<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P9_TA(2023)0448</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Tot Frankrijk gerichte machtiging om met Algerije te onderhandelen over een bilaterale overeenkomst over aangelegenheden die verband houden met justitiële samenwerking in burgerlijke en handelszaken</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A9-0356/2023 - Rapporteur: Ilana Cicurel)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 12 december 2023 over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende een tot Frankrijk gerichte machtiging om met Algerije te onderhandelen over een bilaterale overeenkomst over aangelegenheden die verband houden met justitiële samenwerking in burgerlijke en handelszaken (COM(2023)0065 – C9-0019/2023 – 2023/0028(COD))</STRING></TI><NOTE>(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)</NOTE><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2023)0065),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 294, lid 2, en artikel 81, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C9-0019/2023),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de door de vertegenwoordiger van de Raad bij brief van 31 oktober 2023 gedane toezegging om het standpunt van het Europees Parlement overeenkomstig artikel 294, lid 4, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie goed te keuren,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 59 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie juridische zaken (A9-0356/2023),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>stelt voor om naar de handeling te verwijzen als “het besluit Cicurel betreffende een machtiging aan Frankrijk om met Algerije te onderhandelen over een bilaterale overeenkomst over aangelegenheden die verband houden met justitiële samenwerking in burgerlijke en handelszaken”;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST><TXTLST><IDENT TCLINK="YES"><STRING BOLD="on">P9_TC1-COD(2023)0028</STRING></IDENT><OTTXT><TI><STRING BOLD="on">Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing vastgesteld op 12 december 2023 met het oog op de vaststelling van Besluit (EU) 2024/... van het Europees Parlement en de Raad waarbij Frankrijk wordt gemachtigd om met Algerije te onderhandelen over een bilaterale overeenkomst betreffende justitiële samenwerking in burgerlijke en handelszaken</STRING></TI><NOTE><STRING ITALIC="on">(Aangezien het Parlement en de Raad tot overeenstemming zijn geraakt, komt het standpunt van het Parlement overeen met de definitieve rechtshandeling: Besluit (EU) 2024/593.)</STRING></NOTE></OTTXT></TXTLST></SDOCTA>