<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2025)0326</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">De betrekkingen tussen de EU en Saudi-Arabië</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0230/2025 - Rapporteur: Hana Jalloul Muro)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 16 december 2025 over de betrekkingen tussen de EU en Saudi-Arabië (2025/2082(INI))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de artikelen 205-222 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn eerdere resoluties over Saudi-Arabië, met name die van 25 oktober 2018 over de moord op de journalist Jamal Khashoggi in het Saudische consulaat in Istanbul<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">1</STRING>PB C 345 van 16.10.2020, blz. 67.</FIELD></FOOTNOTE>, die van 11 februari 2021 over de humanitaire en politieke situatie in Jemen<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">2</STRING>PB C 465 van 17.11.2021, blz. 126.</FIELD></FOOTNOTE> en die van 8 juli 2021 over de doodstraf in Saudi-Arabië, in het bijzonder de gevallen van Mustafa Hashem al-Darwish en Abdullah al-Howaiti<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">3</STRING>PB C 99 van 1.3.2022, blz. 185.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de gezamenlijke mededeling van de Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid van 18 mei 2022 over een strategisch partnerschap met de Golf (JOIN(2022)0013) en de desbetreffende conclusies van de Raad van 20 juni 2022,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het mandaat van de Raad voor het openen van onderhandelingen met het oog op individuele overeenkomsten inzake een strategisch partnerschap (SPA) met de landen van de Raad voor Samenwerking van de Arabische Golfstaten (Samenwerkingsraad van de Golf (GCC)) en respectievelijk het Koninkrijk Bahrein, de Staat Koeweit, het Sultanaat Oman, de Staat Qatar, het Koninkrijk Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de gezamenlijke verklaring van de eerste EU-GCC-top van 16 oktober 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de gezamenlijke verklaring van de 29e Gezamenlijke Raad en ministeriële bijeenkomst EU-GCC van 6 oktober 2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling voor een besluit van de Raad betreffende nieuwe onderhandelingsrichtsnoeren voor een regionale vrijhandelsovereenkomst en bilaterale vrijhandelsovereenkomsten met de landen van de Raad voor Samenwerking van de Arabische Golfstaten en respectievelijk het Koninkrijk Bahrein, de Staat Koeweit, het Sultanaat Oman, de Staat Qatar, het Koninkrijk Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten (COM(2025)0194),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Dienst voor extern optreden en het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk Saudi-Arabië dat op 3 oktober 2021 is ondertekend,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de vierde mensenrechtendialoog tussen de EU en het Koninkrijk Saudi-Arabië die op 20 december 2024 heeft plaatsgevonden in Riyad,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de wereldwijde EU-sanctieregeling voor de mensenrechten, die in december 2020 werd vastgesteld,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de EU-richtsnoeren inzake mensenrechtenverdedigers, die in juni 2004 is aangenomen en in 2008 is herzien,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de VN-groep van deskundigen inzake aardrijkskundige namen van 8 april 2025 over het Koninkrijk Saudi-Arabië (2025/169/CRP.169),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het VN-Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen van 18 december 1979,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 55 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie buitenlandse zaken (A10-0230/2025),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat Saudi-Arabië een belangrijke bilaterale en regionale partner van de EU is; overwegende dat het belangrijk is deze samenwerking te verdiepen in de richting van een strategisch partnerschap waarmee de bilaterale betrekkingen moeten worden versterkt en de samenwerking op verschillende terreinen, waaronder defensie, cultuur en innovatie, maar vooral energie, moet worden bevorderd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat Saudi-Arabië wereldwijd de 17e handelspartner van de EU is en de EU de grootste buitenlandse investeerder in Saudi-Arabië;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat Saudi-Arabië en China de afgelopen tien jaar hun banden hebben aangehaald in het kader van het “Visie 2030”-project van Saudi-Arabië, en dat Saudi-Arabië de grootste ontvanger is geworden van Chinese investeringen in het kader van het “Nieuwe Zijderoute”-initiatief, waaronder investeringen in strategische infrastructuur zoals havens en digitale netwerken; overwegende dat China sinds 2019 de belangrijkste afnemer van Saudische ruwe olie is; overwegende dat Saudi-Arabië en China hun samenwerking op het gebied van buitenlands beleid, veiligheid, energie, handel en technologie hebben versterkt door middel van de oprichting van een Gemengd Comité op hoog niveau (HLJC) en subcomités in 2016;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat Saudi-Arabië bezig is om zijn betrekkingen met India te versterken, met name via het project getiteld “De economische corridor India-Midden-Oosten-Europa” (IMEC), dat tot doel heeft de connectiviteit tussen Azië en Europa via het Arabisch schiereiland te verbeteren;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat Saudi-Arabië zijn status als betrouwbare regionale bemiddelaar en belangrijke mondiale speler verder consolideert en dat het van cruciaal belang is dat bij dit proces de mensenrechten en het internationaal recht volledig worden geëerbiedigd en bevorderd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat er een procedure loopt bij het Internationaal Gerechtshof (IGH) betreffende de toepassing van het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide in de Gazastrook (Zuid-Afrika tegen Israël), die op 29 december 2023 door Zuid-Afrika aanhangig is gemaakt;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat Saudi-Arabië de dialoog en samenwerking met de EU op het gebied van mensenrechten versterkt;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat het bevorderen van de eerbiediging van de mensenrechten en het internationaal recht in het buitenlands beleid, waaronder het handelsbeleid, voor de EU een verdragsverplichting is die verankerd is in de artikelen 3 en 21 van het Verdrag betreffende de Europese Unie;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat het VN-Comité voor de uitbanning van discriminatie van vrouwen in zijn conclusies over Saudi-Arabië van oktober 2024 bezorgdheid heeft geuit over diepgewortelde discriminerende praktijken, intimidatie van vrouwelijke activisten en de impact van strafmaatregelen, waaronder de toepassing van de doodstraf, in het algemeen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat de volgende EU-GCC-top, die in 2026 in Riyad zal plaatsvinden, van cruciaal belang zal zijn om de reikwijdte van de betrekkingen tussen de EU en Saudi-Arabië verder uit te breiden en de samenwerking met betrekking tot belangrijke kwesties van wederzijds belang te versterken;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bilaterale betrekkingen tussen de EU en Saudi-Arabië</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>wijst op de positieve samenwerking tijdens de eerste EU-GCC-top in 2024 tussen de EU en de GCC, die de twee belangrijkste actoren zijn in het Middellandse Zeegebied in ruimere zin; bevestigt dat de EU ernaar streeft de bilaterale banden met elke partner van de GCC te versterken door middel van partnerschapsovereenkomsten die het huidige gebrek aan een juridisch bindend kader voor de bilaterale betrekkingen tussen de EU en Saudi-Arabië moeten verhelpen, waardoor het potentieel voor terreinen voor diepere en bredere samenwerking, zoals buitenlands en veiligheidsbeleid, justitie en rechtshandhaving, handel en investeringen, energie en klimaat, de digitale transitie, milieu, onderzoek en innovatie, artificiële intelligentie, connectiviteit, digitaal bestuur, onderwijs, cultuur, onderzoek, jongeren en persoonlijke contacten, en voor de bescherming van mensenrechten en hervormingen op het gebied van arbeidsrechten in GCC-landen kan worden benut;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>is ingenomen met de afstemming en samenwerking tussen Saudi-Arabië en de EU op het gebied van buitenlands en veiligheidsbeleid;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>wijst op de mogelijkheden voor verdere economische samenwerking tussen de EU en Saudi-Arabië op het gebied van duurzame energie, kritieke grondstoffen, informatietechnologie en ondernemerschap, en merkt op dat economische samenwerking tussen de EU en Saudi-Arabië de hoeksteen vormt van de bilaterale betrekkingen; dringt erop aan dat er op deze gebieden meer wordt samengewerkt tussen de EU en Saudi-Arabië; acht het een goede zaak dat Saudi-Arabië zich houdt aan de EU-wetgeving inzake passende zorgvuldigheid wanneer het economische of zakelijke transacties aangaat met bedrijven die eigendom zijn van of gelieerd zijn aan het Public Investment Fund van Saudi-Arabië;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>benadrukt dat een intensievere samenwerking tussen de EU en Saudi-Arabië op het gebied van energie en handel de strategische autonomie van de EU op de korte termijn moet versterken door middel van diversificatie van betrouwbare energievoorzieningsbronnen; wijst erop dat Saudi-Arabië nog steeds een grote mondiale speler is op de markten voor fossiele energie, maar daarnaast ook stappen heeft gezet op het gebied van diversificatie en duurzaamheid door te investeren in hernieuwbare energie, met name in grootschalige projecten op het gebied van zonne- en waterstofenergie; merkt op dat Saudi-Arabië momenteel tot de top 10 van de grootste markten voor energieopslag ter wereld behoort, waarmee het zijn leiderschap op het gebied van hernieuwbare energie nog verder versterkt; benadrukt dat het enorme potentieel van Saudi-Arabië op het gebied van zonne-energie, in combinatie met de geavanceerde technologieën van de EU op het gebied van hernieuwbare energie, benut kan worden door middel van gezamenlijke initiatieven op het gebied van groene waterstof, duurzame brandstoffen en energie-infrastructuur van de volgende generatie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>bevestigt opnieuw dat de EU zich ertoe verbonden heeft Saudi-Arabië te steunen bij het streven naar sociaal-economische diversificatie en hervormingen, en met name het bevorderen van duurzame ontwikkeling;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>bevestigt opnieuw dat de EU zich blijft inzetten voor een veilige, wederzijds voordelige regeling voor visumvrij reizen met de vijf resterende GCC-landen, teneinde een gelijke behandeling van deze landen te waarborgen, hetgeen in het kader van de nieuwe EU-visumstrategie zou kunnen worden geëvalueerd; wijst erop dat Saudische toeristen een belangrijke bron van inkomsten zijn voor de EU-lidstaten en dat met name de horeca, de detailhandel en de culturele sector hiervan profiteren; wijst erop dat de druk door irreguliere migratie niet door Saudische burgers wordt veroorzaakt<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">4</STRING>Uitvoeringsbesluit van de Commissie van 22 april 2024 tot vaststelling van aangepaste regels inzake de afgifte van meervoudige inreisvisa aan Saudische onderdanen die in Saudi-Arabië verblijven en in Saudi-Arabië een visum voor kort verblijf aanvragen, en tot intrekking van Uitvoeringsbesluit C(2022)8007 van de Commissie (C(2024)2689).</FIELD></FOOTNOTE>, en roept de Commissie en de lidstaten daarom op om de invoering van een visumvrijstelling voor het Schengengebied te overwegen zodra het cascademechanisme is gewaarborgd, om het toerisme te stimuleren, de uitwisseling van personen te bevorderen en de economische en culturele banden tussen de EU en Saudi-Arabië verder aan te halen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>roept de EU op om de samenwerking op regelgevingsgebied verder te vergemakkelijken, omdat dit Saudi-Arabië zal helpen regels en procedures vast te stellen voor succesvolle energiediversificatie en sociaal-economische hervormingen; pleit voor sterkere partnerschappen tussen onderwijs- en onderzoeksinstellingen in de EU en Saudi-Arabië, onder meer via programma’s als Erasmus Mundus en Horizon Europa; benadrukt dat het belangrijk is de noodzakelijke voorwaarden te scheppen voor meer studentenmobiliteit; benadrukt dat betere uitwisselingsmogelijkheden voor jongeren in aanzienlijke mate zullen bijdragen tot de consolidatie van de betrekkingen tussen de EU, Saudi-Arabië en de Golfregio als geheel;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De prioriteiten van het buitenlands beleid van Saudi-Arabië en kansen voor de EU</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>wijst op het toenemende belang van Saudi-Arabië als diplomatieke speler en op de aanzienlijke bijdragen die het land levert aan de regionale en mondiale stabiliteit, met name in de context van de militaire operaties van Israël in Gaza en in verband met de recente ontwikkelingen in Syrië, Libanon, Jemen, de Rode Zee en Sudan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>roept op tot nauwere buitenlandse en veiligheidssamenwerking in het licht van regionale escalaties; benadrukt dat zowel in de gezamenlijke mededeling over een strategisch partnerschap met de Golfstaten als in de toekomstige SPA wordt opgeroepen tot nauwere politieke en veiligheidsgerelateerde samenwerking; benadrukt dat deze samenwerking gebaseerd moet zijn op een gezamenlijke toezegging om het internationaal recht, met inbegrip van de mensenrechten, het internationaal humanitair recht en het VN-Handvest te eerbiedigen; spreekt zijn steun uit voor het besluit van de Raad van juli 2025 om de Europese Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid te machtigen onderhandelingen te openen over de totstandbrenging van een SPA met het Koninkrijk Saudi-Arabië; wijst erop dat dit initiatief een cruciale kans biedt om de strategische belangen van de EU en de regionale stabiliteit te bevorderen en de samenwerking op het gebied van energie en veiligheid te versterken; dringt erop aan dat beide partijen zich tijdens het onderhandelingsproces actief en coöperatief opstellen, zodat de onderhandelingen snel tot een goed einde kunnen worden gebracht; benadrukt dat de nauwere samenwerking van de EU met Saudi-Arabië er ook op gericht moet zijn de gezamenlijke inzet op het gebied van vrede en stabiliteit te versterken en het multilaterale, op regels gebaseerde systeem te beschermen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>wijst erop dat Saudi-Arabië binnen de internationale diplomatie een belangrijke rol speelt, met name bij het ondersteunen van de-escalatie in Jemen, het versterken van de maritieme veiligheid in de Rode Zee, het organiseren van besprekingen over Oekraïne en het faciliteren van de dialoog over Sudan, en dat het land daarmee een constructieve bijdrage levert aan de regionale en internationale stabiliteit;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>roept Saudi-Arabië op om de samenwerking tussen de EU en Saudi-Arabië op het gebied van terrorismebestrijding en de preventie van radicalisering voort te zetten, en wijst erop dat die samenwerking dient plaats te vinden in overeenstemming met de internationale mensenrechtennormen; acht het belangrijk dat de EU en Saudi-Arabië hun benaderingen op dit vlak in verregaande mate op elkaar afstemmen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>erkent de inspanningen die Saudi-Arabië levert om de-escalatie in verband met de militaire operaties van Israël in Gaza te bevorderen; wijst nogmaals op zijn standpunt in zijn resolutie van 11 september 2025 over Gaza op een breekpunt: EU-actie ter bestrijding van de hongersnood en de dringende noodzaak om de gijzelaars vrij te laten en toe te werken naar een tweestatenoplossing<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">5</STRING>Aangenomen teksten, P10_TA(2025)0199.</FIELD></FOOTNOTE>, en is ingenomen met de Verklaring van New York over de vreedzame regeling van de Palestijnse kwestie en de implementatie van de tweestatenoplossing van 29 juli 2025, en de goedkeuring ervan door de Algemene Vergadering van de VN op 12 september 2025;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>erkent dat Saudi-Arabië en sommige andere Arabische landen zich in het kader van de Abraham-akkoorden van 2020 ingezet hebben voor normalisering van de diplomatieke betrekkingen met Israël; roept de EU op initiatieven te ondersteunen die gericht zijn op het tot stand brengen van brede regionale en internationale steun voor betere Arabisch-Israëlische betrekkingen in de toekomst binnen het kader van de door de EU aanvaarde tweestatenoplossing, teneinde de stabiliteit in de regio te bevorderen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>spreekt zijn waardering uit voor de aanzienlijke diplomatieke inspanningen en financiële steun van Saudi-Arabië ten behoeve van Syrië, onder meer via regionaal overleg en bredere inspanningen op het gebied van stabilisatie en wederopbouw; dringt er bij Saudi-Arabië en zijn partners in de regio op aan de Syrische overgangsregering ondersteuning te bieden bij de totstandbrenging van een duurzame en inclusieve politieke en veiligheidsarchitectuur; acht het van belang dat de soevereiniteit en territoriale integriteit van Syrië behouden blijven en dat er wordt gezorgd voor participatie en bescherming van de minderheden in Syrië; dringt erop aan dat de EU en Saudi-Arabië nauwer samenwerken om een vreedzame en inclusieve transitie in Syrië tot stand te brengen en christenen en alle gemeenschappen in Syrië te beschermen en hun veiligheid, godsdienstvrijheid alsook de bescherming van hun cultureel erfgoed te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>bevestigt opnieuw de steun van de EU voor de politieke en sociaal-economische wederopbouw van Libanon en benadrukt het belang van samenwerking tussen de EU en Saudi-Arabië bij de uitvoering van Resolutie 1701 (2006) van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties en de ondersteuning van de Libanese strijdkrachten; is ingenomen met de inspanningen van de Libanese regering en roept op tot ontwapening van Hezbollah; wijst er nogmaals op dat het belangrijk is dat alle landen in de regio de soevereiniteit en territoriale integriteit van Libanon eerbiedigen, en roept alle partijen op de vredeshandhavers van de Interim-Vredesmacht van de Verenigde Naties in Libanon (Unifil) te beschermen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>wijst op de constructieve rol die Saudi-Arabië speelt in het licht van de huidige regionale spanningen, de toegenomen samenwerking tussen Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten, en de geleidelijke normalisatie van de diplomatieke betrekkingen met Iran; waardeert de afstemming tussen de EU en Saudi-Arabië wat betreft het tegengaan van acties van aan Iran gelieerde actoren en het tegengaan van verdere ontwikkeling van het nucleaire programma van Iran;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>wijst op de gezamenlijke prioriteit van de EU en Saudi-Arabië om duurzame vrede in Jemen tot stand te brengen, en prijst Saudi-Arabië voor zijn voortdurende inzet voor een inclusieve politieke oplossing in Jemen; roept Saudi-Arabië op steun te verlenen aan een onafhankelijk internationaal onderzoeksmechanisme dat onderzoek doet naar schendingen van het internationaal humanitair recht in Jemen tussen 2015 en 2022; dringt aan op een verhoging van de humanitaire hulp van de EU en Saudi-Arabië aan Jemen en roept beide partijen op tot gezamenlijke inspanningen om gerichte aanvallen op hulpverleners te voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>is ingenomen met de gesprekken onder auspiciën van de VN die in januari 2025 in Riyad zijn gehouden over de vaststelling van een routekaart voor inclusieve vrede in Jemen, die hebben geleid tot vorderingen met betrekking tot de tijdschema’s voor de ontwapening van de Houthi’s; merkt op dat economische steun van Saudi-Arabië daarvoor nog altijd onontbeerlijk is;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>benadrukt dat de EU zich onverminderd inzet voor de bescherming van de maritieme routes en de internationale navigatierechten in de Rode Zee; wijst op de inzet van Saudi-Arabië op het gebied van maritieme veiligheid en dringt aan op nauwere politieke samenwerking en nauwere samenwerking op het gebied van inlichtingen met de EU-zeemachtoperatie ASPIDES en meer in het algemeen met de EU-lidstaten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>is ingenomen met de betrokkenheid van Saudi-Arabië als gastheer van de onderhandelingen over een staakt-het-vuren in Oekraïne; dringt er bij Saudi-Arabië op aan nauwer met zijn partners samen te werken om de sancties tegen de Russische Federatie beter te handhaven, en om maatregelen te nemen om een einde te maken aan de activiteiten van de Russische schaduwvloot;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>neemt nota van de toezegging van Saudi-Arabië om 600 miljard USD te investeren in de Verenigde Staten, onder meer middels een defensieovereenkomst en strategische samenwerking op het gebied van opkomende technologieën;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>erkent de rol van Saudi-Arabië bij de bevordering van multilaterale samenwerking, onder meer in de vorm van zijn toenemende betrokkenheid in Afrika, met name in de Sahel, en in Azië; dringt aan op nauwere coördinatie tussen de EU en Saudi-Arabië op het gebied van energiesamenwerking, interregionale infrastructuurontwikkeling, capaciteitsopbouw, ontwikkeling van menselijk kapitaal, financiële instrumenten en investeringsmechanismen op het hele Afrikaanse continent; benadrukt dat het belangrijk is door Saudi-Arabië geleide projecten te integreren in EU-kaders, waaronder het Global Gateway-initiatief;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>merkt op dat Saudi-Arabië officieel is uitgenodigd om lid te worden van de BRICS-groep; merkt op dat de toenadering van Saudi-Arabië tot de BRICS-landen een trend in de richting van gediversifieerde allianties weerspiegelt; roept de EU op om in multilaterale fora constructief met Saudi-Arabië samen te werken bij het beschermen van wederzijdse handels- en investeringsbelangen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>neemt kennis van de versterking van de bilaterale betrekkingen tussen Saudi-Arabië en Turkije, met name op het gebied van veiligheid en defensie; roept Saudi-Arabië ertoe op deze betrekkingen aan te wenden om Turkije ertoe te bewegen een constructieve bijdrage te leveren aan het vredesproces in het Midden-Oosten door Hamas aan te merken als terroristische organisatie en de politieke, economische en logistieke steun aan deze organisatie stop te zetten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>juicht het toe dat Saudi-Arabië zich onwrikbaar op het standpunt stelt dat de Moslimbroederschap als terroristische organisatie moet worden bestempeld, en dringt er bij de EU en haar lidstaten op aan dit voorbeeld te volgen en de Moslimbroederschap als terroristische organisatie aan te merken;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De sociaal-economische transformatie van Saudi-Arabië en</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kansen voor de EU</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>is ingenomen met de ambitieuze plannen van Saudi-Arabië in het kader van “Visie 2030”, waarin aanzienlijke sociaal-economische hervormingen worden geschetst om het land en zijn instellingen te moderniseren en de economie te diversifiëren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>roept Saudi-Arabië op om zijn energielandschap te hervormen en over te stappen op hernieuwbare energie en groene waterstof als onderdeel van zijn plannen in het kader van Visie 2030; verzoekt Saudi-Arabië zich te houden aan zijn toezeggingen in het kader van de Overeenkomst van Parijs en in overeenstemming met het advies van deskundigen van de VN; merkt op dat de EU bereid is om samen te werken met haar Saudi-Arabische tegenhangers aan projecten die de milieudoelstellingen van beide regio’s bevorderen; wijst op de inspanningen die het Koninkrijk Saudi-Arabië levert voor de energietransitie, en herinnert eraan dat het heeft beloofd om uiterlijk in 2060 klimaatneutraliteit te bereiken en uiterlijk in 2030 50 % van zijn elektriciteit uit hernieuwbare bronnen te produceren; is in dit verband ingenomen met het vlaggenschipproject van Saudi-Arabië om tussen nu en 2030 jaarlijks vier miljoen ton schone waterstof te produceren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>wijst op de rol van Saudi-Arabië als steeds belangrijkere speler in de toeleveringsketens van mineralen en zijn inspanningen om zich aan te passen aan internationale beste praktijken; benadrukt dat een ruimere samenwerking tussen de EU en Saudi-Arabië op dit gebied van cruciaal belang zal zijn voor de verdere consolidatie van de risicobeperkingsstrategie van de EU in dat verband en haar streven naar diversificatie van haar grondstoffenvoorziening;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>erkent dat Saudi-Arabië vooruitgang heeft geboekt bij het aanpakken van de hoge jeugdwerkloosheid, die is gedaald van 35,01 % in 2006 tot 16 % in 2023; pleit ervoor dat Saudi-Arabië prioriteit blijft geven aan deze kwestie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>juicht het toe dat de Saudische autoriteiten ervoor hebben gekozen om meer tolerantie aan de dag te leggen en af te stappen van het restrictieve religieuze beleid; wijst op het rechtstreekse verband tussen tolerantie en duurzame economische groei, en benadrukt dat dankzij openheid en inclusiviteit de voorwaarden kunnen worden geschapen voor innovatie, investeringen en sociale vooruitgang; looft de positieve hervormingen van het leerplan die in Saudi-Arabië zijn doorgevoerd, waaronder met name de verwijdering discriminerende religieuze inhoud, en roept op tot meer vooruitgang op dit vlak; moedigt Saudi-Arabië aan om deze hervormingen voort te zetten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>wijst op de aanzienlijke vooruitgang die Saudi-Arabië heeft geboekt op het gebied van de deelname van vrouwen aan de arbeidsmarkt, die is gestegen tot 36 %, en op het feit dat vrouwen het recht hebben gekregen om te rijden en te reizen zonder mannelijke begeleiding; wijst erop dat de arbeidsmarktparticipatie van vrouwen in Saudi-Arabië sinds 2017 meer dan verdubbeld is; merkt op dat Saudische vrouwen nu eigenaar zijn van 45 % van de kleine en middelgrote ondernemingen en van 17 % van alle bedrijven; is van mening dat deze ontwikkelingen het effect laten zien van de hervormingen van de wetgeving die sinds 2018 zijn doorgevoerd, waaronder de opheffing van het rijverbod<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">6</STRING>World Economic Forum, “Saudi women are now legal authorised to drive”, 25 juni 2018.</FIELD></FOOTNOTE>, de vaststelling van een wet tegen intimidatie en nieuwe regelgeving inzake de persoonlijke status waarmee de minimale huwbare leeftijd wordt opgetrokken tot 18 jaar en de autonomie van vrouwen wordt versterkt; wijst erop dat dit belangrijke verworvenheden zijn, en roept ertoe op om door te gaan met hervormingen die vrouwenrechten en de deelname van vrouwen aan het openbare leven bevorderen, waarbij moet worden opgemerkt dat vrouwen momenteel 41 % van het ambtenarenapparaat uitmaken, en daarbij ook hoge diplomatieke posten bekleden, dat 20 % van de leden van de Shura-raad vrouwen zijn en dat de eerste Arabische moslimvrouw inmiddels haar ruimtereis heeft gemaakt; merkt op dat er ondanks de vooruitgang die er is geboekt, nog steeds uitdagingen bestaan, onder meer met betrekking tot de wet inzake het personenrecht en de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen op het gebied van huwelijk, echtscheiding, voogdij over kinderen, erfenissen en eigendomsrechten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>merkt op dat Saudi-Arabië een reeks ambitieuze infrastructuurprojecten heeft gelanceerd in de aanloop naar EXPO 2030 en het WK voetbal van 2034; vertrouwt op het vermogen van de Saudische regering om het recht van werknemers op vrije vereniging te waarborgen, en benadrukt dat er nog altijd bezorgdheid is over de behandeling en rechten van werknemers en over het aantal migranten dat bij arbeidsongevallen in Saudi-Arabië om het leven komt; neemt nota van de hervormingen die zijn doorgevoerd in het kader van het initiatief voor arbeidshervorming in Saudi-Arabië, en dringt er bij Saudi-Arabië op aan ervoor te zorgen dat de afschaffing van het sponsoringsysteem (“kafala”) in 2025 volledig ten uitvoer wordt gelegd, en roept het land op het stakingsrecht en het recht op collectieve onderhandelingen van werknemers te waarborgen; verwacht dat Saudi-Arabië de door het WK voetbal van 2034 geboden kansen aangrijpt om tot die tijd hervormingen te blijven doorvoeren; dringt er bij Saudi-Arabië op aan te voldoen aan de EU-wetgeving inzake zorgvuldigheidseisen en toezicht op aanwervende bedrijven om ervoor te zorgen dat zij alle kosten en vergoedingen in verband met de aanwerving van werknemers dekken en maatregelen invoeren voor de terugbetaling van illegale aanwervingskosten die door werknemers zijn betaald;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>33.</NO.P>onderkent de kansen voor en de convergerende belangen bij samenwerking tussen de EU en Saudi-Arabië binnen het strategisch partnerschap EU-GCC en via het Global Gateway-initiatief van de EU voor de IMEC, dat naar verwachting zal leiden tot investeringen in elektriciteitskabels, onderzeese telecommunicatie- en datakabels, en pijpleidingen voor groene waterstof; beoordeelt het potentieel daarvan om de EU te verbinden via multimodale vervoersverbindingen; neemt nota van de deelname van de Verenigde Staten; dringt er sterk op aan dat het financieringstekort bij de IMEC wordt aangepakt door middel van investeringen van de EU, de VS en de Golfstaten, en dat investeringen in duurzame infrastructuur worden bevorderd; wijst op het strategische belang van de IMEC als transformerende aanjager van regionale connectiviteit, economische integratie en geopolitieke samenwerking; wijst op het potentieel om de samenwerking op het gebied van strategische digitale infrastructuur uit te breiden, waaronder gediversifieerde en beveiligde dataroutes die de Golfregio en Europa met elkaar verbinden, met als gemeenschappelijk doel de digitale veerkracht, de gegevensbeveiliging en connectiviteit van Europa met Azië en Afrika te verbeteren; erkent de voortdurende inspanningen van de Europese Kamer van Koophandel in het Koninkrijk Saudi-Arabië (ECCKSA) om de samenwerking tussen Europese bedrijven en Saudi-Arabië op het gebied van vervoers- en logistieke infrastructuur te bevorderen in overeenstemming met de EU-wetgeving inzake passende zorgvuldigheid;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Mensenrechten</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>34.</NO.P>roept op tot nauwere samenwerking tussen de EU en Saudi-Arabië op het gebied van mensenrechten; is ingenomen met de mensenrechtendialogen tussen de EU en het Koninkrijk Saudi-Arabië onder leiding van de Mensenrechtencommissie van Saudi-Arabië en de speciale vertegenwoordiger van de EU voor de mensenrechten, waarbij moet worden opgemerkt dat de vierde mensenrechtendialoog in december 2024 in Riyad plaatsvond; merkt op dat de besprekingen betrekking hadden op uiteenlopende mensenrechtenkwesties, waaronder vrouwenrechten en de rechten van kwetsbare groepen, de rechtsstaat, het recht op een eerlijk proces, de doodstraf, de vrijheid van meningsuiting, vergadering en vereniging, mensenhandel, economische, sociale en culturele rechten, alsook bilaterale samenwerking tussen de EU en het Koninkrijk Saudi-Arabië en activiteiten in multilaterale mensenrechtenfora; wijst erop dat mensenrechtendialogen een cruciaal platform vormen voor het uitwisselen van standpunten over internationale mensenrechten en voor het versterken van multilaterale samenwerking, en benadrukt dat deze en alle andere mensenrechtendialogen die de EU voert, gericht moeten zijn op het bereiken van concrete, meetbare en tijdgebonden vooruitgang op het gebied van mensenrechten, waaronder hervormingen op het gebied van mensenrechten, het tegengaan van wanbeleid, het waarborgen van verantwoordingsplicht voor misstanden en het vrijlaten van onterecht opgesloten personen; pleit voor een gestructureerd EU-monitoringmechanisme met duidelijke benchmarks en tijdschema’s alsook follow-upmaatregelen om verdere vooruitgang met mensenrechtenhervormingen te stimuleren; dringt er bij de EU en de lidstaten op aan om tijdens de onderhandelingen over een bilaterale partnerschapsovereenkomst samen met Saudi-Arabië afspraken te maken over mensenrechtenvoorwaarden, waaronder, maar niet uitsluitend, de ratificatie door Saudi-Arabië van de voornaamste verdragen inzake mensenrechten en arbeidsrechten en de vrijlating van ten onrechte gevangengezette personen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>35.</NO.P>erkent de sociale hervormingen die Saudi-Arabië heeft doorgevoerd, zoals de nieuwe wetgeving inzake burgerlijke transacties, de vorderingen op het gebied van de emancipatie van vrouwen, de werkzaamheden voor het opstellen van een wetboek van strafrecht, de hervorming van het sponsoringsysteem (“kafala”) voor arbeidsmigranten en de invoering van nieuwe arbeidsregelgeving; merkt echter op dat het voor het rechtssysteem van Saudi-Arabië, door het ontbreken van gecodificeerd strafrecht en de afhankelijkheid van in algemene termen geformuleerde wetgeving, moeilijk is om bepaalde rechten niet strafbaar te stellen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>36.</NO.P>erkent de groeiende participatie van het maatschappelijk middenveld in Saudi-Arabië, met meer dan 5 400 geregistreerde verenigingen en organisaties, en roept op tot verdere maatregelen om deze positieve trend te ondersteunen en voort te zetten; uit zijn bezorgdheid over de toename van het aantal arrestaties van activisten, voorvechters van het maatschappelijk middenveld, intellectuelen en mensenrechtenverdedigers die zowel online als offline hun recht op vrijheid van meningsuiting uitoefenen in overeenstemming met het internationaal recht inzake de mensenrechten; spoort Saudi-Arabië aan zijn definitie van terrorisme te herzien, in overeenstemming met de internationale normen; pleit voor de onmiddellijke vrijlating van mensen die worden vastgehouden omdat ze hun rechten op vreedzame wijze hebben uitgeoefend, in het bijzonder belangrijke activisten, mensenrechtenverdedigers, vreedzame critici, academici en geestelijken, en dringt aan op de opheffing van reisverboden voor degenen die zijn vrijgelaten; herinnert eraan dat het Parlement zijn Sacharovprijs 2015 heeft toegekend aan de Saudische blogger Raif Badawi; dringt er bij Saudi-Arabië op aan een breder palet van mensenrechtenorganisaties toe te laten voor onder meer landenbezoeken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>37.</NO.P>erkent de mensenrechtenstrategie van Saudi-Arabië voor het WK voetbal van 2034; herhaalt dat de EU bereid is de lopende hervormingen van Saudi-Arabië op het gebied van mensenrechten en zijn arbeids- en juridische hervormingen te ondersteunen; roept op tot nauwere samenwerking met de VN en de Internationale Arbeidsorganisatie op het gebied van de rechten van arbeidsmigranten bij het nastreven van verdere omvattende en inclusieve arbeidshervormingen in overeenstemming met de internationale normen, met name in de aanloop naar EXPO 2030 en het WK van 2034, om ervoor te zorgen dat alle sterfgevallen en ongelukken waarbij arbeidsmigranten betrokken zijn, ongeacht de vermeende oorzaak, het tijdstip en de plaats, naar behoren worden onderzocht en dat de families van overleden werknemers tijdig een billijke schadeloosstelling ontvangen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>38.</NO.P>bevestigt nogmaals de inzet van de EU voor de afschaffing van de doodstraf onder alle omstandigheden en haar principiële toezegging om daar samen met Saudi-Arabië voor te ijveren; spreekt zijn bezorgdheid uit over de drastische toename van het aantal executies in Saudi-Arabië, dat in 2024 op ruim 345 uitkwam en daarmee een ongekend niveau bereikte; verzoekt Saudi-Arabië een moratorium op de uitvoering van de doodstraf in te stellen; hekelt het feit dat de doodstraf nog steeds wordt opgelegd voor niet-dodelijke delicten, met name drugsgerelateerde misdrijven – hetgeen een schending vormt van het internationaal recht inzake de mensenrechten, dat de toepassing van de doodstraf beperkt tot de “ernstigste misdrijven” – en dat het bij meer dan de helft van alle executies in 2025 om buitenlandse onderdanen ging en dat de processen vaak niet voldeden aan de internationale normen voor een eerlijk proces; pleit ervoor dat seksuele handelingen tussen personen van hetzelfde geslacht worden gedecriminaliseerd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>39.</NO.P>betreurt dat er nog steeds mensen gevangen zitten die ter dood zijn veroordeeld voor delicten die zij als kind hebben gepleegd, en vraagt de Saudische autoriteiten deze doodvonnissen te herroepen in overeenstemming met de verplichtingen van Saudi-Arabië uit hoofde van het internationaal recht en het koninklijk besluit van april 2020; roept Saudi-Arabië op om alle personen die gevangen worden gehouden omdat zij op vreedzame wijze hun mensenrechten hebben uitgeoefend, onmiddellijk en onvoorwaardelijk vrij te laten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>40.</NO.P>roept Saudi-Arabië op om alle fundamentele internationale verdragen inzake mensenrechten en arbeidsrechten te ratificeren; spoort Saudi-Arabië aan om ervoor te zorgen dat alle bestaande en nieuwe wetgeving, met inbegrip van het wetboek van strafrecht, in overeenstemming is met de internationale mensenrechtennormen, en onderstreept het belang van nauwe samenwerking op dat vlak met de VN en onafhankelijke maatschappelijke organisaties;</P></ACTION><SEPARATION><P>°</P><P>°	°</P></SEPARATION><ACTION><P><NO.P>41.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, Zijne Majesteit Koning Salman bin Abdulaziz Al Saud, kroonprins Mohammad Bin Salman Al Saud, de regering van het Koninkrijk Saudi-Arabië en de Shura-raad; vraagt dat deze resolutie wordt vertaald in het Arabisch.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>