<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2026)0067</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Benaderingen op het gebied van visserijbeheer om kwetsbare soorten te beschermen, invasieve soorten aan te pakken en lokale economieën te ondersteunen</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0018/2026 - Rapporteur: André Rodrigues)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 10 maart 2026 over benaderingen op het gebied van visserijbeheer om kwetsbare soorten te beschermen, invasieve soorten aan te pakken en lokale economieën te ondersteunen (2025/2011(INI))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), en met name artikel 43,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1954/2003 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad en tot intrekking van Verordeningen (EG) nr. 2371/2002 en (EG) nr. 639/2004 van de Raad en Besluit 2004/585/EG van de Raad<FOOTNOTE><FIELD>PB L 354 van 28.12.2013, blz. 22, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1380/oj.</FIELD></FOOTNOTE> (GVB-verordening),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende de preventie en beheersing van de introductie en verspreiding van invasieve uitheemse soorten (verordening invasieve uitheemse soorten)<FOOTNOTE><FIELD>PB L 317 van 4.11.2014, blz. 35, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2014/1143/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1007/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende de handel in zeehondenproducten<FOOTNOTE><FIELD>PB L 286 van 31.10.2009, blz. 36, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2009/1007/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1224/2009 van de Raad van 20 november 2009 tot vaststelling van een communautaire controleregeling die de naleving van de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid moet garanderen, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 847/96, (EG) nr. 2371/2002, (EG) nr. 811/2004, (EG) nr. 768/2005, (EG) nr. 2115/2005, (EG) nr. 2166/2005, (EG) nr. 388/2006, (EG) nr. 509/2007, (EG) nr. 676/2007, (EG) nr. 1098/2007, (EG) nr. 1300/2008, (EG) nr. 1342/2008 en tot intrekking van Verordeningen (EEG) nr. 2847/93, (EG) nr. 1627/94 en (EG) nr. 1966/2006<FOOTNOTE><FIELD>PB L 343 van 22.12.2009, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2009/1224/oj.</FIELD></FOOTNOTE> (de controleverordening voor de visserij),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/1241 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 betreffende de instandhouding van visbestanden en de bescherming van mariene ecosystemen door middel van technische maatregelen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1967/2006 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad en de Verordeningen (EU) nr. 1380/2013, (EU) 2016/1139, (EU) 2018/973, (EU) 2019/472 en (EU) 2019/1022 van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 894/97, (EG) nr. 850/98, (EG) nr. 2549/2000, (EG) nr. 254/2002, (EG) nr. 812/2004 en (EG) nr. 2187/2005 van de Raad<FOOTNOTE><FIELD>PB L 198 van 25.7.2019, blz. 105, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/1241/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2023/2842 van het Europees Parlement en de Raad van 22 november 2023 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1224/2009 van de Raad, en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1967/2006 en (EG) nr. 1005/2008 van de Raad en Verordeningen (EU) 2016/1139, (EU) 2017/2403 en (EU) 2019/473 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft visserijcontrole<FOOTNOTE><FIELD>PB L, 2023/2842, 20.12.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/2842/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2024/1991 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2024 inzake natuurherstel en tot wijziging van Verordening (EU) 2022/869<FOOTNOTE><FIELD>PB L, 2024/1991, 29.7.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/1991/oj<STRING ITALIC="on">.</STRING></FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna<FOOTNOTE><FIELD>PB L 206 van 22.7.1992, blz. 7, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/1992/43/oj.</FIELD></FOOTNOTE> (habitatrichtlijn),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Richtlijn 2008/56/EG van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2008 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het beleid ten aanzien van het mariene milieu (kaderrichtlijn mariene strategie)<FOOTNOTE><FIELD>PB L 164 van 25.6.2008, blz. 19, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2008/56/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Richtlijn 2009/147/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 inzake het behoud van de vogelstand<FOOTNOTE><FIELD>PB L 20 van 26.1.2010, blz. 7, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2009/147/oj.</FIELD></FOOTNOTE> (de vogelrichtlijn),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 9 juni 2021 over de EU-biodiversiteitsstrategie voor 2030: de natuur terug in ons leven brengen<FOOTNOTE><FIELD>PB C 67 van 8.2.2022, blz. 25.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de resolutie van het Europees Parlement van 11 mei 2023 over “Naar een sterke en duurzame algensector in de EU”<FOOTNOTE><FIELD>PB C, C/2023/1074, 15.12.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2023/1074/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 18 januari 2024 over de stand van zaken met betrekking tot de uitvoering van het gemeenschappelijk visserijbeleid en toekomstperspectieven<FOOTNOTE><FIELD>PB C, C/2024/5734, 17.10.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de duurzameontwikkelingsdoelstellingen (SDG’s) van de Verenigde Naties, en met name SDG 14: leven in het water, SDG 15: leven op het land, SDG 1: geen armoede, SDG 2: geen honger, SDG 11: duurzame steden en gemeenschappen,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het mondiaal biodiversiteitskader van Kunming-Montreal,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Internationaal Verdrag voor de controle en het beheer van ballastwater en sedimenten van schepen,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 55 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie visserij (A10-0018/2026),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat de EU al lang het belang erkent van duurzame visserij en ecosysteemgerichte benaderingen op het gebied van visserijbeheer om de mariene biodiversiteit in stand te houden, waaronder de bescherming van kwetsbare soorten, de ondersteuning van lokale economieën en de waarborging van voedselzekerheid en duurzame voedselsystemen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat de EU diverse regelgevingskaders heeft ingevoerd voor het herstel en de bescherming van kwetsbare mariene soorten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat de EU de bescherming en het herstel van kwetsbare soorten in andere wettelijke kaders integreert, zoals in de onlangs herziene controleverordening voor de visserij, waardoor een alomvattende aanpak voor het verzamelen van gegevens ten behoeve van de instandhouding van kwetsbare soorten wordt gewaarborgd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de Internationale Unie voor behoud van de natuur en de natuurlijke hulpbronnen (IUCN) de Rode Lijst publiceert, een uitgebreide inventaris van de staat van instandhouding van soorten, die cruciale informatie verschaft over de delicate situatie van kwetsbare mariene soorten en de aandacht vestigt op de benodigde instandhoudingsinspanningen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat bijvangsten van kwetsbare soorten een grote bedreiging vormen voor de mariene biodiversiteit, zoals erkend in internationale en regionale verdragen en in de EU-wetgeving;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat zeevogels een van de indicatoren zijn voor de gezondheid van mariene ecosystemen, gezien hun rol als belangrijkste roofdier in de mariene voedselketen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat belanghebbenden bij diverse projecten samenwerken om nieuwe beheermethoden en nieuw vistuig uit te proberen teneinde het niveau van bijvangsten en incidentele vangsten van kwetsbare soorten tijdens visserijactiviteiten te verlagen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat uit gegevens die het Europees Milieuagentschap in 2025<FOOTNOTE><FIELD>Europees Milieuagentschap, “Marine protected areas in Europe’s seas”, website van het Europees Milieuagentschap – Analysis and data – Indicators, 6 november 2025.</FIELD></FOOTNOTE> heeft gepubliceerd, blijkt dat beschermde mariene gebieden (MPA’s) 13,7 % van de EU-wateren bestrijken;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat het dienstenportaal “Mission Ocean and Waters” van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD>Europese Commissie, “Study on regulations in EU Marine Protected Areas: Insights and implications”, website dienstenportaal “Mission Ocean and Waters”.</FIELD></FOOTNOTE> melding maakt van een studie waaruit blijkt dat in 2023 visserij in meer dan 40 % van de MPA’s toegestaan was, in minder dan 25 % van de gebieden aan banden was gelegd en in slechts 0,4 % van de gebieden uitdrukkelijk verboden was;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat invasieve uitheemse soorten (IUS) een van de oorzaken zijn van biodiversiteitsverlies, dat ze een negatieve impact hebben op de visserij, de aquacultuur en ecosysteemfuncties, en dat ze schadelijk kunnen zijn voor de menselijke gezondheid, voor infrastructuur en de bioveiligheid;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat de aquacultuur van niet-inheemse soorten met beperkte controlemaatregelen een risico vormt, aangezien de soort kan ontsnappen en invasief kan worden, wat een bedreiging vormt voor inheemse wilde soorten en het milieu;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat de EU verschillende maatregelen heeft genomen om de introductie van IUS te voorkomen en de verspreiding ervan op te sporen en in kaart te brengen en ertegen op te treden, in het bijzonder door middel van de verordening invasieve uitheemse soorten, waarin een lijst wordt vastgesteld van voor de Unie zorgwekkende IUS en op grond waarvan controlemaatregelen worden gehandhaafd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>M.</NO.P>overwegende dat IUS overeenkomstig de verordening invasieve uitheemse soorten soorten zijn waarvan de negatieve effecten zo groot zijn dat zij een gecoördineerd en uniform optreden op EU-niveau vereisen, en dat het daarom verboden is ze te introduceren, te bezitten, te kweken en te telen, te vervoeren of te verhandelen, of ze vrij over te dragen of vrij te laten in de natuurlijke omgeving;</P></CONS><CONS><P><NO.P>N.</NO.P>overwegende dat een van de kwalitatieve descriptoren voor het bepalen van een goede milieutoestand, zoals vermeld in de kaderrichtlijn mariene strategie, is dat door menselijke activiteiten geïntroduceerde niet-inheemse soorten op een niveau worden gehouden dat geen negatieve gevolgen heeft voor ecosystemen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>O.</NO.P>overwegende dat een correcte en tijdige verzameling van gegevens van groot belang is om ervoor te zorgen dat IUS worden opgespoord en dat de verspreiding ervan in kaart wordt gebracht, en om maatregelen vast te stellen en uit te voeren om de verspreiding van deze soorten op de meest gerichte en doeltreffende manier tegen te gaan;</P></CONS><CONS><P><NO.P>P.</NO.P>overwegende dat verschillende activiteiten, zoals zeevervoer of zeetoerisme, worden beschouwd als belangrijke vectoren van de verspreiding van IUS en dat dit met name afhankelijk is van de mate van risicobeperkende maatregelen en de toegepaste waakzaamheid;</P></CONS><CONS><P><NO.P>Q.</NO.P>overwegende dat de EU-biodiversiteitsstrategie de verbintenis omvat om de gevestigde IUS te beheren en het aantal soorten op de Rode Lijst die door deze IUS worden bedreigd, uiterlijk in 2030 met 50 % te verminderen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>R.</NO.P>overwegende dat het Europees Netwerk voor informatie over uitheemse soorten (EASIN) momenteel 12 423 uitheemse soorten in verschillende milieus monitort, waarvan er 1 440 (11,6 %) mariene soorten zijn; overwegende dat 53 % van de Europese kusten sinds 2019 onder druk staat van IUS, waarbij sprake is van aanzienlijke regionale verschillen: 33 % bevindt zich voor de kust van de Oostzee, 100 % van de Zwarte Zee, 98 % van de Middellandse Zee en 25 % in het noordoostelijk deel van de Atlantische Oceaan;</P></CONS><CONS><P><NO.P>S.</NO.P>overwegende dat klimaatverandering, met name de opwarming van de oceanen, en het toegenomen verkeer van goederen en personen sleutelfactoren zijn voor de introductie van IUS en ook de impact van IUS op kwetsbare soorten, ecosystemen en, bijgevolg, visserijactiviteiten kunnen vergroten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>T.</NO.P>overwegende dat de ongebreidelde verspreiding van IUS aanzienlijke schade toebrengt aan de visserij en de aquacultuur, zowel op de korte als op de lange termijn, waaronder schade aan vistuig of aquacultuurinfrastructuur, verminderde vangsten, een daling van de natuurlijke aanwas en de productiviteit, en verstoringen van ecosystemen, die allemaal een bedreiging vormen voor het ecologisch evenwicht en de economische levensvatbaarheid van visserijgemeenschappen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>U.</NO.P>overwegende dat IUS, met inbegrip van populaties van uitheemse roofdiersoorten, niet alleen een bedreiging vormen voor het ecologisch evenwicht, maar ook voor de sociale en economische levensvatbaarheid van kustvisserijgemeenschappen, met name visserijbedrijven en kleine en middelgrote aquacultuurondernemingen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>V.</NO.P>overwegende dat het volgen van een ecosysteemgerichte benadering van visserijbeheer en -planning en ruimtelijk beheer in de aquacultuur over het algemeen de veerkracht van beide sectoren en hun aanpassingscapaciteit kunnen vergroten, vooral op lokaal niveau;</P></CONS><CONS><P><NO.P>W.</NO.P>overwegende dat de ultraperifere gebieden van de EU, zoals erkend in artikel 349 van het VWEU, te maken hebben met unieke uitdagingen en kansen op het gebied van visserijbeheer, de instandhouding van kwetsbare soorten en de preventie van invasieve soorten; overwegende dat het van essentieel belang is om de indicatoren voor het meten van de verhouding tussen vangstcapaciteit en vangstmogelijkheden aan te passen aan de lokale omstandigheden, rekening houdend met hun afgelegen ligging, hun rijke en unieke biodiversiteit, hun specifieke sociale en economische kenmerken, en de cruciale rol van de lokale visserijsector bij het waarborgen van de voedselzekerheid en de economie van deze gebieden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>X.</NO.P>overwegende dat de bestrijding van IUS ook krachtige internationale actie vereist; overwegende dat het Verdrag inzake biologische diversiteit IUS als een horizontaal thema erkent en dat het mondiaal biodiversiteitskader van Kunming-Montreal tot doel heeft de introductie en vestiging van IUS uiterlijk in 2030 met ten minste 50 % te verminderen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>Y.</NO.P>overwegende dat inspanningen om het milieu te beschermen gepaard moeten gaan met maatregelen om het concurrentievermogen van de Europese vissersvloot te versterken, de economische levensvatbaarheid van de sector te waarborgen en te zorgen voor generatievernieuwing in kustgemeenschappen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>Z.</NO.P>overwegende dat de verspreiding van invasieve soorten en een toename van roofdierpopulaties in sommige regio’s gevolgen hebben voor het ecosysteem en voor de visserij- en de aquacultuursector, waarbij kleinschalige kustactiviteiten bijzonder kwetsbaar zijn;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AA.</NO.P>overwegende dat tijdens een door de Commissie georganiseerde openbare raadpleging 94 % van alle respondenten aangaf gekant of sterk gekant te zijn tegen het in de handel brengen van zeehondenproducten, waarbij dit als maatregel voor visserijbeheer werd afgewezen; overwegende dat 89 % aangaf dat zeehondenjacht ernstige ethische vragen oproept<FOOTNOTE><FIELD> Europese Commissie, “Trade in seal products – fitness check of EU rules”, website van de Europese Commissie.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AB.</NO.P>overwegende dat Eurostat een uitgebreide langetermijndatabank over visvangsten bijhoudt, die waardevolle inzichten verschaft die kunnen helpen bij de ontwikkeling van doeltreffende strategieën voor visserijbeheer en de beoordeling van kwetsbare soorten en kunnen bijdragen aan systemen voor vroegtijdige waarschuwing voor uitheemse soorten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AC.</NO.P>overwegende dat instrumenten zoals andere doeltreffende gebiedsgebonden instandhoudingsmaatregelen (OECM’s) ook kunnen bijdragen tot de inspanningen op het gebied van instandhouding en beheer;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AD.</NO.P>overwegende dat er geen directe EU-normen voor ballastwater bestaan; overwegende dat in de regelgeving inzake de preventie en het beheer van de introductie en verspreiding van IUS het Internationaal Verdrag voor de controle en het beheer van ballastwater en sedimenten van schepen wordt erkend als een van de mogelijke maatregelen voor het beheer van zorgwekkende invasieve soorten;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Kwetsbare soorten: indicatoren voor de veerkracht van de oceanen</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>onderstreept het belang van het waarborgen van gezonde mariene ecosystemen, habitats en soorten in de EU;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>benadrukt de unieke rol van kwetsbare soorten in mariene ecosystemen, en de ecologische, economische en sociale voordelen die voortvloeien uit het beheer, de instandhouding en de bescherming ervan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>benadrukt dat veel kwetsbare soorten waardevolle indicatoren zijn voor de gezondheid van mariene ecosystemen, een vroegtijdige waarschuwing voor ecologische onevenwichtigheden afgeven en bijdragen tot de veerkracht van ecosystemen, hetgeen rechtstreekse gevolgen heeft voor de productiviteit van de visserij en de aquacultuur;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>dringt er bij de Commissie en de lidstaten op aan een ecosysteemgerichte benadering van het visserijbeheer toe te passen, naast benaderingen die gericht zijn op de instandhouding van kwetsbare soorten, en tegelijkertijd de economische en sociale welvaart van vissers te ondersteunen en ervoor te zorgen dat de doelstellingen van de EU en de internationale verbintenissen inzake MPA’s en gebieden die van groot belang zijn voor de biodiversiteit, worden verwezenlijkt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>verzoekt de Commissie en de lidstaten ervoor te zorgen dat verschuivingen in ecosystemen als gevolg van klimaatverandering consequent worden meegenomen in milieubeoordelingen en het visserijbeheer;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>dringt er bij de Commissie en de lidstaten op aan om bijvangsten van kwetsbare mariene soorten te verminderen en waar mogelijk uit te bannen, overeenkomstig artikel 3 van Verordening (EU) 2019/1241, en ervoor te zorgen dat dergelijke vangsten geen bedreiging vormen voor de staat van instandhouding van deze soorten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>onderstreept dat habitats de afgelopen decennia zijn veranderd, wat heeft geleid tot de verdwijning van sommige soorten en tegelijkertijd de komst van nieuwe soorten mogelijk heeft gemaakt; benadrukt in dit verband dat burgers, en met name vissers en hengelaars, bewuster moeten worden gemaakt van het belang van gegevensverzameling en de noodzaak van adaptief beheer;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>benadrukt het belang van wetenschappelijk onderbouwde MPA-beheersplannen, met inbegrip van de ecologische, sociale en economische dimensies en resultaten ervan, om ervoor te zorgen dat instandhoudingsmaatregelen doelgericht en doeltreffend zijn en afgestemd op ecosysteemspecifieke behoeften en doeltreffend worden uitgevoerd; wijst op de EU-doelstelling om uiterlijk in 2030 30 % van de zeeën in de EU te beschermen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>herinnert eraan dat vissers een integraal onderdeel zijn van de oplossing en vertegenwoordigd moeten zijn in alle adviesorganen, en benadrukt in dit verband dat het belangrijk is te zorgen voor vertegenwoordiging van alle vissers, met name kleinschalige en ambachtelijke vissers; is bezorgd dat hun vertegenwoordiging niet altijd naar behoren wordt gewaarborgd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>verzoekt de Commissie en de lidstaten ten volle gebruik te maken van de instrumenten van het gemeenschappelijk visserijbeleid (GVB), met name technische maatregelen om interacties tussen visserijtakken aan te pakken en de bescherming van kwetsbare soorten te verbeteren, en tegelijkertijd te zorgen voor billijke en doeltreffende compensatie voor vissers die de gevolgen ondervinden van het verlies van toegang tot traditionele visgronden in overeenstemming met de bepalingen van het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur; verzoekt de Commissie toe te zien op de uitvoering en handhaving van de huidige wetgeving;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>dringt er bij de lidstaten op aan om bij de toewijzing van vangstmogelijkheden ten volle gebruik te maken van de bepalingen van artikel 17 van de GVB-verordening, om vissers te stimuleren maatregelen te nemen om de bijvangst van kwetsbare soorten tot een minimum te beperken of uit te bannen en om stimulansen te bieden aan vissersvaartuigen die zijn uitgerust met selectief vistuig of die gebruikmaken van minder milieubelastende visserijtechnieken, met bijzondere aandacht voor kleinschalige vloten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>herinnert aan het belang van de gegevens die in het kader van het GVB worden verzameld om de impact van de visserij op kwetsbare soorten correct in kaart te brengen en het belang van betere monitoringsystemen, in overeenstemming met wetenschappelijke adviezen en de EU-wetgeving; herinnert aan het belang van alomvattende, soortspecifieke bijvangstgegevens om gerichte risicobeperkende maatregelen te nemen, adaptieve beheerstrategieën te onderbouwen en de goedkeuring van evenwichtige en wetenschappelijk onderbouwde maatregelen te vergemakkelijken waarin ook rekening wordt gehouden met sociaal-economische factoren en de voedselzekerheid in de EU wordt gewaarborgd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>benadrukt het belang van een holistische aanpak op alle beleidsterreinen die kan bijdragen tot het versterken van de monitoring, de bescherming en het herstel van kwetsbare soorten en habitats; benadrukt in dit verband het belang van de uitvoering van de huidige wetgeving op alle relevante beleidsterreinen, wat meer omvat dan de beleidsterreinen die rechtstreeks verband houden met het GVB;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>verzoekt de Commissie en de lidstaten om ecosysteemgerichte benaderingen van het beheer van het mariene milieu te versterken, rekening houdend met de interactie tussen soorten voor zover dat mogelijk is, en alle soorten druk op mariene ecosystemen, waaronder klimaatverandering en verontreiniging, of die nu van het vasteland of van andere bronnen afkomstig is;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>benadrukt dat MPA’s die doeltreffend worden beschermd en beheerd op basis van de beste beschikbare wetenschappelijke kennis, afhankelijk van hun instandhoudingsdoelstellingen, bijdragen tot het minimaliseren van incidentele vangsten van kwetsbare soorten, het beschermen van paai- en kraamgebieden voor vissen en van jonge exemplaren, en het verminderen van de impact op kwetsbare habitats;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>verzoekt de Commissie en de lidstaten de regionale en lokale populatiegrootte, en de toestand en trends van soorten en de mogelijke effecten van onevenwichtige populaties op visserijactiviteiten te evalueren, om te zorgen voor een ecosysteemgericht beheer van de visserij, waaronder maatregelen om kwetsbare soorten te beschermen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>verzoekt de Commissie en de lidstaten meer steun te verlenen aan wetenschappelijke programma’s inzake kwetsbare soorten en beheerbenaderingen, zoals vastgesteld in de desbetreffende wetgeving; benadrukt dat kwetsbare soorten, zoals groeiende aalscholver- en zeehondenpopulaties, in sommige regio’s gevolgen hebben voor visbestanden en visserij- en aquacultuuractiviteiten en voor andere populaties van kwetsbare soorten; is van mening dat het regelgevingskader over de nodige instrumenten beschikt om verbeteringen mogelijk te maken, gezien de lokale toestand van de kwetsbare soorten; verzoekt de Commissie en de lidstaten daarom onder de te nemen maatregelen alle mogelijkheden te overwegen waarin de vogelrichtlijn en de habitatrichtlijn voorzien om actief en doeltreffend populatiebeheer verder te vergemakkelijken en ecosysteemgericht beheer te ondersteunen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>dringt er bij de Commissie op aan ervoor te zorgen dat de EU-benaderingen op het gebied van visserijbeheer worden afgestemd op het GVB, de EU-biodiversiteitsstrategie voor 2030 en de internationale verplichtingen van de EU zoals het mondiale biodiversiteitskader van Kunming-Montreal; dringt er in dit verband op aan dat er maatregelen worden genomen om de achteruitgang van kwetsbare soorten in de mariene ecosystemen van de EU een halt toe te roepen, onder meer door de uitvoering van passende instandhoudingsmaatregelen en de passende bescherming van habitats;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>verzoekt de Commissie actie te ondernemen in regionale organisaties voor visserijbeheer (ROVB’s) om de bijvangst van kwetsbare soorten te verminderen en waar mogelijk uit te bannen, de handel in en invoer van visserijproducten te beperken en de maatregelen tegen illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij aan te scherpen, onder meer door betere douanecontrole en samenwerking met ROVB-partners;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Invasieve soorten: een bedreiging voor onze oceanen en economie</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>benadrukt dat IUS een bedreiging vormen voor de visserij, de aquacultuur, de inheemse mariene biodiversiteit en de ecosystemen, en bijgevolg de bestaansmiddelen en het inkomen van vissers en kustgemeenschappen aantasten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>wijst op de essentiële bijdrage van de kleinschalige kustvisserij aan de lokale economieën en de voedselzekerheid in de EU, en benadrukt dat zij te maken heeft met toenemende bedreigingen als gevolg van milieugerelateerde stressfactoren zoals invasieve soorten en klimaatverandering, met inbegrip van de massale verplaatsing van bepaalde soorten, vooral als gevolg van de opwarming van het water, een verschijnsel dat ernstige verliezen veroorzaakt, met name voor schelpdierkwekers, die dubbel worden benadeeld door een daling van de productie en een stijging van de kosten in verband met predatie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>herinnert eraan dat in de Europese Unie 88 IUS strikt gereguleerd zijn, waaronder 47 diersoorten en 41 plantensoorten die voor de Unie als zorgwekkend worden beschouwd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>betreurt het dat er in de huidige lijst van soorten die voor de Unie als zorgwekkend worden beschouwd, niet ten volle rekening is gehouden met de bedreiging door IUS van de visserij, de aquacultuur en het mariene milieu in de EU aangezien er momenteel slechts twee mariene soorten (<STRING ITALIC="on">Plotosus lineatus</STRING> en <STRING ITALIC="on">Rugulopteryx okamurae</STRING>) in de lijst zijn opgenomen, naast bepaalde soorten die in brakke milieus voorkomen; pleit ervoor de lijst te verbeteren op basis van actueel wetenschappelijk advies en risicobeoordelingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">wijst op de noodzaak van een passend beheer van soorten en neemt met bezorgdheid kennis van de toegenomen aanwezigheid van soorten in bepaalde regio’s, zoals:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>(a)</SYMBOL>de Japanse oester en uitheemse rivierkreeften in het zuidelijke deel van de Noordzee, met name langs de Nederlandse kust;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>(b)</SYMBOL>de zwartbekgrondel, die het ecosysteem aantast en met name een bedreiging vormt voor garnalen, platvis en inheemse grondels, vooral rond de Noordzeewateren;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>(c)</SYMBOL>de blauwe krab, de penseelkrab, de Amerikaanse langlob-ribkwal en de Japanse kruiskwal in het noordoostelijke deel van de Atlantische Oceaan;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>(d)</SYMBOL>de Indische koraalduivel (<STRING ITALIC="on">Pterois miles</STRING>), de gladde fluitbek (<STRING ITALIC="on">Fistularia commersonii</STRING>) en de hazenkopvis (<STRING ITALIC="on">Lagocephalus sceleratus</STRING>) rond Griekenland en Cyprus;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>(e)</SYMBOL>de driehoeksmossel (<STRING ITALIC="on">Dreissena polymorpha</STRING>), die in de Ebro is geïntroduceerd, en de Europese meerval (<STRING ITALIC="on">Silurus glanis</STRING>) in Spanje;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>(f)</SYMBOL>Aziatische alg <STRING ITALIC="on">Rugulopteryx okamurae</STRING>, met name in het westelijke deel van de Middellandse Zee;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>verzoekt de Commissie en de lidstaten om regionale, soortspecifieke monitoringsystemen op te zetten, met inbegrip van gecoördineerde strategieën voor vroegtijdige waarschuwing voor en respons op uitheemse soorten die economisch relevante habitats aantasten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>betreurt het gebrek aan specifieke monitoringprogramma’s voor mariene IUS en dringt aan op betere monitoringmethoden, de harmonisatie van indicatoren in de hele EU en meer technische en financiële steun, met name voor de ultraperifere gebieden, die specifieke aanvullende financiering nodig hebben vanwege hun unieke biodiversiteit en afgelegen ligging;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>beveelt aan methoden en waarden voor het vaststellen van drempels te ontwikkelen voor alle Europese mariene regio’s en subregio’s, waarbij er rekening wordt gehouden met de gevolgen voor de visserij en de aquacultuur, de beheersbaarheid van introductieroutes, de noodzaak om vloten van EU-landen en niet-EU-landen strenger te controleren, waarbij de focus ligt op invasieve soorten, en om het Internationaal Verdrag voor het beheer van ballastwater te handhaven en richtlijnen inzake aangroei op scheepswanden toe te passen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>benadrukt de mogelijke verbanden tussen IUS die zijn geïntroduceerd in ecosystemen op het land en in zoet water en de IUS in oceanen en zeeën, en hun invloed op de visserij en aquacultuur; verzoekt de Commissie een alomvattende strategie te ontwikkelen om dit probleem aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>benadrukt dat een holistische, preventieve aanpak die zich richt op het beheersen van meerdere verspreidingsroutes een absolute prioriteit is om de introductie van mariene IUS doeltreffend te voorkomen en de verspreiding ervan aan te pakken en de onderliggende oorzaken van de verspreiding ervan aan te pakken; moedigt de lidstaten aan om meer gebruik te maken van horizonverkenning en nieuwe technieken zoals eDNA, artificiële intelligentie en geautomatiseerde monitoring, en om ook vissers, hengelaars, kustgemeenschappen en burgerwetenschap te betrekken als instrumenten voor het identificeren en prioriteren van nieuwe, opkomende en risicovolle IUS voor de visserij en aquacultuur; dringt er bij de Commissie op aan deze geïntegreerde aanpak toe te passen bij de uitvoering van het Europees oceaanpact om te zorgen voor gecoördineerde actie in alle sectoren en lidstaten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>roept de lidstaten op om de communicatie, coördinatie en samenwerking te versterken, met name in grensoverschrijdende gebieden en tegelijkertijd bioverdediging te benutten met het oog op de snelle uitvoering van maatregelen voor de vroegtijdige detectie en snelle uitroeiing van mariene IUS en met het oog op het beheer van soorten die reeds wijdverspreid zijn; verzoekt de Commissie voorts om met de lidstaten samen te werken om deze maatregelen uit te breiden door middel van samenwerking met niet-EU-landen die hetzelfde zeebekken delen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>pleit voor meer samenwerking tussen wetenschappelijke instellingen en EU-agentschappen om de kennisoverdracht en het toegepaste onderzoek met betrekking tot de verspreiding, de impact en de beheersing van invasieve mariene soorten te verbeteren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>onderstreept dat de Middellandse Zee, die volgens de Voedsel- en Landbouworganisatie 20 % sneller opwarmt dan de rest van de planeet, een bijzonder gevoelig gebied is waar meer IUS voorkomen dan in enige andere zee ter wereld, met aanzienlijke gevolgen voor mariene ecosystemen en voor de visserij- en de aquacultuursector, en dat hiervoor dus bijzondere aandacht vereist is; dringt er in dit verband bij de Commissie en de lidstaten op aan extra middelen toe te wijzen en dringende maatregelen vast te stellen om de verspreiding van deze soorten in dit zeebekken een halt toe te roepen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>33.</NO.P>verzoekt de Commissie de Algemene Visserijcommissie voor de Middellandse Zee te steunen bij haar initiatieven voor wetenschappelijke monitoring en proefprojecten om de problemen met invasieve mariene soorten aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>34.</NO.P>verzoekt de Commissie in het kader van het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en andere begrotingsprogramma’s specifieke financiering beschikbaar te stellen ter ondersteuning van onderzoek naar en de preventie en uitroeiing van invasieve soorten of, indien uitroeiing niet haalbaar is, het beheer van de verspreiding ervan en het herstel van de gevolgen van de verspreiding, in samenwerking met vissers, lokale autoriteiten en wetenschappelijke organisaties; spreekt nogmaals zijn overtuiging uit dat dergelijke financiering beschikbaar moet worden gesteld in het volgende meerjarig financieel kader;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>35.</NO.P>benadrukt het belang van het EASIN-meldingssysteem, in het bijzonder voor het tijdig en gedetailleerd melden van nieuwe detecties, uitroeiingsmaatregelen en officiële controledetecties; dringt er bij de lidstaten op aan het systeem te verbeteren door aanvullende informatie, met name verspreidingsgegevens, te verstrekken, vooral met behulp van informatie van vissers, aquacultuurproducenten en alle andere belanghebbenden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>36.</NO.P>herinnert aan de internationale dimensie van IUS en stelt voor dat de EU haar acties in dit verband versterkt door gebruik te maken van alle beschikbare internationale fora en met name ROVB’s, het Verdrag inzake biologische diversiteit en het mondiaal biodiversiteitskader van Kunming-Montreal; verzoekt de EU de op samenwerking gebaseerde uitwisseling van kennis en wederzijds leren met andere internationale organisaties en niet-EU-landen te verbeteren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>37.</NO.P>benadrukt het potentieel van samenwerking met niet-EU-landen die hetzelfde zeebekken delen, onder meer via ROVB’s, om beste praktijken uit te wisselen, investeringen te benutten en collectieve doelstellingen vast te stellen om de impact van IUS aan te pakken;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Kansen en uitdagingen voor kustgemeenschappen</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>38.</NO.P>benadrukt dat IUS aanzienlijke negatieve gevolgen hebben voor de mariene biodiversiteit en ecosystemen, voor activiteiten van de blauwe economie, met inbegrip van visserij en aquacultuur, en voor andere economische activiteiten die geen verband houden met de zee, en voor kustgemeenschappen en de samenleving als geheel; vindt het van cruciaal belang om rekening te houden met de bredere sociale, economische en culturele gevolgen van IUS, naast het verlies aan biodiversiteit en de effecten op ecosystemen, om nieuwe invasies doeltreffend te voorkomen en succesvolle beperkende maatregelen te nemen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>39.</NO.P>dringt er bij de Commissie op aan om, rekening houdend met lijsten zoals de Rode Lijst van de IUCN, een specifieke indicator te ontwikkelen voor kwetsbare en invasieve soorten in de zeeën van de EU, die moet worden opgenomen in de publicaties van Eurostat over de SDG’s om de verspreiding, de instandhoudingsinspanningen en andere beheersinspanningen beter te monitoren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>40.</NO.P>verzoekt de Commissie in toekomstige projecten van Europese onderzoeks- en innovatieprogramma’s financiering op te nemen voor onderzoek naar IUS en naar milieuvriendelijke oplossingen voor het duurzame beheer en de duurzame controle ervan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>41.</NO.P>onderstreept dat het belangrijk is de getroffen visserij- en aquacultuurexploitanten te ondersteunen door middel van compensatieregelingen en aanpassingsfondsen, in overeenstemming met bestaande financiële bepalingen, met name in gebieden die rechtstreeks economisch verlies lijden als gevolg van invasieve soorten; wijst op de noodzaak om gerichte financiële en regelgevende stimulansen te bieden om gerichte vangst- en verwijderingsactiviteiten van invasieve soorten door lokale vissers in kustwateren en binnenwateren te stimuleren, als middel om de ecologische druk te verminderen en tegelijkertijd lokale bestaansmiddelen te ondersteunen; onderstreept de mogelijke rol die verzekeringsregelingen kunnen spelen bij de aanpak van deze kwestie, met name in verband met de gevolgen voor schelpdierkwekers, aquacultuurproducenten en vissers;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>42.</NO.P>verzoekt de lidstaten en de Commissie bewustmakingscampagnes te ontwikkelen om vissers, vis- en schaaldierkwekers, belanghebbenden in de visserijsector, met inbegrip van hengelaars, en het grote publiek te informeren over en te betrekken bij de invoering, detectie en effecten van IUS, de milieu- en economische effecten ervan en manieren om de risico’s van de introductie en verspreiding ervan tot een minimum te beperken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>43.</NO.P>beveelt aan om, waar haalbaar, programma’s te ontwikkelen die gericht zijn op invasieve soorten met als doel de populaties beter onder controle te houden en vissers compensatiemogelijkheden te bieden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>44.</NO.P>is van mening dat het beheer van IUS mogelijkheden kan bieden voor extra tijdelijke inkomsten via toegepaste innovatie om producten met toegevoegde waarde te genereren, zoals biomeststoffen en landbouwsubstraten die de controle en, waar mogelijk, de uitroeiing van deze soorten ondersteunen; dringt er bij de Commissie op aan onderzoek en technologieoverdracht op dit gebied te financieren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>45.</NO.P>benadrukt dat wanneer de uitroeiing van invasieve soorten niet haalbaar is, de exploitatie van invasieve soorten voor menselijke consumptie vissers tijdelijk extra inkomsten kan opleveren en kan bijdragen tot welvaart die de lokale economieën in de EU ten goede komt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>46.</NO.P>is ingenomen met het tijdelijke economische gebruik van sommige IUS, zoals algen, voor voedings- en niet-voedingsdoeleinden; wijst erop dat dergelijke doeleinden, naast voedsel voor menselijke consumptie, ook dier- en visvoer, geneesmiddelen, verpakkingen, cosmetica of biobrandstoffen kunnen omvatten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>47.</NO.P>herhaalt dat het uiteindelijke doel altijd de uitroeiing van IUS is; benadrukt in dit verband dat de economische afhankelijkheid van de exploitatie van IUS altijd tijdelijk of secundair moet zijn en de verspreiding of het in de handel brengen van deze soorten niet mag aanmoedigen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>48.</NO.P>dringt aan op meer en specifieke financiële steun om het doeltreffende beheer en de bescherming van bestaansmiddelen aan de kust en mariene ecosystemen, alsook de instandhouding van kwetsbare soorten te verbeteren, en op informatie-, monitoring- en vroegtijdige-waarschuwingssystemen voor IUS op regionaal, nationaal en EU-niveau, gezien de positieve effecten van dergelijke steun op de visserij, de biodiversiteit en ecosystemen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>49.</NO.P>dringt erop aan dat het volgende meerjarig financieel kader financiering bevat ter versterking van het concurrentievermogen van de vissersvloot met het oog op uitdagingen als stijgende kosten, verlies van visgronden en de impact van invasieve soorten; beschouwt het als een prioriteit om de toegang van vissers tot financiële middelen voor het moderniseren van hun vaartuigen, het digitaliseren van hun activiteiten en het diversifiëren van hun inkomstenbronnen te verbeteren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>50.</NO.P>herinnert de Commissie eraan dat de ultraperifere gebieden, de eilanden en de kustgebieden belangrijke veilige havens zijn voor kwetsbare mariene soorten, maar ook zeer kwetsbaar zijn voor IUS; dringt erop aan dat het belang van de bescherming van deze kwetsbare soorten en de bestrijding van IUS in deze gebieden wordt erkend, namelijk door het opzetten van een programma van opties voor lokale visserij die specifiek zijn voor afgelegen gebieden en eilanden; wijst op het potentieel van duurzaam ecotoerisme als middel om diversificatiemogelijkheden te bieden, met behoud van de unieke biodiversiteit van die regio’s en directe voordelen voor de visserij- en de aquacultuursector;</P></ACTION><SEPARATION><P>°</P><P>°	°</P></SEPARATION><ACTION><P><NO.P>51.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>