<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P10_TA(2026)0265</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Genetisch gemodificeerde mais DP202216 x NK603 x DAS-40278-9 en de subcombinaties DP202216 x NK603, DP202216 x DAS-40278-9 daarvan</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(B10-0336/2026)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 8 juli 2026 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/1443 van de Commissie van 29 juni 2026 tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais DP202216 x NK603 x DAS-40278-9 en subcombinaties DP202216 x NK603, DP202216 x DAS-40278-9 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (2026/2746(RSP))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/1443 van de Commissie van 29 juni 2026 tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais DP202216 x NK603 x DAS-40278-9 en subcombinaties DP202216 x NK603, DP202216 x DAS-40278-9 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> PB L, 2026/1443, 3.7.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2026/1443/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders<FOOTNOTE><FIELD> PB L 268 van 18.10.2003, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2003/1829/oj.</FIELD></FOOTNOTE>, en met name artikel 7, lid 3, en artikel 19, lid 3,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de stemming in het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders als bedoeld in artikel 35 van Verordening (EG) nr. 1829/2003, van 27 april 2026, die geen advies heeft opgeleverd, en de stemming van 2 juni 2026 in het comité van beroep, die evenmin een advies heeft opgeleverd,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 11 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren<FOOTNOTE><FIELD> PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2011/182/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies dat op 30 oktober 2025 door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) is goedgekeurd en op 5 december 2025 is gepubliceerd<FOOTNOTE><FIELD> Wetenschappelijk advies van het EFSA-panel voor genetisch gemodificeerde organismen getiteld “Assessment of genetically modified maize DP202216 × NK603 × DAS-40278-9 (application GMFF-2022-6232)”, <STRING ITALIC="on">EFSA Journal</STRING>, 2025, 23(12):e9746, https://doi.org/10.2903/j.efsa.2025.9746.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn eerdere resoluties waarin bezwaar wordt gemaakt tegen het verlenen van vergunningen voor genetisch gemodificeerde organismen (“ggo’s”)<FOOTNOTE><FIELD>––––––––––––––––––––––––  Het Parlement heeft in de achtste zittingsperiode 36 resoluties aangenomen, en in de negende zittingsperiode 38 resoluties, waarin bezwaar wordt gemaakt tegen het verlenen van vergunningen voor ggo’s. Voorts heeft het Parlement in de tiende zittingsperiode de volgende resoluties aangenomen:Resolutie van het Europees Parlement van 26 november 2024 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2024/2628 van de Commissie betreffende de verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 89034 × 1507 × NK603 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2025/1797, 4.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/1797/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 26 november 2024 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2024/2627 van de Commissie betreffende de verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerd katoen COT102 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2025/1798, 4.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/1798/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 26 november 2024 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2024/2629 van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais MON 89034 × 1507 × MON 88017 × 59122 en acht subcombinaties daarvan overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2025/1799, 4.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/1799/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 26 november 2024 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2024/1828 van de Commissie betreffende de verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van diervoeders die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 810 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/1207 van de Commissie (PB C, C/2025/1800, 4.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/1800/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 26 november 2024 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2024/1822 van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais DP915635 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2025/1801, 4.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/1801/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 26 november 2024 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2024/1826 van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais DP23211 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2025/1802, 4.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/1802/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 26 november 2024 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2024/2618 van de Commissie betreffende de verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais DP202216 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2025/1803, 4.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/1803/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 26 november 2024 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende de verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 94804 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2025/1804, 4.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/1804/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 12 februari 2025 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais DP910521 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2025/2246, 29.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/2246/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 12 februari 2025 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 95275 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2025/2247, 29.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/2247/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 8 mei 2025 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde soja MON 87705 × MON 87708 × MON 89788, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2026/586, 24.2.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/586/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 8 oktober 2025 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2025/1898 van 22 september 2025 van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais DP51291 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2026/1523, 15.4.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/1523/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 25 november 2025 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais DAS1131 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2026/1703, 24.4.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/1703/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 25 november 2025 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerd katoen MON 88913 (MON-88913-8) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2026/1704, 24.4.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/1704/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 25 november 2025 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met het genetisch gemodificeerde koolzaad MON 88302 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2026/1705, 24.4.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/1705/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 25 november 2025 over het uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde soja MON 87708 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2026/1706, 24.4.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/1706/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 25 november 2025 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 87427 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2026/1707, 24.4.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/1707/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 16 december 2025 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais NK603 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2026/2150, 6.5.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/2150/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 16 december 2025 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van levensmiddelen, levensmiddeleningrediënten en diervoeders die zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde suikerbiet KWS20-1 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C, C/2026/2151, 6.5.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/2151/oj).Resolutie van het Europees Parlement van 11 februari 2026 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde sojaboon DBN-09004-6 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P10_TA(2026)0041).Resolutie van het Europees Parlement van 11 februari 2026 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende de verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais T25 (ACS-ZMØØ3-2) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P10_TA(2026)0042).Resolutie van het Europees Parlement van 11 februari 2026 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerd katoen GHB614 × LLCotton25 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P10_TA(2026)0043).Resolutie van het Europees Parlement van 11 februari 2026 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerd katoen T304-40 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P10_TA(2026)0044).Resolutie van het Europees Parlement van 29 april 2026 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde soja MON 94637 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P10_TA(2026)0150).</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 115, leden 2 en 3, van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de ontwerpresolutie van de Commissie milieubeheer, klimaat en voedselveiligheid,</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat Corteva Agriscience Belgium B.V., gevestigd in België, namens Corteva Agriscience LLC, gevestigd in de Verenigde Staten, op 10 maart 2023 een aanvraag heeft ingediend voor het in de handel brengen van levensmiddelen, levensmiddeleningrediënten en diervoeders die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais DP202216 × NK603 × DAS-40279-9 (hierna “de genetisch gemodificeerde mais”), overeenkomstig de artikelen 5 en 17 van Verordening (EG) nr. 1829/2003; overwegende dat de aanvraag ook het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit de genetisch gemodificeerde mais betrof voor andere toepassingen dan als levensmiddel of als diervoeder, met uitzondering van de teelt;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat de EFSA op 30 oktober 2025 een positief wetenschappelijk advies heeft goedgekeurd met betrekking tot de aanvraag voor het in de handel brengen van de genetisch gemodificeerde mais, en dat dit advies op 5 december 2025 werd gepubliceerd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat de EFSA heeft geconcludeerd dat in de aanvraag beschreven genetisch gemodificeerde mais en subcombinaties daarvan wat betreft de mogelijke gevolgen voor de gezondheid van mens en dier of het milieu even veilig is als de conventionele tegenhanger ervan en de geteste niet-genetisch gemodificeerde referentievariëteiten van mais; overwegende dat de EFSA ook heeft geconcludeerd dat de consumptie van levensmiddelen en diervoeders van de genetisch gemodificeerde mais en subcombinaties daarvan geen voedingsprobleem voor mens of dier vormt; overwegende dat in het advies niet werd ingegaan op een aantal bredere ecologische, sociaal-economische en cumulatieve effecten die volgens de EFSA buiten haar bevoegdheid vallen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de genetisch gemodificeerde mais is ontwikkeld door middel van kruisingen, waarbij de volgende drie afzonderlijke modificaties zijn gecombineerd: DP202216, waarin het enzym fosfinotricine-acetyltransferase (PAT) tot expressie wordt gebracht om tolerantie te geven tegen herbiciden die glufosinaat-ammonium bevatten, en het endogene maiseiwit met gewijzigde expressie (EPAE) ZMM28, dat onder veldomstandigheden de mogelijkheid biedt tot verbetering van de opbrengst; NK603, waarin CP4 EPSPS en CP4 EPSPS L214P tot expressie worden gebracht om tolerantie te geven tegen op glyfosaat gebaseerde herbiciden; en DAS-40278-9, waarin aryloxyalkanoaat dioxygenase (AAD-1) tot expressie wordt gebracht om tolerantie te verlenen tegen de klasse herbiciden 2,4-D en aryloxyfenoxypropionaat (AOPP)<FOOTNOTE><FIELD> Wetenschappelijk advies van de EFSA, https://doi.org/10.2903/j.efsa.2025.9746, blz. 7.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat de EFSA tot nu toe alleen de subcombinatie NK603 × DAS-40278-9 heeft beoordeeld; overwegende dat door de aanvrager geen experimentele gegevens zijn ingediend voor de subcombinaties DP202216 x NK603 en DP202216 x DAS-40278-9, die nog niet eerder door de EFSA zijn beoordeeld; overwegende dat de EFSA desondanks concludeerde dat deze subcombinatie geen veiligheidsproblemen zou opleveren;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat de EFSA in haar risicobeoordelingen niet heeft gekeken naar toxicologische langetermijnstudies of gedetailleerde analysen van cumulatieve en gecombineerde effecten, waaronder de mogelijke wisselwerking met resten van pesticiden die gewoonlijk bij de maisteelt worden gebruikt;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat de overgrote meerderheid van de genetisch gemodificeerde gewassen, waaronder genetisch gemodificeerde mais, zodanig genetisch zijn gemodificeerd dat ze tolerant zijn voor één of meerdere “complementaire” herbiciden die gedurende de gehele teelt van het genetisch gemodificeerde gewas kunnen worden gebruikt zonder dat het gewas sterft, zoals het geval zou zijn bij een niet-herbicidetolerant gewas; overwegende dat in meerdere studies is aangetoond dat de teelt van herbicidetolerante genetisch gemodificeerde gewassen een toename van het gebruik van complementaire herbiciden in de hand werkt, voornamelijk vanwege het ontstaan van herbicidetolerant onkruid;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat herbicidetolerante genetisch gemodificeerde gewassen een lock-in veroorzaken, waarbij landbouwers afhankelijk worden van een onkruidbeheersysteem dat grotendeels of volledig berust op het gebruik van herbiciden, terwijl het ook een afhankelijkheid creëert van het gebruik van complementaire herbiciden als een integraal onderdeel van het productiesysteem; overwegende dat een grotere afhankelijkheid van complementaire herbiciden op landbouwbedrijven die de genetisch gemodificeerde mais aanplanten het ontstaan en de verspreiding van onkruid zal versnellen dat tolerant is voor deze herbiciden, waardoor nog meer herbiciden moeten worden gebruikt; een vicieuze cirkel die bekendstaat als de “pesticidentredmolen”; overwegende dat als gevolg daarvan de negatieve effecten van de buitensporige afhankelijkheid van herbiciden op de bodemgezondheid, de waterkwaliteit en de boven- en ondergrondse biodiversiteit nog zullen verslechteren en zullen leiden tot een grotere blootstelling van mens en dier, mogelijk ook door een toename van residuen van herbiciden op levensmiddelen en diervoeders;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat in meerdere studies is aangetoond dat de teelt van herbicidetolerante genetisch gemodificeerde gewassen een toename van het gebruik van complementaire herbiciden in de hand werkt, voornamelijk vanwege het ontstaan van herbicidetolerant onkruid<FOOTNOTE><FIELD> Zie bijvoorbeeld Bonny, S., “Genetically Modified Herbicide-Tolerant Crops, Weeds, and Herbicides: Overview and Impact”, Environmental Management, januari 2016, 57(1), blz. 31-48, https://doi.org/10.1007/s00267-015-0589-7 en Benbrook, C.M., “Impacts of genetically engineered crops on pesticide use in the U.S. — the first sixteen years”, Environmental Sciences Europe, 28 september 2012, vol. 24(1), https://doi.org/10.1186/2190-4715-24-24.</FIELD></FOOTNOTE>; overwegende dat er dan ook van moet worden uitgegaan dat de genetisch gemodificeerde mais zal worden blootgesteld aan meer en hogere doses op glyfosaten, glufosinaten, AOPP en 2,4-D gebaseerde herbiciden, waardoor er mogelijk meer residuen en afbraakproducten daarvan (hierna “metabolieten” genoemd) zullen achterblijven in de oogst;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat glufosinaat is ingedeeld als toxisch voor de voortplanting, categorie 1B, en dus onder de uitsluitingscriteria valt van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2009/1107/oj).</FIELD></FOOTNOTE>; overwegende dat de goedkeuring van glufosinaat voor gebruik in de Unie op 31 juli 2018 is verstreken<FOOTNOTE><FIELD> https://ec.europa.eu/food/plant/pesticides/eu-pesticides-database/start/screen/active-substances/details/79.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat er nog steeds aanzienlijke wetenschappelijke onzekerheden bestaan over de veiligheid van glyfosaat voor de menselijke gezondheid en het milieu; overwegende dat de EFSA in november 2015 tot de conclusie is gekomen dat het onwaarschijnlijk is dat glyfosaat kankerverwekkend is, en dat het Europees Agentschap voor chemische stoffen in maart 2017 heeft geconcludeerd dat het niet gerechtvaardigd is de stof als zodanig in te delen; overwegende dat het Internationaal Agentschap voor kankeronderzoek, het agentschap van de Wereldgezondheidsorganisatie dat gespecialiseerd is op het gebied van kankeronderzoek, glyfosaat in 2015 echter heeft ingedeeld als waarschijnlijk kankerverwekkend voor de mens; overwegende dat in een aantal andere recente, collegiaal getoetste wetenschappelijke studies wordt bevestigd dat glyfosaat mogelijk kankerverwekkend is<FOOTNOTE><FIELD> Zie bijvoorbeeld https://doi.org/10.1016/j.mrrev.2019.02.001, https://doi.org/10.1093/ije/dyz017, https://doi.org/10.1371/journal.pone.0219610 en https://doi.org/10.1186/s13045-019-0767-9.</FIELD></FOOTNOTE>; overwegende dat het tijdschrift “Regulatory Toxicology and Pharmacology” het in 2000 gepubliceerde wetenschappelijk artikel “Safety Evaluation and Risk Assessment of the Herbicide Roundup and Its Active Ingredient, Glyphosate, for Humans”, dat in veel risicobeoordelingen is gebruikt om de veiligheid van glyfosaat te verdedigen, formeel heeft ingetrokken, nadat er bezorgdheid was geuit over het auteurschap, de geldigheid van de onderzoeksresultaten in verband met een verkeerde voorstelling van de bijdragen door de auteurs en de sponsor van de studie, en mogelijke belangenconflicten van de auteurs<FOOTNOTE><FIELD> https://doi.org/10.1006/rtph.1999.1371.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat in een intercollegiaal getoetst artikel van een deskundige die betrokken is bij de ontwikkeling van genetisch gemodificeerde gewassen, de veiligheid in twijfel wordt getrokken van genetisch gemodificeerde gewassen die tolerant zijn voor 2,4-D, vanwege de afbraak hiervan in cytotoxische afbraakproducten<FOOTNOTE><FIELD> Lurquin, P.F., “Production of a toxic metabolite in 2,4-D-resistant GM crop plants”, 3 Biotech 6, 82 (2016), https://doi.org/10.1007/s13205-016-0387-9.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>M.</NO.P>overwegende dat de beoordeling van residuen van herbiciden en metabolieten die in genetisch gemodificeerde gewassen worden aangetroffen, wordt beschouwd als een kwestie die niet binnen de bevoegdheid van het EFSA-panel voor genetisch gemodificeerde organismen valt en daarom geen deel uitmaakt van de vergunningsprocedure voor ggo’s; overwegende dat dit problematisch is, aangezien de genetische modificatie zelf invloed kan hebben op de manier waarop complementaire herbiciden door de genetisch gemodificeerde plant worden afgebroken, evenals op de samenstelling en dus de toxiciteit van de metabolieten<FOOTNOTE><FIELD> Dit is inderdaad het geval voor glyfosaat, zoals vermeld in het met redenen omklede advies van de EFSA getiteld “Review of the existing maximum residue levels for glyphosate according to Article 12 of Regulation (EC) No 396/2005”, EFSA Journal 2018;16(5):5263, blz. 12, https://doi.org/10.2903/j.efsa.2018.5263.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>N.</NO.P>overwegende dat in Verordening (EG) nr. 1829/2003 wordt vereist dat genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders geen negatieve effecten mogen hebben op de menselijke gezondheid, de diergezondheid of het milieu, en dat de Commissie bij het opstellen van haar besluit rekening moet houden met eventuele relevante bepalingen van het Unierecht en andere ter zake dienende factoren; overwegende dat het bij deze ter zake dienende factoren onder meer gaat om de verplichtingen van de Unie in het kader van de duurzameontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties, de Klimaatovereenkomst van Parijs<FOOTNOTE><FIELD> PB L 282 van 19.10.2016, blz. 4.</FIELD></FOOTNOTE> en het Verdrag van de Verenigde Naties inzake biologische diversiteit (VBD van de VN)<FOOTNOTE><FIELD> PB L 309 van 13.12.1993, blz. 3, ELI: http://data.europa.eu/eli/convention/1993/626/oj.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></CONS><CONS><P><NO.P>O.</NO.P>overwegende dat onafhankelijk toezicht op en controle van mogelijke schadelijke effecten op de biodiversiteit, bodemgezondheid, bestuivers en niet-doelsoorten nog steeds onvoldoende gewaarborgd zijn;</P></CONS><CONS><P><NO.P>P.</NO.P>overwegende dat het voorzorgsbeginsel, opgenomen in artikel 191 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, in geval van wetenschappelijke onzekerheid van toepassing moet zijn;</P></CONS><CONS><P><NO.P>Q.</NO.P>overwegende dat de Unie, als verdragsluitende partij bij het VBD van de VN en krachtens artikel 3 daarvan, een verantwoordelijkheid heeft om ervoor te zorgen dat activiteiten die binnen haar rechtsmacht of onder haar toezicht vallen, geen schade aanrichten aan het milieu van andere staten;</P></CONS><CONS><P><NO.P>R.</NO.P>overwegende dat de verlenging door de Unie van de vergunning voor de genetisch gemodificeerde mais niet in overeenstemming zou zijn met de internationale verbintenissen inzake de vermindering van pesticiden<FOOTNOTE><FIELD> In december 2022 is tijdens de COP15 van het VBD van de VN een mondiaal kader voor biodiversiteit overeengekomen dat een mondiale doelstelling omvat om het risico van pesticiden uiterlijk in 2030 met ten minste 50 % te verminderen (zie: https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/nl/ip_22_7834).</FIELD></FOOTNOTE>, gezien de toegenomen blootstelling van mensen, dieren en het milieu aan glyfosaat, dicamba en glufosinaat in landen waar dit herbicidetolerante genetisch gemodificeerde gewas wordt geteeld, en de mogelijk ernstige gevolgen voor de gezondheid die hiermee gepaard gaan;</P></CONS><CONS><P><NO.P>S.</NO.P>overwegende dat de teelt van genetisch gemodificeerde mais in de Unie niet is toegestaan;</P></CONS><CONS><P><NO.P>T.</NO.P>overwegende dat Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/1443 van de Commissie de invoer in de Unie mogelijk zou maken van producten die niet voldoen aan de normen waar de landbouwers van de Unie zich aan moeten houden, waardoor deze een concurrentienadeel lijden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>U.</NO.P>overwegende dat de Commissie in de conclusies van de strategische dialoog over de toekomst van de landbouw in de EU<FOOTNOTE><FIELD> https://commission.europa.eu/strategy-and-policy/priorities-2019-2024/european-green-deal/agriculture-and-green-deal/strategic-dialogue-future-eu-agriculture_nl.</FIELD></FOOTNOTE> wordt verzocht haar aanpak inzake markttoegang voor de in- en uitvoer van agrovoedingsmiddelen te herzien, gezien de uitdagingen die het gevolg zijn van uiteenlopende normen van de Unie en haar handelspartners; overwegende dat eerlijkere handelsbetrekkingen op mondiaal niveau, in overeenstemming met de doelstellingen voor een gezond milieu, een van de belangrijkste eisen van landbouwers waren tijdens de demonstraties van 2023, 2024 en 2025;</P></CONS><CONS><P><NO.P>V.</NO.P>overwegende dat het Parlement herhaaldelijk heeft benadrukt dat de Commissie geen ggo’s mag toelaten als de lidstaten in het permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders of het comité van beroep geen gekwalificeerde meerderheid kunnen bereiken, met als doel het aanhoudende democratische tekort aan te pakken;</P></CONS><CONS><P><NO.P>W.</NO.P>overwegende dat de Commissie zich bewust is van de democratische tekortkomingen, het gebrek aan steun van de lidstaten en de bezwaren van het Parlement, maar desondanks vergunningen voor ggo’s blijft verlenen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>X.</NO.P>overwegende dat volgens de “één gezondheid”-benadering rekening moet worden gehouden met de onderlinge afhankelijkheid tussen de gezondheid van mensen, dieren, planten en het milieu bij de beoordeling van de duurzaamheid en veiligheid van ggo’s op de lange termijn;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>is van mening dat Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/1443 van de Commissie de in Verordening (EG) nr. 1829/2003 bedoelde uitvoeringsbevoegdheden overschrijdt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>is van mening dat Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/1443 van de Commissie niet in overeenstemming is met het recht van de Unie, aangezien het niet verenigbaar is met het doel van Verordening (EG) nr. 1829/2003 om overeenkomstig de algemene beginselen die in Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD> Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2002/178/oj).</FIELD></FOOTNOTE> zijn vastgesteld de basis te leggen voor het waarborgen van een hoog beschermingsniveau voor het leven en de gezondheid van de mens, de gezondheid en het welzijn van dieren, het milieu en de belangen van de consument met betrekking tot genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders, waarbij de goede werking van de interne markt gewaarborgd is;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt de Commissie Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/1443 van de Commissie in te trekken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>verzoekt de Commissie om geen enkele vergunning te verlenen voor de invoer van herbicidetolerante, genetisch gemodificeerde gewassen, vanwege het daarmee gepaard gaande toegenomen gebruik van complementaire herbiciden en bijgevolg de toegenomen risico’s voor de biodiversiteit, de voedselveiligheid en de gezondheid van werknemers;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>stelt tevreden vast dat de Commissie in een schrijven van 11 september 2020 aan leden van het Parlement heeft erkend dat in vergunningsbesluiten voor ggo’s rekening moet worden gehouden met duurzaamheid<FOOTNOTE><FIELD> https://tillymetz.lu/wp-content/uploads/2020/09/Co-signed-letter-MEP-Metz.pdf.</FIELD></FOOTNOTE>; is evenwel diep teleurgesteld dat de Commissie sindsdien vergunningen voor de invoer van ggo’s in de Unie is blijven verlenen, ondanks de aanhoudende bezwaren van het Parlement en een meerderheid van de lidstaten die tegen deze besluiten stemt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>dringt er nogmaals bij de Commissie op aan de verplichtingen van de Unie krachtens internationale overeenkomsten na te komen, zoals de Klimaatovereenkomst van Parijs, het VBD van de VN en de SDG’s van de VN; roept er nogmaals toe op om ontwerpuitvoeringshandelingen vergezeld te doen gaan van een toelichting waarin wordt uiteengezet op welke manier aan het niet-schadenbeginsel is voldaan<FOOTNOTE><FIELD> Resolutie van het Europees Parlement van 15 januari 2020 over de Europese Green Deal (PB C 270 van 7.7.2021, blz. 2), paragraaf 102.</FIELD></FOOTNOTE>;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>wijst erop dat in de amendementen op het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) nr. 182/2011<FOOTNOTE><FIELD> PB C 445 van 29.10.2021, blz. 257.</FIELD></FOOTNOTE>, die door het Europees Parlement op 17 december 2020 werden aangenomen als basis voor de onderhandelingen met de Raad, wordt gesteld dat de Commissie geen vergunningen voor ggo’s dient te verlenen als de lidstaten geen gekwalificeerde meerderheid voor vergunningverlening kunnen bereiken; dringt erop aan dat de Commissie dit standpunt eerbiedigt en verzoekt de Raad zijn werkzaamheden voort te zetten en met betrekking tot dit dossier zo snel mogelijk een algemene oriëntatie vast te stellen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>