<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2026)0159</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Bankenunie – jaarverslag 2025</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A10-0079/2026 - Rapporteur: Evelyn Regner)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 30 april 2026 over de Bankenunie – jaarverslag 2025 (2025/2136(INI))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 8 mei 2025 over de Bankenunie – jaarverslag 2024<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">1 </STRING>Aangenomen teksten, P10_TA(2025)0105.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het vervolg dat de Commissie heeft gegeven aan de resolutie van het Parlement van 8 mei 2025 over de Bankenunie – jaarverslag 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het document van de Europese Centrale Bank (ECB) getiteld “Feedback on the European Parliament’s resolution on Banking Union – annual report 2024”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag 2024 van de ECB over haar toezichtswerkzaamheden, dat op 28 april 2025 werd gepubliceerd,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het jaarverslag 2024 van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad (GAR), dat op 26 juni 2025 werd gepubliceerd,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de vaststelling van de antiwitwasrichtlijn (AMLD)<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">2 </STRING>Richtlijn (EU) 2024/1640 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2024 betreffende de mechanismen die de lidstaten moeten invoeren om het gebruik van het financiële stelsel voor witwassen of terrorismefinanciering te voorkomen, tot wijziging van Richtlijn (EU) 2019/1937, en tot wijziging en intrekking van Richtlijn (EU) 2015/849 (PB L, 2024/1640, 19.6.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2024/1640/oj).</FIELD></FOOTNOTE> en de antiwitwasverordening (AMLR)<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">3 </STRING>Verordening (EU) 2024/1624 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2024 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor witwassen of terrorismefinanciering (PB L, 2024/1624, 19.6.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/1624/oj).</FIELD></FOOTNOTE>, alsook de oprichting van de antiwitwasautoriteit (AMLA)<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">4 </STRING>Verordening (EU) 2024/1620 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2024 tot oprichting van de Autoriteit voor de bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering en tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1093/2010, (EU) nr. 1094/2010 en (EU) nr. 1095/2010 (PB L, 2024/1620, 19.6.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/1620/oj).</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de tenuitvoerlegging van de Bazel III-normen, in het bijzonder de aanneming van de amendementen op de richtlijn kapitaalvereisten<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">5 </STRING>Richtlijn (EU) 2024/1619 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2024 tot wijziging van Richtlijn 2013/36/EU wat betreft toezichtsbevoegdheden, sancties, bijkantoren uit derde landen en ecologische, sociale en governancerisico’s (PB L, 2024/1619, 19.6.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2024/1619/oj).</FIELD></FOOTNOTE> en de verordening kapitaalvereisten<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">6 </STRING>Verordening (EU) 2024/1623 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2024 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 575/2013 wat betreft vereisten inzake kredietrisico, risico van aanpassing van de kredietwaardering, operationeel risico, marktrisico en de output floor (PB L, 2024/1623, 19.6.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/1623/oj).</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de vaststelling van Gedelegeerde Verordening (EU) 2024/2795 van de Commissie van 24 juli 2024 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de datum van toepassing van de eigenvermogensvereisten voor marktrisico<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">7 </STRING>PB L, 2024/2795, 31.10.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2024/2795/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn standpunt in eerste lezing van 24 april 2024 over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) nr. 806/2014 wat betreft vroegtijdige-interventiemaatregelen, afwikkelingsvoorwaarden en financiering van afwikkelingsmaatregelen<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">8 </STRING>PB C, C/2025/3752, 17.9.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/3752/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn standpunt in eerste lezing van 24 april 2024 over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2014/59/EU wat betreft vroegtijdige-interventiemaatregelen, de voorwaarden voor afwikkeling en de financiering van afwikkelingsmaatregelen<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">9 </STRING>PB C, C/2025/3753, 17.9.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/3753/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn standpunt in eerste lezing van 24 april 2024 over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2014/49/EU betreffende de omvang van depositobescherming, het gebruik van de middelen van depositogarantiestelsels, grensoverschrijdende samenwerking en transparantie<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">10 </STRING>PB C, C/2025/3754, 17.9.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/3754/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van zijn Commissie economische en monetaire zaken van 23 april 2024 over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) nr. 806/2014 met het oog op de instelling van een Europees depositoverzekeringsstelsel (EDIS),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie getiteld “Spaar- en investeringsunie – Een strategie om in de EU de welvaart van burgers en het economische concurrentievermogen te stimuleren” (COM(2025)0124),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het rapport van Enrico Letta van 10 april 2024 getiteld “Much more than a market – Speed, security, solidarity: empowering the Single Market to deliver a sustainable future and prosperity for all EU Citizens”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het rapport van Mario Draghi van 9 september 2024 getiteld “The future of European competitiveness”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaring van de Eurogroep van 11 maart 2024 over de toekomst van de kapitaalmarktenunie, en de verklaring van de Eurogroep van 16 juni 2022 over de toekomst van de bankenunie, en de follow-up daarbij van de Eurogroep van 28 april 2023,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de publicaties van het Bazels Comité voor bankentoezicht getiteld “Disclosure of cryptoasset exposures” en “cryptoasset standard amendments”, beide gepubliceerd op 17 juli 2024,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de publicatie van het Bazels Comité voor bankentoezicht van 25 april 2024 getiteld “Core Principles for effective banking supervision”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag over de financiële stabiliteit (Financial Stability Review) van de ECB van 17 november 2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de publicatie van de Raad voor financiële stabiliteit van 9 november 2015 getiteld “Principles on Loss-absorbing and Recapitalisation Capacity of G-SIBs in Resolution”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het rapport van de Raad voor financiële stabiliteit van 10 oktober 2023 getiteld “2023 Bank Failures: Preliminary lessons learnt for resolution”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de toezichtsprioriteiten voor 2025-2027 van het gemeenschappelijk toezichtsmechanisme (GTM),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de halfjaarlijkse rapportage van de GAR aan de Eurogroep van november 2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het rapport van het Bazels Comité voor bankentoezicht van 10 juli 2025 getiteld “Banks interconnections with non-bank financial intermediaries”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de resultaten van de EU-brede transparantie-exercitie 2025 van de Europese Bankautoriteit van december 2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Speciaal verslag 12/2023 van de Europese Rekenkamer van 12 mei 2023 getiteld “EU-toezicht op het kredietrisico van banken – De ECB heeft haar inspanningen opgevoerd, maar er is meer nodig om beter te verzekeren dat het kredietrisico naar behoren wordt beheerd en gedekt”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaringen van Claudia Buch, voorzitter van de raad van toezicht van de ECB, tijdens de hoorzittingen van de Commissie economische en monetaire zaken van het Parlement op 27 maart 2025, 15 juli 2025 en 5 november 2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de verklaringen van Dominique Laboureix, voorzitter van de GAR, tijdens de hoorzittingen van de Commissie economische en monetaire zaken van het Parlement op 3 maart 2025, 15 juli 2025 en 5 november 2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de risicobeoordelingsverslagen van de Europese Bankautoriteit van juni 2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 14 maart 2019 over genderevenwicht bij benoemingen in de EU op het gebied van economische en monetaire zaken<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">11 </STRING>PB C 23 van 21.1.2021, blz. 105.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 25 maart 2021 over het versterken van de internationale rol van de euro<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">12 </STRING>PB C 494 van 8.12.2021, blz. 118.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 55 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken (A10-0079/2026),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat de bankenunie tot doel heeft de stabiliteit van het bankwezen en daarmee het financiële stelsel te waarborgen, te voorkomen dat belastinggeld wordt gebruikt voor bail-outs, de veerkracht te versterken, een ordelijke afwikkeling mogelijk te maken, marktfragmentatie te verminderen, depositohouders beter te beschermen en het concurrentievermogen, de grensoverschrijdende activiteiten en de toegang tot financiering te verbeteren, om daarmee de kosten voor de klanten van banken te verlagen; overwegende dat banken diensten verlenen die belangrijk zijn voor burgers en ondernemingen; overwegende dat het bankenlandschap en de verschillende bancaire structuren in de EU zeer divers zijn; overwegende dat het risico van “te groot zijn om failliet te gaan” nog niet volledig is aangepakt;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat de bankenunie tot doel heeft ervoor te zorgen dat banken solide zijn en toekomstige financiële crises kunnen doorstaan; overwegende dat de afwikkeling van falende banken moet plaatsvinden zonder dat een beroep wordt gedaan op belastinggeld, met minimale gevolgen voor de reële economie, en dat de marktfragmentatie verminderd moet worden door geharmoniseerde regels voor de financiële sector vast te stellen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat een sterke en gediversifieerde banksector van cruciaal belang is voor het realiseren van economische groei, het financieren van kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s) en start-ups, en voor de transitie naar een groene en digitale economie;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de bankenunie, die bestaat uit het GTM en het gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme (GAM), toezicht en crisisbeheersing op elkaar afstemt en een hoog niveau van depositobescherming waarborgt, maar incompleet blijft zonder een EDIS;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat een voltooide bankenunie een positieve ontwikkeling zou zijn voor de burgers en de economie van de EU, die de basis zou leggen voor een stabieler bankenstelsel, vermindering van het systeemrisico, meer concurrentie, betere keuzes voor de consument, meer mogelijkheden voor grensoverschrijdend bankieren en toegang tot financiële retaildiensten, grotere economische investeringen, betere toegang tot financiering voor huishoudens en bedrijven en lagere kosten voor bankklanten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat niet-bancaire financiële intermediairs (NBFI’s of “schaduwbanken”) nog altijd geen deel uitmaken van de architectuur van de bankenunie, waardoor de EU-banksector kwetsbaar is voor risico’s;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat financiële stabiliteit een randvoorwaarde is voor een doeltreffend monetair beleid en een veerkrachtig financieel stelsel; overwegende dat de EU reeds overeenstemming heeft bereikt over de uitvoering van het Bazel III-kader, en de Bazel III-normen moet invoeren, rekening houdend met het concurrentievermogen van de bankensector in de EU, alsmede met internationale ontwikkelingen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat de agressie van Rusland ten aanzien van Oekraïne en de economische en maatschappelijke gevolgen daarvan directe en indirecte gevolgen zullen blijven hebben voor de bankensector in de EU; overwegende dat EU-banken een centrale rol spelen bij het waarborgen van de lopende uitvoering en naleving van de sancties tegen Rusland die de EU naar aanleiding van de invasie heeft opgelegd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat een van de hoofddoelstellingen van de bankenunie erin bestaat dat de belastingbetaler niet voor de kosten van corrigerende maatregelen hoeft op te draaien wanneer een bank failliet gaat;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat klimaatverandering, aantasting van het milieu en de overgang naar een koolstofarme economie risico’s kunnen inhouden voor de financiële stabiliteit en factoren zijn waarmee rekening kan worden gehouden bij de beoordeling van de risico’s voor banken;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat een digitale euro zou bijdragen tot een verbetering van de doelmatigheid van het betalingsverkeer in de EU, de veerkracht, de financiële inclusie, de innovatie, het vertrouwen van het publiek en de internationale rol van de euro;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat banken in de EU sinds 2022 recordwinsten hebben geboekt dankzij de vertraagde doorwerking van het monetaire verkrappingsbeleid; overwegende dat verschillende lidstaten tijdelijke bankenheffingen hebben ingevoerd om te zorgen voor een billijke bijdrage en tegelijkertijd de stabiliteit en sociale cohesie te waarborgen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>M.</NO.P>overwegende dat de Commissie zich er in haar mededeling van maart 2025 over de spaar- en investeringsunie toe verplichtte “beslissende stappen te zetten om de bankenunie verder uit te bouwen, onder meer door na te gaan hoe vooruitgang kan worden geboekt met de Europese depositogarantieregeling”, maar sindsdien nog altijd geen voorstel over de voltooiing van de bankenunie heeft ingediend;</P></CONS><CONS><P><NO.P>N.</NO.P>overwegende dat banken een fundamentele pijler van onze economie zijn en dat de bankensector tot de strategisch belangrijkste sectoren behoort; overwegende dat stabiliteit, veerkracht en concurrentievermogen fundamenteel zijn om te waarborgen dat het financiële stelsel zich kan aanpassen aan mondiale uitdagingen, om innovatie te bevorderen en om effectief aan de behoeften van bedrijven en burgers te kunnen voldoen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>O.</NO.P>overwegende dat steeds meer gebruik wordt gemaakt van e-moneytokens en dat deze steeds nauwer verbonden raken met banken in de bankenunie;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Algemene overwegingen </STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verwelkomt de vooruitgang die de afgelopen tien jaar is geboekt met het GTM en het GAM; dringt aan op een volledige en snelle voltooiing van de bankenunie, waarbij onder meer verder gewerkt moet worden aan de invoering van de derde pijler en het EDIS en maatregelen genomen moeten worden om de marktintegratie te verdiepen en de effectieve circulatie van kapitaal en liquiditeit binnen bankgroepen gemakkelijker te maken; benadrukt dat de bankenunie een inclusiever, concurrerender en duurzamer financieel stelsel moet ondersteunen dat aansluit bij de sociale cohesie en de dubbele transitie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt de Commissie prioriteit te geven aan de voltooiing van de bankenunie en de spaar- en investeringsunie; benadrukt het belang ervan voor burgers, kmo’s en de reële economie door veerkracht, duurzame welvaart, hoogwaardige banen en financiële stabiliteit te bevorderen; benadrukt dat een beter geïntegreerde bankenunie de groei en het concurrentievermogen van Europese banken zou bevorderen; onderstreept dat er een sterk en robuust kader nodig is dat gebaseerd is op duidelijke regels en verplichtingen en dat bankruns voorkomt, de financiële stabiliteit en het financiële concurrentievermogen vergroot en de banksector van de EU versterkt; benadrukt dat de voltooiing van de kapitaalmarktenunie, naast de ontwikkeling van de bankenunie, zal helpen om betere voorwaarden te creëren voor de financiering van de Europese economie, alsook voor huishoudens en bedrijven die nog altijd sterk afhankelijk zijn van bancaire kredieten, zodat investeringen en de werkgelegenheid kunnen worden gestimuleerd en kan worden bijgedragen aan de veerkracht van de Europese economie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>benadrukt dat de rentetarieven die aan huishoudens en kmo’s worden aangeboden, sterk verschillen van lidstaat tot lidstaat; verzoekt de Commissie maatregelen te overwegen om een betere toegang tot financiering voor alle burgers en ondernemingen te waarborgen, in het bijzonder voor kmo’s die dringend behoefte hebben aan kapitaal tegen eerlijke en concurrerende tarieven;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>benadrukt de rol van de banksector bij de financiering van de dubbele transitie; wijst op de inspanningen gericht op vereenvoudiging binnen het EU-kader voor duurzame financiering, met het oog op coherentie en minder overlappingen, en om de verplichtingen die voortvloeien uit de banken-, openbaarmakings- en risicobeheersregels met elkaar in overeenstemming te brengen; wijst op de aanbeveling van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen om hogere kapitaalvereisten vast te stellen voor gestrande activa;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>betreurt de resterende belemmeringen voor grensoverschrijdende retailbankdiensten; benadrukt het potentieel van een geïntegreerde bankenunie om de concurrentie en de keuze van de consument op het gebied van retailbankdiensten te verbeteren, onder meer door betere mogelijkheden voor het verlenen van grensoverschrijdende retailbankdiensten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>wijst op de vooruitgang met de onderhandelingen over zowel de online als de offline digitale euro; verwelkomt het potentieel van de digitale euro om contant geld te behouden en er een aanvulling op te vormen en tegelijkertijd de financiële soevereiniteit en autonomie van de EU te versterken en aan financiële inclusiviteit bij te dragen; is ingenomen met de afronding van de algemene oriëntatie van de Raad met betrekking tot de digitale euro in december 2025 en acht het essentieel dat het Parlement zijn standpunt zo spoedig mogelijk vaststelt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>is van mening dat er slechts beperkte vooruitgang is geboekt wat betreft genderevenwicht in financiële instellingen, met name in het management; wijst erop dat divers leiderschap en een betere toegang tot financiering voor door vrouwen geleide bedrijven<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">13 </STRING>Europees Instituut voor gendergelijkheid, “Gender in entrepreneurship”, 2017, blz. 5-6.</FIELD></FOOTNOTE> het bestuur, de innovatie en de economische prestaties ten goede komen; verzoekt financiële instellingen, belanghebbenden, de Commissie en de lidstaten doeltreffende diversiteitsstrategieën vast te stellen, genderkloven te monitoren en gendergelijkheid te integreren in toezichts- en investeringskaders om inclusieve toegang tot kapitaal in de hele EU te waarborgen; wijst erop dat het standpunt van het Parlement inhoudt dat er voor toekomstige posities genderevenwichtige shortlists opgesteld moeten worden; benadrukt dat het genderevenwicht gewaarborgd moet zijn op alle managementniveaus in de instellingen en organen van de EU die verantwoordelijk zijn voor de bankenunie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>merkt op dat de winstgevendheid en veerkracht van banken in de EU na de renteverhogingen van de ECB aanzienlijk zijn verbeterd<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">14 </STRING>Maneely, M./Ratnovski, L., “Bank Profits and Bank Taxes in the EU”, IMF, juli 2024.</FIELD></FOOTNOTE> en hoog zijn gebleven in 2025; benadrukt dat deze winstgevendheid en veerkracht essentiële investeringen in de economie van de EU en de financiering van huishoudens en bedrijven, met name kmo’s en start-ups, alsook jonge professionals, kan ondersteunen; benadrukt de belangrijke rol van kleine banken bij de ondersteuning van kmo’s en lokale economieën en verzoekt de Commissie ervoor te zorgen dat alle regelgeving risicogevoelig blijft; benadrukt dat kredietinstellingen die staatssteun ontvangen, zich moeten houden aan prudente parameters met betrekking tot dividenden, terugkoop van eigen aandelen en variabele beloningen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>benadrukt dat de goede werking en geloofwaardigheid van de bankenunie ook afhangen van de volledige eerbiediging en doeltreffende handhaving van het consumentenbeschermingsrecht van de EU in de banksector; benadrukt dat kredietinstellingen zich moeten onthouden van het gebruik van oneerlijke contractuele voorwaarden en handelspraktijken, met name bij hypotheekleningen en kredietverstrekking aan particulieren; benadrukt dat consumenten, met inbegrip van kredietnemers, moeten kunnen profiteren van doeltreffende bescherming, rechtszekerheid en toegang tot doeltreffende verhaalmechanismen; verzoekt de lidstaten en de bevoegde autoriteiten in dit verband te zorgen voor robuuste toezichts- en handhavingsmaatregelen in geval van overtredingen; benadrukt voorts dat het belangrijk is te zorgen voor adequate bescherming van hoofdwoningen, vooral in het geval van kwetsbare huishoudens, rekening houdend met de grootte van de woning en of de kredietnemers reeds een aanzienlijk deel van hun lening, zoals 50 % van de oorspronkelijke lening, hebben terugbetaald;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>is ingenomen met de rol van de AMLA bij het versterken van de EU-maatregelen tegen witwassen en terrorismefinanciering; dringt aan op een consistente uitvoering, nauwere samenwerking, informatie-uitwisseling en gecoördineerde handhaving in de hele EU; benadrukt de noodzaak van efficiënte samenwerking tussen de AMLA en de Europese toezichthoudende autoriteiten en prudentiële autoriteiten; benadrukt dat de AMLA zich bij haar toezichts- en regelgevingswerkzaamheden moet houden aan het evenredigheidsbeginsel en het coördinatiebeginsel;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>onderstreept dat grondige, proportionele, consistente en tijdige financiële verslaglegging cruciaal is voor het toezicht en de stabiliteit; benadrukt het belang van rechtszekerheid, voorspelbaarheid en stabiliteit voor de bankensector, en wijst erop dat vereenvoudiging niet mag leiden tot een verzwakking van de veerkracht, prudentiële normen, normen voor consumentenbescherming of stabiliteitsnormen; wijst op de noodzaak van verdere maatregelen ter bevordering van digitalisering en vereenvoudiging, met behoud van die normen; roept op tot een evenwichtige en meer geïntegreerde aanpak, met inbegrip van een gecentraliseerd gegevensplatform dat is gebaseerd op gestandaardiseerde definities, een gemeenschappelijk gegevenswoordenboek en een gedeelde database voor verzoeken, teneinde onnodige complexiteit tussen overheidsinstanties weg te nemen, dubbel werk te verminderen en de gegevenskwaliteit te verbeteren, met behoud van de soliditeit van het kader van de bankenunie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>wijst op de vooruitgang op institutioneel en regelgevingsgebied die de veerkracht van banken in de eurozone heeft versterkt; merkt op dat er nog steeds aanzienlijke belemmeringen bestaan voor de ontgrendeling van het volledige potentieel van de eengemaakte markt van de EU voor financiële diensten; verzoekt de Commissie, de lidstaten en de EU-organen hun ambities te vertalen naar concrete maatregelen om de spaar- en investeringsunie en de eengemaakte markt te voltooien en zo vereenvoudiging en het concurrentievermogen te bevorderen; verzoekt de Commissie om in haar verslag van 2026 over het concurrentievermogen van de banksector in de EU concrete maatregelen voor te stellen die erop gericht zijn het concurrentievermogen van de EU-banken te vergroten, waarbij de essentiële rol van de banken bij de financiering van de investeringen die nodig zijn voor de groene en digitale transitie van de Unie, gewaarborgd blijft;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>benadrukt dat toezichthouders, gezien de aanhoudende geopolitieke onzekerheid, de mogelijk overgewaardeerde aandelenmarkten en de recente onrust in de VS als gevolg van ondoorzichtige kredietverlening in de niet-bancaire sector (particulier krediet), een toekomstgericht perspectief moeten behouden en voldoende toezicht moeten houden op risico’s, en dat banken toereikende kapitaalbuffers moeten aanhouden en operationeel veerkrachtig moeten zijn; benadrukt in dit verband dat het toezicht op en de veerkracht van niet-bancaire financiële intermediairs moeten worden verbeterd; benadrukt dat zorgvuldig toezicht vandaag belastingbetalers, depositogevers en de reële economie kan beschermen tegen verliezen morgen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Toezicht </STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>merkt op dat de geaggregeerde ratio van het tier 1-kernkapitaal (CET1) van GTM-banken in het tweede kwartaal van 2025 uitkwam op 16,12 %, met een rendement op eigen vermogen (ROE) van 10,11 %, terwijl het percentage niet-renderende leningen (NPL’s) daalde tot 2,22 % en het percentage stage 2-leningen 9,59 % bedroeg<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">15 </STRING>ECB, ‘Supervisory Banking Statistics – Second quarter 2025’.</FIELD></FOOTNOTE>; benadrukt dat het belangrijk is om het kredietrisico te monitoren en tegelijkertijd voldoende kapitaal en liquiditeit te behouden voor de veerkracht van de banksector; benadrukt dat deze vooruitgang op het gebied van risicobeperkende maatregelen niet gepaard is gegaan met evenredige vooruitgang op het gebied van risicodeling;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>wijst op ongunstige macro-economische omstandigheden en geopolitieke tegenwind, die tot een verslechtering van de kwaliteit van activa kunnen leiden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>merkt op dat banken steeds vaker te maken krijgen met NBFI’s, wat leidt tot mogelijke risico’s, variërend van liquiditeits- tot tegenpartijrisico’s, en roept op tot omvattend Europees toezicht op de NBFI-sector; benadrukt dat internationale en EU-instanties herhaaldelijk hebben gewezen op het risico dat de niet-bancaire sector vormt, met name vanwege de toegenomen verwevenheid ervan met de traditionele banksector; is voorstander van systeembrede stresstests om de veerkracht van kernmarkten te beoordelen; dringt er bij de Commissie op aan de lacunes in het toezichtinstrumentarium, waaronder liquiditeits- en systeemrisico’s, te onderzoeken en, waar nodig, maatregelen voor te stellen om de financiële stabiliteit te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>is ingenomen met de voltooiing en uitvoering van het Bazel III-kader, dat de veerkracht in de EU zal versterken; stelt vast dat andere rechtsgebieden een minder ambitieuze uitvoeringsagenda hebben nagestreefd; benadrukt het aanhoudende gebrek aan duidelijkheid over de toepassing van de Bazel III-normen in sommige andere rechtsgebieden; herinnert eraan dat het GTM meermaals heeft gesteld dat de uitvoering van de fundamentele herziening van de handelsportefeuille de veerkracht van de banken in de EU zou versterken en hun concurrentievermogen niet zou ondermijnen; verzoekt de Commissie om een herziening van de gelijkwaardigheidsbesluiten met betrekking tot de rechtsgebieden die de normen niet toepassen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>neemt nota van een publicatie van de ECB<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">16 </STRING>Behn, M. &amp; Reghezza, A., ‘Capital requirements: a pillar or a burden for bank competitiveness?’, <STRING ITALIC="on">ECB Occasional Paper Series</STRING>, No. 376, Frankfurt 2025.</FIELD></FOOTNOTE> waaruit naar voren komt dat hoge kapitaalvereisten het concurrentievermogen van banken niet afremmen, maar eerder de veerkracht en het vermogen van banken waarborgen zodat deze de economie gedurende de hele cyclus kunnen financieren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>betreurt het feit dat steeds meer bankfilialen worden gesloten, wat gevolgen heeft voor kwetsbare en perifere gemeenschappen; herinnert aan het recht van burgers op toegang tot financiële basisdiensten; onderstreept de rol van kleinere banken bij de toegang tot diensten voor huishoudens en kleine bedrijven; benadrukt dat de diversiteit van de bedrijfsmodellen van banken de veerkracht van het financiële stelsel vergroot; wijst op het belang van digitalisering en artificiële intelligentie voor het versterken van de doeltreffendheid van de banksector; stelt echter met bezorgdheid vast dat er vele banen verloren zijn gegaan als gevolg van AI; verzoekt kredietinstellingen een omscholingsbeleid uit te voeren en te zorgen voor menselijk toezicht bij geautomatiseerde besluiten; benadrukt dat het nodig is om de kwaliteit van banen, eerlijke voorwaarden en gelijke toegang tot banken te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>onderkent de specifieke risico’s die crypto-activa met zich meebrengen, maar ziet ook de kansen die zij bieden, zoals in euro uitgedrukte stablecoins; dringt aan op consistent innovatievriendelijk toezicht om ervoor te zorgen dat de innovatie in het belang van het publiek is; verzoekt de EU en de nationale autoriteiten blootstellingen te monitoren, risico’s aan te pakken, speculatief gedrag tegen te gaan, financiële criminaliteit te bestrijden en consumenten te beschermen; benadrukt het belang van mondiale normen op dit gebied;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>verzoekt de Commissie, de EBA en de nationale bevoegde autoriteiten binnen de bankenunie te zorgen voor de strikte, consistente en getrouwe uitvoering en handhaving van de verordening betreffende cryptoactivamarkten<FOOTNOTE><FIELD><STRING SUPERSCRIPT="on">17 </STRING>Verordening (EU) 2023/1114 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2023 betreffende cryptoactivamarkten en tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 1095/2010 en Richtlijnen 2013/36/EU en (EU) 2019/1937, PB L 150 van 9.6.2023, blz. 40, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/1114/oj.</FIELD></FOOTNOTE> als noodzakelijke aanvulling op het op banken gebaseerde kader voor financiële stabiliteit van de Unie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>wijst op de risico’s die meervoudig uitgegeven stablecoins uit derde landen met zich meebrengen voor EU-banken; benadrukt dat regelgevingsarbitrage tussen rechtsgebieden kan leiden tot runs op banken in de EU en overloopeffecten kan hebben;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Afwikkeling </STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>prijst de hervorming van het kader voor crisisbeheer en depositoverzekering (CMDI) met het oog op coherente crisisbeheersing en depositoverzekering, de versterking van de stabiliteit en de bescherming van spaargelden en belastingbetalers en het waarborgen van een beter gebruik van overheidsgeld voor afwikkeling wanneer dit in het algemeen belang is, binnen een duidelijk regelgevingskader; benadrukt dat er behoefte is aan flexibiliteit voor kleine en middelgrote banken en dat de bevoegde autoriteiten moeten worden voorzien van doeltreffende instrumenten, gegevens en besluitvormingsmechanismen om een veerkrachtige en maatschappelijk verantwoorde bankenunie te waarborgen, en om hen in staat te stellen doeltreffend te reageren op bankfaillissementen en de nodige waarborgen te bieden, ondersteund door een regelgevingskader dat de ontwikkeling van banken bevordert en bijdraagt aan een veerkrachtige en financieel stabiele bankenunie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>is ingenomen met het voorlopige akkoord dat het Parlement en de Raad op 19 november 2025 hebben bereikt over de richtlijn tot harmonisatie van bepaalde aspecten van het insolventierecht, omdat een verdere aanpassing van de insolventiewetgeving en de herstructureringsprocedures de voltooiing van de bankenunie zou kunnen bevorderen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>wijst erop dat de primaire verantwoordelijkheid in geval van bankfalen toevalt aan aandeelhouders, schuldeisers of door de sector gefinancierde mechanismen en dat overheidsmiddelen slechts als laatste redmiddel mogen worden gebruikt omdat afhankelijkheid van belastinggeld voor de afwikkeling van banken vermeden moet worden, in overeenstemming met budgettaire verantwoordelijkheid, sociale rechtvaardigheid en marktdiscipline; wijst erop dat er voortdurend en doeltreffend toezicht nodig is op de naleving van de prudentiële en afwikkelingsregels die de geloofwaardigheid en doeltreffende uitvoering van de instrumenten in geval van bankfalen waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>herinnert eraan dat een afdoend minimumvereiste voor eigen vermogen en in aanmerking komende passiva (MREL) essentieel is voor een geloofwaardig afwikkelingskader en om autoriteiten de flexibiliteit te bieden om in een crisissituatie passende afwikkelingsstrategieën toe te passen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>herinnert eraan dat banken tijdens afwikkeling essentiële diensten moeten blijven verlenen; benadrukt hoe belangrijk een duidelijk, voorspelbaar kader is dat depositohouders beschermt en klanten en bedrijven, waaronder met name kmo’s, ondersteunt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>is ingenomen met het gemeenschappelijk afwikkelingsfonds als een volledig gemutualiseerd, door de sector gefinancierd vangnet; roept nogmaals op tot volledige ratificatie van de overeenkomst tot wijziging van het Verdrag tot instelling van het Europees Stabiliteits­mechanisme, om de geloofwaardigheid, de afwikkelbaarheid en de veerkracht van de eurozone te vergroten; benadrukt het doel de belastingbetaler in geval van afwikkeling te beschermen en herinnert eraan dat er naast het overeengekomen gemeenschappelijk achtervangmechanisme geen extra belastinggeld mag worden gebruikt voor falende banken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>herinnert eraan dat het beleid inzake een risicogewicht van 0 % voor staatsschuld een probleem is dat moet worden aangepakt in overeenstemming met internationale normen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Depositoverzekering</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>herhaalt zijn krachtige steun voor de verdere ontwikkeling van een EDIS als de derde pijler van de bankenunie; herinnert eraan dat het EDIS-voorstel al in 2015 is gepresenteerd; benadrukt dat een gemeenschappelijk systeem voor depositobescherming onontbeerlijk is om een gelijke bescherming van depositohouders in de hele Unie te waarborgen, de financiële stabiliteit verder te versterken en de resterende banden tussen banken en overheden aanzienlijk te verkleinen; benadrukt dat bij de bijdragen aan een EDIS rekening moet worden gehouden met het risicoprofiel van elke deelnemende sector; benadrukt ook het belang van het waarborgen van de volledige toepassing van de huidige regels, waardoor banken in de EU bedrijven in de hele EU efficiënt kunnen financieren en het concurrentievermogen kunnen vergroten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>is ingenomen met de goedkeuring van het CMDI-pakket als een positieve stap om de nationale depositoverzekeringsstelsels te versterken, het vertrouwen in de banksector te vergroten en de operationele en juridische voorwaarden te verbeteren die nodig zijn om geleidelijk en op geloofwaardige wijze toe te werken naar een gemeenschappelijke bescherming op EU-niveau voor depositohouders en belastingbetalers; herinnert aan het standpunt uit 2024 van de Commissie economische en monetaire zaken over de invoering van een EDIS; dringt er bij de Raad met klem op aan vooruitgang te boeken in de onderhandelingen; dringt er bij de nieuwe voorzitter van de Eurogroep op aan de gesprekken over dit onderwerp zo snel mogelijk te hervatten;</P></ACTION><SEPARATION><P>°</P><P>°	°</P></SEPARATION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de Europese Centrale Bank, de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad en de Europese Bankautoriteit.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>