<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2026)0136</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Kwijting 2024: Agentschappen</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0087/2026 - Rapporteur: Monika Hohlmeier)</STRING></HIDDEN><TXTLST><DECISION><TI><NR>1.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI:<STRING ITALIC="on"> </STRING>http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI:<STRING ITALIC="on"> </STRING>http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Verordening (EU) 2019/942 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators<FOOTNOTE><FIELD> PB L 158 van 14.6.2019, blz. 22, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2019/942/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 35,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>	verleent de directeur ad interim van het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>	formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>	verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de directeur ad interim van het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>2.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/942 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators<FOOTNOTE><FIELD> PB L 158 van 14.6.2019, blz. 22, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2019/942/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 35,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur ad interim van het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>3.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor ondersteuning van Berec voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Bureau voor ondersteuning van Berec voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2018/1971 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2018 tot instelling van het Orgaan van Europese regulerende instanties voor elektronische communicatie (Berec) en het Bureau voor ondersteuning van Berec (Berec-Bureau), tot wijziging van Verordening (EU) 2015/2120 en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1211/2009<FOOTNOTE><FIELD> PB L 321 van 17.12.2018, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2018/1971/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 28,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de directeur van het Bureau voor ondersteuning van Berec kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de directeur van het Bureau voor ondersteuning van Berec, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>4.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Bureau voor ondersteuning van Berec voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Bureau voor ondersteuning van Berec voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2018/1971 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2018 tot instelling van het Orgaan van Europese regulerende instanties voor elektronische communicatie (Berec) en het Bureau voor ondersteuning van Berec (Berec-Bureau), tot wijziging van Verordening (EU) 2015/2120 en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1211/2009<FOOTNOTE><FIELD> PB L 321 van 17.12.2018, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2018/1971/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 28,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Bureau voor ondersteuning van Berec voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur van het Bureau voor ondersteuning van Berec, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>5.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de definitieve jaarrekening van het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI:<STRING ITALIC="on"> </STRING>http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI:<STRING ITALIC="on"> </STRING>http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Verordening (EG) nr. 2965/94 van de Raad van 28 november 1994 tot oprichting van een Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 314 van 7.12.1994, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/1994/2965/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 14,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>	verleent de waarnemend directeur van het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>	formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>	verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de waarnemend directeur van het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>6.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de definitieve jaarrekening van het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI:<STRING ITALIC="on"> </STRING>http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI:<STRING ITALIC="on"> </STRING>http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Verordening (EG) nr. 2965/94 van de Raad van 28 november 1994 tot oprichting van een Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 314 van 7.12.1994, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/1994/2965/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 14,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>	gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>	hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>	verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de waarnemend directeur van het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>7.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Centrum te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/128 van het Europees Parlement en de Raad van 16 januari 2019 tot oprichting van een Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (Cedefop) en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 337/75 van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 30 van 31.1.2019, blz. 90, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2019/128/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 15,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Centrum voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>8.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Centrum te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/128 van het Europees Parlement en de Raad van 16 januari 2019 tot oprichting van een Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (Cedefop) en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 337/75 van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 30 van 31.1.2019, blz. 90, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2019/128/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 15,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>9.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2015/2219 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving (Cepol) en tot vervanging en intrekking van Besluit 2005/681/JBZ van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 319 van 4.12.2015, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2015/2219/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 20,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>10.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2015/2219 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving (Cepol) en tot vervanging en intrekking van Besluit 2005/681/JBZ van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 319 van 4.12.2015, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2015/2219/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 20,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>11.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2018/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2018 inzake gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 2111/2005, (EG) nr. 1008/2008, (EU) nr. 996/2010, (EU) nr. 376/2014 en de Richtlijnen 2014/30/EU en 2014/53/EU van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 552/2004 en (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EEG) nr. 3922/91 van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 212 van 22.8.2018, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2018/1139/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 121,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>12.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2018/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2018 inzake gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 2111/2005, (EG) nr. 1008/2008, (EU) nr. 996/2010, (EU) nr. 376/2014 en de Richtlijnen 2014/30/EU en 2014/53/EU van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 552/2004 en (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EEG) nr. 3922/91 van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 212 van 22.8.2018, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2018/1139/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 121,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>13.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Bankautoriteit voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Bankautoriteit voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Autoriteit te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Bankautoriteit), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/78/EG van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 331 van 15.12.2010, blz. 12, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2010/1093/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 64,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van de Europese Bankautoriteit kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Autoriteit voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Bankautoriteit, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>14.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van de Europese Bankautoriteit voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Bankautoriteit voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Autoriteit te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Bankautoriteit), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/78/EG van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 331 van 15.12.2010, blz. 12, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2010/1093/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 64,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van de Europese Bankautoriteit voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Bankautoriteit, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>15.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Centrum te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 851/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 tot oprichting van een Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding<FOOTNOTE><FIELD> PB L 142 van 30.4.2004, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2004/851/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 23,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de directeur van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Centrum voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de directeur van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>16.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Centrum te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 851/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 tot oprichting van een Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding<FOOTNOTE><FIELD> PB L 142 van 30.4.2004, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2004/851/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 23,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Centrum voor ziektepreventie en ­bestrijding voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>17.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2006/1907/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 97,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor chemische stoffen kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor chemische stoffen, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>18.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2006/1907/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 97,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor chemische stoffen, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>19.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Milieuagentschap voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Milieuagentschap voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 401/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 inzake het Europees Milieuagentschap en het Europees milieuobservatie- en -informatienetwerk<FOOTNOTE><FIELD> PB L 126 van 21.5.2009, blz. 13, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2009/401/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 13,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Europees Milieuagentschap kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Milieuagentschap, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>20.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Milieuagentschap voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Milieuagentschap voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 401/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 inzake het Europees Milieuagentschap en het Europees milieuobservatie- en -informatienetwerk<FOOTNOTE><FIELD> PB L 126 van 21.5.2009, blz. 13, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2009/401/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 13,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Milieuagentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Milieuagentschap, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>21.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/473 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2019 betreffende het Europees Bureau voor visserijcontrole<FOOTNOTE><FIELD> PB L 83 van 25.3.2019, blz. 18, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2019/473/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 45,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Europees Bureau voor visserijcontrole kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Bureau voor visserijcontrole, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>22.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/473 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2019 betreffende het Europees Bureau voor visserijcontrole<FOOTNOTE><FIELD> PB L 83 van 25.3.2019, blz. 18, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2019/473/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 45,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Bureau voor visserijcontrole, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>23.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Autoriteit te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden<FOOTNOTE><FIELD> PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2002/178/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 44,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Autoriteit voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het<STRING ITALIC="on"> Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>24.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Autoriteit te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden<FOOTNOTE><FIELD> PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2002/178/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 44,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>25.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Instituut voor gendergelijkheid voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Instituut voor gendergelijkheid voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Instituut te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1922/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een Europees Instituut voor gendergelijkheid<FOOTNOTE><FIELD> PB L 403 van 30.12.2006, blz. 9, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2006/1922/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 15,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de directeur van het Europees Instituut voor gendergelijkheid kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Instituut voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de directeur van het Europees Instituut voor gendergelijkheid, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>26.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Instituut voor gendergelijkheid voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Instituut voor gendergelijkheid voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Instituut te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1922/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een Europees Instituut voor gendergelijkheid<FOOTNOTE><FIELD> PB L 403 van 30.12.2006, blz. 9, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2006/1922/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 15,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Instituut voor gendergelijkheid voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur van het Europees Instituut voor gendergelijkheid, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>27.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Autoriteit te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) nr. 1094/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/79/EG van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 331 van 15.12.2010, blz. 48, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2010/1094/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 64,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Autoriteit voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>28.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Autoriteit te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) nr. 1094/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/79/EG van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 331 van 15.12.2010, blz. 48, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2010/1094/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 64,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>29.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Instituut voor innovatie en technologie voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Instituut voor innovatie en technologie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Instituut te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2021/819 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2021 betreffende het Europees Instituut voor innovatie en technologie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 189 van 28.5.2021, blz. 61, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2021/819/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 23,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de directeur van het Europees Instituut voor innovatie en technologie kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Instituut voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de directeur van het Europees Instituut voor innovatie en technologie (EIT), de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>30.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Instituut voor innovatie en technologie voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Instituut voor innovatie en technologie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Instituut te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2021/819 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2021 betreffende het Europees Instituut voor innovatie en technologie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 189 van 28.5.2021, blz. 61, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2021/819/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 23,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Instituut voor innovatie en technologie voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur van het Europees Instituut voor innovatie en technologie (EIT), de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>31.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Arbeidsautoriteit voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Arbeidsautoriteit voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Autoriteit te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/1149 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 tot oprichting van een Europese Arbeidsautoriteit, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 883/2004, (EU) nr. 492/2011 en (EU) 2016/589, en tot intrekking van Besluit (EU) 2016/344<FOOTNOTE><FIELD> PB L 186 van 11.7.2019, blz. 21, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2019/1149/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 28,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van de Europese Arbeidsautoriteit kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Autoriteit voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Arbeidsautoriteit, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>32.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van de Europese Arbeidsautoriteit voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Arbeidsautoriteit voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Autoriteit te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/1149 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 tot oprichting van een Europese Arbeidsautoriteit, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 883/2004, (EU) nr. 492/2011 en (EU) 2016/589, en tot intrekking van Besluit (EU) 2016/344<FOOTNOTE><FIELD> PB L 186 van 11.7.2019, blz. 21, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2019/1149/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 28,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van de Europese Arbeidsautoriteit voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Arbeidsautoriteit, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>33.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Geneesmiddelenbureau voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Geneesmiddelenbureau voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 726/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 tot vaststelling van procedures van de Unie voor het verlenen van vergunningen en het toezicht met betrekking tot geneesmiddelen voor menselijk gebruik en tot oprichting van een Europees Geneesmiddelenbureau<FOOTNOTE><FIELD> PB L 136 van 30.4.2004, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2004/726/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 68,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Europees Geneesmiddelenbureau kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Geneesmiddelenbureau, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>34.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Geneesmiddelenbureau voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Geneesmiddelenbureau voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 726/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 tot vaststelling van procedures van de Unie voor het verlenen van vergunningen en het toezicht met betrekking tot geneesmiddelen voor menselijk gebruik en tot oprichting van een Europees Geneesmiddelenbureau<FOOTNOTE><FIELD> PB L 136 van 30.4.2004, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2004/726/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 68,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Geneesmiddelenbureau voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Geneesmiddelenbureau, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>35.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Drugsagentschap van de Europese Unie (vóór 2.7.2024: het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving) voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Drugsagentschap van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1920/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving<FOOTNOTE><FIELD> PB L 376 van 27.12.2006, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2006/1920/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 15,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2023/1322 van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2023 betreffende het Drugsagentschap van de Europese Unie (EUDA) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1920/2006<FOOTNOTE><FIELD> PB L 166 van 30.6.2023, blz. 6, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2023/1322/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 41,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Drugsagentschap van de Europese Unie kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Drugsagentschap van de Europese Unie, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>36.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Drugsagentschap van de Europese Unie (vóór 2.7.2024: het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving) voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Drugsagentschap van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1920/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving<FOOTNOTE><FIELD> PB L 376 van 27.12.2006, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2006/1920/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 15,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2023/1322 van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2023 betreffende het Drugsagentschap van de Europese Unie (EUDA) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1920/2006<FOOTNOTE><FIELD> PB L 166 van 30.6.2023, blz. 6, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2023/1322/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 41,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Drugsagentschap van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur van het Drugsagentschap van de Europese Unie, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>37.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor maritieme veiligheid voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor maritieme veiligheid voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1406/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 tot oprichting van een Europees Agentschap voor maritieme veiligheid<FOOTNOTE><FIELD> PB L 208 van 5.8.2002, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2002/1406/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 19,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor maritieme veiligheid kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor maritieme veiligheid, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>38.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor maritieme veiligheid voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor maritieme veiligheid voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1406/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 tot oprichting van een Europees Agentschap voor maritieme veiligheid<FOOTNOTE><FIELD> PB L 208 van 5.8.2002, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2002/1406/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 19,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor maritieme veiligheid voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor maritieme veiligheid, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>39.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/881 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 inzake Enisa (het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging), en inzake de certificering van de cyberbeveiliging van informatie- en communicatietechnologie en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 526/2013 (de cyberbeveiligingsverordening)<FOOTNOTE><FIELD> PB L 151 van 7.6.2019, blz. 15, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2019/881/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 31,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>40.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/881 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 inzake Enisa (het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging), en inzake de certificering van de cyberbeveiliging van informatie- en communicatietechnologie en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 526/2013 (de cyberbeveiligingsverordening)<FOOTNOTE><FIELD> PB L 151 van 7.6.2019, blz. 15, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2019/881/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 31,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>41.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Spoorwegbureau van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Spoorwegbureau van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2016/796 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende het Spoorwegbureau van de Europese Unie en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 881/2004<FOOTNOTE><FIELD> PB L 138 van 26.5.2016, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2016/796/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 65,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Spoorwegbureau van de Europese Unie kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Spoorwegbureau van de Europese Unie, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>42.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Spoorwegbureau van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Spoorwegbureau van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2016/796 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende het Spoorwegbureau van de Europese Unie en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 881/2004<FOOTNOTE><FIELD> PB L 138 van 26.5.2016, blz. 1, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2016/796/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 65,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Spoorwegbureau van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Spoorwegbureau van de Europese Unie, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>43.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Voorzieningsagentschap van Euratom voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Voorzieningsagentschap van Euratom voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 106 bis van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 68,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 68,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Besluit van de Raad van 12 februari 2008 tot vaststelling van statuten voor het Voorzieningsagentschap van Euratom (2008/114/EG, Euratom)<FOOTNOTE><FIELD> PB L 41 van 15.2.2008, blz. 15, ELI: https://data.europa.eu/eli/dec/2008/114(1)/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 8 van de bijlage,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de directeur-generaal van het Voorzieningsagentschap van Euratom kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de directeur-generaal van het Voorzieningsagentschap van Euratom, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>44.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Voorzieningsagentschap van Euratom voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Voorzieningsagentschap van Euratom voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 106 bis van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 68,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 68,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Besluit van de Raad van 12 februari 2008 tot vaststelling van statuten voor het Voorzieningsagentschap van Euratom (2008/114/EG, Euratom)<FOOTNOTE><FIELD> PB L 41 van 15.2.2008, blz. 15, ELI: https://data.europa.eu/eli/dec/2008/114(1)/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 8 van de bijlage,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Voorzieningsagentschap van Euratom voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur-generaal van het Voorzieningsagentschap van Euratom, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>45.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Autoriteit voor effecten en markten voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Autoriteit voor effecten en markten voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Autoriteit te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 331 van 15.12.2010, blz. 84, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2010/1095/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 64,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van de Europese Autoriteit voor effecten en markten kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Autoriteit voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Autoriteit voor effecten en markten, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>46.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van de Europese Autoriteit voor effecten en markten voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Autoriteit voor effecten en markten voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Autoriteit te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 331 van 15.12.2010, blz. 84, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2010/1095/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 64,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van de Europese Autoriteit voor effecten en markten voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Autoriteit voor effecten en markten, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>47.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Stichting voor opleiding voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Stichting voor opleiding voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Stichting te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1339/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 tot oprichting van de Europese Stichting voor opleiding<FOOTNOTE><FIELD> PB L 354 van 31.12.2008, blz. 82, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2008/1339.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 17,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de directeur van de Europese Stichting voor opleiding kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Stichting voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de directeur van de Europese Stichting voor opleiding, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>48.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van de Europese Stichting voor opleiding voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Stichting voor opleiding voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Stichting te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1339/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 tot oprichting van de Europese Stichting voor opleiding<FOOTNOTE><FIELD> PB L 354 van 31.12.2008, blz. 82, ELI: https://data.europa.eu/eli/reg/2008/1339.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 17,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van de Europese Stichting voor opleiding voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur van de Europese Stichting voor opleiding, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>49.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Asielagentschap van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Asielagentschap van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2021/2303 van het Europees Parlement en de Raad van 15 december 2021 inzake het Asielagentschap van de Europese Unie en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 439/2010<FOOTNOTE><FIELD> PB L 468 van 30.12.2021, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/2303/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 55,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Asielagentschap van de Europese Unie kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Asielagentschap van de Europese Unie, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>50.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Asielagentschap van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Asielagentschap van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2021/2303 van het Europees Parlement en de Raad van 15 december 2021 inzake het Asielagentschap van de Europese Unie en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 439/2010<FOOTNOTE><FIELD> PB L 468 van 30.12.2021, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/2303/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 55,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Asielagentschap van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Asielagentschap van de Europese Unie, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>51.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2018/1726 van het Europees Parlement en de Raad van 14 november 2018 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht (eu-LISA), tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1987/2006 en Besluit 2007/533/JBZ van de Raad en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1077/2011<FOOTNOTE><FIELD> PB L 295 van 21.11.2018, blz. 99, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1726/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 47,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>52.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2018/1726 van het Europees Parlement en de Raad van 14 november 2018 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht (eu-LISA), tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1987/2006 en Besluit 2007/533/JBZ van de Raad en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1077/2011<FOOTNOTE><FIELD> PB L 295 van 21.11.2018, blz. 99, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1726/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 47,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>53.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/126 van het Europees Parlement en de Raad van 16 januari 2019 tot oprichting van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk (EU-OSHA) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2062/94 van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 30 van 31.1.2019, blz. 58, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/126/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 16,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>54.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/126 van het Europees Parlement en de Raad van 16 januari 2019 tot oprichting van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk (EU-OSHA) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2062/94 van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 30 van 31.1.2019, blz. 58, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/126/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 16,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>55.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Stichting te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/127 van het Europees Parlement en de Raad van 16 januari 2019 tot oprichting van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden (Eurofound) en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 1365/75 van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 30 van 31.1.2019, blz. 74, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/127/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 16,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Stichting voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>56.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan de Stichting te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/127 van het Europees Parlement en de Raad van 16 januari 2019 tot oprichting van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden (Eurofound) en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 1365/75 van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 30 van 31.1.2019, blz. 74, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/127/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 16,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>57.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2018/1727 van het Europees Parlement en de Raad van 14 november 2018 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken (Eurojust), en tot vervanging en intrekking van Besluit 2002/187/JBZ van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 295 van 21.11.2018, blz. 138, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1727/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 63,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de administratief directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de administratief directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>58.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2018/1727 van het Europees Parlement en de Raad van 14 november 2018 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken (Eurojust), en tot vervanging en intrekking van Besluit 2002/187/JBZ van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 295 van 21.11.2018, blz. 138, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1727/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 63,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de administratief directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>59.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2016/794 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) en tot vervanging en intrekking van de Besluiten 2009/371/JBZ, 2009/934/JBZ, 2009/935/JBZ, 2009/936/JBZ en 2009/968/JBZ van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 135 van 24.5.2016, blz. 53, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2016/794/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 60,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>60.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2016/794 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) en tot vervanging en intrekking van de Besluiten 2009/371/JBZ, 2009/934/JBZ, 2009/935/JBZ, 2009/936/JBZ en 2009/968/JBZ van de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 135 van 24.5.2016, blz. 53, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2016/794/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 60,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L‑serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>61.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2021/696 van het Europees Parlement en de Raad van 28 april 2021 tot vaststelling van het ruimtevaartprogramma van de Unie, tot oprichting van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma en tot intrekking van de Verordeningen (EU) nr. 912/2010, (EU) nr. 1285/2013 en (EU) nr. 377/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU<FOOTNOTE><FIELD> PB L 170 van 12.5.2021, blz. 69, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/696/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name de artikelen 85 en 86,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>62.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2021/696 van het Europees Parlement en de Raad van 28 april 2021 tot vaststelling van het ruimtevaartprogramma van de Unie, tot oprichting van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma en tot intrekking van de Verordeningen (EU) nr. 912/2010, (EU) nr. 1285/2013 en (EU) nr. 377/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU<FOOTNOTE><FIELD> PB L 170 van 12.5.2021, blz. 69, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/696/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name de artikelen 85 en 86,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>63.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad van 15 februari 2007 tot oprichting van een Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten<FOOTNOTE><FIELD> PB L 53 van 22.2.2007, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2007/168/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 21,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de directeur van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de directeur van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>64.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad van 15 februari 2007 tot oprichting van een Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten<FOOTNOTE><FIELD> PB L 53 van 22.2.2007, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2007/168/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 21,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>65.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Grens- en kustwachtagentschap voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Grens- en kustwachtagentschap voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/1896 van het Europees Parlement en de Raad van 13 november 2019 betreffende de Europese grens- en kustwacht en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1052/2013 en Verordening (EU) 2016/1624<FOOTNOTE><FIELD> PB L 295 van 14.11.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/1896/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 116,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verleent de uitvoerend directeur van het Europees Grens- en kustwachtagentschap kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Grens- en kustwachtagentschap, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><DECISION><TI><NR>66.</NR> <STRING BOLD="on">Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2026 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Grens- en kustwachtagentschap voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Grens- en kustwachtagentschap voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024, vergezeld van de antwoorden van de agentschappen<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5734, 30.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5734/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd<FOOTNOTE><FIELD> PB C, C/2025/5407, 13.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5407/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, opgesteld overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de aanbeveling van de Raad van 2 maart 2026 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2024 (05750/2026 – C10-0148/2026),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012<FOOTNOTE><FIELD> PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 70,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2019/1896 van het Europees Parlement en de Raad van 13 november 2019 betreffende de Europese grens- en kustwacht en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1052/2013 en Verordening (EU) 2016/1624<FOOTNOTE><FIELD> PB L 295 van 14.11.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/1896/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 116,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 105,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF> <ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Grens- en kustwachtagentschap voor het begrotingsjaar 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Grens- en kustwachtagentschap, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor bekendmaking ervan in het<STRING ITALIC="on"> Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> (L-serie).</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></DECISION></TXTLST><TXTLST><RESOL><TI><NR>67.</NR> <STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 29 april 2026 met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van de besluiten over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de agentschappen van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024 (2025/2156(DEC))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor ondersteuning van Berec voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Bankautoriteit voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Milieuagentschap voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Instituut voor gendergelijkheid voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Instituut voor innovatie en technologie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Arbeidsautoriteit voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Geneesmiddelenbureau voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Drugsagentschap van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor maritieme veiligheid voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Spoorwegbureau van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Voorzieningsagentschap van Euratom voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Autoriteit voor effecten en markten voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Stichting voor opleiding voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Asielagentschap van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor het ruimtevaartprogramma voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Grens- en kustwachtagentschap voor het begrotingsjaar 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 102 van zijn Reglement en bijlage V bij dat Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken, de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid, de Commissie volksgezondheid, de Commissie vervoer en toerisme, de Commissie visserij, de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0087/2026),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat gedecentraliseerde agentschappen, uitvoerende agentschappen en andere organen van de Unie afzonderlijke juridische entiteiten zijn die zijn opgericht om specifieke technische, wetenschappelijke of bestuurlijke taken uit te voeren die de instellingen van de Unie helpen bij het opstellen en uitvoeren van beleid; overwegende dat ze in verschillende lidstaten zijn gevestigd en een aanzienlijke invloed hebben op gebieden die van essentieel belang zijn voor het dagelijks leven van de burgers van de Unie, zoals gezondheid, veiligheid, vrijheid en justitie; overwegende dat eraan herinnerd moet worden dat de kwijtingsprocedure niet louter een technische boekhoudkundige exercitie is, maar een belangrijk instrument van de democratische verantwoordingsplicht aan de hand waarvan het Parlement beoordeelt of de organen van de Unie in overeenstemming met de beginselen van goed financieel beheer handelen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat deze resolutie voor elk orgaan in de zin van artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 en voor het Voorzieningsagentschap van Euratom de horizontale opmerkingen bevat die behoren bij de kwijtingsbesluiten overeenkomstig artikel 268 van Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 en artikel 3 van bijlage V bij zijn Reglement;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat de gedecentraliseerde agentschappen van de Unie en het Voorzieningsagentschap van Euratom zich moeten richten op taken met een duidelijke Europese meerwaarde en dat de organisatie van die taken geoptimaliseerd moet worden om, in het belang van de Europese belastingbetaler, overlappingen te voorkomen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de kwijtingsautoriteit in het kader van de kwijtingsprocedure de nadruk wil leggen op het aanzienlijke belang van het vergroten van de democratische legitimiteit van de instellingen van de Unie; overwegende dat dit inhoudt dat de transparantie en de verantwoordingsplicht moeten worden vergroot, en dat resultaatgericht begroten moet worden ingevoerd en dat er moet worden gezorgd voor een goed personeelsbeheer;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat het optreden van de Unie op het gebied van begrotingscontrole gebaseerd is op twee beginselen: enerzijds een correcte en transparante besteding van de begroting van de Unie en anderzijds de bescherming van de financiële belangen van de Unie en de bestrijding van fraude;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie in 2012 een “gezamenlijke verklaring”<FOOTNOTE><FIELD> Gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad van de EU en de Europese Commissie over gedecentraliseerde agentschappen van juli 2012 (https://european-union.europa.eu/document/download/d4199ff4-1e3d-45e6-af7e-90cf1a7b10bc_en?filename=joint_statement_on_decentralised_agencies_en.pdf).</FIELD></FOOTNOTE> en een uitgebreide reeks grondbeginselen — een “gemeenschappelijke aanpak” in de bijlage erbij — hebben aangenomen om ervoor te zorgen dat de agentschappen op een meer samenhangende en doeltreffende manier te werk gaan en meer verantwoording afleggen; overwegende dat de Commissie zich ertoe heeft verplicht gevolg te geven aan deze overeengekomen aanpak, in voorkomend geval in samenwerking met de agentschappen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat de instellingen ten volle beseffen dat de gezamenlijke verklaring en de gemeenschappelijke aanpak juridisch niet bindend zijn, maar dat zij, onverminderd de hun toegewezen bevoegdheid inzake de wetgeving en de jaarlijkse begrotingsprocedure, de aanpak in aanmerking zullen nemen bij alle verdere besluiten betreffende de gedecentraliseerde agentschappen van de Unie, telkens na afzonderlijke analyse;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 voor bijna alle agentschappen oordelen zonder beperking heeft afgegeven; overwegende dat het handhaven van hoge normen voor goed financieel beheer, doeltreffende internecontrolesystemen en begrotingsdiscipline van essentieel belang blijft om een correct en transparant gebruik van de middelen van de Unie te waarborgen en het vertrouwen van de burgers in de instellingen van de Unie te versterken;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat de agentschappen van de Unie de afgelopen jaren steeds meer verantwoordelijkheden hebben gekregen; overwegende dat adequate en voorspelbare middelen, in combinatie met robuuste governancestructuren en duidelijke verantwoordingsmechanismen, nodig zijn om hen in staat te stellen hun mandaat doeltreffend uit te voeren en de geloofwaardigheid van de Unie te waarborgen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat het cyberbeveiligingsincident waardoor een van de agentschappen in 2024 werd getroffen, de kwetsbaarheid aantoont van organen van de Unie die gevoelige gegevens verwerken; overwegende dat het versterken van cyberbeveiliging, bedrijfscontinuïteitsplanning en internecontrolesystemen in alle agentschappen als horizontale prioriteit moet worden behandeld;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Algemeen</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>merkt op dat er drie soorten EU-agentschappen zijn: gedecentraliseerde agentschappen, uitvoerende agentschappen en andere organen; wijst erop dat deze resolutie betrekking heeft op 31 van de 33 gedecentraliseerde agentschappen en twee van de vier andere organen (het Europees Instituut voor innovatie en technologie (EIT) en het Voorzieningsagentschap van Euratom (ESA));</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>wijst erop dat de oprichting of uitbreiding van EU-agentschappen bedoeld is om de capaciteiten van de Unie te versterken, en dat het derhalve van belang is ervoor te zorgen dat dit proces gepaard gaat met grondige evaluaties, nauwgezette analysen en effectbeoordelingen en dat duidelijk wordt aangetoond dat er sprake is van een meerwaarde, zodat lessen kunnen worden getrokken en kan worden overwogen hun mandaat zo nodig te beëindigen; benadrukt dat deze aanpak niet alleen moet zorgen voor betere regelgeving, maar ook de doeltreffendheid, verantwoordingsplicht, transparantie en uniformiteit van het institutionele landschap van de Unie moet verbeteren; benadrukt dat elke overweging met betrekking tot fusies, consolidatie of beëindiging van mandaten van agentschappen gebaseerd moet zijn op een alomvattende beoordeling, en derhalve een aanvulling moet vormen op begrotings- of efficiëntieoverwegingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>spreekt zijn bezorgdheid uit over de toenemende schuldenlast van de Unie; merkt op dat, volgens het jaarverslag van de Europese Rekenkamer (de “Rekenkamer”), uitstaande leningen die door de Unie zijn afgesloten tegen 2027 meer dan 900 miljard EUR zouden kunnen bedragen, bijna tien keer het schuldniveau van 2020; waarschuwt dat stijgende financieringskosten een risico vormen voor toekomstige begrotingen en de budgettaire ruimte voor nieuwe prioriteiten verkleinen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>wijst erop dat transparantie niet alleen een nalevingsverplichting is, maar ook een voorwaarde voor het vertrouwen van het publiek in agentschappen die aanzienlijke regelgevings- of operationele bevoegdheden uitoefenen; verzoekt de agentschappen om belangrijke documenten met een niet-vertrouwelijke inhoud tijdig en op een gebruiksvriendelijke manier proactief te publiceren, met inachtneming van het evenredigheidsbeginsel, de wetgeving inzake gegevensbescherming, rekening houdend met veiligheids-, juridische, strategische en andere relevante overwegingen en met inachtneming van de regelgeving en het mandaat van de respectieve agentschappen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>herinnert eraan dat in punt 60 van de gemeenschappelijke aanpak is bepaald dat elk agentschap om de vijf jaar moet worden geëvalueerd; dringt er bij de Commissie op aan te onderzoeken of er verdere synergieën tussen de agentschappen mogelijk zijn en of hun activiteiten verder kunnen worden geformaliseerd, en of het mogelijk is agentschappen met elkaar aanvullende activiteiten te laten fuseren, om zo voor kosteneffectiviteit te zorgen en de functies van de agentschappen te stroomlijnen, met inbegrip van een eventuele herziening van het mandaat wanneer er sprake is van inefficiëntie of overtolligheid; dringt erop aan dat alle EU-agentschappen, in overeenstemming met de beginselen van evenredigheid, efficiëntie en budgettaire verantwoordelijkheid, aan periodieke prestatiebeoordelingen worden onderworpen; moedigt aan om waar nodig de verval-/herzieningsclausule toe te passen om de efficiëntie te behouden en een optimaal gebruik van de middelen te waarborgen; is van mening dat begrotingsefficiëntie essentieel is voor het goed functioneren van de agentschappen; herinnert in dit verband aan de aanbeveling van de Rekenkamer aan de Commissie in Speciaal verslag 22/2020 om meer gebruik te maken van horizontale evaluaties van agentschappen in het kader van de geschiktheidscontroles van de verschillende beleidsterreinen door de Commissie; merkt op dat in Speciaal verslag 22/2020 van de Rekenkamer wordt geconstateerd dat de meetbare bijdrage van agentschappen aan beleidsdoelstellingen van de Unie niet altijd duidelijk wordt aangetoond; benadrukt dat de 33 gedecentraliseerde agentschappen meer dan 4,1 miljard EUR beheren en dat het Parlement, afgezien van nalevingscontroles, verder zou kunnen nadenken over hoe hun impact kan worden beoordeeld; pleit voor verslaglegging over een beperkte reeks resultaat- en effectindicatoren en verzoekt het netwerk van EU-agentschappen om in samenwerking met de Rekenkamer een gemeenschappelijk prestatiekader te onderzoeken en zo nodig te ontwikkelen dat aan de kwijtingsautoriteit kan worden voorgelegd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>wijst erop dat eerbiediging van de grondrechten en de rechtsstaat een voorwaarde is voor goede prestaties en goed financieel beheer; is van mening dat alleen agentschappen die hun verplichtingen op het gebied van de grondrechten volledig nakomen, kunnen worden geacht naar tevredenheid te presteren, ongeacht de uitvoeringspercentages van de begroting;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>verzoekt alle agentschappen om bij hun respectieve activiteiten te blijven toezien op de eerbiediging van de grondrechten en de gegevensbescherming;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>wijst op het belang van de kwijtingsprocedure, die niet alleen een op de Verdragen gebaseerde verplichting is, maar ook transparantie, verantwoordingsplicht en een open dialoog over de financiën van de Unie bevordert; is van mening dat de praktijk om kwijting te verlenen via governanceregelingen die zijn vastgesteld in de oprichtingshandelingen van agentschappen als het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO), het Communautair Bureau voor plantenrassen (CPVO) en de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad (GAR), hun specifieke rechts- en financiële kaders weerspiegelt en passende evaluatie en controle waarborgt, waarbij transparantie en publieke verantwoording worden ondersteund; herinnert aan de gemeenschappelijke aanpak inzake agentschappen die volledig in hun eigen financiering voorzien (punt 58), waarin wordt opgeroepen tot het verkennen van democratische verantwoordingsmechanismen, met inbegrip van jaarlijkse verslaglegging aan het Parlement, de Raad en de Commissie, alsook het in overweging nemen van hun aanbevelingen, om te zorgen voor openbaar toezicht op agentschappen die beleid van de Unie uitvoeren zonder een beroep te doen op de algemene begroting van de Unie; is van mening dat het niettemin wenselijk zou zijn dat agentschappen die volledig in hun eigen financiering voorzien, deel gaan uitmaken van de kwijtingsprocedure voor agentschappen die onder de verantwoordelijkheid van de Commissie begrotingscontrole vallen, of ten minste worden onderworpen aan strengere rapportageverplichtingen voor de Commissie begrotingscontrole;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>stelt met bezorgdheid vast dat de gedecentraliseerde agentschappen van de Unie in de loop der jaren steeds meer taken hebben gekregen in het kader van herziene verordeningen, nieuwe wetgeving of overeenkomsten inzake dienstverleningsniveau en bijdrageovereenkomsten met de Commissie, vaak zonder overeenkomstige structurele middelen of vaste ambten; benadrukt dat dit terugkerende patroon leidt tot operationele druk die op zijn beurt kan bijdragen aan zwakke plekken in het begrotingsbeheer en een toenemende structurele afhankelijkheid van externe contractanten, met name op het gebied van informatie- en communicatietechnologie (ICT), cyberbeveiliging en andere operationele functies; waarschuwt dat een dergelijke afhankelijkheid op lange termijn de institutionele capaciteit, de continuïteit en het behoud van kennis kan ondermijnen, terwijl ze ook de digitale soevereiniteit van de Unie en de persoonlijke integriteit van burgers verzwakt; dringt er dan ook op aan deze afhankelijkheid op lange termijn regelmatig te evalueren en de structurele afhankelijkheid van externe consultants te verminderen, met name voor kerntaken; wijst erop dat buitensporige uitbesteding het institutionele geheugen, de verantwoordingsplicht en de kosteneffectiviteit ondermijnt; verzoekt de Commissie ervoor te zorgen dat de agentschappen over voldoende personeel beschikken om hun mandaat waar mogelijk intern uit te voeren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>merkt op dat tekortkomingen op het gebied van de rechtsstaat in bepaalde lidstaten, waaronder een verzwakte onafhankelijkheid van de rechterlijke macht en een verzwakte vervolgingscapaciteit, de samenwerkingskaders, de betrouwbaarheid van gegevens en de operationele integriteit van de agentschappen kunnen ondermijnen; verzoekt de Commissie deze risico’s te beoordelen en aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>benadrukt dat transparantie, solide controles op belangenconflicten en duidelijke regels voor interacties met belanghebbenden essentiële waarborgen zijn voor de onafhankelijkheid, institutionele geloofwaardigheid en verantwoordingsplicht van gedecentraliseerde agentschappen van de Unie, alsook voor het vertrouwen van het publiek in hun sterke en robuuste werking; benadrukt dat veel agentschappen actief zijn in sectoren waar nauwe samenwerking met het bedrijfsleven, adviesbureaus, technische deskundigen, niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) of externe partners noodzakelijk is, maar waar de risico’s van ongepaste beïnvloeding, onevenwichtig overleg of ondoorzichtigheid blijven bestaan; benadrukt dat transparante procedures, openbaarmaking van vergaderingen, evenwichtige en transparante selectie van deskundigen en voortdurende screening van belangenconflicten onontbeerlijk zijn om ervoor te zorgen dat besluiten van agentschappen uitsluitend gebaseerd zijn op objectief bewijs en het algemeen belang van de Unie; dringt er bij alle agentschappen op aan om dergelijke maatregelen in te voeren en te handhaven, dringt aan op transparante waarborgen, waaronder duidelijke en adequate afkoelingsperioden, proactieve monitoring en transparantie van interacties met belanghebbenden; beveelt regelmatige onafhankelijke evaluaties van kaders voor belangenconflicten aan, met inachtneming van het evenredigheidsbeginsel, en verzoekt de Commissie en het netwerk van EU-agentschappen intercollegiaal leren te bevorderen om de governance- en transparantienormen te verbeteren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>verzoekt de Commissie de transparantie van de evaluatie door deskundigen aanzienlijk te vergroten en passende mechanismen te overwegen om deskundigen meer verantwoording te doen afleggen, met volledige inachtneming van hun onafhankelijkheid</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>erkent dat de blootstelling van gedecentraliseerde agentschappen aan lobbyrisico’s verschilt, afhankelijk van hun mandaat en operationele context; merkt op dat de transparantiepraktijken van agentschap tot agentschap verschillen; merkt bijvoorbeeld op dat eu-LISA op zijn webpagina een speciaal transparantieregister bijhoudt voor alle bijeenkomsten van zijn hoger management met marktdeelnemers, dat het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex) op zijn website een register bijhoudt met informatie over bijeenkomsten die specifiek verband houden met openbare aanbestedingen, en dat het ECHA informatie publiceert over de bijeenkomsten van het hoger management met externe belangenorganisaties; is van mening dat, hoewel een uniform model niet evenredig en operationeel zinvol zou zijn, het vaststellen van gemeenschappelijke minimumnormen de samenhang en verantwoording zou vergroten; neemt kennis van de antwoorden die de agentschappen in de vorige kwijtingscyclus hebben gegeven, waaronder hun wisselende gebruik van het transparantieregister en het feit dat verschillende agentschappen al interne transparantieregisters of systemen voor belangenconflicten hebben ingevoerd die zijn afgestemd op hun mandaat; verzoekt de agentschappen om minimumnormen vast te stellen, zoals de toepassing van het vierogenbeginsel, een duidelijke gedragscodestrategie met duidelijke regels om belangenconflicten te vermijden en de invoering van specifieke interne transparantieregisters met duidelijke normen die hun respectieve mandaat en de toepasselijke gegevensbeschermingsregels weerspiegelen; benadrukt dat dergelijke transparantieregisters per geval toegankelijk moeten zijn voor auditors; is van mening dat de uitvoering ervan geleidelijk moet gebeuren en gebruik moet maken van nieuwe digitale mogelijkheden om te voorkomen dat agentschappen met onnodige en/of extra administratieve lasten worden opgezadeld;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>merkt op dat de 33 gedecentraliseerde agentschappen in 2024 in totaal 11 491 personeelsleden in dienst hadden (tegen 10 580 in 2023), waaronder ambtenaren, tijdelijke functionarissen, arbeidscontractanten en gedetacheerde nationale deskundigen, een toename van 8,61 % ten opzichte van 2023; merkt op dat het genderevenwicht in de gedecentraliseerde agentschappen van de Unie weliswaar verbetert, maar dat er nog steeds grote verschillen bestaan; benadrukt dat sommige agentschappen, zoals ACER, EASA, EIGE, ERA, eu‑LISA en Europol, een hoger percentage mannelijk personeel hebben, terwijl agentschappen zoals CdT, EFSA, EMA, ETF en Eurojust meer vrouwelijk personeel hebben; merkt op dat het percentage vaak sectorspecifiek is; verzoekt de agentschappen om corrigerende strategieën vast te stellen, met inbegrip van transparante bevorderingsprocedures en gerichte leiderschapsontwikkeling; herinnert eraan dat de inzet van de Unie om gendergelijkheid in bestuursfuncties te bevorderen nog steeds niet volledig is gerealiseerd; benadrukt dat de Commissie haar inspanningen op dit gebied moet verbeteren; herinnert eraan dat in Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 (statuut<STRING SUPERSCRIPT="on">3</STRING>) is bepaald dat de aanwerving moet plaatsvinden op basis van objectieve, transparante en op verdiensten gebaseerde criteria en dat hierbij ook moet worden gestreefd naar een zo breed mogelijk geografisch evenwicht uit de lidstaten; merkt op dat er een natuurlijke tendens is dat een hoger percentage van het ingezette personeel afkomstig is uit de lidstaat waar het agentschap is gevestigd; wijst erop dat agentschappen in landen met een relatief lage correctiecoëfficiënt voortdurend voor uitdagingen staan bij het aantrekken van geschoold en geografisch divers personeel; moedigt agentschappen aan om genderevenwicht te bevorderen in HR-strategieën en managementselectiepanels; verzoekt de Commissie en het netwerk van EU-agentschappen om beste praktijken en benchmarkinginstrumenten aan te reiken ter ondersteuning van genderevenwichtig leiderschap;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>merkt op dat het personeelsverloop in 2024 bij 16 van de 33 agentschappen meer dan 5 % bedroeg (namelijk het Berec-Bureau, CdT, Cedefop, Cepol, ECDC, EEA, ELA, eu-LISA, EU‑OSHA, Eurofound, Eurojust, Europol, FRA) en dat twee daarvan het percentage van 10 % overschreden (namelijk EIT en ETF); prijst de agentschappen die gerichte maatregelen hebben genomen om een hoog personeelsverloop te voorkomen; verzoekt de Commissie en de lidstaten toe te staan dat arbeidscontractanten voor langere perioden worden aangeworven of een groter aantal tijdelijke functionarissen toe te laten om een betere continuïteit en behoud van kennis te waarborgen; is van mening dat burn-out, personeelsverloop en precair werk risico’s inhouden voor de integriteit van de instellingen, interne controles en goed financieel beheer; benadrukt dat de raden van bestuur verantwoordelijk zijn voor de integriteit en verantwoordingsplicht van de agentschappen, betreurt dat er onvoldoende actie is ondernomen naar aanleiding van ernstige bevindingen en dringt aan op meer transparantie ten aanzien van de kwijtingsautoriteit;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>is verheugd dat de meeste agentschappen in 2024 zijn overgegaan tot de aanname en uitvoering van het handvest voor diversiteit en inclusie<FOOTNOTE><FIELD> https://agencies-network.europa.eu/document/download/04667fb8-be05-4818-9f62-0cb99f0c5538_en?filename=EUAN%20WG%25.</FIELD></FOOTNOTE>, dat gelijke behandeling, diversiteit en inclusie op de werkplek en in het sociale leven bevordert; moedigt de agentschappen die dit nog niet hebben gedaan ten zeerste aan te overwegen dit onverwijld te doen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>benadrukt dat het opzetten van een doeltreffende klachtenregeling voor personeel in gedecentraliseerde agentschappen van de Unie vereist dat sterke vertrouwelijkheidsgaranties, met inbegrip van anonieme meldingskanalen, worden gecombineerd met duidelijke, geharmoniseerde procedures die zijn afgestemd op het statuut en worden gecommuniceerd door middel van regelmatige personeelsopleidingen; is van mening dat agentschappen onafhankelijke, professioneel opgeleide ethisch of klachtenfunctionarissen moeten benoemen, of gebruik moeten maken van gedeelde structuren tussen agentschappen voor kleinere agentschappen, om te zorgen voor de onpartijdige afhandeling van verzoeken op grond van artikel 90 van het statuut, meldingen van intimidatie, belangenconflicten en meldingen van klokkenluiders; verzoekt de agentschappen om ervoor te zorgen dat het personeel toegang heeft tot een externe escalatieprocedure evenals tot sterke, onafhankelijke en doeltreffende bescherming tegen vergelding door middel van systematische follow-upcontroles, terwijl de transparantie moet worden verbeterd door middel van geanonimiseerde jaarlijkse verslaglegging over klachten en resultaten, en de onpartijdigheid moet worden verbeterd door gebruik te maken van interinstitutionele onderzoekspanels voor gevoelige zaken; dringt erop aan beschermingsmechanismen tegen valse beschuldigingen en aanklachten in te voeren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>wijst op de belangrijke rol van het netwerk van EU-agentschappen en met name van zijn ICT-adviescomité (ICTAC) bij het ondersteunen van de paraatheid van agentschappen voor de uitvoering van de verordening inzake cyberbeveiliging door middel van verbeterde coördinatie, kennisdeling en samenwerking met het DG Digitale Diensten, CERT-EU en het Interinstitutioneel Comité voor digitale transformatie; verzoekt het netwerk van EU-agentschappen en ICTAC om uitgebreide en regelmatige informatie te verstrekken over de stand van de uitvoering in alle gedecentraliseerde agentschappen, met inbegrip van gemeenschappelijke uitdagingen, vastgestelde risico’s, behoeften aan middelen en geplande mitigerende maatregelen, teneinde doeltreffend toezicht mogelijk te maken; wijst op de noodzaak van robuuste cyberbeveiliging en zorgvuldig gebruik van AI en wijst op de kansen, maar ook op de financiële en operationele risico’s; verzoekt de agentschappen door AI ondersteunde processen in financiële, aanbestedings- of besluitvormingsfuncties te beoordelen en te zorgen voor transparantie, documentatie, controleerbaarheid en volledige naleving van de gegevensbeschermings- en cyberbeveiligingsregels van de Unie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>wijst op het belang van de ontwikkeling van duidelijke, degelijke en zinvolle kernprestatie-indicatoren (KPI’s) in de jaarlijkse activiteitenverslagen van de EU-agentschappen, aangezien deze verslagen een primaire informatiebron voor externe gebruikers vormen; merkt op dat het sommige KPI-systemen vaak ontbreekt aan continuïteit, standaardisatie, operationele diepgang, een gedocumenteerde methodologie voor het selecteren, actualiseren en stopzetten van KPI’s, transparantie, vergelijkbaarheid en meerjarige tracering, waardoor de vergelijkbaarheid en het vermogen van externe gebruikers om prestaties objectief te beoordelen, afneemt; benadrukt dat KPI’s gestroomlijnd en goed ontworpen moeten zijn, gebaseerd moeten zijn op Smart-beginselen (specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden) en consistent toegepast moeten worden gedurende de rapportagecycli, aangezien deze indicatoren essentieel zijn voor het evalueren van efficiëntie, effectiviteit en voortgang ten opzichte van strategische doelstellingen; wijst erop dat het gebruik van resultaat- en effectgerichte verslaglegging moet worden versterkt door de nadruk te leggen op materialiteit en evenredigheid, teneinde de administratieve lasten te verminderen; beklemtoont dat prestatie-indicatoren uitdrukkelijk moeten worden afgeleid van de doelstellingen van het oprichtingsmandaat van elk agentschap en de output, de resultaten en, vooral, de effecten moeten weergeven; verzoekt de agentschappen om kosten-batenanalysen en transparante budgettering in hun prestatiekaders op te nemen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>erkent de samenwerking met externe partners zoals de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling en het strategisch planningsnetwerk van de Verenigde Naties bij het moderniseren van de KPI-methoden; benadrukt dat sommige agentschappen, zoals ACER, EASA en ECDC, robuustere en operationeel relevantere indicatoren hebben ontwikkeld; verzoekt de agentschappen met ontoereikende of onmeetbare KPI-systemen om gebruik te maken van deze sterkere modellen en systematisch beste praktijken uit te wisselen via het netwerk van EU-agentschappen, teneinde de vergelijkbaarheid te verbeteren, het nut van de jaarlijkse activiteitenverslagen voor externe gebruikers te vergroten en de algemene prestatiebeoordeling in alle agentschappen te versterken; verzoekt de Commissie te eisen dat bij alle evaluaties van agentschappen uit hoofde van punt 60 van de gemeenschappelijke aanpak systematisch de impact van elk agentschap op zijn beleidsterrein worden beoordeeld, en dat programma’s of activiteiten die niet binnen een redelijke termijn doeltreffend zijn gebleken, worden beëindigd, waarbij middelen voor doeltreffendere maatregelen worden herbestemd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>vestigt de aandacht op de onderzoeken van het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) waarbij verschillende agentschappen betrokken zijn: Enisa (twee zaken in 2024, één lopende, één geseponeerde zaak en een wervingszaak in 2025), eu-LISA (onderzoeken inzake belangenconflicten en aanbestedingen), EIT (drie aan KIG gerelateerde zaken afgesloten met terugvorderingen van 15-20 miljoen EUR), Frontex (twee lopende en acht afgesloten zaken in 2023-2024), en lopende onderzoeken bij het ACER en het EEA; dringt er bij alle EU-agentschappen op aan te zorgen voor volledige samenwerking met het OLAF, de interne controles en de waarborgen voor aanwerving en aanbestedingen te versterken en verdere informatie te verstrekken aan de kwijtingsautoriteit zodra de vertrouwelijkheidsbeperkingen zijn opgeheven;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>herinnert eraan dat het mandaat van Frontex in 2019 aanzienlijk is uitgebreid, toen bij een herziene verordening zijn taken werden uitgebreid en een permanent korps van 10 000 grenswachters werd opgericht, met een overeenkomstige toename van de begrotingsmiddelen; benadrukt dat toenamen van de begrotingsmiddelen, ongeacht het betrokken agentschap, altijd gepaard moeten gaan met adequate bepalingen op het gebied van verantwoording en transparantie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>merkt op dat het ontbreken van opt-outclausules (ontsnappingsclausules) die de vroegtijdige beëindiging van huurovereenkomsten mogelijk maken, een financieel risico blijft inhouden voor de EU-agentschappen; herinnert eraan dat het belang van het opnemen van dergelijke clausules in huurovereenkomsten werd benadrukt door de moeilijke situatie waarmee het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) werd geconfronteerd na Brexit, toen het zijn langetermijnhuurovereenkomst in Londen niet kon opzeggen en als gevolg daarvan zowel in Londen als in Amsterdam huur moest betalen; erkent dat verschillende agentschappen sinds 2019 ontsnappingsclausules hebben ingevoerd, maar betreurt dat niet alle agentschappen dit hebben gedaan, met inbegrip van gevallen waarin nieuwe huurovereenkomsten of verlengingen van huurovereenkomsten werden ondertekend; dringt er bij de agentschappen en de Commissie op aan om bij de onderhandeling over of de verlenging van huurovereenkomsten systematisch ontsnappingsclausules op te nemen, rekening houdend met de lessen uit het verleden, teneinde de financiële risico’s te beperken en een grotere budgettaire flexibiliteit te waarborgen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Financieel en begrotingsbeheer</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>merkt op dat de totale definitieve ontvangsten voor 2024 (na gewijzigde begrotingen) voor de 33 agentschappen van de EU die aan bod komen in deze resolutie, als volgt waren uitgesplitst (vergeleken met de cijfers voor 2023)<FOOTNOTE><FIELD> Gegevens volgens de staten van ontvangsten en uitgaven van het begrotingsjaar 2024, zoals gepubliceerd in het Publicatieblad voor elk afzonderlijk agentschap.</FIELD></FOOTNOTE>:</P></ACTION><ACTION><P><TABLE><TGROUP COLS="4"><COLSPEC COLNAME="C1" COLNUM="1" COLWIDTH="23.29*"/><COLSPEC COLNAME="C2" COLNUM="2" COLWIDTH="27.06*"/><COLSPEC COLNAME="C3" COLNUM="3" COLWIDTH="27.05*"/><COLSPEC COLNAME="C4" COLNUM="4" COLWIDTH="22.6*"/><TBODY><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P><STRING BOLD="on">Benaming</STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P><STRING BOLD="on">Inkomsten 2024</STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P><STRING BOLD="on">Inkomsten 2023</STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="BOTTOM"><P><STRING BOLD="on">∆</STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>ACER</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>34 689 993,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>29 582 967,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>17,26 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>Berec-Bureau</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>7 932 805,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>7 697 264,87 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>3,06 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>CdT<FOOTNOTE><FIELD> Met aftrek van het overschot dat is overgedragen van het vorige begrotingsjaar.</FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>45 346 300,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>47 140 900,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>-3,81 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>Cedefop</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>21 422 022,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>20 140 610,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>6,36 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>Cepol</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>12 589 437,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>14 211 723,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>-11,42 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EASA<FOOTNOTE><FIELD> Met aftrek van de begrotingscorrecties die overeenkomen met het gecumuleerde overschot.</FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>183 306 903,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>169 665 375,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>8,04 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EBA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>56 906 201,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>52 672 001,66 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>8,04 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>ECDC</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>111 257 449,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>102 526 724,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>8,52 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>ECHA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>128 712 666,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>123 280 140,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>4,41%</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EEA<FOOTNOTE><FIELD> De bijdrage van de EU + derde landen bedraagt in totaal 67,8 miljoen EUR. De subsidiebijdrage en SLA bedragen in totaal 33,8 miljoen EUR.</FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>101 655 603,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>76 114 130,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>33,56 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EFCA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>30 793 032,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>30 862 554,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>-0,23 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EFSA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>154 939 697,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>148 954 729,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>4,02 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EIGE</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>9 432 057,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>9 358 919,46 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>0,78 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>Eiopa</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>37 561 192,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>36 714 492,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>2,31 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EIT</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>463 576 047,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>367 607 241,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>26,11 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>ELA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>48 693 555,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>39 973 330,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>21,82 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EMA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>491 862 000,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>448 603 000,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>9,64 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EMSA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>121 648 764,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>111 954 231,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>8,66 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>Enisa<FOOTNOTE><FIELD> In 2024 werkte Enisa met een begroting van 26,2 miljoen EUR, vergeleken met een begroting van 25,2 miljoen EUR in 2023. Eind december 2023 werd een bijdrageovereenkomst tussen Connect en Enisa ondertekend, waarbij in totaal 20 miljoen EUR werd toegekend voor de uitvoering van acties op het gebied van cyberondersteuning en situatiecentra in de periode 2024‑2026. De eerste tranche van 16 miljoen EUR werd in februari 2024 ontvangen voor de uitvoering van de overeengekomen acties.</FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>42 219 801,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>25 183 495,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>67,65 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>ERA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>41 936 376,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>38 532 447,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>8,83 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>ESA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>270 000,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>258 160,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>4,59 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>ESMA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>76 055 579,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>72 509 657,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>4,89 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>ETF</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>28 330 702,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>28 542 956,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>-0,74 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EUAA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>181 443 839,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>170 135 127,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>6,65 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EUDA (EMCDDA)</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>32 723 728,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>22 082 074,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>48,19 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>eu-LISA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>273 679 741,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>300 524 142,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>-8,93 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>EU-OSHA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>17 618 795,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>17 038 950,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>3,40 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>Eurofound</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>24 965 993,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>25 369 931,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>-1,59 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>Eurojust</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>65 355 970,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>59 324 460,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>10,17 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>Europol</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>225 228 057,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>212 925 809,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>5,78 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>Euspa</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>85 410 390,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>76 922 866,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>11,03 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>FRA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>28 052 521,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>26 191 030,72 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>7,11 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P>Frontex</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P>922 074 136,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P>829 352 752,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P>11,18 %</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1" VALIGN="BOTTOM"><P><STRING BOLD="on">TOTAAL</STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2" VALIGN="BOTTOM"><P><STRING BOLD="on">4 112 799 136,00 EUR</STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3" VALIGN="BOTTOM"><P><STRING BOLD="on">3 741 954 188,71 EUR</STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4" VALIGN="MIDDLE"><P><STRING BOLD="on">9,91 %</STRING></P></ENTRY></ROW></TBODY></TGROUP></TABLE></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>merkt op dat de begroting van 33 EU-agentschappen is gestegen van 3,6 miljard EUR in 2023 tot 4,1 miljard EUR in 2024; verzoekt de Commissie een analyse te maken van de cumulatieve kosten over een periode van vijf jaar en daarbij onderscheid te maken tussen groei als gevolg van het mandaat en administratieve expansie, en verdere verhogingen te rechtvaardigen met aantoonbare toegevoegde waarde; benadrukt dat begrotingsgroei gepaard moet gaan met sterkere governance, interne controles, personeelsplanning en absorptieplanning om onregelmatigheden, overdrachten en ondoeltreffende uitgaven te voorkomen; benadrukt dat alle aanvullende middelen voor agentschappen vergezeld moeten gaan van meetbare prestatiedoelstellingen en regelmatige verslaglegging over de concrete bereikte resultaten, zodat de kwijtingsautoriteit de kosteneffectiviteit kan beoordelen; dringt erop aan dat agentschappen, voordat aanvullende financiering wordt goedgekeurd, eerst moeten aantonen dat de bestaande middelen doelmatig worden ingezet;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>merkt op dat het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (FRA) en andere EU-agentschappen de instellingen van de Unie helpen bij de uitvoering van het recht van de Unie in verband met de grondrechten; verzoekt de Commissie en de begrotingsautoriteit alle EU-agentschappen van adequate en voorspelbare middelen te voorzien;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>benadrukt dat de stijging van de ontvangsten van 2023 tot 2024 aanzienlijk is geweest voor sommige agentschappen, waaronder EEA, EIT, ELA, Enisa en EUDA, met stijgingen van de begroting van meer dan 21 %;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>neemt er kennis van dat de verhoging van de begroting van het EEA voor 2024 een weerspiegeling is van de uitbreiding van zijn wetgevende mandaten en operationele verantwoordelijkheden, die voortvloeien uit de uitvoering van het beleid van de Europese Green Deal, zoals de verordening natuurherstel (die laat in 2024 is aangenomen), een herschikking van de verordening betreffende een Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen (Europees PRTR), de EU-certificering voor koolstofverwijderingen en koolstoflandbeheer (CRCF) en een initiatief voor uitgebreidere monitoring van emissies van zware voertuigen die werden ondersteund met de aanwerving van personeel; merkt voorts op dat het agentschap ook taken heeft uitgevoerd in het kader van de herziene verordening inzake landgebruik, verandering in landgebruik en bosbouw (2023); is zich er tevens van bewust dat nieuwe overeenkomsten inzake dienstverleningsniveau (SLA’s) met het DG Maritieme Zaken en Visserij, het DG Gezondheid en Voedselveiligheid en het DG Onderzoek en Innovatie de rol van het agentschap op het gebied van oceaan-/waterherstel, gezondheidsbedreigingen en de integratie van milieugegevens hebben uitgebreid, waarbij gegevens en analyses als input voor het milieubeleid van de Unie worden verstrekt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>merkt op dat de stijging van de EIT-begroting door verschillende factoren wordt verklaard, waaronder hogere kredieten voor Horizon Europa (+10,25 %), 24,6 miljoen EUR aan nieuwe financiering voor het initiatief voor instellingen voor hoger onderwijs (IHO’s) en 16,7 miljoen EUR uit nieuwe bijdrageovereenkomsten met DG’s van de Commissie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>neemt er kennis van dat de stijging van de ELA-begroting in 2024 voornamelijk wordt verklaard door de transitie van het agentschap naar volledige operationele capaciteit, hetgeen een aanzienlijke versterking van de personele middelen en operationele capaciteiten vereist; beklemtoont dat dit personeelsaanpassingen (9,5 miljoen EUR, 44 %) omvat, waaronder de omzetting van 15 GND’s in technische assistenten en salarisaanpassingen, gevolgd door operationele uitbreidingen (7 miljoen EUR, 33 %) voor de upgrades en inspectieactiviteiten van het Europees portaal voor beroepsmobiliteit, en inflatiegerelateerde kosten (1,2 miljoen EUR, 15 %) voor ICT/cyberbeveiliging en inflatiedruk;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>merkt op dat de verhoging van de begroting van Enisa het gevolg is van de eerste tranche van 16 miljoen EUR die in februari 2024 is ontvangen uit hoofde van een eind december 2023 ondertekende bijdrageovereenkomst tussen het DG Communicatienetwerken, Inhoud en Technologie en Enisa, waarbij in totaal 20 miljoen EUR wordt toegekend voor de uitvoering van acties op het gebied van cyberondersteuning en situatiecentra in de periode 2024-2026; is zich ervan bewust dat het Agentschap voor 2024 werkte met een begroting van 26,2 miljoen EUR, vergeleken met de begroting van 25,2 miljoen EUR voor 2023;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>is bezorgd dat Enisa zich in een kritieke positie bevindt als gevolg van de toenemende complexiteit van de cyberbeveiligingsbehoeften van de Unie, de voortdurende escalatie van cyberdreigingen en het gebrek aan evenredige financiering en voldoende personeel; sluit zich aan bij de conclusies van de Raad over Enisa van december 2024, waarin wordt gewezen op de centrale rol van Enisa in het cyberbeveiligingsecosysteem van de Unie en op de noodzaak om de financiering en de middelen af te stemmen op zijn uitgebreide mandaat; wijst erop dat aanvullende middelen gepaard moeten gaan met meetbare prestatiedoelstellingen en regelmatige verslaglegging over de concrete bereikte resultaten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>33.</NO.P>merkt op dat wat het EUDA betreft, de stijging voornamelijk het gevolg is van de inwerkingtreding van Verordening (EU) 2023/1322, die voorziet in een gerichte herziening van het mandaat van het agentschap opdat het een belangrijkere rol zou spelen bij het vaststellen en aanpakken van huidige en toekomstige problemen in verband met illegale drugs in de Unie; neemt er kennis van dat dit een verdieping van het huidige mandaat van het agentschap, nieuwe taken en een verhoging van de toegewezen middelen voor de vereiste uitvoering vanaf 2024 met zich mee zal brengen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>34.</NO.P>neemt kennis van de geleidelijke uitbreiding van het mandaat van Europol, met inbegrip van onlangs aangenomen en voorgestelde maatregelen die meer mogelijkheden bieden om ernstige en georganiseerde misdaad te bestrijden, zoals migrantensmokkel, mensenhandel, cybercriminaliteit en terrorisme; herinnert eraan dat deze ontwikkelingen onder meer een intensievere samenwerking met particuliere actoren door middel van rechtstreekse gegevensuitwisselingen, versterkte grootschalige gegevensanalysecapaciteiten en verbeterde operationele bijstand aan lidstaten via gespecialiseerde ondersteuningsteams omvatten; benadrukt dat voor een doeltreffende uitvoering van deze bijkomende taken de personele middelen van Europol, maar ook robuuste interne waarborgen, voldoende nalevingscapaciteit en het aantal versterkte toezichtsmechanismen dienovereenkomstig moeten worden verhoogd; merkt op dat de begroting van Europol in 2024 met 5,78 % is gestegen ten opzichte van 2023; dringt erop aan dat de begroting van Europol verder wordt versterkt om het aanhoudende personeelstekort aan te pakken en ervoor te zorgen dat de financiële middelen van het agentschap in verhouding staan tot zijn groeiende verantwoordelijkheden; wijst op de sleutelrol van Europol bij de bestrijding van migrantensmokkel, mensenhandel, grensoverschrijdende criminaliteit en terrorisme; benadrukt dat Frontex zich moet richten op kernoperaties; is ingenomen met de voortdurende inspanningen van Frontex om zijn grondrechtenfunctionaris te versterken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>35.</NO.P>dringt aan op een uitbreiding van het personeelsbestand van Eurojust gezien het geplande versterkte mandaat van het agentschap om derde landen op te nemen, met name na de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne in 2022, waardoor Eurojust bewijsmateriaal van internationale kernmisdrijven (oorlogsmisdaden, genocide, misdrijven tegen de menselijkheid) kan verzamelen, opslaan en analyseren en kan delen met nationale autoriteiten en internationale organen, waaronder het Internationaal Strafhof, en dat voor dit doel een speciale databank voor bewijsmateriaal van internationale kernmisdrijven moet worden opgezet, waarmee het agentschap zich niet langer beperkt tot het ondersteunen van onderzoeken, maar actief essentieel bewijsmateriaal veiligstelt voor toekomstig onderzoek, en waarbij moet worden opgemerkt dat de begroting voor 2024 slechts een bescheiden procentuele stijging ten opzichte van de begroting voor 2023 liet zien, en dringt er met het oog op het verwachte toekomstige mandaat op aan dat de financiering voor personeel dienovereenkomstig wordt verhoogd, samen met de algemene begroting;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>36.</NO.P>herinnert eraan dat de meeste agentschappen van de Unie volledig worden gefinancierd door bijdragen uit de EU-begroting; merkt echter op dat sommige agentschappen geheel of gedeeltelijk worden gefinancierd uit alternatieve inkomstenbronnen, zoals de afgifte van certificaten, vergunningen, registratie van stoffen, bijdragen, gegevensverzameling, markttoezicht, toezicht en andere diensten, zoals de levering van vertalingen en terminologie door het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie (CdT);</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>37.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">wijst met name op het volgende:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>tot de agentschappen die gedeeltelijk in hun eigen financiering voorzien, behoren het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators (ACER), het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA), het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA), het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) en het Spoorwegbureau van de Europese Unie (ERA);</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>agentschappen die volledig in hun eigen financiering voorzien, zijn onder meer het CdT;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>agentschappen die gedeeltelijk door nationale overheidsinstanties worden medegefinancierd, zijn onder meer de Europese Bankautoriteit (EBA), de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen (Eiopa) en de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA);</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>38.</NO.P>merkt op dat voor 2024 de financieringsbronnen van de agentschappen die in hun eigen financiering voorzien en die worden behandeld in deze resolutie, als volgt waren uitgesplitst:</P></ACTION><ACTION><P><TABLE><TGROUP COLS="7"><COLSPEC COLNAME="C1" COLNUM="1" COLWIDTH="11.86*"/><COLSPEC COLNAME="C2" COLNUM="2" COLWIDTH="21.07*"/><COLSPEC COLNAME="C3" COLNUM="3" COLWIDTH="18.28*"/><COLSPEC COLNAME="C4" COLNUM="4" COLWIDTH="6.69*"/><COLSPEC COLNAME="C5" COLNUM="5" COLWIDTH="18.27*"/><COLSPEC COLNAME="C6" COLNUM="6" COLWIDTH="6.69*"/><COLSPEC COLNAME="C7" COLNUM="7" COLWIDTH="17.14*"/><TBODY><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P> </P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on">Inkomsten 2024</STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on">EU-bijdrage </STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on">%</STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on">Eigen inkomsten</STRING> <FOOTNOTE><FIELD> Eigen inkomsten hebben betrekking op vergoedingen voor certificaten, vergunningen, registratie van stoffen, bijdragen, gegevensverzameling, markttoezicht, toezicht en andere diensten.</FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P><STRING BOLD="on">%</STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P><STRING BOLD="on">Andere</STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>ACER</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>34 679 976 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P>23 012 293 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P>66 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P>11 667 683 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P>34 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P>0 EUR</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>CdT</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>45 346 300 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P>0 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P>0 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P>44 411 200 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P>98 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P>935 100 EUR</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>EASA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>183 306 903,00 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P>44 984 486 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P>25 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P>135 687 417 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P>74 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P>2 635 000 EUR</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>EBA<FOOTNOTE><FIELD> Eigen inkomsten verwijst naar bijdragen van nationale toezichthoudende autoriteiten.</FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>56 906 201 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P>20 857 871 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P>37 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P>34 062 640 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P>60 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P>1 985 690 EUR</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>ECHA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>128 712 666 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P>88 028 813 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P>68 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P>34 117 052 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P>27 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P>6 566 801 EUR</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Eiopa</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>37 561 192 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P>13 886 130 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P>37 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P>23 035 010 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P>61 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P>640 052 EUR</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>EMA<FOOTNOTE><FIELD> Eigen inkomsten verwijst naar bijdragen van nationale toezichthoudende autoriteiten.</FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>491 862 000 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P>35 826 000 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P>7 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P>441 910 000 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P>90 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P>14 126 000 EUR</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>ERA</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>41 936 376 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P>29 000 626 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P>69 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P>11 913 156 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P>28 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P>1 022 594 EUR</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>ESMA<FOOTNOTE><FIELD> Eigen inkomsten omvatten bijdragen van nationale toezichthoudende autoriteiten en aan de Autoriteit betaalde vergoedingen.</FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>76 055 579 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P>19 938 075 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P>26 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P>54 015 802 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P>71 %</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P>2 101 702 EUR</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>TOTAAL</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>1 096 367 193 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P>275 534 294 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P/></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P>790 819 960 EUR</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C6"><P/></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C7"><P>30 012 939 EUR</P></ENTRY></ROW></TBODY></TGROUP></TABLE></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>39.</NO.P>herinnert eraan dat in de kwijtingsresolutie voor 2023 reeds werd gewezen op het belang van versterking van de Europese toezichthoudende autoriteiten (EBA, Eiopa en ESMA); is zich ervan bewust dat hun oprichtingsverordeningen geen scheiding voorschrijven tussen activiteiten die worden gefinancierd uit bijdragen van de Unie en nationale bijdragen en dat het algemene mechanisme voor kostendeling geen onderscheid vereist op het niveau van afzonderlijke activiteiten, waardoor deze autoriteiten geen onderscheid maken tussen kosten die worden gedekt door de begroting van de Unie en kosten die worden gefinancierd door de lidstaten, zoals de Rekenkamer heeft benadrukt in haar jaarverslag in 2023;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>40.</NO.P>is van mening dat het vergroten van de transparantie van de budgettering en activiteitsgestuurde verslaglegging zou bijdragen tot een beter toezicht en een betere verantwoordingsplicht, met name voor agentschappen die uit meerdere inkomstenstromen worden gefinancierd, waardoor belanghebbenden, waaronder lidstaten, financiële instellingen en belastingbetalers, de efficiëntie en billijkheid beter kunnen beoordelen; wijst erop dat duidelijkheid over het verband tussen inkomstenbronnen en activiteiten het vertrouwen in een goed gebruik van de middelen van de Unie versterkt, met inachtneming van het rechtskader dat is vastgesteld in de oprichtingsverordeningen van de agentschappen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>41.</NO.P>neemt kennis van het voorstel van de Commissie voor de verordening betreffende het Europees Agentschap voor chemische stoffen, dat maatregelen invoert om de financiële houdbaarheid van het agentschap te versterken, met inbegrip van de mogelijkheid om een beperkte reserve aan te leggen om de volatiliteit van de inkomsten uit vergoedingen op te vangen en de afhankelijkheid van herhaalde begrotingswijzigingen te verminderen; wijst er echter op dat het aanleggen van een dergelijke reserve robuuste waarborgen vereist, aangezien het risico’s met zich meebrengt, waaronder het structureel te veel innen van vergoedingen en de mogelijkheid om geaccumuleerde middelen te gebruiken voor doeleinden die verder gaan dan stabilisatie op de korte termijn; is van oordeel dat dit betekent dat transparantie van de kosten en van het verband tussen vergoedingen en activiteiten essentieel is, onder meer door verslaglegging op basis van activiteiten, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen door vergoedingen gefinancierde en door de Unie gefinancierde taken; beveelt aan dat alle reserves die het plafond overschrijden, terugvloeien naar de begroting van de Unie, hetzij door terugbetaling, hetzij door verlaging van de bijdrage van de Unie voor het volgende jaar, teneinde accumulatie te voorkomen en de fundamentele begrotingsbeginselen in acht te nemen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>42.</NO.P>is bezorgd over het negatieve economische resultaat van het CdT van 5,7 miljoen EUR en de voortdurende daling van de inkomsten uit exploitatie, die voornamelijk verband houdt met de daling van het aantal gefactureerde pagina’s met 11,4 % in 2024 en met 17,6 % in 2023; merkt op dat de reserve voor prijsstabiliteit, die in 2011 in het leven werd geroepen om schommelingen in het volume van de activiteiten van klanten te compenseren en om het CdT te helpen begrotings- en prijsstabiliteit te waarborgen, in 2014 een piek van 15,6 miljoen EUR bereikte en in 2024 tot 8,9 miljoen EUR was gedaald (een daling van 42,9 % sinds 2014); is zich ervan bewust dat, zodra de reserve volledig is uitgeput, eventuele verdere tekorten moeten worden gedekt door EU-begrotingssubsidies, zoals bepaald in de oprichtingsverordening van het CdT; neemt kennis van het aanvullende antwoord van het CdT op de kwijting voor 2023 en verzoekt de raad van bestuur verslag te blijven uitbrengen over de ontwikkeling van deze plannen aan de kwijtingsautoriteit, gezien de voortdurende daling van de inkomsten; moedigt het CdT aan om nieuwe diensten die het zou kunnen leveren en nieuwe inkomstenbronnen vast te stellen, gezien de prevalentie van nieuwe gratis vertaaltechnologieën die het aantal vertaalaanvragen zouden kunnen beïnvloeden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>43.</NO.P>benadrukt dat in het Financieel Reglement weliswaar geen maxima voor overdrachten zijn vastgesteld, maar dat terugkerende en buitensporige niveaus van overdrachten het begrotingsbeginsel van jaarperiodiciteit ondermijnen en kunnen wijzen op structurele problemen in het begrotingsproces en de uitvoeringscyclus;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>44.</NO.P>merkt op dat in 2024 elf agentschappen (ACER, ECDC, EEA, EFCA, EIGE, Enisa, EU‑OSHA, Eurofound, Euspa, FRA en Frontex) meer dan 15 % overdrachten hadden in gecombineerde begrotingstitels, met terugkerende patronen; merkt op dat in het geval van Frontex en het ESA de overdrachten respectievelijk meer dan 40 % en 30 % bedroegen; verzoekt de agentschappen om de meerjarenplanning, de planning van aanbestedingen en de prognoses van vastleggingen te verbeteren ter ondersteuning van de betere besteding van kredieten binnen het begrotingsjaar waarvoor zij zijn goedgekeurd; verzoekt de Commissie agentschappen met terugkerende overdrachten te verplichten corrigerende actieplannen in te dienen; herinnert eraan dat de Rekenkamer in haar jaarverslag over de EU-agentschappen voor het begrotingsjaar 2024 heeft benadrukt dat terugkerende hoge niveaus van overdrachten het begrotingsbeginsel van jaarperiodiciteit ondermijnen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>45.</NO.P>is van mening dat overdrachten in sommige gevallen gerechtvaardigd kunnen zijn gezien het meerjarige karakter van de verrichtingen of gezien factoren waarop de betrokken agentschappen geen vat hebben; neemt kennis van de verklaring van de Rekenkamer tijdens de hoorzitting van 1 december 2025 dat zij in het kader van haar nieuwe controleaanpak zal trachten in toekomstige verslagen een duidelijker algemeen overzicht te geven van de aard van de overdrachten, en erkent tegelijkertijd de verduidelijking van de Rekenkamer dat een uitsplitsing per agentschap van de oorzaken van de overdrachten niet haalbaar is vanwege methodologische beperkingen en een gebrek aan middelen; is ingenomen met de bereidheid van de Rekenkamer om terugkerende patronen en systematische factoren die bijdragen tot buitensporige overdrachten aan het licht te brengen; wijst er niettemin op dat aanhoudend hoge en terugkerende niveaus van overdrachten kunnen wijzen op onderliggende structurele uitdagingen bij de planning, uitvoering of toewijzing van middelen; verzoekt de agentschappen hun begrotingsprognoses en projectplanning te verbeteren om ongeplande overdrachten tot een minimum te beperken en ervoor te zorgen dat de kredieten binnen het begrotingsjaar efficiënt worden gebruikt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>46.</NO.P>herinnert eraan dat het regelgevingskader voorschrijft dat agentschappen hun betalingen verrichten binnen specifieke termijnen; merkt op dat het niet naleven van deze termijnen kan leiden tot bijkomende kosten zoals achterstandsrente; merkt op dat de Rekenkamer voor 2024 meldt dat voor elf agentschappen (ACER, Cedefop, Cepol, EEA, ELA, Enisa, ETF, EUDA, Eurojust, FRA en Frontex) meer dan 5 % van de betalingen na de vastgestelde uiterste termijn werd verricht; is bezorgd over de toename van het aantal te late betalingen sinds 2022, wat neerkomt op een stijging ten opzichte van 2023 (negen agentschappen) en 2022 (vijf agentschappen);</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING ITALIC="on">Aanbevelingen</STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>47.</NO.P>dringt aan op de noodzaak om ervoor te zorgen dat de wettelijke termijnen voor betalingen worden nageleefd en merkt op dat een hoge frequentie van vertraagde betalingen negatieve gevolgen kan hebben voor de reputatie van de agentschappen; verzoekt de betrokken agentschappen maatregelen te nemen om toekomstige betalingsachterstanden en achterstandsrente te voorkomen en te zorgen voor een tijdige afwikkeling van verplichtingen; herinnert eraan dat de naleving van betalingstermijnen uit hoofde van het Financieel Reglement een wettelijke verplichting en een kernelement van het financieel beheer vormt; verzoekt de agentschappen corrigerende maatregelen te nemen wanneer er gedurende meerdere jaren nog steeds sprake is van te late betalingen, om ervoor te zorgen dat de wettelijke termijnen systematisch in acht worden genomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>48.</NO.P>verzoekt de Europese toezichthoudende autoriteiten (EBA, Eiopa en ESMA) de transparantie te vergroten van hun activiteiten die uit verschillende inkomstenstromen worden gefinancierd, teneinde het boekhoudkundig toezicht te verbeteren, zoals aanbevolen door de Rekenkamer met betrekking tot inkomstenbeheer en financieringsstructuren;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De belangrijkste door de Rekenkamer vastgestelde risico’s en overzicht van de controleresultaten</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>49.</NO.P>neemt akte van de conclusie van de Rekenkamer in haar jaarverslag over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2024 (“het verslag van de Rekenkamer”) dat de resultaten van de door de Rekenkamer uitgevoerde controle vergelijkbaar waren met die van de jaren daarvoor, waarbij tekortkomingen in openbare aanbestedingsprocedures als de belangrijkste bron van onregelmatige betalingen werden beschouwd; verzoekt de betrokken agentschappen hun controles vooraf te versterken, de documentatie van gunningscriteria te verbeteren en voor een strikte rechtvaardiging voor onderhandelingsprocedures zonder voorafgaande bekendmaking te zorgen; verzoekt de Commissie gerichte begeleiding en opleiding te bieden aan agentschappen met terugkerende tekortkomingen op het gebied van aanbesteding; verzoekt de agentschappen voorts te zorgen voor volledige traceerbaarheid, mededingingsprocedures en een goede administratie bij alle aanbestedingsactiviteiten, en verzoekt de interne-auditdiensten van de agentschappen prioriteit te geven aan beoordelingen van aanbestedingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>50.</NO.P>merkt in het verslag van de Rekenkamer op dat het algehele risico voor de betrouwbaarheid van de rekeningen van de agentschappen over het algemeen laag blijft en dat het risico met betrekking tot de wettigheid en regelmatigheid van de ontvangsten binnen de rekeningen van de agentschappen voor de meeste agentschappen eveneens laag is; merkt voorts op dat dit risico voor agentschappen die gedeeltelijk in hun eigen financiering voorzien als middelhoog wordt beoordeeld vanwege de specifieke regelgeving voor het innen van vergoedingen en andere bijdragen aan de inkomsten, en dat deze situatie ook in voorgaande jaren is waargenomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>51.</NO.P>merkt op dat volgens het verslag van de Rekenkamer het risico voor de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende betalingen bij de rekeningen van de agentschappen over het algemeen middelhoog is, maar uiteenloopt van laag tot hoog, afhankelijk van de specifieke begrotingstitels; merkt op dat de Rekenkamer van oordeel is dat het risico bij titel I (Personeelsuitgaven) over het algemeen laag is, dat bij titel II (Administratieve uitgaven) het risico middelhoog is en dat bij titel III (Operationele uitgaven) het risico varieert van laag tot hoog, afhankelijk van het agentschap in kwestie en de aard van de operationele uitgaven; wijst erop dat de Rekenkamer de risico’s in verband met titel III vergelijkbaar acht met die in verband met titel II, maar dat het effect in het kader van titel III groter wordt geacht omdat het daar gaat om veel hogere bedragen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>52.</NO.P>merkt op dat de Rekenkamer, net als in voorgaande jaren, het risico voor een goed financieel beheer als middelhoog beschouwt en voornamelijk in verband brengt met openbare aanbestedingsprocedures;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>53.</NO.P>merkt op dat de Rekenkamer het risico voor het begrotingsbeheer laag acht, waarbij de in de controleverslagen van de Rekenkamer aangegeven tekortkomingen voornamelijk betrekking hebben op de automatische overdrachten van niet-uitgesplitste kredieten en late betalingen; benadrukt dat de tekortkomingen in beheer- en controlesystemen betrekking hebben op kwesties zoals het ontbreken van adequate controles achteraf/vooraf, aanbestedingsprocedures voor operationele uitgaven die zijn uitgeschreven zonder passende financieringsbesluiten, uitgaven die zijn gedaan zonder de juiste bevoegdheidsdelegatie van een ordonnateur, en tekortkomingen in het beheer van subsidies en vertragingen bij de evaluatie van een agentschap door de Commissie; wijst erop dat deze door de Rekenkamer genoemde tekortkomingen goed financieel beheer ondermijnen en agentschappen aan financiële en reputatierisico’s blootstellen; verzoekt de betrokken agentschappen ervoor te zorgen dat het Financieel Reglement volledig wordt nageleefd en de nodige corrigerende maatregelen te nemen, en verzoekt de Commissie nauwlettend toe te zien op de uitvoering ervan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>54.</NO.P>neemt er kennis van dat de Rekenkamer in 2024 in totaal 72 opmerkingen heeft gemaakt, die betrekking hadden op verschillende kwesties op het gebied van aanbestedingen (34 opmerkingen), beheer- en controlesystemen (elf opmerkingen) (andere dan aanbestedings- en personele kwesties) en begrotingsbeheer (27 opmerkingen);</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>55.</NO.P>merkt op dat de Rekenkamer oordelen zonder beperking heeft afgegeven over de betrouwbaarheid van de rekeningen van alle agentschappen; merkt op dat de Rekenkamer oordelen zonder beperking heeft afgegeven over de wettigheid en regelmatigheid van de ontvangsten die ten grondslag liggen aan de rekeningen van alle agentschappen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>56.</NO.P>merkt op dat voor alle agentschappen, met uitzondering van de Europese Arbeidsautoriteit (ELA), een oordeel zonder beperking inzake de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende betalingen bij de rekeningen is afgegeven;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>57.</NO.P>merkt op dat de beperking in het geval van de ELA betrekking heeft op in 2024 verrichte betalingen ten bedrage van 2,6 miljoen EUR, hetgeen neerkomt op 5,7 % van de totale beschikbare betalingskredieten; merkt op dat dit bedrag 2,2 miljoen EUR omvat in verband met een contract dat in het controleverslag van 2022 onregelmatig werd geacht omdat de gegunde waarde hoger was dan de vastgestelde maximale contractlimiet, hetgeen in strijd is met punt 12.3, a), van bijlage I bij het Financieel Reglement, en 0,4 miljoen EUR in verband met tekortkomingen bij de controles vooraf van de uitvoering van het contract; neemt kennis van het antwoord van de ELA tijdens de hoorzitting van 1 december 2025 dat, ondanks de onregelmatige gunning, de feitelijke betalingen in het kader van het contract onder het plafond van 6 miljoen EUR bleven dat in het bestek was vastgesteld, en dat het contract van essentieel belang was om de continuïteit van de activiteiten van de autoriteit tijdens haar oprichtingsfase te waarborgen; merkt voorts op dat het onregelmatige contract in februari 2024 afliep en niet werd verlengd; is verheugd over de verzekering van de autoriteit dat er corrigerende maatregelen zijn genomen, waaronder herziene aanbestedingsdocumentatie, aangescherpte aanbestedingsprocedures en geactualiseerde interne controlelijsten om soortgelijke onregelmatigheden te voorkomen; dringt er bij de ELA op aan de plannings- en prioriteringsmechanismen te versterken om een efficiënt gebruik van kredieten en een tijdige uitvoering van operationele activiteiten in de toekomst te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>58.</NO.P>benadrukt dat de Rekenkamer toelichtende paragrafen heeft opgenomen om een in de rekeningen vermelde of openbaargemaakte aangelegenheid te beklemtonen die zo belangrijk is dat deze van fundamenteel belang is voor het goed begrip van de rekeningen of de onderliggende ontvangsten of betalingen; merkt voorts op dat de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2024 gebruik heeft gemaakt van toelichtende paragrafen voor de volgende agentschappen in deze resolutie: CdT, Cepol, EBA, EIT, EMA en ESMA;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>59.</NO.P>stelt vast dat de “opmerkingen” in de specifieke jaarverslagen over de agentschappen in feite “niet-tijdgebonden aanbevelingen” van de Rekenkamer zijn; merkt op dat de Rekenkamer jaarlijks gevolg geeft aan deze opmerkingen door hun status als “openstaand” of “afgesloten” te beoordelen; is echter van mening dat voor reeds lang openstaande opmerkingen tijdige en concrete corrigerende maatregelen nodig moeten zijn, in combinatie met versterkt toezicht door de respectieve raden van bestuur, om terugkerende tekortkomingen te voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>60.</NO.P>merkt op dat van de in totaal 109 opmerkingen van de Rekenkamer in verband met voorgaande jaren met betrekking tot de agentschappen die in deze resolutie behandeld worden, er in 2024 66 zijn afgesloten, terwijl er 39 nog open staan en twee gedeeltelijk zijn afgesloten; merkt op dat het aantal lopende opmerkingen varieert tussen de agentschappen, waarbij sommige geen openstaande opmerkingen hebben, zoals het geval is van het Berec-Bureau, CdT, Cepol, EASA, EBA, ECHA, EFSA, EMA, EMSA, ERA, ESA en ESMA, en het hoogste aantal openstaande opmerkingen blijft bestaan bij ACER (vier), ELA (vijf), eu-LISA (vijf) en Frontex (vier), vergeleken met ACER (drie), ELA (vijf), eu‑LISA (acht) en Frontex (zeven) in 2023; erkent de verbeteringen en moedigt de agentschappen aan om inspanningen te blijven leveren om de openstaande kwesties op te lossen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>61.</NO.P>neemt er kennis van dat zeven van de 39 openstaande opmerkingen (53 in 2023) verwijzen naar een hoog niveau van overdrachten (ACER, ECDC, EFCA, EIGE, Eurofound, FRA en Frontex); erkent dat de ELA en eu‑LISA het percentage overdrachten hebben verlaagd tot 15 %, de meldingsdrempel van de Rekenkamer;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Agentschappen op het gebied van economische en financiële zaken</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD> EBA, Eiopa en ESMA.</FIELD></FOOTNOTE></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>62.</NO.P>neemt kennis van de opmerkingen van de Rekenkamer over het contractbeheer van de ESMA, met name zes incidenten in 2024 waarbij diensten werden verleend voordat het contract was ondertekend, hetgeen in strijd is met artikel 172, lid 1, van het Financieel Reglement; erkent dat 30 556 EUR aan eerdere betalingen onregelmatig waren, hoewel de ESMA wijst op het geringe materieel belang (0,04 % van de totale betalingen) en opmerkt dat de gevallen intern zijn opgespoord; merkt op dat alle betalingen (30 606 EUR) zijn gedaan in het kader van bestaande raamovereenkomsten, waardoor het juridische risico beperkt is;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>63.</NO.P>vestigt de aandacht op de aanzienlijke impact van de verordening digitale operationele weerbaarheid (DORA) en de verordening betreffende cryptoactivamarkten (MiCA) op de operationele mandaten en taken van de Europese Bankautoriteit (EBA); stelt met bezorgdheid vast dat in de oorspronkelijke bepalingen niet voldoende aandacht werd besteed aan de financiering die nodig is voor het vaststellen van deze functies of voor de voorbereidings- en uitvoeringsfasen van het desbetreffende beleid; staat volledig achter het standpunt van de autoriteit dat toekomstige financiële memoranda moeten anticiperen op en moeten voorzien in adequate middelen voor de tijdige en doeltreffende opzet van dergelijke complexe mandaten; dringt erop aan dat er voldoende financiële middelen beschikbaar worden gesteld om deze uitbreiding van het mandaat aan te kunnen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>64.</NO.P>merkt op dat de aanbestedingsprocedure onder leiding van de ESMA, waaraan de EBA als aanbestedende dienst heeft deelgenomen, heeft geresulteerd in de gunning van een raamovereenkomst met een plafond van 40,2 miljoen EUR in december 2022; merkt op dat in januari 2023 een verzoekschrift is ingediend met betrekking tot de uitkomst van de procedure, waarin wordt verzocht om nietigverklaring van het gunningsbesluit en om schadevergoeding; is ingenomen met het feit dat het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 29 oktober 2025 verzoekers vorderingen tot nietigverklaring en tot schadevergoeding volledig heeft afgewezen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING ITALIC="on">Aanbevelingen</STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>65.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">verzoekt de agentschappen, met name:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>de ESMA, om de controles vooraf te versterken, de monitoringinstrumenten te verbeteren en opleiding aan te bieden om herhaling in de toekomst te voorkomen;</ITEM></LIST></P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Agentschappen op het gebied van justitie en binnenlandse zaken</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD> Cepol, EIGE, EUAA, eu-LISA, Eurojust, Europol, FRA en Frontex.</FIELD></FOOTNOTE></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>66.</NO.P>merkt op dat Cepol in juni 2024 te maken kreeg met een aanzienlijke cyberaanval die gevolgen had voor alle bedrijfsonderdelen, waardoor tien opleidingsactiviteiten ter plaatse werden geannuleerd en alle onlineopleidingen voor de rest van het jaar werden opgeschort; merkt voorts op dat het voorval niet alleen de operationele activiteiten van Cepol heeft verstoord, maar ook heeft geleid tot extra ongeplande uitgaven in verband met de respons op incidenten, systeemherstel en verbeterde cyberbeveiligingsmaatregelen; merkt op dat de beveiligingsinbreuk het rechtstreekse gevolg was van een geavanceerde cyberaanval die gericht was tegen de digitale infrastructuur van Cepol, en dat onbevoegde actoren toegang kregen tot een aanzienlijke hoeveelheid persoonsgegevens, waardoor de vertrouwelijkheid, integriteit en beschikbaarheid ervan in het gedrang kwamen; benadrukt dat als gevolg van het cyberincident ongeveer 99 000 personen rechtstreeks op de hoogte moesten worden gebracht van de inbreuk op hun persoonsgegevens en dat de aanval heeft geleid tot een strafrechtelijk onderzoek dat wordt ondersteund door CERT-EU en Europol; is bezorgd over het feit dat, ondanks bepaalde indirecte aanwijzingen, de dreigingsactor niet onomstotelijk is geïdentificeerd; vestigt de aandacht op het advies van CERT-EU om de infrastructuur opnieuw op te bouwen, wat binnen drie weken moet leiden tot de uitvoering van een zero trust-, volledig cloudgebaseerde IT-omgeving met nieuwe apparatuur door het DG Digitale Diensten; merkt op dat Cepol in het kader van zijn cyberbeveiligingsplan momenteel bezig is met de uitvoering van 42 taken en projecten op het gebied van cyberbeveiliging; benadrukt dat voor alle personeelsleden bewustmakings- en opleidingssessies op het gebied van ICT-beveiliging zijn uitgerold, aangevuld met regelmatige kennisgevingen en updates op het intranet, als onderdeel van de standaardpraktijk; wijst erop dat tekortkomingen op het gebied van cyberbeveiliging niet alleen operationele, maar ook reputatie-, financiële en juridische risico’s voor de agentschappen meebrengen; dringt aan op bindende minimumnormen voor cyberbeveiliging en adequate, stabiele financiering om de doeltreffende uitvoering ervan te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>67.</NO.P>wijst erop dat wanneer agentschappen buiten het grondgebied van de Unie actief zijn of met autoriteiten van derde landen samenwerken, zij volledig gebonden blijven aan het Unierecht; verzoekt de Commissie ervoor te zorgen dat samenwerkingsovereenkomsten, operationele regelingen en kaders voor gegevensuitwisseling afdwingbare waarborgen, monitoringmechanismen en duidelijke rapportageverplichtingen jegens de kwijtingsautoriteit omvatten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>68.</NO.P>herinnert eraan dat met Verordening (EU, Euratom) 2023/2841<FOOTNOTE><FIELD> Verordening (EU, Euratom) 2023/2841 van het Europees Parlement en de Raad van 13 december 2023 tot vaststelling van maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de instellingen, organen en instanties van de Unie (PB L, 2023/2841, 18.12.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/2841/oj).</FIELD></FOOTNOTE> een bindend en ambitieus kader voor cyberbeveiliging voor alle gedecentraliseerde agentschappen wordt vastgesteld dat financiële mechanismen, operationele platforms en gevoelige gegevens omvat, alsook de invoering van robuuste technische en organisatorische maatregelen in alle ICT-omgevingen, de geleidelijke overgang naar een zero trust-architectuur, versterkte samenwerking met CERT-EU, het DG Digitale Diensten en andere relevante interinstitutionele organen, alsook strikte verplichtingen voor het melden van incidenten; merkt op dat verschillende van deze kernvereisten een uitdaging blijven gezien de huidige ongelijke niveaus van paraatheid bij de agentschappen; wijst erop dat het cyberbeveiligingsincident waarmee Cepol te maken had, aantoont aan welke dagelijkse cyberdreigingen de agentschappen worden blootgesteld en hoe kwetsbaar zij zijn bij de omgang met gevoelige gegevens; dringt aan op een versnelde uitvoering bij alle agentschappen van de bepalingen inzake cyberbeveiliging van Verordening (EU, Euratom) 2023/2841, en op regelmatige stresstests van de informatietechnologieën van de agentschappen; dringt er bij de agentschappen op aan de realtimemonitoring van dreigingen, de responscapaciteit en de opleiding van personeel op het gebied van cyberbeveiliging te verbeteren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>69.</NO.P>wijst op de ondervertegenwoordiging van mannen in het personeelsbestand van het EIGE met slechts 29 % en 21 % (acht mannen) in de raad van bestuur, en moedigt het EIGE aan om bij de toekomstige aanwerving van personeel een evenwichtigere gendervertegenwoordiging te bereiken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>70.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">neemt kennis van de opmerkingen van de Rekenkamer over de beheer- en controlesystemen van het EIGE, waaronder:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>onregelmatigheden bij aanbestedingen: wijst erop dat het EIGE in 2024 buitensporige vereisten inzake financiële draagkracht en restrictieve selectiecriteria heeft gehanteerd in een aanbestedingsprocedure voor schoonmaakdiensten die volgens de Rekenkamer potentiële inschrijvers hadden kunnen afschrikken of zelfs verhinderen om deel te nemen; erkent dat het EIGE benadrukt dat de restrictieve criteria werden gevraagd door de medecontractanten (Commissie en Parlement) en dat geen enkele potentiële inschrijver over de selectiecriteria heeft geklaagd;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>inadequate beoordeling van de offertes: merkt op dat de evaluatiecomités van het EIGE bij twee aanbestedingen (220 000 EUR en 193 175 EUR) het vermogen van de inschrijvers om deskundigenteams te leiden niet naar behoren hebben beoordeeld, omdat het EIGE in het bestek niet had geëist dat de inschrijvers ter zake passend bewijsmateriaal zouden overleggen, waardoor het risico bestond dat de dienstverlening zou te wensen overlaten;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>zwak toezicht op contracten: erkent dat het EIGE facturen heeft betaald die in het kader van drie “tijd en middelen”-contracten zijn uitgevoerd zonder de feitelijk gewerkte dagen te verifiëren, waardoor artikel 45, lid 5, van zijn financieel reglement is geschonden en het EIGE aan het risico van te hoge betalingen is blootgesteld; merkt op dat het EIGE de controles vooraf dienovereenkomstig zal versterken;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>71.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">neemt kennis van de bevindingen van de Rekenkamer met betrekking tot eu-LISA, waarvan de meeste betrekking hebben op onregelmatigheden bij aanbestedingen die in voorgaande jaren zijn gestart, met onregelmatige betalingen in 2024 als gevolg, onder meer:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>onregelmatigheden in een procedure van gunning door onderhandelingen die in 2019 is gestart en in 2020 is afgerond voor de huur van een pand in Straatsburg, waarbij de oppervlakte van het pand en het aantal werkplekken onder de in het bestek vastgestelde behoeften lagen en de kwaliteit van de offerte als zeer laag werd beoordeeld, maar niet werd afgewezen; merkt voorts op dat ook over de gunningscriteria naderhand met de inschrijver is onderhandeld, hetgeen in strijd is met artikel 167, lid 3, en punt 6.5 van bijlage I bij het Financieel Reglement; benadrukt dat de procedure van gunning door onderhandelingen en het daaruit voortvloeiende huurcontract onregelmatig zijn, evenals de bijbehorende betalingen die 850 000 EUR bedroegen in 2024;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>wijzigingen in de financiële offertes van inschrijvers tijdens een aanbestedingsprocedure voor elektrische en civieltechnische werken in Straatsburg, die het resultaat van de procedure beïnvloedden en leidden tot een onregelmatig contract en onregelmatige bijbehorende betalingen ten bedrage van 150 000 EUR in 2024;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>wijzigingen in de prijselementen van financiële offertes die verder gaan dan de correcties die op grond van artikel 151 van het Financieel Reglement zijn toegestaan, waardoor de uitkomst van een aanbesteding doorslaggevend werd beïnvloed en waarbij onregelmatige contracten en bijbehorende betalingen van in totaal 1,4 miljoen EUR in 2024 het gevolg waren;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>heropening van de concurrerende biedprocedure voor monitoring- en onderhoudsdiensten met betrekking tot het visuminformatiesysteem; is bezorgd over het feit dat de gekozen offerte (47,8 miljoen EUR) vijf keer lager was dan de op één na goedkoopste (243,4 miljoen EUR) en vijftig keer lager dan de hoogste (2,4 miljard EUR), hetgeen twijfels oproept over de deugdelijkheid ervan; vestigt de aandacht op het feit dat eu‑LISA een werkgroep heeft opgericht om deze heropening van de concurrerende biedprocedure te evalueren, die de beoordeling door de financiële ambtenaren bevestigde, maar melding maakte van operationele en contractuele risico’s in verband met het feit dat het agentschap het grootste deel van de contractprijs zou moeten betalen; benadrukt dat de Rekenkamer heeft geoordeeld dat dit risico aanzienlijk is;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>herinnert eraan dat na vertragingen bij de invoering van het inreis-uitreissysteem (EES) een geschil is ontstaan waarbij de contractant weigerde de extra onderhoudskosten voor bepaalde IT-producten te dekken, waardoor de onderhoudsdekking tussen november 2022 en april 2023 wegviel en eu-LISA was blootgesteld aan operationele risico’s; herinnert eraan dat eu-LISA, om het onmiddellijke risico voor de bedrijfscontinuïteit aan te pakken, de overeenkomst van het transversaal operationeel kader (TOF) in 2023 heeft gewijzigd om er kosten voor werkhervatting in op te nemen, evenals boeten die worden opgelegd wanneer het onderhoud niet tijdig wordt verlengd, en vervolgens in 2023 5,3 miljoen EUR en in 2024 1,3 miljoen EUR heeft betaald voor de verlenging van het softwareonderhoud en de daarmee verband houdende kosten voor werkhervatting die volgens de interpretatie van het agentschap door de EES-contractant hadden moeten worden gedragen; herinnert er voorts aan dat eu-LISA, ondanks de omvang van de betwiste bedragen en de nog openstaande status van de opmerking van de Rekenkamer, eind 2024 nog geen rechtszaak had aangespannen tegen de EES-contractant;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>72.</NO.P>is bezorgd dat de aanhoudende onregelmatigheden die zijn vastgesteld in de aanbestedingsprocedures van eu‑LISA wijzen op systemische tekortkomingen in het kader voor aanbestedingen van het agentschap; neemt er kennis van dat eu‑LISA deze problemen erkent en zich inspant om zijn praktijken te verbeteren, moedigt eu-LISA aan een strategie op te stellen om zijn kader voor aanbestedingen te verbeteren, die volgend jaar tijdens de kwijtingshoorzittingen moet worden gedeeld, en moedigt eu-LISA aan om voor duidelijkheid en transparantie te zorgen over de voorwaarden waaronder heraanbesteding mogelijk niet passend wordt geacht; moedigt eu-LISA aan deskundig advies in te winnen bij het opstellen van deze nieuwe strategie en andere agentschappen te raadplegen over beste praktijken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>73.</NO.P>erkent dat eu-LISA voor aanzienlijke uitdagingen staat en benadrukt dat het personeel moet worden uitgebreid om deze uitdagingen doeltreffend aan te gaan en de continuïteit van zijn activiteiten te waarborgen, en dat hiervoor de nodige middelen moeten worden uitgetrokken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>74.</NO.P>neemt kennis van de opmerking over aanbestedingen van de Rekenkamer in de zin dat Eurojust in 2020 een raamovereenkomst voor voertuigleasing heeft gesloten met één enkele marktdeelnemer, hetgeen niet geschikt was voor de aard van de vereiste diensten, en erkent dat het gegunde specifieke contract en alle bijbehorende betalingen (64 000 EUR in 2024) derhalve onregelmatig waren; neemt kennis van het antwoord van Eurojust dat de raamovereenkomst waarnaar in het verslag 2020 van de Europese Rekenkamer wordt verwezen, op 10 mei 2024 is verstreken en dat er sinds 25 november 2024 een nieuwe raamovereenkomst voor voertuigleasing van kracht is;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>75.</NO.P>is bezorgd over de opmerkingen van de Rekenkamer dat Eurojust zijn bedrijfscontinuïteitsplannen sinds 2021 niet heeft geactualiseerd, ondanks aanzienlijke veranderingen die van invloed zijn op de middelen en het personeel voor essentiële processen, waaronder de invoering van SUMMA als een nieuw begrotings-, boekhoudkundig en financieel systeem; benadrukt dat Eurojust evenmin de in zijn laatste bedrijfscontinuïteitsplan vastgestelde frequentie van tests heeft gevolgd en momenteel niet beschikt over een gecoördineerd en overeengekomen uitwijkplan voor zijn IT-systemen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>76.</NO.P>merkt op dat het mandaat van Eurojust in de toekomst zal worden uitgebreid, onder andere naar een derde staat, en dat het agentschap jaarlijks een toenemend aantal strafzaken behandelt; erkent dat Eurojust gezien deze ontwikkelingen meer personeel nodig heeft om een alomvattende behandeling van zaken en de ononderbroken continuïteit van zijn werkzaamheden te waarborgen, en dat daarvoor de nodige financiële middelen beschikbaar moeten worden gesteld;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>77.</NO.P>neemt daarenboven kennis van de opmerking van de Rekenkamer dat Eurojust geen deugdelijk financieringsbesluit heeft genomen voordat de aanbestedingsprocedures voor operationele uitgaven van start gingen, hetgeen een doeltreffende planning en toezicht ondermijnt en in strijd is met artikel 32, lid 1, en artikel 72, lid 3, punt b), van de financiële regels van Eurojust; verwelkomt de toezegging van Eurojust om vanaf 2026 een goedgekeurd jaarlijks aanbestedingsplan van alle procedures op zijn website te publiceren, dat zowel operationele als administratieve uitgaven omvat;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>78.</NO.P>merkt op dat het Gerecht<FOOTNOTE><FIELD> Arrest van het Gerecht (Negende kamer) van 15 oktober 2025, WU/Eurojust, T‑295/23 en T‑1176/23, ECLI:EU:T:2025:963.</FIELD></FOOTNOTE> in oktober 2025 twee besluiten van Eurojust nietig heeft verklaard waarbij het verzoek om bijstand van een tijdelijke functionaris wegens vermeend psychisch geweld door tien collega’s, onder wie zijn administratief directeur, werd afgewezen; is zich ervan bewust dat het Gerecht heeft geoordeeld dat Eurojust zijn zorgvuldigheidsplicht uit hoofde van artikel 24 van het statuut heeft geschonden door het onderzoek inzake dit personeelslid op te splitsen in twee afzonderlijke administratieve processen, waardoor geen holistisch, contextueel onderzoek is verricht naar onderling samenhangende klachten over intimidatie; merkt op dat het Gerecht weliswaar de besluiten nietig verklaarde om een behoorlijke herbeoordeling mogelijk te maken, maar de verzoeken om schadevergoeding afwees;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>79.</NO.P>benadrukt dat er binnen de agentschappen interne mechanismen moeten worden ontwikkeld om te zorgen voor zowel een goede interne afhandeling van klachten als het voorkomen van incidenten, waaronder gevallen van psychisch geweld en seksuele intimidatie, met name wanneer meerdere partijen betrokken zijn;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>80.</NO.P>neemt kennis van de opmerking van de Rekenkamer dat Europol op onregelmatige wijze belasting over de toegevoegde waarde (btw) heeft terugbetaald in het kader van exploitatiesubsidies die zijn betaald aan landelijke politiediensten die als overheidsinstanties optreden, hetgeen in strijd is met artikel 186, lid 4, punt c), van het Financieel Reglement, uit hoofde waarvan geen terugbetaling van btw aan in die hoedanigheid optredende overheidsinstanties is toegestaan; neemt kennis van de uitleg van Europol dat het destijds de richtsnoeren van de Commissie heeft gevolgd, op grond waarvan btw in aanmerking kon komen in het kader van exploitatiesubsidies, en verwelkomt het besluit om btw uit te sluiten van alle nieuwe subsidieovereenkomsten die voor eind 2024 zijn gestart;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>81.</NO.P>is verheugd dat de mechanismen van operationele taskforces (OTF’s) en gemeenschappelijke onderzoeksteams (GOT’s) van Europol een belangrijke rol hebben gespeeld bij de ontmanteling van het versleutelde communicatieplatform Matrix, waaruit blijkt dat zij elkaar aanvullen maar toch een verschillende rol spelen bij de bestrijding van grensoverschrijdende georganiseerde misdaad; merkt op dat de operatie in juni 2024 begon als een OTF tussen Nederland, Frankrijk, Litouwen, Italië en Spanje, om het delen van inlichtingen en het monitoren van criminele activiteiten te vergemakkelijken; benadrukt dat de overgang naar een GOT onder Eurojust formele onderzoekscoördinatie mogelijk heeft gemaakt, wat heeft geleid tot arrestaties, inbeslagnemingen en de ontcijfering van 2,3 miljoen berichten in 33 talen; merkt op dat de Duitse autoriteiten voor technische ondersteuning hebben gezorgd, terwijl de Spaanse, Franse en Nederlandse politie gedurende het hele onderzoek hun samenwerking hebben verleend; is van mening dat deze zaak de doeltreffendheid van grensoverschrijdende samenwerking bij het verstoren van illegale netwerken benadrukt, evenals de noodzaak van voortdurende investeringen in wetshandhavingscapaciteiten om veranderende criminele tactieken aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>82.</NO.P>merkt op dat de kwijting van het Asielagentschap van de Europese Unie (EUAA) in mei 2025 is uitgesteld vanwege bevindingen van het OLAF met betrekking tot governance en stabiliteit; merkt op dat uit een vertrouwelijk onderzoek van het OLAF is gebleken dat het hoger management van het EUAA het personeelsstatuut heeft omzeild en dat OLAF-onderzoekers hebben vastgesteld dat dergelijke aanwervingspraktijken in strijd zijn met het statuut van de ambtenaren van de Europese Unie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>83.</NO.P>neemt kennis van het statusrapport van het EUAA van 31 oktober 2025 over de uitvoering van de corrigerende maatregelen, zoals overeengekomen tussen de uitvoerend directeur en de raad van bestuur, naar aanleiding van de resolutie van het Parlement; merkt op dat de raad van bestuur de opmerkingen van het Parlement in overeenstemming met zijn procedures behandelt en de voortgang van de nog uitstaande maatregelen tijdens zijn vergadering in november 2025 zal evalueren; dringt er bij het agentschap op aan alle openstaande kwesties volledig te verduidelijken, de aanbevelingen van het OLAF op geloofwaardige en transparante wijze uit te voeren en degelijke mechanismen voor interne controle, ethisch toezicht en verantwoordingsplicht in te stellen; verzoekt het agentschap de kwijtingsautoriteit onverwijld op de hoogte te stellen van alle corrigerende maatregelen die worden genomen; wijst erop dat de afsluiting van OLAF-onderzoeken op zich geen afsluiting van tekortkomingen in de governance vormt; herhaalt dat de kwijtingsautoriteit volledige toezichtsrechten behoudt totdat structurele tekortkomingen op het gebied van beheer, transparantie en de behandeling van belangenconflicten volledig zijn verholpen en geverifieerd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>84.</NO.P>merkt op dat er in 2024 weliswaar verbeteringen zijn doorgevoerd om het ethische kader, het bewustzijn van het personeel en de interne procedures inzake belangenconflicten van het agentschap te versterken, maar dat het door het OLAF vastgestelde structurele belangenconflict met betrekking tot klachten tegen de uitvoerend directeur nog niet was aangepakt, aangezien de juridische eenheid die verantwoordelijk is voor de voorbereiding van dergelijke zaken nog steeds onder rechtstreeks toezicht van de uitvoerend directeur opereerde, hetgeen de onafhankelijkheid van de klachtenprocedure ondermijnt; merkt op dat de meeste corrigerende maatregelen gepland zijn voor 2025 en 2026, waaronder organisatorische veranderingen, een optimaliseringsprogramma, opleiding voor personeel en managers, verbeteringen in bestuursdocumenten, meer transparantie bij het melden van onregelmatigheden, een herziening van de interne richtsnoeren voor verzoeken en klachten op grond van artikel 90 van het statuut, versterkte samenwerking met het DG Personele Middelen en Veiligheid voor de behandeling van klachten en een herziening van de procedures voor verzoeken om bijstand op grond van artikel 24 van het statuut;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>85.</NO.P>wijst voorts op de noodzaak van voortdurende waakzaamheid met betrekking tot het personeelsverloop en de tevredenheid van het personeel van het EUAA, de strikte preventie van nepotisme of favoritisme, en volledige transparantie en op verdiensten gebaseerde procedures bij werving en loopbaanontwikkeling;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>86.</NO.P>behoudt zich het recht voor om voorwaarden te verbinden aan toekomstige kwijtingsbesluiten of deze uit te stellen wanneer agentschappen na ernstige bevindingen geen volledige en verifieerbare structurele hervormingen doorvoeren;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING ITALIC="on">Aanbevelingen</STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>87.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">vraagt aan de EU-agentschappen gevolg te geven aan de opmerkingen van de Rekenkamer, en meer bepaald:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>i)</SYMBOL>aan het EIGE om de aanbestedingspraktijken te verbeteren door overdreven restrictieve aanbestedingscriteria te herzien, evaluatieprocessen te versterken om de teammanagementcapaciteiten van inschrijvers te beoordelen, en strikte verificatie van “tijd en middelen”-contracten in te voeren om te hoge betalingen te voorkomen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>ii)</SYMBOL>aan eu-LISA de systemische tekortkomingen bij aanbestedingen aan te pakken, waaronder onregelmatige huurcontracten en ongepaste financiële offertewijzigingen, en tegelijkertijd de transparantie en risicobeperking bij de beoordelingen van offertes te verbeteren; vraagt aan eu-LISA om gedetailleerde informatie te verstrekken over het geschil dat is ontstaan door de vertragingen bij de uitvoering van het inreis-uitreissysteem (EES), met name over de interne beoordeling die het agentschap ertoe heeft gebracht uit hoofde van de overeenkomst van het transversaal operationeel kader kosten voor werkhervatting en verlenging van het onderhoud ten bedrage van 6,6 miljoen EUR op zich te nemen in 2023‑2024, ondanks het feit dat deze kosten contractueel zijn toe te rekenen aan de EES-contractant; vraagt om opheldering over de redenen waarom er eind 2024 geen gerechtelijke procedure is gestart en of er alternatieve geschillenbeslechtings- of terugvorderingsacties zijn onderzocht; beveelt aan dat eu-LISA zijn mechanismen voor contracthandhaving en geschillenbeslechting versterkt, duidelijke escalatieprocedures vaststelt en ervoor zorgt dat soortgelijke geschillen snel en transparant worden aangepakt teneinde de financiële belangen van het agentschap en de operationele continuïteit te waarborgen; moedigt eu-LISA aan om een advies te geven over de voorwaarden waaronder heraanbesteding niet aangewezen is en in welke situaties het logisch is om dezelfde aanbieder(s) te behouden om de continuïteit van de activiteiten te verzekeren;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iii)</SYMBOL>aan Eurojust om de bedrijfscontinuïteitsplannen binnen zes maanden dringend te actualiseren om de huidige activiteiten weer te geven, waaronder de uitvoering van SUMMA, regelmatig uitwijkplannen te testen en adequate financieringsbesluiten te nemen voorafgaand aan aanbestedingsprocedures; verzoekt Eurojust zijn nieuwe bedrijfscontinuïteitsplannen te presenteren in het verslag over de follow-up van de kwijting;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>88.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">vraagt aan de volgende EU-agentschappen voorts het volgende:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>i)</SYMBOL>aan Cepol en alle EU-agentschappen om dringend hun interne cyberbeveiligingsgovernance te versterken, adequate en stabiele middelen toe te wijzen, de detectie- en responscapaciteiten te verbeteren en concrete stappen te zetten in de richting van een zero trust-architectuur om de kwetsbaarheden te verminderen en te zorgen voor veerkracht tegen steeds geavanceerdere cyberdreigingen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>ii)</SYMBOL>aan Europol om waakzaam te blijven om ervoor te zorgen dat de subsidiabiliteitsregels in toekomstige financieringscycli worden nageleefd, na de snelle corrigerende maatregelen met betrekking tot btw-terugbetalingen; dringt er bij de Commissie op aan om duidelijke richtsnoeren uit te vaardigen over de uitvoering van artikel 186, lid 4, punt c), van het Financieel Reglement, aangezien er de afgelopen jaren ook in andere gevallen vragen zijn gerezen over de subsidiabiliteit van de btw, waaruit is gebleken dat er onduidelijkheden zijn;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iii)</SYMBOL>aan het EUAA om te zorgen voor een nauwgezette monitoring van de mijlpalen, met name die welke zijn gepland voor 2026 en de kern vormen van de hervormingsinspanningen, en verslag uit te brengen aan de kwijtingsautoriteit over de uitvoering van corrigerende maatregelen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iv)</SYMBOL>aan de EU-agentschappen en in het bijzonder aan Eurojust om duidelijke richtsnoeren op te stellen voor de behandeling van complexe gevallen van intimidatie en te zorgen voor de consistente toepassing van artikel 24 van het statuut;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>v)</SYMBOL>aan het EUAA om een doeltreffend klachtenmechanisme in te voeren voor de behandeling van klachten, waarbij volledige onpartijdigheid wordt gewaarborgd en het vertrouwen in het bestuur van het EUAA wordt hersteld;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>vi)</SYMBOL>aan Frontex om de begrotingsplanning en -uitvoering te versterken om ervoor te zorgen dat het beginsel van jaarperiodiciteit wordt nageleefd; wijst erop dat door de omvang en complexiteit van het mandaat van het agentschap robuuste interne mechanismen zijn vereist en verzoekt het agentschap het toezicht op aanbestedings- en contractbeheerprocedures te versterken; moedigt Frontex aan de follow-upprocedures met betrekking tot controlebevindingen te versterken en meetbare vooruitgang aan de kwijtingsautoriteit te rapporteren;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>vii)</SYMBOL>aan Eurojust om toekomstige begrotingsbehoeften met betrekking tot de toekomstige uitbreiding van het mandaat met de Commissie te delen en dringt aan op voldoende financiering en personeel om deze uitbreiding van het mandaat aan te pakken;</ITEM></LIST></P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Agentschappen op het gebied van werkgelegenheid, onderwijs en sociale zaken</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD> Cedefop, ELA, ETF, Eurofound en EU-OSHA.</FIELD></FOOTNOTE></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>89.</NO.P>wijst op de onjuiste indeling door de ELA van een gewijzigde begroting als externe bestemmingsontvangsten, hetgeen in strijd is met de artikelen 6, 12, 20, 21 en 34 van de financiële regels; neemt kennis van het antwoord van de ELA waarin wordt uitgelegd dat de middelen laat zijn aangekomen en dat de ELA derhalve tijdelijk zijn eigen begroting heeft herschikt om betalingsachterstanden te voorkomen, en vervolgens de middelen van de Unie als externe ontvangsten heeft geboekt om ervoor te zorgen dat ze alleen voor salarissen werden gebruikt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>90.</NO.P>neemt kennis van de conclusies van de evaluatie<FOOTNOTE><FIELD> Evaluatie van de Europese Arbeidsautoriteit (ELA), Brussel, 26.5.2025, COM(2025)256 final en SWD(2025)128 final.</FIELD></FOOTNOTE> van de ELA, waarin wordt benadrukt dat de autoriteit haar monitoringsysteem moet verbeteren op basis van Smart-doelstellingen en kernprestatie-indicatoren; stelt met bezorgdheid vast dat deze afwezigheid de beoordeling van de kosteneffectiviteit van de activiteiten van de ELA heeft belemmerd en de kwaliteit van de prestatiemonitoring heeft ondermijnd; erkent dat de ELA haar monitoringsysteem kan versterken door een gestructureerde aanpak toe te passen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>91.</NO.P>stelt met bezorgdheid vast dat de ELA voor operationele en financiële functies nog steeds te veel gebruikmaakt van tijdelijke werknemers, GND’s en uitzendkrachten; merkt op dat tijdelijke werknemers eind 2022 58 % van het personeelsbestand van de ELA uitmaakten, en dat dit percentage ondanks een lichte daling zowel eind 2023 als eind 2024 zeer hoog bleef op 47 %; merkt voorts op dat de autoriteit, in strijd met artikel 41, lid 1, van de financiële regels van de ELA, tussen november 2022 en maart 2023 een beroep deed op een uitzendkracht en een stagiair voor het uitvoeren van financiële kernactiviteiten in verband met de uitvoering van de begroting en dat deze praktijk is voortgezet in 2023 en in 2024 toen nog steeds een beroep werd gedaan op een uitzendkracht voor essentiële financiële taken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>92.</NO.P>neemt kennis van de uitleg die de uitvoerend directeur van de ELA tijdens de hoorzitting van 1 december 2025 heeft gegeven over het structureel hoge aandeel van tijdelijke werknemers, met name GND’s, die momenteel ongeveer 42-50 % van het operationele personeel van de ELA uitmaken en wettelijk gezien geen kerntaken kunnen uitvoeren, waardoor een concentratie van verantwoordelijkheden en een hoger risico op fouten ontstaan; steunt een aanpassing van de personeelsformatie om GND’s te vervangen door extra posten voor tijdelijke functionarissen, die worden ingevuld via open en concurrerende procedures binnen het bestaande begrotingsmaximum; is van mening dat de Europese Arbeidsautoriteit een rolmodel moet zijn op het gebied van arbeidsnormen en moet streven naar het aanbieden van langere contracten, hetgeen in het belang zou zijn van het personeel, de continuïteit van de activiteiten en het behoud van kennis; verzoekt de Autoriteit de samenwerking met nationale arbeidsautoriteiten verder te versterken ter vermijding van dubbel werk en ter verbetering van de informatie-uitwisseling;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>93.</NO.P>vestigt de aandacht op de conclusies van de evaluatie van de EU-agentschappen: Cedefop, EU‑OSHA, Eurofound en de ETF; merkt op dat de evaluatie geen bewijzen heeft opgeleverd die de conclusies van de vorige evaluatie van 2019 wijzigen, waarin werd geconcludeerd dat fusieopties uitdagingen met zich meebrengen wat betreft het vinden van een evenwicht tussen de voor- en nadelen, terwijl efficiëntieverbeteringen kunnen worden bereikt door een betere samenwerking; benadrukt de noodzaak van nauwere samenwerking met de Commissie op het gebied van hoogwaardige gezamenlijke outputs, zoals de samenwerking tussen Eurofound en Cedefop op het gebied van de Europese bedrijvenenquête en de afstemming tussen Cedefop en de ETF op het gebied van monitoring van het beleid inzake beroepsonderwijs en -opleiding; merkt op dat een betere coördinatie tussen Cedefop, de ELA en Eurofound nodig is om dubbel werk bij de prognoses met betrekking tot vaardigheden en het analyseren van de arbeidsmarkt te voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>94.</NO.P>merkt op dat de monitoringsystemen in alle agentschappen, met inbegrip van Smart-doelstellingen en KPI’s, moeten worden versterkt om de prestatiebeoordeling en de betrokkenheid van belanghebbenden te verbeteren; benadrukt dat gegevenslacunes (met name in de ETF), ontbrekende prestatiedoelen en het ontbreken van indicatoren op nationaal niveau de doeltreffendheid ondermijnen; merkt op dat deze uitdagingen een betere volledigheid van de gegevens, juridisch duidelijke doelstellingen en betere monitoringkaders vereisen om te zorgen voor alomvattende prestatiebeoordelingen en afstemming op de behoeften van belanghebbenden; wijst op het belang van transparante governancestructuren en waarborgen inzake belangenconflicten om het vertrouwen van belanghebbenden in hun werk te ondersteunen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>95.</NO.P>neemt er kennis van dat de vier agentschappen (Cedefop, EU‑OSHA, Eurofound en de ETF) het potentieel hebben om de administratieve last te verminderen en de efficiëntie te verbeteren door middel van gedeelde diensten<STRING SUPERSCRIPT="on">20</STRING>; benadrukt dat de agentschappen de administratieve lasten voor het personeel moeten verminderen om de werkbelasting op peil te houden door gemeenschappelijke diensten voor HR-, juridische, IT- en technische functies te delen; wijst erop dat de agentschappen hierdoor minder personeel nodig zouden hebben voor administratieve activiteiten en zich meer op hun kernactiviteiten zouden kunnen richten; verzoekt deze agentschappen om in nauwe samenwerking met de Rekenkamer een gestructureerd uitvoeringsplan voor gedeelde diensten met concrete mijlpalen op te stellen, teneinde de onderlinge uitwisseling van beste praktijken en aanbevelingen tussen de betrokken agentschappen en in het bredere netwerk van EU-agentschappen als geheel te vergemakkelijken, op basis van de controlebevindingen en horizontale evaluaties van de Rekenkamer; verzoekt de Commissie jaarlijks verslag uit te brengen aan de kwijtingsautoriteit over de vooruitgang die in het kader van dit plan is geboekt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>96.</NO.P>merkt op dat Cedefop verwikkeld is in een juridisch geschil met een voormalig personeelslid wiens contract in 2017 niet werd verlengd; herinnert eraan dat het Gerecht van de Europese Unie in 2020 het besluit van Cedefop nietig heeft verklaard en de betaling van een financiële vergoeding heeft gelast, die door Cedefop is uitgevoerd; merkt op dat een later door het voormalig personeelslid ingesteld beroep betreffende de uitvoering van dat arrest in februari 2024 door het Gerecht van de Europese Unie is verworpen; merkt op dat het voormalig personeelslid tegen dit arrest in beroep is gegaan bij het Hof van Justitie van de Europese Unie (zaak C-209/24 P) en dat het Hof van Justitie van de Europese Unie in zijn eindarrest het arrest van het Gerecht van de Europese Unie van 7 februari 2024 (T-563/22) heeft vernietigd, het besluit van de uitvoerend directeur van Cedefop van 17 december 2021 en het besluit van het beroepscomité van Cedefop van 17 juni 2022 nietig heeft verklaard, Cedefop heeft verplicht tot betaling van 15 000 EUR aan verzoeker ter vergoeding van immateriële schade, en tot betaling van alle zowel in eerste aanleg als in hogere voorziening door verzoeker gemaakte kosten; herinnert eraan dat het eerste arrest van het  Gerecht van de Europese Unie een schending van fundamentele procedurele waarborgen heeft vastgesteld, waaronder het recht om te worden gehoord, de rechten van de verdediging, de zorgplicht en het beginsel van behoorlijk bestuur; stelt met bezorgdheid vast dat er  naar aanleiding van die bevindingen geen tuchtprocedure tegen de voormalige uitvoerend directeur of andere verantwoordelijke medewerkers is ingeleid;; bekritiseert de buitensporig lange duur van het besluitvormingsproces, mede als gevolg van een fout van het Gerecht op basis van informatie van het agentschap; benadrukt dat de immateriële schade rechtstreeks is toe te schrijven aan het verzuim van Cedefop om het arrest houdende nietigverklaring naar behoren uit te voeren (d.w.z. niet enkel betaling van een vergoeding), en dat er dus een causaal verband bestaat tussen het onrechtmatige gedrag van Cedefop en de schade; benadrukt dat Cedefop het verzoek om verlenging van het contract nu opnieuw moet onderzoeken, de procedure opnieuw moet uitvoeren op basis van de stand van zaken in 2017 en een besluit moet vaststellen ter vervanging van het nietig verklaarde besluit; wijst erop dat dit onderzoek moet worden uitgevoerd volgens de desbetreffende procedure die is vastgelegd in het Statuut van de ambtenaren en de interne aanwervingsregels van Cedefop, met inbegrip van een eventuele noodzakelijke vergoeding; dringt erop aan dat personeelsgerelateerde besluiten tijdig en op een transparante en traceerbare manier worden genomen, met inachtneming van alle regels die zijn verankerd in het Statuut van de ambtenaren; van</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>97.</NO.P>neemt kennis van de opmerking van de Rekenkamer dat EU‑OSHA voor onlinecursussen betaalde zonder voldoende te controleren of de gefactureerde uren overeenkwamen met de geleverde diensten, hetgeen in strijd is met artikel 73 van het financieel reglement van het agentschap; neemt kennis van de verduidelijking van het agentschap dat verificaties vooraf routinematig worden uitgevoerd en dat het in dit geval ging om een gebrek aan documentatie en niet om een tekortkoming in de controle; is ingenomen met de aanvullende maatregelen die zijn ingevoerd om volledige documentatie van de dienstverlening te waarborgen en wijst erop dat het belangrijk is robuuste sporen van bewijs voor alle betalingen bij te houden om de wettigheid en regelmatigheid te garanderen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>98.</NO.P>merkt op dat 75 % van de werkgerelateerde vormen van kanker verband houdt met blootstelling aan asbest, erkent de bijdrage van EU-OSHA in 2024 aan de nieuwe richtsnoeren van de Commissie inzake asbest en moedigt EU-OSHA aan personele en begrotingsmiddelen te blijven toewijzen om bij te dragen aan het bewustzijn over asbest en aan methoden om het wijdverbreide asbestprobleem in heel Europa aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>99.</NO.P>herinnert aan twee van de onregelmatigheden bij aanbestedingen van de ETF, waarop de Rekenkamer in 2022 de aandacht vestigde, die hebben geleid tot onregelmatige betalingen in 2024; merkt op dat de ETF in één geval een contract van 1 miljoen EUR voor inhoudsondersteunende diensten heeft gegund aan een inschrijver die niet aan de vereiste financiële omzetdrempel voldeed, hetgeen inhield dat het contract en de bijbehorende betalingen (186 175 EUR in 2024) onregelmatig waren; merkt op dat in een ander geval, bij een open aanbesteding van 4 miljoen EUR voor ondersteunende diensten in het land, de winnende inschrijver niet kon aantonen over voldoende economische en financiële draagkracht te beschikken, hetgeen leidde tot verdere onregelmatigheden bij de betalingen (252 714 EUR in 2024); merkt voorts op dat de ETF bij een aanbesteding in 2023 voor LAN-infrastructuur in haar gebouwen zonder deugdelijke motivering buitensporige vereisten inzake financiële draagkracht heeft opgelegd, waardoor de concurrentie mogelijk werd ontmoedigd; neemt er kennis van dat de ETF deze problemen heeft erkend en haar methode heeft herzien, maar dringt erop aan dat de ETF strengere nalevingsmechanismen moet invoeren om in de toekomst inbreuken op de aanbestedingsregels te voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>100.</NO.P>is bezorgd over het feit dat verschillende aanbestedingsgerelateerde opmerkingen uit voorgaande jaren open blijven staan voor zowel de ELA (oorsprong van het oordeel met beperking in 2023 en 2024) als de ETF;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING ITALIC="on">Aanbevelingen</STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>101.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">vraagt aan de agentschappen gevolg te geven aan de opmerkingen van de Rekenkamer, en meer bepaald:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>i)</SYMBOL>aan de ELA om haar begrotingsbeheer te verbeteren en een noodplan voor salarisaanpassingen te formaliseren, met inbegrip van vroegtijdige coördinatie van de EU-financiering;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>ii)</SYMBOL>aan de ELA, de ETF en EU‑OSHA om hun aanbestedings- en internecontrolesystemen verder te versterken door ervoor te zorgen dat alle betalingen worden ondersteund door volledig en verifieerbaar bewijs, dat de vereisten inzake technische en financiële draagkracht consequent en evenredig worden toegepast en dat controles vooraf en achteraf systematisch worden gedocumenteerd;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>102.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">richt voorts de volgende verzoeken aan Cedefop, ELA, ETF, EU-OSHA en Eurofound:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>i)</SYMBOL>vraagt hen hun systemen voor monitoring en prestatiemeting aanzienlijk te versterken door Smart-doelstellingen en robuuste, resultaatgerichte kernprestatie-indicatoren volledig te integreren, gegevenslacunes aan te pakken en maatstaven af te stemmen op operationele prioriteiten om de kosteneffectiviteit en de verantwoordingsplicht van belanghebbenden te verbeteren;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>ii)</SYMBOL>vraagt hen gestructureerde en coherente monitoringbenaderingen vast te stellen, de volledigheid van de gegevens en de vergelijkbaarheid tussen de verschillende rapporteringscycli te garanderen, waar nodig consistente indicatoren op nationaal niveau vast te stellen en de praktijken voor het bepalen van doelstellingen te verbeteren, terwijl de samenwerking tussen agentschappen wordt versterkt om dubbel werk te voorkomen en empirisch onderbouwde beleidsondersteuning te versterken;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iii)</SYMBOL>vraagt hen meer inspanningen te leveren voor een gestructureerd model van gedeelde diensten voor HR-, juridische, ICT-, administratieve en technische ondersteuning om de synergie te vergroten, de administratieve lasten te verminderen, een duurzame werkbelasting te garanderen en personeel vrij te maken voor operationele kerntaken; erkent dat hiervoor een zorgvuldige strategie nodig is, aangezien de agentschappen in verschillende regio’s zijn gevestigd, namelijk in respectievelijk Thessaloniki, Bratislava, Turijn, Bilbao en Dublin;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iv)</SYMBOL>dringt er bij Cedefop op aan een vervangend besluit vast te stellen waarmee het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 12 maart 2026 volledig ten uitvoer wordt gelegd, in overeenstemming met het Statuut van de ambtenaren, de relevante interne procedures en regels en de rechten van een personeelslid dat om verlenging van zijn contract verzoekt; benadrukt met klem dat verdere procedures en extra financiële kosten voor het Agentschap moeten worden vermeden; verzoekt Cedefop een actieplan voor te stellen waarin het toelicht: i) hoe de procedure voor het besluit op basis van de stand van zaken in 2017 zal worden uitgevoerd, en welk tijdschema hierbij zal worden gevolgd; ii) hoe Cedefop van plan is ervoor te zorgen dat de regels van het Statuut van de ambtenaren, de interne procedures en alle rechten van een personeelslid worden nageleefd; iii) welke soorten vergoeding zullen worden betaald, met specificatie van de redenen; iv) welke wijzigingen Cedefop heeft doorgevoerd of van plan is door te voeren om de procedures voor het aanwerven of voor de contractverlenging van personeel te verbeteren; v) en verzoekt Cedefop een overzicht te geven van alle soorten kosten die zijn gemaakt in de loop van het gehele juridische geschil sinds 2017, en uiterlijk begin september verslag uit te brengen aan de kwijtingsautoriteit over de voortgang van de uitvoering;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>v)</SYMBOL>vraagt hen hun personeelsbeleid aan te scherpen om de buitensporige afhankelijkheid van uitzendkrachten, tijdelijke werknemers en stagiairs te verminderen, met name voor kerntaken en doorlopende taken; benadrukt dat structureel onzekere personeelsregelingen de werkdruk kunnen verhogen, het toezicht en de opleiding kunnen verzwakken en niet bevorderlijk zijn voor gezonde, veilige en stabiele arbeidsomstandigheden; verzoekt de agentschappen ervoor te zorgen dat in permanente behoeften in de eerste plaats wordt voorzien door naar behoren opgeleid statutair personeel, waar nodig langduriger en stabielere werkgelegenheidsperspectieven te bieden, en erop toe te zien dat stagiairs niet worden ingezet om structurele personeelstekorten op te vangen of om kerntaken uit te voeren;</ITEM></LIST></P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Agentschappen op het gebied van gezondheid en voedselveiligheid</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD> ECDC, EFSA, EMA en EUDA.</FIELD></FOOTNOTE></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>103.</NO.P>neemt met bezorgdheid kennis van het feit dat de kwestie met betrekking tot het voormalige pand van het EMA in Londen aanhoudt, hetgeen aanzienlijke financiële en operationele uitdagingen met zich meebrengt; is zich ervan bewust dat ondanks de verhuizing van het EMA als gevolg van Brexit, het agentschap financieel verantwoordelijk blijft voor dit pand en dat deze situatie nog wordt verergerd door de precaire financiële positie van de onderhuurder na het faillissement van de moedermaatschappij van WeWork in november 2023; neemt er kennis van dat de maximale blootstelling, met inbegrip van de door het EMA verschuldigde gemeentebelasting ingeval het pand leegstaat voor de resterende duur van de huurovereenkomst, 543 miljoen EUR bedraagt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>104.</NO.P>merkt op dat het EMA in oktober 2024, in overeenstemming met de besprekingen met de begrotingsautoriteiten van de Unie en met instemming van zijn eigen verhuurder, heeft ingestemd met een wijziging van de bestaande onderhuur met de onderhuurder, waardoor een huurverlaging mogelijk werd met behoud van volledige betalingen voor servicekosten en verzekering van de verhuurder; merkt op dat de wijziging bepalingen omvatte voor ofwel het EMA ofwel de onderhuurder om de onderhuurovereenkomst onder bepaalde voorwaarden voortijdig te kunnen beëindigen vóór de geplande einddatum in juni 2039; is zich ervan bewust dat het EMA in dit verband een voorziening heeft getroffen voor een verlieslatend contract, met een boekwaarde van 122,1 miljoen EUR op 31 december 2024; merkt op dat het EMA in 2024 van de Europese Commissie een terugbetaling in contanten van 11,2 miljoen EUR heeft ontvangen, die is opgenomen als baten; prijst de proactieve stappen en voorzichtige maatregelen van het EMA om een deel van de financiële lasten als gevolg van deze kwestie te verlichten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>105.</NO.P>benadrukt dat toen het EMA zijn rekeningen publiceerde, de onderhuurder aan zijn contractuele verplichtingen had voldaan, met betaling van huur- en servicekosten voor de periode tot en met 30 juni 2025;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>106.</NO.P>steunt het verzoek van de raad van bestuur van het EMA om deze kwestie op het hoogste politieke niveau op te lossen, zodat het EMA zijn middelen kan concentreren op zijn formele mandaat en prioriteiten op het gebied van de volksgezondheid in de gehele Unie kan aanpakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>107.</NO.P>herinnert aan twee van de onregelmatigheden bij aanbestedingen van het EMA, waarop de Rekenkamer in 2020 de aandacht vestigde, die hebben geleid tot onregelmatige betalingen in 2024; merkt op dat het EMA in strijd met artikel 172, lid 3, punt a), iii), van het Financieel Reglement de financiële maxima van verschillende IT-raamovereenkomsten heeft overschreden met verhogingen van 77 % tot 124 %, hetgeen heeft geleid tot onregelmatige betalingen ten belope van 3,1 miljoen EUR in 2024; neemt kennis van het antwoord van het EMA dat de verhogingen noodzakelijk waren om te voldoen aan uitzonderlijke operationele behoeften als gevolg van onvoorziene ontwikkelingen op het gebied van wetgeving en volksgezondheid, en dat alle contractwijzigingen zijn opgenomen in het register van uitzonderingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>108.</NO.P>vestigt de aandacht op het uitvoeringsbesluit van de Commissie van 28 juni 2024 tot intrekking van Uitvoeringsbesluit C(2018) 4831 final van de Commissie tot weigering van een vergunning voor het in de handel brengen van het geneesmiddel voor menselijk gebruik “Aplidin — plitidepsine” uit hoofde van Verordening (EG) nr. 726/2004; benadrukt dat de intrekking was gebaseerd op de bevinding van een belangenconflict, namelijk dat een van de wetenschappelijke adviseurs die deelnamen aan de adviesgroep een actieve rol had in de ontwikkeling van een concurrerend geneesmiddel, een omstandigheid die deze adviseur had moeten diskwalificeren op grond van het beginsel van objectieve onpartijdigheid; benadrukt dat het EMA zijn beleid inzake de omgang met tegenstrijdige belangen voor leden van wetenschappelijke comités en deskundigen, dat in december 2024 door de raad van bestuur van het EMA is vastgesteld en op 1 mei 2025 in werking is getreden, aanzienlijk heeft aangescherpt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>109.</NO.P>prijst het werk van het EMA om het tekort aan het antibioticum amoxicilline in Europa aan te pakken en samen te werken met het nationale geneesmiddelenbureau om het tekort aan te pakken, met als resultaat dat amoxicilline in 2024 van de lijst van tekorten werd geschrapt; moedigt het EMA aan personeels- en begrotingsmiddelen te blijven inzetten voor soortgelijke doelstellingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>110.</NO.P>merkt op dat de Rekenkamer in haar Speciaal verslag 12/2024 heeft aanbevolen dat het EMA zich blijft inspannen om zijn communicatie gemakkelijk toegankelijk te maken voor het publiek, zodat het publiek een duidelijker beeld heeft van het gebruik van middelen van de Unie door dit agentschap;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>111.</NO.P>merkt op dat de Rekenkamer in haar speciaal verslag van december 2024 heeft aanbevolen dat het EMA samenwerkt met het ECDC en HERA om de paraatheid bij pandemieën te verbeteren door middel van duidelijkere rollen, een efficiënter gebruik van middelen van de Unie en een herziening van de instrumenten, procedures en richtsnoeren die tijdens de pandemie zijn ontwikkeld om te bepalen welke moeten worden gehandhaafd of aangepast aan de wetenschappelijke en technologische vooruitgang, en moedigt passende middelen aan ter ondersteuning van deze inspanning;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>112.</NO.P>benadrukt dat het EMA onder meer heeft gewezen op aanhoudende tekorten aan kritieke geneesmiddelen in de lidstaten van de Europese Unie en de EER, waaronder belangrijke geneesmiddelen tegen kanker (fludarabine, vindesine, fluorouracil, cisplatine, topotecan, methotrexaat) voor leukemie, lymfoom, eierstokkanker en kleincellige longkanker, alsook essentiële diabetesbehandelingen (verschillende insulinen, liraglutide, dulaglutide) die nodig zijn voor de behandeling van diabetes type 1 en type 2;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>113.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">spreekt zijn ernstige bezorgdheid uit over de herhaalde inbreuken op het Financieel Reglement die zijn vastgesteld in de aanbestedingsprocedures van het EUDA, en neemt kennis van de vijf onregelmatigheden die de Rekenkamer in 2024 heeft gesignaleerd; wijst erop dat deze onregelmatigheden het volgende omvatten:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>ongeoorloofde splitsing van contracten en oneigenlijk gebruik van procedures van gunning door onderhandelingen zonder rechtvaardiging voor drie contracten voor evenementen in Lissabon (plaats en catering, in totaal 210 668 EUR), naast het ontbreken van essentiële documentatie en niet-naleving van de vereisten voor de bekendmaking van aanbestedingen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>ernstige tekortkomingen in een contract van 410 000 EUR voor een rapportagesysteem voor drugshandel, waaronder het ontbreken van een goed bestek, gunningscriteria en een beoordelingscomité, waardoor zowel het contract als de betaling van 60 000 EUR onregelmatig was;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>buitensporige betalingen van 14 007 EUR boven de overeengekomen waarde van het contract voor openingsceremonies, in strijd met artikel 73 van het financieel reglement van het EUDA;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>gebrekkige aanbesteding voor een gegevensverzamelingscontract van 10 000 EUR in Oekraïne, waarbij de gunningscriteria en de juiste documentatie ontbraken;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>niet-naleving van de publiciteitsvereisten en verklaringen inzake belangenconflicten bij een aanbesteding voor interimdiensten ter waarde van 100 000 EUR;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>114.</NO.P>neemt kennis van het antwoord van het EUDA, waarin zowel de procedurele tekortkomingen als de noodzaak van follow-upmaatregelen om naleving te waarborgen, worden erkend;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>115.</NO.P>neemt kennis van de aanhoudende vertragingen bij de uitvoering in het EUDA van de aanbevelingen van de dienst Interne Audit inzake personeelsbeheer en ethiek, met name de openstaande aanbeveling inzake werkbelasting en prestatiebeheer, die nog steeds niet is opgelost op het gebied van uitvoeringsproblemen bij de beoordeling van de werkbelasting en op activiteiten gebaseerde beheermethoden voor de toewijzing van personeel/vte’s en kostenberekeningen; is zich ervan bewust dat het agentschap zijn beoogde uiterste termijn voor uitvoering heeft bijgesteld naar 31 december 2025;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>116.</NO.P>neemt kennis van de opmerking van de Rekenkamer dat drie van de aanbestedingsprocedures van het ECDC zijn uitgeschreven zonder voorafgaande financieringsbesluiten, hetgeen in strijd is met artikel 72, lid 3, punt b), van zijn Financieel Reglement; wijst voorts op de tekortkomingen in de controle bij de evaluatie van een conferentiecontract ter waarde van 2,8 miljoen EUR, waaronder onvoldoende verificatie van selectiecriteria, en een gebrek aan controles van abnormaal lage offertes, hetgeen in strijd is met de artikelen 151 en 167 en afdeling 23 van bijlage I bij het Financieel Reglement; neemt kennis van het antwoord van het Centrum waarin corrigerende maatregelen worden beschreven, waaronder versterkte verificatie vooraf en verbeterde documentatie voor aanbestedingsevaluaties;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>117.</NO.P>benadrukt dat de Rekenkamer aanbeveelt dat het ECDC met de lidstaten samenwerkt om een geharmoniseerd Uniebreed surveillancesysteem voor infectieziekten te versterken, interne processen te verbeteren om tijdiger praktischere richtsnoeren te verstrekken en duidelijker met het publiek te communiceren in eenvoudige taal, om het gebruik van middelen van de Unie beter te weerspiegelen, zoals de Rekenkamer heeft opgemerkt in haar Speciaal verslag 12/2024;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING ITALIC="on">Aanbevelingen</STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>118.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">vraagt aan de agentschappen gevolg te geven aan de opmerkingen van de Rekenkamer, en meer bepaald:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>i)</SYMBOL>aan het EUDA om de onregelmatigheden onmiddellijk aan te pakken, de interne controles te versterken en ervoor te zorgen dat de aanbestedingsregels strikt worden nageleefd om verdere inbreuken te voorkomen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>ii)</SYMBOL>aan het EMA om zijn procedures voor het vaststellen en voorkomen van mogelijke belangenconflicten bij het selecteren van leden van de adviesraden te verbeteren;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iii)</SYMBOL>aan het ECDC om te zorgen voor een consistente uitvoering van de aanbestedingsregels, met inbegrip van versterkte verificatie vooraf;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iv)</SYMBOL>het personeel een degelijke opleiding te bieden in de aanbestedingsregels;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>119.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">vraagt aan de volgende agentschappen voorts het volgende:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>i)</SYMBOL>aan het EUDA om verslag uit te brengen aan de kwijtingsautoriteit over de bijzonderheden van zijn vooruitgang bij de uitvoering van de aanbevelingen van de dienst Interne Audit inzake personeelsbeheer en ethiek, met name de openstaande aanbeveling inzake werkbelasting en prestatiebeheer;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>ii)</SYMBOL>aan alle agentschappen kennis te nemen van de opmerkingen van de Europese Rekenkamer, met name wat betreft de regels voor aanbestedingen, en dienovereenkomstig actie te ondernemen door de aanbevelingen van de Europese Rekenkamer uit te voeren;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iii)</SYMBOL>aan het ECDC en het EMA een deel van hun begroting toe te passen voor de uitvoering van de aanbevelingen die de Rekenkamer in Speciaal verslag 12/2024 heeft gedaan en die hierboven zijn vermeld;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iv)</SYMBOL>aan het EMA, de Commissie en de lidstaten om onmiddellijk actie te ondernemen om de bovengenoemde aanhoudende tekorten aan kritieke geneesmiddelen aan te pakken, en dringt er in dit verband bij het EMA op aan nauw samen te werken met de nationale autoriteiten en de Commissie om: i) voldoende middelen toe te wijzen om het probleem aan te pakken; ii) manieren te analyseren en voor te stellen om de oorzaken van deze tekorten aan te pakken, waaronder problemen met de productie, de toeleveringsketen en de distributie, evenals belemmeringen op de interne markt of nationaal protectionisme, waaronder de noodzaak van de productie van Europese geneesmiddelen; iii) noodplannen op te stellen om ononderbroken toegang voor patiënten te garanderen, waaronder prioritering van gevallen met een grote behoefte; benadrukt dat onmiddellijke en gecoördineerde actie van cruciaal belang is om vertragingen in de behandeling te voorkomen, verslechtering van de resultaten voor patiënten te voorkomen en het vertrouwen van het publiek in het Europese gezondheidszorgstelsel te waarborgen; moedigt het EMA aan hiervoor extra interne middelen uit zijn begroting beschikbaar te stellen;</ITEM></LIST></P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Agentschappen op het gebied van vervoer en mobiliteit</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD> EASA, EMSA en ERA.</FIELD></FOOTNOTE></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>120.</NO.P>neemt kennis van de opmerking van de Rekenkamer dat het EASA in 2024 onregelmatige betalingen heeft verricht voor een totaalbedrag van 43 000 EUR in het kader van een contract voor een dienst die niet onder de overeenkomst viel; neemt kennis van het antwoord van het Agentschap waarin de kwestie wordt erkend en wordt verklaard dat het Agentschap corrigerende maatregelen heeft genomen en dat de dienst met ingang van 2025 is opgenomen in de raamovereenkomst;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>121.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">neemt kennis van de opmerkingen van de Rekenkamer over de beheer- en controlesystemen van het ERA, waaronder:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>gebrekkige documentatie waardoor het bureau er niet in slaagde 144 153 EUR aan betalingen voor de conferentie over het Europees beheersysteem voor het spoorverkeer van 2024 beschikbaar te stellen, waardoor de volledige inning van ontvangsten in gevaar kwam;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>late uitgifte van debetnota’s in strijd met artikel 43 van de oprichtingsverordening van het ERA, waarin wordt voorgeschreven dat debetnota’s binnen zestig dagen na de dienstverlening moeten worden uitgegeven;</ITEM></LIST></P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING ITALIC="on">Aanbevelingen</STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>122.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">vraagt aan de agentschappen gevolg te geven aan de opmerkingen van de Rekenkamer, en meer bepaald:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>aan het ERA om een gestandaardiseerd traceringssysteem op te zetten en te handhaven voor alle betaalde evenementen en een systeem in te voeren om factureringsprocessen te automatiseren om ervoor te zorgen dat debetnota’s binnen zestig dagen na de dienstverlening worden uitgegeven, waardoor de afhankelijkheid van handmatige triggers wordt verminderd, interne controles te handhaven en tijdigheid van facturering op te nemen als kernprestatie-indicator (KPI) in de financiële verslaglegging;</ITEM></LIST></P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Agentschappen op het gebied van milieu en energie</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD> ACER, ECHA, EEA en EFCA.</FIELD></FOOTNOTE></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>123.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">neemt kennis van de drie opmerkingen van de Rekenkamer over onregelmatigheden bij aanbestedingen in het EEA, waaronder:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>onregelmatige betalingen in het kader van een raamovereenkomst voor kantine- en cateringdiensten, terugbetaling van 6 514 EUR zonder een aan het agentschap gerichte factuur, in strijd met artikel 111, lid 2, van het Financieel Reglement, en verhoging van de lunchprijzen met 34 % boven het overeengekomen indexeringsmechanisme; neemt kennis van het antwoord van het agentschap dat het om op zichzelf staande incidenten ging, waarbij de procedures sindsdien zijn verduidelijkt en aangescherpt, en dat de prijsaanpassing het gevolg was van uitzonderlijke inflatoire omstandigheden;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>gebruik van zijn intern systeem voor bijeenkomsten van deskundigen voor het bestellen van cateringdiensten, in plaats van de bestelformulieren die de raamovereenkomst voorschrijft, waardoor een betrouwbare monitoring van de cumulatieve uitgaven onmogelijk werd en het risico ontstond van overschrijdingen van het contractplafond, hetgeen in strijd is met artikel 111, leden 1 en 3, van het Financieel Reglement; neemt kennis van het antwoord van het EEA dat het systeem voor bijeenkomsten van deskundigen een gestroomlijnd controleproces biedt en dat het de raamovereenkomst dienovereenkomstig zal aanpassen; benadrukt dat, om volledig tegemoet te komen aan de zorgen van de Rekenkamer, het systeem voor bijeenkomsten van deskundigen moet worden geïntegreerd met het boekhoudsysteem om ervoor te zorgen dat alle cateringbestellingen automatisch juridisch bindende verplichtingen genereren;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>type contract: merkt op dat het EEA heeft nagelaten het type specifiek contract (vaste prijs of “tijd en middelen”) te specificeren voor een IT-consultancycontract voor een bedrag van 731 000 EUR, hetgeen in strijd is met afdeling 1.1 van bijlage I bij het Financieel Reglement, waardoor het onmogelijk is het totale contractbedrag in overeenstemming te brengen met de prijs per consultant; neemt kennis van de uitleg van het EEA dat de omissie geen financiële gevolgen had, en van de toezegging ervoor te zorgen dat deze informatie in alle toekomstige contracten wordt opgenomen;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>124.</NO.P>neemt kennis van de opmerking van de Rekenkamer dat het ECHA een specifiek IT-infrastructuurcontract ter waarde van 8,1 miljoen EUR heeft ondertekend, waarmee het gedelegeerde plafond van de ordonnateur met 1,3 miljoen EUR werd overschreden; neemt kennis van de uitleg van het Agentschap dat het contract was gebaseerd op niet-bindende ramingen van het dienstenvolume binnen de grenzen van de jaarlijkse kredieten en dat de feitelijke vastleggingen in de begrotingen de gedelegeerde bevoegdheid niet overschreden; moedigt het ECHA aan te zorgen voor een duidelijke afstemming tussen financiële delegaties en contractuele verbintenissen; verzoekt het Agentschap om verbeterde toekomstgerichte screeningmechanismen in te voeren voor externe contractanten die betrokken zijn bij werkzaamheden in verband met de besluitvorming van het Agentschap op het gebied van regelgeving;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>125.</NO.P>vestigt de aandacht op de bezorgdheid die verschillende maatschappelijke organisaties hebben geuit over een mogelijk professioneel belangenconflict in het geval van Ramboll Germany GmbH, een adviesbureau dat eerder technische studies uitvoerde voor het ECHA en tegelijkertijd diensten verleende aan belanghebbenden uit de industrie die invloed wilden uitoefenen op komende PFAS-beperkingen; wijst erop dat deskundige adviesstructuren een evenwichtige vertegenwoordiging van wetenschappelijke, industriële en maatschappelijke expertise moeten weerspiegelen om de legitimiteit en empirisch onderbouwde besluitvorming te versterken; erkent de bewering van de organisaties dat de parallelle activiteiten van Ramboll de op grond van artikel 2, lid 56, en artikel 143, punt d), van het Financieel Reglement vereiste onpartijdigheid in gevaar kunnen hebben gebracht; wijst erop dat het beginsel van goed financieel beheer vereist dat het Agentschap ervoor zorgt dat aanbestedingen en de uitvoering van contracten zodanig worden uitgevoerd dat institutionele onpartijdigheid en het vertrouwen van het publiek behouden blijven; merkt op dat niet-vastgestelde belangenconflicten de geloofwaardigheid van door de Unie gefinancierde activiteiten kunnen aantasten, zelfs als er geen sprake is van procedurele onregelmatigheden; dringt aan op adequate waarborgen om zowel daadwerkelijke als schijnbare risico’s aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>126.</NO.P>neemt echter kennis van de verduidelijking van het ECHA dat de werkzaamheden van Ramboll Deutschland voor het Agentschap op het gebied van PFAS werden uitgevoerd tussen 2020 en 2021, voorafgaand aan het werk van het adviesbureau met de industrie in 2022, en dat de beoordelingen van belangenconflicten werden uitgevoerd in overeenstemming met de procedures van het ECHA op het moment dat het contract werd gegund; merkt voorts op dat Ramboll in het kader van de huidige raamovereenkomst 2024 geen offertes heeft ingediend voor specifieke contracten; is ingenomen met de verklaring van het ECHA dat het naar aanleiding van verzoeken om toegang tot documenten een gedetailleerde interne beoordeling heeft uitgevoerd en geen onbeheerde belangenconflicten heeft gevonden; wijst er niettemin op dat het belangrijk is te zorgen voor solide, proactieve en toekomstgerichte controles op belangenconflicten voor alle externe contractanten, met name degenen die betrokken zijn bij technische werkzaamheden die leiden tot gevoelige regelgevingsbesluiten; benadrukt dat deskundigengroepen een evenwicht moeten bevatten tussen leden uit verschillende sectoren, waaronder de particuliere sector, wetenschappelijke sectoren en het maatschappelijk middenveld, om verschillende competenties en standpunten te vertegenwoordigen; verzoekt het Agentschap controles van de onafhankelijkheid van contractanten in zijn bredere kader voor interne controle en risicobeheer op te nemen; wijst erop dat moet worden gezorgd voor robuuste en proactieve procedures om elk risico op belangenconflicten of ongepaste beïnvloeding te voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>127.</NO.P>neemt kennis van de opmerking van de Rekenkamer dat het EFCA een aanbestedingsformule voor IT-diensten heeft toegepast die ertoe leidde dat het effectieve gewicht van het prijscriterium onder het in de richtsnoeren van de Commissie aanbevolen minimum van 30 % viel (bijlage I, punt 21.2, bij het Financieel Reglement); neemt kennis van de toezegging van het EFCA om deze formule niet toe te passen in toekomstige aanbestedingsprocedures;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>128.</NO.P>neemt kennis van twee opmerkingen van de Rekenkamer over onregelmatigheden bij aanbestedingen van het ACER die hebben geleid tot onregelmatige betalingen in 2024; wijst erop dat het ACER na een wijziging van het leveranciersbeleid zes weken lang vóór de ondertekening van het gewijzigde contract zonder rechtsgrondslag IT-ondersteuningsdiensten heeft besteld, hetgeen heeft geleid tot onregelmatige betalingen van 8 179 EUR in strijd met artikel 172, lid 1, van het Financieel Reglement; neemt kennis van het antwoord van het Agentschap dat deze uitzondering formeel was goedgekeurd om onderbreking van de dienstverlening te voorkomen en dat de betalingen betrekking hadden op naar behoren geleverde en gedocumenteerde diensten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>129.</NO.P>merkt op dat het ACER in een procedure van gunning door onderhandelingen een herziene financiële offerte heeft aanvaard, waarbij de waarde van het contract na indiening werd verhoogd van 51 450 EUR tot 79 450 EUR, in strijd met artikel 151, artikel 160, lid 1, en artikel 170 van het Financieel Reglement;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>130.</NO.P>herinnert eraan dat de opmerking van de Rekenkamer met betrekking tot de structurele afhankelijkheid van het ACER van uitzendkrachten sinds 2019 open is gebleven, waarbij uitzendkrachten langetermijntaken blijven uitvoeren die normaal gesproken moeten worden uitgevoerd door personeel dat rechtstreeks in dienst is; merkt op dat, hoewel het aantal uitzendkrachten daalde van 18 in 2023 tot 16 in 2024, de situatie aanhoudt en het ACER van plan is een deel van deze activiteiten uit te besteden; neemt kennis van de antwoorden van het Agentschap op de vragenlijst, volgens welke uitgebreide uitbesteding noodzakelijk is vanwege onvoldoende interne middelen en gespecialiseerde expertise; merkt op dat het ACER een breed scala aan functies uitbesteedt, waaronder zeer gespecialiseerde consultancy’s en studies op het gebied van energieregelgeving, juridische diensten, de organisatie van evenementen en diverse algemene diensten, maar dat de grootste afhankelijkheid betrekking heeft op het IT-domein, waar het ontwerp, de ontwikkeling, de uitvoering, de ondersteuning, het onderhoud en de beveiliging van de systemen van het Agentschap grotendeels worden uitgevoerd door externe dienstverleners; benadrukt in dit verband dat meer dan honderd externe IT-deskundigen (niet noodzakelijk voltijds) betrokken zijn bij het leveren van IT-diensten aan het ACER, vergeleken met slechts 17 interne IT-medewerkers, hetgeen leidt tot een aanzienlijke structurele onevenwichtigheid; merkt voorts op dat het ACER stelt dat dit uitbestedingsmodel uitdrukkelijk door de Commissie werd aanbevolen gezien de beperkte personeelsformatie en de beperkte middelen van het agentschap; benadrukt echter dat een dergelijke aanhoudende afhankelijkheid van externe leveranciers voor kerncapaciteiten op IT-gebied, in combinatie met het voortdurende gebruik van uitzendkrachten voor permanente taken, aanleiding geeft tot bezorgdheid over het behoud van kennis, operationele continuïteit en institutionele capaciteit op de lange termijn; wijst erop dat de overmatige afhankelijkheid van externe IT-leveranciers dringend moet worden aangepakt om het behoud van kennis en operationele continuïteit te waarborgen; verzoekt de Commissie en het ACER verslag uit te brengen aan de kwijtingsautoriteit over de genomen corrigerende maatregelen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING ITALIC="on">Aanbevelingen</STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>131.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">vraagt aan de agentschappen gevolg te geven aan de opmerkingen van de Rekenkamer, en meer bepaald:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>i)</SYMBOL>aan het EEA om zijn aanbestedings- en contractbeheerprocedures te versterken om soortgelijke onregelmatigheden te voorkomen, met name door de systematische handhaving van de facturerings- en prijsindexeringsvereisten van het Financieel Reglement voor alle raamovereenkomsten, integratie van het systeem voor bijeenkomsten van deskundigen met de boekhoud- en vastleggingssystemen van het EEA om ervoor te zorgen dat cateringbestellingen juridisch bindende verplichtingen genereren en een betrouwbare monitoring van de cumulatieve uitgaven mogelijk maken overeenkomstig artikel 111, het verplicht opnemen van het type contract (vaste prijs of “tijd en middelen”) in alle specifieke contracten in overeenstemming met bijlage I, en het uitvoeren van regelmatige controles, personeelsopleidingen en versterkte toezichtcontroles, waarbij alle genomen corrigerende maatregelen volledig worden gedocumenteerd;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>ii)</SYMBOL>aan het EFCA om te zorgen voor strikte naleving van de aanbestedingsregels van de Unie door ten minste 30 % prijswegingscriteria te handhaven, interne opleiding te bieden over de juiste toepassing van wegingsfactoren bij aanbestedingen, verplichte bewijsstukken in te voeren (bijvoorbeeld huurcontracten), periodieke controles van de plaats van vestiging uit te voeren en de controles te versterken om ongepaste betalingen van vergoedingen te voorkomen en verslag uit te brengen aan de kwijtingsautoriteit over de uitvoering;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iii)</SYMBOL>aan het ACER om in de toekomst onregelmatigheden bij aanbestedingen te voorkomen en ervoor te zorgen dat het Financieel Reglement volledig wordt nageleefd;</ITEM></LIST></P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Agentschappen op andere gebieden</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD> Berec-Bureau, CdT, Enisa, EIT, Euspa en ESA.</FIELD></FOOTNOTE></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>132.</NO.P>merkt op dat het Berec-Bureau in twee procedures van gunning door onderhandelingen geen selectiecriteria in het bestek heeft opgenomen, hetgeen in strijd is met punt 18.2 van bijlage I bij het Financieel Reglement, met het risico voor het Berec-Bureau dat de contractant niet over de capaciteit beschikt om de contracten uit te voeren; neemt kennis van de uitleg van het Berec-Bureau dat de capaciteit van de contractanten is beoordeeld door middel van voorafgaand overleg en dat het bureau ervoor zal zorgen dat in alle toekomstige aanbestedingen selectiecriteria worden gespecificeerd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>133.</NO.P>vestigt de aandacht op het feit dat de Commissie uiterlijk in december 2023 een vijfjaarlijkse evaluatie van het Berec-Bureau moest uitvoeren op grond van artikel 48 van de oprichtingsverordening, met als doel om mogelijke structurele of mandaatwijzigingen voor het Berec-Bureau te beoordelen, evenals eventuele financiële gevolgen; merkt op dat de Commissie deze evaluatie eind 2024 nog niet had afgerond en dat zij het Parlement op verzoek van een lid van het Europees Parlement heeft meegedeeld dat het evaluatieverslag in december 2025 zal worden ingediend;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>134.</NO.P>wijst op de opmerking van de Rekenkamer over de onregelmatigheid bij aanbestedingen door het CdT in een contract voor de huur van IT-apparatuur in rekken, dat in 2016 werd gegund via een procedure van gunning door onderhandelingen zonder voorafgaande publicatie van een aankondiging van opdracht; benadrukt dat het contract 13 keer is verlengd, waarbij ten onrechte een beroep werd gedaan op de vrijstelling voor bouwcontracten krachtens artikel 134, lid 1, punt h), van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie, een bepaling waarvan de Rekenkamer heeft vastgesteld dat deze niet van toepassing is op de huur van IT-apparatuur in rekken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>135.</NO.P>neemt er kennis van dat Enisa geen deugdelijk financieringsbesluit heeft genomen voordat de aanbestedingsprocedures voor operationele uitgaven van start gingen, hetgeen een doeltreffende planning en toezicht ondermijnt en in strijd is met artikel 32, lid 1, en artikel 72, lid 3, punt b), van zijn financiële regels; neemt kennis van het antwoord van Enisa dat het agentschap het eens is met de opmerking en de nodige stappen heeft ondernomen om de kwestie aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>136.</NO.P>merkt op dat voor vier conferenties (2022‑2024) de gemiddelde hoteltarieven van Enisa de geldende plafonds voor personeel van de Unie overschreden, met hoge annuleringskosten (30 % van de totale kosten) voor twee evenementen; benadrukt het gebrek aan richtsnoeren of controles vooraf voor het organiseren van conferenties; neemt kennis van het antwoord van Enisa dat het hiermee instemt en corrigerende maatregelen zal nemen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>137.</NO.P>vestigt de aandacht op een aanbestedingsprocedure voor onderzoeks- en ontwikkelingsdiensten waarin onvoldoende documentatie voorhanden was om de geraamde waarde van het contract te rechtvaardigen en waarin geen specifieke en meetbare selectiecriteria waren vastgelegd, zoals vereist in artikel 167 van en bijlage I, punt 18.2, bij het Financieel Reglement; neemt kennis van het antwoord van Enisa dat het dit probleem al heeft aangepakt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>138.</NO.P>neemt kennis van de opmerking van de Rekenkamer met betrekking tot het EIT, met name dat een externe verificatie achteraf van een representatieve steekproef van kostenposten in het kader van subsidiebetalingen resulteerde in een algeheel foutenpercentage van 0,4 %; merkt op dat de Rekenkamer het algehele foutenpercentage voor de steekproef heeft herberekend, rekening houdend met een extra niet-subsidiabel bedrag dat zij bij haar controle heeft ontdekt, en heeft geconcludeerd dat de subsidiebetalingen een geschat foutenpercentage van 0,8 % vertoonden dat van toepassing was op de 6 miljoen EUR aan goedgekeurde EIT-subsidiebetalingen in 2024, hetgeen betekent dat ongeveer 50 000 EUR mogelijk fouten bevat;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>139.</NO.P>merkt op dat het EIT zijn subsidieovereenkomsten in 2023 heeft omgezet van een jaarlijkse in een meerjarenstructuur; vestigt de aandacht op het feit dat deze wijziging gevolgen heeft voor de beoordeling van de wettigheid en regelmatigheid door de Rekenkamer, die alleen kan worden uitgevoerd tijdens tussentijdse betalingen en betalingen van het saldo; merkt op dat het EIT in 2024 412 miljoen EUR aan voorfinanciering voor meerjarenovereenkomsten heeft betaald, hetgeen neerkomt op 92,9 % van de totale betalingen voor dat jaar; neemt er kennis van dat de wettigheid en regelmatigheid van deze betalingen in toekomstige jaren zullen worden beoordeeld; wijst erop dat voor een dergelijk hoog aandeel voorfinancieringen versterkte monitoring- en controlemechanismen zijn vereist om het risico van toekomstige financiële correcties of terugvorderingen te beperken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>140.</NO.P>spreekt zijn bezorgdheid uit over de onderzoeken van het OLAF naar drie verschillende zaken die in 2024 werden afgesloten en de daaropvolgende financiële en administratieve aanbevelingen; merkt op dat het OLAF het EIT heeft aanbevolen om aanzienlijke bedragen terug te vorderen van de begunstigden waarop het onderzoek betrekking had; neemt er kennis van dat het terug te vorderen bedrag betrekking heeft op subsidieovereenkomsten die zijn toegekend van 2020 tot 2023; merkt op dat het EIT in 2024 een voorfinancieringsbetaling van 52,1 miljoen EUR heeft gedaan in verband met de subsidieovereenkomst van 2023 en dat deze geen deel uitmaakte van de controlepopulatie van de Rekenkamer van betalingen in 2024;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>141.</NO.P>neemt met bijzondere aandacht kennis van de uitleg die de directeur van het EIT tijdens de hoorzitting van 1 december 2025 heeft gegeven, namelijk dat de onregelmatigheden begunstigden van EIT-subsidies betreffen en geen personeelsleden van het EIT, en dat de onregelmatigheden in de twee belangrijkste gevallen door het agentschap zelf zijn ontdekt en proactief aan het OLAF zijn gemeld; merkt voorts op dat het EIT na ontvangst van de eindverslagen van het OLAF onmiddellijk corrigerende maatregelen heeft genomen, met name voor de belangrijkste onregelmatigheid, waaronder de opschorting van alle betalingen aan de betrokken begunstigde, de voortijdige beëindiging van de lopende subsidieovereenkomst en het opstarten van terugvorderingsprocedures voor in het verleden toegekende subsidies, alsmede de eis dat de begunstigde zijn processen en procedures verbetert; verwacht van het EIT dat het alle vervolgmaatregelen die voortvloeien uit de aanbevelingen van het OLAF volledig uitvoert en ervoor zorgt dat versterkte controlemechanismen soortgelijke risico’s in toekomstige financieringscycli doeltreffend beperken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>142.</NO.P>wijst erop dat het EIT vanwege de complexiteit van een van de drie zaken nauw samenwerkt met de juridische diensten van de Commissie, het OLAF en het DG Begrotingszaken en dat het terug te vorderen bedrag momenteel wordt geraamd op ongeveer 15‑20 miljoen EUR;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>143.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">erkent dat het EIT in 2024 zijn interne controles heeft geëvalueerd en drie belangrijke risico’s heeft vastgesteld die zich hoogstwaarschijnlijk zullen voordoen en aanzienlijke gevolgen voor zijn activiteiten zullen hebben:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>onvoldoende personeel: merkt op dat de Rekenkamer en de dienst Interne Audit van de Commissie dit risico erkennen en wijzen op onregelmatigheden als gevolg van onderbezetting; dringt erop aan dat het personeelsbestand wordt uitgebreid en dat de financiering dienovereenkomstig wordt verhoogd;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>strategische vooruitgang van KIG’s: betreurt het dat de kennis- en innovatiegemeenschappen (KIG’s) hun strategische doelstellingen mogelijk niet halen als gevolg van een gebrek aan afstemming, fraude of andere factoren; is bezorgd dat sommige KIG’s nog steeds achterlopen in fraudebestrijdingssystemen, waarbij lopende onderzoeken van het OLAF met betrekking tot KIG’s mogelijk de terugvordering van middelen vereisen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>cyberdreigingen: cyberaanvallen vormen een zeer groot risico en kunnen de bedrijfscontinuïteit aantasten, gegevens verloren doen gaan en de reputatie schaden;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>144.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">vestigt de aandacht op twee begrotingsonregelmatigheden in de gewijzigde begroting 2025 van het EIT:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>begrotingsevenwicht: merkt op dat in de oorspronkelijke versie 463,6 miljoen EUR aan inkomsten tegenover 446,7 miljoen EUR aan uitgaven stond, hetgeen in strijd is met de artikelen 8 en 16 van de financiële kaderregeling; erkent de gecorrigeerde versie van 31 maart 2025;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>–</SYMBOL>fout in de classificatie van inkomsten: merkt op dat het EIT 16,7 miljoen EUR aan externe bestemmingsontvangsten heeft opgenomen onder titel 2 “Bijdragen” in plaats van een apart hoofdstuk toe te voegen, hetgeen in strijd is met de artikelen 8, 20, 21 en 25; merkt op dat het EIT sindsdien heeft toegezegd zijn begroting te herstructureren om dergelijke inkomsten in 2025 correct te classificeren;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>145.</NO.P>merkt op dat de raamovereenkomst van het EIT voor reisdiensten niet voldoet aan de contractuele voorwaarden, aangezien er geen bestelbonnen of specifieke contracten worden gebruikt om reisdiensten te bestellen; merkt op dat het EIT de dienstreisopdrachten van het personeel als juridische verbintenissen beschouwt, maar deze niet aan de contractant meedeelt en in plaats daarvan de volledige verantwoordelijkheid delegeert aan de reizende personeelsleden die hun reisdiensten rechtstreeks per e-mail moeten bestellen; wijst op drie gevallen waarin dienstreisopdrachten en kostendeclaraties niet werden goedgekeurd door naar behoren gedelegeerd personeel, en wijst erop dat het EIT niet beschikt over een betrouwbaar systeem om toezicht te houden op de naleving van het contractplafond; neemt kennis van het antwoord van het EIT, dat bevestigt dat het contractplafond niet is overschreden, maar verzoekt het agentschap ervoor te zorgen dat de goedkeuringsbevoegdheid naar behoren wordt gedelegeerd en een monitoringsysteem in te voeren om na te gaan of het contractplafond wordt nageleefd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>146.</NO.P>merkt op dat het EIT 118 697 EUR aan vastleggingen voor personeelskosten naar 2025 heeft overgedragen als C9-kredieten, ondanks het feit dat uit hoofde van artikel 12, lid 5, van de financiële kaderregeling dergelijke vastleggingen aan het einde van het jaar moeten worden geannuleerd; neemt er kennis van dat het EIT het probleem erkent en zich ertoe verbindt zijn interne controles te versterken om herhaling te voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>147.</NO.P>wijst op de strategische rol van Euspa als belangrijke pijler van het ruimtevaartprogramma van de EU bij het versterken van de industriële basis, het concurrentievermogen en de innovatie van de Unie; verzoekt de Commissie er bij de voorbereiding van het volgende meerjarig financieel kader (MFK) voor te zorgen dat Euspa over voldoende bevoegdheden en middelen beschikt om zijn prestatie- en uitvoeringscapaciteit te versterken ter ondersteuning van de strategische autonomie en soevereiniteit van de Unie, onder meer door de uitvoering van nieuwe taken in het kader van de EU-ruimtevaartverordening; benadrukt dat het belangrijk is prioriteit te geven aan Europese aanbestedingen op gebieden die van cruciaal belang zijn voor de veerkracht, veiligheid en technologische onafhankelijkheid van de Unie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>148.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">vraagt aan de agentschappen gevolg te geven aan de opmerkingen van de Rekenkamer, en meer bepaald:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>i)</SYMBOL>aan het Berec-Bureau om ervoor te zorgen dat de aanbestedingsregels volledig worden nageleefd door de selectiecriteria in procedures van gunning door onderhandelingen systematisch vast te leggen en de mechanismen voor capaciteitsborging te versterken;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>ii)</SYMBOL>aan het CdT om de controles op aanbestedingen te versterken om herhaalde niet-naleving van de regels van de Unie en de interne financiële regels te voorkomen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iii)</SYMBOL>aan Enisa om financieringsbesluiten te nemen voorafgaand aan aanbestedingen, richtsnoeren en controles vooraf in te voeren voor de organisatie van conferenties en te zorgen voor volledige documentatie en meetbare selectiecriteria in alle procedures;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iv)</SYMBOL>aan het EIT om het toezicht van externe verificateurs te versterken en zijn controlelijsten te verbeteren, te zorgen voor een correct begrotingsevenwicht en een correcte classificatie van de inkomsten, de uitvoering van zijn raamovereenkomst voor reisdiensten te verbeteren en de interne controles te versterken om onregelmatige overdrachten te voorkomen;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>149.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">vraagt aan de volgende agentschappen voorts het volgende:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>i)</SYMBOL>aan het Berec-Bureau om verslag uit te brengen aan de kwijtingsautoriteit over de tijdige voltooiing en follow-up van de vijfjaarlijkse evaluatie van de Commissie, die al te lang op zich laat wachten;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>ii)</SYMBOL>aan Enisa om de kwijtingsautoriteit op de hoogte te stellen van de voortgang bij de uitvoering van corrigerende maatregelen met betrekking tot de planning van aanbestedingen, het beheer van conferenties en de documentatie van procedures voor onderzoek en ontwikkeling;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iii)</SYMBOL>aan het EIT om de kwijtingsautoriteit op de hoogte te houden van de uitvoering van de aanbevelingen van het OLAF en de versterkte controlemechanismen om herhaling in de toekomst te voorkomen; om zijn cyberbeveiligingsgovernance te blijven versterken in volledige overeenstemming met Verordening (EU, Euratom) 2023/2841, teneinde de interne cyberweerbaarheid verder te vergroten; om een beleid inzake toegang tot documenten vast te stellen teneinde parlementaire en publieke controle op het gebruik van de middelen van de Unie mogelijk te maken, met name met betrekking tot de kennis- en innovatiegemeenschappen (KIG’s);</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>iv)</SYMBOL>aan het CdT om de toegankelijkheid van documenten in alle talen van de Unie verder te verbeteren, teneinde gelijke toegang voor alle burgers van de Unie te waarborgen;</ITEM></LIST></P></ACTION><ACTION><P><NO.P>150.</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="LC"><INT.LI LEVEL="0">verzoekt de Commissie:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>i)</SYMBOL>systeemgebonden problemen bij alle agentschappen met betrekking tot de aankoop van IT-diensten in kaart te brengen, te onderzoeken of nieuwe aanbestedingen altijd nodig zijn om de continuïteit van de werkzaamheden te waarborgen, te onderzoeken of er specifieke, flexibelere regels met betrekking tot IT-aankopen moeten worden ingevoerd, en de agentschappen in dit opzicht ondersteuning en toezicht te bieden;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>ii)</SYMBOL>te zorgen voor adequate opleiding in aanbestedingsprocedures; dringt er bij de Commissie op aan systeemgebonden problemen in aanbestedingsprocedures bij alle agentschappen te analyseren, specifieke probleemgebieden vast te stellen en oplossingen voor te stellen.</ITEM></LIST></P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>