<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P9_TA(2024)0027</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">EU-strategie voor Centraal-Azië</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A9-0407/2023 - Rapporteur: Karsten Lucke)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Resolutie van het Europees Parlement van 17 januari 2024 over de EU-strategie voor Centraal-Azië (2023/2106(INI))</STRING></TI><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de gezamenlijke mededeling van de Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid van 15 mei 2019 getiteld “De EU en Centraal-Azië: nieuwe kansen voor een sterker partnerschap” (JOIN(2019)0009),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de conclusies van de Raad van 17 juni 2019 over de nieuwe strategie van de EU voor Centraal-Azië,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de gezamenlijke mededeling van de Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid van 19 september 2018 getiteld “Versterken van de banden tussen Europa en Azië – Bouwstenen voor een EU-strategie” (JOIN(2018)0031),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de gezamenlijke mededeling van de Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid van 1 december 2021 getiteld “De Global Gateway” (JOIN(2021)0030),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de resultaten van de 18e bijeenkomst van de ministers van Buitenlandse Zaken van de EU en Centraal-Azië op 17 november 2022 in Samarkand, die gericht was op het vinden van oplossingen voor gemeenschappelijke uitdagingen,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het gezamenlijk perscommuniqué van de staatshoofden van Centraal-Azië en de voorzitter van de Europese Raad, afgegeven na de tweede regionale bijeenkomst op hoog niveau in Cholpon-Ata op 2 juni 2023,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Versterkte Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Kazachstan, anderzijds<FOOTNOTE><FIELD> PB L 29 van 4.2.2016, blz. 3.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst waarbij een partnerschap tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Kirgizstan, anderzijds<FOOTNOTE><FIELD> PB L 196 van 28.7.1999, blz. 48.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het voorstel van de Commissie van 13 juni 2022 voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting namens de Europese Unie van de versterkte partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie, enerzijds, en de Kirgizische Republiek, anderzijds (COM(2022)0277),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst waarbij een partnerschap tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tadzjikistan, anderzijds<FOOTNOTE><FIELD> PB L 350 van 29.12.2009, blz. 3.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst waarbij een partnerschap tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Oezbekistan, anderzijds<FOOTNOTE><FIELD> PB L 229 van 31.8.1999, blz. 3.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de resultaten van de op 18 november 2022 gehouden conferentie over connectiviteit tussen de EU en Centraal-Azië, het op 18 en 19 mei 2023 gehouden tweede economisch forum EU-Centraal-Azië, het op 10 maart 2023 gehouden vierde forum van het maatschappelijk middenveld EU-Centraal-Azië, en de op 23 en 24 februari 2023 gehouden zevende conferentie op hoog niveau EU-Centraal-Azië over milieu en watervoorraden,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de door de EU gefinancierde, op 30 juni 2023 gepubliceerde studie “Sustainable transport connections between Europe and Central Asia” van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het op 7 november 2022 ondertekende memorandum van overeenstemming tussen de EU en Kazachstan over een strategisch partnerschap op het gebied van grondstoffen, batterijen en hernieuwbare waterstof,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de resultaten van de mensenrechtendialogen met de Centraal-Aziatische staten,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de gezamenlijke routekaart voor de intensivering van de betrekkingen tussen de EU en Centraal-Azië, die op 23 oktober 2023 is goedgekeurd tijdens de 19e ministeriële bijeenkomst EU-Centraal-Azië,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de gezamenlijke verklaring van de staatshoofden van Centraal-Azië en de Duitse bondskanselier na hun top van 29 september 2023 in Berlijn,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn eerdere resoluties over Kazachstan, Kirgizië, Tadzjikistan, Turkmenistan en Oezbekistan,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het EU‑genderactieplan III 2021-2025,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien zijn resolutie van 23 oktober 2020 over gendergelijkheid in het buitenlands en veiligheidsbeleid van de EU<FOOTNOTE><FIELD> PB C 404 van 6.10.2021, blz. 202.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 54 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie buitenlandse zaken (A9-0407/2023),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat de regio sinds de vaststelling van de EU-strategie voor Centraal-Azië in 2019 is getroffen door aanzienlijke externe factoren, zoals de illegale aanvalsoorlog van Rusland tegen Oekraïne, de machtsovername door de Taliban in Afghanistan en het steeds assertievere buitenlandse beleid van China, alsook door interne instabiliteit, met name de gewelddadige onlusten in Kazachstan in januari 2022, het gewelddadige optreden na protesten van de Pamiri in de autonome provincie Gorno-Badachsjan in Tadzjikistan in november 2021 en mei 2022 en in de Republiek Karakalpakstan, Oezbekistan in juli 2022, en herhaalde botsingen aan de grens tussen Kirgizië en Tadzjikistan;</P></CONS><CONS><P><NO.P>B.</NO.P>overwegende dat Centraal-Azië voor de EU een regio van strategisch belang is op het gebied van veiligheid, connectiviteit, energie- en grondstoffendiversificatie, conflictoplossing en de verdediging van de multilaterale, op regels gebaseerde internationale orde, die onder druk is komen te staan door de Russische aanval op onze waarden, de verergering van de mondiale voedselcrisis, agressie en wreedheden, de verspreiding van desinformatie, de inzet van corruptie als wapen en inmenging in verkiezingen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>C.</NO.P>overwegende dat geen enkele Centraal-Aziatische staat de Russische invasie van Oekraïne steunt en zij evenmin de door Rusland geannexeerde Oekraïense regio’s als onderdeel van de Russische Federatie erkennen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>D.</NO.P>overwegende dat de speciale gezant van de EU voor sancties de landen in de regio op 28 maart 2023 heeft opgeroepen om Moskou niet te ondersteunen in zijn pogingen om de sancties te omzeilen die aan Rusland zijn opgelegd naar aanleiding van de aanvalsoorlog tegen Oekraïne;</P></CONS><CONS><P><NO.P>E.</NO.P>overwegende dat Russische functionarissen en propagandisten agressieve retoriek blijven gebruiken tegen sommige Centraal-Aziatische landen, in het bijzonder tegen Kazachstan, door de territoriale integriteit en nationale identiteit van het land in twijfel te trekken;</P></CONS><CONS><P><NO.P>F.</NO.P>overwegende dat door omstandigheden zoals het isolement van Rusland als gevolg van de aanvalsoorlog tegen Oekraïne, de versterking van de handelsroutes via Centraal-Azië die Rusland omzeilen, de geplande uitbreiding van de EU in Oost-Europa, en de groeiende invloed van China in de regio, de EU-strategie voor Centraal-Azië volledig opnieuw moet worden bekeken, en een actievere aanwezigheid van de democratische EU in de regio nodig is als alternatief voor gevestigde autocratische actoren;</P></CONS><CONS><P><NO.P>G.</NO.P>overwegende dat er behoefte is aan verbindingen tussen Europa en Azië waarbij het Russische grondgebied niet wordt doorkruist; overwegende dat de EU er een groot belang bij heeft efficiënte handels- en energiecorridors in te stellen tussen Europa en Azië, zoals blijkt uit de conferentie over de connectiviteit tussen de EU en Centraal-Azië die op 18 november 2022 in Samarkand is gehouden;</P></CONS><CONS><P><NO.P>H.</NO.P>overwegende dat alle vijf de Centraal-Aziatische landen de Overeenkomst van Parijs hebben geratificeerd; overwegende dat zij bijzonder kwetsbaar zijn voor de gevolgen van de klimaatverandering; overwegende dat roekeloos waterbeheer en vervuiling van grote rivieren voor de irrigatie van katoenvelden hebben geleid tot een ondoeltreffend gebruik en exploitatie van de watervoorraden in de regio; overwegende dat gletsjers in Centraal-Azië in sneltempo blijven krimpen, waardoor ze een van de zwaarste watercrises op aarde verergeren en de kwetsbare bevolking in het gebied blootstellen aan dramatische gezondheids-, ecologische en sociale problemen; overwegende dat veelvuldige conflicten over water en politieke instabiliteit een gemeenschappelijke planning en een doeltreffende toewijzing van grensoverschrijdende rivieren in de weg staan; overwegende dat de geopolitieke verschuivingen in de ruimere regio kansen bieden voor zinvollere regionale samenwerking; overwegende dat is gebleken dat dergelijke regionale samenwerking een grote impact heeft op het gebied van waterdiplomatie en het oplossen van grensgeschillen, en nog van crucialer belang zal zijn bij het aanpakken van de toenemende grensoverschrijdende dreigingen die uitgaan van de klimaatverandering;</P></CONS><CONS><P><NO.P>I.</NO.P>overwegende dat versterkte partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten (EPCA’s) een nieuwe generatie overeenkomsten zijn die de hoeksteen vormen van de samenwerking van de EU met Centraal-Azië; overwegende dat Kazachstan in 2015 de eerste Centraal-Aziatische staat was die een EPCA heeft ondertekend; overwegende dat deze EPCA op 1 maart 2020 in werking is getreden, na ratificatie door alle lidstaten, en dat zij periodiek moet worden geëvalueerd; overwegende dat de onderhandelingen over de EPCA tussen de EU en Kirgizië werden afgerond op 6 juli 2019, maar dat de overeenkomst nog steeds niet werd ondertekend wegens een juridisch geschil tussen de Raad en de Commissie; overwegende dat de onderhandelingen over een EPCA tussen de EU en Oezbekistan werden afgerond op 6 juli 2022; overwegende dat begin 2023 onderhandelingen werden opgestart over een EPCA tussen de EU en Tadzjikistan; overwegende dat er in 1998 een partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst (PCA) met Turkmenistan werd ondertekend, maar dat het Parlement nog niet heeft ingestemd met ratificatie van de overeenkomst omdat er grote bezorgdheid bestaat over de benchmarks op korte termijn wat de vooruitgang van Turkmenistan op het gebied van mensenrechten en fundamentele vrijheden betreft;</P></CONS><CONS><P><NO.P>J.</NO.P>overwegende dat de eerste bijeenkomst van de leiders van de EU en Centraal-Azië plaatsvond in Astana op 27 oktober 2022, gevolgd door een tweede bijeenkomst in Cholpon-Ata op 2 juni 2023; overwegende dat er in 2024 opnieuw een top van de leiders is gepland; overwegende dat deze bijeenkomsten een verdere institutionalisering van de betrekkingen tussen de EU en Centraal-Azië inhouden en een aanvulling vormen op de activiteiten van bestaande regionale dialogen en platforms;</P></CONS><CONS><P><NO.P>K.</NO.P>overwegende dat de eerste C5+1-top tussen Centraal-Aziatische leiders en de president van de Verenigde Staten op 19 september 2023 in New York werd gehouden; overwegende dat op 29 september 2023 de top C5+Duitsland heeft plaatsgevonden in Berlijn;</P></CONS><CONS><P><NO.P>L.</NO.P>overwegende dat alle vijf de Centraal-Aziatische staten lage en dalende scores voor democratie krijgen en als “niet vrij” worden geclassificeerd in het verslag van Freedom House van 2023 over vrijheid in de wereld; overwegende dat de wereldindex voor persvrijheid 2023 een duidelijke verslechtering van de situatie op het gebied van persvrijheid in Centraal-Azië heeft gemeld en dat de gemiddelde score voor Centraal-Azië in de corruptieperceptie-index 2022 ruim onder het mondiale gemiddelde lag; overwegende dat Verslaggevers zonder Grenzen heeft gewezen op tal van gevallen waarbij Centraal-Aziatische autoriteiten hun media onder druk zetten om de Russische invasie van Oekraïne op “neutrale” wijze te verslaan of zelfs volledig te negeren;</P></CONS><CONS><P><NO.P>M.</NO.P>overwegende dat de Commissie buitenlandse zaken van het Parlement Tadzjikistan en Oezbekistan heeft bezocht van 21 t/m 25 februari 2022, en Kazachstan en Kirgizië van 21 t/m 25 augustus 2023; overwegende dat zijn delegatie in de parlementaire samenwerkingscommissies EU-Kazachstan, EU-Kirgizië, EU-Oezbekistan en EU-Tadzjikistan en voor de betrekkingen met Turkmenistan en Mongolië regelmatige interparlementaire betrekkingen onderhoudt met de Centraal-Aziatische landen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>N.</NO.P>overwegende dat in Centraal-Azië gegronde vrees bestaat voor radicalisering, toenemend extremisme en terroristische dreiging, gezien het zeer grote aantal voormalige Da’esh-strijders dat terugkeert naar de regio en de zorgelijke veiligheidssituatie in Afghanistan;</P></CONS><CONS><P><NO.P>O.</NO.P>overwegende dat vrouwen en meisjes in Centraal-Azië nog steeds zeer kwetsbaar zijn voor misbruik, vooral omdat er sprake is van een hoog niveau van aanvaarding van geweld tegen vrouwen, en weinig bewustzijn over genderstereotypen;</P></CONS><CONS><P><NO.P>P.</NO.P>overwegende dat kinderhuwelijken nog steeds vaak voorkomen in Centraal-Azië, met name in Kirgizië en Tadzjikistan, waar een op acht meisjes huwt vóór de leeftijd van 18 jaar;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Samenwerking van de EU met Centraal-Azië</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>benadrukt dat de EU en Centraal-Azië te maken hebben met ingrijpende mondiale en regionale geopolitieke verschuivingen en uitdagingen, die hen een aanzienlijke impuls geven om te werken aan een langdurige, gestructureerde en wederzijds voordelige samenwerking in aangelegenheden van gemeenschappelijk belang; moedigt de EU aan om, gezien het geostrategische belang van de regio, intensiever samen te werken met Centraal-Azië en een strategische associatie met deze landen te stimuleren door de samenwerking op politiek en economisch vlak te verruimen; is ingenomen met de toegenomen contacten op hoog niveau tussen de EU en Centraal-Azië, met name de bijeenkomsten tussen de Centraal-Aziatische staatshoofden en de voorzitter van de Europese Raad, en de inzet van de speciale vertegenwoordiger van de EU voor Centraal-Azië; dringt aan op concrete acties als follow-up van al deze bijeenkomsten en verklaringen op hoog niveau; is in dit verband ingenomen met het feit dat de eerste top EU-Centraal-Azië gepland staat voor 2024, alsook met de goedkeuring van de gezamenlijke routekaart voor de intensivering van de betrekkingen tussen de EU en Centraal-Azië, die dient als strategische blauwdruk om de dialoog en samenwerking op specifieke gebieden te bevorderen, waaronder het opbouwen van culturele, sociale en economische veerkracht; moedigt de EU aan zich te blijven inzetten voor politieke en economische hervormingen die de rechtsstaat, de democratie, goed bestuur en de eerbiediging van de mensenrechten versterken; merkt op dat het Parlement bereid is de parlementaire samenwerking met Centraal-Azië te bevorderen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>wijst erop dat de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne en zijn toegenomen nationalistisch discours de positie van Rusland in de regio hebben verzwakt en Centraal-Azië hebben aangemoedigd om samen te werken met andere actoren, en dat deze actoren hun samenwerking met Centraal-Azië hebben geïntensiveerd; neemt tevens kennis van de Chinese betrokkenheid in de regio; benadrukt dat de EU nu de mogelijkheid heeft om haar banden met Centraal-Azië aan te halen en een prominentere rol te spelen in de regio; benadrukt dat de EU deze situatie moet aangrijpen om wederzijds voordelige samenwerking te bevorderen en Centraal-Azië een partnerschap aan te bieden dat kan uitgroeien tot een speciaal spoor in een bredere strategie ten aanzien van de oostelijke buurlanden van de EU; is van mening dat een versterking van deze samenwerking ook zal helpen om de invloed van Rusland in de regio af te zwakken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>wijst op het belang van trans-Atlantische samenwerking inzake Centraal-Azië, en verzoekt de EU het initiatief te nemen om samen met de Verenigde Staten een gemeenschappelijke strategie voor Centraal-Azië uit te werken, waarin samenwerking op het gebied van bevordering van democratie, investeringen en handel, economie en regionale veiligheid aan bod moeten komen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>herhaalt dat de EU zich zal blijven inzetten om samen met de Centraal-Aziatische landen te werken aan vrede, veiligheid, stabiliteit, welvaart en duurzame ontwikkeling met volledige inachtneming van het internationaal recht, alsook van de beginselen inzake eerbiediging van de onafhankelijkheid, soevereiniteit en territoriale integriteit van alle landen, het niet-gebruiken van geweld of de dreiging van geweld, en de vreedzame beslechting van internationale geschillen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>verwerpt alle pogingen om de internationale erkenning van de separatistische entiteit in bezet Cyprus op welke manier dan ook te bevorderen of te ondersteunen, in het bijzonder met betrekking tot de vermeende aanvaarding ervan als waarnemer in de Organisatie van Turkse Staten; spoort de betrokken Centraal-Aziatische staten aan om de beginselen inzake soevereiniteit en territoriale integriteit van alle staten effectief te eerbiedigen en de gewijzigde statuten van de Organisatie van Turkse Staten, die uitvoering zouden geven aan de beslissing om deze separatistische entiteit de status van waarnemer toe te kennen, niet te ratificeren;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>wijst erop dat de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne en de gevolgen daarvan zowel uitdagingen als kansen inhouden voor de Centraal-Aziatische staten, die van oudsher nauwe betrekkingen met Rusland onderhouden; benadrukt dat de EU belang heeft bij het aanhalen van de economische en politieke banden met de landen in Centraal-Azië, mede om de omzeiling van sancties tegen Rusland en Belarus tot een minimum te beperken; wijst op het belang van blijvende nauwe uitwisseling over sancties en verzoekt de autoriteiten van de Centraal-Aziatische staten, met name Kazachstan, Kirgizië en Oezbekistan, nauw samen te werken met de EU, in het bijzonder de EU-gezant voor sancties, teneinde hun inspanningen ter voorkoming van het omzeilen van sancties op te voeren; veroordeelt de procedure waarbij Centraal-Aziatische migranten en burgers door Rusland worden geworven om te vechten in Oekraïne, en ondersteunt maatregelen om dit een halt toe te roepen; neemt nota van de individuele inspanningen van de Centraal-Aziatische staten om ervoor te zorgen dat hun grondgebied niet wordt gebruikt om de EU-sancties te omzeilen, en is ingenomen met de administratieve maatregelen en het politieke engagement op hoog niveau van Kazachstan in dit verband; verzoekt de EU om een gedifferentieerde benadering te hanteren in de strategie voor Centraal-Azië, waarin wordt beoordeeld in hoeverre met de EU wordt samengewerkt met betrekking tot het sanctiebeleid tegen Rusland; wijst op de rol die de lidstaten zelf spelen om ervoor te zorgen dat exportgoederen waarvan het waarschijnlijk is dat ze Rusland toch bereiken via Centraal-Azië aan de passende preventieve controles worden onderworpen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>7.</NO.P>is van mening dat een herziening van de EU-strategie voor Centraal-Azië noodzakelijk is om deze te actualiseren in het licht van de geopolitieke gebeurtenissen van de afgelopen jaren; wijst nogmaals op de sleutelrol van versterkte partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten als kader voor samenwerking met de Centraal-Aziatische staten; stelt met bezorgdheid vast dat de versterkte partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst met Kirgizië, waarover de onderhandelingen in 2019 zijn afgerond, nog steeds niet ondertekend is; verzoekt de Raad en de Commissie snel vooruitgang te boeken bij de lopende onderhandelingen voor een EPCA met Tadzjikistan, de openstaande kwesties op te lossen en de versterkte partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten met Kirgizië en Oezbekistan onverwijld te ondertekenen, zodat het Parlement zijn prerogatieven met betrekking tot de ratificatie van deze overeenkomsten kan uitoefenen; benadrukt dat het niet ondertekenen van dergelijke overeenkomsten na afloop van de onderhandelingen de geloofwaardigheid van de EU als mondiale speler ondermijnt;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>8.</NO.P>merkt op dat in de EPCA’s met de Centraal-Aziatische landen die tot nog toe zijn onderhandeld sterk de nadruk wordt gelegd op eerbiediging van de democratische beginselen, mensenrechten en de rechtsstaat; wijst op het belang van het mainstreamen van mensenrechten, democratische waarden, gendergelijkheid, vrije media en de groene transitie in alle interacties met de Centraal-Aziatische regeringen;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Regionale samenwerking</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>9.</NO.P>wijst op het grote potentieel van wederzijds voordelige samenwerking op het gebied van duurzame ontwikkeling, connectiviteit, energie, kritieke grondstoffen en veiligheid, waarbij Centraal-Azië een belangrijke regio is voor de connectiviteit tussen oost en west; herinnert in dit verband aan de belangrijke geopolitieke gevolgen van de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne, die een nieuwe impuls heeft gegeven aan de zogenaamde Middle Corridor, niet alleen als een regionale economische zone, maar ook als alternatieve en duurzame route tussen Azië en Europa, waarbij Russisch grondgebied wordt vermeden; herinnert eraan dat de Nieuwe Euraziatische Landbrug via het gesanctioneerde Russische en Belarussische grondgebied loopt; wijst erop dat het van belang is om regionale integratie langs de Middle Corridor te bevorderen en merkt op dat de knelpunten die in de studie van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling zijn vastgesteld, moeten worden weggewerkt om de hoognodige financiering voor infrastructuurprojecten in het kader van de Global Gateway aan te trekken; verzoekt de Commissie te onderzoeken in hoeverre het mogelijk is steun van de Europese Investeringsbank te verlenen voor investeringen in infrastructuurontwikkeling in Centraal-Aziatische staten, voornamelijk in de Middle Corridor;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>10.</NO.P>is van mening dat het EU-beleid ten aanzien van Centraal-Azië op het gebied van energie, connectiviteit en grondstoffendiversificatie moet worden geïnspireerd door de Europese Green Deal en gebaseerd moet zijn op wederzijds voordelige strategische partnerschappen, waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke kenmerken van elk van de Centraal-Aziatische staten, hun toegang tot moderne technologieën en kwaliteitsvolle banen wordt gegarandeerd en tegelijkertijd de veilige en concurrerende toegang van de EU tot grondstoffen en energie wordt gewaarborgd; maakt zich in dit verband zorgen over de afhankelijkheid van Rusland als gevolg van de ondertekening van het aardgasakkoord tussen Gazprom en Oezbekistan via Kazachstan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>11.</NO.P>erkent de cruciale rol van de EU bij de financiering van de sectorale hervormingen in Centraal-Azië, de verbetering van de energie-efficiëntie en de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen; is ingenomen met de lancering van het project voor duurzame energieconnectiviteit in Centraal-Azië (SECCA) in 2022 en kijkt uit naar de positieve gevolgen ervan voor de versterking van het nationale beleid voor de transitie naar een duurzaam energiesysteem, en de toename van investeringen, capaciteit en bewustzijn met betrekking tot hernieuwbare energie en energie-efficiëntie in de regio;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>12.</NO.P>wijst op het belang van een positief investeringsklimaat voor de economische ontwikkeling van Centraal-Azië en voor de handel en samenwerking tussen de EU en Centraal-Azië; benadrukt dat een positief investeringsklimaat dat leidt tot het creëren van hoogwaardige arbeidsplaatsen met passende salarissen en fatsoenlijke arbeidsomstandigheden afhankelijk is van stabiele democratische instellingen, de eerbiediging van de mensenrechten en de rechtsstaat, evenals de capaciteit van bedrijven en het maatschappelijk middenveld om passende zorgvuldigheid toe te passen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>13.</NO.P>wijst op de reeds lang bestaande aanpak van de Centraal-Aziatische staten, met uitzondering van Tadzjikistan, om betrekkingen te onderhouden met Afghanistan en hun evoluerende pragmatische betrekkingen met de Taliban, die zij echter niet erkennen, sinds de machtsovername in 2021; benadrukt dat landen in de regio, in het bijzonder Pakistanen en China, maar ook de Centraal-Aziatische staten een sleutelrol spelen bij het waarborgen van de stabiliteit in Afghanistan door middel van humanitaire hulp, elektriciteit, handelsmogelijkheden en gezamenlijke connectiviteitsprojecten; moedigt de speciale gezant van de EU voor Afghanistan aan nauw te blijven samenwerken met de tegenhangers in de Centraal-Aziatische staten in het kader van de dialoog tussen de EU en Centraal-Azië over Afghanistan; erkent dat Centraal-Azië een cruciaal gebied is om religieus extremisme, terrorisme en netwerken voor drugshandel in te dammen en te maken heeft met toegenomen migratiedruk als gevolg van de aanhoudende humanitaire crisis in Afghanistan; uit nogmaals zijn verontwaardiging over het feit dat de Taliban vrouwen als minder dan tweederangsburgers behandelen, en verzoekt de Europese Dienst voor extern optreden en de speciale gezant van de EU voor Afghanistan samen te werken met Turkmenistan, Oezbekistan en Tadzjikistan om vrouwen die Afghanistan trachten te ontvluchten te ondersteunen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>14.</NO.P>wijst op de rol van de EU als belangrijke donor van hulp aan de regio; wijst op het belang van een collectieve aanpak als Team Europa, aangezien dit het mogelijk maakt synergieën tot stand te brengen en de impact van de genomen maatregelen te maximaliseren en de voordelen van multilaterale samenwerking onder de aandacht te brengen, en aangezien zo de beste instrumenten en partners worden samengebracht, zoals maatschappelijke organisaties, mensenrechtenverdedigers, onafhankelijke media, deskundigen en de overheids- en privésector, om de beoogde effecten te verwezenlijken; benadrukt dat de bijstand en investeringen van de EU zichtbaar moeten worden gemaakt en dringt erop aan dat de bijstand en begrotingssteun van de EU aan de Centraal-Aziatische staten worden gekoppeld aan concrete benchmarks voor vooruitgang op het gebied van democratische hervormingen, bescherming van de mensenrechten, de rechtsstaat en duurzame ontwikkeling; wijst op het belang van gecoördineerde samenwerking met andere partners en internationale organisaties om synergieën mogelijk te maken en dubbel werk te vermijden;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>15.</NO.P>wijst erop dat de klimaatverandering, een groeiende bevolking en economische behoeften de watervoorraden in Centraal-Azië steeds meer onder druk zetten; benadrukt dat stroomopwaarts en stroomafwaarts gelegen landen op dit gebied nauwer regionaal moeten samenwerken om conflicten over de distributie en het gebruik van watervoorraden te voorkomen; is ingenomen met het bestaan van regionale platforms, zoals het Internationaal Fonds voor de redding van het Aralmeer, die dialoog en samenwerking tussen Centraal-Aziatische staten aanmoedigen; herinnert eraan dat de milieudialoog tussen de EU en Centraal-Azië is ingesteld om de stabilisering van het Aralmeer te ondersteunen en een beter beheer van de watervoorraden te bevorderen; roept op om de Overeenkomst van Parijs inzake klimaatverandering uit te voeren en is bereid deskundigheid te verstrekken en samen te werken om dit tot een goed einde te brengen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>16.</NO.P>benadrukt dat het oplossen van conflicten, met inbegrip van conflicten over waterdistributie, in overeenstemming met het internationaal recht en betrekkingen van goed nabuurschap, en het koste wat het kost vermijden van het gebruik of de dreiging van geweld van cruciaal belang zijn voor de verwezenlijking van zowel de regionale stabiliteit op lange termijn als de duurzameontwikkelingsdoelstellingen; benadrukt dat het belangrijk is betwiste grensgebieden tussen Tadzjikistan en Kirgizië te begrenzen en af te bakenen om verdere militaire confrontaties tussen beide landen te voorkomen, en is ingenomen met de stappen die door beide partijen in dit verband werden gezet; herhaalt het aanbod van de EU om een vreedzame oplossing van het conflict te ondersteunen door middel van technische bijstand en vertrouwenwekkende maatregelen; is ingenomen met het feit dat in januari 2023 een oplossing werd gevonden voor de kwestie van de grensafbakening tussen Kirgizië en Oezbekistan; herhaalt dat de EU zich inzet voor de non-proliferatie van massavernietigingswapens in de regio;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Democratie en mensenrechten </STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>17.</NO.P>benadrukt dat de eerbiediging van de mensenrechten en de naleving van internationale verplichtingen belangrijk zijn voor de betrekkingen van de EU met Centraal-Azië; dringt er bij de Centraal-Aziatische staten op aan hun verplichtingen op het gebied van democratie en mensenrechten na te komen en merkt op dat dit ook in overeenstemming is met de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten en het stelsel van algemene preferenties plus; wijst op het belang van regelmatige mensenrechtendialogen met de Centraal-Aziatische staten, aangezien deze dialogen een instrument zijn om de eerbiediging van de mensenrechten, de fundamentele vrijheden en politiek pluralisme te bevorderen en een forum zijn om punten van zorg aan de orde te stellen; verzoekt de EU-delegaties en de vertegenwoordigingen van de lidstaten in Centraal-Azië een actieve rol te blijven spelen bij het monitoren van de situatie ter plaatse, samen te werken met mensenrechtenverdedigers en te reageren op mensenrechtenschendingen en politiek gemotiveerde vervolging, onder meer door rechtszaken bij te wonen en politieke gevangenen te bezoeken; moedigt samenwerking met de verdragsorganen van de VN en speciale procedures aan, evenals in multilaterale mensenrechtenfora zoals de VN-Mensenrechtenraad;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>18.</NO.P>is bezorgd over het gebrek aan verantwoordingsplicht voor ernstige, grootschalige mensenrechtenschendingen, onder meer het gebruik van harde maatregelen door de autoriteiten om een einde te maken aan massaprotesten en de daaropvolgende onrust tijdens de zogenaamde gebeurtenissen van “bloedige januari” in Kazachstan, in de autonome regio Gorno-Badachsjan (GBAO) in Tadzjikistan en in de Republiek Karakalpakstan in Oezbekistan; verzoekt de autoriteiten van de vijf Centraal-Aziatische staten doeltreffende maatregelen te nemen om onafhankelijke en diepgaande onderzoeken op te starten voor alle beschuldigingen van foltering en mishandeling, en andere ernstige mensenrechtenschendingen, en dringt erop aan het gebruik van buitensporig geweld en foltering door politie en veiligheidstroepen te voorkomen; verzoekt de regeringen van de Centraal-Aziatische landen justitiële hervormingen door te voeren teneinde een grotere onafhankelijkheid en transparantie te kunnen waarborgen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>19.</NO.P>wijst op de fundamentele democratische tekortkomingen in Centraal-Azië met betrekking tot democratisch bestuur, de rechtsstaat en de bescherming van de mensenrechten, tekortkomingen die nog steeds bestaan en onlangs in verschillende opzichten zijn verergerd; benadrukt dat verkiezingsprocessen transparanter, opener en eerlijker moeten worden gemaakt voor alle politieke actoren; wijst op de belangrijke rol die het maatschappelijk middenveld kan spelen bij het ondersteunen en bevorderen van democratische hervormingen, goed bestuur en de bescherming van de mensenrechten in Centraal-Azië; betreurt de restrictieve aanpak van wetgevingsinitiatieven met betrekking tot niet-gouvernementele organisaties en de media, die de ruimte voor activiteiten van het maatschappelijk middenveld beperken; roept de Centraal-Aziatische landen op zinvolle stappen te ondernemen om deze tekortkomingen aan te pakken, de relevante verdragen van de Internationale Arbeidsorganisatie uit te voeren en ervoor te zorgen dat zij hun internationale verplichtingen inzake democratisch bestuur en bescherming van de mensenrechten nakomen, en wijst erop dat zij zich hiertoe hebben verbonden in het kader van de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten met de EU, de onderhandelde versterkte partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten en het stelsel van algemene preferenties plus van de EU; merkt op dat de Centraal-Aziatische staten een jonge en dynamische bevolking hebben die de kans moet krijgen om op zinvolle wijze te worden betrokken bij de vormgeving van de toekomst van hun land; is ingenomen met de activiteiten van het forum van het maatschappelijk middenveld EU-Centraal-Azië en verzoekt de EU haar steun aan het maatschappelijk middenveld te vergroten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>20.</NO.P>merkt op dat Centraal-Azië beter bestand moet worden gemaakt tegen desinformatie door onafhankelijke media en inhoud in lokale talen te bevorderen, de mediageletterdheid te vergroten en gerichte cursussen voor lokale journalisten te organiseren; wijst erop dat de onafhankelijkheid en pluriformiteit van de media en vrijheid van meningsuiting in Centraal-Azië moet worden versterkt in overeenstemming met de hoogste democratische normen; roept op om de transparantie over de eigendom en financiering van de media te vergroten, met het oog op meer onafhankelijkheid en pluriformiteit van de media; betreurt het feit dat Centraal-Aziatische autoriteiten de strijd tegen desinformatie hebben uitgebuit om de rechtmatige uitoefening van de vrijheid van meningsuiting te beperken, onder meer door wie corruptie, onrechtvaardigheid en misbruik door de regering aanklaagt te beschuldigen van de vermeende verspreiding van “foutieve” informatie, het zaaien van “tweedracht” en het bevorderen van “extremisme”; is bezorgd over het toenemende aantal arrestaties van journalisten en bloggers en over bedreigingen om onafhankelijke mediakanalen te sluiten; benadrukt dat de eerbiediging van de rechten van journalisten, onafhankelijke bloggers, mensenrechtenverdedigers, burger- en milieuactivisten moet worden gewaarborgd en dat zij moeten worden beschermd tegen intimidatie, druk en bedreigingen, dat alle aanvallen op hen moeten worden onderzocht, en dat al wie onterecht is aangehouden of in hechtenis is genomen onmiddellijk en onvoorwaardelijk moet worden vrijgelaten; veroordeelt het aantal recente regeringsinitiatieven in Tadzjikistan en Kirgizië om onafhankelijke mediadiensten te sluiten en de toegang tot hun websites te blokkeren, evenals de wetsontwerpen inzake media die momenteel worden behandeld in Kirgizië en Kazachstan en die de controle van de staat op media-activiteiten dreigen te vergroten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>21.</NO.P>roept de Centraal-Aziatische autoriteiten op om alle politieke gevangenen vrij te laten; roept met name de autoriteiten van Kazachstan op om Aigerim Tleuzhan, Marat Zhylanbayev, Bekizhan Mendygaziyev, Timur Danebayev en Kairat Klyshev vrij te laten; roept de autoriteiten van Kirgizië op om Azimbek Beknazarov, Aibek Buzurmankulov, Aidanbek Akmatov, Temir Makhmudov en Marat Bayazov vrij te laten; roept de autoriteiten van Oezbekistan op om Dauletmurat Tazhimuratov, Allabai Tokymbetov, Nurlan Naiypov, Amirbek Adilbekov vrij te laten; roept de autoriteiten van Tadzjikistan op om Faromuz Irgashov, Ulfatkhonim Mamadshoeva, Khursand Mamadshoev en Khushruz Djumaev vrij te laten; en roept de autoriteiten van Turkmenistan op om Omruzak Omarkuliev, Murat Dushemov, Murat Ovezov, Mansur Mingelov en Nurgeldy Khalykov vrij te laten;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>22.</NO.P>is bezorgd over het feit dat, hoewel gendergelijkheid in alle landen wettelijk beschermd zou zijn, gendergerelateerd geweld, huiselijk geweld, kinderhuwelijken, discriminatie en intimidatie van etnische en religieuze minderheden en lhbtiq‑personen nog steeds wijdverbreid zijn in Centraal-Azië; dringt er bij de Centraal-Aziatische regeringen op aan deze mensenrechtenschendingen te voorkomen door middel van passende wetten, voorlichtingscampagnes en maatregelen, onder meer door het bewustzijn en de kwalificaties van overheidsambtenaren, met name politieagenten, te vergroten, de capaciteit van maatschappelijke organisaties te versterken om wetswijzigingen te bepleiten, eerstelijnsdiensten voor slachtoffers te verbeteren en het bewustzijn te vergroten om bestaande stereotypen te bestrijden en gelijkheid in de samenleving te bevorderen; uit zijn bezorgdheid over het feit dat de criminalisering van lhbtiq‑personen blijft voortbestaan, dat basiswetgeving voor discriminatiebestrijding in de meeste landen ontbreekt, dat correctieve verkrachting wordt gebruikt tegen lesbiennes en er onvoldoende veilige plekken zijn waar lhbtiq‑personen kunnen samenkomen, met aanhoudende invallen in bars en sociale ruimten, en wijdverbreid politiegeweld; wijst erop dat een EU-strategie voor Centraal-Azië in overeenstemming moet zijn met het genderactieplan III van de EU;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>23.</NO.P>uit nogmaals zijn bezorgdheid over de ongebreidelde corruptie en kleptocratie in Centraal-Azië, die het vertrouwen in de overheid aantast, ongelijkheid aanwakkert, burgers openbare diensten ontzegt en de economische groei vertraagt; roept de Centraal-Aziatische regeringen op om verder te gaan dan de wijdverspreide anticorruptieretoriek en zich eindelijk in te zetten voor de bestrijding van corruptie en kleptocratie, nationale strategieën aan te nemen die gericht zijn op een geïntegreerde aanpak van de preventie en repressie van corruptie, de transparantie en de toegang tot informatie te vergroten en de invloed van particulieren te beperken;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>24.</NO.P>benadrukt dat de EU haar positieve imago in Centraal-Azië moet benutten door meer culturele en publieke diplomatie aan te gaan; pleit voor het aanhalen van de banden en het vergroten van de mogelijkheden voor samenwerking tussen Europese en Centraal-Aziatische instellingen, het bevorderen van persoonlijke contacten en mobiliteit, het bieden van kansen op het gebied van onderwijs en wetenschap, zoals uitwisselingen op academisch niveau via de programma’s Erasmus+ en Horizon 2020, en het bevorderen van duurzaam toerisme;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>25.</NO.P>merkt op dat de Centraal-Aziatische landen bereid zijn een dialoog op te starten met de EU over visumliberalisering, en roept de Commissie op om het overleg over de uitwerking van gerichte en alomvattende routekaarten voor hervormingen in de Centraal-Aziatische staten op te voeren, teneinde de weg vrij te maken voor visumversoepelings- en overnameovereenkomsten;</P></ACTION></ACTLST><ACTLST><ACTINIT><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bilaterale samenwerking</STRING></STRING></ACTINIT><ACTION><P><NO.P>26.</NO.P>merkt op dat Kazachstan het eerste Centraal-Aziatisch land is met een geratificeerde EPCA, die een solide basis biedt om de samenwerking op cruciale gebieden van wederzijds belang uit te breiden, zoals connectiviteit, energie-efficiëntie, groene economie en digitalisering; is verheugd over de ondertekening van het memorandum van overeenstemming tussen de Republiek Kazachstan en de EU over een strategisch partnerschap inzake duurzame grondstoffen, batterijen en waardeketens voor hernieuwbare waterstof; verzoekt de Kazachse autoriteiten politieke en economische hervormingen te blijven doorvoeren, die de democratie, rechtsstaat en goed bestuur moeten versterken; benadrukt dat het uitrollen van de visie van een “eerlijk en rechtvaardig Kazachstan” moet inhouden dat de mensenrechten en de vrijheid van meningsuiting, vereniging en vergadering worden geëerbiedigd en dat het verkiezingskader wordt verbeterd, in overeenstemming met de aanbevelingen van het Bureau voor Democratische Instellingen en Mensenrechten van de OVSE; verzoekt de autoriteiten van Kazachstan het onderzoek naar de gebeurtenissen van januari 2022 af te ronden, hun bevindingen te publiceren en recht te doen geschieden voor de slachtoffers van foltering; wijst op de potentiële voordelen van meer persoonlijke uitwisselingen met Kazachstan door middel van een visumversoepelingsovereenkomst, waarvoor het overleg in mei 2023 van start is gegaan;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>27.</NO.P>benadrukt dat de aanstaande ondertekening van de EPCA en de lopende uitvoering van SAP+ verder de nadruk leggen op de noodzaak om de eerbiediging van de mensenrechten en de fundamentele vrijheden in Kirgizië te waarborgen, in overeenstemming met de internationale verbintenissen van het land; stelt met bezorgdheid vast dat de democratische normen en mensenrechten de afgelopen jaren zijn achteruitgegaan, gelet op het feit dat Kirgizië werd beschouwd als het meest democratische land in de regio, met een krachtig maatschappelijk middenveld en vrije media; is bezorgd over de vervolging van de politieke oppositie, onder meer vertegenwoordigers van de sociaaldemocratische partij, en de negatieve gevolgen van wetgevingsinitiatieven die zich richten op de activiteiten van onafhankelijke media en het maatschappelijk middenveld, met name de wet inzake “foutieve informatie” en wetsontwerpen inzake “buitenlandse vertegenwoordigers”, “massamedia” en “het beschermen van kinderen tegen schadelijke informatie”, evenals het stijgende aantal zaken tegen mensenrechtenverdedigers, mediawerkers en journalisten, alsook tegen mediakanalen; verzoekt de EU het maatschappelijk middenveld en de onafhankelijke media te blijven ondersteunen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>28.</NO.P>merkt op dat de start van de onderhandelingen over de EPCA met Tadzjikistan een kans biedt om het toepassingsgebied van bilaterale samenwerking en uitwisselingen te verruimen; benadrukt dat blijvende nauwe samenwerking over veiligheidskwesties noodzakelijk is aangezien Afghanistan een bron van instabiliteit en veiligheidsproblemen blijft door de hardvochtige heerschappij van de Taliban en de aanhoudende humanitaire crises in het land; herhaalt dat de legitieme strijd tegen terrorisme en gewelddadig extremisme niet mag worden gebruikt als voorwendsel om oppositieactiviteiten te beteugelen, de vrijheid van meningsuiting te belemmeren of de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te ondermijnen; is verheugd over de belangstelling van Tadzjikistan om deel te nemen aan SAP+, dat duurzame economische groei kan ondersteunen en de handel een impuls kan geven, en waarvoor de effectieve toepassing van internationale normen inzake mensen- en arbeidsrechten vereist is; verzoekt Tadzjikistan de bescherming van de mensenrechten en fundamentele vrijheden te verbeteren, met name de vrijheid van meningsuiting, en een einde te stellen aan de intimidatie en vervolging van mediawerkers, mensenrechtenverdedigers, onafhankelijke advocaten en het maatschappelijk middenveld, alsook aan de onderdrukking van de Pamiri-minderheid in de GBAO;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>29.</NO.P>merkt op dat Turkmenistan het enige Centraal-Aziatische land blijft dat geen PCA heeft gesloten met de EU, waardoor de mogelijkheden voor bilaterale samenwerking beperkt blijven; wijst erop dat Turkmenistan een verbetering moet laten zien wat betreft zijn trieste staat van dienst op het gebied van democratie en mensenrechten opdat het Parlement zijn standpunt kan herbekijken en de PCA kan ratificeren; dringt er bij de Turkmeense regering op aan om consensuele seksuele relaties tussen mannen te decriminaliseren; merkt op dat het in het belang van Turkmenistan is om zich open te stellen en geen buitenbeentje te zijn in de regio met beperkte mogelijkheden voor samenwerking; erkent het potentieel van wederzijds voordelige samenwerking op gebieden zoals energie, connectiviteit en handel, en is ingenomen met het feit dat Turkmenistan interesse heeft getoond om gas te leveren aan Europa door een trans-Kaspische gaspijpleiding aan te leggen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>30.</NO.P>neemt kennis van de aangekondigde hervormingen in Oezbekistan om daadwerkelijke verandering tot stand te brengen in het land wat sociaal-economische ontwikkeling, efficiënt beheer, een onafhankelijker rechtssysteem en eerbiediging van de mensenrechten en fundamentele vrijheden betreft; wijst erop dat de constitutionele hervorming een kans biedt om de rechtsstaat te versterken en de hervormingen een solide juridische basis te geven; herhaalt niettemin zijn diepe bezorgdheid over de slechte staat van dienst van Oezbekistan op het gebied van democratie, mediavrijheid, mensenrechten en de rechtsstaat, met inbegrip van het gewelddadige optreden tijdens de protesten in Karakalpakstan en de beperkingen inzake de vrijheid van vereniging, zowel voor ngo’s als voor politieke partijen, alsook de vervolging en bedreiging van journalisten, onafhankelijke bloggers, producenten van inhoud en mensenrechtenverdedigers; herinnert de autoriteiten aan het belang van de eerbiediging van de vrijheid van meningsuiting, zowel online als offline, de vrijheid van vergadering, de vrijheid van vereniging en de onafhankelijkheid van de media; is ingenomen met enkele opmerkelijke verbeteringen op het gebied van vrouwenrechten in Oezbekistan; dringt er bij de regering van Oezbekistan op aan om consensuele seksuele relaties tussen mannen te decriminaliseren; is verheugd over de afronding van de onderhandelingen over de EPCA tussen de EU en Oezbekistan en roept nogmaals op tot een snelle voltooiing van de wettelijke en technische procedures die nodig zijn om de EPCA te kunnen ondertekenen; is ingenomen met de voortrekkersrol die Oezbekistan speelt om regionale samenwerking op verschillende gebieden te bevorderen, waaronder connectiviteit en het gebruik van watervoorraden;</P></ACTION><SEPARATION><P>°</P><P>°	°</P></SEPARATION><ACTION><P><NO.P>31.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en de presidenten, regeringen en parlementen van Kazachstan, Kirgizië, Tadzjikistan, Turkmenistan en Oezbekistan.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>