<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><SDOCTA xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" STATUS="DEF1" xsi:noNamespaceSchemaLocation="TA.xsd"><IDENT><STRING BOLD="on">P9_TA(2024)0219</STRING></IDENT><TI><STRING BOLD="on">Verrekenprijzen</STRING></TI><HIDDEN><STRING HIDDEN="on" ITALIC="on">(A9-0066/2024 - Rapporteur: Kira Marie Peter‑Hansen)</STRING></HIDDEN><TXTLST><RESOL><TI><STRING BOLD="on">Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 10 april 2024 over het voorstel voor een richtlijn van de Raad inzake verrekenprijzen (COM(2023)0529 – C9-0339/2023 – 2023/0322(CNS))</STRING></TI><NOTE>(Bijzondere wetgevingsprocedure – raadpleging)</NOTE><TEXT><PREAMBLE><PRINIT><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement,</STRING></PRINIT><GRVISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad (COM(2023)0529),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 115 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C9‑0339/2023),</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien artikel 82 van zijn Reglement,</P></VISA><VISA><P><NO.P>–</NO.P>gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken (A9‑0066/2024),</P></VISA></GRVISA></PREAMBLE><DISPOSITIF><ACTLST><ACTION><P><NO.P>1.</NO.P>hecht zijn goedkeuring aan het voorstel van de Commissie, zoals geamendeerd door het Parlement;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>2.</NO.P>verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 293, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie dienovereenkomstig te wijzigen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>3.</NO.P>verzoekt de Raad, wanneer deze voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>4.</NO.P>wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het voorstel van de Commissie;</P></ACTION><ACTION><P><NO.P>5.</NO.P>verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.</P></ACTION></ACTLST></DISPOSITIF><AMDLST><HD><HEAD.OLD><STRING ITALIC="on">Door de Commissie voorgestelde tekst</STRING></HEAD.OLD><HEAD.NEW><STRING ITALIC="on">Amendement</STRING></HEAD.NEW></HD><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		1</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(2 bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het begrip “grondslaguitholling en winstverschuiving” (BEPS) heeft betrekking op belastingplanningstrategieën van multinationale ondernemingen die mazen in en mismatches tussen belastingregels uitbuiten om belasting te ontwijken.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Hoewel verrekenprijzen momenteel nodig zijn om te bepalen waar winsten worden gerapporteerd, zijn ze door bedrijven ook wel misbruikt om belastingverplichtingen te drukken in landen met hogere belastingtarieven, wat leidt tot winstverschuiving.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het zakelijkheidsbeginsel moet in de lidstaten en door belastingplichtigen worden toegepast op een wijze die belastingplichtigen meer fiscale zekerheid biedt en de mogelijkheden voor winstverschuiving tot een minimum beperkt.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		2</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 2 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(2 ter)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De langetermijnoplossing om belastingontwijking doeltreffend aan te pakken en een minimumniveau van effectieve belasting voor MNO-groepen te garanderen, moet een systeem van “formula apportionment” ten bate van alle lidstaten zijn.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		3</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(3)</NO.P>Wanneer lidstaten het zakelijkheidsbeginsel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">verschillend</STRING></STRING> toepassen of interpreteren, creëren zij situaties die schadelijk kunnen zijn voor de interne markt. Inconsistentie in de toepasselijke verrekenprijsregels kan niet alleen leiden tot dubbele belastingheffing, maar ook tot winstverschuivingen en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belastingontwijking</STRING></STRING>. Een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dergelijke inconsistentie vormt een ernstig fiscaal obstakel</STRING></STRING> voor bedrijven die grensoverschrijdend actief zijn, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zal</STRING></STRING> waarschijnlijk leiden tot economische verstoringen en inefficiënties en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">heeft</STRING></STRING> negatieve gevolgen voor grensoverschrijdende investeringen en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">groei</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(3)</NO.P>Wanneer lidstaten het zakelijkheidsbeginsel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">op een aanzienlijk verschillende wijze</STRING></STRING> toepassen of interpreteren, creëren zij situaties die schadelijk kunnen zijn voor de interne markt<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, tot onnodige kosten voor bedrijven kunnen leiden bij geschillen, schadelijke belastingconcurrentie kunnen veroorzaken, agressieve belastingontwijkingsstructuren kunnen aantrekken, illegale staatssteun kunnen vormen en de inkomsten van de lidstaten kunnen verminderen</STRING></STRING>. Inconsistentie in de toepasselijke verrekenprijsregels kan niet alleen leiden tot dubbele belastingheffing, maar ook tot winstverschuivingen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, belastingontwijking</STRING></STRING> en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dubbele niet-belastingheffing</STRING></STRING>. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Dergelijke aanzienlijke inconsistenties kunnen </STRING></STRING>een <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">ernstige bedreiging vormen voor de belastinginkomsten, de belastingmoraal en de beperkte capaciteit van de belastingdiensten. Dergelijke inconsistenties leiden bovendien tot belemmeringen</STRING></STRING> voor bedrijven<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, in het bijzonder kmo’s,</STRING></STRING> die grensoverschrijdend actief zijn, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">zullen</STRING></STRING> waarschijnlijk leiden tot economische verstoringen en inefficiënties en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">hebben</STRING></STRING> negatieve gevolgen voor grensoverschrijdende investeringen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Voorts moet de Commissie ervoor zorgen dat deze richtlijn niet inconsistent is met de recentste OESO-richtsnoeren, met inbegrip van bedrag A en bedrag B van pijler 1, die tot doel hebben de bestaande regels voor verrekenprijzen te vereenvoudigen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		4</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 3 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(3 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Belastingdiensten moeten echter in overweging nemen dat geassocieerde ondernemingen wel degelijk een nauwkeurige marktprijs kunnen vaststellen wanneer er geen marktkrachten werkzaam zijn of wanneer een bepaalde commerciële strategie wordt gevolgd.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		5</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 3 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(3 ter)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Bij het begin van het BEPS-project in 2013 schatte de OESO, met inachtneming van de methodologische beperkingen en de beperkte gegevens, dat wereldwijd jaarlijks tussen 100 en 240 miljard USD aan vennootschapsbelasting wordt misgelopen</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> als gevolg van BEPS-praktijken, waaronder manipulatie van verrekenprijzen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> https://www.oecd.org/tax/beps-project-explanatory-statement-9789264263437-en.htm</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		6</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 4</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(4)</NO.P>Deze richtlijn bevat regels om te zorgen voor een gemeenschappelijke toepassing van het zakelijkheidsbeginsel in de hele Unie, met als doel om de fiscale zekerheid te vergroten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en</STRING></STRING> het aantal gevallen van dubbele belastingheffing en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">dubbele niet-belastingheffing</STRING></STRING> te verminderen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(4)</NO.P>Deze richtlijn bevat regels om te zorgen voor een gemeenschappelijke toepassing van het zakelijkheidsbeginsel in de hele Unie, met als doel om de fiscale zekerheid te vergroten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> het aantal gevallen van dubbele <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">niet-belastingheffing en dubbele </STRING></STRING>belastingheffing <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">te verminderen, de nalevingskosten </STRING></STRING>en <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het aantal geschillen</STRING></STRING> te verminderen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met name voor belastingplichtigen die grensoverschrijdend actief zijn binnen de Unie, en fiscaal misbruik te voorkomen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		7</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 6</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(6)</NO.P>Om dubbele belastingheffing te beperken, moeten de lidstaten beschikken over adequate mechanismen om, wanneer een primaire correctie plaatsvindt in een andere lidstaat of rechtsgebied van een derde land, een overeenkomstige correctie te kunnen doorvoeren. De lidstaten moeten met name de mogelijkheid hebben om overeenkomstige correcties uit te voeren en mogen de toekenning van een dergelijke correctie niet beperken in het kader van procedures voor onderling overleg (een POO), maar ook niet als gevolg van: i) een “versnelde” procedure die binnen 180 dagen moet worden afgerond zonder dat een POO hoeft te worden gestart wanneer er geen twijfel bestaat over de gegrondheid van de primaire correctie; of ii) gezamenlijke audits of andere vormen van internationale samenwerking, waaronder multilaterale risicobeoordelingsprogramma’s zoals de Europese aanpak van vertrouwen en samenwerking (Etaca) en het Internationaal programma voor nalevingsborging (ICAP).</P></OLD><NEW><P><NO.P>(6)</NO.P>Om dubbele belastingheffing te beperken, moeten de lidstaten beschikken over adequate mechanismen om, wanneer een primaire correctie plaatsvindt in een andere lidstaat of rechtsgebied van een derde land, een overeenkomstige correctie te kunnen doorvoeren. De lidstaten moeten met name de mogelijkheid hebben om overeenkomstige correcties uit te voeren en mogen de toekenning van een dergelijke correctie niet beperken in het kader van procedures voor onderling overleg (een POO), maar ook niet als gevolg van: i) een “versnelde” procedure die binnen 180 dagen moet worden afgerond zonder dat een POO hoeft te worden gestart wanneer er geen twijfel bestaat over de gegrondheid van de primaire correctie; of ii) gezamenlijke audits of andere vormen van internationale samenwerking, waaronder multilaterale risicobeoordelingsprogramma’s zoals de Europese aanpak van vertrouwen en samenwerking (Etaca) en het Internationaal programma voor nalevingsborging (ICAP). <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Daartoe moeten de lidstaten gebruikmaken van alle procedures en regelingen waarin de richtlijn administratieve samenwerking (DAC) voorziet, met name de derde en zesde herziening, die betrekking hebben op respectievelijk de uitwisseling van informatie met betrekking tot voorafgaande verrekenprijsafspraken en de uitwisseling van informatie over verplicht aan te melden grensoverschrijdende constructies die door tussenpersonen of door de betrokken belastingplichtige zijn aangemeld.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		8</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 6 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(6 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Gezien de mogelijke toename van het aantal geschillen vereist deze richtlijn de invoering van snelle geschillenbeslechtingsmechanismen voor alle mogelijke vorderingen. Het arbitragesysteem moet snel zijn, zodat overeenkomsten kunnen worden bereikt en eventuele problemen en geschillen worden voorkomen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		9</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 6 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(6 ter)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het bestaan van toegankelijke geschillenbeslechtingsmechanismen is van cruciaal belang voor grensoverschrijdende handel, omdat daardoor fiscale zekerheid wordt geboden en dubbele belastingheffing voor belastingplichtigen wordt voorkomen. Door meer gebruik te maken van procedures voor onderling overleg, zoals beschreven in het Arbitrageverdrag van de EU, kunnen zaken binnen kortere termijnen worden afgehandeld. Daartoe worden de lidstaten verzocht om voldoende middelen toe te wijzen, zodat de termijnen worden gehaald en de procedures voor onderling overleg een doeltreffend instrument kunnen worden om dubbele belastingheffing te voorkomen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		10</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 7</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(7)</NO.P>Er kunnen legitieme redenen zijn waarom een overeenkomstige correctie niet wordt toegestaan of kleiner is dan de primaire correctie. In het bijzonder dienen de lidstaten geen overeenkomstige correcties toe te staan indien: i) de primaire correctie wordt geacht niet in overeenstemming met het zakelijkheidsbeginsel te zijn, ii) de primaire correctie niet leidt tot de belasting van een bedrag aan winst in een ander rechtsgebied waarover de geassocieerde onderneming in de betrokken lidstaat al belasting moet betalen, en iii) indien in het geval dat er een rechtsgebied van een derde land bij is betrokken, er geen belastingverdrag bestaat. Wanneer er geen primaire correctie plaatsvindt, mogen de lidstaten alleen een neerwaartse correctie aanbrengen indien: i) de neerwaartse correctie in overeenstemming is met het zakelijkheidsbeginsel, ii) een bedrag gelijk aan de neerwaartse correctie is opgenomen in de winst van de geassocieerde onderneming in het andere rechtsgebied en daar belasting moet worden betaald, en iii) een mededeling over het voornemen om een neerwaartse correctie door te voeren naar het desbetreffende rechtsgebied is gestuurd. Het doel van de vorige bepalingen is ervoor te zorgen dat: i) de lidstaten het recht behouden om te beoordelen of de primaire correctie op zakelijke basis plaatsvindt, en ii) er geen sprake is van dubbele belastingheffing of dubbele niet-belastingheffing. De lidstaten mogen geen situaties van dubbele niet-belastingheffing creëren.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(7)</NO.P>Er kunnen legitieme redenen zijn waarom een overeenkomstige correctie niet wordt toegestaan of kleiner is dan de primaire correctie. In het bijzonder dienen de lidstaten geen overeenkomstige correcties toe te staan indien: i) de primaire correctie wordt geacht niet in overeenstemming met het zakelijkheidsbeginsel te zijn, ii) de primaire correctie niet leidt tot de belasting van een bedrag aan winst in een ander rechtsgebied waarover de geassocieerde onderneming in de betrokken lidstaat al belasting moet betalen, en iii) indien in het geval dat er een rechtsgebied van een derde land bij is betrokken, er geen belastingverdrag bestaat. Wanneer er geen primaire correctie plaatsvindt, mogen de lidstaten alleen een neerwaartse correctie aanbrengen indien: i) de neerwaartse correctie in overeenstemming is met het zakelijkheidsbeginsel<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en niet tot dubbele niet-belastingheffing leidt</STRING></STRING>, ii) een bedrag gelijk aan de neerwaartse correctie is opgenomen in de winst van de geassocieerde onderneming in het andere rechtsgebied en daar belasting moet worden betaald, en iii) een mededeling over het voornemen om een neerwaartse correctie door te voeren naar het desbetreffende rechtsgebied is gestuurd. Het doel van de vorige bepalingen is ervoor te zorgen dat: i) de lidstaten het recht behouden om te beoordelen of de primaire correctie op zakelijke basis plaatsvindt, en ii) er geen sprake is van dubbele belastingheffing of dubbele niet-belastingheffing. De lidstaten mogen geen situaties van dubbele niet-belastingheffing creëren.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		11</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 13</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(13)</NO.P>Om het aantal geschillen tot een minimum te beperken en een gemeenschappelijke aanpak in de hele Unie te waarborgen, wordt in deze richtlijn voorts bepaald dat er voor een belastingplichtige geen correcties mogen worden doorgevoerd wanneer zijn resultaten binnen het interkwartielbereik vallen, tenzij de belastingdienst of de belastingplichtige aantoont dat een specifieke verschillende positionering in het bereik gerechtvaardigd is door de feiten en omstandigheden van het specifieke geval. Wanneer de resultaten van een concerntransactie buiten de zakelijke bandbreedte vallen, moeten de belastingdiensten worden verplicht de mediaan van alle resultaten te corrigeren, tenzij de belastingplichtige of de belastingdienst aantoont dat in een specifiek geval een ander punt in het bereik een betrouwbaardere zakelijke prijs geeft.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(13)</NO.P>Om het aantal geschillen tot een minimum te beperken<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, de daaraan verbonden kosten voor bedrijven te verminderen</STRING></STRING> en een gemeenschappelijke aanpak in de hele Unie te waarborgen, wordt in deze richtlijn voorts bepaald dat er voor een belastingplichtige geen correcties mogen worden doorgevoerd wanneer zijn resultaten binnen het interkwartielbereik vallen, tenzij de belastingdienst of de belastingplichtige aantoont dat een specifieke verschillende positionering in het bereik gerechtvaardigd is door de feiten en omstandigheden van het specifieke geval. Wanneer de resultaten van een concerntransactie buiten de zakelijke bandbreedte vallen, moeten de belastingdiensten worden verplicht de mediaan van alle resultaten te corrigeren, tenzij de belastingplichtige of de belastingdienst aantoont dat in een specifiek geval een ander punt in het bereik een betrouwbaardere zakelijke prijs geeft.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		12</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 14</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(14)</NO.P>Om de regeldruk voor belastingplichtigen die binnen de Unie grensoverschrijdend actief zijn te verlagen, moet voorts een gemeenschappelijke aanpak van de documentatie over verrekenprijzen worden ingevoerd. Eén standaardmodel, regels inzake de inhoud en taalkundige regelingen, termijnen en de vaststelling welke belastingplichtigen onder de documentatieplicht vallen, zouden vereenvoudiging en potentiële kostenbesparingen opleveren, rekening houdend met hoofdstuk V over documentatie van de OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen en de gedragscode inzake verrekenprijsdocumentatie voor geassocieerde ondernemingen in de Europese Unie<STRING SUPERSCRIPT="on">33</STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(14)</NO.P>Om de regeldruk voor belastingplichtigen die binnen de Unie grensoverschrijdend actief zijn te verlagen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en om het risico van belastingontwijking te beperken</STRING></STRING>, moet voorts een gemeenschappelijke aanpak van de documentatie over verrekenprijzen worden ingevoerd. Eén standaardmodel, regels inzake de inhoud en taalkundige regelingen, termijnen en de vaststelling welke belastingplichtigen onder de documentatieplicht vallen, zouden vereenvoudiging en potentiële kostenbesparingen opleveren, rekening houdend met hoofdstuk V over documentatie van de OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen en de gedragscode inzake verrekenprijsdocumentatie voor geassocieerde ondernemingen in de Europese Unie<STRING SUPERSCRIPT="on">33</STRING>. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Ook om de toepassing van deze richtlijn door belastingdiensten en bedrijven te vergemakkelijken, is het zaak dat die termen op Unieniveau op geharmoniseerde wijze worden uitgelegd. Daarom moeten de lidstaten hun belastingdiensten in staat stellen om efficiënt om te gaan met de gemeenschappelijke documentatie-inspanningen op het gebied van verrekenprijzen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">33</STRING> Resolutie van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, van 27 juni 2006 betreffende een gedragscode inzake verrekenprijsdocumentatie voor gelieerde ondernemingen in de Europese Unie (EU-TDP) (2006/C 176/01) (https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:42006X0728(01)).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">33</STRING> Resolutie van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, van 27 juni 2006 betreffende een gedragscode inzake verrekenprijsdocumentatie voor gelieerde ondernemingen in de Europese Unie (EU-TDP) (2006/C 176/01) (https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:42006X0728(01)).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		13</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 16</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(16)</NO.P>Om belastingplichtigen meer zekerheid te bieden en het risico van dubbele <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belastingheffing te beperken, voorziet deze richtlijn in de mogelijkheid om via uitvoeringshandelingen verdere gemeenschappelijke bindende verrekenprijsregels vast</STRING></STRING> te <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">stellen.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Deze uitvoeringshandelingen zullen belastingplichtigen een duidelijk beeld geven van wat de belastingdiensten in de Unie aanvaardbaar achten voor specifieke transacties</STRING></STRING>, en<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> zullen voorzien in zogenoemde “veilige havens” die regeldruk en het aantal geschillen zullen verminderen.</STRING></STRING> Gezien de mogelijke impact van dergelijke maatregelen op de nationale uitvoerende en handhavingsbevoegdheden op het gebied van directe belastingen, de uitoefening van belastingrechten die zijn toegekend in het kader van bilaterale of multilaterale belastingverdragen ter voorkoming van dubbele belastingheffing of dubbele niet-belastingheffing, en gezien de mogelijke gevolgen voor de belastinggrondslagen van de lidstaten, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moeten uitvoeringsbevoegdheden</STRING></STRING> om <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">besluiten op grond</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">deze richtlijn</STRING></STRING> vast te stellen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, aan de Raad worden toegekend op voorstel</STRING></STRING> van de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Commissie</STRING></STRING>.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(16)</NO.P>Om belastingplichtigen meer zekerheid te bieden en het risico van dubbele <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">niet-belastingheffing en dubbele belastingheffing</STRING></STRING> te <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">beperken</STRING></STRING>, en gezien de mogelijke impact van dergelijke maatregelen op de nationale uitvoerende en handhavingsbevoegdheden op het gebied van directe belastingen, de uitoefening van belastingrechten die zijn toegekend in het kader van bilaterale of multilaterale belastingverdragen ter voorkoming van dubbele belastingheffing of dubbele niet-belastingheffing, en gezien de mogelijke gevolgen voor de belastinggrondslagen van de lidstaten, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen</STRING></STRING> om <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">overeenkomstig artikel 290</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen</STRING></STRING> vast te stellen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> om verdere gemeenschappelijke bindende verrekenprijsregels vast te stellen.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Deze gedelegeerde handelingen zullen belastingplichtigen een duidelijk beeld geven</STRING></STRING> van <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wat </STRING></STRING>de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">belastingdiensten in de Unie aanvaardbaar achten voor specifieke transacties, en zullen voorzien in zogenoemde “veilige havens” die regeldruk en het aantal geschillen zullen verminderen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		14</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 16 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(16 bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Aangezien verrekenprijzen een kwestie zijn die in de loop van de tijd evolueert, zal het van essentieel belang zijn om voortdurend na te gaan of deze richtlijn moet worden aangepast om de uniformiteit van de verrekenprijsmethoden binnen de Unie en op mondiaal niveau te waarborgen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		15</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 16 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(16 ter)</NO.P>	 <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Gezamenlijk EU-Forum voor verrekenprijzen heeft praktische oplossingen aangedragen voor de uitdagingen die verrekenprijspraktijken in alle lidstaten met zich meebrengen. De heroprichting van dit forum, met een ruimer mandaat, biedt nationale deskundigen uit de lidstaten, samen met vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven, de academische wereld en het maatschappelijk middenveld, de mogelijkheid om de Commissie te ondersteunen, wat kan resulteren in wetgeving waarmee het gestelde doel, meer zekerheid voor bedrijven in de Unie, kan worden bereikt.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Een gezamenlijke visie van belastingplichtigen en belastingautoriteiten biedt een ruimer perspectief als het erom gaat praktische oplossingen te vinden.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		16</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 17</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(17)</NO.P>Om de doeltreffendheid van de nieuwe regels in deze richtlijn te beoordelen, moet de Commissie een evaluatie opstellen op basis van de door de lidstaten verstrekte informatie en andere beschikbare gegevens.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(17)</NO.P>Om de doeltreffendheid <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en het effect </STRING></STRING>van de nieuwe regels in deze richtlijn te beoordelen, moet de Commissie een evaluatie opstellen op basis van de door de lidstaten verstrekte informatie en andere beschikbare gegevens<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, zo nodig vergezeld van een wetgevingsvoorstel</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		17</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 17 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>(17 bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie moet de toepassing van deze richtlijn op MNO-groepen die onder het toepassingsgebied van het voorstel voor een richtlijn van de Raad “Bedrijven in Europa: kader voor de belastingheffing van inkomsten” (Befit) vallen, evalueren.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		18</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 18</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(18)</NO.P>Om bedrijven in staat te stellen rechtstreeks de voordelen van de interne markt te genieten zonder onnodige extra administratieve lasten, moet informatie over de belastingbepalingen van deze richtlijn toegankelijk worden gemaakt via één digitale toegangspoort, overeenkomstig Verordening (EU) 2018/1724<STRING SUPERSCRIPT="on">34</STRING>. Deze digitale toegangspoort biedt een centraal loket voor grensoverschrijdende gebruikers voor de onlineverstrekking van informatie, procedures en ondersteuning die relevant zijn voor de werking van de interne markt.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(18)</NO.P>Om bedrijven in staat te stellen rechtstreeks de voordelen van de interne markt te genieten zonder onnodige extra administratieve lasten, moet informatie over de belastingbepalingen van deze richtlijn toegankelijk worden gemaakt via één digitale toegangspoort, overeenkomstig Verordening (EU) 2018/1724<STRING SUPERSCRIPT="on">34</STRING>. Deze digitale toegangspoort biedt een centraal loket voor grensoverschrijdende gebruikers voor de onlineverstrekking van informatie, procedures en ondersteuning die relevant zijn voor de werking van de interne markt. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Dat centrale loket moet intuïtief en gemakkelijk toegankelijk zijn en moet zijn uitgerust met de nodige instrumenten opdat het geen nieuw bureaucratisch obstakel voor bedrijven opwerpt.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De positieve ervaring met het centrale loket voor de belasting over de toegevoegde waarde (btw) kan dienen als te volgen voorbeeld van een goed functionerend loket.</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">_________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><STRING SUPERSCRIPT="on">34</STRING> Verordening (EU) 2018/1724 van het Europees Parlement en de Raad van 2 oktober 2018 tot oprichting van één digitale toegangspoort voor informatie, procedures en diensten voor ondersteuning en probleemoplossing en houdende wijziging van Verordening (EU) nr. 1024/2012 (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 1).</P></OLD><NEW><P><STRING SUPERSCRIPT="on">34</STRING> Verordening (EU) 2018/1724 van het Europees Parlement en de Raad van 2 oktober 2018 tot oprichting van één digitale toegangspoort voor informatie, procedures en diensten voor ondersteuning en probleemoplossing en houdende wijziging van Verordening (EU) nr. 1024/2012 (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 1).</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		19</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Overweging 21</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>(21)</NO.P>Om de administratieve lasten voor belastingplichtigen te verminderen, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen met betrekking tot de verrekenprijsdocumentatie, door gemeenschappelijke modellen vast te leggen, taalkundige vereisten vast te stellen en te bepalen welk type belastingplichtige zich aan deze modellen moet houden en welke termijnen in acht moeten worden genomen. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden passende raadplegingen houdt, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen worden uitgevoerd in overeenstemming met de beginselen van het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven. Om met name te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen, ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde moment als de deskundigen van de lidstaten en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van gedelegeerde handelingen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>(21)</NO.P>Om de administratieve lasten voor belastingplichtigen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en het risico van belastingontwijking </STRING></STRING>te verminderen, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen met betrekking tot de verrekenprijsdocumentatie, door gemeenschappelijke modellen vast te leggen, taalkundige vereisten vast te stellen en te bepalen welk type belastingplichtige zich aan deze modellen moet houden en welke termijnen in acht moeten worden genomen. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden passende raadplegingen houdt, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen worden uitgevoerd in overeenstemming met de beginselen van het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven. Om met name te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen, ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde moment als de deskundigen van de lidstaten en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van gedelegeerde handelingen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		20</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 1 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>Deze richtlijn bevat regels om de verrekenprijsregels van de lidstaten te harmoniseren en te zorgen voor een gemeenschappelijke toepassing van het zakelijkheidsbeginsel binnen de Unie.</P></OLD><NEW><P>Deze richtlijn bevat regels om de verrekenprijsregels van de lidstaten te harmoniseren en te zorgen voor een gemeenschappelijke toepassing van het zakelijkheidsbeginsel binnen de Unie<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, met als doel de naleving voor bedrijven te vereenvoudigen en tegelijk de handhaving van de belastingregels binnen de Unie te garanderen</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		21</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – alinea 1 – punt 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1)</NO.P>“zakelijkheidsbeginsel”: de internationale norm die voorschrijft dat geassocieerde ondernemingen met elkaar zaken moeten doen alsof zij onafhankelijke derden zijn. Met andere woorden: de transacties tussen twee geassocieerde ondernemingen moeten een afspiegeling zijn van het resultaat dat zou zijn bereikt als de partijen niet gelieerd waren, d.w.z. als de partijen onafhankelijk van elkaar waren en de uitkomst (de prijs of de marges) werd bepaald door (open) marktwerking.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1)</NO.P>“zakelijkheidsbeginsel”: de internationale norm <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">overeenkomstig artikel 9 van het OESO-modelverdrag ter voorkoming van dubbele belastingheffing, </STRING></STRING>die voorschrijft dat geassocieerde ondernemingen met elkaar zaken moeten doen alsof zij onafhankelijke derden zijn. Met andere woorden: de transacties tussen twee geassocieerde ondernemingen moeten een afspiegeling zijn van het resultaat dat zou zijn bereikt als de partijen niet gelieerd waren, d.w.z. als de partijen onafhankelijk van elkaar waren en de uitkomst (de prijs of de marges) werd bepaald door (open) marktwerking.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		22</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – alinea 1 – punt 18</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>18)</NO.P>“OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen”: de OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen voor multinationale ondernemingen en belastingdiensten van 2022, zoals goedgekeurd door de Raad van de OESO op grond van de aanbeveling van de Raad inzake de bepaling van verrekenprijzen tussen geassocieerde ondernemingen [C(95)126 final], en zoals gewijzigd op 20 januari 2022 en opgenomen in bijlage I, en alle verdere wijzigingen van deze OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen die de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Unie heeft</STRING></STRING> goedgekeurd in het kader van het Comité voor fiscale zaken van de OESO via de bepaling van een standpunt van de Unie krachtens artikel 218<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, lid 9,</STRING></STRING> VWEU;</P></OLD><NEW><P><NO.P>18)</NO.P>“OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen”: de OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen voor multinationale ondernemingen en belastingdiensten van 2022, zoals goedgekeurd door de Raad van de OESO op grond van de aanbeveling van de Raad inzake de bepaling van verrekenprijzen tussen geassocieerde ondernemingen [C(95)126 final], en zoals gewijzigd op 20 januari 2022 en opgenomen in bijlage I, en alle verdere wijzigingen van deze OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen die de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">lidstaten hebben</STRING></STRING> goedgekeurd in het kader van het Comité voor fiscale zaken van de OESO <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of die de Unie heeft goedgekeurd </STRING></STRING>via de bepaling van een standpunt van de Unie krachtens artikel 218 VWEU;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		23</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 3 – alinea 1 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen om verdere wijzigingen aan te brengen in de OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen, zoals gedefinieerd in punt 18 van dit artikel, die de lidstaten hebben goedgekeurd in het kader van het Comité voor fiscale zaken van de OESO of die de Unie heeft goedgekeurd via de bepaling van een standpunt van de Unie krachtens artikel 218 VWEU.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		24</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 5 – lid 1 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>een persoon neemt deel aan de leiding van een andere persoon waarbij hij invloed van betekenis kan uitoefenen op die andere persoon;</P></OLD><NEW><P><STRING ITALIC="on">(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)</STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		25</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 3 – punt a – i</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>i)</NO.P>alle feitelijke en juridische omstandigheden aangeven die nodig zijn om, volgens het zakelijkheidsbeginsel, de primaire correctie in het andere rechtsgebied te beoordelen;</P></OLD><NEW><P><NO.P>i)</NO.P>alle feitelijke en juridische omstandigheden aangeven die nodig zijn om, volgens het zakelijkheidsbeginsel, de primaire correctie in het andere rechtsgebied te beoordelen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, waaronder de relevante verrekenprijsdocumentatie die aan de lidstaten is meegedeeld</STRING></STRING>;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		26</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 3 – punt a – ii bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>ii bis)</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">voor elke lidstaat die bij de correctie betrokken is, het in de zin van Richtlijn (EU) 2022/2523 van de Raad</STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> berekende effectieve belastingtarief vermelden;</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">________________</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"><STRING SUPERSCRIPT="on">1 bis</STRING></STRING></STRING><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> Richtlijn (EU) 2022/2523 van de Raad van 14 december 2022 tot waarborging van een mondiaal minimumniveau van belastingheffing voor groepen van multinationale ondernemingen en omvangrijke binnenlandse groepen in de Unie (PB L 328 van 22.12.2022, blz. 1).</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		27</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 3 – punt b</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>b)</NO.P>De lidstaten verklaren het verzoek binnen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">30</STRING></STRING> dagen ontvankelijk door middel van een kennisgeving aan de belastingplichtige indien alle in lid 3, punt a), bedoelde informatie is ingediend. In hetzelfde tijdsbestek stellen de lidstaten de belastingplichtige in kennis van het ontbreken van de nodige informatie en geven zij de belastingplichtige ten minste <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">30</STRING></STRING> dagen de tijd om deze te verstrekken. Indien de belastingplichtige de gevraagde informatie niet binnen de gestelde termijn verstrekt, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kan</STRING></STRING> het verzoek als niet-ontvankelijk<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> worden</STRING></STRING> afgewezen.</P></OLD><NEW><P><NO.P>b)</NO.P>De lidstaten verklaren het verzoek binnen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">40</STRING></STRING> dagen ontvankelijk door middel van een kennisgeving aan de belastingplichtige indien alle in lid 3, punt a), bedoelde informatie is ingediend. In hetzelfde tijdsbestek stellen de lidstaten de belastingplichtige in kennis van het ontbreken van de nodige informatie en geven zij de belastingplichtige ten minste <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">40</STRING></STRING> dagen de tijd om deze te verstrekken. Indien de belastingplichtige de gevraagde informatie niet binnen de gestelde termijn verstrekt, <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">wordt</STRING></STRING> het verzoek als niet-ontvankelijk afgewezen.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		28</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 3 – punt c</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>c)</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat, wanneer de dubbele belastingheffing het gevolg is van een primaire correctie in een andere lidstaat, de procedure binnen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">180</STRING></STRING> dagen na ontvangst van het verzoek van de belastingplichtige wordt afgerond met een met redenen omklede akte van aanvaarding of afwijzing.</P></OLD><NEW><P><NO.P>c)</NO.P>De lidstaten zorgen ervoor dat, wanneer de dubbele belastingheffing het gevolg is van een primaire correctie in een andere lidstaat, de procedure binnen <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">200</STRING></STRING> dagen na ontvangst van het verzoek van de belastingplichtige wordt afgerond met een met redenen omklede akte van aanvaarding of afwijzing. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De procedure kan eenmaal met 100 dagen worden verlengd indien de belastingplichtige en alle betrokken lidstaten met die verlenging instemmen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		29</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 3 – punt d</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>d)</NO.P>In geval van aanvaarding delen de lidstaten de belastingdienst van het andere relevante rechtsgebied de erkenning van de overeenkomstige correctie mee.</P></OLD><NEW><P><NO.P>d)</NO.P>In geval van aanvaarding delen de lidstaten de belastingdienst van het andere relevante rechtsgebied <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">onmiddellijk </STRING></STRING>de erkenning van de overeenkomstige correctie mee.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		30</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 3 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>3 bis.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Voor de toepassing van de leden 1, 2 en 3 maken de lidstaten gebruik van alle beschikbare procedures en regelingen waarin de richtlijn administratieve samenwerking (DAC) voorziet.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		31</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 6 – lid 5 – punt a bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>a bis)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de neerwaartse correctie leidt niet tot dubbele niet-belastingheffing, d.w.z. dat de neerwaartse correctie wordt inbegrepen in de belastbare winst van de geassocieerde onderneming in het andere rechtsgebied;</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		32</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 11 – lid 3 – punt a</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>a)</NO.P>geen van de verschillen (indien aanwezig) tussen de transacties die worden vergeleken of tussen de ondernemingen die deze transacties uitvoeren, zou een wezenlijke invloed kunnen hebben op de prijs op de vrije markt;</P></OLD><NEW><P><NO.P>a)</NO.P>geen van de verschillen (indien aanwezig) tussen de transacties die worden vergeleken of tussen de ondernemingen die deze transacties uitvoeren, zou een wezenlijke invloed kunnen hebben op de prijs <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">of de marge </STRING></STRING>op de vrije markt;</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		33</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Raad kan</STRING></STRING>, in overeenstemming met de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">OESO-richtlijnen</STRING></STRING> voor verrekenprijzen, nadere regels <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vaststellen</STRING></STRING> voor de wijze waarop het zakelijkheidsbeginsel en de andere bepalingen van hoofdstuk II van deze richtlijn moeten worden toegepast bij specifieke transacties teneinde de fiscale zekerheid te vergroten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en</STRING></STRING> het risico van dubbele belastingheffing te beperken<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Die specifieke transacties of verrichtingen zijn de volgende:</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen om</STRING></STRING>, in overeenstemming met de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">meest recente internationaal aanbevolen richtlijnen</STRING></STRING> voor verrekenprijzen<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> van hetzij de OESO, hetzij de Verenigde Naties</STRING></STRING>, nadere regels <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vast te stellen</STRING></STRING> voor de wijze waarop het zakelijkheidsbeginsel en de andere bepalingen van hoofdstuk II van deze richtlijn moeten worden toegepast bij specifieke transacties teneinde de fiscale zekerheid te vergroten<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">,</STRING></STRING> het risico van dubbele <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">niet-belastingheffing en dubbele </STRING></STRING>belastingheffing te beperken<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en belastinggeschillen en fiscaal misbruik te helpen voorkomen.</STRING></STRING></P></NEW><OLD><P><NO.P>a)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">de overdracht van immateriële activa of rechten op immateriële activa tussen geassocieerde ondernemingen, waaronder moeilijk te waarderen immateriële activa;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>b)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">het verlenen van diensten tussen geassocieerde ondernemingen, met inbegrip van marketing- en distributiediensten;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>c)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">kostenbijdrageregelingen tussen geassocieerde ondernemingen;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>d)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">transacties tussen geassocieerde ondernemingen in het kader van bedrijfsherstructureringen;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>e)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">financiële transacties;</STRING></STRING></P></OLD><NEW/><OLD><P><NO.P>f)</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">verrichtingen tussen het hoofdkantoor en vaste inrichtingen.</STRING></STRING></P></OLD><NEW/></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		34</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 2 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 bis.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie kan overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vaststellen om nadere regels, zoals de invoering van veilige havens, vast te stellen teneinde de toepassing van het zakelijkheidsbeginsel in de Unie te vereenvoudigen, voor meer fiscale zekerheid te zorgen en het risico van dubbele niet-belastingheffing en dubbele belastingheffing te beperken en belastinggeschillen en fiscaal misbruik te helpen voorkomen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		35</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 2 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><NO.P>2 ter.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie kan overeenkomstig artikel 18 een gedelegeerde handeling vaststellen met voorschriften om de voorgestelde vereenvoudigde regeling voor de naleving van de verrekenprijsregels voor distributie- en productieactiviteiten als bedoeld in Richtlijn XX/XX/EU van de Raad “Bedrijven in Europa: kader voor de belastingheffing van inkomsten” (Befit) in deze richtlijn te integreren.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		36</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De in lid 2 bedoelde regels worden vastgesteld door middel van uitvoeringshandelingen van de Raad op basis van een voorstel van de Commissie.</STRING></STRING></P></OLD><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Schrappen</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		37</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 14 bis</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Heroprichting van het Gezamenlijk EU-Forum voor verrekenprijzen</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie richt het Europees Forum voor verrekenprijzen (European Forum on Transfer Pricing – EFTP) op en zit het voor.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het EFTP verleent advies en bijstand aan het comité in de zin van artikel 17, met name om te beoordelen of deze richtlijn moet worden aangepast om de voortdurende uniformiteit van verrekenprijsmethoden binnen de EU en op mondiaal niveau te waarborgen, waarbij vooral rekening wordt gehouden met de ontwikkelingen op OESO- of VN-niveau.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De EFTP bestaat uit vertegenwoordigers van de lidstaten en een evenwichtige vertegenwoordiging van belastingplichtigen, academici en het maatschappelijk middenveld.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement is als waarnemer lid van het EFTP.</STRING></STRING> <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De voorwaarden voor het lidmaatschap worden vastgesteld door het in artikel 17 bedoelde comité.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		38</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 14 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 14 ter</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Uitbreiding van het initiatief “Europese aanpak van vertrouwen en samenwerking” (Etaca)</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het toepassingsgebied van de Europese aanpak van vertrouwen en samenwerking (Etaca) omvat ook de herziening van de verrekenprijzen van specifieke stromen binnen de EU door de deelnemende lidstaten, en niet alleen transacties met een lage toegevoegde waarde zoals momenteel het geval is.</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>	<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De lidstaten worden verzocht een koppeling tussen Etaca en APA’s tot stand te brengen zodat Etaca kan fungeren als een snelle manier om stabiele oplossingen te vinden als er zich tijdens het herzieningsproces problemen voordoen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		39</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>De <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Commissie</STRING></STRING> onderzoekt en evalueert de toepassing van deze richtlijn <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">om</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">vijf jaar</STRING></STRING> en legt een verslag over de evaluatie ervan voor aan het Europees Parlement en de Raad. Het eerste verslag wordt uiterlijk op 31 december <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2031</STRING></STRING> ingediend.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Om</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">drie jaar</STRING></STRING> onderzoekt en evalueert de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Commissie de </STRING></STRING>toepassing <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en het effect </STRING></STRING>van deze richtlijn <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en de wisselwerking ervan met</STRING></STRING> de <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">meest recente OESO- of VN-richtsnoeren</STRING></STRING> en legt een verslag over de evaluatie ervan voor aan het Europees Parlement en de Raad<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">, zo nodig vergezeld van een wetgevingsvoorstel</STRING></STRING>. Het eerste verslag wordt uiterlijk op 31 december <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2029</STRING></STRING> ingediend. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie kan van deze tijdschema’s afwijken als op OESO- of VN-niveau nieuwe richtlijnen voor verrekenprijzen worden overeengekomen.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		40</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten verstrekken de Commissie overeenkomstig lid 3 relevante informatie voor de evaluatie van de richtlijn met het oog op het verbeteren van de toepassing van het zakelijkheidsbeginsel teneinde dubbele belastingheffing te voorkomen en fiscaal misbruik te bestrijden.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De lidstaten verstrekken de Commissie overeenkomstig lid 3 relevante informatie voor de evaluatie van de richtlijn met het oog op het verbeteren van de toepassing van het zakelijkheidsbeginsel teneinde dubbele <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">niet-belastingheffing en dubbele </STRING></STRING>belastingheffing te voorkomen en fiscaal misbruik<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en belastinggeschillen</STRING></STRING> te bestrijden.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		41</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 15 – lid 5</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>5.</NO.P>De krachtens lid 2 door een lidstaat aan de Commissie verstrekte informatie, alsmede alle door de Commissie opgestelde verslagen of bescheiden waarin van die informatie gebruik wordt gemaakt, kunnen aan andere lidstaten worden doorgegeven. De informatie valt onder de geheimhoudingsplicht en geniet de bescherming waarin het nationale recht van de ontvangende lidstaat met betrekking tot soortgelijke inlichtingen voorziet.</P></OLD><NEW><P><NO.P>5.</NO.P>De krachtens lid 2 door een lidstaat aan de Commissie verstrekte informatie, alsmede alle door de Commissie opgestelde verslagen of bescheiden waarin van die informatie gebruik wordt gemaakt, kunnen aan andere lidstaten <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">en aan het Europees Parlement </STRING></STRING>worden doorgegeven. De informatie valt onder de geheimhoudingsplicht en geniet de bescherming waarin het nationale recht van de ontvangende lidstaat met betrekking tot soortgelijke inlichtingen voorziet.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		42</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 16 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>Gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens, die overeenkomstig deze richtlijn zijn verwerkt, worden niet langer bewaard dan nodig is om de doeleinden van deze richtlijn te verwezenlijken, in overeenstemming met de nationale wetgeving inzake verjaring van elke verwerkingsverantwoordelijke, maar in geen geval langer dan tien jaar.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>Gegevens, met inbegrip van persoonsgegevens, die overeenkomstig deze richtlijn zijn verwerkt, worden niet langer bewaard dan nodig is om de doeleinden van deze richtlijn te verwezenlijken, in overeenstemming met de nationale wetgeving inzake verjaring van elke verwerkingsverantwoordelijke, maar in geen geval langer dan tien jaar<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> vanaf het moment waarop persoonsgegevens worden verwerkt voor de doeleinden van deze richtlijn</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		43</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 18 – lid 1</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>1.</NO.P>De bevoegdheid om de in artikel 13 bedoelde gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend overeenkomstig de in dit artikel neergelegde voorwaarden.</P></OLD><NEW><P><NO.P>1.</NO.P>De bevoegdheid om de in artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3, tweede alinea, artikel </STRING></STRING>13<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en artikel 14, leden 2, 2 bis en 2 ter,</STRING></STRING> bedoelde gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend overeenkomstig de in dit artikel neergelegde voorwaarden.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		44</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 18 – lid 2</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>2.</NO.P>De Raad kan de in artikel 13 neergelegde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Een besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.</P></OLD><NEW><P><NO.P>2.</NO.P>De Raad kan de in artikel <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">3, tweede alinea, artikel </STRING></STRING>13<STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on"> en artikel 14, leden 2, 2 bis en 2 ter,</STRING></STRING> neergelegde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Een besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		45</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 18 – lid 3</STRING></STI.AMD><OLD><P><NO.P>3.</NO.P>Vóór de vaststelling van de gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn neergelegd in het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven van 13 april 2016.</P></OLD><NEW><P><NO.P>3.</NO.P>Vóór de vaststelling van de gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn neergelegd in het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven van 13 april 2016. <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het in artikel 14 bis bedoelde Europees Forum voor verrekenprijzen fungeert als het relevante deskundigenorgaan.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		46</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 – alinea 1 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Het Europees Parlement kan als waarnemer deelnemen aan de internationale onderhandelingen over richtlijnen voor verrekenprijzen in de desbetreffende internationale fora.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		47</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 bis (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 19 bis</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Evaluatie</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">De Commissie evalueert de toepassing van deze richtlijn op MNO-groepen die onder het toepassingsgebied van het voorstel voor een richtlijn van de Raad “Bedrijven in Europa: kader voor de belastingheffing van inkomsten” (Befit) vallen zodra die richtlijn in werking treedt.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		48</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 19 ter (nieuw)</STRING></STI.AMD><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Artikel 19 ter</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">Wijziging van Richtlijn 2011/16/EU</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">In Richtlijn 2011/16/EU wordt artikel 8 bis, lid 6, punt i), vervangen door het volgende:</STRING></STRING></P></NEW><OLD/><NEW><P><STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">“i)	de methode die wordt gebruikt voor de verrekenprijsvaststelling of andere waarderingsmethoden en ‑technieken voor de raming van de zakelijke prijs zoals gedefinieerd in artikel 9 van Richtlijn [2024/XX/XX betreffende verrekenprijzen] en de redenering achter de toepassing van die methode, of de verrekenprijs zelf in het geval van een voorafgaande verrekenprijsafspraak;”.</STRING></STRING></P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		49</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Artikel 20 – lid 1 – alinea 1</STRING></STI.AMD><OLD><P>De lidstaten dienen uiterlijk op [31 december <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2025</STRING></STRING>] de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen en bekend te maken om aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onmiddellijk mee.</P></OLD><NEW><P>De lidstaten dienen uiterlijk op 31 december <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2024</STRING></STRING> de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen en bekend te maken om aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onmiddellijk mee.</P></NEW></AMEND><AMEND><TI.AMD><STRING BOLD="on">Amendement		50</STRING></TI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on">Voorstel voor een richtlijn</STRING></STI.AMD><STI.AMD><STRING BOLD="on"> Artikel 20 – lid 1 – alinea 2</STRING></STI.AMD><OLD><P>Zij passen deze bepalingen toe vanaf [1 januari <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2026</STRING></STRING>].</P></OLD><NEW><P>Zij passen deze bepalingen toe vanaf 1 januari <STRING BOLD="on"><STRING ITALIC="on">2025</STRING></STRING>.</P></NEW></AMEND></AMDLST></TEXT></RESOL></TXTLST></SDOCTA>