<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2026)0061</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Benoeming van de voorzitter van de Europese Bankautoriteit</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0032/2026 - Rapporteur: Aurore Lalucq)</STRING></HIDDEN><TXTLST><DECISION><TI><STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 10 maart 2026 over de voordracht voor de benoeming van de voorzitter van de Europese Bankautoriteit (N10-0004/2026 – C10-0020/2026 – 2026/0802(NLE))</STRING></TI><NOTE>(Goedkeuring)</NOTE><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de door de raad van toezichthouders van de Europese Bankautoriteit opgestelde shortlist van geschikte kandidaten voor de functie van voorzitter van de Europese Bankautoriteit,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de brief van de Raad van 4 februari 2026 waarin wordt voorgesteld François-Louis Michaud te benoemen tot voorzitter van de Europese Bankautoriteit (C10‑0020/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 48, leden 2 en 3, van Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Bankautoriteit), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/78/EG van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 331 van 15.12.2010, blz. 12, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2010/1093/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 14 maart 2019 over genderevenwicht bij benoemingen in de EU op het gebied van economische en monetaire zaken<FOOTNOTE><FIELD> PB C 23 van 21.1.2021, blz. 105.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 16 januari 2020 over instellingen en organen in de economische en monetaire unie: belangenconflicten na uitdiensttreding bij de overheid voorkomen<FOOTNOTE><FIELD> PB C 270 van 7.7.2021, blz. 113.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 135 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken (A10‑0032/2026),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat de huidige voorzitter van de Europese Bankautoriteit op 31 januari 2026 is afgetreden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat in artikel 48, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1093/2010 is bepaald dat de voorzitter van de Europese Bankautoriteit, na een open selectieprocedure die conform is met het beginsel van genderevenwicht, wordt geselecteerd op basis van verdienste, bekwaamheid, kennis van financiële instellingen en financiële markten, en relevante ervaring met betrekking tot financieel toezicht en financiële regulering;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat de Raad op 4 februari 2026 heeft voorgesteld om, na bevestiging door het Parlement, François-Louis Michaud te benoemen tot voorzitter van de Europese Bankautoriteit voor een mandaat van vijf jaar, overeenkomstig artikel 48, leden 2 en 3, van Verordening (EU) nr. 1093/2010;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de Commissie economische en monetaire zaken op 25 februari 2026 een hoorzitting heeft gehouden met François-Louis Michaud, die hierbij een openingsverklaring heeft afgelegd en vervolgens vragen van de commissieleden heeft beantwoord;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de benoeming van François-Louis Michaud tot voorzitter van de Europese Bankautoriteit;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de Europese Bankautoriteit, alsmede aan de regeringen van de lidstaten.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST></SDOCTA>