<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2026)0140</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Europees Agentschap voor chemische stoffen en wijziging van verordeningen</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0093/2026 - Rapporteur: Christophe Clergeau)</STRING></HIDDEN><TXTLST><DECISION><TI><STRING BOLD="on">Amendementen van het Europees Parlement aangenomen op 29 april 2026 op het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende het Europees Agentschap voor chemische stoffen en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1907/2006, (EU) nr. 528/2012, (EU) nr. 649/2012 en (EU) 2019/1021 (COM(2025)0386 – C10-0141/2025 – 2025/0207(COD))</STRING><FOOTNOTE><FIELD> De zaak werd voor interinstitutionele onderhandelingen terugverwezen naar de bevoegde commissie op grond van artikel 60, lid 4, vierde alinea, van het Reglement (A10-0093/2026).</FIELD></FOOTNOTE></TI><NOTE>(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)</NOTE><TEXT><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION/></ACTLST></DISPOSITIF><AMDLST><HD><HEAD.OLD><STRING ITALIC="on">Door de Commissie voorgestelde tekst</STRING></HEAD.OLD><HEAD.NEW><STRING ITALIC="on">Amendement</STRING></HEAD.NEW></HD><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		1</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 9</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(9)</NO.P>Het Agentschap moet blijven bijdragen aan de uitvoering en handhaving van de wetgeving en het beleid van de Unie met betrekking tot de gevaren, de risico’s <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> het veilige gebruik van chemische stoffen, teneinde een hoog niveau van bescherming van de menselijke gezondheid en het milieu, de efficiënte werking van de interne markt en samenhang en consistentie bij het beheer van chemische stoffen in de hele Unie te bereiken, en tegelijkertijd het concurrentievermogen en de innovatie te vergroten, rekening houdend met de specifieke behoeften van kleine en middelgrote ondernemingen, en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">alternatieven voor dierproeven</STRING></STRING> te bevorderen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(9)</NO.P>Het Agentschap moet blijven bijdragen aan de uitvoering en handhaving van de wetgeving en het beleid van de Unie met betrekking tot de gevaren, de risico’s<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> het veilige gebruik <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en de ecologische duurzaamheid</STRING></STRING> van chemische stoffen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en groepen daarvan, en van mengsels en voorwerpen</STRING></STRING>, teneinde een hoog niveau van bescherming van de menselijke gezondheid en het milieu, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met inbegrip van de bescherming van kwetsbare groepen,</STRING></STRING> de efficiënte werking van de interne markt en samenhang en consistentie bij het beheer van chemische stoffen in de hele Unie te bereiken, en tegelijkertijd het concurrentievermogen en de innovatie te vergroten, rekening houdend met de specifieke behoeften van kleine en middelgrote ondernemingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">om normen voor gezondheid op het werk te waarborgen en verder te versterken</STRING></STRING>, en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">diervrije werkwijzen en nieuwe methoden</STRING></STRING> te bevorderen.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Door zijn doelstellingen en taken te verwezenlijken draagt het Agentschap bij tot de volledige uitvoering van de doelstellingen van de Verdragen en draagt het er met name toe bij dat het milieubeleid berust op het voorzorgsbeginsel en het beginsel van preventief handelen, het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron dienen te worden bestreden, en het beginsel dat de vervuiler betaalt, in overeenstemming met artikel 191, lid 2, VWEU.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		2</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 10 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(10 bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om de capaciteit van de bevoegde instanties van de lidstaten te verhogen en bij te dragen tot hun werkzaamheden moet het Agentschap de mogelijkheid hebben ambtenaren en andere personeelsleden van het Agentschap detacheren, in het belang van de dienst en in overeenstemming met artikel 37 van het statuut van de ambtenaren, dat deel uitmaakt van Verordening nr. 31 (EEG), 11 (EGA)</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en artikel 51 van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden, die eveneens deel uitmaakt van Verordening nr. 31 (EEG), 11 (EGA), bij de bevoegde instanties van de lidstaten of bij andere publieke organen die zijn belast met taken met betrekking tot het mandaat van het Agentschap.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">__________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Verordening nr. 31 (EEG), 11 (EGA), tot vaststelling van het statuut van de ambtenaren en de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (PB 45 van 14.6.1962, blz. 1385, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/1962/31(1)/oj).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		3</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 11</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(11)</NO.P>De structuur van het Agentschap moet geschikt zijn voor zijn taken en rekening houden met de ervaring die is opgedaan met de werking en de prestaties van het Agentschap sinds zijn oprichting. Het is van essentieel belang dat het Agentschap over hoogwaardige wetenschappelijke en technische capaciteiten beschikt bij de uitvoering van zijn taken om de hoogst mogelijke kwaliteit te waarborgen. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Aangezien het vertrouwen van de instellingen van de Unie, de lidstaten, het publiek en belanghebbende partijen in het Agentschap van cruciaal belang is, moet het zijn taken op transparante en efficiënte wijze uitvoeren.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>(11)</NO.P>De structuur van het Agentschap moet geschikt zijn voor zijn taken en rekening houden met de ervaring die is opgedaan met de werking en de prestaties van het Agentschap sinds zijn oprichting. Het is van essentieel belang dat het Agentschap over hoogwaardige wetenschappelijke en technische capaciteiten beschikt bij de uitvoering van zijn taken om de hoogst mogelijke kwaliteit te waarborgen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		4</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 11 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(11 bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Een centrale rol van het Agentschap moet zijn, ervoor te zorgen dat de wetgeving inzake chemische stoffen en de onderliggende besluitvorming en wetenschappelijke basis geloofwaardig zijn voor alle betrokkenen en het grote publiek. Het Agentschap moet ook een centrale rol vervullen bij de coördinatie van de voorlichting over deze verordening en de tenuitvoerlegging ervan. Het is dus van essentieel belang dat de instellingen van de Unie, de lidstaten, het grote publiek en de andere belanghebbenden vertrouwen hebben in het Agentschap. Daarom moeten de onafhankelijkheid, het hoge niveau van wetenschappelijke, technische en regelgevingscapaciteit, de transparantie en de efficiëntie ervan gewaarborgd zijn. Bovendien moeten er duidelijke en doeltreffende regels worden vastgesteld voor de preventie van en de omgang met belangenconflicten, en mogen experts niet in comités worden benoemd indien er sprake is van een redelijke grond tot bezorgdheid met betrekking tot belangenconflicten.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		5</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 13</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(13)</NO.P>De raad van bestuur van het Agentschap moet de nodige bevoegdheden krijgen, met name om de uitvoerend directeur, de leden van het RAC en het SEAC en van de kamer van beroep te benoemen, en om het geconsolideerde jaarlijkse activiteitenverslag, het programmeringsdocument, de jaarlijkse begroting en de financiële regels voor het Agentschap goed te keuren. De Commissie, het Europees Parlement en de lidstaten moeten in de raad van bestuur zijn vertegenwoordigd om op doeltreffende wijze toezicht op deze raad te kunnen houden. Omwille van transparantie moeten belanghebbende partijen zonder stemrecht door de Commissie in de raad van bestuur worden benoemd.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(13)</NO.P>De raad van bestuur van het Agentschap moet de nodige bevoegdheden krijgen, met name om de uitvoerend directeur, de leden van het RAC en het SEAC en van de kamer van beroep te benoemen, en om het geconsolideerde jaarlijkse activiteitenverslag, het programmeringsdocument, de jaarlijkse begroting en de financiële regels voor het Agentschap goed te keuren. De Commissie, het Europees Parlement en de lidstaten moeten in de raad van bestuur zijn vertegenwoordigd om op doeltreffende wijze toezicht op deze raad te kunnen houden. Omwille van transparantie moeten belanghebbende partijen zonder stemrecht door de Commissie in de raad van bestuur worden benoemd <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en moeten zij een breed scala aan relevante expertisegebieden vertegenwoordigen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		6</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 15 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(15 bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De rol van het Agentschap als onafhankelijk wetenschappelijk referentiepunt betekent dat niet alleen de Commissie, maar ook het Europees Parlement en de lidstaten het Agentschap om wetenschappelijk advies kunnen vragen. Om het proces voor het leveren van wetenschappelijk advies beheersbaar en consistent te houden, moet het Agentschap een verzoek om wetenschappelijk advies op basis van vooraf bepaalde criteria kunnen weigeren of kunnen voorstellen het te wijzigen, waarbij het Agentschap zijn besluit in geval van weigering dient te motiveren.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		7</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 16</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(16)</NO.P>Het RAC heeft op basis van een ad-hocovereenkomst in het verleden tussen de Commissie en het Agentschap wetenschappelijke adviezen uitgebracht over evaluaties van grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling en andere aspecten die relevant zijn voor beroepsmatige blootstelling aan gevaarlijke chemische stoffen, zoals biologische grenswaarden voor gevaarlijke chemische stoffen in het kader van artikel 3 van Richtlijn 98/24/EG van de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING>, de artikelen 16, 16 bis en 18 bis van Richtlijn 2004/37/EG van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> en de artikelen 18 quater en 22 bis van Richtlijn 2009/148/EG van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">13</STRING>. Aangezien deze taak een gevestigde praktijk is geworden en om deze praktijk te consolideren, moet in deze verordening worden bepaald dat het RAC op verzoek van de Commissie dergelijke adviezen moet uitbrengen. Bovendien moet het RAC op verzoek van de Commissie wetenschappelijke adviezen uitbrengen over alle andere zaken die verband houden met de gevaren, risico’s en het veilige gebruik van chemische stoffen als zodanig, in mengsels of in voorwerpen, zoals gedefinieerd in artikel 3, leden 1, 2 en 3, van Verordening (EG) nr. 1907/2006.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(16)</NO.P>Het RAC heeft op basis van een ad-hocovereenkomst in het verleden tussen de Commissie en het Agentschap wetenschappelijke adviezen uitgebracht over evaluaties van grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling en andere aspecten die relevant zijn voor beroepsmatige blootstelling aan gevaarlijke chemische stoffen, zoals biologische grenswaarden voor gevaarlijke chemische stoffen in het kader van artikel 3 van Richtlijn 98/24/EG van de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING>, de artikelen 16, 16 bis en 18 bis van Richtlijn 2004/37/EG van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> en de artikelen 18 quater en 22 bis van Richtlijn 2009/148/EG van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">13</STRING>. Aangezien deze taak een gevestigde praktijk is geworden en om deze praktijk te consolideren, moet in deze verordening worden bepaald dat het RAC op verzoek van de Commissie dergelijke adviezen moet uitbrengen. Bovendien moet het RAC op verzoek van de Commissie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, het Europees Parlement of de lidstaten</STRING></STRING> wetenschappelijke adviezen uitbrengen over alle andere zaken die verband houden met de gevaren, risico’s en het veilige gebruik van chemische stoffen als zodanig, in mengsels of in voorwerpen, zoals gedefinieerd in artikel 3, leden 1, 2 en 3, van Verordening (EG) nr. 1907/2006.</P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING> Richtlijn 98/24/EG van de Raad van 7 april 1998 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van werknemers tegen risico’s van chemische agentia op het werk (14e bijzondere richtlijn in de zin van artikel 16, lid 1, van Richtlijn 89/391/EEG) (PB L 131 van 5.5.1998, blz. 11, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/1998/24/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">11</STRING> Richtlijn 98/24/EG van de Raad van 7 april 1998 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van werknemers tegen risico’s van chemische agentia op het werk (14e bijzondere richtlijn in de zin van artikel 16, lid 1, van Richtlijn 89/391/EEG) (PB L 131 van 5.5.1998, blz. 11, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/1998/24/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> Richtlijn 2004/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico’s van blootstelling aan carcinogene, mutagene of reprotoxische agentia op het werk (zesde bijzondere richtlijn in de zin van artikel 16, lid 1, van Richtlijn 89/391/EEG van de Raad) (PB L 158 van 30.4.2004, blz. 50, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2004/37/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">12</STRING> Richtlijn 2004/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico’s van blootstelling aan carcinogene, mutagene of reprotoxische agentia op het werk (zesde bijzondere richtlijn in de zin van artikel 16, lid 1, van Richtlijn 89/391/EEG van de Raad) (PB L 158 van 30.4.2004, blz. 50, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2004/37/oj).</P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">13</STRING> Richtlijn 2009/148/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 betreffende de bescherming van werknemers tegen de risico’s van blootstelling aan asbest op het werk (PB L 330 van 16.12.2009, blz. 28, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2009/148/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">13</STRING> Richtlijn 2009/148/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 betreffende de bescherming van werknemers tegen de risico’s van blootstelling aan asbest op het werk (PB L 330 van 16.12.2009, blz. 28, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2009/148/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		8</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 18</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(18)</NO.P>De raad van bestuur moet het reglement van orde van het RAC, het SEAC, het MSC, het BPC en het WCCV vaststellen, met inbegrip van de procedurele regelingen voor de werkgroepen van de comités. Om de Commissie in staat te stellen haar toezicht uit te oefenen, moeten de vertegenwoordigers van de Commissie in de raad van bestuur het reglement van orde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">goedkeuren</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zonder afbreuk te doen aan</STRING></STRING> de onafhankelijkheid van de comités en hun werkgroepen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(18)</NO.P>De raad van bestuur moet het reglement van orde van het RAC, het SEAC, het MSC, het BPC en het WCCV vaststellen, met inbegrip van de procedurele regelingen voor de werkgroepen van de comités. Om de Commissie in staat te stellen haar toezicht uit te oefenen, moeten de vertegenwoordigers van de Commissie in de raad van bestuur <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">door de uitvoerend directeur geraadpleegd worden bij het opstellen van</STRING></STRING> het reglement van orde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van het RAC</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het SEAC en het WCCV, waarbij</STRING></STRING> de onafhankelijkheid van de comités en hun werkgroepen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">behouden blijft</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		9</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 19</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(19)</NO.P>De adviezen van het RAC en het SEAC moeten gebaseerd zijn op de breedst mogelijke wetenschappelijke en technische expertise die binnen de Unie beschikbaar is. Daartoe <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten alle lidstaten</STRING></STRING> twee leden voor het RAC en twee leden voor het SEAC <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voordragen</STRING></STRING> en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten zij</STRING></STRING> het recht <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hebben</STRING></STRING> om twee extra leden voor te dragen. Het RAC, het SEAC, het BPC en het WCCV moeten leden kunnen coöpteren en een beroep kunnen doen op deskundigen, rekening houdend met de werklast, het soort expertise dat nodig is en de beschikbare financiële middelen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(19)</NO.P>De adviezen van het RAC en het SEAC moeten gebaseerd zijn op de breedst mogelijke wetenschappelijke en technische expertise die binnen de Unie beschikbaar is. Daartoe<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en om ervoor te zorgen dat het RAC en het SEAC volledig operationeel zijn, is het van essentieel belang dat elke lidstaat</STRING></STRING> twee leden voor het RAC en twee leden voor het SEAC <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voordraagt</STRING></STRING> en het recht <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">heeft</STRING></STRING> om twee extra leden voor te dragen. Het RAC, het SEAC, het BPC en het WCCV moeten leden kunnen coöpteren en een beroep kunnen doen op deskundigen, rekening houdend met de werklast, het soort expertise dat nodig is<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, het geografisch evenwicht</STRING></STRING> en de beschikbare financiële middelen. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De comitéleden moeten over de expertise beschikken die nodig is om de aan het Agentschap toegewezen taken naar behoren te vervullen. Het Agentschap moet in staat zijn de lidstaten die daarom vragen te helpen bij het bepalen van de relevante profielen voor de leden van het RAC, het SEAC en het BPC.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		10</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 21 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(21 bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Agentschap moet een vergadering van geaccrediteerde belanghebbenden opzetten om te zorgen voor intensievere betrekkingen met geaccrediteerde belanghebbenden, zodat deze het Agentschap makkelijker kunnen ondersteunen bij de uitvoering van zijn taken, en het Agentschap moet daarbij zorgen voor een evenwichtige vertegenwoordiging van de industrie en het maatschappelijk middenveld.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		11</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 21 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(21 ter)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om de wetenschappelijke samenwerking te versterken en de werkzaamheden van het Agentschap te ondersteunen, is het noodzakelijk om netwerken te bevorderen tussen nationale instanties, agentschappen en onderzoeksinstellingen die actief zijn op bevoegdheidsgebieden van het Agentschap. Via deze netwerken kunnen zij informatie uitwisselen, hun activiteiten coördineren, gezamenlijke projecten ontwikkelen en expertise en beste praktijken met elkaar delen. Om dit mogelijk te maken, moet een lijst met door de lidstaten aangewezen nationale instanties, agentschappen en onderzoeksinstellingen worden opgesteld, zodat deze nationale instanties, agentschappen en onderzoeksinstellingen het Agentschap kunnen bijstaan bij het vervullen van taken als de voorbereidende werkzaamheden voor wetenschappelijke adviezen, de verzameling van gegevens en het in kaart brengen van opkomende risico’s.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		12</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 23 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(23 bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De extra werklast die uit een toename van het aantal aan het Agentschap toegewezen taken en verantwoordelijkheden voortvloeit, moet gepaard gaan met de toewijzing van toereikende financiering voor personeels- en andere noodzakelijke kosten. De raad van bestuur moet beoordelen of de financiële en personele middelen van het Agentschap toereikend zijn om de huidige en toekomstige taken uit te voeren en deze beoordeling moet worden opgenomen in het ontwerp van het enkelvoudig programmeringsdocument.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		13</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 25</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(25)</NO.P>Het Agentschap heeft zelfs met de meest geavanceerde statistische technieken moeilijkheden ondervonden om de inkomsten uit vergoedingen nauwkeurig te voorspellen, omdat er weinig informatie is over de factoren die de vraag van de taakhouders bepalen. Dit heeft gevolgen voor de werking van het Agentschap en vraagt om herhaaldelijke wijzigingen van de begroting door de raad van bestuur. Daarom moet het Agentschap de mogelijkheid krijgen om een reservefonds aan te leggen uit het overschot aan inkomsten uit vergoedingen, onder de in deze verordening vastgestelde voorwaarden. Op deze wijze zal het Agentschap de gevolgen van grote schommelingen in de inkomsten uit vergoedingen kunnen opvangen. Meer bepaald zal het aanleggen van een dergelijk reservefonds het Agentschap in staat stellen de duurzaamheid van zijn financieringsmodel te verbeteren zonder dat dit gevolgen heeft voor de jaarlijkse bijdrage van de Unie en de meerjarige financiële programmering. De gedetailleerde regels voor de parameters, de berekening en de werking van de het reservefonds moeten worden vastgelegd in de financiële regels van het Agentschap en moeten de in deze verordening vastgestelde vereisten omvatten. De berekening van het bedrag van de jaarlijkse bijdrage aan het reservefonds of van het uit het reservefonds beschikbaar gestelde bedrag, die in de ontwerpbegroting van het Agentschap moeten worden opgenomen, moet gebeuren volgens een methode die het Agentschap elk jaar automatisch toepast.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(25)</NO.P>Het Agentschap heeft zelfs met de meest geavanceerde statistische technieken moeilijkheden ondervonden om de inkomsten uit vergoedingen nauwkeurig te voorspellen, omdat er weinig informatie is over de factoren die de vraag van de taakhouders bepalen. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Agentschap verbindt zich ertoe zijn prognosemethoden voortdurend te verbeteren.</STRING></STRING> Dit heeft gevolgen voor de werking van het Agentschap en vraagt om herhaaldelijke wijzigingen van de begroting door de raad van bestuur. Daarom moet het Agentschap de mogelijkheid krijgen om een reservefonds aan te leggen uit het overschot aan inkomsten uit vergoedingen, onder de in deze verordening vastgestelde voorwaarden. Op deze wijze zal het Agentschap de gevolgen van grote schommelingen in de inkomsten uit vergoedingen kunnen opvangen. Meer bepaald zal het aanleggen van een dergelijk reservefonds het Agentschap in staat stellen de duurzaamheid van zijn financieringsmodel te verbeteren zonder dat dit gevolgen heeft voor de jaarlijkse bijdrage van de Unie en de meerjarige financiële programmering. De gedetailleerde regels voor de parameters, de berekening en de werking van de het reservefonds moeten worden vastgelegd in de financiële regels van het Agentschap en moeten de in deze verordening vastgestelde vereisten omvatten. De berekening van het bedrag van de jaarlijkse bijdrage aan het reservefonds of van het uit het reservefonds beschikbaar gestelde bedrag, die in de ontwerpbegroting van het Agentschap moeten worden opgenomen, moet gebeuren volgens een methode die het Agentschap elk jaar automatisch toepast. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De instelling van een dergelijk reservefonds voor een gedeeltelijk zelffinancierend EU-agentschap dat opereert binnen het kader van het algemene begrotingsmodel, is een uniek geval en schept geen precedent voor andere EU-agentschappen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		14</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 26</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(26)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om de grote schommelingen in de inkomsten uit vergoedingen van het Agentschap op te vangen, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) handelingen vast te stellen tot wijziging van de specifieke voorwaarden voor het reservefonds. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">20</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip als de deskundigen van de lidstaten, en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">20 PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_interinstit/2016/512/oj.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		15</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 31</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(31)</NO.P>Het Agentschap moet een actieve rol blijven spelen op het gebied van onderzoek en innovatie en de lidstaten en de Commissie bijstaan bij het bevorderen van de vervanging van de meest schadelijke chemische stoffen en bij de ontwikkeling van wetenschappelijke methoden, met name benaderingen zonder gebruikmaking van dieren, voor de beoordeling van de gevaren van chemische stoffen en de risico’s<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> sociaal-economische effecten van het gebruik ervan.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(31)</NO.P>Het Agentschap moet een actieve rol blijven spelen op het gebied van onderzoek en innovatie en de lidstaten en de Commissie bijstaan bij het bevorderen van de vervanging van de meest schadelijke chemische stoffen en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">andere gevaarlijke chemische stoffen en groepen daarvan, en</STRING></STRING> bij de ontwikkeling van wetenschappelijke methoden, met name benaderingen zonder gebruikmaking van dieren <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en nieuwe methoden</STRING></STRING>, voor de beoordeling van de gevaren van chemische stoffen en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">groepen van chemische stoffen en</STRING></STRING> de risico’s en sociaal-economische effecten van het gebruik ervan. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien nodig moet het Agentschap bijdragen aan het onderzoek naar de verbanden tussen blootstelling aan gevaarlijke chemische stoffen en de negatieve gevolgen daarvan voor de gezondheid op het gebied van het exposoom, het geïntegreerde geheel van alle fysieke, chemische, biologische en psychosociale factoren en de interactie daartussen die hun weerslag hebben op de biologie en de gezondheid.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		16</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 31 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(31 bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Een nauwere samenwerking tussen de agentschappen van de Unie kan een groot verschil maken, aangezien er zo voor kan worden gezorgd dat wetenschappelijke inzichten op elkaar worden afgestemd, dat kennis toegankelijker wordt gemaakt voor alle relevante belanghebbenden, dat strategische richting wordt gegeven aan onderzoeksfinanciering van de Unie en dat de betrokkenheid bij lopende onderzoeks- en innovatieprojecten wordt gefaciliteerd. De “één gezondheid”-taskforce, een samenwerkingsverband dat in 2023 is opgezet door het Agentschap, de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA), het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA), het Europees Centrum voor ziektepreventie en ‑bestrijding (ECDC) en het Europees Milieuagentschap (EEA), is een geslaagd initiatief gebleken om de transdisciplinaire samenwerking tussen deze vijf agentschappen van de Unie te versterken, met als doel hen te helpen uitdagingen voor de gezondheid van mensen, dieren, planten en het milieu beter het hoofd te bieden en met succes bij te dragen aan de uitvoering van de “één gezondheid”-benadering in Europa. Aangezien dat initiatief in 2026 afloopt, moet bij deze verordening een permanentere en vaste vorm van transdisciplinaire samenwerking tot stand worden gebracht, met een blijvende taskforce die het werk van de “één gezondheid”-taskforce voortzet en uitbreidt naar andere benaderingen, zoals het exposoom, dat het “één systeem”-kader omvat en voorziet in een holistische, op systemen gebaseerde benadering van de beoordeling van de milieurisico’s van chemische stoffen. Het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk (EU-OSHA) moet ook deel uitmaken van dit permanente samenwerkingsverband. De agentschappen die samen deze taskforce vormen, moeten voor die taskforce een gemeenschappelijke visie en doelstellingen opstellen die gericht zijn op een permanentere en vaste vorm van transdisciplinaire samenwerking tussen die agentschappen van de Unie. Ze in staat zijn gecoördineerde acties te plannen en de reikwijdte van hun samenwerking te verbreden door middel van jaarlijkse actieplannen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		17</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 37 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(37 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De gevolgen van deze verordening voor de begroting van de Unie zijn geëvalueerd</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> overeenkomstig artikel 310, lid 4, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. Er moet in voldoende financiële en personele middelen worden voorzien voor de uitvoering ervan, waarbij rekening moet worden gehouden met de gevolgen van de financiering ervan voor andere programma’s of beleidsmaatregelen van de Unie en waarbij de verenigbaarheid ervan met het meerjarig financieel kader, het stelsel van eigen middelen en het desbetreffende interinstitutioneel akkoord moet worden gewaarborgd, alsook met de begrotingsbeginselen die zijn vastgesteld in Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 ter</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">__________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Pro memorie: Begrotingsbeoordeling van de Begrotingscommissie van het Europees Parlement van (XX) 2026 inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende het Europees Agentschap voor chemische stoffen en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1907/2006, (EU) nr. 528/2012, (EU) nr. 649/2012 en (EU) 2019/1021 (COM(2025)0386).</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 ter</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (PB L, 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		18</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>Het Agentschap heeft zijn zetel in Helsinki, Finland<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, overeenkomstig het besluit in onderlinge overeenstemming genomen door de vertegenwoordigers van de lidstaten van 13 december 2003 (2004/97/EG, Euratom)</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">25</STRING></STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P>Het Agentschap heeft zijn zetel in Helsinki, Finland.</P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">25</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> 2004/97/EG, Euratom: Besluit in onderlinge overeenstemming genomen door de vertegenwoordigers van de lidstaten, op het niveau van de staatshoofden en regeringsleiders bijeen, van 13 december 2003 inzake de vestigingsplaatsen van bepaalde bureaus en organen van de Europese Unie (PB L 29 van 3.2.2004, blz. 15, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2004/97(1)/oj).</STRING></STRING></P></OLD><NEW/></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		19</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>Het Agentschap draagt bij tot de uitvoering en handhaving van de wetgeving en het beleid van de Unie met betrekking tot de gevaren, risico’s <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> het veilige gebruik van chemische stoffen, mengsels en voorwerpen, verstrekt wetenschappelijke adviezen en onafhankelijke informatie over alle aangelegenheden op dat gebied en communiceert daarover.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>Het Agentschap draagt bij tot de uitvoering en handhaving van de wetgeving en het beleid van de Unie met betrekking tot de gevaren, risico’s<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> het veilige gebruik <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en de ecologische duurzaamheid</STRING></STRING> van chemische stoffen, mengsels en voorwerpen, verstrekt wetenschappelijke adviezen en onafhankelijke informatie over alle aangelegenheden op dat gebied<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, monitort opkomende chemische risico’s en verzamelt of produceert gegevens over chemische stoffen,</STRING></STRING> en communiceert daarover.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		20</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>Bij de verwezenlijking van zijn doelstellingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">streeft</STRING></STRING> het Agentschap <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">naar</STRING></STRING> een hoog niveau van bescherming van de menselijke gezondheid en het milieu, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het vrije verkeer</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">stoffen op de interne markt en de</STRING></STRING> samenhang en consistentie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van</STRING></STRING> de beoordeling en het beheer van chemische stoffen in de hele Unie, waarbij het concurrentievermogen en innovatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">worden versterkt</STRING></STRING> en rekening <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wordt gehouden</STRING></STRING> met de specifieke behoeften van kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s), zoals gedefinieerd in de aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen26 en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ter</STRING></STRING> bevordering van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">alternatieven voor dierproeven</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>Bij de verwezenlijking van zijn doelstellingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">draagt</STRING></STRING> het Agentschap <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bij aan het waarborgen van</STRING></STRING> een hoog niveau van bescherming van de menselijke gezondheid en het milieu, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waaronder de bescherming</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kwetsbare groepen. Het Agentschap streeft ernaar kwaliteit,</STRING></STRING> samenhang en consistentie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">te leveren bij</STRING></STRING> de beoordeling en het beheer van chemische stoffen in de hele Unie, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wat van essentieel belang is voor het vrije verkeer van stoffen op de interne markt,</STRING></STRING> waarbij het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Agentschap bijdraagt aan de versterking van het</STRING></STRING> concurrentievermogen en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van</STRING></STRING> innovatie en rekening <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">houdt</STRING></STRING> met de specifieke behoeften van kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s), zoals gedefinieerd in de aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen26<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bijdraagt aan de</STRING></STRING> bevordering <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en verbetering</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de expertise over het vervangen van schadelijke chemische stoffen en groepen schadelijke chemische stoffen, de ontwikkeling en het gebruik van benaderingen zonder gebruikmaking van dieren, en nieuwe methoden</STRING></STRING>.</P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">26</STRING> Aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen (PB L 124 van 20.5.2003, blz. 36, ELI: http://data.europa.eu/eli/reco/2003/361/oj)</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">26</STRING> Aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen (PB L 124 van 20.5.2003, blz. 36, ELI: http://data.europa.eu/eli/reco/2003/361/oj)</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		21</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 5 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>technische en wetenschappelijke ondersteuning, richtsnoeren, IT-instrumenten en digitale infrastructuur bieden voor de ontwikkeling, uitvoering en handhaving van deze verordening en sectorale wetgeving van de Unie, rekening houdend met de specifieke behoeften van kmo’s en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het doel</STRING></STRING> om dierproeven te vervangen door <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">alternatieven</STRING></STRING> wanneer dat wetenschappelijk mogelijk is;</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>technische en wetenschappelijke ondersteuning, richtsnoeren, IT-instrumenten en digitale infrastructuur bieden voor de ontwikkeling, uitvoering en handhaving van deze verordening en sectorale wetgeving van de Unie, rekening houdend met de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">doelstellingen om een hoog niveau van bescherming van de menselijke gezondheid en het milieu en normen voor gezondheid op het werk te waarborgen, alsook met de</STRING></STRING> specifieke behoeften van kmo’s en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de noodzaak</STRING></STRING> om dierproeven te vervangen door <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">benaderingen zonder gebruikmaking van dieren</STRING></STRING> wanneer dat wetenschappelijk mogelijk is;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		22</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 5 – punt g bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>g bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ervoor zorgen dat belangenconflicten worden voorkomen of aangepakt teneinde zijn onafhankelijkheid en geloofwaardigheid bij belanghebbenden en het grote publiek te waarborgen;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		23</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 5 – punt k bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>k bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op verzoek van het Europees Parlement of een lidstaat wetenschappelijke adviezen en technische bijstand verstrekken op gebieden die onder zijn bevoegdheden vallen;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		24</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 5 – punt k ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>k ter)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">personeels- en comitéleden jaarlijkse opleiding trainingen aanbieden en kennis delen met alle belanghebbenden;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		25</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 4 – lid 5 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verzoeken die worden ontvangen overeenkomstig lid 5, punten c), d), e), k) en k bis), van dit artikel en overeenkomstig artikel 13, lid 2, punt b), alsook een regelmatige update van de status ervan, worden gepubliceerd op de website van het Agentschap.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		26</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – punt c</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>c)</NO.P>een Comité risicobeoordeling (“RAC”), dat verantwoordelijk is voor het opstellen van adviezen van het Agentschap over de risico’s van chemische stoffen voor de menselijke gezondheid of het milieu;</P></OLD><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>een Comité risicobeoordeling (“RAC”), dat verantwoordelijk is voor het opstellen van adviezen van het Agentschap over de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">gevaren en</STRING></STRING> risico’s van chemische stoffen voor de menselijke gezondheid of het milieu;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		27</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – punt d</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>d)</NO.P>een Comité sociaaleconomische analyse (“SEAC”), dat verantwoordelijk is voor het opstellen van adviezen van het Agentschap over de sociaal-economische gevolgen van mogelijke wetgevingsmaatregelen voor stoffen;</P></OLD><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>een Comité sociaaleconomische analyse (“SEAC”), dat verantwoordelijk is voor het opstellen van adviezen van het Agentschap over de sociaal-economische gevolgen van mogelijke wetgevingsmaatregelen voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">chemische</STRING></STRING> stoffen;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		28</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – punt h bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>h bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een vergadering van geaccrediteerde belanghebbenden, opgezet in overeenstemming met artikel 41 bis, die tot doel heeft de betrekkingen tussen de geaccrediteerde belanghebbenden en het Agentschap te versterken en het voor de geaccrediteerde belanghebbenden te vergemakkelijken het Agentschap in zijn taken te ondersteunen;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		29</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – punt i</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>i)</NO.P>een secretariaat, dat onder leiding van de uitvoerend directeur werkt en de werkzaamheden van het Agentschap overeenkomstig de sectorale wetgeving van de Unie uitvoert, technische, wetenschappelijke en administratieve ondersteuning verleent aan de comités en het forum, en zorgt voor een passende coördinatie tussen hen;</P></OLD><NEW><P><NO.P>i)</NO.P>een secretariaat, dat onder leiding van de uitvoerend directeur werkt en de werkzaamheden van het Agentschap overeenkomstig de sectorale wetgeving van de Unie uitvoert, technische, wetenschappelijke en administratieve ondersteuning verleent aan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en voorziet in capaciteitsopbouw en opleidingen voor</STRING></STRING> de comités en het forum, en zorgt voor een passende coördinatie tussen hen;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		30</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 1 – punt c</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>c)</NO.P>twee <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">deskundigen</STRING></STRING> die door het Europees Parlement worden benoemd.</P></OLD><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>twee <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onafhankelijke personen</STRING></STRING> die door het Europees Parlement worden benoemd <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en die onafhankelijk zijn in de uitoefening van hun taken en geen instructies van instellingen, organen of instanties van de Unie vragen of aanvaarden, noch van regeringen of van een ander publiek of privaat orgaan</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		31</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De vertegenwoordigers van de lidstaten, de vertegenwoordigers van de Commissie en de door het Europees Parlement benoemde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">deskundigen</STRING></STRING> hebben stemrecht. De personen die de belanghebbende partijen vertegenwoordigen en door de Commissie worden benoemd, hebben geen stemrecht.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De vertegenwoordigers van de lidstaten, de vertegenwoordigers van de Commissie en de door het Europees Parlement benoemde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onafhankelijke personen</STRING></STRING> hebben stemrecht. De personen die de belanghebbende partijen vertegenwoordigen en door de Commissie worden benoemd, hebben geen stemrecht.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		32</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 3 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>vakbonden;</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>vakbonden<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, onder meer in verband met gezondheid en veiligheid op het werk</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		33</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 3 – punt d bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>d bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">benaderingen zonder gebruikmaking van dieren;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		34</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>De leden van de raad van bestuur worden benoemd op basis van hun kennis en relevante ervaring op het gebied van chemische veiligheid of regelgeving inzake chemische stoffen, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarbij rekening wordt gehouden met</STRING></STRING> relevante leidinggevende, administratieve en budgettaire vaardigheden. Overeenkomstig het beginsel van gelijke behandeling van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">mannen en vrouwen</STRING></STRING> streven alle partijen die leden van de raad van bestuur voordragen en benoemen naar genderevenwicht in de raad van bestuur. Leden, plaatsvervangers en waarnemers van de comités en het forum of hun werkgroepen komen niet in aanmerking om lid te worden van de raad van bestuur.</P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>De leden van de raad van bestuur worden benoemd op basis van hun kennis en relevante ervaring op het gebied van chemische veiligheid of regelgeving inzake chemische stoffen, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met passende inachtneming van hun</STRING></STRING> relevante leidinggevende, administratieve en budgettaire vaardigheden. Overeenkomstig het beginsel van gelijke behandeling van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">alle genders</STRING></STRING> streven alle partijen die leden van de raad van bestuur voordragen en benoemen naar genderevenwicht in de raad van bestuur. Leden, plaatsvervangers en waarnemers van de comités en het forum of hun werkgroepen komen niet in aanmerking om lid te worden van de raad van bestuur.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		35</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 4 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>4 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Leden van de raad van bestuur worden voorgedragen en benoemd in overeenstemming met de regels inzake belangenconflicten die zijn vastgesteld door de raad van bestuur op grond van artikel 9, lid 1, punt e).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		36</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>6.</NO.P>De leden van de raad van bestuur handelen uitsluitend in het belang van het Agentschap.</P></OLD><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>De leden van de raad van bestuur handelen uitsluitend in het belang van het Agentschap <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en van de Unie</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		37</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 1 – punt s</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>s)</NO.P>stelt het reglement van orde van de comités <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vast</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> van het forum <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">naar aanleiding</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het voorstel</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het forum overeenkomstig artikel 17, lid 5</STRING></STRING>;</P></OLD><NEW><P><NO.P>s)</NO.P>stelt het reglement van orde van de comités, van het forum <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de vergadering</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belanghebbenden vast</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		38</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 9 – lid 1 – punt y</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>y)</NO.P>stelt de praktische regelingen vast voor de naleving van Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">28</STRING>, met inbegrip van beroepsprocedures of rechtsmiddelen die nodig zijn voor de herziening van een gedeeltelijke of volledige afwijzing van een verzoek om vertrouwelijke behandeling;</P></OLD><NEW><P><NO.P>y)</NO.P>stelt de praktische regelingen vast voor de naleving van Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad<STRING SUPERSCRIPT="on">28</STRING>, met inbegrip van beroepsprocedures of rechtsmiddelen die nodig zijn voor de herziening van een gedeeltelijke of volledige afwijzing van een verzoek om vertrouwelijke behandeling <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">als bedoeld in artikel 37 bis</STRING></STRING>;</P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">28</STRING> Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2001/1049/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">28</STRING> Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2001/1049/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		39</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 10 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Indien de Commissie ernstige bezwaren heeft tegen een aan de raad van bestuur voorgelegd voorstel inzake een besluit over kwesties die verband houden met Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie<STRING SUPERSCRIPT="on">29</STRING> betreffende de financiële kaderregeling voor gedecentraliseerde regelgevende agentschappen of met het statuut van de ambtenaren van de Europese Unie en de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van Verordening nr. 31 (EEG), 11 (EGA), stelt de raad van bestuur de vaststelling van het besluit uit. Binnen 15 dagen heroverweegt het bestuur het voorstel en stelt het, eventueel gewijzigd, in tweede lezing vast<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, hetzij met een tweederdemeerderheid, met inbegrip van de vertegenwoordigers van de Commissie, hetzij met een viervijfdemeerderheid van de vertegenwoordigers van de lidstaten</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>Indien de Commissie ernstige bezwaren heeft tegen een aan de raad van bestuur voorgelegd voorstel inzake een besluit over kwesties die verband houden met Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie<STRING SUPERSCRIPT="on">29</STRING> betreffende de financiële kaderregeling voor gedecentraliseerde regelgevende agentschappen of met het statuut van de ambtenaren van de Europese Unie en de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van Verordening nr. 31 (EEG), 11 (EGA), stelt de raad van bestuur de vaststelling van het besluit uit. Binnen 15 dagen heroverweegt het bestuur het voorstel en stelt het, eventueel gewijzigd, in tweede lezing vast.</P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">29</STRING> Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">29</STRING> Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/715/oj).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		40</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Onverminderd de bevoegdheden van de Commissie en de raad van bestuur is de uitvoerend directeur onafhankelijk in de uitoefening van zijn of haar taken en vraagt noch aanvaardt hij of zij instructies van instellingen, organen of instanties van de Unie, noch van regeringen of van een ander publiek of privaat orgaan. De uitvoerend directeur brengt verslag uit aan het Europees Parlement of de Raad over de uitvoering van de taken uit hoofde van deze verordening op verzoek door de respectieve instelling.</P></OLD><NEW><P><STRING ITALIC="on">(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)</STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		41</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 5 – punt d</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>d)</NO.P>het waarborgen van de naleving van de in sectorale wetgeving van de Unie vastgelegde termijnen voor de vaststelling van adviezen door het Agentschap en de comités;</P></OLD><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>het waarborgen van de naleving van de in sectorale wetgeving van de Unie vastgelegde termijnen voor de vaststelling van adviezen door het Agentschap en de comités <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en van de onafhankelijkheid van die adviezen</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		42</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 5 – punt e</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>e)</NO.P>het zorgen voor passende en tijdige coördinatie tussen de verschillende organen binnen het Agentschap, ook met betrekking tot mogelijke verschillen tussen hun wetenschappelijke adviezen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, overeenkomstig artikel 45</STRING></STRING>;</P></OLD><NEW><P><NO.P>e)</NO.P>het zorgen voor passende en tijdige coördinatie tussen de verschillende organen binnen het Agentschap, ook met betrekking tot mogelijke verschillen tussen hun wetenschappelijke adviezen;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		43</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 5 – punt e bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>e bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het zorgen voor passende en tijdige coördinatie met andere organen van de Unie, onder meer met betrekking tot mogelijke verschillen tussen hun wetenschappelijke adviezen als bedoeld in artikel 45;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		44</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 5 – punt h bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>h bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het zorgen voor een passende en tijdige reactie op gemelde pogingen om druk of ongepaste invloed uit te oefenen als bedoeld in artikel 19, lid 3 bis; al deze meldingen en reacties worden opgenomen in het jaarlijkse activiteitenverslag als bedoeld in punt q) van dit lid, waarbij de gegevens van de personen die de melding hebben gedaan, worden geanonimiseerd;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		45</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 5 – punt p bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>p bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het benoemen van de vertegenwoordiger van het Agentschap in de in artikel 44 bedoelde taskforce;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		46</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 12 – lid 6 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>6 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De uitvoerend directeur zorgt voor een psychologisch gezonde werkplek door de nodige aandacht te schenken aan maatregelen die de geestelijke gezondheid op het werk ten goede komen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		47</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 2 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>alle andere aangelegenheden die niet reeds onder lid 1 of lid 2, punt a), vallen, in verband met de gevaren, risico’s en een veilig gebruik van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">chemische</STRING></STRING> stoffen als zodanig, in mengsels of in voorwerpen, zoals gedefinieerd in artikel 3, leden 1, 2 en 3, van Verordening (EG) nr. 1907/2006.</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>alle andere aangelegenheden die niet reeds onder lid 1 of lid 2, punt a), vallen, in verband met de gevaren, risico’s en een veilig gebruik van stoffen als zodanig, in mengsels of in voorwerpen, zoals gedefinieerd in artikel 3, leden 1, 2 en 3, van Verordening (EG) nr. 1907/2006.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		48</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Naast de in lid 1 bedoelde taken voeren de comités op verzoek van de uitvoerend directeur de volgende taken uit:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">technische en wetenschappelijke ondersteuning bieden bij het nemen van stappen ter verbetering van de samenwerking tussen de Unie, de lidstaten, internationale organisaties en derde landen op het gebied van wetenschappelijke en technische vraagstukken in verband met de veiligheid van stoffen, alsmede actief deelnemen aan technische bijstand en capaciteitsopbouw voor een goed beheer van chemische stoffen in ontwikkelingslanden;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een advies opstellen over eventuele overige aspecten in verband met de veiligheid van stoffen als zodanig, in mengsels of in voorwerpen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		49</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 2 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 ter.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement of een lidstaat kan het Agentschap verzoeken een wetenschappelijk advies uit te brengen over aangelegenheden die onder zijn bevoegdheden vallen. Het verzoek gaat vergezeld van achtergrondinformatie waarin het aan te pakken wetenschappelijke vraagstuk en het belang van de Unie worden toegelicht.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Agentschap kan een verzoek om advies afwijzen of wijzigingen daarop voorstellen in overleg met het Europees Parlement of de lidstaat/lidstaten die het verzoek heeft/hebben ingediend. De redenen voor de weigering worden meegedeeld aan het Europees Parlement of de lidstaat/lidstaten die het verzoek heeft/hebben ingediend.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		50</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 13 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Het aantal uit te brengen wetenschappelijke adviezen en de termijnen voor de indiening daarvan worden jaarlijks door de Commissie en het Agentschap vastgesteld.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>Het aantal <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">uit hoofde van lid 2</STRING></STRING> uit te brengen wetenschappelijke adviezen en de termijnen voor de indiening daarvan worden jaarlijks door de Commissie en het Agentschap vastgesteld.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		51</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>Elke lidstaat benoemt één lid van het BPC en kan één plaatsvervangend lid van het BPC benoemen. De leden van het BPC worden benoemd op basis van hun rol en ervaring bij de uitvoering van de aan het BPC toegewezen taken<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en kunnen werkzaam zijn bij een bevoegde autoriteit</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>Elke lidstaat benoemt één lid van het BPC en kan één plaatsvervangend lid van het BPC benoemen. De leden van het BPC worden benoemd op basis van hun rol en ervaring bij de uitvoering van de aan het BPC toegewezen taken.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		52</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 4 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>4 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Op verzoek van een lidstaat helpt het Agentschap die lidstaat bij het identificeren van mogelijke kandidaten die de lidstaat overeenkomstig de leden 1 en 2 kan voordragen. De verplichting om een kandidaat voor te dragen, blijft echter berusten op de lidstaten.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		53</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 5 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>De leden van het WCCV worden door de raad van bestuur benoemd uit een lijst van geschikte kandidaten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, die is</STRING></STRING> opgesteld <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">na</STRING></STRING> een door het Agentschap gepubliceerde oproep tot het indienen van blijken van belangstelling.</P></OLD><NEW><P>De leden van het WCCV worden door de raad van bestuur <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">geselecteerd en</STRING></STRING> benoemd uit een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">door de uitvoerend directeur opgestelde</STRING></STRING> lijst van geschikte kandidaten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. De lijst wordt</STRING></STRING> opgesteld <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op basis van de ontvangen sollicitaties naar aanleiding van</STRING></STRING> een door het Agentschap gepubliceerde oproep tot het indienen van blijken van belangstelling <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarbij ernaar wordt gestreefd dat de lijst ten minste tweemaal het aantal kandidaten bevat dat nodig is om het aantal posten in het WCCV voor elk expertisegebied te in te vullen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		54</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 5 – alinea 2 – punt a – iv bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>iv bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">veiligheidsbeoordeling van nanomaterialen;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		55</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 5 – alinea 2 – punt a – v</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>v)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">alternatieve testmethoden</STRING></STRING> en nieuwe methoden, met inbegrip van nieuwe benaderingsmethoden en in-vitro- of in-silicotechnieken;</P></OLD><NEW><P><NO.P>v)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">benaderingen zonder gebruikmaking van dieren</STRING></STRING> en nieuwe methoden, met inbegrip van nieuwe benaderingsmethoden en in-vitro- of in-silicotechnieken;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		56</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 5 – alinea 2 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>onafhankelijkheid en afwezigheid van belangenconflicten.</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>onafhankelijkheid en afwezigheid van belangenconflicten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, in overeenstemming met de krachtens artikel 9, lid 1, punt e), vastgestelde regels</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		57</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 5 – alinea 3</STRING></STI.AMD><OLD><P>Het WCCV bestaat uit <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">maximaal</STRING></STRING> twintig leden.</P></OLD><NEW><P>Het WCCV bestaat uit twintig leden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en er wordt naar gestreefd dat elk expertisegebied door ten minste twee leden wordt vertegenwoordigd</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		58</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 5 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>5 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Leden van de comités worden voorgedragen en benoemd in overeenstemming met de regels inzake belangenconflicten die zijn vastgesteld door de raad van bestuur op grond van artikel 9, lid 1, punt e).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		59</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>6.</NO.P>Alle comités beschikken dankzij hun leden over een breed scala aan relevante expertise. De comités kunnen extra leden op grond van hun specifieke bekwaamheid coöpteren. Het maximumaantal gecoöpteerde leden voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het RAC, het SEAC en het WCCV</STRING></STRING> wordt door de raad van bestuur vastgesteld en aangepast op basis van een voorstel van de uitvoerend directeur, rekening houdend met de werklast van de comités, het soort deskundigheid dat nodig is en de beschikbaarheid van financiële middelen. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het MSC en het BPC kunnen maximaal vijf extra leden coöpteren.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>6.</NO.P>Alle comités beschikken dankzij hun leden over een breed scala aan relevante expertise. De comités kunnen extra leden op grond van hun specifieke bekwaamheid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en rekening houdend met de geografische diversiteit</STRING></STRING> coöpteren. Het maximumaantal gecoöpteerde leden voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de comités</STRING></STRING> wordt door de raad van bestuur vastgesteld en aangepast op basis van een voorstel van de uitvoerend directeur, rekening houdend met de werklast van de comités, het soort deskundigheid dat nodig is en de beschikbaarheid van financiële middelen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		60</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 7 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>7 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gecoöpteerde leden, deskundigen, adviseurs en belanghebbenden hebben geen stemrecht.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		61</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 9</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>9.</NO.P>De lidstaten stellen de door hen voorgedragen of benoemde leden van de comités voldoende wetenschappelijke en technische middelen ter beschikking en faciliteren de werkzaamheden van de comités en hun werkgroepen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>9.</NO.P>De lidstaten stellen de door hen voorgedragen of benoemde leden van de comités voldoende wetenschappelijke en technische middelen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en administratieve ondersteuning</STRING></STRING> ter beschikking<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, zodat de leden op doeltreffende wijze kunnen deelnemen,</STRING></STRING> en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de lidstaten</STRING></STRING> faciliteren de werkzaamheden van de comités en hun werkgroepen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		62</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 10</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>10.</NO.P>De leden van het RAC, het SEAC en het WCCV zijn onafhankelijk en zij vragen noch aanvaarden instructies van enige regering of andere instellingen, organen of instanties. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De</STRING></STRING> leden van het MSC en het BPC handelen in het algemeen belang. Zij onthouden zich van iedere handeling die onverenigbaar is met het karakter van hun ambt of met de uitvoering van hun taak.</P></OLD><NEW><P><NO.P>10.</NO.P>De leden van het RAC, het SEAC en het WCCV zijn onafhankelijk en zij vragen noch aanvaarden instructies van enige regering of andere instellingen, organen of instanties. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Die leden en de</STRING></STRING> leden van het MSC en het BPC handelen in het algemeen belang <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en in het belang van de Unie</STRING></STRING>. Zij onthouden zich van iedere handeling die onverenigbaar is met het karakter van hun ambt of met de uitvoering van hun taak.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		63</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 12</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>12.</NO.P>De leden van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">elk comité</STRING></STRING> die voorgedragen of benoemd zijn door een lidstaat, zorgen voor passende coördinatie tussen de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">taken</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het Agentschap</STRING></STRING> en de werkzaamheden van de bevoegde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">autoriteiten</STRING></STRING> van hun lidstaat.</P></OLD><NEW><P><NO.P>12.</NO.P>De leden van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het MSC en het BPC</STRING></STRING> die voorgedragen of benoemd zijn door een lidstaat, zorgen voor passende coördinatie tussen de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">werkzaamheden</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de comités</STRING></STRING> en de werkzaamheden van de bevoegde <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">instanties</STRING></STRING> van hun lidstaat.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		64</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 15</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>15.</NO.P>Het betrokken lid of de werkgever van die persoon, als bedoeld in lid 14, wordt door het Agentschap bezoldigd overeenkomstig de financiële regelingen die door de raad van bestuur zijn vastgesteld na een positief advies van de Commissie. De lijst van taken waarvoor een bezoldiging kan worden betaald, wordt door de raad van bestuur vastgesteld na een positief advies van de Commissie. Indien het betrokken lid een of meerdere taken niet vervult, kan de uitvoerend directeur de bezoldiging inhouden.</P></OLD><NEW><P><STRING ITALIC="on">(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)</STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		65</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>Bij de opstelling van een advies streven de comités zo veel mogelijk naar consensus onder hun leden. Het advies bevat de motivering van het standpunt van het comité. Indien een consensus niet kan worden bereikt, wordt het advies gevormd door het standpunt van de meerderheid van de leden, de minderheidsstandpunten en de motiveringen voor de respectieve meerderheids- en minderheidsstandpunten. Het advies wordt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bekendgemaakt</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>Bij de opstelling van een advies streven de comités zo veel mogelijk naar consensus onder hun leden. Het advies bevat de motivering van het standpunt van het comité. Indien een consensus niet kan worden bereikt, wordt het advies gevormd door het standpunt van de meerderheid van de leden, de minderheidsstandpunten en de motiveringen voor de respectieve meerderheids- en minderheidsstandpunten. Het advies wordt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voor het publiek toegankelijk gemaakt op de website van het Agentschap</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		66</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>Elk comité stelt een voorstel voor zijn eigen reglement van orde op, dat ter goedkeuring aan de uitvoerend directeur wordt voorgelegd en vervolgens door de raad van bestuur wordt vastgesteld. Het reglement van orde van het RAC en het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">SEAC moet worden goedgekeurd door</STRING></STRING> de vertegenwoordigers van de Commissie in de raad van bestuur.</P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>Elk comité stelt een voorstel voor zijn eigen reglement van orde op, dat ter goedkeuring aan de uitvoerend directeur wordt voorgelegd en vervolgens door de raad van bestuur wordt vastgesteld. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij het opstellen van</STRING></STRING> het reglement van orde van het RAC<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, het SEAC</STRING></STRING> en het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">WCCV raadpleegt de uitvoerend directeur</STRING></STRING> de vertegenwoordigers van de Commissie in de raad van bestuur.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		67</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>In het reglement van orde van elk comité worden de procedures vastgesteld voor de vervanging en de coöptatie van leden, voor de oprichting en organisatie van werkgroepen en, indien van toepassing, voor het delegeren van bepaalde taken aan dergelijke werkgroepen. In het reglement van orde wordt tevens een procedure vastgesteld voor het met spoed uitbrengen van adviezen en het beheer van belangenconflicten. Het reglement van orde wordt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bekendgemaakt</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>In het reglement van orde van elk comité worden de procedures vastgesteld voor de vervanging en de coöptatie van leden, voor de oprichting en organisatie van werkgroepen en, indien van toepassing, voor het delegeren van bepaalde taken aan dergelijke werkgroepen. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het vaststellen van adviezen wordt niet gedelegeerd aan die werkgroepen. </STRING></STRING>In het reglement van orde wordt tevens een procedure vastgesteld voor het met spoed uitbrengen van adviezen en het beheer van belangenconflicten. Het reglement van orde wordt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voor het publiek toegankelijk gemaakt op de website van het Agentschap</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		68</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 6 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>6 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Van alle comitévergaderingen worden tijdig gedetailleerde samenvattingen openbaar gemaakt, zodat het publiek de voortgang van de dossiers en andere besproken punten kan volgen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		69</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>4.</NO.P>Het Agentschap houdt een actuele lijst van deskundigen bij, waarin de in artikel 16, lid 1, bedoelde deskundigen en andere rechtstreeks door het Agentschap aangewezen deskundigen zijn opgenomen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>4.</NO.P>Het Agentschap houdt een actuele lijst van deskundigen bij, waarin de in artikel 16, lid 1, bedoelde deskundigen en andere rechtstreeks door het Agentschap aangewezen deskundigen zijn opgenomen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, alsook de kwalificaties van deze deskundigen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		70</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>De bepalingen inzake onafhankelijkheid in artikel 14, lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">9</STRING></STRING>, inzake contractuele regelingen in artikel 14, lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">13</STRING></STRING>, en inzake financiële regelingen op het gebied van bezoldiging in artikel 14, lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">14</STRING></STRING>, zijn van overeenkomstige toepassing op elke deskundige die zitting neemt in een werkgroep van de comités of van het forum of die een andere taak voor het Agentschap verricht.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>De bepalingen inzake onafhankelijkheid in artikel 14, lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">10</STRING></STRING>, inzake contractuele regelingen in artikel 14, lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">14</STRING></STRING>, en inzake financiële regelingen op het gebied van bezoldiging in artikel 14, lid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">15</STRING></STRING>, zijn van overeenkomstige toepassing op elke deskundige die zitting neemt in een werkgroep van de comités of van het forum of die een andere taak voor het Agentschap verricht.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		71</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 17 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>Het forum dient een voorstel voor zijn eigen reglement van orde in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bij</STRING></STRING> de raad van bestuur. Het reglement van orde omvat de procedures voor de benoeming en vervanging van de voorzitter, voor de vervanging van leden en voor het delegeren van bepaalde taken aan werkgroepen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>Het forum dient een voorstel voor zijn eigen reglement van orde in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dat door</STRING></STRING> de raad van bestuur <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moet worden vastgesteld</STRING></STRING>. Het reglement van orde omvat de procedures voor de benoeming en vervanging van de voorzitter, voor de vervanging van leden en voor het delegeren van bepaalde taken aan werkgroepen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		72</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>De uitvoerend directeur maakt de namen van de leden van de comités en het forum openbaar op de website van het Agentschap. Individuele leden kunnen een verzoek indienen om hun namen niet bekend te maken, indien zij menen dat openbaarmaking hen in gevaar zou kunnen brengen. De uitvoerend directeur beslist of deze verzoeken worden ingewilligd. Bij de bekendmaking van een benoeming van een lid worden de beroepskwalificaties van dat lid eveneens bekendgemaakt.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>De uitvoerend directeur maakt de namen van de leden van de comités en het forum <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en de lijst van deskundigen als bedoeld in artikel 16, lid 4,</STRING></STRING> openbaar op de website van het Agentschap. Individuele leden <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en deskundigen</STRING></STRING> kunnen een verzoek indienen om hun namen niet bekend te maken, indien zij menen dat openbaarmaking hen in gevaar zou kunnen brengen. De uitvoerend directeur beslist of deze verzoeken worden ingewilligd. Bij de bekendmaking van een benoeming van een lid worden de beroepskwalificaties van dat lid eveneens bekendgemaakt.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		73</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Tijdens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de vergaderingen</STRING></STRING> maken de leden van de raad van bestuur, de uitvoerend directeur, de voorzitters en de leden van de comités en van het forum en eventuele deelnemende deskundigen melding van alle bijkomende belangen die ten aanzien van bepaalde agendapunten afbreuk zouden kunnen doen aan de verplichtingen van de leden overeenkomstig artikel 14, lid 10. Een persoon die melding heeft gemaakt van dergelijke belangen, stemt niet mee over het desbetreffende agendapunt.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>Tijdens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">elke vergadering</STRING></STRING> maken de leden van de raad van bestuur, de uitvoerend directeur, de voorzitters en de leden van de comités en van het forum en eventuele deelnemende deskundigen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en adviseurs</STRING></STRING> melding van alle bijkomende belangen die ten aanzien van bepaalde agendapunten afbreuk zouden kunnen doen aan de verplichtingen van de leden overeenkomstig artikel 14, lid 10. Een persoon die melding heeft gemaakt van dergelijke belangen, stemt niet mee over het desbetreffende agendapunt.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		74</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – lid 3 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>3 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Leden van de raad van bestuur, voorzitters, comité- en forumleden en eventuele deelnemende deskundigen en adviseurs melden pogingen om druk of ongepaste invloed op hen uit te oefenen onmiddellijk bij de uitvoerend directeur.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		75</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 27 – lid 1 – inleidende formule</STRING></STI.AMD><OLD><P>Aan het einde van elk jaar hecht de raad van bestuur, op basis van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het ontwerp</STRING></STRING> van de uitvoerend directeur, zijn goedkeuring aan een ontwerp van enkelvoudig programmeringsdocument dat het volgende bevat:</P></OLD><NEW><P>Aan het einde van elk jaar hecht de raad van bestuur, op basis van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een voorstel</STRING></STRING> van de uitvoerend directeur, zijn goedkeuring aan een ontwerp van enkelvoudig programmeringsdocument dat het volgende bevat:</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		76</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 27 – lid 1 – punt d bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>d bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een beoordeling van de toereikendheid van de financiële en personele middelen van het Agentschap voor het uitvoeren van zijn huidige en toekomstige taken;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		77</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 27 – lid 1 – punt d ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>d ter)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een strategie inzake doeltreffende gebruikmaking van leden en deskundigen als bedoeld in respectievelijk artikel 14, lid 6, en de artikelen 16 en 35;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		78</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 27 – lid 1 – punt d quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>d quater)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een strategie inzake de verwachte behoeften en uitgaven als gevolg van detachering overeenkomstig artikel 35, lid 2 bis, en inzake besluiten tot toekenning van financiële steun aan nationale instanties, agentschappen en onderzoeksinstellingen voor de uitvoering van bepaalde taken in de zin van artikel 41 ter.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		79</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 29 – lid 4 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>4 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De vergoedingen die uit hoofde van de sectorale wetgeving van de Unie in rekening worden gebracht, worden vastgesteld op een niveau dat toereikend is om de kosten van de overeenkomstig die wetgeving verleende diensten te dekken.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		80</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 29 – lid 4 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>4 ter.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Binnen de grenzen van de begroting die overeenkomstig de begrotingsregels van de Unie is vastgesteld, beslist het Agentschap over de interne toewijzing van financiële middelen aan zijn verschillende activiteiten en taken, in overeenstemming met zijn mandaat en programmeringsdocumenten.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		81</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 29 – lid 5 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>Het Agentschap stort bijdragen in het reservefonds uitsluitend op basis van begrotingsresultaten aan het einde van het jaar in de zin van artikel 99, lid 4, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715, wanneer die resultaten positief zijn en afkomstig zijn van geïnde vergoedingen die hoger zijn dan de begrote bedragen in een bepaald jaar.</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>Het Agentschap stort bijdragen in het reservefonds uitsluitend op basis van begrotingsresultaten aan het einde van het jaar in de zin van artikel 99, lid 4, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715, wanneer die resultaten positief zijn en afkomstig zijn van geïnde vergoedingen die hoger zijn dan de begrote bedragen in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de laatste gewijzigde begroting die is goedgekeurd door de raad van bestuur van het Agentschap in</STRING></STRING> een bepaald jaar.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		82</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 29 – lid 5 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>Het reservefonds dat in het jaar N in de ontwerpbegroting voor het jaar N+1 wordt opgenomen, mag op geen enkel moment meer bedragen dan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">8</STRING></STRING> % van het in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het</STRING></STRING> jaar <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">N-1</STRING></STRING> gerealiseerde totale werkelijke bedrag aan inkomsten van het Agentschap uit de in lid 3, punt b), bedoelde vergoedingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en de in lid 3, punt a), bedoelde bijdrage van de Unie, en mag evenmin meer bedragen dan 8 % van het in het jaar N-1 gerealiseerde totale werkelijke bedrag aan administratieve en operationele uitgaven van het Agentschap, indien laatstgenoemd bedrag lager is.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>Het reservefonds dat in het jaar N in de ontwerpbegroting voor het jaar N+1 wordt opgenomen, mag op geen enkel moment meer bedragen dan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">15</STRING></STRING> % van het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">gemiddelde</STRING></STRING> in <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de laatste vijf</STRING></STRING> jaar gerealiseerde totale werkelijke bedrag aan inkomsten van het Agentschap uit de in lid 3, punt b), bedoelde vergoedingen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		83</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 29 – lid 5 – punt c bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>c bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Agentschap brengt jaarlijks, als onderdeel van zijn jaarlijkse activiteitenverslag, verslag uit over het beginsaldo van het reservefonds, de inkomende en uitgaande kasstromen en de rechtvaardiging daarvan.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		84</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 29 – lid 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>6.</NO.P>De Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kan</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in lid 5 vastgestelde voorwaarden</STRING></STRING> voor <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het reservefonds herzien en is overeenkomstig artikel 46, lid 1, bevoegd om gedelegeerde handelingen vast te stellen om lid 5</STRING></STRING> op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">basis</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een dergelijke herziening te wijzigen</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>6.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Aan het einde van het vierde loopjaar van het reservefonds legt</STRING></STRING> de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het Europees Parlement en</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Raad een beoordeling van de werking ervan</STRING></STRING> voor<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Zo nodig dient de Commissie een wetgevingsvoorstel in bij het Europees Parlement en de Raad met het oog</STRING></STRING> op <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de aanpassing</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het reservefonds</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		85</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 30 – lid 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Agentschap bewaakt zijn kosten en de uitvoerend directeur verstrekt, als onderdeel van het jaarlijkse activiteitenverslag aan het Europees Parlement, de Raad, de Commissie en de Europese Rekenkamer, tijdig gedetailleerde en onderbouwde informatie over de kosten die moeten worden gedekt door de vergoedingen die binnen het toepassingsgebied van deze verordening vallen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		86</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 30 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 30 bis</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Herziening van de vergoedingen</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op [datum twee jaar na de datum van toepassing van deze verordening] en vervolgens om de drie jaar evalueert de Commissie de budgettaire toereikendheid van de aan het Agentschap te betalen vergoedingen en past deze zo nodig aan, met name om ervoor te zorgen dat de inkomsten uit de vergoedingen in combinatie met andere inkomstenbronnen van het Agentschap toereikend zijn om de kosten van de verleende diensten te dekken.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op [datum twee jaar na de datum van toepassing van deze verordening] en vervolgens om de drie jaar brengt de Commissie verslag uit bij het Europees Parlement en de Raad over de budgettaire toereikendheid van de aan het Agentschap te betalen vergoedingen en over de coherentie en consolidatie van die vergoedingen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		87</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 35 – titel</STRING></STI.AMD><OLD><P>Gedetacheerde nationale deskundigen en andere personeelsleden</P></OLD><NEW><P>Gedetacheerde nationale deskundigen en andere <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in het belang van de dienst gedetacheerde</STRING></STRING> personeelsleden</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		88</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 35 – lid 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Ambtenaren en andere personeelsleden van het Agentschap kunnen in het belang van de dienst en in overeenstemming met artikel 37 van het statuut van de ambtenaren, dat deel uitmaakt van Verordening nr. 31 (EEG), 11 (EGA), en artikel 51 van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden, die eveneens deel uitmaakt van Verordening nr. 31 (EEG), 11 (EGA), worden gedetacheerd bij de bevoegde instanties van de lidstaten of bij andere openbare organen waaraan taken zijn toevertrouwd met betrekking tot het mandaat van het Agentschap.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Een dergelijke detachering is niet van invloed op de capaciteit, taken en werkzaamheden van het Agentschap, doet niets af aan de onafhankelijkheid van de desbetreffende personeelsleden en is onderworpen aan passende waarborgen inzake belangenconflicten en vertrouwelijkheid. </STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		89</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 35 – lid 2 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 ter.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij besluit van de raad van bestuur kunnen de voorwaarden worden vastgesteld waaronder de tijdelijke toewijzingen of detacheringen in het belang van de dienst in de zin van lid 2 bis plaatsvinden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		90</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 37 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>Voor alle <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">overige informatie en gegevens die niet onder lid 1 vallen, stelt de raad van bestuur op grond van een voorstel van de uitvoerend directeur en in overleg met de Commissie regels vast voor de beschikbaarstelling aan het publiek van</STRING></STRING> regelgevings- en wetenschappelijke of technische informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in verband met</STRING></STRING> de veiligheid van stoffen als zodanig, in mengsels of in voorwerpen, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voor zover deze informatie niet vertrouwelijk is</STRING></STRING> in de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zin</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">sectorale wetgeving van</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Unie</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>Voor alle regelgevings- en wetenschappelijke of technische informatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarover het Agentschap beschikt betreffende</STRING></STRING> de veiligheid van stoffen als zodanig, in mengsels of in voorwerpen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en die niet onder lid 1 valt</STRING></STRING>, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">is artikel 37 bis van toepassing, onverminderd specifieke bepalingen</STRING></STRING> in de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wetgeving</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de Unie inzake</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">openbaarmaking van informatie</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		91</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 37 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 37 bis</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Toegang tot documenten</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EG) nr. 1049/2001 en Verordening (EG) nr. 1367/2006 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> zijn van toepassing op de documenten die in het bezit zijn van het Agentschap.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De raad van bestuur stelt de praktische regelingen voor de uitvoering van Verordening (EG) nr. 1049/2001 en de artikelen 6 en 7 van Verordening (EG) nr. 1367/2006 vast en zorgt daarbij voor een zo ruim mogelijke toegang tot de documenten in zijn bezit.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Tegen de beslissingen van het Agentschap uit hoofde van artikel 8 van Verordening (EG) nr. 1049/2001 kan een klacht worden ingediend bij de Ombudsman of beroep worden ingesteld bij het Hof van Justitie, onder de voorwaarden die zijn vastgesteld in respectievelijk artikel 228 en artikel 263 VWEU.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Verordening (EG) nr. 1367/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 6 september 2006 betreffende de toepassing van de bepalingen van het Verdrag van Aarhus betreffende toegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden op de instellingen en organen van de Unie (PB L 264 van 25.9.2006, blz. 13, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2006/1367/oj).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		92</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 38 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>De leden van de raad van bestuur, de uitvoerend directeur, de leden van de comités, de kamer van beroep en het forum, alsook de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">externe</STRING></STRING> deskundigen die deelnemen aan werkgroepen en de personeelsleden van het Agentschap houden zich zelfs na afloop van hun functie aan de geheimhoudingsplicht uit hoofde van artikel 339 VWEU.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>De leden van de raad van bestuur, de uitvoerend directeur, de leden van de comités, de kamer van beroep en het forum, alsook de deskundigen die deelnemen aan werkgroepen en de personeelsleden van het Agentschap houden zich zelfs na afloop van hun functie aan de geheimhoudingsplicht uit hoofde van artikel 339 VWEU.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		93</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 41 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 41 bis</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Vergadering van geaccrediteerde belanghebbenden</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Voor de toepassing van artikel 41 zet het Agentschap een vergadering van geaccrediteerde belanghebbenden (de “vergadering”) op en zorgt zij voor de coördinatie daarvan. </STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De vergadering heeft tot doel de betrekkingen tussen de geaccrediteerde belanghebbenden en het Agentschap te versterken en het voor de geaccrediteerde belanghebbenden makkelijker te maken het Agentschap bij het uitvoeren zijn taken te ondersteunen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De uitvoerend directeur of een vertegenwoordiger van de uitvoerend directeur mag alle bijeenkomsten van de vergadering bijwonen. De vergadering wordt voorgezeten door een vertegenwoordiger van het Agentschap. Een lijst met door het Agentschap geaccrediteerde belanghebbenden wordt openbaar gemaakt op de website van het Agentschap.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>4.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De raad van bestuur stelt een lijst op van de leden van de vergadering die worden geselecteerd uit de belanghebbenden als bedoeld in artikel 15, lid 1, en zorgt daarbij voor een evenwichtige vertegenwoordiging van de industrie en het maatschappelijk middenveld.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		94</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 41 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 41 ter</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Netwerken van nationale instanties, agentschappen en onderzoeksinstellingen</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Agentschap bevordert netwerken van nationale instanties, agentschappen en onderzoeksinstellingen die actief zijn op de bevoegdheidsgebieden van het Agentschap. Deze netwerken zijn met name bedoeld ter bevordering van een wetenschappelijk samenwerkingskader door middel van de coördinatie van activiteiten, de uitwisseling van informatie, de ontwikkeling en uitvoering van gezamenlijke projecten en de uitwisseling van expertise en de beste praktijken op de bevoegdheidsgebieden van het Agentschap.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Voor de toepassing van dit artikel stelt de raad van bestuur, op basis van een voorstel van de uitvoerend directeur, een lijst op van de in lid 1 bedoelde, door de lidstaten aangewezen nationale instanties, agentschappen en onderzoeksinstellingen die het Agentschap individueel of in netwerkverband kunnen ondersteunen bij het uitvoeren van zijn taken en deze lijst wordt openbaar gemaakt op de website van het Agentschap. Onverminderd de taken die op grond van sectorale wetgeving aan het Agentschap zijn toevertrouwd, kan het Agentschap bepaalde taken aan die nationale instanties, agentschappen en onderzoeksinstellingen toevertrouwen, in het bijzonder voorbereidende werkzaamheden voor wetenschappelijke adviezen, wetenschappelijke en technische bijstand, de verzameling van gegevens en het in kaart brengen van opkomende risico’s. Sommige van deze taken kunnen op grond van lid 3 voor financiële steun in aanmerking komen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De raad van bestuur stelt besluiten vast om voor de uitvoering van bepaalde taken financiële steun toe te wijzen aan nationale instanties, agentschappen en onderzoeksinstellingen die op de in lid 2 bedoelde lijst staan.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		95</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 43 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>Het Agentschap ondersteunt de lidstaten en de Commissie bij het bevorderen van de vervanging van de meest schadelijke chemische stoffen door veiligere en duurzamere alternatieve stoffen en technologieën en bij <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het ontwikkelen</STRING></STRING> van relevante wetenschappelijke methodologieën, waaronder benaderingen zonder gebruikmaking van dieren, om de gevaren van chemische stoffen en de risico’s en sociaal-economische gevolgen van het gebruik van chemische stoffen te beoordelen. Deze ondersteuning omvat de facilitering van informatie-uitwisseling alsook de deelname aan en facilitering van relevante onderzoeks-, ontwikkelings- en innovatieactiviteiten binnen het toepassingsgebied van de relevante sectorale wetgeving van de Unie.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>	Het Agentschap ondersteunt de lidstaten en de Commissie bij het bevorderen van de vervanging van de meest schadelijke <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en andere gevaarlijke</STRING></STRING> chemische stoffen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en groepen daarvan</STRING></STRING> door veiligere en duurzamere alternatieve stoffen en technologieën en bij <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de ontwikkeling, wettelijke erkenning, toepassing en internationale validering</STRING></STRING> van relevante wetenschappelijke methodologieën, waaronder benaderingen zonder gebruikmaking van dieren, om de gevaren van chemische stoffen en de risico’s en sociaal-economische gevolgen van het gebruik van chemische stoffen te beoordelen. Deze ondersteuning omvat de facilitering van informatie-uitwisseling<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, het bijdragen aan de vaststelling van de behoeften wat betreft het genereren van gegevens,</STRING></STRING> alsook de deelname aan en facilitering van relevante onderzoeks-, ontwikkelings- en innovatieactiviteiten binnen het toepassingsgebied van de relevante sectorale wetgeving van de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met inbegrip van Verordening (EU) 2021/695 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en in voorkomend geval op het gebied van het exposoom</STRING></STRING>.</P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2021/695 van het Europees Parlement en de Raad van 28 april 2021 tot vaststelling van Horizon Europa — het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie, tot vaststelling van de regels voor deelname en verspreiding en tot intrekking van Verordeningen (EU) nr. 1290/2013 en (EU) nr. 1291/2013 (PB L 170 van 12.5.2021, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/695/oj).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		96</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 43 – lid 1 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Agentschap publiceert een jaarverslag met daarin zijn aanbevelingen betreffende kennis- en gegevenslacunes wat betreft wetenschap op het gebied van regelgeving en behoeften aan regelgeving, alsmede verkennende en fundamentele wetenschap, op elk van zijn bevoegdheidsgebieden, rekening houdend met opkomende risico’s en in nauwe samenwerking en voortdurende interactie met relevante organen van de Unie en internationale organen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		97</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>Het Agentschap werkt samen met andere krachtens het Unierecht opgerichte organen, waaronder het Europees Centrum voor ziektepreventie en ‑bestrijding, het Europees Milieuagentschap, de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid, het Europees Geneesmiddelenbureau en het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk, aan het verstrekken van relevante wetenschappelijke adviezen, de uitwisseling van gegevens en informatie, met inbegrip van de mogelijke vaststelling van gerelateerde dataformaten en gecontroleerde vocabularia om een dergelijke uitwisseling te vergemakkelijken, en de ontwikkeling van wetenschappelijke methodologieën, met inbegrip van benaderingen zonder gebruikmaking van dieren, voor de beoordeling van chemische stoffen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>Het Agentschap werkt samen met andere krachtens het Unierecht opgerichte organen, waaronder het Europees Centrum voor ziektepreventie en ‑bestrijding <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">(ECDC)</STRING></STRING>, het Europees Milieuagentschap <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">(EEA)</STRING></STRING>, de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">(EFSA)</STRING></STRING>, het Europees Geneesmiddelenbureau <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">(EMA)</STRING></STRING> en het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">(EU-OSHA)</STRING></STRING>, aan het verstrekken van relevante wetenschappelijke adviezen, de uitwisseling van gegevens en informatie, met inbegrip van de mogelijke vaststelling van gerelateerde dataformaten en gecontroleerde vocabularia om een dergelijke uitwisseling te vergemakkelijken, en de ontwikkeling van wetenschappelijke methodologieën, met inbegrip van benaderingen zonder gebruikmaking van dieren, voor de beoordeling van chemische stoffen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		98</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Agentschap zorgt voor samenwerking met het Referentielaboratorium van de Europese Unie voor alternatieve methoden ter vervanging van dierproeven (EURL ECVAM), in het bijzonder voor de ontwikkeling van wetenschappelijke methoden en opleidingsactiviteiten.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		99</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 ter.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Er wordt een permanente taskforce (de “taskforce”) opgezet door het Agentschap, de EFSA, het EMA, het ECDC en het EU-OSHA.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		100</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 quater (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 quater.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De taskforce richt zich op sectoroverschrijdende zaken waarvoor een “één gezondheid”- en een exposoombenadering voordelen kunnen opleveren. De taskforce bouwt voort op bestaande samenwerkingsmechanismen, maximaliseert synergieën en zorgt ervoor dat dubbel werk wordt vermeden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		101</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 quinquies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 quinquies.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Agentschap coördineert de werkzaamheden van de taskforce gedurende twaalf maanden nadat de taskforce is opgezet. Daarna nemen de agentschappen om de beurt gedurende twaalf maanden de coördinatie van de werkzaamheden en het voorzitterschap van de taskforce voor hun rekening, evenals de leiding van de coördinatie van de vergaderingen en activiteiten van de taskforce, in overeenstemming met zijn actiekader als bedoeld in lid 1 terdecies.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		102</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 sexies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 sexies.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De taskforce bestaat uit personeelsleden van elk in lid 1 ter genoemd agentschap. De uitvoerend directeur van elk agentschap benoemt een vertegenwoordiger voor de taskforce en deze vertegenwoordigers brengen aan hun uitvoerend directeur verslag uit over de stand van zaken. Een vertegenwoordiger van de Commissie wordt uitgenodigd om de vergaderingen van de taskforce bij te wonen om te zorgen voor een nauwe samenwerking tussen de taskforce en de Commissie.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		103</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 septies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 septies.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Elk in lid 1 ter genoemd agentschap wijst binnen dat agentschap een contactpunt aan dat de input van dat agentschap bij gezamenlijke activiteiten coördineert en zijn standpunt inzake strategische zaken uitdraagt. Elk contactpunt houdt zijn eigen mechanismen voor management en contacten tussen agentschappen op de hoogte van relevante ontwikkelingen in verband met de taskforce.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		104</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 octies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 octies.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Taskforceleden kunnen zo nodig andere vertegenwoordigers binnen elk agentschap om input en advies vragen ter ondersteuning van de uitvoering van acties.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		105</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 nonies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 nonies.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Waarnemers en externe deskundigen mogen de vergaderingen van de taskforce zo nodig bijwonen, vooropgesteld dat de leden van de taskforce daarmee instemmen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		106</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 decies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 decies.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De taskforce is geen besluitvormingsorgaan. De taskforce mag acties aanbevelen bij het hoger management van de agentschappen. De vertegenwoordigers van elk agentschap in de taskforce hebben een adviserende rol jegens de uitvoerend directeur en het hoger management van hun eigen agentschap en onderhouden indien nodig contacten met de Commissie en andere belanghebbenden voor input en advies.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		107</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 undecies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 undecies.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De taskforce vergadert minimaal zes keer per jaar, met ten minste één fysieke vergadering per jaar die van een meer strategische aard is. Zo nodig kunnen ook ad-hocvergaderingen worden belegd.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		108</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 duodecies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 duodecies.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op 31 december van elk jaar stellen de taskforceleden een jaarlijks actiekader op met daarin een plan voor de gezamenlijke “één gezondheid”- en exposoomwerkzaamheden van de in lid 1 ter genoemde agentschappen, en zorgen zij voor goedkeuring daarvan.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Dit actiekader bevat de doelstellingen waaraan de taskforce gaat werken, de concrete acties en resultaten die nodig zijn om die te behalen en een ruwe tijdlijn voor de uitvoering van deze acties, en het is gericht op de volgende doelstellingen met betrekking tot “één gezondheid” en het exposoom:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">strategische coördinatie bij de uitvoering ervan faciliteren;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de coördinatie van onderzoek bevorderen;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>c)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de capaciteitsopbouw verbeteren;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>d)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de communicatie en de betrokkenheid van belanghebbenden bevorderen; en</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>e)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de ontwikkeling van gezamenlijke partnerschappen ondersteunen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		109</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 44 – lid 1 terdecies (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>1 terdecies.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het actiekader als bedoeld in lid 1 terdecies strookt met het respectieve mandaat van elk agentschap en vormt geen belemmering voor hun statutaire activiteiten.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		110</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 45 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>Indien het Agentschap een mogelijke bron van verschillen constateert, neemt het contact op met <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de</STRING></STRING> betrokken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">organen</STRING></STRING> teneinde ervoor te zorgen dat alle relevante wetenschappelijke of technische informatie onderling wordt uitgewisseld en teneinde mogelijke geschilpunten op wetenschappelijk of technisch gebied te onderkennen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>Indien het Agentschap een mogelijke bron van verschillen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">als bedoeld in lid 1</STRING></STRING> constateert, neemt het contact op met <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het andere</STRING></STRING> betrokken <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">orgaan</STRING></STRING> teneinde ervoor te zorgen dat alle relevante wetenschappelijke of technische informatie onderling wordt uitgewisseld en teneinde mogelijke geschilpunten op wetenschappelijk of technisch gebied te onderkennen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		111</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 45 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Het Agentschap en het betrokken orgaan werken samen om de verschillen op te lossen. Indien het Agentschap en het betrokken orgaan de verschillen niet kunnen oplossen, stellen zij een gezamenlijk verslag op. In het verslag worden de wetenschappelijke geschilpunten duidelijk toegelicht, worden de onzekerheden daaromtrent in de gegevens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aangegeven</STRING></STRING> en worden de onderliggende redenen voor de uiteenlopende adviezen, met inbegrip van methodologische verschillen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> openbaar gemaakt. Wanneer het betrokken orgaan een agentschap van de Unie of een wetenschappelijk comité is, legt het Agentschap het gezamenlijke verslag aan de Commissie voor.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>Het Agentschap en het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">andere</STRING></STRING> betrokken orgaan werken samen om de verschillen op te lossen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, rekening houdend met de doelstelling van een hoog niveau van bescherming van de gezondheid en het milieu</STRING></STRING>. Indien het Agentschap en het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">andere</STRING></STRING> betrokken orgaan de verschillen niet kunnen oplossen, stellen zij een gezamenlijk verslag op. In het verslag worden de wetenschappelijke geschilpunten duidelijk toegelicht, worden de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">relevante</STRING></STRING> onzekerheden daaromtrent in de gegevens <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">benoemd</STRING></STRING> en worden de onderliggende redenen voor de uiteenlopende adviezen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vermeld</STRING></STRING>, met inbegrip van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">redenen in verband met</STRING></STRING> methodologische verschillen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Het verslag wordt</STRING></STRING> openbaar gemaakt. Wanneer het <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">andere</STRING></STRING> betrokken orgaan een agentschap van de Unie of een wetenschappelijk comité is, legt het Agentschap het gezamenlijke verslag <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ook</STRING></STRING> aan de Commissie voor.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		112</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 46</STRING></STI.AMD><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 46</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gedelegeerde bevoegdheden</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in artikel 29, lid 6, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden en voor een termijn van vijf jaar met ingang van [OP please insert: the date of the entry into force of this Regulation]. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend verlengd met termijnen van dezelfde duur, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het verstrijken van elke vijfjarige termijn tegen die verlenging verzet.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement of de Raad kan de in lid 1 bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>3.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Vóór de vaststelling van een gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn neergelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">38</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>4.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>5.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Een overeenkomstig lid 1 vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van drie maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie hebben meegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met drie maanden verlengd.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">38</STRING></STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_interinstit/2016/512/oj.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		113</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 48 – alinea 1 – punt 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3)</NO.P>in artikel 77 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wordt</STRING></STRING> lid 1 geschrapt;</P></OLD><NEW><P><NO.P>3)</NO.P>in artikel 77 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">worden</STRING></STRING> lid 1 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en lid 3, punten b) en c),</STRING></STRING> geschrapt;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		114</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 54 – titel</STRING></STI.AMD><OLD><P>Evaluatie</P></OLD><NEW><P>Evaluatie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en herziening</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		115</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 54 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>Deze evaluatie is gericht op de vraag of het mandaat van het Agentschap moet worden gewijzigd en op de financiële gevolgen van dergelijke wijzigingen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>Deze evaluatie is gericht op de vraag of het mandaat van het Agentschap moet worden gewijzigd en op de financiële gevolgen van dergelijke wijzigingen. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In het kader van deze evaluatie wordt ook de werking van de comités beoordeeld en wordt gekeken of afstemming of aanpassing van de artikelen 14 en 15 van deze verordening passend zou zijn.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		116</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een verordening</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 54 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>De Commissie brengt bij het Europees Parlement, de Raad en de raad van bestuur verslag uit over de resultaten van de evaluatie. Indien nodig <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wordt</STRING></STRING> een actieplan en een tijdschema bijgevoegd. De bevindingen van de evaluatie worden openbaar gemaakt.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>De Commissie brengt bij het Europees Parlement, de Raad en de raad van bestuur verslag uit over de resultaten van de evaluatie. Indien nodig <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">worden</STRING></STRING> een actieplan en een tijdschema bijgevoegd. De <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Commissie dient in voorkomend geval een wetgevingsvoorstel in bij het Europees Parlement en de Raad. De</STRING></STRING> bevindingen van de evaluatie worden openbaar gemaakt <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">door de Commissie</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND></AMDLST></TEXT></DECISION></TXTLST></SDOCTA>