<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P9_TA(2024)0011</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Mededingingsbeleid – jaarverslag 2023</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A9-0427/2023 - Rapporteur: Stéphanie Yon‑Courtin)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 16 januari 2024 over het mededingingsbeleid – jaarverslag 2023 (2023/2077(INI))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name de artikelen 101 tot en met 109,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de relevante regels, richtsnoeren, resoluties, openbare raadplegingen, mededelingen en documenten van de Commissie over mededinging,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Commissieverslag van 4 april 2023 over het mededingingsbeleid 2022 (COM(2023)0184) en het begeleidende werkdocument van de diensten van de Commissie (SWD(2023)0076),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 13 juni 2023 over het mededingingsbeleid – jaarverslag 2022<FOOTNOTE><FIELD> Aangenomen teksten, P9_TA(2023)0227.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie van 11 december 2019 over de Europese Green Deal (COM(2019)0640),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie van 6 december 2021 over de herziene richtsnoeren inzake staatssteun ter bevordering van risicofinancieringsinvesteringen,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ-EU) van 13 juli 2022 in zaak T-227/21<FOOTNOTE><FIELD> Arrest van het Gerecht van 13 juli 2022, Ilumina, Inc./Commissie, T-227/21, ECLI:EU:T:2022:447.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie van 24 maart 2022 getiteld “Tijdelijk crisiskader voor staatssteunmaatregelen ter ondersteuning van de economie na de Russische agressie tegen Oekraïne”<FOOTNOTE><FIELD> PB C 131 I van 24.3.2022, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (de “EG-concentratieverordening”)<FOOTNOTE><FIELD> PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2022/1925 van het Europees Parlement en de Raad van 14 september 2022 over betwistbare en eerlijke markten in de digitale sector, en tot wijziging van Richtlijnen (EU) 2019/1937 en (EU) 2020/1828 (digitalemarktenverordening)<FOOTNOTE><FIELD> PB L 265 van 12.10.2022, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Richtlijn (EU) 2019/1 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2018 tot toekenning van bevoegdheden aan de mededingingsautoriteiten van de lidstaten voor een doeltreffendere handhaving en ter waarborging van de goede werking van de interne markt<FOOTNOTE><FIELD> PB L 11 van 14.1.2019, blz. 3.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Raad van 16 december 2002 betreffende de uitvoering van de mededingingsregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag<FOOTNOTE><FIELD> PB L 1 van 4.1.2003, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EG) nr. 773/2004 van de Commissie van 7 april 2004 betreffende procedures van de Commissie op grond van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag<FOOTNOTE><FIELD> PB L 123 van 27.4.2004, blz. 18.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie van 18 februari 2022, getiteld “Richtsnoeren voor staatssteun ten behoeve van klimaat, milieubescherming en energie 2022”<FOOTNOTE><FIELD> PB C 80 van 18.2.2022, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie van 31 januari 2023 getiteld “Richtsnoeren voor staatssteun aan breedbandnetwerken”<FOOTNOTE><FIELD> PB C 36 van 31.1.2023, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het ontwerp van bekendmaking van de Commissie inzake de bepaling van de relevante markt voor het gemeenschappelijke mededingingsrecht,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het werkdocument van de diensten van de Commissie van 1 december 2022 getiteld “Evaluation of the State subsidy rules for health and social services of general economic interest (“SGEIs”) and of the SGEI de minimis Regulation” (Evaluatie van de regels inzake overheidssubsidies voor sociale en gezondheidsdiensten van algemeen economisch belang en van de verordening inzake de-minimissteun voor diensten van algemeen economisch belang) (SWD(2022)0388),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de inwerkingtreding op 1 september 2023 van het op 20 april 2023 goedgekeurde pakket maatregelen ter vereenvoudiging en stroomlijning van de procedures voor de beoordeling van bepaalde fusies die geen mededingingsbezwaren doen rijzen (C(2023)2400, C(2023)2401, C(2023)2402),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Verordening (EU) 2022/2560 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende buitenlandse subsidies die de interne markt verstoren<FOOTNOTE><FIELD> PB L 330 van 23.12.2022, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de toespraak over de Staat van de Unie van 2023 van de voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen<FOOTNOTE><FIELD> Europese Commissie, “Toespraak over de Staat van de Unie”, 13 september 2023.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het besluit van de Commissie van 6 september 2023 over de aanwijzing van poortwachters in het kader van de digitalemarktenverordening,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien Uitvoeringsverordening (EU) 2023/914 van de Commissie van 20 april 2023 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad betreffende de controle op concentraties van ondernemingen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 802/2004 van de Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB L 119 van 5.5.2023, blz. 22.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de gezamenlijke Europese verklaring over digitale rechten en beginselen voor het digitale decennium van 23 januari 2023 van het Europees Parlement, de Raad en de Europese Commissie<FOOTNOTE><FIELD> PB C 23 van 23.1.2023, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het arrest van het HvJ-EU van 4 juli 2023 in zaak C-252/21<FOOTNOTE><FIELD> Arrest van het Hof van Justitie (Grote Kamer) van 4 juli 2023, Meta Platforms Inc e.a./Bundeskartellamt, C-252/21, ECLI:EU:C:2023:537.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het document van DG COMP getiteld “Code of good practices for a transparent, inclusive, speed design and assessment of IPCEIs” (Praktijkrichtlijn voor een transparant, inclusief en sneller ontwerp van belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang en de beoordeling daarvan) van 17 mei 2023<FOOTNOTE><FIELD> DG COMP Code of good practices for a transparent, inclusive, faster design and assessment of IPCEIs.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA) getiteld “Report on CRA Market Share Calculation” (Verslag over de berekening van het marktaandeel van ratingbureaus) van 15 december 2022,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie van 27 april 2004 over informeel advies betreffende nieuwe vragen met betrekking tot de artikelen 81 en 82 van het EG-Verdrag die in individuele gevallen rijzen (adviesbrieven)<FOOTNOTE><FIELD> PB C 101 van 27.4.2004, blz. 78.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de mededeling van de Commissie van 21 juli 2023, getiteld “Richtsnoeren inzake de toepasselijkheid van artikel 101 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op horizontale samenwerkingsovereenkomsten”<FOOTNOTE><FIELD> PB C 259 van 21.7.2023, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het besluit van de Commissie van 25 september 2023 houdende een verbod op de voorgenomen overname van Flugo Group Holdings AB (“eTraveli”) door Booking Holdings (“Booking”),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité<FOOTNOTE><FIELD> Europees Economisch en Sociaal Comité, “Verslag over het mededingingsbeleid 2022”, 25 oktober 2023.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 54 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken (A9-0427/2023),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat het mededingingsbeleid van de EU een belangrijke rol speelt bij het scheppen van eerlijke voorwaarden voor handelsactiviteiten op de interne markt, om markten tegen niet-gerechtvaardigde concentraties en tegen de accumulatie van marktmacht te beschermen en om innovatie en groei voor bedrijven, met name kleine en middelgrote bedrijven (kmo’s), op de interne markt aan te moedigen, en bijgevolg het consumentenwelzijn te bevorderen en consumenten en bedrijven meer keuze te bieden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat een productieve interactie noodzakelijk is tussen het mededingingsbeleid en ander sectoraal beleid; overwegende dat het mededingingsbeleid kan bijdragen aan de versterking van de veerkracht, de integriteit en het concurrentievermogen van de interne markt en aan de verwezenlijking van andere politieke doelstellingen van de EU als de Europese Green Deal, het digitale kompas en de doelstellingen van de EU zoals vastgelegd in artikel 3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU);</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat internationale uitwisseling en samenwerking essentieel zijn om een wereldwijd en concurrerend gelijk speelveld te creëren en de uitdagingen van de digitale en groene transitie op een gecoördineerde manier aan te pakken;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de heersende geopolitieke omstandigheden ook verantwoordelijke, concurrerende oplossingen vergen op het gebied van het mededingingsbeleid; overwegende dat de EU alle tot haar beschikking staande politieke en wetgevende instrumenten moet aanwenden om de integriteit, de veerkracht en het concurrentievermogen van haar interne markt te verdedigen tegen de uitdagingen die voortvloeien uit het toenemende aantal conflicten wereldwijd, wrijvingen in het handelsverkeer tussen met elkaar concurrerende landen, de crisis van de klimaatverandering en de druk als gevolg van de inflatie en de lage economische groei; overwegende dat de afhankelijkheid van de EU van derde landen en wereldmachten op gebieden als energie, geneesmiddelen, technologie of grondstoffen de EU kwetsbaar maakt en moet worden verminderd;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat de Commissie en nationale mededingingsautoriteiten op onpartijdige en objectieve wijze moeten optreden teneinde de geloofwaardigheid van het mededingingsbeleid van de EU te vrijwaren;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat de invloed en het belang op wereldschaal van de interne markt van de EU voortvloeien uit haar interne concurrentievermogen en gelijk gemaakte speelveld;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De rol van mededinging en de beleidsrespons op de oorlog in Oekraïne, de Amerikaanse Inflation Reduction Act en de aanhoudende uitdagingen als gevolg van de COVID-19-pandemie</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>verzoekt de Commissie de integriteit van de interne markt te waarborgen; herinnert eraan dat de respons op de Amerikaanse Inflation Reduction Act niet alleen gebaseerd moet zijn op het gebruik van staatssteun, maar ook op de totstandbrenging van een gunstiger ondernemingsklimaat en een vernieuwd mededingingskader, dat snelheid en flexibiliteit biedt aan bedrijven die investeren en eerlijk concurreren in Europa en tegelijkertijd voldoen aan de EU-klimaatdoelstellingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>neemt kennis van het tijdelijke crisis- en transitiekader (TCTK) en van de actualisering van de regels inzake staatssteun die investeringen voor de groene en de digitale transitie mogelijk maken; neemt kennis van de goedkeuring van dat kader in 2023 en van de invoering van de matchingclausule; verzoekt de Commissie er nauwlettend op toe te zien dat er geen omstandigheden worden gecreëerd die kunnen leiden tot een subsidiewedloop en gebruik te maken van de tot haar beschikking staande instrumenten om oneerlijke subsidieconcurrentie te voorkomen en tegen te gaan; wijst erop dat extra staatssteun doelgericht en van tijdelijke aard moet zijn; houdt staande dat staatssteun verenigbaar moet zijn met EU-beleidsdoelstellingen als de Green Deal en de Europese pijler van sociale rechten; verzoekt de Commissie een onderzoek uit te voeren naar het gebrek aan harmonisatie van de terugvorderingsmechanismen in de lidstaten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt de Commissie erop toe te zien dat alle tijdelijke instrumenten van staatssteun voldoende doelgericht zijn om versnippering van de interne markt te voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>benadrukt dat aanvullende publieke en private investeringen nodig zullen zijn om nieuwe uitdagingen het hoofd te bieden; onderstreept dat de EU-begroting over voldoende middelen moet beschikken om de uitdagingen van de toekomst aan te pakken, met inbegrip van de versnippering van de interne markt, de industriestrategie van de EU te ondersteunen, onze kritieke afhankelijkheden te verminderen en onze open strategische autonomie te waarborgen; beklemtoont dat deze uitdagingen niet alleen met overheidsbestedingen kunnen worden aangepakt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>herinnert eraan dat een versnipperde aanpak van staatssteun een ongelijk speelveld binnen de interne markt van de EU kan creëren aangezien niet alle lidstaten over dezelfde budgettaire ruimte beschikken om steun te verlenen; dringt er derhalve op aan dat de monitoring van mogelijke verstorende effecten en elke vorm van flexibiliteit voor overheidssteun uitsluitend worden toegepast op steun op Europees niveau;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>verzoekt de Commissie na te gaan welke invloed inflatie heeft op mededinging doordat inflatie bedrijven ertoe kan aanzetten om prijsafspraken te maken met concurrenten<FOOTNOTE><FIELD> OESO, “Competition and Inflation: OECD Competition Policy Roundtable Background Note” (Mededinging en inflatie: achtergrondnota van de OESO over mededingingsbeleid), 2022.</FIELD></FOOTNOTE>, alsook wat de gevolgen ervan zijn voor de markten en het consumentenwelzijn; benadrukt dat er betere gegevens over winsten nodig zijn om de potentiële gevolgen doeltreffend aan te pakken, aangezien uit onderzoek van de Europese Centrale Bank en het Internationaal Monetair Fonds blijkt dat bedrijfswinsten belangrijke tijdelijke aanjagers waren van de inflatie; verzoekt de Commissie om, samen met de nationale mededingingsautoriteiten, nauwlettend toe te zien op de gevolgen van mededingingsverstorend gedrag en op de rol ervan in de ontwikkeling van de inflatie; herinnert eraan dat de Commissie alle in het kader van het mededingingsbeleid ter beschikking staande instrumenten moet aanwenden om de crisis in verband met de kosten van levensonderhoud aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>is ingenomen met de initiatieven van de mededingingsautoriteiten in verschillende lidstaten<FOOTNOTE><FIELD> Griekenland, Duitsland.</FIELD></FOOTNOTE> om nieuwe bevoegdheden inzake marktonderzoek in te voeren zolang deze niet leiden tot de versnippering van de interne markt; verzoekt de Commissie een soortgelijk marktonderzoeksinstrument in te voeren om lacunes bij de handhaving te voorkomen wanneer de praktijken zich binnen de EU over de landsgrenzen heen voordoen, en om waar nodig sectorbrede corrigerende maatregelen vast te stellen om mededingingsverstorend gedrag doeltreffend aan te pakken; herinnert aan het initiatief van de Commissie met betrekking tot een nieuw mededingingsinstrument dat tot doel had de lacunes tussen de EU-mededingingsregels en interventie-instrumenten aan te pakken in het licht van structurele problemen op het gebied van de mededinging op de markten; merkt op dat de Commissie met het nieuwe mededingingsinstrument in staat zou zijn mededingingsproblemen in hele sectoren te onderzoeken; verzoekt de Commissie zich nog eens te beraden op het nieuwe mededingingsinstrument;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>onderstreept het belang van de belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang (IPCEI’s) voor de financiering van grote transnationale projecten en de verwezenlijking van de strategische prioriteiten van de EU; neemt kennis van de specifieke criteria voor IPCEI’s met het oog op de analyse van de verenigbaarheid met de interne markt van staatssteun; betreurt het dat de benodigde tijdrovende en complexe procedures vaak te belastend zijn voor kmo’s; verzoekt de Commissie en de lidstaten ervoor te zorgen dat elke kennisgeving uiterlijk binnen zes maanden voltooid is; benadrukt dat IPCEI’s een echte Europese meerwaarde moeten hebben;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>verzoekt de Commissie te beoordelen hoe de mededingingsbeginselen van de EU het aanbod van diensten van algemeen economisch belang (SGEI’s) hebben beïnvloed, ook in het licht van de COVID-19-crisis en de hogere kosten van levensonderhoud; verzoekt de Commissie de positie van diensten van algemeen economisch belang te beoordelen en dringt aan op een SGEI-vrijstelling voor betaalbare huisvesting;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>is ingenomen met de mededeling van de Commissie over de richtsnoeren betreffende de toepassing van het mededingingsrecht van de EU op collectieve overeenkomsten, waarin wordt verduidelijkt dat het mededingingsrecht van de EU zelfstandigen zonder werknemers er niet van weerhoudt collectieve onderhandelingen te voeren; herinnert eraan dat zelfstandigen vaak beperkte of geen toegang hebben tot collectieve onderhandelingen, hetgeen kan leiden tot onzekere arbeidsomstandigheden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>herinnert aan het integrale verband tussen het mededingingsbeleid en de interne markt, zoals blijkt uit de tekst zelf van artikelen 101 en 102 VWEU betreffende het mededingingsbeleid van de EU; is ingenomen met het feit dat de Commissie zowel in haar wetgevings- als in haar beleidswerkzaamheden heeft erkend dat het mededingingsbeleid moet worden geïntegreerd in de doelstellingen van de interne markt die hiervoor het kader vormen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>wijst erop dat het nodig is marktverstoringen en marktfalen doeltreffend aan te pakken en mededinging te bevorderen door bestaande ongerechtvaardigde regelgevingsbelemmeringen weg te nemen en onnodige administratieve lasten te verminderen om de toetreding van nieuwe concurrenten te vergemakkelijken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>	benadrukt het belang van de arresten van het HvJ-EU in de zaken C-555/21 (UniCredit Bank Austria) en C-383/18 (Lexitor sp. z o.o.) voor het waarborgen van een gelijk speelveld en het voorkomen van mededingingsverstoring op de markt voor consumentenkrediet;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Handhaving van het mededingingsbeleid en mondiale trends</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>is ingenomen met de aankondiging van de Commissie dat zij een antisubsidieonderzoek zal starten naar Chinese elektrische voertuigen uit hoofde van Verordening (EU) 2016/1037 betreffende bescherming tegen invoer met subsidiëring uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie<FOOTNOTE><FIELD> Verordening (EU) 2016/1037 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende bescherming tegen invoer met subsidiëring uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie (PB L 176 van 30.6.2016, blz. 55).</FIELD></FOOTNOTE>; onderstreept het belang van de doeltreffende tenuitvoerlegging van EU-instrumenten op het gebied van buitenlandse subsidies, met inbegrip van Verordening (EU) 2022/2560 inzake buitenlandse subsidies, om ervoor te zorgen dat potentieel verstorende gevolgen voor de interne markt worden beperkt; vestigt de aandacht op het gebrek aan middelen met slechts acht voltijdequivalenten (vte) binnen de Commissie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>verzoekt de Commissie de regels inzake overheidsopdrachten te moderniseren om nieuwe prioriteiten en operationele uitdagingen het hoofd te bieden teneinde een groenere industrie en Europese normen te helpen bevorderen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>wijst erop dat de EU-mededingingsregels moeten bijdragen aan de doelstelling van de EU als omschreven in artikel 3 VEU; wijst erop dat de “eerlijke prijs” van producten niet de laagst mogelijke prijs voor de consument is, maar een prijs die een eerlijke vergoeding van alle partijen in de toeleveringsketen mogelijk maakt, zonder dat dit tot negatieve externe effecten leidt; benadrukt dat bij de handhaving van het mededingingsbeleid ten behoeve van de consument niet alleen rekening moet worden gehouden met de prijsniveaus, maar ook met duurzaamheid en de gevolgen voor de privacy van burgers;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>onderstreept de sleutelrol van het Europees Mededingingsnetwerk (ECN) als forum ter bevordering van de samenwerking tussen Europese mededingingsautoriteiten; verzoekt de Commissie te streven naar een voortdurende constructieve dialoog en samenwerking op internationaal niveau; onderstreept dat de samenwerking tussen antitrustautoriteiten en andere sectorale regelgevende instanties, zoals die op het gebied van gegevensbescherming, moet worden versterkt om toezicht te houden op misbruik van bedrijfsgegevens en te voorkomen dat bedrijven consumentengegevens gebruiken om een oneerlijk concurrentievoordeel te behalen; is ingenomen met de rol die de bevoegde nationale mededingingsautoriteiten in dit verband spelen bij het handhaven van de regels uit hoofde van de digitalemarktenverordening en de nationale wetgevingsinitiatieven die worden doorgevoerd om mededingingsverstorend gedrag van grote onlineplatforms in de digitale sectoren aan te pakken; wijst dan ook op het belang van gecoördineerd en eensgezind optreden dat de toepassing van de digitalemarktenverordening enerzijds en de nationale mededingingsregels in de digitale sector anderzijds, als bedoeld in artikel 1, lid 6, van de digitalemarktenverordening, niet ondermijnt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>wijst erop dat in een geglobaliseerde wereld internationale samenwerking essentieel is voor een doeltreffende handhaving van de mededingingsregels; wijst erop dat specifieke samenwerkingsovereenkomsten met derde landen op het gebied van het mededingingsbeleid een zinvolle bijdrage kunnen leveren aan de doeltreffendheid ervan; verzoekt de Commissie de invloed van het mededingingsbeleid in de wereld te ontwikkelen, met name door nauwer samen te werken met derde landen via samenwerkingsovereenkomsten van de tweede generatie die voorzien in een doeltreffendere uitwisseling van informatie tussen de mededingingsautoriteiten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>verzoekt de Commissie bij de handhaving van het mededingingsrecht ruimer gebruik te maken van aanvullende bewijsvergaringsinstrumenten als gedragsanalysen en financiële analysen, en vaker gegevens-, computer- en AI-wetenschappers en gedragseconomen in te schakelen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>wijst op de aanhoudende hoge mate van marktconcentratie van ratingbureaus, aangezien de drie grootste ratingbureaus een marktaandeel hebben van meer dan 90 %<FOOTNOTE><FIELD> Europese Autoriteit voor effecten en markten, “Report on CRA Market Share Calculation” (Verslag over de berekening van het marktaandeel van ratingbureaus), 15 december 2022.</FIELD></FOOTNOTE>; herhaalt dat de mededinging op deze markt moet worden gestimuleerd om onpartijdigheid en vertrouwen te waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>betreurt het besluit van Ernst &amp; Young om een einde te maken aan de splitsing van haar audit- en adviesactiviteiten; merkt op dat de combinatie van audit- en adviesactiviteiten tot belangenconflicten kan leiden en de marktdominantie van elk van de vier grote auditkantoren kan vergroten; verzoekt de Commissie de combinatie van audit- en adviesactiviteiten te onderzoeken en eventueel maatregelen voor te stellen om belangenconflicten en marktdominantie te voorkomen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Concentratiecontrole</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>merkt op dat de overname van startende ondernemingen door dominante spelers de innovatie en uiteindelijk de mededinging kan doen verschralen; is van mening dat de Commissie nauwlettend moet toezien op het fenomeen van overnames van opkomende concurrenten (“killer acquisitions”) in de digitale sector die aan de Commissie moeten worden gemeld in het kader van de digitalemarktenverordening, en in voorkomend geval op grond van artikel 22 van de EG-concentratieverordening doortastende maatregelen moet treffen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>is ingenomen met de recente besluiten van de Commissie over fusiezaken<FOOTNOTE><FIELD> Europese Commissie, “Booking Holdings/Etraveli Group”, beslissingsdatum 25 september 2023.</FIELD></FOOTNOTE>; benadrukt het belang van structurele corrigerende maatregelen bij fusiebesluiten; merkt op dat de grootste en invloedrijkste onlineplatforms invloed hebben op de dagelijkse activiteiten van tienduizenden kmo’s; benadrukt dat een overname niet mag resulteren in een versterking van de dominante positie van een bedrijf op de hotelmarkt door de koppelverkoop van zijn verschillende diensten toe te laten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>is ingenomen met het initiatief van de Commissie om haar mededeling inzake de definitie van relevante markt te herzien en kijkt uit naar de resultaten van de openbare raadpleging; onderstreept de noodzaak om een dynamischer aanpak te hanteren die meer inhoudt dan de traditionele aanpak, met name voor opkomende markten als de digitale sector, en rekening te houden met een langetermijnvisie die de mondiale dimensie en potentiële toekomstige concurrentie omvat; betreurt dat de Commissie in het verleden soms een te beperkt standpunt heeft gehanteerd met betrekking tot de relevante markt, waardoor Europese bedrijven de kans wordt ontnomen om daadwerkelijk te concurreren op een mondiaal toneel; vindt het een goede zaak dat de Commissie meer rekening houdt met de potentiële verstoring van de mededinging bij het beoordelen van fusies waarbij uitbreiding naar verwante markten zou leiden tot een verdere versterking van de marktdominantie op de kernmarkt van de overnemende onderneming;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>maakt zich zorgen om de extreme concentratie in bepaalde delen van de toeleveringsketen voor levensmiddelen, die schadelijk is voor consumenten, landbouwers, het milieu en de biodiversiteit;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>herinnert eraan dat de lidstaten uit hoofde van de EG-concentratieverordening passende maatregelen kunnen nemen ter bescherming van aangelegenheden van algemeen belang, zoals klimaatbescherming, duurzaamheid en de rechtsstaat, en vraagt dat de Commissie dezelfde mogelijkheid krijgt bij onderzoek naar de gevolgen van concentratie op de interne markt;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Antitrust en kartels</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>verzoekt de Commissie beter gebruik te maken van voorlopige maatregelen als instrument om praktijken die de mededinging ernstig zouden verstoren een halt toe te roepen, met name op dynamische en snelgroeiende markten, zoals digitale markten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>is ingenomen met de nieuwe benadering in de meest recente antitrustzaken, waarin de Commissie voor het eerst en onder bepaalde voorwaarden structurele corrigerende maatregelen kan opleggen om mededingingsverstorend gedrag een halt toe te roepen, met name wanneer de mededingingsverstorende praktijk in kwestie in de loop der jaren in andere marktsegmenten is herhaald door hetzelfde bedrijf; moedigt de Commissie in dit verband aan door te gaan op de ingeslagen weg ten behoeve van een daadwerkelijke handhaving achteraf van de antitrustregels;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>verzoekt de Commissie de antitrustprocedures te versnellen, passende termijnen vast te stellen voor de procedures en te zorgen voor een doeltreffende follow-up van besluiten om langdurige procedures te voorkomen, zoals in het geval van Spotify dat in 2019 een klacht tegen Apple heeft ingediend en waarbij, hoewel de Commissie een mededeling van punten van bezwaar heeft uitgebracht, geen concrete maatregelen zijn genomen om de beperkingen van Apple, die app-ontwikkelaars beletten vrij te communiceren met hun eigen gebruikers, aan te pakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>is ingenomen met de start van het initiatief over de richtsnoeren inzake misbruik van een machtspositie door uitsluiting dat in 2024 zal worden opgesteld en in 2025 zal worden goedgekeurd, en met de toezegging van de Commissie om artikel 102 VWEU krachtig, doeltreffend en snel toe te passen op het gebied van misbruik door uitsluiting; verzoekt de Commissie de resultaatgerichte handhaving van de antitrustwetgeving en in voorkomend geval en in het bijzonder het belang van economisch bewijsmateriaal te bevestigen; dringt erop aan rekening te houden met de kwetsbaarheid van de consument bij de beoordeling van misbruik door uitbuiting, zoals buitensporige prijzen en oneerlijke bedingen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>neemt er nota van dat een formeel onderzoek werd geopend naar mogelijke mededingingsverstorende praktijken van een poortwachter die een communicatie- en samenwerkingsplatform koppelt aan of bundelt met zijn eigen dominante en populaire software<FOOTNOTE><FIELD> Europese Commissie, “Antitrust: Commission opens investigation into possible anticompetitive practices by Microsoft regarding Teams” (Antitrust: Commissie opent onderzoek naar mogelijk mededingingsverstorende praktijken door Microsoft met betrekking tot Teams), 27 juli 2023.</FIELD></FOOTNOTE>; verzoekt de Commissie de unilateraal door de poortwachter aangeboden concessies met de betrokken ondernemingen zorgvuldig te beoordelen om ervoor te zorgen dat hiermee tegemoet wordt gekomen aan de zorgen van marktspelers met betrekking tot nieuwe en bestaande gebruikers, alsook aan de problemen op het gebied van interoperabiliteit en prijsstelling;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>32.</NO.P>dringt aan op doeltreffende corrigerende maatregelen die mogelijk meer coördinatie tussen handhavingsinstanties en verdere dialoog met derden, alsook een passende handhaving vereisen; herinnert eraan dat ondernemingen die als poortwachters zijn aangewezen, het voorwerp zijn geweest van eerdere antitrustbeslissingen, die niet tot wezenlijke gedragsveranderingen hebben geleid, met name met betrekking tot de voorkeursbehandeling van eigen producten of diensten op de digitale markten; verzoekt de Commissie beter gebruik te maken van structurele maatregelen als laatste redmiddel; verzoekt de Commissie nogmaals een eind te maken aan het primaat van gedragscorrigerende maatregelen in het EU-recht;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>33.</NO.P>herhaalt zijn verzoek aan de Commissie om de negatieve effecten van territoriale leveringsbeperkingen op de mededinging aan te pakken, om zo een volledig functionerende interne markt te waarborgen en de potentiële voordelen daarvan voor de consument tot hun recht te laten komen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>34.</NO.P>herhaalt bovendien zijn oproep aan de Commissie om ongerechtvaardigde geoblocking en andere beperkingen op grensoverschrijdende onlineverkoop actief te blijven monitoren en op te heffen, en daarbij een consumentvriendelijke aanpak te volgen, om consumenten toegang te bieden tot een ruimere keuze aan producten en diensten in de hele EU;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Mededingingsbeleid in het digitale tijdperk</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>35.</NO.P>is ingenomen met de aanwijzing van zes poortwachters – Alphabet, Amazon, Apple, ByteDance, Meta, Microsoft<FOOTNOTE><FIELD> Zie officiële besluiten DMA.100044, DMA.100040, DMA.100035, DMA.100027, DMA.100026, DMA.100025, DMA.100024, DMA.100020, DMA.100018, DMA.100017, DMA.100016, DMA.100013 en DMA.100011.</FIELD></FOOTNOTE> – voor 22 kernplatformdiensten in het kader van de digitalemarktenverordening, met de vier marktonderzoeken met het oog op de weerlegging en met het eerste marktonderzoek ingevolge artikel 3, lid 8, van de digitalemarktenverordening; spoort de Commissie aan onverwijld gedelegeerde handelingen vast te stellen teneinde de toepassingsmodaliteiten uit te breiden of de toepassingsmodaliteiten van de verplichtingen als neergelegd in artikelen 5, 6, 7 en 12 van de digitalemarktenverordening, nader te omschrijven; verzoekt de Commissie om vóór 6 maart 2024 zorgvuldig na te gaan of de poortwachters voldoen aan de verplichtingen van de digitalemarktenverordening en derden te vragen hun licht te laten schijnen op de mate waarin de door de poortwachters voorgestelde nalevingsoplossingen tot eerlijkere en betwistbaardere digitale markten leiden; verzoekt de Commissie zich ervan te vergewissen dat de maatregelen van de poortwachters met betrekking tot de veiligheid en integriteit van hun platforms, die gevolgen zouden kunnen hebben voor de naleving van de digitalemarktenverordening, door onafhankelijke derden worden gecontroleerd, zodat deze maatregelen niet uitsluitend gebaseerd zijn op de beoordeling door de poortwachters zelf;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>36.</NO.P>wijst erop dat in het onderzoek van de Commissie naar de gevolgen van recente ontwikkelingen op het gebied van digitale reclame voor de privacy, uitgevers en adverteerders wordt geconcludeerd dat het op grote schaal verzamelen en verwerken van persoonsgegevens voor reclamedoeleinden en de ondoorzichtigheid van de markt voor digitale reclame fraude met reclame<FOOTNOTE><FIELD> Europese Commissie, “Study on the impact of recent developments in digital advertising on privacy, publishers and advertisers” (Onderzoek naar de gevolgen van recente ontwikkelingen op het gebied van digitale reclame voor de privacy, uitgevers en adverteerders), blz. 263-264.</FIELD></FOOTNOTE> in de hand werken; verzoekt de Commissie om, in overeenstemming met de aanbevelingen van het onderzoek, de wetgevingsopties voor toekomstige beleidsmaatregelen verder te analyseren, met inbegrip van het opleggen van structurele maatregelen om mededingingsverstorend gedrag aan te pakken door de digitalemarktenverordening en de digitaledienstenverordening<FOOTNOTE><FIELD> Verordening (EU) 2022/2065 van het Europees Parlement en de Raad van 19 oktober 2022 betreffende een eengemaakte markt voor digitale diensten en tot wijziging van Richtlijn 2000/31/EG (digitaledienstenverordening) (PB L 277 van 27.10.2022, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> in dit verband aan te vullen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>37.</NO.P>neemt nota van het marktonderzoek naar Edge en Bing<FOOTNOTE><FIELD> Besluiten DMA.100015; DMA.100028 en DMA.100034.</FIELD></FOOTNOTE> van Microsoft en iOS en iMessage<FOOTNOTE><FIELD> Besluiten DMA.100047 en DMA.100022.</FIELD></FOOTNOTE> van Apple om hun rol als toegangspoorten en hun sterke marktposities overeenkomstig de aanwijzing van Apple en Microsoft als poortwachters uit hoofde van de digitalemarktenverordening volledig te beoordelen; wijst erop dat iMessage standaard op alle iOS-apparaten van meer dan 144 miljoen gebruikers geïnstalleerd is; benadrukt het belang van smartphones als essentieel persoonlijk en professioneel instrument; beklemtoont dat de huidige markt wordt gedomineerd door twee besturingssystemen, met hun eigen niet-interoperabele berichtendiensten, waardoor gebruikers en bedrijven zich niet vrij van het ene ecosysteem naar het andere kunnen verplaatsen en niet naadloos met elkaar kunnen communiceren ongeacht het besturingssysteem, hetgeen fundamenteel indruist tegen de letter en de geest van digitalemarktenverordening; verzoekt de Commissie derhalve snel verder te gaan met haar onderzoek en dit op doeltreffende wijze uit te voeren om ervoor te zorgen dat iedereen tijdig kan profiteren van de voordelen van interoperabele berichtendiensten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>38.</NO.P>neemt kennis van het besluit van het HvJ-EU in de zaak Meta tegen Bundeskartellamt waarin het Hof de bevoegdheid van de nationale mededingingsautoriteiten bevestigt om gegevensbeschermingsregels uit hoofde van antitrustwetgeving te handhaven; wijst erop dat het HvJ-EU bevestigt dat de bescherming van persoonsgegevens een belangrijke overweging is bij het onderzoek naar een mogelijk misbruik van een machtspositie en dat hieruit eisen voortvloeien met betrekking tot het gebruik van de persoonsgegevens van individuen voor gerichte reclame; moedigt de mededingingsautoriteiten aan om inbreuken op de algemene verordening gegevensbescherming<FOOTNOTE><FIELD> Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> te onderzoeken en spoort gegevensbeschermingsautoriteiten aan om dergelijke inbreuken te bestraffen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>39.</NO.P>is ingenomen met de conclusies in het kader van de procedure van het Bundeskartellamt tegen Alphabet Inc., waardoor gebruikers van Google betere keuzes hebben met betrekking tot de wijze waarop Google hun gegevens verwerkt; verklaart dat consumenten in de EU zelf moeten kunnen bepalen of hun persoonsgegevens mogen worden verzameld en verwerkt tussen verschillende diensten; spoort de Europese Commissie aan de coördinatie van de handhavingsactiviteiten voort te zetten en samen te werken met nationale mededingingsautoriteiten om een doeltreffend samenspel tussen het mededingingsrecht en de digitalemarktenverordening mogelijk te maken, met name in de context van de andere verplichtingen van de digitalemarktenverordening;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>40.</NO.P>wijst erop dat het internet der dingen een groeiende markt is; wijst er voorts op dat slimme huishoudelijke apparaten, zoals robotstofzuigers, een belangrijke bron van consumentengegevens vormen; merkt op dat fusies en overnames in deze sector grote concurrentieschade kunnen veroorzaken; verzoekt de Commissie gegevens als bron van marktmacht in beschouwing te nemen bij de evaluatie van fusies en overnames in deze sector, met name wanneer de gevestigde grote technologiebedrijven hierbij betrokken zijn; dringt er voorts op aan zo nodig het gebruik van gegevens aan voorwaarden te onderwerpen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>41.</NO.P>betreurt dat er op de lijst van poortwachters geen aanbieders van clouddiensten voorkomen; verzoekt de Commissie om te overwegen in deze sector marktonderzoeken overeenkomstig artikel 3, lid 8, van de digitalemarktenverordening (kwalitatieve beoordeling) in te leiden, gezien met name de concentratie van de marktstructuur en de schadelijke concurrentiebeperkende praktijken waarop nationale mededingingsautoriteiten hebben gewezen; benadrukt dat de Europese cloudmarkt wordt gedomineerd door enkele zeer grote spelers; verzoekt de Commissie ervoor te zorgen dat alle in aanmerking komende diensten worden aangewezen om eerlijke en gelijke mededinging op de Europese cloudmarkt te herstellen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>42.</NO.P>verzoekt de Commissie na te gaan of er een marktonderzoek moet worden ingesteld uit hoofde van artikel 19 van de digitalemarktenverordening, om nieuwe categorieën kernplatformdiensten toe te voegen aan artikel 2, punt 2, van deze verordening in het licht van de laatste technologische ontwikkelingen die kunnen leiden tot nieuwe soorten diensten die niet binnen de bestaande categorieën vallen, zoals generatieve artificiële intelligentie; erkent dat nieuwe functionaliteiten die worden aangedreven door generatieve artificiële intelligentie kunnen worden opgenomen in bestaande digitale diensten, zoals onlinezoekmachines, en kunnen worden toegevoegd aan de bestaande lijst van kernplatformdiensten, hetgeen zou kunnen leiden tot de versterking van bestaande poortwachters;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>43.</NO.P>neemt kennis van de gezamenlijke verklaring van de mededingingsautoriteiten van de G7 over mededinging en artificiële intelligentie, waarin wordt gewezen op het belang van samenwerking om de concurrentie op digitale markten te bevorderen<FOOTNOTE><FIELD> G7 top in Hiroshima, “Compendium of approaches to improving competition in digital markets” (Compendium van benaderingen om de mededinging op de digitale markten te verbeteren), 8 november 2023.</FIELD></FOOTNOTE>; verzoekt de Commissie waakzaam te zijn ten aanzien van samenwerkingsovereenkomsten in het kader van de ontwikkelingen op het gebied van artificiële intelligentie, om ervoor te zorgen dat het bij dergelijke samenwerkingsovereenkomsten niet om potentieel verborgen fusies of overnames van opkomende concurrenten (“killer acquisitions”) gaat;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>44.</NO.P>herhaalt dat de digitalemarktenverordening een andere rechtsgrondslag heeft dan het mededingingskader; onderstreept de noodzaak van een doeltreffende co-existentie van de handhaving achteraf van het mededingingsrecht en de handhaving vooraf van de digitalemarktenverordening, gezien hun complementaire karakter; wijst erop dat er voldoende personele middelen en synergieën moeten worden ingezet voor een doeltreffende uitvoering van de regels, en dat overlappingen of doublures van bestaande structuren en maatregelen moeten worden voorkomen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>45.</NO.P>wijst op de toekomstige connectiviteitsbehoeften van de EU op het gebied van infrastructuur en investeringen; verzoekt de Commissie zich te beraden op een herziening van de huidige mededingingspraktijk voor de telecommarkt teneinde de totstandbrenging van een volledig geïntegreerde interne markt voor telecommunicatiediensten te vergemakkelijken; merkt op dat marktconsolidatie weleens de enige manier zou kunnen zijn om te voorkomen dat de infrastructuur stap voor stap wordt verkocht aan buitenlandse bedrijven uit derde landen en om effectief te kunnen wedijveren in een mondiaal scenario; wijst erop dat de groei in deze sector in Europa al tien jaar zeer laag is en dat versnippering daarvoor de belangrijkste reden is; is dan ook ingenomen met de aankondiging van commissaris Breton over het nieuwe voorstel van de Commissie voor een digitalenetwerkenverordening om de versnippering van de markt aan te pakken, investeringen aan te trekken, de telecommunicatie-infrastructuur en innovatie zeker te stellen zonder extra kosten voor de consument en zonder netneutraliteit en de eerlijke concurrentie op de markt tussen alle spelers in gevaar te brengen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>46.</NO.P>merkt met bezorgdheid op dat poortwachters die een gegevensvoordeel ten opzichte van rivalen ontwikkelen, kritieke schaalvoordelen kunnen behalen die bijdragen tot de verdere verschuiving van het concurrentie-evenwicht op digitale markten en een rem zetten op innovatie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>47.</NO.P>benadrukt dat activa in de vorm van persoonsgegevens en de waarde ervan op dezelfde manier moeten worden bepaald als voor andere traditionele activa bij besluiten over digitale fusies en overnames; benadrukt voorts dat gegevensconsolidatie door fusies en overnames een machtspositie kan versterken;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Belastingheffing</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>48.</NO.P>betreurt de verstorende effecten van agressieve fiscale planning en van belastingstelsels van bepaalde lidstaten op eerlijke concurrentie, aangezien die innovatie kunnen belemmeren en de betwistbaarheid van de markt, met name voor kmo’s, in gevaar kunnen brengen; dringt erop aan dat bedrijven die belasting ontwijken door gebruik te maken van belastingparadijzen buiten de EU, worden uitgesloten van aanbestedingsprocedures en staatssteun, aangezien deze bedrijven onder oneerlijke voorwaarden concurreren met bedrijven die gevestigd zijn in niet-belastingparadijzen; is ingenomen met de aanbeveling van de Commissie van 14 juli 2020 om geen financiële steun te verlenen aan bedrijven die banden hebben met belastingparadijzen, en om tegelijkertijd eerlijke belastingbetalers te beschermen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>49.</NO.P>verzoekt de Commissie te analyseren of het mogelijk is boetes op te leggen aan landen die de staatssteunregels van de EU schenden; moedigt de Commissie aan haar onderzoek naar de praktijken inzake fiscale rulings van de lidstaten voort te zetten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>50.</NO.P>neemt kennis van de toezegging van vicevoorzitter Šefčovič en commissaris Hoekstra om een discussie op gang te brengen over de geleidelijke afschaffing van subsidies voor fossiele brandstoffen; herinnert aan zijn verzoek om concrete beleidsmaatregelen, tijdschema’s en maatregelen om subsidies voor fossiele brandstoffen zo spoedig mogelijk uit te faseren door middel van belastingmaatregelen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>51.</NO.P>is ingenomen met de oplettendheid van de Commissie bij de handhaving van de regels inzake staatssteun op het gebied van belastingheffing;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>52.</NO.P>betreurt het tegelijkertijd dat diverse recente besluiten van de Commissie in geruchtmakende mededingingszaken op fiscaal gebied door het HvJ-EU zijn vernietigd; verzoekt de Commissie zaken betreffende het mededingingsbeleid grondiger voor te bereiden, zodat zij voor de rechter standhouden; stelt bezorgd vast dat de nietigverklaring van geldboeten en de betaling met terugwerkende kracht van vertragingsrente in nietig verklaarde zaken ook een begrotingsrisico voor de Unie inhoudt;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Betrokkenheid van het Parlement</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>53.</NO.P>benadrukt dat het Parlement een actieve rol moet spelen bij de vormgeving van het mededingingsbeleid en meer betrokken moet worden bij de werkzaamheden van werkgroepen en deskundigengroepen; is van mening dat vaker gebruik moet worden gemaakt van het recht van het Parlement op tussenkomst in gerechtelijke procedures met betrekking tot het mededingingsrecht;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>54.</NO.P>verzoekt de verantwoordelijke commissaris die het mededingingsbeleid in zijn portefeuille heeft nauw contact te onderhouden met de bevoegde commissie van het Parlement en zijn werkgroep mededingingsbeleid;</P></ACTION><SEPARATION><P>°</P><P>°	°</P></SEPARATION><ACTION><P><NO.P>55.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de parlementen en de mededingingsautoriteiten van de lidstaten.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>