<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2026)0005</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Humanitaire hulp in tijden van polycrisis – Vasthouden aan onze beginselen voor een doeltreffendere en ambitieuzere respons op humanitaire crises</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0257/2025 - Rapporteur: Leire Pajín)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 20 januari 2026 over humanitaire hulp in tijden van polycrisis – Vasthouden aan onze beginselen voor een doeltreffendere en ambitieuzere respons op humanitaire crises (2025/2085(INI))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de artikelen 208 en 214 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 3, lid 5, en artikel 21 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Verdragen van Genève van 1949 en de bijbehorende aanvullende protocollen,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, dat door de EU en al haar lidstaten is geratificeerd,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien resolutie 2730 (2024) van 24 mei 2024 van de VN-Veiligheidsraad over de bescherming van humanitair personeel, VN-personeel en geassocieerd personeel in gewapende conflicten,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien resolutie 1325 (2000) van de VN-Veiligheidsraad van 31 oktober 2000 over vrouwen, vrede en veiligheid, en de negen daaropvolgende resoluties van de VN-Veiligheidsraad waarin de agenda voor vrouwen, vrede en veiligheid wordt geschetst,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Internationale Conferentie over Bevolking en Ontwikkeling (ICPD) van 1994 in Caïro en het bijbehorende actieprogramma, alsook de resultaten van de toetsingsconferenties daarover,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het actieprogramma van Peking en de resultaten van de toetsingsconferenties daarvan,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling en de duurzameontwikkelingsdoelstellingen (SDG’s) van de VN,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1257/96 van de Raad van 20 juni 1996 betreffende humanitaire hulp<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">1 </STRING>PB L 163 van 2.7.1996, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/1996/1257/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de op 23 mei 2016 ondertekende “Grand Bargain”-overeenkomst, de jaarlijkse onafhankelijke rapporten daarover, met name het rapport van 2021, en het “Grand Bargain 2.0”-kader en de bijlagen daarbij die tijdens de jaarlijkse “Grand Bargain”-bijeenkomst van 15 tot en met 17 juni 2021 zijn gepresenteerd, alsook de hernieuwde toezeggingen die tijdens de jaarlijkse “Grand Bargain”-bijeenkomst van 19 tot en met 20 juni 2023 zijn gedaan,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het rapport van de secretaris-generaal van de VN van 23 augustus 2016 over het eindresultaat van de wereldtop over humanitaire hulp en de toezeggingen die door de deelnemers op die top zijn gedaan,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de “humanitaire reset” die de adjunct-secretaris-generaal van de VN voor humanitaire zaken en noodhulpcoördinator Tom Fletcher heeft voorgesteld in een boodschap aan het Permanent comité van VN-organisaties op 10 maart 2025<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">2 </STRING>Boodschap van noodhulpcoördinator Tom Fletcher aan de humanitaire gemeenschap, 10 maart 2025.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie van 10 maart 2021 over het humanitaire optreden van de EU: nieuwe uitdagingen, zelfde beginselen (COM(2021)0110),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de door de Commissie voorgestelde EU-routekaart voor vrouwenrechten,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het EU-actieplan voor gendergelijkheid en empowerment van vrouwen in het externe optreden (GAP III),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de geactualiseerde richtsnoeren van de EU inzake de bevordering van de naleving van het internationale humanitair recht<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">3 </STRING>PB C 303 van 15.12.2009, blz. 12.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de conclusies van de Raad van 10 december 2018 over vrouwen, vrede en veiligheid en de strategische aanpak van de EU inzake vrouwen, vrede en veiligheid (WPS),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de conclusies van de Raad van 20 mei 2021 over het humanitaire optreden van de EU, van 22 mei 2023 over de financieringskloof voor humanitaire hulp, van 7 mei 2024 over bescherming in humanitaire contexten, en van 24 juni 2024 over de actualisering van de EU-richtsnoeren over kinderen en gewapende conflicten,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de conclusies van de Raad van 16 december 2024 over het opvoeren van de steun van Team Europa voor mondiale voedsel- en voedingszekerheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Global Outlook 2025 van het Wereldvoedselprogramma,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Global Humanitarian Overview 2025 van het VN-Bureau voor de Coördinatie van Humanitaire Aangelegenheden (OCHA),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van UN Women van 2025 getiteld “At a breaking point: The impact of foreign aid cuts on women’s organizations in humanitarian crises worldwide”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag uit 2024 van het Internationaal Comité van het Rode Kruis over internationaal humanitair recht en de uitdagingen van hedendaagse gewapende conflicten,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag “States of Fragility 2025” van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Speciaal verslag 15/2025 van de Europese Rekenkamer van 18 juni 2025 over humanitaire hulp van de EU onder beheer op afstand,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van Equal Measures 2030 getiteld “Findings from the 2024 SDG Gender Index: A gender equal future in crisis?”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de ministers van Buitenlandse Zaken van de G7 van 13 mei 2022 over de versterking van anticiperende maatregelen bij humanitaire hulp,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het slotdocument van de vierde Internationale Conferentie inzake ontwikkelingsfinanciering, ook bekend als de “toezegging van Sevilla” (<STRING ITALIC="on">Compromiso de Sevilla</STRING>),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de richtsnoeren van het directoraat-generaal Europese Civiele Bescherming en Humanitaire Hulp (DG ECHO) van 2023 getiteld “Promoting equitable partnerships with local responders in humanitarian settings”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van humanitaire donoren over klimaat en milieu van maart 2022,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de toezeggingen inzake “versterking van de naleving van het internationaal humanitair recht (IHR) door de bevordering, verspreiding en uitvoering ervan” en inzake “bescherming van humanitair en medisch personeel” die de EU en haar lidstaten en de nationale Rode Kruisverenigingen tijdens de 34e Internationale Conferentie van het Rode Kruis en de Rode Halve Maan hebben gedaan,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de toezegging inzake “het deblokkeren en vergoten van humanitaire toegang: meer politieke en diplomatieke betrokkenheid en meer steun voor humanitaire hulpverleners”, die door de EU en haar lidstaten is gedaan tijdens de 34e Internationale Conferentie van het Rode Kruis en de Rode Halve Maan,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 7 mei 2025 inzake een vernieuwde langetermijnbegroting voor de Unie in een veranderende wereld<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">4 </STRING>Aangenomen teksten, P10_TA(2025)0090.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 24 juni 2021 over de situatie op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten in de EU, in verband met de gezondheid van vrouwen<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">5 </STRING>PB C 81 van 18.2.2022, blz. 43.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 29 november 2018 over de situatie van vrouwen met een handicap<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">6 </STRING>PB C 363 van 28.10.2020, blz. 164.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resoluties over humanitaire hulp, met name die van 15 december 2021 over nieuwe richtsnoeren voor het humanitaire optreden van de EU<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">7 </STRING>PB C 251 van 30.6.2022, blz. 80.</FIELD></FOOTNOTE> en van 6 juli 2022 over de aanpak van voedselzekerheid in ontwikkelingslanden<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">8 </STRING>PB C 47 van 7.2.2023, blz. 149.</FIELD></FOOTNOTE> en van 23 november 2023 over het ontwikkelen van een innovatieve strategie voor humanitaire hulp: huidige en vergeten crises in de schijnwerpers<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">9 </STRING>PB C, C/2024/4223, 24.7.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/4223/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 55 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie ontwikkelingssamenwerking (A10-0257/2025),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat het multilaterale humanitaire systeem voor ongekende uitdagingen staat als gevolg van het grote aantal mensen dat dringende humanitaire hulp nodig heeft en het toenemende aantal fragiele contexten, waaronder een toename van het aantal gewapende conflicten ten opzichte van 2023; overwegende dat in 2025 naar schatting 305 miljoen mensen wereldwijd dringende humanitaire hulp en bescherming nodig zullen hebben<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">10 </STRING>OCHA, Mondiaal humanitair overzichtsrapport 2025 van de VN.</FIELD></FOOTNOTE>; overwegende dat het begrip polycrisis betrekking heeft op een complexe en onderling verbonden reeks crises die gelijktijdig plaatsvinden<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">11 </STRING>Joint Research Centre, Unraveling the polycrisis with foresight and innovation, 26 maart 2025.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat wereldwijd naar schatting meer dan 319 miljoen mensen met acute voedselonzekerheid worden geconfronteerd, waarvan ongeveer 70 % in kwetsbare of door conflicten getroffen gebieden woont<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">12 </STRING>Global Outlook 2025 van het Wereldvoedselprogramma.</FIELD></FOOTNOTE>, waar ongeveer een op de vijf mensen honger lijdt; overwegende dat internationale samenwerking, met name met partners die in staat zijn om substantiële hulp te bieden, waaronder trans-Atlantische samenwerking, van cruciaal belang blijft om deze uitdagingen aan te pakken, met name op het gebied van voedselzekerheid;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat tegen 2030 meer dan 90 % van de wereldwijde armoede in Afrika zal voorkomen; overwegende dat voeding, gezondheidszorg en onderwijs van essentieel belang zijn om deze bevolkingsgroep uit de armoedeval te halen; overwegende dat wordt geschat dat de grootste humanitaire behoeften in 2025 zich hebben voorgedaan in oostelijk en zuidelijk Afrika, waar 85 miljoen mensen humanitaire hulp nodig hebben; overwegende dat de crisis in Sudan alleen al goed is voor 35 % van deze behoeften;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de situatie in Afghanistan voor nog meer druk zorgt op de humanitaire middelen die al ernstig onder druk staan en tot een verergering leidt van de situatie van miljoenen mensen, onder wie vrouwen en meisjes, die worstelen om te overleven;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat wereldwijd meer dan 122 miljoen mensen ontheemd zijn, zoals gedocumenteerd door het Bureau van de Hoge Commissaris van de Verenigde Naties voor Vluchtelingen (UNHCR), en dat bijna 60 % van hen in kwetsbare of door conflicten getroffen gebieden leeft, en dat meer dan 70 % van de asielzoekers die in de EU aankomen, uit deze gebieden afkomstig is<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">13 </STRING>UNHCR, Mid-Year Trends, 9 oktober 2024.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat het humanitaire stelsel te kampen heeft met een enorme financieringscrisis; overwegende dat in 2024 van de door de VN gevraagde 50 miljard dollar aan humanitaire hulp slechts 43 % werd bijeengebracht; overwegende dat de ontmanteling van de programma’s van het Amerikaans Bureau voor Internationale Ontwikkeling (USAID) en de vermindering van de buitenlandse hulp van andere belangrijke donoren, waaronder verschillende EU-lidstaten, de situatie hebben verergerd en hebben geleid tot een zorgwekkende daling van de mondiale financiering voor humanitaire, gezondheids-, gendergelijkheids- en klimaatinitiatieven; overwegende dat in juli 2025 slechts 13 %<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">14 </STRING>Het Witte Huis, “Reevaluating and Realigning United States Foreign Aid”, 20 januari 2025.</FIELD></FOOTNOTE> was bereikt van de financiering die nodig was voor de oproep van de VN van 2025 voor humanitaire hulp aan 188 miljoen mensen in 72 landen; overwegende dat als gevolg van de bezuinigingen op USAID tegen 2030 meer dan 14 miljoen mensen het risico lopen om te sterven; overwegende dat dit ook gevolgen heeft voor meer dan 4,5 miljoen kinderen jonger dan vijf jaar<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">15 </STRING>The Lancet, <STRING ITALIC="on">Evaluating the impact of two decades of USAID interventions and projecting the effects of defunding on mortality up to 2030: a retrospective impact evaluation and forecasting analysis</STRING>.</FIELD></FOOTNOTE>; overwegende dat de bezuinigingen de hongercrisis verergeren op een moment dat de acute voedselonzekerheid nog nooit zo groot is geweest; overwegende dat deze bezuinigingen onevenredig zware gevolgen hebben voor vrouwen, meisjes, personen met een handicap en mensen die in landelijke en afgelegen gebieden wonen<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">16 </STRING>Save the Children, <STRING ITALIC="on">Girls Pay the Price As Aid Cuts Hit Countries with Deepest Gender Inequality</STRING>, 11 oktober 2025.</FIELD></FOOTNOTE>; overwegende dat lokale en nationale door vrouwen geleide organisaties en vrouwenrechtenorganisaties het meest te lijden hebben onder de stopzetting van de financiering; overwegende dat deze bezuinigingen de veiligheid en het welzijn van intern ontheemden, vluchtelingen en kwetsbare groepen verder aantasten; overwegende dat deze bezuinigingen verwoestende gevolgen hebben voor de voedselzekerheid en de mondiale gezondheid, waardoor de algemene mortaliteit, morbiditeit en invaliditeit verder toenemen als gevolg van ongelijke toegang tot behandeling en preventie van ziekten, basisdiensten en -goederen, en het risico op uitbraken van infectieziekten en pandemieën stijgt;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat er opvallende verschillen zijn in de financiering naar aanleiding van oproepen voor humanitaire hulp, waaruit blijkt dat een groot aantal crises wordt vergeten; overwegende dat vergeten crises worden gedefinieerd als ernstige, langdurige humanitaire crisissituaties waarbij de getroffen bevolking geen of onvoldoende internationale hulp ontvangt en waarbij er geen politieke wil is om de crisis op te lossen, deels als gevolg van een gebrek aan media-aandacht;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat de humanitaire hulp in het kader van het huidige meerjarig financieel kader (MFK) ontoereikend is, wat heeft geleid tot een routinematig gebruik van de reserve voor noodhulp; overwegende dat de EU andere actoren moet oproepen hun inspanningen op het gebied van humanitaire hulp op te voeren; overwegende dat humanitaire hulp niet alleen lokale gemeenschappen moet ondersteunen, maar ook moet mobiliseren en hen moet betrekken bij hulpoperaties;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat het koppelen van humanitaire hulp, ontwikkeling en vredesopbouw van cruciaal belang is in humanitaire situaties, omdat daarmee naast het verlenen van onmiddellijke hulp ook de coördinatie, samenwerking en samenhang tussen de sectoren wordt bevorderd om de onderliggende oorzaken van langdurige crises aan te pakken; overwegende dat de EU en haar lidstaten samen 42 % van de mondiale ontwikkelingshulp voor hun rekening nemen; overwegende dat de OESO verwacht dat de officiële ontwikkelingshulp (ODA) in 2025 met 9 tot 17 % zal dalen<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">17 </STRING>OECD, Cuts in official development assistance, 26 juni 2025.</FIELD></FOOTNOTE>; overwegende dat de Commissie ernaar streeft om tegen 2027 via het Global Gateway-initiatief tot 300 miljard EUR aan duurzame en inclusieve investeringen te mobiliseren; overwegende dat voor landen en regio´s die in een kwetsbare situatie verkeren een speciale EU-aanpak en -strategie nodig is;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat conflicten, klimaatverandering en economische factoren de drie belangrijkste oorzaken zijn van de toename aan humanitaire behoeften, en dat deze veroorzaakt worden door de mens en omkeerbaar zijn als er gezamenlijk en collectief wordt opgetreden; overwegende dat het aantal geregistreerde gewapende conflicten in 2023 een piek bereikte; overwegende dat de gevolgen van klimaatverandering en milieudegradatie leiden tot meer instabiliteit en conflicten, klimaatgerelateerde gevaren, natuurrampen, schaarste van hulpbronnen, waaronder water- en voedselonzekerheid, binnenlandse ontheemding en irreguliere migratie, met onevenredig grote gevolgen voor vrouwen en kwetsbare groepen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat er in veel situaties, zoals tijdens conflicten, natuurrampen en uitbraken van ziekten, steeds vaker een veilige en onbelemmerde humanitaire toegang tot mensen in nood wordt geweigerd, zowel door regeringstroepen als in gebieden die worden gecontroleerd door niet-statelijke gewapende groeperingen, wat nog wordt verergerd door de toename van gevaarlijke en schadelijke tendensen bij de interpretatie en toepassing van het internationaal humanitair recht en de humanitaire beginselen van menselijkheid, onpartijdigheid, neutraliteit en onafhankelijkheid; overwegende dat het opzettelijk weigeren en als drukmiddel inzetten van humanitaire toegang om politieke en militaire doelen te bereiken, in strijd is met de verplichtingen uit hoofde van het internationaal humanitair recht;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat het gebrek aan eerbiediging van het internationaal humanitair recht leidt tot aanhoudende en wijdverbreide schendingen ervan en van het internationaal recht inzake de mensenrechten, met opzettelijke aanvallen op burgers, vernietiging van essentiële infrastructuur, zoals scholen en ziekenhuizen, aanvallen op humanitaire hulpverleners, wijdverbreid seksueel geweld en de ronseling van kinderen als strijders; overwegende dat het aantal gewapende niet-statelijke actoren toeneemt en dat deze actoren steeds meer invloed krijgt in mondiale conflicten en een aantal van de dodelijkste aanvallen op burgers hebben uitgevoerd; overwegende dat er sprake is van een ongekend groot aantal aanvallen tegen humanitaire hulpverleners, de burgerbevolking en civiele infrastructuur, vooral als gevolg van de conflicten in Gaza en Sudan<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">18 </STRING>OCHA, World Humanitarian Day: Attacks on aid workers hit another record, humanitarians call for urgent action, 19 augustus 2025.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>M.</NO.P>overwegende dat volgens de VN in 2023 meer dan 600 miljoen vrouwen en meisjes binnen 50 kilometer van een conflictgebied woonden, wat ruim 50 % meer is dan tien jaar geleden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>N.</NO.P>overwegende dat seksueel geweld in conflictsituaties in het algemeen dramatisch is toegenomen, en dat de VN in 2023 3 688 geverifieerde gevallen van seksueel geweld in conflictsituaties heeft geregistreerd, wat 50 % meer is dan het jaar ervoor, waarbij vrouwen en meisjes 95 % van de geverifieerde gevallen uitmaakten, terwijl 32 % van de slachtoffers kinderen waren<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">19 </STRING>Bureau van de speciale vertegenwoordiger van de secretaris-generaal voor seksueel geweld in conflicten, 15e verslag van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties over conflictgerelateerd seksueel geweld, 4 april 2024.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>O.</NO.P>overwegende dat reeds bestaande genderongelijkheden in tijden van conflict en crisis vaak worden verergerd, waardoor vrouwen en meisjes onevenredig zwaar worden getroffen, bijvoorbeeld door ontheemding en gendergerelateerd geweld, en geen toegang hebben tot levensreddende diensten en niet kunnen deelnemen aan besluitvormingsprocessen; overwegende dat vrouwen, tienermeisjes, personen met een handicap, inheemse personen, lhbtqi+-personen en ouderen vaak bijkomende en intersectionele kwetsbaarheden hebben waarmee rekening moet worden gehouden; overwegende dat het aandeel van bilaterale hulp met gendergelijkheidsdoelstellingen in de humanitaire sector historisch laag is geweest en de afgelopen jaren verder is afgenomen tot 17 %<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">20 </STRING>OECD, Development Finance for Gender Equality 2024, OECD Publishing, Parijs, 2024.</FIELD></FOOTNOTE> in 2021-22; overwegende dat vrouwen als eerstehulpverleners een cruciale rol spelen in humanitaire noodsituaties; overwegende dat investeringen in gendergelijkheid levens redden in humanitaire hulpsituaties; overwegende dat er aanwijzingen zijn dat genderresponsieve programmering van humanitaire hulp een hoog rendement oplevert, te weten 8 dollar voor elke geïnvesteerde dollar<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">21 </STRING>UN Women, <STRING ITALIC="on">Facts and figures: Humanitarian action</STRING>, 15 april 2025.</FIELD></FOOTNOTE> en dat hieraan nog te weinig prioriteit wordt gegeven;</P></CONS><CONS><P><NO.P>P.</NO.P>overwegende dat alle vormen van geweld (fysiek, seksueel, psychologisch, economisch of cybergeweld) tegen vrouwen in strijd zijn met de mensenrechten, een extreme vorm van vrouwendiscriminatie zijn en behoren tot de grootste belemmeringen voor de verwezenlijking van gendergelijkheid;</P></CONS><CONS><P><NO.P>Q.</NO.P>overwegende dat antigenderbewegingen humanitaire crises steeds vaker gebruiken om zich te verzetten tegen gendergelijkheid en vrouwenorganisaties van hun legitimiteit te beroven, onder meer in partnerlanden van de EU;</P></CONS><CONS><P><NO.P>R.</NO.P>overwegende dat kinderen de helft van de door crises getroffen bevolking uitmaken, dat hun rechten alarmerend vaak worden geschonden en dat de financiering voor op kinderen gerichte initiatieven en programma’s drastisch is verminderd; overwegende dat nu meer dan 473 miljoen kinderen - meer dan een op de zes kinderen wereldwijd - in conflictgebieden wonen; overwegende dat het ronselen van kindsoldaten is toegenomen; overwegende dat kinderen vaker dan volwassenen worden gedood of verminkt, geronseld door gewapende groeperingen en seksueel worden misbruikt; overwegende dat naar schatting meer dan 52 miljoen kinderen in door conflicten getroffen landen niet naar school gaan<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">22 </STRING>UNICEF, <STRING ITALIC="on">“Not the new normal” – 2024 “one of the worst years in UNICEF’s history” for children in conflict</STRING>, 28 december 2024.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>S.</NO.P>overwegende dat kerken en religieuze organisaties een unieke meerwaarde bieden bij crisisrespons omdat ze binnen gemeenschappen veel vertrouwen genieten, vrijwilligers kunnen mobiliseren en vaak aanwezig zijn in moeilijk bereikbare gebieden; overwegende dat de duurzame inzet en de holistische benadering van deze organisaties (door materiële en psychosociale hulp te combineren) van cruciaal belang zijn voor het opbouwen van veerkracht en duurzame vrede;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Zorgen voor eerbiediging van het internationaal humanitair recht en de noodzaak van een EU-strategie voor humanitaire diplomatie</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verwelkomt de toezegging van de Commissie om humanitaire hulp te financieren, met de EU en haar lidstaten als belangrijkste donor ter wereld op het gebied van op behoeften gebaseerde humanitaire hulp; benadrukt de verplichting en verantwoordelijkheid van alle staten en partijen bij een conflict om het internationaal humanitair recht en de internationale mensenrechtenwetgeving te eerbiedigen en te doen eerbiedigen, en wijst op de noodzaak om prioriteit te verlenen aan de bescherming van burgers en om ervoor te zorgen dat dit een essentiële doelstelling blijft van het externe optreden van de EU, met inbegrip van haar humanitaire hulp; roept de EU op meer inspanningen te verrichten om de centrale rol van de niet-onderhandelbare humanitaire beginselen van menselijkheid, onpartijdigheid, neutraliteit en onafhankelijkheid, die steeds meer onder druk komen te staan, en de bevordering van het internationaal humanitair recht te bevorderen door een principiële en op behoeften gebaseerde humanitaire aanpak te hanteren en geen partnerschappen aan te gaan die deze beginselen zouden ondermijnen; herinnert eraan dat de Unie overeenkomstig artikel 3, lid 5, VEU de bescherming van de mensenrechten bevordert en bijdraagt tot de strikte eerbiediging en ontwikkeling van het internationaal recht, met inbegrip van de inachtneming van de beginselen van het Handvest van de Verenigde Naties, en gendergelijkheid als een van haar kernbeginselen hoog in het vaandel draagt, overeenkomstig artikel 2 VEU, met name gezien het feit dat humanitaire hulp, met name voor vrouwen en meisjes, momenteel minder prioriteit krijgt; benadrukt dat het belangrijk is de universele toegang tot diensten op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid te bevorderen als onderdeel van het humanitaire optreden van de EU en wijst tevens op het belang van de toezegging van de EU om de toegang tot diensten op het gebied van reproductieve gezondheidszorg en gezondheidszorg voor moeders te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>is verontrust over de toename van het aantal schendingen van het internationaal humanitair recht in de afgelopen jaren, en wijst erop dat sommige van die schendingen zijn aangemerkt als strategische vorm van oorlogsvoering; betreurt de krimpende humanitaire ruimte, de verminderde eerbiediging van het internationaal humanitair recht en de uitholling van de humanitaire beginselen, waardoor de verlening van levensreddende hulp in verschillende door conflicten getroffen gebieden ernstig wordt bemoeilijkt; veroordeelt met klem de alarmerende toename van aanvallen tegen humanitaire hulpverleners, tegen de burgerbevolking en tegen infrastructuur die voor de bevolking van levensbelang is; veroordeelt de flagrante veronachtzaming van de bescherming van medische voorzieningen door aanvallen op ziekenhuizen die in bijna elk conflict voorkomen, wat in strijd is met Resolutie 2286 (2016) van de VN-Veiligheidsraad van 3 mei 2016 over de bescherming van gewonden en zieken, medisch personeel en humanitair personeel in gewapende conflicten; dringt erop aan dat de daders van dergelijke systematische aanvallen ter verantwoording worden geroepen en verzoekt de EU sancties te overwegen tegen statelijke of niet-statelijke actoren die de humanitaire toegang belemmeren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt de Commissie en de lidstaten om meer maatregelen te nemen om schendingen van het internationaal humanitair recht te voorkomen en lacunes in de monitoring van schendingen van het internationaal humanitair recht aan te pakken door onpartijdige en onafhankelijke gegevens te verzamelen en door er op doeltreffende en empirisch onderbouwde wijze voor te pleiten om de daders ter verantwoording te roepen; verzoekt de Commissie om te zorgen voor mechanismen om problemen met de toegang tot humanitaire hulp in conflictgebieden te monitoren en daarover verslag uit te brengen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>verwelkomt de goedkeuring van resolutie 2730 (2024) van de VN-Veiligheidsraad over de bescherming van humanitair personeel, VN-personeel en geassocieerd personeel in gewapende conflicten; benadrukt dat uit hoofde van het internationaal humanitair recht de plicht bestaat om humanitair personeel te respecteren en te beschermen, en dat het van belang is onafhankelijke, neutrale en onpartijdige humanitaire acties te ondersteunen door humanitaire hulpverleners te beschermen tegen directe aanvallen, onbedoelde gevolgen van terrorismebestrijdingsbeleid en sanctieregelingen, politisering en misleidende narratieven;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>roept op tot het nemen van concrete maatregelen om te zorgen voor een effectieve uitvoering van veiligheids- en beveiligingsmaatregelen voor humanitaire hulpverleners, in overeenstemming met resolutie 2730 (2024) van de VN-Veiligheidsraad, waaronder het waarborgen van transparantie en het instellen van onpartijdige onderzoeken naar schendingen van het internationaal humanitair recht; benadrukt dat rekening moet worden gehouden met de grotere kwetsbaarheid van lokale medewerkers, die een groter risico lopen wat hun veiligheid betreft, en dat er specifieke maatregelen moeten worden genomen om hen te beschermen; verzoekt de Commissie veiligheidsmaatregelen ter bescherming van humanitaire hulpverleners te ondersteunen en erop aan te dringen dat degenen die hen aanvallen worden vervolgd; herhaalt het belang van snellereactiemechanismen om onmiddellijk financiële, juridische en psychosociale bijstand te bieden aan humanitaire hulpverleners die worden geconfronteerd met arrestatie, intimidatie of andere veiligheidsincidenten, naar het voorbeeld van initiatieven zoals “Protect Aid Workers”;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>uit zijn bezorgdheid over de toenemende bedreigingen, intimidatie en criminalisering van mensenrechtenverdedigers en humanitaire vrijwilligers in conflict- en crisissituaties; verzoekt de EU de bescherming van deze personen als prioriteit aan te merken bij haar humanitaire inspanningen; betreurt de toenemende pogingen om humanitaire hulp strafbaar te stellen zonder dat daar gegronde redenen voor zijn, met name als het gaat om levensreddende interventies voor mensen op de vlucht voor conflicten, geweld, vervolging of armoede; roept ertoe op een beschermend wettelijk kader vast te stellen om de criminalisering van hulp tegen te gaan, straffeloosheid te bestrijden en humanitaire uitzonderingen op te nemen in sanctieregelingen, alsook maatregelen te nemen om te voorkomen dat humanitaire hulpverleners op grond van antiterrorismewetgeving worden gecriminaliseerd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>bevestigt zijn toewijding aan multilateralisme, uitgaande van de VN; benadrukt dat de activiteiten van de EU moeten worden gecoördineerd en in overeenstemming moeten zijn met die van internationale instanties, en roept de Commissie op haar cruciale steun aan verschillende VN-entiteiten op humanitair gebied voort te zetten, met als doel de humanitaire beginselen en het internationaal humanitair recht hoog te houden; bevestigt opnieuw dat de mandaten van VN-entiteiten moeten worden geëerbiedigd en ondersteund, en veroordeelt krachtig elke poging om het vermogen van VN-agentschappen om hun humanitaire taken effectief uit te voeren, te belemmeren, te beperken of te ondermijnen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>benadrukt dat er dringende maatregelen moeten worden genomen om de ongekende humanitaire crises in Sudan en de Democratische Republiek Congo (DRC) aan te pakken, die tot de ernstigste ter wereld behoren, waarbij een derde van de bevolking in Sudan dringend humanitaire hulp nodig heeft en in veel delen van het land sprake is van alarmerende voedselonzekerheid en hongersnood, net als in de DRC, waar 21 miljoen mensen humanitaire hulp nodig hebben; verzoekt alle partijen bij het conflict te zorgen voor veilige en ongehinderde humanitaire toegang in overeenstemming met de humanitaire beginselen en humanitair personeel te respecteren en te beschermen; verzoekt de EU en haar lidstaten voorts de humanitaire hulp aan Sudan en de DRC en hun buurlanden op te voeren, en met name steun te financieren voor overlevenden van conflictgerelateerd seksueel geweld, lokale weerbaarheids- en beschermingsprogramma’s en programma’s ter bevordering van de rechten van vrouwen en kinderen en gendergelijkheid;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>benadrukt dat humanitaire hulp, en dus ook honger, nooit mag worden gepolitiseerd of als wapen mag worden ingezet en burgers in nood moet bereiken zonder obstructie of manipulatie, met volledige inachtneming van het internationaal humanitair recht; wijst er nogmaals op dat distributielocaties, burgers, humanitaire hulpverleners en medisch personeel moeten worden beschermd en niet het doelwit mogen worden van militair optreden; spreekt zijn ontzetting uit over de moord op 508 humanitaire hulpverleners in Gaza en over de herhaalde aanvallen op ziekenhuizen en humanitaire konvooien; is sterk gekant tegen elk systeem voor de distributie van hulp in Gaza dat onverenigbaar is met de humanitaire beginselen; betreurt het feit dat het huidige systeem van distributie in Gaza heeft geleid tot de dood van meer dan duizend Palestijnen die om hulp verzochten; dringt aan op een internationale respons en een internationaal onderzoek om ervoor te zorgen dat verantwoording wordt afgelegd voor mogelijke schendingen van het internationaal recht die zich hebben voorgedaan op locaties in Gaza die worden beheerd door de Gaza Humanitarian Foundation;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>eist dat humanitaire hulp ongehinderd en op grote schaal kan worden verleend, onder coördinatie van de VN en in overeenstemming met de humanitaire beginselen; roept op tot het openstellen van alle relevante grensovergangen en wijst erop dat het weigeren van toegang tot levensreddende humanitaire hulp de volledige of een groot deel van de bevolking treft, en een oorlogsmisdaad vormt; onderstreept dat alle internationale humanitaire organisaties, en met name die welke deel uitmaken van het VN-netwerk, overeenkomstig artikel 214 VWEU dringend volledige, snelle, veilige en ongehinderde toegang moeten hebben tot en in de gehele Gazastrook; benadrukt de centrale rol die het VN-agentschap voor hulpverlening aan Palestijnse vluchtelingen in het Nabije Oosten (UNRWA) speelt bij het verlenen van humanitaire hulp aan Palestijnse vluchtelingen en betreurt de pogingen om het agentschap te delegitimeren; roept op tot het volledig herstel van het mandaat en de financiering van de UNRWA, onder streng toezicht en met een strenge verantwoordingsplicht, en te zorgen voor duurzame, meerjarige en voorspelbare financiering voor een hervormde UNRWA, zodat deze essentiële diensten kan verlenen aan Palestijnse vluchtelingen en verdere humanitaire crises kan voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>dringt er tevens op aan dat de humanitaire hulp van de EU aan de burgerbevolking die het slachtoffer is van de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne, wordt gehandhaafd en opgevoerd, met bijzondere aandacht voor de behoeften van binnenlands ontheemden, vluchtelingen, ouderen en kinderen, onder wie slachtoffers van gedwongen deportatie naar de Russische Federatie en bezette gebieden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>wijst in het bijzonder op de situatie in Afghanistan, waar een ernstige en complexe humanitaire crisis aan de gang is en meer dan 23,7 miljoen mensen hulp nodig hebben; merkt op dat de situatie waarschijnlijk verder zal verslechteren als gevolg van de uitzetting van vluchtelingen uit Pakistan en Iran en de voortdurende instabiliteit in de regio; is verheugd over de toezegging van de EU om 266 miljoen EUR steun te verlenen, en roept op tot gerichte lokale acties ter ondersteuning van vrouwen en meisjes;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>herhaalt zijn oproep aan de Commissie om samen met de lidstaten, de Europese Dienst voor extern optreden (EDEO) en de speciale vertegenwoordigers van de EU (SVEU’s), in overleg met humanitaire actoren, een EU-strategie voor humanitaire diplomatie te ontwikkelen, teneinde de inspanningen op dit gebied te intensiveren en te zorgen voor een meer systematische en gecoördineerde aanpak van humanitaire diplomatie, waarbij wordt ingespeeld op de steeds veranderende omstandigheden en gebruik wordt gemaakt van alle beschikbare instrumenten door het politieke en economische gewicht van de EU te benutten via politieke dialoog en handels- en hulprelaties, teneinde humanitaire toegang te waarborgen, humanitaire hulpverleners te beschermen en humanitaire ruimte in gewapende conflicten te waarborgen, onder meer door te onderhandelen over de stopzetting van vijandelijkheden, humanitaire pauzes en veilige doorgang voor burgers en hulpgoederen in actieve conflicten; moedigt de Commissie aan om samen met de lidstaten, de EDEO en de speciale vertegenwoordigers van de EU ervoor te zorgen dat de humanitaire diplomatie op hoog niveau systematisch wordt gestuurd door de operationele ervaringen van humanitaire actoren, die regelmatig moeten worden geraadpleegd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>verzoekt de Commissie om meer maatregelen te nemen om schendingen van het internationaal humanitair recht te voorkomen en lacunes in de monitoring van schendingen van het internationaal humanitair recht aan te pakken door gegevens te verzamelen en door doeltreffendere, empirisch onderbouwde pleitbezorging;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>benadrukt de noodzaak van onafhankelijke humanitaire toegang tot alle migratiegerelateerde faciliteiten, met inbegrip van inrichtingen voor vreemdelingenbewaring, hotspots en informele grenszones, waar vrouwen en lhbtiq+-personen extra kwetsbaar zijn voor geweld, uitbuiting en de weigering van toegang tot essentiële diensten, met inbegrip van seksuele en reproductieve gezondheidszorg; dringt aan op transparante mechanismen voor monitoring en verantwoording in dergelijke omgevingen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Financiering van humanitaire hulp</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>verwelkomt de voorgestelde verhoging van de humanitaire financiering tot 25 miljard EUR ten behoeve van een instrument voor een mondiaal Europa, en dringt aan op een aanzienlijke verhoging van het niveau van de humanitaire financiering in het volgende MFK en op gegarandeerde financiering die toereikend, voorspelbaar en duurzaam is, waarbij wordt benadrukt dat flexibiliteit voor humanitaire hulp moet worden afgeschermd, met name in het licht van de groeiende kloof tussen humanitaire behoeften en financiering, maar ook om het belang van de EU bij het bevorderen van wereldvrede, stabiliteit en haar internationale geloofwaardigheid als principiële humanitaire actor en betrouwbare donor te bevorderen; beveelt ten zeerste aan dat alle EU-instellingen en de lidstaten zich inzetten voor het bevorderen van internationale samenwerking om gezamenlijk mondiale humanitaire uitdagingen aan te pakken, met name de mondiale voedselonzekerheid;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>verzoekt de Commissie afzonderlijke begrotingslijnen en instrumenten voor humanitaire hulp te handhaven om de beginselen van neutraliteit, onafhankelijkheid en onpartijdigheid te eerbiedigen; verzet zich tegen de voorgestelde fusie van het EU-instrument voor humanitaire hulp met het instrument voor nabuurschapsbeleid, ontwikkeling en internationale samenwerking - Europa in de wereld in het volgende MFK, en benadrukt dat ervoor moet worden gezorgd dat de reserve voor noodhulp voldoende capaciteit heeft om te kunnen reageren wanneer dat nodig is, zowel op interne als externe behoeften van de EU;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>verzoekt de Commissie er in het volgende MFK voor te zorgen dat de toegenomen flexibiliteit in het voordeel werkt van het humanitaire optreden van de EU, met meer transparantie, en dat dit niet ten koste gaat van de neutraliteit, impact, geloofwaardigheid en voorspelbaarheid ervan; wijst erop dat transparantie van cruciaal belang is om ervoor te zorgen dat het volgende MFK wordt beschermd tegen misbruik, fraude en schendingen van de beginselen van de rechtsstaat en de waarden van de Unie, en om ervoor te zorgen dat de door de Unie gefinancierde humanitaire hulp en ontwikkelingshulp de burgerbevolking in nood bereikt; verzoekt de Commissie haar toezichtmechanismen te versterken en te zorgen voor een strenge selectie van lokale partners, een strikte controle op het gebruik van middelen en een betere samenwerking met de lidstaten en internationale actoren, teneinde het risico van misbruik of oneigenlijk gebruik te voorkomen; vindt dat er sterkere mechanismen moeten worden ingevoerd voor democratisch toezicht op de toewijzing en het gebruik van humanitaire middelen van de EU, met inachtneming van de aanbevelingen van maatschappelijke organisaties bij het toezicht op en de evaluatie van door de EU gefinancierde humanitaire operaties;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>benadrukt dat de geloofwaardigheid van de EU als mondiale humanitaire actor berust op haar principiële, voortdurende en inclusieve betrokkenheid bij regio’s die getroffen zijn door humanitaire crises of waar sprake is van onstabiele situaties en vergeten crises; wijst erop dat humanitaire hulp niet ondergeschikt mag worden gemaakt aan doelstellingen op het gebied van geopolitiek, migratiebeheersing of veiligheid, en dringt erop aan dat humanitaire acties niet worden gebruikt om de doelstellingen van het buitenlands beleid van de EU of haar lidstaten te dienen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>verzoekt de Commissie nogmaals om een meer geharmoniseerde aanpak van vergeten crises te ontwikkelen en verslag uit te brengen over haar toezegging om 15 % van haar oorspronkelijke jaarlijkse humanitaire begroting toe te wijzen aan vergeten crises en de overdracht van middelen bestemd voor crises waarbij reeds sprake is van onderfinanciering te voorkomen; verzoekt de Raad de aandacht en steun van de lidstaten voor deze crises beter te coördineren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>vestigt de aandacht op de bijzondere uitdagingen waarmee kinderen en personen met een handicap en hun families te kampen hebben als het gaat om toegang tot humanitaire hulp; benadrukt dat slechts een fractie van de officiële ontwikkelingshulp (ODA), te weten 12 %, momenteel gericht is op kinderen, hoewel zij een aanzienlijk deel uitmaken van de bevolking van de landen die ODA ontvangen en hoewel investeren in kinderen, en niet alleen in individuele sectorale prioriteiten, duurzame verbeteringen van hun levensstandaard en die van hun gemeenschappen bevordert; benadrukt dat het belangrijk is om in alle fasen van de humanitaire hulpverlening, met inbegrip van paraatheid, noodhulp en herstel, prioriteit te geven aan de specifieke behoeften van kinderen, met name op het gebied van onderwijs en kinderbescherming; onderstreept dat het waarborgen van de rechten en het welzijn van kinderen essentieel is voor veerkracht op lange termijn en duurzame ontwikkeling; verzoekt de Commissie en de lidstaten te zorgen voor specifieke mechanismen voor financiering, programmering en coördinatie om tegemoet te komen aan de specifieke behoeften van kinderen in humanitaire noodsituaties;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>benadrukt dat overheidsfinanciering een primaire bron voor humanitaire hulp moet blijven, omdat staten verantwoordelijk zijn voor het waarborgen van adequate en duurzame financiering, maar onderkent dat overheidsfinanciering alleen niet voldoende is om het tekort aan humanitaire financiering aan te vullen en benadrukt dat moet worden gekeken naar nieuwe financieringsbronnen, waaronder de particuliere sector; moedigt de Commissie en de lidstaten daarom aan om meer financieringsbronnen aan te boren door de ontwikkeling van innovatieve benaderingen en partnerschappen te ondersteunen om het tekort aan humanitaire financiering aan te vullen, in samenwerking met internationale financiële instellingen, multilaterale ontwikkelingsbanken, de particuliere sector, op voorwaarde dat elke particuliere betrokkenheid in overeenstemming is met de humanitaire beginselen en volledig transparant is, en de wetenschappelijke gemeenschap, ter aanvulling van de internationale publieke humanitaire hulp, zodat het wereldwijde tekort aan humanitaire financiering kan worden weggewerkt; verzoekt de Commissie en de lidstaten onderzoek te doen naar progressieve en duurzame financieringsmechanismen voor humanitaire hulp; wijst erop dat het noodzakelijk is om samen te werken met opkomende donorlanden om hun bijdrage aan humanitaire hulp te vergroten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>verwelkomt de door de VN gelanceerde Humanitarian Reset en benadrukt dat dit een kans moet zijn voor het versterken van de humanitaire beginselen en van een op behoeften gebaseerde en mensgerichte aanpak, en de Humanitarian Reset niet louter gericht mag zijn op kostenbesparingen; benadrukt dat het voor het bereiken van meer efficiëntie en doeltreffendheid ook van belang is om de controleerbaarheid van de uitvoering te waarborgen en dat cruciale aspecten, zoals beschermingsmandaten en maatregelen tegen gendergerelateerd geweld, centraal moeten blijven staan omdat ze levensreddend zijn;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>verwelkomt de aanzienlijke inspanningen van de Commissie om humanitaire toeleveringsketens doeltreffender en efficiënter te maken, aangezien deze bijna 70 % van de humanitaire kosten uitmaken en daarmee een cruciaal aandachtsgebied vormen bij het aanpakken van het groeiende tekort aan financiering; moedigt de Commissie aan door te gaan met de ontwikkeling en ondersteuning van een strategische benadering van toeleveringsketens;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>roept de lidstaten ertoe op hun gezamenlijke toezegging na te komen om ten minste 0,7 % van het bruto nationaal inkomen (bni) aan officiële ontwikkelingshulp (ODA) te besteden, de ODA-doelstelling van 0,2 % van het bni voor de minst ontwikkelde landen tegen 2030 te halen en 10 % van hun ODA aan humanitaire hulp te besteden; verzoekt de Commissie ervoor te zorgen dat de humanitaire hulp beantwoordt aan de behoeften van vrouwen en meisjes als een strategische investering met positieve langetermijneffecten voor iedereen, en betreurt het dat vrouwenrechtenorganisaties nog steeds systematisch ondergefinancierd zijn en minder dan 1 % van de wereldwijde officiële ontwikkelingshulp ontvangen<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">23 </STRING>Beleidsnota ODI, Where next for feminist foreign policy on funding feminist movements? - https://media.odi.org/documents/ODI-ET-FundingMovements-PB-EN-May24-Final.pdf, mei 2024.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>uit zijn bezorgdheid over de mogelijke inkrimping van EU-delegaties, ook in derde landen waar veel humanitaire bijstand wordt verleend; acht het juist van essentieel belang dat de deze structuren in de meest kritieke landen worden versterkt;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Ontwikkeling van een geïntegreerde aanpak van kwetsbare contexten</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>benadrukt dat de diversiteit van instabiele situaties een op maat gesneden aanpak en specifieke financiële instrumenten vereist die gezamenlijke maatregelen van humanitaire, ontwikkelings- en vredesactoren bevorderen, met inachtneming van het specifieke mandaat van principiële humanitaire actie, waarbij bijzondere aandacht wordt besteed aan de samenwerking met en het empoweren van lokale actoren, zowel in besluitvormingsprocessen als bij de uitvoering van programma’s; verzoekt de Commissie en de lidstaten zich te blijven inzetten voor kwetsbare en door conflicten getroffen landen regio’s en hun inspanningen op te voeren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>verzoekt de Commissie om, zoals voorgenomen in haar werkprogramma voor 2026, de mededeling over humanitaire hulp aan te nemen, met bijzondere aandacht voor een ambitieuze, mensgerichte en geïntegreerde aanpak van noodsituaties, en de mechanismen om deze strategie ten uitvoer te leggen, en om het Parlement te raadplegen over de voorbereiding en uitvoering van deze strategie; verwelkomt het door de Commissie aangekondigde voornemen om een geïntegreerde strategie op te stellen om kwetsbaarheid en conflicten aan te pakken; benadrukt dat het belangrijk is om bij de ontwikkeling van een dergelijke strategie te zorgen voor passende, contextspecifieke financiering die recht doet aan de met elkaar verband houdende uitdagingen op het gebied van vrede, ontwikkeling, klimaatactie en humanitaire behoeften, onder meer door meer samen te werken met de lokale particuliere sector, met volledige inachtneming van de humanitaire beginselen; verzoekt de Commissie om in het kader van deze strategie rekening te houden met de genderdimensie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>roept de Commissie ertoe op ervoor te zorgen dat landen niet verstrikt raken in eindeloze cycli van humanitaire hulp, maar kunnen overstappen op duurzame ontwikkeling, teneinde lokale gemeenschappen te versterken en afhankelijkheid van externe hulp te voorkomen, door essentiële diensten te waarborgen zoals onderwijs, gezondheidszorg en belangrijke infrastructuur, met inbegrip van de Global Gateway, maar ook daarbuiten, waarmee een reeks onderling verbonden duurzameontwikkelingsdoelstellingen kan worden nagestreefd door gebruik te maken van meerdere financieringsbronnen, waaronder investeringen van de particuliere sector, en door sociale en milieunormen na te leven die kunnen leiden tot versnelde groei, het creëren van fatsoenlijke banen, het terugdringen van armoede en inkomensongelijkheid, en het waarborgen van een veerkrachtigere en inclusievere ontwikkeling waarbij niemand buiten de boot valt; verzoekt de Commissie gebruik te maken van instrumenten voor samenwerking van de EU voor lokale ontwikkelingsplannen door specifiek gerichte projecten uit te voeren die reeds door de lidstaten zijn beproefd en getest;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>herinnert eraan dat klimaatverandering een van de belangrijkste oorzaken is van conflicten, droogte, hongersnood en migratie; benadrukt dat de stijging van de zeespiegel een existentiële bedreiging kan vormen voor kleine eilandstaten in ontwikkeling, die tot de landen ter wereld behoren die het kwetsbaarst zijn voor klimaatverandering;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Doeltreffende humanitaire respons bevorderen door de uitvoering van de koppeling tussen humanitaire hulp, ontwikkelingssamenwerking en vrede, de lokalisatie van hulp en anticiperende maatregelen</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>roept de EU ertoe op om vooruitgang te boeken bij de uitvoering van het drievoudige beleid (humanitaire hulp, ontwikkeling en vredesopbouw) om de belangrijkste oorzaken van crises aan te pakken en het opbouwen van veerkracht te ondersteunen, met name in fragiele en door conflicten getroffen situaties, door lokale organisaties te ondersteunen, waaronder door jongeren en vrouwen geleide organisaties en op religie gebaseerde organisaties, die een sleutelrol spelen bij de respons op humanitaire crises, en door te zorgen voor hun volledige, gelijke en zinvolle deelname aan de humanitaire programmacyclus en aan besluitvormingsprocessen op alle niveaus;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>verzoekt de Commissie haar toezegging na te komen om tegen 2027 ten minste 25 % van haar humanitaire financiering aan lokale actoren te besteden, onder meer door gebruik te maken van gezamenlijke fondsen op landenniveau en andere financieringsmechanismen waarbij prioriteit wordt gegeven aan lokale actoren, en te onderzoeken hoe subsidies rechtstreeks aan lokale organisaties kunnen worden verstrekt en hoe hun capaciteit om te voldoen aan de voorschriften op het gebied van regelgeving, transparantie en verantwoordingsplicht kan worden versterkt; verzoekt de EU prioriteit te geven aan financiering voor lokale organisaties die bijstand verlenen aan jongeren, vrouwen, personen met een handicap, lhbtqi+-personen en andere kwetsbare groepen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>33.</NO.P>verzoekt de Commissie om in het volgende MFK prioriteit te geven aan meerjarige financiering voor conflictpreventie en vredesopbouw, om zo de koppeling te versterken tussen humanitaire en crisisresponsmechanismen en vredesopbouw- en ontwikkelingsprogramma’s op langere termijn; benadrukt dat het belangrijk is om de mechanismen voor coördinatie ter plaatse te versterken voor alle humanitaire, ontwikkelings- en vredesopbouwactiviteiten van de EU, om te zorgen voor gezamenlijke en coherente resultaten, onder meer door middel van de Team Europe-aanpak; benadrukt het belang van het partnerschap tussen de EU en de VN voor het versterken van de samenhang tussen humanitaire hulp, ontwikkeling en vrede, met speciale aandacht voor meisjes en jonge vrouwen, mensen met een handicap, kinderen en ouderen in kwetsbare situaties, en benadrukt dat het belangrijk is dat de EU financiële steun verleent aan het VN-systeem; is van mening dat structurele ongelijkheden nog steeds van invloed zijn op de machtsverhoudingen bij humanitaire interventies, de toegang tot financiering en de deelname aan de besluitvorming; dringt aan op een meer inclusieve, rechtvaardige en op rechten gebaseerde benadering van het humanitaire beleid van de EU, met meer zeggenschap voor lokale en historisch gemarginaliseerde actoren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>34.</NO.P>merkt op dat proactief optreden in crisisgevoelige situaties, voordat humanitaire crises zich voordoen, een efficiënte manier is om toekomstige humanitaire behoeften te voorkomen of te beperken, en om gemeenschappen te ondersteunen bij het opvangen van en aanpassen aan schokken en het opbouwen van hun veerkracht; moedigt de Commissie en de lidstaten aan ervoor te zorgen dat investeringen in preventie, proactieve maatregelen en rampenparaatheid worden voortgezet om de gevolgen van crises voor bevolkingsgroepen en systemen te verzachten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>35.</NO.P>benadrukt de noodzaak van een op feiten gebaseerde aanpak van proactieve maatregelen, met name in kwetsbare en klimaatgevoelige omgevingen, die tot doel hebben de beschikbaarheid van hoogwaardige gegevens en risicoanalyses te vergroten om vroegtijdige waarschuwingssystemen te verbeteren en risicoprognoses te integreren in de planning van humanitaire acties;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>36.</NO.P>moedigt de lidstaten aan om hun investeringen in lokaal aangestuurde en geïntegreerde proactieve maatregelen, zoals investeringen in systemen voor vroegtijdige waarschuwing, risicoanalyse en veerkracht van gemeenschappen aanzienlijk op te voeren, en het aandeel van klimaatfondsen dat bestemd is voor het vergroten van de veerkracht en aanpassing in de meest rampgevoelige landen en regio’s te verhogen, waarbij het belangrijk is dat een diverse groep actoren, waaronder maatschappelijke organisaties en lokale netwerken, wordt betrokken bij proactieve maatregelen, waaronder op prognoses gebaseerde financiering, rampenparaatheid en risicobeheer, met name in kwetsbare en klimaatgevoelige omgevingen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">25 jaar Resolutie 1325 (2000) van de VN-Veiligheidsraad: naar een genderbewuste benadering van humanitaire hulp</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>37.</NO.P>verwelkomt de vooruitgang die is geboekt bij de uitvoering van Resolutie 1325 van de VN-Veiligheidsraad (2000) en de agenda voor vrouwen, vrede en veiligheid, een essentieel instrument om ervoor te zorgen dat de rechten van vrouwen en meisjes te allen tijde worden geëerbiedigd; wijst erop dat de resolutie 25 jaar na de goedkeuring ervan grotendeels nog steeds niet is uitgevoerd, dat vrouwen nog steeds gemarginaliseerd worden in vredesprocessen en onevenredig zwaar worden getroffen door conflicten en crises, onder meer door wijdverbreid gendergerelateerd geweld, en dat er meer politieke en financiële steun van de EU nodig is voor de agenda, als katalysator voor en investering in langdurige en duurzame vrede en ontwikkeling; verzoekt de Commissie en de EDEO om bij alle externe acties van de EU prioriteit te blijven geven aan de bevordering van gendergelijkheid en vrouwenrechten en het versterken van de positie van vrouwen, met inbegrip van de verwezenlijking van SDG 5; roept de EU en de lidstaten ertoe op prioriteit te geven aan de uitvoering van de agenda voor vrouwen, vrede en veiligheid;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>38.</NO.P>roept alle partijen in gewapende conflicten op maatregelen te nemen om de seksuele en reproductieve gezondheid en rechten van vrouwen en meisjes te bevorderen en hen te beschermen tegen alle vormen van conflictgerelateerd seksueel en gendergerelateerd geweld, met name verkrachting, aangezien dergelijk geweld tijdens conflicten vaak toeneemt en systematisch als oorlogswapen kan worden gebruikt; benadrukt het nauwe verband tussen gewapende conflicten en humanitaire en klimaatcrises, en de toename van irreguliere migratie, mensenhandel en het risico van uitbuiting, waardoor vrouwen en meisjes onevenredig zwaar worden getroffen; benadrukt dat vrouwen actief, volledig, gelijkwaardig en zinvol moeten kunnen deelnemen aan alle fasen van een vredesproces, met inbegrip van onderhandelingen over een staakt-het-vuren, bemiddelingsinspanningen, preventie en oplossing van gewapende conflicten, vredesopbouw en wederopbouw na conflicten; roept de Commissie, de EDEO en de lidstaten ertoe op meer inspanningen te verrichten om rekening te houden met de specifieke behoeften en bijdragen van vrouwen en meisjes in strategieën voor conflictpreventie, bemiddeling en vredesopbouw;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>39.</NO.P>benadrukt dat vrouwen in humanitaire noodsituaties niet alleen als slachtoffers moeten worden gezien, maar ook als aanjagers van verandering die actief bijdragen aan positieve ontwikkelingen en hun lot in eigen handen nemen; benadrukt de cruciale rol van vrouwen als eerstelijns hulpverleners en gemeenschapsleiders en van door vrouwen geleide organisaties in humanitaire noodsituaties, bij paraatheid, respons en herstelinspanningen, waarbij zij diensten van levensbelang verlenen, zoals opvang, seksuele en reproductieve gezondheidszorg, hulp bij gendergerelateerd geweld, financiële bijstand, betrouwbare bescherming op gemeenschapsniveau, en waarbij zij opkomen voor de rechten en behoeften van vrouwen, meisjes en gemarginaliseerde bevolkingsgroepen, en vredesopbouw en ontwikkelingswerk in hun gemeenschappen stimuleren, terwijl zij slechts 0,3 % van de bilaterale hulp in kwetsbare staten ontvangen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>40.</NO.P>betreurt dat lokale door vrouwen geleide organisaties het hardst worden getroffen door de recente bezuinigingen op buitenlandse hulp, waarbij de helft van deze organisaties het risico loopt te worden opgeheven, en pleit ervoor om hen meer te betrekken bij humanitaire programma’s<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">24 </STRING>UN Women, <STRING ITALIC="on">Humanitarian funding cuts threaten women’s rights: What’s at stake and how to help’</STRING>, 13 mei 2025.</FIELD></FOOTNOTE>; roept de Commissie op om specifieke, duurzame, flexibele, meerjarige financiering toe te wijzen, bestaande partnerschappen in stand te houden, de toegang tot fondsen te vereenvoudigen en haar steun aan lokale door vrouwen geleide organisaties in humanitaire noodsituaties uit te breiden, om te zorgen voor een effectiever, inclusiever en controleerbaarder systeem, door haar financiering voor lokale door vrouwen geleide organisaties te verhogen, de monitoring en controleerbaarheid van humanitaire financiering aan lokale, door vrouwen geleide organisaties te verbeteren, bestaande financieringsmechanismen en -processen aan te passen aan hun behoeften en capaciteiten, en door het niveau van de directe meerjarige financiering die voor hen beschikbaar is, te verhogen; stelt tot zijn spijt vast dat bijna de helft (47 %) van de door vrouwen geleide organisaties en vrouwenorganisaties die hiernaar zijn gevraagd verwacht binnen zes maanden de deuren te moeten sluiten als er niets verandert in het huidige financieringsniveau, terwijl meer dan een derde (35 %) nog steeds in onzekerheid verkeert en niet in staat is werkzaamheden te plannen of voort te zetten, en slechts 18 % van deze organisaties aangeeft dat ze verwachten langer dan een jaar operationeel te kunnen blijven<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">25 </STRING>UN Women, <STRING ITALIC="on">At a breaking point: The impact of foreign aid cuts on women’s organizations in humanitarian crises worldwide</STRING>, april 2025.</FIELD></FOOTNOTE>; roept de Commissie en de lidstaten op om 5 % van hun hulp aan landen en regio’s in kwetsbare situaties te verstrekken aan door vrouwen geleide organisaties en vrouwenrechtenorganisaties door middel van flexibele en langetermijnfinanciering, onder meer door ten minste 5 % van hun officiële ontwikkelingshulp (ODA) te besteden aan de ondersteuning van die organisaties in het kader van het volgende MFK;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>41.</NO.P>moedigt de Commissie, de EDEO en de lidstaten aan bij humanitaire interventies meer aandacht te besteden aan genderaspecten en hun steun voor de deelname van vrouwen aan humanitaire besluitvormingsprocessen te vergroten, door ondersteuning te geven voor het scheppen van de voorwaarden waaronder vrouwen een leidende rol kunnen gaan spelen in crisissituaties, en door ervoor te zorgen dat hun perspectieven en behoeften prioriteit krijgen bij het opzetten en verstrekken van hulp, overeenkomstig de doelstellingen van Resolutie 1325 (2000) van de VN-Veiligheidsraad; roept de Commissie op om bij haar humanitaire planning een inclusieve, intersectionele en genderresponsieve benadering te hanteren, waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke behoeften en rechten van vrouwen, meisjes, personen met een handicap, lhbtqi+-personen en andere gemarginaliseerde groepen; verzoekt de Commissie en de lidstaten ervoor te zorgen dat deze groepen op zinvolle wijze worden betrokken bij het ontwerp, de uitvoering en de evaluatie van humanitaire hulpprogramma’s; is van mening dat personen met een handicap voorrang moeten krijgen bij door de EU gefinancierde humanitaire hulp, waarbij met name aandacht moet worden besteed aan de behoeften en prioriteiten van vrouwen en kinderen met een handicap, onder meer door financiering te verstrekken aan lokale organisaties en netwerken van vrouwen en meisjes met een handicap, die vaak het best in staat zijn om in deze behoeften te voorzien, maar het zwaarst worden getroffen door bezuinigingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>42.</NO.P>verzoekt de Commissie ervoor te zorgen dat gendergelijkheid een prioriteit blijft bij de hervorming en herstructurering van het stelsel van hulpverlening in het kader van de door de VN geleide Humanitarian Reset, door de financiering en cruciale mechanismen in verband hiermee te waarborgen, zoals het behoud van een speciale cluster binnen het stelsel van hulpverlening die gespecialiseerde maatregelen omvat op het gebied van gendergerelateerd geweld, gendergelijkheid en bescherming tegen seksuele uitbuiting en misbruik, als cruciale diensten van levensbelang; verzoekt de Commissie te zorgen voor de systematische uitvoering van grondige genderanalyses, het verzamelen van naar geslacht uitgesplitste gegevens, genderresponsieve begrotingen en gendereffectbeoordelingen, alsook voor de ontwikkeling van specifieke genderdeskundigheid binnen de Commissie, om dergelijke rollen in partnerorganisaties te ondersteunen en het gebruik van de EU-gender- en leeftijdsindicator verder te versterken; verwelkomt het toenemende aantal en de formalisering van contactpersonen voor genderkwesties, aangezien 99 % van de EU-delegaties en 87 % van de centrale diensten nu over contactpersonen voor genderkwesties beschikken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>43.</NO.P>herhaalt dat passende en tijdige seksuele en reproductieve gezondheidsdiensten prioriteit moeten krijgen en beschikbaar moeten worden gesteld in het kader van alle humanitaire hulpverlening, onder meer door de uitvoering van het minimumpakket aan initiële diensten voor reproductieve gezondheid in noodsituaties en de overgang naar uitgebreidere diensten als de situatie dat toelaat;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>44.</NO.P>herhaalt zijn oproep aan de EU en haar lidstaten om Resolutie 1325 (2000) en de daaropvolgende resoluties van de VN-Veiligheidsraad volledig uit te voeren; verwelkomt in dit verband de vooruitgang die is geboekt met het EU-actieplan inzake WPS en GAP III, en wijst erop dat de Commissie een GAP IV moet voorstellen en dat er voldoende middelen moeten worden uitgetrokken voor de uitvoering daarvan; betreurt dat sinds de lancering van GAP III slechts 3,8 % van alle genderresponsieve of op gender gerichte acties gendergelijkheid als hoofddoelstelling heeft; verzoekt de Commissie ervoor te zorgen dat gender als belangrijke of hoofddoelstelling wordt opgenomen in 85 % van alle nieuwe acties in het kader van het externe optreden en dat 20 % van de officiële ontwikkelingshulp in elk land wordt toegewezen aan programma’s met gendergelijkheid als een van de voornaamste doelstellingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>45.</NO.P>uit zijn ernstige bezorgdheid over de toenemende invloed van ultraconservatieve, antigender- en religieus-fundamentalistische bewegingen, zowel binnen als buiten de EU, die tot doel hebben de grondrechten van vrouwen en meisjes te ondermijnen, ook in humanitaire contexten; benadrukt dat dergelijke bewegingen vaak desinformatie verspreiden, seksuele en reproductieve gezondheidsdiensten stigmatiseren en de bescherming van vrouwen tegen gendergerelateerd geweld verzwakken; verzoekt de Commissie, de EDEO en de lidstaten ervoor te zorgen dat door de EU gefinancierde humanitaire programma’s stevig geworteld blijven in de internationale mensenrechtennormen en gendergelijkheid, en actief steun te verlenen aan maatschappelijke organisaties die het doelwit zijn van actoren die het ondermijnen van rechten als doel hebben;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>46.</NO.P>waarschuwt voor institutioneel geweld en institutionele nalatigheid door humanitaire actoren, met inbegrip van genderblinde programmering, onveilige omgevingen voor vrouwen en lhbtqi+-personen, en het ontbreken van verantwoording ten aanzien van misbruik; pleit voor bindende normen op het gebied van genderbewustzijn, uitgebreide verslagleggingssystemen en een nultolerantiebeleid voor alle humanitaire acties die door de EU worden gefinancierd;</P></ACTION><SEPARATION><P>°</P><P>°	°</P></SEPARATION><ACTION><P><NO.P>47.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en de Europese Dienst voor extern optreden.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>