<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF4" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P9_TA(2024)0163</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (herschikking)</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A9-0180/2023 - Rapporteurs: Nils Ušakovs, Monika Hohlmeier)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 14 maart 2024 over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (herschikking) (COM(2022)0223 – C9-0179/2022 – 2022/0162(COD))</STRING></TI><NOTE>(Gewone wetgevingsprocedure – herschikking)</NOTE><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het voorstel van de Commissie aan het Parlement en de Raad (COM(2022)0223),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 294, lid 2, en artikel 322, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en artikel 106 bis van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C9‑0179/2022),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van de Rekenkamer van 31 oktober 2022<FOOTNOTE><FIELD>PB C 446 van 24.11.2022, blz. 26.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 28 november 2001 over een systematischer gebruik van de herschikking van besluiten<FOOTNOTE><FIELD>PB C 77 van 28.3.2002, blz. 1.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de brief d.d. 25 april 2023 van de Commissie juridische zaken aan de Begrotingscommissie en de Commissie begrotingscontrole overeenkomstig artikel 110, lid 3, van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het overeenkomstig artikel 74, lid 4, van zijn Reglement door de bevoegde commissies goedgekeurde voorlopig akkoord en de door de vertegenwoordiger van de Raad bij brief van 20 december 2023 gedane toezegging om het standpunt van het Europees Parlement overeenkomstig artikel 294, lid 4, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie goed te keuren,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de gezamenlijke beraadslagingen van de Begrotingscommissie en de Commissie begrotingscontrole krachtens artikel 58 van het Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de artikelen 110 en 59 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van de Commissie regionale ontwikkeling,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de brief van de Commissie industrie, onderzoek en energie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Begrotingscommissie en de Commissie begrotingscontrole (A9-0180/2023),</P></VISA></GRVISA><GRCONS><CONS><P><NO.P>A.</NO.P>overwegende dat het voorstel van de Commissie volgens de adviesgroep van de juridische diensten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie geen andere inhoudelijke wijzigingen bevat dan die welke als zodanig in het voorstel worden vermeld en dat met betrekking tot de codificatie van de ongewijzigde bepalingen van de eerdere besluiten met die wijzigingen kan worden geconstateerd dat het voorstel louter een codificatie van de bestaande besluiten behelst, zonder inhoudelijke wijzigingen;</P></CONS></GRCONS></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast, rekening houdend met de aanbevelingen van de adviesgroep van de juridische diensten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement en de Raad die als bijlage bij deze resolutie is gevoegd en in de C-serie van het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> zal worden gepubliceerd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die als bijlage bij deze resolutie is gevoegd en in de C-serie van het <STRING ITALIC="on">Publicatieblad van de Europese Unie</STRING> zal worden gepubliceerd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>neemt kennis van de verklaringen van de Commissie die als bijlage bij deze resolutie is gevoegd;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>6.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST><TXTLST><IDENT TCLINK="YES"><STRING BOLD="on">P9_TC1-COD(2022)0162</STRING></IDENT><OTTXT><TI><STRING BOLD="on">Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing vastgesteld op 14 maart 2024 met het oog op de vaststelling van Verordening (EU, Euratom) 2024/... van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (herschikking)</STRING></TI><NOTE><STRING ITALIC="on">(Aangezien het Parlement en de Raad tot overeenstemming zijn geraakt, komt het standpunt van het Parlement overeen met de definitieve rechtshandeling: Verordening (EU, Euratom) 2024/2509.)</STRING></NOTE></OTTXT></TXTLST><TXTLST><ANNEX><TI>BIJLAGE BIJ DE WETGEVINGSRESOLUTIE</TI><STI><STRING BOLD="on"><STRING UNDERLINE="on">Gezamenlijke verklaring over de budgettaire behandeling van rente of andere heffingen die verschuldigd zijn op nietig verklaarde of verlaagde boeten, andere dwangsommen of sancties ter gelegenheid van de vaststelling van Verordening (EU, Euratom) 2024/2509</STRING></STRING></STI><P>“Het Europees Parlement en de Raad zijn overeengekomen dat rente of andere heffingen die verschuldigd zijn op nietig verklaarde of verlaagde boeten, andere dwangsommen of sancties, voor de duur van het huidige meerjarige kader als negatieve ontvangsten zullen worden geboekt. Dit is een uitzondering op het verbod op negatieve ontvangsten, die beperkt is tot deze specifieke, onvoorzienbare situatie.</P><P>Onverminderd ieders prerogatieven komen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie overeen om, rekening houdend met de ervaringen uit het verleden en de verwachte toekomstige ontwikkelingen, een met de begrotingsbeginselen van het Financieel Reglement strokende duurzame langetermijnoplossing voor de financiering van dergelijke rente of andere heffingen te onderzoeken die na 2027 zal worden toegepast, onder meer met betrekking tot de rentevoet die in dergelijke situaties over het bedrag van de terug te betalen boeten of andere dwangsommen moet worden betaald als een passende compensatie voor de begunstigde ondernemingen.”</P><P><STRING BOLD="on"><STRING UNDERLINE="on">Gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over het centrale instrument voor datamining en risicoscores als bedoeld in artikel 36 van het Financieel Reglement ter gelegenheid van de vaststelling van Verordening (EU, Euratom) 2024/2509</STRING></STRING></P><P>“Het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (“de drie instellingen”) erkennen het belang van een betere bescherming van de financiële belangen van de Unie, zoals aangegeven in het Interinstitutioneel Akkoord (“IIA”) van 16 december 2020 en zoals bepaald in artikel 325 VWEU.</P><P>De drie instellingen zijn het erover eens dat het instrument verder moet worden ontwikkeld overeenkomstig de regels inzake IT-beveiliging en gegevensbescherming. Om de administratieve lasten te verminderen en onevenredige IT-kosten voor de lidstaten en de andere gebruikers te voorkomen, zal rekening worden gehouden met reeds bestaande goedgekeurde systemen in de lidstaten.</P><P>De drie instellingen verbinden zich ertoe samen te werken aan de verdere ontwikkeling van het instrument. De Commissie bevestigt dat zij het instrument in overleg met de gebruikers verder zal ontwikkelen en dat zij de lidstaten bij technische vragen ondersteuning zal blijven bieden. De lidstaten zullen met de Commissie samenwerken om synergieën mogelijk te maken die nodig zijn voor de interoperabiliteit met relevante IT-systemen en databanken.</P><P>Onverminderd hun respectieve bevoegdheden verbinden de drie instellingen zich ertoe het verplichte gebruik van het instrument tijdens het meerjarig financieel kader voor de periode na 2027 te onderzoeken en opnieuw te bespreken nadat de Commissie op basis van de in artikel 36, lid 6, van het Financieel Reglement bedoelde criteria heeft vastgesteld dat het instrument bedrijfsklaar is.”</P><P><STRING BOLD="on"><STRING UNDERLINE="on">Unilaterale verklaring van de Commissie over vrijmakingen ter gelegenheid van de vaststelling van Verordening (EU, Euratom) 2024/2509</STRING></STRING></P><P>“In het kader van de voorbereiding van het meerjarig financieel kader voor de periode na 2027 zal de Commissie zich buigen over de uitbreiding van het toepassingsgebied van de wederopvoering van met vrijmakingen overeenstemmende kredieten. Dit laat het toekomstige voorstel van de Commissie over het meerjarig financieel kader voor de periode na 2027 en het recht van wetgevend initiatief van de Commissie, zoals vastgelegd in de Verdragen, onverlet.”</P><P><STRING BOLD="on"><STRING UNDERLINE="on">Unilaterale verklaring van de Commissie over het systeem voor vroegtijdige opsporing en uitsluiting ter gelegenheid van de vaststelling van Verordening (EU, Euratom) 2024/2509</STRING></STRING></P><P>“De Europese Commissie erkent dat het belangrijk is de administratieve lasten voor de autoriteiten van de lidstaten tot een minimum te beperken bij de gerichte uitbreiding van het systeem voor vroegtijdige opsporing en uitsluiting (EDES) tot gedeeld beheer en direct beheer met de lidstaten.</P><P>De Commissie zet zich in voor de ontwikkeling van uitgebreide richtsnoeren en het aanbieden van opleidingen aan de lidstaten over de uitvoering van het EDES en het gebruik van de EDES-databank.</P><P>De Commissie zal de EDES-databank blijven verbeteren door bijvoorbeeld zoekopdrachten van meerdere entiteiten mogelijk te maken en de opmaak van de databank te verbeteren.</P><P>De Commissie zal streven naar IT-interoperabiliteit tussen het EDES en relevante nationale systemen om het proces te stroomlijnen en snellere controles van de uitsluitingssituaties van betrokken personen of entiteiten mogelijk te maken.</P><P>De Commissie bevestigt dat elk verzoek om aanvullende informatie ten behoeve van het EDES niet verder gaat dan wat strikt noodzakelijk en evenredig is, en zal worden behandeld in overeenstemming met de toepasselijke gegevensbeschermingsregels. Er wordt aan herinnerd dat in het advies van de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming over het voorstel van de Commissie voor een herschikking van het Financieel Reglement geen bezorgdheid werd geuit over het EDES.</P><P>De Commissie is vastbesloten om te zorgen voor een soepele overgang naar de toepassing van het EDES, in volledige samenwerking met de lidstaten.”</P></ANNEX></TXTLST></SDOCTA>