders van mediadiensten of onlineplatforms waar advertenties worden geplaatst als onderdeel van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit. Informatie over de bedragen of de oorsprong van financiële steun die werd ontvangen, maar geen verband houdt met een belangenvertegenwoordigingsactiviteit, valt buiten het kader van de registratie.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(37)</NO.P>De informatie die met het oog op de toepassing van deze richtlijn moet worden geregistreerd, moet beperkt blijven tot hetgeen nodig is om de transparantie van de namens derde landen uitgevoerde belangenvertegenwoordigingsactiviteiten en de doeltreffende <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en evenredige </STRING></STRING>handhaving van deze richtlijn te waarborgen. In dit verband moet in ieder geval worden opgegeven welke entiteit de belangenvertegenwoordigingsactiviteit uitvoert, namens welk derde land de activiteit wordt uitgevoerd en wat de identiteit is van de onderaannemers – in de zin van deze richtlijn – die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren, alsook informatie over de specifieke belangenvertegenwoordigingsactiviteit. In voorkomend geval moet in deze informatie ook worden verwezen naar aanbieders van mediadiensten of onlineplatforms waar advertenties worden geplaatst als onderdeel van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit. Informatie over de bedragen of de oorsprong van financiële steun die werd ontvangen, maar geen verband houdt met een belangenvertegenwoordigingsactiviteit, valt buiten het kader van de registratie.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		40</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 38</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(38)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat de voor registratiedoeleinden verstrekte informatie bruikbaar blijft voor de autoriteiten die bevoegd zijn voor de nationale registers, zodat zij aan de hand van die informatie correct en precies kunnen bepalen namens welke derde landen belangen worden vertegenwoordigd en welk bedrag aan die activiteiten wordt besteed, moet de Commissie de bevoegdheid krijgen om gedelegeerde handelingen vast te stellen tot aanpassing van de standaardreeks van gegevens.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(38)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat de voor registratiedoeleinden verstrekte informatie bruikbaar blijft voor de autoriteiten die bevoegd zijn voor de nationale registers, zodat zij aan de hand van die informatie correct en precies kunnen bepalen namens welke derde landen belangen worden vertegenwoordigd en welk bedrag aan die activiteiten wordt besteed, moet de Commissie de bevoegdheid krijgen om gedelegeerde handelingen vast te stellen tot aanpassing van de standaardreeks van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">te registreren </STRING></STRING>gegevens.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		41</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 39</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(39)</NO.P>Entiteiten die namens derde landen belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren en die zijn geregistreerd in een nationaal register, moeten hun in het nationale register opgenomen informatie ten minste eenmaal per jaar bijwerken. Omdat het voor de toepassing van en het toezicht op de richtlijn belangrijk is dat de in de nationale registers opgenomen informatie nauwkeurig is, moeten wijzigingen of aanvullingen van de contactgegevens van de geregistreerde entiteit echter <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">sneller en in ieder geval binnen een redelijke termijn</STRING></STRING> worden aangebracht.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(39)</NO.P>Entiteiten die namens derde landen belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren en die zijn geregistreerd in een nationaal register, moeten hun in het nationale register opgenomen informatie ten minste eenmaal per jaar bijwerken. Omdat het voor de toepassing van en het toezicht op de richtlijn belangrijk is dat de in de nationale registers opgenomen informatie nauwkeurig is, moeten wijzigingen of aanvullingen van de contactgegevens van de geregistreerde entiteit echter <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zo snel mogelijk</STRING></STRING> worden aangebracht.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		42</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 41</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(41)</NO.P>Entiteiten die namens derde landen een belangenvertegenwoordigingsactiviteit uitvoeren, moeten kunnen aantonen dat zij aan de registratievereisten hebben voldaan. Zodra een entiteit is geregistreerd, moet zij een kopie van de in een nationaal register opgenomen informatie en een uniek Europees belangenvertegenwoordigingsnummer (European Interest Representation Number, EIRN) krijgen. Het EIRN moet de identificatie van overeenkomstig deze richtlijn geregistreerde entiteiten in de hele Unie vergemakkelijken. Uit de opbouw van het EIRN moet blijken in welke lidstaat en in welk specifiek nationaal register de entiteit is geregistreerd. De keuze van de identificatiecode van het nationale register van registratie moet logisch zijn voor personen die vertrouwd zijn met de organisatie van de lidstaat is kwestie.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(41)</NO.P>Entiteiten die namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers uit </STRING></STRING>derde landen een belangenvertegenwoordigingsactiviteit uitvoeren, moeten kunnen aantonen dat zij aan de registratievereisten hebben voldaan. Zodra een entiteit is geregistreerd, moet zij een kopie van de in een nationaal register opgenomen informatie en een uniek Europees belangenvertegenwoordigingsnummer (European Interest Representation Number, EIRN) krijgen. Het EIRN moet de identificatie van overeenkomstig deze richtlijn geregistreerde entiteiten in de hele Unie vergemakkelijken. Uit de opbouw van het EIRN moet blijken in welke lidstaat en in welk specifiek nationaal register de entiteit is geregistreerd. De keuze van de identificatiecode van het nationale register van registratie moet logisch zijn voor personen die vertrouwd zijn met de organisatie van de lidstaat is kwestie.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		43</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 42</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(42)</NO.P>Entiteiten die in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> lidstaat<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> van hun plaats van vestiging</STRING></STRING> zijn geregistreerd, mogen niet verplicht worden zich in andere lidstaten te registreren, ook niet wanneer zij daar met een belangenvertegenwoordigingsactiviteit beginnen. Om het voor overheidsfunctionarissen gemakkelijker te maken toegang te krijgen tot informatie over entiteiten die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren en waarmee contacten mogelijk zijn, moeten andere lidstaten waar dergelijke activiteiten zullen worden uitgevoerd, in hun eigen nationale registers de naam van de betrokken geregistreerde entiteiten opnemen, alsook hun EIRN en de link naar de bekendgemaakte informatie die is opgenomen in het nationale register waarin deze entiteiten zijn geregistreerd.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(42)</NO.P>Entiteiten die in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een</STRING></STRING> lidstaat zijn geregistreerd, mogen niet verplicht worden zich in andere lidstaten te registreren, ook niet wanneer zij daar met een belangenvertegenwoordigingsactiviteit beginnen. Om het voor overheidsfunctionarissen gemakkelijker te maken toegang te krijgen tot informatie over entiteiten die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren en waarmee contacten mogelijk zijn, moeten andere lidstaten waar dergelijke activiteiten zullen worden uitgevoerd, in hun eigen nationale registers de naam van de betrokken geregistreerde entiteiten opnemen, alsook hun EIRN en de link naar de bekendgemaakte informatie die is opgenomen in het nationale register waarin deze entiteiten zijn geregistreerd.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		44</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 42 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(42 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om het voor overheidsfunctionarissen gemakkelijker te maken toegang te krijgen tot informatie over entiteiten die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren en waarmee contacten mogelijk zijn, moet de Commissie overwegen screeninginstrumenten te ontwikkelen die kunnen worden ingezet vóór contactopname en die overheidsfunctionarissen gemakkelijk toegang bieden tot openbare informatie uit verschillende bronnen, zoals nationale registers, transparantieregisters of andere relevante openbaarmakingsinformatie over entiteiten die onder het toepassingsgebied van deze richtlijn vallen, zodat zij potentiële risico’s kunnen beoordelen alvorens met de entiteiten in contact te treden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		45</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 43</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(43)</NO.P>Voor de naleving van de registratievereiste moeten toezichthoudende autoriteiten die beschikken over betrouwbare informatie, bijvoorbeeld een melding van een klokkenluider, waaruit blijkt dat een entiteit zich niet heeft geregistreerd, die entiteit kunnen verzoeken de informatie te verstrekken die strikt noodzakelijk is om vast te stellen of de entiteit binnen het toepassingsgebied van deze richtlijn valt. Deze informatie moet per definitie beperkt zijn tot informatie waaruit direct blijkt of de entiteit binnen het toepassingsgebied van de richtlijn valt. Het kan daarbij gaan om het soort informatie dat onder de verplichting tot het bijhouden van een administratie valt, met inbegrip van een verklaring of de entiteit in naam waarvan de belangenvertegenwoordigingsdienst wordt verleend, een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land is. Waar mogelijk moet het verzoek beperkt blijven tot informatie die in het bezit van de entiteit hoort te zijn. Wanneer toezichthoudende autoriteiten beschikken over betrouwbare informatie inzake mogelijke niet-naleving van de uit de registratie voortvloeiende verplichtingen, moeten zij de betrokken entiteit kunnen verzoeken de informatie te verstrekken die nodig is om de mogelijke niet-naleving te onderzoeken. Deze informatie moet <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">per definitie </STRING></STRING>beperkt zijn tot informatie waaruit direct blijkt of de informatie die in het kader van de verplichting tot registratie en bijwerking is verstrekt, volledig en nauwkeurig is. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Waar mogelijk moet </STRING></STRING>het verzoek beperkt blijven tot informatie die in het bezit van de geregistreerde entiteit hoort te zijn. De verzoeken moeten vergezeld gaan van een motivering, een overzicht van de informatie waarom wordt verzocht en de redenen waarom deze informatie relevant is, en informatie over beschikbare procedures voor rechterlijke toetsing. De verzoeken mogen geen afbreuk doen aan de bevoegdheden van de nationale autoriteiten om onderzoek te doen naar gedragingen die strafbare feiten kunnen vormen, zoals bepaald in het nationale recht en het recht van de Unie.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(43)</NO.P>Voor de naleving van de registratievereiste moeten toezichthoudende autoriteiten die beschikken over betrouwbare informatie, bijvoorbeeld een melding van een klokkenluider, waaruit blijkt dat een entiteit zich niet heeft geregistreerd, die entiteit kunnen verzoeken de informatie te verstrekken die strikt noodzakelijk is om vast te stellen of de entiteit binnen het toepassingsgebied van deze richtlijn valt. Deze informatie moet per definitie beperkt zijn tot informatie waaruit direct blijkt of de entiteit binnen het toepassingsgebied van de richtlijn valt. Het kan daarbij gaan om het soort informatie dat onder de verplichting tot het bijhouden van een administratie valt, met inbegrip van een verklaring of de entiteit in naam waarvan de belangenvertegenwoordigingsdienst wordt verleend, een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land is. Waar mogelijk moet het verzoek beperkt blijven tot informatie die in het bezit van de entiteit hoort te zijn. Wanneer toezichthoudende autoriteiten beschikken over betrouwbare informatie inzake mogelijke niet-naleving van de uit de registratie voortvloeiende verplichtingen, moeten zij de betrokken entiteit kunnen verzoeken de informatie te verstrekken die nodig is om de mogelijke niet-naleving te onderzoeken. Deze informatie moet beperkt zijn tot informatie waaruit direct blijkt of de informatie die in het kader van de verplichting tot registratie en bijwerking is verstrekt, volledig en nauwkeurig is. Het verzoek<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> moet</STRING></STRING> beperkt blijven tot informatie die in het bezit van de geregistreerde entiteit hoort te zijn. De verzoeken moeten vergezeld gaan van een motivering, een overzicht van de informatie waarom wordt verzocht en de redenen waarom deze informatie relevant is, en informatie over beschikbare procedures voor rechterlijke toetsing. De verzoeken mogen geen afbreuk doen aan de bevoegdheden van de nationale autoriteiten om onderzoek te doen naar gedragingen die strafbare feiten kunnen vormen, zoals bepaald in het nationale recht en het recht van de Unie.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		46</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 44</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(44)</NO.P>De democratische verantwoordingsplicht is een pijler van goed functionerende democratieën. Deze richtlijn <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">geeft burgers</STRING></STRING> toegang tot informatie over entiteiten die op de interne markt belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren namens derde landen, alsook over de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen die zij vertegenwoordigen, en stelt burgers en andere belanghebbenden daardoor in staat hun democratische rechten en verantwoordelijkheden uit te oefenen en, in dat verband, democratische controle uit te oefenen met kennis van zaken over de partijen waarvan de belangen worden gediend door <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de </STRING></STRING>belangenvertegenwoordigingsactiviteiten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> waaraan zij of hun gekozen vertegenwoordigers kunnen worden blootgesteld</STRING></STRING>. Publieke controle door burgers en belanghebbenden op kwesties die van invloed zijn op de democratische ruimte, ondersteunt de democratische controlemechanismen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. De democratische verantwoordingsplicht stelt de</STRING></STRING> burgers <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ook</STRING></STRING> in staat hun democratische keuzes <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kenbaar te maken en in praktijk te brengen, onder</STRING></STRING> meer <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bij verkiezingen, en versterkt daardoor de positie</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de burgers.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Als kiezer is de burger zelf een belangrijke besluitvormer en kan hij het doelwit zijn van bepaalde belangenvertegenwoordigingsdiensten.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>(44)</NO.P>De democratische verantwoordingsplicht is een pijler van goed functionerende democratieën. Deze richtlijn <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voorziet in openbare</STRING></STRING> toegang tot informatie over entiteiten die op de interne markt belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren namens derde landen, alsook over de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen die zij vertegenwoordigen, en stelt burgers en andere belanghebbenden daardoor in staat hun democratische rechten en verantwoordelijkheden uit te oefenen en, in dat verband, democratische controle uit te oefenen met kennis van zaken over de partijen waarvan de belangen worden gediend door belangenvertegenwoordigingsactiviteiten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Als kiezers zijn burgers de belangrijkste besluitvormers</STRING></STRING>. Publieke controle door burgers en belanghebbenden op kwesties die van invloed zijn op de democratische ruimte, ondersteunt de democratische controlemechanismen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, zorgt voor meer steun van</STRING></STRING> burgers <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en stelt hen</STRING></STRING> in staat hun democratische keuzes <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met</STRING></STRING> meer <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kennis</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zaken kenbaar te maken</STRING></STRING> en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in praktijk te brengen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		47</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 44 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(44 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Openbare informatie moet toegankelijker zijn en belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen op de interne markt vanuit een ander land dan de voor het nationale register verantwoordelijke lidstaat worden uitgevoerd, moeten transparanter worden gemaakt. Daartoe moeten de nationale registers voor de toepassing van deze richtlijn aan elkaar worden gekoppeld via een centraal, openbaar Europees toegangsportaal. Om de informatie waarin deze richtlijn voorziet makkelijker openbaar te maken, moet de Commissie een systeem opzetten dat een zoekfunctie in alle officiële talen van de Unie bevat.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		48</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 45</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(45)</NO.P>Het bekendmaken van persoonsgegevens moet, met het oog op evenredigheid, beperkt blijven tot hetgeen strikt noodzakelijk is om burgers, hun vertegenwoordigers en andere belanghebbende partijen te informeren over belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd. Om te zorgen voor de mate van gedetailleerdheid die nodig is om burgers, hun vertegenwoordigers en andere belanghebbende partijen te informeren, moeten voor de bekendmaking van informatie over de opgegeven jaarlijkse bedragen bovendien ruimer bemeten groottecategorieën worden gebruikt dan voor de verstrekking van informatie aan de nationale registers. Informatie die alleen relevant is voor toezichthoudende autoriteiten, zoals de contactgegevens van de personen die verantwoordelijk zijn voor een geregistreerde entiteit, mag niet worden bekendgemaakt.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(45)</NO.P>Het bekendmaken van persoonsgegevens moet, met het oog op evenredigheid, beperkt blijven tot hetgeen strikt noodzakelijk is om burgers, hun vertegenwoordigers en andere belanghebbende partijen te informeren over belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers uit </STRING></STRING>derde landen worden uitgevoerd. Om te zorgen voor de mate van gedetailleerdheid die nodig is om burgers, hun vertegenwoordigers en andere belanghebbende partijen te informeren, moeten voor de bekendmaking van informatie over de opgegeven jaarlijkse bedragen bovendien ruimer bemeten groottecategorieën worden gebruikt dan voor de verstrekking van informatie aan de nationale registers. Informatie die alleen relevant is voor toezichthoudende autoriteiten, zoals de contactgegevens van de personen die verantwoordelijk zijn voor een geregistreerde entiteit, mag niet worden bekendgemaakt.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		49</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 47</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(47)</NO.P>Om de bescherming te waarborgen van personen die door de bekendmaking van specifieke informatie kunnen worden blootgesteld aan een schending van hun grondrechten, zoals represailles tegen personen die werken voor een geregistreerde entiteit die actief is in een derde land, moeten de lidstaten ervoor zorgen dat de toezichthoudende autoriteiten op verzoek de bekendmaking van de in het nationale register opgenomen informatie geheel of gedeeltelijk kunnen beperken. De geregistreerde entiteit moet aantonen dat, gezien alle relevante omstandigheden van de individuele gevallen, de bekendmaking moet worden beperkt vanwege legitieme belangen, zoals een<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> ernstig</STRING></STRING> risico dat personen als gevolg van de bekendmaking zouden worden blootgesteld aan een schending van hun grondrechten – met name die welke worden beschermd door de artikelen 1 (recht op menselijke waardigheid), 2 (recht op leven), 3 (recht op menselijke integriteit), 4 (verbod van folteringen en van onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen) en 6 (recht op vrijheid en veiligheid) van het Handvest – zoals ontvoering, chantage, afpersing, pesterijen, geweld, intimidatie of schending van bedrijfsgeheimen. Bij de analyse moet rekening worden gehouden met risico’s voor de fysieke integriteit van de personen die als werknemer of in een andere capaciteit voor een geregistreerde entiteit werken of aan een geregistreerde entiteit verbonden zijn. Risico’s voor personen die profijt trekken van de activiteiten van de geregistreerde entiteit, moeten ook als legitiem belang worden beschouwd. Elk besluit van de toezichthoudende autoriteit moet worden genomen met inachtneming van de doelstellingen van deze richtlijn en moet onderworpen zijn aan rechterlijke toetsing in de lidstaat van registratie. De besluiten van de toezichthoudende autoriteit en, in voorkomend geval, van de bevoegde rechterlijke instantie moeten onverwijld worden genomen. Om het publiek ervan in kennis te stellen dat de geregistreerde entiteit, ingeval toestemming voor het beperken van de bekendmaking is verleend, de bij deze richtlijn ingestelde registratieplicht is nagekomen, moet het gegevensveld in het nationale register worden vervangen door de vermelding dat de bekendmaking op grond van legitieme belangen is beperkt.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(47)</NO.P>Om de bescherming te waarborgen van personen die door de bekendmaking van specifieke informatie kunnen worden blootgesteld aan een schending van hun grondrechten, zoals represailles tegen personen die werken voor een geregistreerde entiteit die actief is in een derde land, moeten de lidstaten ervoor zorgen dat de toezichthoudende autoriteiten op verzoek <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of van rechtswege </STRING></STRING>de bekendmaking van de in het nationale register opgenomen informatie geheel of gedeeltelijk kunnen beperken. De geregistreerde entiteit moet <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in haar verzoek </STRING></STRING>aantonen dat, gezien alle relevante omstandigheden van de individuele gevallen, de bekendmaking moet worden beperkt vanwege legitieme belangen, zoals een risico dat personen als gevolg van de bekendmaking zouden worden blootgesteld aan een schending van hun grondrechten – met name die welke worden beschermd door de artikelen 1 (recht op menselijke waardigheid), 2 (recht op leven), 3 (recht op menselijke integriteit), 4 (verbod van folteringen en van onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen) en 6 (recht op vrijheid en veiligheid) van het Handvest – zoals ontvoering, chantage, afpersing, pesterijen, geweld, intimidatie of schending van bedrijfsgeheimen. Bij de analyse moet rekening worden gehouden met risico’s voor de fysieke integriteit van de personen die als werknemer of in een andere capaciteit voor een geregistreerde entiteit werken of aan een geregistreerde entiteit verbonden zijn. Risico’s voor personen die profijt trekken van de activiteiten van de geregistreerde entiteit, moeten ook als legitiem belang worden beschouwd. Elk besluit van de toezichthoudende autoriteit moet worden genomen met inachtneming van de doelstellingen van deze richtlijn en moet onderworpen zijn aan rechterlijke toetsing in de lidstaat van registratie. De besluiten van de toezichthoudende autoriteit en, in voorkomend geval, van de bevoegde rechterlijke instantie moeten onverwijld worden genomen. Om het publiek ervan in kennis te stellen dat de geregistreerde entiteit, ingeval toestemming voor het beperken van de bekendmaking is verleend, de bij deze richtlijn ingestelde registratieplicht is nagekomen, moet het gegevensveld in het nationale register worden vervangen door de vermelding dat de bekendmaking op grond van legitieme belangen is beperkt.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		50</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 50</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(50)</NO.P>Om stigmatisering van de geregistreerde entiteit te voorkomen, moeten de bekendgemaakte gegevens op een feitelijke en neutrale manier worden gepresenteerd. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bovendien</STRING></STRING> moeten de bevoegde nationale autoriteiten bij de uitvoering van hun uit hoofde van deze richtlijn toegewezen taken ervoor zorgen dat een entiteit geen nadelige gevolgen ondervindt louter en alleen omdat ze is geregistreerd. De bekendgemaakte informatie mag met name niet worden gepresenteerd met of vergezeld gaan van verklaringen of bepalingen die een sfeer van wantrouwen ten aanzien van de geregistreerde entiteiten kunnen scheppen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en die</STRING></STRING> natuurlijke of rechtspersonen uit lidstaten of derde landen ervan kunnen weerhouden samen te werken met of financiële steun te verlenen aan deze entiteiten. Voorbeelden van stigmatisering zijn het geven van een negatief label aan geregistreerde entiteiten of het maken van denigrerende opmerkingen over de entiteiten met als doel hun geloofwaardigheid en legitimiteit te ondermijnen door te suggereren dat ze <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de democratische processen</STRING></STRING> op onrechtmatige wijze proberen te <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">beïnvloeden</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(50)</NO.P>Om stigmatisering van de geregistreerde entiteit te voorkomen, moeten de bekendgemaakte gegevens op een feitelijke en neutrale manier worden gepresenteerd. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Daartoe</STRING></STRING> moeten de bevoegde nationale autoriteiten bij de uitvoering van hun uit hoofde van deze richtlijn toegewezen taken ervoor zorgen dat een entiteit<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, rechtstreeks of onrechtstreeks,</STRING></STRING> geen nadelige gevolgen ondervindt louter en alleen omdat ze is geregistreerd. De bekendgemaakte informatie mag met name niet worden gepresenteerd met of vergezeld gaan van verklaringen of bepalingen die een sfeer van wantrouwen ten aanzien van de geregistreerde entiteiten kunnen scheppen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waardoor ze kunnen worden gediscrimineerd of</STRING></STRING> natuurlijke of rechtspersonen uit lidstaten of derde landen ervan kunnen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> worden</STRING></STRING> weerhouden samen te werken met of financiële steun te verlenen aan deze entiteiten. Voorbeelden van stigmatisering zijn het geven van een negatief label aan geregistreerde entiteiten of het maken van denigrerende opmerkingen over de entiteiten met als doel hun geloofwaardigheid en legitimiteit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of het uitvoeren van hun belangenvertegenwoordigingsactiviteiten </STRING></STRING>te ondermijnen door te suggereren dat ze <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zich</STRING></STRING> op onrechtmatige wijze proberen te <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">mengen in democratische processen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		51</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 51</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(51)</NO.P>Wanneer een derde land bijzonder grote bedragen aan belangenvertegenwoordiging besteedt of een entiteit bijzonder hoge vergoedingen ontvangt van een of meer <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen, is het waarschijnlijker dat de uitgevoerde belangenvertegenwoordigingsactiviteiten een invloed zullen hebben op de politieke keuzes van een lidstaat of van de Unie als geheel. In zulke gevallen moeten de toezichthoudende autoriteiten met het oog op verscherpt toezicht aanvullende informatie kunnen opvragen bij de entiteiten die deze belangenvertegenwoordigingsactiviteiten namens derde landen uitvoeren.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(51)</NO.P>Wanneer een derde land bijzonder grote bedragen aan belangenvertegenwoordiging besteedt of een entiteit bijzonder hoge vergoedingen ontvangt van een of meer <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen, is het waarschijnlijker dat de uitgevoerde belangenvertegenwoordigingsactiviteiten een invloed zullen hebben op de politieke keuzes van een lidstaat of van de Unie als geheel. In zulke gevallen moeten de toezichthoudende autoriteiten met het oog op verscherpt toezicht aanvullende informatie kunnen opvragen bij de entiteiten die deze belangenvertegenwoordigingsactiviteiten namens derde landen uitvoeren.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		52</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 52</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(52)</NO.P>Om evenredig toezicht op deze richtlijn te waarborgen, moeten de toezichthoudende autoriteiten een entiteit die namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoert, kunnen verzoeken de administratie voor te leggen die nodig is om bij eventuele niet-naleving van de bij deze richtlijn opgelegde registratieplicht een onderzoek in te stellen. Daartoe moeten de toezichthoudende autoriteiten kunnen optreden op eigen initiatief of op basis van een melding door een klokkenluider of door de toezichthoudende autoriteit van een andere lidstaat.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(52)</NO.P>Om evenredig toezicht op deze richtlijn te waarborgen, moeten de toezichthoudende autoriteiten een entiteit die namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoert, kunnen verzoeken de administratie voor te leggen die nodig is om bij eventuele niet-naleving van de bij deze richtlijn opgelegde registratieplicht een onderzoek in te stellen. Daartoe moeten de toezichthoudende autoriteiten kunnen optreden op eigen initiatief of op basis van een melding door een klokkenluider of door de toezichthoudende autoriteit van een andere lidstaat.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		53</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 53</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(53)</NO.P>De toezichthoudende autoriteiten moeten zowel op nationaal als op Unieniveau samenwerken. Deze samenwerking moet een snelle en beveiligde uitwisseling van informatie vergemakkelijken. Voor de uitoefening van hun toezichthoudende taken moeten de toezichthoudende autoriteiten de toezichthoudende autoriteit in de lidstaat van registratie kunnen verzoeken om al dan niet openbare informatie die bij de registratie is verstrekt, en in specifieke gevallen om de door de entiteit bijgehouden administratie en om analyses. De toezichthoudende autoriteiten en de Commissie moeten samenwerken om de uitvoering van de richtlijn te waarborgen. Om een beter inzicht te krijgen in de omvang en de verdeling van de algemene belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen in de Unie worden uitgevoerd, moet de Commissie bij de toezichthoudende autoriteiten geaggregeerde gegevens kunnen opvragen op basis van de informatie die entiteiten die belangen vertegenwoordigen namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen, bij hun registratie hebben verstrekt. Voor het algemeen toezicht op de modaliteiten en de kenmerken van de belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">namens derde landen </STRING></STRING>in de Unie worden uitgevoerd, kunnen dergelijke geaggregeerde gegevens ook informatie bevatten die niet openbaar beschikbaar is in de registers, met inbegrip van persoonsgegevens, voor zover dat nodig is om doeltreffend toezicht te waarborgen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(53)</NO.P>De toezichthoudende autoriteiten moeten zowel op nationaal als op Unieniveau samenwerken. Deze samenwerking moet een snelle en beveiligde uitwisseling van informatie vergemakkelijken. Voor de uitoefening van hun toezichthoudende taken moeten de toezichthoudende autoriteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in andere lidstaten </STRING></STRING>de toezichthoudende autoriteit in de lidstaat van registratie kunnen verzoeken om al dan niet openbare informatie die bij de registratie is verstrekt, en in specifieke gevallen om de door de entiteit bijgehouden administratie en om analyses. De toezichthoudende autoriteiten en de Commissie moeten samenwerken om de uitvoering van de richtlijn te waarborgen. Om een beter inzicht te krijgen in de omvang en de verdeling van de algemene belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen in de Unie worden uitgevoerd, moet de Commissie bij de toezichthoudende autoriteiten geaggregeerde gegevens kunnen opvragen op basis van de informatie die entiteiten die belangen vertegenwoordigen namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen, bij hun registratie hebben verstrekt. Voor het algemeen toezicht op de modaliteiten en de kenmerken van de belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die in de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> namens derde landen</STRING></STRING> worden uitgevoerd, kunnen dergelijke geaggregeerde gegevens ook informatie bevatten die niet openbaar beschikbaar is in de registers, met inbegrip van persoonsgegevens, voor zover dat nodig is om doeltreffend toezicht te waarborgen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		54</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 54</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(54)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om</STRING></STRING> de administratieve lasten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">verder te beperken, vindt zowel</STRING></STRING> de administratieve samenwerking <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">als</STRING></STRING> de uitwisseling van informatie tussen de nationale autoriteiten, tussen de toezichthoudende autoriteiten en met de Commissie plaats via het Informatiesysteem interne markt (IMI-systeem), dat is ingesteld bij Verordening (EU) nr. 1024/2012 van het Europees Parlement en de Raad<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING></STRING></STRING> betreffende de administratieve samenwerking tussen de bevoegde autoriteiten van de lidstaten op beleidsterreinen die verband houden met de eengemaakte markt. De interoperabiliteit van het IMI-systeem en de nationale registers moet worden gewaarborgd in overeenstemming met het Europese interoperabiliteitskader.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(54)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het gebruik van digitale instrumenten die de Commissie en de lidstaten op de interne markt hebben ontwikkeld, vergroot de transparantie en het vertrouwen in grensoverschrijdende dienstverlening en beperkt</STRING></STRING> de administratieve lasten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">doordat de bevoegde autoriteiten op nationaal niveau hierdoor met elkaar kunnen samenwerken en communiceren.</STRING></STRING> De administratieve samenwerking <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> de uitwisseling van informatie tussen de nationale autoriteiten, tussen de toezichthoudende autoriteiten en met de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vinden </STRING></STRING>plaats via het Informatiesysteem interne markt (IMI-systeem), dat is ingesteld bij Verordening (EU) nr. 1024/2012 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de administratieve samenwerking tussen de bevoegde autoriteiten van de lidstaten op beleidsterreinen die verband houden met de eengemaakte markt. De interoperabiliteit van het IMI-systeem en de nationale registers moet<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> daarom</STRING></STRING> worden gewaarborgd in overeenstemming met het Europese interoperabiliteitskader.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING> Verordening (EU) nr. 1024/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende de administratieve samenwerking via het Informatiesysteem interne markt en tot intrekking van Beschikking 2008/49/EG van de Commissie (“de IMI-verordening”) (PB L 316 van 14.11.2012, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2012/1024/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">7</STRING> Verordening (EU) nr. 1024/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende de administratieve samenwerking via het Informatiesysteem interne markt en tot intrekking van Beschikking 2008/49/EG van de Commissie (“de IMI-verordening”) (PB L 316 van 14.11.2012, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2012/1024/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		55</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 55</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(55)</NO.P>De Commissie moet ervoor zorgen dat de bevoegde nationale autoriteiten doeltreffend samenwerken en dat deze richtlijn volledig en doeltreffend wordt uitgevoerd. Om haar bij deze taken te helpen, moet een adviesgroep worden opgericht. De toezichthoudende autoriteiten van elke lidstaat moeten een vertegenwoordiger naar deze adviesgroep afvaardigen. De adviesgroep moet advies uitbrengen over de uitvoering van de richtlijn, met inbegrip van de vereiste dat moet worden voorkomen dat een entiteit nadelige gevolgen ondervindt louter en alleen omdat ze overeenkomstig de vereisten van deze richtlijn is geregistreerd. De adviesgroep moet adviezen, aanbevelingen en verslagen vaststellen die moeten worden bekendgemaakt door de bevoegde, door de lidstaten aangewezen nationale autoriteiten. Met het oog op rechtszekerheid voor entiteiten die binnen het toepassingsgebied van de richtlijn kunnen vallen, moet de adviesgroep de Commissie met name adviseren over mogelijke richtsnoeren inzake het toepassingsgebied van de richtlijn<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, het begrip “entiteit uit een derde land”</STRING></STRING> en activiteiten die tot doel of tot gevolg hebben dat vereisten van deze richtlijn worden omzeild. In voorkomend geval moet worden gezorgd voor samenwerking met het EU-netwerk tegen corruptie.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(55)</NO.P>De Commissie moet ervoor zorgen dat de bevoegde nationale autoriteiten doeltreffend samenwerken en dat deze richtlijn volledig en doeltreffend wordt uitgevoerd. Om haar bij deze taken te helpen, moet een adviesgroep worden opgericht. De toezichthoudende autoriteiten van elke lidstaat moeten een vertegenwoordiger naar deze adviesgroep afvaardigen. De adviesgroep moet advies uitbrengen over de uitvoering van de richtlijn, met inbegrip van de vereiste dat moet worden voorkomen dat een entiteit nadelige gevolgen ondervindt louter en alleen omdat ze overeenkomstig de vereisten van deze richtlijn is geregistreerd. De adviesgroep moet adviezen, aanbevelingen en verslagen vaststellen die moeten worden bekendgemaakt door de bevoegde, door de lidstaten aangewezen nationale autoriteiten. Met het oog op rechtszekerheid voor entiteiten die binnen het toepassingsgebied van de richtlijn kunnen vallen, moet de adviesgroep de Commissie met name adviseren over mogelijke richtsnoeren inzake het toepassingsgebied van de richtlijn en activiteiten die tot doel of tot gevolg hebben dat vereisten van deze richtlijn worden omzeild. In voorkomend geval moet worden gezorgd voor samenwerking met het EU-netwerk tegen corruptie.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		56</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 58</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(58)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het bewust en opzettelijk deelnemen aan</STRING></STRING> activiteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die tot doel of tot gevolg hebben dat vereisten</STRING></STRING> van deze richtlijn<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met name inzake registratie,</STRING></STRING> worden omzeild<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, moet worden verboden</STRING></STRING>. Het gaat bij deze activiteiten onder meer om verkapte vergoeding voor vertegenwoordigingsdiensten, oprichting van ondernemingen om banden met overheden van derde landen te verhullen, of kunstmatige verdeling van activiteiten over meerdere entiteiten om onder de in deze richtlijn vastgestelde drempels te blijven.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(58)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bepaalde</STRING></STRING> activiteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kunnen ertoe leiden dat de vereisten uit hoofde</STRING></STRING> van deze richtlijn worden omzeild. Het gaat bij deze activiteiten onder meer om verkapte vergoeding voor vertegenwoordigingsdiensten, oprichting van ondernemingen om banden met overheden van derde landen te verhullen, of kunstmatige verdeling van activiteiten over meerdere entiteiten om onder de in deze richtlijn vastgestelde drempels te blijven. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten moeten er daarom voor zorgen dat dergelijke activiteiten bij de uitvoering van deze richtlijn worden tegengegaan.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		57</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 59</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(59)</NO.P>Om niet-naleving van de vereisten van deze richtlijn te ontmoedigen en te bestraffen, moeten de lidstaten ervoor zorgen dat voor inbreuken op de in deze richtlijn vastgestelde verplichtingen doeltreffende, evenredige en afschrikkende administratieve <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">boetes</STRING></STRING> worden opgelegd. De <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">sancties</STRING></STRING> mogen geen strafrechtelijk karakter hebben. Bij het opleggen van sancties moet rekening worden gehouden met de aard, de frequentie en de duur van de inbreuk in de context van het algemeen belang in kwestie, de omvang en de aard van de uitgevoerde activiteiten en de economische draagkracht van de entiteit die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoert. De sancties moeten in elk individueel geval doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn en mogen geen afbreuk doen aan de grondrechten, waaronder de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van vereniging, de academische vrijheid en de vrijheid van wetenschappelijk onderzoek, en waarborgen ten aanzien van de toegang tot doeltreffende rechtsmiddelen, met inbegrip van het recht om te worden gehoord. Voordat sancties worden opgelegd, moet de toezichthoudende autoriteit tijdig een waarschuwing geven, behalve wanneer de inbreuk neerkomt op een schending van het verbod op omzeiling.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(59)</NO.P>Om niet-naleving van de vereisten van deze richtlijn te ontmoedigen en te bestraffen, moeten de lidstaten ervoor zorgen dat voor inbreuken op de in deze richtlijn vastgestelde verplichtingen doeltreffende, evenredige en afschrikkende administratieve <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">sancties</STRING></STRING> worden opgelegd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met inbegrip van de tijdelijke opschorting van de registratie in het nationale register</STRING></STRING>. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Onverminderd</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">krachtens het nationale of het Unierecht vastgestelde regels die van toepassing zijn op criminele activiteiten en op het opsporen, onderzoeken, vervolgen en bestraffen ervan en toezicht erop, zoals die welke betrekking hebben op corruptie,</STRING></STRING> mogen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> sancties</STRING></STRING> geen strafrechtelijk karakter hebben. Bij het opleggen van sancties moet rekening worden gehouden met de aard, de frequentie en de duur van de inbreuk in de context van het algemeen belang in kwestie, de omvang en de aard van de uitgevoerde activiteiten en de economische draagkracht van de entiteit die belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoert. De sancties moeten in elk individueel geval doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn en mogen geen afbreuk doen aan de grondrechten, waaronder de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van vereniging, de academische vrijheid en de vrijheid van wetenschappelijk onderzoek, en waarborgen ten aanzien van de toegang tot doeltreffende rechtsmiddelen, met inbegrip van het recht om te worden gehoord. Voordat sancties worden opgelegd, moet de toezichthoudende autoriteit tijdig een waarschuwing geven, behalve wanneer de inbreuk neerkomt op een schending van het verbod op omzeiling.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		58</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 60</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(60)</NO.P>Teneinde wijzigingen te kunnen aanbrengen aan de drempels voor het verzoeken om aanvullende informatie, aan de lijst van informatie die bij de indiening van een registratieverzoek moet worden verstrekt, en aan de lijst van informatie die in de verslagen van de lidstaten moet worden opgenomen, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 VWEU handelingen vast te stellen. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden passende raadplegingen houdt, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen in overeenstemming zijn met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven van 13 april 2016<STRING SUPERSCRIPT="on">9</STRING>. Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen, ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip als de deskundigen van de lidstaten, en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(60)</NO.P>Teneinde wijzigingen te kunnen aanbrengen aan de drempels voor het verzoeken om aanvullende informatie, aan de lijst van informatie die bij de indiening van een registratieverzoek moet worden verstrekt, en aan de lijst van informatie die in de verslagen van de lidstaten moet worden opgenomen, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en teneinde de technische specificaties, technische maatregelen, minimumvereisten en -middelen en technische voorwaarden met betrekking tot het centraal openbaar toegangsportaal vast te stellen, </STRING></STRING>moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 VWEU handelingen vast te stellen. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden passende raadplegingen houdt, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen in overeenstemming zijn met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven van 13 april 2016<STRING SUPERSCRIPT="on">9</STRING>. Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen, ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip als de deskundigen van de lidstaten, en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">9</STRING> PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_interinstit/2016/512/oj</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">9</STRING> PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_interinstit/2016/512/oj</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		59</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 63</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(63)</NO.P>Een systeem op Unieniveau biedt met name ondersteuning aan de bevoegde nationale autoriteiten bij de uitvoering van hun toezichtstaken, en aan andere belanghebbenden bij de uitoefening van hun rol in het democratische proces, en maakt de democratieën in de Unie over het algemeen veerkrachtiger tegen inmenging door derde landen. Maatregelen op het gebied van de transparantie van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">om </STRING></STRING>op het niveau van de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> invloed uit te oefenen,</STRING></STRING> hebben een toegevoegde waarde, aangezien het waarschijnlijk grensoverschrijdende karakter van dergelijke activiteiten een gecoördineerde aanpak vergt op meerdere niveaus en in meerdere sectoren. Door samen te werken en informatie uit te wisselen, krijgen de lidstaten een beter inzicht in de omvang van dit fenomeen en dit helpt om misbruik van regelgevingsverschillen of -lacunes door derde landen te voorkomen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(63)</NO.P>Een systeem op Unieniveau biedt met name ondersteuning aan de bevoegde nationale autoriteiten bij de uitvoering van hun toezichtstaken, en aan andere belanghebbenden bij de uitoefening van hun rol in het democratische proces, en maakt de democratieën in de Unie over het algemeen veerkrachtiger tegen inmenging door derde landen. Maatregelen op het gebied van de transparantie van belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die namens derde landen worden uitgevoerd op het niveau van de Unie hebben een toegevoegde waarde, aangezien het waarschijnlijk grensoverschrijdende karakter van dergelijke activiteiten een gecoördineerde aanpak vergt op meerdere niveaus en in meerdere sectoren. Door samen te werken en informatie uit te wisselen, krijgen de lidstaten een beter inzicht in de omvang van dit fenomeen en dit helpt om misbruik van regelgevingsverschillen of -lacunes door derde landen te voorkomen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		60</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 64</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(64)</NO.P>Bij de uitvoering van deze richtlijn moeten de lidstaten ernaar streven de administratieve lasten voor de betrokken entiteiten, en met name voor micro-, kleine en middelgrote ondernemingen in de zin van artikel 3 van Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">10</STRING>, tot een minimum te beperken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(64)</NO.P>Bij de uitvoering van deze richtlijn moeten de lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op duidelijke en beknopte wijze voorschriften vaststellen, waarbij de rechtszekerheid en voorspelbare registratieprocedures moeten worden gewaarborgd, en moeten zij </STRING></STRING>ernaar streven de administratieve lasten voor de betrokken entiteiten, en met name voor micro-, kleine en middelgrote ondernemingen in de zin van artikel 3 van Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">10</STRING>, tot een minimum te beperken.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">10</STRING> Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad (PB L 182 van 29.6.2013, blz. 17, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2013/34/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">10</STRING> Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad (PB L 182 van 29.6.2013, blz. 17, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2013/34/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		61</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 65</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(65)</NO.P>De Verordeningen (EU) 2016/679<STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING> en (EU) 2018/1725<STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> van het Europees Parlement en de Raad zijn van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens in het kader van deze richtlijn, met inbegrip van de verwerking van persoonsgegevens voor het bijhouden van het nationale register of de nationale registers inzake entiteiten die namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren, met het oog op toegang tot in dat nationale register of die registers opgenomen persoonsgegevens en met het oog op het uitwisselen van persoonsgegevens in de context van administratieve samenwerking en wederzijdse bijstand tussen de lidstaten in het kader van deze richtlijn, met inbegrip van het gebruik van het IMI-systeem, alsook het bijhouden van een administratie overeenkomstig de desbetreffende vereisten van deze richtlijn. Elke verwerking van persoonsgegevens voor die doeleinden moet onder meer voldoen aan de beginselen van minimale gegevensverwerking, nauwkeurigheid van gegevens en opslagbeperking, alsook aan de vereisten inzake integriteit en vertrouwelijkheid van de gegevens. De lidstaten moeten maatregelen vaststellen om de rechtmatige en beveiligde verwerking van de in hun nationale register of registers opgenomen persoonsgegevens te waarborgen overeenkomstig de toepasselijke wetgeving inzake de bescherming van persoonsgegevens.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(65)</NO.P>De Verordeningen (EU) 2016/679<STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING> en (EU) 2018/1725<STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> van het Europees Parlement en de Raad zijn van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens in het kader van deze richtlijn, met inbegrip van de verwerking van persoonsgegevens voor het bijhouden van het nationale register of de nationale registers inzake entiteiten die namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren, met het oog op toegang tot in dat nationale register of die registers opgenomen persoonsgegevens en met het oog op het uitwisselen van persoonsgegevens in de context van administratieve samenwerking en wederzijdse bijstand tussen de lidstaten in het kader van deze richtlijn, met inbegrip van het gebruik van het IMI-systeem, alsook het bijhouden van een administratie overeenkomstig de desbetreffende vereisten van deze richtlijn. Elke verwerking van persoonsgegevens voor die doeleinden moet onder meer voldoen aan de beginselen van minimale gegevensverwerking, nauwkeurigheid van gegevens en opslagbeperking, alsook aan de vereisten inzake integriteit en vertrouwelijkheid van de gegevens. De lidstaten moeten maatregelen vaststellen om de rechtmatige en beveiligde verwerking van de in hun nationale register of registers opgenomen persoonsgegevens te waarborgen overeenkomstig de toepasselijke wetgeving inzake de bescherming van persoonsgegevens.</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING> Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2016/679/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING> Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2016/679/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen en instanties van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 45/2001 en Besluit nr. 1247/2002/EG (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 39, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1725/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen en instanties van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 45/2001 en Besluit nr. 1247/2002/EG (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 39, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1725/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		62</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 69</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(69)</NO.P>Overeenkomstig artikel 42, lid 1, van Verordening (EU) 2018/1725 is de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming geraadpleegd, en op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">XXXX</STRING></STRING> heeft hij een advies uitgebracht<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">15</STRING></STRING></STRING>,</P></OLD><NEW><P><NO.P>(69)</NO.P>Overeenkomstig artikel 42, lid 1, van Verordening (EU) 2018/1725 is de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming geraadpleegd, en op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">6 februari 2024</STRING></STRING> heeft hij een advies uitgebracht,</P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW/><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">15</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">XXXX.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		63</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 1 – titel</STRING></STI.AMD><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Onderwerp en doel</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Onderwerp en doelstellingen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		64</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 1 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>Bij deze richtlijn worden geharmoniseerde vereisten voor namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen uitgevoerde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">economische </STRING></STRING>belangenvertegenwoordigingsactiviteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vastgesteld teneinde de werking van de interne markt te verbeteren door in de hele Unie een gemeenschappelijk niveau van transparantie tot stand te</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">brengen</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P>Bij deze richtlijn worden geharmoniseerde vereisten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vastgesteld </STRING></STRING>voor namens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen uitgevoerde belangenvertegenwoordigingsactiviteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van economische aard met als doel invloed uit te oefenen op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van beleidsmaatregelen, wetgeving of openbare besluitvormingsprocessen in de Unie</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		65</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 1 – alinea 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het doel</STRING></STRING> van de richtlijn <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">is deze transparantie</STRING></STRING> tot <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">stand</STRING></STRING> te <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">brengen</STRING></STRING> zonder een sfeer van wantrouwen te creëren die natuurlijke personen of rechtspersonen uit lidstaten of derde landen ervan kan weerhouden samen te werken met of financiële steun te verlenen aan entiteiten die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belangen vertegenwoordigen</STRING></STRING> namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land.</P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De doelstellingen</STRING></STRING> van de richtlijn <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn de werking van de interne markt voor belangenvertegenwoordigingsactiviteiten te verbeteren en met betrekking</STRING></STRING> tot <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die activiteiten </STRING></STRING> te <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zorgen voor een gemeenschappelijk niveau van transparantie en democratische verantwoordingsplicht in de hele Unie</STRING></STRING> zonder een sfeer van wantrouwen te creëren die natuurlijke personen of rechtspersonen uit lidstaten of derde landen ervan kan weerhouden samen te werken met of financiële steun te verlenen aan entiteiten die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belangenvertegenwoordigingsactiviteiten uitvoeren</STRING></STRING> namens een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de naleving van deze richtlijn niet tot een beperking van de grondrechten leidt.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		66</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(1)</NO.P>“belangenvertegenwoordigingsactiviteit”: een activiteit die wordt verricht met als doel invloed uit te oefenen op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van beleid of wetgeving of op openbare besluitvormingsprocessen in de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en die met name kan worden uitgevoerd</STRING></STRING> door het organiseren van of deelnemen aan vergaderingen, conferenties of evenementen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> het leveren van een bijdrage of deelnemen aan raadplegingen of parlementaire hoorzittingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> het organiseren van communicatie- of reclamecampagnes<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, het organiseren van netwerken en grassrootsinitiatieven, </STRING></STRING>het opstellen van beleids- en standpuntnota’s, wetgevingsamendementen, opiniepeilingen, enquêtes of open brieven<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, of activiteiten in het kader van onderzoek en onderwijs, voor zover deze specifiek met dat doel worden uitgevoerd</STRING></STRING>;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(1)</NO.P>“belangenvertegenwoordigingsactiviteit”: een activiteit die wordt verricht met als doel invloed uit te oefenen op de ontwikkeling, formulering of uitvoering van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">beleidsmaatregelen,</STRING></STRING> wetgeving of openbare besluitvormingsprocessen in de Unie door<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">: </STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>—</NO.P> het organiseren van of deelnemen aan vergaderingen, conferenties of evenementen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">; </STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>—</NO.P> het leveren van een bijdrage of deelnemen aan raadplegingen of parlementaire hoorzittingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">; </STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>—</NO.P> het organiseren van communicatie- of reclamecampagnes, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onder meer op digitale platforms of via sociale media; of</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>—</NO.P>het opstellen van beleids- en standpuntnota’s, wetgevingsamendementen, opiniepeilingen, enquêtes of open brieven;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		67</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(2)</NO.P>“belangenvertegenwoordigingsdienst”: een belangenvertegenwoordigingsactiviteit die gewoonlijk tegen vergoeding wordt uitgevoerd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> als bedoeld in artikel 57 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(2)</NO.P>“belangenvertegenwoordigingsdienst”: een belangenvertegenwoordigingsactiviteit die gewoonlijk tegen vergoeding wordt uitgevoerd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en daardoor een dienst is</STRING></STRING> als bedoeld in artikel 57 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">(VWEU)</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		68</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 4 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(4)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“entiteit</STRING></STRING> uit een derde land”:</P></OLD><NEW><P><NO.P>(4)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land”:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		69</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 4 – b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(b)</NO.P>een publieke of private entiteit waarvan het doen en laten aan een in punt a) bedoelde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> kan worden toegerekend, rekening houdend met alle relevante omstandigheden;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P>een publieke of private entiteit waarvan het doen en laten aan een in punt a) bedoelde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> kan worden toegerekend, rekening houdend met alle relevante omstandigheden<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, zoals het vermogen van de opdrachtgever om beslissende invloed of uiteindelijke zeggenschap over de entiteit uit te oefenen</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		70</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 6 – a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P>de totale jaarlijkse vergoeding die van een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land wordt ontvangen als tegenprestatie voor het verlenen van een belangenvertegenwoordigingsdienst, uitgedrukt als een raming van de waarde van de dienst ingeval het een niet-geldelijke vergoeding betreft; of</P></OLD><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P>de totale jaarlijkse vergoeding die van een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land wordt ontvangen als tegenprestatie voor het verlenen van een belangenvertegenwoordigingsdienst, uitgedrukt als een raming van de waarde van de dienst ingeval het een niet-geldelijke vergoeding betreft; of</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		71</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 2 – alinea 1 – punt 9</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(9)</NO.P>“voor het nationale register verantwoordelijke autoriteit”: de overheidsinstantie of het overheidsorgaan die/dat verantwoordelijk is voor het bijhouden van een in artikel 9 bedoeld nationaal register en voor het verwerken van overeenkomstig deze richtlijn ingediende registraties;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(9)</NO.P>“voor het nationale register verantwoordelijke autoriteit”: de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onafhankelijke </STRING></STRING>overheidsinstantie of het<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> onafhankelijke</STRING></STRING> overheidsorgaan die/dat verantwoordelijk is voor het bijhouden van een in artikel 9 bedoeld nationaal register en voor het verwerken van overeenkomstig deze richtlijn ingediende registraties;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		72</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 1 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P>een belangenvertegenwoordigingsdienst die wordt verleend aan een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P>een belangenvertegenwoordigingsdienst die wordt verleend aan een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		73</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 1 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(b)</NO.P>een belangenvertegenwoordigingsactiviteit die wordt uitgevoerd door een in artikel 2, punt 4b), bedoelde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land en die verband houdt met of in de plaats komt van activiteiten van economische aard en derhalve vergelijkbaar is met een belangenvertegenwoordigingsdienst als bedoeld in punt a) van dit lid.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P>een belangenvertegenwoordigingsactiviteit die wordt uitgevoerd door een in artikel 2, punt 4<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, </STRING></STRING>b), bedoelde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land en die verband houdt met of in de plaats komt van activiteiten van economische aard en derhalve vergelijkbaar is met een belangenvertegenwoordigingsdienst als bedoeld in punt a) van dit lid.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		74</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 2 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P>activiteiten die rechtstreeks worden uitgevoerd door een in artikel 2, punt 4a), bedoelde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land en die verband houden met de uitoefening van het openbaar gezag, met inbegrip van activiteiten in het kader van diplomatieke of consulaire betrekkingen tussen staten of internationale organisaties;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P>activiteiten die rechtstreeks worden uitgevoerd door een in artikel 2, punt 4a), bedoelde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land en die verband houden met de uitoefening van het openbaar gezag, met inbegrip van activiteiten in het kader van diplomatieke of consulaire betrekkingen tussen staten of internationale organisaties;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		75</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 2 – punt a bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(a bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het aanbieden van mediadiensten zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 1), van Verordening (EU) 2024/1083 van het Europees Parlement en de Raad en het aanbieden van audiovisuele mediadiensten zoals gedefinieerd in artikel 1, punt 1), van Richtlijn 2010/13/EU van het Europees Parlement en de Raad;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		76</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 2 – punt b – i</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>i)</NO.P>verstrekking van advies aan een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land, om ervoor te zorgen dat haar activiteiten voldoen aan de bestaande wettelijke vereisten;</P></OLD><NEW><P><NO.P>i)</NO.P>verstrekking van advies aan een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land, om ervoor te zorgen dat haar activiteiten voldoen aan de bestaande wettelijke vereisten;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		77</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 2 – punt b – ii</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>ii)</NO.P>vertegenwoordiging van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen in het kader van een verzoenings- of bemiddelingsprocedure, om te voorkomen dat een rechterlijke of administratieve instantie het geschil voorgelegd krijgt of uitspraak over het geschil moet doen;</P></OLD><NEW><P><NO.P>ii)</NO.P>vertegenwoordiging van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen in het kader van een verzoenings- of bemiddelingsprocedure, om te voorkomen dat een rechterlijke of administratieve instantie het geschil voorgelegd krijgt of uitspraak over het geschil moet doen;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		78</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 2 – punt b – iii</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>iii)</NO.P>vertegenwoordiging van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen in gerechtelijke procedures;</P></OLD><NEW><P><NO.P>iii)</NO.P>vertegenwoordiging van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen in gerechtelijke procedures;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		79</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – lid 2 – punt b bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(b bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die worden uitgevoerd door maatschappelijke organisaties waarvan de statutaire doelstellingen bestaan in de bescherming en bevordering van het algemeen belang of de grondrechten, met inbegrip van de mensenrechten, overeenkomstig het Handvest van de grondrechten, op voorwaarde dat deze activiteiten niet als dienst in de zin van artikel 57 VWEU aan een opdrachtgever uit een derde land worden verleend of niet worden uitgevoerd door maatschappelijke organisaties die in het kader van deze richtlijn als opdrachtgever uit een derde land optreden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		80</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>De lidstaten mogen met betrekking tot belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die binnen het toepassingsgebied van deze richtlijn vallen, geen bepalingen behouden of invoeren die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">afwijken</STRING></STRING> van deze richtlijn, met inbegrip van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bepalingen die strikter of minder strikt zijn teneinde een ander niveau</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">transparantie</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">deze activiteiten te waarborgen</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P>De lidstaten mogen met betrekking tot belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die binnen het toepassingsgebied van deze richtlijn vallen, geen bepalingen behouden of invoeren die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">minder strikt zijn dan die</STRING></STRING> van deze richtlijn<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Bij de omzetting en uitvoering van deze richtlijn zorgen de lidstaten ervoor dat het Handvest van de grondrechten wordt nageleefd</STRING></STRING>, met inbegrip van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het recht op vrijheid van meningsuiting en informatie, het recht op vrijheid</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vergadering en vereniging, het recht op vrijheid van wetenschappelijk onderzoek, met inbegrip van academische vrijheid, het recht op bescherming</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">persoonsgegevens, het recht op een doeltreffende voorziening in rechte en het recht op vrijheid van ondernemerschap</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		81</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>De lidstaten zorgen ervoor dat aanbieders van belangenvertegenwoordigingsdiensten de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> in naam waarvan de dienst wordt verleend, kunnen verplichten te verklaren of <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ze</STRING></STRING> een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land is.</P></OLD><NEW><P>De lidstaten zorgen ervoor dat aanbieders van belangenvertegenwoordigingsdiensten de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> in naam waarvan de dienst wordt verleend, kunnen verplichten te verklaren of <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hij</STRING></STRING> een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land is.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		82</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten in hun contractuele regelingen met onderaannemers opnemen dat de belangenvertegenwoordigingsactiviteit binnen het toepassingsgebied van artikel 3, lid 1, valt, en dat die informatie moet worden doorgegeven aan eventuele verdere onderaannemers. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Onderaannemers die aldus in kennis zijn gesteld</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hoeven voor</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die worden uitgevoerd in het kader</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een overeenkomst met die informatie</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">niet te voldoen aan</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vereisten van de artikelen 7, 8, 10 en 11</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die hoofdaannemer zijn </STRING></STRING>in hun contractuele regelingen met onderaannemers opnemen dat de belangenvertegenwoordigingsactiviteit binnen het toepassingsgebied van artikel 3, lid 1, valt, en dat die informatie moet worden doorgegeven aan eventuele verdere onderaannemers. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wanneer dergelijke informatie is opgenomen</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onderaannemers en verdere onderaannemers vrijgesteld</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de vereisten van de artikelen 8</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">10 en 11 voor</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die in het kader van die regelingen worden uitgeoefend</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		83</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat onderaannemers die de belangenvertegenwoordigingsdienst verder uitbesteden, aan de hoofdaannemer of, in voorkomend geval, aan de onderaannemer van wie zij de overeenkomst voor de uitvoering van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit hebben gekregen, melden dat de belangenvertegenwoordigingsactiviteit verder is uitbesteed<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en ervoor</STRING></STRING> zorgen dat in de contractuele regelingen wordt opgenomen dat de belangenvertegenwoordigingsactiviteit binnen het toepassingsgebied van artikel 3, lid 1, valt.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat onderaannemers die de belangenvertegenwoordigingsdienst verder uitbesteden, aan de hoofdaannemer of, in voorkomend geval, aan de onderaannemer van wie zij de overeenkomst voor de uitvoering van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit hebben gekregen, melden dat de belangenvertegenwoordigingsactiviteit verder is uitbesteed<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. De lidstaten</STRING></STRING> zorgen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> er tevens voor</STRING></STRING> dat in de contractuele regelingen wordt opgenomen dat de belangenvertegenwoordigingsactiviteit binnen het toepassingsgebied van artikel 3, lid 1, valt.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		84</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de onderaannemer aan de hoofdaannemer of, in voorkomend geval, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> onderaannemer de informatie verstrekt die nodig is om aan de vereisten van artikel 10 te voldoen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de onderaannemer aan de hoofdaannemer of, in voorkomend geval, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een verdere</STRING></STRING> onderaannemer de informatie verstrekt die nodig is om aan de vereisten van artikel 10 te voldoen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		85</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 7</STRING></STI.AMD><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 7</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bijhouden van een administratie</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten voor elke belangenvertegenwoordigingsactiviteit die binnen het toepassingsgebied van dat artikel valt, een administratie bijhouden met:</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de identiteit of de naam van de entiteit uit het derde land in naam waarvan de activiteit wordt uitgevoerd, alsook de naam van het derde land waarvan de belangen worden vertegenwoordigd;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een beschrijving van het doel van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>(c)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">contracten en belangrijke uitwisselingen met de entiteit uit het derde land die van essentieel belang zijn om inzicht te krijgen in de aard en het doel van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit, met inbegrip van, in voorkomend geval, de administratie in verband met de middelen en de omvang van een eventuele vergoeding;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>(d)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">informatie- of ander materiaal dat een belangrijke component van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit vormt.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten de in lid 1 bedoelde administratie na beëindiging van de betrokken belangenvertegenwoordigingsactiviteit vier jaar bewaren.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten jaarlijks de volgende documenten opstellen:</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een lijst van alle entiteiten uit derde landen in naam waarvan zij in het vorige boekjaar belangenvertegenwoordigingsactiviteiten hebben uitgevoerd;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>(b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een lijst met het jaarlijkse totaalbedrag dat in het vorige boekjaar is ontvangen voor de activiteiten die binnen het toepassingsgebied van artikel 3, lid 1, vallen, uitgesplitst naar derde land.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>4.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten de administratie over de in lid 3 bedoelde informatie vier jaar bewaren.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		86</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 8 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de wettelijke vertegenwoordiger aansprakelijk kan worden gesteld voor niet-naleving van verplichtingen van deze richtlijn door de entiteit die hij vertegenwoordigt, onverminderd eventuele aansprakelijkheidsvorderingen en vorderingen in rechte tegen die entiteit.</STRING></STRING> De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten hun wettelijke vertegenwoordiger de nodige bevoegdheden en voldoende middelen verlenen om een efficiënte en tijdige samenwerking met de bevoegde autoriteiten van de lidstaten, alsook de naleving van de besluiten van die autoriteiten te waarborgen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten hun wettelijke vertegenwoordiger de nodige bevoegdheden en voldoende middelen verlenen om een efficiënte en tijdige samenwerking met de bevoegde autoriteiten van de lidstaten, alsook de naleving van de besluiten van die autoriteiten te waarborgen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		87</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De nationale registers worden bijgehouden door <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de nationale registers. Deze autoriteiten treden met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens op als verwerkingsverantwoordelijken in de zin van artikel 4, punt 7, van Verordening (EU) 2016/679.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De nationale registers worden bijgehouden door <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onafhankelijke</STRING></STRING> autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de nationale registers<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> overeenkomstig artikel 15 van deze richtlijn. De nationale registers zijn interoperabel</STRING></STRING>. Deze autoriteiten treden met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens op als verwerkingsverantwoordelijken in de zin van artikel 4, punt 7, van Verordening (EU) 2016/679.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		88</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 9 bis</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Centraal openbaar toegangsportaal</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie zet een centraal openbaar toegangsportaal op dat een gedecentraliseerd systeem is voor de koppeling van nationale registers als bedoeld in artikel 9.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het in lid 1 bedoelde systeem bevat een webportaal dat dient als een centraal openbaar elektronisch toegangspunt voor de informatie in het systeem. Het webportaal biedt een zoekfunctie in alle officiële talen van de Unie om de in artikel 12, lid 1, bedoelde informatie makkelijker openbaar te maken.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie treedt met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens op als verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 4, punt 7, van Verordening (EU) 2016/679.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>4.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op … [een jaar vanaf de datum van inwerkingtreding van deze richtlijn] stelt de Commissie overeenkomstig artikel 23 een gedelegeerde handeling vast om deze richtlijn aan te vullen met:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de technische specificaties voor de wijze waarop en de methoden op basis waarvan het systeem dat de nationale registers aan elkaar koppelt en zorgt voor interoperabiliteit, communiceert;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de technische maatregelen die de basis vormen voor de minimale IT-beveiligingsnormen voor de communicatie en verspreiding van informatie binnen het systeem dat de nationale registers aan elkaar koppelt;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(c)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">minimumcriteria voor de zoekfunctie en de presentatie van de zoekresultaten, die in overeenstemming met artikel 12, lid 1, op het Europees portaal moeten worden verstrekt; en</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(d)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de wijze waarop de door het systeem dat de nationale registers aan elkaar koppelt geleverde diensten beschikbaar worden gemaakt en de technische voorwaarden die hierop van toepassing zijn.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>5.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het in lid 1 bedoelde systeem wordt gekoppeld aan de bij Verordening (EU) 2018/1724 opgerichte ene digitale toegangspoort.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		89</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 1 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>De lidstaten zorgen ervoor dat in artikel 3, lid 1, bedoelde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> die op hun grondgebied <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn</STRING></STRING> gevestigd, zich uiterlijk <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bij</STRING></STRING> aanvang van de belangenvertegenwoordigingsactiviteiten in een nationaal register <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">registreren</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P>De lidstaten zorgen ervoor dat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">elke </STRING></STRING>in artikel 3, lid 1, bedoelde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> die op hun grondgebied <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">is</STRING></STRING> gevestigd, zich uiterlijk <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vóór</STRING></STRING> aanvang van de belangenvertegenwoordigingsactiviteiten in een nationaal register <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">registreert</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		90</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>In artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten die niet in de Unie zijn gevestigd, registreren zich in de lidstaat waar hun overeenkomstig artikel 8 aangewezen wettelijke vertegenwoordiger is gevestigd of waar deze vertegenwoordiger, als hij geen plaats van vestiging heeft, woont of gewoonlijk verblijft.</P></OLD><NEW><P><STRING ITALIC="on">(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)</STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		91</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de entiteiten voor registratiedoeleinden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">alleen </STRING></STRING>de in bijlage I vermelde informatie hoeven te verstrekken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de entiteiten voor registratiedoeleinden de in bijlage I vermelde informatie hoeven te verstrekken.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		92</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 6 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">binnen een redelijke termijn</STRING></STRING>: wijzigingen of aanvullingen van de overeenkomstig bijlage I, deel 1, punten a)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> b), f),i) en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">f),</STRING></STRING>ii), verstrekte gegevens;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onverwijld</STRING></STRING>: wijzigingen of aanvullingen van de overeenkomstig bijlage I, deel 1, punten a)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en</STRING></STRING> b), <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en punt </STRING></STRING>f), i) en ii), verstrekte gegevens;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		93</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 7 – alinea 2</STRING></STI.AMD><OLD><P>Die autoriteit verwerkt het verzoek binnen vijf werkdagen en schrapt de geregistreerde entiteit uit het nationale register indien zij van oordeel is dat de entiteit niet langer kan worden aangemerkt als een in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteit of<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, in voorkomend geval,</STRING></STRING> niet langer geregistreerd mag zijn in het register waarvoor zij verantwoordelijk is. In de lidstaat van registratie kan administratief beroep en beroep in rechte worden ingesteld tegen het besluit van de instantie die verantwoordelijk is voor het betrokken nationale register.</P></OLD><NEW><P>Die autoriteit verwerkt het verzoek binnen vijf werkdagen en schrapt de geregistreerde entiteit uit het nationale register indien zij van oordeel is dat de entiteit niet langer kan worden aangemerkt als een in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteit of niet langer geregistreerd mag zijn in het register waarvoor zij verantwoordelijk is. In de lidstaat van registratie kan administratief beroep en beroep in rechte worden ingesteld tegen het besluit van de instantie die verantwoordelijk is voor het betrokken nationale register.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		94</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 7 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zien erop toe dat de autoriteit die verantwoordelijk is voor een nationaal register waaruit een entiteit is geschrapt, de in lid 4 bedoelde informatie over de entiteit gedurende vier jaar nadat de entiteit krachtens lid 7 uit het register is geschrapt, bijhoudt.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		95</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 8</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>8.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de registratie, de bijwerkingen, de verzoeken om schrapping uit het register en de verzoeken uit hoofde van artikel 12, lid 3, elektronisch kunnen worden afgehandeld<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en gratis zijn</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>8.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de registratie, de bijwerkingen, de verzoeken om schrapping uit het register en de verzoeken uit hoofde van artikel 12, lid 3, elektronisch <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en gratis </STRING></STRING>kunnen worden afgehandeld.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		96</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 8 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>8 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten mogen in overeenstemming met de Verdragen in hun rechtsstelsel bestaande maatregelen behouden die van toepassing waren vóór [de datum van inwerkingtreding van deze richtlijn] op grond waarvan de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten met het oog op registratie informatie moeten indienen die geen persoonsgegevens bevat, bovenop de in bijlage I, deel 1, bedoelde informatie, en wel indien die maatregelen noodzakelijk zijn, worden ingegeven door doelen van openbaar belang en evenredig zijn in die zin dat ze volstaan om de nagestreefde doelstellingen te halen en niet verder gaan dan wat nodig is om die doelstellingen te halen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		97</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>Wanneer de voor registratiedoeleinden verstrekte informatie onvolledig is of kennelijke fouten bevat, vraagt de voor het nationale register verantwoordelijke autoriteit de entiteit om de ingediende informatie aan te vullen of te corrigeren. Binnen vijf werkdagen na ontvangst van een antwoord van de betrokken entiteit neemt de voor het nationale register verantwoordelijke autoriteit een overeenkomstige inschrijving op in haar nationale register of weigert zij dit en deelt zij de betrokken entiteit mee waarom de ingediende informatie nog steeds onvolledig of kennelijk onjuist is.</P></OLD><NEW><P><STRING ITALIC="on">(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)</STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		98</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Wanneer een inschrijving in het nationale register is opgenomen, ontvangt de geregistreerde entiteit van de voor het nationale register verantwoordelijke autoriteit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onmiddellijk</STRING></STRING> en uiterlijk binnen vijf werkdagen een bevestiging van de registratie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en</STRING></STRING> krijgt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> zij</STRING></STRING> een uniek EIRN en een digitale kopie van de in het nationale register opgenomen informatie. Het format van het EIRN is vastgesteld in bijlage II.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>Wanneer een inschrijving in het nationale register is opgenomen, ontvangt de geregistreerde entiteit van de voor het nationale register verantwoordelijke autoriteit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onverwijld</STRING></STRING> en uiterlijk binnen vijf werkdagen een bevestiging van de registratie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. De geregistreerde entiteit</STRING></STRING> krijgt een uniek EIRN en een digitale kopie van de in het nationale register opgenomen informatie. Het format van het EIRN is vastgesteld in bijlage II.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		99</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de autoriteit die verantwoordelijk is voor het nationale register van de lidstaat van registratie elke nieuwe registratie onmiddellijk en uiterlijk binnen vijf werkdagen na opname van de inschrijving in het nationale register ter kennis brengt van de overeenkomstig artikel 15, lid 1, aangewezen nationale autoriteiten van de lidstaten die overeenkomstig bijlage I, deel 2, punt e), in de registratie zijn vermeld. Een dergelijke kennisgeving vindt ook plaats wanneer een geregistreerde entiteit op grond van artikel 10, lid 6, een wijziging of aanvulling van de in bijlage I, deel 2, punt e), bedoelde informatie indient. De kennisgeving bevat de naam van de geregistreerde entiteit, haar EIRN en een link naar de nationale registers waar ze is geregistreerd.</P></OLD><NEW><P><STRING ITALIC="on">(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)</STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		100</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>De lidstaten bepalen dat de autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor het bijhouden van de nationale registers in de lidstaat die de in lid 4 bedoelde kennisgeving ontvangt, de in die kennisgeving opgenomen informatie onmiddellijk en uiterlijk binnen vijf werkdagen in het desbetreffende register opnemen. De informatie over de geregistreerde entiteit wordt niet bekendgemaakt indien op die informatie, in het kader van het betrokken nationale register van de lidstaat van registratie, een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">afwijking</STRING></STRING> ten aanzien van bekendmaking van toepassing is overeenkomstig artikel 12, lid 3.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>De lidstaten bepalen dat de autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor het bijhouden van de nationale registers in de lidstaat die de in lid 4 bedoelde kennisgeving ontvangt, de in die kennisgeving opgenomen informatie onmiddellijk en uiterlijk binnen vijf werkdagen in het desbetreffende register opnemen. De informatie over de geregistreerde entiteit wordt niet bekendgemaakt indien op die informatie, in het kader van het betrokken nationale register van de lidstaat van registratie, een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vrijstelling</STRING></STRING> ten aanzien van bekendmaking van toepassing is overeenkomstig artikel 12, lid 3.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		101</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 9</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>9.</NO.P>Wanneer een toezichthoudende autoriteit beschikt over betrouwbare informatie dat een entiteit die is geregistreerd in een register waarvoor deze autoriteit op grond van artikel 15, lid 3, bevoegd is, zich mogelijk niet houdt aan de verplichtingen die zijn neergelegd in de krachtens artikel 10 vastgestelde nationale bepalingen, bijvoorbeeld door het verstrekken van onjuiste informatie bij de registratie, kan zij die entiteit verzoeken de in artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">7</STRING></STRING> bedoelde informatie te verstrekken voor zover die nodig is om de mogelijke niet-naleving te onderzoeken.</P></OLD><NEW><P><NO.P>9.</NO.P>Wanneer een toezichthoudende autoriteit beschikt over betrouwbare informatie dat een entiteit die is geregistreerd in een register waarvoor deze autoriteit op grond van artikel 15, lid 3, bevoegd is, zich mogelijk niet houdt aan de verplichtingen die zijn neergelegd in de krachtens artikel 10 vastgestelde nationale bepalingen, bijvoorbeeld door het verstrekken van onjuiste informatie bij de registratie, kan zij die entiteit verzoeken de in artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">16</STRING></STRING> bedoelde informatie te verstrekken voor zover die nodig is om de mogelijke niet-naleving te onderzoeken.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		102</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 10 – punt c</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(c)</NO.P>informatie over de beschikbare procedures voor rechterlijke toetsing.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(c)</NO.P>informatie over de beschikbare <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">administratieve procedures of </STRING></STRING>procedures voor rechterlijke toetsing.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		103</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 11</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>11.</NO.P>De entiteit waaraan het verzoek is gericht, verstrekt binnen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">tien</STRING></STRING> werkdagen de correcte en volledige informatie waarom krachtens de leden 8 en 9 is verzocht.</P></OLD><NEW><P><NO.P>11.</NO.P>De entiteit waaraan het verzoek is gericht, verstrekt binnen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">15</STRING></STRING> werkdagen de correcte en volledige informatie waarom krachtens de leden 8 en 9 is verzocht.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		104</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 12</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>12.</NO.P>De in de leden 8 en 9 bedoelde verzoeken zijn onderworpen aan rechterlijke toetsing in de lidstaat van de toezichthoudende autoriteit die het verzoek indient.</P></OLD><NEW><P><NO.P>12.</NO.P>De in de leden 8 en 9 bedoelde verzoeken zijn onderworpen aan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">administratieve of </STRING></STRING>rechterlijke toetsing in de lidstaat van de toezichthoudende autoriteit die het verzoek indient.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		105</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 1 – alinea 1 – a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P>de in bijlage I, deel 1, punten a)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> e), f),i), <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">f),ii),</STRING></STRING> h), i), j) en k), en deel 2, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">punten</STRING></STRING> a),i), en b) tot en met h), bedoelde informatie die door de geregistreerde entiteit is verstrekt;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P>de in bijlage I, deel 1, punten a)<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en</STRING></STRING> e),<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> punt</STRING></STRING> f), i), <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en punten</STRING></STRING> h), i), j) en k), en deel 2, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">punt</STRING></STRING> a), i), en<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> punten</STRING></STRING> b) tot en met h), bedoelde informatie die door de geregistreerde entiteit is verstrekt;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		106</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">afwijking</STRING></STRING> ten aanzien van de in lid 1 bedoelde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bekendmaking kunnen aanvragen</STRING></STRING> door middel van een naar behoren gemotiveerd verzoek. De toezichthoudende autoriteit neemt een besluit om de openbare toegang geheel of gedeeltelijk te beperken wanneer de verzoekende entiteit aantoont dat dit, gezien de omstandigheden van het individuele geval, gerechtvaardigd is op grond van een legitiem belang, zoals een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ernstig </STRING></STRING>risico dat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">personen</STRING></STRING> als gevolg van de bekendmaking worden blootgesteld aan een schending van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hun</STRING></STRING> grondrechten, met name die welke worden beschermd door de artikelen 1, 2, 3, 4 en 6 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Anders neemt de toezichthoudende autoriteit een besluit tot afwijzing van het verzoek.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het recht hebben </STRING></STRING>een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vrijstelling</STRING></STRING> ten aanzien van de in lid<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> </STRING></STRING>1 bedoelde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bekendmakingsvereiste aan te vragen</STRING></STRING> door middel van een naar behoren gemotiveerd verzoek. De toezichthoudende autoriteit neemt een besluit om de openbare toegang geheel of gedeeltelijk te beperken wanneer de verzoekende entiteit aantoont dat dit, gezien de omstandigheden van het individuele geval, gerechtvaardigd is op grond van een legitiem belang, zoals een risico dat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een persoon</STRING></STRING> als gevolg van de bekendmaking worden blootgesteld aan een schending van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> grondrechten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> van die persoon</STRING></STRING>, met name die welke worden beschermd door de artikelen 1, 2, 3, 4 en 6 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Anders neemt de toezichthoudende autoriteit een besluit tot afwijzing van het verzoek.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		107</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 3 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>3 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat het besluit om vrijstelling te verlenen van de verplichting tot openbaarmaking van de in lid 1 bedoelde informatie, of om de toegang van het publiek tot die informatie geheel of gedeeltelijk te beperken, ambtshalve kan worden genomen door de bevoegde toezichthoudende autoriteit of, indien van toepassing, op verzoek van een toezichthoudende autoriteit van een andere lidstaat, wanneer zij redenen heeft om aan te nemen dat de openbaarmaking een persoon zou kunnen blootstellen aan een schending van zijn grondrechten en dat de gedeeltelijke of volledige beperking van de toegang van het publiek dit risico kan wegnemen of verminderen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		108</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>Tegen een op grond van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lid</STRING></STRING> 3 genomen besluit kan beroep in rechte worden ingesteld in de lidstaat van registratie. De lidstaten zorgen ervoor dat alle beroepsprocedures, met inbegrip van die voor een beroep in rechte, binnen een redelijke termijn hun beslag krijgen en dat onverwijld een definitief besluit wordt genomen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>Tegen een op grond van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de leden</STRING></STRING> 3 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en 3 bis </STRING></STRING>genomen besluit kan<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> een administratief beroep of</STRING></STRING> beroep in rechte worden ingesteld in de lidstaat van registratie. De lidstaten zorgen ervoor dat alle beroepsprocedures, met inbegrip van die voor een beroep in rechte, binnen een redelijke termijn hun beslag krijgen en dat onverwijld een definitief besluit wordt genomen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		109</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>6.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat, wanneer een in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lid</STRING></STRING> 3 bedoeld besluit definitief is geworden, in de inschrijving in het nationale register waarop dat besluit betrekking heeft, wordt vermeld dat de openbare toegang geheel of gedeeltelijk is beperkt, naargelang van het geval.</P></OLD><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat, wanneer een in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de leden</STRING></STRING> 3<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en 3 bis</STRING></STRING> bedoeld besluit definitief is geworden, in de inschrijving in het nationale register waarop dat besluit betrekking heeft, wordt vermeld dat de openbare toegang geheel of gedeeltelijk is beperkt, naargelang van het geval.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		110</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>Met ingang van 31 maart [jaar na de omzettingstermijn] en vervolgens jaarlijks uiterlijk op 31 maart wordt door elke lidstaat een verslag gepubliceerd op basis van de informatie die de in hun nationale registers geregistreerde entiteiten hebben verstrekt, en bij de Commissie ingediend. Dit verslag bevat<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> uitsluitend</STRING></STRING>:</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>Met ingang van 31 maart [jaar na de omzettingstermijn] en vervolgens jaarlijks uiterlijk op 31 maart wordt door elke lidstaat een verslag gepubliceerd op basis van de informatie die de in hun nationale registers geregistreerde entiteiten hebben verstrekt, en bij de Commissie ingediend. Dit verslag bevat:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		111</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 1 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P>geaggregeerde gegevens over de jaarlijkse bedragen per derde land in het vorige boekjaar. Die geaggregeerde gegevens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten</STRING></STRING> gebaseerd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> zijn</STRING></STRING> op de informatie die op grond van bijlage I, deel 2, punten b) en c), is verstrekt;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P>geaggregeerde gegevens over de jaarlijkse bedragen per derde land in het vorige boekjaar. Die geaggregeerde gegevens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn</STRING></STRING> gebaseerd op de informatie die op grond van bijlage I, deel 2, punten b) en c), is verstrekt;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		112</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 1 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(b)</NO.P>geaggregeerde gegevens over de jaarlijkse bedragen per organisatiecategorie voor elk derde land in het vorige boekjaar. Die geaggregeerde gegevens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten</STRING></STRING> gebaseerd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> zijn</STRING></STRING> op de informatie die op grond van bijlage I, deel 1, punt h), en deel 2, punten b) en c), is verstrekt;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P>geaggregeerde gegevens over de jaarlijkse bedragen per organisatiecategorie voor elk derde land in het vorige boekjaar. Die geaggregeerde gegevens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn</STRING></STRING> gebaseerd op de informatie die op grond van bijlage I, deel 1, punt h), en deel 2, punten b) en c), is verstrekt;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		113</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 1 – punt c</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(c)</NO.P>het totale aantal <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit derde landen waarvan het doen en laten aan een specifiek derde land kan worden toegerekend. Die geaggregeerde gegevens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten</STRING></STRING> gebaseerd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> zijn</STRING></STRING> op de informatie die op grond van bijlage<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> </STRING></STRING>I, deel<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> </STRING></STRING>2, punt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> </STRING></STRING>b), is verstrekt;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(c)</NO.P>het totale aantal <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit derde landen waarvan het doen en laten aan een specifiek derde land kan worden toegerekend. Die geaggregeerde gegevens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn</STRING></STRING> gebaseerd op de informatie die op grond van bijlage I, deel 2, punt b), is verstrekt;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		114</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 1 – punt d bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(d bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een analyse, voor elke lidstaat van registratie, van de belangenvertegenwoordigingsactiviteiten die in een andere lidstaat dan de lidstaat van registratie zijn uitgevoerd, aan de hand van de informatie die overeenkomstig bijlage I, deel 2, punt e), is verstrekt.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		115</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 1 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Voor de toepassing van lid 1 van dit artikel kan elke lidstaat één enkele autoriteit aanwijzen als de bevoegde nationale autoriteit die verantwoordelijk is voor de nationale registers en voor de uitvoering van de toezichthoudende taken uit hoofde van deze richtlijn.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		116</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>Wanneer een lidstaat meer dan een toezichthoudende autoriteit aanwijst, moet hij ervoor zorgen dat de taken van elk van die autoriteiten duidelijk <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">gedefinieerd</STRING></STRING> zijn en dat die autoriteiten nauw en doeltreffend samenwerken bij de uitvoering van hun taken. De lidstaten bepalen tot welke toezichthoudende autoriteit mededelingen kunnen worden gericht voor doorzending aan de juiste autoriteit in die lidstaat.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>Wanneer een lidstaat meer dan een toezichthoudende autoriteit aanwijst, moet hij ervoor zorgen dat de taken van elk van die autoriteiten duidelijk <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vastgesteld</STRING></STRING> zijn<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> in zijn nationaal recht</STRING></STRING> en dat die autoriteiten nauw en doeltreffend samenwerken bij de uitvoering van hun taken. De lidstaten bepalen tot welke toezichthoudende autoriteit mededelingen kunnen worden gericht voor doorzending aan de juiste autoriteit in die lidstaat.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		117</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>6.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de toezichthoudende autoriteit haar taken onafhankelijk uitvoert.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen er met name voor dat de personeelsleden van toezichthoudende autoriteiten die optreden in het kader van hun uit deze richtlijn voortvloeiende bevoegdheden:</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uit hoofde van lid 1 aangewezen nationale</STRING></STRING> autoriteiten hun <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">taken onafhankelijk uitvoeren.</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hun taken onafhankelijk, vrij van politieke en andere externe invloed kunnen uitvoeren en geen instructies van de overheid of van een andere publieke of private entiteit vragen of aanvaarden;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>(b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zich onthouden van elke handeling die onverenigbaar is met de uitoefening van hun taken en de uitoefening van de bevoegdheden uit hoofde van deze richtlijn.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		118</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 6 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>6 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de procedures voor de benoeming van de bestuursorganen van de toezichthoudende autoriteiten transparant en niet-discriminerend zijn en de vereiste mate van onafhankelijkheid waarborgen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		119</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 6 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>6 ter.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de personeelsleden van toezichthoudende autoriteiten die optreden in het kader van hun uit deze richtlijn voortvloeiende bevoegdheden:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hun taken onafhankelijk, onpartijdig, transparant en vrij van politieke en andere externe invloed kunnen uitvoeren en geen instructies van de overheid of van een andere publieke of private entiteit vragen of aanvaarden;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zich onthouden van elke handeling die onverenigbaar is met de uitoefening van hun taken en de uitoefening van de bevoegdheden uit hoofde van deze richtlijn;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(c)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">over de nodige vaardigheden, kennis en deskundigheid beschikken om hun taken doeltreffend uit te voeren en met kennis van zaken beslissingen te nemen in overeenstemming met de doelstellingen van deze richtlijn, waaronder de deskundigheid om risico’s voor de bescherming van de grondrechten op te sporen en tegen te gaan, met name risico’s voor de vrijheid van vergadering en vereniging.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		120</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 7</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>7.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de op grond van lid 1 aangewezen nationale autoriteiten over alle nodige middelen beschikken om hun bij deze richtlijn toegewezen taken uit te voeren, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met inbegrip van voldoende technische, financiële en personele middelen</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>7.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de op grond van lid 1 aangewezen nationale autoriteiten over alle nodige middelen beschikken<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met inbegrip van voldoende technische, financiële en personele middelen,</STRING></STRING> om hun bij deze richtlijn toegewezen taken uit te voeren, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waaronder in voorkomend geval het bijdragen aan de werkzaamheden van de adviesgroep overeenkomstig artikel 19</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		121</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 7 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wanneer de lidstaten overeenkomstig artikel 10, lid 8 bis, in hun rechtsstelsel bestaande maatregelen behouden op grond waarvan de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten voor registratiedoeleinden aanvullende informatie moeten verstrekken naast de in deel 1 van bijlage I bedoelde informatie, zorgen die lidstaten ervoor dat de overeenkomstig lid 1 van dit artikel aangewezen nationale bevoegde autoriteiten de bevoegdheid hebben om dergelijke aanvullende informatie op te vragen bij de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten die namens derde landen op hun grondgebied belangenbehartigingsdiensten verrichten en in een andere lidstaat zijn geregistreerd.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		122</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 8</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>8.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de op grond van lid 1 aangewezen nationale autoriteiten er bij de uitvoering van hun krachtens deze richtlijn toegewezen taken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voor</STRING></STRING> zorgen dat louter het feit dat een entiteit een geregistreerde entiteit is of dat met betrekking tot een entiteit een verzoek uit hoofde van artikel 16, lid 3, is ingediend, geen nadelige gevolgen, zoals stigmatisering, met zich brengt.</P></OLD><NEW><P><NO.P>8.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat de op grond van lid 1 aangewezen nationale autoriteiten er bij de uitvoering van hun krachtens deze richtlijn toegewezen taken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op niet-discriminerende wijze handelen. De lidstaten</STRING></STRING> zorgen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> er tevens voor</STRING></STRING> dat louter het feit dat een entiteit een geregistreerde entiteit is of dat met betrekking tot een entiteit een verzoek uit hoofde van artikel 16, lid 3, is ingediend, geen nadelige gevolgen, zoals stigmatisering, met zich brengt.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		123</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 3 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Onverminderd artikel 11, leden 8 en 9, kan een verzoek alleen worden ingediend in de volgende gevallen en met betrekking tot de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">overeenkomstig artikel</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">7 bijgehouden administratie</STRING></STRING>:</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>Onverminderd artikel 11, leden 8 en 9, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en artikel 15, lid 7 bis, </STRING></STRING>kan een verzoek alleen worden ingediend in de volgende gevallen en met betrekking tot de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in lid</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 bis van dit artikel bedoelde informatie</STRING></STRING>:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		124</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 3 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P>de geregistreerde entiteit heeft in het vorige boekjaar een jaarlijks bedrag van meer dan 1 000 000<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> </STRING></STRING>EUR ontvangen voor één enkele <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P>de geregistreerde entiteit heeft in het vorige boekjaar een jaarlijks bedrag van meer dan 1 000 000 EUR ontvangen voor één enkele <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		125</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 3 – alinea 1 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P>het doen en laten van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land in naam waarvan de geregistreerde entiteit optreedt, is toe te rekenen aan een derde land dat, rekening houdend met alle <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit een derde land waarvan het doen en laten aan dit derde land kan worden toegerekend, in een van de vijf voorgaande boekjaren een totaal jaarlijks bedrag heeft uitgegeven dat hoger is dan een van de volgende bedragen:</P></OLD><NEW><P>het doen en laten van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land in naam waarvan de geregistreerde entiteit optreedt, is toe te rekenen aan een derde land dat, rekening houdend met alle <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit een derde land waarvan het doen en laten aan dit derde land kan worden toegerekend, in een van de vijf voorgaande boekjaren een totaal jaarlijks bedrag heeft uitgegeven dat hoger is dan een van de volgende bedragen:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		126</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 3 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>3 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in lid 2 van dit artikel bedoelde toezichthoudende autoriteit mag om de volgende informatie verzoeken:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kopieën van contracten met de opdrachtgever uit een derde land die nodig zijn om inzicht te krijgen in de aard en het doel van de belangenvertegenwoordigingsactiviteit, met inbegrip van, in voorkomend geval, de administratie in verband met de middelen en de omvang van een eventuele vergoeding;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een lijst van alle opdrachtgevers uit derde landen in naam waarvan zij in het vorige boekjaar belangenvertegenwoordigingsactiviteiten hebben uitgevoerd;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(c)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een lijst met het jaarlijkse totaalbedrag dat in het vorige boekjaar is ontvangen voor de activiteiten die binnen het toepassingsgebied van artikel 3, lid 1, vallen, uitgesplitst naar derde land.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		127</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 3 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>3 ter.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten de in lid 3 bis, punt a), van dit artikel bedoelde administratie gedurende vier jaar na beëindiging van de betrokken belangenvertegenwoordigingsactiviteit bewaren.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		128</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 3 quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>3 quater.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten de administratie over de in lid 3 bis, punten b) en c), van dit artikel bedoelde informatie vier jaar bewaren.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		129</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 4 – punt c</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(c)</NO.P>informatie over de beschikbare procedures voor rechterlijke toetsing.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(c)</NO.P>informatie over de beschikbare <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">administratieve procedures of </STRING></STRING>procedures voor rechterlijke toetsing.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		130</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>Wanneer een andere toezichthoudende autoriteit dan de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie van oordeel is dat aan een van de voorwaarden van lid 3 is voldaan, kan zij de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie verzoeken de overeenkomstig artikel<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> 7</STRING></STRING> bijgehouden administratie bij de geregistreerde entiteit op te vragen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>Wanneer een andere toezichthoudende autoriteit dan de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie van oordeel is dat aan een van de voorwaarden van lid<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> </STRING></STRING>3 is voldaan, kan zij de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie verzoeken de overeenkomstig <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dit </STRING></STRING>artikel bijgehouden administratie bij de geregistreerde entiteit op te vragen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		131</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 6 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>Indien de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie een in lid 5 bedoeld verzoek ontvangt en van oordeel is dat aan de voorwaarden van lid 3 is voldaan, dient zij een verzoek in overeenkomstig lid 3 en geeft zij de ontvangen informatie door aan de verzoekende toezichthoudende autoriteit. Indien de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie in de vorige twaalf maanden een in lid 3 bedoeld verzoek heeft ingediend met betrekking tot dezelfde informatie van dezelfde geregistreerde entiteit, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">geeft</STRING></STRING> zij de informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">door</STRING></STRING> aan de verzoekende toezichthoudende autoriteit zonder <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dat zij </STRING></STRING>een nieuw verzoek<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> hoeft</STRING></STRING> in te dienen.</P></OLD><NEW><P>Indien de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie een in lid 5 bedoeld verzoek ontvangt en van oordeel is dat aan de voorwaarden van lid 3 is voldaan, dient zij een verzoek in overeenkomstig lid 3 en geeft zij de ontvangen informatie door aan de verzoekende toezichthoudende autoriteit. Indien de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie in de vorige twaalf maanden een in lid 3 bedoeld verzoek heeft ingediend met betrekking tot dezelfde informatie van dezelfde geregistreerde entiteit, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kan</STRING></STRING> zij de informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">doorgeven</STRING></STRING> aan de verzoekende toezichthoudende autoriteit zonder een nieuw verzoek in te dienen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		132</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 8</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>8.</NO.P>De in lid 3 bedoelde verzoeken zijn onderworpen aan rechterlijke toetsing in de lidstaat van de toezichthoudende autoriteit die het verzoek indient.</P></OLD><NEW><P><NO.P>8.</NO.P>De in lid 3 bedoelde verzoeken zijn onderworpen aan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">administratieve of </STRING></STRING>rechterlijke toetsing in de lidstaat van de toezichthoudende autoriteit die het verzoek indient.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		133</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 17 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat hun toezichthoudende autoriteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">naar behoren </STRING></STRING>samenwerken met de toezichthoudende autoriteiten van alle andere lidstaten.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat hun toezichthoudende autoriteiten samenwerken met de toezichthoudende autoriteiten van alle andere lidstaten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en relevante informatie met hen uitwisselen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		134</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 17 – lid 3 – alinea 1 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(b)</NO.P>een beschrijving van de betrokken feiten, de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">betrokken</STRING></STRING> bepalingen van deze richtlijn en de redenen waarom <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de kennisgevende autoriteit vermoedt</STRING></STRING> dat een inbreuk<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> op deze richtlijn</STRING></STRING> is gepleegd.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P>een beschrijving van de betrokken feiten, de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">toepasselijke</STRING></STRING> bepalingen van deze richtlijn en de redenen waarom <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wordt vermoed</STRING></STRING> dat een inbreuk is gepleegd.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		135</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 17 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>Wanneer de toezichthoudende autoriteit van de hoofdvestiging niet over voldoende informatie beschikt om gevolg te geven aan een in lid 2 bedoelde kennisgeving, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kan</STRING></STRING> zij de bevoegde autoriteit die de kennisgeving heeft gedaan<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> om aanvullende informatie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> verzoeken</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>Wanneer de toezichthoudende autoriteit van de hoofdvestiging niet over voldoende informatie beschikt om gevolg te geven aan een in lid 2 bedoelde kennisgeving, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">verzoekt</STRING></STRING> zij de bevoegde autoriteit die de kennisgeving heeft gedaan om aanvullende informatie.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		136</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 17 – lid 5 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de toezichthoudende autoriteiten bevoegd zijn om de volgende informatie op te vragen bij de toezichthoudende autoriteiten van een andere lidstaat, indien die informatie noodzakelijk is voor de in lid 2 bedoelde grensoverschrijdende samenwerking:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">informatie die overeenkomstig artikel 10, lid 4, door een geregistreerde entiteit is verstrekt;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">analyses die door een toezichthoudende autoriteit zijn uitgevoerd op basis van de in punt a) van dit lid bedoelde informatie.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		137</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 17 – lid 5 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 ter.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat wanneer de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie een in lid 5 bis bedoeld verzoek om informatie ontvangt, zij de informatie aan de verzoekende toezichthoudende autoriteit toezendt, tenzij zij bepaalt dat niet aan de vereisten van lid 5 bis is voldaan. In een dergelijk geval verstrekt de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie de verzoekende toezichthoudende autoriteit een gedetailleerde toelichting.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		138</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 17 – lid 5 quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 quater.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de toezichthoudende autoriteiten de Commissie op haar verzoek, dat met redenen omkleed moet zijn, geaggregeerde gegevens verstrekken op basis van de informatie die de geregistreerde entiteiten overeenkomstig artikel 10, lid 4, hebben verstrekt, met het oog op het toezicht op de uitvoering van deze richtlijn, onder meer voor de voorbereiding van vergaderingen van de in artikel 18 bedoelde adviesgroep. Deze geaggregeerde gegevens mogen persoonsgegevens bevatten indien dat noodzakelijk is om een doeltreffend toezicht te waarborgen. Indien dat technisch mogelijk is, wordt de informatie in een machineleesbaar formaat toegezonden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		139</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 17 – lid 5 quinquies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 quinquies.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij de verwerking van persoonsgegevens overeenkomstig de leden 5 bis tot en met 5 quater treden de toezichthoudende autoriteiten op als verwerkingsverantwoordelijken in de zin van Verordening (EU) 2016/679, en treedt de Commissie op als verwerkingsverantwoordelijke in de zin van Verordening (EU) 2018/1725 met betrekking tot de eigen gegevensverwerkingsactiviteiten.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		140</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 17 – lid 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>6.</NO.P>Voor de administratieve samenwerking en de informatie-uitwisseling die overeenkomstig de leden 2, 4<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en</STRING></STRING> 5, artikel 11, lid 4, artikel 16, leden 5 en 6, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en artikel 18</STRING></STRING> plaatsvindt tussen de krachtens artikel 15, lid 1, aangewezen nationale autoriteiten, tussen de toezichthoudende autoriteiten en met de Commissie, wordt gebruikgemaakt van het bij Verordening (EU) nr. 1024/2012 ingestelde IMI-systeem.</P></OLD><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>Voor de administratieve samenwerking en de informatie-uitwisseling die overeenkomstig de leden 2, 4<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, 5, 5 bis, 5 ter,</STRING></STRING> 5<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> quater</STRING></STRING>, artikel 11, lid 4, artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">12, lid 3 bis, en artikel </STRING></STRING>16, leden 5 en 6, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van deze richtlijn</STRING></STRING> plaatsvindt tussen de krachtens artikel 15, lid 1, aangewezen nationale autoriteiten, tussen de toezichthoudende autoriteiten en met de Commissie, wordt gebruikgemaakt van het bij Verordening (EU) nr. 1024/2012 ingestelde IMI-systeem.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		141</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 18</STRING></STI.AMD><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 18</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Grensoverschrijdende informatie-uitwisseling tussen toezichthoudende autoriteiten</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de toezichthoudende autoriteiten bevoegd zijn om de volgende informatie op te vragen bij de toezichthoudende autoriteiten van een andere lidstaat, indien die informatie noodzakelijk is voor de in artikel 17, lid 2, bedoelde grensoverschrijdende samenwerking:</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">informatie die overeenkomstig artikel 10, lid 4, door een geregistreerde entiteit is verstrekt;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">analyses die door een toezichthoudende autoriteit zijn uitgevoerd op basis van de in punt a) bedoelde informatie.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat wanneer de toezichthoudende autoriteit van de lidstaat van registratie een in lid 1 bedoeld verzoek ontvangt, zij de informatie aan de verzoekende toezichthoudende autoriteit toezendt, tenzij zij van oordeel is dat niet aan de vereisten van lid 1 is voldaan, in welk geval zij in haar antwoord aan de verzoekende toezichthoudende autoriteit uitlegt waarom de betrokken informatie niet wordt verstrekt.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de toezichthoudende autoriteiten de Commissie op haar verzoek geaggregeerde gegevens verstrekken op basis van de informatie die de geregistreerde entiteiten overeenkomstig artikel 10, lid 4, hebben verstrekt, zulks met het oog op het toezicht op de uitvoering van deze richtlijn, waaronder het voorbereiden van vergaderingen van de in artikel 19 bedoelde adviesgroep. Deze geaggregeerde gegevens mogen slechts persoonsgegevens bevatten voor zover dat noodzakelijk is om een doeltreffend toezicht te waarborgen. Indien dat technisch mogelijk is, wordt de informatie in een machineleesbaar format toegezonden.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>4.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij de verwerking van persoonsgegevens overeenkomstig de leden 1, 2 en 3 treden de toezichthoudende autoriteiten op als verwerkingsverantwoordelijken in de zin van artikel 4, punt 7, van Verordening (EU) 2016/679, en treedt de Commissie op als verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 3, punt 8, van Verordening (EU) 2018/1725 met betrekking tot de eigen gegevensverwerkingsactiviteiten.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		142</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 2 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(b)</NO.P>het faciliteren van het uitwisselen en delen van informatie en beste praktijken over de specifieke behoeften van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen in de zin van artikel 3 van Richtlijn 2013/34/EU;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P>het faciliteren van het uitwisselen en delen van informatie en beste praktijken over de specifieke behoeften van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">maatschappelijke organisaties en </STRING></STRING>micro-, kleine en middelgrote ondernemingen in de zin van artikel 3 van Richtlijn 2013/34/EU;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		143</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 2 – punt b bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(b bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het in kaart brengen van optimale werkwijzen om de grondrechten te beschermen en de transparantie te vergroten;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		144</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 2 – punt d</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(d)</NO.P>het uitbrengen van verslag aan de Commissie over eventuele verschillen bij de toepassing van deze richtlijn;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(d)</NO.P>het uitbrengen van verslag aan de Commissie over eventuele verschillen bij de toepassing van deze richtlijn<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en bij de toepassing van de in artikel 10, lid 8 bis, bedoelde maatregelen</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		145</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De adviesgroep stelt op verzoek van de Commissie of ten minste een van de betrokken autoriteiten adviezen op over nationale maatregelen die van invloed kunnen zijn op de werking van de interne markt voor belangenvertegenwoordiging, met name die welke door de nationale autoriteiten zijn genomen met betrekking tot artikel 9, lid 3, artikel 10, lid 8 bis, artikel 12, lid 3, artikel 15, leden 1, 2, 6 en 8, en artikel 16, lid 6, van deze richtlijn.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		146</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 3 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>3 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie kan de adviesgroep op verzoek van een lidstaat bijeenroepen in verband met mogelijke ernstige gevallen van niet-naleving van deze richtlijn.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		147</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>Vertegenwoordigers van het Europees Parlement <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of</STRING></STRING> van de staten van de Europese Vrijhandelsassociatie die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">17</STRING></STRING></STRING>, kunnen als waarnemer worden uitgenodigd voor de vergaderingen van de adviesgroep.</P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>Vertegenwoordigers van het Europees Parlement <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">worden als waarnemer uitgenodigd voor de vergaderingen van de adviesgroep. Vertegenwoordigers</STRING></STRING> van de staten van de Europese Vrijhandelsassociatie die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, kunnen als waarnemer worden uitgenodigd voor de vergaderingen van de adviesgroep. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De adviesgroep kan maatschappelijke organisaties uitnodigen om ten minste eenmaal per jaar de vergaderingen bij te wonen in het kader van een open en gestructureerde dialoog over de uitvoering van deze richtlijn.</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P>__________________</P></OLD><NEW><P>__________________</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">17</STRING> Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (PB L 1 van 3.1.1994, blz. 3, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_internation/1994/1/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">17</STRING> Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (PB L 1 van 3.1.1994, blz. 3, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_internation/1994/1/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		148</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 22 – lid 1 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>De lidstaten stellen regels vast inzake <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uitsluitend in de vorm van</STRING></STRING> administratieve boetes <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op te leggen sancties voor</STRING></STRING> inbreuken die door in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> of door hun wettelijke vertegenwoordiger<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> worden gepleegd op nationale bepalingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ter omzetting van</STRING></STRING> de artikelen 6, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">7,</STRING></STRING> 8, 10, 11, 14, 16 en 20. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Die regels moeten in overeenstemming zijn met de leden 2 tot en met 6.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P>De lidstaten stellen regels vast inzake administratieve boetes <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die van toepassing zijn op</STRING></STRING> inbreuken die door in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten of<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, in voorkomend geval,</STRING></STRING> door hun wettelijke vertegenwoordiger worden gepleegd op de nationale bepalingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">die zijn vastgesteld overeenkomstig</STRING></STRING> de artikelen 6, 8, 10, 11, 14, 16 en 20 van deze richtlijn.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		149</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 1 – alinea 1 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In geval van een ernstige inbreuk of van herhaalde of terugkerende inbreuken op nationale bepalingen die zijn vastgesteld overeenkomstig de artikelen 6, 8, 10, 11 en 14, artikel 15, lid 7 bis, en de artikelen 16 en 20, van deze richtlijn, kunnen de lidstaten besluiten de registratie van een entiteit tijdelijk op te schorten of in te trekken.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		150</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 22 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het maximumbedrag</STRING></STRING> van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in lid 1 bedoelde financiële sanctie bedraagt voor ondernemingen 1 %</STRING></STRING> van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">jaarlijkse wereldwijde omzet in het vorige boekjaar, voor andere juridische entiteiten 1 % van</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">jaarlijkse begroting van de entiteit overeenkomstig het meest recente afgesloten boekjaar</STRING></STRING>, en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voor natuurlijke personen 1</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">000</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">EUR</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn. Bij de bepaling</STRING></STRING> van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aard en het passende niveau ervan, wordt naar behoren rekening gehouden met de aard, de frequentie en de duur</STRING></STRING> van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">inbreuk waarop die sancties betrekking hebben, eventuele samenwerking met de bevoegde nationale autoriteiten om</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">inbreuk in kwestie te verhelpen, alsmede, in voorkomend geval, de economische</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">technische </STRING></STRING>en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">operationele capaciteit van de in artikel</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3, lid</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">1, bedoelde entiteit die de inbreuk heeft gepleegd</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		151</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 22 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De sancties moeten in elk afzonderlijk geval doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met name rekening houdend met de aard</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de frequentie en de duur van de inbreuk waarop de sancties betrekking hebben, alsmede, in voorkomend geval,</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">economische, technische en operationele capaciteit</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de in artikel 3, lid 1, bedoelde entiteit die de inbreuk</STRING></STRING> heeft <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">gepleegd</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Behalve bij inbreuken die neerkomen op een schending van artikel 20</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">geeft de toezichthoudende autoriteit</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">alvorens sancties op te leggen, een waarschuwing of een berisping aan de betrokken entiteit waaruit blijkt dat</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit waarschijnlijk bepalingen</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">deze richtlijn zal overtreden of</STRING></STRING> heeft <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">overtreden</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		152</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 22 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Behalve bij inbreuken die neerkomen op een schending van artikel 20, geeft de toezichthoudende autoriteit, alvorens sancties op te leggen, een waarschuwing of een berisping aan de betrokken entiteit waaruit blijkt dat de entiteit waarschijnlijk bepalingen van deze richtlijn zal overtreden of heeft overtreden.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		153</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 23 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De in artikel 10, lid 9, artikel 13, lid 3, en artikel 16, lid 9, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onbepaalde tijd</STRING></STRING> vanaf [de datum van inwerkingtreding van de richtlijn].</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De in artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">9 bis, lid 4, artikel </STRING></STRING>10, lid 9, artikel 13, lid 3, en artikel 16, lid 9, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vijf jaar</STRING></STRING> vanaf [de datum van inwerkingtreding van de richtlijn]. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		154</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 23 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>Vóór de vaststelling van een gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn neergelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven.</P></OLD><NEW><P><STRING ITALIC="on">(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)</STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		155</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 23 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.</P></OLD><NEW><P><STRING ITALIC="on">(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)</STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		156</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 23 – lid 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>6.</NO.P>Een overeenkomstig artikel 10, lid 9, artikel 13, lid 3, of artikel 16, lid 9, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">twee</STRING></STRING> maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie heeft medegedeeld daartegen geen bezwaar te zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.</P></OLD><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>Een overeenkomstig artikel 10, lid 9, artikel 13, lid 3, of artikel 16, lid 9, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">drie</STRING></STRING> maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie heeft medegedeeld daartegen geen bezwaar te zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		157</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 24 – alinea 1 – punt 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>Aan artikel 2, lid 1, punt a), wordt het volgende punt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> xi)</STRING></STRING> toegevoegd:</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>Aan artikel 2, lid 1, punt a), wordt het volgende punt toegevoegd:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		158</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 24 – alinea 1 – punt 2 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>In de bijlage, deel<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> </STRING></STRING>I, wordt het volgende punt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> K</STRING></STRING> toegevoegd:</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>In de bijlage, deel I, wordt het volgende punt toegevoegd:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		159</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 25 – lid 2 – alinea 2</STRING></STI.AMD><OLD><P>Bij die evaluatie worden de doeltreffendheid en de evenredigheid van de richtlijn beoordeeld. In dit verband wordt onder meer nagegaan of het toepassingsgebied wijziging behoeft en of de waarborgen waarin de richtlijn voorziet, doeltreffend zijn. De evaluatie kan in voorkomend geval vergezeld gaan van relevante wetgevingsvoorstellen.</P></OLD><NEW><P>Bij die evaluatie worden de doeltreffendheid en de evenredigheid van de richtlijn beoordeeld. In dit verband wordt onder meer <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het volgende</STRING></STRING> nagegaan<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P>	of het toepassingsgebied wijziging behoeft en of de waarborgen waarin de richtlijn voorziet, doeltreffend zijn<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met name de waarborgen voor de bescherming van de grondrechten en de preventie van elke vorm van stigmatisering in het kader van de omzetting en uitvoering ervan;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de interactie tussen de bepalingen van deze richtlijn en die betreffende de nationale transparantieverplichtingen, met inbegrip van de gevolgen voor bestaande nationale registers;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>(c)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de anti-omzeilingsbepalingen en de doeltreffendheid van mechanismen voor grensoverschrijdende samenwerking. </STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P>De evaluatie kan in voorkomend geval vergezeld gaan van relevante wetgevingsvoorstellen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		160</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 26 – lid 1 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op [achttien</STRING></STRING> maanden na de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">inwerkingtreding]</STRING></STRING> aan deze richtlijn te voldoen. Zij <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">delen</STRING></STRING> de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de tekst van die bepalingen onverwijld mee</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P>De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">[18</STRING></STRING> maanden na de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">datum van inwerkingtreding van deze richtlijn]</STRING></STRING> aan deze richtlijn te voldoen. Zij <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">stellen</STRING></STRING> de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">daarvan onmiddellijk in kennis</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		161</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 26 – lid 1 – alinea 2</STRING></STI.AMD><OLD><P>Wanneer de lidstaten die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bepalingen aannemen</STRING></STRING>, wordt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in die bepalingen</STRING></STRING> zelf of bij de officiële bekendmaking ervan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor die verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.</P></OLD><NEW><P>Wanneer de lidstaten die <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">maatregelen vaststellen</STRING></STRING>, wordt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">daarin</STRING></STRING> zelf of bij de officiële bekendmaking ervan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor die verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		162</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage I – deel 2 – punt a – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(a)</NO.P>de volgende informatie over elk van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteiten</STRING></STRING> uit een derde land in naam waarvan de entiteit de belangenvertegenwoordigingsactiviteit uitvoert;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(a)</NO.P>de volgende informatie over elk van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgevers</STRING></STRING> uit een derde land in naam waarvan de entiteit de belangenvertegenwoordigingsactiviteit uitvoert;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		163</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage I – deel 2 – punt a – ii</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>ii)</NO.P>het adres waar de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land zaken doet of, voor natuurlijke personen, het adres waar zij hun gewone verblijfplaats hebben;</P></OLD><NEW><P><NO.P>ii)</NO.P>het adres waar de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land zaken doet of, voor natuurlijke personen, het adres waar zij hun gewone verblijfplaats hebben;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		164</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage I – deel 2 – punt a – iii</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>iii)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een beschrijving van de belangrijkste doelstellingen, de taken en de interessegebieden van de entiteit;</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		165</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage I – deel 2 – punt a – iv</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>iv)</NO.P>indien beschikbaar, het nummer waaronder de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land in een ondernemingsregister is geregistreerd, of een vergelijkbare identificatiecode;</P></OLD><NEW><P><NO.P>iv)</NO.P>indien beschikbaar, het nummer waaronder de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land in een ondernemingsregister is geregistreerd, of een vergelijkbare identificatiecode;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		166</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Bijlage I – deel 2 – punt b (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(b)</NO.P>het derde land in naam waarvan de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">entiteit</STRING></STRING> uit een derde land optreedt;</P></OLD><NEW><P><NO.P>(b)</NO.P>het derde land in naam waarvan de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opdrachtgever</STRING></STRING> uit een derde land optreedt;</P></NEW></AMEND></AMDLST></TEXT></DECISION></TXTLST></SDOCTA>