<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2026)0004</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Vrijwaren en bevorderen van financiële stabiliteit in een situatie van economische onzekerheid</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0232/2025 - Rapporteur: Johan Van Overtveldt)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 20 januari 2026 over het vrijwaren en bevorderen van financiële stabiliteit in een situatie van economische onzekerheid (2025/2051(INI))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie van 24 januari 2024 over de macroprudentiële toetsing voor kredietinstellingen, de systeemrisico’s in verband met niet-bancaire financiële intermediairs (NBFI’s) en hun verbondenheid met kredietinstellingen, overeenkomstig artikel 513 van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (COM(2024)0021),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de “Financial Stability Review” (Verslag over de financiële stabiliteit) van de ECB van november 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de “Financial Stability Review” van de ECB van mei 2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de “Quarterly Review” (Driemaandelijkse evaluatie) van de Bank voor Internationale Betalingen van maart 2025 over de ontwikkelingen op het gebied van het internationale bankwezen en de financiële markten,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de brief van de voorzitter van de Raad voor financiële stabiliteit (FSB) van 21 februari 2025 aan de ministers van Financiën en de presidenten van de centrale banken van de G20,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het voortgangsverslag van de FSB van 22 oktober 2024 getiteld “G20 Crypto-asset Policy Implementation Roadmap” (Routekaart van de G20 voor de uitvoering van het beleid inzake cryptoactiva),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de FSB van oktober 2021 getiteld “Policy proposals to enhance money market fund resilience: Final report” (Eindverslag over beleidsvoorstellen met het oog op veerkrachtigere geldmarktfondsen),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het antwoord van het Europees Comité voor systeemrisico’s (ESRB) van november 2024 op de raadpleging van de Commissie ter beoordeling van de toereikendheid van macroprudentieel beleid voor niet-bancaire financiële intermediatie, getiteld “A systemwide approach to macroprudential policy” (Een systeembrede benadering van macroprudentieel beleid),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het “Compliance Report” (Nalevingsverslag) van het ESRB van februari 2025 met betrekking tot de aanbeveling van het ESRB van 2 december 2021 over de hervorming van geldmarktfondsen (ESRB/2021/9),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de update van het Gemengd Comité van de Europese toezichthoudende autoriteiten van 31 maart 2025 over de risico’s en kwetsbaarheden van het financiële stelsel van de EU – voorjaar 2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA) van 14 februari 2022 over de herziening van de verordening inzake geldmarktfondsen,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het “Global Financial Stability Report” (Verslag over de financiële stabiliteit) van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) van 22 april 2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het rapport van Mario Draghi van 9 september 2024 getiteld “The future of European competitiveness” (De toekomst van het Europese concurrentievermogen) (rapport-Draghi),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het rapport van Enrico Letta van 17 april 2024 getiteld “Much more than a market” (Veel meer dan een markt) (rapport-Letta),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 6 juli 2011 getiteld “De financiële, economische en sociale crisis: aanbevelingen voor te nemen maatregelen en initiatieven”<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">1 </STRING>PB C 33E van 5.2.2013, blz. 140.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken van 26 maart 2025 getiteld “Bankenunie – jaarverslag 2024”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de hoorzitting van de Commissie economische en monetaire zaken van 19 maart 2025 over de beoordeling van de toereikendheid van het macroprudentiële kader voor niet-bancaire financiële instellingen in de EU,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 55 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken (A10-0232/2025),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat financiële stabiliteit cruciaal blijft voor de economische veerkracht en groei, en dat het zaak is waakzaam te blijven in tijden van grote economische onzekerheid, externe schokken en systeemrisico’s, om de financiële stabiliteit te waarborgen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat de wereldwijde financiële crisis duidelijk heeft gemaakt welke risico’s financiële instabiliteit op wereldschaal met zich meebrengt voor geavanceerde economieën;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat de aanhoudende Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne en de economische gevolgen daarvan hebben geleid tot inflatiedruk, volatiliteit op de energiemarkten en financiële onzekerheid;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat het opleggen van tarieven ertoe leidt dat de wereldhandel nog meer versnipperd raakt, waardoor verstoringen van de toeleveringsketen erger worden en er extra risico’s ontstaan voor de financiële markten en de economie in ruimere zin;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat een goed geïntegreerde kapitaalmarktenunie van essentieel belang is om schokken op te vangen, investeringen binnen de EU te stimuleren en de eengemaakte markt verder te integreren;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat de stabiliteit van NBFI’s nog belangrijker zal zijn als de Europese Unie meer van haar financiering op de kapitaalmarkten gaat halen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat NBFI’s in zeer uiteenlopende sectoren actief zijn;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat de achterblijvende economische groei, nog verergerd door spanningen op handelsgebied, negatieve gevolgen heeft voor entiteiten met een grote hoeveelheid vreemd vermogen en het kredietrisico voor financiële instellingen zal doen toenemen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat de hoge waardering van activa op de markten voor aandelen en bedrijfsobligaties aanleiding geeft tot bezorgdheid over mogelijke marktcorrecties met gevolgen voor het financiële stelsel;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat de niet-zakelijke vastgoedsector, die heeft geprofiteerd van de lage rentestanden, van cruciaal belang is voor de financiële stabiliteit doordat deze een centrale positie in de economie bekleedt, een aanzienlijk aandeel van het vermogen van huishoudens in vastgoed zit, de financiële sector sterk is betrokken bij de financiering van vastgoedinvesteringen en vastgoed een cruciale rol speelt als onderpand op de kredietmarkten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat de complexiteit van en de onderlinge verwevenheid tussen de financiële sectoren steeds belangrijker zijn geworden, waarbij NBFI’s netto-kredietverstrekkers zijn aan banken en de economie in ruimere zin;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat de voetafdruk van NBFI’s op strategische financiële markten, zoals staatsobligatiemarkten, is gegroeid, hetgeen duidelijk is geworden toen hedgefondsen tijdens de crisis van april 2025 als gevolg van de Amerikaanse invoerheffingen hun posities gebaseerd op waardeverschillen in de spot- en termijnmarkten voor Amerikaanse staatsobligaties hebben afgebouwd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>M.</NO.P>overwegende dat de geldmarktfondsen van de EU via doelgerichte hervormingen mogelijk veerkrachtiger kunnen worden gemaakt, in overeenstemming met internationale normen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>N.</NO.P>overwegende dat de financiële sector kwetsbaar blijft voor risico’s als gevolg van cyberdreigingen, tactieken van hybride oorlogsvoering en verborgen hefboomeffecten, en dat dit kan leiden tot de destabilisatie van kritieke financiële infrastructuur;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bankenunie en kapitaalmarktenunie: schokken opvangen en de veerkracht vergroten</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verwelkomt het feit dat er opnieuw een debat wordt gevoerd over de noodzaak om de productiviteit in de EU weer op peil te krijgen via beter geïntegreerde kapitaalmarkten en een hulpbronnenefficiënte economie, aangezwengeld door de rapporten van Draghi en Letta;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt de Commissie prioriteit te geven aan een agenda voor een kapitaalmarktenunie en hiermee het concurrentievermogen van de EU te ondersteunen, zonder de financiële stabiliteit in gevaar te brengen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>wijst op de doelstelling van de kapitaalmarktenunie om te zorgen voor een effectievere mobilisatie van particulier kapitaal en op die manier de investeringskloof in de EU te dichten, en benadrukt dat de kapitaalmarktenunie ook een rol kan spelen door schokken op te vangen; benadrukt dat de agenda voor een kapitaalmarktenunie ook moet bijdragen tot het corrigeren van structurele onevenwichtigheden in het financiële stelsel van de EU; betreurt dat er nog steeds sprake is van een door belastingen veroorzaakte voorkeur voor schuldfinanciering boven eigen vermogen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>wijst erop dat de voltooiing van de bankenunie een strategische prioriteit moet zijn bij de verdieping van de economische en monetaire unie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>wijst erop dat sterker geïntegreerde financiële markten zonder coherent toezicht uitdagingen met zich meebrengen, zoals de afweging tussen efficiënte risicodeling en diversificatie enerzijds en de risico’s van besmettings-, overloop- en versterkingseffecten anderzijds;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>wijst erop dat er met betrekking tot grensoverschrijdende fusies en overnames van banken een afweging moet worden gemaakt tussen enerzijds voordelige effecten, zoals geografische diversificatie, het beter kunnen verlenen van grensoverschrijdende financiële diensten, schaalvoordelen en een verzwakking van de afhankelijkheidsrelatie tussen banken en staten, en anderzijds nadelen zoals het “too big to fail”-effect, de verzwakking van kleinere financiële centra en de beperking van de dienstverlening aan kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s) en lokale economieën;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>merkt op dat ook kleinere instellingen systeemrisico’s met zich mee kunnen brengen, aangezien hun balansen vaak sterk op elkaar lijken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>benadrukt dat vooral voor kleine en middelgrote ondernemingen toegang tot kapitaal belangrijk is, bijvoorbeeld in de vorm van durfkapitaal voor groeiende bedrijven, waarbij de financiële stabiliteit behouden blijft en groei en veerkracht tegelijkertijd worden gewaarborgd;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Macrofinanciële risico’s en geopolitieke kwetsbaarheid</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>wijst op de primaire doelstelling van de ECB om prijsstabiliteit te handhaven, en op de sleutelrol die het ESRB, de Europese toezichthoudende autoriteiten en de centrale banken spelen door bij te dragen aan de financiële stabiliteit in de Unie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>herinnert eraan dat het Eurosysteem is gebaseerd op het beginsel van monetaire dominantie; is van mening dat de onafhankelijkheid van de ECB gewaarborgd moet blijven, omdat dat ten goede komt aan de financiële stabiliteit;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>benadrukt dat bepaalde marktinterventies van centrale banken het risico met zich meebrengen van marktverstoringen die van invloed kunnen zijn op de financiële stabiliteit;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>wijst erop dat de Unie wordt blootgesteld aan externe schokken door de sterke verwevenheid met buitenlandse financiële markten en entiteiten en de afhankelijkheid van de financiële sector in de EU van dienstverleners buiten de EU, en wijst op de druk door toenemende handelsspanningen tegen de achtergrond van geopolitieke onzekerheid;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>benadrukt de risico’s van hoge staatsschulden en -tekorten; herinnert eraan dat de bezorgdheid in de markt over de houdbaarheid van de staatsschulden, het toen nog ontoereikende regelgevingskader voor banken, en besmetting via onderling verbonden financiële systemen de financiële crisis van 2008 en de daaropvolgende crisis in de eurozone hebben veroorzaakt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>waarschuwt ervoor dat externe schokken gevolgen kunnen hebben voor de financiële sector; wijst in dit verband op de oproepen om systemische kwetsbaarheden te beperken; benadrukt echter dat hierbij moet worden voorkomen dat de nationale budgettaire verantwoordelijkheden worden ondermijnd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>verzoekt de Commissie de naleving van het EU-kader voor economische governance en de convergentie met de begrotingsregels van het stabiliteits- en groeipact te handhaven, om gezonde en houdbare overheidsfinanciën te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>wijst erop dat structurele hervormingen ter versterking van de financiële en institutionele architectuur van de eurozone en vermindering van de marktfragmentatie de internationale rol van de euro kunnen versterken en de financiële en monetaire stabiliteit kunnen verhogen; neemt kennis van de lopende besprekingen over de digitale euro;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>wijst op het gevaar van instabiliteit als gevolg van financiële instellingen met een hoog aandeel vreemd kapitaal, maar beseft dat deze instellingen een economische rol kunnen spelen, bijvoorbeeld op het gebied van hedging, verbetering van de marktliquiditeit, koersvorming of risicodeling;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>benadrukt het belang van coördinatie tussen macroprudentiële toezichthoudende autoriteiten door middel van analyse van en toezicht op systeemrisico’s, en is van mening dat afstemming op microprudentieel toezicht moet plaatsvinden om de compatibiliteit te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>wijst op de potentiële risico’s voor de financiële stabiliteit die voortvloeien uit het frequenter voorkomen van extreme klimaatverschijnselen en natuurrampen en uit klimaatgerelateerde risico’s in verband met de transitie;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Stress in de bankensector en toezicht op NBFI’s</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>benadrukt dat het Bazel III-kader ten uitvoer moet worden gelegd om de veerkracht en het mondiale concurrentievermogen van banken in de EU te vergroten; wijst op het feit dat er nog steeds onduidelijkheid bestaat over de tenuitvoerlegging van de Bazel III-normen in sommige belangrijke rechtsgebieden buiten de EU en benadrukt dat het bankenstelsel van de Unie in internationaal verband concurrerend moet blijven; benadrukt dat het belangrijk is om de integriteit van het Bazelkader te waarborgen, en beklemtoont dat financiële stabiliteit zelf als een concurrentievoordeel kan worden beschouwd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>benadrukt dat het belangrijk is om te beschikken over een solide macroprudentieel kader en tegelijkertijd te zorgen voor vereenvoudiging, juridische verduidelijking en lastenverlichting, met name voor kleinere entiteiten; benadrukt dat er ruimte is voor vereenvoudiging en harmonisatie bij het ontwerp en de toepassing van macroprudentiële buffers; verzoekt de Commissie en de toezichthoudende autoriteiten om de beginselen van evenredigheid, kostenefficiëntie en digitale vereenvoudiging systematisch toe te passen waar dat mogelijk is, en er daarbij op te letten dat de financiële stabiliteit niet in gevaar komt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>benadrukt dat een verdere vereenvoudiging van de hervormingen die na de financiële crisis van 2008 zijn doorgevoerd overwogen moet worden als dit duidelijke en onderbouwde voordelen voor de reële economie oplevert en de financiële stabiliteit niet in gevaar brengt; neemt kennis van het debat over het securitisatiepakket;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>neemt kennis van de analyse van de ECB van aanhoudende kwetsbaarheden op de markten voor commercieel onroerend vastgoed, hetgeen wordt verergerd door de stijgende rentetarieven en de blootstellingen van NBFI’s, die nauwlettend in het oog moeten worden gehouden; verzoekt het ESRB in dit verband nauwlettend toe te zien op de rol van NBFI’s die actief zijn op vastgoedmarkten en relevante aanbevelingen te doen; wijst daarnaast op de hoge schuldenlast van huishoudens;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>dringt er bij de ECB op aan de blootstelling van financiële instellingen aan geopolitieke risico’s te beoordelen, met inbegrip van indirecte effecten van sancties, heffingen en economische versnippering, als onderdeel van de regelmatige procedure voor toetsing en evaluatie door de toezichthouder, en in het kader van strategische autonomie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>is zich ervan bewust dat NBFI’s steeds belangrijker worden voor het financiële stelsel, aangezien deze meer dan 40 % van de activa van de financiële sector in de EU vertegenwoordigen; is van mening dat dergelijke entiteiten risico’s voor de financiële stabiliteit kunnen opleveren als ze onvoldoende gereguleerd zijn;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>wijst op de diversiteit van de bedrijfsmodellen van NBFI’s en hun belangrijke rol op het gebied van financiering; benadrukt dat er voor veel sectoren al Europese sectorale regelgeving bestaat, bijvoorbeeld voor hedgefondsen (richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">2 </STRING>Richtlijn 2011/61/EU van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2011 inzake beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen en tot wijziging van de Richtlijnen 2003/41/EG en 2009/65/EG en van de Verordeningen (EG) nr. 1060/2009 en (EU) nr. 1095/2010 (PB L 174 van 1.7.2011, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2011/61/oj).</FIELD></FOOTNOTE>), geldmarktfondsen (verordening inzake geldmarktfondsen<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">3 </STRING>Verordening (EU) 2017/1131 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 inzake geldmarktfondsen (PB L 169 van 30.6.2017, blz. 8, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2017/1131/oj).</FIELD></FOOTNOTE>), verzekeringsondernemingen (Solvabiliteit II<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">4 </STRING>Richtlijn (EU) 2019/2034 van het Europees Parlement en de Raad van 27 november 2019 betreffende het prudentiële toezicht op beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijnen 2002/87/EG, 2009/65/EG, 2011/61/EU, 2013/36/EU, 2014/59/EU en 2014/65/EU (PB L 314 van 5.12.2019, blz. 64, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2019/2034/oj).</FIELD></FOOTNOTE>), beleggingsondernemingen (IFD/IFR), beleggingsondernemingen (richtlijn en verordening<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">5 </STRING>Verordening (EU) 2019/2033 van het Europees Parlement en de Raad van 27 november 2019 betreffende prudentiële vereisten voor beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1093/2010, (EU) nr. 575/2013, (EU) nr. 600/2014 en (EU) nr. 806/2014 (PB L 314 van 5.12.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/2033/oj).</FIELD></FOOTNOTE> beleggingsondernemingen) of pensioenfondsen (richtlijn betreffende instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">6 </STRING>Richtlijn (EU) 2016/2341 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2016 betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (IBPV’s) (PB L 354 van 23.12.2016, blz. 37, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2016/2341/oj).</FIELD></FOOTNOTE>); merkt echter op dat het huidige kader in de eerste plaats gericht is op beleggersbescherming en marktintegriteit in plaats van op het verminderen van systeemrisico’s<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">7 </STRING>ECB Financial Stability Review, mei 2025, blz. 78.</FIELD></FOOTNOTE>; roept op tot een grondige beoordeling van lacunes in de regelgeving met betrekking tot NBFI’s, ook op minder gereguleerde gebieden zoals family offices en supply chain finance-bedrijven;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>neemt kennis van het verslag van de Commissie van 2023 over de werking van geldmarktfondsen en van recente wijzigingen van het kader voor geldmarktfondsen; verzoekt de Commissie een voorstel te doen voor een herziening van de verordening inzake geldmarktfondsen<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">8 </STRING>Verordening (EU) 2017/1131 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 inzake geldmarktfondsen (PB L 169 van 30.6.2017, blz. 8, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2017/1131/oj).</FIELD></FOOTNOTE>, in overeenstemming met de internationale normen, de vooruitgang die op het vlak van regelgeving is geboekt in andere rechtsgebieden en de aanbevelingen van het ESRB en de ESMA;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Risico’s op het gebied van liquiditeit, margining en digitale risico’s</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>benadrukt dat procyclische margin calls tijdens crisissituaties zoals de COVID-19-pandemie en de energiecrisis in 2022 voor aanzienlijke liquiditeitsproblemen hebben gezorgd; wijst in dit verband op het belang van liquiditeitsparaatheid en van hefboomratio- en kapitaalbuffers in het algemeen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>dringt aan op de invoering van instrumenten om de omvang en snelheid van liquiditeitsuitstromen als gevolg van margin calls tijdens systeemrelevante gebeurtenissen beter in beeld te brengen, met name voor energiebedrijven en NBFI’s;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>wijst op de noodzaak van een veerkrachtige clearinginfrastructuur, solide onderpandskaders en een gecoördineerd toezicht op centrale tegenpartijen (CCP’s); neemt kennis van het besluit van de Commissie om de gelijkwaardigheidsregeling voor in het VK gevestigde CCP’s te verlengen en neemt kennis van de blijvende bezorgdheid over de Europese afhankelijkheid van CCP’s van buiten de EU;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>is voorstander van meer transparantie en macroprudentieel toezicht op marginingpraktijken, met inbegrip van stresstests en scenarioanalyse, op basis van de recente werkzaamheden van de FSB inzake liquiditeitsparaatheid voor margin calls en opvragingen van zekerheden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>uit zijn bezorgdheid over de toenemende onderlinge verwevenheid tussen cryptoactiva en gedecentraliseerde financiële markten en het traditionele financiële stelsel; steunt de FSB, de normalisatie-instellingen en het ESRB bij hun inspanningen om een regelgevingskader op te zetten en de classificatie binnen dit kader te harmoniseren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>33.</NO.P>neemt nota van de analyse van de FSB dat de risico’s voor de financiële stabiliteit die uit cryptoactivamarkten voortvloeien, voorlopig beperkt lijken<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">9 </STRING>G20 Crypto-asset Policy Implementation Roadmap (Routekaart van de G20 voor de uitvoering van het beleid inzake cryptoactiva). 22 oktober 2024.</FIELD></FOOTNOTE>; plaatst echter de kanttekening dat de ontwikkelingen op de markten voor cryptoactiva mogelijk systeemrelevant zijn; wijst op het grotendeels speculatieve karakter van cryptoactiva en hun belangrijke rol bij illegale transacties; dringt er bij de Commissie en het ESRB op aan de ontwikkelingen op dit gebied nauwlettend te volgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>34.</NO.P>juicht het toe dat de Europese Unie een solide prudentieel kader voor cryptoactiva (MiCAR) heeft opgezet; benadrukt het belang van een tijdige en consistente uitvoering daarvan en verzoekt de Commissie de resterende lacunes in de regelgeving te monitoren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>35.</NO.P>wijst op de snelle groei van de markt voor stablecoins, die tot dusver grotendeels beperkt blijft tot het crypto-ecosysteem; merkt op dat het regelgevingslandschap met betrekking tot stablecoins in belangrijke rechtsgebieden van landen buiten de EU snel verandert; dringt er bij de Commissie op aan te beoordelen of er potentiële besmettingskanalen zijn, zoals in het geval van gezamenlijke uitgifte;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>36.</NO.P>benadrukt dat de Unie maatregelen heeft vastgesteld om de digitale veerkracht van financiële entiteiten te versterken, met name door middel van de verordening digitale operationele weerbaarheid<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">10 </STRING>Verordening (EU) 2022/2554 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende digitale operationele weerbaarheid voor de financiële sector en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1060/2009, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 600/2014, (EU) nr. 909/2014 en (EU) 2016/1011 (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2022/2554/oj).</FIELD></FOOTNOTE>; moedigt innovatie op het gebied van digitale financiën en omvangrijke investeringen in cyberweerbaarheid aan, om de financiële infrastructuur te beschermen tegen externe dreigingen; verzoekt de Commissie en de ECB de afhankelijkheid van het Europese financiële stelsel van digitaledienstverleners van buiten de EU, zwakke punten (single points of failure) en het risico van hybride aanvallen in kaart te brengen en aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>37.</NO.P>benadrukt dat een verbetering van de financiële geletterdheid kan bijdragen tot individuele veerkracht, stabielere financiële markten en een grotere deelname aan de kapitaalmarktenunie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>38.</NO.P>merkt op dat de beschikking over een passende en betrouwbare logistiek en infrastructuur voor de beschikbaarheid van contant geld van essentieel belang blijft voor de financiële stabiliteit en het vertrouwen van het publiek;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Coherentie van het toezicht versterken, datacapaciteiten verbeteren en de crisisparaatheid verhogen</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>39.</NO.P>is voorstander van een holistische, coherente, systeembrede en op activiteiten gerichte benadering op het gebied van toezicht voor het identificeren en aanpakken van risico’s en kwetsbaarheden die verband houden met verschillende soorten activiteiten in de financiële sector, zoals kredietverlening, transacties en vermogensbeheer;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>40.</NO.P>benadrukt dat een solide en geloofwaardig kader voor crisisbeheersing van groot belang is; wijst op de rol van het gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme voor het waarborgen van een solide afwikkeling van falende instellingen en steunt de rol van de ECB als kredietverstrekker in laatste instantie om de liquiditeit en het vertrouwen tijdens crises te waarborgen; merkt op dat een achtervangmechanisme voor het gemeenschappelijk afwikkelingsfonds nog steeds ontbreekt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>41.</NO.P>steunt de ECB, het ESRB, de Europese en nationale toezichthoudende autoriteiten en de Autoriteit voor de bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering bij het waarborgen van de financiële stabiliteit van de EU en het aanpakken van opkomende mondiale financiële risico’s, onder meer door middel van omvattend toezicht door de ESMA op systemische grensoverschrijdende NBFI’s;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>42.</NO.P>waarschuwt voor regelgevingsarbitrage en onderstreept dat verborgen, bij verstoringen in het verleden aan het licht gekomen, kwetsbaarheden met betrekking tot hefboomeffecten moeten worden aangepakt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>43.</NO.P>verzoekt de Commissie te blijven streven naar volledig tenuitvoerlegging van de aanbevelingen van de FSB inzake hefboomeffecten in de EU;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>44.</NO.P>benadrukt dat de autoriteiten, zowel op nationaal als op Europees niveau, moeten beschikken over hoogwaardige en gemakkelijk toegankelijke gegevens, alsook over voldoende middelen om die gegevens te analyseren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>45.</NO.P>dringt aan op meer transparantie, capaciteiten op het gebied van gegevensanalyse en gestroomlijnde mechanismen voor het delen van gegevens tussen nationale en EU-autoriteiten, met inachtneming van de waarborgen inzake gegevensbescherming, ter ondersteuning van een uitgebreider kader voor risicomonitoring en systeembrede capaciteiten voor stresstests, onder meer op het gebied van cyberveerkracht, stroomonderbrekingen en het onderpandkader; merkt op dat sommige nationale autoriteiten reeds hun voornemen kenbaar hebben gemaakt om stresstests uit te voeren op interconnecties tussen de bankensector en de NBFI-sector;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>46.</NO.P>roept op tot nauwere samenwerking met internationale financiële instellingen, waaronder het IMF, het Bazels Comité voor bankentoezicht en de FSB, om grensoverschrijdende stabiliteitsrisico’s het hoofd te bieden;</P></ACTION><SEPARATION><P>°</P><P>°	°</P></SEPARATION><ACTION><P><NO.P>47.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>