<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2025)0310</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Escalatie van de oorlog en de humanitaire ramp in Sudan</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(B10-0533, 0539, 0542 en 0543/2025)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 27 november 2025 over de escalatie van de oorlog en de humanitaire ramp in Sudan (2025/2984(RSP))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn eerdere resoluties over Sudan, met name die van 15 juni 2023 over de humanitaire situatie in Sudan, met bijzondere aandacht voor het overlijden van kinderen die niet aan het krijgsgewoel kunnen ontsnappen<FOOTNOTE><FIELD>PB C, C/2024/486, 23.1.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/486/PB.</FIELD></FOOTNOTE>, en die van 13 maart 2025 over de ernstige politieke, humanitaire en mensenrechtencrisis in Sudan, met name seksueel geweld en verkrachting van kinderen<FOOTNOTE><FIELD>PB C, C/2025/3154, 20.6.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/3154/PB.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Verdragen van Genève van 1949 en de aanvullende protocollen daarbij,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de inspanningen om te bemiddelen bij vredesonderhandelingen inzake Sudan, met name die onder leiding van de Afrikaanse Unie, de VN, de Intergouvernementele Ontwikkelingsautoriteit, Saudi-Arabië en de Verenigde Staten,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien resoluties 1556 (2004) en 2736 (2024) van de VN-Veiligheidsraad en alle andere relevante resoluties van de VN-Veiligheidsraad over Sudan,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de relevante resoluties van de VN-Mensenrechtenraad over de mensenrechtensituatie in Sudan,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Besluiten (GBVB) 2024/383<FOOTNOTE><FIELD>PB L, 2024/383, 22.1.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2024/383/PB.</FIELD></FOOTNOTE>, (GBVB) 2024/1784<FOOTNOTE><FIELD>PB L, 2024/1784, 24.6.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2024/1784/PB.</FIELD></FOOTNOTE>, (GBVB) 2024/2655<FOOTNOTE><FIELD>PB L, 2024/2655, 9.10.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2024/2655/PB.</FIELD></FOOTNOTE>, (GBVB) 2024/3154<FOOTNOTE><FIELD>PB L, 2024/3154, 16.12.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2024/3154/PB.</FIELD></FOOTNOTE>, (GBVB) 2025/377<FOOTNOTE><FIELD>PB L, 2025/377, 25.2.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2025/377/PB.</FIELD></FOOTNOTE> en (GBVB) 2025/1481<FOOTNOTE><FIELD>PB L, 2025/1481, 18.7.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2025/1481/PB.</FIELD></FOOTNOTE> van de Raad betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Sudan,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de conclusies van de Raad over Sudan, die de Raad Buitenlandse Zaken tijdens zijn zitting op 20 oktober 2025 heeft goedgekeurd,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring over Sudan van 20 november 2025 van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid namens de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 23 oktober 2025 over de verlenging van het partnerschap EU-Afrika: bouwen aan gemeenschappelijke prioriteiten in de aanloop naar de top in Angola<FOOTNOTE><FIELD>Aangenomen teksten, P10_TA(2025)0253.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 136, leden 2 en 4, van zijn Reglement,</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat het conflict tussen de Sudanese strijdkrachten (Sudanese Armed Forces – SAF) en de Rapid Support Forces (RSF), dat in april 2023 is begonnen, zich heeft ontwikkeld tot de grootste en meest ernstige humanitaire en beschermingscrisis ter wereld, met massale ontheemding (zowel intern als naar buurlanden) – met meer dan 7,2 miljoen intern ontheemden en meer dan 4,2 miljoen vluchtelingen, asielzoekers en repatrianten die naar buurlanden zijn gevlucht –, voedselonzekerheid en wijdverbreide mensenrechtenschendingen tot gevolg; overwegende dat bijna twee derde van de Sudanese bevolking, waaronder 16 miljoen kinderen, dringend humanitaire hulp nodig heeft, in een context die gekenmerkt wordt door massale ontheemding, hongersnood, wijdverbreide aanvallen op burgers en humanitaire en medische hulpverleners, en de ineenstorting van essentiële diensten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat de RSF op 26 oktober 2025 El Fasher heeft veroverd, na een belegering van 18 maanden die heeft geleid tot massamoord en massale gruweldaden, waaronder standrechtelijke executies, systematisch seksueel geweld, foltering en op etnische groepen gerichte moorden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat de onafhankelijke internationale onderzoeksmissie (IIFFM) voor Sudan het gebruik van verkrachting als bijzonder wreed oorlogswapen heeft gedocumenteerd, met inbegrip van seksueel geweld in het openbaar en groepsverkrachting en het gebruik van gedwongen huwelijken, waardoor miljoenen mensen het risico lopen op gendergerelateerd geweld;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat in het verslag van de IIFFM is vastgesteld dat beide partijen bij het conflict het internationaal recht schenden en dat deze schendingen neerkomen op internationale misdrijven, waarbij de RSF volgens het verslag oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid heeft begaan en de SAF schendingen van het internationaal humanitair recht en het recht inzake de mensenrechten heeft begaan, die tevens neerkomen op oorlogsmisdaden; overwegende dat de schendingen door beide partijen onder meer betrekking hebben op geweld tegen etnische en religieuze groepen, uithongering als oorlogswapen, massaal seksueel geweld (waaronder verkrachting van kinderen), gedwongen rekrutering van kinderen, willekeurige opsluitingen en andere ernstige vormen van misbruik;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat beide partijen humanitaire hulp als wapen hebben ingezet, waardoor de vrije en ongehinderde toegang van humanitaire organisaties tot mensen in nood wordt belemmerd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat alle landen die betrokken zijn bij het uitoefenen van externe invloed op Sudan een belangrijke rol spelen bij het verlengen van het conflict in het land;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat alle partijen bij het conflict de internationale mensenrechten en het internationaal humanitair recht schenden, waarbij de meeste schendingen neerkomen op oorlogsmisdaden; overwegende dat het optreden van de RSF mogelijk ook misdaden tegen de menselijkheid vormt, waaronder vervolging en uitroeiing, en dat de tactiek van de RSF onder andere bestaat in systematische aanvallen op burgers, intimidatie van bevolkingsgroepen, journalisten en medewerkers van de media, en pogingen om het institutionele gezag te destabiliseren;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat kinderen een bijzonder risico lopen, aangezien Unicef sinds begin 2024 honderden gevallen heeft gemeld van verkrachting van kinderen; overwegende dat de werkelijke cijfers waarschijnlijk veel hoger zullen liggen; overwegende dat grote aantallen kinderen in Sudan niet naar school kunnen als gevolg van de voortdurende sluitingen en ontheemding, waardoor zij worden blootgesteld aan verhoogde risico’s en hun de toegang tot onderwijs wordt ontzegd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat de EU 273 miljoen EUR heeft toegezegd aan de regio, waarvan 161 miljoen EUR specifiek voor Sudan;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat de EU levensreddende noodhulp blijft verlenen op basis van de behoeften en geleid door humanitaire beginselen om onmiddellijke hulp en bescherming voor de meest kwetsbare bevolkingsgroepen te waarborgen, essentiële bijstand te verlenen en mensenrechtenschendingen te monitoren en te reageren op de ernstige voedsel- en voedingscrisis in het land, alsook humanitaire steun voor basisdiensten te verlenen; overwegende dat vrouwenorganisaties, verzetscomités en hulpverleners uit de gemeenschap een centrale rol blijven spelen bij de bescherming van burgers en het documenteren van schendingen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat de oorlog soms wordt beschouwd als een oorlog op afstand waarin Sudan het slagveld is geworden voor de concurrentiestrijd om natuurlijke hulpbronnen zoals goud, Arabische gom, ijzererts, koper en uranium;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat het Parlement in zijn resolutie van oktober 2025 over de verlenging van het partnerschap EU-Afrika alle actoren heeft verzocht de transparantie te vergroten en de binnenkomst van alle bloedmineralen in de EU daadwerkelijk te verbieden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>M.</NO.P>overwegende dat het Bevolkingsfonds van de Verenigde Naties (UNFPA) en zijn partners diensten blijven verlenen op het gebied van reproductieve gezondheid en bescherming, maar dat de recente internationale bezuinigingen het UNFPA ertoe hebben genoopt zich terug te trekken uit meer dan de helft van de 93 zorginstellingen die het in Sudan ondersteunde, waardoor momenteel slechts een op de vier instellingen die klinische hulp bieden aan slachtoffers van verkrachting operationeel is;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>veroordeelt in de krachtigste bewoordingen de ernstige wreedheden van de RSF in El Fasher en in de rest van Sudan, waaronder wijdverbreide, op etnische groepen gerichte moorden en geweldplegingen, verkrachting en seksuele slavernij, foltering, gedwongen verdwijningen, aanvallen op ziekenhuizen en humanitaire voorzieningen, en de opzettelijke uithongering van burgers, die mogelijk neerkomen op genocide;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>veroordeelt met klem het oplaaiende geweld in Sudan en de ernstige schendingen van het internationaal recht door alle betrokken partijen; benadrukt dat er geen haalbare militaire oplossing voor het conflict in Sudan is en dat door de voortdurende vijandelijkheden onaanvaardbaar leed wordt berokkend aan burgers en de vrede en veiligheid in de regio steeds meer in gevaar dreigen te komen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>veroordeelt met klem de ernstige en systematische schendingen van het internationaal humanitair recht en van de internationale mensenrechten waaraan zowel de RSF als de SAF zich schuldig hebben gemaakt, waaronder willekeurige aanvallen op burgers, op etnische groepen gericht geweld, seksueel geweld, foltering, het inzetten van kindsoldaten, aanvallen op ziekenhuizen en humanitaire voorzieningen, en de opzettelijke uithongering van burgers, die mogelijk neerkomen op genocide;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>veroordeelt ten stelligste het aanhoudende conflict in Sudan, dat, voor het derde jaar op rij, duizenden mensen het leven kost, een bron van immens leed blijft voor de Sudanese bevolking en een ernstige bedreiging vormt voor de stabiliteit en veiligheid in de bredere regio;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>veroordeelt ten stelligste het aanhoudende geweld van beide militaire groeperingen in Sudan en de ernstige schendingen van de internationale mensenrechten en het internationaal humanitair recht door alle partijen; veroordeelt het blokkeren en plunderen van humanitaire hulp en het viseren van humanitaire en medische hulpverleners, noodhulpverleners en mensenrechtenverdedigers, die ernstige schendingen van de grondrechten en het internationaal humanitair recht vormen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>betuigt zijn volledige solidariteit met de bevolking van Sudan, met name met de bevolking in de gebieden die het zwaarst worden getroffen door belegering, hongersnood, ontheemding en willekeurige aanvallen, en brengt hulde aan plaatselijke, vrijwillige en internationale humanitaire hulpverleners die onder extreme omstandigheden werken, met inbegrip van groepen voor wederzijdse hulp zoals de Emergency Response Rooms; brengt hulde aan maatschappelijke organisaties, verzetscomités en vrouwen-, werknemers- en jongerenbewegingen in Soedan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>betreurt dat seksueel en gendergerelateerd geweld tegen vrouwen en meisjes, waaronder verkrachting, seksuele slavernij en gedwongen huwelijken, door strijders op grote schaal en systematisch als oorlogstactiek wordt ingezet; pleit voor dringende, op slachtoffers gerichte maatregelen, met inbegrip van medische, psychosociale en juridische ondersteuning; dringt er bij alle partijen op aan onmiddellijk een einde te maken aan deze misstanden en ervoor te zorgen dat de daders ter verantwoording worden geroepen; onderstreept dat bij alle initiatieven voor humanitaire hulp en vredesopbouw prioriteit moet worden gegeven aan de bescherming van vrouwen en kinderen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>bevestigt nogmaals de soevereiniteit, onafhankelijkheid, eenheid en territoriale integriteit van Sudan; roept de EU, haar lidstaten en alle Sudanese en internationale actoren op de soevereiniteit, eenheid en territoriale integriteit van Sudan en de legitimiteit van de burgerregering in Khartoem te handhaven; verwerpt elke poging om parallelle of concurrerende autoriteiten of politieke structuren op te richten in door de RSF gecontroleerde gebieden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>benadrukt dat de verantwoordelijkheid voor het beëindigen van het conflict in de eerste plaats ligt bij de leiders van de RSF, de SAF en de daaraan gelieerde milities, en bij degenen die hun directe of indirecte steun verlenen; dringt er bij alle externe actoren op aan de nodige maatregelen te nemen om een einde te maken aan de verkoop of levering van wapens en ander militair materieel aan alle partijen, conform het wapenembargo dat is ingesteld bij Resoluties 1556 (2004) en 1591 (2005) van de VN-Veiligheidsraad;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>veroordeelt alle vormen van externe inmenging die de oorlog in Sudan aanwakkeren, met inbegrip van overdrachten van wapens, de inzet van huurlingen, goudsmokkel en illegale financiële netwerken, die de soevereiniteit van Sudan ondermijnen en rechtstreeks bijdragen tot massale gruweldaden, en benadrukt dat voor dergelijke acties mogelijk internationaal verantwoording moet worden afgelegd; dringt aan op onmiddellijke beëindiging van de rekrutering van huurlingen en de levering van voorraden en militaire of logistieke steun aan de RSF en daaraan gelieerde milities;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>wijst op de centrale rol van het Sudanees maatschappelijk middenveld, verzetsgroepen, vakbonden, vrouwen- en jongerenorganisaties, achtergestelde en minderheidsgemeenschappen en andere civiele actoren die politiek actief zijn; verzoekt de EU er in de eerste plaats voor te zorgen dat zij kunnen participeren, beschermd worden en van middelen worden voorzien, onder meer via rechtstreekse, flexibele financiering en initiatieven voor veilige ruimten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>roept op tot herstel en versterking van de rechtsstaat, verantwoordingsplicht, eerbiediging van het internationaal recht, met inbegrip van het internationaal humanitair recht en het recht inzake de mensenrechten, en gerechtigdheid in Sudan; benadrukt dat de toekomst van Sudan niet mag worden bepaald door gewelddadige extremistische groeperingen en netwerken, waarvan de destabiliserende invloed al lange tijd geweld en instabiliteit in Sudan en de hele regio aanwakkert; eist dat de vijandelijkheden onmiddellijk worden gestaakt en roept alle partijen ertoe op een zinvolle dialoog aan te gaan om een einde te maken aan het conflict en een overgang naar civiel democratisch bestuur tot stand te brengen; roept alle derde partijen ertoe op diplomatieke acties te ondersteunen om de vijandelijkheden te staken; veroordeelt elke schending van de VN-wapenembargo’s; bevestigt nogmaals dat een daadwerkelijk door burgers geleide overgang de enige haalbare weg naar duurzame vrede in Sudan is; spreekt zijn krachtige steun uit voor de inspanningen van de Afrikaanse Unie en regionale partners om een vredesproces te faciliteren; onderstreept dat het Sudanese maatschappelijk middenveld, met name organisaties die geleid worden door vrouwen, centraal moet staan in de vredesbesprekingen en het overgangsproces moet leiden; dringt er in dit verband bij de EU en haar lidstaten op aan proactief bij te dragen aan vredesonderhandelingen met partners in de internationale gemeenschap, en politieke en financiële steun te verlenen aan het Sudanese maatschappelijk middenveld, organisaties onder leiding van vrouwen, mensenrechtenverdedigers en journalisten</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>eist dat er veilige humanitaire corridors worden geopend, met name naar El Fasher, Kaduqli en El-Obeid, en dat deze onder toezicht en controle van de Verenigde Naties en de Afrikaanse Unie staan om naleving te waarborgen; benadrukt dat de EU actief een verifieerbaar staakt-het-vuren moet bevorderen en ondersteunen als voorwaarde voor een duurzaam vredesproces;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>dringt aan op onmiddellijke, veilige en onbelemmerde humanitaire toegang tot alle getroffen bevolkingsgroepen, waar zij zich ook bevinden, en eist dat beide partijen de inzet van hulp als wapen staken; dringt er bij alle partijen bij het conflict op aan onverwijld alle belemmeringen voor de verlening van humanitaire hulp weg te nemen en te zorgen voor onmiddellijke, onvoorwaardelijke, veilige en ongehinderde humanitaire toegang, een einde te maken aan opzettelijke belemmeringen en burgers te beschermen; roept ertoe op steun te verlenen aan buurlanden die Soedanese vluchtelingen opvangen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>roept de strijdende partijen ertoe op om de communicatiediensten in heel Sudan onverwijld te herstellen en ervoor te zorgen dat het internet niet langer wordt platgelegd, aangezien dit een schending inhoudt van het recht van de Soedanese bevolking op informatie, de verlening van humanitaire en hulpdiensten belemmert, gevolgen heeft voor de veiligheid en bescherming van burgers en cruciale monitoring van en verslaglegging over aanhoudende schendingen van de internationale mensenrechten en het internationaal humanitair recht in de weg staat;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>betreurt de massamoorden, executies en het seksueel geweld in El Fasher en de omliggende gebieden tijdens en na de aanval van de RSF; uit zijn diepe bezorgdheid over meldingen van aanhoudende ontvoeringen en het gebrek aan humanitaire toegang; veroordeelt met name de opzettelijke aanvallen op civiele infrastructuur, waaronder de vernieling van moskeeën en kerken, en dringt aan op de bescherming van religieuze minderheden en de waarborging van hun recht op het belijden van een godsdienst;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>dringt er bij de strijdende partijen op aan onmiddellijk een einde te maken aan de vijandelijkheden, alle aanvallen op burgers en civiele infrastructuur stop te zetten, aanvallen op infrastructuur en humanitaire hulp te staken, een halt toe te roepen aan het gebruik van uithongering en seksueel geweld als oorlogswapens en een einde te maken aan de rekrutering en inzet van kindsoldaten, alsook onbelemmerde humanitaire toegang in het hele land toe te staan, humanitaire corridors tot stand te brengen, en via onderhandelingen tot een oplossing te komen en hun toezeggingen in het kader van de Verklaring van Jeddah na te komen; is ernstig bezorgd over de alarmerende verslechtering van de humanitaire crisis in Sudan, aangezien het conflict ten grondslag ligt aan de ernstigste humanitaire ramp ter wereld en deze verder aanwakkert, waarbij bevestigd is dat er in delen van het land hongersnood heerst; spreekt bovendien zijn bezorgdheid uit over de gevolgen van de massale migratie naar buurlanden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>dringt er bij alle partijen op aan onmiddellijk een einde te maken aan het wijdverbreide gebruik van verkrachting en alle andere vormen van seksueel en gendergerelateerd geweld als oorlogswapens; roept op tot steun voor de bescherming, verzorging, behandeling en psychosociale ondersteuning van overlevenden van seksueel geweld;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>roept de strijdende partijen ertoe op een einde te maken aan de gerichte aanvallen op en intimidatie van Soedanese activisten, mensenrechtenverdedigers, journalisten en vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>dringt er bij alle partijen op aan hun verplichtingen uit hoofde van het internationaal humanitair recht en het recht inzake de mensenrechten na te komen door alle mogelijke middelen in te zetten om burgers en burgerobjecten te beschermen; benadrukt dat er bij de inspanningen om het conflict in Sudan aan te pakken prioriteit moet worden gegeven aan de situatie van vrouwen en meisjes in het land, en met name aan het aanhoudende conflictgerelateerde seksuele geweld; wijst erop dat er voldoende ondersteuning moet zijn voor sociale nooddiensten en dat er specifieke ondersteuning moet worden geboden voor de beschermings-, verzorgings-, behandelings- en ondersteuningsmechanismen voor overlevenden van seksueel en gendergerelateerd geweld;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>roept de buurlanden van Sudan ertoe op hun grenzen te openen voor Soedanese vluchtelingen en verzoekt de EU en haar lidstaten om de noodfinanciering voor humanitaire respons in Sudan en in vluchtelingenkampen in de buurlanden snel te verhogen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>wijst op het ernstige risico dat het conflict in Sudan overslaat naar andere kwetsbare regio’s, zoals de Hoorn van Afrika en de Sahel, en is ernstig bezorgd over de gevolgen van de Soedanese crisis voor de irreguliere migratiestromen naar Europa;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>dringt er bij de Raad en de Commissie op aan de humanitaire toezegging van de EU van 273 miljoen EUR voor Sudan en de regio te handhaven en te verhogen, om ervoor te zorgen dat de middelen terechtkomen bij de meest behoeftigen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>eist dat degenen die zich schuldig hebben gemaakt aan misdrijven tegen het Soedanese volk onverwijld ter verantwoording worden geroepen; verzoekt de EU en de lidstaten hun steun te verlenen aan de uitbreiding van de rechtsmacht van het Internationaal Strafhof tot heel Sudan en de instelling van een onafhankelijk gerechtelijk mechanisme, zoals aanbevolen door de onafhankelijke internationale onderzoeksmissie (IIFFM), en de onderwerping van nationale procedures aan universele rechtsmacht;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>benadrukt dat verantwoordingsplicht een wettelijke en morele verplichting is; benadrukt dat gerechtigheid niet kan wachten en dat de internationale gemeenschap doortastend moet optreden om degenen die volgens het internationaal recht verantwoordelijk zijn, te vervolgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>dringt aan op snelle, doeltreffende, grondige, onafhankelijke, onpartijdige en transparante onderzoeken om daders, waaronder degenen in de commandostructuur, ter verantwoording te roepen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>verzoekt de EU en haar lidstaten de diplomatieke inspanningen ten aanzien van beide strijdende partijen op te voeren en alle instrumenten waarover zij beschikken te gebruiken om de toegang tot alle verantwoordingsmechanismen te waarborgen, dringend te reageren op ernstige schendingen van de mensenrechten en het internationaal humanitair recht in Sudan en de daders van deze schendingen ter verantwoording te roepen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>benadrukt dat de huidige beperkende maatregelen van de EU belangrijk zijn, maar duidelijk ontoereikend zijn om de aanhoudende wreedheden een halt toe te roepen; roept daarom op tot intensievere en blijvende diplomatieke inspanningen, met name door de speciale vertegenwoordiger van de EU voor de Hoorn van Afrika, Annette Weber, in combinatie met concrete maatregelen om zowel de daders als hun medeplichtigen overal ter wereld ter verantwoording te roepen; dringt bovendien aan op de benoeming van een speciale gezant van de EU voor Soedan, met een krachtig mandaat om de EU maatregelen te coördineren, contacten te onderhouden met regionale partners, diplomatieke inspanningen te faciliteren en te zorgen voor consistente steun aan het Soedanese maatschappelijk middenveld, mensenrechtenverdedigers, journalisten en democratische actoren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>dringt er bij de EU op aan om in het kader van de wereldwijde EU-sanctieregeling voor de mensenrechten gerichte sancties op te leggen aan belangrijke bevelhebbers van de RSF en de SAF, met inbegrip van de generaals Abdel Fattah al-Burhan en Muhammad Hamdan “Hemedti” Dagalo en hun respectieve netwerken, alsook aan financiers en externe facilitators, vanwege hun verantwoordelijk voor ernstige schendingen van het internationaal humanitair recht;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>verzoekt de Raad met spoed de procedure in gang te zetten om te beoordelen of de RSF voldoet aan de criteria voor opname op de “terroristenlijst” van de EU, en daarbij te zorgen voor een grondige toetsing van het substantiële bewijs van de acties van de RSF en, indien gerechtvaardigd, over te gaan tot een opname die unaniem wordt gesteund door de lidstaten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>verzoekt de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de Commissie, de Raad en de lidstaten, gezien hun verplichtingen uit hoofde van het VN-Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide, krachtige maatregelen te nemen en nauw samen te werken met internationale partners om genocide in Sudan te voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>dringt er bij alle partijen bij het conflict op aan constructief deel te nemen aan inclusieve onderhandelingen over een staakt-het-vuren en benadrukt dat er dringend behoefte is aan een geloofwaardig en inclusief bemiddelingsproces; dringt er bij alle externe actoren die direct of indirect wapens, financiële steun of andere steun aan de strijdende partijen leveren, op aan deze steun onmiddellijk stop te zetten en het VN-wapenembargo te respecteren; merkt op dat het bestaande wapenembargo beperkt is tot Darfur en pleit ervoor om het uit te breiden tot heel Sudan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>33.</NO.P>is ingenomen met de gezamenlijke verklaring van de Quad (Egypte, Saudi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten en de Verenigde Staten) van 12 september 2025 over de beëindiging van het conflict in Sudan en herinnert eraan dat dit nog steeds de enige erkende bemiddelingsvorm voor dit conflict is; spreekt zijn steun uit voor de inspanningen van de Afrikaanse Unie en de Intergouvernementele Ontwikkelingsautoriteit om de internationale en bilaterale druk op alle partijen te coördineren teneinde een staakt-het-vuren te bewerkstelligen, de humanitaire toegang te verbeteren en een inclusieve politieke dialoog opnieuw op gang te brengen, in samenwerking met partners zoals de EU, de Liga van Arabische Staten en de Verenigde Naties;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>34.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de regeringen en parlementen van de lidstaten, de Afrikaanse Unie, de secretaris-generaal van de Verenigde Naties (VN), de VN-Mensenrechtenraad, het Internationaal Strafhof, alsmede aan de autoriteiten van Sudan.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>