<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P9_TA(2024)0180</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Vaststelling van een grensprocedure voor terugkeer en wijziging van Verordening (EU) 2021/1148</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A9-0164/2024 - Rapporteur: Fabienne Keller)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 10 april 2024 over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een terugkeergrensprocedure en tot wijziging van Verordening (EU) 2021/1148 (COM(2016)0467/COM(2020)0611 – C9-0039/2024 – 2016/0224B(COD))</STRING></TI><NOTE>(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)</NOTE><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2016)0467) en het gewijzigde voorstel (COM(2020)0611),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 294, lid 2, artikel 78, lid 2, punt d), en artikel 79, lid 2, punt d), van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C9‑0039/2024),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van de Commissie juridische zaken inzake de voorgestelde rechtsgrond,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 294, lid 3, en artikel 79, lid 2, punt c), van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 14 december 2016<FOOTNOTE><FIELD> PB C 75 van 10.3.2017, blz. 97.</FIELD></FOOTNOTE> en dat van 25 februari 2021<FOOTNOTE><FIELD> PB C 155 van 30.4.2021, blz. 64.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het advies van het Comité van de Regio’s van 8 februari 2017<FOOTNOTE><FIELD> PB  C 207 van 30.6.2017, blz. 67.</FIELD></FOOTNOTE> en dat van 19 maart 2021<FOOTNOTE><FIELD> PB C 175 van 7.5.2021, blz. 32.</FIELD></FOOTNOTE>,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het overeenkomstig artikel 74, lid 4, van zijn Reglement door de bevoegde commissie goedgekeurde voorlopig akkoord en de door de vertegenwoordiger van de Raad bij brief van 8 februari 2024 gedane toezegging om het standpunt van het Europees Parlement overeenkomstig artikel 294, lid 4, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie goed te keuren,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het besluit van de Conferentie van voorzitters van 21 februari 2024 om de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken toestemming te verlenen om de wetgevingsprocedure te splitsen en twee afzonderlijke geconsolideerde teksten ter behandeling op de plenaire vergadering voor te leggen;</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien de artikelen 59 en 40 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A9‑0164/2024),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de nationale parlementen.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF></TEXT></RESOL></TXTLST><TXTLST><IDENT TCLINK="YES"><STRING BOLD="on">P9_TC1-COD(2016)0224B</STRING></IDENT><OTTXT><TI><STRING BOLD="on">Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing vastgesteld op 10 april 2024 met het oog op de vaststelling van Verordening (EU) 2024/... van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een terugkeergrensprocedure en tot wijziging van Verordening (EU) 2021/1148</STRING></TI><NOTE><STRING ITALIC="on">(Aangezien het Parlement en de Raad tot overeenstemming zijn geraakt, komt het standpunt van het Parlement overeen met de definitieve rechtshandeling: Verordening (EU) 2024/1349.)</STRING></NOTE></OTTXT></TXTLST></SDOCTA>