<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2026)0228</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Uitvoering van de richtlijn inzake de behandeling van stedelijk afvalwater en risico’s voor de voorzieningszekerheid van geneesmiddelen</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(B10-0238, 0240, 0241 en 0281/2026)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 18 juni 2026 over de uitvoering van de richtlijn inzake de behandeling van stedelijk afvalwater en risico’s voor de voorzieningszekerheid van geneesmiddelen (2026/2652(RSP))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), en met name de artikelen 168 en 191,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 35 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Richtlijn (EU) 2024/3019 van het Europees Parlement en de Raad van 27 november 2024 inzake de behandeling van stedelijk afvalwater<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2024/3019, 12.12.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2024/3019/oj.</FIELD></FOOTNOTE> (herziene richtlijn stedelijk afvalwater), die op 1 januari 2025 in werking is getreden,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid<FOOTNOTE><FIELD> PB L 327 van 22.12.2000, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2000/60/oj.</FIELD></FOOTNOTE> (kaderrichtlijn water),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Richtlijn 2006/118/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende de bescherming van het grondwater tegen verontreiniging en achteruitgang van de toestand<FOOTNOTE><FIELD> PB L 372 van 27.12.2006, blz. 19, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2006/118/oj.</FIELD></FOOTNOTE> en Richtlijn 2008/105/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 inzake milieukwaliteitsnormen op het gebied van het waterbeleid tot wijziging en vervolgens intrekking van de Richtlijnen 82/176/EEG, 83/513/EEG, 84/156/EEG, 84/491/EEG en 86/280/EEG van de Raad, en tot wijziging van Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L 348 van 24.12.2008, blz. 84, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2008/105/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Besluit (EU) 2022/591 van het Europees Parlement en de Raad van 6 april 2022 betreffende een algemeen milieuactieprogramma voor de Europese Unie voor de periode tot en met 2030<FOOTNOTE><FIELD> PB L 114 van 12.4.2022, blz. 22, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2022/591/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 17 september 2020 getiteld “Het tekort aan geneesmiddelen – hoe moet dit oprukkende probleem worden aangepakt?”<FOOTNOTE><FIELD> PB C 385 van 22.9.2021, blz. 83.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het werkdocument van de diensten van de Commissie van 26 oktober 2022 getiteld “Impact Assessment – Accompanying the document Proposal for a Directive of the European Parliament and of the Council concerning urban wastewater treatment” (SWD(2022)0541),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie van 12 mei 2021 getiteld “Route naar een gezonde planeet voor iedereen – EU-actieplan: Verontreiniging van lucht, water en bodem naar nul” (COM(2021)0400),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek (JRC) van 10 december 2025 getiteld “Updated estimation of the costs of quaternary wastewater treatment in the EU – A comparison of cost models”,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de lopende werkzaamheden met betrekking tot de verordening kritieke geneesmiddelen,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 142, lid 5, en artikel 136, lid 4, van zijn Reglement,</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat in artikel 191 van het VWEU is bepaald dat de EU in haar milieubeleid streeft “naar een hoog niveau van bescherming, rekening houdend met de uiteenlopende situaties in de verschillende regio's van de Unie” en dat haar beleid “berust op het voorzorgsbeginsel en het beginsel van preventief handelen, het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron dienen te worden bestreden, en het beginsel dat de vervuiler betaalt”;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat water onontbeerlijk is voor het leven en de mensheid; overwegende dat de EU de huidige en toekomstige watervoorraden efficiënt moet beheren en doeltreffend op de huidige uitdagingen op het gebied van water moet reageren, aangezien deze rechtstreeks van invloed zijn op de menselijke gezondheid, het milieu en zijn ecosystemen, en strategische sociaal-economische activiteiten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat microverontreinigingen, die in alle soorten waterlichamen en in alle EU-wateren worden aangetroffen, schadelijke gevolgen hebben voor de menselijke gezondheid, met inbegrip van kankerverwekkende en hormoonontregelende effecten, en voor in het water levende organismen, zelfs in lage concentraties, en bijdragen tot de verspreiding van antimicrobiële resistentie (AMR); overwegende dat de Wereldgezondheidsorganisatie AMR heeft aangemerkt als een acute wereldwijde gezondheidscrisis die naar verwachting tegen 2050 wereldwijd meer sterfgevallen zal veroorzaken dan kanker; overwegende dat veel microverontreinigingen die aanwezig zijn in geneesmiddelen terechtkomen in het water na gebruik door de patiënt en niet tijdens de productie of verwijdering;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat waterverontreiniging, waaronder door microverontreinigingen, een toenemende en ernstige bedreiging vormt voor ecosystemen, de biodiversiteit en de gezondheid van mens en dier, en de EU momenteel meer dan 75 miljard EUR per jaar kost; overwegende dat stedelijk afvalwater een van de belangrijkste bronnen van waterverontreiniging is indien het niet naar behoren wordt opgevangen en behandeld; overwegende dat microverontreinigingen uit verontreinigd afvalwater moeten worden verwijderd om de schadelijke gevolgen ervan voor de gezondheid en het milieu te voorkomen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat veel gemeenten en gemeenschappen in de EU voor hun drinkwater afhankelijk zijn van oeverfiltratie, waardoor de watervoorraden steeds meer met microverontreinigingen worden verontreinigd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat de kosten voor primaire, secundaire en tertiaire behandeling over het algemeen door overheidsinstanties worden gedekt met belastinggeld of waterheffingen; overwegende dat de toepassing van het in artikel 191 VWEU verankerde beginsel “de vervuiler betaalt” op waterzuivering voor het eerst is ingevoerd met de herziene richtlijn stedelijk afvalwater;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat de richtlijn stedelijk afvalwater het rechtskader vormt voor het opvangen, behandelen en lozen van stedelijk afvalwater en de lozing van biologisch afbreekbaar afvalwater uit bepaalde industriële sectoren; overwegende dat de herziene richtlijn stedelijk afvalwater tot doel heeft de waterverontreiniging, met inbegrip van microverontreinigingen, te verminderen en de waterkwaliteit in de hele EU te beschermen; overwegende dat microverontreinigingen in afvalwater niet doeltreffend worden verwijderd door conventionele afvalwaterzuivering; overwegende dat met de herziene richtlijn de verplichting wordt ingevoerd om afvalwater quartair te behandelen, waardoor microverontreinigingen worden verwijderd, zodat een hoog niveau van bescherming van de gezondheid en het milieu wordt gewaarborgd, in overeenstemming met de “één gezondheid”-benadering; overwegende dat, op grond van de herziene richtlijn, grote zuiveringsinstallaties die meer dan 150 000 mensen bedienen (d.w.z. in grote steden, aangezien vooral daar microverontreinigingen vrijkomen) systematisch moeten worden gemoderniseerd om ze geschikt te maken voor quartaire behandeling en kleinere zuiveringsinstallaties alleen hoeven te worden gemoderniseerd als zij zich in risicogebieden bevinden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat de quartaire behandeling geleidelijk wordt uitgerold, te beginnen in december 2033, wanneer slechts 20 % van de grotere installaties en 10 % van de kleinere installaties gemoderniseerd moeten zijn, terwijl volledige uitvoering gerealiseerd moet zijn uiterlijk in december 2045; overwegende dat quartaire behandeling een aanvullende en geavanceerde behandeling van stedelijk afvalwater is waarmee een zo breed mogelijk spectrum van microverontreinigingen kan worden geëlimineerd, en dat het invoeren van een quartaire behandeling nodig is om deze verontreinigingen te verminderen en de volksgezondheid en het milieu te beschermen; overwegende dat de invoering van quartaire behandeling de duurste component van de richtlijn vormt;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat het beginsel dat de vervuiler betaalt een juridisch bindend beginsel is dat is verankerd in artikel 191 VWEU en tot doel heeft ervoor te zorgen dat degenen die verantwoordelijk zijn voor het veroorzaken van milieuschade, en niet de belastingbetalers of de samenleving in het algemeen, de kosten betalen voor het voorkomen, controleren en verhelpen van die verontreiniging;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat uitgebreide producentenverantwoordelijkheid erop gericht is milieukosten te internaliseren en producenten stimuleert om rekening te houden met milieuoverwegingen gedurende de levenscyclus van producten, van de ontwerpfase tot het einde van de levensduur, waarbij het beginsel dat de vervuiler betaalt daadwerkelijk wordt toegepast; overwegende dat de meeste bestaande regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid zijn ontwikkeld in de context van afvalstromen uit identificeerbare puntbronnen, waar producenten de inzamelings- en verwerkingssystemen doeltreffend kunnen organiseren, monitoren en controleren;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat geneesmiddelen worden ontwikkeld en toegelaten met het oog op de behandeling van patiënten; overwegende dat milieurisicobeoordelingen een noodzakelijk criterium zijn voor het verlenen van vergunningen voor geneesmiddelen, maar dat het milieurisico geen deel uitmaakt van de baten-risicobeoordeling bij het verlenen van vergunningen voor geneesmiddelen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat uit gegevens en analyses van de Commissie en het JRC blijkt dat geneesmiddelen en cosmetica verantwoordelijk zijn voor het grootste deel van de potentieel schadelijke en moeilijk biologisch afbreekbare stoffen in afvalwater; overwegende dat bepaalde houders van vergunningen voor het in de handel brengen melden dat de toxische ladingen die in deze analyses aan bepaalde producten worden toegeschreven, verschillen van de gegevens van de milieurisicobeoordelingen van geneesmiddelen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>M.</NO.P>overwegende dat met de herziene richtlijn stedelijk afvalwater bepalingen inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid zijn ingevoerd in overeenstemming met het beginsel dat de vervuiler betaalt, op grond waarvan ten minste 80 % van de kosten van quartaire behandeling moet worden gedekt door de belangrijkste sectoren die zijn aangewezen als verantwoordelijk voor het vrijkomen van de verontreinigende stoffen, namelijk de farmaceutische en de cosmeticasector;</P></CONS><CONS><P><NO.P>N.</NO.P>overwegende dat de invoering van quartaire behandeling het duurste onderdeel van de richtlijn vormt;</P></CONS><CONS><P><NO.P>O.</NO.P>overwegende dat de kostenramingen van de lidstaten aanzienlijk hoger zijn dan die in de effectbeoordeling van de Commissie (Duitsland en Spanje hebben bijvoorbeeld kosten gemeld die verscheidene malen hoger zijn);</P></CONS><CONS><P><NO.P>P.</NO.P>overwegende dat uitgebreide producentenverantwoordelijkheid tot doel heeft de verwijdering van microverontreinigingen uit afvalwater te financieren en de ontwikkeling aan te moedigen van minder giftige, biologisch afbreekbare producten, die worden vrijgesteld van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid; overwegende dat het systeem van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid innovatie op het gebied van de ontwikkeling en het gebruik van minder schadelijke stoffen in de betrokken sectoren stimuleert en beloont;</P></CONS><CONS><P><NO.P>Q.</NO.P>overwegende dat de toegang tot veilige, doeltreffende en betaalbare geneesmiddelen een hoeksteen van de volksgezondheidsstelsels van de EU is en dat de voorzieningszekerheid van geneesmiddelen in de EU moet worden gewaarborgd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>R.</NO.P>overwegende dat volgens de door de Commissie uitgevoerde effectbeoordeling en volgens onafhankelijke gegevens de mogelijke stijging van de kosten van producten of de mogelijke inkrimping van de winstmarges van de bedrijven die producten in de EU in de handel brengen, als gevolg van de toepassing van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid, marginaal zou zijn en de betaalbaarheid, beschikbaarheid of toegankelijkheid van die producten op de EU-markt niet in gevaar zou brengen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>S.</NO.P>overwegende dat de kostenramingen van sommige autoriteiten van de lidstaten hoger zijn dan die in de effectbeoordeling van de Commissie (Duitsland en Spanje hebben bijvoorbeeld kosten gemeld die verscheidene malen hoger zijn); overwegende dat de effectbeoordeling van de Commissie ook is betwist door bepaalde belanghebbenden, met name wat de milieubijdrage van geneesmiddelen en cosmetica betreft en de berekeningen van de effecten op de geneesmiddelenprijzen; overwegende dat het JRC een tweede studie heeft uitgevoerd om de potentiële kosten die door onder de richtlijn vallende industriële sectoren moeten worden gedekt, te verduidelijken en nader te onderzoeken; overwegende dat dit nieuwe onderzoek de eerdere gegevens en bevindingen grotendeels heeft bevestigd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>T.</NO.P>overwegende dat de Commissie circa 92 % van de microverontreiniging toeschrijft aan de farmaceutische en cosmetische industrie, maar dat dit percentage om methodologische en wetenschappelijke redenen in twijfel is getrokken, met name omdat de gevolgen voor de toegang van patiënten en voor de nationale begrotingen voor gezondheidzorg niet grondig zijn geanalyseerd; overwegende dat dit verzuim met name voor het gehele farmaceutische ecosysteem van groot belang is, ook voor innovatieve en generieke geneesmiddelen en geneesmiddelen waarop geen octrooi rust, waarbij dit ecosysteem collectief de basis vormt voor de toegankelijkheid voor patiënten, de voorzieningszekerheid en de houdbaarheid van de Europese gezondheidszorg op lange termijn, en er tegelijk voor zorgt dat geïnvesteerd wordt in onderzoek en ontwikkeling en dat de productiecapaciteit waarvan de strategische autonomie van Europa op het gebied van gezondheid afhankelijk is, behouden blijft;</P></CONS><CONS><P><NO.P>U.</NO.P>overwegende dat generieke geneesmiddelen bijna 70 % uitmaken van de geneesmiddelen die in de EU worden verstrekt<FOOTNOTE><FIELD> Mededeling van de Commissie van 24 oktober 2023 getiteld “Het aanpakken van geneesmiddelentekorten in de EU” (COM(2023)0672.</FIELD></FOOTNOTE> en essentieel zijn voor de houdbaarheid van de gezondheidszorgstelsels; overwegende dat fabrikanten van generieke geneesmiddelen doorgaans werken volgens strikte prijsstellingskaders en op basis van een economisch model met grote volumes en kleine marges, waardoor zij minder goed in staat zijn om extra regelgevingskosten op te vangen, en dat zij daarom gevoeliger kunnen zijn voor kostenstijgingen, waardoor een zorgvuldig toezicht op de uitvoering van de richtlijn vereist is;</P></CONS><CONS><P><NO.P>V.</NO.P>overwegende dat generieke geneesmiddelen gebaseerd zijn op dezelfde werkzame stof als het referentiegeneesmiddel, waardoor het voor producenten van generieke geneesmiddelen moeilijker wordt om de verontreiniging aan de bron aan te pakken;</P></CONS><CONS><P><NO.P>W.</NO.P>overwegende dat de geneesmiddelentekorten in de EU de afgelopen jaren zijn toegenomen en risico’s inhouden voor de patiëntenzorg; overwegende dat de EU voor werkzame farmaceutische bestanddelen sterk afhankelijk blijft van derde landen; overwegende dat de EU stappen onderneemt om geneesmiddelentekorten en de voorzieningszekerheid aan te pakken, onder meer door middel van de herziene algemene geneesmiddelenwetgeving en de verordening kritieke geneesmiddelen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>X.</NO.P>overwegende dat de herziene richtlijn stedelijk afvalwater de lidstaten flexibiliteit biedt bij het ontwerp van regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid en bij het vaststellen van methoden voor het berekenen van bijdragen, waardoor zij regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid kunnen ontwerpen op een manier die evenredigheid waarborgt en onbedoelde gevolgen, waaronder risico’s voor de voorziening van geneesmiddelen, voorkomt, zodat een evenwicht kan worden gevonden tussen doelstellingen op het gebied van volksgezondheid en verantwoordelijkheden op het gebied van milieu;</P></CONS><CONS><P><NO.P>Y.</NO.P>overwegende dat in artikel 10 van de herziene richtlijn stedelijk afvalwater monitoring- en handhavingskaders verplicht worden gesteld, onder meer om ervoor te zorgen dat de effecten van de richtlijn, bijvoorbeeld op de prijzen van geneesmiddelen, naar behoren worden gemonitord;</P></CONS><CONS><P><NO.P>Z.</NO.P>overwegende dat in overweging 20 van de herziene richtlijn stedelijk afvalwater wordt bevestigd dat in de richtlijn reeds is voorzien in regelmatige evaluatie op basis van monitoringgegevens en wetenschappelijk bewijs, met inbegrip van de mogelijkheid om het toepassingsgebied van het systeem waar nodig bij te werken, zodat voldoende flexibiliteit wordt geboden binnen het bestaande rechtskader zonder dat de richtlijn hoeft te worden herzien;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AA.</NO.P>overwegende dat in de herziene richtlijn stedelijk afvalwater wordt voorgeschreven dat de Commissie uiterlijk eind 2033 en opnieuw uiterlijk eind 2040 een uitgebreide evaluatie uitvoert, waarbij de mogelijkheid wordt geboden om de effecten van de richtlijn te onderzoeken en, indien nodig, aanpassingen voor te stellen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AB.</NO.P>overwegende dat naar schatting van de Commissie de gevolgen voor de prijzen van geneesmiddelen tot 2045 neerkomen op 2,64 - 3,20 EUR per persoon per jaar, zelfs in een scenario waarin de kosten volledig worden doorberekend; overwegende dat deze raming opnieuw is bevestigd in december 2025 in een studie van het JRC, waarin rekening is gehouden met de definitieve tekst die door de medewetgevers is aangenomen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AC.</NO.P>overwegende dat in de richtlijn is voorzien in een lange periode voor de uitvoering, waarbij sommige bepalingen pas volledig van toepassing zijn in 2045, zodat er voldoende tijd is voor een geleidelijke en evenwichtige uitvoering van de richtlijn en de bijbehorende verplichtingen inzake quartaire behandeling, namelijk 20 % dekking tegen 2033, 60 % tegen 2039 en 100 % tegen 2045; overwegende dat de lidstaten in de richtlijn de tijd krijgen om de prijsstelling van contracten aan te passen door middel van nieuwe aanbestedingsprocedures voor geneesmiddelen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AD.</NO.P>overwegende dat volgens de effectbeoordeling van de Commissie en de studie van het JRC, zelfs in een scenario van volledige doorberekening van de kosten, de daaruit voortvloeiende stijging van de prijs van geneesmiddelen marginaal blijft in vergelijking met de kosten van niet-handelen, aangezien de aanzienlijke uitgaven voor gezondheidszorg op lange termijn voor ziekten die verband houden met blootstelling aan microverontreinigingen, met name kanker, reeds een veel grotere belasting vormen voor de volksgezondheidsstelsels en naar verwachting aanzienlijk zullen stijgen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AE.</NO.P>overwegende dat de kosten in verband met de bijdragen aan de quartaire behandelingen gebaseerd zijn op de producten die in de handel worden gebracht, d.w.z. alle producten, ongeacht of zij worden geproduceerd in of buiten de EU, en dat de verplichting inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid op uniforme wijze van toepassing is op alle bedrijven die producten in de EU in de handel brengen, waardoor een gelijk speelveld wordt gewaarborgd en oneerlijke concurrentievoordelen worden voorkomen; overwegende dat de richtlijn er bijgevolg op is gericht om geen verstorende effecten op de markt teweeg te brengen of nadelen te creëren voor EU-producenten en het algemene concurrentievermogen van de sector; overwegende dat het van groot belang is ervoor te zorgen dat alle ingevoerde producten voldoen aan de verplichtingen inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid en dat zij deze financieren, met inbegrip van alle kleine pakketjes voor particulieren, zoals onlinebestellingen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AF.</NO.P>overwegende dat uit de effectbeoordeling van de Commissie blijkt dat, zonder uitgebreide producentenverantwoordelijkheid, de geraamde jaarlijkse kosten van quartaire behandeling van ongeveer 1,186 miljard EUR per jaar tegen 2040 anders voornamelijk zouden moeten worden gedekt door hogere waterheffingen en uit overheidsbegrotingen, waardoor de kosten van verontreiniging zouden worden verschoven van de industrie naar burgers en belastingbetalers, en huishoudens, met inbegrip van de meest kwetsbare huishoudens, oneerlijk zouden worden belast;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AG.</NO.P>overwegende dat de uitvoering van de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid noodzakelijk is om juridische en financiële zekerheid te waarborgen, met name voor overheidsinstanties, en om te zorgen voor de nodige investeringen in afvalwaterinfrastructuur om de milieu- en volksgezondheidsdoelstellingen te verwezenlijken en ervoor te zorgen dat burgers en waterconsumenten niet de financiële kosten dragen van verontreiniging waarvoor zij niet verantwoordelijk zijn;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AH.</NO.P>overwegende dat de nieuwe milieukwaliteitsnormen, in het bijzonder de negen milieukwaliteitsnormen voor geneesmiddelen in de kaderrichtlijn water, niet kunnen worden gehaald zonder geavanceerde en aanvullende waterzuivering;</P></CONS><CONS><P><NO.P>AI.</NO.P>overwegende dat de Commissie door de herziene richtlijn stedelijk afvalwater verplicht is om, op basis van de monitoringresultaten voor stedelijk afvalwater en de recentste wetenschappelijke gegevens, regelmatig te beoordelen of andere producten in het systeem van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid moeten worden opgenomen; overwegende dat de Commissie de eerste formele evaluatie uiterlijk in 2033 moet indienen;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>spreekt nogmaals zijn krachtige steun uit voor de milieudoelstellingen en de uitvoering van de herziene richtlijn stedelijk afvalwater binnen de gestelde termijnen, en onderstreept dat waterverontreiniging, met inbegrip van microverontreinigingen, moet worden verminderd en aangepakt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>onderstreept dat de menselijke gezondheid en het milieu beter moeten worden beschermd als onderdeel van een ambitieuze aanpak om verontreiniging uit alle bronnen aan te pakken en toe te werken naar een gifvrij milieu, waarbij met name gevaarlijke microverontreinigingen, die een grote en acute bedreiging voor de gezondheid en het milieu vormen, moeten worden aangepakt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>herinnert eraan dat het milieubeleid moet berusten op het voorzorgsbeginsel en het beginsel van preventief handelen, het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron worden bestreden, en het beginsel dat de vervuiler betaalt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>benadrukt dat de invoering van quartaire behandeling noodzakelijk is om de gezondheid te beschermen, ecosystemen in stand te houden en opkomende risico’s zoals AMR te bestrijden; onderstreept in dit verband dat uitgebreide producentenverantwoordelijkheid het meest doeltreffende instrument is voor de toepassing van het beginsel dat de vervuiler betaalt, zoals vastgelegd in artikel 191, lid 2, VWEU, en voor het waarborgen van voldoende middelen voor de noodzakelijke behandeling van stedelijk afvalwater;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>neemt kennis van het verschil tussen de kostenramingen in de effectbeoordeling van de Commissie en de kostenramingen in openbare beoordelingen na de vaststelling van de richtlijn, met name in Duitsland en Spanje; neemt voorts kennis van de bezorgdheid van belanghebbenden over de degelijkheid van de methode die wordt gebruikt om toxische ladingen toe te kennen en neemt kennis van de bezorgdheid over de verschillen tussen de door de Commissie gebruikte gegevens en de milieurisicobeoordelingsgegevens die in het kader van de procedure voor het verlenen van vergunningen voor het in de handel brengen bij het Europees Geneesmiddelenbureau zijn ingediend; is van mening dat deze punten van zorg grondig moeten worden aangepakt om de degelijkheid te waarborgen van de feiten die ten grondslag liggen aan de kostenanalyses van de quartaire behandeling en de regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid; merkt echter op dat de verschillende methoden die op de studies zijn toegepast een aantal van de verschillen kunnen verklaren, en benadrukt dat de ramingen van de effectbeoordeling onlangs opnieuw zijn bevestigd door het JRC;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>verzoekt de Commissie uiterlijk eind 2026 een nieuwe effectbeoordeling voor te leggen waarin een lijst wordt vastgesteld van de in stedelijk afvalwater aanwezige stoffen, de kosten van quartaire behandeling en de toewijzing van verantwoordelijkheid aan de relevante sectoren in het kader van het beginsel dat de vervuiler betaalt worden geverifieerd, en de mogelijke gevolgen voor de beschikbaarheid, betaalbaarheid en toegankelijkheid van geneesmiddelen, met name generieke en kritieke geneesmiddelen en de werkzame stoffen daarvan, worden geïdentificeerd; is van mening dat de lidstaten, via het Comité voor geneesmiddelen voor menselijk gebruik, en het Europees Milieuagentschap en het Europees Geneesmiddelenbureau op passende wijze bij de studie moeten worden betrokken, binnen de grenzen van hun bevoegdheden; verzoekt de Commissie de beoordeling van de toewijzing van stoffen te versnellen, indien nodig op basis van resultaten van de effectbeoordeling, en ook, indien nodig, onmiddellijk verplichtingen inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid op te leggen aan de als verantwoordelijk aangemerkte sectoren; verzoekt de Commissie om uiterlijk eind juli 2026 met een mededeling te komen om de lidstaten te informeren over de onafhankelijke studie en de flexibiliteit in het kader van de richtlijn om de toegankelijkheid, beschikbaarheid en betaalbaarheid van geneesmiddelen te waarborgen, en om de nodige maatregelen te nemen om toezicht te houden op de voorzieningszekerheid van geneesmiddelen en crisisparaatheid en onbedoelde gevolgen voor de levering van geneesmiddelen te voorkomen, met inbegrip van gevolgen die voortvloeien uit de bepalingen inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid; is van mening dat de Commissie, indien uit de resultaten van de effectbeoordeling blijkt dat er een aanzienlijk risico bestaat voor de betaalbaarheid, beschikbaarheid en toegankelijkheid van geneesmiddelen, met name kritieke en generieke geneesmiddelen, snel waarborgen moet vaststellen om de voorzieningszekerheid van deze geneesmiddelen te waarborgen waaronder een tijdelijke opschorting van verplichtingen inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>verzoekt de Commissie voortgang te maken bij de vaststelling van uitvoeringshandelingen over de reikwijdte van de verplichtingen inzake quartaire behandeling, om de lidstaten, afvalwaterbedrijven en relevante belanghebbenden duidelijkheid te verschaffen over de bijbehorende kosten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>wijst erop dat de kosten in verband met geavanceerde afvalwaterzuivering niet mogen worden afgewenteld op de belastingbetaler en de waterconsument, maar op een billijke en evenredige manier moeten worden gedragen door de sectoren die aan de waterverontreiniging bijdragen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>dringt aan op een tijdelijke opschorting (“stop de klok”) van de bepalingen inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid en van de verplichtingen inzake quartaire behandeling en de daarmee verband houdende financiële verplichtingen tot de voltooiing van de studie en de beoordeling van de bevindingen ervan door de Commissie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>onderstreept dat de verplichting inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid op uniforme wijze van toepassing is op alle bedrijven die in de EU producten in de handel brengen, ongeacht of deze binnen of buiten de EU zijn geproduceerd, om een gelijk speelveld te waarborgen en oneerlijke concurrentievoordelen te voorkomen; verzoekt de Commissie te verduidelijken hoe producenten van buiten de EU aan de verplichtingen inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid zullen voldoen, om concurrentieverstoringen te voorkomen en een gelijk speelveld te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>benadrukt dat geneesmiddelentekorten in de EU al een grote en groeiende uitdaging vormen; benadrukt dat de onderzoeks-, ontwikkelings- en de productiecapaciteit voor geneesmiddelen en de veerkracht van de toeleveringsketen in de EU in stand moeten worden gehouden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>erkent het specifieke geval van generieke geneesmiddelen en de toegang tot behandelingen in het algemeen en verzoekt de Commissie en de lidstaten zorgvuldig en continu toezicht te houden op het effect van de richtlijn op de betaalbaarheid, beschikbaarheid en toegankelijkheid van die geneesmiddelen, zoals vereist op grond van de herziene richtlijn stedelijk afvalwater, teneinde onbedoelde verstoringen of prijsstijgingen te voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>herinnert eraan dat in de richtlijn is voorzien in flexibiliteit en de mogelijkheid evenredige maatregelen toe te passen om ervoor te zorgen dat de verplichtingen inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid de betaalbaarheid, beschikbaarheid of toegankelijkheid van geneesmiddelen niet in het gedrang brengen; verzoekt de lidstaten bij het opzetten en uitvoeren van nationale regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid naar behoren gemotiveerde en empirisch onderbouwde zorgen in verband met onbedoelde gevolgen van de richtlijn zorgvuldig te beoordelen en aan te pakken, met bijzondere aandacht voor generieke geneesmiddelen; herinnert aan de verplichting van de Commissie om toezicht te houden op en verslag uit te brengen over de gevolgen voor de betaalbaarheid, beschikbaarheid en toegankelijkheid van geneesmiddelen en om te zorgen voor een uitgebreide evaluatie tegen eind 2033 en opnieuw tegen eind 2040;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>wijst op de uitdagingen om van de stimulans gebruik te maken, vanwege de complexiteit van wijzigingen in geneesmiddelformuleringen, waarvoor mogelijk uitgebreid onderzoek of nieuwe vergunningen voor het in de handel brengen nodig zijn, met name voor generieke geneesmiddelen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>herinnert er in dit verband aan dat de Commissie verplicht is regelmatig te beoordelen of andere producten en sectoren die een aanzienlijke invloed op de toxische lading van afvalwater hebben, onder het systeem van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid moeten worden gebracht, zodat de daarmee gepaard gaande kosten eerlijk worden verdeeld en niet ten laste komen van de burgers en waterconsumenten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>steunt onderzoek en innovatie op het gebied van ecologisch duurzame geneesmiddelen en geavanceerde technologieën voor afvalwaterbehandeling;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>herinnert eraan dat, in overeenstemming met de “één gezondheid”-benadering, de bescherming van de gezondheid van mens, dier en milieu intrinsiek en onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn; onderstreept dat toegang tot geneesmiddelen en milieubescherming tegelijkertijd moeten worden nagestreefd, zonder dat het ene mag worden gebruikt als voorwendsel om minder ambitieus te zijn met betrekking tot het andere;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsook aan de regeringen en parlementen van de lidstaten.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>