<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P9_TA(2024)0151</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Vaststelling van het douanewetboek van de Unie, oprichting van de douaneautoriteit van de Europese Unie en intrekking van Verordening (EU) nr. 952/2013</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A9-0065/2024 - Rapporteur: Deirdre Clune)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 13 maart 2024 over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie, tot oprichting van de douaneautoriteit van de Europese Unie en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 952/2013 (COM(2023)0258 – C9-0175/2023 – 2023/0156(COD))</STRING></TI><NOTE>(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)</NOTE><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2023)0258),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 294, lid 2, en de artikelen 33, 207 en 114 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C9‑0175/2023),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 17 januari 2024<FOOTNOTE><FIELD>PB C, C/2023/864 van 8.12.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2023/864/oj.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 59 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de adviezen van de Commissie internationale handel, de Begrotingscommissie en de Commissie begrotingscontrole,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie interne markt en consumentenbescherming (A9-0065/2024),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST><TXTLST><IDENT><STRING BOLD="on">P9_TC1-COD(2023)0156</STRING></IDENT><TCONSOLID><TI><STRING BOLD="on">Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing vastgesteld op 13 maart 2024 met het oog op de vaststelling van Verordening (EU) 2024/... van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie, tot oprichting van de douaneautoriteit van de Europese Unie en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 952/2013</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en Verordening (EU) 2022/2399</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 1]</STRING><BRK/></TI><NOTE>(Voor de EER relevante tekst)</NOTE><TEXT><PREAMBLE><PRINIT>HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,</PRINIT><GRVISA><VISA><P>Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name de artikelen 33, 114 en 207,</P></VISA><VISA><P>Gezien het voorstel van de Europese Commissie,</P></VISA><VISA><P>Na toezending van het ontwerp van wetgevingshandeling aan de nationale parlementen,</P></VISA><VISA><P>Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité<FOOTNOTE><FIELD>PB C [...] van [...], blz. [...].</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P>Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure,</P></VISA></GRVISA><GRCONS><GRCINIT>Overwegende hetgeen volgt:</GRCINIT><CONS><P><NO.P>(1)</NO.P>De Unie en de werking van de interne markt zijn gegrondvest op de douane-unie. In het belang van de marktdeelnemers en de douaneautoriteiten in de Unie is in Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en van de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en van de Raad van 9 oktober 2013 tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie (herschikking) (PB L 269 van 10.10.2013, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> (hierna “het wetboek” genoemd) de douanewetgeving die over verschillende wetgevingsbesluiten was verspreid, samengebracht in één enkele handeling die de algemene regels en procedures bevat, om de uitvoering van de tarief- en andere maatregelen te waarborgen die op het niveau van de Unie zijn ingevoerd in het kader van het goederenverkeer tussen de Unie en landen of gebieden buiten het douanegebied van de Unie, evenals de bepalingen betreffende de inning van invoerheffingen. De douaneautoriteiten van de lidstaten moeten deze regels in de praktijk brengen door onder andere uitvoering te geven aan douaneregelingen, risicoanalyses en controles te verrichten, en sancties op te leggen in geval van douaneovertredingen.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(2)</NO.P>Bij de uitvoering van Verordening (EU) nr. 952/2013 zijn op verschillende gebieden tekortkomingen aan het licht gekomen. Dit zijn onder meer: de ontoereikende/ondoeltreffende maatregelen om te waarborgen dat de Unie en haar burgers de bescherming tegen niet-financiële risico’s genieten die ten aanzien van goederen in het kader van andere beleidsmaatregelen van de Unie dan de douanewetgeving is vastgesteld; de mate waarin de douaneautoriteiten het steeds grotere aantal afstandsverkopen van uit derde landen ingevoerde goederen (e-commercetransacties) doeltreffend kunnen afwikkelen; de capaciteit van de bij Verordening (EU) nr. 952/2013 gecreëerde architectuur van IT-systemen om de douaneprocessen te digitaliseren, teneinde gelijke tred te houden met de technologische vooruitgang, met name met technologieën die gebaseerd zijn op de exploitatie van gegevens; het gebrek aan doeltreffende governancestructuren van de douane-unie, wat heeft geleid tot uiteenlopende praktijken en een niet-uniforme uitvoering van de regels in de lidstaten. Door deze tekortkomingen ontstaan er belemmeringen voor de goede werking van de douane-unie en dus van de interne markt, als gevolg van de interne en externe risico’s en bedreigingen.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(3)</NO.P>In de douanewetgeving moet rekening wordt gehouden met de snelle ontwikkeling van mondiale handelspatronen, technologieën, bedrijfsmodellen en de behoeften van belanghebbenden, waaronder<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> bedrijven, consumenten en</STRING></STRING> burgers. Daarom moet Verordening (EU) nr. 952/2013 op een groot aantal punten worden gewijzigd. Ter wille van de duidelijkheid dient tot intrekking en vervanging van die verordening te worden overgegaan.<STRING BOLD="on"> [Am. 2]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(4)</NO.P>Om te voorzien in doeltreffende instrumenten ter verwezenlijking van de doelstellingen van de douane-unie, moet een aantal voorschriften en procedures die bepalen hoe goederen het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten, worden herzien<STRING STRIKE="on"> en</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> vereenvoudigd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en geharmoniseerd</STRING></STRING>. Er moet een moderne, geïntegreerde omgeving van interoperabele elektronische diensten worden gecreëerd voor het verzamelen, verwerken en uitwisselen van informatie die relevant is voor de uitvoering van de douanewetgeving (de douanedatahub van de Europese Unie, hierna “EU-douanedatahub” genoemd). Er moet een douaneautoriteit van de Europese Unie (hierna “EU-douaneautoriteit” genoemd) worden opgericht als een centrale operationele instantie die de governance van de douane-unie op specifieke gebieden coördineert.<STRING BOLD="on"> [Am. 3]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(5)</NO.P>Sinds de vaststelling van Verordening (EU) nr. 952/2013 heeft de rol van de douaneautoriteiten zich ontwikkeld in die zin dat zij steeds vaker Unie- en nationale wetgeving zijn gaan toepassen waarin vereisten zijn vastgesteld voor goederen die aan douanetoezicht zijn onderworpen, met name niet-financiële vereisten waaraan goederen moeten voldoen om de interne markt te mogen binnenkomen en er te circuleren. Deze niet-financiële taken zijn in de loop der jaren exponentieel toegenomen in overeenstemming met de toenemende verwachtingen van bedrijven en burgers van de Unie op het gebied van veiligheid, toegankelijkheid voor personen met een handicap, duurzaamheid, de gezondheid en het leven van mens, dier en plant, het milieu en de bescherming van mensenrechten en waarden van de Unie. Er moeten nieuwe instrumenten, zoals het digitale productpaspoort, worden ingevoerd om te waarborgen dat andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast met betrekking tot producten, aan deze verwachtingen blijft voldoen. Daarom moet er rekening worden gehouden met de toename van de niet-financiële risico’s, zowel in aantal als in complexiteit, door in de missie van de douaneautoriteiten een specifieke verwijzing op te nemen naar de bescherming van al deze openbare belangen en, in voorkomend geval, nationale wetgevingen, in nauwe samenwerking met andere autoriteiten.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Het is even belangrijk op te merken dat een aanzienlijke hoeveelheid van in de belangrijkste havens en luchthavens verwerkte goederen worden overgeladen en afkomstig zijn uit en bestemd zijn voor andere continenten zonder de markt van de Unie binnen te komen. Dergelijke goederen hoeven niet altijd te voldoen aan dezelfde veiligheids- en productnormen van de Unie die vereist zijn voor goederen die de interne markt binnenkomen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 4]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(6)</NO.P>In het licht van de ontwikkeling van de rol die de douaneautoriteiten vervullen en van de bedrijfsmodellen waarmee zij te maken krijgen, en om deze autoriteiten in staat te stellen “als één” op te treden en aan de goede werking van de interne markt bij te dragen, moet de missie waarmee zij zijn belast, middels een nauwkeurigere omschrijving van hun doelstellingen en taken worden gepreciseerd.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(7)</NO.P>Sommige definities in Verordening (EU) nr. 952/2013 moeten worden aangepast om rekening te houden met het bredere toepassingsgebied van deze verordening, om ze in overeenstemming te brengen met de definities in andere Uniehandelingen, en om terminologie die in verschillende sectoren uiteenlopende betekenissen heeft, te verduidelijken. In de douanewetgeving moeten nieuwe definities worden opgenomen om de rollen en verantwoordelijkheden van bepaalde actoren in de douaneprocessen te verduidelijken. In het geval van de importeur en de exporteur<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, oftewel elke persoon die betrokken is bij afstandsverkopen van goederen,</STRING></STRING> moeten nieuwe definities deze personen <STRING STRIKE="on">aansprakelijk</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ten aanzien van de douane, in overeenstemming met de wetgeving inzake productconformiteit, verantwoordelijk</STRING></STRING> stellen voor de conformiteit van de goederen, ook voor financiële en niet-financiële risico’s, teneinde het douanetoezicht te versterken. In het geval van het nieuwe concept “gelijkgestelde importeur” moeten nieuwe definities waarborgen dat in sommige gevallen, in het kader van een onlineverkoop van buiten de Unie, een marktdeelnemer, en niet de consument, wordt aangemerkt als importeur en de overeenkomstige verantwoordelijkheden op zich neemt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, waarbij wordt gewaarborgd dat de relevante marktdeelnemer heeft voldaan aan de relevante wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast wanneer de goederen het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten, en een passende administratie van die naleving verstrekt, bijhoudt en beschikbaar stelt</STRING></STRING>. Er moeten ook nieuwe definities worden ingevoerd met betrekking tot het bredere toepassingsgebied van de bepalingen inzake douanetoezicht, risicobeheer en douanecontroles.<STRING BOLD="on"> [Am. 5]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(8)</NO.P>Naast hun traditionele rol om douanerechten, btw en accijnzen te innen en de douanewetgeving toe te passen, spelen de douaneautoriteiten ook een cruciale rol bij de handhaving van andere Uniewetgeving en, in voorkomend geval, andere nationale wetgeving die betrekking heeft op douaneaangelegenheden. Er moet een definitie van deze “andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving” worden ingevoerd om een doeltreffend kader op te zetten dat de toepassing van en het toezicht op deze specifieke vereisten voor goederen regelt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> overeenkomstig Verordening (EU) 2019/1020 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2019/1020 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 betreffende markttoezicht en conformiteit van producten en tot wijziging van Richtlijn 2004/42/EG en de Verordeningen (EG) nr. 765/2008 en (EU) nr. 305/2011 (PB L 169 van 25.6.2019, blz. 1).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> betreffende markttoezicht en conformiteit van producten, en in het kader van de specifieke douanecontroles en -procedures die uit hoofde van deze verordening zijn vastgesteld</STRING></STRING>. De verboden of beperkingen in kwestie kunnen gerechtvaardigd zijn uit hoofde van, onder meer, de openbare zedelijkheid, de openbare orde of de openbare veiligheid, de bescherming van de gezondheid en het leven van mens, dier of plant, de bescherming van het milieu, de bescherming van het nationaal artistiek, historisch en archeologisch bezit en de bescherming van industriële of commerciële eigendom en van andere openbare belangen, daaronder begrepen controles op drugsprecursoren, goederen die inbreuk maken op bepaalde intellectuele-eigendomsrechten, en liquide middelen. Het concept van andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving moet ook handelspolitieke maatregelen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met inbegrip van, onder andere, multilaterale milieuovereenkomsten,</STRING></STRING> en instandhoudings- en beheersmaatregelen voor de visserij omvatten, alsook beperkende maatregelen die zijn vastgesteld op grond van artikel 215 VWEU.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Verschillen tussen de nationale lijsten met verboden en beperkingen leiden tot aanzienlijke moeilijkheden voor entiteiten die in diverse lidstaten goederen invoeren. Om de handel en de werking van de douane te bevorderen, moet de Unie zich inzetten om de nationale lijsten met verboden en beperkingen geleidelijk te harmoniseren. Voorts moeten er geharmoniseerde definities van de juridische termen die worden gebruikt om te voorzien in de verboden en beperkingen worden vastgesteld, teneinde uiteenlopende interpretaties door de lidstaten te voorkomen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 6]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(9)</NO.P>Om de rechtsduidelijkheid te vergroten, moeten bepaalde regels met betrekking tot douanebeschikkingen worden gewijzigd. Ten eerste moet worden verduidelijkt dat de beschikkingsbevoegde douaneautoriteit de autoriteit van de plaats van vestiging van de aanvrager is, omdat de plaats van vestiging het belangrijkste beginsel wordt volgens hetwelk bepaalde marktdeelnemers, onder bepaalde voorwaarden en gedurende een vooraf bepaalde periode, onder voorbehoud van herziening, in aanmerking kunnen komen voor de bij deze verordening ingevoerde vereenvoudigingen en de douanerechten kunnen betalen waar zij gevestigd zijn. Ten tweede moet de termijn van maximaal 30 dagen waarbinnen een aanvrager aanvullende inlichtingen aan de douaneautoriteiten moet verstrekken wanneer deze van mening zijn dat de aanvraag voor een beschikking niet alle vereiste inlichtingen bevat, ten behoeve van de volledigheid en de rechtsduidelijkheid ook worden vermeld.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(10)</NO.P>Er moet worden verduidelijkt wat het gevolg is wanneer een douaneautoriteit niet binnen de vastgestelde termijnen een beschikking op aanvraag afgeeft. Tevens moet het beginsel worden vastgelegd dat de aanvraag in dat geval wordt geacht te zijn afgewezen en dat de aanvrager daartegen beroep kan aantekenen overeenkomstig de algemene regel inzake douanebeschikkingen.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Om te garanderen dat de handel niet wordt lamgelegd in het geval van een grootschalig falen van de gecentraliseerde elektronische systemen moeten de Commissie en de EU-douaneautoriteit samen met de lidstaten werken aan uitwijkprocedures.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 7]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(11)</NO.P>Zoals door de Europese Rekenkamer<FOOTNOTE><FIELD>Europese Rekenkamer, Speciaal verslag nr. 4/2021: Douanecontroles: onvoldoende harmonisatie schaadt de financiële belangen van de EU.</FIELD></FOOTNOTE> en in de evaluatie van de tenuitvoerlegging van Verordening (EU) nr. 952/2013 werd benadrukt, is het ook wenselijk om het gebrek aan uniform toezicht op de naleving van de in douanebeschikkingen vastgestelde criteria en verplichtingen aan te pakken door de desbetreffende bepalingen aan te scherpen. Enerzijds moeten de houders van beschikkingen niet alleen voldoen aan de verplichtingen die in de desbetreffende beschikking zijn vastgesteld, maar moeten zij er ook voortdurend op toezien dat zij deze verplichtingen naleven, en zichzelf zo organiseren dat dit (eigen) toezicht eventuele fouten in hun douaneprocessen kan voorkomen, beperken of verhelpen. Anderzijds moeten de douaneautoriteiten regelmatig toezicht houden op de uitvoering van douanebeschikkingen door de houders van dergelijke beschikkingen, met name wanneer deze minder dan drie jaar zijn gevestigd en daardoor een groter risico kunnen inhouden, om ervoor te zorgen dat die personen de in de douanebeschikking vastgestelde verplichtingen naleven. Dit is met name van belang wanneer die personen een specifieke status hebben, zoals die van geautoriseerde marktdeelnemer (AEO) of Trust&amp;Check-ondernemer, aan wie verschillende faciliteiten bij de douaneprocessen worden verleend. Om het risicobeheer op het niveau van de Unie te versterken, moeten de douaneautoriteiten de EU-douaneautoriteit ook in kennis stellen van alle op aanvraag afgegeven beschikkingen en van het toezicht dat erop wordt uitgeoefend, zodat hiermee rekening kan worden gehouden bij het risicobeheer.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(12)</NO.P>Naast beschikkingen betreffende bindende tariefinlichtingen (BTI-beschikkingen) en beschikkingen betreffende bindende oorsprongsinlichtingen (BOI-beschikkingen), die de douaneautoriteiten op aanvraag en onder bepaalde voorwaarden afgeven, zijn bij Gedelegeerde Verordening (EU) .../...<FOOTNOTE><FIELD>[PB: gelieve in de tekst het nummer in te voegen van<STRING STRIKE="on">OJ: Please insert in the text the number of</STRING>] Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/... van de Commissie van dd/mm/2023 tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446 wat betreft beschikkingen betreffende bindende inlichtingen op het gebied van de douanewaarde en beschikkingen betreffende bindende oorsprongsinlichtingen [en in deze voetnoot het nummer, de datum, de titel en de publicatiegegevens van die gedelegeerde verordening in te voegen<STRING STRIKE="on">and insert the number, date, title and OJ reference of that Delegated Regulation in this footnote</STRING>].</FIELD></FOOTNOTE> van de Commissie beschikkingen betreffende bindende waarde-inlichtingen (BWI-beschikkingen) in de douanewetgeving opgenomen. In het belang van de gebruikers van de douanewetgeving moeten de regels voor deze drie soorten beschikkingen betreffende bindende inlichtingen in dezelfde rechtshandeling worden vastgelegd.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(13)</NO.P>De rechten en verplichtingen van de personen die verantwoordelijk zijn voor goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen en verlaten, moeten duidelijker worden omschreven. De eerste verplichting voor personen die regelmatig douanehandelingen verrichten, is net als voorheen dat zij geregistreerd moeten zijn bij de douaneautoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de plaats waar ze gevestigd zijn. Eén registratie moet voor de hele douane-unie geldig zijn en moet actueel zijn. Marktdeelnemers moeten daarom verplicht zijn de douaneautoriteiten elke wijziging in hun registratiegegevens mee te delen. De personen die verantwoordelijk zijn voor goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen en verlaten, zijn aansprakelijk voor alle risico’s die de goederen inhouden voor de veiligheid van de burger, alsmede voor alle risico’s voor de gezondheid en het leven van mens, dier of plant, het milieu of de consument. Ook de verplichtingen van de importeur moeten worden vastgesteld, met name de verplichting om in het douanegebied van de Unie te zijn gevestigd, en de uitzonderingen op die verplichting. Deze moeten aanknopen bij de bestaande regels voor de aangever die in de Unie moet gevestigd zijn. Evenzo moeten de verplichtingen van de exporteur worden vastgesteld.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(14)</NO.P>Ook de verplichtingen van de gelijkgestelde importeurs, die verschillen van de verplichtingen die van toepassing zijn op [de overige] importeurs, moeten worden verduidelijkt. Met name<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> moet worden verduidelijkt dat het concept van de gelijkgestelde importeur wordt vastgesteld met het oog op een doeltreffende en efficiënte inning van douanerechten. De gelijkgestelde importeur bezit doorgaans de goederen niet en de overdracht van het eigendom van de goederen vindt plaats tussen de importeur en de afnemer. Derhalve zal de gelijkgestelde importeur vaak afhankelijk zijn van de nauwkeurigheid van de informatie die vóór of ten laatste bij vertrek wordt verstrekt door de importeurs om een juiste rechtenbehandeling (betalings- en rapportageverplichtingen) te waarborgen van de transactie. Ook</STRING></STRING> moet worden bepaald dat de gelijkgestelde importeur de douaneautoriteiten niet alleen de gegevens moet verstrekken die nodig zijn om de verkochte goederen in het vrije verkeer te brengen, maar ook de informatie die de gelijkgestelde importeur voor btw-doeleinden moet verzamelen. Deze informatie is opgenomen in Uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011 van de Raad<FOOTNOTE><FIELD>Uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011 van de Raad van 15 maart 2011 houdende vaststelling van maatregelen ter uitvoering van Richtlijn 2006/112/EG betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (PB L 77 van 23.3.2011, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE>.<STRING BOLD="on"> [Am. 8]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(15)</NO.P>Marktdeelnemers die aan bepaalde criteria en voorwaarden voldoen om door de douaneautoriteiten als compliante en betrouwbare ondernemers te worden aangemerkt, kunnen de AEO-status krijgen en daardoor profiteren van faciliteiten in douaneprocessen. De AEO-regeling garandeert weliswaar dat de ondernemers die het merendeel van de handel in de Unie voor hun rekening nemen, betrouwbaar zijn, maar vertoont ook een aantal zwakke punten die in de evaluatie van Verordening (EU) nr. 952/2013 en in de bevindingen van de Europese Rekenkamer voor het voetlicht zijn gebracht. Om tegemoet te komen aan deze punten van zorg, met name over de uiteenlopende nationale praktijken en de uitdagingen met betrekking tot het toezicht op de naleving van de AEO-regeling, moeten de regels worden gewijzigd om de douaneautoriteiten ertoe te verplichten ten minste om de drie jaar toezicht te houden op de naleving.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De naleving van deze verplichting moet ook gemonitord worden door de nieuwe EU-douaneautoriteit.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 9]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(16)</NO.P>De wijzigingen in de douaneprocessen en in de werkwijze van de douaneautoriteiten vereisen een nieuw partnerschap met de marktdeelnemers, de zogenaamde Trust&amp;Check-ondernemersregeling. De criteria en voorwaarden om Trust&amp;Check-ondernemer te worden, moeten voortbouwen op de AEO-criteria, maar ook garanderen dat de ondernemer als transparant wordt beschouwd voor de douaneautoriteiten. Daarom moet van Trust&amp;Check-ondernemers worden verlangd dat zij de douaneautoriteiten toegang verlenen tot hun elektronische systemen, waarin (de naleving van) hun verplichtingen en de bewegingen van hun goederen worden geregistreerd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, mits deze toegang evenredig en strikt noodzakelijk is</STRING></STRING>. De transparantie moet gepaard gaan met bepaalde voordelen, met name de mogelijkheid om goederen vrij te geven namens de douane zonder dat deze actief hoeft op te treden, tenzij goedkeuring vóór vrijgave vereist is op grond van andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving, en om de betaling van de douaneschuld uit te stellen.<STRING STRIKE="on"> Aangezien deze werkwijze geleidelijk in de plaats moet komen van die op basis van douaneaangiften, moet de douaneautoriteiten de verplichting worden opgelegd om herbeoordelingen van de bestaande AEO-vergunningen voor douanevereenvoudigingen te verrichten totdat de overgangsperiode is afgelopen.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 10]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(17)</NO.P>De wijzigingen in de douaneprocessen vereisen ook dat de rol van douanevertegenwoordigers wordt verduidelijkt. Zowel directe als indirecte vertegenwoordiging moet mogelijk blijven, maar er moet worden verduidelijkt dat de indirecte vertegenwoordiger van een importeur of exporteur alle verplichtingen van de importeur of exporteur op zich neemt, niet alleen de verplichting om de douaneschuld te betalen of zekerheid te stellen, maar ook de naleving van andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving. Om die reden moeten douanevertegenwoordigers woonachtig zijn in het douanegebied van de Unie waar zij een importeur of exporteur vertegenwoordigen, om te garanderen dat naar behoren rekenschap wordt afgelegd voor financiële en niet-financiële aspecten. Het gebruik van een in de Unie gevestigde indirecte douanevertegenwoordiger biedt importeurs en exporteurs die geen commerciële aanwezigheid in de Unie hebben, derhalve een beschikbaar en evenredig alternatief. Bovendien kunnen in derde landen gevestigde douanevertegenwoordigers hun diensten in de Unie blijven verlenen wanneer zij personen vertegenwoordigen die niet in het douanegebied van de Unie gevestigd hoeven te zijn.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Het is een uitdaging voor marktdeelnemers, met name voor kleine, middelgrote en micro-ondernemingen, om betrouwbare douanevertegenwoordigers te identificeren.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 11]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(17 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het is ook belangrijk dat erkend wordt dat kleine, middelgrote en micro-ondernemingen, zoals gedefinieerd in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen (PB L 124 van 20.5.2003, blz. 36).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, specifieke uitdagingen ondervinden bij het voldoen aan de douanevoorschriften en dat nagedacht moet worden over vergemakkelijking hiervan door middel van directe en indirecte vertegenwoordiging. Dit probleem speelt met name bij micro-, kleine en middelgrote ondernemingen die niet de status van Trust&amp;Check-ondernemer hebben. Zij moeten kunnen blijven profiteren van indirecte vertegenwoordiging. De Commissie en de EU-douaneautoriteit moeten de werking van deze regeling evalueren op basis van informatie die zij krijgen van de bevoegde autoriteiten. De Commissie moet deze evaluatie aan het Europees Parlement en de Raad doen toekomen in de vorm van een verslag. Op basis van dat verslag moet de Commissie beslissen of zij een oplossing van wetgevende aard voorstelt in de vorm van een specifieke regeling om de betrekkingen tussen kleine, middelgrote en micro-ondernemingen en douanevertegenwoordigers nader te bepalen, met als doel de handel te bevorderen en met betrekking tot de verantwoordelijkheden een billijk evenwicht te waarborgen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 12]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(18)</NO.P>Om een uniform niveau van digitalisering te waarborgen en een gelijk speelveld te creëren voor marktdeelnemers in alle lidstaten, moet een EU-douanedatahub worden opgericht, dat wil zeggen een omgeving van gecentraliseerde, beveiligde en cyberbestendige elektronische diensten en systemen voor douanedoeleinden. De EU-douanedatahub moet de kwaliteit, integriteit, traceerbaarheid en onweerlegbaarheid van de daarin verwerkte gegevens waarborgen, zodat de verzender noch de ontvanger later het bestaan van de uitwisseling van gegevens kan betwisten. De EU-douanedatahub moet voldoen aan de relevante regelgeving voor de verwerking van persoonsgegevens en cyberbeveiliging. De Commissie en de lidstaten moeten het concept van de EU-douanedatahub samen ontwikkelen. De Commissie moet ook worden belast met het beheer, de implementatie en het onderhoud van de EU-douanedatahub, hetgeen zij aan een ander orgaan van de Unie kan delegeren.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(18 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Voordat de EU-douanedatahub volledig operationeel wordt, moet de Commissie de mogelijkheid hebben om een testfase te plannen en vast te stellen, waarin de functionaliteiten die relevant zijn voor de hub worden getest. Tijdens deze testfase moeten douaneautoriteiten, andere autoriteiten en marktdeelnemers de EU-douanedatahub op vrijwillige basis kunnen gebruiken.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 13]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(19)</NO.P>In overeenstemming met recente rechtspraak van het Europese Hof van Justitie<FOOTNOTE><FIELD>Zaak T-81/22 (PB C 148 van 4.4.2022).</FIELD></FOOTNOTE> moet worden verduidelijkt dat de geautomatiseerde uitwisseling van inlichtingen tussen marktdeelnemers en douaneautoriteiten via en door de EU-douanedatahub de verantwoordelijkheid van die autoriteiten of van die marktdeelnemers met betrekking tot de betrokken douaneprocessen niet uitsluit. Zelfs wanneer de betrokkenheid van de douaneautoriteiten beperkt is tot die elektronische communicatie via de EU-douanedatahub, moet een maatregel worden geacht door die autoriteiten te zijn aangenomen alsof de EU-douanedatahub namens die autoriteiten handelde.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(20)</NO.P>De EU-douanedatahub moet de uitwisseling van gegevens met andere systemen, platforms of omgevingen mogelijk maken met het oog op het verbeteren van de kwaliteit van de gegevens die de douane bij de uitvoering van haar taken gebruikt, en met het oog op het delen van relevante douanegegevens met andere autoriteiten, teneinde de doeltreffendheid van de controles op de interne markt te vergroten. In overeenstemming met de aanpak die is uiteengezet in Verordening (EU) .../... van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD>[PB: gelieve in de tekst het nummer van de verordening in document COM/2022/720 final - 2022/0379(COD)) in te voegen, en in de overeenkomstige voetnoot het nummer, de datum, de titel en de publicatiegegevens daarvan.<STRING STRIKE="on">OJ: Please insert in the text the number of the Regulation contained in document COM/2022/720 final – 2022/0379 (COD) and insert the number, date, title and OJ reference in this footnote</STRING>.] Verordening (EU) .../... van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van maatregelen voor een hoog niveau van interoperabiliteit van de overheidssector in de Unie (verordening Interoperabel Europa) [COM(2022) 720 final - 2022/0379 (COD)] (PB L ... van ...2023, blz. .).</FIELD></FOOTNOTE> en het Europees interoperabiliteitskader<FOOTNOTE><FIELD>Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s – Europees interoperabiliteitskader – Implementatiestrategie (COM(2017) 134 final).</FIELD></FOOTNOTE> moet de EU-douanedatahub grens- en sectoroverschrijdende interoperabiliteit in Europa bevorderen. Zij moet het potentieel benutten van bestaande bronnen van informatie over risico’s die op het niveau van de Unie beschikbaar zijn, zoals de systemen voor snelle waarschuwingen voor levensmiddelen en diervoeders (RASFF) en voor non-foodproducten (Safety Gate), het informatie- en communicatiesysteem voor markttoezicht (ICSMS) en het IP Enforcement Portal. Zij moet de ontwikkeling ondersteunen van strategische en operationele samenwerking, met inbegrip van inlichtingenuitwisseling en interoperabiliteit, tussen douaneautoriteiten en andere autoriteiten, instanties en diensten, binnen hun respectieve bevoegdheden. Daarnaast moet de EU-douanedatahub een breed scala aan geavanceerde gegevensanalyse aanbieden, onder meer door het gebruik van artificiële intelligentie. Die gegevensanalyse moet risicoanalyse, economische analyse en voorspellende analyse mogelijk maken om te anticiperen op mogelijke risico’s bij zendingen die de Unie binnenkomen of verlaten. Om te zorgen voor een beter toezicht op de handelsstromen en een gestroomlijnde samenwerking met andere autoriteiten dan de douane, moet de EU-douanedatahub gebruik kunnen maken van het samenwerkingskader van de EU-éénloketomgeving voor de douane en, wanneer dat kader niet kan worden gebruikt, die autoriteiten een specifieke dienst aanbieden via welke zij de relevante gegevens kunnen ontvangen, inlichtingen verstrekken aan en uitwisselen met de douaneautoriteiten en er zorg voor zorgen dat de sectorale vereisten worden nageleefd. Dit zou nodig zijn indien de andere autoriteiten niet beschikken over een elektronisch systeem dat met de EU-douanedatahub kan worden samengevoegd.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(21)</NO.P>Naast de EU-douanedatahub kunnen de lidstaten hun eigen toepassingen ontwikkelen om gebruik te maken van gegevens van de EU-douanedatahub. Te dien einde kunnen zij, ook om de aanlooptijd te verkorten, de EU-douaneautoriteit met de financiering en het mandaat voor de ontwikkeling van dergelijke toepassingen belasten. In dat geval moet de EU-douaneautoriteit de toepassingen ontwikkelen ten behoeve van alle lidstaten. Dit kan gebeuren door toepassingen met openbroncode te ontwikkelen in overeenstemming met het kader voor delen en hergebruiken.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(22)</NO.P>De EU-douanedatahub moet de hieronder beschreven gegevensstroom mogelijk maken. Marktdeelnemers moeten alle relevante gegevens die nodig zijn om aan de douanewetgeving te voldoen, in de hub kunnen indienen of via de hub beschikbaar kunnen stellen. Die gegevens moeten op het niveau van de Unie worden verwerkt en met Uniebrede risicoanalyse worden verrijkt. De daaruit voortvloeiende gegevens moeten ter beschikking worden gesteld van de douaneautoriteiten van de lidstaten, die de gegevens gebruiken om aan hun verplichtingen te voldoen. Tot slot moet het resultaat van de controles die worden verricht na het opvragen van gegevens uit de EU-douanedatahub, aan die datahub worden teruggemeld.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(23)</NO.P>De gegevens die bij de EU-douanedatahub worden ingediend, zijn grotendeels niet-persoonsgegevens die worden ingediend door marktdeelnemers en die betrekking hebben op de door hen verhandelde goederen. Deze gegevens zullen echter ook persoonsgegevens omvatten, met name de namen van personen die voor een marktdeelnemer of een autoriteit optreden. Om te waarborgen dat persoonsgegevens en commerciële informatie evenzeer worden beschermd, moeten bij deze verordening specifieke toegangsregels, regels inzake vertrouwelijkheid en voorwaarden voor het gebruik van de EU-douanedatahub worden vastgesteld. Er moet met name worden vastgesteld welke entiteiten gegevens die in de EU-douanedatahub zijn opgeslagen of daar anderszins beschikbaar zijn, mogen benaderen en verwerken, naast personen, de Commissie, de douaneautoriteiten en de EU-douaneautoriteit, waarbij een evenwicht wordt gehouden tussen de behoeften van die entiteiten en de behoefte om te waarborgen dat de voor douanedoeleinden verzamelde persoonsgegevens en vertrouwelijke informatie zo weinig mogelijk voor andere doeleinden worden gebruikt.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(23 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Onverminderd de gegevensbeschermingsregels, met name de regels betreffende gevoelige douanegegevens en commercieel gevoelige gegevens, moeten niet-persoonsgegevens voor specifieke doeleinden ter beschikking van derden worden gesteld, indien sprake is van een passende motivering en op verzoek. Marktdeelnemers moeten ervoor kunnen kiezen geen toestemming voor een dergelijke openbaarmaking te geven.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 14]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(24)</NO.P>Om te garanderen dat het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) zijn onderzoeksbevoegdheden kan uitoefenen met betrekking tot frauduleuze activiteiten die de belangen van de Unie schaden, is het passend dat OLAF de gegevens van de EU-douanedatahub op nagenoeg dezelfde wijze kan benaderen als de Commissie. OLAF moet daarom het recht krijgen om de gegevens te verwerken overeenkomstig de voorwaarden inzake gegevensbescherming in de desbetreffende Uniewetgeving, daaronder begrepen Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 september 2013 betreffende onderzoeken door het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1073/1999 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (Euratom) nr. 1074/1999 van de Raad (PB L 248 van 18.9.2013, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> en Verordening (EG) nr. 515/97<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EG) nr. 515/97 van de Raad van 13 maart 1997 betreffende de wederzijdse bijstand tussen de administratieve autoriteiten van de lidstaten en de samenwerking tussen deze autoriteiten en de Commissie met het oog op de juiste toepassing van de douane- en landbouwvoorschriften (PB L 82 van 22.3.1997, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> van de Raad. Om te garanderen dat het EOM zijn onderzoeken naar douanegerelateerde aangelegenheden kan verrichten, moet het het recht <STRING STRIKE="on">krijgen om</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hebben op</STRING></STRING> toegang tot<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en verwerking van</STRING></STRING> de gegevens in de EU-douanedatahub<STRING STRIKE="on"> te vragen</STRING>. Om de functies die in de nationale IT-systemen van de lidstaten worden uitgevoerd, te behouden, moeten de belastingautoriteiten van de lidstaten de mogelijkheid krijgen om ofwel gegevens rechtstreeks in de EU-douanedatahub te verwerken ofwel gegevens uit de EU-douanedatahub op te halen en met andere middelen te verwerken. In die zin moeten de autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor voedselveiligheid overeenkomstig Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) nr. 1069/2009, (EG) nr. 1107/2009, (EU) nr. 1151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 1/2005 en (EG) nr. 1099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles) (PB L 95 van 7.4.2017, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> en de autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor markttoezicht overeenkomstig Verordening (EU) 2019/1020, de juiste diensten en instrumenten in de EU-douanedatahub tot hun beschikking krijgen, zodat zij de relevante douanegegevens kunnen gebruiken om de desbetreffende Uniewetgeving te helpen handhaven en samen te werken met de douaneautoriteiten om de risico’s dat niet-conforme producten de Unie binnenkomen, tot een minimum te beperken. Het is passend dat Europol op verzoek toegang heeft tot gegevens in de EU-douanedatahub om zijn taken als omschreven in Verordening (EU) 2016/794<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU) 2016/794 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) en tot vervanging en intrekking van de Besluiten 2009/371/JBZ, 2009/934/JBZ, 2009/935/JBZ, 2009/936/JBZ en 2009/968/JBZ van de Raad (PB L 135 van 24.5.2016, blz. 53).</FIELD></FOOTNOTE> van het Europees Parlement en de Raad te kunnen uitvoeren. Alle andere organen en autoriteiten van de Unie en de lidstaten, met inbegrip van het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex), moeten toegang hebben tot niet-persoonsgegevens in de EU-douanedatahub.<STRING BOLD="on"> [Am. 15]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(24 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Overeenkomstig artikel 24 van Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad van 12 oktober 2017 betreffende nauwere samenwerking bij de instelling van het Europees Openbaar Ministerie (“EOM”) (PB L 283 van 31.10.2017, blz. 1).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> moeten de bevoegde douaneautoriteiten aan het Europees Openbaar Ministerie zonder onnodige vertraging elke strafbare gedraging melden ten aanzien waarvan het overeenkomstig artikel 22 en artikel 25, leden 2 en 3, van die verordening zijn bevoegdheid zou kunnen uitoefenen. De bevoegde douaneautoriteiten mogen geen maatregelen nemen die de vertrouwelijkheid van strafonderzoeken naar dezelfde feiten van de bevoegde nationale gerechtelijke of rechtshandhavingsautoriteit of het EOM in gevaar kunnen brengen, wanneer daarom wordt verzocht door die autoriteiten.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 16]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(25)</NO.P>De regels en bepalingen betreffende de toegang tot de EU-douanedatahub en de inlichtingenuitwisseling mogen geen afbreuk doen aan het douane-informatiesysteem (DIS) dat is ingesteld bij Verordening (EG) nr. 515/97 van de Raad, en aan de rapportageverplichtingen uit hoofde van artikel 24 van Verordening (EU) 2019/1896 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de Europese grens- en kustwacht.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(26)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">De Commissie moet de voorwaarden voor de toegang van al deze autoriteiten in uitvoeringsbepalingen vaststellen, nadat zij een beoordeling heeft verricht van de bestaande waarborgen waarin elke autoriteit of categorie van autoriteiten heeft voorzien om de correcte behandeling van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens te waarborgen.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 17]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(27)</NO.P>Het is passend dat de EU-douanedatahub persoonsgegevens gedurende maximaal tien jaar bewaart. Deze periode is gerechtvaardigd gelet op het feit dat de douaneautoriteiten kennis mogen geven van een douaneschuld tot tien jaar nadat zij de nodige informatie over een zending hebben ontvangen, en ook om te garanderen dat de Commissie, de EU-douaneautoriteit, OLAF<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, het EOM</STRING></STRING>, de douane- en andere autoriteiten de informatie in de EU-douanedatahub kunnen toetsen aan de informatie die is opgeslagen in en wordt uitgewisseld met andere systemen. Bovendien moet deze periode worden afgestemd op de bewaartermijn die in andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving is bepaald, indien die wetgeving relevant is voor douanecontroles. Het is ook passend dat wanneer persoonsgegevens vereist zijn in het kader van gerechtelijke en administratieve procedures, onderzoeken en controles na vrijgave, de bewaartermijn wordt geschorst om te voorkomen dat persoonsgegevens worden gewist en niet voor die doeleinden kunnen worden gebruikt.<STRING BOLD="on"> [Am. 18]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(28)</NO.P>De bescherming van persoonsgegevens en andere gegevens in de EU-douanedatahub moet ook regels omvatten over de beperking van de rechten van betrokkenen. Daarom is het passend dat de douaneautoriteiten, de Commissie of de EU-douaneautoriteit het recht van betrokkenen zo nodig kunnen beperken om te vermijden dat handhavingsactiviteiten, risicoanalyses en douanecontroles in het gedrang komen. Bovendien kunnen dergelijke beperkingen ook worden toegepast wanneer dat nodig is ter bescherming van gerechtelijke of administratieve procedures naar aanleiding van handhavingsactiviteiten. De beperkingen moeten naar behoren worden gemotiveerd in het licht van de activiteiten en prerogatieven van de douane en mogen niet langer duren dan nodig is om die prerogatieven te vrijwaren.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(29)</NO.P>De verwerking van persoonsgegevens in het kader van deze verordening dient te geschieden in overeenstemming met de bepalingen van Verordening (EU) 2016/679, Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad of Richtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad, binnen het respectieve toepassingsgebied ervan.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(30)</NO.P>De Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming is geraadpleegd overeenkomstig artikel 42, lid 1, van Verordening (EU) 2018/1725 en heeft op <STRING STRIKE="on">[…]</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">11 juli 2023</STRING></STRING> een advies uitgebracht.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming herinnert er aan de hand van zijn negen aanbevelingen aan dat de risicocriteria die moeten worden gebruikt om personen te selecteren door middel van geautomatiseerde verwerking, wanneer dit leidt tot individuele besluiten, gebaseerd moeten zijn op omstandigheden die betrouwbaar zijn en rechtstreeks verband houden met objectieve factoren, geen direct of indirect risico op discriminatie mogen inhouden, bijvoorbeeld op basis van ras, etnische afkomst, godsdienst, politieke oriëntatie of seksuele gerichtheid, en niet te ruim mogen zijn.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 19]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(30 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Met het oog op de vaststelling van een gemeenschappelijk kader voor de douane-unie, moet de éénloketomgeving van de Europese Unie voor de douane (de “EU-éénloketomgeving voor de douane”) geïntegreerd worden in het douanewetboek van de Unie. Om die reden moet Verordening (EU) 2022/2399 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2022/2399 van het Europees Parlement en de Raad van 23 november 2022 tot vaststelling van de éénloketomgeving van de Europese Unie voor de douane en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 952/2013 (PB L 317 van 9.12.2022, blz. 1).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> worden ingetrokken en moet de EU-éénloketomgeving voor de douane aan deze verordening worden toegevoegd.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 20]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(30 ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om te komen tot een volledig digitale omgeving en een efficiënt proces voor het in- en uitklaren van goederen voor alle partijen die betrokken zijn bij internationale handel, moeten gemeenschappelijke regels worden vastgesteld inzake een geharmoniseerde en geïntegreerde EU-éénloketomgeving voor de douane. Die omgeving moet de EU-douanedatahub en de in bijlage I bis bij deze verordening bedoelde niet-douanesystemen van de Unie bestrijken. De EU-douanedatahub moet in overeenstemming met de EU-éénloketomgeving voor de douane de uitwisseling van informatie met niet-douanesystemen van de Unie mogelijk maken. Bij de ontwikkeling van de EU-éénloketomgeving voor de douane moet rekening worden gehouden met de mogelijkheden voor betrouwbare identificatie en authenticatie die door Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn1999/93/EG (PB L 257 van 28.8.2014, blz. 73).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> worden geboden en, waar van toepassing, het eenmaligheidsbeginsel, zoals bevestigd in Verordening (EU) 2018/1724 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2018/1724 van het Europees Parlement en de Raad van 2 oktober 2018 tot oprichting van één digitale toegangspoort voor informatie, procedures en diensten voor ondersteuning en probleemoplossing en houdende wijziging van Verordening (EU) nr. 1024/2012 (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 1).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Om de EU-éénloketomgeving voor de douane in te voeren, moet op basis van het proefproject een systeem voor de uitwisseling van certificaten worden vastgesteld, namelijk het elektronisch douane-éénloketsysteem van de Europese Unie voor de uitwisseling van certificaten (European Union Customs Single Window Certificates Exchange System – “EU-CSW-CERTEX”), dat een verbinding legt tussen de EU-douanedatahub en niet-douanesystemen van de Unie voor het beheer van specifieke niet-douaneformaliteiten. Daarnaast moet de EU-douanedatahub in de EU-éénloketomgeving voor de douane worden geïntegreerd, en moeten regels voor de digitale administratieve samenwerking binnen de EU-éénloketomgeving voor de douane worden vastgesteld.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 21]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(30 quater)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-éénloketomgeving voor de douane moet zoveel mogelijk worden afgestemd op en zo interoperabel mogelijk zijn met andere bestaande of toekomstige douanesystemen, zoals het systeem voor gecentraliseerde vrijmaking uit hoofde van deze verordening. Waar relevant moet naar synergiën worden gestreefd tussen het bij Verordening (EU) 2019/1239 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2019/1239 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 tot instelling van een Europees maritiem éénloketsysteem en tot intrekking van Richtlijn 2010/65/EU (PB L 198 van 25.7.2019, blz. 64).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> ingestelde Europees maritiem éénloketsysteem en de EU-éénloketomgeving voor de douane.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 22]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(30 quinquies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het is noodzakelijk dat de EU-éénloketomgeving voor de douane oplossingen omvat die een hoog niveau van cyberbeveiliging waarborgen, teneinde, voor zover mogelijk, aanvallen te voorkomen die de douane- en niet-douanesystemen kunnen verstoren, de veiligheid van de handel kunnen schaden of schade kunnen toebrengen aan de economie van de Unie. De cyberbeveiligingsnormen moeten zo worden ontworpen dat zij zich in hetzelfde tempo ontwikkelen als de regelgevingsvereisten voor netwerk- en informatiebeveiliging. Bij het ontwikkelen, exploiteren en onderhouden van de EU-éénloketomgeving voor de douane moeten de Commissie en de lidstaten passende richtsnoeren inzake cyberbeveiliging van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging (“Enisa”) volgen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 23]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(30 sexies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De uitwisseling van digitale informatie via EU-CSW-CERTEX moet betrekking hebben op niet-douaneformaliteiten van de Unie die zijn vastgesteld in de door de douaneautoriteiten te handhaven andere Uniewetgeving dan douanewetgeving. Niet-douaneformaliteiten van de Unie omvatten alle handelingen die moeten worden verricht door een natuurlijke persoon, een marktdeelnemer of een geassocieerde bevoegde autoriteit voor het internationale verkeer van goederen, met inbegrip van het onderdeel van de overbrenging tussen de lidstaten, indien vereist. Met die formaliteiten worden verschillende verplichtingen opgelegd voor de invoer, uitvoer of doorvoer van bepaalde goederen, en de verificatie ervan door middel van douanecontroles is van fundamenteel belang voor de doeltreffende werking van de EU-éénloketomgeving voor de douane. EU-CSW-CERTEX moet betrekking hebben op gedigitaliseerde formaliteiten die in de Uniewetgeving zijn vastgelegd en die door geassocieerde bevoegde autoriteiten worden beheerd in elektronische niet-douanesystemen van de Unie, waarin de voor het in- en uitklaren van goederen vereiste relevante informatie van alle lidstaten wordt opgeslagen. Het is dan ook dienstig te bepalen voor welke niet-douaneformaliteiten van de Unie respectievelijk niet-douanesystemen van de Unie digitale samenwerking via EU-CSW-CERTEX nodig is. Het is met name van belang dat de definitie van niet-douanesystemen van de Unie ruim is en betrekking heeft op de verschillende situaties en juridische formuleringen in de rechtshandelingen van de Unie die het opzetten en het gebruik van die systemen mogelijk maken of mogelijk zullen maken. Bovendien is het passend de data te specificeren waarop het specifieke niet-douanesysteem van de Unie voor een niet-douaneformaliteit van de Unie en de EU-douanedatahub moeten worden verbonden met EU-CSW-CERTEX. Die data moeten de data weerspiegelen die in andere Uniewetgeving dan douanewetgeving zijn vastgesteld voor de vervulling van de specifieke niet-douaneformaliteit van de Unie, teneinde naleving via de EU-éénloketomgeving voor de douane mogelijk te maken. EU-CSW-CERTEX moet in eerste instantie met name betrekking hebben op sanitaire en fytosanitaire voorschriften, regels voor de invoer van biologische producten, milieuvoorschriften betreffende gefluoreerde broeikasgassen en ozonafbrekende stoffen, en formaliteiten in verband met de invoer van cultuurgoederen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 24]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(30 septies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">EU-CSW-CERTEX moet de uitwisseling van informatie tussen de EU-douanedatahub en niet-douanesystemen van de Unie faciliteren. Dit houdt in dat wanneer een marktdeelnemer een douaneaangifte of aangifte tot wederuitvoer indient waarvoor de naleving van niet-douaneformaliteiten van de Unie is vereist, de douaneautoriteiten en geassocieerde bevoegde autoriteiten de voor het douaneafhandelingsproces benodigde informatie automatisch en doeltreffend moeten kunnen uitwisselen en verifiëren. Een betere digitale samenwerking en coördinatie tussen douaneautoriteiten en geassocieerde bevoegde autoriteiten moet zorgen voor meer geïntegreerde, snellere en eenvoudigere papierloze processen voor het in- en uitklaren van goederen en een betere handhaving en naleving van niet-douaneformaliteiten van de Unie.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 25]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(30 octies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie moet EU-CSW-CERTEX samen met de lidstaten ontwikkelen, integreren en exploiteren, waarbij passende opleiding over de werking en uitvoering ervan aan de lidstaten wordt verstrekt. Om passende, geharmoniseerde en gestandaardiseerde éénloketdiensten voor niet-douaneformaliteiten van de Unie aan te bieden op Unieniveau, moet de Commissie alle afzonderlijke niet-douanesystemen van de Unie met EU-CSW-CERTEX verbinden. De Commissie heeft de verantwoordelijkheid om de EU-douanedatahub met EU-CSW-CERTEX te verbinden, indien nodig met hulp van de EU-douaneautoriteit.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 26]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(31)</NO.P>Een component voor douanerisicobeheer op het niveau van de Unie is van fundamenteel belang voor een geharmoniseerde toepassing van douanecontroles in de lidstaten. Er bestaat momenteel een gemeenschappelijk kader voor risicobeheer dat de mogelijkheid biedt om gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden en gemeenschappelijke risicocriteria en -normen op het gebied van financiële risico’s vast te stellen met het oog op de uitvoering van douanecontroles, maar dit kader vertoont aanzienlijke tekortkomingen. Om het gebrek aan een geharmoniseerde toepassing van douanecontroles en een geharmoniseerd risicobeheer, dat de financiële en niet-financiële belangen van de Unie en van de lidstaten schaadt, te verhelpen, moeten de regels worden herzien en een robuustere risicobeheeraanpak worden vastgesteld die zowel financiële als niet-financiële risico’s bestrijdt. Hierbij moeten ook de structurele uitdagingen op het gebied van het risicobeheer van financiële risico’s die door de Europese Rekenkamer zijn vastgesteld, worden aangepakt. Het is met name passend om te beschrijven welke activiteiten deel uitmaken van het douanerisicobeheer, in het kader van een cyclische aanpak. Het is ook zaak om de rollen en verantwoordelijkheden van de Commissie, de EU-douaneautoriteit en de douaneautoriteiten van de lidstaten vast te stellen. Het is ook van essentieel belang te bepalen dat de Commissie gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden en gemeenschappelijke risicocriteria en -normen kan vaststellen en specifieke terreinen van andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving kan aanwijzen die prioritair in aanmerking komen voor gemeenschappelijk risicobeheer en controles, zonder dat de veiligheid in het gedrang komt.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Dit vereist nauwe samenwerking met de bevoegde autoriteiten die andere door de douane toegepaste wetgeving handhaven, met bijzondere aandacht voor samenwerking met markttoezichtautoriteiten.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 27]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(32)</NO.P>Het is daarom passend te voorzien in risicobeheeractiviteiten op het niveau van de Unie en in bepalingen die garanderen dat op het niveau van de Unie uitgebreide gegevens worden verzameld die relevant zijn voor risicobeheer, daaronder begrepen de resultaten en de evaluatie van alle controles. Dit bewerkstelligt een gemeenschappelijke risicoanalyse en de afgifte van overeenkomstige controleaanbevelingen van de Unie aan de douaneautoriteiten. Die controleaanbevelingen moeten worden gevolgd of er moet worden gemotiveerd waarom dat niet gebeurt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Overeenkomstig het “pas toe of leg uit”-beginsel moeten deze controleaanbevelingen worden toegepast, of er moeten dwingende redenen worden aangevoerd om de aanbevelingen niet toe te passen. Er moet een kader worden opgezet om zekerheid te verschaffen over situaties waarin het toegestaan is af te wijken van deze aanbevelingen, bijvoorbeeld wanneer er sprake is van andere dringende prioriteiten</STRING></STRING>. Ook moet worden voorzien in de mogelijkheid om een instructie te geven dat voor de Unie bestemde goederen niet mogen worden geladen of vervoerd. De analyse van risico’s en dreigingen op Unieniveau moet gebaseerd zijn op voortdurend geactualiseerde gegevens op Unieniveau en moet aangeven welke maatregelen en controles moeten worden uitgevoerd aan de grensdoorlaatposten waar goederen het grondgebied van de Unie binnenkomen of verlaten. In het kader van de samenwerking met rechtshandhavings- en veiligheidsautoriteiten in het bijzonder moet het risicobeheer op het niveau van de Unie waar mogelijk bijdragen aan en profiteren van strategische analyses en dreigingsevaluaties die op het niveau van de Unie worden uitgevoerd, met inbegrip van die welke worden uitgevoerd door het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) en het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex), teneinde bij te dragen aan de efficiënte en doeltreffende preventie en bestrijding van criminaliteit.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Ernstige of herhaalde overtredingen van andere wetgeving die door de douane wordt toegepast en door de douane of door andere bevoegde autoriteiten wordt opgemerkt, moeten weerslag hebben op het risicoprofiel van importeurs, exporteurs of gelijkgestelde importeurs.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 28]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(33)</NO.P>Het proces van plaatsing van goederen onder een douaneregeling moet worden herzien om rekening te houden met de nieuwe rollen en verantwoordelijkheden van de bij de regeling betrokken personen. Zo moet de verantwoordelijkheid voor het verstrekken van de informatie aan de douaneautoriteiten bij de persoon komen te liggen die verantwoordelijk is voor de goederen: de importeur, de exporteur of de houder van de regeling douanevervoer, in tegenstelling tot de aangever. Zij moeten de gegevens aan de douane verstrekken of ter beschikking stellen zodra deze beschikbaar zijn en in elk geval voordat de goederen voor een douaneregeling worden vrijgegeven, zodat de douaneautoriteiten een risicoanalyse kunnen verrichten en passende maatregelen kunnen nemen. Aangezien gelijkgestelde importeurs in de e-commerce een groter transactievolume hebben en de douaneschuld moeten berekenen op het tijdstip van de verkoop in plaats van op het tijdstip waarop de goederen worden vrijgegeven, moet de termijn van hun rapportageverplichting worden aangepast. Gelijkgestelde importeurs moeten daarom uiterlijk op de dag na de aanvaarding van de betaling gegevens verstrekken over hun verkopen van in te voeren goederen. Daartegenover staat dat de douaneautoriteiten, in naar behoren gemotiveerde omstandigheden, Trust&amp;Check-ondernemers moeten kunnen toestaan om de gegevens over hun vrijgegeven goederen in een later stadium te vervolledigen, omdat deze ondernemers voortdurend gegevens over hun transacties met de douane delen en als betrouwbaar moeten worden aangemerkt. Een dergelijke omstandigheid kan erin bestaan dat de definitieve douanewaarde van de goederen niet kan worden bepaald op het moment van vrijgave omdat deze afhangt van een futurescontract, of dat de relevante bewijsstukken nog moeten worden verkregen zonder dat deze van invloed zijn op de berekening van de douaneschuld.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(34)</NO.P>Teneinde het douaneproces voor het binnenbrengen van goederen in het douanegebied van de Unie te vereenvoudigen en ook te garanderen dat slechts één persoon verantwoordelijk is voor die goederen, moet worden bepaald dat verschillende actoren in de toeleveringsketen hun deel van de relevante informatie over de betrokken goederen verstrekken en deze aan een specifieke zending koppelen. Goederen mogen alleen worden binnengebracht als een in de Unie gevestigde importeur de verantwoordelijkheid voor die goederen op zich neemt. De importeur moet de douane informatie verstrekken over de goederen en over de douaneregeling waaronder zij moeten worden geplaatst, in een zo vroeg mogelijk stadium, zo mogelijk voordat de goederen fysiek aankomen. Een dienstverlener of douane-expediteur moet de informatie kunnen verstrekken in naam van en voor rekening van de importeur, maar de importeur blijft ervoor verantwoordelijk dat de goederen voldoen aan de vereisten inzake financiële en niet-financiële risico’s. De vervoerders die de goederen daadwerkelijk binnenbrengen, moeten ook bepaalde informatie over de goederen verstrekken vóórdat deze worden geladen of aankomen (hierna “voorafgaande vrachtinformatie” genoemd) en moeten hun informatie koppelen aan de informatie van de importeur wanneer deze eerder is ingediend, zonder dat zij noodzakelijkerwijs toegang hebben tot alle gegevens die de importeur heeft verstrekt. Om rekening te houden met de complexere toeleveringsketens en vervoersnetwerken, kan daarnaast ook van andere personen worden verlangd dat zij de informatie over de goederen die naar het douanegebied van de Unie worden gebracht, vervolledigen. De importeur, de vervoerder of iedere andere persoon die informatie aan de douane verstrekt, moet verplicht zijn deze te wijzigen wanneer hij weet dat de informatie niet langer correct is, maar wel voordat de douaneautoriteiten onregelmatigheden hebben ontdekt die zij willen controleren.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(35)</NO.P>De douaneautoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de plaats van eerste binnenkomst van de goederen, moeten een risicoanalyse van de beschikbare informatie over die goederen verrichten en het recht hebben een breed scala aan risicobeperkende maatregelen te nemen indien zij een risico ontdekken; zo kunnen zij onder meer verzoeken dat een andere douaneautoriteit of andere autoriteiten een controle verrichten <STRING STRIKE="on">vóórdat</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voordat</STRING></STRING> de goederen worden geladen of wanneer zij in het douanegebied van de Unie aankomen. Vervoerders weten doorgaans het best wanneer de goederen zijn aangekomen, en daarom moeten zij de douane van de aankomst in kennis stellen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, waarbij zij in voorkomend geval gebruik moeten maken van het Europees maritiem éénloketsysteem overeenkomstig Verordening (EU) 2019/1239</STRING></STRING>. Om rekening te houden met de complexere toeleveringsketens en vervoersnetwerken, kan evenwel ook van andere personen worden verlangd dat zij de douaneautoriteiten in kennis stellen van de aankomst van de goederen met het oog op hun risicoanalyse. Om ervoor te zorgen dat de douaneautoriteiten over voorafgaande vrachtinformatie beschikken over alle goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen, mag een vervoerder geen goederen lossen waarover geen informatie beschikbaar is, tenzij de douaneautoriteiten de vervoerder hebben verzocht de goederen aan te brengen of zich een noodsituatie voordoet die het lossen van de goederen vereist. Om het proces van binnenbrengen van goederen waarvoor de douaneautoriteiten over passende voorafgaande vrachtinformatie beschikken, vlot te laten verlopen, mag van een vervoerder daarentegen niet worden verlangd dat hij de goederen in alle gevallen bij de douane aanbrengt, maar alleen wanneer de douaneautoriteiten daarom verzoeken of wanneer andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving zulks vereist.<STRING BOLD="on"> [Am. 29]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(36)</NO.P>Niet-Uniegoederen die het douanegebied van de Unie worden binnengebracht, moeten worden geacht zich in tijdelijke opslag te bevinden vanaf het moment waarop de vervoerder kennisgeeft van de aankomst ervan tot het moment waarop zij onder een douaneregeling worden geplaatst, tenzij zij reeds onder de regeling douanevervoer zijn geplaatst. Om passend douanetoezicht te waarborgen, moet deze situatie in de tijd worden beperkt. Zij mag niet langer dan tien dagen duren, behalve in uitzonderlijke gevallen. Indien de importeur de goederen gedurende een langere periode moet opslaan, moeten deze zich in een douane-entrepot bevinden, waar ze zonder beperking in de tijd kunnen worden opgeslagen. De bestaande vergunningen voor tijdelijke-opslagplaatsen moeten daarom worden omgezet in vergunningen douane-entrepot indien aan de desbetreffende eisen is voldaan.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(37)</NO.P>Het is noodzakelijk de regels te handhaven aan de hand waarvan wordt bepaald of goederen al dan niet Uniegoederen zijn en of de status van Uniegoederen kan worden vermoed of moet worden aangetoond, met name wanneer de goederen het douanegebied van de Unie tijdelijk verlaten.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(38)</NO.P>Zodra de douaneautoriteiten op basis van een risicoanalyse over de nodige informatie voor de desbetreffende regeling beschikken, moeten zij beslissen of ze de goederen verder controleren, vrijgeven, de vrijgave weigeren of schorsen, of de termijn laten verstrijken zodat de goederen als vrijgegeven worden beschouwd. De douaneautoriteiten dienen dit zo nodig in samenwerking met andere autoriteiten te doen. Dienovereenkomstig moeten de douaneautoriteiten de vrijgave van de goederen weigeren wanneer zij over bewijzen beschikken dat de goederen niet aan de toepasselijke wettelijke vereisten voldoen. Wanneer de douaneautoriteiten andere autoriteiten moeten raadplegen om te bepalen of de goederen al dan niet conform zijn, moeten zij de vrijgave schorsen ten minste totdat het overleg plaatsvindt. In die gevallen moet de daaropvolgende beslissing van de douaneautoriteiten met betrekking tot de goederen afhangen van het antwoord van de andere autoriteiten. Om te voorkomen dat zowel bedrijven als autoriteiten worden geblokkeerd wanneer de beoordeling van de naleving enige tijd vergt, moeten de douaneautoriteiten de mogelijkheid hebben de goederen vrij te geven mits het bedrijf <STRING STRIKE="on">gedurende maximaal vijftien dagen </STRING>informatie blijft verstrekken over de plaats waar de goederen zich bevinden. Om rechtszekerheid te bieden aan de bedrijven die de informatie tijdig hebben verstrekt zonder de douaneautoriteiten te verplichten op elke zending te reageren, moeten tot slot de goederen die <STRING STRIKE="on">na een redelijke termijn</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zo snel mogelijk en uiterlijk binnen dertig kalenderdagen</STRING></STRING> niet voor een controle zijn geselecteerd, als vrijgegeven worden beschouwd.<STRING STRIKE="on"> De Commissie moet de bevoegdheid krijgen om deze termijn in gedelegeerde regels vast te stellen en zo nodig aan te passen aan het soort vervoer of het soort grensdoorlaatpost.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 30]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(39)</NO.P>Voor zover Trust&amp;Check-ondernemers de douane volledige toegang tot hun systemen, administratie en verrichtingen verlenen en als betrouwbaar worden aangemerkt, moeten zij hun goederen kunnen vrijgeven onder toezicht van de douaneautoriteiten zonder evenwel op hun tussenkomst te moeten wachten. Dienovereenkomstig moeten Trust&amp;Check-ondernemers goederen kunnen vrijgeven voor elke regeling bij binnenbrengen bij ontvangst van de goederen op de plaats van eindbestemming of voor elke regeling bij uitgaan op de plaats van levering van de goederen. Aangezien Trust&amp;Check-ondernemers als transparant worden aangemerkt, moeten de aankomst en/of de levering naar behoren worden geregistreerd in de EU-douanedatahub. Deze marktdeelnemers moeten worden verplicht de douaneautoriteiten te informeren wanneer zich een probleem voordoet, zodat die autoriteiten definitief over de vrijgave kunnen beslissen. Wanneer de internecontrolesystemen van de Trust&amp;Check-ondernemers robuust genoeg zijn, moeten de douaneautoriteiten, in samenwerking met andere autoriteiten, de ondernemers kunnen toestaan bepaalde controles zelf uit te voeren. De douaneautoriteiten moeten echter de mogelijkheid behouden om de goederen te allen tijde te controleren.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De Trust&amp;Check-status mag niet worden verleend aan personen die herhaalde of ernstige overtredingen van andere door de douane toegepaste wetgeving van de Unie hebben begaan.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 31]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(40)</NO.P>Er moet worden voorzien in maatregelen om de overgang van een systeem op basis van douaneaangiften naar een systeem op basis van informatieverstrekking aan de centrale EU-douanedatahub te organiseren. Tijdens de overgangsperiode moeten marktdeelnemers de mogelijkheid hebben om douaneaangiften in te dienen om hun voornemen goederen onder een douaneregeling te plaatsen, kenbaar te maken. Zodra de capaciteiten van de EU-douanedatahub beschikbaar zijn, moeten marktdeelnemers echter ook de mogelijkheid krijgen om via de EU-douanedatahub informatie aan de douaneautoriteiten te verstrekken of beschikbaar te stellen, en mogen de douaneautoriteiten geen enkele marktdeelnemer nog een vergunning laten aanvragen voor vereenvoudigingen met betrekking tot de douaneaangifte. Aan het einde van de overgangsperiode moeten alle vergunningen hun geldigheid verliezen, aangezien douaneaangiften niet langer zullen bestaan.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(41)</NO.P>In artikel 29 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) is bepaald dat producten uit derde landen worden geacht zich in het vrije verkeer te bevinden indien de invoerformaliteiten zijn vervuld en douanerechten of heffingen van gelijke werking zijn voldaan. Het in het vrije verkeer brengen mag echter niet worden opgevat als een bewijs dat andere, door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving is nageleefd, wanneer deze wetgeving specifieke eisen stelt aan goederen die op de interne markt worden verkocht of verbruikt.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(42)</NO.P>Het proces van uitgaan van goederen uit het douanegebied van de Unie moet worden gestroomlijnd en vereenvoudigd in overeenstemming met het proces van binnenbrengen. Daarom is het passend te eisen dat een in de Unie gevestigde persoon, namelijk de exporteur, verantwoordelijk is voor de goederen. De exporteur moet de douane de relevante informatie verstrekken of ter beschikking stellen voordat de goederen de Unie verlaten, met vermelding of de uit te voeren goederen Unie- of niet-Uniegoederen zijn, en de informatie zo nodig aanpassen. Om het proces te vereenvoudigen en mogelijke lacunes te vermijden, moet het concept uitvoer ook op de uitgang van niet-Uniegoederen zien en dus mede het concept “wederuitvoer” omvatten, dat vroeger als een afzonderlijk concept was geregeld.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(43)</NO.P>Met het oog op een goed risicobeheer van de goederen die het douanegebied van de Unie verlaten, moet het voor de uitvoer verantwoordelijke douanekantoor worden verplicht een risicoanalyse van de informatie over de goederen te verrichten en passende maatregelen te nemen of te vragen voordat de goederen uitgaan. Deze maatregelen moeten er onder meer in bestaan dat het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats van verzending van de goederen en het douanekantoor van uitgang en, indien nodig, andere autoriteiten, wordt gevraagd controles te verrichten, naast de maatregelen in het kader van de vrijgave voor een douaneregeling, die ook van toepassing zijn wanneer de goederen onder de regeling uitvoer worden geplaatst.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(44)</NO.P>Om ervoor te zorgen dat de tariefschorsingsregelingen ook transparant zijn, moeten de bepalingen betreffende vergunningen voor bijzondere regelingen worden gestroomlijnd. Omwille van de duidelijkheid en de rechtszekerheid moeten met name de voorwaarden om te bepalen of een advies op Unieniveau noodzakelijk is om te beoordelen of het verlenen van een vergunning de belangen van de producenten in de Unie kan schaden, het zogenaamde onderzoek van de economische voorwaarden, worden gecodificeerd en niet in gedelegeerde voorschriften worden geregeld. Aangezien bovendien de gevolgen voor de belangen van de producenten in de Unie kan afhangen van de hoeveelheid goederen die onder de bijzondere regeling worden geplaatst, moet de EU-douaneautoriteit de bevoegdheid krijgen om een bepaalde drempel voor te stellen waaronder wordt aangenomen dat er geen negatieve gevolgen zijn voor de belangen van de producenten in de Unie.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(45)</NO.P>Artikel 9 van de Herziene Rijnvaartakte verwijst naar een bijlage (het Rijnmanifest) die het goederenvervoer over de Rijn en de zijrivieren ervan aanmerkt als een regeling douanevervoer over de nationale grenzen van vijf lidstaten<FOOTNOTE><FIELD>De regeling is gebaseerd op de Rijnvaartakte van Mannheim van 17 oktober 1868 en het protocol dat op 22 november 1963 door de Centrale Commissie voor de Rijnvaart is aangenomen. De Rijnvaartakte van Mannheim heeft betrekking op de oeverstaten België, Duitsland, Frankrijk, Nederland en Zwitserland, die voor de toepassing van de akte als één gebied worden beschouwd.</FIELD></FOOTNOTE> en aldus vergemakkelijkt. Volgens informatie van de douanediensten wordt het Rijnmanifest in de praktijk niet meer als douanevervoerregeling in de Rijnoeverstaten gebruikt. In plaats daarvan geschiedt het goederenvervoer over de Rijn en de zijrivieren ervan nu onder de bij het wetboek ingestelde regeling Uniedouanevervoer, via het nieuwe geautomatiseerde systeem voor douanevervoer (NCTS). Daarom moet de verwijzing naar het Rijnmanifest worden geschrapt in de gevallen waarin een vervoer als extern douanevervoer of als Uniedouanevervoer wordt aangemerkt.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(46)</NO.P>Om meer transparantie te creëren met betrekking tot de persoon die verantwoordelijk is voor de naleving van de verplichtingen van de regeling Uniedouanevervoer en voor de inhoud en risico’s in verband met de zending, moet van de houder van de regeling douanevervoer worden verlangd dat hij ten minste informatie over de importeur of de exporteur verstrekt, met opgave van de reden van het vervoer, het vervoermiddel en de identificatie van de onder die regeling geplaatste goederen. Dergelijke informatie moet de douaneautoriteiten in staat stellen doeltreffender toezicht te houden op de betrokken regeling Uniedouanevervoer en een risicoanalyse te verrichten. De regeling Uniedouanevervoer moet verplicht zijn, tenzij goederen onmiddellijk bij het binnenkomen of verlaten van het douanegebied van de Unie onder een andere douaneregeling worden geplaatst. Indien de importeur of de exporteur nog niet bekend is, moet de houder van de goederen worden aangemerkt als de importeur of de exporteur van de goederen en moet hij aansprakelijk zijn voor de betaling van douanerechten en andere belastingen en heffingen. De regeling Uniedouanevervoer moet worden vervangen door douanetoezicht indien de goederen door een Trust&amp;Check-ondernemer worden in- of uitgevoerd.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(47)</NO.P>Bij een wijziging van bijlage 6 bij de Douaneovereenkomst inzake het internationale vervoer van goederen onder dekking van carnets TIR (“TIR-overeenkomst”)<FOOTNOTE><FIELD>Wijzigingen op de Douaneovereenkomst inzake het internationale vervoer van goederen onder dekking van carnets TIR (TIR-overeenkomst van 1975) - Volgens de kennisgeving van de VN-depositaris C.N.85.2021.TREATIES-XI.A.16 treden de volgende wijzigingen op de TIR-overeenkomst op 1 juni 2021 in werking voor alle overeenkomstsluitende partijen (PB L 193 van 1.6.2021, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE>, die op 1 juni 2021 in werking is getreden, is toelichting 0.49 gewijzigd om marktdeelnemers die aan bepaalde eisen voldoen, de mogelijkheid te bieden “toegelaten afzender” te worden, naar analogie met de bestaande faciliteiten voor marktdeelnemers die als “toegelaten geadresseerde” zijn erkend. De nieuwe mogelijkheid waarin de TIR-overeenkomst voorziet, moet worden toegevoegd om de douanewetgeving van de Unie in overeenstemming te brengen met die internationale overeenkomst.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(48)</NO.P><STRING STRIKE="on">Bij e-commercetransacties zou de toepassing van de standaardregels om de rechten te berekenen, in veel gevallen tot onevenredige administratieve lasten leiden, zowel voor de douanediensten als voor de marktdeelnemers, met name bij de inning van de inkomsten. Met het oog op de totstandbrenging van een robuuste en doeltreffende fiscale en douanebehandeling van goederen die in het kader van e-commerce uit derde landen worden ingevoerd (“afstandsverkopen van ingevoerde goederen”), moet de Uniewetgeving worden gewijzigd om de drempel af te schaffen waaronder goederen met een te verwaarlozen waarde van niet meer dan 150 EUR per zending zijn vrijgesteld van douanerechten bij invoer overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1186/2009</STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING STRIKE="on">Verordening (EG) nr. 1186/2009 van de Raad van 16 november 2009 betreffende de instelling van een communautaire regeling inzake douanevrijstellingen (PB L 324 van 10.12.2009, blz. 23).</STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING STRIKE="on"> van de Raad, en om een vereenvoudigde tariefbehandeling in te voeren voor afstandsverkopen van uit derde landen ingevoerde goederen overeenkomstig Verordening (EEG) nr. 2658/87</STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING STRIKE="on">Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB L 256 van 7.9.1987, blz. 1).</STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING STRIKE="on"> van de Raad (gecombineerde nomenclatuur). In het licht van deze voorgestelde wijzigingen moeten </STRING>Bepaalde regels van het wetboek inzake tariefindeling, oorsprong en douanewaarde<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> moeten</STRING></STRING> worden gewijzigd om te voorzien in de vereenvoudigingen die op vrijwillige basis door de gelijkgestelde importeur kunnen worden toegepast bij de vaststelling van de douanerechten in een b2c-transactie die voor btw-doeleinden als afstandsverkoop kwalificeert. De vereenvoudigingen moeten inhouden dat het verschuldigde douanerecht kan worden berekend door een van de tarieven voor de nieuwe korven in de gecombineerde nomenclatuur toe te passen op een waarde die op eenvoudigere wijze wordt berekend. In het kader van de vereenvoudigde regels voor b2c-e-commercetransacties moet de nettoaankoopprijs exclusief btw maar inclusief de totale vervoerskosten tot de eindbestemming van het product als douanewaarde worden aangemerkt en mag geen oorsprong worden vereist. Indien de gelijkgestelde importeur evenwel in aanmerking wil komen voor preferentiële tarieven door de oorsprong van de goederen aan te tonen, kan hij dit doen door de standaardprocedures toe te passen.<STRING BOLD="on"> [Am. 32]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(49)</NO.P>Momenteel worden de douaneschulden geïnd door de lidstaat waar de douaneaangifte wordt ingediend. Het staat de ondernemer vrij om deze in te dienen in het land van eerste binnenkomst, dan wel gebruik te maken van een regeling douanevervoer en de rechten te betalen in een andere lidstaat. In 2025 zal dit systeem met de uitrol van een IT-systeem voor gecentraliseerde vrijmaking veranderen, waardoor geautoriseerde marktdeelnemers de douaneaangifte zullen kunnen indienen in de lidstaat waar zij zijn gevestigd. In het licht van deze ontwikkeling is het passend de regels voor de bepaling van de plaats waar de douaneschuld ontstaat, zodanig te wijzigen dat de invoerrechten worden betaald aan de lidstaat waar de importeur is gevestigd, omdat dit de plaats is waar de douaneautoriteit de meest volledige kennis kan hebben van de administratie, de verrichtingen en de commerciële gedragingen van marktdeelnemers, met name wanneer aan die marktdeelnemers de status van Trust&amp;Check-ondernemer is verleend. Het is echter passend dat de douaneschuld van marktdeelnemers die geen Trust&amp;Check-ondernemer zijn, ontstaat op de plaats waar de goederen zich fysiek bevinden, ten minste totdat het toezichtmodel is geëvalueerd.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(50)</NO.P>In het geval van e-commercetransacties is het van essentieel belang te garanderen dat een douaneschuld correct wordt betaald door onlinetussenpersonen, zoals internetplatforms, die de onlineverkoop van goederen aan particuliere consumenten afwikkelen. Daarom moet worden verduidelijkt dat de gelijkgestelde importeur de persoon is die verantwoordelijk is voor de douaneschuld die zou ontstaan op het tijdstip dat de koper het e-commercebedrijf, in de meeste gevallen een internetplatform, betaalt. Om de lasten in verband met die verplichting te vereenvoudigen, kan de gelijkgestelde importeur worden gemachtigd om de verschuldigde invoerrechten te bepalen en zijn douaneschulden periodiek te betalen, en moeten de douaneautoriteiten één enkele boeking ten behoeve van de begroting van de Unie kunnen verrichten.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(51)</NO.P>Het is passend het mechanisme te versterken dat moet zorgen voor een efficiënter toezicht op de uitvoering van de beperkende maatregelen ten aanzien van goederen die de Raad overeenkomstig artikel 215 VWEU kan vaststellen. In dat geval moet de EU-douaneautoriteit de Commissie en de lidstaten ondersteunen om ervoor te zorgen dat die maatregelen niet worden omzeild. De douaneautoriteiten moeten ervoor zorgen dat zij alle nodige stappen zetten om aan de maatregelen te voldoen, en zij moeten de Commissie en de EU-douaneautoriteit daarvan in kennis stellen.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(52)</NO.P>Er moet een mechanisme voor crisisbeheer worden opgezet om mogelijke crises in de douane-unie aan te pakken. Het ontbreken van een dergelijk mechanisme op het niveau van de Unie werd benadrukt in het douaneactieplan<FOOTNOTE><FIELD>Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité - “Een actieplan om de douane-unie op een hoger plan te brengen” (COM(2020) 581 final van 28.9.2020).</FIELD></FOOTNOTE>. Daarom moet een mechanisme worden ingesteld waarbij de EU-douaneautoriteit een spilfunctie krijgt bij de voorbereiding, coördinatie en monitoring van de uitvoering van de praktische maatregelen en regelingen waartoe de Commissie in crisistijd besluit. De EU-douaneautoriteit moet tijdens de volledige duur van een crisis continu paraat blijven om te reageren.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De EU-douaneautoriteit moet aan de Commissie, het Europees Parlement en de Raad verslag uitbrengen over de uitvoering van de praktische maatregelen en regelingen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 33]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(53)</NO.P>Het bestaande governancekader van de douane-unie mist een duidelijke operationele beheerstructuur en heeft geen gelijke tred gehouden met de ontwikkeling van de douane sinds de oprichting van de douane-unie in 1968. Op grond van Verordening (EU) nr. 952/2013 zijn de nationale autoriteiten verantwoordelijk voor de activiteiten die verband houden met het beheer van risico’s in handelsstromen, zoals de uitvoering van controles op het terrein en de besluitvorming daartoe<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. De intensiteit van de handel in goederen aan de buitengrenzen is niet gelijkmatig over de Unie verdeeld</STRING></STRING>. Ondanks de samenwerking tussen de nationale douanediensten sinds de oprichting van de douane-unie, die in de uitwisseling van beste praktijken, deskundigheid en de ontwikkeling van gemeenschappelijke richtsnoeren heeft geresulteerd, is er geen geharmoniseerde aanpak noch geharmoniseerd operationeel kader tot stand gekomen. De lidstaten houden er uiteenlopende praktijken op na, wat de douane-unie verzwakt. Er bestaat geen centrale risicoanalysecapaciteit of gemeenschappelijke visie op risicoprioritering, douaneacties en -controles zijn slechts tot op zekere hoogte gecoördineerd en er is geen samenwerkingskader van verschillende autoriteiten ten dienste van de <STRING STRIKE="on">eengemaakte</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">interne</STRING></STRING> markt. Een centrale operationele component op het niveau van de Unie om deskundigheid en middelen te bundelen en gezamenlijk besluiten te nemen, moet dergelijke tekortkomingen op gebieden zoals gegevensbeheer, risicobeheer en opleiding aanpakken, zodat de douane-unie als “één geheel” kan optreden. Daarom is het passend een EU-douaneautoriteit op te richten. De oprichting van deze nieuwe autoriteit is van cruciaal belang om het efficiënte en adequate functioneren van de douane-unie te waarborgen, het douaneoptreden centraal te coördineren en de activiteiten van de douaneautoriteiten te ondersteunen.<STRING BOLD="on"> [Am. 34]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(54)</NO.P>Bij het bestuur en het functioneren van de EU-douaneautoriteit moet worden uitgegaan van de beginselen van de gezamenlijke verklaring en gemeenschappelijke aanpak van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie inzake gedecentraliseerde agentschappen van 19 juli 2012<FOOTNOTE><FIELD>joint_statement_on_decentralised_agencies_en.pdf (europa.eu)</FIELD></FOOTNOTE>.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(55)</NO.P>In het besluitvormingsproces over de keuze van de zetel van de EU-douaneautoriteit moet rekening worden gehouden met de volgende criteria: de garantie dat de autoriteit bij de inwerkingtreding van deze verordening op de locatie in kwestie kan worden opgezet, de toegankelijkheid van die locatie en de aanwezigheid van adequate onderwijsfaciliteiten voor de kinderen van de personeelsleden, alsmede passende toegang tot de arbeidsmarkt, sociale zekerheid en medische zorg voor zowel de kinderen als de echtgenoten van de personeelsleden. Aangezien de meeste activiteiten van de EU-douaneautoriteit op samenwerkingsbasis zullen worden verricht, en met name gezien de nauwe band die er zal bestaan tussen de IT-systemen die de Commissie tijdens de overgangsperiode zal onderhouden terwijl de EU-douaneautoriteit de EU-douanedatahub zal opzetten en exploiteren, moet de zetel zich op een locatie bevinden waar een dergelijke nauwe samenwerking mogelijk is met de Commissie, de autoriteiten van de regio’s van de Unie die het meest relevant zijn voor de internationale handel, en relevante organen van de Unie en internationale instanties (bijvoorbeeld de Werelddouaneorganisatie om de wederzijdse uitwisseling over specifieke onderwerpen in de praktijk te faciliteren). Rekening houdend met deze criteria moet de douaneautoriteit van de EU gevestigd zijn te [...].</P></CONS><CONS><P><NO.P>(55 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten en de Commissie hebben de verantwoordelijkheid erop toe te zien dat de douaneautoriteiten naar behoren gefinancierd, opgeleid en uitgerust zijn om in staat te zijn zich van hun taak te kwijten, met inbegrip van passende onderzoeksbevoegdheden.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 35]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(55 ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De douane heeft aanzienlijke investeringen nodig, met name met het oog op voldoende naar behoren opgeleide personeelsleden ter waarborging van de werking van de douanesystemen van de Unie die te kampen hebben met een exponentiële stijging van de behoefte, waarbij komt dat digitale oplossingen niet ten volle kunnen worden benut zonder de nodige investeringen in personeel. Bij investeringen in digitale stelsels moet derhalve voldoende financiering voor personeel en hun opleiding worden verzekerd om te kunnen voorzien in de nodige vaardigheden voor de meest moderne apparatuur, technologie voor analyse, opsporing en controle aan de hand van big data, en om aldus te garanderen dat douanecontroles in de hele Unie op uniforme wijze worden uitgevoerd.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 36]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(56)</NO.P>De lidstaten<STRING STRIKE="on"> en</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> de Commissie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en het Europees Parlement</STRING></STRING> moeten in een raad van bestuur vertegenwoordigd zijn om ervoor te zorgen dat de EU-douaneautoriteit doeltreffend kan functioneren. Bij de samenstelling van de raad van bestuur, met inbegrip van de selectie van de voorzitter en de vicevoorzitter, moet rekening worden gehouden met de beginselen van genderevenwicht, ervaring en bekwaamheid. Gezien de exclusieve bevoegdheid van de Unie op het gebied van de douane-unie en de nauwe band tussen douane en andere beleidsterreinen, is het passend dat de voorzitter uit de vertegenwoordigers van de Commissie wordt gekozen. Met het oog op het doeltreffend en efficiënt functioneren van de EU-douaneautoriteit moet de raad van bestuur met name een enig programmeringsdocument, inclusief een jaar- en een meerjarenprogrammering, vaststellen, zijn taken met betrekking tot de begroting van de autoriteit uitvoeren, de voor de autoriteit geldende financiële regels vaststellen, een uitvoerend directeur benoemen en de procedures vaststellen die de uitvoerend directeur moet volgen bij het nemen van besluiten met betrekking tot de operationele taken van de autoriteit. De raad van bestuur wordt bijgestaan door een uitvoerend comité<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en een raadgevend orgaan waarin consumentenorganisaties, ondernemersorganisaties en andere relevante niet-gouvernementele actoren zijn vertegenwoordigd</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 37]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(56 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-douaneautoriteit moet de adviesraad voor de douane oprichten om haar uitvoerend comité bij te staan. De adviesraad moet advies verstrekken over de uitvoering van technische maatregelen en besluiten, onder meer met betrekking tot risicobeheer en prioritaire controlegebieden, kwesties inzake normalisatie, waaronder werkzaamheden betreffende harmonisatie of de noodzaak van aanpassing van de regels, alsook advies over de douaneaspecten van andere door de douane toegepaste wetgeving en advies in het kader van andere activiteiten van de EU-douaneautoriteit. De samenstelling van de adviesraad voor de douane moet gebaseerd zijn op een evenwichtige vertegenwoordiging van belanghebbenden waar het commerciële en niet-commerciële belangen betreft en, binnen de categorie commerciële belangen, waar het kmo’s en andere ondernemingen betreft.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 38]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(57)</NO.P>Om haar doeltreffend functioneren te waarborgen, moet aan de EU-douaneautoriteit een eigen begroting worden toegekend, met ontvangsten uit de algemene begroting van de Unie en eventuele vrijwillige financiële bijdragen van de lidstaten. In uitzonderlijke en naar behoren gemotiveerde omstandigheden moet de EU-douaneautoriteit ook extra inkomsten kunnen ontvangen via bijdrageovereenkomsten of subsidieovereenkomsten, alsook vergoedingen voor publicaties en andere diensten die door haar worden verleend.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(58)</NO.P>Om hun taak te vervullen, werken de douaneautoriteiten nauw en regelmatig samen met markttoezichtautoriteiten, sanitaire en fytosanitaire controleautoriteiten, rechtshandhavingsinstanties, grensbeheerautoriteiten, milieubeschermingsinstanties, deskundigen op het gebied van cultuurgoederen en tal van andere autoriteiten die belast zijn met sectoraal beleid. Gezien de ontwikkeling van de <STRING STRIKE="on">eengemaakte</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">interne</STRING></STRING> markt en de veranderende rol van de douane, de toename van verboden en beperkingen en de groei van e-commerce is het noodzakelijk deze samenwerking op nationaal, Unie- en internationaal niveau te structureren en te versterken. In plaats van een samenwerking die gericht is op individuele zendingen of specifieke gebeurtenissen in de toeleveringsketen, moet een gestructureerd samenwerkingskader worden opgezet tussen de douaneautoriteiten en andere autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor relevante beleidsterreinen. Een dergelijk samenwerkingskader moet de volgende aspecten omvatten: de ontwikkeling van wetgeving en van beleidsbehoeften op een specifiek gebied, de uitwisseling en analyse van informatie, de ontwikkeling van een algemene samenwerkingsstrategie in de vorm van gezamenlijke toezichtstrategieën en, ten slotte, samenwerking op het gebied van operationele uitvoering, monitoring en controle. De Commissie moet ook de toepassing van een deel van de andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving vergemakkelijken door een lijst op te stellen van Uniewetgeving die eisen stelt aan goederen die onderworpen zijn aan douanecontroles ter bescherming van openbare belangen zoals de gezondheid en het leven van mens, dier of plant, de consument en het milieu.<STRING BOLD="on"> [Am. 39]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(59)</NO.P>Om meer duidelijkheid te creëren en het samenwerkingskader tussen de douane en andere partnerautoriteiten efficiënter te maken, moet een lijst van diensten die door douaneautoriteiten worden aangeboden, duidelijk aangeven welke rol de douane kan spelen bij de toepassing van ander relevant beleid aan de grenzen van de Unie. Daarnaast moet de toepassing van het samenwerkingskader worden gemonitord door de EU-douaneautoriteit. De EU-douaneautoriteit moet nauw samenwerken met de Commissie, OLAF, andere relevante agentschappen en organen van de Unie, zoals Europol<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, het EOM</STRING></STRING> en Frontex, alsook met gespecialiseerde agentschappen en netwerken op de respectieve beleidsterreinen, zoals het Unienetwerk voor productconformiteit.<STRING BOLD="on"> [Am. 40]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(60)</NO.P>In een wereld die steeds meer met elkaar verbonden is, zijn douanediplomatie en internationale samenwerking belangrijke aspecten van de werkzaamheden van de douaneautoriteiten over de hele wereld. Internationale samenwerking moet voorzien in de mogelijkheid om douanegegevens uit te wisselen, op basis van internationale overeenkomsten of autonome wetgeving van de Unie, door middel van passende en veilige communicatiemiddelen, met inachtneming van de vertrouwelijkheid van informatie en de bescherming van persoonsgegevens, bijvoorbeeld via de EU-douanedatahub.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Dat rechtskader mag geen inbreuk vormen op de bevoegdheid van de lidstaten wat betreft bilaterale of multilaterale betrekkingen met derde landen inzake nationale taken.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 41]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(61)</NO.P>Ondanks het feit dat de douanewetgeving door middel van het wetboek is geharmoniseerd, legde Verordening (EU) nr. 952/2013 de lidstaten alleen de verplichting op om sancties voor niet-naleving van de douanewetgeving vast te stellen, die doeltreffend, evenredig en afschrikkend moesten zijn. De lidstaten zijn dus vrij in hun keuze van douanesancties, die sterk verschillen van lidstaat tot lidstaat en in de loop der tijd veranderen. Er moet worden voorzien in een gemeenschappelijk kader waarin een minimale basis van douaneovertredingen en niet-strafrechtelijke sancties is vastgelegd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Niet-naleving van de verplichtingen van de importeur, exporteur en gelijkgestelde importeur kan worden opgenomen in de lijst van douaneovertredingen</STRING></STRING>. Een dergelijk kader moet een antwoord bieden op het gebrek aan uniforme toepassing en de aanzienlijke verschillen tussen de lidstaten bij de toepassing van sancties tegen inbreuken op de douanewetgeving, die tot concurrentieverstoring, lacunes en “douaneshopping” kunnen leiden. Het kader moet bestaan uit een gemeenschappelijke lijst van handelingen of verzuimen die in alle lidstaten als douaneovertredingen moeten worden aangemerkt. Bij de vaststelling van de toepasselijke sanctie moeten de douaneautoriteiten bepalen of een dergelijke handeling of dergelijk verzuim het resultaat is van opzet of klaarblijkelijke nalatigheid.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De sancties en verplichtingen die gelden voor marktdeelnemers moeten in verhouding staan tot hun rol in het transactieproces, waarbij de billijkheid en duidelijkheid bij hun toepassing worden gewaarborgd. De Commissie, de lidstaten en de EU-douaneautoriteit moeten regelmatig beste praktijken inzake controle en sancties uitwisselen teneinde de samenhang bij de toepassing van sancties te verbeteren.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 42]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(62)</NO.P>Er moeten gemeenschappelijke bepalingen worden vastgesteld met betrekking tot verzachtende factoren, alsook verzwarende omstandigheden, in verband met douaneovertredingen. De verjaringstermijn voor het inleiden van een procedure wegens overtreding van douanevoorschriften moet worden vastgesteld in overeenstemming met het nationale recht en moet tussen vijf en tien jaar bedragen, teneinde te voorzien in een gemeenschappelijke regel die gebaseerd is op de verjaringstermijn voor de mededeling van de douaneschuld. De bevoegde jurisdictie moet de jurisdictie zijn waar de overtreding is begaan. Het is noodzakelijk dat lidstaten samenwerken wanneer een douaneovertreding in meer dan één lidstaat is begaan; in dergelijke gevallen moet de lidstaat die de procedure het eerst inleidt, samenwerken met de andere douaneautoriteiten die bij dezelfde douaneovertreding betrokken zijn.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(63)</NO.P>Er moet worden voorzien in een minimale gemeenschappelijke basis van douaneovertredingen door deze te omschrijven op basis van de in deze verordening vastgestelde verplichtingen en van identieke verplichtingen in andere delen van de douanewetgeving.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(64)</NO.P>Er moet ook worden voorzien in een gemeenschappelijke minimale basis van niet-strafrechtelijke sancties met minimale geldboetes, de mogelijkheid tot intrekking, schorsing of wijziging van douanevergunningen, ook van geautoriseerde marktdeelnemers en Trust&amp;Check-ondernemers, en de verbeurdverklaring van goederen. De minimale geldboetes moeten afhangen van de vraag of de douaneovertreding al dan niet opzettelijk is begaan en al dan niet van invloed is op het bedrag aan douanerechten en overige heffingen en op verboden of beperkingen. Deze minimale gemeenschappelijke basis van niet-strafrechtelijke sancties moet van toepassing zijn zonder afbreuk te doen aan de nationale rechtsorde van de lidstaten, die in plaats daarvan in strafrechtelijke sancties kan voorzien.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De lidstaten, de Commissie en de EU-douaneautoriteit moeten samenwerken om de samenhang van niet-strafrechtelijke sancties en de toepassing ervan in de Unie geleidelijk te vergroten.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 43]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(65)</NO.P>De prestaties van de douane-unie moeten ten minste eenmaal per jaar worden geëvalueerd, zodat de Commissie, met de hulp van de lidstaten, de passende beleidslijnen kan uitzetten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en het betreffende evaluatieverslag moet openbaar worden gemaakt</STRING></STRING>. Het verzamelen van informatie bij de douaneautoriteiten moet worden geformaliseerd en verdiept, aangezien uitgebreidere rapportage de benchmarking zou verbeteren en zou kunnen helpen om praktijken te homogeniseren en het effect van douanebeleidsbeslissingen te beoordelen. Het is daarom passend een rechtskader voor de evaluatie van de prestaties van de douane-unie te introduceren. Om een voldoende gedetailleerde analyse mogelijk te maken, moet de prestatiemeting niet alleen op nationaal niveau plaatsvinden, maar ook op het niveau van de grensdoorlaatposten. De EU-douaneautoriteit moet de Commissie bij het evaluatieproces ondersteunen door de gegevens in de EU-douanedatahub te verzamelen en te analyseren, en in kaart te brengen hoe douaneactiviteiten en -operaties de verwezenlijking van de strategische doelstellingen en prioriteiten van de douane-unie ondersteunen en bijdragen aan de missie van de douaneautoriteiten. De EU-douaneautoriteit moet met name belangrijke trends, sterke en zwakke punten, lacunes en potentiële risico’s in kaart brengen en aanbevelingen voor verbetering aan de Commissie doen. In het kader van de samenwerking met rechtshandhavings- en veiligheidsautoriteiten in het bijzonder moet de EU-douaneautoriteit vanuit operationeel oogpunt ook deelnemen aan strategische analyses en dreigingsevaluaties die op het niveau van de Unie worden verricht, met inbegrip van die welke door Europol en Frontex worden verricht.<STRING BOLD="on"> [Am. 44]</STRING></P></CONS><CONS><P><NO.P>(66)</NO.P>Overeenkomstig het evenredigheidsbeginsel is het voor het verwezenlijken van de kerndoelstellingen, dat de douane-unie doeltreffend kan functioneren en dat aan het gemeenschappelijke handelsbeleid uitvoering wordt gegeven, nodig en passend de regels en procedures vast te stellen voor goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten. Deze verordening gaat overeenkomstig artikel 5, lid 4, van het Verdrag betreffende de Europese Unie niet verder dan nodig is om de beoogde doelstellingen te verwezenlijken.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(67)</NO.P><LIST LEVEL="1" TYPE="DASH"><INT.LI LEVEL="0">Om bepaalde niet-essentiële onderdelen van deze verordening aan te vullen of te wijzigen, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 VWEU handelingen vast te stellen met betrekking tot:</INT.LI><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat de gebieden met een bijzonder fiscaal regime betreft, nadere bepalingen van de douanewetgeving betreffende bijzondere omstandigheden die verband houden met de handel in Uniegoederen waarbij slechts één lidstaat betrokken is;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat douanebeschikkingen betreft, de voorwaarden, termijnen, uitzonderingen, regels voor toezicht, schorsing, nietigverklaring en intrekking met betrekking tot de aanvraag, de afgifte en het beheer van dergelijke beschikkingen, met inbegrip van die welke betrekking hebben op bindende inlichtingen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>de minimale gegevensvereisten en specifieke gevallen voor de registratie van marktdeelnemers bij de douaneautoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de plaats waar die marktdeelnemers zijn gevestigd;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>de aard en de frequentie van de toezichtactiviteiten, de vereenvoudigingen en de faciliteiten die aan de geautoriseerde marktdeelnemer zijn verleend;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>de aard en de frequentie van de toezichtactiviteiten van de Trust&amp;Check-ondernemer;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat de douanevertegenwoordiger betreft, de voorwaarden waaronder die persoon diensten mag verrichten in het douanegebied van de Unie, de gevallen waarin die persoon niet in het douanegebied van de Unie gevestigd moet zijn, en de gevallen waarin de douaneautoriteiten geen bewijs van vertegenwoordigingsbevoegdheid verlangen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>de categorieën betrokkenen en de categorieën persoonsgegevens die in de EU-douanedatahub mogen worden verwerkt;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>nadere regels met betrekking tot de douanestatus van goederen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>het soort gegevens en de termijnen waarbinnen die gegevens moeten worden verstrekt om goederen onder een douaneregeling te plaatsen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>	<STRING STRIKE="on">de redelijke termijn waarna de douaneautoriteiten worden geacht de goederen te hebben vrijgegeven wanneer zij deze niet voor controle hebben geselecteerd;</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 45]</STRING></ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat douaneaangiften betreft: de gevallen waarin een douaneaangifte kan worden ingediend met gebruikmaking van andere dan elektronische gegevensverwerkingstechnieken; de voorwaarden voor het verlenen van een vergunning om vereenvoudigde aangiften in te dienen; de termijnen voor de indiening van aanvullende aangiften en de gevallen waarin wordt afgezien van de verplichting om dergelijke aangiften in te dienen; de gevallen waarin de douaneautoriteiten de douaneaangifte ongeldig maken; de voorwaarden voor het verlenen van een vergunning voor gecentraliseerde vrijmaking en voor inschrijving in de administratie van de aangever;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>de voorwaarden en de procedure voor de verbeurdverklaring van goederen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat voorafgaande vrachtinformatie betreft: de te verstrekken aanvullende gegevens, de termijnen, het geval waarin wordt afgezien van de verplichting om dergelijke gegevens te verstrekken, de specifieke gevallen waarin gegevens door meerdere personen kunnen worden verstrekt, de voorwaarden waaronder een persoon die informatie verstrekt of beschikbaar stelt, de zichtbaarheid van zijn identificatiegegevens kan beperken tot een of meer andere personen die ook gegevens verstrekken;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat het binnenbrengen van goederen in het douanegebied van de Unie betreft: de termijnen waarbinnen de risicoanalyse moet worden verricht en de nodige maatregelen moeten worden genomen; de specifieke gevallen waarin en de andere personen van wie kan worden verlangd dat de aankomst van de zendingen wordt gemeld bij het feitelijke douanekantoor van eerste binnenkomst, in geval van uitwijking; de voorwaarden voor de aanwijzing en goedkeuring van andere plaatsen dan het aangewezen douanekantoor om de goederen aan te brengen; de voorwaarden voor de aanwijzing of goedkeuring van andere plaatsen dan douane-entrepots om de goederen in tijdelijke opslag te plaatsen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>de gegevens die aan de douaneautoriteiten moeten worden verstrekt of beschikbaar moeten worden gesteld om goederen onder de regeling in het vrije verkeer brengen te plaatsen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>de gevallen waarin goederen worden geacht te zijn teruggekeerd in de staat waarin zij zijn uitgevoerd en waarin goederen die in aanmerking kwamen voor maatregelen op grond van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, van invoerrechten kunnen worden vrijgesteld;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat de informatie vóór vertrek bij het uitgaan van goederen uit het douanegebied van de Unie betreft: de minimale informatie vóór vertrek en de termijnen waarbinnen de informatie vóór vertrek moet worden verstrekt of beschikbaar moet worden gesteld voordat de goederen uitgaan, de specifieke gevallen waarin wordt afgezien van de verplichting om informatie vóór vertrek te verstrekken of beschikbaar te stellen, en de informatie waarvan kennis moet worden gegeven bij het uitgaan van de goederen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat het uitgaan van goederen betreft, de termijnen waarbinnen de risicoanalyse moet worden verricht en de nodige maatregelen moeten worden genomen; de gegevens die aan de douaneautoriteiten moeten worden verstrekt of beschikbaar moeten worden gesteld om goederen onder de regeling uitvoer te plaatsen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat bijzondere regelingen betreft: de gegevens die aan de douaneautoriteiten moeten worden verstrekt of beschikbaar moeten worden gesteld om goederen onder een dergelijke regeling te plaatsen; de uitzonderingen op de voorwaarden voor het verlenen van een vergunning voor bijzondere regelingen; de gevallen waarin het economische karakter van de veredeling rechtvaardigt dat de douaneautoriteiten beoordelen of het verlenen van een vergunning voor een regeling actieve veredeling de wezenlijke belangen van de producenten in de Unie niet schaadt, zonder advies van de EU-douaneautoriteit; de lijst van als gevoelig aangemerkte goederen; de termijn voor de aanzuivering van een bijzondere regeling; de gevallen waarin en voorwaarden waaronder importeurs en exporteurs goederen die onder een andere bijzondere regeling dan douanevervoer of in een vrije zone zijn geplaatst, mogen overbrengen; de gebruikelijke behandelingen van goederen die onder een regeling douane-entrepot of een veredelingsregeling zijn geplaatst; de nadere regels met betrekking tot equivalente goederen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat douanevervoer betreft: de specifieke gevallen waarin Uniegoederen onder de regeling extern douanevervoer moeten worden geplaatst; de voorwaarden voor het verlenen van de vergunning voor toegelaten afzender en toegelaten geadresseerde voor TIR-doeleinden; de door de houder van de regeling Uniedouanevervoer te verstrekken aanvullende gegevensvereisten;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat opslag betreft: de minimale gegevens die door de exploitant van een douane-entrepot of een vrije zone moeten worden verstrekt; de voorwaarden voor het verlenen van de vergunning voor het beheer van douane-entrepots;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat tijdelijke invoer betreft: de eisen waaraan voor een volledige of gedeeltelijke vrijstelling van rechten volgens de douanewetgeving moet worden voldaan om gebruik te kunnen maken van de regeling tijdelijke invoer;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>de regels voor de bepaling van niet-preferentiële oorsprong en de regels inzake preferentiële oorsprong;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>de voorwaarden voor het verlenen van de vergunning voor vereenvoudigingen bij de bepaling van de douanewaarde in specifieke gevallen;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat douaneschuld betreft: nadere regels voor de berekening van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten die van toepassing zijn op goederen waarvoor een douaneschuld is ontstaan in het kader van een bijzondere regeling; de specifieke termijn waarbinnen de plaats waar de douaneschuld is ontstaan, niet kan worden vastgesteld indien de goederen onder een douaneregeling zijn geplaatst die niet is aangezuiverd of wanneer een tijdelijke opslag niet naar behoren is beëindigd; nadere regels met betrekking tot de mededeling van de douaneschuld; regels voor</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>de schorsing van de betalingstermijn van het met een douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en voor de bepaling van de duur van de schorsing; de regels die de Commissie moet volgen wanneer zij een besluit neemt over terugbetaling en kwijtschelding van een douaneschuld; de lijst van verzuimen die geen noemenswaardig effect hebben op het goede functioneren van de tijdelijke opslag of de douaneregeling in kwestie, met het oog op het tenietgaan van de douaneschuld;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat zekerheidstelling betreft: de specifieke gevallen waarin geen zekerheid wordt verlangd voor goederen die onder de regeling tijdelijke invoer zijn geplaatst, de regels voor de vaststelling van de zekerheid in een andere vorm dan een door de douaneautoriteiten erkend betaalmiddel en dan een verbintenis van een borg; de regels betreffende de formulieren voor zekerheidstelling en de regels die van toepassing zijn op de borg; de voorwaarden voor het verlenen van een vergunning voor het gebruik van een doorlopende zekerheid voor een verminderd bedrag dan wel voor ontheffing van zekerheidstelling; de termijnen voor de vrijgave van een zekerheid;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>wat douanesamenwerking betreft, alle andere aanvullende maatregelen die de douaneautoriteiten moeten nemen om de naleving van andere dan de douanewetgeving te waarborgen; de voorwaarden en procedures op grond waarvan een lidstaat kan worden gemachtigd om met derde landen onderhandelingen aan te knopen over de uitwisseling van gegevens met het oog op douanesamenwerking;</ITEM><ITEM LEVEL="1"><SYMBOL>—</SYMBOL>het schrappen of wijzigen van de afwijkingen voor de vaststelling van het douanekantoor dat bevoegd is voor het toezicht op de plaatsing van de goederen onder een douaneregeling, en van de plaats waar de douaneschuld ontstaat, in het licht van de door de Commissie te verrichten beoordeling van de doeltreffendheid van het bij deze verordening ingestelde douanetoezicht.</ITEM></LIST></P></CONS><CONS><P><NO.P>(68)</NO.P>Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden voor de vaststelling van gedelegeerde handelingen tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven<FOOTNOTE><FIELD>PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(69)</NO.P>Om eenvormige voorwaarden te waarborgen voor de uitvoering van deze verordening, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend om: de procedureregels vast te stellen voor het gebruik van een beschikking betreffende een bindende inlichting nadat deze haar geldigheid heeft verloren of is ingetrokken; de procedureregels vast te stellen voor de kennisgeving aan de douaneautoriteiten dat er een schorsing geldt ten aanzien van het afgeven van dergelijke beschikkingen, en voor de intrekking van die schorsing; besluiten vast te stellen waarbij lidstaten wordt verzocht beschikkingen betreffende bindende inlichtingen in te trekken; de voorwaarden vast te stellen voor de toepassing van de criteria voor de toekenning van de status van geautoriseerde marktdeelnemer en Trust&amp;Check-ondernemer; de elektronische systemen, platforms of omgevingen te bepalen waarmee de EU-douanedatahub wordt samengevoegd; de regels vast te stellen voor de toegang tot specifieke diensten en systemen van de EU-douanedatahub, met inbegrip van de specifieke regels en voorwaarden voor de bescherming, veiligheid en beveiliging van persoonsgegevens en van de gevallen waarin die toegang beperkt is; maatregelen vast te stellen voor het beheer van de douanesurveillance; de procedureregels vast te stellen met betrekking tot de verantwoordelijkheden van de gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken voor de gegevensverwerking via een dienst of systeem van de EU-douanedatahub; de procedureregels vast te stellen voor de vaststelling van de andere bevoegde douanekantoren dan het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats waar de importeur of de exporteur is gevestigd; maatregelen vast te stellen met betrekking tot verificatie van informatie, onderzoek en bemonstering van goederen, resultaten van de verificatie, en identificatie; maatregelen vast te stellen voor de toepassing van controles na vrijgave met betrekking tot verrichtingen die in meer dan één lidstaat plaatsvinden; de havens of luchthavens te bepalen waar douanecontroles en -formaliteiten moeten worden verricht ten aanzien van hand- en ruimbagage; maatregelen vast te stellen om de geharmoniseerde toepassing van douanecontroles en risicobeheer te waarborgen, met inbegrip van de uitwisseling van informatie, de vaststelling van gemeenschappelijke risicocriteria en -normen en gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden, en de evaluatieactiviteiten op deze gebieden; de procedureregels te bepalen voor het leveren en het verifiëren van het bewijs van de douanestatus van Uniegoederen; de procedureregels te bepalen voor het wijzigen en ongeldig maken van de informatie voor de plaatsing van goederen onder een douaneregeling; de procedureregels te bepalen voor de vaststelling van de bevoegde douanekantoren en voor de indiening van de douaneaangifte wanneer andere middelen dan elektronische gegevensverwerkingstechnieken worden gebruikt; de procedureregels voor het indienen van een standaard douaneaangifte en het beschikbaar maken van bewijsstukken; de procedureregels voor het indienen van een vereenvoudigde aangifte en een aanvullende aangifte; de procedureregels voor het indienen van een douaneaangifte voorafgaand aan het aanbrengen van goederen bij de douane, de aanvaarding van de douaneaangifte en de wijziging van de douaneaangifte na vrijgave van de goederen; de procedureregels te bepalen voor gecentraliseerde vrijmaking en voor ontheffing van de verplichting om goederen in die context aan te brengen; de procedureregels voor inschrijving in de administratie van de aangever; de procedureregels voor de verwijdering van goederen; de procedureregels voor het verstrekken van informatie waaruit blijkt dat de voorwaarden voor vrijstelling van invoerrechten voor terugkerende goederen zijn vervuld, en voor het verstrekken van het bewijs dat de voorwaarden voor vrijstelling van invoerrechten voor producten van de zeevisserij en andere uit de zee gewonnen producten zijn vervuld; de procedureregels te bepalen voor het uitgaan van goederen; de procedureregels vast te stellen voor het verstrekken, wijzigen en ongeldig maken van de informatie vóór vertrek en voor het indienen, wijzigen en ongeldig maken van de summiere aangifte bij uitgaan; de procedureregels vast te stellen voor de teruggaaf van de btw aan niet in de Unie gevestigde natuurlijke personen; de procedureregels te bepalen voor het bericht van aankomst van een zeeschip of luchtvaartuig en voor het vervoer van goederen naar de plaats van bestemming; de procedureregels voor de indiening, wijziging en ongeldigmaking van de aangifte tot tijdelijke opslag en voor de overbrenging van goederen in tijdelijke opslag; de procedureregels vast te stellen voor het verlenen van de vergunning voor bijzondere regelingen, voor het onderzoek van de economische voorwaarden en voor het uitbrengen van het advies van de EU-douaneautoriteit waarin wordt beoordeeld of het verlenen van een vergunning voor een regeling actieve of passieve veredeling de wezenlijke belangen van producenten in de Unie niet schaadt; de procedureregels vast te stellen voor de aanzuivering van een bijzondere regeling; de procedureregels voor de overdracht van rechten en plichten en voor de overbrenging van goederen in de context van bijzondere regelingen; de procedureregels voor het gebruik van equivalente goederen in de context van bijzondere regelingen; de procedureregels voor de toepassing van de bepalingen van internationale instrumenten inzake douanevervoer in het douanegebied van de Unie; de procedureregels voor de plaatsing van goederen onder de regeling Uniedouanevervoer en voor de aanzuivering van die regeling, voor de werking van de vereenvoudigingen van die regeling en voor het douanetoezicht op goederen die onder de regeling extern Uniedouanevervoer over het grondgebied van een derde land worden vervoerd; de procedureregels voor de plaatsing van goederen onder de regeling douane-entrepots of vrije zones en voor de overbrenging van goederen die in een douane-entrepot zijn geplaatst; maatregelen vast te stellen voor het uniforme beheer van tariefcontingenten en tariefplafonds en voor het beheer van de douanesurveillance op het in het vrije verkeer brengen of de uitvoer van goederen; maatregelen vast te stellen om de tariefindeling van goederen te bepalen; de procedureregels te bepalen voor het leveren en het verifiëren van het bewijs van niet-preferentiële oorsprong; de procedureregels te bepalen om de vaststelling, in de Unie, van de preferentiële oorsprong van de goederen te vergemakkelijken; maatregelen vast te stellen om de oorsprong van specifieke goederen te bepalen; toestemming te verlenen voor tijdelijke afwijking van de regels betreffende de preferentiële oorsprong van goederen die in aanmerking komen voor eenzijdig door de Unie aangenomen preferentiële tariefmaatregelen; de procedureregels te bepalen om de douanewaarde van goederen te bepalen; de procedureregels te bepalen voor het stellen van zekerheid, het bepalen van het bedrag van de zekerheid, het toezien op en het vrijgeven van zekerheden, alsmede voor het intrekken en het opzeggen van een verbintenis van een borg; de procedureregels te bepalen om het gebruik van de doorlopende zekerheid tijdelijk te verbieden; maatregelen vast te stellen om wederzijdse bijstand tussen de douaneautoriteiten te garanderen wanneer een douaneschuld is ontstaan; de procedureregels te bepalen voor de terugbetaling en kwijtschelding van een bedrag aan invoer- of uitvoerrechten, voor de aan de Commissie te verstrekken informatie en voor de door de Commissie vast te stellen besluiten over terugbetaling of kwijtschelding; maatregelen vast te stellen om te bepalen of er sprake is van een crisis en om het mechanisme voor crisisbeheer te activeren; de procedureregels vast te stellen voor het verlenen en beheren van de machtiging van een lidstaat om onderhandelingen aan te knopen met een derde land met het oog op het sluiten van een bilaterale overeenkomst of regeling inzake inlichtingenuitwisseling; besluiten vast te stellen betreffende de aanvraag van een lidstaat tot machtiging om onderhandelingen aan te knopen met een derde land met het oog op het sluiten van een bilaterale overeenkomst of regeling inzake inlichtingenuitwisseling; te bepalen hoe het kader voor de prestatiemeting van de douane-unie moet worden ingericht en welke informatie de lidstaten aan de EU-douaneautoriteit moeten verstrekken met het oog op die prestatiemeting; de regels voor de omrekening van valuta’s vast te stellen. Die bevoegdheden moeten worden uitgeoefend in overeenstemming met Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13).</FIELD></FOOTNOTE>.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(70)</NO.P>De raadplegingsprocedure moet worden gebruikt voor de vaststelling van: uitvoeringshandelingen waarbij de lidstaten wordt verzocht beschikkingen betreffende bindende inlichtingen in te trekken, aangezien die beschikkingen slechts betrekking hebben op één lidstaat en tot doel hebben de naleving van de douanewetgeving te waarborgen; uitvoeringshandelingen om de specifieke details te bepalen voor de toegang van andere autoriteiten dan de douane tot specifieke diensten en systemen van de EU-douanedatahub; uitvoeringshandelingen betreffende een aanvraag van een lidstaat tot machtiging om onderhandelingen aan te knopen met een derde land met het oog op het sluiten van een bilaterale overeenkomst of regeling inzake inlichtingenuitwisseling, aangezien zij slechts betrekking hebben op één lidstaat; uitvoeringshandelingen betreffende terugbetaling of kwijtschelding van een bedrag aan invoer- of uitvoerrechten, aangezien die besluiten rechtstreeks gevolgen hebben voor degene die om terugbetaling of kwijtschelding heeft verzocht.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(71)</NO.P>In naar behoren gemotiveerde gevallen, wanneer dwingende redenen van urgentie zulks vereisen, moet de Commissie onmiddellijk toepasselijke uitvoeringshandelingen vaststellen met betrekking tot: maatregelen om de uniforme toepassing van douanecontroles te waarborgen, met inbegrip van de uitwisseling van informatie betreffende risico’s en risicoanalyse, gemeenschappelijke risicocriteria en -normen, controlemaatregelen en gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden; besluiten betreffende een aanvraag van een lidstaat tot machtiging om onderhandelingen aan te knopen met een derde land met het oog op het sluiten van een bilaterale overeenkomst of regeling inzake inlichtingenuitwisseling; maatregelen om de tariefindeling van goederen te bepalen; maatregelen om de oorsprong van specifieke goederen te bepalen; maatregelen tot vaststelling van de passende methode voor de bepaling van de douanewaarde of van de criteria die moeten worden gebruikt voor de vaststelling van de douanewaarde van goederen in specifieke situaties; maatregelen om het gebruik van de doorlopende zekerheid tijdelijk te verbieden; de identificatie van een crisissituatie en de vaststelling van de passende maatregelen om deze aan te pakken of de negatieve gevolgen ervan te beperken; besluiten waarbij een lidstaat wordt gemachtigd tot onderhandeling over en sluiting van een bilaterale overeenkomst inzake inlichtingenuitwisseling met een derde land.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(72)</NO.P>De Commissie dient alles in het werk te stellen om ervoor te zorgen dat de gedelegeerde en uitvoeringshandelingen waarin deze verordening voorziet, ruim voor de toepassingsdatum van het wetboek in werking treden, zodat de lidstaten deze tijdig ten uitvoer kunnen leggen.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(73)</NO.P>De bepalingen die verwijzen naar de EU-douaneautoriteit, met uitzondering van artikel 238, moeten toepassing vinden vanaf 1 januari 2028. Tot die datum moet de EU-douaneautoriteit haar taken uitvoeren met behulp van de bestaande elektronische systemen voor de uitwisseling van douane-informatie, die door de Commissie zijn ontwikkeld. De bepalingen betreffende de vereenvoudigde tariefbehandeling voor afstandsverkopen en de gelijkgestelde importeur moeten toepassing vinden vanaf 1 januari 2028.</P></CONS><CONS><P><NO.P>(74)</NO.P><STRING STRIKE="on">In 2032 kunnen</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Vanaf 1 januari 2029 moeten</STRING></STRING> marktdeelnemers<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> het recht hebben</STRING></STRING> op vrijwillige basis<STRING STRIKE="on"> beginnen</STRING> gebruik te maken van de capaciteiten van de EU-douanedatahub. <STRING STRIKE="on">Tegen eind 2037</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op 31 december 2032</STRING></STRING> moet de EU-douanedatahub volledig zijn ontwikkeld en moeten alle marktdeelnemers er gebruik van maken. Het toezicht op Trust&amp;Check-ondernemers en gelijkgestelde importeurs zal worden uitgeoefend door de lidstaat waar zij zijn gevestigd. In afwijking hiervan en onder voorbehoud van evaluatie zullen marktdeelnemers die Trust&amp;Check-ondernemer noch gelijkgestelde importeur zijn, onder het toezicht blijven staan van de douaneautoriteit van de lidstaat waar de goederen zich fysiek bevinden. Uiterlijk 31 december 2035 moet de Commissie de twee toezichtmodellen evalueren, inclusief wat betreft de doeltreffendheid ervan voor het opsporen en voorkomen van fraude. Bij de evaluatie moet ook rekening worden gehouden met aspecten van indirecte belastingen. Op basis van deze evaluatie moet de Commissie de bevoegdheid krijgen om bij gedelegeerde handeling te beslissen of de twee modellen moeten worden voortgezet dan wel of in alle gevallen de douaneautoriteit die verantwoordelijk is voor de plaats van vestiging van de ondernemer, de goederen moet vrijgeven. De plaats waar de douaneschuld ontstaat, moet ook worden bepaald in overeenstemming met de vaststelling van de verantwoordelijke douaneautoriteit,<STRING BOLD="on"> [Am. 46]</STRING></P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><DINIT>HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:</DINIT><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel I</TI><STI.GR>ALGEMENE BEPALINGEN</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Toepassingsgebied van de douanewetgeving en missie van de douane</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 1</TI.ART><STI.ART>Onderwerp en toepassingsgebied</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Bij deze verordening wordt het douanewetboek van de Unie (“het wetboek”) vastgesteld, houdende de algemene voorschriften en procedures betreffende goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten.</PARAG><PARAG>Bij deze verordening wordt ook de douaneautoriteit van de Europese Unie (“EU-douaneautoriteit”) opgericht en worden de voorschriften, gemeenschappelijke normen en een governancekader voor de oprichting van de douanedatahub van de Europese Unie (“EU-douanedatahub”) vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>1 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij deze verordening wordt een éénloketomgeving van de Europese Unie voor de douane (de “EU-éénloketomgeving voor de douane”) ingesteld die in een geïntegreerde reeks interoperabele elektronische diensten op Unieniveau voorziet ter ondersteuning van de interactie en ter intensivering van de uitwisseling van informatie tussen de EU-douanedatahub en de in bijlage I bis bedoelde niet-douanesystemen van de Unie.</STRING></STRING></PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Deze verordening bevat regels over digitale administratieve samenwerking en het delen van informatie door middel van interoperabele gegevenssets binnen de EU-éénloketomgeving voor de douane.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 47]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Onverminderd het internationale recht, internationale overeenkomsten en Uniewetgeving op andere gebieden is het wetboek op eenvormige wijze van toepassing in het hele douanegebied van de Unie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Sommige bepalingen van de douanewetgeving kunnen buiten het douanegebied van de Unie van toepassing zijn in het kader van wetgeving op specifieke gebieden dan wel van internationale overeenkomsten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Sommige bepalingen van de douanewetgeving, met inbegrip van de vereenvoudigingen daarin, zijn van toepassing op de handel in Uniegoederen tussen delen van het douanegebied van de Unie waar de bepalingen van Richtlijn 2006/112/EG<FOOTNOTE><FIELD>Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (PB L 347 van 11.12.2006, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> van de Raad of Richtlijn (EU) 2020/262<FOOTNOTE><FIELD>Richtlijn (EU) 2020/262 van de Raad van 19 december 2019 houdende een algemene regeling inzake accijns (herschikking) (PB L 58 van 27.2.2020, blz. 4).</FIELD></FOOTNOTE> van de Raad gelden en delen van dat gebied waar deze bepalingen niet gelden, alsmede op de handel tussen delen van dat gebied waar deze bepalingen niet gelden.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 2</TI.ART><STI.ART>Missie van de douaneautoriteiten</STI.ART><PARAG>Teneinde een geharmoniseerde toepassing van douanecontroles tot stand te brengen, de douane-unie als één geheel te laten functioneren en bij te dragen tot de goede werking van de interne markt, zijn de douaneautoriteiten verantwoordelijk voor de bescherming van de financiële en economische belangen van de Unie en haar lidstaten, voor het waarborgen van de veiligheid en voor het bijdragen aan ander beleid van de Unie ter bescherming van burgers en inwoners, consumenten, het milieu en de volledige toeleveringsketens, voor de bescherming van de Unie tegen illegale handel, voor het faciliteren van legitieme bedrijfsactiviteiten en voor het toezicht op de internationale handel van de Unie teneinde bij te dragen aan eerlijke en open handel en aan het gemeenschappelijk handelsbeleid.</PARAG><PARAG>De douaneautoriteiten stellen maatregelen vast die er met name toe strekken:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> efficiënte en</STRING></STRING> correcte inning van douanerechten en overige heffingen te waarborgen;<STRING BOLD="on"> [Am. 48]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>te waarborgen dat goederen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> die bestemd zijn voor het verkeer op de interne markt, maar</STRING></STRING> die een risico vormen voor de veiligheid van burgers en inwoners, het douanegebied van de Unie niet binnenkomen, door passende maatregelen voor de controle van goederen en toeleveringsketens in te voeren;<STRING BOLD="on"> [Am. 49]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">te waarborgen dat goederen die een risico vormen voor de veiligheid van burgers en inwoners, het douanegebied van de Unie niet binnenkomen, door passende maatregelen voor de controle van goederen en toeleveringsketens in te voeren;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 50]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>bij te dragen aan de bescherming van de gezondheid en het leven van mens, dier of plant, het milieu, consumenten en andere openbare belangen die worden beschermd door andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast, in nauwe samenwerking met andere autoriteiten, door ervoor te zorgen dat goederen die daarmee verbonden risico’s inhouden, het douanegebied van de Unie niet binnenkomen of verlaten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de Unie te beschermen tegen oneerlijke, niet-conforme en illegale handel, <STRING STRIKE="on">onder meer</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zoals vervalsingen en goederen die niet voldoen aan andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving,</STRING></STRING> door middel van nauwlettend toezicht op marktdeelnemers<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, sectoren</STRING></STRING> en toeleveringsketens en met behulp van een minimale basis van douaneovertredingen en sancties;<STRING BOLD="on"> [Am. 51]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">alle </STRING></STRING>legitieme bedrijfsactiviteiten te ondersteunen, door een goed evenwicht te bewaren tussen douanecontroles en facilitering van de legitieme handel en vereenvoudiging van douaneprocessen en -procedures<STRING STRIKE="on">.</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> door middel van een robuuste risicoanalyse in real time op basis van onder meer de in artikel 29, lid 1, punt d), bedoelde artificiële-intelligentiesystemen;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 52]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kostenefficiëntie te bevorderen door dubbel werk te voorkomen en de doeltreffendheid van douaneprocessen en een efficiënt gebruik van de in dit kader beschikbare middelen op het niveau van de Unie en op nationaal niveau te bevorderen;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 53]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e ter)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">informatie te verzamelen, te analyseren en uit te wisselen ter ondersteuning van empirisch onderbouwde besluitvorming;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 54]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e quater)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bij te dragen tot de verbetering van de algemene handhaving van de rechtshandelingen van de Unie op andere gebieden, zoals de wetgeving ter bescherming van de veiligheid en beveiliging van burgers, ingezetenen en consumenten, en de wetgeving ter bescherming van het milieu en de toeleveringsketens;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 55]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e quinquies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ervoor te zorgen dat wanneer de noodfase voor de eengemaakte markt is geactiveerd in overeenstemming met artikel 14 van Verordening (EU) 2024/2747 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2024/2747 van het Europees Parlement en de Raad van 9 oktober 2024 tot vaststelling van een kader van maatregelen in verband met noodsituaties op de interne markt en met de veerkracht van de interne markt en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2679/98 van de Raad (verordening inzake noodsituaties op de interne markt en veerkracht van de interne markt) (PB L, 2024/2747 van 8.11.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2747/oj).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, de aanvoer van crisisrelevante goederen en diensten als bedoeld in artikel 3, alinea 1, punt 6, van die verordening, is gewaarborgd.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 56]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 3</TI.ART><STI.ART>Douanegebied</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Het douanegebied van de Unie omvat de volgende grondgebieden, daaronder begrepen de territoriale wateren, de binnenwateren en het luchtruim:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het grondgebied van het Koninkrijk België;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Bulgarije;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het grondgebied van de Tsjechische Republiek;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>het grondgebied van het Koninkrijk Denemarken, met uitzondering van de Faeroër en Groenland;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>het grondgebied van de Bondsrepubliek Duitsland, met uitzondering van het eiland Helgoland en het grondgebied van Büsingen (Verdrag van 23 november 1964 tussen de Bondsrepubliek Duitsland en de Zwitserse Bondsstaat);</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Estland;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>het grondgebied van Ierland;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>het grondgebied van de Helleense Republiek;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(i)</NO.P>het grondgebied van het Koninkrijk Spanje, met uitzondering van Ceuta en Melilla;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(j)</NO.P>het grondgebied van de Franse Republiek, met uitzondering van de Franse landen en gebieden overzee waarop de bepalingen van het vierde deel van het VWEU van toepassing zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(k)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Kroatië;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(l)</NO.P>het grondgebied van de Italiaanse Republiek, met uitzondering van de gemeente Livigno;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(m)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Cyprus overeenkomstig de bepalingen van de Toetredingsakte van 2003;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(n)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Letland;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(o)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Litouwen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(p)</NO.P>het grondgebied van het Groothertogdom Luxemburg;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(q)</NO.P>het grondgebied van Hongarije;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(r)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Malta;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(s)</NO.P>het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden in Europa;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(t)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Oostenrijk;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(u)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Polen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(v)</NO.P>het grondgebied van de Portugese Republiek;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(w)</NO.P>het grondgebied van Roemenië;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(x)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Slovenië;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(y)</NO.P>het grondgebied van de Slowaakse Republiek;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(z)</NO.P>het grondgebied van de Republiek Finland; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(aa)</NO.P>het grondgebied van het Koninkrijk Zweden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De volgende grondgebieden, daaronder begrepen de territoriale wateren, de binnenwateren en het luchtruim, die buiten het grondgebied van de lidstaten zijn gelegen, worden, met inachtneming van de verdragen en overeenkomsten die erop van toepassing zijn, beschouwd als deel uitmakende van het douanegebied van de Unie:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>a)</NO.P>FRANKRIJK</PARAG><PARAG>Het grondgebied van Monaco als omschreven in de te Parijs op 18 mei 1963 ondertekende Douaneovereenkomst (Journal officiel de la République Française (Staatsblad van de Franse Republiek) van 27 september 1963, blz. 8679);</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>b)</NO.P>CYPRUS</PARAG><PARAG>Het grondgebied van Akrotiri en Dhekelia, zijnde de zones van Cyprus die onder de soevereiniteit van het Verenigd Koninkrijk vallen als omschreven in het Verdrag betreffende de oprichting van de Republiek Cyprus, ondertekend in Nicosia op 16 augustus 1960 (United Kingdom Treaty Series No 4 (1961), Cmnd. 1252).</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART><STRING STRIKE="on">Artikel 4</STRING></TI.ART><STI.ART><STRING STRIKE="on">Bevoegdheidsdelegatie</STRING></STI.ART><PARAG><STRING STRIKE="on">De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen vast te stellen ter aanvulling op en wijziging van deze verordening door te voorzien in de bepalingen van de douanewetgeving die van toepassing zijn op de in artikel 1, lid 4, bedoelde handel in Uniegoederen. Deze handelingen kunnen bijzondere omstandigheden aanpakken die verband houden met de handel in Uniegoederen waarbij slechts één lidstaat betrokken is.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 57]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Definities</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 5</TI.ART><STI.ART>Definities</STI.ART><PARAG>In deze verordening wordt verstaan onder:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(1)</NO.P>“douaneautoriteiten”: de douanediensten van de lidstaten die bevoegd zijn voor de toepassing van de douanewetgeving, en alle overige autoriteiten die krachtens het nationale recht belast zijn met de toepassing van bepaalde onderdelen van de douanewetgeving;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(2)</NO.P>“douanewetgeving”: het geheel van wetgeving bestaande uit de volgende elementen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het wetboek en de op niveau van de Unie of op nationaal niveau vastgestelde bepalingen ter aanvulling of uitvoering ervan,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het gemeenschappelijk douanetarief,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de wetgeving betreffende de instelling van een Unieregeling inzake douanevrijstellingen,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>in internationale overeenkomsten opgenomen douanevoorschriften, voor zover deze van toepassing zijn in de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Deze overeenkomsten omvatten onder meer de relevante multilaterale milieuovereenkomsten waarbij de Unie en de lidstaten partij zijn</STRING></STRING>,<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> voor zover daarin de conformiteit van goederen wordt geregeld,</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 58]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>Verordening (EU) 2022/2399 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU) 2022/2399 van het Europees Parlement en de Raad van 23 november 2022 tot vaststelling van de éénloketomgeving van de Europese Unie voor de douane en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 952/2013 (PB L 317 van 9.12.2022, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> en de bepalingen ter wijziging, aanvulling of uitvoering daarvan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(3)</NO.P>“andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving”: andere wetgeving dan de douanewetgeving die van toepassing is op goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen, verlaten, over het douanegebied van de Unie worden vervoerd of in de Unie in de handel zullen worden gebracht, bij de uitvoering waarvan de douaneautoriteiten betrokken zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(4)</NO.P>“handelspolitieke maatregelen”: maatregelen vastgesteld uit hoofde van artikel 207 VWEU, in het kader van andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving, niet zijnde voorlopige of definitieve antidumpingrechten, compenserende rechten of vrijwaringsmaatregelen in de vorm van verhoogde tarieven voor specifieke goederen, met inbegrip van met name bijzondere toezichtmaatregelen en vrijwaringsmaatregelen in de vorm van invoer- of uitvoervergunningen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(5)</NO.P>“persoon”: een natuurlijk persoon, een rechtspersoon of een vereniging van personen die geen rechtspersoonlijkheid bezit maar krachtens het Unierecht of het nationale recht wel als handelingsbekwaam is erkend;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(6)</NO.P>“marktdeelnemer”: een persoon die zich in het kader van zijn bedrijfsvoering bezighoudt met activiteiten die onder de douanewetgeving vallen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(7)</NO.P>“in het douanegebied van de Unie gevestigd”:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>in het geval van een natuurlijk persoon, zijn normale verblijfplaats in het douanegebied van de Unie hebben,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>in het geval van een rechtspersoon of een vereniging van personen, zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of een vaste inrichting in het douanegebied van de Unie hebben;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">rechtspersonen met meerdere inrichtingen in het douanegebied van de Unie laten zich volgens de in punt b) genoemde volgorde registreren overeenkomstig artikel 19;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 59]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(8)</NO.P>“vaste inrichting”: een vaste vestiging voor bedrijfsuitoefening waar de nodige menselijke en technische hulpbronnen permanent voorhanden zijn en waarmee de douanetransacties van een persoon volledig of gedeeltelijk worden uitgevoerd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(9)</NO.P>“douanebeschikking”: elke handeling van de douaneautoriteiten met betrekking tot de douanewetgeving waarin uitspraak wordt gedaan over een bepaald geval en die voor de betrokken persoon of personen rechtsgevolgen heeft;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(10)</NO.P>“douaneregeling”: een van de onderstaande regelingen waaronder goederen overeenkomstig het wetboek kunnen worden geplaatst:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>in het vrije verkeer brengen,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>bijzondere regelingen,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>uitvoer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(11)</NO.P>“douaneformaliteiten”: alle handelingen die door een persoon en door de douaneautoriteiten moeten worden verricht om aan de douanewetgeving te voldoen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(12)</NO.P>“importeur”: elke persoon die de macht heeft om te beslissen en beslist heeft dat goederen uit een derde land het douanegebied van de Unie zullen worden binnengebracht of, tenzij anders is bepaald, elke persoon die als gelijkgestelde importeur is aangemerkt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(13)</NO.P>“gelijkgestelde importeur”: elke persoon die betrokken is bij afstandsverkopen van goederen die uit derde landen in het douanegebied van de Unie zullen worden ingevoerd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, onder wie personen</STRING></STRING><STRING STRIKE="on"> en</STRING> die gebruik <STRING STRIKE="on">mag</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">mogen</STRING></STRING> maken van de bijzondere regeling van titel XII, hoofdstuk 6, afdeling 4, van Richtlijn 2006/112/EG;<STRING BOLD="on"> [Am. 60]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(14)</NO.P>“exporteur”: elke persoon die de macht heeft om te beslissen en beslist heeft dat de goederen het douanegebied van de Unie zullen verlaten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(15)</NO.P>“douanevertegenwoordiger”: elke persoon die door een andere persoon is aangewezen voor het vervullen van de in de douanewetgeving voorgeschreven handelingen en formaliteiten bij de douaneautoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(16)</NO.P>“data”: elke digitale en niet-digitale weergave van handelingen, feiten of informatie en elke compilatie van dergelijke handelingen, feiten of informatie, ook in de vorm van documenten, geluidsopnames of visuele of audiovisuele opnames;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(17)</NO.P>“douanesurveillance”: het verzamelen en analyseren van informatie over goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen, verlaten, of over het douanegebied van de Unie worden vervoerd, teneinde op Unieniveau toezicht te houden op deze bewegingen en de uniforme toepassing van douanecontroles, de naleving van de douanewetgeving en andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving te waarborgen, en bij te dragen aan risicoanalyse en -beheer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(18)</NO.P>“risico”: de waarschijnlijkheid dat zich, in relatie tot goederen die tussen het douanegebied van de Unie en landen buiten dat gebied worden vervoerd, en in verband met de aanwezigheid van niet-Uniegoederen in het douanegebied van de Unie, een gebeurtenis voordoet, en de effecten van zulke gebeurtenis, die:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de financiële of economische belangen van de Unie en haar lidstaten schaadt,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>een gevaar vormt voor de veiligheid van de Unie en haar burgers en inwoners<STRING STRIKE="on">, of</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 61]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een gevaar vormt voor de volksgezondheid binnen de Unie, of</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 62]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de correcte toepassing van Unie- of nationale maatregelen in de weg staat;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(19)</NO.P>“economische analyse”: de evaluatie of kwantificering van een beleid of een economisch verschijnsel om te begrijpen hoe economische factoren van invloed zijn op het functioneren van een beleid, een geografisch gebied of een groep personen, met het oog op betere besluitvorming voor de toekomst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(20)</NO.P>“risicobeheer”: het systematisch in kaart brengen van risico’s, waaronder door het opstellen van profielen van risicovolle marktdeelnemers, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">verdachte transacties, </STRING></STRING>en het toepassen van alle maatregelen die vereist zijn om de blootstelling aan risico’s te beperken;<STRING BOLD="on"> [Am. 63]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(21)</NO.P>“douanetoezicht”: algemene handelingen van de douaneautoriteiten om de naleving van de douanewetgeving en, in voorkomend geval, andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving te waarborgen dan wel om anderszins bij te dragen aan het beheer van risico’s in verband met goederen en de toeleveringsketens ervan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(22)</NO.P>“douanecontroles”: specifieke handelingen van de douaneautoriteiten om de naleving van de douanewetgeving en andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving te waarborgen dan wel om anderszins bij te dragen aan het beheer van risico’s in verband met goederen en de toeleveringsketens ervan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(23)</NO.P>“steekproefcontroles”: douanecontroles op basis van het beginsel van aselecte bemonstering, met betrekking tot een relevante populatie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(24)</NO.P>“houder van de goederen”: de persoon die fysieke controle over de goederen heeft;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(25)</NO.P>“vervoerder”:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>in de context van binnenbrengen, de persoon die de goederen in het douanegebied van de Unie brengt of die de verantwoordelijkheid voor het vervoer van de goederen naar het douanegebied van de Unie op zich neemt. Daarbij geldt echter het volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>bij gecombineerd vervoer wordt onder “vervoerder” de persoon verstaan die het vervoermiddel bestuurt dat, nadat het het douanegebied van de Unie is binnengekomen, zichzelf voortbeweegt als actief vervoermiddel;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>in het geval van zee- of luchtvervoer in het kader van een charterovereenkomst of een overeenkomst voor het delen van laadruimte wordt onder “vervoerder” de persoon verstaan die een overeenkomst sluit en het cognossement of de luchtvrachtbrief afgeeft voor het feitelijke vervoer van de goederen naar het douanegebied van de Unie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>in de context van uitgaan, de persoon die de goederen uit het douanegebied van de Unie brengt of die de verantwoordelijkheid voor het vervoer van de goederen uit het douanegebied van de Unie op zich neemt. Daarbij geldt echter het volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>bij gecombineerd vervoer, wanneer het actieve vervoermiddel dat het douanegebied van de Unie verlaat slechts een ander vervoermiddel vervoert dat, na aankomst van het actieve vervoermiddel ter bestemming, zichzelf zal voortbewegen als actief vervoermiddel, wordt onder “vervoerder” de persoon verstaan die het vervoermiddel dat zichzelf zal voortbewegen, zal besturen, nadat het vervoermiddel dat het douanegebied van de Unie heeft verlaten ter bestemming is aangekomen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>in het geval van zee- of luchtvervoer in het kader van een charterovereenkomst of een overeenkomst voor het delen van laadruimte wordt onder “vervoerder” de persoon verstaan die een overeenkomst sluit en het cognossement of de luchtvrachtbrief afgeeft voor het feitelijke vervoer van de goederen uit het douanegebied van de Unie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(26)</NO.P>“risicoanalyse”: de verwerking van gegevens, informatie of documenten, met inbegrip van persoonsgegevens, om mogelijke risico’s in kaart te brengen of te kwantificeren, in voorkomend geval met behulp van analysemethoden en artificiële intelligentie als omschreven in artikel 3, punt 1, van Verordening (EU) .../... van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD>Verordening van het Europees Parlement en de Raad (EU) .../... tot vaststelling van geharmoniseerde regels betreffende artificiële intelligentie (wet op de artificiële intelligentie) en tot wijziging van bepaalde wetgevingshandelingen van de Unie [COM(2021) 206 final] [(2021/0106(COD)].</FIELD></FOOTNOTE>;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(27)</NO.P>“risicosignaal”: de indicatie van een mogelijk risico op basis van geautomatiseerde verwerkingen waarbij risicoanalyse op gegevens, informatie of documenten wordt verricht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(28)</NO.P>“risicoanalyseresultaat”: de vaststelling, in het geval van een signaal, dat er al dan niet wordt geacht een risico te bestaan, op basis van een automatisch proces of na verdere menselijke beoordeling van het risicosignaal;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(29)</NO.P>“controleaanbeveling”: het advies van een douaneautoriteit of van de EU-douaneautoriteit over de vraag of, en zo ja wanneer, waar en door welke douaneautoriteit een douanecontrole moet worden verricht, met inbegrip van de vaststelling van mogelijke andere maatregelen dan douanecontroles;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(30)</NO.P>“controlebesluit”: de individuele handeling waarbij de douaneautoriteiten beslissen of er al dan niet een controle moet worden verricht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(31)</NO.P>“controleresultaat”: de voorlopige en definitieve uitkomst van een controle, met vermelding van de te nemen maatregelen, indien van toepassing, en van de bevoegde autoriteiten voor wie de uitkomst of de maatregelen relevant zijn, indien van toepassing;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(32)</NO.P>“gemeenschappelijk prioritair controlegebied”: een selectie van bepaalde douaneregelingen, soorten goederen, vervoerroutes, vervoerswijzen of marktdeelnemers die gedurende een bepaalde periode in hogere mate aan risicoanalyses en aan risicobeperkende maatregelen en douanecontroles zullen worden onderworpen, onverminderd andere controles die de douaneautoriteiten doorgaans verrichten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(33)</NO.P>“gemeenschappelijke risicocriteria en -normen”: parameters voor risicoanalyse voor een risicogebied en bijbehorende normen voor de praktische toepassing van de criteria;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(34)</NO.P>“toezichtstrategie”: een aanpak om met een specifiek risico om te gaan, die tot doel heeft de operationele inspanningen op het gebied van douanetoezicht en risicobeperkende maatregelen in de hele toeleveringsketen op evenredige en doeltreffende wijze met elkaar in evenwicht te brengen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(35)</NO.P>“zending”: goederen die, in het kader van dezelfde vervoersovereenkomst, vanuit hetzelfde grondgebied of hetzelfde derde land met behulp van hetzelfde vervoermiddel, inclusief multimodaal vervoer, door één afzender naar één geadresseerde worden vervoerd en die van dezelfde soort, klasse of omschrijving zijn dan wel samen zijn verpakt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(36)</NO.P>“douanestatus”: de status van goederen, zijnde Unie- of niet-Uniegoederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(37)</NO.P>“Uniegoederen”: goederen die in een van de volgende categorieën vallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>goederen die geheel en al zijn verkregen in het douanegebied van de Unie zonder toevoeging van goederen die zijn ingevoerd uit derde landen,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>goederen die het douanegebied van de Unie zijn binnengebracht vanuit derde landen en die in het vrije verkeer zijn gebracht,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>goederen die in het douanegebied van de Unie zijn verkregen of vervaardigd, hetzij uitsluitend uit goederen als bedoeld in punt b), hetzij uit goederen als bedoeld in punten a) en b);</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(38)</NO.P>“niet-Uniegoederen”: andere dan de in punt 46 bedoelde goederen of goederen die de douanestatus van Uniegoederen hebben verloren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(39)</NO.P>“vrijgave van goederen”: de handeling waarbij de douaneautoriteiten, of andere personen namens hen, goederen ter beschikking stellen voor de doeleinden die zijn vastgesteld in de douaneregeling waaronder de goederen zullen worden geplaatst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(40)</NO.P>“summiere aangifte bij binnenbrengen”: de handeling waarbij een persoon de douaneautoriteiten in de voorgeschreven vorm en op de voorgeschreven wijze, en binnen een specifieke termijn, meedeelt dat goederen het douanegebied van de Unie zullen binnenkomen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(41)</NO.P>“summiere aangifte bij uitgaan”: de handeling waarbij een persoon de douaneautoriteiten in de voorgeschreven vorm en op de voorgeschreven wijze, en binnen een specifieke termijn, meedeelt dat goederen het douanegebied van de Unie zullen verlaten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(42)</NO.P>“aangifte tot tijdelijke opslag”: de handeling waarbij een persoon in de voorgeschreven vorm en op de voorgeschreven wijze kenbaar maakt dat hij goederen in tijdelijke opslag plaatst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(43)</NO.P>“douaneaangifte”: de handeling waarbij een persoon in de voorgeschreven vorm en op de voorgeschreven wijze het voornemen kenbaar maakt om goederen onder een bepaalde douaneregeling te plaatsen, in voorkomend geval met opgave van eventuele specifieke procedures die moeten worden toegepast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(44)</NO.P>“aangever”: de persoon die in eigen naam een douaneaangifte, een aangifte tot tijdelijke opslag, een summiere aangifte bij binnenbrengen, een summiere aangifte bij uitgaan, een aangifte tot wederuitvoer of een kennisgeving van wederuitvoer indient, dan wel de persoon namens wie deze aangifte of deze kennisgeving wordt ingediend;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(45)</NO.P>“aangifte tot wederuitvoer”: de handeling waarbij een persoon in de voorgeschreven vorm en op de voorgeschreven wijze het voornemen kenbaar maakt om niet-Uniegoederen, met uitzondering van die welke zich onder de regeling vrije zone bevinden of in tijdelijke opslag zijn, buiten het douanegebied van de Unie te brengen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(46)</NO.P>“kennisgeving van wederuitvoer”: de handeling waarbij een persoon in de voorgeschreven vorm en op de voorgeschreven wijze het voornemen kenbaar maakt om niet-Uniegoederen die zich onder een regeling vrije zone bevinden of in tijdelijke opslag zijn, buiten het douanegebied van de Unie te brengen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(47)</NO.P>“afstandsverkopen van uit een derde land ingevoerde goederen”: afstandsverkopen van uit een derdelandsgebied of een derde land ingevoerde goederen zoals omschreven in artikel 14, lid 4, punt 2, van Richtlijn 2006/112/EG;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(48)</NO.P>“producent”:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de fabrikant van het product overeenkomstig de andere wetgeving die op dat product van toepassing is, of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de producent met betrekking tot landbouwproducten als omschreven in artikel 38, lid 1, VWEU of tot grondstoffen, of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien er geen fabrikant of producent is als bedoeld in de punten a) en b), de natuurlijke persoon of rechtspersoon of vereniging van personen die het product heeft vervaardigd of laten vervaardigen, en dat product onder zijn (haar) naam of handelsmerk in de handel brengt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(49)</NO.P>“productleverancier”: een natuurlijke persoon of rechtspersoon of vereniging van personen in de toeleveringsketen die een product in zijn geheel of ten dele vervaardigt, hetzij als fabrikant, hetzij in enige andere omstandigheid;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(50)</NO.P>“tijdelijke opslag”: de toestand van tijdelijk onder douanetoezicht opgeslagen niet-Uniegoederen tussen het moment waarop de vervoerder kennisgeeft van de aankomst ervan in het douanegebied, en het moment waarop zij onder een douaneregeling worden geplaatst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(51)</NO.P>“veredelingsproducten”: onder een veredelingsregeling geplaatste goederen die veredeld zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(52)</NO.P>“veredeling”: een van de onderstaande handelingen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de bewerking van goederen, met inbegrip van het monteren, het assembleren of het aanpassen ervan aan andere goederen,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de verwerking van goederen,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de vernietiging van goederen,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de herstelling van goederen, met inbegrip van revisie en afstelling,</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>het gebruik van goederen die zelf niet meer in de veredelingsproducten voorkomen, maar die de vervaardiging van deze producten mogelijk maken of vergemakkelijken, ook indien zij tijdens dit proces geheel of gedeeltelijk verdwijnen (bij de productie gebruikte hulpmiddelen);</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(53)</NO.P>“houder van de regeling douanevervoer”: de persoon die de aangifte voor douanevervoer indient of de informatie verstrekt die vereist is om goederen onder die regeling te plaatsen, of voor wiens rekening die aangifte wordt ingediend of die informatie wordt verstrekt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(54)</NO.P>“opbrengst”: de hoeveelheid of het percentage veredelingsproducten verkregen bij de veredeling van een bepaalde hoeveelheid onder een veredelingsregeling geplaatste goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(55)</NO.P>“derde land”: een land of een gebied buiten het douanegebied van de Unie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(56)</NO.P>“vereenvoudigde tariefbehandeling voor afstandsverkopen”: de vereenvoudigde tariefbehandeling voor afstandsverkopen als bedoeld in artikel 1, leden 4 en 5, en deel een, afdeling II, punt G, van bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 2658/87;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(57)</NO.P>“douaneschuld”: de verplichting van een persoon tot betaling van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en overige heffingen </STRING></STRING>die uit hoofde van de geldende douanewetgeving op bepaalde producten van toepassing zijn;<STRING BOLD="on"> [Am. 64]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(58)</NO.P>“schuldenaar”: elke persoon die voor een douaneschuld aansprakelijk is;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(59)</NO.P>“invoerrecht”: het douanerecht dat bij de invoer van goederen verschuldigd is;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(60)</NO.P>“uitvoerrecht”: het douanerecht dat bij de uitvoer van goederen verschuldigd is;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(61)</NO.P>“terugbetaling”: de teruggave van een bedrag aan invoer- of uitvoerrechten die zijn voldaan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(62)</NO.P>“kwijtschelding”: ontheffing van de verplichting tot betaling van een bedrag aan invoer- of uitvoerrechten die niet zijn voldaan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(63)</NO.P>“inkoopcommissie”: de door een importeur aan een agent betaalde vergoeding om hem te vertegenwoordigen bij de aankoop van goederen waarvan de waarde dient te worden bepaald;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64)</NO.P>“crisis”: een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">natuurlijke of door de mens veroorzaakte </STRING></STRING>gebeurtenis <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">van uitzonderlijke aard en omvang die plaatsvindt binnen of buiten de Unie,</STRING></STRING><STRING STRIKE="on">of situatie</STRING> die de veiligheid, de gezondheid en het leven van burgers, marktdeelnemers en medewerkers van de douaneautoriteiten<STRING STRIKE="on"> plotseling</STRING> in gevaar brengt en dringende maatregelen vereist met betrekking tot de binnenkomst, uitgang of doorvoer van goederen<STRING STRIKE="on">.</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 65]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“crisisresponsunit”: een contactpunt binnen de EU-douaneautoriteit dat de activiteiten van de EU op het gebied van crisisrespons binnen de douane-unie coördineert;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 66]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“kleine, middelgrote en micro-ondernemingen” of “kmo’s”: kleine, middelgrote en micro-ondernemingen als omschreven in artikel 2 van Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 67]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 quater)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“overige heffingen”: alle kosten die worden geheven naast de douanerechten, de btw, de kosten voor douaneformaliteiten en de koerierskosten;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 68]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 quinquies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“eindafnemer”: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die in de Unie woont of gevestigd is en aan wie een verkoper of marktplaats een product ter beschikking heeft gesteld;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 69]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 sexies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“nationale éénloketomgeving voor de douane”: een reeks elektronische diensten die door een lidstaat worden opgezet om ervoor te zorgen dat informatie tussen de elektronische systemen van zijn douaneautoriteit, de geassocieerde bevoegde autoriteiten en marktdeelnemers kan worden uitgewisseld;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 70]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 septies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“geassocieerde bevoegde autoriteit”: een autoriteit van een lidstaat, of de Commissie, die bevoegd is een bepaalde taak uit te voeren om de relevante niet-douaneformaliteiten van de Unie te vervullen;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 71]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 octies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“niet-douaneformaliteit van de Unie”: alle verrichtingen die voor het internationale verkeer van goederen moeten worden uitgevoerd door een marktdeelnemer of door een geassocieerde bevoegde autoriteit, zoals vastgelegd in andere Uniewetgeving dan douanewetgeving;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 72]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 nonies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“niet-douanebewijsstuk”: een vereist document dat door een geassocieerde bevoegde autoriteit is afgegeven of door een marktdeelnemer is opgesteld, of vereiste informatie die door een marktdeelnemer is verstrekt, ter verklaring dat niet-douaneformaliteiten van de Unie zijn vervuld;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 73]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 decies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“kwantiteitsbeheer”: het monitoren en beheren van de hoeveelheid door de geassocieerde bevoegde autoriteiten toegelaten goederen overeenkomstig andere Uniewetgeving dan de douanewetgeving, op basis van de informatie die door de douaneautoriteiten is verstrekt;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 74]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 undecies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“niet-douanesysteem van de Unie”: een elektronisch systeem van de Unie dat is ingevoerd bij, wordt gebruikt ter verwezenlijking van de doelstellingen van, of waarnaar wordt verwezen in Uniewetgeving om informatie op te slaan over de naleving van de respectievelijke niet-douaneformaliteit van de Unie;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 75]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(64 duodecies)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“registratie- en identificatienummer van marktdeelnemer (EORI-nummer)”: registratie- en identificatienummer van marktdeelnemer (Economic Operators Registration and Identification number – EORI-nummer) zoals gedefinieerd in artikel 1, punt 18, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446 van de Commissie</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446 van de Commissie van 28 juli 2015 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad met nadere regels betreffende een aantal bepalingen van het douanewetboek van de Unie (PB L 343 van 29.12.2015, blz. 1).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 76]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 3</TI><STI.GR>Beschikkingen betreffende de toepassing van de douanewetgeving</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 1</TI><STI.GR>Algemene beginselen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 6</TI.ART><STI.ART>Op aanvraag afgegeven beschikkingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Indien een persoon een beschikking betreffende de toepassing van de douanewetgeving aanvraagt, verstrekt hij alle inlichtingen die de bevoegde douaneautoriteiten nodig hebben om die beschikking te kunnen afgeven.</PARAG><PARAG>Een beschikking mag ook worden aangevraagd door en afgegeven worden aan verschillende personen, overeenkomstig de in de douanewetgeving vastgelegde voorwaarden.</PARAG><PARAG>Tenzij anders is bepaald, is de bevoegde douaneautoriteit de autoriteit van de plaats van vestiging van de aanvrager.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten gaan onverwijld, maar uiterlijk binnen <STRING STRIKE="on">30</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">14</STRING></STRING> kalenderdagen na ontvangst van de aanvraag voor een beschikking, na of aan de voorwaarden voor aanvaarding van de aanvraag is voldaan.<STRING BOLD="on"> [Am. 77]</STRING></PARAG><PARAG>Wanneer de douaneautoriteiten vaststellen dat de aanvraag alle inlichtingen bevat die zij nodig hebben om de beschikking te kunnen afgeven, stellen zij de aanvrager binnen de in de eerste alinea vermelde termijn daarvan in kennis.</PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wanneer de douaneautoriteiten andere relevante bevoegde nationale of internationale autoriteiten om aanvullende inlichtingen verzoeken om de aanvraag te beoordelen, stellen zij de aanvrager daarvan in kennis en delen zij hem of haar binnen 15 kalenderdagen hun besluit mee.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 78]</STRING></PARAG><PARAG>Wanneer de douaneautoriteiten vaststellen dat de aanvraag niet alle inlichtingen bevat die zij nodig hebben, vragen zij de aanvrager binnen een redelijke termijn, die ten hoogste 30 kalenderdagen bedraagt, om de relevante aanvullende inlichtingen te verstrekken. Zelfs wanneer de douaneautoriteiten de aanvrager om aanvullende inlichtingen hebben verzocht, beslissen zij of de aanvraag volledig is en kan worden aanvaard dan wel onvolledig is en wordt geweigerd binnen een termijn van ten hoogste 60 kalenderdagen vanaf de datum van de eerste aanvraag. Indien de douaneautoriteiten de aanvrager binnen die termijn niet uitdrukkelijk meedelen of de aanvraag <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">volledig is en </STRING></STRING>is aanvaard, wordt de aanvraag geacht aan het einde van de 60 kalenderdagen te zijn aanvaard.<STRING BOLD="on"> [Am. 79]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Tenzij anders is bepaald, geeft de bevoegde douaneautoriteit uiterlijk <STRING STRIKE="on">120</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">90</STRING></STRING> dagen na de datum van aanvaarding van de aanvraag een beschikking als bedoeld in lid 1 af en stelt zij de aanvrager daarvan onverwijld in kennis.<STRING BOLD="on"> [Am. 80]</STRING></PARAG><PARAG>Indien de douaneautoriteiten de termijn voor het afgeven van een beschikking niet kunnen naleven, stellen zij de aanvrager daarvan in kennis vóór het verstrijken van die termijn, met opgave van de redenen en van de nieuwe termijn die zij nodig achten om een beschikking af te geven. Tenzij anders is bepaald, bedraagt die nieuwe termijn niet meer dan 30 kalenderdagen.</PARAG><PARAG>Onverminderd de tweede alinea kunnen de douaneautoriteiten de termijn voor het afgeven van een beschikking, zoals vastgelegd in de douanewetgeving, verlengen indien de aanvrager daarom verzoekt om aanpassingen aan te brengen opdat aan de voorwaarden en criteria voor het afgeven van de beschikking is voldaan. Deze aanpassingen en de extra tijd die noodzakelijk is om ze aan te brengen, worden meegedeeld aan de douaneautoriteiten, die over de verlenging beslissen.</PARAG><PARAG>Indien de douaneautoriteiten niet beslissen binnen de in de eerste, tweede en derde alinea vastgestelde termijnen, kan de aanvrager het verzoek als afgewezen beschouwen en kan hij daartegen beroep aantekenen. De aanvrager kan de EU-douaneautoriteit ook meedelen dat de douaneautoriteiten geen beschikking hebben afgegeven binnen de gestelde termijnen.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> In dat geval wordt er een automatische kennisgeving ontvangen via de EU-douanedatahub.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 81]</STRING></PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie stelt duidelijke richtsnoeren vast betreffende het nemen van besluiten in het geval van technische problemen met betrekking tot de infrastructuur van de gecentraliseerde elektronische systemen in de EU, met name de EU-douanedatahub.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 82]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Tenzij in de beschikking of de douanewetgeving anders is bepaald, wordt de beschikking van kracht op de datum waarop de aanvrager deze ontvangt of wordt geacht deze te hebben ontvangen. Met uitzondering van de in artikel 17, lid 2, bedoelde gevallen zijn afgegeven beschikkingen vanaf die datum uitvoerbaar door de douaneautoriteiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Tenzij in de douanewetgeving anders is bepaald, is de beschikking onbeperkt geldig.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Voordat een voor de aanvrager ongunstige beschikking wordt afgegeven, delen de douaneautoriteiten hem mee op welke gronden zij voornemens zijn hun beschikking te baseren. De aanvrager wordt in de gelegenheid gesteld zijn standpunt kenbaar te maken binnen een specifieke termijn, die aanvangt op de datum waarop hij die mededeling ontvangt of wordt geacht die te hebben ontvangen (“recht om te worden gehoord”). Na het verstrijken van deze termijn wordt aan de aanvrager in de passende vorm mededeling gedaan van de beschikking.</PARAG><PARAG>De eerste alinea is in elk van de volgende gevallen niet van toepassing:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien het een beschikking betreffende een bindende inlichting betreft als bedoeld in artikel 13, lid 1;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien de toekenning van een tariefcontingent wordt geweigerd wanneer de vastgestelde contingentomvang is bereikt, als bedoeld in artikel 145, lid 4, eerste alinea;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien de aard of de omvang van een gevaar voor de veiligheid van de Unie en haar inwoners, voor de gezondheid van mens, dier of plant, voor het milieu of voor de consument daartoe aanleiding geeft;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>indien de beschikking tot uitvoering van een andere beschikking strekt waarvoor de aanvrager de mogelijkheid heeft gekregen zijn standpunt kenbaar te maken, onverminderd het recht van de betrokken lidstaat;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>indien dit een onderzoek met het oog op de bestrijding van fraude zou belemmeren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">in andere specifieke gevallen.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 83]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Een voor de aanvrager ongunstige beschikking wordt met redenen omkleed en maakt melding van de mogelijkheid tot beroep als bepaald in artikel 16.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de uitzonderingen voor de aanwijzing van het bevoegde douanekantoor als bedoeld in lid 1, derde alinea, van dit artikel;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de voorwaarden voor de aanvaarding van een aanvraag als bedoeld in lid 2 van dit artikel;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de gevallen waarin de termijn voor het afgeven van een specifieke beschikking, met inbegrip van de mogelijke verlenging van die termijn, van de in lid 3 van dit artikel bedoelde termijnen verschilt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de in lid 4 van dit artikel bedoelde gevallen waarin de beschikking van kracht wordt op een andere datum dan die waarop de aanvrager de beschikking ontvangt of wordt geacht deze te hebben ontvangen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de in lid 5 van dit artikel bedoelde gevallen waarin de beschikking niet onbeperkt geldig is;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>de lengte van de in lid 6, eerste alinea, van dit artikel bedoelde termijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">de in lid 6, tweede alinea, punt f), van dit artikel bedoelde specifieke gevallen.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 84]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>De Commissie <STRING STRIKE="on">bepaalt door middel van</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">stelt</STRING></STRING> uitvoeringshandelingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vast tot vaststelling van </STRING></STRING>de procedure voor:<STRING BOLD="on"> [Am. 85]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de indiening en de aanvaarding van een aanvraag voor een beschikking, bedoeld in de leden 1 en 2;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">richtsnoeren betreffende het nemen van besluiten in het geval van technische problemen met betrekking tot de infrastructuur van de gecentraliseerde elektronische systemen in de EU;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 86]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het afgeven van een beschikking als bedoeld in dit artikel, daaronder begrepen, in voorkomend geval, de beslissing over het recht om te worden gehoord en over de raadpleging van andere betrokken lidstaten;</PARAG><PARAG>Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 7</TI.ART><STI.ART>Beheer van op aanvraag afgegeven beschikkingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De houder van de beschikking komt de daaruit voortvloeiende verplichtingen na.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De houder van de beschikking controleert voortdurend of de voorwaarden en criteria alsook de verplichtingen die uit de beschikking voortvloeien, worden nageleefd en zet, indien van toepassing, interne controles op waarmee illegale of onregelmatige transacties kunnen worden voorkomen, opgespoord en gecorrigeerd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De houder van de beschikking stelt de douaneautoriteiten onverwijld in kennis van alle voorvallen die zich na de afgifte van de beschikking voordoen en die op de continuïteit of de inhoud ervan van invloed kunnen zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneautoriteiten zien er regelmatig op toe of de houder van de beschikking nog steeds aan de relevante criteria en verplichtingen voldoet, met name of hij in staat is om fouten te voorkomen, erop te reageren en deze te verhelpen door middel van passende interne controles. Op basis van dat toezicht evalueert de douane in voorkomend geval het risicoprofiel van de houder van de beschikking. Indien de houder van de beschikking minder dan drie jaar in het douanegebied van de Unie gevestigd is, houden de douaneautoriteiten nauw toezicht op hem in het eerste jaar na afgifte van de beschikking.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De douaneautoriteiten stellen de EU-douaneautoriteit in kennis van de op aanvraag afgegeven beschikkingen en van alle toezichtactiviteiten die zij overeenkomstig lid 4 verrichten. De EU-douaneautoriteit houdt bij het risicobeheer rekening met deze informatie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 3, genoemde datum registreren de douaneautoriteiten hun beschikkingen in de bestaande elektronische systemen voor de uitwisseling van inlichtingen die door de lidstaten en de Commissie zijn ontwikkeld. De lidstaten en de Commissie hebben toegang tot die beschikkingen en de onderliggende informatie in die systemen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Onverminderd bepalingen op andere gebieden tot precisering van de gevallen waarin beschikkingen ongeldig zijn of hun werking verliezen, kunnen de douaneautoriteiten die een beschikking hebben afgegeven, deze op elk moment nietig verklaren, intrekken of wijzigen indien zij niet in overeenstemming is met de douanewetgeving. De douaneautoriteiten stellen de EU-douaneautoriteit in kennis van dergelijke nietigverklaringen, intrekkingen en wijzigingen van douanebeschikkingen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>In specifieke gevallen gaan de douaneautoriteiten over tot:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>herziening van een beschikking;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>schorsing van een beschikking die niet nietig verklaard, ingetrokken of gewijzigd moet worden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>De beschikkingsbevoegde douaneautoriteit gaat over tot schorsing van de beschikking in plaats van nietigverklaring, intrekking of wijziging wanneer:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>die douaneautoriteit van oordeel is dat er voldoende redenen zijn om de beschikking nietig te verklaren, in te trekken of te wijzigen, maar zij nog niet over alle nodige elementen voor die nietigverklaring, intrekking of wijziging beschikt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>die douaneautoriteit van oordeel is dat de voorwaarden voor de beschikking niet zijn vervuld of dat de houder van de beschikking de verplichtingen uit hoofde van die beschikking niet nakomt, en het passend is dat de houder van de beschikking de tijd krijgt om maatregelen te treffen ter waarborging van de naleving van de voorwaarden of van de verplichtingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de houder van de beschikking om de schorsing verzoekt omdat hij tijdelijk niet in staat is aan de voorwaarden voor de beschikking te voldoen of de verplichtingen uit hoofde van die beschikking na te komen.</PARAG><PARAG>In de in lid 1, punten b) en c), bedoelde gevallen stelt de houder van de beschikking de beschikkingsbevoegde douaneautoriteit in kennis van de maatregelen die hij zal nemen om te waarborgen dat aan de voorwaarden wordt voldaan of dat de verplichtingen worden nageleefd, en van de tijd die hij nodig heeft om deze maatregelen te nemen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>10.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>nadere regels ter controle op beschikkingen als bedoeld in de leden 2 tot en met 4 van dit artikel;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de specifieke gevallen en de regels voor de herbeoordeling van beschikkingen als bedoeld in lid 8 van dit artikel.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 8</TI.ART><STI.ART>Geldigheid van beschikkingen in de hele Unie</STI.ART><PARAG>Tenzij in de beschikking is bepaald dat de werking ervan is beperkt tot één of meerdere lidstaten, zijn beschikkingen in verband met de toepassing van de douanewetgeving geldig in het hele douanegebied van de Unie.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 9</TI.ART><STI.ART>Nietigverklaring van gunstige beschikkingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten verklaren een voor de houder van de beschikking gunstige beschikking nietig als aan alle onderstaande voorwaarden is voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de beschikking is afgegeven op grond van onjuiste of onvolledige gegevens;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de houder van de beschikking wist of had redelijkerwijze moeten weten dat de gegevens onjuist of onvolledig waren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien de gegevens juist en volledig waren geweest, zou de beschikking anders hebben geluid.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Aan de houder van de beschikking wordt mededeling gedaan van de nietigverklaring van de beschikking.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De nietigverklaring wordt van kracht op de datum waarop de oorspronkelijke beschikking van kracht werd, tenzij in de beschikking anders is bepaald overeenkomstig de douanewetgeving.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie <STRING STRIKE="on">bepaalt door middel van</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">stelt</STRING></STRING> uitvoeringshandelingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> vast tot vaststelling van</STRING></STRING> de regels voor de nietigverklaring van gunstige beschikkingen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.<STRING BOLD="on"> [Am. 87]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 10</TI.ART><STI.ART>Intrekking en wijziging van gunstige beschikkingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Een gunstige beschikking wordt ingetrokken of gewijzigd indien, in andere dan de in artikel 9 bedoelde gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>aan een of meer voor de afgifte van de beschikking gestelde voorwaarden niet of niet meer is voldaan; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de houder van de beschikking daarom verzoekt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Tenzij anders is bepaald, kan een voor meerdere geadresseerden gunstige beschikking worden ingetrokken ten aanzien van slechts één geadresseerde die een op hem krachtens die beschikking rustende verplichting niet nakomt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Aan de houder van de beschikking wordt mededeling gedaan van de intrekking of de wijziging van de beschikking.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Artikel 6, lid 4, is van toepassing op de intrekking of de wijziging van de beschikking.</PARAG><PARAG>In uitzonderlijke gevallen waarin de rechtmatige belangen van de houder van de beschikking dit vereisen, kunnen de douaneautoriteiten evenwel de datum waarop de intrekking of de wijziging van kracht wordt, met maximaal één jaar uitstellen. Die datum wordt vermeld in de beschikking tot intrekking of wijziging.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de in lid 2 bedoelde gevallen waarin een voor meerdere geadresseerden gunstige beschikking kan worden ingetrokken ten aanzien van andere personen dan degene die een op hem krachtens die beschikking rustende verplichting niet nakomt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de uitzonderlijke gevallen waarin de douaneautoriteiten de datum waarop de intrekking of de wijziging van kracht wordt, overeenkomstig de tweede alinea van lid 4, kunnen uitstellen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie <STRING STRIKE="on">bepaalt door middel van</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">stelt</STRING></STRING> uitvoeringshandelingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> vast tot vaststelling van</STRING></STRING> de procedureregels voor de intrekking of de wijziging van gunstige beschikkingen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.<STRING BOLD="on"> [Am. 88]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 11</TI.ART><STI.ART>Niet op voorafgaande aanvraag afgegeven beschikkingen</STI.ART><PARAG>Tenzij een douaneautoriteit als gerechtelijke autoriteit optreedt, gelden artikel 6, leden 4, 5, 6 en 7, artikel 7, lid 7, en de artikelen 8, 9 en 10 ook voor beschikkingen die de douaneautoriteiten hebben afgegeven zonder voorafgaande aanvraag van de belanghebbende.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 12</TI.ART><STI.ART>Beperkingen van toepassing op beschikkingen inzake goederen die onder een douaneregeling of in tijdelijke opslag zijn geplaatst</STI.ART><PARAG>Tenzij wanneer de betrokken persoon zulks verzoekt, heeft de intrekking, wijziging of schorsing van een gunstige beschikking geen gevolgen voor goederen die, op het tijdstip waarop de intrekking, wijziging of schorsing van kracht wordt, uit hoofde van de ingetrokken, gewijzigde of geschorste beschikking al onder een douaneregeling of in tijdelijke opslag zijn geplaatst en zich nog steeds onder die regeling bevinden.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 2</TI><STI.GR>Bindende inlichtingen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 13</TI.ART><STI.ART>Beschikkingen betreffende bindende inlichtingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten geven op aanvraag beschikkingen betreffende bindende tariefinlichtingen (“BTI-beschikkingen”), beschikkingen betreffende bindende oorsprongsinlichtingen (“BOI-beschikkingen”) en beschikkingen betreffende bindende waarde-inlichtingen (“BWI-beschikkingen”) af.</PARAG><PARAG>Een dergelijke aanvraag wordt in de volgende gevallen niet aanvaard:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien de aanvraag bij hetzelfde of een ander douanekantoor wordt of reeds is ingediend door of namens de houder van een beschikking:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>voor BTI-beschikkingen, in verband met dezelfde goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>voor BOI-beschikkingen, in verband met dezelfde goederen en onder dezelfde omstandigheden die bepalend zijn voor de verkrijging van de oorsprong;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>voor BWI-beschikkingen, in verband met goederen onder dezelfde omstandigheden die bepalend zijn voor de douanewaarde;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien de aanvraag geen verband houdt met een voorgenomen gebruik van de beschikking betreffende een bindende inlichting of een voorgenomen gebruik van een douaneregeling.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Beschikkingen betreffende bindende inlichtingen zijn slechts verbindend met betrekking tot de tariefindeling of de bepaling van de oorsprong of de douanewaarde van goederen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>voor de douaneautoriteiten, jegens de houder van de beschikking, ten aanzien van goederen waarvoor de douaneformaliteiten worden vervuld na de datum waarop de beschikking van kracht wordt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>voor de houder van de beschikking, jegens de douaneautoriteiten, met ingang van de datum waarop hem mededeling van de beschikking wordt gedaan of wordt geacht te zijn gedaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Beschikkingen betreffende bindende inlichtingen gelden voor een periode van drie jaar vanaf de datum waarop de beschikking van kracht wordt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Voor de toepassing van een beschikking betreffende een bindende inlichting in het kader van een specifieke douaneregeling toont de houder van de beschikking aan dat:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>in het geval van een BTI-beschikking, de betrokken goederen in elk opzicht overeenstemmen met de in de beschikking omschreven goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>in het geval van een BOI-beschikking, de betrokken goederen en de omstandigheden die bepalend zijn voor de verkrijging van de oorsprong, in elk opzicht overeenstemmen met de in de beschikking omschreven goederen en omstandigheden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>in het geval van een BWI-beschikking, de omstandigheden die bepalend zijn voor de douanewaarde van de betrokken goederen, in elk opzicht overeenstemmen met de in de beschikking omschreven omstandigheden.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 14</TI.ART><STI.ART>Beheer van beschikkingen betreffende bindende inlichtingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Een BTI-beschikking verliest haar geldigheid voor het einde van de in artikel 13, lid 3, bedoelde periode indien zij niet langer in overeenstemming is met het geldende recht, ten gevolge van één van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de vaststelling van een wijziging in de in artikel 145, lid 2, punten a) en b), bedoelde nomenclaturen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de vaststelling van in artikel 146, lid 4, bedoelde maatregelen.</PARAG><PARAG>In dergelijke gevallen verliest de BTI-beschikking haar geldigheid met ingang van de datum van toepassing van die wijziging of maatregelen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Een BOI-beschikking verliest haar geldigheid voor het einde van de in artikel 13, lid 3, bedoelde periode in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien een juridisch bindende handeling van de Unie wordt aangenomen of een overeenkomst wordt gesloten die in de Unie van toepassing wordt, en de BOI-beschikking niet langer in overeenstemming is met het aldus geldende recht, met ingang van de datum van toepassing van die handeling of overeenkomst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien de BOI-beschikking<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> niet of</STRING></STRING> niet langer verenigbaar is met de in het kader van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) vastgestelde Overeenkomst betreffende de oorsprongsregels, of met de raadgevingen, informatie, adviezen en soortgelijke handelingen betreffende de oorsprongsbepaling van goederen ter waarborging van een uniforme interpretatie en toepassing van die overeenkomst, met ingang van de datum van bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 89]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Een BWI-beschikking verliest haar geldigheid voor het einde van de in artikel 13, lid 3, bedoelde periode in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien de vaststelling van een juridisch bindende handeling van de Unie ertoe leidt dat de BWI-beschikking niet langer in overeenstemming is met die handeling, vanaf de datum van toepassing van die handeling;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien de BWI-beschikking niet langer verenigbaar is met artikel VII van de Algemene Overeenkomst inzake tarieven en handel, de Overeenkomst inzake de toepassing van artikel VII van de Algemene Overeenkomst inzake tarieven en handel 1994 (WTO-overeenkomst inzake douanewaarde) of de door de Commissie douanewaarde vastgestelde besluiten betreffende de interpretatie van die overeenkomst, met ingang van de datum van bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Beschikkingen betreffende bindende inlichtingen verliezen hun geldigheid niet met terugwerkende kracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>In afwijking van artikel 7, lid 7, en artikel 9 verklaren de douaneautoriteiten beschikkingen betreffende bindende inlichtingen alleen nietig indien zij gebaseerd zijn op onjuiste of onvolledige informatie van de aanvrager.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De douaneautoriteiten trekken beschikkingen betreffende bindende inlichtingen in overeenkomstig artikel 7, lid 7, en artikel 10. Dergelijke beschikkingen worden echter niet ingetrokken als de houder van de beschikking daarom verzoekt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Beschikkingen betreffende bindende inlichtingen kunnen niet worden gewijzigd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De douaneautoriteiten trekken BTI-beschikkingen in wanneer zij niet langer verenigbaar zijn met de interpretatie van een van de in artikel 145, lid 2, punten a) en b), bedoelde nomenclaturen als gevolg van:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de in artikel 9, lid 1, punt a), tweede streepje, van Verordening (EEG) nr. 2658/87 bedoelde toelichtingen met ingang van de datum van de bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie met ingang van de datum van de bekendmaking van het dictum van het arrest in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indelingsbesluiten, indelingsadviezen of wijzigingen in de toelichtingen op de nomenclatuur van het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen, aangenomen door de organisatie die is opgezet bij het Verdrag houdende oprichting van een Internationale Douaneraad, gedaan te Brussel op 15 december 1950, met ingang van de datum van de bekendmaking van de mededeling van de Commissie in de C-reeks van het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>BOI- en BWI-beschikkingen worden ingetrokken wanneer zij niet langer verenigbaar zijn met een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie met ingang van de datum van de bekendmaking van het dictum van het arrest in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>10.</NO.P>Wanneer een beschikking betreffende een bindende inlichting haar geldigheid verliest overeenkomstig lid 1, punt b), of de leden 2 of 3, dan wel wordt ingetrokken overeenkomstig de leden 6, 8 of 9, mag de beschikking nog worden gebruikt in het kader van bindende, op de beschikking gebaseerde contracten die al waren gesloten voordat deze haar geldigheid verloor of werd ingetrokken. Dat verlengde gebruik geldt niet voor BOI-beschikkingen in verband met voor de uitvoer bestemde goederen.</PARAG><PARAG>Het in de eerste alinea bedoelde verlengde gebruik beloopt ten hoogte zes maanden vanaf de datum waarop de beschikking betreffende een bindende inlichting haar geldigheid verloor of werd ingetrokken. Voor een in artikel 146, lid 4, een in artikel 151 of een in artikel 158 bedoelde maatregel kan er evenwel een uitzondering op dat verlengde gebruik gelden of een kortere termijn worden vastgesteld. In het geval van producten waarvoor bij de vervulling van de douaneformaliteiten een invoer- of uitvoercertificaat wordt voorgelegd, wordt de periode van zes maanden vervangen door de geldigheidsduur van het certificaat.</PARAG><PARAG>Om voor verlengd gebruik van een beschikking betreffende een bindende inlichting in aanmerking te komen, moet de houder van die beschikking bij de douaneautoriteit die de beschikking afgaf, binnen 30 dagen nadat deze haar geldigheid verliest of wordt ingetrokken, een aanvraag indienen onder vermelding van de hoeveelheden waarvoor om een periode van verlengd gebruik wordt verzocht, alsmede van de lidstaat of lidstaten waar de goederen tijdens de periode van verlengd gebruik zullen worden ingeklaard. Die douaneautoriteit neemt een besluit over het verlengde gebruik en stelt de houder daarvan onverwijld maar uiterlijk binnen 30 dagen na de datum waarop zij alle inlichtingen heeft ontvangen die ze nodig heeft om haar beschikking te kunnen afgeven, in kennis.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>11.</NO.P>De Commissie stelt de douaneautoriteiten ervan in kennis indien:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>er een schorsing geldt ten aanzien van het afgeven van beschikkingen betreffende bindende inlichtingen voor goederen waarvan de juistheid en de uniformiteit van de tariefindeling of de bepaling van de oorsprong of van de douanewaarde niet gegarandeerd zijn; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de in punt a) bedoelde schorsing is ingetrokken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>12.</NO.P>De Commissie kan besluiten vaststellen waarbij aan lidstaten het verzoek wordt gericht om een BTI-, BOI- of BWI-beschikking in te trekken, teneinde de juistheid en de uniformiteit van de tariefindeling of de bepaling van de oorsprong van goederen of de bepaling van de douanewaarde te garanderen. Voordat zij een dergelijk besluit vaststelt, deelt de Commissie de redenen waarop zij voornemens is haar besluit te baseren, mee aan de houder van de BTI-, BOI- of BWI-beschikking, die in de gelegenheid wordt gesteld zijn standpunt kenbaar te maken binnen een voorgeschreven termijn, te rekenen vanaf de datum waarop hij deze mededeling ontvangt of wordt geacht te hebben ontvangen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>13.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de regels voor het vaststellen van de in lid 12 van dit artikel bedoelde besluiten, met name wat betreft de mededeling aan de betrokken personen van de gronden waarop de Commissie voornemens is haar besluit te baseren, en de termijn waarbinnen deze personen hun standpunt kenbaar kunnen maken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>14.</NO.P>De Commissie stelt<STRING STRIKE="on"> door middel van</STRING> uitvoeringshandelingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vast tot vaststelling van </STRING></STRING>de procedureregels <STRING STRIKE="on">vast </STRING>betreffende:<STRING BOLD="on"> [Am. 90]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het gebruik van een beschikking betreffende een bindende inlichting nadat deze haar geldigheid heeft verloren of is ingetrokken overeenkomstig lid 10;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de regels volgens welke de Commissie de douaneautoriteiten in kennis stelt overeenkomstig artikel lid 11, punten a) en b).</PARAG><PARAG>Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>15.</NO.P>De Commissie stelt<STRING STRIKE="on"> door middel van</STRING> uitvoeringshandelingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vast in de vorm van</STRING></STRING><STRING STRIKE="on">de</STRING> besluiten<STRING STRIKE="on"> vast</STRING> waarin de lidstaten wordt verzocht de in lid 12 bedoelde beschikkingen in te trekken. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld.<STRING BOLD="on"> [Am. 91]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 3</TI><STI.GR>Beroep</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 15</TI.ART><STI.ART>Beslissingen van een gerechtelijke autoriteit</STI.ART><PARAG>De artikelen 16 en 17 zijn niet van toepassing op beroepen die zijn ingesteld met het oog op de nietigverklaring, intrekking of wijziging van een beslissing van een gerechtelijke autoriteit of een als een gerechtelijke autoriteit optredende douaneautoriteit over de toepassing van de douanewetgeving.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 16</TI.ART><STI.ART>Recht van beroep</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Eenieder heeft het recht beroep in te stellen tegen beschikkingen van de douaneautoriteiten die betrekking hebben op de toepassing van de douanewetgeving en die hem rechtstreeks en individueel raken.</PARAG><PARAG>Eenieder die bij de douaneautoriteiten een beschikking heeft aangevraagd, maar binnen de in artikel 6, lid 3, bedoelde termijn geen beschikking heeft verkregen, heeft eveneens het recht beroep in te stellen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Het recht van beroep kan in ten minste twee fasen worden uitgeoefend:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>eerst bij de douaneautoriteiten dan wel een gerechtelijke autoriteit of andere instantie die daartoe door de lidstaten is aangewezen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>vervolgens bij een hogere onafhankelijke instantie, die overeenkomstig de in de lidstaten geldende bepalingen een gerechtelijke autoriteit dan wel een gelijkwaardige gespecialiseerde instantie kan zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Het beroep wordt ingesteld in de lidstaat waar de beschikking is afgegeven of werd aangevraagd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De lidstaten dragen er zorg voor dat de beroepsprocedure een snelle bevestiging of correctie van door de douaneautoriteiten afgegeven beschikkingen mogelijk maakt.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 17</TI.ART><STI.ART>Schorsing van de uitvoering</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Instelling van beroep heeft geen schorsende werking ten aanzien van de uitvoering van de aangevochten beschikking.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten schorsen evenwel de uitvoering van de aangevochten beschikking geheel of gedeeltelijk indien zij gegronde redenen hebben om aan te nemen dat deze niet in overeenstemming is met de douanewetgeving of dat de betrokkene onherstelbare schade dreigt te lijden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In de in lid 2 bedoelde gevallen dient, indien de aangevochten beschikking tot verschuldigdheid van een invoer- of een uitvoerrecht leidt, in geval van schorsing van de uitvoering van deze beschikking zekerheid te worden gesteld, tenzij op basis van een gedocumenteerde beoordeling wordt vastgesteld dat de schuldenaar hierdoor waarschijnlijk in ernstige economische moeilijkheden zou komen.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 4</TI><STI.GR>Heffingen en kosten</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 18</TI.ART><STI.ART>Verbod op vergoedingen en kosten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten rekenen geen vergoeding aan voor het verrichten van douanecontroles dan wel het anderszins toepassen van de douanewetgeving tijdens de officiële openingsuren van hun bevoegde douanekantoren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen een vergoeding vragen of kosten in rekening brengen voor specifieke dienstverlening, met name:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">de aanwezigheid, op verzoek, van douanepersoneel buiten de officiële kantooruren of op een andere plaats dan in een douanekantoor;</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 92]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>analyses of deskundigenverslagen van goederen en portokosten voor het retourneren van de goederen aan de aanvrager, met name bij beschikkingen op grond van artikel 13 of de verstrekking van inlichtingen overeenkomstig artikel 39;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het onderzoek of de bemonstering van goederen voor controledoeleinden, of de vernietiging van goederen, indien andere kosten dan die voor de inzet van douanepersoneel zijn gemaakt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">uitzonderlijke controlemaatregelen, indien de aard van de goederen of een potentieel risico zulks vereist.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 93]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel II</TI><STI.GR>PLICHTEN EN RECHTEN VAN PERSONEN IN HET KADER VAN DE DOUANEWETGEVING</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Registratie</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 19</TI.ART><STI.ART>Registratie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Marktdeelnemers die in het douanegebied van de Unie gevestigd zijn, laten zich registreren bij de douaneautoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de plaats waar zij gevestigd zijn, om een registratie- en identificatienummer van marktdeelnemer (EORI-nummer) te krijgen. Indien mogelijk omvat die registratie ook de elektronische identificatie van de marktdeelnemer in de in Verordening (EU) nr. 910/2014 bedoelde nationale stelsels voor elektronische identificatie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Geregistreerde marktdeelnemers stellen de douaneautoriteiten in kennis van elke wijziging van hun registratiegegevens, met name wanneer dit een wijziging van hun plaats van vestiging inhoudt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In specifieke gevallen laten marktdeelnemers die niet in het douanegebied van de Unie gevestigd zijn, zich registreren bij de douaneautoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de plaats waar zij voor het eerst een aangifte of een aanvraag voor een beschikking hebben ingediend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Andere personen dan marktdeelnemers zijn niet verplicht zich bij de douaneautoriteiten te laten registeren, tenzij anders wordt bepaald.</PARAG><PARAG>Indien de in de eerste alinea bedoelde personen zich moeten laten registreren, geldt het volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>wanneer zij in het douanegebied van de Unie gevestigd zijn, laten zij zich registreren bij de douaneautoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de plaats waar zij gevestigd zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>wanneer zij niet in het douanegebied van de Unie gevestigd zijn, laten zij zich registreren bij de douaneautoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de plaats waar zij voor het eerst een aangifte of een aanvraag voor een beschikking hebben ingediend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>In specifieke<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en naar behoren gerechtvaardigde</STRING></STRING> gevallen wordt de registratie door de douaneautoriteiten nietig verklaard.<STRING BOLD="on"> [Am. 94]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de minimale gegevensvereisten voor de in lid 1 bedoelde registratie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de specifieke gevallen als bedoeld in lid 3;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de in lid 4, eerste alinea, bedoelde gevallen waarin andere personen dan marktdeelnemers zich moeten laten registreren bij de douaneautoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de specifieke gevallen als bedoeld in lid 5, waarin een registratie door de douaneautoriteiten nietig wordt verklaard;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de douaneautoriteit die verantwoordelijk is voor de registratie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de in lid 1 bedoelde douaneautoriteit die verantwoordelijk is voor de registratie. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Importeur en gelijkgestelde importeur</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 20</TI.ART><STI.ART>Importeurs</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De importeur voldoet aan de volgende verplichtingen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het verstrekken, bijhouden en beschikbaar stellen aan de douaneautoriteiten van alle informatie die vereist is voor de opslag of de douaneregeling waaronder de goederen zullen worden geplaatst overeenkomstig de artikelen 88, 118, 132 en 135, of voor de aanzuivering van de regeling passieve veredeling, zodra deze informatie beschikbaar is en in ieder geval voor de vrijgave van de goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het waarborgen van de correcte berekening en van de betaling van de douanerechten en andere toepasselijke heffingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het waarborgen dat de goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten, voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met inbegrip van Verordening (EU) 2023/988, </STRING></STRING>en het verstrekken, bijhouden en beschikbaar stellen van een passende administratie van die naleving;<STRING BOLD="on"> [Am. 95]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>elke andere verplichting die de douanewetgeving de importeur oplegt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De importeur moet in het douanegebied van de Unie gevestigd zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In afwijking van lid 2 zijn de volgende importeurs of personen evenwel niet verplicht om in het douanegebied van de Unie gevestigd te zijn:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een importeur die goederen onder een regeling douanevervoer of tijdelijke invoer plaatst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>een importeur die goederen binnenbrengt die in tijdelijke opslag blijven;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>personen die incidenteel goederen onder een douaneregeling plaatsen, voor zover de douaneautoriteiten zulks gerechtvaardigd achten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>personen die gevestigd zijn in een land waarvan het grondgebied grenst aan het douanegebied van de Unie, en die de goederen aanbrengen bij een douanekantoor in de Unie dat grenst aan dat land, op voorwaarde dat het land waarin de personen zijn gevestigd deze voordelen ook verleent aan personen die in het douanegebied van de Unie zijn gevestigd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>een gelijkgestelde importeur die wordt vertegenwoordigd door een in het douanegebied van de Unie gevestigde indirecte vertegenwoordiger.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 21</TI.ART><STI.ART>Gelijkgestelde importeurs</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>In afwijking van artikel 20, lid 1, punt a), verstrekken gelijkgestelde importeurs de informatie over afstandsverkopen van goederen die in het douanegebied van de Unie zullen worden ingevoerd, of stellen zij deze beschikbaar, uiterlijk op de dag na de datum waarop de betaling werd aanvaard en in elk geval vóór de vrijgave van de goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Onverminderd de gegevens die vereist zijn om de goederen overeenkomstig artikel 88, lid 3, punt a), in het vrije verkeer te brengen, bevat de in lid 1 van dit artikel bedoelde informatie ten minste de krachtens artikel 63 quater, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011 vereiste gegevens.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Wanneer goederen die door een gelijkgestelde importeur waren ingevoerd in het kader van afstandsverkopen, worden teruggezonden naar het adres van de oorspronkelijke afzender of naar een ander adres buiten het douanegebied van de Unie, maakt de gelijkgestelde importeur de informatie over het in het vrije verkeer brengen van die goederen ongeldig en verstrekt hij het bewijs dat de goederen het douanegebied van de Unie hebben verlaten, of stelt hij dit bewijs beschikbaar.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 3</TI><STI.GR>Exporteur</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 22</TI.ART><STI.ART>Exporteurs</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De exporteur voldoet aan de volgende verplichtingen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het verstrekken, bijhouden en beschikbaar stellen aan de douaneautoriteiten van alle informatie die vereist is voor de douaneregeling waaronder de goederen zijn geplaatst overeenkomstig de artikelen 99 en 140, of voor de aanzuivering van de regeling tijdelijke invoer, zodra deze informatie beschikbaar is en in ieder geval voor de vrijgave van de goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het waarborgen van de correcte berekening en van de inning van de douanerechten en, in voorkomend geval, overige heffingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het waarborgen dat de goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten, voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast, en het verstrekken, bijhouden en beschikbaar stellen van een passende administratie van die naleving;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>elke andere verplichting die de douanewetgeving oplegt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De exporteur moet in het douanegebied van de Unie gevestigd zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In afwijking van lid 2 zijn de volgende exporteurs evenwel niet verplicht om in het douanegebied van de Unie gevestigd te zijn:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een exporteur die goederen onder de regeling douanevervoer plaatst, de regeling tijdelijke invoer aanzuivert of goederen uitvoert die zich in tijdelijke opslag bevonden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>personen die incidenteel goederen onder een douaneregeling plaatsen, voor zover de douaneautoriteiten zulks gerechtvaardigd achten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>personen die gevestigd zijn in een land waarvan het grondgebied grenst aan het douanegebied van de Unie, en die de goederen aanbrengen bij een douanekantoor in de Unie dat grenst aan dat land, op voorwaarde dat het land waarin de personen zijn gevestigd deze voordelen ook verleent aan personen die in het douanegebied van de Unie zijn gevestigd.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 4</TI><STI.GR>Geautoriseerde marktdeelnemer en betrouwbare en gecertificeerde ondernemer (“Trust&amp;Check-ondernemer”)</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 23</TI.ART><STI.ART>Aanvraag en vergunning voor de status van geautoriseerde marktdeelnemer</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Een persoon die in het douanegebied van de Unie woonachtig is, rechtspersoonlijkheid heeft of geregistreerd is en aan de in artikel 24 gestelde criteria voldoet, kan de status van geautoriseerde marktdeelnemer aanvragen.</PARAG><PARAG>De <STRING STRIKE="on">douaneautoriteiten verlenen</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">EU-douaneautoriteit verleent na beoordeling van de door de nationale bevoegde autoriteit verrichte controle</STRING></STRING>, zo nodig na overleg met andere autoriteiten, een of beide van de volgende soorten vergunningen:<STRING BOLD="on"> [Am. 96]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>die van geautoriseerde marktdeelnemer voor douanevereenvoudigingen, op grond waarvan de houder in aanmerking komt voor de vereenvoudigingen overeenkomstig de douanewetgeving; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>die van geautoriseerde marktdeelnemer voor veiligheid, op grond waarvan de houder faciliteiten krijgt op het gebied van veiligheid.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Beide in lid 1, tweede alinea, bedoelde soorten vergunningen kunnen tegelijkertijd worden gehouden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De in lid 1 bedoelde personen moeten aan de in artikel 7, leden 2 en 3, vastgestelde verplichtingen voldoen. De douaneautoriteiten zien erop toe dat de marktdeelnemer voortdurend voldoet aan de criteria en voorwaarden voor de status van geautoriseerde marktdeelnemer overeenkomstig artikel 7, lid 4.</PARAG><PARAG>De douaneautoriteiten verrichten ten minste om de drie jaar een grondige controle van de activiteiten en de interne administratie van de geautoriseerde marktdeelnemer.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De status van geautoriseerde marktdeelnemer wordt, met inachtneming van lid 5 van dit artikel en van artikel 24, erkend door de douaneautoriteiten in alle lidstaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De douaneautoriteiten verlenen, op grond van de erkenning van de status<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> van geautoriseerde marktdeelnemer voor douanevereenvoudigingen</STRING></STRING> en mits is voldaan aan de eisen voor een bepaalde vorm van bij de douanewetgeving vastgestelde vereenvoudiging, toestemming aan de betrokkene om van die vereenvoudiging gebruik te maken. Criteria die reeds onderzocht zijn bij de verlening van de status<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> van geautoriseerde marktdeelnemer voor douanevereenvoudigingen</STRING></STRING>, worden niet opnieuw door de douaneautoriteiten onderzocht.<STRING BOLD="on"> [Am. 97]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De in lid 1 bedoelde geautoriseerde marktdeelnemer krijgt op het vlak van douanecontroles, naargelang de verleende vergunning, meer faciliteiten dan andere marktdeelnemers, onder meer in de vorm van minder fysieke en op documenten gebaseerde controles. De status van geautoriseerde marktdeelnemer wordt bij het douanerisicobeheer in positieve zin in aanmerking genomen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De douaneautoriteiten verlenen voordelen die voortvloeien uit de status van geautoriseerde marktdeelnemer, aan personen die in derde landen gevestigd zijn en aan de voorwaarden en verplichtingen van de desbetreffende wetgeving van die landen en gebieden voldoen, voor zover die voorwaarden en verplichtingen door de Unie erkend worden als gelijkwaardig met die welke gelden voor geautoriseerde marktdeelnemers die in het douanegebied van de Unie gevestigd zijn. Het verlenen van die voordelen is gebaseerd op het wederkerigheidsbeginsel, tenzij de Unie anders beslist, en gegrondvest op een internationale overeenkomst van de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, relevante en bindende partnerschappen</STRING></STRING> of de Uniewetgeving op het gebied van het gemeenschappelijk handelsbeleid.<STRING BOLD="on"> [Am. 98]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>Om te reageren op verstoringen van de handelsstromen als gevolg van een verhoging van veiligheidsalarmniveaus, grenssluitingen en/of natuurrampen, gevaarlijke noodsituaties of andere ernstige incidenten, wordt een gezamenlijk bedrijfscontinuïteitsmechanisme opgezet, in het kader waarvan de douaneautoriteiten prioritaire vracht van geautoriseerde marktdeelnemers zoveel mogelijk vlotter en sneller kunnen afhandelen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Waar nodig kan de Commissie richtsnoeren vaststellen ter ondersteuning van kmo’s, waarin de unieke uitdagingen waarmee kmo’s worden geconfronteerd, worden erkend, en tegelijkertijd de integriteit en veiligheid van de externe handelsprocessen bij toepassing van de status van geautoriseerde marktdeelnemer en Trust&amp;Check-ondernemers in stand worden gehouden. Er moet continu naar worden gestreefd de procedures te vereenvoudigen en toegankelijker te maken voor kmo’s, en ervoor te zorgen dat hun cruciale rol in de buitenlandse handel van de EU wordt ondersteund en bevorderd.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 99]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de aard en de frequentie van de toezichtactiviteiten van zowel de in lid 1 bedoelde personen als de in lid 3 bedoelde douaneautoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de in lid 5 bedoelde vereenvoudigingen voor geautoriseerde marktdeelnemers;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de in lid 6 bedoelde faciliteiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>10.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor het overleg over de vaststelling van de status van geautoriseerde marktdeelnemer als bedoeld in lid 1, tweede alinea, met inbegrip van de antwoordtermijnen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 24</TI.ART><STI.ART>Toekenning van de status van geautoriseerde marktdeelnemer</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De criteria voor de toekenning van de status van geautoriseerde marktdeelnemer zijn de volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>geen ernstige of herhaalde overtredingen van de douanewetgeving<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, van de relevante andere wetgeving als bedoeld in artikel 20, lid 1, punt c), van deze verordening en van</STRING></STRING><STRING STRIKE="on"> en</STRING> belastingvoorschriften<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> en geen strafblad met zware misdrijven; de in aanmerking te nemen overtredingen en misdrijven zijn die welke verband houden met economische of zakelijke activiteiten;<STRING BOLD="on"> [Am. 100]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de aanvrager kan aantonen dat hij zijn activiteiten en de goederenstroom goed onder controle heeft dankzij een handels- en, in voorkomend geval, vervoersadministratie aan de hand waarvan passende douanecontroles mogelijk zijn, en het bewijs kan worden geleverd dat niet-naleving doeltreffend is verholpen; de aanvrager draagt er zorg voor dat relevante werknemers de opdracht hebben om de douaneautoriteiten kennis te geven van eventuele nalevingsproblemen en stelt procedures voor de kennisgeving van dergelijke problemen aan de douaneautoriteiten vast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>financiële solvabiliteit, die wordt geacht te zijn aangetoond als de aanvrager over een goede financiële draagkracht beschikt om aan zijn verplichtingen te voldoen, waarbij terdege rekening wordt gehouden met de specifieke kenmerken van de bedrijfsactiviteit in kwestie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>wat de in artikel 23, lid 1, punt a), bedoelde vergunning betreft, de praktische vakbekwaamheid of beroepskwalificaties die rechtstreeks samenhangen met de verrichte activiteit;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>wat de in artikel 23, lid 1, punt b), bedoelde vergunning betreft, passende veiligheids- en nalevingsnormen die zijn aangepast aan de verrichte activiteit. Aan deze normen wordt geacht te zijn voldaan als de aanvrager kan aantonen dat hij passende maatregelen handhaaft om de veiligheid van de internationale toeleveringsketen te waarborgen, onder andere op het gebied van de fysieke integriteit, toegangscontroles, logistieke processen, behandeling van specifieke soorten goederen, personeel en identificatie van zijn zakenpartners.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie <STRING STRIKE="on">stelt door middel van uitvoeringshandelingen de voorwaarden</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">is bevoegd overeenkomstig artikel 261 ter aanvulling van deze verordening gedelegeerde handelingen vast te stellen met daarin de nadere regelingen</STRING></STRING> voor de toepassing van de in lid 1 bedoelde criteria<STRING STRIKE="on"> vast</STRING>.<STRING STRIKE="on"> Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 101]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 25</TI.ART><STI.ART>Toekenning van de status van Trust&amp;Check-ondernemer</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Een <STRING STRIKE="on">importeur of exporteur</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">persoon</STRING></STRING> die woonachtig of geregistreerd is in het douanegebied van de Unie, aan de criteria van lid 3 voldoet en gedurende ten minste drie jaar regelmatig douanehandelingen heeft verricht in het kader van zijn bedrijf, kan bij de douaneautoriteit van de lidstaat waar hij is gevestigd, de status van Trust&amp;Check-ondernemer aanvragen.<STRING BOLD="on"> [Am. 102]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De <STRING STRIKE="on">douaneautoriteiten verlenen</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">EU-douaneautoriteit verleent</STRING></STRING> de status nadat zij, indien nodig, overleg <STRING STRIKE="on">hebben</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">heeft</STRING></STRING> gepleegd met andere autoriteiten en nadat zij<STRING STRIKE="on"> toegang hebben gehad tot</STRING> de relevante gegevens van de aanvrager van de afgelopen <STRING STRIKE="on">drie jaar</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">twee jaar heeft ontvangen en beoordeeld</STRING></STRING> om na te gaan of aan de criteria van lid 3 is voldaan.<STRING BOLD="on"> [Am. 103]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De <STRING STRIKE="on">douaneautoriteiten verlenen</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">EU-douaneautoriteit verleent na beoordeling van de door de nationale bevoegde autoriteit verrichte controle</STRING></STRING> de status van Trust&amp;Check-ondernemer aan een persoon die aan alle volgende criteria voldoet:<STRING BOLD="on"> [Am. 104]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>geen ernstige of herhaalde overtredingen van de douanewetgeving<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, van de relevante andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving overeenkomstig artikel 20, lid 1, punt c), van deze verordening en van</STRING></STRING><STRING STRIKE="on"> en</STRING> belastingvoorschriften<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> en geen strafblad met zware misdrijven; de in aanmerking te nemen overtredingen en misdrijven zijn die welke verband houden met economische of zakelijke activiteiten;<STRING BOLD="on"> [Am. 105]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de aanvrager kan aantonen dat hij zijn activiteiten en de goederenstroom goed onder controle heeft dankzij een handels- en vervoersadministratie aan de hand waarvan passende douanecontroles mogelijk zijn en het bewijs kan worden geleverd dat niet-naleving doeltreffend is verholpen; de aanvrager draagt er zorg voor dat relevante werknemers de douaneautoriteiten kennisgeven van eventuele nalevingsproblemen en stelt procedures voor de kennisgeving van dergelijke problemen aan de douaneautoriteiten vast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>financiële solvabiliteit, die wordt geacht te zijn aangetoond als de aanvrager over<STRING STRIKE="on"> een goede</STRING> financiële draagkracht beschikt om aan zijn verplichtingen te voldoen, waarbij terdege rekening wordt gehouden met de specifieke kenmerken van de bedrijfsactiviteit in kwestie. De aanvrager moet met name, gedurende de afgelopen drie jaar voorafgaand aan de indiening van de aanvraag, voldaan hebben aan zijn financiële verplichtingen met betrekking tot de betaling van douanerechten en alle andere rechten, belastingen of heffingen die op of in verband met de invoer of uitvoer van goederen worden geheven, daaronder begrepen de btw en de accijns die is verschuldigd op intra-Unieverrichtingen;<STRING BOLD="on"> [Am. 106]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de praktische vakbekwaamheid of beroepskwalificaties die rechtstreeks samenhangen met de aard en de omvang van de verrichte activiteit, daaronder begrepen de opleiding van relevante werknemers met het oog op de interactie met de douaneautoriteiten via de EU-douanedatahub;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>passende veiligheids- en nalevingsnormen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met inbegrip van normen voor productveiligheid</STRING></STRING>, aangepast aan de aard en de omvang van de verrichte activiteit<STRING STRIKE="on">. Aan deze normen</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, onder meer door van de aanvrager te verlangen dat deze deelneemt aan een door de bevoegde autoriteiten aangeboden verplichte opleiding met betrekking tot de specifieke activiteit. Aan die veiligheids- en nalevingsnormen</STRING></STRING> wordt geacht te zijn voldaan als de aanvrager kan aantonen dat hij passende maatregelen handhaaft om de veiligheid van de internationale toeleveringsketen te waarborgen, onder andere op het gebied van de fysieke integriteit, toegangscontroles, logistieke processen, behandeling van specifieke soorten goederen, personeel en identificatie van zijn zakenpartners;<STRING BOLD="on"> [Am. 107]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>beschikken over een elektronisch systeem<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met inbegrip van systemen die worden beheerd door een derde aanbieder, dat douaneautoriteiten bij wijze van uitzondering toegang biedt tot passende en relevante realtimegegevens</STRING></STRING><STRING STRIKE="on"> dat in realtime alle gegevens</STRING> over de overbrenging van de goederen en de naleving van alle daarop toepasselijke vereisten door de in lid 1 bedoelde persoon<STRING STRIKE="on"> verstrekt of beschikbaar stelt aan de douaneautoriteiten</STRING>, daaronder begrepen gegevens die betrekking hebben op veiligheid en gegevens wanneer deze relevant zijn om te delen via de EU-douanedatahub<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, in overeenstemming met de nadere regelingen voor de toepassing van de criteria voor dergelijke toegang, zoals vastgelegd in de in lid 10, punt b), bedoelde gedelegeerde handelingen</STRING></STRING>:<STRING BOLD="on"> [Am. 108]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>douaneadministratie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>boekhoudkundig systeem;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>handels- en vervoersadministratie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iv)</NO.P>tracking- en logistiek systeem dat een onderscheid maakt tussen Unie- en niet-Uniegoederen en, in voorkomend geval, de plaats aangeeft waar de goederen zich bevinden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>v)</NO.P>licenties en vergunningen die zijn verleend overeenkomstig andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>vi)</NO.P>alle administratie die nodig is om de juistheid van de vaststelling van de douaneschulden te controleren.</PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij wijze van uitzondering op punt f) en onverminderd de verplichtingen met betrekking tot de status van importeur of gelijkgestelde importeur, kunnen kleine en middelgrote ondernemingen door middel van een digitaal productpaspoort gegevens over de naleving ter beschikking stellen aan de douaneautoriteiten.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 109]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De in lid 1 bedoelde personen moeten aan de in artikel 7, leden 2 en 3, vastgestelde verplichtingen voldoen. De douaneautoriteiten zien erop toe dat de marktdeelnemer voortdurend voldoet aan de criteria en voorwaarden voor de status van geautoriseerde marktdeelnemer overeenkomstig artikel 7, lid 4.</PARAG><PARAG>De douaneautoriteiten verrichten ten minste om de <STRING STRIKE="on">drie</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">twee</STRING></STRING> jaar een grondige controle van de activiteiten en de interne administratie van de Trust&amp;Check-ondernemer. De Trust&amp;Check-ondernemer stelt de douaneautoriteiten in kennis van elke wijziging in zijn bedrijfsstructuur, eigendom, solvabiliteit, handelsmodellen of andere belangrijke wijzigingen in zijn situatie en activiteiten. De douaneautoriteiten herbeoordelen de status van de Trust&amp;Check-ondernemer wanneer een van deze wijzigingen aanzienlijke gevolgen heeft voor de Trust&amp;Check-status. De douaneautoriteiten kunnen deze vergunning schorsen totdat een besluit over de herbeoordeling is genomen.<STRING BOLD="on"> [Am. 110]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P><STRING STRIKE="on">Wanneer een Trust&amp;Check-ondernemer zijn lidstaat van vestiging wijzigt, kunnen de douaneautoriteiten van de ontvangende lidstaat de Trust&amp;Check-vergunning herbeoordelen, nadat zij overlegd hebben met de lidstaat die de status oorspronkelijk heeft verleend, en de eerdere gegevens over die marktdeelnemer hebben ontvangen. Tijdens de herbeoordeling kan de douaneautoriteit van de lidstaat die de oorspronkelijke vergunning heeft verleend, deze schorsen.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 111]</STRING></PARAG><PARAG><STRING STRIKE="on">De</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wanneer een</STRING></STRING> Trust&amp;Check-ondernemer <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zijn lidstaat van vestiging wijzigt, </STRING></STRING>stelt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> hij</STRING></STRING> de douaneautoriteiten van de ontvangende lidstaat in kennis van elke wijziging in zijn bedrijfsstructuur, eigendom, solvabiliteit, handelsmodellen of andere belangrijke wijzigingen in zijn situatie en activiteiten<STRING STRIKE="on"> indien zij van invloed zijn op de Trust&amp;Check-status</STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 112]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De douaneautoriteiten van de ontvangende lidstaat kunnen in overleg met de lidstaat die de status van Trust&amp;Check-ondernemer oorspronkelijk heeft verleend, opnieuw beoordelen of een van deze wijzigingen gevolgen heeft voor de status van de Trust&amp;Check-ondernemer. De douaneautoriteiten van de ontvangende lidstaat kunnen indien nodig de oorspronkelijke vergunning schorsen. Deze schorsing wordt gemeld bij de douanedatahub. Uiterlijk binnen drie jaar nadat de Trust&amp;Check-ondernemer zijn lidstaat van vestiging heeft gewijzigd of nadat de douaneautoriteiten van de ontvangende lidstaat de status van de Trust&amp;Check-ondernemer opnieuw hebben beoordeeld, en vervolgens om de drie jaar, verrichten de douaneautoriteiten van de ontvangende lidstaat een grondige controle van de activiteiten en de interne administratie van de Trust&amp;Check-ondernemer als bedoeld in lid 4.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 113]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Wanneer een Trust&amp;Check-ondernemer <STRING STRIKE="on">wordt verdacht van betrokkenheid</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">betrokken is</STRING></STRING> bij frauduleuze activiteiten in verband met zijn economische of zakelijke activiteit<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> of bij een ernstige overtreding van de relevante andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving overeenkomstig artikel 20, lid 1, punt c), van deze verordening</STRING></STRING>, wordt zijn status <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">door de douaneautoriteiten </STRING></STRING>geschorst.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Deze schorsing wordt vastgelegd in de douanedatahub.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 114]</STRING></PARAG><PARAG>Wanneer de douaneautoriteiten een Trust&amp;Check-vergunning hebben geschorst, nietig verklaard of ingetrokken overeenkomstig de artikelen 7, 9 en 10, nemen zij de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de in lid 7 van dit artikel bedoelde vergunningen en de in lid 8 van dit artikel bedoelde faciliteiten ook worden geschorst, nietig verklaard of ingetrokken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De douaneautoriteiten <STRING STRIKE="on">kunnen</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">staan</STRING></STRING> een Trust&amp;Check-ondernemer <STRING STRIKE="on">toestaan</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">toe</STRING></STRING> om:<STRING BOLD="on"> [Am. 115]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een deel van de gegevens over zijn goederen te verstrekken na de vrijgave van die goederen, overeenkomstig artikel 59, lid 3;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>bepaalde controles te verrichten en de goederen vrij te geven bij ontvangst van deze goederen op de plaats van vestiging van de importeur, de eigenaar of de geadresseerde en/of bij verzending vanaf de plaats van vestiging van de exporteur, de eigenaar of de afzender, overeenkomstig artikel 61;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>eventueel de nodige waarborgen te bieden voor de goede afhandeling van de verrichtingen met het oog op het verkrijgen van een vergunning voor een bijzondere regeling, overeenkomstig de artikelen 102, 103, 109 en 123;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>periodiek de douaneschuld vast te stellen die overeenkomt met het totale bedrag aan invoer- of uitvoerrechten voor alle door hem vrijgegeven goederen, overeenkomstig artikel 181, lid 4;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de betaling van de douaneschuld uit te stellen, overeenkomstig artikel 188;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">gecentraliseerde vrijmaking toe te passen overeenkomstig artikel 72;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 116]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een inschrijving in de administratie van de aangever op te nemen overeenkomstig artikel 73.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 117]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De douaneautoriteiten stellen alles in het werk om hun praktijken bij het verlenen van vergunningen af te stemmen op die van andere douaneautoriteiten teneinde een uniforme aanpak in de hele Unie te waarborgen. De EU-douaneautoriteit coördineert de werkzaamheden van de douaneautoriteiten en monitort deze uniforme aanpak, zodat de vergunningen automatisch kunnen worden verleend na toekenning van de status van Trust&amp;Check-ondernemer.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 118]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P><STRING STRIKE="on">De Trust&amp;Check-ondernemer krijgt op het vlak van douanecontroles, naargelang de verleende vergunning, meer faciliteiten dan andere marktdeelnemers, onder meer in de vorm van minder fysieke en op documenten gebaseerde controles. </STRING>De status van Trust&amp;Check-ondernemer wordt bij het douanerisicobeheer in positieve zin in aanmerking genomen.<STRING BOLD="on"> [Am. 119]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>In afwijking van artikel 110 worden, wanneer de importeur of de exporteur van de goederen die het douanegebied binnenkomen of verlaten, de status van Trust&amp;Check-ondernemer heeft, de goederen geacht onder een tariefschorsingsregeling te vallen en onder douanetoezicht te blijven tot hun eindbestemming, zonder dat zij onder een regeling douanevervoer moeten worden geplaatst. De Trust&amp;Check-ondernemer is gehouden tot de betaling van douanerechten, overige belastingen en overige heffingen in de lidstaat van vestiging en waar de vergunning is verleend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>10.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen<STRING STRIKE="on"> houdende de aard en de frequentie van de toezichtactiviteiten als bedoeld in lid 4 van dit artikel.</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">:</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 120]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">door vaststelling van de regels voor overleg met de andere in lid 2 bedoelde autoriteiten voor de vaststelling van de status van Trust&amp;Check-ondernemer;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 121]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">door vaststelling van de nadere regelingen voor de toepassing van de in lid 3 bedoelde criteria;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 122]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">door vaststelling van de aard en de frequentie van de in lid 4 bedoelde toezichtactiviteiten;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 123]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">door vaststelling van de regels voor de in lid 5 bedoelde herbeoordeling van de status van Trust&amp;Check-ondernemer.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 124]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>11.</NO.P>	<STRING STRIKE="on">De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen het volgende vast:</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">de regels voor het overleg met andere autoriteiten voor de vaststelling van de status van Trust&amp;Check-ondernemer als bedoeld in lid 2;</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">de voorwaarden voor de toepassing van de criteria als bedoeld in lid 3;</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">de regels voor het overleg met de douaneautoriteiten als bedoeld in lid 5.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 125]</STRING></PARAG><PARAG><STRING STRIKE="on">Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 126]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>11 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie en de lidstaten richten een ondersteuningssysteem voor capaciteitsopbouw en de uitwisseling van beste praktijken op voor ondernemers die kleine, middelgrote en micro-ondernemingen zijn en die de Trust&amp;Check-status hebben verkregen of hebben aangevraagd.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 127]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 26</TI.ART><STI.ART>Overgangsbepalingen voor geautoriseerde marktdeelnemers voor douanevereenvoudigingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P><STRING STRIKE="on">Tot de in artikel 265, lid 4, vastgestelde datum kunnen </STRING>De douaneautoriteiten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> kunnen</STRING></STRING> personen die aan de criteria voldoen, de status van geautoriseerde marktdeelnemer voor douanevereenvoudigingen toekennen en hen toestaan gebruik te maken van bepaalde vereenvoudigingen en faciliteiten overeenkomstig de douanewetgeving.<STRING BOLD="on"> [Am. 128]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Uiterlijk op de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum beoordelen de douaneautoriteiten de geldige vergunningen van geautoriseerde marktdeelnemers voor douanevereenvoudigingen om na te gaan of aan de houders ervan de status van Trust&amp;Check-ondernemer kan worden toegekend.<STRING STRIKE="on"> Als dat niet het geval is, worden de status van geautoriseerde marktdeelnemer voor douanevereenvoudigingen en de in artikel 23, lid 5, bedoelde vereenvoudigingen ingetrokken.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 129]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P><STRING STRIKE="on">Totdat de vergunning is herbeoordeeld of tot de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum, indien deze eerder valt, blijft de erkenning van de status van geautoriseerde marktdeelnemer voor douanevereenvoudigingen geldig, tenzij de artikelen 9 en 10 betreffende nietigverklaring, intrekking of wijziging van beschikkingen van toepassing zijn.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 130]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 5</TI><STI.GR>Vertegenwoordiging bij de douane<STRING BOLD="on"> [Am. 131 - niet van toepassing op de Nederlandse versie]</STRING></STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 27</TI.ART><STI.ART>Douanevertegenwoordigers</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Eenieder kan zich laten vertegenwoordigen door een douanevertegenwoordiger.</PARAG><PARAG>De vertegenwoordiging kan direct zijn, in welk geval de douanevertegenwoordiger in naam en voor rekening van een andere persoon handelt, dan wel indirect, in welk geval de douanevertegenwoordiger in eigen naam maar voor rekening van een andere persoon handelt.</PARAG><PARAG>Een indirecte douanevertegenwoordiger die in eigen naam maar voor rekening van een importeur of een exporteur handelt, wordt voor de toepassing van respectievelijk de artikelen 20 en 22 als de importeur of de exporteur aangemerkt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Een douanevertegenwoordiger is gevestigd in het douanegebied van de Unie.</PARAG><PARAG>Tenzij anders is bepaald, is de douanevertegenwoordiger ontheven van die verplichting indien hij handelt voor rekening van personen die niet verplicht zijn om in het douanegebied van de Unie gevestigd te zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Een douanevertegenwoordiger met de status van Trust&amp;Check-ondernemer wordt alleen als zodanig erkend wanneer hij als indirecte vertegenwoordiger handelt. Wanneer hij als directe vertegenwoordiger handelt, kan de douanevertegenwoordiger als Trust&amp;Check-ondernemer worden erkend als aan de persoon in wiens naam en voor wiens rekening deze vertegenwoordiger optreedt, deze status is verleend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gedurende een periode van vijf jaar die ingaat op 1 januari 2029 kan een douanevertegenwoordiger die als directe vertegenwoordiger handelt ook worden erkend als Trust&amp;Check-ondernemer als de persoon in wiens naam en voor wiens rekening deze vertegenwoordiger optreedt, een micro- of kleine onderneming is.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 132]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt, in overeenstemming met het Unierecht, de voorwaarden waaronder een douanevertegenwoordiger diensten mag verlenen in het douanegebied van de Unie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De lidstaten passen de overeenkomstig lid 4 bepaalde voorwaarden toe op niet in het douanegebied van de Unie gevestigde douanevertegenwoordigers.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de gevallen waarin de in lid 2, tweede alinea, bedoelde ontheffing niet van toepassing is;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de voorwaarden waaronder een douanevertegenwoordiger diensten mag verlenen in het douanegebied van de Unie als bedoeld in lid 4.<STRING BOLD="on"> [Am. 133 - niet van toepassing op de Nederlandse versie]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 28</TI.ART><STI.ART>Vertegenwoordigingsbevoegdheid</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Een douanevertegenwoordiger dient in zijn contact met de douaneautoriteiten te verklaren dat hij voor rekening van de vertegenwoordigde persoon handelt, en aan te geven of het een directe dan wel indirecte vertegenwoordiging betreft.</PARAG><PARAG>Personen die niet verklaren te handelen als douanevertegenwoordiger of die verklaren als douanevertegenwoordiger te handelen zonder dat zij vertegenwoordigingsbevoegdheid bezitten, worden geacht in eigen naam en voor eigen rekening te handelen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen van personen die verklaren als douanevertegenwoordiger te handelen, verlangen dat zij bewijzen dat hen door de vertegenwoordigde persoon vertegenwoordigingsbevoegdheid is verleend.</PARAG><PARAG>In specifieke gevallen zien de douaneautoriteiten af van deze eis.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten leggen een als douanevertegenwoordiger handelend persoon die regelmatig handelingen en formaliteiten vervult, niet de verplichting op om iedere keer een bewijs van vertegenwoordigingsbevoegdheid voor te leggen, mits de betrokken persoon in staat is dat bewijs voor te leggen wanneer de douaneautoriteiten daarom verzoeken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de gevallen waarin de douaneautoriteiten de in lid 2 van dit artikel bedoelde vertegenwoordigingsbevoegdheid niet verlangen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen de regels vast voor het verlenen en bewijzen van het in lid 3 bedoelde recht. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel III</TI><STI.GR>EU-DOUANEDATAHUB</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 29</TI.ART><STI.ART>Functionaliteiten en doel van de EU-douanedatahub</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douanedatahub biedt een beveiligde en cyberbestendige omgeving van elektronische diensten en systemen voor het gebruik van gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en andere gegevens</STRING></STRING>, voor douanedoeleinden. De hub biedt de volgende functies:<STRING BOLD="on"> [Am. 134]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>hij maakt het mogelijk om elektronisch uitvoering te geven aan de douanewetgeving;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>hij garandeert de kwaliteit, integriteit<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, veiligheid</STRING></STRING>, traceerbaarheid en onweerlegbaarheid van de verwerkte gegevens, met inbegrip van de wijziging van die gegevens;<STRING BOLD="on"> [Am. 135]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>hij garandeert de naleving van de bepalingen van Verordening (EU) 2016/679, Verordening (EU) 2018/1725<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen en instanties van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 45/2001 en Besluit nr. 1247/2002/EG (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 39).</FIELD></FOOTNOTE> van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn (EU) 2016/680<FOOTNOTE><FIELD>Richtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door bevoegde autoriteiten met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Kaderbesluit 2008/977/JBZ van de Raad (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 89).</FIELD></FOOTNOTE> van het Europees Parlement en de Raad wat de verwerking van persoonsgegevens betreft;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hij garandeert de naleving van de bepalingen van Verordening (EU) 2023/2841 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU, Euratom) 2023/2841 van het Europees Parlement en de Raad van 13 december 2023 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de instellingen, organen en instanties van de Unie (PB L, 2023/2841 van 18.12.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/2841/oj).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 136]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P><STRING STRIKE="on">hij</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hhij</STRING></STRING> maakt risicoanalyse, economische analyse en gegevensanalyse<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, douanevereenvoudiging en handelsfacilitatie</STRING></STRING> mogelijk<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en waarborgt deze</STRING></STRING>, onder meer door het gebruik van AI-systemen overeenkomstig [de wet op de artificiële intelligentie 2021/0106 (COD)]<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU) .../... van het Europees Parlement en de Raad (PB L [...] van [...], blz. [...]). [PB: gelieve in de tekst het nummer van de verordening in document COM(2021) 206 final, 2021/0106(COD) in te voegen, en in de overeenkomstige voetnoot het nummer, de datum, de titel en de publicatiegegevens daarvan.<STRING STRIKE="on">OJ: Please insert in the text the number of the Regulation contained in document COM(2021) 206 final, 2021/0106(COD)) and insert the number, date, title and OJ reference of that Regulation in the footnote.</STRING>]</FIELD></FOOTNOTE>;<STRING BOLD="on"> [Am. 137]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>hij maakt de interoperabiliteit van die diensten en systemen met andere elektronische systemen, platforms of omgevingen mogelijk ten behoeve van de samenwerking overeenkomstig titel XIII;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hij verricht de zakelijke en technische transformatie van gegevens teneinde de uitwisseling van gegevens met de in bijlage I bis vermelde niet-douanesystemen van de Unie mogelijk te maken door middel van een douane-éénloketsysteem van de Europese Unie voor de uitwisseling van certificaten (“EU-CSW-CERTEX”);</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 138]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hij maakt interoperabiliteit mogelijk met het Europees maritiem éénloketsysteem voor de verstrekking en naleving van de douaneformaliteiten die zijn vermeld in de bijlage bij Verordening (EU) 2019/1239;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 139]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">hij omvat het bij artikel 4 van Verordening (EU) 2022/2399 ingestelde éénloketsysteem voor de uitwisseling van certificaten van de Europese Unie;</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 140]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>hij maakt de uitwisseling van gegevens met derde landen mogelijk;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>hij maakt douanesurveillance op goederen mogelijk<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en draagt bij tot de handhaving van andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 141]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De handelingen die personen, de Commissie, de douaneautoriteiten, de EU-douaneautoriteit of andere autoriteiten via de in lid 1 genoemde functies verrichten, blijven handelingen van die personen, van de Commissie, van de douaneautoriteiten, van de EU-douaneautoriteit of van andere autoriteiten, ook al zijn zij geautomatiseerd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie ontwikkelt<STRING STRIKE="on">, implementeert en onderhoudt</STRING> de EU-douanedatahub, daaronder begrepen de publicatie van de technische specificaties voor de verwerking van gegevens in de hub, <STRING STRIKE="on">en </STRING>stelt een kader voor gegevenskwaliteit vast<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en richt een openbaar contactpunt voor dringende verzoeken of bedreigingen voor de veiligheid met betrekking tot de EU-douanedatahub op</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De EU-douaneautoriteit staat in voor de exploitatie en het onderhoud ervan.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 142]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de in lid 1 bedoelde functies te wijzigen teneinde rekening te houden met nieuwe taken die bij Uniewetgeving aan de in artikel 31 van deze verordening bedoelde autoriteiten zijn toegewezen, of om die functies aan te passen aan de veranderende behoeften van die autoriteiten bij de uitvoering van de douanewetgeving of andere door douaneautoriteiten toegepaste wetgeving.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen het volgende vast:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de technische regelingen voor het onderhoud en het gebruik van de elektronische systemen die de lidstaten en de Commissie <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hebben ontwikkeld </STRING></STRING>overeenkomstig artikel 16, lid 1, van Verordening (EU) nr. 952/2013 <STRING STRIKE="on">hebben ontwikkeld</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en Verordening (EU) 2022/2399 met betrekking tot Verordening (EU) 2023/2841 en Richtlijn (EU) 2022/2555, met inbegrip van de richtsnoeren van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging (Enisa)</STRING></STRING>;<STRING BOLD="on"> [Am. 143]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>een werkprogramma voor de geleidelijke uitfasering van deze systemen.</PARAG><PARAG>Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 29 bis</STRING></STRING></TI.ART><STI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Testfase van de EU-douanedatahub</STRING></STRING></STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Vóór de in artikel 265, lid 3, vermelde datum kan de Commissie een testfase opzetten voor het gebruik van de EU-douanedatahub. Het gebruik van de EU-douanedatahub tijdens de testfase is vrijwillig en heeft tot doel de functionaliteiten van de EU-douanedatahub te testen.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie werkt tijdens de planning en organisatie van de testfase samen met de EU-douaneautoriteit, douaneautoriteiten en andere autoriteiten en relevante belanghebbenden.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Voor de toepassing van lid 1 stelt de Commissie uitvoeringshandelingen vast waarin het volgende wordt gespecificeerd:</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de technische regelingen voor de planning en organisatie;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de toe te passen en te testen functionaliteiten;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de precieze duur van de testfase.</STRING></STRING></PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 144]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 30</TI.ART><STI.ART>Nationale applicaties voor het gebruik van gegevens van de EU-douanedatahub</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten <STRING STRIKE="on">kunnen</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">stellen, als dergelijke</STRING></STRING> applicaties<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> nog niet bestaan, alles in het werk om applicaties te</STRING></STRING> ontwikkelen die nodig zijn om verbinding te maken met de EU-douanedatahub teneinde gegevens te verstrekken aan en gegevens te verwerken van de EU-douanedatahub.<STRING BOLD="on"> [Am. 145]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>1 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten zorgen ervoor dat de in lid 1 bedoelde applicaties voldoen aan de bepalingen van Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (NIS 2-richtlijn) (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 80).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met name waar het maatregelen inzake het beheer van cyberbeveiligingsrisico’s betreft. De lidstaten nemen de douane-infrastructuur op in hun nationale cyberbeveiligingsstrategie.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 146]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten kunnen de EU-douaneautoriteit verzoeken de in lid 1 bedoelde applicaties te ontwikkelen. In dat geval financieren die lidstaten de ontwikkeling.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Wanneer de EU-douaneautoriteit een applicatie ontwikkelt overeenkomstig lid 2, stelt zij deze ter beschikking van alle lidstaten.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 31</TI.ART><STI.ART>Doeleinden van de verwerking van persoonsgegevens en andere gegevens in de EU-douanedatahub<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en EU-CSW-CERTEX</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 147]</STRING></STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Personen kunnen toegang hebben tot de in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, die door of namens die persoon zijn doorgegeven, of die zijn gericht aan of zijn bestemd voor die persoon. Deze toegang gebeurt uitsluitend om:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>te voldoen aan de rapportageverplichtingen van die persoon uit hoofde van de douanewetgeving of andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving, daaronder begrepen het bepalen van de aansprakelijkheid van een persoon voor rechten, heffingen en belastingen die in de Unie verschuldigd kunnen zijn; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>aan te tonen dat die persoon de douanewetgeving en andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving naleeft.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Een douaneautoriteit kan in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, uitsluitend en voor zover noodzakelijk voor de volgende doeleinden verwerken:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het vervullen van haar taken met betrekking tot de uitvoering van douanewetgeving of andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving, daaronder begrepen het bepalen van de aansprakelijkheid van een persoon voor rechten, heffingen en belastingen die in de Unie verschuldigd kunnen zijn, en het controleren van de naleving van die wetgeving;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het vervullen van haar taken met betrekking tot controles en risicobeheer als bepaald in titel IV;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het vervullen van de taken die nodig zijn voor de samenwerking onder de voorwaarden van titel XIII.</PARAG><PARAG>Om de doeltreffendheid van douanecontroles te waarborgen, kunnen alle<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> nationale</STRING></STRING> douaneautoriteiten de uit een douanecontrole voortvloeiende gegevens ontvangen en verwerken wanneer niet-conforme goederen zijn ontdekt.<STRING BOLD="on"> [Am. 148]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De EU-douaneautoriteit kan in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, uitsluitend en voor zover noodzakelijk voor de volgende doeleinden verwerken:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het vervullen van haar taken op het gebied van douanerisicobeheer als bepaald in titel IV, hoofdstuk 3;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het vervullen van haar taken als bepaald in titel XII, hoofdstuk 2;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het vervullen van de taken die nodig zijn voor de samenwerking als bepaald in titel XIII.</PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Onverminderd Richtlijn (EU) 2016/943, en na de in artikel 265, lid 4, vastgestelde datum, stellen de douaneautoriteiten van de lidstaten of de EU-douaneautoriteit op verzoek niet-persoonsgebonden, niet-commercieel gevoelige douanegegevens beschikbaar. Marktdeelnemers kunnen verzoeken gegevenselementen in aangiften als commercieel gevoelige informatie aan te laten merken, waaronder, maar niet beperkt tot, bedrijfsnamen, adressen, de waarde van de goederen, de productnummers en de beschrijving van de goederen. Bij indiening van een dergelijk verzoek geven de douaneautoriteiten van de lidstaten of de EU-douaneautoriteit geen gevolg aan het verzoek tot bekendmaking van douanegegevens en stellen zij deze gegevens niet beschikbaar.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 149]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie kan in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, uitsluitend en voor zover noodzakelijk voor de volgende doeleinden verwerken:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het vervullen van haar taken met betrekking tot risicobeheer als bepaald in titel IV, hoofdstuk 3;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het vervullen van haar taken met betrekking tot de tariefindeling, de oorsprong en de waarde van goederen alsook de douanesurveillance op die goederen overeenkomstig de titels I en IX;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het vervullen van haar taken met betrekking tot beperkende maatregelen en crisisbeheer overeenkomstig titel XI;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>het vervullen van haar taken met betrekking tot de EU-douaneautoriteit overeenkomstig titel XII;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>het vervullen van de taken die nodig zijn voor de samenwerking onder de voorwaarden van titel XIII;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>het beoordelen en evalueren van de prestaties van de douane-unie overeenkomstig titel XV, hoofdstuk 1;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>het toezien op de uitvoering en het waarborgen van de uniforme toepassing van de douanewetgeving of andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving, daaronder begrepen het bepalen van de aansprakelijkheid van een persoon voor rechten, heffingen en belastingen die in de Unie verschuldigd kunnen zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>het opstellen van statistieken en andere analyses als bepaald in de wetgeving van de Unie waarvoor de gegevens in de EU-douanedatahub vereist zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het bijdragen aan de handhaving van andere relevante Uniewetgeving.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 150]</STRING></PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie verwerkt slechts gegevens voor zover dit noodzakelijk en nuttig is met het oog op de verwezenlijking van de in dit lid genoemde doeleinden.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 151]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Het Europees Bureau voor fraudebestrijding (“OLAF”) kan in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, uitsluitend en voor zover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van zijn activiteiten in verband met douaneaangelegenheden krachtens artikel 1 van Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EG) nr. 515/97 van de Raad, verwerken onder de in de bovengenoemde verordeningen vastgestelde voorwaarden inzake gegevensbescherming.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Het Europees Openbaar Ministerie (“EOM”) kan<STRING STRIKE="on"> op verzoek</STRING> toegang krijgen tot in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en die verwerken</STRING></STRING>, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, uitsluitend en voor zover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van zijn taken krachtens artikel 4 van Verordening (EU) 2017/1939<FOOTNOTE><FIELD><STRING STRIKE="on">Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad van 12 oktober 2017 betreffende nauwere samenwerking bij de instelling van het Europees Openbaar Ministerie (“EOM”) (PB L 283 van 31.10.2017, blz. 1).</STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING STRIKE="on"> van de Raad, in de mate dat het door het EOM onderzochte gedrag betrekking heeft op douane en de toegang geschiedt onder de voorwaarden die zijn vastgesteld in een overeenkomstig lid 14 van dit artikel vastgestelde uitvoeringshandeling</STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 152]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De belastingautoriteiten van de lidstaten kunnen in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, uitsluitend en voor zover dat noodzakelijk is om te bepalen of een persoon aansprakelijk is voor rechten, heffingen en belastingen die in de Unie verschuldigd kunnen zijn in verband met de betrokken goederen, verwerken<STRING STRIKE="on">, en de toegang geschiedt onder de voorwaarden die zijn vastgesteld in een overeenkomstig lid 14 van dit artikel vastgestelde uitvoeringshandeling</STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 153]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De bevoegde autoriteiten als omschreven in artikel 3, punt 3, van Verordening (EU) 2017/625<FOOTNOTE><FIELD><STRING STRIKE="on">Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) nr. 1069/2009, (EG) nr. 1107/2009, (EU) nr. 1151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 1/2005 en (EG) nr. 1099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles) (PB L 95 van 7.4.2017, blz. 1).</STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING STRIKE="on"> van het Europees Parlement en de Raad</STRING> kunnen toegang hebben tot in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, uitsluitend en voor zover dat noodzakelijk is voor de handhaving van de Uniewetgeving inzake het in de handel brengen of de veiligheid van levensmiddelen, diervoeders en planten en voor de samenwerking met douaneautoriteiten om het risico dat niet-conforme producten de Unie binnenkomen, tot een minimum te beperken<STRING STRIKE="on">, onder de voorwaarden die zijn vastgesteld in een overeenkomstig lid 14 van dit artikel vastgestelde uitvoeringshandeling</STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 154]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>De door de lidstaten overeenkomstig artikel 10 van Verordening (EU) 2019/1020 aangewezen markttoezichtautoriteiten kunnen in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, uitsluitend en voor zover dat noodzakelijk is voor de handhaving van de Uniewetgeving inzake het in de handel brengen of de veiligheid van producten en voor de samenwerking met douaneautoriteiten om het risico dat niet-conforme goederen de Unie binnenkomen, tot een minimum te beperken<STRING STRIKE="on">, onder de voorwaarden die zijn vastgesteld in een overeenkomstig lid 14 van dit artikel vastgestelde uitvoeringshandeling</STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 155]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>10.</NO.P>Het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) kan<STRING STRIKE="on"> op verzoek</STRING> toegang krijgen tot in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, uitsluitend en voor zover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van zijn taken overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EU) 2016/794 van het Europees Parlement en de Raad, zolang die taken betrekking hebben op douanegerelateerde aangelegenheden<STRING STRIKE="on"> en de toegang geschiedt onder de voorwaarden die zijn vastgesteld in een overeenkomstig lid 14 van dit artikel vastgestelde uitvoeringshandeling</STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 156]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>11.</NO.P>Andere nationale autoriteiten en organen van de Unie, waaronder het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex), kunnen in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde niet-persoonsgebonden gegevens verwerken<STRING STRIKE="on"> onder de voorwaarden die zijn vastgesteld in een overeenkomstig lid 14 van dit artikel vastgestelde uitvoeringshandeling</STRING>, bij:<STRING BOLD="on"> [Am. 157]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de uitvoering van hun taken die relevant zijn voor het vervullen van douaneformaliteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de uitvoering van de taken die krachtens Uniewetgeving aan die autoriteiten zijn toevertrouwd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de uitvoering van hun taken die relevant zijn voor het verrichten van de in artikel 52 bedoelde risicobeheeractiviteiten op Unieniveau.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>12.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum moeten de Commissie, OLAF<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, het EOM</STRING></STRING> en de EU-douaneautoriteit zodra deze is opgericht, uitsluitend voor de in de leden 4, 5 en 6 genoemde doeleinden, gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens, kunnen verwerken uit de bestaande elektronische systemen voor de uitwisseling van inlichtingen die door de Commissie overeenkomstig Verordening (EU) nr. 952/2013 zijn ontwikkeld.<STRING BOLD="on"> [Am. 158]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>13.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de leden 2 tot en met 4 om de daarin vastgestelde doelstellingen te verduidelijken en aan te vullen in het licht van de veranderende behoeften bij de uitvoering van de douanewetgeving of andere wetgeving.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>13 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wat de verwerking van persoonsgegevens door EU-CSW-CERTEX betreft, is de Commissie een gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 28, lid 1, van Verordening (EU) 2018/1725, en zijn de douaneautoriteiten en de voor de in bijlage I bis vermelde niet-douaneformaliteiten van de Unie geassocieerde bevoegde autoriteiten van de lidstaten gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken in de zin van artikel 26, lid 1, van Verordening (EU) 2016/679.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 159]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>14.</NO.P>	<STRING STRIKE="on">De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen regels en voorwaarden vast voor de toegang tot of de verwerking van in de EU-douanedatahub opgeslagen of anderszins beschikbaar gestelde gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens en commercieel gevoelige gegevens, door de in de leden 6 tot en met 11 bedoelde autoriteiten. Bij de vaststelling van die regels en voorwaarden zal de Commissie voor elke autoriteit of categorie van autoriteiten:</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">de bestaande waarborgen die door de betrokken autoriteit worden toegepast, beoordelen om te garanderen dat de gegevens overeenkomstig het doel worden verwerkt;</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">de evenredigheid en de noodzaak van de verwerking ten opzichte van het doel waarborgen;</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">de specifieke categorieën gegevens bepalen die de autoriteit kan benaderen of verwerken;</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">overwegen of de betrokken autoriteit een specifiek contactpunt, een specifieke persoon of specifieke personen moet aanwijzen of aanvullende waarborgen moet bieden;</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">beoordelen of een verdere uitwisseling van de gegevens moet worden beperkt;</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">de voorwaarden vaststellen voor verzoeken om toegang tot gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens of commercieel gevoelige gegevens, en bepalen wie van de gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken toegang zal verlenen tot de EU-douanedatahub.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 160]</STRING></PARAG><PARAG><STRING STRIKE="on">Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 161]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 32</TI.ART><STI.ART>Persoonsgegevens in de EU-douanedatahub</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De persoonsgegevens van de volgende categorieën betrokkenen kunnen in de EU-douanedatahub uitsluitend en voor zover dit noodzakelijk is voor de in artikel 31 genoemde doeleinden worden verwerkt:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>betrokkenen die overeenkomstig artikel 19 als marktdeelnemer zijn geregistreerd of een aanvraag tot registratie hebben ingediend;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>betrokkenen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> die marktdeelnemers zijn</STRING></STRING> die incidenteel betrokken zijn bij activiteiten die onder de douanewetgeving of andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving vallen;<STRING BOLD="on"> [Am. 162]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>betrokkenen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> die marktdeelnemers zijn en</STRING></STRING> wier persoonsgegevens zijn opgenomen in de in artikel 40 bedoelde bewijsstukken of in enig aanvullend bewijs dat nodig is om aan de verplichtingen uit hoofde van de douanewetgeving en andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving te voldoen;<STRING BOLD="on"> [Am. 163]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>betrokkenen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> die marktdeelnemers zijn en</STRING></STRING> wier persoonsgegevens zijn opgenomen in de gegevens die overeenkomstig artikel 50, lid 3, punt a), voor risicobeheerdoeleinden zijn verzameld;<STRING BOLD="on"> [Am. 164]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>gemachtigde medewerkers van douaneautoriteiten, van andere autoriteiten dan de douane of van enige andere relevante autoriteit of gemachtigde instantie, wier persoonsgegevens noodzakelijk zijn om passende controle en toezicht op de toegang tot de gegevens in de EU-douanedatahub te waarborgen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>medewerkers of gemachtigde derden die werkzaam zijn namens de Commissie, de EU-douaneautoriteit of andere organen van de Unie die gemachtigd zijn om toegang te krijgen tot de EU-douanedatahub.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De volgende categorieën persoonsgegevens kunnen overeenkomstig artikel 31 in de EU-douanedatahub worden verwerkt:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>persoonsgegevens in het in artikel 36 bedoelde EU-douanedatamodel;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>persoonsgegevens die zijn opgenomen in de gegevens die overeenkomstig artikel 50, lid 3, punt a), voor risicobeheerdoeleinden zijn verzameld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>persoonsgegevens die nodig zijn om een correcte identificatie te waarborgen van de in lid 1, punten e) en f), bedoelde medewerkers die gemachtigd zijn om gegevens in de EU-douanedatahub te verwerken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde categorieën betrokkenen en categorieën persoonsgegevens te wijzigen of aan te vullen om rekening te houden met ontwikkelingen in de informatietechnologie en de stand van zaken in de informatiemaatschappij.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 33</TI.ART><STI.ART>Bewaartermijn van persoonsgegevens in de EU-douanedatahub</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Persoonsgegevens in de EU-douanedatahub kunnen door middel van een specifieke dienst worden opgeslagen voor een periode van maximaal tien jaar, te rekenen vanaf de datum waarop die gegevens in de dienst zijn geregistreerd. De in artikel 48 bedoelde gevallen, door OLAF, het EOM of de autoriteiten van de lidstaten ingestelde onderzoeken, door de Commissie ingeleide inbreukprocedures, en administratieve en gerechtelijke procedures met betrekking tot persoonsgegevens hebben een schorsende werking ten aanzien van de bewaartermijn van die gegevens.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Na de in lid 1 vastgestelde termijn worden persoonsgegevens, naargelang de omstandigheden, gewist of geanonimiseerd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>	<STRING STRIKE="on">De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen de regels voor de anonimisering van persoonsgegevens na afloop van de bewaartermijn vast.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 165]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 34</TI.ART><STI.ART>Rollen en verantwoordelijkheden voor in de EU-douanedatahub verwerkte persoonsgegevens</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten van de lidstaten, de Commissie en de EU-douaneautoriteit worden beschouwd als gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken voor de verwerking van persoonsgegevens in de EU-douanedatahub met het oog op risicobeheer en samenwerking, als bedoeld in artikel 31, lid 2, punten b) en c), artikel 31, lid 3, punten a) en c), en artikel 31, lid 4, punten a) en e).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Elke douaneautoriteit apart wordt beschouwd als verwerkingsverantwoordelijke met betrekking tot de persoonsgegevens die zij verwerkt voor de in artikel 31, lid 2, punt a), genoemde doeleinden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie wordt beschouwd als enige verwerkingsverantwoordelijke met betrekking tot de persoonsgegevens die zij verwerkt voor de in artikel 31, lid 4, punten c), d), f) en g), genoemde doeleinden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 3, genoemde datum worden de Commissie, OLAF, het EOM en de EU-douaneautoriteit beschouwd als enige verwerkingsverantwoordelijken met betrekking tot de in artikel 31, lid 12, bedoelde gegevensverwerking.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De in lid 1 bedoelde gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>werken samen om verzoeken van betrokkenen tijdig te verwerken en de uitoefening van rechten door betrokkenen te vergemakkelijken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>staan elkaar bij in aangelegenheden die betrekking hebben op de vaststelling en afhandeling van gegevensinbreuken in verband met de gezamenlijke verwerking;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>wisselen de relevante informatie uit die nodig is om betrokkenen te informeren ingevolge hoofdstuk III, afdeling 2, van Verordening (EU) 2016/679, hoofdstuk III, afdeling 2, van Verordening (EU) 2018/1725, en hoofdstuk III van Richtlijn (EU) 2016/680, indien van toepassing;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>waarborgen en bewaken de beveiliging, integriteit, beschikbaarheid en vertrouwelijkheid van de gezamenlijk verwerkte persoonsgegevens ingevolge artikel 32 van Verordening (EU) 2016/679, artikel 33 van Verordening (EU) 2018/1725 en artikel 25 van Richtlijn (EU) 2016/680, indien van toepassing.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen de respectieve rollen en relaties van de gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken ten aanzien van de betrokkenen vast, in overeenstemming met artikel 26 van Verordening (EU) 2016/679 en artikel 28 van Verordening (EU) 2018/1725. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 35</TI.ART><STI.ART>Beperkingen van de rechten van betrokkenen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Wanneer de uitoefening, door een betrokkene, van het recht van inzage en het recht op beperking van de verwerking als bedoeld in de artikelen 15 en 18 van Verordening (EU) 2016/679 en de artikelen 17 en 20 van Verordening (EU) 2018/1725, of de mededeling van een gegevensinbreuk als bedoeld in artikel 34, lid 1, van Verordening (EU) 2016/679 en artikel 35, lid 1, van Verordening (EU) 2018/1725, een lopend onderzoek op het gebied van douane naar een natuurlijke persoon, de uitvoering van douanecontroles of het beheer van een specifiek risico dat met betrekking tot een natuurlijke persoon op het gebied van douane is vastgesteld, in gevaar zou brengen, kunnen de douaneautoriteiten, de EU-douaneautoriteit en de Commissie overeenkomstig artikel 23, lid 1, punten c), e), f) en h), van Verordening (EU) 2016/679, en kunnen de Commissie en de EU-douaneautoriteit overeenkomstig artikel 25, lid 1, punten a), c), e) en g), van Verordening (EU) 2018/1725, die rechten geheel of gedeeltelijk beperken zolang de beperking noodzakelijk en evenredig is.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten, de Commissie en de EU-douaneautoriteit beoordelen de noodzaak en de evenredigheid van de in lid 1 bedoelde beperkingen per geval voordat deze worden toegepast, rekening houdend met de potentiële risico’s voor de rechten en vrijheden van de betrokkene.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Bij de verwerking van persoonsgegevens die zij in het kader van hun taakuitoefening van andere organisaties ontvangen, raadplegen de douaneautoriteiten, de EU-douaneautoriteit of de Commissie, wanneer zij als verwerkingsverantwoordelijke of gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijke optreden, die organisaties over mogelijke redenen voor het opleggen van de in lid 1 bedoelde beperkingen en over de noodzaak en de evenredigheid van dergelijke beperkingen voordat zij een in lid 1 bedoelde beperking toepassen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Wanneer de douaneautoriteiten, de Commissie of de EU-douaneautoriteit de in lid 1 bedoelde rechten geheel of gedeeltelijk beperken, nemen zij de volgende maatregelen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>in hun antwoord op het verzoek informeren zij de betrokkene over de toegepaste beperking en de voornaamste redenen daarvoor, en over de mogelijkheid om een klacht in te dienen bij de nationale gegevensbeschermingsautoriteiten of de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming of om beroep in te stellen bij een nationale rechtbank of het Hof van Justitie van de Europese Unie; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>zij leggen de redenen voor de beperking vast, inclusief een beoordeling van de noodzaak en de evenredigheid van de beperking, en de redenen waarom het verlenen van toegang het risicobeheer en de douanecontroles in gevaar zou brengen.</PARAG><PARAG>De verstrekking van de informatie als bedoeld in de eerste alinea, punt a), kan worden uitgesteld, achterwege worden gelaten of worden geweigerd overeenkomstig artikel 25, lid 8, van Verordening (EU) 2018/1725 dan wel indien de verstrekking van die informatie afbreuk zou doen aan het doel van de beperking.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De douaneautoriteiten, de Commissie of de EU-douaneautoriteit nemen in de op hun website/intranet gepubliceerde informatie over gegevensbescherming een onderdeel op met algemene informatie voor betrokkenen over de mogelijke beperking van hun rechten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen de waarborgen vast ter voorkoming van misbruik en onrechtmatige toegang of doorgifte van persoonsgegevens ten aanzien waarvan beperkingen gelden of zouden kunnen worden toegepast. Die waarborgen omvatten onder meer de omschrijving van de rollen, verantwoordelijkheden en procedurele stappen, alsmede een passend toezicht op de beperkingen en een periodieke evaluatie van de toepassing ervan, die ten minste om de zes maanden plaatsvindt. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 36</TI.ART><STI.ART>EU-douanedatamodel</STI.ART><PARAG>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen met de gegevens die vereist zijn voor de verwezenlijking van de in artikel 31, leden 1 tot en met 4, bedoelde doeleinden. Deze gegevensvereisten vormen het EU-douanedatamodel.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 37</TI.ART><STI.ART>Technische middelen voor samenwerking</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De Commissie, de EU-douaneautoriteit en de douaneautoriteiten maken gebruik van de EU-douanedatahub bij de uitwisseling van gegevens met de in artikel 31, leden 6 tot en met <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">9 en </STRING></STRING>11, bedoelde autoriteiten en organen van de Unie overeenkomstig deze verordening.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De Commissie, de EU-douaneautoriteit en de douaneautoriteiten maken gebruik van de applicatie voor veilige informatie-uitwisseling van Europol (Siena) wanneer zij informatie uitwisselen met Europol.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 166]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Voor de andere in de bijlage bij Verordening (EU) 2022/2399 opgenomen formaliteiten en systemen van de Unie garandeert de EU-douanedatahub de interoperabiliteit met behulp van de bij die verordening ingestelde EU-éénloketomgeving voor de douane.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Wanneer andere autoriteiten dan douaneautoriteiten<STRING STRIKE="on"> of</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> organen van de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> of autoriteiten uit derde landen</STRING></STRING> gebruikmaken van elektronische middelen die zijn vastgesteld bij, worden gebruikt ter verwezenlijking van de doelstellingen van, of zijn genoemd in Uniewetgeving, kan de samenwerking plaatsvinden door middel van interoperabiliteit van die elektronische middelen met de EU-douanedatahub.<STRING BOLD="on"> [Am. 167]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Wanneer andere autoriteiten dan douaneautoriteiten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, waaronder autoriteiten van derde landen,</STRING></STRING> geen gebruikmaken van elektronische middelen die zijn vastgesteld bij, worden gebruikt ter verwezenlijking van de doelstellingen van, of zijn genoemd in Uniewetgeving, kunnen die autoriteiten gebruikmaken van de specifieke diensten en systemen van de EU-douanedatahub overeenkomstig artikel 31.<STRING BOLD="on"> [Am. 168]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen de regels betreffende de technische vereisten inzake interoperabiliteit en verbinding als bedoeld in de leden 3 en 4 vast. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 38</TI.ART><STI.ART>Uitwisseling van aanvullende inlichtingen tussen douaneautoriteiten en marktdeelnemers</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Douaneautoriteiten en marktdeelnemers kunnen inlichtingen uitwisselen die niet specifiek krachtens de douanewetgeving moeten worden verstrekt, in het bijzonder met het oog op wederzijdse samenwerking om risico’s in kaart te brengen en tegen te gaan. Deze uitwisseling kan geschieden op basis van een schriftelijke overeenkomst en kan inhouden dat de douaneautoriteiten toegang krijgen tot de elektronische systemen van marktdeelnemers.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Alle inlichtingen die de partijen elkaar in het kader van de in lid 1 bedoelde samenwerking verstrekken, zijn vertrouwelijk, tenzij beide partijen anders besluiten of de geldende bepalingen anders luiden.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 39</TI.ART><STI.ART>Verstrekking van inlichtingen door de douaneautoriteiten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Eenieder kan de douaneautoriteiten om inlichtingen betreffende de toepassing van de douanewetgeving verzoeken. De douaneautoriteiten kunnen een dergelijk verzoek afwijzen indien het geen verband houdt met een daadwerkelijk voorgenomen activiteit in het kader van het internationale goederenverkeer.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten plegen regelmatig overleg met marktdeelnemers en andere autoriteiten die betrokken zijn bij het internationale goederenverkeer. Zij bevorderen de transparantie door de douanewetgeving, algemene bestuurlijke beslissingen en aanvraagformulieren vrijelijk, indien mogelijk gratis, en via het internet beschikbaar te maken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Een uitgebreide en gebruikersvriendelijke digitale interface biedt ook toegang tot alle informatie met betrekking tot autonome maatregelen, met inbegrip van tarieven, quota, sancties en embargo’s, teneinde de naleving van deze maatregelen door ondernemingen te verbeteren. Dit bevordert ook een grotere samenhang tussen de verschillende autonome maatregelen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 169]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 40</TI.ART><STI.ART>Informatie en bewijsstukken</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Wanneer de gegevens en informatie worden verstrekt of beschikbaar gesteld die vereist zijn voor de specifieke douaneregeling waaronder goederen worden geplaatst of zullen worden geplaatst, worden digitale kopieën van originele papieren documenten, indien dergelijke originelen op papier bestaan, verstrekt of beschikbaar gesteld wanneer deze zijn gebruikt om die gegevens en informatie te verkrijgen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Tot de in artikel 266, lid 3, vastgestelde datum dienen, wanneer een douaneaangifte wordt ingediend, de bewijsstukken die nodig zijn voor de toepassing van de bepalingen die gelden voor de douaneregeling waarvoor de goederen worden aangegeven, op het tijdstip van indiening in het bezit te zijn van de aangever en ter beschikking te staan van de douaneautoriteiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De bewijsstukken voor de in de bijlage bij Verordening (EU) 2022/2399 vermelde toepasselijke niet-douaneformaliteiten van de Unie worden geacht te zijn verstrekt of beschikbaar gesteld of in het bezit te zijn van de aangever indien de douaneautoriteiten in staat zijn de nodige gegevens te verkrijgen van de overeenkomstige niet-douanesystemen van de Unie via het douane-éénloketsysteem van de Europese Unie voor de uitwisseling van certificaten overeenkomstig artikel 10, lid 1, punten a) en c), van die verordening.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Bewijsstukken worden ook verstrekt indien dat met het oog op douanerisicobeheer en -controles noodzakelijk is.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Onverminderd andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving kunnen de douaneautoriteiten marktdeelnemers toestaan om de in lid 3 bedoelde bewijsstukken op te stellen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Tenzij voor specifieke documenten anders is bepaald, dient de betrokken persoon, met het oog op een douanecontrole, de documenten en gegevens gedurende ten minste drie jaar te bewaren op een wijze die toegankelijk en aanvaardbaar is voor de douaneautoriteiten. Deze termijn gaat in:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>vanaf het einde van het jaar waarin de goederen zijn vrijgegeven;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>vanaf het einde van het jaar waarin zij niet langer aan douanetoezicht zijn onderworpen, in het geval van goederen die in het vrije verkeer zijn gebracht vrij van rechten of tegen een verlaagd invoerrecht op grond van hun bijzondere bestemming;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>vanaf het einde van het jaar waarin de betrokken douaneregeling is aangezuiverd of waarin de tijdelijke opslag is beëindigd, in het geval van goederen die onder een andere douaneregeling zijn geplaatst of van goederen in tijdelijke opslag.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Onverminderd artikel 182, lid 4, worden, indien uit een douanecontrole in verband met een douaneschuld blijkt dat de desbetreffende boeking moet worden herzien, en indien de betrokkene hiervan in kennis is gesteld, de documenten en informatie na afloop van de in lid 6 van dit artikel bedoelde termijn nog drie jaar langer bewaard.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>Indien beroep is ingesteld of een administratieve of gerechtelijke procedure is ingeleid, moeten de documenten en informatie worden bewaard gedurende de in lid 1 vastgestelde termijn of totdat de beroeps- dan wel administratieve of gerechtelijke procedure is voltooid, naargelang welke datum het laatst valt.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE"><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Titel III bis</STRING></STRING></TI><STI.GR><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">EU-ÉÉNLOKETOMGEVING VOOR DE DOUANE</STRING></STRING></STI.GR><ARTICLE><TI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 40 bis</STRING></STRING></TI.ART><STI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Instelling van een EU-éénloketomgeving voor de douane</STRING></STRING></STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Er wordt een EU-éénloketomgeving voor de douane ingesteld. Dit bestrijkt de in artikel 29 bedoelde EU-douanedatahub en de in bijlage I bis bedoelde niet-douanesystemen van de Unie.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op de in bijlage I bis vermelde data verbindt de Commissie de EU-douanedatahub met de niet-douanesystemen van de Unie en zorgt zij ervoor dat informatie over de daarin vermelde niet-douaneformaliteiten van de Unie kan worden uitgewisseld.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen vast te stellen om bijlage I bis te wijzigen met betrekking tot de niet-douaneformaliteiten van de Unie, de respectievelijke niet-douanesystemen van de Unie zoals vastgesteld in andere Uniewetgeving dan de douanewetgeving, en de datum voor de totstandbrenging van de in lid 2 van dit artikel bedoelde verbindingen.</STRING></STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 40 ter</STRING></STRING></TI.ART><STI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Digitale samenwerking tussen overheden inzake niet-douaneformaliteiten van de Unie</STRING></STRING></STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">EU-CSW-CERTEX maakt het voor elke in bijlage I bis vermelde niet-douaneformaliteit van de Unie mogelijk om informatie uit te wisselen tussen de EU-douanedatahub en de relevante niet-douanesystemen van de Unie voor de volgende doeleinden:</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het ter beschikking stellen van de relevante gegevens aan douaneautoriteiten om hen in staat te stellen op geautomatiseerde wijze de noodzakelijke verificatie van deze formaliteiten te verrichten overeenkomstig deze verordening;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het ter beschikking stellen van de relevante gegevens aan geassocieerde bevoegde autoriteiten om hen in staat te stellen kwantiteitsbeheer van toegelaten goederen in niet-douanesystemen van de Unie te verrichten op basis van de bij douaneautoriteiten aangegeven en door die autoriteiten vrijgegeven goederen;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het faciliteren en ondersteunen van de integratie van procedures tussen de douaneautoriteiten en geassocieerde bevoegde autoriteiten voor de volledig geautomatiseerde vervulling van de vereiste formaliteiten om de goederen onder een douaneregeling te plaatsen of deze weder uit te voeren, en van de samenwerking met betrekking tot de coördinatie van controles overeenkomstig artikel 43, lid 3, van deze verordening;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het mogelijk maken van elke andere geautomatiseerde doorgifte van gegevens tussen de douaneautoriteiten en relevante geassocieerde bevoegde autoriteiten die door de Uniewetgeving betreffende niet-douaneformaliteiten van de Unie is vereist, onverminderd het nationale gebruik van die gegevens.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">EU-CSW-CERTEX voorziet voor elke in bijlage I bis vermelde niet-douaneformaliteit van de Unie in de volgende functionaliteiten:</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het waar mogelijk in overeenstemming brengen van douane- en niet-douaneterminologie en het identificeren van de douaneregeling of de wederuitvoer waarvoor het bewijsstuk kan worden gebruikt op basis van het administratieve besluit van de geassocieerde bevoegde autoriteit dat in het bewijsstuk is vermeld; en</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het zo nodig transformeren van het formaat van de gegevens die voor het vervullen van de relevante niet-douaneformaliteiten van de Unie zijn vereist in een gegevensformaat dat compatibel is met de douaneaangifte of aangifte tot wederuitvoer en vice versa, zonder de inhoud van de gegevens te wijzigen.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen vast te stellen teneinde deze verordening aan te vullen door de gegevenselementen die overeenkomstig lid 1 van dit artikel via EU-CSW-CERTEX worden uitgewisseld, nader te bepalen.</STRING></STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 40 quater</STRING></STRING></TI.ART><STI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Digitale samenwerking tussen bedrijven en overheden inzake niet-douaneformaliteiten van de Unie</STRING></STRING></STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast om te bepalen welke in bijlage I bis vermelde niet-douaneformaliteiten van de Unie aan de volgende criteria voldoen:</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">er is een zekere mate van overlap tussen gegevens die aan de douaneautoriteiten moeten worden verstrekt en gegevens die moeten worden opgenomen in de niet-douanebewijsstukken die vereist zijn voor de in bijlage I bis vermelde niet-douaneformaliteiten van de Unie;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het aantal niet-douanebewijsstukken dat in de Unie voor de specifieke formaliteit is afgegeven, is niet verwaarloosbaar;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">in het in bijlage I bis bedoelde overeenkomstige niet-douanesysteem van de Unie kunnen de marktdeelnemers aan de hand van hun EORI-nummer worden vastgesteld;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de toepasselijke andere Uniewetgeving dan de douanewetgeving maakt het mogelijk om de specifieke formaliteit via de EU-douanedatahub overeenkomstig artikel 11 te vervullen.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Indien is vastgesteld dat een niet-douaneformaliteit van de Unie voldoet aan de in lid 1 genoemde criteria, kunnen marktdeelnemers gezamenlijk een geïntegreerde gegevensset verstrekken met daarin alle relevante gegevens die nodig zijn om de toepasselijke douaneformaliteiten en niet-douaneformaliteiten van de Unie te vervullen via de EU-douanedatahub.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in lid 2 bedoelde geïntegreerde gegevensset wordt geacht de indiening van gegevens te vormen die door de geassocieerde bevoegde autoriteiten worden verlangd voor de in bijlage I bis vermelde niet-douaneformaliteiten van de Unie.</STRING></STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 40 quinquies</STRING></STRING></TI.ART><STI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gebruik van het EORI-nummer door geassocieerde bevoegde autoriteiten</STRING></STRING></STI.ART><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij de uitvoering van hun taken hebben de geassocieerde bevoegde autoriteiten toegang tot het EORI-nummer om de relevante gegevens over marktdeelnemers te valideren.</STRING></STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 40 sexies</STRING></STRING></TI.ART><STI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Nationale coördinatoren voor de EU-éénloketomgeving voor de douane</STRING></STRING></STI.ART><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Elke lidstaat wijst een nationale coördinator aan voor de EU-éénloketomgeving voor de douane. De nationale coördinator voert de volgende taken uit ter ondersteuning van de uitvoering van deze verordening:</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hij fungeert als nationaal contactpunt voor de Commissie voor alle aangelegenheden met betrekking tot de uitvoering van de EU-éénloketomgeving voor de douane; en</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hij bevordert en ondersteunt op nationaal niveau de samenwerking tussen de douaneautoriteiten en nationale geassocieerde bevoegde autoriteiten.</STRING></STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 40 septies</STRING></STRING></TI.ART><STI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Monitoring en verslaglegging</STRING></STRING></STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie ziet regelmatig toe op de werking van de EU-éénloketomgeving voor de douane, waarbij zij onder meer rekening houdt met informatie die relevant is voor monitoringdoeleinden en die door de lidstaten wordt verstrekt.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op 31 december 2027, en daarna jaarlijks, dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in over de uitvoering van deze verordening. Dat verslag bevat een overzicht van niet-douaneformaliteiten van de Unie die zijn opgenomen in de wetgeving van de Unie en de wetgevingsvoorstellen van de Commissie.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uiterlijk op 31 december 2027, en daarna om de drie jaar, bevat het in lid 2 bedoelde verslag ook informatie over de monitoring en evaluatie die overeenkomstig respectievelijk lid 1 en lid 2 zijn uitgevoerd, met inbegrip van de gevolgen voor de marktdeelnemers, en met name voor kleine en middelgrote ondernemingen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 170]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel IV</TI><STI.GR>DOUANETOEZICHT, DOUANECONTROLES EN RISICOBEHEER</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Douanetoezicht</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 41</TI.ART><STI.ART>Douanetoezicht</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Goederen die het douanegebied van de Unie zullen binnenkomen of verlaten, komen onder douanetoezicht te staan en kunnen aan douanecontroles worden onderworpen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Goederen die het douanegebied van de Unie zijn binnengebracht, blijven onder dergelijk toezicht staan <STRING STRIKE="on">zolang als nodig is </STRING>om hun douanestatus te bepalen.<STRING BOLD="on"> [Am. 171]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Niet-Uniegoederen blijven onder douanetoezicht staan totdat zij een andere douanestatus hebben gekregen of totdat zij het douanegebied van de Unie hebben verlaten of vernietigd zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Bij binnenkomst in het douanegebied van de Unie zijn Uniegoederen aan douanetoezicht onderworpen totdat hun douanestatus is bevestigd, tenzij zij onder de regeling bijzondere bestemming worden geplaatst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Uniegoederen die onder de regeling bijzondere bestemming zijn geplaatst, zijn in de volgende gevallen aan douanetoezicht onderworpen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien de goederen geschikt zijn voor herhaald gebruik, gedurende een termijn van niet langer dan twee jaar na de datum van eerste gebruik voor de doeleinden die zijn vastgesteld voor de toepassing van de vrijstelling of het verlaagde douanerecht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>totdat de goederen zijn gebruikt voor de doeleinden die zijn vastgesteld voor de toepassing van de vrijstelling of het verlaagde douanerecht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>totdat de goederen het douanegebied van de Unie hebben verlaten, zijn vernietigd of zijn afgestaan aan de staat;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>totdat de goederen zijn gebruikt voor andere doeleinden dan die welke zijn vastgesteld voor de toepassing van de vrijstelling of het verlaagde douanerecht, en de toepasselijke invoerrechten zijn betaald.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Uniegoederen die voor uitvoer zijn vrijgegeven of onder passieve veredeling zijn geplaatst, zijn aan douanetoezicht onderworpen totdat zij het douanegebied van de Unie verlaten, worden afgestaan aan de staat of worden vernietigd, of totdat de douaneaangifte of relevante gegevens over de uitvoer ongeldig worden gemaakt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Uniegoederen die onder intern douanevervoer zijn geplaatst, zijn aan douanetoezicht onderworpen totdat zij hun bestemming in het douanegebied van de Unie bereiken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De houder van goederen onder douanetoezicht kan, met toestemming van de douaneautoriteiten, op elk tijdstip de goederen onderzoeken of daarvan monsters nemen, met name om de tariefindeling, douanewaarde of douanestatus te bepalen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 42</TI.ART><STI.ART>Bevoegde douanekantoren</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Tenzij in andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving anders is bepaald, stellen de lidstaten de plaats en de bevoegdheid van hun douanekantoren vast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten zien erop toe dat de officiële openingstijden van deze kantoren redelijk en passend zijn, rekening houdend met de aard van het verkeer en van de goederen, en met de douaneregelingen waaronder deze moeten worden geplaatst, zodat het internationale goederenverkeer niet belemmerd of verstoord wordt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Het douanekantoor dat bevoegd is om toezicht te houden op de plaatsing van de goederen onder een douaneregeling, is het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats waar de importeur of de exporteur is gevestigd.</PARAG><PARAG>In afwijking van de eerste alinea is het douanekantoor dat bevoegd is om toezicht te houden op de plaatsing van goederen onder een douaneregeling met betrekking tot importeurs en exporteurs die geen Trust&amp;Check-ondernemer zijn, en gelijkgestelde importeurs, het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats waar de douaneaangifte overeenkomstig artikel 63, lid 4, is ingediend of zou zijn ingediend, afgezien van de in artikel 63, lid 2, bedoelde wijziging met betrekking tot de wijze van informatieverstrekking.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats van vestiging van de Trust&amp;Check-ondernemer of de gelijkgestelde importeur:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>houdt toezicht op de plaatsing van goederen onder de betreffende douaneregeling;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>verricht de douanecontroles voor de verificatie van de verstrekte informatie en verzoekt zo nodig om aanvullende bewijsstukken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>verzoekt in gerechtvaardigde gevallen het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats van verzending of de eindbestemming van de goederen, om een douanecontrole te verrichten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>verzoekt, in het geval van een risico dat actie vereist zodra de goederen in het douanegebied van de Unie aankomen of voordat zij het douanegebied van de Unie verlaten, het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats waar de goederen het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten, om douanecontroles te verrichten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>vervult de douaneformaliteiten voor de invordering van het met een douaneschuld overeenkomende bedrag aan in- of uitvoerrechten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats van verzending of de eindbestemming van de goederen, of, overeenkomstig lid 4, punt d), voor de plaats waar de goederen het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten, verricht de controles waarom het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats van vestiging van de importeur, heeft gevraagd, en verstrekt dat douanekantoor de resultaten van deze controles, onverminderd zijn eigen controles met betrekking tot goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De bevoegde douanekantoren hebben toegang tot de informatie die nodig is voor de correcte toepassing van de wetgeving.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de vaststelling van de andere bevoegde douanekantoren dan dat bedoeld in lid 3, met inbegrip van de douanekantoren van binnenkomst en van uitgang, en de procedureregels voor de samenwerking tussen de douanekantoren als bedoeld in lid 5. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Douanecontroles</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 43</TI.ART><STI.ART>Douanecontroles</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onverminderd de bepalingen in hoofdstuk 3 van deze titel kunnen de douaneautoriteiten alle douanecontroles verrichten die zij nodig achten, met inbegrip van steekproefcontroles.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douanecontroles kunnen met name inhouden onderzoek van goederen, bemonstering, verificatie van de echtheid, integriteit, juistheid en volledigheid van de door elke persoon verstrekte informatie en van de aanwezigheid, echtheid, juistheid en geldigheid van documenten, onderzoek van de bedrijfsboekhouding, handelsadministratie en gegevensbronnen van marktdeelnemers, controle van vervoermiddelen, controle van bagage en andere goederen die personen bij of op zich dragen, officiële onderzoeken en soortgelijke handelingen. Indien nodig omvatten douanecontroles de verwerking van de elektronische gegevens, met inbegrip van de gegevensbron van de gegevens die aan de EU-douanedatahub zijn verstrekt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien dezelfde goederen door andere autoriteiten aan andere controles dan douanecontroles moeten worden onderworpen, trachten de douaneautoriteiten deze controles in nauwe samenwerking met die andere autoriteiten te verrichten, waar mogelijk op dezelfde plaats en op hetzelfde tijdstip als de douanecontroles (onestopshop); de douaneautoriteiten vervullen in dit verband de rol van coördinator.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 44</TI.ART><STI.ART>Verificatie van de verstrekte gegevens</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Om de juistheid van de aan hen verstrekte gegevens te verifiëren, kunnen de douaneautoriteiten:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de gegevens en de bewijsstukken onderzoeken, waarbij zij ook door de marktdeelnemers gehouden gegevensbronnen of voor hun rekening door dienstverleners opgeslagen gegevens kunnen benaderen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>vereisen dat andere documenten of gegevens worden verstrekt, met inbegrip van door de marktdeelnemers gehouden gegevens of voor hun rekening door dienstverleners opgeslagen gegevens;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>toegang eisen tot de elektronische bestanden van de persoon;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de goederen aan een onderzoek onderwerpen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>monsters nemen voor een analyse of grondige controle van de goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen op ieder ogenblik eisen dat goederen worden gelost en uitgepakt teneinde deze te onderzoeken of te bemonsteren dan wel het vervoermiddel waarop zij zich bevinden, te controleren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de maatregelen voor de verificatie van de gegevens als bedoeld in lid 1. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 45</TI.ART><STI.ART>Onderzoek en bemonstering van goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Het vervoer van de goederen naar de plaats waar het onderzoek en de bemonstering dienen plaats te vinden, alsmede alle handelingen die voor dit onderzoek of deze bemonstering noodzakelijk zijn, worden verricht door of onder de verantwoordelijkheid van de importeur, exporteur of vervoerder. De hieraan verbonden kosten komen ten laste van de importeur of exporteur.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De importeur, exporteur of vervoerder heeft het recht bij het onderzoek van de goederen en bij de bemonstering aanwezig te zijn of te worden vertegenwoordigd. Indien zij daartoe gegronde redenen hebben, kunnen de douaneautoriteiten eisen dat de importeur, exporteur of vervoerder bij het onderzoek van de goederen of de bemonstering aanwezig is of zich daarbij laat vertegenwoordigen dan wel dat hij hun de noodzakelijke bijstand verleent om dit onderzoek of deze bemonstering te vergemakkelijken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien de bemonstering volgens de geldende bepalingen plaatsvindt, geeft dit geen aanleiding tot enige vergoeding door de douaneautoriteiten, maar de kosten van analyse of controle komen wel voor hun rekening.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Indien slechts een gedeelte van de goederen wordt onderzocht of bemonsterd, gelden de resultaten van het gedeeltelijke onderzoek of van de analyse of het onderzoek van de monsters voor alle goederen in dezelfde zending.</PARAG><PARAG>De importeur of exporteur kan evenwel om een aanvullend onderzoek of aanvullende bemonstering van de goederen verzoeken indien hij van mening is dat de resultaten van het gedeeltelijke onderzoek of van de analyse of het onderzoek van de genomen monsters niet voor de rest van de goederen in kwestie gelden. Dit verzoek wordt ingewilligd mits de goederen nog niet zijn vrijgegeven of, indien zij reeds zijn vrijgegeven, de importeur of de exporteur aantoont dat zij op generlei wijze zijn gewijzigd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen maatregelen voor het onderzoek en de bemonstering van goederen als bedoeld in dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 46</TI.ART><STI.ART>Resultaten van de verificatie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De resultaten van de verificatie van de door de importeur, exporteur of vervoerder verstrekte gegevens worden gebruikt voor de toepassing van de bepalingen die gelden voor de douaneregeling waaronder de goederen zijn geplaatst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de verstrekte gegevens niet zijn geverifieerd, is lid 1 van toepassing op basis van de door de importeur of de exporteur verstrekte gegevens.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De resultaten van de verificatie door de douaneautoriteiten hebben in het hele douanegebied van de Unie dezelfde bindende kracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen maatregelen betreffende de resultaten van de verificatie als bedoeld in dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 47</TI.ART><STI.ART>Identificatiemaatregelen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten of, in voorkomend geval, de marktdeelnemers die daarvoor vergunning hebben gekregen van de douaneautoriteiten, nemen de nodige maatregelen om de goederen te identificeren, indien deze identificatie noodzakelijk is ter waarborging van de naleving van de bepalingen betreffende de douaneregeling in kwestie waaronder de goederen zullen worden geplaatst.</PARAG><PARAG>Deze identificatiemaatregelen hebben in het hele douanegebied van de Unie dezelfde rechtsgevolgen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De identificatiemiddelen die op de goederen, verpakkingen of vervoermiddelen zijn aangebracht, mogen alleen worden verwijderd of vernietigd door de douaneautoriteiten of door andere personen die door deze autoriteiten daartoe zijn gemachtigd, tenzij ten gevolge van onvoorziene omstandigheden of door overmacht het verwijderen of vernietigen ervan voor het behoud van de goederen of de vervoermiddelen absoluut noodzakelijk is.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen welke maatregelen de in dit artikel bedoelde identificatiemaatregelen zijn. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 48</TI.ART><STI.ART>Controles na vrijgave</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Met het oog op douanecontroles kunnen de douaneautoriteiten, na vrijgave van de goederen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de juistheid en volledigheid van de verstrekte gegevens en het bestaan, de echtheid, de juistheid en de geldigheid van bewijsstukken verifiëren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de boekhouding van de marktdeelnemer en andere bescheiden betreffende de verrichtingen in verband met deze goederen en betreffende eerdere of latere handelstransacties met deze goederen onderzoeken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>overgaan tot onderzoek en bemonstering van de goederen, zolang zij daartoe nog de mogelijkheid hebben;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de systemen van marktdeelnemers benaderen om na te gaan of is voldaan aan de verplichting om gegevens te verstrekken of beschikbaar te stellen aan de EU-douanedatahub.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Deze controles kunnen worden verricht bij de importeur of de exporteur dan wel de houder van de goederen, of bij elke persoon die beroepshalve direct of indirect bij deze transacties is betrokken, en bij elke andere persoon die beroepshalve over die documenten en gegevens beschikt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de maatregelen die van toepassing zijn op de in lid 1 bedoelde controles, ook in gevallen waarin verrichtingen in meer dan één lidstaat plaatsvinden, en maatregelen voor de toepassing van audits en andere passende methoden in het kader van dergelijke controles. Die uitvoeringshandelingen worden volgens artikel 262, lid 4, vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 49</TI.ART><STI.ART>Vluchten en zeereizen binnen de Unie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Alleen indien de douanewetgeving daarin voorziet, worden douanecontroles verricht of douaneformaliteiten vervuld ten aanzien van de handbagage en de ruimbagage van personen op vluchten binnen de Unie of bij zeereizen binnen de Unie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Lid 1 is van toepassing onverminderd:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>veiligheidsvoorschriften;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>controles in verband met andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de havens en luchthavens waar douanecontroles worden verricht en douaneformaliteiten worden vervuld ten aanzien van:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de handbagage en de ruimbagage van personen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>aan boord van een luchtvaartuig dat, van een niet-Unieluchthaven komend, na een tussenstop in een Unieluchthaven, deze vlucht voortzet naar een andere Unieluchthaven;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>aan boord van een luchtvaartuig dat een tussenstop maakt in een Unieluchthaven alvorens zijn vlucht naar een niet-Unieluchthaven voort te zetten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>die gebruikmaken van een door één enkel vaartuig uitgevoerde scheepvaartdienst die een aantal opeenvolgende trajecten omvat en die is begonnen, eindigt of een tussenstop maakt in een niet-Uniehaven;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iv)</NO.P>aan boord van een pleziervaartuig of van een sportvliegtuig of zakenvliegtuig;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>handbagage en ruimbagage:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>die op een Unieluchthaven aankomt aan boord van een luchtvaartuig dat van een niet-Unieluchthaven komt en op deze Unieluchthaven wordt overgeladen in een ander luchtvaartuig dat een vlucht binnen de Unie uitvoert;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>die op een Unieluchthaven aan boord wordt gebracht van een luchtvaartuig dat een vlucht binnen de Unie uitvoert, waarbij deze bagage op een andere Unieluchthaven wordt overgeladen in een luchtvaartuig dat een luchthaven buiten de Unie als bestemming heeft.</PARAG><PARAG>Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 3</TI><STI.GR>Douanerisicobeheer</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 50</TI.ART><STI.ART>Algemene beginselen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten bepalen, op basis van risicobeheer en hoofdzakelijk op basis van geautomatiseerde risicoanalyse, of goederen, marktdeelnemers en toeleveringsketens aan douanecontroles of andere risicobeperkende maatregelen zullen worden onderworpen, en zo ja, waar en wanneer die controles en andere risicobeperkende maatregelen zullen plaatsvinden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie, de EU-douaneautoriteit en de douaneautoriteiten maken gebruik van douanerisicobeheer om een onderscheid te maken tussen de niveaus van alle risico’s die verbonden zijn aan goederen, marktdeelnemers en toeleveringsketens overeenkomstig de bepalingen in dit hoofdstuk.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Douanerisicobeheer omvat ten minste de volgende activiteiten, die in voorkomend geval op cyclische basis worden georganiseerd:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het verzamelen, verwerken, uitwisselen en analyseren van relevante gegevens die beschikbaar zijn in de EU-douanedatahub en uit andere bronnen, met inbegrip van relevante gegevens van andere <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bevoegde </STRING></STRING>autoriteiten dan douaneautoriteiten;<STRING BOLD="on"> [Am. 172]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het in kaart brengen, analyseren, beoordelen of voorspellen van risico’s, onder meer op basis van statistische en voorspellende methoden en steekproefcontroles;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het ontwikkelen van de nodige maatregelen voor het beheer van de risico’s, met inbegrip van de vaststelling van gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden, gemeenschappelijke risicocriteria en -normen en toezichtstrategieën;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>het opleggen en uitvoeren van maatregelen, met inbegrip van het selecteren van passende risicobeperkende maatregelen en douanecontroles;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>het verzamelen van feedback over de uitvoering van risicobeheer- en controleactiviteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>het monitoren en evalueren van risicobeheer- en controleactiviteiten met het oog op de verbetering ervan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Risicobeperkende maatregelen kunnen het volgende omvatten:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de vervoerder of exporteur gelasten de goederen niet te laden of te vervoeren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>om aanvullende informatie of actie verzoeken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>situaties identificeren waarin optreden door een andere douaneautoriteit aangewezen kan zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>aanbevelingen doen in verband met de meest geschikte plaats en maatregelen voor een controle;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>vaststellen langs welke route en binnen welke termijn de goederen het douanegebied van de Unie moeten verlaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij het nemen van besluiten met betrekking tot het in lid 2 bedoelde douanerisicobeheer, houden de douaneautoriteiten rekening met eventuele niet-naleving door een importeur, een exporteur of een gelijkgestelde importeur van andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast en onderdeel vormt van het nationaal recht, welke niet-naleving door de bevoegde autoriteiten aan de douaneautoriteiten is gemeld. Met deze niet-naleving wordt rekening gehouden met het oog op het risicoprofiel van de desbetreffende importeur, exporteur of gelijkgestelde importeur.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 173]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 51</TI.ART><STI.ART>Rollen en verantwoordelijkheden</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De Commissie <STRING STRIKE="on">kan</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">stelt</STRING></STRING> gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden en gemeenschappelijke risicocriteria en -normen <STRING STRIKE="on">vaststellen</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vast</STRING></STRING> voor elk soort risico,<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> waar nodig</STRING></STRING> met inbegrip van, maar niet beperkt tot, risico’s in verband met financiële belangen.<STRING BOLD="on"> [Am. 174]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Onverminderd lid 6, punt f), van dit artikel en artikel 43 kan de Commissie specifieke gebieden van andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving aanwijzen die een prioritaire behandeling voor douanerisicobeheer en douanecontroles moeten krijgen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie kan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>beleidslijnen uitzetten voor de EU-douaneautoriteit met betrekking tot risicobeheerprojecten en toezichtstrategieën;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de EU-douaneautoriteit verzoeken een periodieke of ad-hocevaluatie van de uitvoering van risicobeheeractiviteiten te verrichten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de EU-douaneautoriteit verzoeken een toezichtstrategie voor een risico op te stellen en dreigingsevaluaties te verrichten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Voor de in de leden 1 tot en met 3 genoemde doeleinden kan de Commissie gegevens verzamelen, verwerken en analyseren die beschikbaar zijn in de EU-douanedatahub en uit andere bronnen, onder meer van andere autoriteiten dan douaneautoriteiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De EU-douaneautoriteit verricht risicobeheeractiviteiten op Unieniveau op basis van de in lid 3, punt a), bedoelde douanebeleidslijnen en de in lid 2 bedoelde prioriteiten. Zij:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>verzamelt, verwerkt en analyseert gegevens die beschikbaar zijn in de EU-douanedatahub en uit andere bronnen, onder meer van andere autoriteiten dan douaneautoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>staat de Commissie bij bij het vaststellen van gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden en gemeenschappelijke risicocriteria en -normen, op basis van operationele kennis en technische deskundigheid op het gebied van risicobeheer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>ontwikkelt toezichtstrategieën, in voorkomend geval samen met andere autoriteiten dan de douane, en verricht dreigingsevaluaties, indien haar daarom overeenkomstig lid 3 wordt verzocht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>wisselt relevante gegevens uit met de douaneautoriteiten en met andere autoriteiten voor de toepassing van deze titel, indien mogelijk via de EU-douanedatahub, overeenkomstig artikel 53;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>ontwikkelt en verricht gemeenschappelijke risicoanalyse om risicosignalen en resultaten van risicoanalyse te genereren en, in voorkomend geval, controleaanbevelingen en andere passende risicobeperkende maatregelen uit te vaardigen aan de douaneautoriteiten, onder meer voor de toepassing van de gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden en de gemeenschappelijke risicocriteria en -normen die door de Commissie zijn vastgesteld, en voor de aanpak van crisissituaties;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>informeert OLAF wanneer ze gevallen van fraude vaststelt of vermoedt en verstrekt OLAF alle nodige informatie met betrekking tot deze gevallen.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Europol wordt ook in kennis gesteld binnen de grenzen van het mandaat van Europol.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 175]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-douaneautoriteit kan Europol uitnodigen om binnen de grenzen van het mandaat van Europol een bijdrage te leveren aan de in lid 5, punt e), bedoelde risicoanalyse tot vaststelling van de gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden en de gemeenschappelijke risicocriteria en -normen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 176]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De douaneautoriteiten, met behulp van de gegevens die beschikbaar zijn in de EU-douanedatahub en uit andere bronnen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>verzamelen, verwerken en analyseren gegevens die beschikbaar zijn in de EU-douanedatahub en uit andere bronnen, onder meer van andere autoriteiten dan douaneautoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>verrichten nationale risicobeheeractiviteiten, met inbegrip van risicoanalyse, samenwerking en uitwisseling van informatie over risicobeheer met relevante nationale autoriteiten, en nemen risicobeperkende maatregelen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>voeren nationale processen uit die nodig zijn voor de toepassing van gemeenschappelijke risicocriteria en -normen en gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>implementeren de door de EU-douaneautoriteit gegenereerde risicosignalen, resultaten van risicoanalyse en controleaanbevelingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>doen controleaanbevelingen en stellen andere passende risicobeperkende maatregelen voor aan de douaneautoriteiten van andere lidstaten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>nemen controlebesluiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>verrichten controles overeenkomstig hoofdstuk 2 van deze titel en eventuele toepasselijke gemeenschappelijke risicocriteria en -normen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>motiveren bij de EU-douaneautoriteit een eventuele niet-uitvoering van een controleaanbeveling.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De EU-douaneautoriteit stelt de Commissie elk kwartaal en, indien nodig of op verzoek van de Commissie, op een ad-hocbasis in kennis van haar risicobeheeractiviteiten en de resultaten daarvan. Zij verstrekt de Commissie in dit verband alle nodige informatie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 1, vastgestelde datum kan de Commissie de in dit artikel bedoelde risicobeheertaken van de EU-douaneautoriteit uitvoeren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen door te bepalen welke informatie de motivering moet bevatten voor een niet-uitvoering van een controleaanbeveling als bedoeld in lid 6, punt h).</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 177]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 52</TI.ART><STI.ART>Gemeenschappelijke risicocriteria en -normen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De gemeenschappelijke risicocriteria en -normen omvatten al het volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een beschrijving van de risico’s;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de te gebruiken risicofactoren of -indicatoren om goederen of marktdeelnemers voor douanecontroles te selecteren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de aard van de door de douaneautoriteiten te verrichten douanecontroles;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de toepassing van risicoanalyses en risicobeperkende maatregelen in de toeleveringsketen, met inbegrip van verzoeken om informatie of actie en instructies om niet te laden of te vervoeren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de toepassingsduur van de in punt c) bedoelde douanecontroles.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Bij de vaststelling van gemeenschappelijke risicocriteria en -normen wordt rekening gehouden met al het volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de evenredigheid met het risico;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de urgentie waarmee de controles moeten worden verricht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de redelijkerwijs te verwachten gevolgen voor het handelsverkeer en de beschikbare controlemiddelen van de afzonderlijke lidstaten.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 53</TI.ART><STI.ART>Informatie die relevant is voor risicobeheer en -controles</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Alle risico-informatie, -signalen, resultaten van risicoanalyse, controleaanbevelingen, controlebesluiten en controleresultaten worden geregistreerd in het operationele proces waarop zij betrekking hebben en in de EU-douanedatahub, ongeacht of zij op nationale of gemeenschappelijke risicoanalyse gebaseerd waren, dan wel of willekeurige selectie is toegepast. De douaneautoriteiten delen risico-informatie met elkaar, met de EU-douaneautoriteit<STRING STRIKE="on"> en</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> met de Commissie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en met Europol, binnen de grenzen van het mandaat van Europol</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 178]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten, de EU-douaneautoriteit en de Commissie hebben het recht de in lid 1 van dit artikel bedoelde elementen te verwerken overeenkomstig hun taken en verantwoordelijkheden als bedoeld in de artikelen 51 en 54.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De EU-douaneautoriteit maakt waar mogelijk gebruik van de EU-douanedatahub om andere bronnen van gegevens, documenten of informatie die door de EU-douaneautoriteit, de Commissie of een douaneautoriteit als relevant voor het risicobeheer zijn aangemerkt, te verzamelen of ermee te interageren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 1, vastgestelde datum voert de Commissie de in dit artikel bedoelde taken van de EU-douaneautoriteit uit.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 54</TI.ART><STI.ART>Evaluatie van douanerisicobeheer</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De Commissie evalueert, in samenwerking met de EU-douaneautoriteit en de douaneautoriteiten, de uitvoering van het risicobeheer ten minste <STRING STRIKE="on">om de twee</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">één keer per</STRING></STRING> jaar teneinde de operationele en strategische doeltreffendheid en efficiëntie ervan voortdurend te verbeteren<STRING STRIKE="on">;</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en maakt iedere evaluatie openbaar.</STRING></STRING> Daarnaast kan de Commissie evaluatieactiviteiten organiseren indien zij dat nodig acht, ook op permanente basis.<STRING BOLD="on"> [Am. 179]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Te dien einde verzamelt en analyseert de EU-douaneautoriteit relevante informatie en verricht zij alle noodzakelijke activiteiten. De EU-douaneautoriteit kan hierbij een of meer lidstaten om periodieke of ad-hocverslagen verzoeken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Te dien einde, en om haar rol en verantwoordelijkheden uit hoofde van deze titel te vervullen, kan de Commissie alle relevante informatie die via de EU-douanedatahub beschikbaar is, verwerken en kan zij de EU-douaneautoriteit en de nationale autoriteiten om nadere informatie verzoeken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Bij de vaststelling van gemeenschappelijke risicocriteria en gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden houdt de Commissie in voorkomend geval rekening met de uit hoofde van dit artikel uitgevoerde evaluaties.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 55</TI.ART><STI.ART>Toekenning van uitvoeringsbevoegdheden</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen maatregelen vast om de geharmoniseerde toepassing van douanecontroles en risicobeheer te waarborgen, met inbegrip van de uitwisseling van informatie alsook de vaststelling van gemeenschappelijke risicocriteria en -normen en gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden als bedoeld in deze titel. Deze maatregelen hebben ten minste betrekking op de volgende elementen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de informatie die in de EU-douanedatahub moet worden geregistreerd met betrekking tot risicobeheer en -controles, onder meer met betrekking tot risico-informatie, resultaten van risicoanalyse, controleaanbevelingen, controlebesluiten en controleresultaten, en het recht op toegang tot en verwerking van dergelijke informatie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>procedurele maatregelen voor het tijdelijke gebruik van of de tijdelijke toegang tot bestaande douane-informatiesystemen en procedurele maatregelen voor het beheer van de interoperabiliteit tussen de EU-douanedatahub en andere systemen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>procedurele maatregelen met betrekking tot de toepassing van de rapportageverplichting in het kader van controles na vrijgave en steekproefcontroles;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>regelingen voor samenwerking, met inbegrip van de uitwisseling van informatie, tussen de EU-douaneautoriteit en specifieke andere instellingen, organen en instanties van de Unie, en andere nationale bevoegde autoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de identificatie van de verantwoordelijke douaneautoriteit in het geval van specifieke risicobeheerprocessen die betrekking kunnen hebben op meer dan één lidstaat;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>procedurele aspecten van controles, met inbegrip van controles na vrijgave, die betrekking hebben op meer dan één lidstaat, en de beschikbaarheid van de resultaten van monsters en andere controles tussen de betrokken douaneautoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>regelingen voor de uitwisseling van risico-informatie tussen douaneautoriteiten, de EU-douaneautoriteit en de Commissie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden en gemeenschappelijke risicocriteria en -normen als bedoeld in artikel 51, leden 1 en 2, en artikel 52, met inbegrip van de voorwaarden voor de urgente toepassing ervan, indien dit nodig is.</PARAG><PARAG>Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Om dwingende redenen van urgentie die verband houden met dergelijke maatregelen, met inbegrip van de voorwaarden voor de urgente toepassing ervan om doeltreffend te kunnen reageren op crises of incidenten die een onmiddellijk veiligheidsrisico kunnen vormen, en indien zulks naar behoren gerechtvaardigd is door de noodzaak om het gemeenschappelijk risicobeheer snel te actualiseren en de uitwisseling van informatie, gemeenschappelijke risicocriteria en -normen en gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden aan te passen aan de ontwikkeling van de risico’s, stelt de Commissie volgens de in artikel 262, lid 5, bedoelde procedure onmiddellijk toepasselijke uitvoeringshandelingen vast.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel V</TI><STI.GR>PLAATSING VAN GOEDEREN ONDER EEN DOUANEREGELING</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Douanestatus van goederen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 56</TI.ART><STI.ART>Vermoeden van douanestatus van Uniegoederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Alle goederen in het douanegebied van de Unie worden vermoed de douanestatus van Uniegoederen te hebben, tenzij wordt vastgesteld dat zij geen Uniegoederen zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In specifieke gevallen waarin het in lid 1 neergelegde vermoeden niet van toepassing is, moet de douanestatus van Uniegoederen worden aangetoond.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In specifieke gevallen hebben goederen die geheel en al zijn verkregen in het douanegebied van de Unie, niet de douanestatus van Uniegoederen indien zij zijn verkregen uit goederen in tijdelijke opslag of die onder de regeling extern douanevervoer, de regeling opslag, de regeling tijdelijke invoer of de regeling actieve veredeling zijn geplaatst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de specifieke gevallen waarin het in lid 1 neergelegde vermoeden niet van toepassing is;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de voorwaarden voor het toestaan van vereenvoudigingen voor het vaststellen van het bewijs van de douanestatus van Uniegoederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de specifieke gevallen waarin de in lid 3 bedoelde goederen niet de douanestatus van Uniegoederen hebben.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor het leveren en het verifiëren van het bewijs van de douanestatus van Uniegoederen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 57</TI.ART><STI.ART>Verlies van douanestatus van Uniegoederen</STI.ART><PARAG>In de volgende gevallen worden Uniegoederen niet-Uniegoederen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien zij het douanegebied van de Unie verlaten, voor zover de voorschriften inzake intern douanevervoer niet van toepassing zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien zij onder de regeling extern douanevervoer, de regeling opslag of de regeling actieve veredeling zijn geplaatst, voor zover de douanewetgeving dit toestaat;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien zij onder de regeling bijzondere bestemming zijn geplaatst en vervolgens ofwel aan de staat worden afgestaan, ofwel worden vernietigd en er afval overblijft;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>indien de aangifte voor het vrije verkeer na vrijgave van de goederen ongeldig wordt gemaakt.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 58</TI.ART><STI.ART>Uniegoederen die het douanegebied van de Unie tijdelijk verlaten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>In de in artikel 112, lid 2, punten b), c), d) en e), bedoelde gevallen behouden goederen hun status van Uniegoederen alleen als die status is bepaald onder de voorwaarden en met behulp van de middelen die in de douanewetgeving zijn vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In specifieke gevallen mogen Uniegoederen, zonder dat zij aan een douaneregeling onderworpen zijn, worden vervoerd van de ene plaats naar een andere binnen het douanegebied van de Unie en tijdelijk daarbuiten zonder dat hun douanestatus wijzigt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de specifieke gevallen waarin de in lid 2 van dit artikel bedoelde douanestatus van goederen niet wijzigt.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Plaatsing en vrijgave</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 59</TI.ART><STI.ART>Plaatsing van goederen onder een douaneregeling</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Importeurs, exporteurs en houders van de regeling die voornemens zijn goederen onder een douaneregeling te plaatsen, verstrekken de voor de betrokken regeling benodigde gegevens of stellen deze beschikbaar zodra ze beschikbaar zijn en in elk geval vóór de vrijgave van de goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Gelijkgestelde importeurs verstrekken de gegevens over afstandsverkopen van goederen die in het douanegebied van de Unie zullen worden ingevoerd, of stellen deze beschikbaar, uiterlijk op de dag na de datum waarop de betaling werd aanvaard en in elk geval vóór de vrijgave van de goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In afwijking van lid 1 kunnen de douaneautoriteiten, in naar behoren gemotiveerde omstandigheden die verband houden met de ondersteunende documentatie of de bepaling van de definitieve waarde van de goederen, toestaan dat Trust&amp;amp;Check-ondernemers een deel van de gegevens, met uitzondering van voorafgaande informatie over de vracht, verstrekken nadat de goederen zijn vrijgegeven. De importeur of de exporteur verstrekt de weggelaten informatie binnen een specifieke termijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De goederen worden bij vrijgave onder de douaneregeling geplaatst. De datum van vrijgave is, tenzij anders is bepaald, de datum die in aanmerking moet worden genomen voor de toepassing van de bepalingen die gelden voor de douaneregeling waaronder de goederen zijn geplaatst, en voor alle andere invoer- of uitvoerformaliteiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde gegevens en informatie, de specifieke gegevens die na de vrijgave van de goederen kunnen worden verstrekt en de termijnen voor het verstrekken van die gegevens als bedoeld in lid 3 van dit artikel.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 60</TI.ART><STI.ART>Vrijgave van de goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de plaatsing van de goederen onder een douaneregeling overeenkomstig artikel 42, lid 3, beslissen over de vrijgave van de goederen, rekening houdend met het resultaat van de risicoanalyse van de door de importeur of exporteur verstrekte gegevens en, in voorkomend geval, de resultaten van eventuele controles.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Goederen worden vrijgegeven als aan de volgende voorwaarden is voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een importeur<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, een verantwoordelijke persoon</STRING></STRING> of exporteur is verantwoordelijk voor de goederen;<STRING BOLD="on"> [Am. 180]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>alle door de douaneautoriteiten gevraagde informatie en de voor de betrokken regeling noodzakelijke minimumgegevens zijn verstrekt of beschikbaar gesteld aan de douaneautoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>aan de voorwaarden voor de plaatsing van de goederen onder de betrokken regeling overeenkomstig de artikelen 88, 118, 132 en 135 is voldaan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de goederen zijn niet geselecteerd voor een controle.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten weigeren de vrijgave in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>wanneer niet is voldaan aan de voorwaarden voor de plaatsing van de goederen onder de betrokken regeling, daaronder begrepen niet-douaneformaliteiten van de Unie zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 11, van Verordening (EU) 2022/2399, die relevant zijn voor de goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>wanneer zij over bewijzen beschikken dat de goederen niet voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast<STRING STRIKE="on">, tenzij die wetgeving vereist dat andere autoriteiten vooraf worden geraadpleegd</STRING>;<STRING BOLD="on"> [Am. 181]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wanneer in andere wetgeving is bepaald dat andere autoriteiten geraadpleegd moeten worden;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 182]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>wanneer zij over bewijzen beschikken dat de verstrekte gegevens niet juist zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneautoriteiten schorsen de vrijgave in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>wanneer zij redenen hebben om aan te nemen dat de goederen niet voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast, of dat zij een ernstig risico vormen voor de gezondheid en het leven van mens, dier of plant, voor het milieu of voor enig ander openbaar belang, daaronder begrepen financieel belang; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>wanneer de andere autoriteiten daarom hebben verzocht overeenkomstig andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Wanneer de vrijgave overeenkomstig lid 4 is geschorst, plegen de douaneautoriteiten overleg met de andere autoriteiten indien de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast, zulks vereist, en:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>weigeren zij de vrijgave wanneer de andere autoriteiten daarom hebben verzocht overeenkomstig andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>geven zij de goederen vrij indien er geen redenen zijn om aan te nemen dat niet is voldaan aan andere eisen en formaliteiten krachtens de andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving met betrekking tot een dergelijke vrijgave, en:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>de andere autoriteiten met de vrijgave hebben ingestemd, of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">de andere autoriteiten niet binnen de termijn die is vastgesteld in de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast, hebben geantwoord, of</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 183]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>de andere autoriteiten de douaneautoriteiten ervan in kennis stellen dat er meer tijd nodig is om te beoordelen of de goederen voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast, mits zij niet hebben verzocht om de schorsing te handhaven, en de importeur<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, de verantwoordelijke persoon</STRING></STRING> of exporteur ervoor zorgt dat de douaneautoriteiten die goederen volledig kunnen traceren<STRING STRIKE="on"> gedurende 15 dagen vanaf de kennisgeving van de andere autoriteiten of</STRING> totdat de andere autoriteiten het resultaat van hun controles hebben beoordeeld en meegedeeld aan de importeur<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, de verantwoordelijke persoon</STRING></STRING> of de exporteur, indien dit eerder is. De douaneautoriteiten zorgen ervoor dat de traceergegevens van de goederen beschikbaar zijn voor de andere autoriteiten.<STRING BOLD="on"> [Am. 184]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Onverminderd de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast, worden de douaneautoriteiten geacht de goederen te hebben vrijgegeven indien zij deze niet <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zo snel mogelijk </STRING></STRING>voor een controle hebben geselecteerd<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en uiterlijk</STRING></STRING> binnen <STRING STRIKE="on">een redelijke termijn</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dertig kalenderdagen</STRING></STRING> nadat:<STRING BOLD="on"> [Am. 185]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de goederen van gelijkgestelde importeurs in het douanegebied van de Unie zijn aangekomen; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de goederen van importeurs op hun eindbestemming zijn aangekomen; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de exporteur de informatie vóór vertrek heeft verzonden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Wanneer de douaneautoriteiten de vrijgave van de goederen overeenkomstig lid 4 hebben geschorst of de vrijgave van de goederen overeenkomstig lid 3 of lid 5, punt a), hebben geweigerd, registreren zij hun besluit en, indien van toepassing, alle andere informatie die op grond van het Unierecht vereist is, in de EU-douanedatahub. Die informatie wordt ter beschikking gesteld van de andere douaneautoriteiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>Wanneer de douaneautoriteiten de vrijgave van de goederen overeenkomstig lid 3 of lid 5 hebben geweigerd:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>kunnen de goederen vervolgens, indien de andere autoriteiten geen bezwaar hebben gemaakt, onder een andere douaneregeling worden geplaatst met de vermelding dat de goederen eerder waren geweigerd voor een andere douaneregeling;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>registreren de douaneautoriteiten, indien de andere autoriteiten bezwaar hebben gemaakt tegen de plaatsing van de goederen onder een of meer douaneregelingen, die informatie in de EU-douanedatahub en handelen zij dienovereenkomstig.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>	<STRING STRIKE="on">De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de in lid 6 van dit artikel bedoelde redelijke termijnen.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 186]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 61</TI.ART><STI.ART>Vrijgave van de goederen door Trust&amp;Check-ondernemers namens de douaneautoriteiten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>In afwijking van artikel 60, lid 1, kunnen de douaneautoriteiten Trust&amp;Check-ondernemers toestaan de goederen namens hen vrij te geven bij ontvangst van die goederen op de plaats van vestiging van de importeur, de eigenaar of de geadresseerde of bij verzending vanuit de plaats van vestiging van de exporteur, eigenaar of afzender, op voorwaarde dat de nodige gegevens voor de desbetreffende regeling en realtime-informatie over de aankomst of de verzending van de goederen aan de douaneautoriteiten worden verstrekt of beschikbaar worden gesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Onverminderd artikel 43 kunnen de douaneautoriteiten Trust&amp;Check-ondernemers toestaan bepaalde controles te verrichten op goederen die onder douanetoezicht staan. In die gevallen raadplegen de douaneautoriteiten, wanneer de goederen onder andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving vallen, de andere autoriteiten voordat zij zulke controles toestaan, en kunnen zij met hen een controleplan overeenkomen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Wanneer de in lid 2 bedoelde Trust&amp;Check-ondernemer redenen heeft om aan te nemen dat de goederen niet voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast, stelt hij de douaneautoriteiten en, in voorkomend geval, de andere autoriteiten daarvan onmiddellijk in kennis. In dat geval besluiten de douaneautoriteiten over de vrijgave.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen te allen tijde verlangen dat de Trust&amp;Check-ondernemer de goederen ter controle aanbrengt bij een douanekantoor of op de plaats waar de goederen zouden worden vrijgegeven.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Wanneer de douaneautoriteiten een nieuw ernstig financieel risico of een andere specifieke situatie hebben vastgesteld in verband met een toestemming om namens hen goederen vrij te geven, kunnen zij die toestemming voor een bepaalde periode schorsen, in welk geval zij de Trust&amp;Check-ondernemer daarvan in kennis stellen. In dat geval besluiten de douaneautoriteiten over de vrijgave.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 62</TI.ART><STI.ART>Wijziging en ongeldigmaking van informatie voor het plaatsen van goederen onder een douaneregeling</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De importeur en de exporteur wijzigen een of meer gegevenselementen die zijn verstrekt om de goederen onder een douaneregeling te plaatsen, wanneer zij er kennis van hebben gekregen dat relevante informatie in hun administratie is gewijzigd of wanneer de douaneautoriteit hen opdracht geeft dit te doen of hen in kennis stelt van een probleem met betrekking tot de juistheid, volledigheid of kwaliteit van gegevens, tenzij de douaneautoriteiten hebben meegedeeld dat zij voornemens zijn de goederen te onderzoeken of dat zij hebben vastgesteld dat de verstrekte gegevens onjuist zijn, of de goederen al bij de douane zijn aangebracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De importeur en de exporteur maken de gegevens die voor de plaatsing van goederen onder een douaneregeling zijn verstrekt, ongeldig zodra zij er kennis van krijgen dat de goederen het douanegebied van de Unie niet zullen binnenkomen of zullen verlaten. De douaneautoriteiten maken de gegevens die voor de plaatsing van goederen onder een douaneregeling zijn verstrekt, ongeldig indien de goederen na 200 dagen, te rekenen vanaf de datum waarop de informatie is verstrekt of beschikbaar is gesteld, het douanegebied van de Unie nog niet zijn binnengekomen of hebben verlaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor het wijzigen en ongeldig maken van de in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde informatie. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 3</TI><STI.GR>Overgangsbepalingen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 63</TI.ART><STI.ART>Douaneaangifte van goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 4, vastgestelde datum wordt voor alle goederen die onder een douaneregeling zullen worden geplaatst, een douaneaangifte voor de betrokken regeling gedaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Met ingang van de in artikel 265, lid 4, vastgestelde datum kunnen importeurs, exporteurs en houders van de regeling douanevervoer, met het oog op de plaatsing van goederen onder een douaneregeling, een douaneaangifte indienen of de voor de betrokken regeling relevante informatie via de EU-douanedatahub verstrekken of beschikbaar stellen. Met ingang van de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum verstrekken importeurs, exporteurs en houders van de regeling douanevervoer, met het oog op de plaatsing van goederen onder een douaneregeling, de voor de betrokken regeling relevante informatie via de EU-douanedatahub, of stellen zij deze via de EU-douanedatahub beschikbaar.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In specifieke gevallen kan een douaneaangifte worden ingediend met gebruikmaking van andere dan elektronische gegevensverwerkingstechnieken</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneaangifte wordt, afhankelijk van de omstandigheden, ingediend bij een van de volgende kantoren:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats van eerste aankomst van de goederen in het douanegebied van de Unie; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats van lossing van de goederen die over zee of door de lucht aankomen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het douanekantoor van bestemming van de regeling douanevervoer indien de goederen het douanegebied van de Unie zijn binnengekomen onder een regeling douanevervoer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats waar de goederen die onder een regeling douanevervoer zullen worden geplaatst, zich bevinden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats van vestiging van de geautoriseerde marktdeelnemer voor douanevereenvoudigingen en dat gemachtigd is gecentraliseerde vrijmaking toe te passen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats waar de goederen die het douanegebied van de Unie zullen verlaten, zich bevinden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de specifieke gevallen waarin een douaneaangifte kan worden ingediend met gebruikmaking van andere dan elektronische gegevensverwerkingstechnieken overeenkomstig lid 2 van dit artikel.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de procedure voor het indienen van de douaneaangifte in de in lid 3 bedoelde gevallen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de regels voor het vaststellen van de andere bevoegde douanekantoren dan het in lid 4 bedoelde kantoor, met inbegrip van de douanekantoren van binnenkomst en van uitgang.</PARAG><PARAG>Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 64</TI.ART><STI.ART>Standaard douaneaangifte</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Standaard douaneaangiften bevatten alle gegevens die nodig zijn voor de toepassing van de bepalingen die gelden voor de douaneregeling waarvoor de goederen worden aangegeven.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de indiening van de in lid 1 bedoelde standaard douaneaangifte. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 65</TI.ART><STI.ART>Vereenvoudigde aangifte</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum kunnen de douaneautoriteiten aanvaarden dat een persoon goederen onder een douaneregeling laat plaatsen op basis van een vereenvoudigde aangifte, waaruit bepaalde in artikel 40 bedoelde gegevens of bewijsstukken kunnen worden weggelaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 4, vastgestelde datum kunnen de douaneautoriteiten het normale gebruik van een vereenvoudigde aangifte toestaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden waaronder de in lid 2 van dit artikel bedoelde toestemming wordt verleend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de indiening van de vereenvoudigde aangifte. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 66</TI.ART><STI.ART>Aanvullende aangifte</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Bij een vereenvoudigde aangifte overeenkomstig artikel 65 of een inschrijving in de administratie van de aangever overeenkomstig artikel 73 dient de aangever binnen een specifieke termijn bij het bevoegde douanekantoor een aanvullende aangifte in met de gegevens die vereist zijn voor de betrokken douaneregeling.</PARAG><PARAG>Bij een vereenvoudigde aangifte overeenkomstig artikel 65 moeten de nodige bewijsstukken binnen een specifieke termijn in het bezit van de aangever zijn en ter beschikking van de douaneautoriteiten staan.</PARAG><PARAG>De aanvullende aangifte kan een algemeen, periodiek of samenvattend karakter hebben.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In de volgende gevallen wordt ontheffing verleend van de verplichting tot indiening van een aanvullende aangifte:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de goederen zijn onder het stelsel van douane-entrepots geplaatst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>andere specifieke gevallen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Onder de volgende voorwaarden kunnen de douaneautoriteiten afzien van de eis dat een aanvullende aangifte moet worden ingediend:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de vereenvoudigde aangifte betreft goederen waarvan de waarde en hoeveelheid onder de statistische drempel liggen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de vereenvoudigde aangifte bevat reeds alle informatie die nodig is voor de betrokken douaneregeling;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de vereenvoudigde aangifte is niet ingediend in de vorm van een inschrijving in de administratie van de aangever.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De in artikel 65 bedoelde vereenvoudigde aangifte of de in artikel 73 bedoelde inschrijving in de administratie van de aangever wordt geacht samen met de aanvullende aangifte een enkele en ondeelbare akte te vormen, die geldig is respectievelijk vanaf de datum van aanvaarding van de vereenvoudigde aangifte overeenkomstig artikel 69 en vanaf de datum van inschrijving van de goederen in de administratie van de aangever.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Voor de toepassing van artikel 169 wordt de plaats waar de aanvullende aangifte moet worden ingediend, geacht de plaats te zijn waar de douaneaangifte is ingediend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de in lid 1, eerste alinea, bedoelde specifieke termijn waarbinnen de aanvullende aangifte moet worden ingediend;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de in lid 1, tweede alinea, bedoelde specifieke termijn waarbinnen de bewijsstukken in het bezit van de aangever moeten zijn en ter beschikking van de douaneautoriteiten moeten staan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de specifieke gevallen waarin ontheffing wordt verleend van de verplichting tot indiening van een aanvullende aangifte overeenkomstig lid 2, punt b).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de indiening van de aanvullende aangifte. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 67</TI.ART><STI.ART>Indiening van een douaneaangifte</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum kan, onverminderd artikel 66, lid 1, een douaneaangifte worden ingediend door eenieder die in staat is alle informatie te verstrekken die vereist is voor de toepassing van de bepalingen die gelden voor de douaneregeling waarvoor de goederen worden aangegeven. Die persoon moet ook in staat zijn de goederen bij de douane aan te brengen of te doen aanbrengen.</PARAG><PARAG>Indien de aanvaarding van een douaneaangifte evenwel bijzondere verplichtingen voor een bepaalde persoon met zich meebrengt, wordt die aangifte door deze persoon zelf of door zijn vertegenwoordiger ingediend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In afwijking van lid 1, eerste alinea, wordt de douaneaangifte voor het in het vrije verkeer brengen van goederen die in het douanegebied van de Unie zullen worden ingevoerd in het kader van de bijzondere regeling voor afstandsverkopen van titel XII, hoofdstuk 6, afdeling 4, van Richtlijn 2006/112/EG voor afstandsverkopen ingediend door of voor rekening van de gelijkgestelde importeur.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De aangever moet in het douanegebied van de Unie gevestigd zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>In afwijking van lid 3 zijn de volgende aangevers evenwel niet verplicht om in het douanegebied van de Unie gevestigd te zijn:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>personen die een douaneaangifte voor douanevervoer of tijdelijke invoer indienen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>personen die incidenteel een douaneaangifte indienen, mede voor bijzondere bestemming of actieve veredeling, voor zover de douaneautoriteiten zulks gerechtvaardigd achten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>personen die gevestigd zijn in een land waarvan het grondgebied grenst aan het douanegebied van de Unie, en die de goederen waarop de douaneaangifte betrekking heeft, aanbrengen bij een douanekantoor in de Unie dat grenst aan dat land, op voorwaarde dat het land waarin de personen zijn gevestigd deze voordelen ook verleent aan personen die in het douanegebied van de Unie zijn gevestigd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>gelijkgestelde importeurs die betrokken zijn bij de afstandsverkoop van goederen in het kader van de bijzondere regeling van titel XII, hoofdstuk 6, afdeling 4, van Richtlijn 2006/112/EG, welke goederen in het douanegebied van de Unie zullen worden ingevoerd, mits deze importeurs een indirecte vertegenwoordiger aanwijzen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De douaneaangiften worden gewaarmerkt.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 68</TI.ART><STI.ART>Indiening van een douaneaangifte vóór de aanbrenging van de goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Een douaneaangifte kan worden ingediend voor het tijdstip waarop de goederen naar verwachting bij de douane zullen worden aangebracht. Indien de goederen niet binnen 30 dagen na de datum van indiening van de douaneaangifte worden aangebracht, wordt de douaneaangifte geacht niet te zijn ingediend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de indiening van een douaneaangifte als bedoeld in lid 1. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 69</TI.ART><STI.ART>Aanvaarding van een douaneaangifte</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Douaneaangiften die aan de voorwaarden van dit hoofdstuk en artikel 40 voldoen, worden onmiddellijk door de douaneautoriteiten aanvaard, voor zover de desbetreffende goederen bij de douane zijn aangebracht</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De datum van aanvaarding van de douaneaangifte door de douaneautoriteiten is, tenzij anders is bepaald, de datum die in aanmerking moet worden genomen voor de toepassing van de bepalingen die gelden voor de douaneregeling waarvoor de goederen zijn aangegeven en voor alle andere invoer- of uitvoerformaliteiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de aanvaarding van een douaneaangifte, inclusief de toepassing van die regels in de in artikel 72 bedoelde gevallen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 70</TI.ART><STI.ART>Wijziging van een douaneaangifte</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De aangever wordt, op zijn verzoek, toegestaan een of meer gegevens in de douaneaangifte te wijzigen nadat deze door de douane is aanvaard. De wijziging mag niet tot gevolg hebben dat de douaneaangifte betrekking heeft op andere goederen dan die waarop zij oorspronkelijk betrekking had.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Dergelijke wijzigingen worden niet toegestaan als het verzoek daartoe wordt gedaan na een van de volgende gebeurtenissen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de douaneautoriteiten hebben de aangever in kennis gesteld van hun voornemen de goederen aan een onderzoek te onderwerpen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de douaneautoriteiten hebben geconstateerd dat de gegevens van de douaneaangifte onjuist zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de douaneautoriteiten hebben de goederen vrijgegeven.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Op verzoek van de aangever kan, binnen drie jaar na de datum van aanvaarding van de douaneaangifte, worden toegestaan dat de douaneaangifte wordt gewijzigd na vrijgave van de goederen, zodat de aangever zijn verplichtingen inzake de plaatsing van de goederen onder de desbetreffende douaneregeling kan nakomen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de wijziging van de douaneaangifte na de vrijgave van de goederen overeenkomstig lid 3. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 71</TI.ART><STI.ART>Ongeldigmaking van een douaneaangifte</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Op verzoek van de aangever maken de douaneautoriteiten een reeds aanvaarde douaneaangifte ongeldig in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien voldoende wordt aangetoond dat de goederen onmiddellijk onder een douaneregeling zullen worden geplaatst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien voldoende wordt aangetoond dat ten gevolge van bijzondere omstandigheden de plaatsing van de goederen onder de douaneregeling waarvoor zij zijn aangegeven, niet meer gerechtvaardigd is.</PARAG><PARAG>Indien de douaneautoriteiten de aangever evenwel in kennis hebben gesteld van hun voornemen de goederen aan een onderzoek te onderwerpen, kan het verzoek tot ongeldigmaking van de douaneaangifte slechts worden aanvaard nadat het onderzoek heeft plaatsgevonden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In afwijking van lid 1 kan de douaneaangifte in specifieke gevallen door de douaneautoriteiten ongeldig worden gemaakt zonder voorafgaand verzoek van de aangever.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneaangifte wordt niet ongeldig gemaakt nadat de goederen zijn vrijgegeven, tenzij anders is bepaald.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de specifieke gevallen waarin de douaneaangifte door de douaneautoriteiten ongeldig wordt gemaakt als bedoeld in lid 2 van dit artikel en na de vrijgave van de goederen als bedoeld in lid 3 van dit artikel.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de ongeldigmaking van de douaneaangifte na de vrijgave van de goederen als bedoeld in lid 3. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 72</TI.ART><STI.ART>Gecentraliseerde vrijmaking</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 4, vastgestelde datum kunnen de douaneautoriteiten een persoon, op diens verzoek, vergunning geven om bij het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats waar hij is gevestigd, een douaneaangifte in te dienen voor goederen die bij een ander douanekantoor bij de douane worden aangebracht.</PARAG><PARAG>Voor de in de eerste alinea bedoelde vereiste vergunning kan ontheffing worden verleend wanneer de douaneaangifte wordt ingediend en de goederen bij de douane worden aangebracht onder de verantwoordelijkheid van één douaneautoriteit.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De aanvrager van de in lid 1 bedoelde vergunning moet een geautoriseerde marktdeelnemer voor douanevereenvoudigingen als bedoeld in artikel 23, lid 1, punt a), zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Het douanekantoor waar de douaneaangifte wordt ingediend:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>houdt toezicht op het plaatsen van de goederen onder de betreffende douaneregeling;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>verricht de douanecontroles voor de verificatie van de douaneaangifte;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>verzoekt in gerechtvaardigde gevallen het douanekantoor waarbij de goederen zijn aangebracht, om bepaalde douanecontroles voor de verificatie van de douaneaangifte te verrichten; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>vervult de douaneformaliteiten voor de invordering van het met een douaneschuld overeenkomende bedrag aan in- of uitvoerrechten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Het douanekantoor waar de douaneaangifte is ingediend en het douanekantoor waar de goederen zijn aangebracht, wisselen de nodige informatie uit voor de verificatie van de douaneaangifte en voor de vrijgave van de goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Het douanekantoor waar de goederen zijn aangebracht, verricht, onverminderd zijn eigen controles met betrekking tot goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten, de in lid 3, punt c), genoemde douanecontroles en verstrekt de resultaten daarvan aan het douanekantoor waar de douaneaangifte is ingediend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Het douanekantoor waar de douaneaangifte is ingediend, geeft de goederen vrij, met inachtneming van:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de resultaten van zijn eigen controles voor de verificatie van de douaneaangifte;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de resultaten van de controles voor de verificatie van de douaneaangifte door het douanekantoor waar de goederen zijn aangebracht, en de controles met betrekking tot goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen of verlaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden voor het verlenen van de vergunning als bedoeld in lid 1, eerste alinea, van dit artikel.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de gecentraliseerde vrijmaking als bedoeld in dit artikel, met inbegrip van de relevante douaneformaliteiten en -controles. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 73</TI.ART><STI.ART>Inschrijving in de administratie van de aangever</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 4, vastgestelde datum kunnen de douaneautoriteiten een persoon, op diens verzoek, vergunning geven om een douaneaangifte, waaronder begrepen een vereenvoudigde aangifte, in te dienen in de vorm van een inschrijving in de administratie van de aangever, op voorwaarde dat de gegevens van die aangifte ter beschikking staan van de douaneautoriteiten in het elektronische systeem van de aangever op het tijdstip waarop de douaneaangifte, in de vorm van een inschrijving in de administratie van de aangever, wordt ingediend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneaangifte wordt geacht te zijn aanvaard op het tijdstip van inschrijving van de goederen in de administratie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen, op verzoek, ontheffing verlenen van de verplichting om de goederen aan te brengen. In dat geval worden de goederen geacht te zijn vrijgegeven op het moment van inschrijving in de administratie.</PARAG><PARAG>Deze ontheffing kan worden toegestaan als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de aangever is een geautoriseerde marktdeelnemer voor douanevereenvoudigingen als bedoeld in artikel 23, lid 1, punt a);</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de aard van de betrokken goederen en de goederenstroom rechtvaardigen dit en zijn bekend bij de douaneautoriteit;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het toezichthoudende douanekantoor heeft toegang tot alle informatie die het nodig acht om zijn recht om de goederen te controleren, te kunnen uitoefenen, mocht dat nodig blijken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>op het moment van de inschrijving in de administratie zijn de goederen niet langer onderworpen aan de andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving, tenzij in de vergunning anders is bepaald.</PARAG><PARAG>Het toezichthoudende douanekantoor kan in specifieke situaties evenwel verzoeken om de goederen aan te brengen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De voorwaarden waaronder de vrijgave van de goederen is toegestaan, worden in de vergunning vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden waaronder de vergunning als bedoeld in lid 1 van dit artikel wordt verleend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de inschrijving in de administratie van de aangever, met inbegrip van de relevante douaneformaliteiten en -controles, en de ontheffing van de verplichting om de goederen aan te brengen als bedoeld in lid 3. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 74</TI.ART><STI.ART>Einde van de geldigheid</STI.ART><PARAG>De vergunningen voor vereenvoudigde aangiften, gecentraliseerde vrijmaking en inschrijving in de administratie van de aangever vervallen op de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 4</TI><STI.GR>Verwijdering van goederen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 75</TI.ART><STI.ART>Verwijdering van goederen</STI.ART><PARAG>Indien goederen om enigerlei reden niet langer in tijdelijke opslag kunnen worden gehouden, nemen de douaneautoriteiten onverwijld alle nodige maatregelen om de goederen te verwijderen overeenkomstig de artikelen 76, 77 en 78.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 76</TI.ART><STI.ART>Vernietiging van goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Indien zij daartoe gegronde redenen hebben, kunnen de douaneautoriteiten de vernietiging van bij de hen aangebrachte goederen eisen. Zij stellen de importeur, exporteur en houder van de goederen daarvan in kennis. De aan de vernietiging verbonden kosten komen ten laste van de importeur of de exporteur.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Wanneer de vernietiging moet worden uitgevoerd onder de verantwoordelijkheid van een houder van een besluit inzake een intellectuele-eigendomsrecht, zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 13, van Verordening (EU) nr. 608/2013 van het Europees Parlement en de Raad<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU) nr. 608/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 inzake de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten door de douane en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1383/2003 van de Raad (PB L 181 van 29.6.2013, blz. 15).</FIELD></FOOTNOTE>, moet de vernietiging worden uitgevoerd door of onder toezicht van de douaneautoriteiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien zij dit noodzakelijk en evenredig achten, kunnen de douaneautoriteiten een product dat niet bij hen is aangebracht en dat een risico voor de gezondheid en veiligheid van eindgebruikers vormt, in beslag nemen en vernietigen of anderszins onbruikbaar maken. De aan die maatregel verbonden kosten komen ten laste van de importeur of de exporteur.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de vernietiging van goederen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 77</TI.ART><STI.ART>Door de douaneautoriteiten te nemen maatregelen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten nemen alle nodige maatregelen, inclusief verbeurdverklaring, verkoop, donatie voor humanitaire doeleinden of vernietiging, voor de verwijdering van goederen in de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien een van de bij de douanewetgeving vastgestelde verplichtingen betreffende het binnenbrengen van niet-Uniegoederen in het douanegebied van de Unie niet is nagekomen of de goederen aan het douanetoezicht zijn onttrokken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien de goederen niet kunnen worden vrijgegeven om een van de volgende redenen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>het onderzoek van de goederen kon niet binnen de door de douaneautoriteiten gestelde termijnen worden aangevangen of voortgezet om redenen die aan de marktdeelnemer te wijten zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>de documenten die moeten worden verstrekt voordat de goederen kunnen worden geplaatst onder of vrijgegeven voor de gevraagde douaneregeling, zijn niet verstrekt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>de invoer- of uitvoerrechten, naargelang van het geval, zijn niet binnen de gestelde termijn betaald of er is binnen die termijn geen zekerheid gesteld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iv)</NO.P>de goederen voldoen niet aan de in artikel 60 vastgestelde voorwaarden voor vrijgave;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien de goederen na de vrijgave niet binnen een redelijke termijn zijn weggevoerd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>indien na de vrijgave blijkt dat de goederen niet aan de voorwaarden voor vrijgave voldeden; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>indien de goederen overeenkomstig artikel 78 aan de staat worden afgestaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Niet-Uniegoederen die aan de staat zijn afgestaan, in beslag zijn genomen of zijn verbeurdverklaard, worden geacht onder de regeling douane-entrepot te zijn geplaatst. Zij worden in de administratie van de beheerder van het douane-entrepot opgenomen, of indien de douaneautoriteiten de beheerder zijn, in de administratie van de douaneautoriteiten.</PARAG><PARAG>Wanneer de douaneautoriteiten al gegevens hebben ontvangen over de goederen die zullen worden vernietigd, aan de staat afgestaan, in beslag genomen of verbeurdverklaard, wordt in de administratie naar die gegevens verwezen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De kosten van de in lid 1 genoemde maatregelen komen ten laste van:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>in het in lid 1, punt a), bedoelde geval, de vervoerder, de importeur, de houder van de regeling douanevervoer of degene die de goederen aan het douanetoezicht heeft onttrokken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>in de in lid 1, punten b), c) en d), bedoelde gevallen, de importeur, de exporteur of de houder van de regeling douanevervoer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>in het in lid 1, punt e), bedoelde geval, de persoon die de goederen aan de staat afstaat.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden en de procedure voor de inbeslagneming van goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de verkoop van goederen door de douaneautoriteiten als bedoeld in lid 1. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 78</TI.ART><STI.ART>Afstand van goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Niet-Uniegoederen en goederen die onder de regeling bijzondere bestemming zijn geplaatst, kunnen met voorafgaande toestemming van de douaneautoriteiten door de houder van de regeling of in voorkomend geval de houder van de goederen aan de staat worden afgestaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor het afstaan van goederen aan de staat. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">TITEL VI</TI><STI.GR>GOEDEREN DIE HET DOUANEGEBIED VAN DE UNIE BINNENKOMEN</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Voorafgaande vrachtinformatie</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 79</TI.ART><STI.ART>Binnenkomst van goederen</STI.ART><PARAG>Goederen mogen het douanegebied van de Unie slechts binnenkomen indien de vervoerder of andere personen de in artikel 80 bedoelde voorafgaande vrachtinformatie aan de bevoegde douaneautoriteiten hebben verstrekt of beschikbaar hebben gesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 80</TI.ART><STI.ART>Voorafgaande vrachtinformatie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Vervoerders die goederen het douanegebied van de Unie binnenbrengen, verstrekken binnen vastgestelde termijnen voorafgaande vrachtinformatie over elke zending, of stellen deze beschikbaar, aan het verwachte douanekantoor van eerste binnenkomst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De voorafgaande vrachtinformatie omvat ten minste de importeur die verantwoordelijk is voor de goederen, de unieke referentie van de zending, de afzender, de geadresseerde, een beschrijving van de goederen, de tariefindeling, de waarde<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, de eindbestemming van de goederen</STRING></STRING>, de gegevens over de route en de aard en identificatie van het vervoermiddel waarmee de goederen worden binnengebracht, en de vervoerskosten. De voorafgaande vrachtinformatie wordt verstrekt voordat de goederen in het douanegebied van de Unie aankomen.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De douaneautoriteiten of de EU-douaneautoriteit kunnen verzoeken om meer informatie in verband met de binnenkomst van goederen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 187]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De importeur kan een deel van de voorafgaande vrachtinformatie verstrekken binnen de overeenkomstig lid 1 vastgestelde termijnen. Wanneer de importeur al een deel van de vereiste voorafgaande vrachtinformatie heeft verstrekt of beschikbaar heeft gesteld, koppelt de vervoerder zijn eigen aanvullende informatie aan de informatie van de importeur.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De importeur wordt ervan in kennis gesteld wanneer een vervoerder informatie over een zending aan zijn eerdere informatie koppelt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>In specifieke gevallen kan, wanneer de leden 1 en 2 bedoelde voorafgaande vrachtinformatie niet bij de vervoerder of de importeur kan worden verkregen, van andere personen die in het bezit van die informatie zijn en over de passende rechten beschikken om deze te verstrekken, worden verlangd dat zij deze verstrekken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Van de in lid 1 vastgestelde verplichting wordt afgezien:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>in het geval van vervoermiddelen en de daarmee vervoerde goederen die uitsluitend door de territoriale wateren of het luchtruim van het douanegebied van de Unie worden vervoerd zonder dat er een tussenstop in dit gebied wordt gemaakt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>in het geval van goederen die het douanegebied van de Unie worden binnengebracht nadat zij dat gebied tijdelijk over zee of door de lucht hebben verlaten en rechtstreeks zijn vervoerd zonder tussenstop buiten het douanegebied van de Unie; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>in andere gevallen die naar behoren worden gerechtvaardigd door het soort goederen of het soort vervoer of die voortvloeien uit verplichtingen uit hoofde van internationale overeenkomsten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het verwachte douanekantoor van eerste binnenkomst als bedoeld in lid 1;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de als voorafgaande vrachtinformatie te verstrekken aanvullende gegevens als bedoeld in lid 2;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de termijnen als bedoeld in de leden 1 en 3;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de specifieke gevallen waarin en de andere personen van wie de verstrekking van voorafgaande vrachtinformatie kan worden verlangd als bedoeld in lid 5;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de gevallen waarin wordt afgezien van de verplichting om voorafgaande vrachtinformatie te verstrekken of beschikbaar te stellen omdat zulks naar behoren wordt gerechtvaardigd door het soort goederen of het soort vervoer als bedoeld in lid 6, punt c);</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>de voorwaarden waaronder een persoon die informatie verstrekt of beschikbaar stelt, de zichtbaarheid van zijn identificatiegegevens kan beperken tot een of meer andere personen die ook gegevens verstrekken, zonder afbreuk te doen aan het gebruik van alle gegevenselementen voor douanetoezicht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor het verstrekken en ontvangen van de voorafgaande vrachtinformatie als bedoeld in de leden 1 tot en met 5. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>Tot de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">datum die is vastgesteld in het overeenkomstig</STRING></STRING><STRING STRIKE="on">in</STRING> artikel <STRING STRIKE="on">265, lid 3</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">29, lid 5, punt b)</STRING></STRING>, vastgestelde <STRING STRIKE="on">datum</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">werkprogramma,</STRING></STRING> wordt <STRING STRIKE="on">de</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een</STRING></STRING> summiere aangifte bij binnenbrengen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> die is ingediend overeenkomstig de voorschriften en gegevensvereisten uit hoofde van Verordening (EU) nr. 952/2013, die van toepassing zijn op de elektronische systemen die de lidstaten en de Commissie overeenkomstig artikel 16, lid 1, van Verordening (EU) nr. 952/2013 hebben ontwikkeld,</STRING></STRING> aangemerkt als de voorafgaande vrachtinformatie.<STRING BOLD="on"> [Am. 188]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 81</TI.ART><STI.ART>Risicoanalyse van voorafgaande vrachtinformatie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onverminderd de in titel XII vastgestelde activiteiten van de EU-douaneautoriteit zorgt het douanekantoor van eerste binnenkomst ervoor dat, binnen specifieke termijnen, een risicoanalyse wordt verricht, voornamelijk voor veiligheidsdoeleinden en, waar mogelijk, ook voor andere doeleinden, op basis van de voorafgaande vrachtinformatie en andere informatie die via de EU-douanedatahub is verstrekt of beschikbaar is gesteld, en neemt het de nodige maatregelen op basis van de resultaten van die risicoanalyse.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Het douanekantoor van eerste binnenkomst kan passende risicobeperkende maatregelen nemen, waaronder:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de vervoerder gelasten de goederen niet te laden of te vervoeren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>om aanvullende informatie of actie verzoeken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>situaties identificeren waarin optreden door een andere douaneautoriteit aangewezen kan zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>aanbevelingen doen in verband met de meest geschikte plaats en maatregelen voor een controle.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de termijnen waarbinnen de risicoanalyse moet worden verricht en de nodige maatregelen moeten worden genomen, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, en houdende de risicobeperkende maatregelen als bedoeld in lid 2 van dit artikel.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum wordt de risicoanalyse verricht op basis van de summiere aangifte bij binnenbrengen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 82</TI.ART><STI.ART>Wijziging en ongeldigmaking van voorafgaande vrachtinformatie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De vervoerder stelt de betrokken douaneautoriteiten in kennis van afwijkingen van de route die in de voorafgaande vrachtinformatie is meegedeeld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De importeur en de vervoerder wijzigen een of meer elementen van de voorafgaande vrachtinformatie wanneer zij er kennis van hebben gekregen dat relevante informatie in hun administratie is gewijzigd of wanneer een douaneautoriteit hen daarom verzoekt of opdracht geeft dit te doen wegens een probleem met betrekking tot de juistheid, volledigheid of kwaliteit van gegevens, tenzij de douaneautoriteiten de vervoerder hebben meegedeeld dat zij voornemens zijn de goederen te onderzoeken of dat zij hebben vastgesteld dat de voorafgaande vrachtinformatie onjuist is, of de goederen al bij de douane zijn aangebracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De vervoerder maakt de voorafgaande vrachtinformatie over goederen die het douanegebied van de Unie niet worden binnengebracht, zo spoedig mogelijk ongeldig. De douaneautoriteiten maken voorafgaande vrachtinformatie over die goederen ongeldig na 200 dagen, te rekenen vanaf de datum waarop de informatie is verstrekt of beschikbaar is gesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor het in lid 2 bedoelde wijzigen van de voorafgaande vrachtinformatie en voor het in lid 3 bedoelde ongeldig maken van de voorafgaande vrachtinformatie. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 83</TI.ART><STI.ART>Kennisgeving van aankomst</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De vervoerder stelt het feitelijke douanekantoor van eerste binnenkomst in kennis van de aankomst van het vervoermiddel dat het douanegebied van de Unie binnenkomt, en van de zendingen daarin.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In specifieke gevallen, wanneer niet alle gegevens over de zendingen van de vervoerder kunnen worden verkregen, kan van een volgende vervoerder of andere personen die over die gegevens en de nodige rechten beschikken om deze te verstrekken, worden verlangd dat zij het feitelijke douanekantoor van eerste binnenkomst in kennis stellen van de aankomst van de zendingen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De informatie over de aankomst van het vervoermiddel en van de zendingen kan aan de douaneautoriteiten worden verstrekt of beschikbaar worden gesteld via andere middelen dan de EU-douanedatahub. In dergelijke gevallen wordt de via deze andere middelen verstrekte of beschikbaar gestelde informatie doorgegeven aan de EU-douanedatahub.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P><STRING STRIKE="on">Wanneer in de in lid 1 bedoelde kennisgeving geen informatie is opgenomen over</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De vervoerder meldt uitsluitend</STRING></STRING> de aankomst van<STRING STRIKE="on"> het vervoermiddel en van de zendingen daarin, meldt de vervoerder de aankomst van de</STRING> goederen die het douanegebied van de Unie over zee of door de lucht <STRING STRIKE="on">zijn</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">worden</STRING></STRING> binnengebracht<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en die aan boord blijven van hetzelfde vervoermiddel, in het douanegebied van</STRING></STRING><STRING STRIKE="on">, in</STRING> de haven of luchthaven waar zij worden gelost of overgeladen.<STRING BOLD="on"> [Am. 189]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>In afwijking van lid 4 geeft de vervoerder geen kennis van goederen die het douanegebied van de Unie binnenkomen en die tijdens de reis worden gelost en opnieuw op hetzelfde vervoermiddel worden geladen teneinde het lossen of laden van andere goederen in diezelfde haven of luchthaven mogelijk te maken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De vervoerder mag in het douanegebied van de Unie geen goederen lossen waarvoor geen minimale voorafgaande vrachtinformatie aan de douane is verstrekt of beschikbaar is gesteld, tenzij de douaneautoriteiten de vervoerder hebben verzocht deze goederen aan te brengen overeenkomstig artikel 85.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>In afwijking van lid 6 kunnen de douaneautoriteiten, in geval van een dreigend gevaar dat de onmiddellijke lossing van alle of een deel van de goederen noodzakelijk maakt, de vervoerder toestaan de goederen te lossen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling van deze verordening vast te stellen houdende de in lid 2 bedoelde specifieke gevallen en de andere personen van wie kan worden verlangd dat zij het feitelijke douanekantoor van eerste binnenkomst in kennis stellen van de aankomst van de zendingen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de in dit artikel bedoelde kennisgeving van aankomst. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Tot de data als bedoeld in het overeenkomstig artikel 29, lid 5, punt b), vastgestelde werkprogramma, zijn een melding van aankomst en een mededeling van aanbrenging bij de douane zoals bedoeld in artikel 85, lid 1, die zijn gedaan overeenkomstig de voorschriften en gegevensvereisten uit hoofde van Verordening (EU) nr. 952/2013, van toepassing op de elektronische systemen die de lidstaten in samenwerking met de Commissie overeenkomstig artikel 16, lid 1, van Verordening (EU) nr. 952/2013 hebben ontwikkeld, en worden deze aangemerkt als kennisgeving van de aankomst van het vervoermiddel respectievelijk van de zendingen daarin.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 190]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 84</TI.ART><STI.ART>Vervoer naar de plaats van bestemming</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De vervoerder die goederen het douanegebied van de Unie binnenbrengt, brengt deze onverwijld, in voorkomend geval via de door de douaneautoriteiten aangegeven route en op de door hen vastgestelde wijze, naar het door de douaneautoriteiten aangewezen douanekantoor of naar enige andere door deze autoriteiten aangewezen of goedgekeurde plaats.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de vervoerder door onvoorziene omstandigheden of door overmacht de in lid 1 bedoelde verplichting niet kan nakomen, stelt hij de douaneautoriteiten onverwijld in kennis van de situatie en van de precieze plaats van de goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten stellen de maatregelen vast die moeten worden genomen om het douanetoezicht op de in lid 1 bedoelde goederen of, in de lid 2 genoemde omstandigheden, op het schip of luchtvaartuig en de zich daarin bevindende goederen mogelijk te maken en om er in voorkomend geval voor te zorgen dat deze goederen vervolgens naar een douanekantoor of een andere door de autoriteiten aangewezen of goedgekeurde plaats of naar een vrije zone worden overgebracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Goederen die een vrije zone worden binnengebracht, worden rechtstreeks die vrije zone binnengebracht, over zee of door de lucht of, indien over land, zonder over een ander deel van het douanegebied van de Unie te worden vervoerd in het geval waar de vrije zone aan de landgrens tussen een lidstaat en een derde land grenst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De douaneautoriteit kan goederen die zich nog buiten het douanegebied van de Unie bevinden, aan douanecontroles onderwerpen op basis van een met het betrokken derde land gesloten overeenkomst. De douaneautoriteiten behandelen deze goederen op dezelfde wijze als goederen die het douanegebied van de Unie worden binnengebracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>In afwijking van de leden 1 en 2 kunnen bijzondere voorschriften van toepassing zijn op in het grensgebied vervoerde goederen of in pijpleidingen of via kabels vervoerde goederen evenals goederenverkeer van verwaarloosbaar economisch belang of goederen die reizigers bij zich dragen, voor zover het douanetoezicht en de mogelijkheden tot douanecontroles hierdoor niet in het gedrang komen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Lid 1 is niet van toepassing op vervoermiddelen en daarmee vervoerde goederen die door de territoriale wateren of het luchtruim van het douanegebied van de Unie worden vervoerd zonder dat er een tussenstop in dit gebied wordt gemaakt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De artikelen 83 en 85 zijn niet van toepassing in gevallen waar Uniegoederen die worden vervoerd zonder wijziging van hun douanestatus overeenkomstig artikel 58, lid 2, het douanegebied van de Unie worden binnengebracht nadat zij dat gebied tijdelijk over zee of door de lucht hebben verlaten en rechtstreeks zijn vervoerd zonder tussenstop buiten het douanegebied van de Unie.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 85</TI.ART><STI.ART>Aanbrengen bij de douane</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Wanneer de douaneautoriteiten of de andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving zulks vereisen, brengt de vervoerder de in het douanegebied van de Unie binnengebrachte goederen bij aankomst aan bij de douane in het aangewezen douanekantoor of op een andere door de douaneautoriteiten aangewezen of goedgekeurde plaats of in de vrije zone.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Onverminderd artikel 80, lid 5, verlangen </STRING></STRING>de douaneautoriteiten<STRING STRIKE="on"> verlangen</STRING> dat de vervoerder de goederen aanbrengt en de in artikel 80 bedoelde voorafgaande vrachtinformatie verstrekt, indien deze informatie nog niet in een eerder stadium is verstrekt.<STRING BOLD="on"> [Am. 191]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Bij de douane aangebrachte goederen mogen niet zonder toestemming van de douaneautoriteiten worden weggevoerd van de plaats waar zij zijn aangebracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden voor de in lid 1 bedoelde aanwijzing en goedkeuring van andere plaatsen dan het aangewezen douanekantoor.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor het in dit artikel bedoelde aanbrengen van goederen bij de douane vast. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 86</TI.ART><STI.ART>Tijdelijke opslag van goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Niet-Uniegoederen bevinden zich in tijdelijke opslag vanaf het moment waarop de vervoerder kennisgeeft van hun aankomst in het douanegebied van de Unie totdat zij onder een douaneregeling worden geplaatst of totdat de douaneautoriteiten hun situatie overeenkomstig lid 6 regulariseren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Goederen die onder de regeling douanevervoer in het douanegebied aankomen, worden in tijdelijke opslag geplaatst nadat zij bij het douanekantoor van bestemming in het douanegebied van de Unie zijn aangebracht overeenkomstig de voorschriften voor de regeling douanevervoer in titel VIII, hoofdstuk 2, totdat zij onder een andere douaneregeling worden geplaatst of totdat de douaneautoriteiten hun situatie overeenkomstig lid 6 regulariseren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Goederen in tijdelijke opslag worden alleen opgeslagen in douane-entrepots of, indien gerechtvaardigd, op andere door de douaneautoriteiten aangewezen of goedgekeurde plaatsen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De beheerder van de tijdelijke opslag of het douane-entrepot bewaart de goederen in tijdelijke opslag zonder dat zij worden gewijzigd of de presentatie of technische kenmerken ervan worden aangepast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Niet-Uniegoederen in tijdelijke opslag worden uiterlijk <STRING STRIKE="on">drie</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">negentig</STRING></STRING> dagen na de kennisgeving van hun aankomst of uiterlijk zes dagen na de kennisgeving van hun aankomst in het geval van een toegelaten geadresseerde als bedoeld in artikel 116, lid 4, punt b), onder een douaneregeling geplaatst, tenzij de douaneautoriteiten eisen dat de goederen worden aangebracht. In uitzonderlijke gevallen kan deze termijn worden verlengd.<STRING BOLD="on"> [Am. 192]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Indien goederen om een naar behoren gerechtvaardigde reden niet langer in tijdelijke opslag kunnen worden gehouden, nemen de douaneautoriteiten onverwijld alle nodige maatregelen om de goederen te verwijderen overeenkomstig hoofdstuk 4 van deze titel.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden voor de in lid 3 van dit artikel bedoelde aanwijzing of goedkeuring van plaatsen en de gevallen waarin de in lid 5 van dit artikel bedoelde termijn kan worden verlengd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Tot de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum wordt de aangifte tot tijdelijke opslag ingediend overeenkomstig de in Verordening (EU) nr. 952/2013 en de daarin vervatte uitvoerings- en gedelegeerde handelingen vastgestelde regels en gegevensvereisten.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 193]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 87</TI.ART><STI.ART>Overgangsbepaling betreffende vergunningen voor het beheer van opslagruimten voor tijdelijke opslag</STI.ART><PARAG>Uiterlijk op de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum herbeoordelen de douaneautoriteiten de vergunningen voor het beheer van opslagruimten voor tijdelijke opslag om na te gaan of aan de houders ervan een vergunning voor douane-entrepots kan worden verleend. Indien dit niet het geval is, worden de vergunningen voor het beheer van opslagruimten voor tijdelijke opslag ingetrokken.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>In het vrije verkeer brengen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 88</TI.ART><STI.ART>Toepassingsgebied en werking</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Niet-Uniegoederen die bestemd zijn om op de markt van de Unie te worden gebracht of bestemd zijn voor particulier gebruik of consumptie binnen het douanegebied van de Unie, worden onder de regeling in het vrije verkeer brengen geplaatst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Het in het vrije verkeer brengen wordt niet aangemerkt als een bewijs van overeenstemming met de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De voorwaarden om goederen onder de regeling in het vrije verkeer brengen te plaatsen, zijn de volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de vereiste gegevens zijn verstrekt of beschikbaar gesteld aan de douaneautoriteiten, waaronder ten minste de voor de goederen verantwoordelijke importeur, de verkoper, de koper, de fabrikant, de leverancier van het product indien deze verschilt van de fabrikant, de verantwoordelijke marktdeelnemer in de Unie overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EU) 2019/1020 en artikel 16 van Verordening (EU) 2023/XXXX<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU) 2023/... van het Europees Parlement en de Raad van .../.../2023 inzake algemene productveiligheid, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1025/2012 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 87/357/EEG van de Raad en Richtlijn 2001/95/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L ...).</FIELD></FOOTNOTE> van het Europees Parlement en de Raad, de waarde, de oorsprong, de tariefindeling en een omschrijving van de goederen, de unieke referentie van de zending en de plaats waar deze zich bevindt, en de lijst van andere relevante wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>alle verschuldigde invoerrechten of overige heffingen, met inbegrip van antidumpingrechten, compenserende rechten of vrijwaringsmaatregelen, zijn betaald of er is zekerheid voor gesteld, tenzij voor de goederen een verzoek tot opneming uit een tariefcontingent is ingediend of de importeur een Trust&amp;Check-ondernemer is;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de goederen zijn aangekomen in het douanegebied van de Unie; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de goederen voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op en tot wijziging van deze verordening vast te stellen houdende de gegevens die aan de douaneautoriteiten moeten worden verstrekt of beschikbaar worden gesteld om goederen onder de regeling in het vrije verkeer brengen te plaatsen als bedoeld in lid 3, punt a), van dit artikel.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 89</TI.ART><STI.ART>Toepassing van handelspolitieke maatregelen op actieve en passieve veredeling</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Indien na actieve veredeling verkregen veredelingsproducten in het vrije verkeer worden gebracht en de berekening van het bedrag van de invoerrechten plaatsvindt overeenkomstig artikel 168, lid 3, gelden de handelspolitieke maatregelen die van toepassing zijn voor het in het vrije verkeer brengen van de onder actieve veredeling geplaatste goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Het eerste lid is niet van toepassing op afval en resten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien na actieve veredeling verkregen veredelingsproducten in het vrije verkeer worden gebracht en de berekening van het bedrag van de invoerrechten plaatsvindt overeenkomstig artikel 167, lid 1, gelden de handelspolitieke maatregelen die op die goederen van toepassing zijn, alleen indien de onder actieve veredeling geplaatste goederen aan dergelijke maatregelen onderworpen zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Handelspolitieke maatregelen zijn niet van toepassing op veredelingsproducten die na passieve veredeling in het vrije verkeer worden gebracht, wanneer:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de veredelingsproducten hun Unie-oorsprong behouden in de zin van artikel 148;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de passieve veredeling een herstelling betreft, met inbegrip van het in artikel 143 bedoelde systeem uitwisselingsverkeer; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>na de passieve veredeling verdere veredeling volgt overeenkomstig artikel 139.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 3</TI><STI.GR>Vrijstelling van invoerrechten</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 90</TI.ART><STI.ART>Toepassingsgebied en werking</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Niet-Uniegoederen die, na oorspronkelijk als Uniegoederen uit het douanegebied van de Unie te zijn uitgevoerd, dit douanegebied binnen drie jaar opnieuw binnenkomen en voor het vrije verkeer worden aangegeven, worden op aanvraag van de belanghebbende van invoerrechten vrijgesteld.</PARAG><PARAG>De eerste alinea is eveneens van toepassing wanneer de terugkerende goederen slechts een deel vertegenwoordigen van de goederen die voordien uit het douanegebied van de Unie werden uitgevoerd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De in lid 1 bedoelde termijn van drie jaar kan worden overschreden om rekening te houden met bijzondere omstandigheden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien de terugkerende goederen vóór hun uitvoer uit het douanegebied van de Unie in het vrije verkeer waren gebracht vrij van rechten dan wel met een verlaagd invoerrecht op grond van hun bijzondere bestemming, wordt de in lid 1 bedoelde vrijstelling slechts verleend indien de goederen voor dezelfde bijzondere bestemming in het vrije verkeer zullen worden gebracht.</PARAG><PARAG>Indien de goederen niet voor dezelfde bijzondere bestemming in het vrije verkeer zullen worden gebracht, wordt het bedrag aan invoerrechten verminderd met het bedrag dat is geïnd op het tijdstip waarop zij voor het eerst in het vrije verkeer werden gebracht. Als dit laatste bedrag hoger is dan het bedrag dat voortvloeit uit het in het vrije verkeer brengen van de terugkerende goederen, wordt geen terugbetaling verleend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Indien Uniegoederen hun douanestatus van Uniegoederen hebben verloren overeenkomstig artikel 57 en vervolgens in het vrije verkeer worden gebracht, zijn de leden 1, 2 en 3 van dit artikel van toepassing.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De vrijstelling van invoerrechten wordt slechts verleend indien de goederen terugkeren in de staat waarin zij werden uitgevoerd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De vrijstelling van invoerrechten wordt ondersteund door informatie waaruit blijkt dat de voorwaarden voor de vrijstelling zijn vervuld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de gevallen waarin goederen worden geacht terug te keren in de staat waarin zij werden uitgevoerd als bedoeld in lid 5 van dit artikel.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de verstrekking van informatie als bedoeld in lid 6 van dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 91</TI.ART><STI.ART>Goederen die in aanmerking kwamen voor maatregelen op grond van het gemeenschappelijk landbouwbeleid</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Er wordt geen vrijstelling van invoerrechten als bepaald in artikel 90 verleend voor goederen die in aanmerking kwamen voor maatregelen op grond van het gemeenschappelijk landbouwbeleid in het kader waarvan zij uit het douanegebied van de Unie zijn uitgevoerd, tenzij in specifieke gevallen anders is bepaald.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de in lid 1 van dit artikel bedoelde specifieke gevallen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 92</TI.ART><STI.ART>Goederen die eerder onder de regeling actieve veredeling waren geplaatst</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Artikel 90 is van toepassing op veredelingsproducten die oorspronkelijk vanuit het douanegebied van de Unie zijn wederuitgevoerd volgend op een regeling actieve veredeling.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de importeur daarom verzoekt en de benodigde gegevens verstrekt, wordt het bedrag aan invoerrechten voor de goederen waarop lid 1 betrekking heeft, vastgesteld overeenkomstig artikel 168, lid 3. De datum van wederuitvoer wordt beschouwd als de datum van het in het vrije verkeer brengen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De in artikel 90 bedoelde vrijstelling van invoerrechten wordt niet verleend voor veredelingsproducten die zijn uitgevoerd overeenkomstig artikel 109, lid 2, punt c), tenzij wordt gegarandeerd dat er geen goederen onder de regeling actieve veredeling worden geplaatst.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 93</TI.ART><STI.ART>Producten van zeevisserij en andere uit de zee gewonnen producten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onverminderd artikel 148, lid 1, geldt een vrijstelling van invoerrechten voor het in het vrije verkeer brengen van:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>visserijproducten en andere producten die in de territoriale zee van een derde land zijn gewonnen door uitsluitend in een lidstaat ingeschreven of geregistreerde schepen die de vlag van deze lidstaat voeren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>producten die zijn verkregen uit de in punt a) bedoelde producten aan boord van fabrieksschepen en die voldoen aan de in dat punt gestelde voorwaarden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De in lid 1 bedoelde vrijstelling van invoerrechten wordt ondersteund door het bewijs dat de in dat lid vastgestelde voorwaarden zijn vervuld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor het verstrekken van het in lid 2 bedoelde bewijs. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel VII</TI><STI.GR>GOEDEREN DIE HET DOUANEGEBIED VAN DE UNIE VERLATEN</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Uitgaan van goederen en uitvoerprocedure</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 94</TI.ART><STI.ART>Uitgaan van goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Goederen mogen het douanegebied van de Unie slechts verlaten indien de exporteur of andere personen de in artikel 95 bedoelde informatie vóór vertrek aan de bevoegde douaneautoriteiten hebben verstrekt of beschikbaar hebben gesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de regels voor de formaliteiten die voorafgaand en bij het uitgaan van goederen moeten worden vervuld. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 95</TI.ART><STI.ART>Informatie vóór vertrek</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Exporteurs die goederen uit het douanegebied van de Unie willen brengen, verstrekken minimale informatie vóór vertrek binnen een specifieke termijn voordat de goederen uit het douanegebied van de Unie worden gebracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Van de in lid 1 bedoelde verplichting wordt afgezien in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>in het geval van vervoermiddelen en de daarmee vervoerde goederen die uitsluitend door de territoriale wateren of het luchtruim van het douanegebied van de Unie worden vervoerd zonder dat er een tussenstop in dit gebied wordt gemaakt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>in andere specifieke gevallen die naar behoren worden gerechtvaardigd door het soort goederen of het soort vervoer of die voortvloeien uit verplichtingen uit hoofde van internationale overeenkomsten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>voor overeenkomstig artikel 58 tijdelijk uit het douanegebied van de Unie vervoerde goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In de in lid 1 bedoelde minimale informatie vóór vertrek wordt vermeld of gaat om:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>Uniegoederen die onder de regeling uitvoer zullen worden geplaatst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>Uniegoederen die onder de regeling passieve veredeling zullen worden geplaatst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>Uniegoederen die het douanegebied van de Unie verlaten na onder de regeling bijzondere bestemming te zijn geplaatst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>Uniegoederen die met vrijstelling van btw of accijns zullen worden geleverd als vliegtuig- of scheepsvoorraden, ongeacht de bestemming van het vliegtuig of het schip, waarvoor een bewijs van levering vereist is;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>Uniegoederen die onder de regeling intern douanevervoer zullen worden geplaatst; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>niet-Uniegoederen die zullen worden uitgevoerd na tijdelijke opslag of na plaatsing onder een douaneregeling.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De vervoerder mag in het douanegebied van de Unie alleen goederen laden waarvoor minimale informatie vóór vertrek is verstrekt of beschikbaar is gesteld aan het douanekantoor van uitgang.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De vervoerder brengt goederen uit het douanegebied van de Unie in dezelfde staat als toen de informatie vóór vertrek werd verstrekt of beschikbaar werd gesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Wanneer de exporteur de informatie vóór vertrek niet heeft verstrekt of de verstrekte informatie vóór vertrek niet overeenstemt met de goederen in kwestie, verstrekt de vervoerder deze informatie binnen een specifieke termijn aan het douanekantoor van uitgang voordat de goederen het douanegebied van de Unie verlaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De nodige elementen van de informatie vóór vertrek worden onmiddellijk aan het douanekantoor van uitgang verstrekt of beschikbaar gesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op of tot wijziging van deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de minimale informatie vóór vertrek die moet worden verstrekt, rekening houdend met de regeling waaronder de goederen zullen worden geplaatst en het feit of de goederen al dan niet Uniegoederen zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de in de leden 1 en 6 bedoelde specifieke termijn waarbinnen de informatie vóór vertrek moet worden verstrekt of beschikbaar worden gesteld voordat de goederen het douanegebied van de Unie verlaten, rekening houdend met het soort vervoer en het vervoermiddel;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de specifieke gevallen waarin wordt afgezien van de verplichting om informatie vóór vertrek te verstrekken of beschikbaar te stellen als bedoeld in lid 2, punt b);</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de bij het uitgaan van de goederen te verstrekken informatie als bedoeld in lid 8.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor het verstrekken en ontvangen van de informatie vóór vertrek en de bevestiging van uitgaan als bedoeld in dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>10.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 3, vastgestelde einddatum worden de summiere aangifte bij uitgaan, de aangifte tot uitvoer, de aangifte tot wederuitvoer en de kennisgeving van wederuitvoer aangemerkt als de informatie vóór vertrek.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 96</TI.ART><STI.ART>Wijziging en ongeldigmaking van de informatie vóór vertrek</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De exporteur of de vervoerder kan een of meerdere elementen van de informatie vóór vertrek wijzigen nadat deze is verstrekt of beschikbaar gesteld.</PARAG><PARAG>Wijziging is niet meer mogelijk na een van de volgende feiten:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de douaneautoriteiten hebben kennisgegeven van hun voornemen om de goederen aan een onderzoek te onderwerpen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de douaneautoriteiten hebben vastgesteld dat een of meer elementen van de informatie onjuist of onvolledig zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de douaneautoriteiten hebben de goederen reeds vrijgegeven voor uitgaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De exporteur of de vervoerder maakt de informatie vóór vertrek over goederen die het douanegebied van de Unie niet verlaten, zo spoedig mogelijk ongeldig. De douaneautoriteiten maken de informatie vóór vertrek over die goederen ongeldig na 150 dagen, te rekenen vanaf de datum waarop de informatie is verstrekt of beschikbaar is gesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor het in lid 1 bedoelde wijzigen van de informatie vóór vertrek en voor het in lid 2 bedoelde ongeldig maken van de informatie vóór vertrek. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 97</TI.ART><STI.ART>Risicoanalyse van de informatie vóór vertrek</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onverminderd de in titel IV vastgestelde activiteiten van de EU-douaneautoriteit zorgt het douanekantoor van uitvoer ervoor dat, binnen een specifieke termijn, een risicoanalyse wordt verricht, voornamelijk voor veiligheidsdoeleinden en, waar mogelijk, ook voor andere doeleinden, op basis van de informatie vóór vertrek en andere informatie die via de EU-douanedatahub is verstrekt of beschikbaar gesteld, en neemt het de nodige maatregelen op basis van de resultaten van die risicoanalyse.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Het douanekantoor dat verantwoordelijk is voor de plaats waar de exporteur is gevestigd, kan passende risicobeperkende maatregelen nemen, waaronder:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de exporteur of de vervoerder gelasten de goederen niet te laden of te vervoeren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>om aanvullende informatie of actie verzoeken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>situaties identificeren waarin optreden door een andere autoriteit aangewezen kan zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>aanbevelingen doen in verband met de meest geschikte plaats en maatregelen voor een controle;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>vaststellen langs welke route en binnen welke termijn de goederen het douanegebied van de Unie moeten verlaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Het douanekantoor van uitgang verricht ook een risicoanalyse wanneer de vervoerder de informatie over de goederen verstrekt overeenkomstig artikel 95, lid 6.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de termijnen waarbinnen een risicoanalyse moet worden verricht en de nodige maatregelen op basis van de resultaten van de risicoanalyse moeten worden genomen, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, en houdende de risicobeperkende maatregelen als bedoeld in lid 2 van dit artikel.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 98</TI.ART><STI.ART>Aanbrengen en bevestiging van uitgaan</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Wanneer de informatie vóór vertrek niet binnen de gestelde termijn is verstrekt of wanneer de douaneautoriteiten of de andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving zulks vereisen, brengt de vervoerder de goederen die het douanegebied van de Unie zullen verlaten, vóór het vertrek aan bij het douanekantoor van uitgang.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De vervoerder bevestigt aan de douaneautoriteiten dat de goederen het douanegebied van de Unie hebben verlaten.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 99</TI.ART><STI.ART>Regeling uitvoer</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Unie- en niet-Uniegoederen die het douanegebied van de Unie zullen verlaten, worden onder de regeling uitvoer geplaatst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De voorwaarden voor het plaatsen van goederen onder de regeling uitvoer zijn de volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de minimale informatie is verstrekt of beschikbaar gesteld aan de douaneautoriteiten, waaronder ten minste de voor de goederen verantwoordelijke exporteur, de verkoper, de koper, de waarde, de oorsprong, de tariefindeling, de omschrijving van de goederen en de plaats waar zij zich bevinden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>alle verschuldigde uitvoerrechten of overige heffingen zijn betaald of er is zekerheid voor gesteld; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de goederen voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Goederen die het douanegebied van de Unie zullen verlaten, worden, indien van toepassing, aan het volgende onderworpen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de terugbetaling of kwijtschelding van invoerrechten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de betaling van restituties bij uitvoer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de formaliteiten krachtens de geldende bepalingen inzake overige heffingen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op en tot wijziging van deze verordening vast te stellen houdende de gegevens die aan de douaneautoriteiten moeten worden verstrekt of beschikbaar worden gesteld voor het plaatsen van goederen onder de regeling uitvoer als bedoeld in lid 2, punt a).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de teruggaaf van de btw aan niet in de Unie gevestigde natuurlijke personen als bedoeld in lid 3, punt b). Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 100</TI.ART><STI.ART>Vrijstelling van uitvoerrechten voor tijdelijk uitgevoerde Uniegoederen</STI.ART><PARAG>Onverminderd artikel 140 komen Uniegoederen die tijdelijk uit het douanegebied van de Unie worden uitgevoerd, in aanmerking voor vrijstelling van uitvoerrechten op voorwaarde van hun wederinvoer.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel VIII</TI><STI.GR>BIJZONDERE REGELINGEN</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Algemene bepalingen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 101</TI.ART><STI.ART>Toepassingsgebied</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Goederen kunnen onder een van de volgende bijzondere regelingen worden geplaatst:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>douanevervoer, dat extern en intern douanevervoer omvat;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>opslag, dat douane-entrepots en vrije zones omvat;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>specifieke bestemming, dat tijdelijke invoer en bijzondere bestemming omvat;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>veredeling, dat actieve en passieve veredeling omvat.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op en tot wijziging van deze verordening vast te stellen houdende de gegevens die aan de douaneautoriteiten moeten worden verstrekt of beschikbaar worden gesteld voor het plaatsen van goederen onder een bijzondere regeling.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 102</TI.ART><STI.ART>Vergunning</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Importeurs of exporteurs die voornemens zijn goederen onder een bijzondere douaneregeling te plaatsen, moeten over een vergunning van de douaneautoriteiten beschikken voor:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het gebruik van de regeling actieve of passieve veredeling, tijdelijke invoer of bijzondere bestemming;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het beheer van een opslagruimte voor opslag in een douane-entrepot, tenzij de opslagruimte wordt beheerd door de douaneautoriteit zelf.</PARAG><PARAG>In de vergunning worden de voorwaarden voor het gebruik van die regelingen of het beheer van die opslagruimten vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Tenzij anders is bepaald, verlenen de douaneautoriteiten de in lid 1 bedoelde vergunning alleen indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de vergunninghouder is gevestigd in het douanegebied van de Unie, tenzij anders is bepaald voor tijdelijke invoer of, in uitzonderlijke gevallen, voor de regeling bijzondere bestemming of actieve veredeling;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de vergunninghouder biedt de nodige waarborgen voor het goede gebruik van de regeling; een Trust&amp;Check-ondernemer wordt geacht aan deze voorwaarde te voldoen, voor zover de activiteit die betrekking heeft op de bijzondere regeling in kwestie in de in artikel 25 bedoelde vergunning is opgenomen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de douaneautoriteiten achtten het nodig dat, wanneer de vergunninghouder geen Trust&amp;Check-ondernemer is, een zekerheid wordt gesteld voor de mogelijke douaneschuld of overige heffingen in verband met de onder de bijzondere regeling geplaatste goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de douaneautoriteiten kunnen douanetoezicht uitoefenen zonder administratieve maatregelen te hoeven nemen die niet in verhouding staan tot de economische behoeften;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>indien de vergunning betrekking heeft op tijdelijke invoer, maakt de vergunninghouder gebruik van de goederen of laat hij deze gebruiken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>indien de vergunning betrekking heeft op de veredelingsregeling, verricht de vergunninghouder veredelingshandelingen verricht of laat hij deze verrichten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>de wezenlijke belangen van producenten in de Unie worden niet geschaad door de vergunning voor een veredelingsregeling (“onderzoek van de economische voorwaarden”).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Tenzij anderszins is gerechtvaardigd door het economische karakter van de veredeling, vragen de vergunningverlenende douaneautoriteiten, om te beoordelen of het verlenen van een vergunning voor een regeling actieve veredeling de wezenlijke belangen van de producenten in de Unie niet schaadt, het advies van de EU-douaneautoriteit voordat zij hun besluit over de vergunning vaststellen, indien:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het invoerrecht dat van toepassing is bij het in het vrije verkeer brengen van de veredelingsproducten, wordt bepaald op basis van de tariefindeling, de douanewaarde, de hoeveelheid, de aard en de oorsprong van de onder de regeling actieve veredeling geplaatste goederen overeenkomstig artikel 168, leden 3 en 4; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>er bewijs voorhanden is dat de wezenlijke belangen van de producenten in de Unie waarschijnlijk zullen worden geschaad. Er wordt geacht zulk bewijs voorhanden te zijn wanneer de goederen die onder de regeling actieve veredeling zullen worden geplaatst, onderworpen zouden zijn aan een landbouwpolitieke maatregel, een voorlopig of definitief antidumpingrecht, een compenserend recht, een vrijwaringsmaatregel of een aanvullend recht dat voortvloeit uit een schorsing van concessies indien zij in het vrije verkeer werden gebracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Om te beoordelen of het verlenen van een vergunning voor een regeling passieve veredeling de wezenlijke belangen van de producenten in de Unie niet schaadt, vragen de douaneautoriteiten, voordat zij hun besluit over de vergunning vaststellen, het advies van de EU-douaneautoriteit wanneer er bewijs voorhanden is dat de wezenlijke belangen van producenten in de Unie van als gevoelig aangemerkte goederen waarschijnlijk zullen worden geschaad en de goederen niet bestemd zijn om te worden hersteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Indien zij daarom overeenkomstig de leden 3 en 4 wordt verzocht, kan de EU-douaneautoriteit tot een van de volgende adviezen komen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het verlenen van de vergunning schaadt de wezenlijke belangen van producenten in de Unie niet;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het verlenen van de vergunning schaadt de wezenlijke belangen van producenten in de Unie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het verlenen van de vergunning voor een naar behoren gemotiveerde en gecontroleerde hoeveelheid goederen, die in het advies wordt bepaald, schaadt de wezenlijke belangen van producenten in de Unie niet.</PARAG><PARAG>Met het advies van de EU-douaneautoriteit wordt rekening gehouden door de vergunningverlenende douaneautoriteiten en door alle andere douaneautoriteiten die met soortgelijke vergunningen te maken hebben. De vergunningverlenende douaneautoriteiten kunnen het advies van de EU-douaneautoriteit naast zich neerleggen mits zij hun besluit dienaangaande motiveren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De vergunning wordt door de vergunningverlenende douaneautoriteiten verstrekt of beschikbaar gesteld in de EU-douanedatahub. Wanneer een vergunning voor een bijzondere regeling commercieel gevoelige informatie bevat, wordt de toegang tot de gegevens ervan beperkt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de uitzonderingen op de in lid 2 vastgestelde voorwaarden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de in lid 3 bedoelde gevallen waarin het economische karakter van de veredeling rechtvaardigt dat de douaneautoriteiten beoordelen of het verlenen van een vergunning voor een regeling actieve veredeling de wezenlijke belangen van de producenten in de Unie niet schaadt, zonder advies van de EU-douaneautoriteit;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de lijst van als gevoelig aangemerkte goederen als bedoeld in lid 4.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de procedureregels voor het verlenen van de vergunning voor de in lid 1 genoemde regelingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de procedureregels voor het uitbrengen van advies door de EU-douaneautoriteit; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de hoeveelheid en de regels voor de controle van het plafond als bedoeld in lid 5.</PARAG><PARAG>Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 1, vastgestelde datum worden de in lid 2, punt f), bedoelde economische voorwaarden onderzocht op het niveau van de Unie door de Commissie. Tot die datum wordt, wanneer naar het advies van de EU-douaneautoriteit uit hoofde van dit hoofdstuk wordt verwezen, geacht te worden verwezen naar het onderzoek op het niveau van de Unie als bedoeld in lid 5 van dit artikel.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 103</TI.ART><STI.ART>Vergunningen met terugwerkende kracht</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten verlenen met terugwerkende kracht een vergunning indien aan alle volgende voorwaarden is voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>er is een bewezen economische behoefte;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de aanvraag houdt geen verband met een poging tot bedrog;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de aanvrager heeft op basis van boekhouding of bescheiden aangetoond dat:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>aan alle procedurevereisten is voldaan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>de goederen, waar nodig, voor de betrokken periode kunnen worden geïdentificeerd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>de procedure kan worden gecontroleerd aan de hand van de boekhouding of bescheiden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>alle formaliteiten om de situatie van de goederen te regulariseren, kunnen worden verricht, zo nodig met inbegrip van de ongeldigmaking van de betrokken voorgaande bescheiden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>aan de aanvrager is geen vergunning met terugwerkende kracht verleend in de afgelopen drie jaar vóór de datum waarop de aanvraag is aanvaard;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>het advies van de EU-douaneautoriteit is niet vereist om te beoordelen of het verlenen van de vergunning de wezenlijke belangen van producenten in de Unie niet zou schaden, behalve wanneer een aanvraag betrekking heeft op de verlenging van een vergunning voor dezelfde soort verrichtingen en goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>de aanvraag heeft geen betrekking op het beheer van een opslagruimte voor opslag in een douane-entrepot;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>indien een aanvraag betrekking heeft op een verlenging van een vergunning voor dezelfde soort verrichtingen en goederen, wordt de aanvraag ingediend binnen drie jaar na het verstrijken van de oorspronkelijke vergunning.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen tevens een vergunning met terugwerkende kracht verlenen indien de goederen die onder een douaneregeling waren geplaatst, niet langer beschikbaar zijn op het moment dat de vergunningsaanvraag was aanvaard.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 104</TI.ART><STI.ART>Administratie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De vergunninghouder, importeur of exporteur en alle personen die zich bezighouden met opslag, be- of verwerking van goederen, of aan- of verkoop van goederen in vrije zones, voeren een passende administratie in een door de douaneautoriteiten goedgekeurde vorm en verstrekken deze administratie of stellen haar beschikbaar in de EU-douanedatahub.</PARAG><PARAG>Aan de hand van de informatie en de gegevens in die administratie moeten de douaneautoriteiten in staat zijn toezicht uit te oefenen op de regeling, met name wat de identificatie, de douanestatus en het vervoer van de onder de regeling geplaatste goederen betreft.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Een Trust&amp;Check-ondernemer wordt geacht aan de in lid 1 vastgestelde verplichting te voldoen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 105</TI.ART><STI.ART>Aanzuivering van een bijzondere regeling</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Behalve voor de regeling douanevervoer en onverminderd het douanetoezicht op de bijzondere bestemming van artikel 135 wordt een bijzondere regeling aangezuiverd indien de onder de regeling geplaatste goederen of de veredelingsproducten onder een volgende douaneregeling worden geplaatst, het douanegebied van de Unie verlaten, vernietigd zijn zonder afvalresten of aan de staat worden afgestaan overeenkomstig artikel 78.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten zuiveren de regeling douanevervoer aan indien zij op grond van een vergelijking van de aan het douanekantoor van vertrek verstrekte of beschikbaar gestelde gegevens met de aan het douanekantoor van bestemming verstrekte of beschikbaar gestelde gegevens kunnen vaststellen dat de regeling naar behoren is beëindigd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten nemen de nodige maatregelen om de situatie te regelen van goederen waarvoor de regeling niet onder de vastgestelde voorwaarden is aangezuiverd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De regeling dient binnen een bepaalde termijn te worden aangezuiverd, tenzij anders is bepaald.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de in lid 4 van dit artikel bedoelde termijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de aanzuivering van een bijzondere regeling als bedoeld in dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 106</TI.ART><STI.ART>Overdracht van rechten en verplichtingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen de houder van een vergunning voor een andere bijzondere regeling dan douanevervoer toestaan zijn rechten en verplichtingen met betrekking tot onder die bijzondere regeling geplaatste goederen geheel of gedeeltelijk over te dragen aan een importeur of exporteur die ook aan de voorwaarden voor de betrokken regeling voldoet.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De vergunninghouder die zijn rechten en verplichtingen overdraagt, stelt de douaneautoriteiten in kennis van de overdracht en van de aanzuivering van de regeling, tenzij de douaneautoriteiten de importeur of exporteur aan wie de rechten en verplichtingen zijn overgedragen, ook vergunning hebben verleend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Wanneer bij de overdracht van rechten en verplichtingen meer dan één lidstaat betrokken is, plegen de douaneautoriteiten die toestemming voor de overdracht verlenen, overleg met de andere betrokken lidstaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de overdracht van de rechten en verplichtingen van de vergunninghouder met betrekking tot goederen die onder een andere bijzondere regeling dan douanevervoer zijn geplaatst. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 107</TI.ART><STI.ART>Overbrenging van goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>In specifieke gevallen kunnen importeurs en exporteurs goederen die onder een andere bijzondere regeling dan douanevervoer of in een vrije zone zijn geplaatst, overbrengen tussen verschillende plaatsen binnen het douanegebied van de Unie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder importeurs en exporteurs goederen kunnen overbrengen als bedoeld in lid 1 van dit artikel.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor het overbrengen van goederen die onder een andere bijzondere regeling dan douanevervoer of in een vrije zone zijn geplaatst als bedoeld in lid 1. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 108</TI.ART><STI.ART>Gebruikelijke behandelingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Goederen die onder een regeling douane-entrepot, onder een veredelingsregeling of in een vrije zone zijn geplaatst, kunnen gebruikelijke behandelingen ondergaan om ze in goede staat te bewaren, de presentatie of handelskwaliteit ervan te verbeteren, of ze klaar te maken voor distributie of wederverkoop.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de gebruikelijke behandelingen als bedoeld in lid 1 van dit artikel.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 109</TI.ART><STI.ART>Equivalente goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Equivalente goederen zijn Uniegoederen die in plaats van de onder een bijzondere regeling geplaatste goederen worden opgeslagen, gebruikt of verwerkt.</PARAG><PARAG>In het kader van de regeling passieve veredeling zijn equivalente goederen niet-Uniegoederen die worden verwerkt in plaats van onder de regeling passieve veredeling geplaatste Uniegoederen.</PARAG><PARAG>Tenzij anders is bepaald, moeten equivalente goederen onder dezelfde achtcijfercode van de gecombineerde nomenclatuur zijn ingedeeld en dezelfde handelskwaliteit en technische kenmerken hebben als de goederen die zij vervangen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Op voorwaarde dat de goede werking van de regeling, met name wat het douanetoezicht betreft, is verzekerd, kunnen de douaneautoriteiten op aanvraag vergunning verlenen voor het volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het gebruik van equivalente goederen onder een regeling douane-entrepot, in een vrije zone, onder een regeling bijzondere bestemming en onder een veredelingsregeling;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>in specifieke gevallen, het gebruik van equivalente goederen onder de regeling tijdelijke invoer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>in geval van de regeling actieve veredeling, de uitvoer van uit equivalente goederen verkregen veredelingsproducten voorafgaand aan de invoer van de goederen die zij vervangen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>in geval van de regeling passieve veredeling, de invoer van uit equivalente goederen verkregen veredelingsproducten voorafgaand aan de uitvoer van de goederen die zij vervangen.</PARAG><PARAG>Een Trust&amp;Check-ondernemer wordt geacht te voldoen aan de voorwaarde dat het goed functioneren van de regeling is verzekerd, voor zover de activiteit in het kader van het gebruik van equivalente goederen voor de betrokken regeling in de in artikel 25 bedoelde vergunning is opgenomen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Het gebruik van equivalente goederen wordt niet toegestaan in de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien uitsluitend gebruikelijke behandelingen als omschreven in artikel 108 worden verricht in het kader van de regeling actieve veredeling;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien er een verbod geldt op terugbetaling of vrijstelling van invoerrechten voor niet-oorsprongsgoederen die worden gebruikt voor de vervaardiging van veredelingsproducten die zich onder de regeling actieve veredeling bevinden en waarvoor een bewijs van oorsprong wordt afgegeven of opgesteld in het kader van een preferentiële regeling tussen de Unie en bepaalde derde landen dan wel groepen van derde landen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien dit zou leiden tot een onbillijk voordeel op het vlak van invoerrechten of waarvoor in Uniewetgeving is voorzien.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>In het in lid 2, punt c), bedoelde geval stelt, indien de veredelingsproducten aan uitvoerrechten zouden zijn onderworpen indien zij niet in het kader van de regeling actieve veredeling werden uitgevoerd, de vergunninghouder een zekerheid voor de betaling van de uitvoerrechten, indien de niet-Uniegoederen niet binnen de in artikel 138, lid 3, gestelde termijn worden ingevoerd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de in lid 1, derde alinea, bedoelde uitzonderingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de voorwaarden waaronder equivalente goederen worden gebruikt overeenkomstig lid 2;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de specifieke gevallen waarin equivalente goederen worden gebruikt in het kader van de regeling tijdelijke invoer als bedoeld in lid 2, punt b);</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de gevallen waarin het gebruik van equivalente goederen niet is toegestaan overeenkomstig lid 3, punt c).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor het gebruik van equivalente goederen, waarvoor overeenkomstig lid 2 een vergunning is verleend. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Douanevervoer</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 1</TI><STI.GR>Algemene regels</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 110</TI.ART><STI.ART>Toepassingsgebied</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Goederen worden bij binnenkomst in het douanegebied onder een regeling douanevervoer geplaatst, tenzij zij al onder een regeling douanevervoer als bepaald in de artikelen 111 en 112 zijn geplaatst of onder een andere douaneregeling worden geplaatst binnen de in artikel 86, lid 4, vastgestelde termijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De houder van de goederen wordt beschouwd als de importeur of de exporteur van de goederen en is aansprakelijk voor de betaling van douanerechten en andere belastingen en heffingen, tenzij de douaneautoriteiten over gegevens van een andere importeur of exporteur beschikken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Onder de regeling Uniedouanevervoer geplaatste goederen blijven onder die regeling totdat zij onder een andere douaneregeling zijn geplaatst.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 111</TI.ART><STI.ART>Extern douanevervoer</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onder de regeling extern douanevervoer kunnen niet-Uniegoederen worden overgebracht tussen twee plaatsen in het douanegebied van de Unie zonder dat zij worden onderworpen aan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>invoerrechten of overige heffingen, met inbegrip van antidumpingrechten, compenserende rechten of vrijwaringsmaatregelen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>handelspolitieke maatregelen, voor zover zij de binnenkomst in of het uitgaan van goederen uit het douanegebied van de Unie niet verbieden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In specifieke gevallen moeten Uniegoederen onder de regeling extern douanevervoer worden geplaatst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Overbrengingen als bedoeld in lid 1 gebeuren op een van de volgende wijzen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>met toepassing van de regeling extern Uniedouanevervoer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>overeenkomstig de TIR-overeenkomst, op voorwaarde dat de overbrenging:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>buiten het douanegebied van de Unie is begonnen of eindigt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>tussen twee plaatsen in het douanegebied van de Unie plaatsvindt, over het grondgebied van een derde land;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>overeenkomstig de ATA-overeenkomst/Overeenkomst van Istanbul wanneer douanevervoer plaatsvindt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>onder geleide van formulier 302 dat is voorgeschreven in het kader van het op 19 juni 1951 te Londen ondertekende Verdrag tussen de staten die partij zijn bij het Noord-Atlantisch Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten, en van EU-formulier 302;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>onder het poststelsel overeenkomstig de voorschriften van de Wereldpostunie (UPU), indien de goederen worden vervoerd door of voor rekening van personen die rechten en verplichtingen hebben op grond van die voorschriften.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de specifieke gevallen waarin Uniegoederen onder de regeling extern douanevervoer moeten worden geplaatst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de toepassing van lid 3, punten b) tot en met e), in het douanegebied van de Unie, rekening houdend met de behoeften van de Unie. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 112</TI.ART><STI.ART>Intern douanevervoer</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onder de regeling intern douanevervoer kunnen, onder de in lid 2 genoemde voorwaarden, Uniegoederen worden overgebracht tussen twee plaatsen in het douanegebied van de Unie, over een derde land, zonder wijziging van hun douanestatus.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Overbrengingen als bedoeld in lid 1 gebeuren op een van de volgende wijzen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>onder de regeling intern Uniedouanevervoer, indien een internationale overeenkomst in deze mogelijkheid voorziet;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>overeenkomstig de TIR-overeenkomst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>overeenkomstig de ATA-overeenkomst/Overeenkomst van Istanbul wanneer douanevervoer plaatsvindt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>onder geleide van formulier 302 dat is voorgeschreven in het kader van het op 19 juni 1951 te Londen ondertekende Verdrag tussen de staten die partij zijn bij het Noord-Atlantisch Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten, en van EU-formulier 302;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>onder het poststelsel overeenkomstig de voorschriften van de Wereldpostunie (UPU), indien de goederen worden vervoerd door of voor rekening van personen die rechten en verplichtingen hebben op grond van die voorschriften.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de toepassing van lid 2, punten b) tot en met e), in het douanegebied van de Unie, rekening houdend met de behoeften van de Unie. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 113</TI.ART><STI.ART>Eén grondgebied voor douanevervoer</STI.ART><PARAG>Wanneer goederen tussen twee plaatsen in het douanegebied van de Unie worden overgebracht overeenkomstig de TIR-overeenkomst, de ATA-overeenkomst/Overeenkomst van Istanbul, onder geleide van formulier 302 of EU-formulier 302, of onder het poststelsel, wordt het douanegebied van de Unie, voor de doeleinden van dat vervoer, als één grondgebied aangemerkt.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 114</TI.ART><STI.ART>Uitsluiting van personen van TIR-operaties</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Wanneer de douaneautoriteiten van een lidstaat op grond van artikel 38 van de TIR-overeenkomst een persoon uitsluiten van TIR-operaties, geldt dat besluit voor het gehele douanegebied van de Unie en worden de door die persoon ingediende TIR-carnets door geen enkel douanekantoor aanvaard.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Een lidstaat deelt zijn in lid 1 bedoelde besluit en de toepassingsdatum ervan mee aan de overige lidstaten en aan de Commissie en de EU-douaneautoriteit.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 115</TI.ART><STI.ART>Toegelaten afzender en toegelaten geadresseerde voor TIR-doeleinden</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen een persoon, op diens verzoek, machtigen (“toegelaten geadresseerde”) om overeenkomstig de TIR-overeenkomst vervoerde goederen te ontvangen op een goedgekeurde plaats zodat de regeling wordt beëindigd overeenkomstig artikel 1, punt d), van de TIR-overeenkomst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen een persoon, op diens verzoek, machtigen (“toegelaten afzender”) om overeenkomstig de TIR-overeenkomst te vervoeren goederen te verzenden vanaf een goedgekeurde plaats zodat de regeling aanvangt overeenkomstig artikel 1, punt c), van de TIR-overeenkomst.</PARAG><PARAG>Voor de toepassing van de eerste alinea mag de toegelaten afzender verzegelingen van een bijzonder model gebruiken overeenkomstig artikel 116, lid 4, punt c).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden voor het verlenen van de vergunning als bedoeld in de leden 1 en 2.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 2</TI><STI.GR>Uniedouanevervoer</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 116</TI.ART><STI.ART>Verplichtingen van de houder van de regeling Uniedouanevervoer en van de vervoerder en de ontvanger van goederen die krachtens de regeling Uniedouanevervoer worden overgebracht</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De houder van de regeling Uniedouanevervoer moet aan alle onderstaande verplichtingen voldoen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>gegevens verstrekken die de douaneautoriteiten in staat stellen toezicht uit te oefenen op de goederen, waaronder ten minste de identificatie van de onder die regeling geplaatste goederen, het vervoermiddel, de importeur of de exporteur, de douanestatus en de overbrengingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de vereiste gegevens en de goederen ongeschonden binnen de gestelde termijn aanbrengen bij het douanekantoor van bestemming met inachtneming van de door de douaneautoriteiten getroffen identificatiemaatregelen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de douanebepalingen betreffende de regeling naleven;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>tenzij anders is bepaald in de douanewetgeving, zekerheid stellen voor de betaling van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten dat overeenkomt met een douaneschuld of overige heffingen die ter zake van de goederen verschuldigd kunnen worden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De houder van de regeling is zijn verplichtingen nagekomen en de regeling douanevervoer is beëindigd, als de onder de regeling geplaatste goederen en de vereiste informatie op het douanekantoor van bestemming beschikbaar zijn overeenkomstig de douanewetgeving.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Een vervoerder of een ontvanger van goederen die goederen aanvaardt in de wetenschap dat deze onder de regeling Uniedouanevervoer zijn geplaatst, is eveneens verplicht deze binnen de gestelde termijn ongeschonden bij het douanekantoor van bestemming aan te brengen met inachtneming van de door de douaneautoriteiten getroffen identificatiemaatregelen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen op aanvraag een vergunning verlenen voor een van de volgende vereenvoudigingen betreffende de plaatsing van goederen onder de regeling Uniedouanevervoer of de aanzuivering van die regeling:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de status van toegelaten afzender, uit hoofde waarvan de vergunninghouder goederen onder de regeling Uniedouanevervoer kan plaatsen zonder die bij de douane aan te brengen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de status van toegelaten geadresseerde, uit hoofde waarvan de vergunninghouder onder de regeling Uniedouanevervoer vervoerde goederen op een goedgekeurde plaats kan ontvangen om de regeling overeenkomstig lid 2 aan te zuiveren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het gebruik van verzegelingen van een bijzonder model, indien verzegeling vereist is voor de identificatie van de onder de regeling Uniedouanevervoer geplaatste goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>het gebruik van een elektronisch vervoersdocument om goederen onder de regeling Uniedouanevervoer te plaatsen, op voorwaarde dat het de vereiste gegevens bevat en beschikbaar is voor het douanekantoor van vertrek en van bestemming, zodat douanetoezicht op de goederen en aanzuivering van de regeling mogelijk zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De douaneautoriteiten verrichten ten minste om de drie jaar een grondige controle van de activiteiten van toegelaten afzenders en geadresseerden om na te gaan of zij aan de vergunningsvereisten voldoen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende nadere bepalingen betreffende de in lid 1, punten a) en b), bedoelde gegevensvereisten en de in lid 4 bedoelde voorwaarden voor vergunningverlening.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de plaatsing van goederen onder de regeling Uniedouanevervoer en de aanzuivering van die regeling;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de werking van de in lid 4 bedoelde vereenvoudigingen.</PARAG><PARAG>Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 117</TI.ART><STI.ART>Goederen die onder de regeling extern Uniedouanevervoer over het grondgebied van een derde land worden vervoerd</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De regeling extern Uniedouanevervoer is van toepassing op goederen die over een derde land worden vervoerd, als aan een van de volgende voorwaarden is voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een internationale overeenkomst voorziet in een dergelijke mogelijkheid;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het vervoer over dat derde land geschiedt onder geleide van één enkel in het douanegebied van de Unie opgesteld vervoersdocument.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In het in lid 1, punt b), bedoelde geval wordt de werking van de regeling extern Uniedouanevervoer geschorst zolang de goederen zich buiten het douanegebied van de Unie bevinden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor het douanetoezicht op goederen die onder de regeling extern Uniedouanevervoer over het grondgebied van een derde land worden vervoerd. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 3</TI><STI.GR>Opslag</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 1</TI><STI.GR>Gemeenschappelijke bepalingen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 118</TI.ART><STI.ART>Toepassingsgebied</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onder een opslagregeling kunnen niet-Uniegoederen in het douanegebied van de Unie worden opgeslagen zonder dat zij worden onderworpen aan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>invoerrechten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>overige heffingen overeenkomstig andere toepasselijke voorschriften;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>handelspolitieke maatregelen, voor zover zij de binnenkomst in of het uitgaan van goederen uit het douanegebied van de Unie niet verbieden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De voorwaarden om goederen onder de regeling opslag te plaatsen, zijn de volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de minimale gegevens zijn verstrekt of beschikbaar gesteld aan de douane, waaronder ten minste de voor de goederen verantwoordelijke importeur, de fabrikant, de waarde, de oorsprong, de tariefindeling en de omschrijving van de goederen en de lijst van relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten op deze goederen wordt toegepast, tenzij anders is bepaald; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het is aangetoond dat </STRING></STRING>de goederen voldoen aan de andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving.<STRING BOLD="on"> [Am. 194]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Uniegoederen kunnen onder de regeling douane-entrepot of vrije zone worden geplaatst overeenkomstig de andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving, of om in aanmerking te komen voor een beschikking tot terugbetaling of kwijtschelding van invoerrechten. Uniegoederen kunnen in een vrije zone of douane-entrepot worden gebracht, opgeslagen, vervoerd, gebruikt, veredeld of verbruikt. In dergelijke gevallen worden de goederen niet geacht zich onder een regeling opslag te bevinden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De importeur plaatst niet-Uniegoederen die in een douane-entrepot of een vrije zone zijn gebracht, onder de passende opslagregeling.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor het plaatsen van Uniegoederen onder de regeling douane-entrepot of de regeling vrije zone als bedoeld in lid 2. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 119</TI.ART><STI.ART>Opslaginformatie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De minimale gegevens die nodig zijn voor de toepassing van de bepalingen betreffende de opslag van de daarin gelegen goederen, met name de in artikel 118, lid 2, punt a), bedoelde gegevens, de douanestatus van de onder de opslagregeling geplaatste goederen en de daaropvolgende overbrengingen van die goederen, <STRING STRIKE="on">worden</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten</STRING></STRING> door de exploitant van een douane-entrepot of een vrije zone aan de douaneautoriteiten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">worden </STRING></STRING>verstrekt of beschikbaar gesteld.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Zodra de in artikel 29 bedoelde functionaliteiten van de EU-douanedatahub volledig operationeel zijn, moet de exploitant deze gegevens beschikbaar stellen via de EU-douanedatahub.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 195]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Wanneer de importeur of de vervoerder de in lid 1 bedoelde informatie al geheel of gedeeltelijk heeft verstrekt of beschikbaar heeft gesteld, koppelt de exploitant van het douane-entrepot of de vrije zone zijn eigen aanvullende informatie aan de informatie van de importeur of vervoerder.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De exploitant mag geen goederen aanvaarden waarvoor de minimale gegevens niet aan de douane zijn verstrekt of beschikbaar zijn gesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de in lid 1 van dit artikel bedoelde minimale gegevens.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 120</TI.ART><STI.ART>Wijziging en ongeldigmaking van opslaginformatie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De exploitant van een douane-entrepot of een vrije zone kan een of meer elementen van de informatie over de goederen in zijn opslagruimte wijzigen nadat deze zijn verstrekt of beschikbaar zijn gesteld, tenzij de douaneautoriteiten de exploitant hebben meegedeeld dat zij voornemens zijn de goederen te onderzoeken of dat zij hebben vastgesteld dat de informatie over de goederen onjuist is.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De importeur, vervoerder of exploitant van het entrepot of de vrije zone maakt de informatie over goederen die het douanegebied van de Unie niet worden binnengebracht, zo spoedig mogelijk ongeldig. De douaneautoriteiten maken de informatie over die goederen ongeldig na 30 dagen, te rekenen vanaf de datum waarop de informatie is verstrekt of beschikbaar is gesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 121</TI.ART><STI.ART>Duur van een opslagregeling</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Goederen kunnen gedurende een onbeperkte periode onder een regeling opslag blijven.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In uitzonderlijke gevallen kunnen de douaneautoriteiten een termijn voor de aanzuivering van een regeling opslag vaststellen, met name wanneer de soort en de aard van de goederen in geval van langdurige opslag een gevaar kunnen vormen voor de gezondheid en het leven van mens, dier of plant, of voor het milieu.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 2</TI><STI.GR>Douane-entrepots</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 122</TI.ART><STI.ART>Opslag in douane-entrepots</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onder de regeling douane-entrepot kunnen niet-Uniegoederen worden opgeslagen in daartoe door de douaneautoriteiten goedgekeurde en onder douanetoezicht staande ruimten of andere locaties (“douane-entrepots”).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douane-entrepots kunnen worden gebruikt door importeurs voor de opslag van goederen (“publiek douane-entrepot”) of door houders van een vergunning douane-entrepot voor de opslag van ingevoerde goederen (“particulier douane-entrepot”).</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 123</TI.ART><STI.ART>Vergunning voor het beheer van douane-entrepots</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Voor het beheer van een douane-entrepot is een vergunning van de douaneautoriteiten vereist, tenzij de exploitant van het douane-entrepot de douaneautoriteit zelf is. In de vergunning worden de voorwaarden voor het beheer van het douane-entrepot vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De in lid 1 bedoelde vergunning wordt uitsluitend verleend aan personen die aan de volgende voorwaarden voldoen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>zij zijn in het douanegebied van de Unie gevestigd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>zij bieden de nodige waarborgen voor het goede gebruik van de regeling;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>een Trust&amp;Check-ondernemer wordt geacht aan deze voorwaarde te voldoen, voor zover het beheer van een douane-entrepot in de in artikel 25 bedoelde vergunning is opgenomen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>zij stellen een zekerheid voor de mogelijke douaneschuld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De in lid 1 bedoelde vergunning wordt slechts verleend indien de douaneautoriteiten douanetoezicht kunnen uitoefenen zonder administratieve maatregelen te hoeven nemen die niet in verhouding staan tot de economische behoeften.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden waaronder de in lid 1 van dit artikel bedoelde vergunning wordt verleend.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 124</TI.ART><STI.ART>Overbrenging van goederen in douane-entrepot</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen een exploitant van een douane-entrepot toestaan om goederen over te brengen onder de volgende voorwaarden:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de vergunning douane-entrepot voorziet in de mogelijkheid om goederen over te brengen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de exploitant van het douane-entrepot is een geautoriseerde marktdeelnemer of Trust&amp;Check-ondernemer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>informatie over de overbrengingen wordt vastgelegd in de administratie van de exploitant en verstrekt of beschikbaar gesteld aan de douaneautoriteiten van vertrek en van aankomst van de goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedure voor de overbrenging van goederen in douane-entrepot als bedoeld in lid 1. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 125</TI.ART><STI.ART>Veredeling in een douane-entrepot</STI.ART><PARAG>Bij een economische behoefte en op voorwaarde dat het douanetoezicht niet wordt gehinderd, kunnen de douaneautoriteiten toestaan dat goederen in een douane-entrepot onder de regeling actieve veredeling of de regeling bijzondere bestemming worden geplaatst om in het douane-entrepot te worden veredeld, met inachtneming van de voor de desbetreffende regeling vastgestelde voorwaarden.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 126</TI.ART><STI.ART>Douanetoezicht</STI.ART><PARAG>De vergunninghouder draagt er zorg voor dat de onder de regeling douane-entrepot geplaatste goederen niet aan het douanetoezicht worden onttrokken.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 3</TI><STI.GR>Vrije zones</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 127</TI.ART><STI.ART>Instelling van vrije zones</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten kunnen in bepaalde delen van het douanegebied van de Unie vrije zones instellen.</PARAG><PARAG>De lidstaten bepalen van elke vrije zone de geografische grenzen en stellen de in- en uitgangen ervan vast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten verstrekken de Commissie informatie over hun vrije zones die in gebruik zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De vrije zones zijn afgesloten.</PARAG><PARAG>De grenzen en de in- en uitgangen van de vrije zones staan onder douanetoezicht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Personen, goederen en vervoermiddelen die een vrije zone binnenkomen of verlaten, kunnen aan douanecontroles worden onderworpen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 128</TI.ART><STI.ART>Gebouwen en activiteiten in vrije zones</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Voor het oprichten van gebouwen in een vrije zone is voorafgaande toestemming van de douaneautoriteiten vereist.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Met inachtneming van de douanewetgeving is in een vrije zone elke industriële, handels- of dienstverlenende activiteit toegestaan. De douaneautoriteiten worden voorafgaand aan de uitoefening van deze activiteiten hiervan in kennis gesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen, rekening houdend met de aard van de goederen dan wel de eisen inzake douanetoezicht of inzake veiligheid, de in lid 2 bedoelde activiteiten verbieden of beperken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen personen die niet de nodige waarborgen bieden voor de naleving van de douanevoorschriften, de uitoefening van een activiteit in een vrije zone verbieden.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 129</TI.ART><STI.ART>Niet-Uniegoederen in vrije zones</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Niet-Uniegoederen kunnen tijdens het verblijf ervan in een vrije zone in het vrije verkeer worden gebracht of onder de regeling actieve veredeling, tijdelijke invoer of bijzondere bestemming worden geplaatst onder de voor die regelingen geldende voorwaarden.</PARAG><PARAG>In dergelijke gevallen worden de goederen geacht zich niet onder de regeling vrije zone te bevinden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Onverminderd de bepalingen die van toepassing zijn op leveringen en bevoorradingsproducten en voor zover de betrokken regeling dit toestaat, vormt lid 1 geen beletsel voor het gebruik of verbruik van goederen die, indien zij in het vrije verkeer werden gebracht of tijdelijk werden ingevoerd, niet aan de toepassing van invoerrechten in het kader van het gemeenschappelijk landbouw- of handelsbeleid of aan maatregelen die het gebruik van die goederen in de Unie verbieden, zouden zijn onderworpen.</PARAG><PARAG>Dergelijk gebruik of verbruik vereist dat de passende informatie aan de douane wordt verstrekt of beschikbaar wordt gesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 130</TI.ART><STI.ART>Goederen uit een vrije zone halen</STI.ART><PARAG>Goederen mogen slechts uit een vrije zone worden gebracht indien zij onder een andere douaneregeling zijn geplaatst.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 131</TI.ART><STI.ART>Douanestatus</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Op aanvraag van de belanghebbende stellen de douaneautoriteiten met betrekking tot de volgende goederen vast dat zij de douanestatus van Uniegoederen hebben:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>Uniegoederen die een vrije zone worden binnengebracht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>Uniegoederen die in een vrije zone zijn veredeld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>goederen die in een vrije zone in het vrije verkeer zijn gebracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Goederen die uit een vrije zone in een ander deel van het douanegebied van de Unie worden binnengebracht of onder een douaneregeling worden geplaatst, worden als niet-Uniegoederen beschouwd tenzij de douanestatus ervan als Uniegoederen is aangetoond.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Voor de toepassing van uitvoerrechten en uitvoercertificaten of van uitvoercontrolemaatregelen in het kader van het gemeenschappelijk landbouw- of handelsbeleid worden deze goederen evenwel als Uniegoederen beschouwd tenzij is vastgesteld dat zij niet de douanestatus van Uniegoederen hebben.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 4</TI><STI.GR>Specifieke bestemming</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 1</TI><STI.GR>Tijdelijke invoer</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 132</TI.ART><STI.ART>Toepassingsgebied</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onder de regeling tijdelijke invoer kan aan voor uitvoer bestemde niet-Uniegoederen in het douanegebied van de Unie een specifieke bestemming worden gegeven, met gehele of gedeeltelijke vrijstelling van invoerrechten, zonder dat zij aan een van de volgende maatregelen onderworpen zijn:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>overige heffingen overeenkomstig andere toepasselijke voorschriften;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>handelspolitieke maatregelen, voor zover zij de binnenkomst in of het uitgaan van goederen uit het douanegebied van de Unie niet verbieden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De regeling tijdelijke invoer mag alleen worden gebruikt indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de goederen zijn niet bestemd om enige wijziging te ondergaan, met uitzondering van de normale waardevermindering ervan door gebruik;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de onder de regeling geplaatste goederen kunnen worden geïdentificeerd, behalve indien het ontbreken van identificatiemaatregelen wegens de aard van de goederen of het voorgenomen gebruik niet tot misbruik van de regeling kan leiden of, in het in artikel 109 bedoelde geval, de naleving van aan equivalente goederen gestelde voorwaarden kan worden gecontroleerd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien vereist, een vergunning is verleend overeenkomstig artikel 102 en de minimale gegevens aan de douane zijn verstrekt of beschikbaar zijn gesteld vóór de vrijgave van de goederen, waaronder ten minste de importeur die verantwoordelijk is voor de goederen, de waarde, de oorsprong, de tariefindeling en een omschrijving van de goederen en het beoogde gebruik ervan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de in de douanewetgeving vastgestelde vereisten voor volledige of gedeeltelijke vrijstelling van rechten zijn vervuld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de goederen zijn aangekomen in het douanegebied van de Unie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het is aangetoond dat </STRING></STRING>de goederen voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast.<STRING BOLD="on"> [Am. 196]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het in lid 1 van dit artikel bedoelde specifieke gebruik;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de voorwaarden voor volledige vrijstelling van invoerrechten als bedoeld in lid 2, punt d), van dit artikel.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 133</TI.ART><STI.ART>Termijn gedurende welke goederen zich onder de regeling tijdelijke invoer mogen bevinden</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten stellen de termijn vast waarbinnen goederen die onder de regeling tijdelijke invoer zijn geplaatst, onder een volgende douaneregeling moeten zijn geplaatst. Deze termijn moet lang genoeg zijn om het doel van het toegestane gebruik te bereiken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De maximale termijn gedurende welke goederen zich voor dezelfde doeleinden en onder de verantwoordelijkheid van dezelfde vergunninghouder onder de regeling tijdelijke invoer mogen bevinden, bedraagt 24 maanden, ook als de regeling werd aangezuiverd door de goederen onder een andere bijzondere regeling te plaatsen en ze vervolgens opnieuw onder de regeling tijdelijke invoer te plaatsen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien in uitzonderlijke omstandigheden het doel van het toegestane gebruik niet kan worden bereikt binnen de in de leden 1 en 2 bedoelde termijnen, kunnen de douaneautoriteiten deze termijnen met een redelijke duur verlengen, indien de importeur een gerechtvaardigde aanvraag daartoe indient.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Behalve in onvoorziene gevallen is de totale termijn gedurende welke goederen zich onder de regeling tijdelijke invoer mogen bevinden, niet langer dan tien jaar.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 134</TI.ART><STI.ART>Bedrag aan invoerrechten bij tijdelijke invoer met gedeeltelijke vrijstelling van invoerrechten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Het bedrag aan invoerrechten voor onder de regeling tijdelijke invoer geplaatste goederen met gedeeltelijke vrijstelling van invoerrechten wordt vastgesteld op 3 % van het bedrag aan invoerrechten dat over die goederen zou zijn geheven indien zij op de datum waarop ze onder de regeling tijdelijke invoer werden geplaatst, in het vrije verkeer zouden zijn gebracht.</PARAG><PARAG>Dit bedrag is verschuldigd per maand of maanddeel dat de goederen zich onder de regeling tijdelijke invoer met gedeeltelijke vrijstelling van invoerrechten hebben bevonden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Het bedrag aan invoerrechten mag niet hoger zijn dan het bedrag dat zou zijn geheven indien de betrokken goederen op de datum waarop zij onder de regeling tijdelijke invoer werden geplaatst, in het vrije verkeer zouden zijn gebracht.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 2</TI><STI.GR>Bijzondere bestemming</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 135</TI.ART><STI.ART>Regeling bijzondere bestemming</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onder de regeling bijzondere bestemming kunnen goederen in het vrije verkeer worden gebracht met vrijstelling van rechten dan wel met een verlaagd recht waarin de Uniewetgeving voorziet, op voorwaarde dat de importeur de goederen een bijzondere bestemming geeft.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De voorwaarden om goederen onder de regeling bijzondere bestemming te plaatsen, zijn de volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>er is, indien vereist, een vergunning verleend overeenkomstig artikel 102;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de minimale gegevens zijn verstrekt of beschikbaar gesteld aan de douane, waaronder ten minste de voor de goederen verantwoordelijke importeur, de verkoper, de koper, de fabrikant, de leverancier van het product indien deze verschilt van de fabrikant, de verantwoordelijke marktdeelnemer in de Unie overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EU) 2019/1020 en artikel 16 van Verordening (EU) 2023/XXXX<FOOTNOTE><FIELD>[PB: gelieve de definitieve referentie in de tekst in te voegen - zie voetnoot 19<STRING STRIKE="on">OP : please insert final reference in the text – see footnote 19</STRING>]</FIELD></FOOTNOTE>, de waarde, de oorsprong, de tariefindeling en een omschrijving van de goederen, de unieke referentie van de zending en de plaats waar deze zich bevindt, en de lijst van andere relevante wetgeving die door de douaneautoriteiten op die goederen wordt toegepast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>alle verschuldigde invoerrechten of overige heffingen, met inbegrip van antidumpingrechten, compenserende rechten of vrijwaringsmaatregelen, zijn betaald of er is zekerheid voor gesteld, tenzij voor de goederen een verzoek tot opneming uit een tariefcontingent is ingediend;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de goederen zijn aangekomen in het douanegebied van de Unie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de goederen voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien de goederen zich in een productiefase bevinden waarin economisch gezien alleen de voorgeschreven bijzondere bestemming mogelijk is, kunnen de douaneautoriteiten in de vergunning de voorwaarden vaststellen waaronder de goederen worden geacht te zijn gebruikt voor de doeleinden die zijn vastgesteld in de Uniewetgeving die in een vrijstelling of een verlaagd invoerrecht voorziet.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Indien goederen geschikt zijn voor herhaald gebruik en de douaneautoriteiten douanetoezicht nodig achten ter voorkoming van misbruik, zal dit toezicht worden voortgezet voor een termijn van niet langer dan twee jaar na de datum van eerste gebruik voor de doeleinden die zijn vastgesteld in de Uniewetgeving die in een vrijstelling of een verlaagd invoerrecht voorziet.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Het douanetoezicht in het kader van de regeling bijzondere bestemming eindigt in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien de goederen zijn gebruikt voor de doeleinden die zijn vastgesteld in de Uniewetgeving die in de vrijstelling of het verlaagde recht voorziet;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien de goederen het douanegebied van de Unie hebben verlaten, of zijn vernietigd of afgestaan aan de staat;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien de goederen zijn gebruikt voor andere doeleinden dan die welke zijn vastgesteld in de Uniewetgeving die in de vrijstelling of het verlaagde recht voorziet, en de toepasselijke invoerrechten zijn betaald.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Indien een opbrengst wordt vereist, is artikel 136 van toepassing op de regeling bijzondere bestemming.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Resten en afvallen die zijn ontstaan tijdens het be- of verwerkingsproces van de goederen overeenkomstig de bijzondere bestemming alsmede verliezen als gevolg van natuurlijke oorzaken worden geacht de bijzondere bestemming te hebben gevolgd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>Resten en afvallen van de vernietiging van onder de regeling bijzondere bestemming geplaatste goederen worden geacht onder de regeling douane-entrepot te zijn geplaatst.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 5</TI><STI.GR>Veredeling</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 1</TI><STI.GR>Algemene bepalingen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 136</TI.ART><STI.ART>Opbrengst</STI.ART><PARAG>Tenzij in specifieke Uniewetgeving een opbrengst is bepaald, stellen de douaneautoriteiten hetzij de opbrengst of de gemiddelde opbrengst van de veredeling vast, hetzij, in voorkomend geval, de wijze waarop deze opbrengst wordt bepaald.</PARAG><PARAG>De opbrengst of gemiddelde opbrengst wordt vastgesteld met inachtneming van de werkelijke omstandigheden waarin de veredeling geschiedt of zal geschieden. Deze opbrengst kan in voorkomend geval overeenkomstig artikel 10 worden aangepast.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 2</TI><STI.GR>Actieve veredeling</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 137</TI.ART><STI.ART>Toepassingsgebied</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onverminderd artikel 109 kunnen niet-Uniegoederen in het douanegebied van de Unie onder de regeling actieve veredeling worden gebruikt bij één of meer veredelingen zonder dat zij worden onderworpen aan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>invoerrechten of overige heffingen, met inbegrip van antidumpingrechten, compenserende rechten of vrijwaringsmaatregelen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>handelspolitieke maatregelen, voor zover zij de binnenkomst in of het uitgaan van goederen uit het douanegebied van de Unie niet verbieden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De voorwaarden om goederen onder de regeling actieve veredeling te plaatsen, zijn de volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>er is, indien vereist, een vergunning verleend overeenkomstig artikel 102 voor een van de in lid 3 van dit artikel bedoelde vormen van gebruik;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de minimale gegevens zijn verstrekt of beschikbaar gesteld aan de douane, waaronder ten minste de voor de goederen verantwoordelijke importeur, de verkoper, de koper, de fabrikant, de waarde, de oorsprong, de tariefindeling en een omschrijving van de goederen en de plaats waar zij zich bevinden, en de lijst van relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de goederen zijn aangekomen in het douanegebied van de Unie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Importeurs kunnen van de regeling actieve veredeling gebruikmaken om:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de goederen die onder de regeling actieve veredeling zullen worden geplaatst, te herstellen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de goederen die onder de regeling actieve veredeling zullen worden geplaatst, te vernietigen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>veredelingsproducten te vervaardigen waarin de onder de regeling actieve veredeling geplaatste goederen kunnen worden geïdentificeerd, onverminderd het gebruik van hulpmiddelen bij de productie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de onder de regeling actieve veredeling geplaatste goederen te bewerken om ze in overeenstemming te brengen met technische vereisten zodat ze in het vrije verkeer kunnen worden gebracht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de onder de regeling actieve veredeling geplaatste goederen aan gebruikelijke behandelingen overeenkomstig artikel 108 te onderwerpen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>veredelingsproducten te vervaardigen met goederen die equivalent zijn aan de onder de regeling actieve veredeling geplaatste goederen, overeenkomstig artikel 109.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 138</TI.ART><STI.ART>Termijn voor aanzuivering</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten stellen overeenkomstig artikel 105 de termijn vast waarbinnen de regeling actieve veredeling moet worden aangezuiverd.</PARAG><PARAG>Deze termijn gaat in op de datum waarop de niet-Uniegoederen onder de regeling zijn geplaatst, en wordt vastgesteld met inachtneming van de tijd die nodig is om de veredeling uit te voeren en de regeling aan te zuiveren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen de krachtens lid 1 vastgestelde termijn met een redelijke duur verlengen indien de vergunninghouder een gerechtvaardigde aanvraag daartoe indient.</PARAG><PARAG>In de vergunning kan worden bepaald dat termijnen die ingaan in de loop van een maand, kwartaal of halfjaar, verstrijken op de laatste dag van een volgende maand respectievelijk van een volgend kwartaal of halfjaar.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In het geval van voorafgaande uitvoer overeenkomstig artikel 109, lid 2, punt c), wordt in de vergunning de termijn bepaald waarbinnen de niet-Uniegoederen voor de regeling actieve veredeling moeten worden aangegeven, met inachtneming van de benodigde tijd voor verwerving en vervoer naar het douanegebied van de Unie.</PARAG><PARAG>De in de eerste alinea bedoelde termijn wordt in maanden uitgedrukt en bedraagt niet meer dan zes maanden. Deze termijn gaat in op de datum van aanvaarding van de aangifte tot uitvoer van de veredelingsproducten die uit de betrokken equivalente goederen zijn verkregen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Op verzoek van de vergunninghouder kan de in lid 3 bedoelde termijn van zes maanden ook na het verstrijken ervan worden verlengd, op voorwaarde dat de totale termijn niet meer bedraagt dan twaalf maanden.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 139</TI.ART><STI.ART>Tijdelijke uitvoer voor verdere veredeling</STI.ART><PARAG>Op aanvraag kunnen de douaneautoriteiten vergunning verlenen om de onder de regeling actieve veredeling geplaatste goederen of de veredelingsproducten, geheel of gedeeltelijk, tijdelijk uit te voeren met het oog op een aanvullende veredeling buiten het douanegebied van de Unie, overeenkomstig de voor de regeling passieve veredeling vastgestelde voorwaarden.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 3</TI><STI.GR>Passieve veredeling</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 140</TI.ART><STI.ART>Toepassingsgebied</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onder de regeling passieve veredeling kunnen Uniegoederen tijdelijk uit het douanegebied van de Unie worden uitgevoerd om te worden veredeld. De uit die goederen voortkomende veredelingsproducten kunnen met gehele of gedeeltelijke vrijstelling van invoerrechten in het vrije verkeer worden gebracht, op verzoek van de vergunninghouder of door ieder ander persoon die in het douanegebied van de Unie is gevestigd, op voorwaarde dat die persoon toestemming heeft van de vergunninghouder en dat aan de voorwaarden voor de vergunning wordt voldaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De voorwaarden om goederen onder de regeling passieve veredeling te plaatsen, zijn de volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>er is, indien vereist, een vergunning verleend overeenkomstig artikel 102 en dit artikel;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de minimale gegevens zijn verstrekt of beschikbaar gesteld aan de douane, waaronder ten minste de voor de goederen verantwoordelijke exporteur, de verkoper, de koper, de waarde, de oorsprong, de tariefindeling en een omschrijving van de goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>alle verschuldigde uitvoerrechten of overige heffingen zijn betaald of er is zekerheid voor gesteld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de goederen voldoen aan de relevante andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten verlenen geen vergunning voor een regeling passieve veredeling voor de volgende Uniegoederen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>goederen waarvan de uitvoer een terugbetaling of kwijtschelding van invoerrechten tot gevolg heeft;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>goederen die, voorafgaand aan de uitvoer, op grond van de bijzondere bestemming ervan met vrijstelling van rechten dan wel met een verlaagd recht in het vrije verkeer zijn gebracht, zolang die bijzondere bestemming nog niet is vervuld, tenzij deze goederen herstellingen moeten ondergaan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>goederen waarvan de uitvoer aanleiding geeft tot de toekenning van restituties bij uitvoer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>goederen waarvoor wegens de uitvoer in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid een ander financieel voordeel dan de in punt c) genoemde restituties wordt toegekend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneautoriteiten stellen de termijn vast waarbinnen tijdelijk uitgevoerde goederen in de vorm van veredelingsproducten opnieuw in het douanegebied van de Unie moeten worden ingevoerd en in het vrije verkeer moeten worden gebracht om in aanmerking te kunnen komen voor gehele of gedeeltelijke vrijstelling van invoerrechten. Zij kunnen deze termijn met een redelijke duur verlengen indien de vergunninghouder een gerechtvaardigde aanvraag daartoe indient.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 141</TI.ART><STI.ART>Gratis herstelde of vervangen goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Indien ten genoegen van de douaneautoriteiten wordt vastgesteld dat de herstelling of vervanging gratis werd verricht, hetzij op grond van een contractuele of wettelijke garantieverplichting dan wel wegens een fabricagefout of een materiaalfout, hetzij omdat de goederen niet voldeden aan de door de koper aan de verkoper gestelde eisen, wordt volledige vrijstelling van invoerrechten verleend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Lid 1 is niet van toepassing wanneer op het tijdstip waarop de betrokken goederen voor het eerst in het vrije verkeer werden gebracht, rekening is gehouden met de fabricagefout of materiaalfout.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 142</TI.ART><STI.ART>Goederen die zijn hersteld of gewijzigd in het kader van internationale overeenkomsten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Er wordt volledige vrijstelling van invoerrechten verleend voor veredelingsproducten die voortkomen uit onder de regeling passieve veredeling geplaatste goederen wanneer ten genoegen van de douaneautoriteiten wordt aangetoond dat:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>die goederen zijn hersteld of gewijzigd in een derde land waarmee de Unie een internationale overeenkomst heeft gesloten die in een dergelijke vrijstelling voorziet; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>aan de voorwaarden voor de vrijstelling van invoerrechten waarin de in punt a) bedoelde overeenkomst voorziet, is voldaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Lid 1 is niet van toepassing op veredelingsproducten die voortkomen uit equivalente goederen als bedoeld in artikel 109, en op vervangende producten als bedoeld in de artikelen 143 en 144.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 143</TI.ART><STI.ART>Systeem uitwisselingsverkeer</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onder het systeem uitwisselingsverkeer kan een ingevoerd goed (“vervangend product”) overeenkomstig de leden 2 tot en met 5 in de plaats treden van een veredelingsproduct.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten staan, op aanvraag, gebruikmaking van het systeem uitwisselingsverkeer toe, indien de veredeling bestaat in de herstelling van andere Uniegoederen die gebreken vertonen dan die welke vallen onder maatregelen in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid of onder specifieke regelingen die op bepaalde door verwerking van landbouwproducten verkregen goederen van toepassing zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De vervangende producten zijn onder dezelfde achtcijfercode van de gecombineerde nomenclatuur ingedeeld en hebben dezelfde handelskwaliteit en technische kenmerken als de gebrekkige goederen indien deze de herstelling hadden ondergaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Indien de gebrekkige goederen voorafgaand aan de uitvoer zijn gebruikt, moeten de vervangende producten eveneens zijn gebruikt.</PARAG><PARAG>De douaneautoriteiten zien evenwel af van de in de eerste alinea gestelde eis indien het vervangende product gratis is geleverd, hetzij op grond van een contractuele of wettelijke garantieverplichting, hetzij wegens een materiaalfout of een fabricagefout.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De bepalingen die van toepassing zouden zijn op de veredelingsproducten, zijn eveneens van toepassing op de vervangende producten.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 144</TI.ART><STI.ART>Voorafgaande invoer van vervangende producten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten staan, op aanvraag van de belanghebbende, toe dat de vervangende producten onder de door hen vastgestelde voorwaarden worden ingevoerd voordat de gebrekkige goederen worden uitgevoerd.</PARAG><PARAG>Bij voorafgaande invoer van een vervangend product dient zekerheid te worden gesteld voor het bedrag aan invoerrechten dat verschuldigd zou zijn indien de gebrekkige goederen niet overeenkomstig lid 2 worden uitgevoerd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De gebrekkige goederen worden uitgevoerd binnen twee maanden na de datum van aanvaarding door de douaneautoriteiten van de aangifte voor het vrije verkeer van de vervangende producten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien in uitzonderlijke omstandigheden de uitvoer van de gebrekkige goederen niet kan geschieden binnen de in lid 2 bedoelde termijn, kunnen de douaneautoriteiten deze termijn met een redelijke duur verlengen indien de vergunninghouder een gerechtvaardigd verzoek daartoe indient.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel IX</TI><STI.GR>TARIEFINDELING, OORSPRONG EN WAARDE VAN GOEDEREN</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Gemeenschappelijk douanetarief en tariefindeling van goederen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 145</TI.ART><STI.ART>Gemeenschappelijk douanetarief en douanesurveillance</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De verschuldigde invoer- en uitvoerrechten zijn gebaseerd op het gemeenschappelijk douanetarief.</PARAG><PARAG>Andere maatregelen die op grond van specifieke Uniebepalingen in het kader van het goederenverkeer zijn vastgesteld, worden, in voorkomend geval, volgens de tariefindeling van deze goederen toegepast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Het gemeenschappelijk douanetarief omvat al het volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de gecombineerde nomenclatuur van goederen als vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 2658/87;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>iedere andere nomenclatuur waarin de gecombineerde nomenclatuur geheel of gedeeltelijk of eventueel met toevoeging van verdere indelingen is overgenomen en die voor de toepassing van tariefmaatregelen in het kader van het goederenverkeer bij specifieke Uniebepalingen is vastgesteld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de conventionele of gewone autonome douanerechten van toepassing op goederen die onder de gecombineerde nomenclatuur vallen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de preferentiële tariefmaatregelen die zijn vervat in overeenkomsten die de Unie met bepaalde derde landen of groepen van derde landen heeft gesloten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de preferentiële tariefmaatregelen die door de Unie ten aanzien van bepaalde derde landen of groepen van derde landen unilateraal zijn vastgesteld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>de autonome maatregelen waarbij voor bepaalde goederen in een verlaging of een vrijstelling van douanerechten is voorzien;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>de gunstige tariefbehandeling voor bepaalde goederen op grond van hun aard of bijzondere bestemming in het kader van de in de punten c) tot en met f) of in punt h) bedoelde maatregelen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>andere maatregelen waarin de landbouw-, handels- of andere wetgeving van de Unie voorziet en die gebaseerd zijn op de tariefindeling van de goederen, met name voorlopige of definitieve antidumpingrechten, compenserende rechten of vrijwaringsmaatregelen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien de betrokken goederen voldoen aan de voorwaarden die in de in lid 2, punten d) tot en met g), vastgestelde maatregelen zijn vervat, kunnen deze maatregelen toepassing vinden in plaats van de in punt c) van dat lid genoemde maatregelen. Dergelijke maatregelen kunnen met terugwerkende kracht toepassing vinden, op voorwaarde dat aan de in de toepasselijke maatregel of in deze verordening vastgestelde termijnen en voorwaarden is voldaan en:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>wat de in de punten d) en e) bedoelde maatregelen betreft, zij in een dergelijke toepassing met terugwerkende kracht voorzien;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>wat de in punt d) vastgestelde maatregelen betreft, het derde land of de groep derde landen ook in een dergelijke toepassing met terugwerkende kracht voorziet.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Indien de toepassing van de in lid 2, punten d) tot en met g), bedoelde maatregelen of de vrijstelling van de in punt h) van dat lid bedoelde maatregelen tot een bepaald invoer- of uitvoervolume wordt beperkt, neemt deze toepassing of vrijstelling, in het geval van tariefcontingenten of andere contingenten, een einde zodra het vastgestelde invoer- of uitvoervolume is bereikt.</PARAG><PARAG>In het geval van tariefplafonds neemt deze toepassing een einde op grond van een rechtshandeling van de Unie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De douaneautoriteiten weigeren de toepassing van de vereenvoudigde tariefbehandeling voor afstandsverkopen wanneer zij op basis van relevante en objectieve gegevens vaststellen dat de afstandsverkoop van uit derde landen ingevoerde goederen bestemd was voor andere personen dan die bedoeld in artikel 14, lid 2, punt a), van de btw-richtlijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie kan het in het vrije verkeer brengen, de uitvoer en de plaatsing van goederen onder bepaalde bijzondere regelingen aan douanesurveillance onderwerpen voor de in artikel 31, lid 4, bedoelde doeleinden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen de maatregelen vast voor het uniforme beheer van de in lid 4 bedoelde tarief- en andere contingenten en tarief- en andere plafonds en voor het beheer van de in lid 6 bedoelde douanesurveillance. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 146</TI.ART><STI.ART>Tariefindeling van goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Voor de toepassing van het gemeenschappelijk douanetarief betekent “tariefindeling” van goederen het vaststellen van één van de onderverdelingen of verdere indelingen van de gecombineerde nomenclatuur waaronder die goederen moeten worden ingedeeld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Voor de toepassing van niet-tarifaire maatregelen betekent “tariefindeling” van goederen het vaststellen van één van de onderverdelingen of verdere indelingen van de gecombineerde nomenclatuur of van enige andere nomenclatuur die bij Uniebesluit is vastgesteld en waarin de gecombineerde nomenclatuur geheel of gedeeltelijk of eventueel met toevoeging van verdere indelingen is overgenomen, waaronder die goederen moeten worden ingedeeld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De overeenkomstig de leden 1 en 2 vastgestelde onderverdeling of verdere indeling wordt gebruikt voor de toepassing van de aan die onderverdeling gekoppelde maatregelen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie kan door middel van uitvoeringshandelingen de tariefindeling van goederen overeenkomstig de leden 1 en 2 vaststellen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG>Om naar behoren gemotiveerde dwingende redenen die verband houden met de noodzaak om onverwijld de juiste en uniforme toepassing van de gecombineerde nomenclatuur te garanderen, stelt de Commissie volgens de in artikel 262, lid 5, bedoelde procedure onmiddellijk toepasselijke uitvoeringshandelingen vast.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Oorsprong van goederen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 147</TI.ART><STI.ART>Niet-preferentiële oorsprong</STI.ART><PARAG>De regels voor de bepaling van de niet-preferentiële oorsprong van goederen in de artikelen 148 en 149 worden gebruikt voor de toepassing van:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het gemeenschappelijk douanetarief, met uitzondering van de in artikel 145, lid 2, punten d) en e), bedoelde maatregelen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>andere maatregelen dan tariefmaatregelen die op grond van specifieke Uniebepalingen in het kader van het goederenverkeer zijn vastgesteld; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>andere Uniemaatregelen met betrekking tot de oorsprong van goederen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 148</TI.ART><STI.ART>Verkrijging van de oorsprong</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Goederen die geheel en al in één enkel land of gebied zijn verkregen, worden geacht van oorsprong uit dat land of gebied te zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Goederen bij de vervaardiging waarvan meer dan één land of gebied betrokken is, worden geacht van oorsprong te zijn uit het land of gebied waar, in een daartoe ingerichte onderneming, de laatste ingrijpende, economisch verantwoorde be- of verwerking heeft plaatsgevonden die hetzij tot de fabricage van een nieuw product heeft geleid, hetzij een belangrijk fabricagestadium vertegenwoordigt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de regels volgens welke overeenkomstig de leden 1 en 2 van dit artikel goederen, waarvan voor de toepassing van de in artikel 147 bedoelde maatregelen van de Unie de niet-preferentiële oorsprong moet worden bepaald, worden geacht geheel en al in één enkel land of gebied te zijn verkregen, of hun laatste ingrijpende, economisch verantwoorde be- of verwerking in een land of een gebied te hebben ondergaan in een daartoe ingerichte onderneming, die hetzij tot de fabricage van een nieuw product heeft geleid, hetzij een belangrijk fabricagestadium vertegenwoordigt.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 149</TI.ART><STI.ART>Bewijs van niet-preferentiële oorsprong</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Wanneer de importeur overeenkomstig de douanewetgeving een oorsprong van de goederen heeft vermeld, kunnen de douaneautoriteiten een bewijs van oorsprong van de goederen verlangen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien een bewijs van oorsprong van de goederen wordt geleverd overeenkomstig de douanewetgeving of andere specifieke Uniewetgeving, kunnen de douaneautoriteiten, in geval van gegronde twijfel, elk aanvullend bewijs verlangen dat noodzakelijk is om te waarborgen dat de vermelding van de oorsprong voldoet aan de regels die bij de desbetreffende Uniewetgeving zijn vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Waar de handelsvoorschriften zulks vereisen, kan in de Unie een document tot bewijs van oorsprong worden afgegeven volgens de oorsprongsregels die van kracht zijn in het land of het gebied van bestemming of een andere methode die aanduidt in welk land de goederen geheel en al zijn verkregen of hun laatste ingrijpende be- of verwerking hebben ondergaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Wanneer de importeur ervoor heeft gekozen de in artikel 156, lid 2, bedoelde vereenvoudigde tariefbehandeling voor afstandsverkopen toe te passen, verlangen de douaneautoriteiten niet dat hij de oorsprong van de goederen aantoont.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor het leveren en controleren van bewijzen van oorsprong vast. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 150</TI.ART><STI.ART>Preferentiële oorsprong van goederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Om voor de in artikel 145, lid 2, punten d) en e), bedoelde maatregelen of voor niet-tarifaire preferentiële maatregelen in aanmerking te komen, moeten goederen voldoen aan de in de leden 2 tot en met 5 van dit artikel bedoelde regels betreffende de preferentiële oorsprong.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Voor goederen die in aanmerking komen voor preferentiële maatregelen in het kader van overeenkomsten die de Unie met bepaalde derde landen of groepen van dergelijke landen heeft gesloten, worden de regels betreffende de preferentiële oorsprong bij die overeenkomsten vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Voor goederen die in aanmerking komen voor preferentiële tariefmaatregelen die unilateraal door de Unie zijn vastgesteld ten aanzien van bepaalde derde landen of groepen van dergelijke landen, behalve die welke in lid 5 worden genoemd, stelt de Commissie overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast houdende regels betreffende de preferentiële oorsprong. Die regels zijn gebaseerd op het criterium dat goederen geheel en al zijn verkregen of op het criterium dat goederen het resultaat zijn van een toereikende be- of verwerking.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Voor goederen die in aanmerking komen voor de in Protocol nr. 2 bij de Toetredingsakte van 1985 opgenomen preferentiële maatregelen die van toepassing zijn op de handel tussen het douanegebied van de Unie en Ceuta en Melilla, worden de regels betreffende de preferentiële oorsprong vastgesteld overeenkomstig artikel 9 van dat protocol.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Voor goederen die in aanmerking komen voor de preferentiële maatregelen in de preferentiële regelingen ten gunste van de met de Unie geassocieerde landen en gebieden overzee, worden de regels betreffende de preferentiële oorsprong vastgesteld overeenkomstig artikel 203 VWEU.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie kan, op eigen initiatief of op verzoek van een begunstigd land of gebied, dat land of gebied voor bepaalde goederen een tijdelijke afwijking toestaan van de in lid 3 bedoelde regels betreffende de preferentiële oorsprong.</PARAG><PARAG>De tijdelijke afwijking wordt gerechtvaardigd door een van de volgende redenen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het begunstigde land of gebied kan door interne of externe factoren tijdelijk niet voldoen aan de regels betreffende de preferentiële oorsprong;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het begunstigde land of gebied heeft een aanpassingsperiode nodig om zich voor te bereiden teneinde aan deze regels te kunnen voldoen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Een verzoek om een afwijking wordt door het betrokken begunstigde land of gebied aan de Commissie gericht. Het verzoek bevat de redenen, zoals opgenomen in de tweede alinea, waarom een afwijking gerechtvaardigd is, samen met passende bewijsstukken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De tijdelijke afwijking geldt zolang de gevolgen van de interne of externe factoren die de aanleiding voor de afwijking vormden, voortduren of gedurende de tijd die het begunstigde land of gebied nodig heeft om aan de regels te kunnen voldoen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>Wanneer een afwijking wordt toegekend, moet het begunstigde land of gebied voldoen aan alle eisen die worden gesteld met betrekking tot aan de Commissie te verstrekken informatie over het gebruik van de afwijking en het beheer van de hoeveelheden waarvoor de afwijking is toegekend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>10.</NO.P>Wanneer de importeur ervoor heeft gekozen de vereenvoudigde tariefbehandeling voor afstandsverkopen toe te passen, komt hij niet in aanmerking voor de in artikel 145, lid 2, punten d) en e), bedoelde maatregelen of voor niet-tarifaire preferentiële maatregelen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>11.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen het volgende vast:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de procedureregels betreffende de preferentiële oorsprong van goederen voor de toepassing van de in lid 1 bedoelde maatregelen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>een maatregel waarbij aan een begunstigd land of gebied de in lid 6 bedoelde tijdelijke afwijking wordt toegestaan.</PARAG><PARAG>Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 151</TI.ART><STI.ART>Bepaling van de oorsprong van specifieke goederen</STI.ART><PARAG>De Commissie kan door middel van uitvoeringshandelingen maatregelen vaststellen om de oorsprong van specifieke goederen te bepalen overeenkomstig de op deze goederen toepasselijke oorsprongsregels. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG>Om dwingende redenen van urgentie die verband houden met dergelijke maatregelen en naar behoren worden gemotiveerd door de noodzaak om onverwijld de juiste en uniforme toepassing van de regels van oorsprong te garanderen, stelt de Commissie volgens de in artikel 262, lid 5, bedoelde procedure onmiddellijk toepasselijke uitvoeringshandelingen vast.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 3</TI><STI.GR>Douanewaarde van goederen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 152</TI.ART><STI.ART>Toepassingsgebied</STI.ART><PARAG>De douanewaarde van goederen met het oog op de toepassing van het gemeenschappelijk douanetarief en van niet-tarifaire maatregelen die bij specifieke Uniebepalingen in het kader van het goederenverkeer zijn vastgesteld, wordt overeenkomstig de artikelen 153 en 157 vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 153</TI.ART><STI.ART>Op de transactiewaarde gebaseerde methode voor de vaststelling van de douanewaarde</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De grondslag voor de douanewaarde van goederen is de transactiewaarde, dat wil zeggen de voor de goederen werkelijk betaalde of te betalen prijs wanneer deze voor uitvoer naar het douanegebied van de Unie worden verkocht, aangepast overeenkomstig de artikelen 154 en 155.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De werkelijk betaalde of te betalen prijs is de totale betaling die door de koper aan de verkoper of door de koper aan een derde ten gunste van de verkoper voor de ingevoerde goederen is of moet worden verricht, en omvat alle betalingen die als voorwaarde voor de verkoop van de ingevoerde goederen zijn of moeten worden verricht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De transactiewaarde is van toepassing mits aan alle van de volgende voorwaarden is voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>er zijn geen beperkingen ten aanzien van de overdracht of het gebruik van de goederen door de koper, behalve in een van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>bij wet of door de autoriteiten in de Unie worden beperkingen opgelegd of voorgeschreven;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>er gelden beperkingen ten aanzien van het geografische gebied waarbinnen de goederen mogen worden doorverkocht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>de douanewaarde van de goederen wordt door de beperkingen niet aanmerkelijk beïnvloed;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de verkoop of de prijs is niet afhankelijk gesteld van enige voorwaarde of prestatie waarvan de waarde met betrekking tot de goederen waarvan de waarde dient te worden bepaald, niet kan worden vastgesteld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>geen enkel deel van de opbrengst van een latere wederverkoop of overdracht of later gebruik van de goederen door de koper zal de verkoper direct of indirect ten goede komen, tenzij een passende correctie kan worden toegepast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>koper en verkoper zijn niet verbonden, of hun verbondenheid is niet van dien aard dat de prijs erdoor wordt beïnvloed.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de vaststelling van de douanewaarde overeenkomstig de leden 1 en 2, met inbegrip van die voor de aanpassing van de werkelijk betaalde of te betalen prijs, en voor de toepassing van de in lid 3 bedoelde voorwaarden. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 154</TI.ART><STI.ART>Elementen van de transactiewaarde</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Voor het vaststellen van de douanewaarde krachtens artikel 153 wordt de voor de ingevoerde goederen werkelijk betaalde of te betalen prijs verhoogd met:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de volgende elementen, voor zover deze ten laste komen van de koper en zij niet begrepen zijn in de werkelijk voor de goederen betaalde of te betalen prijs:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>commissies en courtage, met uitzondering van inkoopcommissies;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>de kosten van verpakkingsmiddelen die voor douanedoeleinden worden geacht een geheel te vormen met de goederen; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>de kosten van het verpakken, waarin zowel het arbeidsloon als het materiaal is begrepen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de op passende wijze toegerekende waarde van de onderstaande goederen en diensten indien deze gratis of tegen verlaagde prijs direct of indirect door de koper worden geleverd om te worden gebruikt bij de voortbrenging en de verkoop voor uitvoer van de ingevoerde goederen, voor zover deze waarde niet in de werkelijk betaalde of te betalen prijs is begrepen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>materialen, samenstellende delen, onderdelen en dergelijke die in de ingevoerde goederen zijn verwerkt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>werktuigen, matrijzen, gietvormen en dergelijke voorwerpen die bij de voortbrenging van de ingevoerde goederen zijn gebruikt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>materialen die bij de voortbrenging van de ingevoerde goederen zijn verbruikt; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iv)</NO.P>engineering, ontwikkeling, werken van kunst, ontwerpen, en tekeningen en schetsen die buiten de Unie zijn verricht of vervaardigd en die noodzakelijk zijn voor de voortbrenging van de ingevoerde goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>royalty's en licentierechten met betrekking tot de goederen waarvan de waarde wordt bepaald, die de koper overeenkomstig de verkoopvoorwaarden direct of indirect moet betalen, voor zover deze royalty's en licentierechten niet in de werkelijk betaalde of te betalen prijs zijn begrepen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de waarde van elk deel van de opbrengst van een latere wederverkoop of overdracht of een later gebruik van de ingevoerde goederen dat de verkoper direct of indirect toekomt; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de volgende kosten tot de plaats waar goederen het douanegebied van de Unie worden binnengebracht:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>de kosten van vervoer en verzekering van de ingevoerde goederen, en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>de met het vervoer verband houdende kosten van het laden en behandelen van de ingevoerde goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Wanneer overeenkomstig lid 1 elementen aan de werkelijk betaalde of te betalen prijs worden toegevoegd, geschiedt zulks enkel op basis van objectieve en kwantificeerbare gegevens.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Ter bepaling van de douanewaarde worden aan de werkelijk betaalde of te betalen prijs geen andere elementen toegevoegd dan die waarin dit artikel voorziet.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de vaststelling van de douanewaarde overeenkomstig dit artikel, met inbegrip van die voor de aanpassing van de werkelijk betaalde of te betalen prijs. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 155</TI.ART><STI.ART>Niet in de douanewaarde te begrijpen elementen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Bij het vaststellen van de douanewaarde volgens artikel 153 worden de volgende elementen niet inbegrepen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de kosten van vervoer van de ingevoerde goederen na binnenkomst ervan in het douanegebied van de Unie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de kosten van constructiewerkzaamheden, installatie, montage, onderhoud of technische bijstand die zijn verricht met betrekking tot de ingevoerde goederen, na binnenkomst ervan in het douanegebied van de Unie, zoals fabrieken, machines of uitrusting;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>te betalen rente uit hoofde van een door de koper in verband met de aankoop van de ingevoerde goederen gesloten financieringsovereenkomst, ongeacht of de financiering door de verkoper of door een andere persoon wordt verstrekt, wanneer die financieringsovereenkomst schriftelijk is en de koper, desgevraagd, kan aantonen dat:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>die goederen werkelijk worden verkocht tegen de prijs die als werkelijk betaalde of te betalen prijs is aangegeven, en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>de gevraagde rentevoet niet hoger is dan hetgeen voor dergelijke transacties gebruikelijk is in het land waar en op het tijdstip waarop de financiering heeft plaatsgevonden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de kosten ter verkrijging van het recht tot verveelvoudiging van de in de Unie ingevoerde goederen; inkoopcommissies;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>invoerrechten of overige heffingen die in de Unie vanwege de invoer of de verkoop van de goederen dienen te worden voldaan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>niettegenstaande artikel 154, lid 1, punt c), door de koper verrichte betalingen ter verkrijging van het recht tot distributie of wederverkoop van de ingevoerde goederen, indien deze betalingen geen voorwaarde zijn voor de verkoop van de goederen voor uitvoer naar de Unie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de vaststelling van de douanewaarde overeenkomstig dit artikel, met inbegrip van die voor de aanpassing van de werkelijk betaalde of te betalen prijs. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 156</TI.ART><STI.ART>Vereenvoudigingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen desgevraagd toestaan dat de volgende bedragen worden bepaald op basis van specifieke criteria wanneer die bedragen niet kwantificeerbaar zijn op de datum waarop de douaneaangifte is aanvaard:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>bedragen die in de douanewaarde moeten worden begrepen overeenkomstig artikel 153, lid 2; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de in de artikelen 154 en 155 bedoelde bedragen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de importeur ervoor heeft gekozen de vereenvoudigde tariefbehandeling voor afstandsverkopen toe te passen, is artikel 155, lid 1, punt a), niet van toepassing en worden zowel de kosten van vervoer van de ingevoerde goederen tot de plaats waar de goederen het douanegebied van de Unie worden binnengebracht als de kosten van vervoer na binnenkomst in dat gebied in de douanewaarde opgenomen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden waaronder de in lid 1 van dit artikel bedoelde vergunning wordt verleend.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 157</TI.ART><STI.ART>Bijkomende methoden voor de vaststelling van de douanewaarde</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Indien de douanewaarde van goederen niet met toepassing van artikel 153 kan worden vastgesteld, wordt achtereenvolgens nagegaan welk van de punten a) tot en met d) van lid 2 van toepassing is en wordt de douanewaarde vastgesteld met toepassing van het eerste punt dat die vaststelling mogelijk maakt.</PARAG><PARAG>De volgorde waarin de punten c) en d) van lid 2 worden toegepast, wordt omgekeerd indien de importeur of de exporteur of, in voorkomend geval, de aangever daarom verzoekt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douanewaarde overeenkomstig lid 1 is:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de transactiewaarde van identieke goederen die voor uitvoer naar het douanegebied van de Unie zijn verkocht en die op hetzelfde of nagenoeg hetzelfde tijdstip zijn uitgevoerd als de goederen waarvan de waarde wordt bepaald;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de transactiewaarde van soortgelijke goederen die voor uitvoer naar het douanegebied van de Unie zijn verkocht en die op hetzelfde of nagenoeg hetzelfde tijdstip zijn uitgevoerd als de goederen waarvan de waarde wordt bepaald;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de waarde gebaseerd op de prijs per eenheid waartegen de ingevoerde goederen of ingevoerde identieke of soortgelijke goederen in het douanegebied van de Unie in de grootste totale hoeveelheid worden verkocht aan personen die niet zijn verbonden met de verkopers; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de berekende waarde, bestaande uit de som van:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>de kosten of de waarde van de materialen en van de vervaardiging of van andere, bij de voortbrenging van de ingevoerde goederen verrichte be- of verwerkingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>een bedrag voor winst en algemene kosten dat overeenkomt met het bedrag dat producenten in het land van uitvoer gewoonlijk incalculeren bij de verkoop voor uitvoer naar de Unie van goederen van dezelfde aard of soort als de goederen waarvan de waarde wordt bepaald;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>de kosten of de waarde van de in artikel 154, lid 1, punt e), genoemde elementen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien de douanewaarde niet met toepassing van lid 1 kan worden vastgesteld, wordt zij aan de hand van in het douanegebied van de Unie beschikbare gegevens vastgesteld met gebruikmaking van redelijke middelen die verenigbaar zijn met de beginselen en de algemene bepalingen van al het volgende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de Overeenkomst inzake de toepassing van artikel VII van de Algemene Overeenkomst inzake tarieven en handel;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>artikel VII van de Algemene Overeenkomst inzake tarieven en handel;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>dit hoofdstuk.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de vaststelling van de in dit artikel bedoelde douanewaarde. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 158</TI.ART><STI.ART>Bepaling van de waarde van goederen in specifieke situaties</STI.ART><PARAG>De Commissie kan door middel van uitvoeringshandelingen maatregelen vaststellen tot vaststelling van de passende methode voor de bepaling van de douanewaarde of criteria die moeten worden gebruikt voor de vaststelling van de douanewaarde van goederen in specifieke situaties. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG>Om dwingende redenen van urgentie die verband houden met dergelijke maatregelen en naar behoren worden gemotiveerd door de noodzaak om onverwijld de juiste en uniforme toepassing van de regels voor de bepaling van de douanewaarde van goederen te garanderen, stelt de Commissie volgens de in artikel 262, lid 5, bedoelde procedure onmiddellijk toepasselijke uitvoeringshandelingen vast.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel X</TI><STI.GR>DOUANESCHULDEN EN ZEKERHEIDSTELLING</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Ontstaan van een douaneschuld</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 1</TI><STI.GR>Douaneschuld bij invoer</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 159</TI.ART><STI.ART>In het vrije verkeer brengen en tijdelijke invoer</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Er ontstaat een douaneschuld ten laste van de importeur op het tijdstip waarop goederen worden vrijgegeven voor de regeling in het vrije verkeer brengen, de regeling bijzondere bestemming of de regeling tijdelijke invoer met gedeeltelijke vrijstelling van invoerrechten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De importeur is de schuldenaar. In geval van indirecte vertegenwoordiging zijn de importeur en de persoon voor wiens rekening de importeur optreedt, beiden zowel schuldenaar als hoofdelijk aansprakelijk voor de douaneschuld.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Die persoon is verantwoordelijk voor de betaling van alle andere toepasselijke heffingen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 197]</STRING></PARAG><PARAG>Indien de gegevens die zijn verstrekt of beschikbaar zijn gesteld voor de in lid 1 bedoelde regelingen, ertoe leiden dat de invoerrechten geheel of gedeeltelijk niet worden geïnd, is de persoon die die gegevens heeft verstrekt en wist, of redelijkerwijze had moeten weten, dat die gegevens onjuist waren, eveneens schuldenaar.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Wanneer titel XII, hoofdstuk 6, afdeling 4, van Richtlijn 2006/112/EG van toepassing is op afstandsverkopen van uit derde landen of gebieden in te voeren goederen aan een <STRING STRIKE="on">afnemer</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">eindafnemer</STRING></STRING> in het douanegebied van de Unie, ontstaat een douaneschuld ten laste van de gelijkgestelde importeur wanneer de betaling voor de afstandsverkoop wordt aanvaard en is hij schuldenaar.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De gelijkgestelde importeur is eveneens verantwoordelijk voor de betaling van alle andere toepasselijke heffingen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 198]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 160</TI.ART><STI.ART>Bijzondere bepalingen betreffende niet-oorsprongsgoederen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Er ontstaat een douaneschuld ten laste van de exporteur op het tijdstip van de vrijgave van de producten voor uitvoer wanneer:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>in een preferentiële regeling tussen de Unie en bepaalde derde landen of groepen van dergelijke landen is bepaald dat de preferentiële tariefbehandeling van producten van oorsprong uit de Unie vereist dat niet-oorsprongsgoederen die bij de vervaardiging ervan worden gebruikt, aan invoerrechten worden onderworpen; en</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>er voor deze producten een bewijs van oorsprong is afgegeven of opgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De exporteur berekent het met de schuld overeenkomende bedrag aan invoerrechten alsof de niet-oorsprongsgoederen die bij de vervaardiging van de uit te voeren producten zijn gebruikt, op dezelfde datum in het vrije verkeer zijn gebracht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In geval van indirecte vertegenwoordiging worden de exporteur en de persoon voor wiens rekening de exporteur optreedt, beiden zowel schuldenaar als hoofdelijk aansprakelijk voor de douaneschuld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 161</TI.ART><STI.ART>Ontstaan van een douaneschuld door niet-naleving</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Ten aanzien van aan invoerrechten onderworpen goederen ontstaat een douaneschuld bij invoer door niet-naleving van:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een van de bij de douanewetgeving vastgestelde verplichtingen betreffende het binnenbrengen van niet-Uniegoederen in het douanegebied van de Unie, de onttrekking van dergelijke goederen aan douanetoezicht, of de overbrenging, veredeling, opslag, tijdelijke opslag, tijdelijke invoer of verwijdering van dergelijke goederen binnen dat douanegebied;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>een van de bij de douanewetgeving vastgestelde verplichtingen betreffende de bijzondere bestemming van goederen binnen het douanegebied van de Unie; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>een van de voorwaarden voor de plaatsing van niet-Uniegoederen onder een douaneregeling of voor de toekenning van een vrijstelling of van een verlaagd invoerrecht op grond van de bijzondere bestemming van de goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Het tijdstip waarop de douaneschuld ontstaat, is:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het ogenblik waarop niet of niet langer wordt voldaan aan de verplichting waarvan de niet-naleving de douaneschuld doet ontstaan, of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het ogenblik waarop goederen onder een douaneregeling worden geplaatst, indien achteraf blijkt dat in feite niet was voldaan aan een voorwaarde voor de plaatsing onder die regeling of de toekenning van een vrijstelling of van een verlaagd invoerrecht op grond van de bijzondere bestemming van de goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In de in lid 1, punten a) en b), bedoelde gevallen is de schuldenaar:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>eenieder die de betrokken verplichtingen diende na te komen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>eenieder die wist of redelijkerwijze had moeten weten dat aan een uit de douanewetgeving voortvloeiende verplichting niet was voldaan en die handelde voor rekening van de persoon die de verplichting diende na te komen, of die deelnam aan de handeling die tot de niet-naleving van de verplichting leidde;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>eenieder die de betrokken goederen heeft verworven of deze onder zich heeft gehad en die op het ogenblik waarop hij de goederen verwierf of ontving, wist of redelijkerwijze had moeten weten dat aan een de uit de douanewetgeving voortvloeiende verplichting niet was voldaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>In de in lid 1, punt c), bedoelde gevallen is de schuldenaar de persoon die dient te voldoen aan de voorwaarden voor de plaatsing van de goederen onder een douaneregeling of voor de toekenning van een vrijstelling of van een verlaagd invoerrecht op grond van de bijzondere bestemming van de goederen.</PARAG><PARAG>Indien aan de douaneautoriteiten gegevens worden verstrekt die vereist zijn krachtens de douanewetgeving betreffende de plaatsing van de goederen onder een douaneregeling, en de invoerrechten ten gevolge daarvan geheel of gedeeltelijk niet worden geïnd, is de persoon die de gegevens heeft verstrekt en die wist, of redelijkerwijze had moeten weten, dat die gegevens onjuist waren, eveneens schuldenaar.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 162</TI.ART><STI.ART>Aftrek van een bedrag aan reeds betaalde invoerrechten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Indien overeenkomstig artikel 161, lid 1, een douaneschuld ontstaat ten aanzien van goederen die in het vrije verkeer zijn gebracht met toepassing van een verlaagd invoerrecht op grond van hun bijzondere bestemming, wordt het bij het in het vrije verkeer brengen betaalde bedrag aan invoerrechten op het met de douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoerrechten in mindering gebracht.</PARAG><PARAG>De eerste alinea is van toepassing wanneer een douaneschuld ontstaat ten aanzien van de resten en afval die het resultaat zijn van de vernietiging van dergelijke goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien overeenkomstig artikel 159, lid 1, of artikel 161, lid 1, een douaneschuld ontstaat ten aanzien van goederen die onder de regeling tijdelijke invoer met gedeeltelijke vrijstelling van invoerrechten zijn geplaatst, wordt het onder de regeling voor de gedeeltelijke vrijstelling betaalde bedrag aan invoerrechten op het met de douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoerrechten in mindering gebracht.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 2</TI><STI.GR>Douaneschuld bij uitvoer</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 163</TI.ART><STI.ART>Uitvoer en passieve veredeling</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Er ontstaat een douaneschuld ten laste van de exporteur op het tijdstip waarop aan uitvoerrechten onderworpen goederen voor de regeling uitvoer of de regeling passieve veredeling worden vrijgegeven.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De exporteur is de schuldenaar. In geval van indirecte vertegenwoordiging worden de exporteur en de persoon voor wiens rekening de exporteur optreedt, beiden zowel schuldenaar als hoofdelijk aansprakelijk voor de douaneschuld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien de gegevens die zijn verstrekt om de goederen onder de regeling uitvoer te plaatsen, ertoe leiden dat de uitvoerrechten geheel of gedeeltelijk niet worden geïnd, is de persoon die de gegevens heeft verstrekt en wist, of redelijkerwijze had moeten weten, dat die gegevens onjuist waren, eveneens schuldenaar.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 164</TI.ART><STI.ART>Ontstaan van een douaneschuld door niet-naleving</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Ten aanzien van aan uitvoerrechten onderworpen goederen ontstaat een douaneschuld bij uitvoer door niet-naleving van:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een van de in de douanewetgeving vastgestelde verplichtingen betreffende het uitgaan van de goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de voorwaarden waarop de goederen het douanegebied van de Unie met gehele of gedeeltelijke vrijstelling van uitvoerrechten mochten verlaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Het tijdstip waarop de douaneschuld ontstaat, is:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het ogenblik waarop de goederen het douanegebied van de Unie daadwerkelijk verlaten zonder dat aan de douaneautoriteiten informatie over die uitvoer wordt verstrekt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het ogenblik waarop de goederen een andere bestemming bereiken dan die op grond waarvan zij het douanegebied van de Unie met gehele of gedeeltelijke vrijstelling van uitvoerrechten mochten verlaten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien de douaneautoriteiten het in punt b) bedoelde ogenblik niet kunnen bepalen, het tijdstip waarop de termijn verstrijkt waarbinnen het bewijs moest worden geleverd dat aan de voorwaarden voor een dergelijke vrijstelling is voldaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In de in lid 1, punt a), bedoelde gevallen is de schuldenaar:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>eenieder die de betrokken verplichtingen diende na te komen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>eenieder die wist of redelijkerwijze had moeten weten dat aan de betrokken verplichting niet was voldaan en die handelde voor rekening van de persoon die de verplichting diende na te komen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>eenieder die heeft deelgenomen aan de handeling die tot de niet-naleving van de verplichting leidde, en die wist of redelijkerwijze had moeten weten dat de vereiste gegevens niet waren verstrekt of dat er, in voorkomend geval, geen douaneaangifte was ingediend, hoewel een dergelijke aangifte wel had moeten worden ingediend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>In de in lid 1, punt b), genoemde gevallen is eenieder die moet voldoen aan de voorwaarden waaronder de goederen het douanegebied van de Unie met gehele of gedeeltelijke vrijstelling van uitvoerrechten mochten verlaten, schuldenaar.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 3</TI><STI.GR>Gemeenschappelijke bepalingen voor douaneschuld bij invoer en bij uitvoer</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 165</TI.ART><STI.ART>Douaneschuld in geval van verboden en beperkingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneschuld bij invoer of uitvoer ontstaat ook ten aanzien van goederen die aan enige andere door de douaneautoriteiten bij invoer of uitvoer toegepaste wetgeving zijn onderworpen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Er ontstaat evenwel geen douaneschuld:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>bij het op illegale wijze binnenbrengen in het douanegebied van de Unie van vals geld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>bij het binnenbrengen in het douanegebied van de Unie van verdovende middelen en psychotrope stoffen, tenzij die welke streng gecontroleerd worden door de bevoegde autoriteiten met het oog op hun gebruik voor medische en wetenschappelijke doeleinden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Voor de toepassing van sancties op douaneovertredingen wordt de douaneschuld niettemin geacht te zijn ontstaan indien deze verordening of de wetgeving van een lidstaat bepaalt dat invoer- of uitvoerrechten of het bestaan van een douaneschuld als grondslag dienen voor de vaststelling van sancties.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 166</TI.ART><STI.ART>Meerdere schuldenaren</STI.ART><PARAG>Indien meerdere personen gehouden zijn tot betaling van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten dat overeenkomt met één douaneschuld, zijn zij hoofdelijk aansprakelijk tot betaling van dat bedrag.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 167</TI.ART><STI.ART>Algemene regels voor de berekening van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten wordt vastgesteld op basis van de tariefindeling, douanewaarde, hoeveelheid, aard en oorsprong van de goederen. De regels voor de berekening van de rechten zijn die welke op de betrokken goederen van toepassing zijn op het tijdstip waarop de desbetreffende douaneschuld is ontstaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien het tijdstip waarop de douaneschuld is ontstaan, niet nauwkeurig kan worden bepaald, wordt dat tijdstip geacht het tijdstip te zijn waarop de douaneautoriteiten vaststellen dat de goederen zich in een situatie bevinden die een douaneschuld heeft doen ontstaan.</PARAG><PARAG>Indien uit de gegevens waarover de douaneautoriteiten beschikken, evenwel blijkt dat de douaneschuld vroeger is ontstaan dan op het tijdstip waarop zij tot die vaststelling kwamen, wordt de douaneschuld geacht te zijn ontstaan op het vroegste tijdstip waarop het bestaan van die situatie kan worden vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de in dit artikel bedoelde regels voor de berekening van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten dat van toepassing is op goederen waarvoor in het kader van een bijzondere regeling een douaneschuld is ontstaan.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 168</TI.ART><STI.ART>Bijzondere regels voor de berekening van het bedrag aan invoerrechten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Indien voor onder een douaneregeling of in tijdelijke opslag geplaatste goederen in het douanegebied van de Unie kosten voor opslag of gebruikelijke behandelingen zijn ontstaan, worden deze kosten of de waardevermeerdering niet in aanmerking genomen voor de berekening van het bedrag aan invoerrechten voor zover de importeur of de exporteur of, in voorkomend geval, de aangever afdoende bewijs van het bestaan van die kosten levert.</PARAG><PARAG>De douanewaarde, hoeveelheid, aard en oorsprong van niet-Uniegoederen die bij de behandelingen zijn gebruikt, worden echter wel in aanmerking genomen voor de berekening van het bedrag aan invoerrechten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de tariefindeling van onder een douaneregeling geplaatste goederen verandert als gevolg van gebruikelijke behandelingen in het douanegebied van de Unie, wordt op verzoek van de importeur of, in voorkomend geval, de aangever de oorspronkelijke tariefindeling voor de onder deze regeling geplaatste goederen toegepast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien een douaneschuld is ontstaan voor veredelingsproducten die zijn voortgebracht in het kader van de regeling actieve veredeling, wordt het met die schuld overeenkomende bedrag aan invoerrechten op verzoek van de importeur vastgesteld op basis van de tariefindeling, douanewaarde, hoeveelheid, aard en oorsprong van de onder de regeling actieve veredeling geplaatste goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Indien de veredelingsproducten zijn voortgebracht in het kader van opeenvolgende regelingen actieve veredeling, kan de importeur alleen verzoeken dat de schuld wordt vastgesteld op basis van de tariefindeling, douanewaarde, hoeveelheid, aard en oorsprong van de onder de eerste regeling actieve veredeling geplaatste goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>In specifieke gevallen wordt het bedrag aan invoerrechten vastgesteld overeenkomstig de leden 2, 3 en 4 van dit artikel zonder een daartoe strekkend verzoek van de importeur of de exporteur of, in voorkomend geval, de aangever, teneinde ontduiking van tariefmaatregelen als bedoeld in artikel 145, lid 2, punt h), te voorkomen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Indien een douaneschuld is ontstaan voor veredelingsproducten die zijn voortgebracht in het kader van de regeling passieve veredeling, of voor vervangende producten als bedoeld in artikel 143, lid 1, wordt het bedrag aan invoerrechten berekend op basis van de kosten van de buiten het douanegebied van de Unie verrichte veredeling.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Indien een douaneschuld is ontstaan overeenkomstig artikel 161 of artikel 164 van deze verordening, is ook het volgende van toepassing, mits het verzuim dat tot het ontstaan van een douaneschuld heeft geleid, geen poging tot bedrog inhield:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de gunstige tariefbehandeling van goederen op grond van de douanewetgeving; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de ontheffing of gehele of gedeeltelijke vrijstelling van invoer- of uitvoerrechten op grond van artikel 145, lid 2, punten d), e), f) en g), of de artikelen 90, 91, 92 en 93, of de artikelen 140, 141, 142, 143 en 144; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de vrijstelling op grond van Verordening (EG) nr. 1186/2009.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de in dit artikel bedoelde regels voor de berekening van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten dat van toepassing is op goederen waarvoor in het kader van een bijzondere regeling een douaneschuld is ontstaan, en de in lid 5 bedoelde specifieke gevallen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 169</TI.ART><STI.ART>Plaats waar de douaneschuld ontstaat</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Een douaneschuld ontstaat op de plaats waar de importeur of exporteur is gevestigd.</PARAG><PARAG>In afwijking van de eerste alinea ontstaat de douaneschuld ten aanzien van importeurs en exporteurs die geen Trust&amp;Check-ondernemer zijn en ten aanzien van gelijkgestelde importeurs op de plaats waar de douaneaangifte overeenkomstig artikel 63, lid 4, is ingediend of zou zijn ingediend, afgezien van de in artikel 63, lid 2, bedoelde wijziging met betrekking tot de wijze van informatieverstrekking.</PARAG><PARAG>In alle andere gevallen ontstaat de douaneschuld op de plaats waar de feiten zich voordoen die tot het ontstaan van deze schuld leiden.</PARAG><PARAG>Indien deze plaats niet kan worden bepaald, ontstaat de douaneschuld op de plaats waar de douaneautoriteiten vaststellen dat de goederen zich in een situatie bevinden die tot het ontstaan van een douaneschuld heeft geleid.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de goederen zich onder een niet-aangezuiverde douaneregeling bevinden of de tijdelijke opslag niet naar behoren is beëindigd en de plaats waar de douaneschuld ontstaat, niet overeenkomstig lid 1, tweede of derde alinea, binnen een specifieke termijn kan worden vastgesteld, ontstaat de douaneschuld op de plaats waar de goederen onder de betrokken regeling zijn geplaatst dan wel het douanegebied van de Unie onder deze regeling zijn binnengekomen of in tijdelijke opslag waren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien uit de gegevens waarover de douaneautoriteiten beschikken, blijkt dat de douaneschuld op verschillende plaatsen kan zijn ontstaan, wordt de douaneschuld geacht te zijn ontstaan op de plaats waar deze schuld het eerst is ontstaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Indien een douaneautoriteit vaststelt dat krachtens artikel 161 of artikel 164 in een andere lidstaat een douaneschuld is ontstaan en het met die schuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten lager is dan 10 000 EUR, wordt deze geacht te zijn ontstaan in de lidstaat waarin het ontstaan van die douaneschuld is vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de in lid 2 bedoelde termijnen.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Zekerheidstelling voor een mogelijke of bestaande douaneschuld</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 170</TI.ART><STI.ART>Algemene bepalingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Tenzij anders bepaald, is dit hoofdstuk van toepassing op zekerheidstelling voor douaneschulden die reeds zijn ontstaan maar waarvan de betaling is uitgesteld (“bestaande douaneschulden”), en op zekerheidstelling die vereist is wanneer een douaneschuld kan ontstaan (“mogelijke douaneschulden”).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de douaneautoriteiten eisen dat een zekerheid wordt gesteld voor een mogelijke of bestaande douaneschuld, dekt deze zekerheid het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten en de in verband met de in- of uitvoer van de goederen verschuldigde overige heffingen indien:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de zekerheid wordt gebruikt voor de plaatsing van goederen onder de regeling Uniedouanevervoer; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de zekerheid in meer dan één lidstaat kan worden gebruikt.</PARAG><PARAG>Een door de douaneautoriteiten aanvaarde of toegestane zekerheid is geldig voor het hele douanegebied van de Unie voor de doeleinden waarvoor zij is gesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De zekerheid wordt gesteld door de schuldenaar of de persoon die schuldenaar kan worden of, indien de douaneautoriteiten dit toestaan, door enige andere persoon.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Onverminderd artikel 178 eisen de douaneautoriteiten voor bepaalde goederen slechts één zekerheidstelling.</PARAG><PARAG>De voor bepaalde goederen gestelde zekerheid geldt voor het met de douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen ten aanzien van deze goederen, ongeacht of de over deze goederen verstrekte of beschikbaar gestelde gegevens juist zijn.</PARAG><PARAG>Indien de zekerheidstelling niet is vrijgegeven, kan zij ook worden gebruikt, binnen de grenzen van het bedrag waarvoor zekerheid is gesteld, voor de invordering van bedragen aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen die verschuldigd worden bij een controle achteraf.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Op aanvraag van de in lid 3 bedoelde persoon kunnen de douaneautoriteiten overeenkomstig artikel 176, leden 1 en 2, toestaan dat een doorlopende zekerheid wordt gesteld ter dekking van het met de douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten voor twee of meer handelingen of douaneregelingen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De douaneautoriteiten houden toezicht op de zekerheid.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Er wordt geen zekerheid geëist in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>van staten, regionale en plaatselijke overheidsinstanties of andere publiekrechtelijke lichamen in verband met de activiteiten die zij als overheid uitoefenen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>voor goederen vervoerd over de Rijn, de vaarwegen van de Rijn, de Donau of de vaarwegen van de Donau;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>voor goederen vervoerd via een vaste transportinrichting;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>in specifieke gevallen waarin de goederen onder de regeling tijdelijke invoer zijn geplaatst;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>voor goederen die over zee of door de lucht worden vervoerd tussen havens in de Unie of tussen luchthavens in de Unie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen afzien van de eis tot zekerheidstelling indien het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten waarvoor zekerheid moet worden gesteld, de statistische waardedrempel van 1 000 EUR niet overschrijdt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de specifieke gevallen waarin geen zekerheid moet worden gesteld voor onder de regeling tijdelijke invoer geplaatste goederen als bedoeld in lid 7, punt d).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>10.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor het stellen van zekerheid en het uitoefenen van toezicht daarop als bedoeld in dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 171</TI.ART><STI.ART>Referentiebedrag van een verplichte zekerheid</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Wanneer de douaneautoriteiten een zekerheid moeten eisen en zij het precieze met de douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen kunnen vaststellen op het tijdstip waarop de zekerheid wordt geëist, moet de zekerheid dat precieze bedrag dekken.</PARAG><PARAG>Indien het niet mogelijk is het precieze bedrag te bepalen, wordt het bedrag van de zekerheid vastgesteld op het door de douaneautoriteiten geraamde hoogste met de douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen die zijn ontstaan of kunnen ontstaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Onverminderd artikel 176 dient, indien een doorlopende zekerheid wordt gesteld voor het met douaneschulden overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen waarvan het bedrag in de tijd varieert, deze zekerheid op een zodanig niveau te worden vastgesteld dat het met douaneschulden overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen steeds zijn gedekt.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 172</TI.ART><STI.ART>Referentiebedrag van een zekerheid uit voorzorg</STI.ART><PARAG>Wanneer het niet verplicht is om een zekerheid te stellen, maar de douaneautoriteiten niet zeker zijn dat het met een douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen binnen de gestelde termijn zullen worden betaald, eisen zij een zekerheid voor een bedrag dat niet hoger mag zijn dan het in artikel 171 bedoelde niveau.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 173</TI.ART><STI.ART>Zekerheidstelling</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Een zekerheid kan in een van de volgende vormen worden gesteld:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>door ieder betaalmiddel dat door de douaneautoriteiten wordt erkend, in euro’s of in de valuta van de lidstaat waar de zekerheid wordt geëist;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>door een verbintenis van een borg;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>door een andere vorm van zekerheid die een gelijkwaardige garantie voor de betaling van het met de douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen biedt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Een zekerheid in de vorm van een storting van contant geld of van een gelijkwaardig betaalmiddel dient te worden gesteld overeenkomstig de geldende voorschriften in de lidstaat waar de zekerheid wordt geëist.</PARAG><PARAG>Zekerheidstelling met een door de douaneautoriteiten erkend betaalmiddel geeft geen recht op betaling van interesten door de douaneautoriteiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de in lid 1, punt c), bedoelde vorm van de zekerheid.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 174</TI.ART><STI.ART>Keuze van zekerheid</STI.ART><PARAG>De persoon die zekerheid moet stellen, heeft de keuze tussen de in artikel 173, lid 1, genoemde vormen van zekerheid.</PARAG><PARAG>De douaneautoriteiten kunnen echter weigeren de gekozen vorm van zekerheid te aanvaarden indien deze onverenigbaar is met de goede werking van de desbetreffende douaneregeling.</PARAG><PARAG>De douaneautoriteiten kunnen eisen dat de gekozen vorm van zekerheid gedurende een bepaalde periode gehandhaafd blijft.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 175</TI.ART><STI.ART>Borg</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De in artikel 173, lid 1, punt b), bedoelde borg is een in het douanegebied van de Unie woonachtige, geregistreerde of gevestigde derde. De douaneautoriteiten die de zekerheid eisen, moeten hun goedkeuring geven aan de borg, tenzij de borg een kredietinstelling, financiële instelling of verzekeringsmaatschappij is die in de Unie overeenkomstig de geldende Unieregelgeving is erkend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De borg verbindt zich er schriftelijk toe het met een douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen waarvoor zekerheid is gesteld, te betalen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen weigeren hun goedkeuring te geven aan de voorgestelde borg of soort zekerheid, indien deze naar hun mening niet alle waarborgen biedt dat het met de douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen binnen de gestelde termijn zullen worden betaald.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de regels betreffende de vormen van zekerheidstelling en de regels betreffende de borg als bedoeld in dit artikel.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de intrekking en opzegging van de verbintenis van een borg als bedoeld in dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 176</TI.ART><STI.ART>Doorlopende zekerheid</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen de in artikel 170, lid 5, bedoelde vergunning slechts verlenen aan personen die aan de volgende voorwaarden voldoen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>zij zijn in het douanegebied van de Unie gevestigd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>zij voldoen aan de in artikel 24, lid 1, punt a), vastgestelde criteria;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>zij maken geregeld gebruik van de betrokken douaneregelingen of zij zijn exploitanten van faciliteiten voor tijdelijke opslag of zij voldoen aan de in artikel 24, lid 1, punt d), vastgestelde criteria.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen toestaan dat marktdeelnemers die aan de criteria van artikel 24, lid 1, punten b) en c), <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en aan de criteria van artikel 25, lid 3, punten b) en c), </STRING></STRING>voldoen, en Trust&amp;Check-ondernemers voor mogelijke douaneschulden en overige heffingen een doorlopende zekerheid voor een verminderd bedrag stellen of dat van zekerheidstelling wordt afgezien.<STRING BOLD="on"> [Am. 199]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen toestaan dat geautoriseerde marktdeelnemers voor douanevereenvoudigingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, marktdeelnemers die aan de criteria van artikel 25, lid 3, punten b) en c), voldoen,</STRING></STRING> en Trust&amp;Check-ondernemers, op aanvraag, voor bestaande douaneschulden en overige heffingen een doorlopende zekerheid voor een verminderd bedrag stellen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, of dat aan Trust&amp;Check-ondernemers ontheffing van zekerheidstelling wordt verleend</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 200]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De in lid 3 bedoelde doorlopende zekerheid voor een verminderd bedrag staat gelijk aan een zekerheidstelling.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden waaronder de in <STRING STRIKE="on">lid 2</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de leden 2 en 3</STRING></STRING> bedoelde vergunning voor gebruik van een doorlopende zekerheid voor een verminderd bedrag of voor ontheffing van zekerheidstelling wordt verleend.<STRING BOLD="on"> [Am. 201]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de vaststelling van het bedrag van de zekerheid, met inbegrip van het verminderde bedrag als bedoeld in <STRING STRIKE="on">lid 2</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de leden 2 en 3</STRING></STRING>. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.<STRING BOLD="on"> [Am. 202]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 177</TI.ART><STI.ART>Tijdelijke verboden voor het gebruik van de doorlopende zekerheid</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>In het kader van een bijzondere regeling of tijdelijke opslag kan de Commissie besluiten om een tijdelijk verbod op te leggen voor het gebruik van:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een doorlopende zekerheid voor een verminderd bedrag of een ontheffing van zekerheidstelling als bedoeld in artikel 176, lid 2;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>een doorlopende zekerheid als bedoeld in artikel 176, voor goederen waarmee op grote schaal blijkt te zijn gefraudeerd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien lid 1, punt a) of b), van toepassing is, kan vergunning worden verleend voor het gebruik van een doorlopende zekerheid voor een verminderd bedrag of een ontheffing van zekerheidstelling of het gebruik van een doorlopende zekerheid als bedoeld in artikel 176 indien de betrokkene voldoet aan een van de volgende voorwaarden:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>die persoon kan aantonen dat met betrekking tot de goederen in kwestie geen douaneschuld is ontstaan bij zijn verrichtingen in de twee jaar voorafgaand aan de in lid 1 bedoelde beslissing;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>die persoon kan, indien douaneschulden zijn ontstaan in de twee jaar voorafgaand aan de in lid 1 bedoelde beslissing, aantonen dat die schulden binnen de vastgestelde termijn volledig zijn voldaan door de schuldenaar of schuldenaren dan wel door de borg.</PARAG><PARAG>Om vergunning te krijgen voor het gebruik van een doorlopende zekerheid waarvoor een tijdelijk verbod geldt, dient de betrokkene eveneens te voldoen aan de criteria van artikel 24, lid 1, punten b) en c).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de regels betreffende tijdelijke verboden voor het gebruik van de doorlopende zekerheid als bedoeld in lid 1. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG>Om dwingende redenen van urgentie die verband houden met dergelijke maatregelen en naar behoren worden gerechtvaardigd door de noodzaak om onverwijld de financiële belangen van de Unie en haar lidstaten beter te beschermen, stelt de Commissie volgens de in artikel 262, lid 5, bedoelde procedure onmiddellijk toepasselijke uitvoeringshandelingen vast.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 178</TI.ART><STI.ART>Aanvullende of vervangende zekerheid</STI.ART><PARAG>Indien de douaneautoriteiten vaststellen dat de gestelde zekerheid niet of niet meer alle waarborgen biedt dat het met de douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten en overige heffingen binnen de gestelde termijn volledig zullen worden voldaan, eisen zij van een van de in artikel 170, lid 3, bedoelde personen dat deze, naar eigen keuze, een aanvullende zekerheid stelt dan wel de oorspronkelijke zekerheid door een nieuwe vervangt.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 179</TI.ART><STI.ART>Vrijgave van de zekerheid</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De zekerheid wordt door de douaneautoriteiten onmiddellijk vrijgegeven indien de douaneschuld of de aansprakelijkheid voor overige heffingen is tenietgegaan of niet meer kan ontstaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de douaneschuld of de aansprakelijkheid voor overige heffingen ten dele is tenietgegaan of nog maar voor een gedeelte van het bedrag waarvoor zekerheid werd gesteld, kan ontstaan, wordt de gestelde zekerheid op verzoek van de betrokkene dienovereenkomstig gedeeltelijk vrijgegeven, tenzij het betrokken bedrag dit niet rechtvaardigt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de termijnen voor de vrijgave van een zekerheid.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de vrijgave van de zekerheid als bedoeld in dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 3</TI><STI.GR>Invordering, betaling, terugbetaling en kwijtschelding van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 1</TI><STI.GR>Vaststelling van het bedrag aan invoer- en uitvoerrechten, mededeling van de douaneschuld en boeking</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 180</TI.ART><STI.ART>Vaststelling van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De importeur en de exporteur berekenen het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten. Bij de vrijgave van de goederen worden de douaneautoriteiten geacht het door de importeur en de exporteur berekende bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten te aanvaarden, onverminderd controles na vrijgave. Indien deze persoon het bedrag niet berekent of de douaneautoriteiten het niet eens zijn met het door die persoon berekende bedrag, stellen de douaneautoriteiten die bevoegd zijn voor de plaats waar de douaneschuld overeenkomstig artikel 169 is ontstaan of geacht wordt te zijn ontstaan, het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten vast zodra zij over de nodige gegevens beschikken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In afwijking van lid 1 kunnen de douaneautoriteiten, wanneer een douaneaangifte is ingediend, tot de in artikel 265, lid 3, genoemde datum, het in de douaneaangifte vastgestelde bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten aanvaarden, onverminderd controles na vrijgave. Indien de douaneautoriteiten het niet eens zijn met dit bedrag, stellen zij het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten vast zodra zij over de nodige gegevens beschikken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten geen rond getal is, kan het worden afgerond.</PARAG><PARAG>Luidt het in de eerste alinea bedoelde bedrag in euro’s, dan mag de afronding niet meer bedragen dan de afronding naar het dichtstbijzijnde hogere of lagere ronde getal.</PARAG><PARAG>Importeurs en exporteurs die gevestigd zijn in een lidstaat die de euro niet als munteenheid heeft, kunnen het bepaalde in de tweede alinea mutatis mutandis toepassen dan wel van deze alinea afwijken, mits de toepasselijke afrondingsregels geen grotere financiële gevolgen hebben dan de in de tweede alinea vermelde regel.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 181</TI.ART><STI.ART>Mededeling van de douaneschuld</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Bij vrijgave van de goederen worden de douaneautoriteiten geacht de douaneschuld aan de importeur of de exporteur te hebben meegedeeld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Wanneer de douaneautoriteiten het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten hebben vastgesteld, delen zij dit mee aan de schuldenaar in de vorm die is voorgeschreven op de plaats waar de douaneschuld overeenkomstig artikel 169 is ontstaan of wordt geacht te zijn ontstaan.</PARAG><PARAG>De in de eerste alinea bedoelde mededeling wordt niet gedaan in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien, in afwachting van een definitieve vaststelling van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten, een voorlopig antidumpingrecht of een voorlopig compenserend recht of een voorlopige vrijwaringsmaatregel is opgelegd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten hoger is dan het bedrag dat is vastgesteld op basis van een overeenkomstig artikel 13 afgegeven beschikking;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien het oorspronkelijke besluit om de douaneschuld niet mee te delen of om een lager bedrag aan invoer- of uitvoerrechten mee te delen dan het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten, is genomen op grond van algemene bepalingen die bij een rechterlijke uitspraak op een latere datum ongeldig zijn verklaard;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>indien de douaneautoriteiten krachtens de douanewetgeving zijn vrijgesteld van de verplichting tot mededeling van de douaneschuld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Wanneer de douaneautoriteiten overeenkomstig lid 2 het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten moeten meedelen, delen zij de douaneschuld aan de schuldenaar mee wanneer ze dat bedrag kunnen vaststellen en een besluit daarover kunnen nemen.</PARAG><PARAG>Indien de mededeling van de douaneschuld echter een strafonderzoek zou schaden, dan kunnen de douaneautoriteiten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, zelfs wanneer dat onderzoek plaatsvindt in een andere lidstaat,</STRING></STRING> deze mededeling evenwel uitstellen totdat deze het strafonderzoek niet langer schaadt.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Indien daarom wordt verzocht door een overheidsinstantie die bevoegd is voor de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten, waaronder het EOM, stellen de aangezochte douaneautoriteiten de mededeling uit.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 203]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen een Trust&amp;Check-ondernemer toestaan de douaneschuld te berekenen die overeenkomt met het totale bedrag aan invoer- of uitvoerrechten voor alle goederen die deze ondernemer voor rekening van de douaneautoriteiten heeft vrijgegeven gedurende een periode van ten hoogste 31 kalenderdagen, en daarvan opgave te doen aan de douaneautoriteiten met een uitsplitsing van de bedragen voor elke specifieke zending goederen. Indien de douaneautoriteiten het niet eens zijn met het berekende en opgegeven bedrag, stellen zij het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten vast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>In afwijking van lid 1 kunnen de douaneautoriteiten, wanneer titel XII, hoofdstuk 6, afdeling 4, van Richtlijn 2006/112/EG van toepassing is op afstandsverkopen van uit derde landen in te voeren goederen aan een afnemer in het douanegebied van de Unie, een gelijkgestelde importeur toestaan de douaneschuld te berekenen die overeenkomt met het totale bedrag aan invoerrechten voor alle goederen die in de loop van een maand ten gunste van die gelijkgestelde importeur zijn vrijgegeven, en daarvan opgave te doen vóór het einde van de daaropvolgende maand, met een uitsplitsing van de bedragen voor elke specifieke zending goederen. Met deze opgave kan de informatie die de gelijkgestelde importeur overeenkomstig artikel 59, lid 2, had verstrekt, worden gewijzigd of ongeldig worden gemaakt. Indien de douaneautoriteiten het niet eens zijn met het berekende en opgegeven bedrag, stellen zij het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten vast. De douaneautoriteiten worden geacht de douaneschuld te hebben meegedeeld wanneer zij niet binnen een redelijke termijn nadat de marktdeelnemer zijn opgave heeft gedaan, hiertegen bezwaar hebben gemaakt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum kunnen de douaneautoriteiten, wanneer een douaneaangifte is ingediend, toestaan dat de douaneschuld die overeenkomt met het totale bedrag aan invoer- of uitvoerrechten voor alle goederen die tijdens een vastgestelde periode ten gunste van eenzelfde persoon zijn vrijgegeven, aan het eind van die periode wordt meegedeeld, mits zekerheid is gesteld voor de betaling. De door de douaneautoriteiten vastgestelde periode bedraagt hoogstens 31 dagen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de in lid 2, tweede alinea, punt d), bedoelde gevallen waarin de douaneautoriteiten zijn vrijgesteld van mededeling van de douaneschuld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de redelijke termijn waarbinnen wordt geacht geen bezwaar te zijn gemaakt als bedoeld in lid 5;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de informatie die de gelijkgestelde importeur in zijn in lid 5 bedoelde opgave moet vermelden.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 182</TI.ART><STI.ART>Verjaringstermijnen van de douaneschuld</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten doen geen mededeling van een douaneschuld aan de schuldenaar nadat er drie jaar zijn verstreken, te rekenen vanaf de datum waarop de douaneschuld is ontstaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Wanneer de douaneschuld is ontstaan ingevolge een handeling die op het tijdstip waarop zij werd verricht, strafrechtelijk vervolgbaar was, wordt de in lid 1 vastgestelde termijn van drie jaar in overeenstemming met het nationale recht tot minimaal vijf jaar en maximaal tien jaar verlengd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De in de leden 1 en 2 bedoelde termijnen worden geschorst, indien:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>overeenkomstig artikel 16 beroep wordt ingesteld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>dergelijke schorsing wordt toegepast vanaf de datum waarop het beroep is ingesteld en loopt voor de duur van de beroepsprocedure; of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de douaneautoriteiten de schuldenaar overeenkomstig artikel 6, lid 6, hebben meegedeeld op welke gronden zij voornemens zijn mededeling te doen van de douaneschuld; dergelijke schorsing wordt toegepast vanaf de datum van die mededeling tot het verstrijken van de termijn waarbinnen de schuldenaar de gelegenheid heeft zijn standpunt kenbaar te maken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Indien een douaneschuld overeenkomstig artikel 193, lid 7, opnieuw verschuldigd wordt, worden de in de leden 1 en 2 vastgestelde termijnen geacht te zijn geschorst vanaf de datum waarop de aanvraag tot terugbetaling of kwijtschelding overeenkomstig artikel 198 is ingediend tot de datum waarop de beschikking op de terugbetaling of de kwijtschelding is afgegeven.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 183</TI.ART><STI.ART>Boeking</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De in artikel 180 bedoelde douaneautoriteiten boeken het overeenkomstig artikel 181 meegedeelde bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten zoals door de nationale wetgeving wordt voorgeschreven.</PARAG><PARAG>De in de eerste alinea bedoelde verplichting voor de douaneautoriteiten geldt niet in de in artikel 181, lid 2, tweede alinea, bedoelde gevallen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten hoeven geen bedragen aan invoer- of uitvoerrechten te boeken die overeenkomstig artikel 182 overeenkomen met een douaneschuld waarvan geen mededeling aan de schuldenaar meer kon worden gedaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten stellen de praktische voorschriften vast voor de boeking van de bedragen aan invoer- of uitvoerrechten. Deze voorschriften kunnen verschillen naargelang de douaneautoriteiten ervan verzekerd zijn dat, gezien de omstandigheden waarin de douaneschuld is ontstaan, die bedragen zullen worden betaald.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 184</TI.ART><STI.ART>Tijdstip van boeking</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten boeken het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten uiterlijk veertien dagen na de vrijgave van de goederen, tenzij de goederen onder tijdelijke invoer met gedeeltelijke vrijstelling van invoerrechten worden geplaatst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In afwijking van lid 1 kunnen de douaneautoriteiten het totale bedrag aan invoer- of uitvoerrechten voor alle goederen die ten gunste van een Trust&amp;Check-ondernemer tijdens een vastgestelde periode zijn vrijgegeven overeenkomstig artikel 181, lid 4, in één keer boeken aan het einde van die periode.</PARAG><PARAG>Deze boeking dient te geschieden uiterlijk veertien dagen na afloop van de betrokken periode.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In afwijking van lid 1 kan het totale bedrag aan invoerrechten voor alle goederen die gedurende één maand ten gunste van een gelijkgestelde importeur zijn vrijgegeven overeenkomstig artikel 181, lid 5, in één keer worden geboekt uiterlijk aan het einde van de volgende maand, met een uitsplitsing van de bedragen voor elke specifieke zending goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Tot de in artikel 265, lid 3, vastgestelde datum kunnen de douaneautoriteiten, wanneer een douaneaangifte is ingediend, toestaan dat de douaneschuld die overeenkomt met het totale bedrag aan invoer- of uitvoerrechten voor alle goederen die tijdens een vastgestelde periode van ten hoogste 31 dagen ten gunste van eenzelfde persoon zijn vrijgegeven, aan het eind van die periode wordt meegedeeld, mits zekerheid is gesteld voor de betaling.</PARAG><PARAG>Deze boeking dient te geschieden uiterlijk veertien dagen na afloop van de betrokken periode.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Indien goederen kunnen worden vrijgegeven op bepaalde voorwaarden die aan de vaststelling dan wel de inning van het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten zijn verbonden, geschiedt de boeking uiterlijk veertien dagen na vaststelling van het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten of van de verplichting tot betaling van die rechten.</PARAG><PARAG>Indien de douaneschuld evenwel betrekking heeft op een voorlopig antidumpingrecht, een voorlopig compenserend recht of een voorlopige vrijwaringsmaatregel, wordt het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten geboekt uiterlijk twee maanden na de datum waarop de verordening tot instelling van het definitieve recht in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> is bekendgemaakt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Indien een douaneschuld ontstaat onder andere dan de in lid 1 bedoelde omstandigheden, wordt het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten geboekt uiterlijk veertien dagen na de datum waarop de douaneautoriteiten in staat zijn het bedrag aan betrokken invoer- of uitvoerrechten vast te stellen en een beschikking af te geven.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Lid 6 is van toepassing op het bedrag aan in te vorderen of nog in te vorderen invoer- of uitvoerrechten indien het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten niet is geboekt overeenkomstig de leden 1 tot en met 6 of indien een lager dan het verschuldigde bedrag is vastgesteld en geboekt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De in de leden 1 tot en met 6 vastgestelde termijnen voor boeking zijn niet van toepassing in onvoorziene omstandigheden of bij overmacht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>De boeking kan in het in artikel 181, lid 3, tweede alinea, bedoelde geval worden uitgesteld totdat de mededeling van de douaneschuld een strafonderzoek niet langer schaadt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, zelfs wanneer dat onderzoek plaatsvindt in een andere lidstaat</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 204]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 185</TI.ART><STI.ART>Toekenning van uitvoeringsbevoegdheden</STI.ART><PARAG>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen maatregelen vast teneinde wederzijdse bijstand tussen de douaneautoriteiten te garanderen wanneer een douaneschuld is ontstaan.</PARAG><PARAG>Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 2</TI><STI.GR>Betaling van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 186</TI.ART><STI.ART>Algemene termijnen voor betaling en schorsing van de betalingstermijn</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De schuldenaar betaalt de bedragen aan invoer- of uitvoerrechten die met een overeenkomstig artikel 181 meegedeelde douaneschuld overeenkomen, binnen de door de douaneautoriteiten voorgeschreven termijn.</PARAG><PARAG>Onverminderd artikel 17, lid 2, bedraagt deze termijn niet meer dan tien dagen vanaf de mededeling van de douaneschuld aan de schuldenaar.</PARAG><PARAG>De douaneautoriteiten kunnen die termijn op aanvraag van de schuldenaar verlengen, indien het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten is vastgesteld bij controles achteraf als bedoeld in artikel 48. Onverminderd artikel 190, lid 2, bedraagt de aldus toegestane verlenging van de termijn niet meer dan de tijd die de schuldenaar nodig heeft om de voor de nakoming van zijn verplichtingen noodzakelijke maatregelen te nemen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In afwijking van lid 1 betaalt de schuldenaar het bedrag aan invoerrechten dat met een overeenkomstig artikel 181, lid 5, meegedeelde douaneschuld overeenkomt, uiterlijk bij het verstrijken van de termijn waarbinnen de douaneschuld moet worden meegedeeld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien de schuldenaar voor een van de in de artikelen 188 tot en met 190 vastgestelde betalingsfaciliteiten in aanmerking komt, geschiedt de betaling binnen de in het kader van deze faciliteiten vastgestelde termijn of termijnen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De betalingstermijn van het met een douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten wordt geschorst in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>er is een aanvraag tot kwijtschelding van de rechten ingediend overeenkomstig artikel 198;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>goederen moeten worden verbeurdverklaard, worden vernietigd of aan de staat worden afgestaan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de douaneschuld is ontstaan op grond van artikel 161 en er is meer dan één schuldenaar.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de regels voor de schorsing van de termijn voor de betaling van het met een douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten als bedoeld in lid 3 en houdende de schorsingstermijn.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 187</TI.ART><STI.ART>Betaling</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De betaling geschiedt in contanten of met elk ander middel dat een soortgelijk bevrijdend karakter heeft, compensatie daaronder begrepen, in overeenstemming met de nationale wetgeving.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De betaling kan door een andere persoon dan de schuldenaar worden verricht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In ieder geval kan de schuldenaar een deel van, of het gehele bedrag aan invoer- of uitvoerrechten betalen voordat de hem toegestane betalingstermijn is verstreken.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 188</TI.ART><STI.ART>Uitstel van betaling</STI.ART><PARAG>De douaneautoriteiten staan de belanghebbende, indien deze een aanvraag daartoe indient en zekerheid stelt, uitstel van betaling van de verschuldigde rechten toe op een van de onderstaande wijzen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>afzonderlijk voor elk bedrag aan invoer- of uitvoerrechten dat overeenkomstig artikel 184, lid 1, of artikel 184, lid 7, is geboekt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>voor het geheel van alle bedragen aan invoer- of uitvoerrechten die overeenkomstig artikel 184, lid 1, zijn geboekt binnen een door de douaneautoriteiten vastgestelde periode van ten hoogste 31 dagen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>voor het geheel van alle bedragen aan invoer- of uitvoerrechten die overeenkomstig artikel 184, leden 2, 3 en 4, in één keer zijn geboekt.</PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wanneer de douaneautoriteiten uitstel van betaling van de verschuldigde rechten toestaan als bedoeld in alinea 1, eisen zij niet dat zekerheid wordt gesteld wanneer de aanvrager een Trust&amp;Check-ondernemer is waaraan overeenkomstig artikel 176, lid 3, ontheffing van zekerheidstelling is verleend.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 205]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 189</TI.ART><STI.ART>Termijnen waarvoor uitstel van betaling wordt verleend</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De termijn waarvoor uitstel van betaling krachtens artikel 188 wordt verleend, bedraagt 30 dagen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien uitstel van betaling wordt verleend overeenkomstig artikel 188, punt a), gaat de termijn in op de dag volgende op die waarop de douaneschuld aan de schuldenaar is meegedeeld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien uitstel van betaling wordt verleend overeenkomstig artikel 188, punt b), gaat de termijn in op de dag volgende op die waarop de aggregatieperiode verstrijkt. Deze termijn wordt verminderd met een aantal dagen dat gelijk is aan de helft van het aantal dagen dat deze periode omvat.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Indien uitstel van betaling wordt verleend overeenkomstig artikel 188, punt c), gaat de termijn in op de dag volgende op die waarop de periode verstrijkt die is vastgesteld voor de vrijgave van de betrokken goederen. Deze termijn wordt verminderd met een aantal dagen dat gelijk is aan de helft van het aantal dagen dat deze periode omvat.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Indien de in de leden 3 en 4 bedoelde perioden uit een oneven aantal dagen bestaan, is het aantal dagen dat overeenkomstig deze leden op de termijn van 30 dagen in mindering moet worden gebracht, gelijk aan de helft van het even getal dat onmiddellijk aan het oneven getal voorafgaat.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Indien de in de leden 3 en 4 bedoelde perioden weken zijn, kunnen de lidstaten bepalen dat het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten waarvoor uitstel van betaling werd verleend, dient te worden betaald uiterlijk op de vrijdag van de vierde week volgende op de betrokken week.</PARAG><PARAG>Indien deze perioden maanden zijn, kunnen de lidstaten bepalen dat het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten waarvoor uitstel van betaling werd verleend, dient te worden betaald uiterlijk op de zestiende dag van de maand volgende op de betrokken maand. Deze termijnen kunnen niet worden verlengd, zelfs niet wanneer het einde van de periode op een feestdag valt.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 190</TI.ART><STI.ART>Overige betalingsfaciliteiten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen de schuldenaar andere betalingsfaciliteiten dan uitstel van betaling toestaan mits zekerheid wordt gesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien faciliteiten worden verleend overeenkomstig lid 1, wordt over het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten kredietrente in rekening gebracht.</PARAG><PARAG>Voor een lidstaat die de euro heeft aangenomen, is de kredietrentevoet gelijk aan de door de Europese Centrale Bank op haar basisherfinancieringstransacties toegepaste rentevoet van de eerste dag van de maand van de vervaldag, zoals bekendgemaakt in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>, serie C, vermeerderd met één punt.</PARAG><PARAG>Voor een lidstaat die niet de euro heeft aangenomen, is de kredietrentevoet gelijk aan de rentevoet die op de eerste dag van de betrokken maand door de nationale centrale bank op haar basisherfinancieringstransacties wordt toegepast, vermeerderd met één punt, of, voor een lidstaat waarvoor de rentevoet van de nationale centrale bank niet beschikbaar is, de meest equivalente rentevoet die op de eerste dag van de betrokken maand op de geldmarkt van de lidstaat wordt toegepast, vermeerderd met één punt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen ervan afzien zekerheidstelling te eisen of kredietrente in rekening te brengen indien op basis van een gedocumenteerde beoordeling van de omstandigheden waarin de schuldenaar verkeert, is vastgesteld dat dit ernstige economische of sociale moeilijkheden zou veroorzaken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneautoriteiten zien ervan af kredietrente in rekening te brengen indien het bedrag voor elke invordering lager is dan 10 EUR.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 191</TI.ART><STI.ART>Afdwinging van betaling</STI.ART><PARAG>Indien het bedrag aan verschuldigde invoer- of uitvoerrechten niet binnen de gestelde termijn is voldaan, verzekeren de douaneautoriteiten zich van de betaling van dat bedrag met alle middelen die hun krachtens de wetgeving van de betrokken lidstaat ter beschikking staan.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 192</TI.ART><STI.ART>Vertragingsrente</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Over het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten wordt vertragingsrente in rekening gebracht vanaf de datum waarop de gestelde termijn afloopt tot de datum waarop dat bedrag is voldaan.</PARAG><PARAG>Voor een lidstaat die de euro heeft aangenomen, is de rentevoet op achterstallen gelijk aan de door de Europese Centrale Bank op haar basisherfinancieringstransacties toegepaste rentevoet van de eerste dag van de maand van de vervaldag, zoals bekendgemaakt in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>, serie C, vermeerderd met twee punten.</PARAG><PARAG>Voor een lidstaat die niet de euro heeft aangenomen, is de rentevoet op achterstallen gelijk aan de rentevoet die op de eerste dag van de betrokken maand door de nationale centrale bank op haar basisherfinancieringstransacties wordt toegepast, vermeerderd met twee punten, of, voor een lidstaat waarvoor de rentevoet van de nationale centrale bank niet beschikbaar is, de meest equivalente rentevoet die op de eerste dag van de betrokken maand op de geldmarkt van de lidstaat wordt toegepast, vermeerderd met twee punten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de douaneschuld is ontstaan op basis van artikel 161 of artikel 164 of indien de mededeling van de douaneschuld het gevolg is van een controle achteraf, wordt behalve het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten vertragingsrente in rekening gebracht vanaf de datum waarop de douaneschuld is ontstaan tot de datum waarop de schuld is meegedeeld.</PARAG><PARAG>De rentevoet op achterstallen wordt vastgesteld overeenkomstig lid 1.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen ervan afzien vertragingsrente in rekening te brengen indien op basis van een gedocumenteerde beoordeling van de omstandigheden waarin de schuldenaar verkeert, is vastgesteld dat dit ernstige economische of sociale moeilijkheden zou veroorzaken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneautoriteiten zien ervan af vertragingsrente in rekening te brengen indien het bedrag voor elke invordering lager is dan 10 EUR.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 3</TI><STI.GR>Terugbetaling en kwijtschelding</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 193</TI.ART><STI.ART>Terugbetaling en kwijtschelding</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onder de bij deze afdeling vastgestelde voorwaarden gaan de douaneautoriteiten over tot terugbetaling of kwijtschelding van bedragen aan invoer- of uitvoerrechten, om elk van de volgende redenen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>invoer- of uitvoerrechten die te veel in rekening zijn gebracht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>goederen die gebreken vertonen of goederen die niet met de bepalingen van het contract in overeenstemming zijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>vergissing van de bevoegde autoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>billijkheid;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>ongeldigmaking van de gegevens op basis waarvan de douaneschuld is vastgesteld voor de overeenkomstige goederen of, in voorkomend geval, van de overeenkomstige douaneaangifte.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten gaan over tot terugbetaling of kwijtschelding van het in lid 1 bedoelde bedrag aan invoer- of uitvoerrechten van 10 EUR of meer, tenzij de betrokkene verzoekt om terugbetaling of kwijtschelding van een lager bedrag.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien de douaneautoriteiten van mening zijn dat terugbetaling of kwijtschelding moet worden verleend op basis van de artikelen 196 en 197, legt de betrokken lidstaat het dossier met het oog op een besluit voor aan de Commissie in de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien de douaneautoriteiten van oordeel zijn dat de bijzondere omstandigheden het gevolg zijn van het feit dat de Commissie haar verplichtingen niet is nagekomen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien de douaneautoriteiten van oordeel zijn dat de Commissie een vergissing heeft begaan in de zin van artikel 196;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>indien de omstandigheden in het betrokken geval verband houden met de resultaten van een door de Unie verricht onderzoek op grond van Verordening (EG) nr. 515/97, dan wel op grond van enige andere bepaling van de Uniewetgeving of door de Unie met bepaalde landen of groepen van landen gesloten overeenkomst die in de mogelijkheid van dergelijke onderzoeken door de Unie voorziet, of</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>indien het bedrag waarvoor de betrokkene met betrekking tot één of meer invoer- of uitvoertransacties aansprakelijk kan zijn, door een vergissing of bijzondere omstandigheden gelijk is aan of hoger is dan 500 000 EUR.</PARAG><PARAG>Niettegenstaande de eerste alinea worden dossiers niet voorgelegd in de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien de Commissie reeds een besluit heeft vastgesteld in een zaak die feitelijk en juridisch vergelijkbaar is;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>indien bij de Commissie reeds een zaak is ingeleid die feitelijk en juridisch vergelijkbaar is.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Met inachtneming van de bevoegdheidsregels gaan de douaneautoriteiten, indien zij binnen de in artikel 198, lid 1, bedoelde termijnen tot de vaststelling komen dat een bedrag aan invoer- of uitvoerrechten overeenkomstig de artikelen 194, 196 en 197 voor terugbetaling of kwijtschelding in aanmerking komt, op eigen initiatief tot terugbetaling of kwijtschelding over.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Rechten worden niet terugbetaald of kwijtgescholden indien de situatie die tot de mededeling van de douaneschuld heeft geleid, door frauduleuze handelingen van de schuldenaar is ontstaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Terugbetaling geeft geen aanleiding tot betaling van rente door de betrokken douaneautoriteiten, behalve in de in lid 1, punten a) en c), bedoelde gevallen.</PARAG><PARAG>In die gevallen geeft de terugbetaling echter geen aanleiding tot betaling van rente door de betrokken douaneautoriteiten indien de douaneautoriteiten een bedrag aan invoer- of uitvoerrechten onverwijld terugbetalen nadat is vastgesteld dat het bedrag moet worden terugbetaald. Indien de douaneautoriteiten dat bedrag niet onverwijld terugbetalen en de schuldenaar een procedure tot terugbetaling inleidt, wordt de rente betaald over de periode vanaf de datum van betaling van deze rechten tot de datum van terugbetaling ervan.</PARAG><PARAG>Er wordt ook rente betaald indien een beschikking tot terugbetaling niet binnen drie maanden vanaf de datum waarop deze beschikking is afgegeven, ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de niet-naleving van deze termijn niet aan de douaneautoriteiten te wijten is.</PARAG><PARAG>In dit geval wordt de rente betaald vanaf de datum waarop de termijn van drie maanden verstrijkt tot de datum van terugbetaling. De rentevoet wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 190.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Indien de douaneautoriteiten ten onrechte terugbetaling of kwijtschelding hebben toegestaan, wordt de oorspronkelijke douaneschuld opnieuw verschuldigd, mits deze niet overeenkomstig artikel 182 is verjaard.</PARAG><PARAG>In dit geval dient alle op grond van lid 6, tweede alinea, betaalde rente te worden terugbetaald.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de regels die zij moet nakomen bij het vaststellen van een in lid 3 bedoeld besluit, en met name de regels met betrekking tot:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de voorwaarden voor de aanvaarding van het dossier;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de termijn waarbinnen een besluit moet worden genomen en de schorsing van die termijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de mededeling van de redenen waarop de Commissie haar besluit wil baseren, voordat er een voor de betrokkene ongunstig besluit wordt genomen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de mededeling van het besluit;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>de gevolgen van het uitblijven van een besluit of het niet-meedelen van een dergelijk besluit.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de terugbetaling en kwijtschelding en voor het in lid 3 bedoelde besluit. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld.</PARAG><PARAG>Wanneer het advies van het in artikel 262, lid 1, bedoelde comité via een schriftelijke procedure moet worden verkregen, is artikel 262, lid 6, van toepassing.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 194</TI.ART><STI.ART>Invoer- of uitvoerrechten die te veel in rekening zijn gebracht</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Een bedrag aan invoer- of uitvoerrechten wordt terugbetaald of kwijtgescholden indien het bedrag dat met de oorspronkelijk meegedeelde douaneschuld overeenkomt het verschuldigde bedrag overschrijdt of indien de douaneschuld aan de schuldenaar is meegedeeld in strijd met artikel 181, lid 1, punten c) en d).</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Wanneer het verzoek om terugbetaling of kwijtschelding is gebaseerd op het bestaan, op het tijdstip waarop de goederen in het vrije verkeer zijn gebracht, van een verlaagd recht of een nulrecht bij invoer in het kader van een tariefcontingent, een tariefplafond of een andere gunstige tariefbehandeling, wordt de terugbetaling of kwijtschelding verleend indien het verzoek, op het tijdstip waarop het werd ingediend, vergezeld ging van de nodige documenten en aan een van de volgende voorwaarden is voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>indien het een tariefcontingent betreft, dit niet is uitgeput;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>in de overige gevallen, het normaal verschuldigde recht niet opnieuw is ingesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 195</TI.ART><STI.ART>Goederen die gebreken vertonen of goederen die niet in overeenstemming zijn met de bepalingen van het contract</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten gaan over tot terugbetaling of kwijtschelding van een bedrag aan invoerrechten indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de mededeling van de douaneschuld heeft betrekking op goederen die door de importeur zijn geweigerd omdat zij op het tijdstip van de vrijgave gebreken vertoonden of niet in overeenstemming waren met de bepalingen van het contract op grond waarvan zij waren ingevoerd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de goederen zijn niet gebruikt, tenzij een begin van gebruik noodzakelijk was om vast te stellen dat deze goederen gebreken vertoonden of dat zij niet met de bepalingen van het contract in overeenstemming waren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de goederen worden uit het douanegebied van de Unie gebracht of de douaneautoriteiten hebben, op aanvraag van de betrokkene, toegestaan om de goederen onder de regeling actieve veredeling, ook voor vernietiging, of de regeling extern douanevervoer, douane-entrepots of vrije zones te plaatsen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten gaan niet over tot terugbetaling of kwijtschelding van een bedrag aan invoerrechten in elk van de volgende gevallen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de goederen waren, voordat zij in het vrije verkeer zijn gebracht, onder een bijzondere regeling voor proefneming geplaatst, tenzij is vastgesteld dat het feit dat de goederen gebreken vertoonden of niet met de bepalingen van het contract in overeenstemming waren, in de loop van deze proefnemingen normaal niet had kunnen worden ontdekt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>er is rekening gehouden met de gebreken van de goederen bij het opstellen van het contract, met name wat de prijs betreft, voordat de goederen onder een douaneregeling werden geplaatst die tot een douaneschuld heeft geleid;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de goederen werden door de aanvrager verkocht nadat was geconstateerd dat zij gebreken vertoonden of niet in overeenstemming waren met de bepalingen van het contract.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Goederen die vóór de vrijgave zijn beschadigd, worden gelijkgesteld met goederen die gebreken vertonen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 196</TI.ART><STI.ART>Vergissing van de douaneautoriteiten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>In andere dan de in artikel 193, lid 1, punt e), en in de artikelen 194, 195 en 197 bedoelde gevallen gaan de douaneautoriteiten over tot terugbetaling of kwijtschelding van een bedrag aan invoer- of uitvoerrechten wanneer zij, als gevolg van een vergissing hunnerzijds, een met de douaneschuld overeenkomend bedrag hebben meegedeeld dat lager was dan het verschuldigde bedrag, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de schuldenaar had de vergissing redelijkerwijze niet kunnen ontdekken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de schuldenaar heeft te goeder trouw gehandeld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de in artikel 194, lid 2, genoemde voorwaarden niet zijn vervuld, gaan de douaneautoriteiten over tot terugbetaling of kwijtschelding wanneer het verlaagde recht of het nulrecht als gevolg van een vergissing hunnerzijds niet is toegepast en de gegevens op basis waarvan de goederen waren vrijgegeven of, in voorkomend geval, de douaneaangifte voor het vrije verkeer alle gegevenselementen bevatte en vergezeld was van alle voor de toepassing van het verlaagde recht of het nulrecht vereiste documenten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Wanneer de preferentiële behandeling van de goederen op basis van een systeem van administratieve samenwerking wordt verleend waarbij de autoriteiten van een derde land betrokken zijn, wordt de afgifte door deze autoriteiten van een onjuist certificaat aangemerkt als een vergissing die redelijkerwijze niet had kunnen worden ontdekt in de zin van lid 1, punt a).</PARAG><PARAG>De afgifte van een onjuist certificaat wordt echter niet als een vergissing aangemerkt indien het certificaat gebaseerd is op een onjuiste weergave van de feiten door de exporteur, tenzij de autoriteiten die het certificaat afgaven, kennelijk wisten of hadden moeten weten dat de goederen niet voor preferentiële behandeling in aanmerking kwamen.</PARAG><PARAG>De schuldenaar wordt geacht te goeder trouw te hebben gehandeld indien hij kan aantonen dat hij in de periode van de betrokken handelstransacties het nodige heeft gedaan om ervoor te zorgen dat aan alle voorwaarden voor een preferentiële behandeling werd voldaan.</PARAG><PARAG>De schuldenaar kan zich evenwel niet op zijn goede trouw beroepen indien de Commissie door middel van een bericht in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> heeft laten weten dat er gegronde twijfel bestaat over de juiste toepassing van de preferentiële regeling door het begunstigde land of gebied.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 197</TI.ART><STI.ART>Billijkheid</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>In andere dan de in artikel 193, lid 1, punt e), en de artikelen 194, 195 en 196 bedoelde gevallen gaan de douaneautoriteiten over tot terugbetaling of kwijtschelding van een bedrag aan invoer- of uitvoerrechten om redenen van billijkheid indien een douaneschuld is ontstaan in bijzondere omstandigheden waarin de schuldenaar geen bedrog heeft gepleegd noch kennelijk nalatig is geweest.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De bijzondere omstandigheden als bedoeld in lid 1 worden geacht te bestaan indien uit de omstandigheden van de zaak blijkt dat de schuldenaar zich in een uitzonderlijke situatie bevindt ten opzichte van andere deelnemers die dezelfde activiteit uitoefenen, en indien de schuldenaar in afwezigheid van dergelijke omstandigheden niet het nadeel zou hebben geleden door de inning van het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 198</TI.ART><STI.ART>Procedure voor terugbetaling en kwijtschelding</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Aanvragen tot terugbetaling of kwijtschelding overeenkomstig artikel 193 worden ingediend bij de douaneautoriteiten binnen de volgende termijnen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>in geval van bedragen aan invoer- of uitvoerrechten die te veel in rekening zijn gebracht, vergissing van de bevoegde autoriteiten of om redenen van billijkheid: binnen drie jaar na de datum waarop de douaneschuld is meegedeeld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>in geval van goederen die gebreken vertonen of goederen die niet in overeenstemming zijn met de bepalingen van het contract: binnen één jaar na de datum waarop de douaneschuld is meegedeeld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>in geval van ongeldigmaking van de gegevens of, in voorkomend geval, van een douaneaangifte op basis waarvan de goederen zijn vrijgegeven: binnen één jaar na de datum waarop die gegevens of die douaneaangifte ongeldig zijn gemaakt, tenzij anders is bepaald in de regels die van toepassing zijn op ongeldigmaking.</PARAG><PARAG>De in de eerste alinea, punten a) en b), genoemde termijnen worden verlengd indien de aanvrager aantoont dat hij, ten gevolge van onvoorziene omstandigheden of door overmacht, geen aanvraag heeft kunnen indienen binnen de voorgeschreven termijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de douaneautoriteiten niet in staat zijn om, op basis van de aangevoerde gronden, terugbetaling of kwijtschelding te verlenen van een bedrag aan invoer- of uitvoerrechten, dienen zij een aanvraag tot terugbetaling of kwijtschelding op zijn merites te onderzoeken in het licht van de andere in artikel 193 genoemde gronden voor terugbetaling of kwijtschelding.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien krachtens artikel 16 beroep is ingesteld tegen de mededeling van de douaneschuld, worden de in lid 1, eerste alinea, genoemde termijn alsook het onderzoek van de aanvragen tot terugbetaling en kwijtschelding en de desbetreffende termijnen geschorst voor de duur van de beroepsprocedure vanaf de datum waarop het beroep is ingesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Wanneer een douaneautoriteit terugbetaling of kwijtschelding verleent overeenkomstig de artikelen 196 en 197, stelt de betrokken lidstaat de Commissie daarvan in kennis.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de procedureregels voor de kennisgeving aan de Commissie overeenkomstig lid 4 en de te verstrekken informatie. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 4</TI><STI.GR>Tenietgaan van de douaneschuld</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 199</TI.ART><STI.ART>Tenietgaan</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onverminderd de geldende bepalingen inzake de niet-invordering van het met een douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten in geval van een gerechtelijk geconstateerde insolventie van de schuldenaar, gaat een douaneschuld bij invoer of uitvoer teniet op een van de volgende wijzen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de douaneschuld kan overeenkomstig artikel 181 niet meer aan de schuldenaar worden meegedeeld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten wordt betaald;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het bedrag aan invoer- of uitvoerrechten wordt kwijtgescholden, met inachtneming van lid 5;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>ten aanzien van goederen die zijn vrijgegeven voor een douaneregeling waaruit de verplichting tot betaling van invoer- of uitvoerrechten voortvloeit: de gegevens op grond waarvan de vrijgave is verricht, of de douaneaangifte worden ongeldig gemaakt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>goederen waarvoor invoer- of uitvoerrechten verschuldigd zijn, worden verbeurdverklaard dan wel in beslag genomen en tegelijkertijd of naderhand verbeurdverklaard;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>goederen waarvoor invoer- of uitvoerrechten verschuldigd zijn, worden onder douanetoezicht vernietigd of worden aan de staat afgestaan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>de verdwijning van de goederen of de niet-naleving van de uit de douanewetgeving voortvloeiende verplichtingen is het gevolg van de algehele vernietiging of het onherstelbare verlies van die goederen door een oorzaak die met de aard van de goederen verband houdt, dan wel door onvoorziene omstandigheden of overmacht, of ingevolge instructies van de douaneautoriteiten; voor de toepassing van dit punt worden goederen geacht onherstelbaar verloren te zijn indien zij voor eenieder onbruikbaar zijn geworden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>de douaneschuld is ontstaan overeenkomstig artikel 161 of artikel 164 en er is aan de volgende voorwaarden voldaan:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>het verzuim dat tot het ontstaan van de douaneschuld heeft geleid, had geen noemenswaardig effect op het goede functioneren van de tijdelijke opslag of de betrokken douaneregeling en hield geen poging tot bedrog in;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>alle formaliteiten die nodig zijn om de situatie van de goederen te regulariseren, worden naderhand vervuld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(i)</NO.P>goederen die vrij van rechten dan wel tegen een verlaagd invoerrecht op grond van hun bijzondere bestemming in het vrije verkeer zijn gebracht, zijn uitgevoerd met de toestemming van de douaneautoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(j)</NO.P>de schuld is ontstaan overeenkomstig artikel 160 en de formaliteiten ter verkrijging van de in dat artikel bedoelde preferentiële tariefbehandeling zijn geannuleerd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(k)</NO.P>met inachtneming van lid 6, de douaneschuld is ontstaan overeenkomstig artikel 161 en ten genoegen van de douaneautoriteiten is aangetoond dat de goederen niet zijn gebruikt of verbruikt en het douanegebied van de Unie hebben verlaten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In de gevallen als bedoeld in lid 1, punt e), wordt evenwel, voor de toepassing van sancties op douaneovertredingen, de douaneschuld geacht niet te zijn tenietgegaan indien deze verordening en de wetgeving van een lidstaat bepaalt dat invoer- of uitvoerrechten of het bestaan van een douaneschuld als grondslag dienen voor de vaststelling van sancties.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien, overeenkomstig lid 1, punt g), een douaneschuld is tenietgegaan ten aanzien van goederen die vrij van rechten dan wel tegen een verlaagd invoerrecht op grond van hun bijzondere bestemming in het vrije verkeer zijn gebracht, worden alle resten en afval van de vernietiging geacht niet-Uniegoederen te zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De geldende bepalingen met betrekking tot vaste percentages voor onherstelbaar verlies dat voortvloeit uit de aard van goederen, zijn van toepassing wanneer door de belanghebbende niet wordt aangetoond dat het werkelijke verlies groter is dan het verlies berekend door het toepassen van het vaste percentage op de betrokken goederen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Indien er voor het met de douaneschuld overeenkomende bedrag aan invoer- of uitvoerrechten meerdere schuldenaren zijn en deze schuld wordt kwijtgescholden, gaat de douaneschuld slechts teniet ten aanzien van de persoon of de personen aan wie kwijtschelding wordt verleend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>In het in lid 1, punt k), bedoelde geval gaat de douaneschuld niet teniet ten aanzien van de persoon die heeft getracht bedrog te plegen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Indien de douaneschuld overeenkomstig artikel 161 is ontstaan, gaat de schuld teniet ten aanzien van de persoon die op generlei wijze heeft getracht bedrog te plegen en die heeft bijgedragen tot de bestrijding van fraude.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de lijst van verzuimen zonder noemenswaardig effect op het goede functioneren van de tijdelijke opslag of de betrokken douaneregeling als bedoeld in lid 1, punt h), i).</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 200</TI.ART><STI.ART>Toepassing van sancties</STI.ART><PARAG>Het tenietgaan van de douaneschuld op basis van artikel 199, lid 1, punt h), vormt geen beletsel voor de lidstaten om sancties op te leggen wegens niet-naleving van de douanewetgeving.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel XI</TI><STI.GR>BEPERKENDE MAATREGELEN EN MECHANISME VOOR CRISISBEHEER</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Beperkende maatregelen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 201</TI.ART><STI.ART>Rol van de EU-douaneautoriteit en van de douaneautoriteiten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit draagt bij aan de correcte toepassing van overeenkomstig artikel 215 VWEU vastgestelde beperkende maatregelen door toe te zien op de uitvoering ervan op de onder haar bevoegdheid vallende gebieden en door, mits er eerst een toetsing is verricht door de Commissie en deze haar toestemming heeft verleend, de douaneautoriteiten passende richtsnoeren te verstrekken.<STRING BOLD="on"> [Am. 206 - niet van toepassing op de Nederlandse versie]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten nemen alle nodige maatregelen om aan de beperkende maatregelen te voldoen, rekening houdend met de richtsnoeren van de EU-douaneautoriteit.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 202</TI.ART><STI.ART>Verslaglegging</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit brengt regelmatig en telkens wanneer dat nodig is verslag uit bij de Commissie over de uitvoering van de beperkende maatregelen door de douaneautoriteiten en over elke inbreuk daarop.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten stellen de EU-douaneautoriteit, de Commissie en de nationale autoriteiten van de lidstaten die bevoegd zijn voor de uitvoering van sancties, in kennis van elk vermoeden en van elk geval van ontwijking van beperkende maatregelen en van de risicobeperkende maatregelen die zij in dat verband hebben genomen.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Mechanisme voor crisisbeheer</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 203</TI.ART><STI.ART>Opstelling van protocollen en procedures</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit stelt procedures en protocollen op die overeenkomstig artikel 204, lid 1, kunnen worden geactiveerd:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>wanneer een crisis aan de grens van een of meer lidstaten gevolgen heeft voor de douaneprocessen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>wanneer een crisis in een andere sector een optreden van de douaneautoriteiten in samenwerking met de bevoegde autoriteiten vereist;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>met het oog op een snelle, doeltreffende en evenredige reactie op de situatie in kwestie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De protocollen en procedures kunnen met name betrekking hebben op:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de toepassing van gemeenschappelijke risicocriteria, gemeenschappelijke prioritaire controlegebieden en risicoprofielen, passende risicobeperkende maatregelen en douanecontroles;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>een samenwerkingskader dat het mogelijk maakt douaneambtenaren en douanecontroleapparatuur van de ene lidstaat tijdelijk ter beschikking te stellen van een andere lidstaat<STRING STRIKE="on">.</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“fast lanes” aan de grens om vertragingen en oponthoud bij vrachtstromen tot een minimum te beperken;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 207]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het vermijden van handelsbeperkingen met betrekking tot crisisrelevante goederen zoals gedefinieerd in artikel 3, punt 6, van Verordening (EU) 2024/2747.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 208]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 204</TI.ART><STI.ART>Activering van het mechanisme voor crisisbeheer</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De Commissie kan, op eigen initiatief of op verzoek van een of meer lidstaten of de EU-douaneautoriteit, overeenkomstig de in artikel 262, leden 4 en 5, van deze verordening bedoelde onderzoeksprocedure, rekening houdend met de in artikel 203 bedoelde protocollen en procedures, een uitvoeringshandeling vaststellen <STRING STRIKE="on">houdende de</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">tot vaststelling van</STRING></STRING> passende en noodzakelijke maatregelen en regelingen <STRING STRIKE="on">die moeten worden toegepast om</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voor de aanpak van</STRING></STRING> een crisissituatie <STRING STRIKE="on">aan te pakken </STRING>of<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> ter beperking van</STRING></STRING> de negatieve gevolgen <STRING STRIKE="on">ervan te beperken</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">daarvan</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 209]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>	<STRING STRIKE="on">De EU-douaneautoriteit coördineert en houdt toezicht op de toepassing en uitvoering van de passende maatregelen en regelingen door de douaneautoriteiten en brengt verslag uit bij de Commissie over de resultaten van deze uitvoering.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 210]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De EU-douaneautoriteit zet een crisisresponsunit op die gedurende de hele crisis permanent beschikbaar is.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De Commissie kan de EU-douaneautoriteit ondersteunen tijdens de planningsfase en bij de oprichting van een dergelijke crisisresponsunit. De crisisresponsunit wordt gefinancierd uit de aan de EU-douaneautoriteit toegewezen begroting.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 211]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De douaneautoriteiten voeren de krachtens dit artikel vastgestelde maatregelen en regelingen uit en passen deze toe en brengen verslag uit bij de EU-douaneautoriteit van de uitvoering en toepassing ervan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-douaneautoriteit coördineert en houdt toezicht op de uitvoering van de passende maatregelen en regelingen door de douaneautoriteiten en brengt bij de Commissie, het Europees Parlement en de Raad verslag uit over de resultaten van de uitvoering.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 212]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel XII</TI><STI.GR>DE DOUANEAUTORITEIT VAN DE EUROPESE UNIE</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Beginselen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 205</TI.ART><STI.ART>Rechtsvorm</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit is een orgaan van de Unie en heeft rechtspersoonlijkheid.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>In elk van de lidstaten heeft de EU-douaneautoriteit de meest uitgebreide handelingsbevoegdheid die krachtens het nationale recht aan rechtspersonen wordt verleend. Zij kan in het bijzonder roerende en onroerende zaken verwerven of vervreemden en kan in rechte optreden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De EU-douaneautoriteit wordt vertegenwoordigd door haar uitvoerend directeur.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 206</TI.ART><STI.ART>Zetel</STI.ART><PARAG>De EU-douaneautoriteit heeft haar zetel in [...].</PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De keuze van de locatie voor de zetel van de EU-douaneautoriteit wordt gemaakt volgens de gewone wetgevingsprocedure, aan de hand van de volgende criteria:</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zij is niet van invloed op de uitoefening van de taken en bevoegdheden van de EU-douaneautoriteit, de opzet van haar beheersstructuur, de werking van haar centrale organisatie of de belangrijkste financiering van haar activiteiten;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zij zorgt ervoor dat de EU-douaneautoriteit het hooggekwalificeerde en gespecialiseerde personeel kan aanwerven dat zij nodig heeft om de taken uit te voeren en de bevoegdheden uit te oefenen waarin deze verordening voorziet;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zij zorgt ervoor dat de EU-douaneautoriteit bij de inwerkingtreding van deze verordening ter plaatse kan worden opgericht;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>d)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zij zorgt voor een passende toegankelijkheid van de locatie, de aanwezigheid van adequate onderwijsvoorzieningen voor de kinderen van personeelsleden en passende toegang tot de arbeidsmarkt, sociale zekerheid en gezondheidszorg voor zowel de kinderen als de echtgenoten;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>e)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zij zorgt voor een evenwichtige geografische spreiding van de instellingen, organen en agentschappen van de Unie in de hele Unie;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>f)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zij voorziet in passende opleidingsmogelijkheden;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>g)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zij maakt nauwe samenwerking met de instellingen, organen en agentschappen van de Unie mogelijk;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>h)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zij zorgt voor duurzaamheid en digitale beveiliging en connectiviteit met betrekking tot fysieke en IT-infrastructuur en arbeidsomstandigheden.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 213]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 207</TI.ART><STI.ART>Missie en doelstellingen van de EU-douaneautoriteit</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit draagt bij aan de verwezenlijking van de in artikel 2 omschreven missie van de douaneautoriteiten.</PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-douaneautoriteit exploiteert en onderhoudt de informatietechnologiesystemen die worden gebruikt voor de tenuitvoerlegging van de douane-unie, zoals de EU-douanedatahub, als vastgesteld in titel III.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 214]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Onverminderd de respectieve verantwoordelijkheden van de Commissie, OLAF en de lidstaten streeft de EU-douaneautoriteit de volgende doelstellingen na:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de EU-douaneautoriteit draagt bij aan het operationele beheer van de douane-unie; in dat verband coördineert en houdt zij toezicht op de operationele samenwerking tussen douaneautoriteiten, en bundelt en verstrekt zij technische expertise om tot grotere efficiëntie en betere resultaten te komen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de EU-douaneautoriteit ontwikkelt, beheert en onderhoudt informatietechnologieën om de in deze verordening vastgestelde regelingen uit te voeren en draagt bij aan een optimaal gebruik van de beschikbare gegevens met het oog op douanetoezicht, -controle en -risicobeheer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de EU-douaneautoriteit ondersteunt de douaneautoriteiten bij de totstandbrenging van een uniforme uitvoering van de douanewetgeving, met name om ervoor te zorgen dat douanecontroles en risicobeheer op geharmoniseerde wijze worden uitgevoerd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de EU-douaneautoriteit draagt bij aan de handhaving van andere Uniewetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast<STRING STRIKE="on">.</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 215]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de EU-douaneautoriteit werkt samen met andere instellingen, organen en instanties van de Unie op gebieden waar hun werkzaamheden verband houden met het beheer van goederen die de buitengrenzen overschrijden;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 216]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de EU-douaneautoriteit voert een verplichte bijzondere regeling in voor de inning van douanerechten voor afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde landen ingevoerde goederen. Die verplichte bijzondere regeling wordt afgestemd op de in de artikelen 369 terdecies tot en met 369 quinvicies van Richtlijn 2006/112/EG gedefinieerde bijzondere regeling.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 217]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Taken</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 208</TI.ART><STI.ART>Kerntaken</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit verricht risicobeheertaken overeenkomstig titel IV, hoofdstuk 3.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De EU-douaneautoriteit verricht haar taken met betrekking tot beperkende maatregelen en het mechanisme voor crisisbeheer overeenkomstig titel XI.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-douaneautoriteit ondersteunt de Commissie en de lidstaten zodat zij efficiënter toezicht kunnen houden op de uitvoering van de beperkende maatregelen betreffende de goederenstroom die de Raad overeenkomstig artikel 215, lid 2, VWEU kan vaststellen om ervoor te zorgen dat die maatregelen niet worden omzeild.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 218]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De EU-douaneautoriteit onderneemt activiteiten op het gebied van capaciteitsopbouw en voorziet in operationele ondersteuning van en coördinatie tussen de douaneautoriteiten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en de Commissie</STRING></STRING>. Zij houdt zich met name bezig met:<STRING BOLD="on"> [Am. 219]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>doorlichten en monitoren van grensdoorlaatposten en andere controlelocaties<STRING STRIKE="on">, ontwikkelen van gemeenschappelijke normen en aanbevelingen doen voor beste praktijken</STRING>;<STRING BOLD="on"> [Am. 220]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ontwikkelen van gemeenschappelijke normen en aanbevelingen doen voor beste praktijken en toezien op de uitvoering daarvan, met name met betrekking tot de uitvoering van het douanewetboek van de Unie;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 221]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>verrichten van prestatiemetingen voor de douane-unie en ondersteunen van de Commissie bij haar evaluatie van de prestaties van de douane-unie, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met inbegrip van de meting van de exploitatiekosten van de douaneautoriteiten voor de uitvoering van hun activiteiten, </STRING></STRING>overeenkomstig titel XV, hoofdstuk 1;<STRING BOLD="on"> [Am. 222]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>opstellen van de minimale gemeenschappelijke opleidingsinhoud voor douaneambtenaren in de Unie en toezien op het gebruik ervan door de douaneautoriteiten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, waaronder de inhoud voor de in artikel 25, lid 3, punt e), bedoelde opleiding die moet worden geharmoniseerd, en betreffende technologie voor analyse, opsporing en controle aan de hand van big data</STRING></STRING>;<STRING BOLD="on"> [Am. 223]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>bijdragen aan een EU-erkenningssysteem voor universiteiten en andere scholen die opleidings- en onderwijsprogramma’s op douanegebied aanbieden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>coördineren en ondersteunen van de oprichting van gespecialiseerde kenniscentra door de lidstaten met Uniebrede doeleinden op relevante douanegebieden, met name op het gebied van opleiding en douanelaboratoria;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>faciliteren en coördineren van onderzoeks- en innovatieactiviteiten op douanegebied<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en de Europese innovatiehub voor interne veiligheid regelmatig in kennis stellen van haar activiteiten</STRING></STRING>;<STRING BOLD="on"> [Am. 224]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>opstellen en verspreiden van praktische handleidingen voor de concrete toepassing van douaneprocessen en -werkmethoden, en ontwikkelen van gemeenschappelijke normen in dit verband<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met inbegrip van gemeenschappelijke richtsnoeren inzake handhaving</STRING></STRING>;<STRING BOLD="on"> [Am. 225]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">aanbevelingen doen aan de douaneautoriteiten inzake de toepassing van titel IV;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 226]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>uitbrengen van een advies over de vraag of het verlenen van een vergunning voor bijzondere regelingen de belangen van de producenten in de Unie niet zou schaden, overeenkomstig artikel 102, leden 3, 4 en 5;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(i)</NO.P>samenwerken met organen van de Unie en nationale autoriteiten die andere bevoegdheden dan douane hebben, overeenkomstig artikel 240, lid 9;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(i bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">steun verlenen aan de Commissie bij het ontwikkelen en uitvoeren van een operationele strategie voor activiteiten in verband met de toewijzing, financiering en aankoop van controleapparatuur, daaronder begrepen behoeftenanalyse, gezamenlijke aankoop en delen van apparatuur;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 227]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(j)</NO.P>coördineren en ondersteunen van de operationele samenwerking tussen douaneautoriteiten onderling en tussen douaneautoriteiten en andere autoriteiten op nationaal niveau overeenkomstig titel XIII;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(k)</NO.P>organiseren en coördineren van de in artikel 241 bedoelde gezamenlijke controles;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(l)</NO.P>verlenen van bijstand en kennis aan de Commissie voor het oplossen van complexe indelings-, waardebepalings- en oorsprongsvraagstukken, en monitoren van besluiten en de toepassing van in dit verband genomen besluiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(l bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">opstellen van vereenvoudigde richtsnoeren en handleidingen ten behoeve van kleine en micro-ondernemingen en bijdragen aan de kennis bij deze ondernemingen over de douanewetgeving en -formaliteiten van de Unie.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 228]</STRING></PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-douaneautoriteit biedt de Commissie, op haar verzoek, ondersteuning bij het beheer van haar betrekkingen met derde landen en internationale organisaties in verband met aangelegenheden die onder deze verordening vallen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 229]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De EU-douaneautoriteit verricht activiteiten op het gebied van gegevensbeheer en -verwerking die nodig zijn voor de uitvoering van haar taken en voor de ontwikkeling van de in artikel 30 van deze verordening bedoelde nationale toepassingen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART><STRING STRIKE="on">Artikel 209</STRING></TI.ART><STI.ART><STRING STRIKE="on">Overige taken</STRING><STRING BOLD="on"><STRING STRIKE="on"> [Am. 230]</STRING></STRING></STI.ART><PARAG><STRING STRIKE="on">De Commissie kan de volgende taken voor de uitvoering van de financieringsprogramma’s voor douane aan de EU-douaneautoriteit toevertrouwen:</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 231]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">het verrichten van activiteiten in verband met de ontwikkeling, de exploitatie en het onderhoud van de informatietechnologiesystemen die worden gebruikt voor de tenuitvoerlegging van de douane-unie, zoals de EU-douanedatahub, zoals vastgesteld in titel III;</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 232]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING STRIKE="on">het verlenen van steun aan de Commissie bij het ontwikkelen en uitvoeren van een operationele strategie voor activiteiten in verband met de toewijzing, financiering en aankoop van controleapparatuur, daaronder begrepen behoeftenanalyse, gezamenlijke aankoop en delen van apparatuur.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 233]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 210</TI.ART><STI.ART>Verdere taken</STI.ART><PARAG>Aan de EU-douaneautoriteit kunnen verdere taken worden toegewezen in verband met vrij verkeer, invoer en uitvoer van goederen uit derde landen, indien desbetreffende rechtshandelingen van de Unie daarin voorzien. Wanneer deze taken aan de EU-douaneautoriteit worden toegewezen of zij ermee wordt belast, wordt gezorgd voor passende financiële en personele middelen voor de uitvoering ervan.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 3</TI><STI.GR>Organisatie van de EU-douaneautoriteit</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 211</TI.ART><STI.ART>Administratie- en beheerstructuur</STI.ART><PARAG>De administratie- en beheerstructuur van de EU-douaneautoriteit omvat:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een raad van bestuur, die de in artikel 215 genoemde taken vervult;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>een uitvoerende raad, die de in artikel 217 genoemde taken vervult;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>een uitvoerend directeur, die de in artikel 219 genoemde verantwoordelijkheden vervult;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>een plaatsvervangende uitvoerend directeur, die de in artikel 221 genoemde verantwoordelijkheden vervult, indien de raad van bestuur besluit een dergelijke functie in te stellen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">;</STRING></STRING><STRING STRIKE="on">.</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een adviesraad voor de douane, die de in artikel 221 bis genoemde taken vervult.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 234]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 1</TI><STI.GR>Raad van bestuur</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 212</TI.ART><STI.ART>Samenstelling van de raad van bestuur</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De raad van bestuur bestaat uit één vertegenwoordiger per lidstaat<STRING STRIKE="on"> en</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> twee vertegenwoordigers van de Commissie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en één door het Europees Parlement aangewezen deskundige</STRING></STRING>, die allen stemrecht hebben.<STRING BOLD="on"> [Am. 235]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>	<STRING STRIKE="on">In de raad van bestuur zetelt ook één door het Europees Parlement aangewezen lid, dat geen stemrecht heeft.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 236]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Ieder lid van de raad van bestuur heeft een plaatsvervanger. De plaatsvervanger vertegenwoordigt het lid in diens afwezigheid.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De leden van de raad van bestuur en hun plaatsvervangers worden benoemd op grond van hun kennis op het gebied van douane, met inachtneming van hun relevante bestuurlijke, administratieve en budgettaire vaardigheden<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en ervaring op het gebied van het beleid inzake de douane-unie</STRING></STRING>. Alle partijen in de raad van bestuur trachten het verloop van hun vertegenwoordigers te beperken om de continuïteit van de werkzaamheden van de raad van bestuur te waarborgen. Alle partijen <STRING STRIKE="on">streven naar</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarborgen</STRING></STRING> een genderevenwichtige vertegenwoordiging in de raad van bestuur.<STRING BOLD="on"> [Am. 237]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De leden en hun plaatsvervangers worden voor vier jaar benoemd. Deze ambtstermijn kan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">met eenzelfde periode </STRING></STRING>worden verlengd.<STRING BOLD="on"> [Am. 238]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wanneer een lid van de raad van bestuur of zijn plaatsvervanger voornemens is zijn ambtstermijn voortijdig te beëindigen, stelt het betreffende lid of de betreffende plaatsvervanger de voorzitter en de vicevoorzitter van de raad van bestuur hiervan in kennis en informeert hij hen over zijn vervanging.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 239]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5 ter.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Elk lid en elke plaatsvervanger ondertekent bij ambtsaanvaarding een schriftelijke verklaring dat hij of zij niet in een situatie van belangenconflict verkeert. Elk lid en elke plaatsvervanger actualiseert zijn of haar verklaring wanneer zich een verandering in de omstandigheden betreffende belangenconflicten voordoet, of ten minste jaarlijks. De autoriteit publiceert de verklaringen en de geactualiseerde versies op haar website.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 240]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 213</TI.ART><STI.ART>Voorzitter van de raad van bestuur</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De raad van bestuur kiest uit de vertegenwoordigers van de Commissie een voorzitter en uit zijn andere stemgerechtigde leden een vicevoorzitter.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De vicevoorzitter vervangt ambtshalve de voorzitter wanneer deze niet in staat is zijn taken te verrichten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De ambtstermijn van de voorzitter en de vicevoorzitter bedraagt vier jaar. Hun ambtstermijn kan eenmaal worden verlengd. Indien hun lidmaatschap van de raad van bestuur echter eindigt tijdens hun ambtstermijn, loopt hun ambtstermijn automatisch af op dezelfde datum.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 214</TI.ART><STI.ART>Vergaderingen van de raad van bestuur</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De voorzitter roept de vergaderingen van de raad van bestuur bijeen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De uitvoerend directeur neemt deel aan de beraadslagingen, maar heeft geen stemrecht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De raad van bestuur houdt ten minste twee gewone vergaderingen per jaar. Daarnaast komt de raad bijeen op initiatief van zijn voorzitter, op verzoek van de Commissie of op verzoek van ten minste een derde van zijn leden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De raad van bestuur kan eenieder wiens mening van nut kan zijn, uitnodigen om als waarnemer de vergaderingen bij te wonen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De leden van de raad van bestuur en hun plaatsvervangers kunnen zich, overeenkomstig de bepalingen van het reglement van orde, tijdens de vergaderingen laten bijstaan door adviseurs of deskundigen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Wanneer de agenda aanleiding geeft tot een probleem van vertrouwelijkheid of een belangenconflict, bespreekt de raad van bestuur deze aangelegenheid en beslist hij erover zonder aanwezigheid van het betrokken lid. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Dat laat het recht van de lidstaten, het Europees Parlement en de Commissie onverlet om zich door een plaatsvervanger te laten vertegenwoordigen. </STRING></STRING>Nadere voorschriften voor de toepassing van deze bepaling kunnen worden vastgelegd in het reglement van orde.<STRING BOLD="on"> [Am. 241]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De EU-douaneautoriteit verzorgt het secretariaat van de raad van bestuur.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 215</TI.ART><STI.ART>Taken van de raad van bestuur</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De raad van bestuur:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>zet de algemene lijnen uit voor de activiteiten van de EU-douaneautoriteit;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>stelt met een tweederdemeerderheid van zijn stemgerechtigde leden de jaarbegroting van de EU-douaneautoriteit vast en vervult andere taken met betrekking tot de begroting van de EU-douaneautoriteit overeenkomstig hoofdstuk 4;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>geeft zijn oordeel over en zijn goedkeuring aan het geconsolideerde jaarverslag over de activiteiten van de EU-douaneautoriteit, met inbegrip van een overzicht van de uitvoering van haar taken en haar algemene prestaties bij de verwezenlijking van de doelstellingen van het douanebeleid, en zendt het verslag en zijn beoordeling uiterlijk 1 juli van elk jaar toe aan het Europees Parlement, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer. Het geconsolideerde jaarverslag over de activiteiten van de EU-douaneautoriteit wordt openbaar gemaakt;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>stelt de op de EU-douaneautoriteit toepasselijke financiële regels vast overeenkomstig artikel 222;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>stelt een fraudebestrijdingsstrategie vast die in verhouding staat tot de frauderisico’s, rekening houdend met de kosten en baten van de uit te voeren maatregelen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>stelt regels vast voor het voorkomen en beheersen van belangenconflicten met betrekking tot zijn leden<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en maakt deze openbaar</STRING></STRING>; en maakt elk jaar op zijn website de belangenverklaringen van de leden van de raad van bestuur bekend;<STRING BOLD="on"> [Am. 242]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>stelt de in artikel 232 bedoelde communicatie- en verspreidingsplannen vast en werkt deze regelmatig bij, op basis van een behoeftenanalyse;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>stelt zijn reglement van orde vast<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en maakt dit openbaar</STRING></STRING>;<STRING BOLD="on"> [Am. 243]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(i)</NO.P>oefent overeenkomstig lid 2 met betrekking tot het personeel van de EU-douaneautoriteit de bevoegdheden uit die het Statuut van de ambtenaren toekent aan het tot aanstelling bevoegde gezag en die de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden, toekent aan het tot het sluiten van contracten bevoegde gezag<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 van de Raad van 29 februari 1968 tot vaststelling van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen en de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van deze Gemeenschappen, alsmede van bijzondere maatregelen welke tijdelijk op de ambtenaren van de Commissie van toepassing zijn (PB L 56 van 4.3.1968, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> (“de bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag”);</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(j)</NO.P>stelt voorschriften vast ter uitvoering van het Statuut van de ambtenaren en de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden, overeenkomstig artikel 110, lid 2, van het Statuut;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(k)</NO.P>bouwt, waar passend, een interne auditcapaciteit op;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(l)</NO.P>stelt de veiligheidsvoorschriften van de EU-douaneautoriteit in de zin van artikel 233 vast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(m)</NO.P>benoemt de uitvoerend directeur en de plaatsvervangende uitvoerend directeur, indien die functie wordt gecreëerd, en verlengt waar nodig hun ambtstermijn of ontzet hen uit hun ambt overeenkomstig artikel 217;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(n)</NO.P>benoemt een rekenplichtige - eventueel de rekenplichtige van de Commissie -, die onderworpen is aan het Statuut van de ambtenaren en de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden, en volledig onafhankelijk is bij de uitvoering van zijn taken;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(o)</NO.P>neemt alle besluiten met betrekking tot de oprichting en, in voorkomend geval, de wijziging van de interne structuren van de EU-douaneautoriteit, waarbij rekening wordt gehouden met de activiteitenbehoeften van de EU-douaneautoriteit en naar een gezond begrotingsbeheer wordt gestreefd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(p)</NO.P>geeft machtiging tot het maken van werkafspraken overeenkomstig artikel 240, lid 9;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(p bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zorgt voor de opstelling en vaststelling van het reglement van orde van de adviesraad voor de douane;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 244]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(q)</NO.P>richt werkgroepen en deskundigenpanels op en stelt hun reglement van orde vast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(r)</NO.P>stelt het ontwerp van het in artikel 22, lid 3, bedoelde enig programmeringsdocument vast, voordat het voor advies aan de Commissie wordt voorgelegd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(s)</NO.P>stelt, rekening houdend met het advies van de Commissie, het enig programmeringsdocument van de EU-douaneautoriteit vast met een tweederdemeerderheid van de stemgerechtigde leden en overeenkomstig artikel 216;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(t)</NO.P>stelt een strategie voor efficiëntiewinsten en synergiën vast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(u)</NO.P>stelt een strategie voor samenwerking met derde landen en/of internationale organisaties vast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(v)</NO.P>stelt een strategie voor de systemen van organisatiebeheer en interne controle vast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>1 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De raad van bestuur kan werkgroepen en deskundigenpanels instellen om hem bij te staan bij de uitoefening van zijn taken, waaronder de voorbereiding van zijn besluiten en het toezicht op de uitvoering ervan.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 245]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De raad van bestuur keurt overeenkomstig artikel 110 van het Statuut een op artikel 2, lid 1, van het Statuut en artikel 6 van de Regeling gebaseerd besluit goed waarbij de relevante bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag aan de uitvoerend directeur worden gedelegeerd en de voorwaarden waaronder die bevoegdheidsdelegatie kan worden geschorst, worden vastgesteld. De uitvoerend directeur kan deze bevoegdheden op zijn beurt delegeren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Wanneer uitzonderlijke omstandigheden zulks vereisen, kan de raad van bestuur door middel van een besluit de delegatie van de bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag aan de uitvoerend directeur en van de door de uitvoerend directeur op zijn beurt gedelegeerde bevoegdheden tijdelijk schorsen en die bevoegdheden zelf uitoefenen of delegeren aan een van zijn leden of aan een ander personeelslid dan de uitvoerend directeur.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 216</TI.ART><STI.ART>Stemprocedure in de raad van bestuur</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onverminderd artikel 215, lid 1, punten b), m) en s), neemt de raad van bestuur besluiten bij absolute meerderheid van zijn stemgerechtigde leden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>	<STRING STRIKE="on">De in artikel 215, lid 1, punten b), c), e), f), j), m), n), o) en s), bedoelde besluiten kunnen slechts worden genomen indien de vertegenwoordigers van de Commissie een positieve stem uitbrengen. Met het oog op het in artikel 215, lid 1, punt s), bedoelde besluit is de toestemming van de vertegenwoordigers van de Commissie alleen vereist voor de onderdelen van het besluit die geen verband houden met het jaarlijkse en het meerjarige werkprogramma van de EU-douaneautoriteit.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 246]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Ieder stemgerechtigd lid heeft één stem. Bij afwezigheid van een stemgerechtigd lid kan zijn plaatsvervanger diens stemrecht uitoefenen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De voorzitter neemt deel aan de stemming.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De uitvoerend directeur neemt niet deel aan de stemming.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>In het reglement van orde van de raad van bestuur wordt de stemprocedure nader uitgewerkt, met name wat betreft de omstandigheden waarin een lid mag handelen namens een ander lid.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 2</TI><STI.GR>Uitvoerende raad</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 217</TI.ART><STI.ART>Uitvoerende raad</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De raad van bestuur wordt bijgestaan door een uitvoerende raad.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De uitvoerende raad:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>ziet toe op de voorbereidende werkzaamheden voor de door de raad van bestuur vast te stellen besluiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>zorgt, samen met de raad van bestuur, voor een passende follow-up van de bevindingen en aanbevelingen die voortvloeien uit de interne en externe auditverslagen en beoordelingen en uit de onderzoeken van OLAF en het EOM<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en voert passende procedures uit voor de melding van een vermoeden van strafbare gedragingen aan de laatstgenoemde</STRING></STRING>;<STRING BOLD="on"> [Am. 247]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>ziet toe op de uitvoering van de besluiten van de raad van bestuur, ter versterking van het toezicht op het administratief en budgettair beheer.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien dat in spoedeisende gevallen noodzakelijk is, kan de uitvoerende raad namens de raad van bestuur bepaalde voorlopige besluiten nemen, met name op de volgende gebieden:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>bij aangelegenheden van administratief beheer, daaronder begrepen de schorsing van de delegatie van de bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag en begrotingsaangelegenheden;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>wanneer een crisissituatie zoals bepaald in titel XI is vastgesteld en onmiddellijke actie of bijsturing van de activiteiten van de EU-douaneautoriteit vereist is.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De uitvoerende raad bestaat uit de twee vertegenwoordigers van de Commissie in de raad van bestuur en drie andere leden die de raad van bestuur uit zijn stemgerechtigde leden aanwijst<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, tevens met het doel genderevenwicht te waarborgen</STRING></STRING>. De voorzitter van de raad van bestuur is ook de voorzitter van de uitvoerende raad. De uitvoerend directeur neemt deel aan de vergaderingen van de uitvoerende raad, maar heeft geen stemrecht. De besluiten van de uitvoerende raad worden met gewone meerderheid van stemmen genomen.<STRING STRIKE="on"> De in lid 2, punt b), bedoelde besluiten kunnen slechts worden genomen indien ten minste één vertegenwoordiger van de Commissie een positieve stem uitbrengt.</STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 248]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De ambtstermijn van de leden van de uitvoerende raad bedraagt vier jaar en kan worden verlengd. De ambtstermijn van de leden van de uitvoerende raad eindigt wanneer hun lidmaatschap van de raad van bestuur eindigt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De uitvoerende raad houdt ten minste één gewone vergadering om de drie maanden. Daarnaast komt de raad bijeen op initiatief van zijn voorzitter of op verzoek van zijn leden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De raad van bestuur stelt het reglement van orde van de uitvoerende raad vast.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TISECTION">Afdeling 3</TI><STI.GR>Uitvoerend directeur</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 218</TI.ART><STI.ART>Benoeming, ontslag en verlenging van de ambtstermijn</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De uitvoerend directeur wordt in dienst genomen als tijdelijk functionaris van de EU-douaneautoriteit overeenkomstig artikel 2, punt a), van de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden.</PARAG><PARAG>De uitvoerend directeur wordt<STRING STRIKE="on">, na een open en transparante selectieprocedure,</STRING> door de raad van bestuur <STRING STRIKE="on">op grond van verdienste en met bewijsstukken gestaafde administratieve en leidinggevende vaardigheden, alsmede relevante bekwaamheid en ervaring, </STRING>benoemd <STRING STRIKE="on">uit een lijst van ten minste drie door de Commissie voorgestelde kandidaten.</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">overeenkomstig de volgende procedure:</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 249]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op basis van een beperkte lijst van kandidaten waarin het genderevenwicht wordt gewaarborgd en die door de Commissie is opgesteld en gepubliceerd na een transparante sollicitatie- en selectieprocedure, wordt de kandidaten verzocht de bevoegde commissie van het Europees Parlement en de Raad toe te spreken en vragen te beantwoorden;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 250]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het Europees Parlement en de Raad brengen vervolgens elk een advies uit en geven hun voorkeuren aan;</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 251]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de raad van bestuur benoemt de uitvoerend directeur en houdt daarbij rekening met die adviezen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 252]</STRING></PARAG><PARAG>Voor het sluiten van de arbeidsovereenkomst met de uitvoerend directeur wordt de EU-douaneautoriteit vertegenwoordigd door de voorzitter van de raad van bestuur.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De ambtstermijn van de uitvoerend directeur bedraagt vijf jaar. Te gepasten tijde vóór afloop van deze termijn verricht de Commissie een beoordeling waarin rekening wordt gehouden met een evaluatie van de prestaties van de uitvoerend directeur en met de toekomstige taken en uitdagingen van de EU-douaneautoriteit.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Op grond van een voorstel van de Commissie, waarin rekening wordt gehouden met de in lid 2 bedoelde beoordeling, kan de raad van bestuur de ambtstermijn van de uitvoerend directeur eenmaal met ten hoogste vijf jaar verlengen.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De raad van bestuur stelt het Europees Parlement en de Raad in kennis van zijn voornemen om de ambtstermijn van de uitvoerend directeur te verlengen. Voordat de raad van bestuur besluit de ambtstermijn te verlengen, kan de uitvoerend directeur worden verzocht een verklaring voor de bevoegde commissie van het Europees Parlement af te leggen en vragen te beantwoorden.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 253]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Een uitvoerend directeur wiens ambtstermijn is verlengd, kan na afloop van de volledige termijn niet deelnemen aan een andere selectieprocedure voor hetzelfde ambt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De uitvoerend directeur kan uitsluitend uit zijn ambt worden ontzet bij besluit van de raad van bestuur op voorstel van de Commissie.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Het Europees Parlement en de Raad worden van de redenen in kennis gesteld.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 254]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De raad van bestuur neemt de besluiten inzake benoeming, verlenging van de ambtstermijn en ontzetting uit het ambt van uitvoerend directeur en plaatsvervangend uitvoerend directeur met een tweederdemeerderheid van zijn stemgerechtigde leden.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 219</TI.ART><STI.ART>Taken en verantwoordelijkheden van de uitvoerend directeur</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De uitvoerend directeur is belast met het beheer van de EU-douaneautoriteit. De uitvoerend directeur legt verantwoording af aan de raad van bestuur.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Onverminderd de bevoegdheden van de Commissie en van de raad van bestuur voert de uitvoerend directeur zijn taken op onafhankelijke wijze uit zonder instructies te vragen aan of te ontvangen van regeringen of van andere organen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De uitvoerend directeur brengt desgevraagd verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de uitvoering van zijn taken en de algemene prestaties van de EU-douaneautoriteit.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De uitvoerend directeur kan te allen tijde door het Europees Parlement of door de Raad worden verzocht om een hoorzitting over enige aangelegenheid in verband met de activiteiten van het agentschap bij te wonen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 255]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De uitvoerend directeur vertegenwoordigt de EU-douaneautoriteit in rechte.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De uitvoerend directeur is verantwoordelijk voor de uitvoering van de taken die bij deze verordening aan de EU-douaneautoriteit zijn toegewezen. De uitvoerend directeur vervult in het bijzonder de volgende taken:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>hij zorgt voor de<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> duurzame en doeltreffende</STRING></STRING> dagelijkse leiding van de EU-douaneautoriteit;<STRING BOLD="on"> [Am. 256]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>hij voert besluiten van de raad van bestuur uit;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>hij stelt van het in artikel 223 bedoelde enig programmeringsdocument op en dient het in bij de raad van bestuur, na raadpleging van de Commissie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>hij voert het in artikel 223 bedoelde enig programmeringsdocument uit en brengt verslag uit over de uitvoering ervan aan de uitvoerende raad en de raad van bestuur;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>hij stelt het geconsolideerde jaarverslag over de activiteiten van de EU-douaneautoriteit op en legt dit ter beoordeling en goedkeuring aan de raad van bestuur voor;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>hij stelt een actieplan op voor de follow-up van de conclusies van interne of externe auditverslagen en beoordelingen, alsook van onderzoeken van OLAF en van het EOM, en brengt tweemaal per jaar aan de Commissie en op <STRING STRIKE="on">regelmatigde</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">regelmatige</STRING></STRING> tijdstippen aan de uitvoerende raad en de raad van bestuur verslag uit over de geboekte vooruitgang<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en waarborgt, indien van toepassing, eveneens de melding van een vermoeden van strafbare gedragingen aan het EOM</STRING></STRING>;<STRING BOLD="on"> [Am. 257]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>hij beschermt de financiële belangen van de Unie, zonder afbreuk te doen aan de onderzoeksbevoegdheid van het EOM en OLAF, door toepassing van maatregelen ter voorkoming van fraude, corruptie en andere onwettige activiteiten, door middel van doeltreffende controles en, indien onregelmatigheden worden vastgesteld, door terugvordering van ten onrechte betaalde bedragen en, waar nodig, het opleggen van doeltreffende, evenredige en afschrikkende administratieve en financiële sancties;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>hij stelt voor de EU-douaneautoriteit een strategie voor fraudebestrijding, een strategie voor efficiëntiewinsten en synergiën, een strategie voor samenwerking met derde landen en/of internationale organisaties en een strategie voor de systemen van organisatiebeheer en interne controle op en legt deze ter goedkeuring aan de raad van bestuur voor;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(i)</NO.P>hij stelt een ontwerp op van de financiële regels die van toepassing zijn op de EU-douaneautoriteit, en legt dit ter goedkeuring voor aan de raad van bestuur, na raadpleging van de Commissie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(j)</NO.P>hij stelt voorlopige ontwerpramingen van ontvangsten en uitgaven van de EU-douaneautoriteit op overeenkomstig artikel 224 en voert de begroting van de autoriteit uit;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(k)</NO.P>hij oefent met betrekking tot het personeel van de EU-douaneautoriteit de in artikel 215, lid 1, punt i), bedoelde bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag uit, voor zover die bevoegdheden aan hem overeenkomstig artikel 215, lid 2, zijn gedelegeerd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(l)</NO.P>hij neemt besluiten over de interne structuren van de EU-douaneautoriteit, zo nodig met inbegrip van het laten waarnemen van functies die het dagelijks bestuur van de EU-douaneautoriteit kunnen omvatten, en, waar nodig, over de wijziging daarvan, rekening houdend met de behoeften in verband met de activiteiten van de EU-douaneautoriteit en een gezond begrotingsbeheer;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(m)</NO.P>hij onderhandelt over en ondertekent, na goedkeuring door de raad van bestuur, een zetelovereenkomst voor de EU-douaneautoriteit en, indien van toepassing, soortgelijke overeenkomsten met andere lidstaten waar lokale kantoren worden gevestigd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(n)</NO.P>hij stelt de praktische regelingen voor de uitvoering van Verordening (EG) nr. 1049/2001<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43).</FIELD></FOOTNOTE> van het Europees Parlement en de Raad op legt deze ter goedkeuring voor aan de raad van bestuur;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(o)</NO.P>hij bevordert diversiteit en streeft naar genderevenwicht bij de indienstneming van personeel van de EU-douaneautoriteit;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(p)</NO.P>hij streeft ernaar personeel in dienst te nemen op een zo breed mogelijke geografische basis, rekening houdend met het feit dat de criteria voor indienstneming uitsluitend gebaseerd moeten zijn op verdienste.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 220</TI.ART><STI.ART>Plaatsvervangend uitvoerend directeur</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De raad van bestuur kan besluiten een functie van plaatsvervangend uitvoerend directeur in te stellen om de uitvoerend directeur bij te staan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien de raad van bestuur besluit een functie van plaatsvervangend uitvoerend directeur in te stellen, zijn de bepalingen van artikel 217 van overeenkomstige toepassing op de plaatsvervangende uitvoerend directeur.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 221</TI.ART><STI.ART>Taken en verantwoordelijkheden van de plaatsvervangend uitvoerend directeur</STI.ART><PARAG>Indien de functie van plaatsvervangend uitvoerend directeur wordt ingesteld, ondersteunt de plaatsvervangende uitvoerend directeur de uitvoerend directeur bij het beheer van de EU-douaneautoriteit en bij de uitvoering van de in artikel 218 bedoelde taken. Indien de uitvoerend directeur afwezig of verhinderd is, of indien deze post vacant is, neemt de plaatsvervangende uitvoerend directeur zijn plaats in.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 221 bis</STRING></STRING></TI.ART><STI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Adviesraad voor de douane</STRING></STRING></STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-douaneautoriteit richt een adviesraad voor de douane op om het uitvoerend comité bij te staan.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De adviesraad voor de douane moet advies uitbrengen over:</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de uitvoering van technische maatregelen en besluiten, onder meer met betrekking tot risicobeheer en prioritaire controlegebieden;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kwesties inzake uitvoering en normalisatie, waaronder werkzaamheden betreffende harmonisatie of de noodzaak van aanpassing van de regels;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de douaneaspecten van andere door de douane toegepaste wetgeving;</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">andere activiteiten van de EU-douaneautoriteit, op verzoek en naargelang het geval.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De adviesraad voor de douane bestaat uit vertegenwoordigers en verenigingen van belanghebbenden die relevant zijn voor de werkzaamheden van de EU-douaneautoriteit; de samenstelling ervan wordt vastgesteld door de raad van bestuur.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De raad van bestuur wijst vier van de leden van de adviesraad aan, waarvan één als voorzitter, die met de status van waarnemer deelnemen in de raad van bestuur. Deze leden vertegenwoordigen zoveel mogelijk de verschillende standpunten in de adviesraad voor de douane. De initiële ambtstermijn bedraagt 48 maanden en kan worden verlengd.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De adviesraad voor de douane wordt regelmatig voorafgaand aan besluiten van de raad van bestuur geraadpleegd. Deze raadpleging kan plaatsvinden via ad-hocwerkgroepen van deskundigen. Het door de adviesraad voor de douane verstrekte advies is in geen geval bindend voor de raad van bestuur.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De adviesraad voor de douane komt ten minste eenmaal in de zes maanden in gewone vergadering bijeen. Daarnaast kan de adviesraad bijeenkomen op verzoek van de EU-douaneautoriteit of de uitvoerende raad.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 258]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 4</TI><STI.GR>Vaststelling en structuur van de begroting van de EU-douaneautoriteit</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 222</TI.ART><STI.ART>Algemene bepalingen</STI.ART><PARAG>De financiële regels die van toepassing zijn op de EU-douaneautoriteit, worden vastgesteld door de raad van bestuur, na raadpleging van de Commissie. Zij mogen niet afwijken van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715<FOOTNOTE><FIELD>Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> van de Commissie, tenzij dat specifiek voor het functioneren van de EU-douaneautoriteit vereist is en de Commissie vooraf toestemming heeft verleend.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 223</TI.ART><STI.ART>Enig programmeringsdocument</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Elk jaar stelt de uitvoerend directeur een ontwerp van enig programmeringsdocument op dat met name de meerjarige en jaarlijkse programmering bevat overeenkomstig de bepalingen van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie en de desbetreffende bepaling van de financiële regels van de EU-douaneautoriteit die zijn vastgesteld op grond van artikel 222 van deze verordening, en dat rekening houdt met de richtsnoeren van de Commissie. De jaarlijkse en meerjarige programmering moet in overeenstemming zijn met het douanebeleid en de algemene prioriteiten van de douane-unie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De raad van bestuur zendt het ontwerp van enig programmeringsdocument uiterlijk 31 januari van het jaar voorafgaand aan de programmeringsperiode toe aan de Commissie, het Europees Parlement, de Raad en de Europese Rekenkamer.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Uiterlijk 30 november van elk jaar stelt de raad van bestuur het enig programmeringsdocument op. Hij zendt het enig programmeringsdocument, alsook alle latere bijgewerkte versies daarvan, aan het Europees Parlement, de Raad en de Commissie toe. Het enig programmeringsdocument wordt definitief na de definitieve vaststelling van de algemene begroting van de Unie en wordt, indien nodig, dienovereenkomstig aangepast</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Het jaarlijkse werkprogramma bevat gedetailleerde doelstellingen en beoogde resultaten, met inbegrip van prestatie-indicatoren. Het bevat ook een beschrijving van de te financieren maatregelen en een indicatie van de aan elke maatregel toegewezen financiële en personele middelen. Het jaarlijkse werkprogramma is in overeenstemming met het in lid 5 bedoelde meerjarige werkprogramma. Het vermeldt duidelijk de taken die zijn toegevoegd, gewijzigd of geschrapt ten opzichte van het vorige begrotingsjaar. De raad van bestuur wijzigt het vastgestelde jaarlijkse werkprogramma, wanneer de EU-douaneautoriteit binnen het toepassingsgebied van deze verordening een nieuwe taak krijgt toegewezen. Alle wezenlijke wijzigingen van het jaarlijkse werkprogramma worden volgens dezelfde procedure vastgesteld als de procedure voor het oorspronkelijke jaarlijkse werkprogramma. De raad van bestuur kan aan de uitvoerend directeur de bevoegdheid delegeren om niet-wezenlijke wijzigingen aan het jaarlijkse werkprogramma aan te brengen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Het meerjarige werkprogramma omvat een beschrijving van de algemene strategische programmering, met inbegrip van de doelstellingen, beoogde resultaten en prestatie-indicatoren. Het bevat voor elke activiteit ook een indicatie van de financiële en personele middelen die nodig worden geacht om de doelstellingen te verwezenlijken. De strategische programmering wordt waar nodig geactualiseerd en maakt duidelijk hoe de EU-douaneautoriteit bijdraagt aan de verwezenlijking van de politieke prioriteiten van de Unie.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 224</TI.ART><STI.ART>Vaststelling van de begroting</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Elk jaar stelt de uitvoerend directeur een voorlopige ontwerpraming op van de ontvangsten en uitgaven van de EU-douaneautoriteit voor het volgende begrotingsjaar, met inbegrip van het personeelsformatieplan, en zendt hij deze naar de raad van bestuur. De informatie in de voorlopige ontwerpraming moet in overeenstemming zijn met het ontwerp van enig programmeringsdocument als bedoeld in artikel 223, lid 1.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Op basis van de in lid 1 bedoelde voorlopige ontwerpraming stelt de raad van bestuur een ontwerpraming vast van de ontvangsten en uitgaven van de EU-douaneautoriteit voor het volgende begrotingsjaar.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De raad van bestuur zendt de ontwerpraming van de ontvangsten en uitgaven van de EU-douaneautoriteit uiterlijk op 31 januari van elk jaar toe aan de Commissie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie zendt de ontwerpraming samen met het ontwerp van algemene begroting van de Europese Unie toe aan de begrotingsautoriteit.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Op basis van de ontwerpraming neemt de Commissie de geraamde bedragen die zij nodig acht voor het personeelsformatieplan, alsook de bijdrage ten laste van de algemene begroting, op in het ontwerp van algemene begroting van de Unie, dat zij overeenkomstig de artikelen 313 en 314 VWEU voorlegt aan de begrotingsautoriteit.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De begrotingsautoriteit keurt de kredieten voor de bijdrage uit de algemene begroting van de Unie aan de EU-douaneautoriteit goed.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De begrotingsautoriteit stelt het personeelsformatieplan van de EU-douaneautoriteit vast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De raad van bestuur stelt de begroting van de EU-douaneautoriteit vast. Die begroting wordt definitief na de definitieve vaststelling van de algemene begroting van de Unie. Zo nodig wordt de begroting van de EU-douaneautoriteit dienovereenkomstig aangepast.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 225</TI.ART><STI.ART>Structuur van de begroting</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Alle inkomsten en uitgaven van de EU-douaneautoriteit worden elk begrotingsjaar geraamd en de ramingen worden in de begroting van de EU-douaneautoriteit opgenomen. Het begrotingsjaar valt samen met het kalenderjaar.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De inkomsten en uitgaven in de begroting van de EU-douaneautoriteit zijn in evenwicht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Onverminderd andere middelen bestaan de inkomsten van de EU-douaneautoriteit uit:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een bijdrage van de Unie die wordt opgenomen in de algemene begroting van de Unie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>eventuele vrijwillige financiële bijdragen van de lidstaten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>mogelijke financiering van de Unie in de vorm van bijdrageovereenkomsten of subsidies in overeenstemming met de in artikel 222 bedoelde financiële regeling van de EU-douaneautoriteit en met de bepalingen van de relevante instrumenten ter ondersteuning van het beleid van de Unie;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>vergoedingen voor publicaties en eventuele andere door de EU-douaneautoriteit verleende diensten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De uitgaven van de EU-douaneautoriteit omvatten de bezoldiging van het personeel, uitgaven voor administratie en infrastructuur, en beleidsuitgaven.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Vastleggingskredieten in de begroting voor acties in verband met grootschalige projecten waarvan de uitvoering zich over meer dan één begrotingsjaar uitstrekt, mogen in verschillende jaartranches worden verdeeld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 226</TI.ART><STI.ART>Uitvoering van de begroting van de EU-douaneautoriteit</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De uitvoerend directeur voert de begroting van de EU-douaneautoriteit uit.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Elk jaar zendt de uitvoerend directeur de begrotingsautoriteit alle informatie toe die zij nodig heeft voor de uitoefening van haar beoordelingstaken.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 227</TI.ART><STI.ART>Indiening van de rekeningen en kwijting</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De rekenplichtige van de EU-douaneautoriteit dient de voorlopige rekeningen van het begrotingsjaar (jaar N) uiterlijk op 1 maart van het volgende begrotingsjaar (jaar N+1) in bij de rekenplichtige van de Commissie en bij de Rekenkamer.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Uiterlijk op 31 maart van het jaar N+1 zendt de EU-douaneautoriteit het verslag over het budgettair en financieel beheer voor het jaar N toe aan het Europees Parlement, de Raad en de Rekenkamer.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Uiterlijk op 31 maart van het jaar N+1 zendt de rekenplichtige van de Commissie de voorlopige rekeningen van de EU-douaneautoriteit, die met de rekeningen van de Commissie zijn geconsolideerd, toe aan de Rekenkamer.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Na ontvangst van de opmerkingen van de Rekenkamer over de voorlopige rekeningen van de EU-douaneautoriteit overeenkomstig artikel 246 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 (PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> van het Europees Parlement en de Raad maakt de rekenplichtige van de EU-douaneautoriteit de definitieve rekeningen van de EU-douaneautoriteit voor dat jaar op. De uitvoerend directeur legt deze voor advies voor aan de uitvoerende raad. Dat advies wordt vastgesteld door de raad van bestuur.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Uiterlijk op 1 juli van het jaar N+1 dient de rekenplichtige van de EU-douaneautoriteit de definitieve rekeningen voor het jaar N, samen het advies van de raad van bestuur, in bij het Europees Parlement, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De definitieve rekeningen voor het jaar N worden uiterlijk op 15 november van het jaar N+1 bekendgemaakt in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De uitvoerend directeur zendt de Rekenkamer uiterlijk op 30 september van het jaar N+1 een antwoord op haar opmerkingen toe. De uitvoerend directeur zendt dit antwoord ook toe aan de raad van bestuur.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De uitvoerend directeur verstrekt het Europees Parlement op verzoek alle inlichtingen die nodig zijn voor het goede verloop van de kwijtingsprocedure voor het begrotingsjaar N, overeenkomstig artikel 261, lid 3, van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>Vóór 15 mei van het jaar N+2 verleent het Europees Parlement op aanbeveling van de Raad, die met gekwalificeerde meerderheid van stemmen besluit, de uitvoerend directeur kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het jaar N.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 228</TI.ART><STI.ART>Fraudebestrijding</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Met het oog op de bestrijding van fraude, corruptie en andere onwettige activiteiten in de EU-douaneautoriteit zijn de bepalingen van Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 onverminderd van toepassing.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De EU-douaneautoriteit treedt binnen de zes maanden na [XXX] toe tot het Interinstitutioneel Akkoord van 25 mei 1999 tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Commissie van de Europese Gemeenschappen betreffende de interne onderzoeken verricht door het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF)<FOOTNOTE><FIELD>PB L 136 van 31.5.1999, blz. 15.</FIELD></FOOTNOTE> en stelt op basis van het model in de bijlage bij dat akkoord passende bepalingen vast die van toepassing zijn op haar personeelsleden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Europese Rekenkamer is bevoegd om bij alle begunstigden van subsidies, contractanten en subcontractanten die van de EU-douaneautoriteit Uniemiddelen hebben ontvangen, audits te verrichten, zowel op basis van documenten als ter plaatse.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>OLAF kan overeenkomstig de bepalingen en procedures van Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 en Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 van de Raad van 11 november 1996 betreffende de controles en verificaties ter plaatse die door de Commissie worden uitgevoerd ter bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen tegen fraudes en andere onregelmatigheden (PB L 292 van 15.11.1996, blz. 2).</FIELD></FOOTNOTE> van de Raad onderzoeken verrichten, waaronder controles en verificaties ter plaatse, om vast te stellen of er bij een door de EU-douaneautoriteit gefinancierde subsidie of overeenkomst sprake is geweest van fraude, corruptie of andere onwettige activiteiten waardoor de financiële belangen van de Unie zijn geschaad.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Onverminderd de leden 1 tot en met 4 bevatten contracten, subsidieovereenkomsten en subsidiebesluiten van de EU-douaneautoriteit bepalingen die de Europese Rekenkamer en OLAF uitdrukkelijk machtigen om dergelijke controles en onderzoeken te verrichten overeenkomstig hun respectieve bevoegdheden. Werkafspraken met bevoegde autoriteiten van derde landen en internationale organisaties hebben betrekking op de bijstand en samenwerking van deze autoriteiten en internationale organisaties in verband met audits en onderzoeken die door de Rekenkamer en OLAF worden verricht.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>In overeenstemming met Verordening (EU) 2017/1939 <STRING STRIKE="on">kan</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">is</STRING></STRING> het EOM <STRING STRIKE="on">overgaan tot</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">verantwoordelijk voor</STRING></STRING> onderzoek en vervolging van fraude en andere onwettige activiteiten waardoor de financiële belangen van de Unie worden geschaad in de zin van Richtlijn (EU) 2017/1371<FOOTNOTE><FIELD>Richtlijn (EU) 2017/1371 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juli 2017 betreffende de strafrechtelijke bestrijding van fraude die de financiële belangen van de Unie schaadt (PB L 198 van 28.7.2017, blz. 29).</FIELD></FOOTNOTE> van het Europees Parlement en de Raad.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De EU-douaneautoriteit of de relevante nationale bevoegde autoriteiten stellen het EOM zonder onnodige vertraging in kennis van elke strafbare gedraging ten aanzien waarvan het overeenkomstig artikel 22 en artikel 25, leden 2 en 3, van die verordening zijn bevoegdheid zou kunnen uitoefenen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 259]</STRING></PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 5</TI><STI.GR>Bepalingen betreffende het personeel</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 229</TI.ART><STI.ART>Algemene bepaling</STI.ART><PARAG>Het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie en de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van deze Unie, alsook de voorschriften die onderling overeengekomen zijn tussen de instellingen van de Unie om daaraan uitvoering te geven, zijn van toepassing op het personeel van de EU-douaneautoriteit.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 230</TI.ART><STI.ART>Gedetacheerde nationale deskundigen en andere personeelsleden</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit kan ook een beroep doen op gedetacheerde nationale deskundigen of andere personeelsleden die niet in dienst zijn van de EU-douaneautoriteit.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De voorschriften voor de detachering van nationale deskundigen bij de EU-douaneautoriteit worden vastgesteld bij besluit van de raad van bestuur.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 231</TI.ART><STI.ART>Voorrechten en immuniteiten</STI.ART><PARAG>Protocol nr. 7 betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie, dat aan het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is gehecht, is van toepassing op de EU-douaneautoriteit en haar personeel.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 6</TI><STI.GR>Algemene en slotbepalingen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 232</TI.ART><STI.ART>Transparantie en communicatie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Verordening (EG) nr. 1049/2001 is van toepassing op de documenten die in het bezit zijn van de EU-douaneautoriteit. De raad van bestuur stelt binnen zes maanden na de datum van zijn eerste vergadering de nadere voorschriften voor de uitvoering van Verordening (EG) nr. 1049/2001 vast.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Op de verwerking van persoonsgegevens door de EU-douaneautoriteit is Verordening (EU) 2018/1725 van toepassing. De raad van bestuur stelt binnen zes maanden na de datum van zijn eerste vergadering maatregelen vast voor de toepassing van Verordening (EU) 2018/1725 door de EU-douaneautoriteit, onder meer betreffende de benoeming van een functionaris voor gegevensbescherming van de EU-douaneautoriteit. Die maatregelen worden vastgesteld na raadpleging van de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De EU-douaneautoriteit kan op eigen initiatief communicatieactiviteiten ontplooien op gebieden die onder haar bevoegdheid vallen. De toewijzing van middelen voor communicatieactiviteiten mag niet ten koste gaan van de doeltreffende uitvoering van de taken van de EU-douaneautoriteit. De communicatieactiviteiten worden uitgevoerd in overeenstemming met de desbetreffende door de raad van bestuur vastgestelde communicatie- en verspreidingsplannen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 233</TI.ART><STI.ART>Veiligheidsvoorschriften voor de bescherming van gerubriceerde en gevoelige niet-gerubriceerde informatie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit stelt eigen veiligheidsvoorschriften vast die gebaseerd zijn op de beginselen en voorschriften die zijn vastgelegd in de veiligheidsvoorschriften van de Commissie voor de bescherming van gerubriceerde informatie van de Europese Unie (EUCI) en gevoelige niet-gerubriceerde informatie, daaronder begrepen bepalingen betreffende de uitwisseling van dergelijke informatie met derde landen, en de verwerking en opslag van dergelijke informatie, zoals uiteengezet in Besluit (EU, Euratom) 2015/443<FOOTNOTE><FIELD>Besluit (EU, Euratom) 2015/443 van de Commissie van 13 maart 2015 betreffende veiligheid binnen de Commissie (PB L 72 van 17.3.2015, blz. 41).</FIELD></FOOTNOTE> en Besluit (EU, Euratom) 2015/444<FOOTNOTE><FIELD>Besluit (EU, Euratom) 2015/444 van de Commissie van 13 maart 2015 betreffende de veiligheidsvoorschriften voor de bescherming van gerubriceerde EU-informatie (PB L 72 van 17.3.2015, blz. 53).</FIELD></FOOTNOTE> van de Commissie. Voor elke administratieve regeling inzake de uitwisseling van gerubriceerde informatie met de relevante autoriteiten van een derde land of, bij gebrek aan een dergelijke regeling, voor elke uitzonderlijke ad-hocvrijgave van EUCI aan dergelijke autoriteiten is voorafgaande toestemming van de Commissie vereist.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De raad van bestuur stelt de veiligheidsvoorschriften van de EU-douaneautoriteit vast na goedkeuring door de Commissie. Bij de beoordeling van de voorgestelde veiligheidsvoorschriften ziet de Commissie toe op de verenigbaarheid ervan met de Besluiten (EU, Euratom) 2015/443 en (EU, Euratom) 2015/444.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De leden van de raad van bestuur, de uitvoerend directeur, de externe deskundigen die deelnemen aan ad-hocwerkgroepen en de personeelsleden van de EU-douaneautoriteit houden zich ook na het beëindigen van hun functie aan de geheimhoudingsplicht uit hoofde van artikel 339 VWEU.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De EU-douaneautoriteit kan de nodige maatregelen nemen om de uitwisseling van voor haar taken relevante informatie met de Commissie en de lidstaten en, in voorkomend geval, de relevante instellingen, organen en instanties van de Unie, te vergemakkelijken. Voor elke daartoe gesloten administratieve regeling inzake het delen van gerubriceerde EU-informatie (EUCI) of, bij gebrek aan een dergelijke regeling, voor elke uitzonderlijke ad-hocvrijgave van EUCI is voorafgaande toestemming van de Commissie vereist.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 234</TI.ART><STI.ART>Talenregeling</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De bepalingen van Verordening nr. 1<FOOTNOTE><FIELD>Verordening nr. 1 van de Raad van 15 april 1958 tot regeling van het taalgebruik in de Europese Economische Gemeenschap (PB 17 van 6.10.1958, blz. 385).</FIELD></FOOTNOTE> van de Raad zijn van toepassing op de EU-douaneautoriteit.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De raad van bestuur besluit over de interne talenregeling van de EU-douaneautoriteit.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De voor het functioneren van de EU-douaneautoriteit vereiste vertaaldiensten worden geleverd door het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 235</TI.ART><STI.ART>Evaluatie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Uiterlijk op<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> ...</STRING></STRING> [PB: gelieve datum in te voegen = <STRING STRIKE="on">5</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">4 </STRING></STRING>jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening<STRING STRIKE="on">OP please insert the date = 5</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING STRIKE="on">4</STRING></STRING></STRING><STRING STRIKE="on"> years after the date of entry into force of this Regulation</STRING>], en vervolgens om de <STRING STRIKE="on">vijf</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vier</STRING></STRING> jaar, draagt de Commissie er zorg voor dat er een evaluatie van de prestaties van de EU-douaneautoriteit met betrekking tot haar doelstellingen, mandaat, taken, governance en locatie(s) wordt verricht overeenkomstig de richtsnoeren van de Commissie.<STRING BOLD="on"> [Am. 260]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Bij deze evaluatie wordt met name onderzocht of het mandaat van de EU-douaneautoriteit moet worden gewijzigd en wat de financiële gevolgen daarvan zouden zijn.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Bij elke tweede evaluatie als bedoeld in lid 1 worden de door de EU-douaneautoriteit bereikte resultaten beoordeeld in het licht van haar doelstellingen, mandaat, taken en governance<STRING STRIKE="on">, en wordt ook nagegaan of het voortbestaan van de EU-douaneautoriteit nog steeds gerechtvaardigd is gelet op die doelstellingen, dat mandaat, die governance en die taken</STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 261]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie dient bij het Europees Parlement en de Raad verslag uit over de bevindingen van de in lid 2 bedoelde evaluatie. De bevindingen van de evaluatie worden openbaar gemaakt.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 236</TI.ART><STI.ART>Aansprakelijkheid van de EU-douaneautoriteit</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De contractuele aansprakelijkheid van de EU-douaneautoriteit is geregeld bij het recht dat op de betrokken overeenkomst van toepassing is.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Het Hof van Justitie van de Europese Unie is bevoegd om uitspraak te doen krachtens een arbitragebeding dat is opgenomen in een door de EU-douaneautoriteit gesloten overeenkomst.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>In geval van niet-contractuele aansprakelijkheid vergoedt de EU-douaneautoriteit, in overeenstemming met de algemene beginselen die de rechtsstelsels van de lidstaten gemeen hebben, alle door haar afdelingen of door haar personeelsleden bij de uitoefening van hun werkzaamheden veroorzaakte schade.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Het Hof van Justitie van de Europese Unie is bevoegd voor geschillen over de vergoeding van de in lid 3 bedoelde schade.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De persoonlijke aansprakelijkheid van de personeelsleden van de EU-douaneautoriteit ten aanzien van die autoriteit is geregeld bij de toepasselijke bepalingen van het Statuut van de ambtenaren of de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De financiële aansprakelijkheid van de Unie en de lidstaten voor de schulden van de EU-douaneautoriteit is beperkt tot de door hen reeds betaalde bijdrage aan de administratieve kosten.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 237</TI.ART><STI.ART>Zetelovereenkomst en functioneringsvoorwaarden</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De nodige regelingen betreffende de accommodatie die de EU-douaneautoriteit in de lidstaat van vestiging ter beschikking moet worden gesteld en betreffende de faciliteiten waarin die lidstaat moet voorzien, alsook de specifieke regels die in de lidstaat van vestiging van toepassing zijn op de uitvoerend directeur, de leden van de raad van bestuur, de personeelsleden van de EU-douaneautoriteit en hun gezinsleden, worden vastgelegd in een zetelovereenkomst tussen de EU-douaneautoriteit en de lidstaat waar de zetel is gevestigd; deze overeenkomst wordt gesloten na goedkeuring van de raad van bestuur en uiterlijk [PB: gelieve datum in te voegen = twee jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening<STRING STRIKE="on">OP please insert the date = two years after the date of entry into force of this Regulation</STRING>].</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De lidstaat van vestiging van de EU-douaneautoriteit biedt de best mogelijke voorwaarden voor het functioneren van de EU-douaneautoriteit, daaronder begrepen meertalig, Europees gericht onderwijs en passende vervoersverbindingen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Indien uitzonderlijke omstandigheden zulks vereisen, kan de uitvoerend directeur besluiten om <STRING STRIKE="on">een lokaal kantoor in een</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kantoren in</STRING></STRING> andere <STRING STRIKE="on">lidstaat</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lidstaten</STRING></STRING> op te richten met het oog op een efficiëntere, doeltreffendere en coherentere uitvoering van de taken van de EU-douaneautoriteit.<STRING BOLD="on"> [Am. 262]</STRING></PARAG><PARAG>Voordat hij besluit een lokaal kantoor op te richten, vraagt de uitvoerend directeur de toestemming van de Commissie, de raad van bestuur en de betrokken lidstaat. Dit besluit is gebaseerd op een passende kosten-batenanalyse waaruit met name de toegevoegde waarde van die maatregel blijkt. In het besluit wordt omschreven welke activiteiten in dat lokale kantoor moeten worden uitgevoerd op zodanige wijze dat onnodige kosten en verdubbeling van administratieve functies van de EU-douaneautoriteit worden voorkomen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 238</TI.ART><STI.ART>Aanvang van de activiteiten van de EU-douaneautoriteit</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit wordt opgericht met ingang van 2026 en <STRING STRIKE="on">wordt</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">is</STRING></STRING> volledig operationeel <STRING STRIKE="on">in</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vanaf 1 januari</STRING></STRING> 2028.<STRING BOLD="on"> [Am. 263]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie is verantwoordelijk voor de oprichting en het initiële functioneren van de EU-douaneautoriteit, totdat deze over de operationele capaciteit beschikt om zelf haar begroting uit te voeren. Te dien einde:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>kan de Commissie een ambtenaar van de Commissie aanwijzen om als waarnemend uitvoerend directeur te fungeren en de aan de uitvoerend directeur toegewezen taken uit te voeren, totdat de uitvoerend directeur zijn taken opneemt nadat hij overeenkomstig artikel 218 door de raad van bestuur is benoemd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>oefent de waarnemend uitvoerend directeur de bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag uit, in afwijking van artikel 215, lid 1, punt i), en totdat een besluit als bedoeld in artikel 215, lid 2, is goedgekeurd;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>kan de Commissie de EU-douaneautoriteit bijstand verlenen, met name door ambtenaren van de Commissie te detacheren om de activiteiten van de EU-douaneautoriteit te verrichten onder de verantwoordelijkheid van de waarnemend uitvoerend directeur of de uitvoerend directeur;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>kan de waarnemend uitvoerend directeur alle betalingen goedkeuren die door in de begroting van de EU-douaneautoriteit opgenomen kredieten worden gedekt, alsook contracten, met inbegrip van personeelscontracten, sluiten na vaststelling van het personeelsformatieplan van de EU-douaneautoriteit.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel XIII</TI><STI.GR>DOUANESAMENWERKING</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 239</TI.ART><STI.ART>Interne douanesamenwerking</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onverminderd de bepalingen van Verordening (EG) nr. 515/97 werken de douaneautoriteiten samen met elkaar, met de Commissie en met de EU-douaneautoriteit overeenkomstig de douanewetgeving en enige andere Uniewetgeving die in een dergelijke samenwerking voorziet, teneinde een juiste en uniforme toepassing van die wetgevingen te waarborgen en de verwezenlijking van hun missie, zoals vastgesteld in artikel 2, te ondersteunen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen douaneambtenaren tijdelijk ter beschikking stellen om bij de douaneautoriteiten van een andere lidstaat te werken. De EU-douaneautoriteit wordt hiervan in kennis gesteld en kan zulke opdrachten coördineren.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De douaneautoriteiten kunnen gezamenlijke controles uitvoeren naast die waarin artikel 241 voorziet. De douaneautoriteiten stellen de EU-douaneautoriteit in kennis van dergelijke gezamenlijke controles.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie, OLAF en de EU-douaneautoriteit kunnen gegevens uitwisselen die relevant zijn voor de in deze titel bedoelde samenwerking, met inbegrip van informatie over risico’s. De EU-douaneautoriteit zorgt ervoor dat deze informatie doeltreffend wordt gebruikt bij haar risicobeheeractiviteiten overeenkomstig deze titel en titel XII.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 239 bis</STRING></STRING></TI.ART><STI.ART><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Platform voor melding van goederen</STRING></STRING></STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-douaneautoriteit zet een platform voor melding van goederen (het “platform”) op om autoriteiten, bedrijven, consumenten en burgers de mogelijkheid te bieden goederen te melden die de interne markt binnenkomen en niet voldoen aan de conformiteitsnormen en/of de desbetreffende wetgeving van de Unie.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het platform is online en gemakkelijk toegankelijk. De informatie erop is begrijpelijk en beschikbaar in alle officiële talen van de Unie.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-douaneautoriteit beoordeelt de informatie die zij via het platform heeft verkregen en stelt indien nodig de douaneautoriteit(en) van een of meer lidstaten waar een goed waarvan melding is gedaan op de markt is gebracht, daarvan in kennis. De douaneautoriteit beoordeelt uitsluitend de goederen waarvan melding is gedaan die in een of meer lidstaten op de markt zijn gebracht.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in lid 3 bedoelde douaneautoriteit die een melding heeft ontvangen, werkt samen met andere autoriteiten op nationaal niveau, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, markttoezichtautoriteiten, sanitaire en fytosanitaire autoriteiten, rechtshandhavingsautoriteiten en belastingautoriteiten, bij het uitvoeren van maatregelen om het goed waarvan melding is gedaan van de interne markt te verwijderen. De douaneautoriteit die een melding heeft ontvangen brengt uiterlijk dertig kalenderdagen nadat een maatregel is genomen, aan de EU-douaneautoriteit verslag uit over de uitvoering daarvan.</STRING></STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EU-douaneautoriteit zorgt ervoor dat alle relevante gegevens met betrekking tot goederen waarvan melding is gedaan beschikbaar zijn via de EU-douanedatahub. De EU-douaneautoriteit kan douaneautoriteiten verzoeken daartoe relevante gegevens in te dienen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 264]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 240</TI.ART><STI.ART>Kader voor samenwerking met andere autoriteiten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De douaneautoriteiten werken samen met andere autoriteiten op nationaal niveau, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, markttoezichtautoriteiten, sanitaire en fytosanitaire autoriteiten, rechtshandhavingsautoriteiten en belastingautoriteiten, op het gebied van andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving, de inning van rechten en belastingen, en andere relevante gebieden van samenwerking. In voorkomend geval werken de douaneautoriteiten ook samen met relevante instanties, deskundigengroepen, agentschappen, bureaus of netwerken die de activiteiten van andere autoriteiten op het niveau van de Unie coördineren. In voorkomend geval werken de douaneautoriteiten ook samen met andere relevante partijen op EU-niveau, zoals bedoeld in lid 9, en stellen de betrokken douaneautoriteiten de EU-douaneautoriteit daarvan in kennis.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De in lid 1 bedoelde samenwerking geschiedt op regelmatige en gestructureerde wijze: Zij heeft met name de volgende doelstellingen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>bijdragen aan en volgen van wetgevingsontwikkelingen op beleidsterreinen die van belang zijn voor de douane;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de uitwisseling van gegevens, met name gegevens die relevant zijn voor risicobeheer overeenkomstig titel IV, hoofdstuk 3;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de ontwikkeling van coherente en gecoördineerde toezichtstrategieën voor het risicobeheer van goederen in het kader van de bevoegdheden van zowel douaneautoriteiten als andere autoriteiten, overeenkomstig titel IV, hoofdstuk 3;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de operationele uitvoering, met inbegrip van de uitvoering van gezamenlijke controles overeenkomstig artikel 241;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de uitwisseling van vaardigheden en beste praktijken door middel van gezamenlijke opleidingen over manieren waarop niet-conforme producten kunnen worden opgespoord, met inbegrip van de actualisering van alle andere Uniewetgeving waarin nalevingsvoorschriften zijn vastgesteld, bijvoorbeeld met betrekking tot productveiligheid en duurzaamheid.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 265]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Onverminderd de bevoegdheden van de Commissie en onder voorbehoud van haar voorafgaande goedkeuring maakt de EU-douaneautoriteit werkafspraken om een kader voor de in lid 1 bedoelde samenwerking te ontwikkelen en te actualiseren, dat andere relevante partijen zoals bedoeld in lid 9 omvat, en geeft zij richtsnoeren voor de praktische uitvoering ervan, de doelstellingen en de belangrijkste gebieden van de samenwerking, overeenkomstig lid 2 van dit artikel en titel III van deze verordening.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De douaneautoriteiten brengen vermoedelijke inbreuken op Uniewetgeving onmiddellijk ter kennis van de bevoegde autoriteiten van de Unie en de nationale bevoegde autoriteiten en versturen daartoe een kennisgeving via de EU-douanedatahub.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 266]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Wanneer een douaneautoriteit samenwerkt met een andere autoriteit in een andere lidstaat, stelt zij de douaneautoriteit van die lidstaat daarvan in kennis. Wanneer meer dan twee lidstaten bij de samenwerking betrokken zijn, stellen de betrokken douaneautoriteiten de EU-douaneautoriteit daarvan in kennis, die overeenkomstig artikel 208 in operationele ondersteuning en coördinatie kan voorzien.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De lidstaten brengen jaarlijks verslag uit bij de EU-douaneautoriteit over de uitvoering van het samenwerkingskader. De EU-douaneautoriteit houdt bij haar in artikel 208, lid 3, punt a), bedoelde monitoringactiviteiten en haar in artikel 208, lid 3, punt b), bedoelde taken inzake prestatiemeting rekening met de bevindingen van deze rapportage.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Tot de in artikel 238, lid 1, vermelde datum kan de Commissie de in lid 3 bedoelde taken van de EU-douaneautoriteit verrichten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>De EU-douaneautoriteit kan samenwerken met andere autoriteiten op nationaal niveau en met de Commissie en andere instellingen, bureaus, agentschappen, netwerken en organen van de Unie om bij te dragen aan de verwezenlijking van de in lid 2 bedoelde doelstellingen en aan het in lid 3 bedoelde samenwerkingskader.</PARAG><PARAG>Te dien einde kan de EU-douaneautoriteit, met toestemming van haar raad van bestuur en na goedkeuring door de Commissie, werkafspraken maken met de organen van de Unie of andere autoriteiten op nationaal niveau. Deze administratieve regelingen scheppen geen wettelijke verplichtingen en bepalen de aard, de reikwijdte en de wijze waarop de beoogde samenwerking zal plaatsvinden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De EU-douaneautoriteit werkt nauw samen met OLAF<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en het EOM</STRING></STRING> wanneer bij een van haar samenwerkingsactiviteiten fraude wordt gepleegd of een vermoeden van fraude rijst.<STRING BOLD="on"> [Am. 267]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>9.</NO.P>De EU-douaneautoriteit kan een kader ontwikkelen voor operationele samenwerking met andere EU-organen, daaronder begrepen Europol en Frontex, overeenkomstig de leden 2, 4 en 5, en kan deelnemen en bijdragen aan strategische analyses en dreigingsevaluaties, beleidscycli, innovatieprogramma’s, opleidingsactiviteiten, netwerken en andere activiteiten die relevant zijn voor de uitvoering van haar taken en door dergelijke andere organen worden georganiseerd.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 241</TI.ART><STI.ART>Gezamenlijke controles</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit plant, organiseert en coördineert gezamenlijke controles die door douaneautoriteiten worden verricht, in voorkomend geval in samenwerking met andere autoriteiten, organen en agentschappen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, waaronder Europol,</STRING></STRING> overeenkomstig artikel 240, lid 9.<STRING BOLD="on"> [Am. 268]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Te dien einde volgt de EU-douaneautoriteit de beleidsprioriteiten op het gebied van douane en zorgt zij voor de nodige samenhang en coördinatie met <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de </STRING></STRING>fraudebestrijdingsactiviteiten van OLAF<STRING STRIKE="on"> en het EOM</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, Europol</STRING></STRING> en nationale douaneonderzoeken<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, alsook met de strafonderzoeken van het EOM of andere bevoegde nationale autoriteiten</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 269]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Om de EU-douaneautoriteit in staat te stellen een verslag op te stellen en een evaluatie te verrichten, verstrekken de douaneautoriteiten de EU-douaneautoriteit feedback over de door hen verrichte activiteiten en controles in het kader van een gezamenlijke controle.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 242</TI.ART><STI.ART>Door de douaneautoriteiten te nemen maatregelen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Overeenkomstig de andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving kunnen de douaneautoriteiten elk van de volgende maatregelen nemen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>het verzamelen van specifieke gegevens voor alle zendingen, daaronder begrepen geautomatiseerde controles van niet-douanegerelateerde formaliteiten in de Unie, mits deze in een centraal register van de Unie worden bewaard;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>het verstrekken van statistieken, analyses en trends, met name op het gebied van risico’s;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het faciliteren en coördineren van de controles door andere autoriteiten;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>het verrichten van controles op bepaalde zendingen, die zijn geselecteerd op basis van risicobeheer overeenkomstig titel IV en rekening houdend met de in punt b) bedoelde analyse;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>het raadplegen van andere autoriteiten voordat de goederen overeenkomstig artikel 60 worden vrijgegeven;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>het nemen van alle nodige maatregelen ten aanzien van niet-conforme goederen, daaronder begrepen verbeurdverklaring, verkoop of vernietiging van die goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>het uitvoeren van het in artikel 240 bedoelde samenwerkingskader;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(h)</NO.P>het waarschuwen van andere autoriteiten voor risico’s die relevant zijn voor hun werkzaamheden<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, alsook het melden van vermoedens van fraude en criminaliteit</STRING></STRING>;<STRING BOLD="on"> [Am. 270]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(i)</NO.P>het verrichten van follow-up wanneer het goederenverkeer inbreuk maakt op andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(j)</NO.P>elke andere aanvullende actie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Een lidstaat kan een gespecialiseerde douanedoorlaatpost aan de grens aanwijzen voor bepaalde andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving. De verplichting om goederen langs een daartoe aangewezen gespecialiseerde douanedoorlaatpost aan de grens te laten passeren, mag voor de marktdeelnemers geen beperkingen meebrengen die niet in verhouding staan tot het beoogde doel, rekening houdend met de omstandigheden die deze verplichting kunnen rechtvaardigen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De lidstaat stelt de EU-douaneautoriteit in kennis van de in lid 2 bedoelde aanwijzing en de EU-douaneautoriteit houdt een lijst van deze gespecialiseerde douanedoorlaatposten aan de grens bij en publiceert deze.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Om de identificatie, toepassing en handhaving van andere door de douaneautoriteiten toegepaste wetgeving te vergemakkelijken, stelt de Commissie een geïntegreerde lijst op van Uniewetgeving die eisen oplegt aan goederen die aan douanecontroles zijn onderworpen, met het oog op de bescherming van de openbare belangen, en werkt zij deze lijst regelmatig bij en publiceert zij deze op haar website.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende elke andere aanvullende actie als bedoeld in lid 1, punt j).</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 243</TI.ART><STI.ART>Internationale douanesamenwerking</STI.ART><PARAG>Onverminderd de bevoegdheden van de Commissie en onder voorbehoud van haar voorafgaande goedkeuring <STRING STRIKE="on">kan</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">maakt</STRING></STRING> de EU-douaneautoriteit werkafspraken<STRING STRIKE="on"> maken</STRING> met de autoriteiten van derde landen en internationale organisaties. Deze regelingen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">bieden de EU-douaneautoriteit de bevoegdheid om informatie en onder meer beste praktijken uit te wisselen met de autoriteiten van derde landen en internationale organisaties, en om gezamenlijke activiteiten uit te voeren. Deze regelingen </STRING></STRING>scheppen geen juridische verplichtingen ten aanzien van de Unie.<STRING BOLD="on"> [Am. 271]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 244</TI.ART><STI.ART>Uitwisseling van gegevens met derde landen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De Commissie, de douaneautoriteiten en de EU-douaneautoriteit kunnen gegevens uitwisselen en delen met douaneautoriteiten en andere autoriteiten van derde landen met het oog op douanesamenwerking, indien een internationale overeenkomst van de Unie, douanewetgeving, Uniewetgeving op het gebied van de gemeenschappelijke handelspolitiek of het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid, alsook andere Uniewetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast, in een dergelijke uitwisseling voorziet en er gegarandeerd wordt dat de doorgifte van persoonsgegevens in overeenstemming is met de bepalingen van respectievelijk hoofdstuk V van Verordening (EU) 2018/1725 of hoofdstuk V van Verordening (EU) 2016/679.</PARAG><PARAG>De Commissie wordt in kennis gesteld van de gegevensuitwisseling tussen douaneautoriteiten en de EU-douaneautoriteit, enerzijds, en douaneautoriteiten en andere autoriteiten van derde landen, anderzijds.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De in lid 1 bedoelde uitwisseling kan met name betrekking hebben op de volgende categorieën gegevens:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>gegevenselementen die zijn opgenomen in beschikkingen van de douaneautoriteiten of soortgelijke beschikkingen in derde landen met betrekking tot bindende inlichtingen, de status van geautoriseerde marktdeelnemer, de douanewaarde, de douanestatus van goederen of bijzondere regelingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>gegevenselementen die zijn opgenomen in aangiften, kennisgevingen en bewijzen van de douanestatus van goederen en in bewijsstukken die hetzij bij de douaneautoriteiten van de lidstaten of bij de Commissie, hetzij bij de voor douanezaken bevoegde autoriteiten van derde landen zijn ingediend, of door deze autoriteiten zijn afgegeven;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>door de douaneautoriteiten van de lidstaten of de Commissie, enerzijds, en de voor douanezaken bevoegde autoriteiten van derde landen, anderzijds, verkregen gegevens betreffende vastgestelde risico’s, gedane bevindingen en behaalde resultaten in het kader van door hen verrichte risicoanalyses en controles.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De in lid 1 bedoelde uitwisseling geschiedt met behulp van passende beveiligde communicatiemiddelen, hetzij op verzoek, hetzij op eigen initiatief, en met inachtneming van de vertrouwelijkheid van gegevens en de bescherming van persoonsgegevens overeenkomstig de artikelen 31, 35 en lid 1 van dit artikel.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De in lid 1 bedoelde uitwisseling doet geen afbreuk aan de inlichtingenuitwisseling in het kader van de bepalingen inzake wederzijdse administratieve bijstand in overeenkomsten tussen de Unie en derde landen, noch aan de bepalingen van Verordening (EG) nr. 517/97.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Een lidstaat kan overeenkomstig de procedures en voorwaarden die zijn vastgelegd in een overeenkomstig lid 6 vastgestelde gedelegeerde handeling, worden gemachtigd om onderhandelingen met een derde land aan te knopen met het oog op de sluiting van een bilaterale overeenkomst betreffende de in lid 1 bedoelde uitwisseling, of om een bestaande overeenkomst te handhaven. Een dergelijke bilaterale overeenkomst houdt op van toepassing te zijn bij de inwerkingtreding van een overeenkomst die voorziet in de uitwisseling van douanegegevens tussen de Unie en het betrokken derde land.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 een gedelegeerde handeling in aanvulling op deze verordening vast te stellen houdende de voorwaarden en procedures volgens welke een lidstaat kan worden gemachtigd onderhandelingen aan te knopen als bedoeld in lid 5. Deze omvatten een kennisgeving van de mogelijke inhoud van de bilaterale overeenkomst door de betrokken lidstaat aan de Commissie en alle andere lidstaten en een beoordeling door de Commissie van de gevolgen ervan voor het recht van de Unie en toekomstige onderhandelingen op het niveau van de Unie, met inbegrip van de vraag of de inhoud ervan beperkt is tot de uitvoering van verplichtingen van de Unie of internationaal recht. De gedelegeerde handeling voorziet ook in het toezicht op de uitvoering van die overeenkomsten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Aan </STRING></STRING>de Commissie <STRING STRIKE="on">besluit</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">worden uitvoeringsbevoegdheden toegekend om</STRING></STRING> binnen <STRING STRIKE="on">90</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">60</STRING></STRING> dagen na ontvangst van de kennisgeving <STRING STRIKE="on">door middel van </STRING>een uitvoeringshandeling<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> vast te stellen om te besluiten</STRING></STRING> of zij de lidstaat machtigt de bilaterale overeenkomst aan te gaan. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld.<STRING BOLD="on"> [Am. 272]</STRING></PARAG><PARAG>Om dwingende redenen van urgentie die verband houden met een dergelijke machtiging en naar behoren worden gemotiveerd door de noodzaak om de gevraagde inlichtingenuitwisseling snel mogelijk te maken, stelt de Commissie volgens de in artikel 262, lid 5, bedoelde procedure onmiddellijk toepasselijke uitvoeringshandelingen vast.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel XIV</TI><STI.GR>GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN BETREFFENDE DOUANEOVERTREDINGEN EN NIET-STRAFRECHTELIJKE SANCTIES</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Algemene bepalingen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 245</TI.ART><STI.ART>Onderwerp</STI.ART><PARAG>Deze titel bevat een lijst van douaneovertredingen en niet-strafrechtelijke sancties voor die overtredingen. Hij belet de lidstaten niet strengere maatregelen te nemen door te voorzien in administratieve of strafrechtelijke sancties overeenkomstig hun nationale recht. Hij heeft evenmin gevolgen voor andere overtredingen die in wetgeving van de Unie zijn vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 246</TI.ART><STI.ART>Algemene eisen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Handelingen of verzuimen als bedoeld in artikel 252 vormen een douaneovertreding.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Uitlokking van of medeplichtigheid aan handelingen of verzuimen als bedoeld in artikel 252 vormt een douaneovertreding.</PARAG><PARAG>Poging tot handelingen of verzuimen als bedoeld in artikel 252 vormt een douaneovertreding.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten bepalen of de in artikel 252 bedoelde overtredingen opzettelijk dan wel door klaarblijkelijke nalatigheid of een kennelijke fout zijn begaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Administratieve of kleine vergissingen vormen geen douaneovertreding, tenzij de douaneautoriteit kan aantonen dat zij opzettelijk of als gevolg van klaarblijkelijke nalatigheid of een kennelijke fout zijn begaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Wanneer een handeling of verzuim tot een in artikel 252 bedoelde douaneovertreding heeft geleid en die handeling of dat verzuim een reactie was op abnormale en onvoorzienbare omstandigheden buiten de betrokkene, waarvan de gevolgen ondanks alle voorzorgsmaatregelen niet konden worden vermeden, wordt de persoon die de handeling of het verzuim heeft begaan, van zijn verantwoordelijkheid ontheven.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 247</TI.ART><STI.ART>Verzachtende omstandigheden</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Wanneer de persoon die verantwoordelijk is voor een handeling die of verzuim dat tot een douaneovertreding als bedoeld in artikel 252 heeft geleid, het bewijs levert dat hij te goeder trouw heeft gehandeld, wordt dit in aanmerking genomen bij de vaststelling van de in artikel 254 bedoelde sanctie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Voor de verlaging van de op de douaneovertreding toe te passen sanctie wordt rekening gehouden met de volgende omstandigheden:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de goederen in kwestie zijn niet onderworpen aan de andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de douaneovertreding heeft geen gevolgen voor de vaststelling van het bedrag aan douanerechten en andere belastingen dat moet worden betaald;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de voor de douaneovertreding verantwoordelijke persoon verleent effectieve medewerking aan de douaneautoriteit;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de complexiteit van de onderliggende transactie, het aantal vergelijkbare transacties.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 273]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 248</TI.ART><STI.ART>Verzwarende omstandigheden</STI.ART><PARAG>Voor de verzwaring van de op de douaneovertreding toe te passen sanctie als bedoeld in artikel 254 wordt rekening gehouden met de volgende omstandigheden:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de voor de douaneovertreding verantwoordelijke persoon is eerder al voor een douaneovertreding bestraft of heeft voortdurende en herhaalde douaneovertredingen begaan;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de douaneovertreding heeft aanzienlijke gevolgen voor andere wetgeving die door de douaneautoriteiten wordt toegepast;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de douaneovertreding heeft aanzienlijke financiële gevolgen voor de inning van douanerechten of andere heffingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>de douaneovertreding vormt een gevaar voor de veiligheid van de Unie en haar inwoners.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 249</TI.ART><STI.ART>Verjaring</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De lidstaten stellen de verjaringstermijn voor de inleiding van een procedure met betrekking tot een in artikel 252 bedoelde douaneovertreding vast op een periode tussen 5 en 10 jaar vanaf de datum waarop de handeling of het verzuim is begaan.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten dragen er zorg voor dat, in het geval van voortdurende of herhaalde douaneovertredingen, de verjaringstermijn begint op de dag waarop de handeling die of het verzuim dat een douaneovertreding vormt, stopt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten dragen er zorg voor dat de verjaringstermijn wordt gestuit door elke handeling van de bevoegde autoriteit, waarvan de betrokkene in kennis wordt gesteld, in verband met een onderzoek of gerechtelijke procedure met betrekking tot dezelfde douaneovertreding. De verjaringstermijn vangt aan op de dag van de stuitende handeling.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De lidstaten dragen er zorg voor dat een procedure met betrekking tot een douaneovertreding als bedoeld in artikel 252 niet meer kan worden ingeleid of voortgezet na het verstrijken van een termijn van acht jaar vanaf de in lid 1 of lid 2 bedoelde dag.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De lidstaten dragen er zorg voor dat de verjaringstermijn voor de uitvoering van een sanctiebesluit drie jaar bedraagt. Die termijn vangt aan op de dag waarop dat besluit definitief wordt.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>De lidstaten stellen de gevallen vast waarin de in de leden 1, 4 en 5 vermelde verjaringstermijnen worden geschorst.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 250</TI.ART><STI.ART>Rechtsmacht</STI.ART><PARAG>De lidstaten oefenen overeenkomstig het nationale recht rechtsmacht uit ten aanzien van de in artikel 252 bedoelde douaneovertredingen, indien die overtreding geheel of gedeeltelijk op het grondgebied van die lidstaat is gepleegd.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 251</TI.ART><STI.ART>Samenwerking tussen lidstaten</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Wanneer in artikel 252 bedoelde douaneovertredingen in meer dan één lidstaat worden begaan en een bevoegde autoriteit van een lidstaat als eerste een procedure met betrekking tot die overtreding inleidt, werkt die bevoegde autoriteit samen met de bevoegde autoriteiten van de lidstaten die betrokken zijn bij dezelfde douaneovertreding tegen dezelfde persoon voor dezelfde feiten.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De Commissie ziet toe op de samenwerking tussen de lidstaten overeenkomstig lid 1.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Uniedouaneovertredingen en niet-strafrechtelijke Uniesancties</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 252</TI.ART><STI.ART>Uniedouaneovertredingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De volgende handelingen of verzuimen vormen een douaneovertreding:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>verzuim van de houder van een beschikking betreffende de toepassing van de douanewetgeving om de uit die beschikking voortvloeiende verplichtingen na te komen en om de douaneautoriteiten onverwijld in kennis te stellen van alle voorvallen die zich na afgifte van een beschikking door deze autoriteiten voordoen en die op de continuïteit of de inhoud ervan van invloed kunnen zijn, overeenkomstig de titels I en II;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>niet-naleving van de verplichting om de douane informatie te verstrekken overeenkomstig deze verordening, daaronder begrepen het verzuim om een douaneaangifte in te dienen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>het verstrekken van onvolledige, onjuiste, ongeldige, niet-authentieke, valse of vervalste gegevens of documenten aan de douane;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(d)</NO.P>verzuim van de verantwoordelijke persoon om de documenten en informatie met betrekking tot het vervullen van douaneformaliteiten te bewaren;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(e)</NO.P>onttrekking van goederen aan het douanetoezicht;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(f)</NO.P>verzuim van de verantwoordelijke persoon om de verplichtingen in verband met douaneregelingen na te komen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g)</NO.P>niet-betaling van de invoer- of uitvoerrechten door de tot betaling gehouden persoon binnen de overeenkomstig titel X, hoofdstuk 3, vastgestelde termijn;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(g bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">niet-naleving van de verplichtingen van de importeur en gelijkgestelde importeur overeenkomstig de artikelen 20 en 21.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 274]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Onverminderd lid 1 kunnen de lidstaten verdere handelingen en verzuimen als douaneovertreding aanmerken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De lidstaten delen de Commissie uiterlijk 180 dagen na de datum van toepassing van dit artikel de in lid 2 van dit artikel beoogde geldende nationale bepalingen mee en stellen haar onverwijld in kennis van alle latere wijzigingen die van invloed zijn op die bepalingen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 253</TI.ART><STI.ART>Algemene eisen met betrekking tot sancties</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Onverminderd de in artikel 254 vastgestelde sancties kunnen de lidstaten voorzien in verdere sancties voor douaneovertredingen als bedoeld in artikel 252 en in alle maatregelen die nodig zijn om de uitvoering van die sancties te garanderen. Deze sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> De Commissie, de lidstaten en de EU-douaneautoriteit wisselen regelmatig beste praktijken en toepasbare methoden inzake controle en de berekening van sancties uit om de convergentie en samenhang van sancties in de Unie te verbeteren. De Commissie beoordeelt regelmatig of de sancties voldoende doeltreffend zijn om de in artikel 2 beschreven doelstellingen van de douaneautoriteiten te verwezenlijken, en of er maatregelen moeten worden genomen.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 275]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten delen de Commissie uiterlijk 180 dagen na de datum van toepassing van dit artikel de in lid 1 van dit artikel beoogde geldende nationale bepalingen mee en stellen haar onverwijld in kennis van alle latere wijzigingen die van invloed zijn op die bepalingen.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 254</TI.ART><STI.ART>Minimale niet-strafrechtelijke sancties</STI.ART><PARAG>Wanneer sancties voor douaneovertredingen als bedoeld in artikel 252 worden toegepast, <STRING STRIKE="on">gebeurt dat ten minste in een of meer van de volgende vormen, waarbij wordt gewaarborgd dat de</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voorziet elke lidstaat in</STRING></STRING> sancties<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> die</STRING></STRING> doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn, <STRING STRIKE="on">en er</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">waarbij</STRING></STRING> rekening wordt gehouden met verzachtende omstandigheden als bedoeld in artikel 247 en met verzwarende omstandigheden als bedoeld in artikel 248:<STRING BOLD="on"> [Am. 276]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een door de douaneautoriteiten opgelegde geldboete, daaronder begrepen, in voorkomend geval, een schikking die in de plaats komt van een strafrechtelijke sanctie en berekend is op basis van de volgende minimumbedragen of -percentages:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>i)</NO.P>wanneer de douaneovertreding gevolgen heeft voor de douanerechten en andere heffingen, wordt de geldboete berekend op basis van het bedrag van de ontdoken douanerechten en andere heffingen, als volgt:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(1)</NO.P>indien de douaneovertreding opzettelijk is begaan, is de geldboete gelijk aan een bedrag tussen 100 % en 200 % van het bedrag aan ontdoken douanerechten en andere heffingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(2)</NO.P>in andere gevallen is de geldboete gelijk aan een bedrag tussen 30 % en 100 % van het bedrag aan ontdoken douanerechten en andere heffingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>ii)</NO.P>wanneer de geldboete niet kan worden berekend overeenkomstig punt i), wordt de geldboete berekend op basis van de douanewaarde van de goederen, als volgt:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(1)</NO.P>indien de douaneovertreding opzettelijk is begaan, is de geldboete gelijk aan een bedrag tussen 100 % en 200 % van het bedrag van de douanewaarde van de goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(2)</NO.P>in andere gevallen is de geldboete gelijk aan een bedrag tussen 30 % en 100 % van het bedrag van de douanewaarde van de goederen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>iii)</NO.P>wanneer de douaneovertreding geen betrekking heeft op specifieke goederen, is de geldboete gelijk aan een bedrag tussen 150 EUR en 150 000 EUR;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de intrekking, schorsing of wijziging van douanebeschikkingen die de betrokkene heeft gekregen, indien de overtreding gevolgen heeft voor die beschikking;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de verbeurdverklaring van de goederen en vervoermiddelen.</PARAG><PARAG><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten nemen een besluit over het gebruik van de opbrengsten uit de handhaving van niet-strafrechtelijke sancties, behalve wanneer deze overeenkomstig artikel 311, derde alinea, VWEU als eigen middelen zijn vastgesteld.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 277]</STRING></PARAG><PARAG>De sanctiemaatregelen of -besluiten die voor een douaneovertreding worden genomen, worden samen met de resultaten van de douanecontroles geregistreerd in de EU-douanedatahub.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TITITRE">Titel XV</TI><STI.GR>SLOTBEPALINGEN</STI.GR><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 1</TI><STI.GR>Prestatiemeting van de douane-unie</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 255</TI.ART><STI.ART>Toepassingsgebied en doelstellingen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De Commissie beoordeelt en evalueert de prestaties van de douane-unie ten minste eenmaal per jaar. Hierbij worden metingen verricht van de douaneactiviteiten die door de douaneautoriteiten van de lidstaten en, waar mogelijk, de kandidaat-lidstaten zijn uitgevoerd op nationaal niveau en op het niveau van de grensdoorlaatposten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en vindt een regelmatige monitoring plaats van de uitgaven van de nationale douaneautoriteiten voor de uitvoering van hun activiteiten</STRING></STRING>. Deze metingen kunnen voortbouwen op bestaande instrumenten die daartoe door de Commissie en de lidstaten zijn ontwikkeld.<STRING BOLD="on"> [Am. 278]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De EU-douaneautoriteit <STRING STRIKE="on">staat de Commissie bij die taak bij. Ter ondersteuning van</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ondersteunt</STRING></STRING> de Commissie bij haar evaluatie van de prestaties van de douane-unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">. Met het oog daarop</STRING></STRING> brengt de EU-douaneautoriteit in kaart hoe douaneactiviteiten en -operaties de verwezenlijking van de strategische doelstellingen en prioriteiten van de douane-unie ondersteunen en bijdragen aan de in artikel 2 vastgestelde missie van de douaneautoriteiten. De EU-douaneautoriteit brengt met name belangrijke trends, sterke en zwakke punten, lacunes en potentiële risico’s in kaart<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, ondersteunt de Commissie bij het verzamelen van relevante gegevens over de hoogte van de uitgaven van de nationale douaneautoriteiten om hun werking te waarborgen,</STRING></STRING> en doet aanbevelingen voor verbetering aan de Commissie.<STRING BOLD="on"> [Am. 279]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 256</TI.ART><STI.ART>Kaderbepaling en jaarlijkse verslaglegging</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De EU-douaneautoriteit stelt in samenwerking met de douaneautoriteiten verslagen en andere soorten documenten op om de doelstellingen van artikel 255 te verwezenlijken.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten verstrekken de EU-douaneautoriteit gegevens met informatie zowel op nationaal niveau als op het niveau van de grensdoorlaatposten. Op basis van de van de douaneautoriteiten ontvangen gegevens stelt de EU-douaneautoriteit voor elke douaneautoriteit op nationaal niveau en op het niveau van de grensdoorlaatposten een jaarverslag op met feiten en cijfers over het verstreken jaar.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De EU-douaneautoriteit zendt het ontwerpjaarverslag ter goedkeuring toe aan de Commissie.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>De Commissie verifieert het verslag en zendt het vervolgens ter informatie toe aan <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><STRING STRIKE="on">de lidstaten</STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 280]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De Commissie bepaalt door middel van uitvoeringshandelingen de in lid 2 bedoelde gegevens, het niveau van vertrouwelijkheid van die gegevens, en de inrichting van het kader voor prestatiemeting. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE></GR.ART></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 2</TI><STI.GR>Toezicht, evaluatie en verslaglegging</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 257</TI.ART><STI.ART>Toezicht</STI.ART><PARAG>De Commissie houdt regelmatig toezicht op de uitvoering van deze verordening, rekening houdend met onder meer voor toezichtsdoeleinden relevante informatie en analyses die door de douaneautoriteiten en de EU-douaneautoriteit in de EU-douanedatahub worden verstrekt of beschikbaar gesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 258</TI.ART><STI.ART>Evaluatie en verslaglegging</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Uiterlijk op ... [PB: gelieve datum in te voegen = <STRING STRIKE="on">5</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 </STRING></STRING>jaar na de inwerkingtreding<STRING STRIKE="on">OP please insert the date = 5</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING STRIKE="on">3</STRING></STRING></STRING><STRING STRIKE="on"> years after the entry into force</STRING>], en vervolgens om de vijf jaar, verricht de Commissie een evaluatie van deze verordening in het licht van de beoogde doelstellingen en brengt zij daarover verslag uit bij het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité.<STRING BOLD="on"> [Am. 281]</STRING></PARAG><PARAG>Dat verslag bevat:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>een overzicht van de vooruitgang die de lidstaten hebben geboekt met betrekking tot de uitvoering van deze verordening;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>een beoordeling van de doeltreffendheid, efficiëntie, samenhang, relevantie en meerwaarde voor de Unie van deze verordening, met name met betrekking tot de in artikel 2 bedoelde doelstellingen;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">een overzicht van de uitgesplitste kosten die de Unie en de lidstaten hebben gemaakt voor de uitvoering van deze verordening, met inbegrip van een vergelijking met de kosten die op de datum van inwerkingtreding van deze verordening werden gemaakt.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 282]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Op verzoek van de Commissie en overeenkomstig hoofdstuk 1 van deze titel verstrekken de lidstaten informatie over de uitvoering van deze verordening die nodig is voor de opstelling van het in lid 2 bedoelde verslag.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 3</TI><STI.GR>Valutaomrekening en termijnen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 259</TI.ART><STI.ART>Valutaomrekening</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De bevoegde autoriteiten publiceren de geldende wisselkoers en/of maken deze op het internet bekend indien een valuta moet worden omgerekend om een van de onderstaande redenen:</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de elementen aan de hand waarvan de douanewaarde van goederen wordt vastgesteld, zijn in een andere valuta uitgedrukt dan die van de lidstaat waar deze waarde wordt bepaald;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de tegenwaarde van de euro in nationale valuta is vereist voor de vaststelling van de tariefindeling van goederen en het bedrag aan invoer- en uitvoerrechten, met inbegrip van drempelbedragen in het gemeenschappelijk douanetarief.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Indien om andere dan de in lid 1 genoemde redenen een valuta moet worden omgerekend, wordt de tegenwaarde van de euro in nationale valuta die in het kader van de douanewetgeving moet worden toegepast, minstens eenmaal per jaar vastgesteld.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen voorschriften voor de valutaomrekening voor de in de leden 1 en 2 bedoelde doeleinden vast. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 262, lid 4, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 260</TI.ART><STI.ART>Termijnen, datums en vervaldagen</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Tenzij anders is bepaald, kan indien in de douanewetgeving een termijn, datum of vervaldag is vastgesteld, een dergelijke termijn niet worden verlengd of verkort en een dergelijke datum of vervaldag niet worden uitgesteld of vervroegd.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De in Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71<FOOTNOTE><FIELD>Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van de Raad van 3 juni 1971 houdende vaststelling van de regels die van toepassing zijn op termijnen, data en aanvangs- en vervaltijden (PB L 124 van 8.6.1971, blz. 1).</FIELD></FOOTNOTE> van de Raad vastgestelde voorschriften voor termijnen, datums en vervaldagen zijn van toepassing, behalve wanneer in de douanewetgeving anders is bepaald.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 4</TI><STI.GR>Bevoegdheidsdelegatie en comitéprocedure</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 261</TI.ART><STI.ART>Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De in de artikelen<STRING STRIKE="on"> 4,</STRING> 6, 7, 10, 14, 19, 23<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, 24</STRING></STRING>, 25, 27, 28, 29, 31, 32, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">40 bis, 40 ter, 51, </STRING></STRING>56, 58, 59<STRING STRIKE="on">, 60</STRING>, 63, 65, 66, 71, 72, 73, 77, 80, 81, 83, 85, 86, 88, 90, 91, 95, 97, 99, 101, 102, 105, 107, 108, 109, 111, 115, 116, 119, 123, 132, 148, 150, 156, 167, 168, 169, 170, 173, 175, 176, 179, 181, 186, 193, 199, 242, 244 en 265 bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Het Europees Parlement of de Raad kan de in de artikelen <STRING STRIKE="on">4, </STRING>6, 7, 10, 14, 19, 23<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, 24</STRING></STRING>, 25, 27, 28, 29, 31, 32, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">40 bis, 40 ter, 51, </STRING></STRING>56, 58, 59<STRING STRIKE="on">, 60</STRING>, 63, 65, 66, 71, 72, 73, 77, 80, 81, 83, 85, 86, 88, 90, 91, 95, 97, 99, 101, 102, 105, 107, 108, 109, 111, 115, 116, 119, 123, 132, 148, 150, 156, 167, 168, 169, 170, 173, 175, 176, 179, 181, 186, 193, 199, 242, 244 en 265 bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.<STRING BOLD="on"> [Am. 283]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Vóór de vaststelling van een gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn neergelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Een overeenkomstig de artikelen <STRING STRIKE="on">4, </STRING>6, 7, 10, 14, 19, 23<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, 24</STRING></STRING>, 25, 27, 28, 29, 31, 32, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">40 bis, 40 ter, 51, </STRING></STRING>56, 58, 59<STRING STRIKE="on">, 60</STRING>, 63, 65, 66, 71, 72, 73, 77, 80, 81, 83, 85, 86, 88, 90, 91, 95, 97, 99, 101, 102, 105, 107, 108, 109, 111, 115, 116, 119, 123, 132, 148, 150, 156, 167, 168, 169, 170, 173, 175, 176, 179, 181, 186, 193, 199, 242, 244 en 265 vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie heeft meegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.<STRING BOLD="on"> [Am. 284]</STRING></PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 262</TI.ART><STI.ART>Comitéprocedure</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De Commissie wordt bijgestaan door het Comité douanewetboek. Dat comité is een comité in de zin van Verordening (EU) nr. 182/2011.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 4 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 8 van Verordening (EU) nr. 182/2011 in samenhang met artikel 4 daarvan van toepassing.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 8 van Verordening (EU) nr. 182/2011 in samenhang met artikel 5 daarvan van toepassing.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Wanneer het advies van het comité via een schriftelijke procedure dient te worden verkregen en naar dit lid wordt verwezen, wordt die procedure slechts zonder gevolg beëindigd indien, binnen de termijn voor het uitbrengen van het advies, door de voorzitter van het comité daartoe wordt besloten.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><GR.ART><TI TITLE="TICHAPITRE">Hoofdstuk 5</TI><STI.GR>Slotbepalingen</STI.GR><ARTICLE><TI.ART>Artikel 263</TI.ART><STI.ART>Intrekking</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>Verordening (EU) nr. 952/2013 <STRING STRIKE="on">wordt</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en Verordening (EU) 2022/2399 worden</STRING></STRING> ingetrokken.<STRING BOLD="on"> [Am. 285]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>Verwijzingen naar Verordening (EU) nr. 952/2013 gelden als verwijzingen naar de onderhavige verordening en worden gelezen volgens de concordantietabel in de bijlage.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>Met ingang van de in artikel 265, lid 4, vastgestelde datum worden verwijzingen naar de douaneaangifte geacht ook de verstrekking te omvatten van de gegevens die nodig zijn om goederen onder een douaneregeling te plaatsen met gebruikmaking van de capaciteiten van de EU-douanedatahub.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Met ingang van de in artikel 265, lid 4, vastgestelde datum worden verwijzingen naar de aangever geacht ook de vervoerder, de importeur, de exporteur of de houder van de regeling douanevervoer, naargelang het geval, te omvatten.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 264</TI.ART><STI.ART>Inwerkingtreding</STI.ART><PARAG>Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING>.</PARAG></ARTICLE><ARTICLE><TI.ART>Artikel 265</TI.ART><STI.ART>Toepassing</STI.ART><PARAG NO="YES"><NO.P>1.</NO.P>De artikelen 205 tot en met 237 zijn van toepassing met ingang van 1 januari <STRING STRIKE="on">2028</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2026</STRING></STRING>.<STRING BOLD="on"> [Am. 286]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>2.</NO.P>De volgende bepalingen zijn van toepassing met ingang van 1 maart <STRING STRIKE="on">2028</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2026</STRING></STRING>:<STRING BOLD="on"> [Am. 287]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de bepalingen betreffende de vereenvoudigde tariefbehandeling in artikel 145, leden 5, 6 en 7, en in artikel 147, punt a), ii);</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de bepalingen betreffende de vereenvoudigde tariefbehandeling voor afstandsverkopen in artikel 149, lid 4, artikel 150, lid 10, en artikel 156, lid 2;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de bepalingen betreffende gelijkgestelde importeurs in artikel 20, lid 3, punt e), artikel 21, artikel 59, lid 2, artikel 60, lid 6, punt a), artikel 67, lid 2, artikel 67, lid 4, punt d), artikel 159, lid 2, artikel 181, lid 5, en artikel 184, lid 3.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>3.</NO.P>De functies van de in artikel 29 vastgestelde EU-douanedatahub zijn uiterlijk op 31 december <STRING STRIKE="on">2037</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2032</STRING></STRING> volledig operationeel.<STRING BOLD="on"> [Am. 288]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>4.</NO.P>Marktdeelnemers kunnen hun rapportageverplichtingen uit hoofde van deze verordening met ingang van 1 <STRING STRIKE="on">maart 2032</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">januari 2029</STRING></STRING> beginnen te vervullen met behulp van de EU-douanedatahub.<STRING BOLD="on"> [Am. 289]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>5.</NO.P>De douaneautoriteiten herbeoordelen de vergunningen die op grond van Verordening (EU) nr. 952/2013 zijn verleend in de periode van 1 januari 2035 tot en met 31 december 2037.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>6.</NO.P>Vóór 31 december 2027 dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in met een beoordeling van de gecentraliseerde vrijmaking als bedoeld in artikel 72. In voorkomend geval kan de Commissie een wetgevingsvoorstel indienen om te zorgen voor een eerlijke verdeling van de rechten en plichten van de lidstaten in verband met de vaststelling en aansprakelijkheid voor de douaneschuld bij invoer.<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Dat verslag wordt openbaar gemaakt.</STRING></STRING><STRING BOLD="on"> [Am. 290]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>7.</NO.P>Uiterlijk op 31 december <STRING STRIKE="on">2035</STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2031</STRING></STRING> dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, en publiceert zij dat,</STRING></STRING> met een beoordeling van met name:<STRING BOLD="on"> [Am. 291]</STRING></PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(a)</NO.P>de doeltreffendheid van het douanetoezicht op de Trust&amp;Check-ondernemers door de douaneautoriteiten van de lidstaat van vestiging alsook van de uitvoering van de bepalingen betreffende de plaats van het ontstaan van de douaneschuld;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(b)</NO.P>de doeltreffendheid van het douanetoezicht op andere marktdeelnemers dan Trust&amp;Check-ondernemers;</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>(c)</NO.P>de mogelijke gevolgen van de in lid 8 bedoelde wijzigingen.</PARAG><PARAG NO="YES"><NO.P>8.</NO.P>De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 261 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van deze verordening, indien zulks passend is in het licht van het in lid 7 bedoelde verslag, door de in artikel 42, lid 3, tweede alinea, en artikel 169, lid 1, tweede alinea, bedoelde afwijkingen te schrappen of te wijzigen.</PARAG><PARAG>Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.</PARAG></ARTICLE></GR.ART><SIGNATURE><P>Gedaan te …,</P><P><STRING ITALIC="on">Voor het Europees Parlement	Voor de Raad</STRING></P><P><STRING ITALIC="on">De voorzitter	De voorzitter</STRING></P></SIGNATURE><ANNEX><TI><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bijlage I bis</STRING></STRING></TI><P><TABLE><TGROUP COLS="5"><COLSPEC COLNAME="C1" COLNUM="1" COLWIDTH="22.48*"/><COLSPEC COLNAME="C2" COLNUM="2" COLWIDTH="18.27*"/><COLSPEC COLNAME="C3" COLNUM="3" COLWIDTH="16.86*"/><COLSPEC COLNAME="C4" COLNUM="4" COLWIDTH="22.49*"/><COLSPEC COLNAME="C5" COLNUM="5" COLWIDTH="19.9*"/><TBODY><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Niet-douaneformaliteit van de Unie</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Acroniem</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Niet-douanesysteem van de Unie</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Relevante Uniewetgeving</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Toepassingsdatum</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gemeenschappelijk gezondheidsdocument van binnenkomst voor dieren</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">GGB-A</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Traces</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gemeenschappelijk gezondheidsdocument van binnenkomst voor producten</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">GGB-P</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Traces</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2017/625</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gemeenschappelijk gezondheidsdocument van binnenkomst voor diervoeders en levensmiddelen van niet-dierlijke oorsprong</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">GGB-D</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Traces</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2017/625</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gemeenschappelijk gezondheidsdocument van binnenkomst voor planten en plantaardige producten</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">GGB-PP</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Traces</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2017/625</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Controlecertificaat</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">COI</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Traces</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2018/848 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2018/848 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad (PB L 150 van 14.6.2018, blz. 1).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">s</STRING></STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Vergunning voor stoffen die de ozonlaag afbreken</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">OAS</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">OAS-2-vergunningen-systeem</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EG) nr. 1005/2009 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EG) nr. 1005/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende de ozonlaag afbrekende stoffen (PB L 286 van 31.10.2009, blz. 1).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gefluoreerde broeikasgassen</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">F-Gas</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">F-Gas-portaal en HFK-vergunningen-systeem</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) nr. 517/2014 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) nr. 517/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende gefluoreerde broeikasgassen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 842/2006 (PB L 150 van 20.5.2014, blz. 195).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Invoervergunning voor cultuurgoederen</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ICG-L</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Traces</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2019/880 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING><FOOTNOTE><FIELD><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2019/880 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 betreffende het binnenbrengen en de invoer van cultuurgoederen (PB L 151 van 7.6.2019, blz. 1).</STRING></STRING></FIELD></FOOTNOTE></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Importeursverklaring voor cultuurgoederen</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ICG-S</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Traces</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2019/880</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Algemene beschrijving voor cultuurgoederen</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ICG-D</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Traces</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2019/880</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Niet-douaneformaliteit van de Unie</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Acroniem</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Niet-douanesysteem van de Unie</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Andere relevante Uniewetgeving dan de douanewetgeving</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verbinding uiterlijk op</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Invoervergunning voor wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Flegt</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Traces</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EG) nr. 2173/2005 van de Raad</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Unieregeling voor controle op de uitvoer, de tussenhandel, de technische bijstand, de doorvoer en de overbrenging van producten voor tweeërlei gebruik</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">DuES</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">e-vergunningensysteem</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2021/821 </STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3 maart 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Certificaten voor de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Cites</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Traces</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">1 oktober 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Informatie- en communicatiesysteem voor markttoezicht</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ICSMS</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C3"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ICSMS</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C4"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Verordening (EU) 2019/1020 van het Europees Parlement en de Raad</STRING></STRING></P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C5"><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">16 december 2025</STRING></STRING></P></ENTRY></ROW></TBODY></TGROUP></TABLE></P><P><STRING BOLD="on">[Am 292]</STRING></P></ANNEX><ANNEX><TI>Bijlage</TI><P>Concordantietabel</P><P><TABLE><TGROUP COLS="2"><COLSPEC COLNAME="C1" COLNUM="1" COLWIDTH="67.33*"/><COLSPEC COLNAME="C2" COLNUM="2" COLWIDTH="32.67*"/><TBODY><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Verordening (EU) nr. 952/2013</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Deze verordening</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 1</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 1</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 3</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 2</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 4</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 3</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 2</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 4</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 5</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 5</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 22</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 6</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 23</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 7</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 26</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 8</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 27</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 9</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 28</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 10</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 29</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 11</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 30</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 12</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 33</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 13</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 34</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 14</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 43</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 15</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 44</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 16</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 45</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 17</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 52</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 18</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 9</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 19</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 20</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 21</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 22</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 38</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 23</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 39</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 24</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 25</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 26</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 18</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 27</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 19</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 28</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 29</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 30</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 31</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 32</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 33</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 34</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 35</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 36</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 37</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 13</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 38</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 14</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 39</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikelen 51 en 163</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 40</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 134, lid 1, eerste zin, en artikel 158</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 41, lid 1</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 134, lid 1, tweede alinea</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 41, lid 2</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 134, lid 1, vierde alinea</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 41, lid 3</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 158, lid 3</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 41, lid 6</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 134, lid 2</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 41, lid 7</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 159, leden 1 en 2</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 42, leden 1 en 2</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 46, lid 1</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 43, leden 1 en 2</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 47, lid 1</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 43, lid 3</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 188</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 44, lid 1</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 189</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 45, leden 1, 2 en 3</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 190, lid 1</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 45, lid 4</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 191</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 46</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 192</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 47</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 48</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 48, leden 1 en 2</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 49</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 49</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 46, lid 4, tweede alinea</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 50, lid 2</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 46, leden 6 en 7</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 52</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 153</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 51</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 154</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 52</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 53</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 54</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 55</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 153</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 56</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 154</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 57</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 155</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 58</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 59</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 194, lid 1, eerste alinea</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 60, lid 2</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P> </P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 61</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 129</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 62, leden 1 en 2</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 158, leden 1 en 2</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 63, leden 1 en 3</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 159, lid 3</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 63, lid 4</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 162</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 64</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 166</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 65</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 167</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 66</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 170</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 67</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 171</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 68</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 172</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 69</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 173</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 70</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 174</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 71</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 179</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 72</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 182</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 73</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 74</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 75</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 197</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 76</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 198</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 77</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 199</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 78</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 127, lid 1</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 79</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 127, lid 3, eerste alinea, en artikel 127, lid 4, eerste alinea</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P> Artikel 80, lid 1</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 127, lid 2</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 80, lid 6</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 128</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 81, lid 1</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 129</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 82</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 133</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 83</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 135</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 84</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 139</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 85</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 147, leden 1 en 2</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 86, leden 2 en 3</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 87</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 201, lid 1</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 88, lid 1</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 201, lid 2</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 88, lid 3</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 202</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 89</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 203</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 90</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 204</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 91</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 205</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 92</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 208</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 93</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 94</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 263, leden 1 en 2, en artikelen 270, 271 en 274</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 95, leden 1 en 2</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikelen 272 en 275</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 96</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 264</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 97</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 98</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 269, lid 1, en artikel 274</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 99, lid 1</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 277</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 100</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 210</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 101</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 211</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 102</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 211, lid 2</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 103</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 214</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 104</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 215</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 105</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 218</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 106</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 219</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 107</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 220</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 108</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 223</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 109</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 110</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 226</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 111</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 227</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 112</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 228</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 113</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 229</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 114</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 230</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 115</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 233</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 116</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 234</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 117</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikelen 237 en 246</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 118</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 145, lid 1</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 119, lid 1</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 146</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 120</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 238</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 121</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 240</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 122</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 148, leden 1, 2 en 3</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 123</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 148, leden 5 en 6, en artikel 240, lid 3</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 124</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 241</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 125</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 242</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 126</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 243</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 127</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 244</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 128</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 247</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 129</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 248</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 130</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 249</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 131</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 250</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 132</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 251</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 133</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 252</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 134</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 254</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 135</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 255</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 136</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 256</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 137</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 257</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 138</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 258</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 139</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 259</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 140</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 260</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 141</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 260 bis</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 142</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 261</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 143</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 262</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 144</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 56</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 145</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 57</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 146</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 59</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 147</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 60</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 148</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 61</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 149</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 64</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 150</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 67</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 151</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 69</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 152</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 70</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 153</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 71</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 154</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 72</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 155</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 73</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 156</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 74</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 157</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 158</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 77</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 159</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 78</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 160</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 79</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 161</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 80</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 162</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 81</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 163</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 82</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 164</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 83</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 165</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 84</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 166</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 85</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 167</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 86</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 168</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 87</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 169</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 89</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 170</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 90</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 171</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 91</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 172</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 92</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 173</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 93</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 174</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 94</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 175</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 95</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 176</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 96</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 177</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 97</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 178</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 98</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 179</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 101</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 180</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 102</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 181</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 103</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 182</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 104</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 183</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 105</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 184</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 107</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 185</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 108</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 186</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 109</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 187</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 110</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 188</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 111</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 189</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 112</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 190</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 113</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 191</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 114</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 192</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 116</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 193</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 117</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 194</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 118</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 195</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 119</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 196</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 120</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 197</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 121</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 198</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 124</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 199</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 125</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 200</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 201</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 202</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 203</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 204</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 205</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 206</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 207</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 208</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 209</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 210</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 211</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 212</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 213</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 214</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 215</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 216</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 217</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 218</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 219</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 220</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 221</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 222</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 223</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 224</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 225</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 226</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 227</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 228</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 229</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 230</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 231</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 232</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 233</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 234</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 235</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 236</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 237</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 238</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 239</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 240</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 241</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 242</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 243</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 244</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 245</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 246</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 247</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 248</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 249</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 250</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 251</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 252</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 253</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P> Artikel 254</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 255</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 256</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 257</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>—</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 258</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 53</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 259</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 56</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 260</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 284</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 261</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 285</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 262</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 286</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 263</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 287</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 264</P></ENTRY></ROW><ROW><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C1"><P>Artikel 288</P></ENTRY><ENTRY ALIGN="LEFT" COLNAME="C2"><P>Artikel 265</P></ENTRY></ROW></TBODY></TGROUP></TABLE></P></ANNEX></DISPOSITIF></TEXT></TCONSOLID></TXTLST></SDOCTA>